gemeente - Goe Gespeeld!

GOEDE VOORBEELDEN
OOK IN JOUW GOE GOESPEELD!-GEMEENTE
GOEDE VOORBEELDEN
OOK IN JOUW
-GEMEENTE
In onze zoektocht naar Goe Gespeeld! gemeenten stuiten we op een pak ambitieuze plannen om een positief
speelklimaat te realiseren. Sterk werk! Ter inspiratie voor jouw plannen hebben wij enkele goede voorbeelden
gebundeld. Wil je (nog) meer weten over de concrete beleidsmaatregelen? Neem dan gerust contact op met de
gemeente in kwestie (makkelijkst via de jeugddienst).
In dit overzicht vind je – opgedeeld per charteritem – grote gemene delers en allerlei aanraders. Als je nog niet
zelf aan de slag ging, krijg je hier dus genoeg inspiratievoer om ook van jouw gemeente een speelvriendelijke
gemeente te maken! Go-go-go!
1.
Kinderen spelen overal in de OPENBARE RUIMTE
Spelen in de openbare ruimte is meer dan het openstellen van speelstraten. De straat is van iedereen, niet
enkel van de auto, het is ook een verblijfs-, speel- en ontmoetingsruimte. Pleinen zijn meer dan parkings.
Parken en pleinen zijn ideaal als speel- en ontmoetingsruimte. In onze gemeente lopen de verschillende
functies van plaatsen zoveel mogelijk door elkaar.
Goede voorbeelden
Spelen in de openbare ruimte doet uiteraard meteen denken aan speelstraten, acties op de buitenspeeldag,
maar er is meer!
•
WORTEGEM-PETEGEM leent vanuit de jeugddienst een circuskoffer, een schminkkoffer en een spelkoffer
uit aan organisatoren van speelstraten.
•
MORTSEL organiseert Blokske Rond. Met een echte bakfiets en een verzameling sport- en spelmateriaal
trekken twee energieke animatoren naar een pleintje of speelterrein in de buurt om een aantal uurtjes
te spelen, sporten en ravotten met kinderen uit de buurt.
•
In MECHELEN rijdt de Knalpot. Deze pretcamionette is volgeladen met speelmateriaal en de leukste
animatoren. Zij toveren in enkele ogenblikken elke straathoek en plein om tot een klein speelparadijs.
•
In LILLE rijdt de Speelmobille. De Speelmobille is een mobilhome vol spel- en sportmateriaal waarmee de
animatoren in de grote vakantie halt houden op alle speelpleintjes.
•
ZOERSEL en OLEN hebben speelstraatmeters en –peters.
•
HERENTALS heeft een Speelruimteplan. Dit plan heeft als doel een overzicht te geven van de kwantiteit
en kwaliteit van speelruimte voor kinderen en jongeren in de gemeente. Het plan bevat een aantal
2
demografische gegevens zoals het aantal inwoners per wijk en de indeling van de jongeren in vier
leeftijden. Tevens is er een opsomming van de officiële en officieuze speelterreinen. In elke wijk werd
een speelruimteonderzoek naar speelmogelijkheden en verkeersveiligheid gevoerd aan de hand van een
speelwaardemeter.
•
BEVEREN heeft een Speel- en Jeugdruimteplan. Om het recht op spelen naar de praktijk te vertalen, wil
het speel-en jeugdruimteplan een instrument zijn dat planmatige sturing mee ondersteunt. Meer
specifiek de ondersteuning voor een efficiënt beleid rond de bespeelbare oppervlakte van het volledige
woongebied voor kinderen en jongeren.
•
MECHELEN creëert spelprikkels op straat. Achttien locaties komen in aanmerking voor de installatie van
losse elementen zoals hangmatten en zitelementen of de realisatie van kleine niveauverschillen die
kinderen en jongeren tot spel moeten prikkelen.
•
In LOMMEL worden inwoners via projectsubsidies gemotiveerd en ondersteund om activiteiten voor
kinderen te organiseren in hun wijk (op openbare pleinen, parken, parkings, in straten…).
•
BRUSSEL organiseert elk jaar opnieuw een ludiek speelmoment met alle speelpleinwerkingen op een
openbare plek (in navolging van de GG!-actie 2011).
•
In ZOERSEL wordt bij heraanleg van straten bekeken of er speeluitdagingen (hinkelpad, springen,
bespeelbare kunst…) geïntegreerd kunnen worden.
2.
Kinderen spelen in het GROEN (speelterreinen en -bossen)
Kinderen en jongeren hebben nood aan direct contact met de natuur. Dat is onmisbaar voor hun ontwikkeling,
gezondheid en fysieke conditie, maar ook voor de ontwikkeling van hun natuur- en milieubewustzijn. Daarom is
het groen in onze gemeente zoveel mogelijk toegankelijk en ‘spelen toegelaten’, in de eerste plaats de
gronden van de gemeente zelf. Speelbossen zijn een leuke aanvulling maar zijn niet het enige speelgroen in de
gemeente.
Goede voorbeelden
•
MORTSEL ontwikkelt een speel- en avonturenlint in Fort 4.
•
In de LOMMELse speelbossen in Sahara en het Kattenbos creëerde Land Art-kunstenaar Will Beckers met
natuurlijke materialen kunstzinnige, speelse elementen. “Er werd samen met de kindergemeenteraad en
de jeugdbewegingen gekeken wat de wensen van de kinderen waren. De kinderen van Lommel hebben de
basis gelegd voor het Speelbos. Daar ben ik dan mee aan het werk gegaan. Het was voor mezelf ook een
uitdaging want het moest niet alleen mooi zijn maar vooral praktisch om in te spelen. Je moet de
speelelementen werkelijk ontdekken in het bos”, zegt hij. Verscholen tussen de bomen vind je o.a. twee
grote hutten, een mysterieuze tunnel, een ringwerpsel, een stepping-stone en een speelveld met houten
goals en ringen. De bossen maken deel uit van Bosland. Voor kinderen is Bosland één groots avonturenbos: ravotten in de speelbossen, graven in de grootste zandbak van Vlaanderen…
•
AFFLIGEM en TORHOUT hebben praktische overzichtskaarten van de speelpleintjes.
•
MEEUWEN-GRUITRODE beschikt over een sjorbos. Verenigingen kunnen in het speelbos de kneepjes van
het ’sjorren‘ aanleren. Er zijn verschillende lengtes sjorpalen aanwezig om de verschillende
sjortechnieken aan te leren.
•
OVERPELT heeft een multifunctionele tienerplein. Op een gevlinderd betonoppervlak van 8x8 meter
kunnen breakdancers terecht, maar kan je ook sporten. Op het pleintje staat verder een betonnen muur,
3
die dienst doet als graffitimuur. De achterkant is bedoeld voor beginners, de voorkant is voorbehouden
aan gevorderde graffitispuiters. Op de betonnen muur is een basketring bevestigd. Ook de skaters,
bmx'ers en steppers worden verwend met een splinternieuwe funbox, waar zij hun kunsten kunnen op
vertonen.
•
3.
De stad ANTWERPEN werkt bewust aan enerzijds het aangenamer maken van de huidige parken, door
bijvoorbeeld een goed onderhoud te voorzien of uitdagende speelterreinen te bouwen. Anderzijds wordt
er werk gemaakt van nieuwe groene zones: Park Spoor Noord is ongetwijfeld de bekendste. Er werden vijf
nieuwe speelzones aangevraagd bij en goedgekeurd door het Agentschap Natuur en Bos: Park Groot
Schijn, Rozemaai, Fort 8, Distelhoek en Stekskesbos.
Spelen is GEEN OVERLAST
Spelen van kinderen brengt sowieso geluid ('lawaai') met zich mee, en niemand mag verwachten dat kinderen
in volledige stilte gaan spelen. We geven kinderen de nodige ruimte om voluit te kunnen spelen. Spelende
kinderen brengen bovendien onrechtstreeks mensen samen; wat speelgeluid nemen we er dan maar al te graag
bij. Onbekommerd kinderspel wordt niet beperkt, laat staan verhinderd door de intolerantie van
volwassenen…
Goede voorbeelden
(zie ook 6: Verdraagzaam klimaat)
•
In DENDERMONDE werd op initiatief van de jeugdraad in het politiereglement van de zone opgenomen
dat geluid van spelende kinderen geen overlast kan bezorgen. Zij waren de eerste, maar ondertussen
hebben 10-tallen gemeenten hun voorbeeld gevolgd.
4.
Kinderen kunnen zich VEILIG VERPLAATSEN
Zelf stappen of fietsen is een goed alternatief voor de achterbank van mama's/papa’s auto. Daarom creëren
we een netwerk van verbindingen van formele en informele speelplekken en speelaanleidingen. Met
'speelweefsel' zorgen we in onze gemeente voor veilige verbindingen tussen deze en andere voor kinderen
betekenisvolle plekken (scholen, jeugdlokalen, station…).
Goede voorbeelden
Als we het hebben over verkeersveiligheid situeren de meeste acties zich rond fietsroutekaart, trage wegen en
zoen- en vroemzone’s.
4
•
In KONTICH streven ze naar een speelweefselkaart voor het ganse grondgebied.
•
LEUVEN beschikt over het fietsexamen: fietsroutes waarop jonge fietsers hun vaardigheden in het
verkeer kunnen testen. Met behulp van speciale verkeerborden kunnen scholen, gezinnen en verenigingen
de fietsroutes gebruiken om kinderen te laten wennen aan het verkeer.
•
ANTWERPEN zet sterk in op verkeersveiligheid en hanteert hierbij het STOP-principe, waarbij 'stappers'
en 'trappers' prioritair zijn. Verschillende districten willen onderzoek voeren naar het gewenste
speelruimteweefsel.
•
In RIJKEVORSEL kwamen Zeppe & Zikki op bezoek tijdens de Roze Olifantdag. Rijkevorsel plant
levensgrote Zeppe & Zikki figuren aan zebrapaden.
5.
Er is voldoende SPEELRUIMTE VOOR GEORGANISEERD JEUGDWERK
Honderdduizenden kinderen en jongeren nemen in Vlaanderen en Brussel deel aan activiteiten van
jeugdverenigingen. In onze gemeente zorgen we er dus ook voor dat zij genoeg plaats hebben om te spelen.
Goede voorbeelden
•
In KONTICH assisteert de gemeente jeugdverenigingen in het onderhoud van hun buitenruimtes.
•
AFFLIGEM herwaardeert terreinen voor jeugdbewegingen via het RUP.
6.
Lokale beleidsmakers creëren een VERDRAAGZAAM KLIMAAT tav spelende kinderen
Spelen is essentieel voor opgroeiende jeugd, maar tegelijk lijkt de hedendaagse maatschappij minder tolerant
te worden tegenover spelende kinderen. In onze gemeente komen we op voor spelende kinderen door
bijvoorbeeld een campagne op te zetten om negatieve trend te breken. Ons lokaal beleid is er op afgestemd
om kinderen weer ruimte te geven om te kunnen spelen. Ruimte op straat en in het groen, maar ook ruimte in
de hoofden en in de harten van de burgers.
Goede voorbeelden
Een verdraagzaam klimaat creëer je door campagnes, acties…
•
GENK zet campagnes op om de publieke opinie te beïnvloeden: ‘Spelen mag’, ‘Iedereen speelt’ of
‘Respect voor rondhangen met respect’.
•
KONTICH creëert hangplekken voor jongeren, zoals de Tienerhonk. Niets leukers dan als tiener met
vrienden of vriendinnen wat zitten kletsen. Perfect OK, zolang je niemand lastigvalt, niks illegaals
gebruikt, ervoor zorgt dat de doorgang mogelijk blijft en na 22u geen lawaai maakt.
•
KONTICH organiseert de campagne ‘Vakantietijd-speeltijd’. Jaarlijks bevestigen ze bij het begin van de
zomervakantie een 50-tal borden 'Vakantietijd-speeltijd' in de gemeente. Hiermee willen ze de aandacht
van de automobilisten vragen voor de aanwezigheid van spelende kinderen in het straatbeeld.
5
•
In BEVEREN deelt de speelpleinwerking voor elke vakantie briefjes uit aan de buren (deur-aan-deur) met
daarin de belangrijkste info van de speelpleinwerking (dagen, uren), de vraag naar begrip én de
telefoonnummers van de contactpersonen voor directe communicatie.
•
RIEMST is de trotse eigenaar van drie échte lummelhoeken. Of beter: de jongeren in Riemst zijn de
'bezitters' van drie lummelhoeken. Een lummelhoek is een ander woord voor jongerenontmoetingsplek of
JOP.
•
In RIEMST is het dorpsproject ‘Ruimte voor Iedereen’ gestart, waarbij ze het dorpsweefsel en de
dorpsdynamiek willen doen heropleven met als leuze "kindvriendelijk is mensvriendelijk".
7.
Elke BELEIDSMAATREGEL houdt rekening met de IMPACT OP KINDEREN en jongeren
Maatregelen kunnen soms onverwachte neveneffecten hebben en niet in het minst op kinderen en jongeren.
Daarom worden alle beleidsmaatregelen afgetoetst op eventuele nadelige nevenwerkingen voor kinderen
(bijvoorbeeld via een Jongeren- en Kindereneffectrapportage of kortweg JoKER). In onze gemeente durven
beleidsmakers de bril van kinderen en jongeren op te zetten om het effect van hun beleid te toetsen.
Goede voorbeelden
•
WETTEREN volgt het VVJ traject Kindvriendelijke Gemeente.
•
OVERPELT past de ’kindertoets’ toe op alle beleidsmaatregelen. Heeft de maatregel een impact op
kinderen en jongeren?
8.
Kinderen ONTWERPEN MEE de openbare ruimte
De ruimte in Vlaanderen is schaars. Mensen hebben plaats nodig om te wonen, te werken, zich te ontspannen
en te verplaatsen. Er is ruimte nodig voor groen en natuur, voor landbouw, industrie… In onze gemeente wordt
de openbare ruimte niet enkel op volwassenen afgestemd maar ook op kinderen en jongeren. Zij willen,
kunnen en mogen de ruimte waarin we leven mee vorm geven.
Goede voorbeelden
Bij inspraak(momenten) denk je uiteraard aan de jeugdraad, kinder(gemeente)raad, wijkcomités en contact
met individuele kinderen en jongeren via jeugddienst
•
MORTSEL zette o.a. een enquête, een inspraakmoment en een facebookgroep op omtrent het ontwerp
van het speel- en avonturenlint in Fort 4.
•
AARSCHOT organiseert jaarlijks het Kidsdebat. Alle leerlingen van het zesde leerjaar worden uitgenodigd
om na te denken over het lokaal jeugdbeleid. Tijdens het Kidsdebat delen de kinderen hun mening over
verschillende thema’s zoals vrije tijd, verkeer en milieu. Op het einde van het debat brengen zij hun
stem uit op het thema waar volgens hen nog aan gewerkt moet worden.
•
MECHELEN heeft een Kinderraad. De kinderen komen één keer per maand samen op woensdagnamiddag.
6
Drie maal per jaar vindt er een Kinderraad XL plaats waarop de kinderen elk drie externen (bv.
vriendjes, oma's en opa's) kunnen uitnodigen die meestemmen over bepaalde punten.
•
LOMMEL heeft eveneens een Kinderraad. De Kinderraad werkt in kleine groepjes aan enkele projecten:
sport, feestelijkheden, milieu en natuur.
•
GENK heeft een Junior Team. Twaalf Genkse tieners van het zesde leerjaar gaan samen met het
jeugdcentrum aan de slag met leuke thema’s. Zo bepalen de tieners mee wat er in Genk moet of kan
gebeuren.
•
In KONTICH is er vertegenwoordiging van jeugd in Gecoro.
•
ANTWERPEN organiseert specifiek inspraak met kinderen, tieners en jongeren. Jeugdraden, verenigingen
en scholen worden hier vaak bij betrokken. De jeugd kan ook digitaal hun mening meegeven via
inspraaktool Oor.
7
Stilaan worden spelende kinderen een bedreigde soort: ze mogen geen lawaai maken, niks gevaarlijks doen, ze
mogen bovendien niet vuil worden en ze hebben te weinig speelruimte.
Goe Gespeeld! wil daarom een pleidooi houden voor écht en GOE spelen, zonder de ‘d’ want spelen is nooit ‘af’
en meestal met een hoek af.
In dit dossier vind je goede voorbeelden om zelf werk te maken van een positief speelklimaat. Wil je nog meer
weten? Surf dan naar onze website www.goegespeeld.be. Daar vind je nog meer tips en tricks, brochures, het
Charter Goe Gespeeld, ander beeldmateriaal…
COLOFON
Goe Gespeeld! is een samenwerkingsverband tussen de Vlaamse Dienst Speelpleinwerk (VDS), KLJ, Scouts en
Gidsen Vlaanderen, KSJ-KSA-VKSJ, Karuur, Vereniging Vlaamse Jeugddiensten (VVJ), Chirojeugd Vlaanderen
vzw, Mediaraven vzw en De Ambrassade. Met steun van de Vlaamse overheid.
Redactie: Ruth Busschaert (KSJ-KSA-VKSJ) – Toon Luypaert (De Ambrassade) – Jo Van den Bossche (Vlaamse
Dienst Speelpleinwerk)
Lay-out: Fara Elsen (Chirojeugd Vlaanderen vzw) – Foto’s: Goe Gespeeld!-archief
© Goe Gespeeld! 2014 – Alles in deze brochure mag, mits bronvermelding, veelvuldig verspreid en gekopieerd
worden.
Goe Gespeeld! wenst alle deelnemende gemeenten veel succes en alle kinderen veel speelplezier!
8