MEE-Sectorrapport 2012 Overige industrie

MEE-Sectorrapport 2012
Overige industrie
Colofon
Projectnaam:
Datum:
Status:
Kenmerk:
Locatie:
Contactpersoon:
Ondersteunend adviesbureau:
MEE-monitoring Overige industrie
13 06 24
Definitief
1235678/223/HVDK/CC/156030
Utrecht
Hans van der Knaap
N.v.t.
Inhoud
Hoofdstuk 1. Inleiding ........................................................................ 1
Hoofdstuk 2. Overzicht ontwikkeling energieverbruik ........................ 2
Hoofdstuk 3. Verklaring verandering energieverbruik ........................ 3
Hoofdstuk 4. Spiegeling aan de geaggregeerde EEP’s ........................ 4
Hoofdstuk 5. Resultaten per pijler ...................................................... 5
Hoofdstuk 6. Tabellen......................................................................... 8
| Definitief | MEE-Sectorrapport 2012 Overige industrie |
Samenvatting
Kerngegevens
Sectorgegevens
Overige industrie
Aantal MEE-bedrijven
Aantal deelnemende inrichtingen
Aantal beschouwde inrichtingen voor 2012 in dit rapport
Aantal toetreders in 2012
Aantal uittreders in 2012
Werkelijk energieverbruik 2012 (TJ)
Effecten van maatregelen
Procesefficiencyverbetering
Besparing in de keten [TJ]
Duurzame energie [TJ]
2012 t.o.v. 2011
1,1%
3
35
8
13
13
0
0
17.938
2012 t.o.v. 2009
4,5%
1.030
35
Resultaten
Energieverbruik
Het totale werkelijke energieverbruik van de sector bedroeg 17.938 TJ in 2012. Dit is ongeveer 3% lager dan in 2011. Deze afname is de resultante van :
•
besparingen door middel van procesmaatregelen -205 TJ
•
afname van volume van produktie met -687 TJ
•
ontsparingen gerapporteerd als invloedsfactoren + 527 TJ
•
de restpost onverklaarde invloeden ter grootte van -131 TJ besparend, hetgeen in
relatie tot de andere categori;n een kleine hoeveelheid is.
Uitvoering van de EEP's van de sector
In de EEP's heeft de sector toegezegd maatregelen te treffen die in 2012 tot een jaarlijkse geaggregeerde besparing van 2.563 TJ leiden. Na drie jaar bedraagt het jaarlijkse effect van
maatregelen 1.914 TJ.
Deze besparing bestaat uit cumulatief 848 TJ aan PE-maatregelen (4,5% besparing) en uit
1.030 TJ aan KE-maatregelen (5,7% besparing) samen goed voor 10,1% besparing.
Hiermee is 75% van de voorgenomen zekere en voorwaardelijke maatregelen gerealiseerd.
| Definitief | MEE-Sectorrapport 2012 Overige industrie |I
Energiebesparing in het proces
Procesmaatregelen in 2012 hebben een besparing van 205 TJ opgeleverd. De belangrijkste
procesmaatregelen zijn:
• Vervanging van een koeler en een cycloon
• Inzet van alternatieve niet fossiele brandstof
Energiebesparing in de keten
Ketenmaatregelen hebben in 2012 een totale besparing van 1033 TJ opgeleverd. De belangrijkste ketenmaatregelen zijn:
• Verbetering kwaliteit en opbrengst grondstof
• Betere werking vergister
• Opwerking biogas tot en levering van groen gas
Inzet duurzame energie
De totale inzet van duurzame energie door middel van 1 maatregel, opwekking van duurzame
energie uit RWZI-biogas, in de sector bedraagt 68 TJ in 2012.
Vooruitblik
Algemene ontwikkelingen
De economische situatie in Nederland is niet voor alle MEE overige industriebedrijven ongunstig. Bedrijven in de bouwsector (ENCI en Rockwool) kennen wel een flinke krimp hoewel de
laatste bijvoorbeeld weer wel investeert in een nieuwe fabriek van energiebesparingsspanelen.
De Suiker Unie richt zich de komende jaren op uitbreiding van haar activiteiten bij beide suikerfabrieken. Mars Nederland BV is actief in de wereldhandel. De impact van de crisis in Europa is daardoor bij dit bedrijf niet tot nauwelijks merkbaar. De productie is stabiel en de vooruitzichten zijn prima.
| Definitief | MEE-Sectorrapport 2012 Overige industrie |II
Convenantactiviteiten
Bedrijven van MEE overige industrie blijven actief zowel op besparing in proces en de keten als
in opwekking van duurzame energie.
Zo blijft Rockwool zich op ketengebeid onverminderd inzetten onder andere door het verspreiden van kennis in de keten door fora, door bezoeken aan fabrieken van Rockwool waarin de
groene initiatieven worden uitgedragen, door samenwerking met een afvalverwerkingsbedrijf
(recyclen aan de voorkant) en door het lanceren van een duurzaamheidsbrochure waarin het
hele ketenproces van het bedrijf transparant is gemaakt.
SuikerUnie zal zich naast de benodigde investeringen voor de uitbreiding van de activiteiten
ook nadrukkelijk focussen op proces efficiency verbeteringen.
Mars Nederland BV zal een stap zetten met opwekking van duurzame energie. Zo is er inmmiddels gestart met de ontwikkeling van een eigen waterzuivering, waarmee circa 8-10% van
het aardgasverbruik kan worden vervangen door biogas. Ook kleinere initiatieven zullen worden genomen, bijvoorbeeld op verlichtingsgebied en AHU-optimalisatie.
| Definitief | MEE-Sectorrapport 2012 Overige industrie |III
Hoofdstuk 1. Inleiding
Dit rapport bevat de resultaten van de sector in het kader van het MEE-convenant.
De grafieken in hoofdstuk 2 tot en met 5 geven u overzichten van:
• de ontwikkeling van het energieverbruik van de sector vanaf 2006;
• de verklaring van de verandering in energieverbruik ten opzichte van vorig jaar;
• de spiegeling ten opzichte van de geaggregeerde EEP’s 2010-2012 van de sector;
• de ontwikkeling van het effect van de PE-, KE- en DE-maatregelen vanaf 2010.
Hoofdstuk 6 geeft de achterliggende informatie weer in tabellen.
Dit sectorrapport is opgesteld op basis van de door bedrijven aangeleverde gegevens in het
kader van de jaarlijkse MEE-monitoring. De berekeningen in dit rapport zijn gebaseerd op de
methodiek energie-efficiency zoals die is vastgelegd in de Handreiking monitoring MEE. Details
over de methodiek kunt u vinden op de website van Agentschap NL.
| Definitief | MEE-Sectorrapport 2012 Overige industrie |
Pagina 1
Hoofdstuk 2. Overzicht ontwikkeling energieverbruik
Onderstaande grafiek laat het jaarlijkse energieverbruik van de sector vanaf 2006 zien.
Jaarlijks primaire-energieverbruik
Elektriciteitsverbruik
Aardgasverbruik
Primaire-energieverbruik
Energieverbruik [TJ primair]
20.000
18.000
16.000
14.000
12.000
10.000
8.000
6.000
4.000
2.000
0
2006
2007
2008
2009
2010
2011
2012
Het totale werkelijke energieverbruik van de sector bedroeg 17.938 TJ in 2012. Dit is ongeveer
3 % lager dan in 2011. Deze daling is onder meer het gevolg van het treffen van energiebesparende maatregelen.
Daarnaast is de productie met gemiddeld 4% afgenomen, hoewel er grote verschillen zijn tussen bedrijven. Het produktievolume in 2012 varieert tussen een afname met 18% tot een toename van 16% in vergelijking met 2011.
Het aandeel van gas in het energieverbruik is 80%, iets minder dan in 2011, het aandeel van
elektriciteit is 12%, gelijk aan 2011.
Een wisselende mix van warmte, biomassa en overige brandstoffen completeert het geheel.
| Definitief | MEE-Sectorrapport 2012 Overige industrie |
Pagina 2
Hoofdstuk 3. Verklaring verandering energieverbruik
Onderstaande grafiek geeft aan in welke mate verschillende factoren de verandering in het
energieverbruik tussen het verslagjaar en het jaar daarvóór verklaren.
19.000
18.000
Onverklaard
(besparend) 131
Energieverbruik
verslagjaar 17.938
16.000
Overige
invloedsfactoren
(ontsparend) 527
16.500
Volume-effect
(verlagend) 687
17.000
PE-maatregelen
(besparend) 205
17.500
Energieverbruik
vorig jaar 18.434
Energie [TJ primair]
18.500
Maatregelen in het proces (PE-maatregelen) hebben een besparend effect tot doel (het energieverbruik wordt minder). In 2012 gaven de bedrijven voor 205 TJ aan besparende maatregelen op.
Het Volume-effect (effect door verschil in productiehoeveelheid) is besparend (minder energieverbruik) bij lagere productie. In deze sector is door afname van de produktie sprake van 687
TJ besparing
Overige invloedsfactoren is de optelsom van alle invloedsfactoren die de sector heeft gerapporteerd, zoals hogere/lagere capaciteitsbezetting ten opzichte van vorig jaar of gunstige /
ongunstige weersomstandigheden ten opzichte van vorig jaar. Deze optelsom kan uiteindelijk
besparend of ontsparend zijn.
Bij de Overige Industrie is sprake van 527 TJ ontsparing; 5 bedrijven rapporteerden in totaal 4
ontsparende en 2 besparende invloedsfactoren.
De post Onverklaard is de restpost. Deze restpost is besparend wanneer het verwachte energieverbruik in het monitoringjaar (de optelsom van de eerste vier posten in de grafiek) hoger
is dan het werkelijke energieverbruik. Hoe kleiner de restpost, des te beter het werkelijke
energieverbruik in de sector is verklaard.
In deze sector is deze post 131 TJ besparend, hetgeen relatief weinig is.
| Definitief | MEE-Sectorrapport 2012 Overige industrie |
Pagina 3
Hoofdstuk 4. Spiegeling aan de geaggregeerde EEP's
Onderstaande grafiek geeft de jaarlijkse ontwikkeling aan van het effect van de getroffen
maatregelen binnen de sector ten opzichte van het EEP-basisjaar ( 2009). De horizontale lijnen
geven de voorgenomen energiebesparing weer uit de gezamenlijke EEP’s voor 2012 op basis
van zekere en voorwaardelijke maatregelen ( 2.563 TJ = 13,7% ) en alleen op basis van de
zekere maatregelen (1.887 TJ = 10,1 %).
Voortschrijdend resultaat versus sectordoelstelling
Voorgenomen maatregelen ( z+vw)
Resultaat
Voorgenomen maatregelen ( z )
Aandeel van energieverbruik
16%
12%
8%
4%
0%
Toelichting
In de afgelopen 3 jaar zijn maatregelen genomen met een totale besparing van 1.878 TJ.
Deze besparing bestaat uit cumulatief 848 TJ aan PE-maatregelen, 4,5% besparing, en uit
1.030 TJ aan KE-maatregelen, 5,7% besparing, samen 10,1% besparing.
Hierdoor is in 3 jaar 73 % van de voorgenomen energiebesparing van zekere en voorwaardelijke maatregelen gerealiseerd.
Afgezet tegen alleen de zekere maatregelen is in 3 jaar 100 % van de voorgenomen energiebesparing gerealiseerd.
| Definitief | MEE-Sectorrapport 2012 Overige industrie |
Pagina 4
Hoofdstuk 5. Resultaten per pijler
Het MEE-convenant kent twee pijlers: procesefficiency en ketenefficiency. De grafieken geven
de jaarlijkse effecten per pijler vanaf 2010 weer. Deze resultaten zijn aangegeven als percentage van het energieverbruik van de sector. DE-inspanningen vallen buiten het convenant,
maar zijn voor de volledigheid wel weergegeven. Op verzoek van de branche is ook de grafiek
van de absolute DE-besparing opgenomen.
PE-maatregelen (cumulatief vanaf 2010)
PE-besparing
5%
4%
3%
2%
1%
0%
2010
2011
2012
De bedrijven hebben in 2012 nieuwe maatregelen op het gebied van procesefficiency genomen
met een besparing van 205 TJ, 1,1% ten opzichte van het energieverbruik.
Belangrijke procesmaatregelen zijn:
• Vervanging van een koeler en een cycloon
• Inzet van alternatieve niet fossiele brandstof
Cumulatief over 2010 tot en met 2012 zijn voor 848 TJ aan PE-besparingsmaatregelen getroffen. Bovenop de 1,8% besparing die vorig jaar is gerealiseerd, komt de cumulatieve besparing
daarmee op 4,5%.
| Definitief | MEE-Sectorrapport 2012 Overige industrie |
Pagina 5
KE-maatregelen (jaarlijks effect ten opzichte van 2009)
KE-productieketen
KE-productketen
6%
KE-besparing
5%
4%
3%
2%
1%
0%
2010
2011
2012
Ketenmaatregelen hebben een besparing van 1033 TJ opgeleverd, hetgeen ten opzichte van
2011 een toename van 3 TJ is. Ten opzichte van het basisjaar is dit een intensivering van
1030 TJ, hetgeen overeenkomt met 5,7 % van het energieverbruik.
Belangrijke ketenmaatregelen zijn:
•
Verbetering kwaliteit en opbrengst grondstof
•
Betere werking vergister
•
Opwerking biogas tot, en levering van, groen gas
De gehele besparing wordt gerealiseerd in de productieketen.
De producten van deze sector worden voor een groot deel verwerkt als samengesteld onderdeel van andere industriële producten. Dit maakt kwantificering van keteneffecten in de productsfeer zeer ingewikkeld, hetgeen verklaart dat deze factor niet gerapporteerd wordt.
| Definitief | MEE-Sectorrapport 2012 Overige industrie |
Pagina 6
DE-maatregelen (jaarlijks effect ten opzichte van 2009)
DE-inkoop
DE-opwekking
0,3%
Aandeel DE
0,2%
0,1%
0,0%
2010
2011
2012
1 bedrijf rapporteert een maatregel op het gebied van Duurzame Energie, voor eigen opwekking uit afval en biomassa, van 68 TJ.
Ten opzichte van 2011 is deze hoeveelheid een intensivering van 35 TJ.
De intensivering ten opzichte van 2009 is eveneens 35 TJ.
DE-maatregelen jaarlijks absoluut
DE-opwekking
0,4%
Aandeel DE
0,3%
0,2%
0,1%
0,0%
2009
2010
2011
2012
De absolute hoeveelheid groene energie die ingezet wordt varieert tussen 0,1 – 0,4 %.
| Definitief | MEE-Sectorrapport 2012 Overige industrie |
Pagina 7
Hoofdstuk 6. Tabellen
De eerste tabel hieronder bevat de gerapporteerde gegevens over het jaarlijkse energieverbruik en de uitgevoerde maatregelen vanaf 2006.
De tweede tabel geeft een overzicht van het effect van geplande en gerealiseerde maatregelen
op jaarbasis ten opzichte van het EEP-basisjaar 2009. Er is daarbij niet gecorrigeerd voor gewijzigde omstandigheden (bijvoorbeeld het productieniveau).
De derde tabel geeft een overzicht van alle bedrijven die vanaf 2010 hebben gerapporteerd.
Van deze bedrijven zijn alle beschikbare cijfers vanaf 2006 tot en met 2012 in het sectorrapport verwerkt. In de derde kolom is per bedrijf aangegeven of de gegevens over 2012 in dit
rapport zijn meegenomen. Alle waarden zijn in TJ primair per jaar.
Tabel 1 Energie- en besparingscijfers
Resultaten per jaar [TJ]
Werkelijk energieverbruik
2006
2007
2008
2009
2010
2011
2012
16.290
18.011
18.957
18.709
18.828
18.434
17.938
97
268
451
304
338
205
3
836
1.030
1033
Besparing door PE-maatregelen
KE-besparing in de productieketen
KE-besparing in de productketen
0
5
0
Inkoop van duurzame energie
0
0
0
53
33
68
Opwekking van duurzame energie
33
NB: De cijfers van 2006-2008 zijn afkomstig van het Benchmark-convenant,
De cijfers vanaf 2009 zijn afkomstig van de jaarlijkse monitoring van het MEE-convenant.
| Definitief | MEE-Sectorrapport 2012 Overige industrie |
Pagina 8
Tabel 2 Effecten van uitgevoerde maatregelen in 2012
Effect [TJ] ten opzichte van basisjaar 2008
Categorie
Procesefficiency
Subcategorie
Verwacht eindresultaat
in 2012 (MJP)
Gerealiseerd jaarlijks
effect t/m verslagjaar
Procesmaatregelen
626
693
Installaties en gebouwen
288
62
6
13
22
81
943
848
1.614
1.030
Energiezorg en gedragsmaatregelen
Strategische projecten
Subtotaal procesefficiency
Maatregelen in de productieketen
Ketenefficiency
Maatregelen in de productketen
Subtotaal ketenefficiency
Duurzame energie
0
0
1.614
1.030
Inkoop van duurzame energie
0
0
Opwekking van duurzame energie
6
35
Subtotaal duurzame energie
0
35
2.563
1.914
Totaal
In de geaggregeerde EEP’s zijn voorwaardelijke maatregelen in 2010-2012 opgenomen voor
een totaal van 677 TJ. De doelstelling aan zekere maatregelen is daarmee 1.886 TJ.
| Definitief | MEE-Sectorrapport 2012 Overige industrie |
Pagina 9
Tabel 3 Deelnemende bedrijven binnen de sector inclusief (historische) uittreders
Bedrijfsnaam
Status in 2012
Meegenomen
in 2012?
AVEBE locatie Foxhol
Deelnemer
Ja
AVEBE locatie Gasselternijveen
Deelnemer
Ja
AVEBE locatieTer Apelkanaal
Deelnemer
Ja
Cargill Benelux B.V.
Deelnemer
Ja
Enci B.V, Vestiging IJmuiden
Deelnemer
Ja
Enci B.V., Vestiging Maastricht
Deelnemer
Ja
Enci B.V., Vestiging Rotterdam
Deelnemer
Ja
Masterfoods Veghel B.V. (Mars B.V.)
Deelnemer
Ja
Rockwool B.V.
Deelnemer
Ja
Suiker Unie, locatie Dinteloord
Deelnemer
Ja
Suiker Unie, productielocatie Vierverlaten
Deelnemer
Ja
TATE & LYLE Netherlands B.V.
Deelnemer
Ja
Vlisco Helmond B.V.
Deelnemer
Ja
Toelichting
***
| Definitief | MEE-Sectorrapport 2012 Overige industrie |
Pagina 10