020121174 1. het - Gemeente Zaanstad

gemeente Zaanstad
Omgevingsvergunningen
Stadhuisplein 100
1506 MZ Zaandam
Postbus 2000
1500 GA Za
De heer J.P. Konijn
Zuideinde 13
1551 EA WESTZAAN
DATUM
ONS KENMERK
020121174
BIJLAGE(N)
ONDERWERP
Ontwerp omgevingsvergunning
Geachte heer Konijn,
Op 6 november 2012 hebben wij uw aanvraa
het bouwen van een garage met de volg
gevirt vergunning ontvangen voor het project
eiten:
1. het (ver) bouwen van e
2. het slopen van een
Wij hebben geconcludeerd dat
van artikel 2.10 lid 2 Wet
als een aanvraag om
3. het geb
De aanvraag eft be
strijd is met het geldende bestemmingsplan. Op grond
ngen omgevingsrecht merken wij uw aanvraag voorts aan
vergunning voor de activiteit:
en of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan.
king op de locatie Zuideinde 5 te Westzaan.
anvraag voor de activiteit het slopen van een woning delen wij u het volgende
bbe
j gelet op het ontbreken van een vergunningplicht voor slopen, beschouwd als
ond van artikel 1.26 lid 1 Bouwbesluit. De ontvangst van de melding hebben wij u bij
briêvan 22 ivember 2012, onder nummer M20120376 bevestigd.
In dief t tevens medegedeeld dat gelet op het gering aantal kuub aan sloopafval (4m 3), dat
naar ve Phting bij het slopen zal vrijkomen, het gevraagde tevens niet meldingplichtig is. Dit
betekent dat u de sloopwerkzaamheden zonder melding mag uitvoeren. Let op, u moet bij het slopen
wel voldoen aan de algemene voorschriften die hiervoor gelden uit het Bouwbesluit 2012 (hoofdstuk
8). Deze hebben betrekking op de het voorkomen van onveilige situaties en het voorkomen van hinder
tijdens de sloopwerkzaamheden.
De aanvraag voor het onderdeel slopen laten wij gelet op het voorgaande buiten behandeling.
Over de voortgang van de behandeling van uw aanvraag voor wat betreft de overige onderdelen
berichten wij u het volgende.
1
Deze brief bevat in onderstaande volgorde:
a. het besluit op uw aanvraag
b. overige bijgevoegde documenten, waaronder de bijlage 'Onderdelen omgevingsvergunning'
c. de rechtsmiddelen die tegen dit besluit openstaan
d. moment van inwerkingtreding van dit besluit
e. leges
f. mogelijkheid voor het verkrijgen van nadere informatie
a. Ontwerpbesluit
Wij besluiten:
1. gelet op artikel 2.1. lid 1 onder a en c, juncto artikel 2.10 en 2.12 van de Wet algejf ne
bepalingen omgevingsrecht (hierna: de Wabo) de omgevingsvergunning te ver
2. Gelet op het bepaalde in artikel 1.26 lid 1 Bouwbesluit 2012 de aanvraag voçfet
erdeel
`slopen van een bouwwerk' buiten behandeling te laten.
De omgevingsvergunning wordt verleend voor de volgende activiteiten:
a. het (ver) bouwen van een bouwwerk gelet op de in onderdeel 2 -tkehore bij deze
vergunning beschreven overwegingen.
b. het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd
tehbeste mingsplan, gelet
op de in onderdeel 3 behorend bij deze vergunni
b. Bijgevoegde documenten
De volgende documenten worden meegezonden met h
bijgevoegd:
•
•
•
•
•
•
•
als gewaarmerkte stukken
Bijlage onderdelen omgevingsvergunn
Bijlage Handleiding tijdens de bouw e
schriften uit het Bouwbesluit)
Aanvraagformulier met stempeld
o
ngst d.d.6 november 2012
Kadastrale tekening met stem
gst 6 november 2012
Tekening nieuwe situatie h
et stempeldatum ontvangst 14 januari 2014
Tekening bestaande situatie ga ag met stempeldatum ontvangst 14 januari 2014
Ruimtelijke onderbouwin
De gewaarmerkte stun è
vergunningaanvra
bepalend.
9iqj n maken deel uit van de vergunning. Voor zover de
ree temming is met de gestelde voorschriften, zijn de voorschriften
c. Rechtsmid
d.
De fsch
ver
inge
irkingtreding
ijeedt in werking nadat de termijn voor het indienen van een beroepsschrift is
n "(rfeer gedurende deze termijn een verzoek om een voorlopige voorziening wordt
dt het besluit niet in werking voordat op het verzoek is beslist.
e. Leges
Tot slot vermelden wij dat u separaat van dit besluit één of meer nota's voor de opgelegde leges
toegezonden krijgt of heeft gekregen. Tegen deze nota staat een afzonderlijke procedure voor
bezwaar en beroep open.
f. Overige verplichtingen
Indien de bodem verontreinigd is en hierin werkzaamheden zullen gaan plaatsvinden (bijvoorbeeld het
ontgraven van grond t.b.v. tijdelijke uitplaatsing, grondverbetering of fundering) dan gelden de
verplichtingen op grond van de Wet bodembescherming. U moet zich daarom als initiatiefnemer
2
NS T
vooraf op de hoogte stellen van de bodemkwaliteit. Dit kunt u doen door een historisch onderzoek uit
te laten voeren. Als hieruit blijkt dat de bodem 'verdacht' is, dan dient vervolgens een
bodemonderzoek uitgevoerd te worden. In sommige gevallen is er van de locatie, bij ons reeds een
historisch onderzoek en/of bodemonderzoek beschikbaar. In die gevallen kunt u met onze afdeling
Grondzaken en bodem afspraken maken over het al dan niet achterwege laten van een historisch
en/of nader onderzoek. Als uit het bodemonderzoek blijkt dat sprake is van ernstige verontreiniging,
dan zult u voorafgaand aan de werkzaamheden een saneringsplan of een zogenoemde Busmelding
bij ons in moeten dienen. De procedure voor de beoordeling van een saneringsplan of melding kan 5
dagen tot 15 weken duren, afhankelijk van de aard en omvang van de verontreiniging en van de
voorgenomen werkzaamheden. Zolang de melding of het saneringsplan niet is beoordeeldfflogen er
geen werkzaamheden plaatsvinden in de verontreinigde bodem. Houdt u hiermee rekenjin de
planning van uw werkzaamheden. Indien uitsluitend sprake is van werkzaamheden in
bestaande uit bouwstoffen (bijv. sintellagen), dan is het voorgaande niet van toepas
informatie kunt u ook vinden op onze website.
http://www.zaanstad.nl/mv/milieu/thema_milieu/bodem/bodemsanering
Wanneer u bij werkzaamheden gebruik maakt van bijvoorbeeld een gra_ fmachin ieent dit dat u
aan mechanische grondroering doet of laat doen. Om graafschade te vo omen en ie veiligheid van
de graver en de directe omgeving te bevorderen verplicht de Wet #44iati "tw . eling
Ondergrondse Netten (WION) u hiervoor een Graafmelding te doe
ding dient uiterlijk 3
werkdagen vóór aanvang van graafwerkzaamheden te worden gedannt u doen via de website
van het kadaster www.kadaster.nlof u kunt contact opnemen met hu
tcontactcenter via (0800)
0080.
g. Nadere informatie
Indien u nog vragen hebt of inlichtingen wenst,
van de afdeling Vergunningen en Toezicht. D
14075 of via het contactformulier op de w
u contact opnemen met één van de in
bouwinspecteurs.
De aanvraag is geregistreerd onr
nummer bij de hand houden e
ct opnemen met de heer A. Bosma,
osm
bereikbaar onder telefoonnummer
.zaanstad.nl. Met vragen over de uitvoering kunt
dleiding tijdens de bouw en/of sloop" vermelde
ierrikamer 020121174. Wilt u bij vragen of overleg dit
riftelijke correspondentie vermelden?
3
Bijlage: Onderdelen omgevingsvergunning
Inhoudsopgave
1) Procedureel
2) het (ver) bouwen van een bouwwerk
3) het gebruiken van gronden of boumverken in strijd met een bestemmingsplan.
4
1.
Proced ureel
Gegevens aanvrager
Het project waarvoor vergunning wordt gevraagd is als volgt te omschrijven:
het bouwen van een garage.
Gelet op bovenstaande omschrijving wordt vergunning gevraagd voor de volgende in de Wabo
omschreven omgevingsaspecten:
1) het (ver) bouwen van een bouwwerk
2) het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan.
Bevoegd gezaq
Gelet op bovenstaande projectbeschrijving, alsmede op het bepaalde in hoofdstu
omgevingsrecht (Bor) en de daarbij horende bijlage zijn wij het bevoegd gezaq om o
omgevingsvergunning te beslissen.
et Bltuit
Ontvankelijkheid
Na ontvangst van de aanvraag hebben wij deze aap de hand van
en de artikelen uit de Regeling omgevingsrecht getoetst op ontva
de aanvraag voldoende informatie bevat voor een goede be
activiteit op de fysieke leefomgeving. De aanvraag is dan
genomen.
, paragraaf 4.2 Bor
zijn van oordeel dat
gevolgen van de
n in behandeling
Procedure
De besluitvormingsprocedure is, ingevolge het
el 3.10, lid 1 onder b van de Wabo,
uitgevoerd overeenkomstig afdeling 3.4 van
ene'WO bestuursrecht (Awb).
Vanaf 17 juli 2014 heeft voor een period
en een ontwerp van deze beschikking ter inzage
gelegen en is een ieder in de gelegen
eld mzienswijzen naar voren te brengen. Van deze
gelegenheid is wel/geen gebruik ge
5
2. het (ver) bouwen van een bouwwerk
1. Overwegingen
Bij het nemen van het besluit hebben wij de volgende aspecten overwogen.
Ingevolge artikel 2.10 Wabo dient de aanvraag om omgevingsvergunning te worden geweigerd indien
een van de in dit wetsartikel genoemde weigeringsgronden zich voordoet.
Deze weigeringsgronden zijn:
1. het bouwwerk voldoet niet aan de voorschriften van het Bouwbesluit;
2. het bouwwerk voldoet niet aan de voorschriften van de Bouwverordening;
3. het bouwwerk is in strijd met de voorschriften van het bestemmingsplan, de beheersverordening, het exploitatieplan of algemene regels van het rijk of4J9 p1 incie1ls
bedoeld in artikel 4.1, derde lid en 4.3, derde lid, Wro;
4. het bouwwerk voldoet niet aan redelijke eisen van welstand;
5. de activiteit een wegtunnel als bedoeld in de Wet aanvullende regels veti eid egtunnels
betreft en uit de aanvraag en de daarbij verstrekte gegevens en scheide<
t dat niet
wordt voldaan aan de in artikel 6, eerste lid, van die wet ge "gicie
Bouwbesluit 2012
Wij hebben uw bouwplan getoetst aan het Bouwbesluit. Wi .
de daarbij overgelegde gegevens aannemelijk maken dat h
heeft aan het Bouwbesluit voldoet.
eld dat de aanvraag en
waarop de aanvraag betrekking
Bouwverordeninq Zaanstad 2008
Wij hebben uw bouwplan getoetst aan de Bo
dat de aanvraag en de daarbij overgelegdg
aanvraag betrekking heeft aan de Bou
anstad 2008. Wij hebben geoordeeld
aann melijk maken dat het bouwen waarop de
Zaanstad voldoet.
Bestemmingsplan
Het desbetreffende perceel is g
bied waarvoor het bestemmingsplan tintbebouwing
Westzaan' geldt en heeft hien
gen 'Erven' ex artikel 7, 'Archeologisch waardevol
gebied' ex artikel 23 en te
ingevolge het Luchthavenindelingsbesluit Schiphol' ex
artikel 26 van de planvoor
He ouwplan is in strijd met de bestemming 'Erven'. Gronden met
deze bestemming zi
rven behorende bij de op de aangrenzende gronden gelegen
hoofdgebouwen.
en mag alleen ten behoeve van deze bestemming worden gebouwd.
,,P,
Het perceel wa
arage s beoogd behoort niet bij de op de aangrenzende gronden gelegen
hoofdgebouw.
Ingevol
med
in
me
klweede lid van de Wabo hebben wij het verzoek om omgevingsvergunning
kt als een aanvraag om een vergunning voor het gebruik van gronden of bouwwerken
t Pestemmingsplan. In onderdeel 3 van deze bijlage motiveren wij waarom wij hieraan
erlenen.
Welstandscriteria
De Stichting Welstandszorg Noord-Holland, commissie Zaanstad, heeft op 28 januari 2014, op grond
van de gebiedsgerichte criteria 7B (Westzaan IJ-en Zeedijk en de criteria voor bijgebouwen uit de
Welstansnota Zaanstad 2008 een positief advies afgegeven over het bouwplan.
Wet aanvullende reqels veiligheid wegtunnels
Het betreft hier geen tunnel als bedoeld in de Wet aanvullende regels veiligheid wegtunnels. Dit
toetsingscriterium is derhalve niet aan de orde.
6
Conclusie
Gelet op het voorgaande zijn er ten aanzien van deze activiteit geen redenen om de
omgevingsvergunning te weigeren.
3. Toetsingsdocumenten
De volgende toetsingsdocumenten zijn bij de inhoudelijke beoordeling betrokken
•
Bouwbesluit 2012;
•
Bouwverordening Zaanstad 2008;
•
Bestemmingsplan 'Lintbebouwing Westzaan';
•
Welstandsnota Zaanstad 2008 .het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd et een
bestemmingsplan, een beheersverordening, een exploitatieplan, regels gesteld
r rijk of
provincie of een voorbereidingsbesluit.
7
3. het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een
bestemmingsplan
Overwegingen
Zoals in onderdeel 2 van deze bijlage reeds is beschreven is het door u aangevraagde project in strijd
met het bestemmingsplan.
I ngevolge artikel 2.10 lid 1 onder c Wabo dient de aanvraag om omgevingsvergunning te worden
geweigerd indien de activiteit in strijd is met het bestemmingsplan.
Ingevolge artikel 2.10 lid 2 Wabo, dient een activiteit die in strijd is met een bestemm gspl" evens
te worden aangemerkt als een aanvraag om een vergunning voor het gebruik va ro en of
bouwwerken in strijd met het bestemmingsplan. Daarnaast is in dit artikel bepaald
e1kergunning
slechts wordt geweigerd indien vergunningverlening met toepassing van arti
m elijk is.
I n artikel 2.12 lid 1 zijn de omstandigheden beschreven onder welke ee'mgevinr.unning, in
strijd met een bestemmingsplan kan worden verleend. Dat kan
•
met toepassing van in het bestemmingsplan opgenomen agel
ijking;
•
in bij algemene maatregel van bestuur aangewezen
al
•
indien de activiteit niet in strijd is met een goede r
en de motivering van het
besluit een goede ruimtelijke onderbouwing bevat.
In onderhavig geval zijn er voor deze activiteit in he
inzake het afwijken van het bestemmingsplan. E
toepassing van deze regels.
Onderhavige situatie is ook geen geval
n geen regels opgenomen
een vergunning worden verleend met
ene maatregel van bestuur is aangewezen.
Op grond van het voorgaande zijn" in p cipe iD oegd tot het verlenen van een
omgevingsvergunning als bedo
in
. ke
eerste lid onder c Wabo.
Ter motivering is een ruimtelij
g opgesteld. Deze is als bijlage bij deze vergunning
opgenomen.
Conclusie
Gelet op het voor
omgevingsvergu
ten aanzien van deze activiteit geen redenen om de
weig n.
8