Een sluitende begroting

HOE SLUITEND IS EEN SLUITENDE BEGROTING? (Ferdinand Janse – Raadsadviseur) Het lijkt zo eenvoudig. De Gemeentewet schrijft voor dat de raad er op toe ziet dat de begroting structureel en reëel in evenwicht is. Hiervan kan hij afwijken indien aannemelijk is dat het bedoelde evenwicht in de begroting in de eerstvolgende jaren tot stand wordt gebracht. Er gaat een hele wereld schuil achter dat ene overzicht in de begroting waar zichtbaar wordt dat de som van de baten gelijk is aan de som van de lasten. Maar hoe sluitend is eigenlijk een sluitende begroting? Een aantal voorbeelden om uw geest te scherpen bij het beoordelen van een begroting. Een greep uit de algemene reserve Is er sprake van een sluitende begroting als er in de som van de baten gerekend is met een onttrekking aan de algemene reserve? Nee. En als in diezelfde meerjarenraming in de laatste jaarschijf aan de uitgavenkant even grote toevoeging aan de algemene reserve is voorzien? Ja. Gemakshalve veronderstellen we dat lasten en baten in tussenliggende jaren gelijk zijn. Stel nu eens voor dat bij het opstellen van de (meerjaren)begroting een jaar later zo’n toevoeging ongedaan gemaakt wordt. De begroting kan structureel in evenwicht blijven terwijl de algemene reserve, de spaarpot van de gemeente, kleiner wordt. Het is dus zaak om de begroting te interpreteren inclusief de effecten van de begroting op de balans, in het bijzonder de reservepositie. Betrek hierbij de spelregels (beleid) die de raad heeft vastgesteld over de gewenste omvang van de algemene reserve en bestemmingsreserves. De paragraaf weerstandsvermogen bevat meer informatie over de omvang van de reserves, wendbaarheid en weerbaarheid in relatie tot risico’s. Stelposten Een stelpost is een bedrag dat op de begroting wordt geraamd voor nog niet specifiek benoemde maar wel verwachte uitgaven of inkomsten. We spreken van uitgaven‐ resp. inkomstenstelposten. Het wellicht meest bekende voorbeeld van een uitgavenstelpost is het budget ‘Onvoorzien’. Onvoldoende onderbouwde uitgavenstelposten kunnen een teken zijn van ruimte in de begroting. Daartegenover vormen inkomstenstelposten of negatieve uitgavenstelposten* een risico als het gaat om de hardheid van een sluitende begroting. Een budget ‘Nog te realiseren bezuinigingen / taakstellingen’ duidt per definitie op een niet sluitende begroting. Te hoog / te laag ramen van budgetten Gemeenten moeten bij het opstellen van de begroting voorspellingen doen over de ontwikkeling van uitgaven en inkomsten: Met welk percentage daalt of stijgt de rente? En wat doen de kosten van overige goederen en diensten en personeelslasten? Hoe werkt dit door voor gesubsidieerde instellingen? Een casus rond personeelslasten ter illustratie van de complexiteit. Bij het opstellen van de begroting moet een voorspelling gedaan worden van de loonontwikkeling. De lopende CAO is afgelopen, over een nieuwe wordt onderhandeld en de dekkingsgraad van de pensioenfondsen staat onder druk. Bij het opstellen van een begroting kan alvast rekening gehouden worden met een percentage stijging van loonkosten. Dit is te verdedigen op basis van ervaringsgegevens. Het is aan de andere kant denkbaar dat er geen rekening mee gehouden wordt en de loonkosten‐
ontwikkeling te benoemen in de risicoparagraaf. De keuze voor een van de varianten hangt misschien wel af van de ruimte of krapte in de begroting. Bij ruimte zal eerder de neiging aanwezig zijn te kiezen voor het eerste voorbeeld, bij krapte voor het tweede voorbeeld. Het Rijk geeft geen voorschriften met welke parameters rekening gehouden moet worden als het gaat om kostenontwikkeling. Gemeenten zijn hier vrij in. Het kijken naar een begroting vanuit de kostensoorten is een andere dan het beoordelen van budgetten in programma’s. Een procent of een half procent meer personeelslasten kan bij grotere gemeenten een effect hebben van meerdere tonnen euro. De boekhoudregels schrijven voor dat de toelichting op de meerjarenraming ten minste de gronden bevat waarop de ramingen zijn gebaseerd en een toelichting op belangrijke ontwikkelingen ten opzichte van de meerjarenraming van het vorige begrotingsjaar. Helaas is het geen gemeengoed dat gemeenten in hun begrotingen een afzonderlijk hoofdstuk besteden aan de schattingen en grondslagen waarop de begroting gebaseerd is. Dit is best opmerkelijk. Het is namelijk wel goed gebruik dat in de jaarrekening grondslagen van waardering en resultaatbepaling zijn opgenomen. De casus laat zien dat via schattingen gestuurd wordt op het resultaat van een begroting. Het is dus goed om als raadslid kennis te nemen van de inschattingen rond de belangrijkste parameters van de begroting waar het gaat om de ontwikkeling van kosten en opbrengsten. De meest extreme vorm van te laag ramen van budgetten is het niet ramen van budgetten. Een begroting is niet sluitend als uitgaven niet zijn opgenomen die wel opgenomen hadden moeten worden. Een lastige categorie, zoeken naar posten die niet zijn opgeschreven. Als ze voorkomen, dan komen ze tot uitdrukking in het jaarverslag en de jaarrekening, bij de analyse van verschillen tussen begroting en rekening. Hoe sluitend is een sluitende begroting? Het antwoord op deze vraag is, zo hebben de voorbeelden laten zien, niet eenduidig te geven. Voor iedere begroting is het antwoord anders. Belangrijk is het dat u zich hier van bewust bent. Gelukkig hoeft u als raadslid niet helemaal alleen toe te zien op een structureel en reëel in evenwicht zijnde begroting. De provincie kijkt als toezichthouder op de gemeentefinanciën over uw schouder mee. Een afdeling met specialisten kijkt toe op het financiële reilen en zeilen van uw gemeente. * voorbeeld stelposten in resultatenrekening Laten programma's
Uitgavenstelpost
Begroting gemeente
300 Baten Rijk
-20 Baten gem. belasting
280
240
40
280
Laten programma's
Begroting gemeente
300 Baten Rijk
Baten gem. belasting
In te vullen taakstell.
300
240
40
20
300