54K0278001

DOC 54
0278/001
DOC 54
BELGISCHE KAMER VAN
0278/001
VOLKSVERTEGENWOORDIGERS
CHAMBRE DES REPRÉSENTANTS
DE BELGIQUE
BUITENGEWONE ZITTING 2014
SESSION EXTRAORDINAIRE 2014
16 september 2014
16 septembre 2014
WETSVOORSTEL
PROPOSITION DE LOI
tot wijziging van de wet van 1 augustus 1985
houdende fiscale en andere bepalingen,
teneinde de bijzondere vergoeding uit te
breiden tot de leden van de politie- en
hulpdiensten die het slachtoffer zijn van
een opzettelijke gewelddaad die buiten de
uitoefening van hun functie wordt gepleegd,
maar die in rechtstreeks oorzakelijk verband
staat met de uitoefening van die functie
modifiant la loi du 1er août 1985
portant des mesures fiscales et autres
afin d’étendre l’indemnité spéciale
aux membres des services de police et
de secours victimes d’un acte intentionnel
de violence commis en dehors
de l’exercice de leurs fonctions
et qui a un lien causal direct avec
l’exercice de ces fonctions
(ingediend door mevrouw Vanessa Matz)
(déposée par Mme Vanessa Matz)
SAMENVATTING
RÉSUMÉ
Momenteel hebben de leden van de politie- en
hulpdiensten die het slachtoffer zijn van een opzettelijke gewelddaad, recht op een vergoeding als die
gewelddaad is gepleegd tijdens de uitoefening van
hun functie. Er kan met andere woorden geen vergoeding worden toegekend wanneer de opzettelijke
gewelddaad wordt gepleegd buiten de uitoefening
van de functie, ook al staat hij in rechtstreeks oorzakelijk verband ermee.
Actuellement, les membres des services de police
et de secours victimes d’actes intentionnels de violence reçoivent une indemnité mais à la condition que
ces violences aient été causées durant le service, ce
qui exclut les actes intentionnels de violence posés
en dehors de l’exercice du service mais ayant un lien
causal direct avec celui-ci.
Ingevolge een arrest van het Grondwettelijk Hof
dat dit verschil in behandeling als ongrondwettig
kwalificeert, beoogt dit wetsvoorstel voornoemde
bijzondere vergoeding uit te breiden tot de leden van
de politie- en hulpdiensten die buiten de uitoefening
van hun functie het slachtoffer zijn van een opzettelijke
gewelddaad die evenwel in rechtstreeks oorzakelijk
verband staat met de uitoefening van die functie.
Faisant suite à un arrêt de la Cour constitutionnelle
déclarant cette différence de traitement illégitime,
la proposition de loi étend le bénéfice de ladite
indemnité aux membres des services de police et de
secours victimes d’actes intentionnels de violence en
dehors de l’exercice de leur service mais avec un lien
causal direct avec celui-ci.
0286
KAMER
1e
ZITTING VAN DE 54e ZITTINGSPERIODE
2014
CHAMBRE
1e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
2
DOC 54
N-VA
PS
MR
CD&V
Open Vld
sp.a
Ecolo-Groen
cdH
VB
PTB-GO!
FDF
PP
:
:
:
:
:
:
:
:
:
:
:
:
Nieuw-Vlaamse Alliantie
Parti Socialiste
Mouvement Réformateur
Christen-Democratisch en Vlaams
Open Vlaamse liberalen en democraten
socialistische partij anders
Ecologistes Confédérés pour l’organisation de luttes originales – Groen
centre démocrate Humaniste
Vlaams Belang
Parti du Travail de Belgique – Gauche d’Ouverture
Fédéralistes Démocrates Francophones
Parti Populaire
Afkortingen bij de nummering van de publicaties:
DOC 54 0000/000:
Abréviations dans la numérotation des publications:
e
QRVA:
CRIV:
CRABV:
CRIV:
Parlementair document van de 54 zittingsperiode +
basisnummer en volgnummer
Schriftelijke Vragen en Antwoorden
Voorlopige versie van het Integraal Verslag
Beknopt Verslag
Integraal Verslag, met links het definitieve integraal verslag
en rechts het vertaald beknopt verslag van de toespraken
(met de bijlagen)
QRVA:
CRIV:
CRABV:
CRIV:
PLEN:
COM:
MOT:
Plenum
Commissievergadering
Moties tot besluit van interpellaties (beigekleurig papier)
PLEN:
COM:
MOT:
Officiële publicaties, uitgegeven door de Kamer van volksvertegenwoordigers
DOC 54 0000/000:
Document parlementaire de la 54e législature, suivi
du n° de base et du n° consécutif
Questions et Réponses écrites
Version Provisoire du Compte Rendu intégral
Compte Rendu Analytique
Compte Rendu Intégral, avec, à gauche, le
compte rendu intégral et, à droite, le compte rendu
analytique traduit des interventions (avec les annexes)
Séance plénière
Réunion de commission
Motions déposées en conclusion d’interpellations
(papier beige)
Publications officielles éditées par la Chambre des représentants
Commandes:
Place de la Nation 2
1008 Bruxelles
Tél. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.lachambre.be
courriel : [email protected]
Bestellingen:
Natieplein 2
1008 Brussel
Tel. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.dekamer.be
e-mail : [email protected]
Les publications sont imprimées exclusivement sur du papier certifié FSC
De publicaties worden uitsluitend gedrukt op FSC gecertificeerd papier
KAMER
1e
0278/001
ZITTING VAN DE 54e ZITTINGSPERIODE
2014
CHAMBRE
1e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
DOC 54
0278/001
3
TOELICHTING
DÉVELOPPEMENTS
DAMES EN HEREN,
MESDAMES, MESSIEURS,
Dit wetsvoorstel beoogt een antwoord te bieden op
het arrest van het Grondwettelijk Hof van 11 januari 2012,
dat stelt dat artikel 42, § 3, tweede lid, van de wet van
1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen
(hierna “de wet van 1 augustus 1985”) strijdig is met de
artikelen 10 en 11 van de Grondwet1.
La présente proposition de loi vise à répondre à
l’arrêt de la Cour constitutionnelle du 11 janvier 2012,
suivant lequel l’article 42, § 3, alinéa 2, de la loi du 1er
août 1985 portant des mesures fiscales et autres (ciaprès “loi du 1er août 1985”) viole les articles 10 et 11
de la Constitution.1
In 2001 wordt een agent van de lokale politie bij het
verlaten van een drankgelegenheid aangevallen door
vier personen van wie hij eerder het voertuig had gecontroleerd. De betrokken agent wordt arbeidsongeschikt
verklaard en in 2007 vervroegd op pensioen gesteld
wegens lichamelijke ongeschiktheid. Begin 2008 dient
de agent bij de minister van Binnenlandse Zaken een
aanvraag voor een bijzondere vergoeding in.
En 2001, un agent de la police locale à été agressé
à la sortie d’un débit de boissons par quatre personnes
dont il avait auparavant contrôlé le véhicule. Placé en
incapacité de travail et en retraite anticipée pour cause
d’inaptitude physique en 2007, le policier a introduit une
demande d’indemnité spéciale auprès du ministre de
l’Intérieur, début 2008.
Artikel 42 van de wet van 1 augustus 1985 bepaalt
dat een vergoeding voor morele schade, de zogeheten
“bijzondere vergoeding”, wordt toegekend aan de agenten die wegens lichamelijke ongeschiktheid de dienst
definitief moeten verlaten, dan wel aan hun rechthebbenden ingeval zij overleden zijn. De wet bepaalt het
bedrag van de bijzondere vergoeding, maar somt ook
de voorwaarden op om op die vergoeding aanspraak
te kunnen maken.
L’article 42 de la loi du 1er août 1985 prévoit qu’une
indemnité pour dommage moral, dénommée “indemnité
spéciale”, est octroyée aux agents qui sont contraints
de quitter définitivement leur service pour inaptitude
physique ou, en cas de décès, à leurs ayants droit. La
loi détermine le montant de l’indemnité spéciale mais
aussi les conditions auxquelles il doit être satisfait pour
en bénéficier.
Een van die voorwaarden is dat de agent de
schade moet hebben opgelopen tijdens de uitvoering
van een politie-, beschermings-, hulpverlenings- of
ontmijningsopdracht.
Parmi ces conditions figure l ’exigence que le
dommage ait été causé à l’agent lors de l’exécution
d’une mission de police, de protection, de secours ou
de déminage.
Op grond van die bepaling weigert de minister van
Binnenlandse Zaken de vergoedingsaanvraag, omdat
de schade is toegebracht op een ogenblik dat de agent
niet in functie was. In 2009 betwist de agent de ministeriële beslissing en stelt hij bij de Raad van State een
beroep tot nietigverklaring in.
Sur la base de cette disposition, le ministre de l’Intérieur a rejeté la demande d’indemnité au motif que le
dommage n’a pas été causé à l’agent dans l’exercice
de ses fonctions. En 2009, l’agent conteste la décision
ministérielle et introduit un recours en annulation devant
le Conseil d’État.
Bij de behandeling van dat beroep stelt de Raad van
State een prejudiciële vraag aan het Grondwettelijk
Hof teneinde te vernemen of artikel 42 van de wet van
1 augustus 1985 al dan niet strijdig is met de artikelen
10 en 11 van de Grondwet, in zoverre het de ambtenaren die het slachtoffer zijn van een opzettelijke gewelddaad die ter vergelding van de uitgeoefende functies
is gepleegd maar buiten de uitoefening daarvan werd
ondergaan, van het recht op de bijzondere vergoeding
uitsluit2.
Dans le cadre de ce recours, le Conseil d’État a posé
une question préjudicielle à la Cour constitutionnelle
pour savoir si l’article 42 de la loi du 1er août 1985 viole
ou non les articles 10 et 11 de la Constitution en ce qu’il
exclut du droit à l’indemnité spéciale les agents victimes
d’un acte intentionnel de violence subi en représailles
des fonctions exercées mais en dehors de l’exercice
de celles-ci.2
1
1
2
Grondwettelijk Hof, 11 januari 2012, arrest nr. 5/2012.
Raad van State, 23 februari 2011, nr. 211.468.
KAMER
1e
ZITTING VAN DE 54e ZITTINGSPERIODE
2
2014
Cour constitutionnelle, 11 janvier 2012, arrêt n° 5/2012.
CE, 23 février 2011, n°211.468.
CHAMBRE
1e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
4
DOC 54
0278/001
Het Grondwettelijk Hof oordeelt als volgt: “De leden
van de politiediensten kunnen het voorwerp uitmaken
van opzettelijke gewelddaden die, hoewel zij worden
gepleegd in omstandigheden waarin de politieambtenaar zijn functies niet uitoefent, rechtstreeks verband
houden met de uitoefening daarvan. Wanneer die daden bijgevolg in het rechtstreekse verlengde liggen van
de uitoefening van de door de politieambtenaar waargenomen functies, moeten zij worden beschouwd als
risico’s die inherent zijn aan die uitoefening. Zij kunnen
bovendien evenveel schade en ontmoediging teweegbrengen bij de politieambtenaren. Daaruit volgt dat de
in het geding zijnde bepaling, in zoverre zij de aan de
leden van de politiediensten toegekende specifieke
bescherming beperkt tot de morele schadevergoeding
voor enkel de opzettelijke gewelddaden waarvan zij in
de uitoefening van hun functies het slachtoffer zijn, het
doel van de wetgever niet op relevante wijze nastreeft.”3
La Cour constitutionnelle considère que: “Les
membres des services de police peuvent faire l’objet
d’actes intentionnels de violence qui, bien qu’ils soient
perpétrés dans des circonstances où le fonctionnaire de
police n’exerce pas ses fonctions, sont directement liés
à l’exercice de celles-ci. Lorsque ces actes s’inscrivent
de la sorte dans le prolongement direct de l’exercice
des fonctions assumées par le fonctionnaire de police,
ils doivent être considérés comme des risques inhérents
à cet exercice. Ils peuvent de surcroît causer un préjudice et un découragement tout aussi important aux
fonctionnaires de police. Il s’ensuit qu’en tant qu’elle
limite la protection spécifique accordée aux membres
des services de police au dédommagement moral des
seuls actes intentionnels de violence dont ils sont les
victimes dans l’exercice de leurs fonctions, la disposition en cause ne poursuit pas de manière pertinente
l’objectif du législateur.”3
Dit wetsvoorstel beoogt duidelijkheid te scheppen
omtrent de interpretatie die moet worden gegeven aan
het begrip “gewelddaad die de agent ondergaat bij de
uitoefening van zijn functie”, alsook de wetgeving in
overeenstemming te brengen met het oorspronkelijk
door de wetgever beoogde doel. Daarom wordt voorgesteld de toekenning van de bijzondere vergoeding uit
te breiden tot de ambtenaar die buiten de uitoefening
van zijn functie het slachtoffer is van een opzettelijke
gewelddaad die evenwel in rechtstreeks oorzakelijk
verband staat met de uitoefening van die functie.
Afin de clarifier l’interprétation à donner à la notion
d’actes de violence subis par un agent dans l’exercice
de ses fonctions et pour se conformer à l’esprit du législateur, il est proposé d’étendre le bénéfice de l’indemnité
spéciale aux agents victimes d’actes intentionnels de
violence en dehors de l’exercice de leurs fonctions, si
cet acte a un lien causal direct avec l’exercice de ces
fonctions.
Vanessa MATZ (cdH)
3
Grondwettelijk Hof, supra, B.5.
KAMER
1e
ZITTING VAN DE 54e ZITTINGSPERIODE
3
2014
Cour constitutionelle, supra, B.5.
CHAMBRE
1e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
DOC 54
0278/001
5
WETSVOORSTEL
PROPOSITION DE LOI
Artikel 1
Article 1er
Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in
artikel 74 van de Grondwet.
La présente loi règle une matière visée à l’article 74
de la Constitution.
Art. 2
Art. 2
Artikel 42, § 3, tweede lid, van de wet van 1 augustus
1985 houdende fiscale en andere bepalingen wordt
aangevuld met de volgende woorden: “, of wanneer de
gewelddaad in rechtstreeks oorzakelijk verband staat
met de uitoefening van die functies”.
L’article 42, § 3, alinéa 2, de la loi du 1er août 1985
portant des mesures fiscales et autres est complété par
les mots suivants: “ou lorsque cet acte a un lien causal
direct avec l’exercice de ces fonctions”.
9 juli 2014
9 juillet 2014
Vanessa MATZ (cdH)
KAMER
1e
ZITTING VAN DE 54e ZITTINGSPERIODE
2014
CHAMBRE
1e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
Centrale drukkerij – Imprimerie centrale