Download document

LENTE 2014
BELEGGINGS-
HORIZON
VIER ACTUELE VRAGEN
VOOR BELEGGERS
WIJZIGING VAN
SUCCESSIERECHTEN
PETERCAM L PATRIMONIAL ,
EEN ALTERNATIEF VOOR UW
SPAARREKENING
INHOUD
EDITORIAAL
STRATEGIE
..........................................3
...........................................4
INTERNATIONALE ECONOMIE
ACTUELE VRAGEN
..............................6
......................................8
ASSET ALLOCATIE
PETERCAM L PATRIMONIAL : KAPITAALBEHOUD STAAT VOOROP
PETERCAM EEN DUURZAME BELEGGER
. . . . 12
? . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14
ESTATE PLANNING
WIJZIGING VAN SUCCESSIERECHTEN
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16
COMPTOIR FRANÇAIS
VERMOGENSFISCALITEIT IN FRANKRIJK : DE ONTWIKKELINGEN
CONTACT
. . . . 18
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 20
De informatie opgenomen in het huidige document wordt u enkel gecommuniceerd op
informatieve wijze en mag niet beschouwd worden als een persoonlijk beleggingsadvies.
Zij vormt geen bod tot de aankoop of verkoop van roerende waarden. Indien deze
informatie voor u van belang zou kunnen zijn, kan u contact opnemen met uw beheerder
om de geldigheid van deze belegging(en) na te gaan met betrekking tot uw risicoprofiel.
Wij herinneren u eraan dat prestaties uit het verleden geen indicatie zijn voor toekomstige
resultaten. De informatie en standpunten in dit document zijn een weergave van de
situatie op datum van het opstellen van het document en kunnen op gelijk welk moment
worden gewijzigd zonder vooropzeg.
Verantwoordelijke uitgever: Geoffroy d’Aspremont, Sint-Goedeleplein 19, 1000 Brussel.
Redactie beëindigd op 27 maart 2014.
Images: Alamy, Shutterstock
HORIZON | LENTE 2014 | 1
2
EDITORIAAL
Beste cliënt,
In Horizon van afgelopen december voorspelden we een jaar 2014 met een
opeenvolging van gebeurtenissen die sterk lijkt op de rollercoaster van de sport.
En die voorspelling is volop aan het uitkomen. In januari schoten de financiële
markten sterk uit de startblokken op basis van resoluut optimistische
economische berichten. Dat stuwde de meeste grote beursindexen naar
recordniveaus die al lang niet meer bereikt waren. Deze dynamiek, die ingegeven
werd door erg bemoedigende economische resultaten in het laatste kwartaal van
2013, stokte echter snel omdat de realiteit een stuk minder rooskleurig bleek. Dat
kwam onder meer tot uiting in teleurstellende cijfers uit de Verenigde Staten, het
deflatierisico in de eurozone, de aanhoudende groeivertraging van de Chinese
economie, de financiële perikelen in Turkije en de politieke onrust in Oekraïne.
Een en ander bezorgde de beleggers een koude douche en leidde tot
winstnemingen die de sterke volatiliteit van de markten nog maar eens
benadrukten. En het bracht de media ertoe om opnieuw uit te pakken met
alarmerende koppen over een nieuwe zeepbel en over het feit dat de heropleving
van de economie uiteindelijk erg artificieel is aangezien ze nog altijd sterk wordt
ondersteund door de liquiditeitsinjecties van de centrale banken.
Wat moeten we daar nu van denken? Hoe zal de rest van het jaar eruit zien? In de rubrieken internationale
economie en strategie lichten we onze macro-economische analyses en strategische aanbevelingen toe.
In deze context van een woelig herstel met verschillende snelheden hebt u in de gesprekken met onze
beheerders heel wat vragen gesteld. We hebben ze ondergebracht in vier grote gehelen. Gezien de extreem
lage rente zijn de obligaties als klassiek beleggingsinstrument dat een mooi rendement oplevert, omzeggens
opgedroogd. Is er dan nog plaats voor deze effecten in een beleggingsportefeuille? Tegelijk is de waarde van
alternatieven zoals aandelen en vastgoed sterk gestegen. Zijn die instrumenten dan nog interessant? Een
fundamentele vraag is natuurlijk – we hebben het er hierboven al over gehad – of de economische crisis nu
echt achter ons ligt en of de signalen van verbeteringen die we hebben kunnen zien niets anders waren dan
een zoveelste illusie? U vindt hierover een samenvatting en onze antwoorden in het artikel ‘Vier
actualiteitsvragen voor beleggers’.
Velen onder u blijven uit voorzichtigheid ook cash aanhouden op spaarboekjes, maar stellen natuurlijk vast
dat de rentevoeten daarop nauwelijks volstaan om de inflatie en de kosten van de banken te compenseren. In
het kader van een actief en sterk gediversifieerd beheer hebben wij al in 2010 ingespeeld op de vraag naar
een zo evenwichtig en stabiel mogelijk defensief product dat een hoger rendement biedt dan de
spaarrekeningen. We staan in dit nummer dan ook stil bij de beleggingsfilosofie en de samenstelling van
Petercam L Patrimonial en bij de resultaten die dit fonds sinds de start heeft geboekt.
Aangezien we in deze driemaandelijkse publicatie analyses willen bieden die rekening houden met alle
aspecten van het vermogensbeheer, behandelen we ook in dit nummer het fiscale en successieluik, meer
bepaald de vrijstelling van successierechten op gezinswoningen in Brussel, en andere nieuwigheden rond
vermogensplanning. We kijken ook over de grenzen en staan stil bij nieuwe fiscale regels in Frankrijk. Last but
not least starten we samen met u ook een reflectie rond de complexe materie van duurzame beleggingen. We
leggen u de krachtlijnen uit van ons beleid in dit domein, dat niet altijd even goed wordt begrepen.
We wensen u veel leesgenot.
Fritz Mertens
Vennoot
Lid van het Directiecomité
HORIZON | LENTE 2014 | 3
STRATEGIE
DE VOORBIJE MAANDEN VERSCHOOF DE FOCUS VAN DE MARKTEN TERUG VAN HET HERSTEL VAN DE
WERELDECONOMIE NAAR ALLERLEI RISICOSCENARIO ’ S. NIETTEMIN BLIJFT DE ONDERLIGGENDE
HERSTELDYNAMIEK INTACT. NAARMATE DE HUIDIGE MEDIAGENIEKE RISICO ’ S DE KOMENDE
MAANDEN WEGEBBEN , ZAL HET ECONOMISCHE HERSTEL OPNIEUW DE BEPALENDE FACTOR VOOR DE
FINANCIËLE MARKTEN WORDEN . VOORAL DE AANDELENMARKTEN ZULLEN DAARVAN PROFITEREN .
4
STRATEGIE
Na een mooie tweede jaarhelft van
2013, waarin de financiële markten
vooral aandacht hadden voor het
economische herstel, kwamen er
de voorbije maanden nieuwe
risico’s in de schijnwerpers.
Tegenvallende economische cijfers
in de VS, politieke en financiële
perikelen in Turkije en spanningen
tussen Oekraïne en Rusland misten
hun effect op de financiële
markten niet. De vraag blijft
evenwel of deze risico’s de
hersteldynamiek in de
wereldeconomie onderuit kunnen
halen. De tegenvallers in de VS
hebben vooral te maken met het
slechte weer, en die situatie zal
allicht snel rechtgezet worden
wanneer het weer opnieuw
normaliseert. De perikelen in heel
wat groeilanden zijn dan weer
vooral lokaal, waarbij het minder
waarschijnlijk is dat die de
wereldeconomie substantieel gaan
beïnvloeden. Al bij al blijft de
wereldeconomie op schema voor
een verstevigend herstel. Dat
herstel gaat nog altijd gepaard met
een erg lage inflatie, maar ook met
een geleidelijke afbouw van de
monetaire stimulus door de
belangrijkste centrale bank in de
wereldeconomie.
Hoewel risico’s de financiële
markten parten kunnen spelen, is
een klimaat van aantrekkende groei
en lage inflatie positief voor
aandelen. Daarbij is het wel
uitkijken in hoeverre de
aandelenmarkten al voorop
gelopen zijn op dat herstel. Dat is
vandaag vooral het geval in de VS,
waar de aandelenmarkt vrij duur
geworden is. In de rest van de
wereld is dat veel minder het geval.
Ook de Europese markten hebben
al geanticipeerd op meer positief
nieuws, maar daar blijft nog flink
wat opwaarts potentieel. Een
essentiële voorwaarde om dat
potentieel te realiseren, is wel dat
de winstgroei van de Europese
bedrijven in 2014 moet gaan
versnellen. Voorlopende
indicatoren geven alvast aan dat
die winstgroei er de komende
kwartalen zal komen. In Japan en
de groeilanden blijven de
aandelenmarkten ondertussen erg
aantrekkelijk gewaardeerd, hoewel
aan die regio’s ook specifieke
risico’s verbonden zijn. Ondanks de
risico’s en de bijhorende volatiliteit
blijven aandelen de meest
interessante beleggingscategorie in
het huidige economisch-financiële
klimaat.
Jérôme van der Bruggen
Head of Investments
Private Banking
Tijdens de recente marktschommelingen illustreerden
obligaties nog maar eens de rol die
ze kunnen spelen in een
evenwichtige beleggingsportefeuille. Hoewel het te
verwachten rendement van
obligaties in het huidige
economische klimaat en met de
huidige lage rentestand vrij
bescheiden is, bieden obligaties
toch een zekere bescherming als de
financiële markten onder druk
komen. Obligaties hebben vandaag
dan ook een rol te spelen in de
portefeuille, niet vanuit pure
rendementsoverwegingen, maar
vanuit een verzekeringsperspectief.
Ondanks het lastige jaarbegin blijft
een strategie gericht op aandelen,
met vooral de klemtoon op Europa
en in mindere mate op Japan en de
groeilanden, de beste manier om in
te spelen op het herstel van de
wereldeconomie. Verschillende
risico’s kunnen voor volatiliteit
zorgen, maar zeker in Europa zitten
bedrijven in een positie om te
profiteren van dat herstel. Beperkte
posities in obligaties zorgen voor
stabiliteit in de portefeuille. HORIZON | LENTE 2014 | 5
INTERNATIONALE ECONOMIE
VERSCHILLENDE RISICO ’ S OVERSCHADUWEN VANDAAG HET HERSTEL VAN DE WERELDECONOMIE. TOCH
BLIJFT DE ONDERLIGGENDE HERSTELDYNAMIEK NOG ALTIJD OVEREIND. VOORAL DE VS, NOG ALTIJD DE
MOTOR VAN DE WERELDECONOMIE , BLIJFT OP HET JUISTE SPOOR . NIETTEMIN BLIJFT HET HERSTEL
AFHANKELIJK VAN BELEIDSBESLISSINGEN IN DE VERSCHILLENDE REGIO ’ S, WAARBIJ CENTRALE BANKIERS
EEN CRUCIALE ROL ZULLEN BLIJVEN SPELEN .
Nog niet zo heel lang geleden ging
2014 van start met heel veel
optimisme over de
wereldeconomie. In de tweede
helft van 2013 kwam er heel wat
positief economisch nieuws uit de
klassieke industrielanden, en het
zag er naar uit dat die positieve
dynamiek in 2014 bevestigd zou
worden. Sindsdien kwamen er
opnieuw heel wat risico’s op de
voorgrond: tegenvallende cijfers in
de VS, deflatiegevaar in Europa,
aanhoudende vertraging van de
Chinese economie, financiële
perikelen in Turkije en Argentinië,
politieke problemen in Oekraïne, …
Deze risico’s plaatsen vraagtekens
naast het scenario van het
wereldwijde economische herstel.
Toch blijven er voldoende indicaties
over die dat scenario bevestigen.
Ondanks de risico’s is de
wereldeconomie nog altijd op weg
naar een sterkere groei in 2014.
BARRE WINTER HAALT
AMERIKAANS HERSTEL
NIET ONDERUIT
Na een degelijk 2013 zorgden
verschillende indicatoren over de
Amerikaanse economie de voorbije
weken voor heel wat
ontgoocheling. Dat had veel te
maken met het uitzonderlijk
slechte winterweer dat de VS al
sinds december parten speelt.
Slecht weer ondermijnt immers de
economische activiteit. Vooral
indicatoren over de bouwactiviteit,
de kleinhandelsverkopen, de
6
werkgelegenheid, … bleken de
nemen, blijft de inflatoire druk in
voorbije maanden opmerkelijk
de economie immers beperkt. De
zwak. Maar, die negatieve impact
Fed zal eerder haar beleidsrichtop de activiteit is
lijnen bijsturen om
maar tijdelijk.
duidelijk te maken
DE WERELDECONOMIE
Wanneer de
dat de rente nog
ZOU IN 2014
weersomstandiggeruime tijd laag
TOCH MEER MOETEN
heden terug
blijft. Het blijft
GROEIEN DAN IN DE
normaliseren, zullen
evenwel nog maar
de economische
de vraag hoe lang ze
VOORBIJE JAREN .
indicatoren normaal
dat kan volhouden
terug opveren. De belangrijkste
als het economische herstel na de
factoren achter het economische
barre winter opnieuw overtuigend
herstel blijven immers aanwezig:
bevestigd wordt.
het positieve klimaat op de
vastgoedmarkt, de verbeterende
situatie op de arbeidsmarkt, de
herstelde financiële positie van de
gezinnen en de banken, het
terugschroeven van de
besparingsinspanningen van de
In Europa groeide de economie in
overheid, de gunstige
de tweede helft van 2013 na
kredietvoorwaarden, … Samen
anderhalf jaar recessie opnieuw. En
suggereren deze factoren dat het
ondertussen bleef het vertrouwen
economische herstel bevestigd zal
in de regio ook de voorbije
worden naarmate het weer terug
maanden verder toenemen. Al bij al
opklaart.
lijkt de eurozone goed op weg naar
een economische groei van 1 à
Ook de centrale bank maakt zich
1,5% in 2014, terwijl de
weinig zorgen over de recente
ontgoochelende cijfers. De Fed blijft vooruitzichten voor het VK er nog
flink beter uitzien. De cyclische
voorlopig de monetaire stimulus
dynamiek gaat daarmee de goeie
via obligatieaankopen geleidelijk
richting uit, maar dat betekent
verder afbouwen. Bovendien gaf de
geenszins dat alle problemen nu
nieuwe Fed-baas Yellen al aan dat
opgelost zijn. De werkloosheid blijft
ze op die weg verder gaat zolang er
in grote delen van de eurozone
geen duidelijke verandering komt
onaanvaardbaar hoog. Daarnaast
in de economische situatie. Echte
blijft de kredietverlening verder
renteverhogingen zijn nog niet
afnemen, en is er nog altijd heel
meteen voor morgen, ook al is de
wat onbenutte capaciteit in de
werkloosheidsgraad ondertussen
Europese economie. Die
teruggezakt tot net boven de
combinatie zorgt voor een
drempel van 6,5% die de Fed eerder
belangrijke deflatoire druk in de
zelf naar voor schoof. Hoewel de
economie. De inflatie in de
loongroei stilaan begint toe te
GOED NIEUWS
UIT EUROPA
INTERNATIONALE ECONOMIE
eurozone is dan ook opmerkelijk
laag. Van algemene deflatie is nog
altijd geen sprake, maar met zo’n
1% blijft de inflatie oncomfortabel
laag. De eurozone is vandaag allicht
maar één negatieve schok
verwijderd van een nefaste
deflatie-situatie. Tegen die
achtergrond zou de ECB beter
uitpakken met nieuwe
stimulusmaatregelen om het
deflatierisico te beperken, maar
voorlopig blijft de ECB erg
voorzichtig.
JAPANS HERSTEL HAPERT
Na de eerste veelbelovende
resultaten van de nieuwe
beleidswind in 2013, is het herstel
van de Japanse economie al enkele
maanden aan het haperen. Na een
decennium van deflatie hebben
gezinnen het moeilijk om om te
gaan met inflatie, terwijl de grote
afhankelijkheid van ingevoerde
energie de nadelen van het zwakkemuntbeleid in de verf zet.
Daarbovenop komt binnenkort nog
de aangekondigde verhoging van
de consumptiebelasting van 5 naar
8% in april. Die factoren
ondermijnen het herstel dat onder
impuls van de nieuwe beleidskoers
van premier Abe ingezet werd. Het
lijkt evenwel weinig waarschijnlijk
dat Abe na een veelbelovende start
nu zijn inspanningen zou laten
varen. De regering zette dan ook al
de eerste stappen richting een
heropstart van de kerncentrales,
terwijl de centrale bank bescheiden
extra stimulusmaatregelen
aankondigde. Op dat vlak valt de
komende maanden evenwel nog
meer te verwachten. Premier Abe
kan het zich niet veroorloven om
het prille herstel nu al te laten
stokken.
TURBULENTIE IN DE
GROEILANDEN
industrielanden. Anderzijds blijft
de Chinese economie vertragen
doordat de autoriteiten de al te
forse kredietgroei proberen af te
remmen, hebben landen als
Thailand en Oekraïne af te rekenen
met politieke onrust en kwam het
wankele financiële plaatje van
landen als Argentinië en Turkije de
voorbije maanden onder vuur. Die
divergentie zal meer dan
waarschijnlijk de komende
kwartalen aanhouden. In een
klimaat waarin de belangrijkste
centrale bank in de wereldeconomie haar monetaire stimulus
afbouwt, dreigen landen die al te
afhankelijk zijn van de instroom
van buitenlands kapitaal in
toenemende mate onder druk te
komen. En die druk zal allicht vooral
weerspiegeld worden in de
wisselkoersen, die nog geruime tijd
erg volatiel zullen blijven. Andere
groeilanden zullen daarentegen
eerder kunnen profiteren van het
herstel in de klassieke
industrielanden. Al bij al lijkt het
gevaar op een domino-crisis
doorheen de regio, waarbij het ene
groeiland na het andere in de
problemen komt (zoals in de
tweede helft van de jaren 90),
vandaag vrij beperkt, o.a. door de
betere financiële positie van heel
wat groeilanden. Anderzijds zit ook
een terugkeer naar de spectaculaire
groeicijfers van voor de crisis er niet
meer in. Lees meer van onze economische
analyses
https://insights.petercam.com.
Groei bbp
(jaar op jaar % wijziging)
Economische indicator VS
(opinie aankoopmanagers)
VERENIGDE STATEN
Groei bbp
(jaar op jaar % wijziging)
Economische indicator
Duitsland (IFO-enquête)
DUITSLAND
Groei bbp
(jaar op jaar % wijziging)
Economische indicator
België (NBB-enquête)
BELGIË
Groei bbp
(jaar op jaar % wijziging)
CHINA
Economische indicator
China
In de groeilanden blijft de
economische dynamiek heel
uiteenlopend. Verschillende
groeilanden profiteerden de
voorbije maanden via toenemende
exportmogelijkheden van het
herstel in de klassieke
HORIZON | LENTE 2014 | 7
VIER ACTUELE VRAGEN
VOOR BELEGGERS
BELEGGERS WORDEN CONTINU GECONFRONTEERD MET HEEL WAT VRAGEN , MAAR DIE LIJKEN DE
JONGSTE TIJD TOCH WAT ACUTER DAN GEBRUIKELIJK . DE EXTREEM LAGE RENTE BETEKENT IMMERS DAT
EEN KLASSIEKE BRON VAN RENDEMENT ZO GOED ALS WEGGEVALLEN IS. IS ER TEGEN DIE
ACHTERGROND NOG EEN PLAATS VOOR OBLIGATIES IN EEN BELEGGINGSPORTEFEUILLE ? ONDERTUSSEN
ZIJN ALTERNATIEVEN ZOALS AANDELEN , OM OVER VASTGOED NOG MAAR TE ZWIJGEN , AL DUIDELIJK IN
WAARDE GESTEGEN . BLIJVEN DIE OOK VANDAAG NOG INTERESSANT ? EN BOVEN DE KEUZES ROND WAT
TE DOEN MET JE GELD, BLIJFT DE VRAAG HANGEN OF DE ECONOMIE NA ZES JAAR MALAISE NU ECHT
TERUG OP DE GOEIE WEG ZIT. LIGT DE ECONOMISCHE CRISIS ACHTER DE RUG , OF ZIJN DE RECENTE
TEKENEN VAN BETERSCHAP NIET MEER DAN EEN ZOVEELSTE SCHIJNBEWEGING ?
1. IS DE ECONOMIE EINDELIJK
VERTROKKEN VOOR EEN
ECHT HERSTEL ?
EInd 2008 zonk de wereldeconomie
in de diepste crisis sinds de Tweede
Wereldoorlog. Sindsdien waren er
geregeld opflakkeringen van
economische activiteit, maar
volgden er ook heel wat nieuwe
ontgoochelingen. Dat was zeker
het geval in Europa, waar de
muntunie vanaf 2010 onder leiding
van Griekenland in een nieuwe
crisis sukkelde. In 2013 doken
opnieuw meer en meer positieve
signalen op, eerst in de VS en Japan
en in de tweede helft van het jaar
in Europa. Enkel in de groeilanden
bleef het goede nieuws uit. Al bij al
leek de wereldeconomie doorheen
2013 stilaan in betere doen en
kondigden de vooruitzichten voor
2014 zich veelbelovend aan. De
cruciale vraag is evenwel of dit
meer is dan een zoveelste
schijnbeweging en de
wereldeconomie nu echt
gelanceerd is in het herstel.
De normale situatie voor de meeste
economieën is er een van positieve
economische groei, o.a. door de
bevolkingsgroei. Die ‘normale’ groei
8
verschilt van regio tot regio, en ligt
bijvoorbeeld duidelijk hoger in de
groeilanden dan Europa, maar is
voor zo goed als alle landen
positief. Een economie krimpt enkel
onder druk van specifieke negatieve
factoren. Zulke negatieve factoren
waren de voorbije jaren overvloedig
aanwezig: de correctie van
vastgoedzeepbellen in heel wat
landen, het gedwongen
terugschroeven van de eerdere
overdreven schuldopbouw, een
algemene sfeer van onzekerheid, de
overdreven besparingsdrang van
heel wat overheden, … Veel van die
negatieve factoren zijn de voorbije
jaren aangepakt, en wegen
vandaag duidelijk minder op de
economie. In landen als de VS,
Spanje en Nederland zijn de
huizenprijzen teruggezakt tot meer
houdbare niveaus. Daarnaast heeft
de private sector in heel wat landen
haar financiële plaatje terug wat
meer op orde, terwijl overheden
(zelfs in Europa) stilaan beseffen
dat al te hard op de budgettaire
rem staan in het huidige klimaat
weinig zin heeft. Ten slotte zijn
centrale bankiers met hun
verregaande ingrepen er in
geslaagd om het vertrouwen in het
financiële systeem in belangrijke
mate terug te herstellen. Door het
afnemen van die negatieve
factoren keren de meeste
economieën terug naar hun
normale groei.
Dat betekent niet dat alle
problemen en risico’s nu
onmiddellijk van de baan zijn. De
wereldeconomie wordt nog altijd
ACTUELE VRAGEN
geconfronteerd met hoge
werkloosheid, hoge schulden,
binnenlandse problemen in
verschillende groeilanden, …
Niettemin zit de wereldeconomie
in een herstelfase. De combinatie
van iets meer vertrouwen en
gunstige financieringsvoorwaarden
zorgt er voor dat bedrijven, vooral
in de klassieke industrielanden,
geleidelijk terug meer gaan investeren en vervolgens ook meer gaan
aanwerven. In 2010 was het herstel
nog volledig gebaseerd op (vooral
fiscale) stimulus-maatregelen. Toen
die terug-geschroefd werden, zakte
de economie terug weg en
vervolgens gooide de eurocrisis roet
in het eten. Deze keer is het herstel
meer gebaseerd op een structurele
verbetering van de economische
situatie. Spectaculaire groeicijfers
zitten er nog niet meteen in, maar
de wereldeconomie zou in 2014
toch meer moeten groeien dan in
de voorbije jaren. Dat herstel wordt
trouwens in belangrijke mate
aangedreven door de klassieke
industrielanden. Voorlopende
indicatoren geven aan dat de
Amerikaanse economie goed op
weg is naar een groei van zo’n 3%
in 2014, de eurozone naar 1,3% en
Japan naar 1,8%. Zonder nieuwe
negatieve schokken blijft het
economische herstel de komende
kwartalen aanhouden.
2. IS ER NOG EEN PLAATS
VOOR OBLIGATIES IN
EEN BELEGGINGS PORTEFEUILLE ?
Sinds het begin van de jaren 80,
toen de langetermijnrente op
Belgisch overheidspapier piekte op
14%, daalde de rente in de meeste
industrielanden spectaculair. Dat
leverde doorheen de jaren mooie
rendementen op voor
obligatiebeleggers. Vandaag is de
rente evenwel erg laag geworden.
Zo ligt de Belgische rente vandaag
nog maar net boven 2%. Ook de
rente op bedrijfsobligaties en
hoogrentende obligaties liggen in
de buurt van historische
dieptepunten. Bovendien bestaat
er in een klimaat van economisch
herstel en een extreem soepel
monetair beleid dat niet onbeperkt
volgehouden kan worden een reëel
risico op rentestijging, wat het
beperkte lopende
obligatierendement nog verder zou
uithollen. Toch zit een echt drama
voor obligaties er nog niet meteen
aan te komen. De wereldeconomie
is aan het herstellen, maar dat
herstel blijft voorlopig nog pril en
fragiel. Centrale bankiers in de
klassieke industrielanden geven al
geruime tijd aan dat ze hun
beleidsrentes nog lange tijd heel
laag willen houden. Ze willen
immers het gevaar niet lopen dat
te snelle rentestijgingen het
economische herstel zouden
ontwrichten. Het feit dat de inflatie
in de meeste landen heel laag blijft,
en er vooralsnog geen indicaties
zijn dat daar op korte termijn
verandering in komt, biedt hen
daarvoor ook de nodige marge.
Tegen de achtergrond van het
economische herstel is een zekere
rentestijging waarschijnlijk, maar
centrale bankiers zullen
verhinderen dat die stijging te ver
doorgaat. In die zin vallen voor
obligaties de komende maanden
weliswaar erg beperkte, maar nog
altijd positieve rendementen te
verwachten.
Obligaties vormen in de huidige
situatie dan ook geen interessante
beleggingsoptie vanuit een puur
rendementsperspectief. Dat neemt
niet weg dat obligaties nog altijd
een plaats hebben in een
evenwichtige beleggingsportefeuille. Ondanks het beperkte te
verwachten rendement blijven
obligaties immers een
verzekeringsfunctie vervullen.
Mocht het huidige economische
herstel toch een nieuwe
schijnbeweging blijken te zijn, kan
het klimaat op de financiële
markten opnieuw omslaan. Bij een
nieuwe negatieve schok zou vooral
de Europese economie vrij snel
kunnen afglijden naar een situatie
van deflatie. In zo’n scenario
zouden obligaties meer dan
waarschijnlijk beter presteren dan
de meeste andere activaklassen.
Zo’n doemscenario is vandaag niet
het meest waarschijnlijke scenario,
maar de ontwikkelingen van de
voorbije jaren hebben duidelijk
geïllustreerd dat negatieve
verrassingen nooit volledig uit te
sluiten zijn. Een bepaalde
verzekering inbouwen in een
beleggingsportefeuille is dan ook
geen onzinnig idee.
3. VASTGOED : OPPORTUNITEIT
OF VALSTRIK ?
Voor Belgische beleggers was
vastgoed de voorbije decennia een
mooie opportuniteit. De laatste
echte correctie van de Belgische
huizenmarkt dateert van de eerste
helft van de jaren 80. Sinds 1986
stegen de gemiddelde
huizenprijzen met 6,2% per jaar. En
ook in de voorbije crisisjaren bleven
de huizenprijzen rustig doorstijgen
(weliswaar aan een iets trager
tempo). Voor veel Belgen blijft
vastgoed dan ook de absoluut
veilige belegging. Maar dat klopt
natuurlijk niet. De correctie in de
jaren 80 mag dan misschien al
vergeten zijn, maar was vrij diep: in
reële termen vielen de
huizenprijzen toen met 40% terug.
En recenter werd in landen als de
VS, Spanje, Ierland en Nederland
pijnlijk duidelijk dat huizenprijzen
wel degelijk fors kunnen dalen. De
HORIZON | LENTE 2014 | 9
ACTUELE VRAGEN
cruciale vraag is dan natuurlijk hoe
groot de kans op een correctie is in
België.
De combinatie van een
aanhoudende prijsstijging in België
en de correcties in heel wat landen
betekent dat de Belgische
huizenprijzen nu over de voorbije
25 jaar het meest gestegen zijn in
de hele eurozone. Volgens zowat
alle waarderingsmodellen is de
vastgoed-markt in België vandaag
overgewaardeerd. De mate van
overwaardering varieert van model
tot model van een dikke 10% tot
een onwaarschijnlijke 60%, maar
alle modellen wijzen op
overwaardering. Dat betekent niet
dat er al meteen een zware
correctie zit aan te komen. Markten
kunnen lang overgewaardeerd
blijven. De Belgische
hypotheekmarkt is vrij gezond: de
totale schuldenlast van de
gezinnen valt nog mee en het
10
gebruik van meer avontuurlijke
hypotheekstructuren bleef beperkt.
Tegen die achtergrond is een zware
correctie niet het meest
waarschijnlijke scenario. De
overwaardering impliceert wel dat
er voor de komende jaren nog maar
weinig stijgingspotentieel in de
vastgoedmarkt zit. In het beste
geval zullen de huizenprijzen de
komende jaren stagneren. En het
risico op een correctie blijft hoe dan
ook reëel, maar daarvoor is allicht
een negatieve schok nodig. Voor de
hand liggende kandidaten zijn op
dat vlak een forse rentestijging of
een belangrijke aanpassing van de
vastgoedfiscaliteit. Mocht één van
die risico’s zich in de loop van de
komende jaren voordoen, valt een
duidelijke vastgoedcorrectie ook in
België niet uit te sluiten.
van een vastgoedinvestering in
België vandaag vrij mager
geworden zijn. Daardoor is een
potentiële waardestijging van het
vastgoed essentieel geworden om
tot een aanvaardbaar rendement te
komen. En net die waardestijging
lijkt er de komende jaren niet meer
in te zitten. Belgisch vastgoed is
vandaag te duur geworden om nog
een interessante beleggingsopportuniteit te zijn. Papieren
vastgoed (beursgenoteerd) kan op
dat vlak een alternatief bieden.
Langs die weg is het makkelijker
om in te spelen op vastgoed in
functie van de waardering ook
buiten België.
De prijsstijging van de voorbije
jaren impliceert trouwens ook dat
de te verwachten huuropbrengsten
Het globale economische herstel
komt in eerste instantie vooral de
bedrijven ten goede, en dat is goed
4. ZIT ER NOG POTENTIEEL
IN AANDELEN ?
ACTUELE VRAGEN
nieuws voor hun aandelenkoersen.
Anderzijds hebben de
aandelenmarkten al flink
geanticipeerd op dat herstel. Vraag
is of de markten daarbij niet wat te
hard van stapel gelopen zijn, en of
er geen sprake is van nieuwe
zeepbellen op basis van het
goedkope geld dat de centrale
bankiers voorzien hebben. In de
aanloop naar het huidige
economische herstel zijn de
aandelenmarkten inderdaad al
duidelijk gestegen. Vooral de
Amerikaanse markt klom sinds het
dieptepunt van maart 2009
spectaculair hoger. De meeste
Amerikaanse aandelenindices
lieten de crisis al lang achter zich
en noteren vandaag aan
historische piekniveaus. In de rest
van de wereld verliep het
beursherstel heel wat moeilijker. In
de meeste groeilanden kenden de
aandelenmarkten in 2009-2010
een spectaculair herstel, maar
lieten die het sindsdien afweten.
Ook de Europese en Japanse
aandelenmarkten veerden in 2009
op, maar vielen vervolgens al snel
weer terug. Pas sinds de Draghispeech van midden 2012 en de
verkiezingsoverwinning van Abe in
het najaar van 2012 gaan de
aandelenkoersen in beide regio’s
duidelijk hoger. In zowat alle regio’s
buiten de VS blijven de beurzen
vandaag trouwens nog duidelijk
onder de piekniveaus van voor de
crisis.
Het absolute niveau van de
aandelenmarkt en of die nu al dan
niet op een historisch hoog niveau
ligt, betekent op zich niet veel. De
brede Amerikaanse aandelenindex
noteert vandaag inderdaad op een
historisch hoog niveau, maar dat
geldt evenzeer voor de
Amerikaanse economische
activiteit en voor de winsten van de
Amerikaanse bedrijven. Om zinnige
uitspraken te kunnen doen over de
waardering van de markt moeten
de koersen vergeleken worden met
wat er tegenover die koers staat,
m.n. de gerealiseerde winstgroei,
de potentiële winstgroei, de
boekwaarde van het bedrijf, … Ook
volgens dat soort
waarderingsmaatstaven zijn
Amerikaanse aandelen vandaag
duur, maar nog niet historisch
duur. Ten tijde van de
technologiezeepbel van de tweede
helft van de jaren 90 waren
Amerikaanse aandelen nog veel
duurder gewaardeerd. Europese
aandelen zijn relatief normaal
gewaardeerd, terwijl aandelen uit
Japan en de groeilanden ronduit
goedkoop zijn. Al bij al vallen er
vandaag op de financiële markten
zeker wel wat zeepbelachtige
fenomenen te ontwaren. Vooral de
koersen en overnameprijzen van
bepaalde technologiebedrijven
doen de wenkbrauwen fronsen.
Maar er zijn weinig indicaties dat
grote delen van de markt zich al in
zeepbelland bevinden.
verbeterende vooruitzichten
vertaalt zich stilaan in toenemende
fusie- en overnameactiviteit, wat
ook een positief effect heeft op de
aandelenmarkten. Er zit dan ook nog potentieel in
aandelen. Dat is niet echt het geval
meer voor de VS waar bedrijven al
een zo goed als volledig
winstherstel achter de rug hebben
en waar de aandelen al duur zijn. In
Japan en de groeilanden zijn er
duidelijke opportuniteiten:
waarderingen zijn er erg
aantrekkelijk en er is nog veel
opwaarts potentieel voor de
bedrijfswinsten. Daarentegen staat
dat aan die opportuniteiten wel
meer risico’s verbonden zijn. Voor
Japan liggen die risico’s vooral in
het beleid dat cruciaal is om zowel
de economie als de aandelenmarkt
verder aan te sporen. In de
groeilanden hebben de risico’s
meer te maken met de zeer
volatiele kapitaalstromen op de
internationale markten die voor
forse schommelingen kunnen
zorgen. Daarnaast is er ook in
Europa nog heel wat potentieel. De
waardering mag daar dan wel
genormaliseerd zijn, maar dat
gebeurde op basis van vrij lage
bedrijfswinsten. Naarmate het
economische herstel doorzet, moet
de komende maanden de
winstgroei van de Europese
bedrijven versnellen. Dat zal de
aandelenmarkten hoger duwen.
Het toenemende aantal fusies en
overnames is daarbij een extra
factor. De combinatie van grote
hoeveelheden cash op de
bedrijfsbalansen, gunstige
financieringsvoorwaarden en
HORIZON | LENTE 2014 | 11
PETERCAM L PATRIMONIAL FUND:
EEN ALTERNATIEF
VOOR UW SPAARREKENING
Tijdens de eerste fase, de asset
allocatie, wordt de algemene
economische toestand in de wereld
onder de loep genomen, en in
welke fase van de investeringscyclus de markten zich bevinden.
Tevens worden de waarderingen per
activaklasse per regio bekeken in
een middellange en langetermijnperspectief. Daarbij wordt ook
rekening gehouden met tactische
indicatoren op kortere termijn die
het sentiment van de markt
weergeven. Daarnaast zijn intern
overleg en gezond verstand leidend
in het proces.
Begin 2011 werd een nieuwe
strategie geïntroduceerd: Petercam
L Patrimonial Fund. De opzet van
het compartiment was om op een
gediversifieerde manier te beleggen
in alle activaklassen, over
verschillende tijdshorizons en met
een strikte risicocontrole. We zijn
nu meer dan drie jaar verder, dus
tijd om nog eens te bekijken hoe
het compartiment werkt, en het
proces door te lichten.
Beleggers die in een dergelijk
compartiment stappen, zijn op
zoek naar kapitaalbehoud. Wie in
dit compartiment belegt, wil zijn
kapitaal veiligstellen op de langere
termijn en ervoor zorgen dat de
koopkracht ervan intact blijft.
De tweede fase van het proces is de
keuze van de individuele effecten
(aandelen en obligaties). Hierbij
steunen we intensief op de gespecialiseerde research van onze interne
aandelen- en kredietanalisten. Een
van de belangrijkste kenmerken van
de manier waarop Petercam
portefeuilles beheert, is de sterke
nadruk op interne researchcapaciteit. Hierdoor kunnen we goed
presterende effecten uitkiezen, en
dat heeft in aanzienlijke mate
bijgedragen tot de positieve en
stabiele rendementen van het
compartiment sinds de oprichting
ervan drie jaar geleden.
De portefeuille is erop gericht om
in verschillende marktomstandigheden zo goed mogelijk te gedijen.
Grote schommelingen probeert de
beheerder zoveel mogelijk te
vermijden door zijn portefeuille
actief te beheren.
Het beleggingsproces bestaat uit
een samenspel tussen drie
bouwstenen: de asset allocatie, de
keuze van de individuele effecten,
en de portefeuilleconstructie.
Commissielonen en niet-recurrente kosten ten laste
van de belegger & minimale investering
Plaatsingsprovisie
Minimale investering
Instapkosten
Uitstapkosten
Max. 3%
0%
0,001 deelbewijs Niet van toepassing
Beurstaks (indien kapitalisatiedeelbewijzen)
-
Belgische bronbelasting bij terugbetaling ICB
-
Belgische roerende voorheffing
op dividenden
12
1%
maximum 1500 EUR
belastbaar
25%
Wat het compartiment
uniek maakt, is dat we
in deze fase van het
proces zes verschillende beleggingssegmenten kunnen
onderscheiden, zowel
op aandelen- als op
obligatievlak. Laten we
deze segmenten eens
nader bekijken.
Binnen het
aandelenluik kunnen
we onze beleggingen
diversifiëren over drie verschillende
tijdshorizons. Op korte termijn
worden onze aandelenkeuzes
ingegeven door opportunistische
keuzes zoals beursintroducties,
fusies & overnames en plaatsingen.
Op middellange termijn hangen de
aandelenkeuzes af van de waardering. Als de waardering die we
dankzij onze diepgaande researchinspanningen fors verschilt van de
marktprijs, en als er gelegenheid is
om die waarderingskloof te dichten,
dan kan er een interessante beleggingskans ontstaan. Ten slotte gaan
we voor de lange termijn kijken
naar bepaalde thema’s die de
wereld de komende jaren en
decennia vorm kunnen geven, als
daar zijn landbouw, energie, demografie, transport, … Het samenspel
van deze drie beleggingshorizons
verzekert dat de aandelenposities in
evenwicht zijn.
Ook binnen het obligatieluik zijn er
drie verschillende segmenten. Het
eerste segment is dat van de
‘veilige haven’. Hierin vinden we
voornamelijk overheidsobligaties
terug die een bescherming kunnen
bieden wanneer de volatiliteit op de
financiële markten toeneemt.
Binnen het ‘rendement/inkomen’
segment beleggen we voornamelijk
in effecten die ons toelaten om op
geregelde tijdstippen een coupon te
innen die ervoor zorgen dat er een
minimaal rendement gegenereerd
wordt.
De derde en laatste stap van het
beleggingsproces is de portefeuilleconstructie. Tijdens deze fase
wordt de portefeuille samengesteld
met de juiste effecten voor de juiste
tijdshorizon. Het opvolgen van het
portefeuille-risico en kunnen
aanwijzen aan welke risico’s de
beheerder precies blootgesteld is,
ASSET ALLOCATIE
wordt gedaan met verschillende
risicomanagementsystemen. Het
beheren van het neerwaartse risico
is van primordiaal belang.
Als we kijken naar wat de rest van
2014 kan brengen, dan zien de
beheerder in samenspraak met het
macro-economische researchteam
drie grote trends. Eerst en vooral
denken we dat de economische
groei in de wereld zich zal
doorzetten, vooral in de VS dan. In
Europa blijft het herstel nog wat
bescheidener maar zet het zich wel
door. Ten tweede denken we dat de
rentevoeten doorgaans aan de lage
kant zullen blijven. Ten slotte
geloven we ook dat de Chinese
economie aan het herbalanceren
om niet enkel hoge groeicijfers neer
te zetten, maar een iets lagere groei
van betere kwaliteit.
Ook in 2014, net zoals de afgelopen
drie jaar, staat de samenstelling van
een uitgebalanceerde en breed
gediversifieerde portefeuille voorop
bij de beheerders en alle
beleggingsprofessionals die
betrokken zijn bij het compartiment
Petercam L Patrimonial Fund. De
flexibiliteit van een patrimoniaal
compartiment is een defensieve
troef binnen uw portefeuille. De
beheerders zullen zich blijven
inspannen om een mogelijk stabiel
en positief resultaat neer te zetten .
Hierbij dient te worden opgemerkt
dat rendementen uit het verleden
geen garantie zijn voor toekomstige
rendementen en kunnen
misleidend zijn. Petercam L Patrimonial is een compartiment van de ICB (Instelling voor Collectieve
Belegging) naar Luxemburgs recht, Petercam L Fund, die belegt in roerende waarden.
Deze ICB, heeft de vorm van een naamloze vennootschap met variabel kapitaal naar
Luxemburgs recht.
Het belegt hoofdzakelijk in effecten met een aandelenkarakter, schuldeffecten en
geldmarktinstrumenten, icbe's en/of andere met icbe's gelijk te stellen (al dan niet
beursgenoteerde) icb's die zijn onderworpen aan toezicht dat naar het oordeel van de
CSSF gelijkwaardig is aan het toezicht dat op icbe's wordt uitgeoefend. Er wordt in
wisselende verhoudingen belegd (zonder andere beperkingen dan die welke door de
toepasselijke wet- en/of regelgeving worden opgelegd).
Petercam NV, de overkoepelende vennootschap van de groep Petercam, die actief is als
vermogensbeheerder in België, is een van de verdelers van dit compartiment. Eind
februari 2014 had de bevek Petercam L Patrimonial een bedrag van 134 miljoen euro
onder beheer.
De lezer wordt uitgenodigd om het prospectus te lezen, en daarnaast ook de essentiële beleggersinfor-matie (KIID) en de
tussentijdse rapporten van de sicav (jaarverslag, en desgevallend ook het halfjaar-verslag) en zich te laten adviseren door
specialisten met de nodige competenties vooraleer in dit product te beleggen. Een kopie van deze documenten kan kosteloos
worden bekomen bij de maatschappelijke zetel van de bevek (Allée Scheffer 5, L-2520 Luxembourg, Groothertogdom
Luxemburg) of bij Petercam nv (Sint Goedeleplein 19, B-1000 Brussel, België), de verdeler en financiële dienstverlener van
deze sicav in België. Deze documenten (die zijn opgesteld in het Frans, Nederlands, Engels, Duits, Italiaans en Spaans) en
meer informatie over het product (met daarbij ook de netto inventaris-waarde van het compartiment en de recurrente kosten
ten laste van het compartiment) zijn overigens ook beschikbaar op de compartimenten-website van Petercam:
funds.petercam.com (onder ‘Publicaties’, ‘Wettelijke/fiscale informatie’ en ‘Kosten & Codes’).
De NIW van de compartimenten is eveneens beschikbaar op de site van BeAMA :
http://permafiles.beama.be/NAVpub_fr.pdf.
HORIZON | LENTE 2014 | 13
PETERCAM
EEN DUURZAME BELEGGER?
IN EEN OMGEVING WAARIN ER WERELDWIJD STEEDS MEER SPRAKE IS VAN INTERCONNECTIVITEIT, IS
DUURZAAM BELEGGEN EEN REALITEIT GEWORDEN WAAR NIEMAND NOG NAAST KAN KIJKEN EN DIE
TOT ALLE NIVEAUS VAN DE MAATSCHAPPIJ IS DOORGEDRONGEN . DUURZAAM BELEGGEN IS INDERDAAD
NIET LANGER BEPERKT TOT EEN HANDJEVOL GESPECIALISEERDE STRATEGIEËN MET EEN JARGON DAT
ALLEEN DOOR ENKELE ECHTE SPECIALISTEN WORDT BEGREPEN .
Wie zich wil profileren als duurzame belegger, kan zich niet langer
beperken tot het voorstellen van
enkele producten waarop het etiket
‘ethisch’ kan worden gekleefd.
Duurzaam beleggen staat nu voor
een totaalengagement voor de hele
maatschappij, dat moet worden
gedefinieerd in het kader van een
coherente benadering die
gebaseerd is op dialoog en op een
open en kritische geest.
Als belangrijke economische speler
neemt Petercam in dit opzicht al
sinds enkele jaren volop haar
verantwoordelijkheid.
Die verantwoordelijkheid als
duurzame belegger vertaalt zich
voor ons in de eerste plaats in de
volgende punten:
1. Ons bewust zijn van de
uitdagingen van morgen en ze
volop integreren in onze
beleggingsbeslissingen;
2. Ook onze medewerkers en onze
cliënten bewust maken van deze
uitdagingen;
3. Ons volop engageren voor
transparantie.
1. ONS BEWUST ZIJN VAN DE
UITDAGINGEN VAN MORGEN
EN ZE VOLOP INTEGREREN
IN ONZE BELEGGINGS BESLISSINGEN
Duurzaam beleggen betekent in de
eerste plaats dat we ons de juiste
vragen moet stellen over de wereldwijde gevolgen van onze beleggingsactiviteiten. Met andere woorden:
we moeten verder kijken dan de
14
pure financiële winst en we moeten
rekening houden met alle stakeholders en met alle gevolgen van
de belegging. Vragen stellen, luisteren naar experts, informatie delen
en met een open en kritische geest
de dialoog aangaan om zo volop
met kennis van zaken te kunnen
handelen. Daar komt het op neer.
De uitdagingen van morgen, die
over het algemeen goed in kaart
zijn gebracht, bieden nu al kansen.
Het komt erop aan die goed te
beoordelen en tegelijk te kijken
naar hun potentiële impact. Om
duurzaam te beleggen moeten we
er die ondernemingen en landen
uitpikken die door hun innovatieen kwaliteitsbeleid en door hun
houding ten aanzien van technologie en aandeelhouderswaarde, in
staat zijn om de toekomstige
uitdagingen te verzoenen met de
kansen van vandaag. Schaliegas
bijvoorbeeld mag dan in het
domein van de energiebevoorrading de kaarten dooreen
schudden, we moeten ons ook
vragen stellen rond de keerzijde van
de medaille, met andere woorden
rond de impact die schaliegas zal
hebben op het milieu. Zo zijn er
nog andere vragen. Is het na de
kernramp in Fukushima en in het
licht van het tekort aan
energiebronnen bijvoorbeeld wel
realistisch om kernenergie niet
langer deel te laten uitmaken van
de energiemix van alle landen?
Via dit soort vragen, en op basis
van onafhankelijk en gespecialiseerd onderzoek, hebben we een
matrix ontwikkeld om onze posities
te bepalen en om zo de marktleiders
in duurzaamheid te identificeren
en de beste praktijken te promoten.
Om het aspect duurzaamheid in
beleggingen te integreren, bestaat
de grote uitdaging erin om de soms
sterk uiteenlopende belangen van
de verschillende stakeholders met
elkaar te verzoenen en tegelijk op
het einde van de rit
aandeelhouderswaarde te creëren.
Dit reflectie- en actieproces staat
nu bij Petercam op de rails, maar er
zijn natuurlijk heel wat obstakels
die het mogelijk zouden kunnen
afremmen. Een evaluatie maken
van niet-tastbare activa is ongetwijfeld de grootste moeilijkheid.
Ook het standaardiseren van de
normen rond duurzaamheid, het
vergelijken en het meten ervan zijn
niet bepaald gemakkelijke
opdrachten. Vandaar dat we onze
benadering die van de ‘best
mogelijke inspanning’ noemen. Het
gaat om een pragmatische en
rationele aanpak die ook rekening
houdt met de permanente
ontwikkelingen in dit domein.
Ondanks de complexiteit die
daaraan vasthangt, blijven we
ervan overtuigd dat het wel
degelijk realistisch is om het performanceniveau dat onze cliënten van
hun beleggingen verwachten te
verzoenen met de nieuwe uitdagingen op sociaal en maatschappelijk gebied en op milieuvlak.
Dat wordt trouwens perfect
geïllustreerd door het Deense
biotechnologiebedrijf Novozymes
dat met het oog op duurzaamheid
heel wat toepassingen ontwikkelt
op basis van enzymen. Dat gebeurt
ASSET ALLOCATIE
in zeer uiteenlopende sectoren,
gaande van farmacie en energie
(biodiesel) tot de voedingsindustrie. Novozymes is niet alleen
zeer actief in het domein van de
duurzaamheid, het bedrijf doet dat
ook met een duidelijke langetermijnvisie, zoals blijkt uit het
coherente businessplan. Al 12 jaar
maakt het bedrijf deel uit van de
duurzaamheidsindex Dow Jones
Sustainability Index. In die index
zijn enkel ondernemingen opgenomen die de economische dimensie
combineren met aandacht voor het
milieu en voor maatschappelijke
aspecten zoals deugdelijk bestuur,
milieubeheer, operationele ecoefficiëntie en de bevoorradingsketen.
De koersevolutie van Novozymes
toont aan dat het perfect mogelijk
is om het meest duurzame bedrijf
van een sector te zijn en tegelijk
een mooie rendabiliteit te
verzekeren op lange termijn.
2. OOK ONZE MEDEWERKERS
EN ONZE CLIËNTEN BEWUST
MAKEN VAN DEZE UITDAGINGEN
Als economische speler die zijn
maatschappelijke verantwoordelijkheid opneemt, beschouwen wij
het als onze plicht om ook onze
medewerkers en cliënten te
informeren en te sensibiliseren.
Anderzijds – en dat is natuurlijk de
grote paradox – bestaat de essentie
van ons vak erin dat we bij het
beheer van de financiële activa van
onze cliënten enkel en alleen hun
belangen voor ogen moeten
houden, en dit op basis van een
financiële doelstelling die overeenstemt met hun richtlijnen. A priori
hebben wij dan ook noch de
roeping, noch de machtiging om
hen te ‘dicteren’ wat goed en
duurzaam is en wat niet. Toch
vinden wij dat het voor ons als
vermogensbeheerders zou
getuigen van een gebrek aan
openheid ten aanzien van nieuwe
kansen als wij hen niet zouden
sensibiliseren voor de duurzaamheidsuitdagingen, hetzij rechtstreeks via informatie en discussies,
hetzij onrechtstreeks, via de keuze
van beleggingsproducten die als
duurzaam bekend staan.
Vandaar dat we via de organisatie
van evenementen met externe
specialisten die komen spreken
over specifieke duurzaamheidsthema’s onze medewerkers willen
sensibiliseren voor de ESG-vragen
(vragen rond milieu, sociale
aspecten en deugdelijk bestuur).
Voorts vinden we het ook onze
plicht om duurzame beleggingsproducten te promoten. Al meer
dan tien jaar volgen we ze van nabij
op en zien we welk potentieel ze
hebben. Als leden van dynamische
en goed samenwerkende wereldwijde netwerken, verhogen we
permanent onze knowhow rond
duurzaamheid en rond de
uitdagingen en kansen van
duurzame beleggingen. Daar
kunnen onze strategieën en
uiteindelijk ook onze cliënten
alleen maar wel bij varen.
3. ONS VOLOP ENGAGEREN
VOOR TRANSPARANTIE
beschouwd. De dialoog aangaan
met de bedrijven is een unieke kans
om de communicatie te bevorderen
en is bovendien een efficiënte
manier om te beoordelen hoe sterk
ze zich inzetten voor de ESGaspecten.
Als aandeelhouder en belangrijke
economische speler aanvaardt
Petercam zijn maatschappelijke
verantwoordelijkheid.
Aandeelhouder zijn van een
onderneming stelt ons in staat om
onze mening te geven over de
manier waarop ze wordt geleid. En
als duurzame belegger moeten we
onze stem laten horen opdat de
ondernemingen waarin we beleggen, geleid zouden worden op een
manier die overeenstemt met de
beste praktijken op het vlak van
maatschappelijke verantwoordelijkheid.
Samenvattend kunnen we zeggen
dat Petercam op het gebied van
duurzaamheid kiest voor een
dynamische en proactieve aanpak
en daarbij de beste praktijken in de
kijker zet. We sluiten geen enkele
economische sector uit en gaan de
dialoog aan met de ondernemingen en met andere organisaties.
Om constructief te zijn, moet elke
dialoog gebeuren met een open en
kritische geest en de bedoeling
hebben om echt ideeën uit te
wisselen en zo te komen tot
tastbare vooruitgang op de weg
naar een duurzamere
beleggerswereld. Transparantie is in de eerste plaats
gericht op onze cliënten voor wie
we duurzame beleggingsoplossingen zoeken, die in overeenstemming zijn met hun behoeften
en hun profiel. Met dat doel voor
ogen investeren we in onze
analistenteams die gespecialiseerd
zijn in duurzaamheid. Op basis van
een precies lastenboek zijn zij dan
ook in staat om de ondernemingen
te vinden die de vastgelegde
criteria respecteren (en bedrijven
links te laten
liggen die aan
NOVOZYMES :
greenwashing
DUURZAME EN AANHOUDENDE KOERSSTIJGING
doen en dus
(KOERSONTWIKKELING TUSSEN 2000 EN NU)
eigenlijk enkel
lippendienst
bewijzen aan
duurzaamheid)
en die voor te
stellen aan
onze
beheersteams.
Tot slot willen
we ook de
beste
praktijken
promoten in
alle sectoren,
ook in deze die
als ‘nietduurzaam’
worden
HORIZON | LENTE 2014 | 15
SUCCESSIEEN SCHENKINGSRECHTEN
DE GEZINSWONING VRIJGESTELD VAN SUCCESSIERECHT IN BRUSSEL EN ENKELE ANDERE
NIEUWIGHEDEN OP VLAK VAN ESTATE PLANNING .
BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST
DE GEZINSWONING
VRIJGESTELD VAN
SUCCESSIERECHT
De gezinswoning wordt sinds 1
januari van dit jaar vrijgesteld van
successierecht in het Brussels
Hoofdstedelijk Gewest voor de
langstlevende echtgenoot en de
langstlevende wettelijk
samenwonende partner.
Wettelijk samenwonende partners
zijn twee personen die op hetzelfde
adres wonen en die een verklaring
van wettelijke samenwoning
hebben afgelegd voor de
ambtenaar van burgerlijke stand.
Een uitzondering is de langstlevende
wettelijk samenwonende partner die
• een bloedverwant in rechte lijn is
van de overledene (bijvoorbeeld
een kind) of die voor dit tarief
gelijkgesteld wordt met een
bloedverwant in rechte lijn
(bijvoorbeeld een stiefkind dat
gedurende jaren door de
stiefouder werd opgevoed als
was het zijn eigen kind), of
• een broer of zus, of
• neef of nicht, of oom of tante van
de overledene is,
deze kan niet genieten van deze
vrijstelling.
De overige erfgenamen betalen,
ofwel aan het voordeeltarief ofwel
aan het normale tarief, successierecht op het gedeelte van de
woning dat zij erven. Het tarief van
het successierecht is voorts
afhankelijk van hun verwantschapsband met de overledene.
16
Alleen de woning die overledene en
zijn echtgenoot of partner tot
hoofdverblijfplaats diende, kan van
deze vrijstelling genieten. De
inschrijving in het bevolkingsregister houdt een vermoeden in
van samenwoning, behoudens
bewijs van het tegendeel. Indien
kan bewezen worden dat de
werkelijke hoofdverblijfplaats op
een ander adres was gevestigd dan
zal de vrijstelling op deze andere
woning worden toegepast.
naar de schenker terugkeren indien
de begunstigde van de schenking
kinderloos overlijdt vóór de
schenker. Deze terugkeer vindt
echter alleen plaats wanneer de
geschonken goederen nog in
natura aanwezig zijn in de
nalatenschap van het overleden
(klein)kind. Daarenboven was de
schenker tot voor kort
successierecht verschuldigd op de
goederen die hij verkreeg op basis
van deze wettelijke terugkeer.
Het Vlaams Gewest heeft reeds in
2007 een vrijstelling van successierecht voor de gezinswoning
ingevoerd. Het Waalse Gewest kent
echter nog geen vrijstelling van
successierecht voor de gezinswoning maar past wel een preferentieel (verlaagd) tarief toe op de
eerste schijf van 250.000 euro. Er
werd echter wel een ontwerp van
decreet ingediend dat, zoals in het
Brussels Hoofdstedelijk Gewest,
een vrijstelling van successierecht
zou toekennen voor de gezinswoning aan de langstlevende
echtgenoot of wettelijk samenwonende partner voor een bedrag
van 160.000 euro.
Door deze definitie van de
wettelijke terugkeer en het feit dat
hierop successierecht verschuldigd
was, wordt aan een schenking vaak
een conventioneel beding van
terugkeer gekoppeld. Dergelijk
beding kan immers meer
uitgebreide gevolgen hebben dan
de wettelijke terugkeer:
Het is duidelijk dat deze vrijstelling
van successierecht nieuwe
mogelijkheden biedt om op vlak
van successieplanning.
VLAAMS GEWEST
WETTELIJKE TERUGKEER VRIJ
VAN SUCCESSIERECHT
Wettelijke terugkeer betekent dat
goederen die door een ouder of
grootouder werden geschonken
aan een afstammeling
(bijvoorbeeld een kind of kleinkind)
• zo kan een beding van
conventionele terugkeer
uitwerking hebben ongeacht het
feit of de begunstigde met of
zonder afstammelingen overlijdt;
• een beding van conventionele
terugkeer kan in zaakvervanging
voorzien, zodat de goederen die
de plaats ingenomen hebben van
de oorspronkelijk geschonken
goederen terugkeren naar de
schenker, bijvoorbeeld wanneer
met de geschonken som geld
vastgoed werd aangekocht door
de begunstigde;
• een belangrijk voordeel was ook
dat goederen vrij van
successierecht terugkeren naar
de schenker.
Door het decreet van 6 december
2013, is in het Vlaams Gewest niet
langer successierecht verschuldigd
op goederen die de schenker
ontvangt door wettelijke terugkeer.
Deze vrijstelling is in werking
getreden op 24 januari 2014. In de
ESTATE PLANNING
aangifte van de nalatenschap moet
wel uitdrukkelijk om de toepassing
van deze maatregel verzocht
worden.
SCHENKINGSRECHT VERLAAGD
TUSSEN STIEFOUDERS STIEFKINDEREN EN
ZORGKINDEREN - ZORGOUDERS
Schenkingen tussen stiefouders en
stiefkinderen en tussen zorgouders
en zorgkinderen worden nu
gelijkgesteld met een schenking
tussen verwanten in rechte lijn
(bijvoorbeeld ouders en kinderen).
De gelijkstelling geldt zowel voor
de tarieven voor de schenking van
roerende goederen (tarief 3%) als
voor de schenking van vastgoed
(tarief van 3% tot 30%). Voor 17
januari 2014 werden zij onderworpen aan het tarief ‘tussen anderen’.
Dit betekende dat voor roerende
schenkingen een tarief van 7% gold
en voor schenkingen van vastgoed
een tarief van 30% tot 80%.
Met de term ‘zorgkind’ bedoelt
men het kind dat, vóór de leeftijd
van 21 jaar, drie achtereenvolgende
jaren bij de ‘zorgouder’ heeft
ingewoond en gedurende die tijd
de hulp en verzorging heeft
gekregen die kinderen normaal van
hun ouders krijgen.
Genieten vanaf nu eveneens van
het tarief ‘in rechte lijn’:
• samenwonende partners en hun
‘stiefkinderen’. Om voor deze
gelijkstelling in aanmerking te
komen moeten de partners ofwel
wettelijk samenwonen (hiervoor
dient u een verklaring af te
leggen voor de burgerlijke stand)
ofwel minstens één jaar feitelijk
samenwonen;
• uit de echt gescheiden personen
of van tafel en bed gescheiden
personen en ex-samenwonenden
wanneer er gemeenschappelijke
kinderen zijn.
Hierdoor kunnen nieuw samengestelde gezinnen nu ook een
adequate successieplanning
uitwerken. Eerder werden deze
gezinnen op vlak van successierecht reeds gelijkgesteld met de
tarieven die gelden tussen
ouders en kinderen. Let wel,
stiefkinderen en stiefouders en
zorgkinderen en zorgouders
erven niet automatisch van
elkaar, indien zij elkaar wensen te
begunstigen moeten zij bijvoorbeeld een testament opstellen.
SCHENKINGEN EN LEGATEN
AAN ‘GOEDE DOELEN ’ EN
OPENBARE INSTELLINGEN .
Met ingang van 24 januari 2014
bedraagt het tarief van successierecht 8,5% voor legaten aan VZW’s,
stichtingen en bepaalde openbare
instellingen.
Door deze wijzigingen wordt het
tarief geharmoniseerd voor al deze
instellingen en goede doelen.
bepaalde financiële instrumenten
genieten van deze verlaagde
tarieven.
Het tarief voor schenkingen
bedraagt voortaan 5,5%.
Sinds 21 oktober 2013 kunnen dus
alle schenkingen met voorbehoud
van vruchtgebruik van roerende
goederen genieten van deze
verlaagde tarieven.
Deze tarieven van schenkings- en
successierecht zijn niet beperkt tot
Belgische goede doelen en
instellingen maar zijn ook van
toepassing op gelijksoortige
rechtspersonen binnen de
Europese Economische Ruimte
(Europese Unie + Liechtenstein,
Noorwegen en Ijsland).
De wijziging die voor de praktijk
wellicht het interessantst is, is de
verlaging van het huidig tarief van
7% schenkingsrecht naar 5,5% voor
schenkingen aan VZW’s en
stichtingen.
WAALS GEWEST
SCHENKING VAN ROERENDE
GOEDEREN MET VOORBEHOUD
VAN VRUCHTGEBRUIK
Voor 21 oktober 2013, kon alleen
voor de schenking in volle
eigendom van roerende goederen
genoten worden van de verlaagde
tarieven van 3,3% (in rechte lijn),
5,5% (tussen broers en zussen, en
tussen ooms, tantes, neven en
nichten) en 7,7% (tussen alle
andere personen). Voordien kon
alleen de schenking met
voorbehoud van vruchtgebruik van
FEDERAAL NIVEAU
HERVORMING VAN HET
HUWELIJKSVERMOGENSRECHT
EN HET ERFRECHT ( WET
TURTELBOOM )
Sinds enige tijd wordt er in het
parlement gedebatteerd over een
omvangrijke wijziging van het
huwelijksvermogensrecht en het
erfrecht. Met deze hervorming
wenst men onder andere de regels
met betrekking tot de omvang van
de reserve van bepaalde
erfgenamen te wijzigen, het
reservataire erfrecht van de
langstlevende echtgenoot te
beperken en meer ruimte te laten
aan de wilsvrijheid van de erflater.
Tot op heden kon echter geen
consensus bereikt worden over de
voorgelegde wetsontwerpen. De
hervorming, oorspronkelijk
voorzien voor 2014, wordt dus voor
onbepaalde tijd uitgesteld.
Petercam houdt u uiteraard op de
hoogte van eventuele verdere
ontwikkelingen. HORIZON | LENTE 2014 | 17
VERMOGENSFISCALITEIT IN FRANKRIJK:
DE ONTWIKKELINGEN
DE LAATSTE AFLEVERING VAN DE BELASTINGSOAP IN FRANKRIJK ZIT VOL NIEUWE MAATREGELEN . DE
HOOFDROL IS WEGGELEGD VOOR EEN HERVORMING VAN DE MEERWAARDEN UIT ROERENDE EN
ONROERENDE GOEDEREN , VAN DE LEVENSVERZEKERINGEN EN VAN DE ‘ EXIT TAKS '. VOOR WAT BETREFT
DE VERMOGENSBELASTING ( IMPÔT DE SOLIDARITÉ SUR LA FORTUNE - ISF), SCHENKINGS - EN
SUCCESSIERECHTEN EN DE RECHTEN OP VERDELING , IS ALLES BIJ HET OUDE GEBLEVEN . HIERONDER
VINDT U EEN SELECTIE VAN DE NIEUWE BELASTINGMAATREGELEN DIE U WELLICHT INTERESSEREN .
1) MEERWAARDEN UIT
ROERENDE GOEDEREN
Meerwaarden uit roerende
goederen zijn onderworpen aan
het progressieve (‘opklimmende’)
tarief van de inkomstenbelasting
(IB) met een marginaal tarief van
45%. Daarbij komt nog de sociale
bijdragebelasting (SB - imposition
aux prélèvements sociaux ) tegen
een forfaitair tarief van 15,50%.
Samengeteld dus een marginaal
belastingtarief van 60,50%.
Anderzijds bestaan voor
meerwaarden die aan de
inkomstenbelasting onderworpen
worden wel belastingaftrekken die
toegepast worden tijdens de
bezitsduur van de roerende
goederen. De nieuwe aftrekken
gelden voor meerwaarden die sinds
1 januari 2013 werden
gerealiseerd. De sociale bijdragen
worden echter altijd berekend op
de volledige meerwaarde.
Nieuwe belasting op meerwaarden uit roerende goederen
IB
AanhoudAftrek
periode
2 < 8 ans
50%
> 8 ans
65%
SB
15,5%
Voor bepaalde overdrachten
bestaan er belastingaftrekken die
van deze regels afwijken. Het gaat
dan over de overdracht van:
- effecten van kmo's die aan
bepaalde voorwaarden voldoen;
18
- de overdracht van effecten
binnen een familiebedrijf;
- overdracht door bestuurders van
kmo's die met pensioen gaan.
Deze regels zijn uitsluitend van
toepassing op in Frankrijk
gevestigde belastingplichtigen die
effecten als volle of als blote
eigenaar overdragen.
2) MEERWAARDEN UIT
ONROERENDE GOEDEREN
Voor verkopers werd een gunstige
herziening doorgevoerd van de
belasting op meerwaarden uit
onroerende goederen. Door deze
aanpassing vermindert de
belasting op de meerwaarden. Er
zijn verschillende tarieven en
aftrekken voor de bezitsduur van
het onroerend goed vastgelegd
naargelang het om inkomstenbelasting of sociale bijdragen gaat.
Van nu af aan geldt er een volledige
vrijstelling van inkomstenbelasting
voor de meerwaarden behaald bij
de verkoop van vastgoed na een
bezitsduur van 22 jaar. Er is echter
een bezitsduur van 30 jaar vereist
vooraleer deze meerwaarden
volledig vrijgesteld zijn van sociale
bijdragen (belastingtarief van
15,50%). De meerwaarden behaald
bij de verkoop van de
hoofdverblijfplaats zijn steeds
vrijgesteld van belasting. De
meerwaarden behaald bij de
verkoop van bouwgrond zijn pas na
een bezitsduur van 30 jaar
vrijgesteld van inkomstenbelasting
en sociale bijdragen.
Voor de inkomstenbelasting geldt
een aftrek van 6% per jaar op het
brutobedrag van de meerwaarde
voor de onroerende goederen die
worden aangehouden na het 5de
en tot het 21ste jaar. Voor het 22ste
jaar zakt dit naar 4%. Voor de
sociale bijdragen daarentegen zijn
de aftrekken minder hoog: 1,65%
na het 5de en tot het 21ste jaar,
1,60% voor het 22ste jaar en 9%
voor de jaren na het 22ste jaar.
Vanaf 1 januari 2013 is een
aanvullende belasting verschuldigd
van 2% tot 6% op meerwaarden uit
onroerend goed, wanneer deze
meerwaarde meer dan 50.000 euro
bedraagt.
Wijziging van de belasting van meerwaarden
uit onroerende goederen
Vrijstelling voor de aanhoudperiode: IB
Vrijstelling voor de aanhoudperiode: SB
Tot
31/08/2013
Vanaf
01/09/2013
30 jaar
22 jaar
30 jaar
30 jaar
Verder geldt er
voor verkopen
die vóór 31
augustus 2014
hebben
plaatsgevonden
tijdelijk een
uitzonderlijke
aftrek van 25%
op de netto
meerwaarden
COMPTOIR FRANÇAIS
uit onroerende goederen. Deze
aftrek geldt zowel voor de
inkomstenbelasting als voor de
sociale bijdragen.
Ten slotte zijn er nog wijzigingen
aangebracht aan de vrijstelling van
de meerwaarden voor fiscaal nietingezetenen die hun woning in
Frankrijk verkopen. Vanaf 1 januari
2014 zijn hierop namelijk twee
systemen van toepassing. enerzijds
wordt de vrijstelling toegekend aan
niet-ingezetenen die onroerende
goederen verhuren, d.w.z. goederen
waarover zij niet vrij kunnen
beschikken. In dat geval moet de
verkoop ten laatste op 31
december van het 5de jaar na de
verhuizing van het domicilie buiten
Frankrijk plaatsvinden. Anderzijds
wordt voor de netto belastbare
meerwaarde een drempelbedrag
van 150.000 € ingevoerd. Wordt
deze drempel overschreden, dan
gelden voor het surplus de
inkomstenbelasting en de sociale
bijdragen nadat de nieuwe
aftrekken voor de bezitsperiode en
de uitzonderlijke tijdelijke aftrek
van 25% werden berekend.
aangepast aan het successierecht
dat geheven wordt op de andere
goederen van de nalatenschap.
Deze wijziging heeft betrekking op
de premies die na 13 oktober 1998
werden gestort in een
levensverzekeringscontract
afgesloten vóór de 70ste verjaardag
van de intekenaar-verzekerde
(artikel 990 I CGI). Aan de aftrek van
152.500 € per begunstigde werd
niet geraakt.
Omwille van het feit dat de fiscale
regels voor het beëindigen van
contracten strenger worden, staan
de levensverzekeringen bij de
recente belastinghervormingen in
Frankrijk in de hoek waar de
klappen vallen.
CONTRACT
Wij volgen nauwlettend alle
lopende plannen en wijzigingen en
houden u stipt op de hoogte. 4) EXIT TAX
De toepassing van de exit tax werd
uitgebreid. Belastingplichtigen die
vanaf 1 januari 2014 hun
Wijzigingen exit tax
Drempel voor sociale
rechten
Drempel voor de
gezamenlijke waarde
3) LEVENSVERZEKERINGS -
woonplaats buiten Frankrijk
verplaatsen, zijn voortaan
belastbaar op de (latente)
meerwaarden van sociale rechten,
waarden, titels of rechten die
rechtstreeks of onrechtstreeks
worden gehouden door de
gezinsleden als deze rechten
tenminste 50% vertegenwoordigen
van de winst van een vennootschap
of als de totale waarde ervan meer
dan 800.000 € bedraagt. De
ambtshalve ontheffing van haar
kant werd van 8 tot 15 jaar
verhoogd.
Tot
31 december 2013
Vanaf
1 januari 2014
1% in de winst
van een vennootschap
50 % van de winst
van een vennootschap
1.300.000€
800.000€
Geen wijziging van de fiscaliteit
van toepassing op opnemingen van
levensverzekeringscontracten
tijdens de looptijd van het contract.
Wijzigingen van de aftrek op
levensverzekeringscontracten
bedoeld in artikel 990 I CGI
Tot 30 juni 2014
Vanaf 1 juli 2014
152.500€
152.500€
20%
tot 902.838€
tot 700.000€
>902.838€
25% > 700.000€
20%
31,25%
Wel wordt de uitkering van een
levensverzekeringscontract bij
overlijden van de intekenaarverzekerde nu minder gunstig
belast bij de begunstigden van het
kapitaal. Door deze wijziging wordt
het belastingstelsel voor
levensverzekeringen verder
HORIZON | LENTE 2014 | 19
CONTACT
GENT
VERMOGENSBEHEER
Kurt Vanwetter, Directeur
Fritz Mertens, Vennoot
02/229 65 38
Kristof Agache, Directeur Beheer
09/269 25 00
Geoffroy d’Aspremont, Vennoot
02/229 65 38
Pieter Vander Stichele
09/269 25 00
Philippe de Broqueville, Vennoot
02/229 63 53
Kenneth Vanhecke
09/269 25 00
Pascal Minne, Vennoot
02/229 66 51
Jean-Marc Van Huffel
09/269 25 00
Lode De Vrieze, Bestuurder
02/229 64 55
HASSELT
ANTWERPEN
Patrick Vande Kerckhove, Directeur
011/29 11 00
Filip Verstreken, Directeur Beheer
03/248 16 19
Jos Verhaeg
011/29 11 00
Johan Segers
03/248 16 19
Patrick Van Roosbroeck
011/29 11 00
Nele Stevens
03/248 16 19
David Missotten
011/29 11 00
Amaury Steyaert
03/248 16 19
Patrick Van Roosbroeck
03/248 16 19
KNOKKE
Kenneth Vanhecke
03/248 16 19
Kurt Vanwetter, Directeur
050/61 93 50
Marie-Sophie Verbist
03/248 16 19
Johan Lamote
050/61 93 50
Salina Plasschaert
050/61 93 50
Jean-Marc Van Huffel
050/61 93 50
ANTWERPEN DUTCH DESK
Ludo Franse
03/248 16 19
LUIK
BRUSSEL
20
09/269 25 00
Raphaël de Stexhe, Directeur
04/230 51 70
Karin Ickx, Directeur Zetel Brussel
02/229 64 52
Laurent Dekempener
04/230 51 70
Benoît t’Kint, Directeur Zetel Brussel
02/229 66 36
Didier Silberstein
04/230 51 70
Marc van de Werve, Directeur Zetel Brussel
02/229 66 32
Vincent Lahy, Directeur Zetel Brussel
02/229 63 26
LEUVEN
Isabelle Beauvois
02/229 66 00
Dirk Van Craesbeek, Directeur
016/24 29 50
Marie-Frédérique Boursoit
02/229 62 78
Sandra Francken
016/24 29 50
Xavier de Mûelenaere
02/229 64 41
Stijn Leysen
016/24 29 50
Marc Dhondt
02/229 64 53
Emmanuel Dutrieux
02/229 62 92
ROESELARE
Hubert Greindl
02/229 64 30
Frederik Cosyns, Directeur
051/25 90 30
Diane Lejeune
02/229 65 67
Anthony Favril
051/25 90 30
Thierry Lemoine
02/229 65 12
Johan Lamote
051/25 90 30
James Maus de Rolley
02/229 64 32
Marie-Christine Vandeleene
051/25 90 30
Caroline Piers
02/229 66 49
Anna Pigott
02/229 66 50
WAVER
Yolande Van Bunnen
02/229 64 51
Grégory Michiels, Directeur
Serge Van Ingelgem
02/229 64 54
Pierre de Ville de Goyet
010/23 22 60
Thierry Vleurinck
02/229 63 83
Arno d’Ursel
010/23 22 60
010/23 22 60
CONTACT
INVESTMENT DESK
Vincent Coppée
02/229 65 82
Laure-Anne Heylen
02/229 65 68
ADVIES
Philippe de Broqueville, Vennoot
02/229 63 53
Alain Berckmans
02/229 62 36
Louis de Laminne
02/229 66 19
Delphine Delhez
02/229 63 13
Concepcion Moreno
02/229 64 31
GEVOLMACHTIGDE AGENTEN
Evelyne Arnould
02/229 62 30
Mario De Brie
03/658 60 60
Geoffroy del Marmol
02/772 66 10
Jean-Yves Lepas
069/87 57 00
ESTATE PLANNING
Pascal Minne, Bestuurder
02/229 66 51
Charles Kesteloot, Head of Estate Planning 02/229 66 73
Dirk Coveliers
02/229 65 83
Minke De Smet
02/229 64 88
Christian Hannot
02/229 66 62
Laurence Joseph
02/229 64 77
Geneviève Otjacques
02/229 64 99
Annelies Van Gronsveld
02/229 64 98
Anne Verbruggen
02/229 63 99
LE COMPTOIR FRANÇAIS
Bertrand Marot, Bestuurder
02/229 62 23
Jérémy Gackiere
02/229 62 24
HORIZON | LENTE 2014 | 21
ONS CONTACTEREN
BRUSSEL
LUIK
PETERCAM (LUXEMBOURG) SA
Sint-Goedeleplein 19
Boulevard Frère Orban 25
Rue Pierre d’Aspelt, 1a
1000 Brussel
4000 Liège
L-1142 Luxembourg
Tel. : 02/229 64 50
Tel : 04/230 51 70
Tel : +352 45 18 58 1
[email protected]
[email protected]
[email protected]
LEUVEN
Ladeuzeplein 29
PETERCAM BANQUE PRIVÉE
(SUISSE) SA
3000 Leuven
Centre Swissair - CP 1119
Tel : 016/24 29 50
Route de l’Aéroport 31
[email protected]
CH 1211 Genève 5 Echange
ANTWERPEN
Generaal Lemanstraat 67
2018 Antwerpen
Tel : 03/248 16 19
[email protected]
GENT
Kouter 1
9000 Gent
Tel : 09/269 25 00
[email protected]
HASSELT
Thonissenlaan 28
3500 Hasselt
Tel : 011/29 11 00
[email protected]
KNOKKE
Dumortierlaan 8
8300 Knokke-Heist
Tel : 050/61 93 50
[email protected]
Tel : + 41 22 929 72 11
ROESELARE
Accent Business Park
Kwadestraat 157 bus 12
8800 Roeselare (Rumbeke)
Tel : 051/25 90 30
[email protected]
WAVER
Avenue Einstein 16
1300 Wavre
Tel : 010/23 22 60
[email protected]
[email protected]