SAMENVATTING UITSPRAAK

Landelijke
Bezwarencommissie
Functiewaardering
SAMENVATTING
106085 / 106096 - Bezwaren tegen waardering als Docent LB; BVE
Bezwaarde is werkzaam in het I-onderwijs en voert aan dat zij werkzaamheden op LC-niveau verricht,
net als haar collega's die een LC-functie hebben.
Het verschil tussen de toegekende functie Docent 3 LB en de door bezwaarde beoogde functie Docent
2 LC heeft met name betrekking op de kenmerken 2, 'doel van de werkzaamheden', 10, 'controle' en
11, 'de vereiste kennis', waar de LC-functie een 4 scoort en de LB-functie een 3.
Gezien de feitelijk opgedragen werkzaamheden heeft de werkgever in redelijkheid en billijkheid de
functie Docent 3 LB aan bezwaarde toegekend.
De procedure zoals neergelegd in het implementatieplan kan leiden tot een feitelijke ongelijkheid zoals
die nu tussen de collega's binnen de I mogelijk is ontstaan. De Landelijke Bezwarencommissie
Functiewaardering is echter niet de geëigende plaats om dit, middels een procedure, aan de orde te
stellen. Bezwaar ongegrond.
UITSPRAAK
in het geding tussen:
mevrouw A, wonende te B, bezwaarde, hierna te noemen A
gemachtigde: de heer mr. C
en
het College van Bestuur van het D, gevestigd te E, verweerder, hierna te noemen de werkgever
gemachtigde: mevrouw mr. F
1.
VERLOOP VAN DE PROCEDURE
Bij bezwaarschrift met bijlagen van 11 december 2013, ingekomen op 13 december 2013 en
aangevuld op 7 en 10 januari 2014, heeft A bezwaar ingediend tegen het besluit van de werkgever d.d.
13 november 2013 om haar de functie docent 3 LB toe te kennen.
De werkgever heeft een verweerschrift met bijlagen ingediend, ingekomen op 10 februari 2014.
De mondelinge behandeling van het bezwaar vond plaats op 14 maart 2014.
A verscheen in persoon en werd bijgestaan door haar gemachtigde.
De werkgever werd vertegenwoordigd door de heer G, teamleider van bezwaarde, daartoe bijgestaan
door de gemachtigde.
De inhoud van voornoemde stukken geldt als hier herhaald en ingelast.
Zaaknummer /uitspraak d.d.
Pagina 1 van 4
Landelijke
Bezwarencommissie
Functiewaardering
2.
DE FEITEN
A is sinds 1 augustus 1990 werkzaam bij D in een vast dienstverband, laatstelijk in de functie van
docent 3 LB. Zij is de laatste jaren werkzaam in het team I (Internationale Schakelklas). Dit team
bestaat uit 8 docenten
Op de arbeidsverhouding is de cao bve van toepassing.
De werkgever heeft onder begeleiding van de H het functiebouwwerk geherstructureerd. In dat kader
is, gebaseerd op vijf indelingscriteria, een functieprofiel Docent Educatie/ Leven lang leren opgesteld
met twee docentfuncties, Docent 3 LB en Docent 2 LC.
Voor de uiteindelijke beschrijving en waardering van de functies heeft de werkgever het systeem fuwabve gebruikt.
In het implementatieplan is opgenomen dat een werknemer die niet instemt met de nieuwe functie, de
oude functie behoudt en beoordeeld zal worden op dat niveau. Bij onvoldoende functioneren zal hij na
maximaal drie jaar worden teruggeplaatst in de nieuwe functie. Zes van de acht I-medewerkers
hadden de oude functie Docent 2 LC.
De werkgever heeft in het kader van het nieuwe functiebouwwerk op 16 mei 2013 aan A de functie
Docent 3 LB uitgereikt. A heeft hiertegen bezwaar gemaakt bij de interne bezwarencommissie. Deze
heeft op 1 juni 2013 het bezwaar ongegrond verklaard.
De werkgever heeft vervolgens op 13 november 2013 een nieuw besluit genomen waarin het besluit
van 16 mei 2013 (toekenning functie Docent 3 LB) is gehandhaafd. Tegen dit besluit is het bezwaar
gericht.
De zes collega’s die laatstelijk een LC-functie hadden, is in eerste instantie ook een LB-functie
toegekend. Zij hebben na een interne bezwarenprocedure met een beroep op de bovengenoemde
bepaling uit het implementatieplan de oude LC-functie vooralsnog behouden.
3.
STANDPUNTEN VAN PARTIJEN
A voert het volgende aan. De functiereeks Docent Educatie /Leven lang leren kent vijf indelingscriteria.
Het betreft de criteria Onderwijsontwikkeling, Inzetbaarheid, Studentenbegeleiding, Samenwerking met
beroepsomgeving en Projecten. Om in aanmerking te komen voor een LC-functie dient A aan alle vijf
de indelingscriteria te voldoen op LC-niveau. Het enige criterium waar A volgens de werkgever niet
aan voldoet is "Projecten". De werkgever heeft dit criterium nader ingevuld als: ontwikkelen van
contractonderwijs & participeren in team- en/of afdelingsoverstijgende projecten. Volgens A is er
sprake van contractonderwijs, omdat er jaarlijks een contract wordt afgesloten met een vmbo-school
die leerlingen voor het I-onderwijs onderbrengt bij het ROC.
Sinds 2009 is er op D sprake van I-onderwijs. De werkgever heeft A destijds verzocht het I-onderwijs
mede op te zetten. Dit vergde ontwikkelwerk, dat passend is bij een LC-functie. Bezwaarde is breed
inzetbaar. In haar huidige functie begeleidt zij veel getraumatiseerde leerlingen en moet hen naar het
hoogst mogelijke uitstroomniveau krijgen. Het is intensief werk, mede door de grote doorstroom. Er kan
gebruik worden gemaakt van de onderwijsmethode DI, een basisprogramma dat naar de specifieke
onderwijsbehoeften van de leerlingen aangepast moet worden.
De docenten in het I-team doen allemaal hetzelfde werk. Bij de toedeling van taken wordt niet gekeken
of de docent een LC- of een LB-functie heeft. Ondanks dat iedereen hetzelfde werk doet, is A bij de
herstructurering van het functiebouwwerk de docent LB-functie toegekend, terwijl andere collega's een
LC-functie toegekend kregen. Hierdoor wordt A ongelijk behandeld. Zij zou het na zoveel dienstjaren
gewaardeerd hebben om gelijk beloond te worden met de andere medewerkers die vanaf het begin de
I hebben opgebouwd. Dat zou ook getuigen van goed werkgeverschap, aldus A.
Zaaknummer /uitspraak d.d.
Pagina 2 van 4
Landelijke
Bezwarencommissie
Functiewaardering
De werkgever voert aan dat de werkzaamheden van een docent in de I passen bij een Docent LBfunctie. Er is geen sprake van contractonderwijs. Het onderwijs valt binnen staande
onderwijswetgeving en wordt niet ondergebracht onder de derde geldstroom. Daarnaast voldoet de I
niet aan de omschrijving van een project, zoals die wordt gehanteerd binnen het ROC. Voorts is er
sprake van een langlopende samenwerkingsovereenkomst met het voortgezet onderwijs, met een
opzegtermijn van 3 maanden.
Er is binnen de I-afdeling sprake van een teamcontract. Het team is verantwoordelijk en alle
medewerkers worden gelijk behandeld bij de te verdelen werkzaamheden. Daarbij wordt geen
onderscheid gemaakt tussen LB- en LC-docenten. Er is een tweedegraads bevoegdheid vereist en
een NT2-opleiding.
In eerste instantie heeft de werkgever alle I-docenten de functie Docent 3 LB toegekend. Op grond van
de bepalingen in het implementatieplan heeft de interne bezwarencommissie het bezwaar van zes
collega’s van bezwaarde (allen voorheen met een LC-functie) gegrond verklaard. De werkgever heeft
dit advies overgenomen. Tijdens de toedelingsprocedure is niet vast komen te staan dat bezwaarde
werkzaamheden uitvoerde die niet conform het ‘oude’ LB-functieprofiel waren. Met betrekking tot de
door bezwaarde naar voren gebrachte brede inzetbaarheid stelt de werkgever dat competenties van
een werknemer geen rol spelen bij de toekenning van een functie.
4.
OVERWEGINGEN VAN DE COMMISSIE
De bevoegdheid en de ontvankelijkheid
Aangezien de instelling is aangesloten bij deze Commissie en het bezwaar is gericht tegen een nieuw
besluit als bedoeld in artikel D-15, lid 2 cao bve, en binnen de daartoe geldende termijn is ingediend, is
de Commissie bevoegd van het bezwaar kennis te nemen en is het bezwaar ontvankelijk.
Het bezwaar
De werkgever heeft bij het herstructureren van het functiebouwwerk in eerste instantie gebruik
gemaakt van de Hay-methodiek om de functieprofielen te beschrijven en waarderen. Op het laatste
moment heeft de werkgever de vormgegeven functies laten beschrijven en waarderen met het in de
cao bve voorgeschreven fuwa-bve-systeem. De Commissie zal de beschrijvingen uit de Haysystematiek niet betrekken bij de beoordeling van het bezwaar, maar het geschil beoordelen aan de
hand van de fuwa-systematiek.
Het verschil tussen de toegekende functie Docent 3 LB en de door A beoogde functie Docent 2 LC
heeft met name betrekking op de kenmerken 2, 'doel van de werkzaamheden', 10, 'controle' en 11, 'de
vereiste kennis', waar de LC-functie een 4 scoort en de LB-functie een 3.
Uit de stukken en het ter zitting verhandelde is de Commissie gebleken dat de werkzaamheden van A
gericht zijn op het verzorgen van lessen. Overeenkomstig de systematiek van fuwa-bve hangt met
deze werkzaamheden een controle op output samen, dus een die is gericht op de kwaliteit van het
eindproduct. Dit levert een score 3 op bij kenmerk 10. Een score 4 op dit kenmerk komt pas in beeld bij
de controle op de bruikbaarheid van (onderwijs)beleidsadviezen en voorstellen. Voor zover er al
sprake is van dergelijke onderwijsontwikkeling in de termen van de functiewaarderingsmethodiek, heeft
die zich langere tijd geleden afgepeeld en heeft deze daardoor geen betrekking op het bestreden
besluit.
Onweersproken door bezwaarde is voor de functie een HBO- denk- en werkniveau vereist, hetgeen
overeenkomt met een score 3 op kenmerk 11.
De brede inzetbaarheid van A en de kenmerken van de doelgroep van het I-onderwijs leiden in fuwabve niet tot een hogere waardering van de werkzaamheden.
Zaaknummer /uitspraak d.d.
Pagina 3 van 4
Landelijke
Bezwarencommissie
Functiewaardering
De Commissie komt daarmee tot het oordeel dat de werkgever op grond van de systematiek van fuwabve in redelijkheid en billijkheid de functie Docent 3 LB aan bezwaarde heeft toegekend.
De Commissie stelt vast dat de procedure zoals neergelegd in het implementatieplan kan leiden tot
een feitelijke ongelijkheid zoals die nu tussen de collega’s binnen de I mogelijk is ontstaan. De
Landelijke Bezwarencommissie Functiewaardering is echter niet de geëigende plaats om dit, middels
een procedure, aan de orde te stellen.
5.
OORDEEL
Op grond van bovenstaande overwegingen verklaart de Commissie het bezwaar ongegrond.
Aldus gedaan te Utrecht op 11 april 2014 door A.G.W. van den Boorn, voorzitter,
W.A.M. de Kok en mr. E. van Zadelhoff, leden, in aanwezigheid van drs. J. van Velzen, secretaris.
A.G.W. van den Boorn
voorzitter
Zaaknummer /uitspraak d.d.
Pagina 4 van 4
drs. J. van Velzen
secretaris