Nota voor burgemeester en wethouders Onderwerp Team AB

Nota voor burgemeester en wethouders
Onderwerp
Richtlijn-begroting-2015
1- Notagegevens
Notanummer
2014-000899
Datum
16-06-2014
Programma:
Portefeuillehouder Weth. Grijsen
Besluitenlijst
[ ]Akkoordstukken
Routing
Wethouder
Concerndirecteur
d.d.
-d.d.
18-06-2014
19-06-2014
Team
AB
2- Bestuursorgaan
[X]B & W
[ ]Raad
[ ]Burgemeester
College van B & W
- Burgemeester
- Weth. Hartogh Heys
- Weth. Grijsen
[ ]Openbaar
d.d.
--
24-06-2014
--- Weth. Kolkman
- Weth. Rorink
d.d.
--
[ ]Besloten
[ ]adj.secr.
[ ]gem.secr.
BIS Openbaar
Status
par.
---
Bijlagen
Factsheet richtlijn begroting 2015
B & W d.d.: 24-06-2014
Besloten wordt:
1 De richtlijn voor het opstellen van de begroting 2015 vast te stellen.
2 Dit besluit openbaar te maken.
Financiële aspecten:
Financiële gevolgen voor de gemeente?
Begrotingswijziging
Nee
Nee
Voorstel openbaarmaking conform Wet Openbaarheid Bestuur (Wob)
[X] De nota en het besluit openbaar te maken
[ ] De nota en het besluit openbaar te maken vergezeld van bijgaand persbericht
[ ] De nota en het besluit openbaar te maken nadat
[ ] De nota en het besluit openbaar te maken, behalve…
[ ] Het besluit openbaar te maken, maar niet de nota, gelet op artikel:
[ ] De nota en het besluit niet openbaar te maken, gelet op artikel:
Kennisgeving/ Bekendmaking Awb
Kennisgeving (publicatie) conform Awb
Bekendmaking conform Awb
ADVIESRADEN:
Nee
Nee
Moet een van de adviesraden gehoord worden of op de hoogte gesteld?
Nee
Toelichting
Inleiding
De richtlijnen bevatten de inhoudelijke en procesmatige kaders voor het opstellen van de begroting 2015. Voor
de volledige inhoud verwijzen we naar de richtlijn. Een aantal belangrijke zaken lichten we hier graag toe.
In de richtlijnen benoemen we een aantal prioriteiten voor het jaar 2015. Het betreft een aantal inhoudelijk en
procesmatige prioriteiten:
Inhoudelijk: Decentralisaties, grondexploitaties, invulling taakstellingen en meerjarige personeelsplanning.
Procesmatig: risicomanagement en doelmatigheid.
Beoogd resultaat
Het vaststellen van de kaderstelling voor de begroting 2015-2018.
Kader
Algemeen
De begroting moet worden opgesteld conform de Gemeentewet, de regels in het Besluit begroting en
verantwoording (BBV) en daarnaast voldoen aan de financiële verordeningen ex. artikel 212 GW.
Voorjaarsnota
In de P&C-cyclus is het startpunt voor de begroting de vastgestelde Voorjaarsnota. Vanuit de Voorjaarsnota
wordt derhalve in de begroting bepaald welke concrete inzet van projecten en middelen in het komende jaar zal
plaatsvinden. In de Voorjaarsnota 2014 is besloten tot diverse bezuinigingen (Kwestie van Kiezen 2014). In de
begroting 2015 e.v. worden deze bezuinigingen meegenomen.
Argumenten voor en tegen
Voor het opstellen van de begroting worden de volgende parameters gehanteerd:
Prijsdecompensatie
De berekende gemiddelde prijsstijging voor 2015 bedraagt 1,0%. In de Voorjaarsnota 2012 is besloten de
prijscompensatie te korten met 1,25%. Dit betekent dat de gemiddelde prijscompensatie - 0,25% bedraagt.
Salarissen en sociale lasten gemeentelijk personeel
Voor de raming van de salarissen en sociale lasten gelden voor de begroting 2015 structureel de volgende
uitgangspunten:
Schaalbedragen 1-1-2014 plus 0%;
Eindejaarsuitkering 6%;
Sociale lasten 1-4-2014 plus 1%.
Mocht er op basis van de CAO onderhandelingen toch een stijging van de schaalbedragen worden afgesproken
dan moet op basis van de besluitvorming bij de voorjaarsnota 2012 de dekking worden gevonden binnen de
loonsom van het gemeentelijk apparaat.
Loonsomstijging gemeentelijke personeel begroting 2014 ten opzichte van begroting 2013
Rekening houden met de bovengenoemde parameters stijgt de gemiddelde loonsom in de begroting 2014
vergeleken met die in de begroting 2013 met gemiddeld 0,1% (dus exclusief stijging in verband met periodieken,
fuwa enzovoorts).
Gesubsidieerde instellingen
Op basis van het systeem van de budgetsubsidiëring bedraagt de indexering voor de subsidies -0.25%. Dit is
gebaseerd op de prijsindex van 1% -1,25% korting (zie hiervoor prijsdecompensatie)
Renteomslag
Het rente-omslagpercentage is niet gewijzigd en bedraagt 5%.
Extern draagvlak (partners)
Financiële consequenties
In deze paragraaf wordt aangegeven met welk percentage de diverse tarieven vergeleken met de begroting
2014 mogen stijgen. Het betreft de volgende tarieven:
De tarieven blijven ten opzichte van de begroting 2014 gelijk.
Het betreft de volgende tarieven (er geldt een aantal uitzonderingen, deze worden hierna toegelicht):
Belastingen
Onroerende zaakbelastingen en belastingen op roerende woon- en bedrijfsruimten;
Parkeerbelastingen;
Hondenbelasting.
Rechten
Afvalstoffenheffing;
Rioolrechten;
Haven- en opslaggelden;
Marktgelden;
Leges;
Lijkbezorgingsrechten;
Parkeren;
Precariorechten.
Het algemene uitgangspunt is dat voor alle tarieven een gelijke maximale toegestane stijging wordt bepaald. Dit
betekent voor 2015 dat de tarieven gelijk blijven ten opzichte van 2014. Dit betreft een gemiddelde van prijs (0,25%) en loon aanpassingen (+ 0,25%).
Op dit algemene uitgangspunt is een aantal uitzonderingen van toepassing, te weten:
ozb/rzb-tarieven
De stijging van de OZB-/RZB-tarieven is voor het jaar 2015 en de daarop volgende jaren tot en met 2017
bepaald op jaarlijks 3%.
b. reisdocumenten en rijbewijs
Ook voor 2015 gelden maximumtarieven voor paspoorten en identiteitskaarten. Vanaf maart zijn de paspoorten
en id kaarten voor 18 jaar en ouder 10 jaar geldig. Jonger dan 18 jaar blijft het gewoon 5 jaar. BZK heeft VNG / 4
grote gemeenten toegezegd dat er in 2014 een onderzoek plaatsvindt dat de kostendekkendheid van de
tarieven.
Er is nu een maximumtarief voor een rijbewijs 38,45), geldt voor alle inwoners, dus geen onderscheid in leeftijd /
medische indicatie etc. Ook dit zal voor 2015 niet wijzigen (tarief zal wel trendmatig worden verhoogd).
c. Rioolheffing
Voor de rioolheffingen geldt, met uitzondering voor het BCF, een kostendekking van 100%. Voor de
lastenontwikkeling is een Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 2010-2015 opgesteld, dat op 18 november 2009
door de raad is vastgesteld. In het GRP is ook een investeringsprogramma opgenomen. In het GRP is
aangegeven dat het tarief licht zal stijgen. Medio 2014 wordt het GRP geactualiseerd voor 2015-2018. De
financiële effecten daarvan worden in de rioolheffing voor 2015 (en volgende jaren) meegenomen. In het GRP
2015-2018 wordt een herijking van de toerekening van kosten in de rioolheffing opgenomen.
d. leges bijzondere planologische procedures
Leges bijzondere planologische procedures: sinds de komst van de Wabo wordt een belangrijk deel van deze
leges geheven via de Omgevingsvergunning. In de begroting is dat aangepast, door inkomsten en uitgaven met
een bedrag van 85.000 over te brengen van product 1 (RO) naar 2 (BWT). Verzoeken tot het wijzigen van een
bestemmingsplan (een zogenaamd postzegelplan) worden nog steeds via product 1 geadministreerd: de leges
daarvoor worden hier geboekt. Een deel van deze inkomsten ontvangen we ook via het privaatrechtelijke spoor
op grond van de Grondexploitatiewet. Mogelijkheden die deze wet biedt, worden optimaal benut.
e. Bouwleges
De bouwleges zijn de afgelopen jaren verhoogd en structureel gemaakt. Echter, de legesinkomsten zijn als
gevolg van de crisis fors achtergebleven. Bij de begroting zijn de inkomsten afgeraamd met € 1,0 miljoen
structureel.
In de leidraad kostentoerekening Wabo van het ministerie van BZK (d.d. 13-04-2010) is opgenomen dat in de
paragraaf lokale heffingen ook informatie wordt opgenomen over de gemaakte beleidskeuzes. Een goede
invulling hiervan wordt verkregen door de volgende aspecten aan de orde te laten komen:
·
De maatstaf van heffing;
·
Het gekozen tariefstelsel;
·
Mate van kostendekkendheid;
·
Het buiten het kostenverhaal houden van specifieke activiteiten omdat de gemeente die niet via de heffing
in rekening wil brengen;
·
Specifiek voor de gemeente geldende omstandigheden;
·
Het opnemen van niet wettelijk verplichte vrijstellingen in de belastingverordening.
Tevens wordt aangegeven of en in hoeverre er sprake is van kruissubsidiëring binnen de kolom van de
omgevingsvergunning en of de gemeente er voor kiest de tarieven voor de omgevingsvergunning al dan niet
100% kostendekkend vast te stellen.
f. Parkeertarieven
Op 10 oktober 2013 is het geactualiseerde Meerjarenperspectief Parkeren (MPP) vastgesteld. Uitgangspunt van
het MPP is dat parkeertarieven met een inflatiepercentage zullen stijgen.
g. Afvalstoffenheffing
Als gevolg van het ingediende amendement bij het tariefvoorstel 2014 heeft er in 2014 geen tariefverhoging
plaatsgevonden.
Voor de begroting 2015 zal een herijking van toegerekende kosten plaatsvinden, waarbij een kritische
beoordeling in aard en omvang van onderliggende activiteiten zal plaats vinden.
Daarnaast worden effecten zoals een stijgende trend van kwijtscheldingen en wijzigingen in de
dienstverleningsovereenkomst met Circulus meegenomen.
Dit kan leiden tot een aanvullende aanpassing van de tarieven.
h. overige tarieven enzovoorts
Indien de aanpassing van de tarieven op enigerlei wijze leidt tot knelpunten in de relatie tussen de hoogte van
het tarief en de eis van kostendekkendheid van het product (al dan niet 100%) dan wordt dit gemeld.

Aanpak/uitvoering
-