Collegebesluit C20140610o_3.01 Gepubliceerd op 11/06/2014

Collegevoorstel
Openbaar
Onderwerp
Begroting 2015-2018 ODRN en aanverwante onderwerpen
Programma / Programmanummer
BW-nummer
Klimaat & Energie 1022 / Ruimte & Cultuurhistorie 1031
Portefeuillehouder
H. Tiemens / B. Velthuis
Directie/afdeling, ambtenaar, telefoonnr.
Samenvatting
Sinds april 2013 voert de Omgevingsdienst Regio Nijmegen (ODRN)
binnen een hiertoe opgestelde Gemeenschappelijke Regeling, taken
voor ons uit op het gebied van vergunningverlening en handhaving
milieu en bouwen.
ML30, Loes van Wersch,
06-50634321
Datum ambtelijk voorstel
5 juni 2014
Registratienummer
Wij geven onze reactie op de jaarrekening 2013 en begroting 20152018. Omdat de begroting ook raakt aan een aantal andere
onderwerpen aangaande de ODRN worden deze ook in dit voorstel
behandeld.
14.0006774
In de bijlage wordt een nadere toelichting gegeven.
Ter besluitvorming door het college
1. De adviezen van de Adviesfunctie Gemeenschappelijke
Regelingen over de jaarrekening 2013 en de begroting 2015-2018
van de ODRN over te nemen.
2. De brief aan de ORDN, over onze zienswijze op de jaarrekening
2013 en de begroting 2015-2018 vast te stellen.
3. Financiële afwikkeling vertrekarrangement en inhuurbudget ODRN
volgens voorgestelde wijze vast te stellen.
4. De brief aan de raad vast te stellen.
Paraaf
akkoord
Datum
Paraaf
akkoord
Datum
Steller
L. van Wersch
 Alleen ter besluitvorming door het college
 Actief informeren van de Raad
Besluit B&W d.d. 10 juni 2014
X Conform advies
 Aanhouden
 Anders, nl.
nummer: 3.1
Bestuursagenda
Portefeuillehouder
Collegevoorstel
Collegevoorstel
1
Probleemstelling
De gemeenschappelijke regeling ODRN voert voor Nijmegen naast het wettelijk verplichte
basistakenpakket voor vergunningverlening en handhaving milieu ook de vrijwillige andere
Wabo-taken uit waaronder de bouwtaken. Binnen de hiervoor vastgestelde GR is
afgesproken om tot 2016 te werken met een inputfinanciering. Vanaf 2016 zal er worden
gewerkt met productfinanciering.
Naast opdrachtgever voor de Wabo-taken aan de ODRN is Nijmegen opdrachtnemer van de
ODRN voor het gastheerschap. Huisvesting en PIOFACH-taken worden door de gemeente
Nijmegen geleverd.
De ODRN heeft ons haar concept-jaarrekening 2013 en ontwerp-begroting 2015-2018
toegezonden en stelt onze raad hiermee in de gelegenheid hierover haar zienswijze uit te
brengen. Algemene conclusie is dat de ontwerp begroting en jaarrekening er gedegen uit
zien. Maar bezuinigingstaakstellingen van Nijmegen zijn hier nog onvoldoende in mee
genomen.
Binnen de ODRN hebben 8 medewerkers eind 2013 gebruik gemaakt van het
vertrekarrangement. Hiervoor komt de loonsombijdrage van € 444.105 via de
inputfinanciering aan de ODRN te vervallen (€ 306.836 vanuit het programma Ruimte en
Cultuurhistorie en € 137.269 vanuit het programma Klimaat en Energie). De gemeente
Nijmegen is daarmee ook verantwoordelijk voor het financieren van de afkoopsom.
In bijgevoegd memo wordt verder ingegaan begroting en jaarrekening, afwikkeling van het
vertrekarrangement en op onderstaande onderwerpen die op dit moment actueel zijn in
verband met de ODRN:




2
Bezuinigingstaakstelling VTH-taken
Beleid handhaving en inspectie bouwen
Ontwikkeling leges bouwen
Nieuwe wet VTH
Juridische aspecten
De Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr, artukel58 en 59) en de daarop gebaseerde
gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Regio Nijmegen (artikel 27) en 28 regelen de
totstandkoming van de jaarrekening en de begroting. Onze raad heeft het indienen van de
zienswijze gedelegeerd aan ons college in het Delegatiebesluit 2009 inzake
gemeenschappelijke regelingen.
3
Doelstelling
Met dit collegevoorstel en bijbehorend memo wordt aan de volgende doelstellingen tegemoet
gekomen:
 Formele besluitvorming rondom zienswijze jaarrekening en begroting ODRN. Onze
zienswijze moet tijdig (uiterlijk 11 juni 2014) via het Dagelijks Bestuur aan het Algemeen
Bestuur van de GR ODRN kenbaar gemaakt worden.
 Besluitvorming over afwikkeling vertrekarrangement.
 Integraal overzicht van actuele onderwerpen op het dossier ODRN.
Collegevoorstel
Vervolgvel
2
4
Argumenten



5
Dit jaar verschijnt voor de eerste keer ook een concept-jaarverslag naast de
ontwerpbegroting. In onze reactie aan de ODRN leggen wij onze belangrijkste
opmerkingen naar aanleiding van deze stukken schriftelijk vast. Tevens infomeren wij de
raad hierover via een brief.
Gebruikelijk is dat de Adviesfunctie Gemeenschappelijke Regelingen, die door onze
gemeente wordt uitgevoerd, advies uitbrengt over de jaarstukken aan deelnemers van de
gemeenschappelijke regelingen in onze regio. Wij conformeren ons aan de adviezen die
de Adviesfunctie heeft uitgebracht over de conceptjaarrekening 2013 en
ontwerpbegroting 2015-2018.
Gemeente Nijmegen en ODRN hebben afgesproken dat bij toepassing van het
vertrekarrangement de loonsombijdrage van de vertrokken medewerkers in mindering
wordt gebracht op de overeengekomen inputfinanciering. Daarmee is gemeente
Nijmegen verantwoordelijk voor de betaling van afkoopsom. Dit gebeurt vanuit de
betrokken programma’s Ruimte & Cultuurhistorie en Klimaat & Energie.
Klimaat
De klimaatparagraaf is niet op dit voorstel van toepassing.
6
Financiën
Gebruikelijk is dat de Adviesfunctie Gemeenschappelijke Regelingen, die door onze
gemeente wordt uitgevoerd, advies uitbrengt over de jaarstukken aan deelnemers van de
gemeenschappelijke regelingen in onze regio. Wij conformeren ons aan de adviezen die de
Adviesfunctie heeft uitgebracht.
Voor Wabo-vergunningverlening en -handhaving is een bezuinigingstaakstelling van
structureel 1,65 miljoen geformuleerd (2,5 ton minder handhaving vanuit PPN 2014 en 1,4
miljoen vanwege verwachtte terugloop leges). Voor het behalen van de bezuinigings
taakstelling is met de ODRN de afspraak gemaakt om gezamenlijk besparingsopties te
onderzoeken met het project “Slimmer inrichten en kosten besparen VTH”.
7
Participatie en Communicatie


8
Wij maken onze zienswijze op de jaarrekening en begroting met een brief kenbaar aan
het dagelijks bestuur van de ODRN. Het dagelijks bestuur legt de ontwerpbegroting met
de ingekomen zienswijzen voor aan het algemeen bestuur, die dit meeweegt in haar
besluitvorming.
Wij informeren onze raad over onze zienswijze en aanverwante onderwerpen m.b.t. de
ODRN en sturen deze brief aan de ODRN als bijlage mee.
Uitvoering en evaluatie
Uitvoering bestaat uit het kenbaar maken van onze zienswijze aan de ODRN en het
informeren van de raad. In onze begrotingscyclus rapporten wij periodiek over de
ontwikkelingen bij verbonden partijen. Daarbij monitoren wij ook financiële ontwikkelingen.
9
Risico

In de stadsbegroting 2014-1017 hebben wij bezuinigingstaakstellingen doorgevoerd, die in de
ontwerpbegroting 2015-1018 van de ODRN wel beschrijvend zijn genoemd maar nog niet in
de cijfers zijn verwerkt. De mindering op de loonsombijdrage van de 8 vertrokken
medewerkers geeft ruimte om invulling te geven aan een deel van de taakstellingen. Maar
verdere bezuinigingen op de inputbijdrage aan de ODRN worden bemoeilijkt door het feit dat
Collegevoorstel
Vervolgvel
3



de ODRN zich ook vast zal houden aan de afspraken die in regionaal verband zijn gemaakt
over inputfinanciering. De ODRN geeft echter wel ruimte om hierover mee te denken. Wij zijn
met de ODRN in gesprek over de invulling van deze taakstelling door optimalisatie in het
primaire proces en bijstelling van het beleid (hiertoe is het project “Slimmer inrichten en
kosten besparen VTH” van start gegaan). Omdat beide processen aan het begin van hun
ontwikkeling staan is nog onduidelijk in welke mate deze taakstellingen worden gerealiseerd
en wat de beleidsconsequenties hiervan zijn. Een voorstel hiervoor zal ter beoordeling aan
uw college worden voorgelegd. De taakstelling loopt op van € 450.000,- in 2014 tot €
1.650.000 vanaf 2017. Voor 2014 verwachten wij een tekort van € 0,2 mln. op de
bezuinigingstaakstelling 2014. Nadere informatie hierover en over eventuele bijsturing nemen
we op in de Najaarsnota 2014. Van de taakstelling voor 2015 van € 800.000 hebben we al
invulling voor een bedrag van € 300.000. Voor de overige € 500.000 zoeken we nog dekking.
Over de meerjarige invulling van de bezuinigingstaakstelling wordt het college in september
2014 geïnformeerd, zodat hierover bij de begrotingsbehandeling 2015 duidelijkheid bestaat.
De werkwijze voor BRZO is geïntensiveerd vanuit een landelijke structuur. Bij de oprichting
van de ODRN was deze werkwijze in Oost Nederland nog niet voorzien. De ODRN gaat
monitoren of deze inspanning bij gelijkblijvende financiën kunnen worden verricht. Dit kan
voor een (relatief klein deel vanwege het geringe aantal BRZO-bedrijven) terugslaan op
Nijmegen.
Voor de uitvoering van het vertrekarrangement gaan wij er vanuit dat vrijstelling wordt
ontvangen van de fiscale RVU (Regeling Vervroegd Uittreden). We hebben echter nog geen
definitieve vaststelling ontvangen.
Het ministerie was voornemens per 1 januari 2015 de bouwtechnische toetsing van
bouwaanvragen en de inspectie op de uitvoering deels over te laten aan de markt. Inmiddels
is duidelijk dat dit plan uitgesteld is. Er volgt nog een kamerbesluit hierover. Maar als deze
plannen doorzetten zal dit in de toekomst gevolgen hebben voor het werkpakket van de
ODRN. De ODRN reageert hierop met de inrichting van een flexibele schil, maar het is de
vraag of deze maatregel toereikend is om de inkomstenderving vanwege minder werk op te
vangen.
Bijlagen: Nadere toelichting, brief aan de ODRN, brief aan de raad, Advies Adviesfunctie
Gemeenschappelijke Regelingen Begroting 2015 en Advies Adviesfunctie Gemeenschappelijke
Regelingen Jaarrekening 2013.
Milieu
Bodem & Water
Korte Nieuwstraat 6
6511 PP Nijmegen
Telefoon 14024
Telefax
(024) 329 95 81
E-mail
[email protected]
Aan de gemeenteraad van Nijmegen
Postbus 9105
6500 HG Nijmegen
Datum
Onderwerp
Zienswijze op jaarrekening 2013 en begroting
2015-2018 van de ODRN
Ons kenmerk
Contactpersoon
ML20/14.0004878
Loes van Wersch
Datum uw brief
Doorkiesnummer
(024) 3292874
Geachte leden van de Raad,
In deze brief informeren wij u over onze reactie op de jaarrekening 2013 en de begroting 2015
van de Omgevingsdienst Regio Nijmegen (ODRN). Daarnaast geven wij inzicht in een aantal
actuele onderwerpen die in verband hiermee spelen.
Algemene info
Sinds april 2013 voert de Omgevingsdienst Regio Nijmegen (ODRN), binnen een hiertoe
opgestelde Gemeenschappelijke Regeling, taken voor ons uit op het gebied van
vergunningverlening en handhaving milieu en bouwen. Binnen de vastgestelde GR is
afgesproken om de eerste 3 jaar te werken met een inputfinanciering (ruim 5 miljoen vanuit
Nijmegen). Daarna zal er worden gewerkt met productfinanciering. De ODRN functioneert binnen
een stelsel van 7 Gelderse omgevingsdiensten en het landelijke stelsel.
Naast opdrachtgever van de ODRN voor de Wabo-taken is Nijmegen opdrachtnemer van de
ODRN voor het gastheerschap. Huisvesting en PIOFACH-taken worden dus door de gemeente
Nijmegen geleverd.
Jaarrekening en begroting
Als deelnemer van de ODRN worden wij in de gelegenheid gesteld onze zienswijze te geven op
zijn concept-jaarrekening 2013 en ontwerpbegroting 2015-2018. Volgens uw Delegatiebesluit
2009 inzake gemeenschappelijke regelingen dient ons college de zienswijze in. In onze
zienswijze geven wij onder meer aan dat de bezuinigingstaakstellingen vanuit gemeente
Nijmegen deels nadere aandacht behoeven. Hieronder volgt een toelichting op een aantal
onderwerpen.
Bezuinigingstaakstelling
Voor Wabo-vergunningverlening, toezicht en –handhaving (VTH) is in onze begroting een
bezuinigingstaakstelling van structureel € 1,65 miljoen opgenomen (2,5 ton minder handhaving
vanuit PPN 2014 en € 1,4 miljoen vanwege verwachtte terugloop leges). Daarnaast heeft de
ODRN bij oprichting een efficiëntietaakstelling van 10% gekregen (in 4 jaar).
www.nijmegen.nl
brief aan raad zienswijze op ODRN rekening 2013 en
begroting 2015
Gemeente Nijmegen
Milieu
Bodem & Water
Vervolgvel
1
Dit is een forse opgave waarbij we nu samen met de ODRN naar besparingsmaatregelen zoeken.
Deels denken we te kunnen besparen door het efficiënter inrichten van primaire werkprocessen.
Maar we zullen ook ons huidige beleid hierbij moeten betrekken. Bijvoorbeeld door andere
prioritering, meer in te zetten op een vergunningsvrij regiem en het doen van minder controles. Of
door heroverweging van de hoogte van de legestarieven vanwege kostendekkendheid.
We gaan het handhavings- en inspectiebeleid bouwen actualiseren waarbij we rekening houden
met de besparingstaakstelling op deze taken. Nieuw beleidskader moet duidelijkheid geven op
vragen als: omgaan met klachten, opgetreden bij overtredingen die constructieve,
brandveiligheids- en gezondheidsrisico’s tot gevolg hebben, opgetreden bij excessen op het
gebied van beeldkwaliteit, planologie, cultuurhistorie, erfgoed en andere beleidsvelden, wat
controleren op basis van Bouwbesluit brandveiligheid, constructie, energie, ventilatie. Nieuw
beleid moet duidelijkheid geven op welke onderdelen we wel/geen inspecties meer willen. Bij
milieu vragen we om een sterkere concentratie op bedrijven met een hoog risico en we willen
waar mogelijk pro-actiever nieuwe wetgeving implementeren.
Op basis van onze huidige kennis en inzichten verwachten we dit jaar een tekort van € 0,2 mln.
op de taakstelling die in onze Stadsbegroting 2014 is opgenomen.
Voor 2015 is er een bezuinigingstaakstelling van € 800.000,-. Daarvan is er nu zekerheid voor
invulling tot € 300.000,-. De overige € 500.000,- moet nog gezocht worden in optimalisatie van het
werkproces en aanpassing van het beleid. Over de voortgang van de bezuinigingstaakstelling die
in onze Stadsbegroting is opgenomen, informeren wij u in de Najaarsnota 2014.
Vertrekarrangement
Door toepassing van het vertrekarrangement (december 2013) zijn 8 medewerkers vervroegd bij
de ODRN uit dienst getreden. De inputbijdrage van de gemeente Nijmegen is ten opzichte van
2014 gedaald omdat de formatie die wordt betaald door de gemeente Nijmegen met 7,33 fte is
gedaald. De financiële consequenties van dit arrangement zijn in de begroting 2015-2018 van de
ODRN verwerkt. Door het vertrekarrangement kan Nijmegen het werkpakket binnen de gemaakte
afspraken van vooraf vastgelegde inputfinanciering verminderen en hiermee een deel van de
bezuinigingstaakstelling invullen. Echter omdat wij verantwoordelijk zijn voor het financieren van
de afkoopsom die samenhangt met het vertrekarrangement zullen de vrijgevallen loonkosten ook
hiervoor ingezet moeten worden.
Risico’s
De belangrijkste risico’s die we in onze relatie met de ODRN lopen, vatten we als volgt samen:
 In de stadsbegroting 2014-1017 hebben wij bezuinigingstaakstellingen doorgevoerd, die in de
ontwerpbegroting 2015-1018 van de ODRN wel beschrijvend zijn genoemd maar nog niet in
de cijfers zijn verwerkt. De mindering op de loonsombijdrage van de 8 vertrokken
medewerkers geeft ruimte om invulling te geven aan een deel van de taakstellingen. Maar
verdere bezuinigingen op de inputbijdrage aan de ODRN worden bemoeilijkt door het feit dat
de ODRN zich ook vast zal houden aan de afspraken die in regionaal verband zijn gemaakt
over inputfinanciering. De ODRN geeft echter wel ruimte om hierover mee te denken. Wij zijn
met de ODRN in gesprek over de invulling van deze taakstelling door optimalisatie in het
primaire proces en bijstelling van het beleid (hiertoe is het project “Slimmer inrichten en
kosten besparen VTH” van start gegaan). Omdat beide processen aan het begin van hun
www.nijmegen.nl
brief aan raad zienswijze op ODRN rekening 2013 en
begroting 2015
Gemeente Nijmegen
Milieu
Bodem & Water
Vervolgvel
2



ontwikkeling staan is nog onduidelijk in welke mate deze taakstellingen worden gerealiseerd
en wat de beleidsconsequenties hiervan zijn. De taakstelling loopt op van € 450.000,- in 2014
tot € 1.650.000 vanaf 2017. Voor 2014 verwachten wij een tekort van € 0,2 mln. op de
bezuinigingstaakstelling 2014. Nadere informatie hierover en over eventuele bijsturing nemen
we op in de Najaarsnota 2014. Van de taakstelling voor 2015 van € 800.000 hebben we al
invulling voor een bedrag van € 300.000. Voor de overige € 500.000 zoeken we nog dekking.
De werkwijze voor BRZO is geïntensiveerd vanuit een landelijke structuur. Bij de oprichting
van de ODRN was deze werkwijze in Oost Nederland nog niet voorzien. De ODRN gaat
monitoren of deze inspanning bij gelijkblijvende financiën kunnen worden verricht. Dit kan
voor een (relatief klein deel vanwege het geringe aantal BRZO-bedrijven) terugslaan op
Nijmegen.
Voor de uitvoering van het vertrekarrangement gaan wij er vanuit dat vrijstelling wordt
ontvangen van de fiscale RVU (Regeling Vervroegd Uittreden). We hebben echter nog geen
definitieve vaststelling ontvangen.
Het ministerie was voornemens per 1 januari 2015 de bouwtechnische toetsing van
bouwaanvragen en de inspectie op de uitvoering deels over te laten aan de markt. Inmiddels
is duidelijk dat dit plan uitgesteld is. Er volgt nog een kamerbesluit hierover. Maar als deze
plannen doorzetten zal dit gevolgen hebben voor het werkpakket van de ODRN. De ODRN
reageert hierop met de inrichting van een flexibele schil, maar het is de vraag of deze
maatregel toereikend is om de inkomstenderving vanwege minder werk op te vangen.
Ter informatie sturen wij u hierbij een afschrift van onze brief aan de ODRN, waarin wij onze
zienswijze over de concept-jaarrekening 2013 en ontwerpbegroting 2015-2018 van de ODRN
hebben verwoord.
College van Burgemeester en Wethouders van Nijmegen,
De Burgemeester,
De Gemeentesecretaris,
drs. H.M.F. Bruls
drs. B. van der Ploeg
www.nijmegen.nl
brief aan raad zienswijze op ODRN rekening 2013 en
begroting 2015
Milieu
Bodem & Water
Korte Nieuwstraat 6
6511 PP Nijmegen
Telefoon 14024
Telefax
(024) 329 95 81
E-mail
[email protected]
Het Dagelijks Bestuur van de ODRN
De heer G. Bouman
Postbus 1603
6501 BP NIJMEGEN
Datum
Postbus 9105
6500 HG Nijmegen
Ons kenmerk
Contactpersoon
ML20/14.0004875
Loes van Wersch
Onderwerp
Datum uw brieven
Doorkiesnummer
Zienswijze op jaarrekening 2013 en begroting
2015-2018 van de ODRN
2 april 2014
(024) 3292974
Geachte heer Bouman,
In deze brief geven wij onze zienswijze op de conceptjaarrekening 2013 en de ontwerpbegroting
2015-2018 van de ODRN, die u ons toestuurde
Wij stemmen in met de conceptjaarrekening 2013 en de ontwerpbegroting 2015-2018, mits het
onderstaande wordt gerealiseerd:
1. Onze gemeente heeft in 2013 besloten het toezicht en de handhaving op het gebied van
zowel milieu als bouwen te beperken. Dit betekent dat de opdracht voor de ODRN vanaf
2014 voor wat betreft deze taken voor een totaal bedrag van € 250.000,- vanwege andere
prioritering af zal nemen. Deze besparing is ook in onze zienswijze op de begroting 2014
door ons bij u aangegeven. Wij zijn met u in gesprek over wat deze prioritering precies in zal
houden en op welke wijze het werkplan voor 2014 en 2015 daarop aangepast kan worden.
2. Vanwege een verwachte krimpende markt worden we als overheid geconfronteerd met
verminderde legesinkomsten. Hierdoor zullen volgens de huidige inschatting de kosten voor
vergunningverlening moeten worden beperkt met een bedrag van € 200.000,- in 2014
oplopend naar € 600.000,- in 2015, € 1.000.000 in 2016 naar totaal € 1.400.000,- in 2017.
Hiertoe zullen deels besparingen moeten worden gerealiseerd op werkzaamheden die legegerelateerd zijn. Daarnaast moet de legessystematiek zelf worden getoetst op de nieuwe
realiteit. De leges-gerelateerde werkzaamheden worden uitgevoerd door de ODRN en door
de gemeente Nijmegen. Gezamenlijk wordt onderzocht hoe deze besparingen kunnen
worden gerealiseerd. Wij zijn van mening dat ook de ODRN hier in haar begroting een
gedegen invulling aan moet geven. Inzicht bieden in de geraamde omvang van het aantal
aanvragen en de gehanteerde kostprijs per product is hiervoor noodzakelijk. Wij willen samen
met u het instrument voor een aanbodprognose ontwikkelen. Het toepassen van dit
instrument en het aan de hand hiervan en van de kostprijs per product vertalen in een
begroting is een taak van ODRN.
www.nijmegen.nl
brief aan ODRN zienswijze rekening 2013 en begroting
2015
Gemeente Nijmegen
Milieu
Bodem & Water
Vervolgvel
1
3. In uw begroting geeft u aan dat er 8 medewerkers afkomstig van de gemeente Nijmegen
vervroegd zijn vertrokken door gebruikmaking van een door ons aangeboden
vertrekarrangement. Met u is de afspraak gemaakt dat wij de afkoopsommen en eventuele
bijkomende kosten betalen. Wij verwachten van u in het verlengde van de opgave genoemd
onder 1. en 2. een voorstel voor aanpassing van het werkpakket 2014 en 2015 in lijn met
deze verminderde inbreng van personeel. Hierbij dient u in overleg met ons rekening te
houden met een risico inschatting en met de kwaliteit van de uit te voeren taken.
4. In het jaarverslag 2013 staat op pagina 32 dat er nog nader onderzoek gedaan moet worden
naar structurele effecten uit boekjaar 2013 en dat dit geen effect voor de deelnemers zal
hebben. Wij vragen u in de vergadering van het AB van 26 juni zorg te dragen voor een
nadere toelichting op dit punt.
5. Verder vinden wij het van belang dat wij de resultaten van de ODRN goed kunnen monitoren
door kwartaalrapportages met eindejaars-prognose op de uitvoering van de begroting, zodat
tijdig bijgestuurd kan worden ingeval van dreigende tekorten. Hierin zal de ODRN de
omzetting van inputbegroting naar outputbegroting betrekken. Wij vragen u om deze
rapportages binnen een maand na afloop van het kwartaal aan ons te overleggen.
Hoogachtend,
College van Burgemeester en Wethouders van Nijmegen,
De Burgemeester,
De Gemeentesecretaris,
drs. H.M.F. Bruls
drs. B. van der Ploeg
www.nijmegen.nl
brief aan ODRN zienswijze rekening 2013 en begroting
2015
Advies
Begroting 2015
Gemeenschappelijke Regeling
Omgevingsdienst
Regio Nijmegen
Gemeente Nijmegen
Adviesfunctie Gemeenschappelijke Regelingen
Peggy van Gemert RA/AA
April 2014
1
Inhoud
1. Inleiding .............................................................................................................................. 3
2. Advies .................................................................................................................................. 4
3. Algemeen ............................................................................................................................. 5
4. Bevindingen ......................................................................................................................... 6
4.1 Algemeen en toepassing BRN ......................................................................................... 6
4.2 Begroting 2015 en meerjarenbegroting 2016-2018 ........................................................ 6
4.3. Weerstandsvermogen ..................................................................................................... 8
2
1.
Inleiding
De gemeenten in de Regio Nijmegen hebben besloten dat de begroting- en
verantwoordingsproducten van de omgevingsdienst Regio Nijmegen worden beoordeeld door de
Adviesfunctie Gemeenschappelijke Regelingen (GR). De adviesfunctie adviseert primair de
deelnemende gemeenten en in het verlengde hiervan het Algemeen Bestuur (AB). De begrotingen en
jaarrekeningen van de GR worden getoetst aan de Begrotingsrichtlijnen Regio Nijmegen (BRN).
Daarnaast worden de financiële meerjarenposities en de risico´s van de GR beoordeeld.
Beleidsmatige voornemens c.q. verantwoordingen worden getoetst, voor zover deze financiële
consequenties hebben.
Deze notitie bevat een beoordeling van de bij de deelnemende gemeenten en Provincie voorgelegde
Begroting 2015 van de GR ODRN.
De ODRN is opgericht op 7 november 2012 en is met ingang van 1 april 2013 operationeel geworden.
De begroting is opgesteld door het Dagelijks Bestuur van de ODRN en voorgelegd aan de
gemeentebesturen voor het geven van een zienswijze.
Het AB stelt in haar vergadering van 26 juni 2014 de begroting 2015 vast. Gemeenten en provincie
worden verzocht voor 24 juni een zienswijze bij de begroting 2015 te geven.
Dit advies is besproken met de heer Peters, controller van de ODRN op 9 en 14 april 2014 en
afgestemd met de directeur de heer Bouman.
3
2.
Advies
Gezien de voorliggende begroting, adviseren wij de deelnemende gemeenten en in het verlengde
hiervan het AB van de ODRN om
1. In te stemmen met de begroting 2015
2. Kennis te nemen van de meerjarenraming 2016-2018
4
3. Algemeen
Deze begroting is overeenkomstig afspraken nog opgesteld als inputbegroting (welke middelen zijn
beschikbaar?) In 2015 zal geëxperimenteerd worden met de productencatalogus teneinde in 2016 de
inputbegroting om te kunnen bouwen naar een outputbegroting (kostprijs per prestatie/product)
De voorliggende begroting 2015-2019 is gebaseerd op de begroting 2014 en nadere besluitvorming
over de begroting 2014.
Voor het opstellen van de begroting waren wel ervaringscijfers beschikbaar, maar dat gaat slechts
over een gedeelte van een jaar aangezien de ODRN per 1 april 2013 is gestart. Ervaringscijfers 2014
waren evenmin voorhanden. Aangezien de ODRN zich keurig aan de wettelijke termijnen van
begrotingssamenstelling wenst te houden, moet tegelijkertijd geconstateerd worden dat als gevolg
van vroeg in het jaar moeten begroten, onderbouwing van de begrotingscijfers vrij zacht is.
De begroting 2015 is getoetst aan de Begrotingsrichtlijnen Regio Nijmegen (BRN).
In het eerste hoofdstuk van de begroting wordt kernachtig uitgelegd welke ontwikkelingen effect
hebben op de begroting 2015. Voor een toelichting wordt dan ook verwezen naar pagina 3 tot en
met 7.
Een aantal bijzonderheden worden hieronder kort vermeld:
-De herindeling van de gemeenten Millingen aan de Rijn, Ubbergen en Groesbeek (de MUG
gemeenten) is een feit per 1 januari 2015. De wens is geuit om de bouwtaken binnen de ODRN
onder te brengen. Met de financiële consequenties is in de begroting nog geen rekening gehouden.
-De integratie uitkering VTH taken welke overgeheveld zijn van provinciefonds naar gemeentefonds
per 2014 is wel in de begroting opgenomen. Dit betekent eenzelfde verlaging van de provinciale
bijdrage ten opzichte van een verhoging van de bijdragen door gemeenten, welke hiervoor een
bedrag in het gemeentefonds hebben gekregen. De opgenomen bedragen zijn overeenkomstig de
decembercirculaire 2013 van het Gemeentefonds.
-De gemeente Nijmegen ziet zich geconfronteerd met een aantal ontwikkelingen in de fysieke
leefomgeving waardoor er besparingen gerealiseerd moeten worden. De ODRN en Nijmegen zijn in
overleg om te bezien wat de ODRN hierin kan betekenen, zonder de basisafspraken die binnen de
GR zijn gemaakt, geweld aan te doen. De gewenste besparing is wel vermeld in de begroting van de
ODRN (pagina 5) maar is niet verwerkt in de begroting.
-De ODRN heeft in de begroting kengetallen opgenomen waarin prestatie indicatoren zijn
opgenomen waaraan de ODRN zich conformeert. De kengetallen zijn in de DVO’s met gemeenten
opgenomen.
5
4. Bevindingen
4.1 Algemeen en toepassing BRN
In de BRN 2015 is de planning opgenomen voor behandeling van de begroting ODRN. Ten aanzien
van de indexering is in de BRN een algemene index van 1,0% opgenomen. In dit percentage is een
nacalculatie voorgaande jaren opgenomen. Aangezien de ODRN in 2014 een percentage op
realiteitswaarde heeft toegepast, wordt het niet correct geacht om voor de ODRN eveneens een
indexering van 1% toe te passen. Uiteindelijk is in de BRN 2015 de volgende zinsnede opgenomen:
“De ODRN kan een percentage van 1,46% toepassen met dien verstande dat 0,46% gelezen wordt als
nacalculatie 2014 en voor 2015 de ODRN meedoet met toepassing van het percentage van 1%. Op
die wijze is de ODRN weer aangehaakt bij de algemene regelgeving”.
Deelnemende gemeenten hebben hiermee ingestemd, behoudens de gemeenten Beuningen en
Heumen.
Beoordeling van de begroting is gebaseerd op toepassing van indexering van 1,46%.
4.2 Begroting 2015 en meerjarenbegroting 2016-2018
Onderstaand is een vergelijking gemaakt tussen de meerjarencijfers uit de begroting 2014 en de
cijfers uit de meerjarenbegroting 2015 voor wat betreft de lasten. Daaronder is de dekking door
bijdragen bovenregionaal, gemeenten en provincie aangegeven met het verloop van bijdrage 2015
uit de begroting 2014 naar bijdragen 2015 uit de voorliggende begroting.
In de begroting is vanaf pagina 26 ook een toelichting per post opgenomen, Onderstaand is e.e.a.
beknopt weergegeven.
Teneinde de vergelijkbaarheid tussen de jaarschijf 2015 uit de begroting 2014 en de begroting 2015
te vereenvoudigen, is de raming ten aanzien van de vergoeding gastheerschap op eenzelfde wijze
opgenomen.
De gastheercompensatie was in de begroting 2014 nog opgenomen aan de lastenkant als kosten
piofah budget en korting in verband met gastheercompensatie. Met het bedrag van de
gastheercompensatie werden de bijdragen ook verlaagd. Aangezien deze constructie nogal wat
onduidelijkheden met zich meebracht, is ingaande 2015 (en tevens laatste jaar) de uitkering aan
gemeenten als last opgenomen.
6
LASTEN
Uit begroting 2014
2015
2016
2017
2018
Salariskosten (Incl inhuur)
8.075.000
8.075.000
8.075.000
8.075.000
Piofah gastheer
1.215.000
1.215.000
1.215.000
1.215.000
Piofah budget
314.000
314.000
314.000
314.000
Diverse kosten
1.587.000
1.587.000
1.587.000
1.587.000
11.191.000
11.191.000
11.191.000
11.191.000
-463.520
-689.353
-906.651
-906.651
Toegestane lasten
10.727.480
10.501.647
10.284.349
10.284.349
Uit begroting 2015
2015
2016
2017
2018
Salariskosten (Incl inhuur)
7.399.000
7.399.000
7.285.000
7.285.000
Piofah gastheer
1.172.000
1.142.000
1.112.000
1.112.000
0
0
0
0
270.000
0
0
0
Totaal lasten
efficiencykorting 2,5% -10%
Piofah budget
Gastheercompensatie (toelichting A.)
Diverse kosten
Toegestane lasten
Verschil (lagere lasten)
1.598.000
1.672.000
1.598.000
1.598.000
10.439.000
10.213.000
9.995.000
9.995.000
288.480
288.647
289.349
289.349
Toelichting:
A. De gastheercompensatie, zijnde de uitkering aan gemeenten is ingaande 2015 (en tevens
laatste jaar) als last opgenomen.
B. De efficiencykorting is verwerkt in de cijfers. Hierdoor zijn diverse posten lager geworden
C. De salariskosten zijn voor € 445.000 lager in verband met de vertrokken
functionarissen per december 2013 in het kader van het
vertrekarrangement gemeente Nijmegen.
445.000
D. Een prijsindex van 1,46% heeft geleid tot hogere lasten van € 156.520.
156.520
Lager 288.480
Conclusie:
Raming 2015
De lagere lasten van € 288.480 zijn geheel veroorzaakt door prijscompensatie (D) en lagere
salarislasten (C). Voor 2015 speelt de incidentele gastheercompensatie (A) hier nog budgettair
neutraal mee. De hogere raming voor Piofah taken is dan ook, conform bestuursbesluit van 24 juni
2013 Ingezet ter compensatie van de efficiencykorting.
Meerjarenraming
De ODRN heeft een bezuinigingstaakstelling opgelegd gekregen van 2,5% tot 10% in 2017.
In 2015 is hiervan al 5% ingevuld. In 2016 valt het bedrag aan gastheercompensatie vrij en wordt
ingezet voor de bezuiniging. Dit betekent dat extrapoleren van de bezuiniging 2015 verhoogd met
het budget gastheercompensatie er in 2016 al een besparing is gerealiseerd van € 733.000;
daarboven is € 30.000 aan besparing ingeboekt op overige kosten. Betekent dat er € 763.000 aan
taakstelling is gerealiseerd. (zie ook pagina 22 van de begroting) Aangezien dit meer is dan de
noodzakelijke bezuiniging van € 690.000 is het verschil van € 73.000 op een lastenstelpost geraamd
en is hiermee onderdeel van de raming van € 1.672.000 in 2016. In 2017 e.v. jaren vervalt deze
stelpost weer.
7
BATEN
VTH
Bijdrage 2015 uit
begroting 2014
392.500
113.351
5.749
Bijdrage
2015 uit
begroting
2015
511.600
Druten
253.000
133.304
3.696
390.000
Groesbeek
182.500
22.076
2.724
207.300
Heumen
127.600
78.964
1.936
208.500
in euro's
Beuningen
Index
1,46%
overig
44.700
85.756
744
5.311.900
358.308
77.392
40.000
22.078
622
62.700
297.700
127.361
4.339
429.400
Provincie
2.247.600
-941.198
32.798
Sub-totaal
8.897.500
0
130.000
t.b.v. Bovenregionaal
1.829.980
26.520
10.727.480
156.520
Millingen aan de Rijn
Nijmegen (toelichting C)
Ubbergen
Wijchen
131.200
-445.000
5.302.600
1.339.200
-445.000
8.582.500
1.856.500
-445.000
10.439.000
Toelichting:
A. De lasten en baten zijn verhoogd met 1,46% prijscompensatie, zijnde een totaal bedrag van
€ 156.520
B. Op de Nijmeegse bijdrage zijn de vervallen salariskosten van oud medewerkers Nijmegen,
waarvoor Nijmegen het vertrekarrangement heeft betaald, zodat deze functionarissen per 1
december 2013 uit dienst zijn gegaan. € 445.000
C. De in het gemeentefonds ontvangen bedragen voor de VTH taken zijn toegevoegd aan de
bijdragen gemeenten 2015 en voor eenzelfde bedrag in mindering op de bijdrage provincie.
Immers eerst ontving de provincie deze bijdrage in het provinciefonds, maar dit is
overgedragen aan gemeenten via de uitkering gemeentefonds.
Op pagina 25 van de begroting worden de gemeentelijke en provinciale bijdragen meerjarig
weergegeven. Overigens zijn de in de begroting opgenomen bedragen op deze pagina niet geheel
correct. Hiervoor volgt een erratum door de ODRN.
4.3. Weerstandsvermogen
In de begroting is op pagina 38 aangegeven welke risico’s de ODRN loopt. Tegenover risico’s staat
over het algemeen een weerstandsvermogen in de vorm van vrij reserves.
Een eigen vermogen kan alleen opgebouwd worden door positieve saldi in de realisatie. Mocht de
ODRN te kampen krijgen met negatieve saldi, zijn de gemeenten op grond van de GR risicodrager
voor de ontstane tekorten. In 2013 is voorgesteld om van het positieve rekeningresultaat € 300.000
toe te voegen aan de Algemene reserve. Verder is in het PFO besloten om in de loop van 2014 een
kader af te geven voor de weerstandscapaciteit van de diverse GR én.
8
Advies
Jaarrekening 2013
Gemeenschappelijke Regeling
Omgevingsdienst Regio Nijmegen
Gemeente Nijmegen
Adviesfunctie Gemeenschappelijke Regelingen
Peggy van Gemert RA/AA
April 2014
Inhoudsopgave
1.
2.
3.
Inleiding ........................................................................................................................... 3
Advies .............................................................................................................................. 4
Bevindingen ..................................................................................................................... 5
3.1. Algemeen......................................................................................................................... 5
3.2. Controleverklaring door de accountant .......................................................................... 5
3.3. Beleid ............................................................................................................................... 5
3.4 Financieel ......................................................................................................................... 5
3.5 Winstbestemmingsvoorstel ............................................................................................ 8
3.6 Weerstandsvermogen ..................................................................................................... 8
2
1.
Inleiding
De gemeenten in de Regio Nijmegen hebben besloten dat vanaf 1 juli 2005 de begroting- en
verantwoordingsproducten van een aantal gemeenschappelijke regelingen worden beoordeeld door
de Adviesfunctie Gemeenschappelijke Regelingen (GR). Op verzoek van de regiogemeenten is de
Adviesfunctie gepositioneerd bij de Gemeente Nijmegen. De adviesfunctie adviseert primair de
deelnemende gemeenten en in het verlengde hiervan het Algemeen Bestuur (AB). De begrotingen en
jaarrekeningen van de GR worden getoetst aan de Begrotingsrichtlijnen Regio Nijmegen (BRN).
Daarnaast worden de financiële meerjarenposities en de risico´s van de GR beoordeeld.
Beleidsmatige voornemens c.q. verantwoordingen worden getoetst, voor zover deze financiële
consequenties hebben.
Deze notitie bevat een beoordeling van de bij de deelnemende gemeenten voorgelegde Jaarrekening
2013 van de Omgevingsdienst Regio Nijmegen verder te noemen ODRN.
De ODRN is per 1 april 2013 gestart met haar werkzaamheden en in het jaarverslag wordt dan ook
verantwoording afgelegd over 9 maanden.
Op 8 april 2014 hebben wij onze bevindingen besproken met de heer Peters controller van de
ODRN en dit advies is afgestemd met de heer Bouman, directeur van de ODRN
3
2. Advies
Indien u naast de financiële verantwoordingen kunt instemmen met de inhoudelijke taak- en
prestatieverantwoordingen, adviseren wij de deelnemende gemeenten en in het verlengde hiervan
het AB van de ODRN om:
A. In te stemmen met de jaarrekening 2013 van de Gemeenschappelijke regeling
Omgevingsdienst Regio Nijmegen
B. In te stemmen met de voorgestelde resultaatbestemming, zijnde
o € 300.000 toe te voegen aan de algemene reserve
o € 309.185 uit te keren aan deelnemers
C. In te stemmen met de budgetoverheveling naar
o 2014 voor het Loopbaanbudget € 40.000
o 2014 en 2015 voor de nog te besteden opstartkosten € 574.000
We wijzen de deelnemende gemeenten er op dat u wordt verzocht uw zienswijzen over de
jaarrekening 2013 van de ODRN voor 24 juni 2014 aan het AB van de ODRN mee te delen. Door
vaststelling van de Begrotingsrichtlijnen Regio Nijmegen 2015 heeft u met deze planning unaniem
ingestemd.
4
3. Bevindingen
3.1. Algemeen
Het advies van de Adviesfunctie GR bij de jaarrekening 2013 van de ODRN wordt u ten behoeve van
de zienswijze bij de jaarrekening van de ODRN toegezonden. In de Algemeen Bestuursvergadering
van 26 juni 2014 zal de jaarrekening 2013 van de ODRN worden behandeld en vastgesteld.
De ODRN is per 1 april 2013 gestart en legt dan ook verantwoording af over een periode van 9
maanden. De vergelijking in het verslag wordt gemaakt met de begroting 2013 gebaseerd op 9
maanden. De begroting is opgesteld als inputbegroting. Er zijn budgetten opgehaald en
daartegenover is een kostenraming opgenomen. De realisatie 2013 geeft een eerste indicatie over
het realiteitsgehalte van de schattingen. Naast het uitvoeren van het takenpakket is de ODRN in 2013
bezig geweest met het “bouwen van de zaak”. In het komend jaar wordt gewerkt aan een
productencatalogus, zodat de ombouw van inputfinanciering naar productfinanciering (verwacht in
2016) gerealiseerd kan worden.
3.2. Controleverklaring door de accountant
De concept jaarstukken van de ODRN zijn door de accountant gecontroleerd en de accountant heeft
een goedkeurende controleverklaring afgegeven voor getrouwheid en rechtmatigheid. Indien zich
omstandigheden voordoen voor de vergadering van het Algemeen bestuur die aanpassing van de
jaarrekening noodzakelijk maken, dan moeten deze nog voor de vergadering aangebracht worden en
dan ontstaat voor de accountant een nieuwe situatie.
3.3. Beleid
In hoofdstuk 2 , 3 en 4 van het Jaarverslag wordt door de ODRN verslag gedaan over haar
gerealiseerde beleid , het uitgevoerde programma en de vormgeving van de organisatie.
3.4 Financieel
Begroting 2013 van primitief naar actueel
Bij de oprichting van de ODRN was een begroting voor een heel jaar 2013 opgesteld. Aangezien de
ODRN op 1 april is gestart, is de begroting omgerekend naar 9 maanden. Verder zijn de posten
onvoorzien (€ 150.000 x 9/12) en vermogensversterking (103.000 x 9/12) uit de raming gehaald. Die
cijfers zijn opgenomen als vergelijkende cijfers t.o.v. de realisatie.
5
Saldo jaarrekening 2013 ODRN
Het resultaat van de jaarrekening 2013 van de ODRN is als volgt samengesteld:
In €
Lasten (exclusief opstartkosten)
Baten
Resultaat
Realisatie
7.368.314
7.977.499
609.185
Begroting
8.010.075
8.010.075
0
Lasten
In de begroting waren voor 9 maanden aan lasten meegenomen tot een totaalbedrag van €
8.010.075, de werkelijke uitgaven zijn uitgekomen op € 7.368.313 en zijn daarmee ruim € 640.000
achtergebleven bij de raming. De twee grootste afwijkingen betreffen de salariskosten en de
kapitaallasten.
Salarissen
Wanneer de raming voor salarissen, management en staf en inhuur bij elkaar opgeteld wordt, dan
zijn de totale kosten € 350.000 achtergebleven bij de raming. Op pagina 33 van de rekening wordt
een toelichting gegeven. Van de formatie is bijna 92 FTE opgevuld en wordt het restant ingevuld door
de flexibele schil. Er wordt bewust gewerkt met een flexibele schil om de pieken en dalen in de
aanvragen op te kunnen blijven vangen. Bijzonderheid bij de aantallen is de uitstroom van 7,33 FTE
per 1 december 2013 op grond van het vertrekarrangement. . De hiermee samenhangende kosten
worden door de gemeente Nijmegen voor haar rekening genomen.
Kapitaallasten
Aangezien de ODRN in 2013 in een opstartjaar zit en zorgvuldig om wil gaan met de noodzakelijke
investeringen, is er van het beschikbaar gestelde krediet nog maar een klein gedeelte uitgegeven.
Bovendien gaan de kapitaallasten pas in het jaar na aanschaf volledig meetellen. De kapitaallasten
zijn dan ook fors achtergebleven met een bedrag van € 264.000.
Baten
Deelnemersbijdragen.
Onderstaand wordt aangegeven welke bedragen volgens de jaarrekening (Zie pagina 33 van de
programmarekening regel 21) als deelnemersbijdragen regulier zijn verantwoord De
gastheercompensatie is hier op de reguliere bijdragen in mindering gebracht. Dit is naar mening
van de adviesfunctie de correcte weergave van de deelnemersbijdragen.
In het op 2 april 2014 gedateerde aanbiedingsbrief inclusief winstbestemmingsvoorstel worden niet
de correcte bedragen als bijdrage vermeld. De ODRN heeft hiervoor een erratum, gedateerd 15 april
2014, opgesteld.
6
Bijdragen
gastheercompensatie volgens
jaarrekening
in euro's
bijdrage
BASIS
Beuningen
Druten
Groesbeek
Heumen
Millingen aan de Rijn
Nijmegen
Ubbergen
Wijchen
Provincie
303.469
195.638
141.061
98.662
34.551
4.155.156
30.882
230.114
1.737.853
-49.261
-31.757
-22.898
-16.016
-5.609
0
-5.013
-37.353
-282.095
254.209
163.881
118.164
82.646
28.942
4.155.156
25.869
192.761
1.455.758
6.927.387
-450.000
6.477.387
Opstartbudget
Als opstartbudget voor de ODRN is € 991.000 verstrekt. In 2013 is hiervan € 417.364 uitgegeven. Er
resteert dus een budget van € 573.636. Het gehele bedrag van € 991.000 is reeds van de deelnemers
ontvangen en het restant is dan ook op de balans als vooruitontvangen verantwoord. In het voorstel
bij de jaarrekening wordt voorgesteld dit bedrag beschikbaar te houden voor opstartkosten en
doorgroei naar een volwassen organisatie in 2014 en 2015.
Individueel loopbaanbudget
Aan werknemers kan een loopbaanbudget van jaarlijks € 500 toegekend worden . Hiervan is
nauwelijks gebruik gemaakt, omdat de ODRN in 2013 nog bezig was met “het bouwen van het huis”
en daarna komt aandacht voor loopbaanbegeleiding en dergelijke zaken. Voorgesteld wordt dan ook
dit bedrag over te hevelen naar 2014. Het is op de balans gepresenteerd als reservering onder de
overlopende passiva. In de aanbiedingsbrief wordt het voorgesteld als winstbestemming.
Op weg naar een productenbegroting
In het jaarverslag is er een overzicht opgenomen waarin aangegeven is wat de bijdrage 2013 is
versus de geschreven bedragen door de ODRN. (Zie overzicht op pagina 17 en pagina 43 e.v. )
Dit op weg naar een begroting op basis van productfinanciering. Voor de vergelijking tussen
geschreven producten en de inbreng van gemeenten is hieronder een tabel opgenomen waarbij ten
aanzien van de inbreng geen rekening is gehouden met gastheercompensatie, aangezien dit een
incidentele vergoeding is.
Hieruit wordt zichtbaar hoe de verhouding ingebrachte middelen ten opzichte van de geschreven
productie is. In het overzicht in de jaarrekening is eveneens opgenomen hoeveel producten hiervoor
geleverd zijn.
7
in euro's
bijdrage
Beuningen
Druten
Groesbeek
Heumen
Millingen aan de Rijn
Nijmegen
Ubbergen
Wijchen
Provincie
303.469
195.638
141.061
98.662
34.551
4.155.156
30.882
230.114
1.737.853
6.927.387
geschreven bedragen op
verschil
basis van productie
252.553
-50.916
255.067
59.429
134.449
-6.612
117.032
18.370
30.383
-4.168
4.443.491
288.335
49.079
18.197
260.978
30.864
1.431.411
-306.442
6.974.443
Op pagina 16 van de jaarrekening wordt uitleg gegeven over het ontstaan van deze verschillen en is
uitgesproken hoe deze bedragen bij elkaar kunnen komen in de loop van de komende jaren op weg
naar de productenbegroting.
3.5 Winstbestemmingsvoorstel
Het resultaat van de jaarrekening 2013 van de ODRN is als volgt samengesteld:
In €
Voordelig resultaat te bestemmen.
Realisatie
609.185
Begroting
0
Door de ODRN wordt voorgesteld om € 300.000 te bestemmen als algemeen weerstandsvermogen
en het meerdere van € 309.185 uit te keren aan gemeenten.
Het bedrag van € 300.000 is vrij willekeurig gekozen. Het risicoprofiel is berekend op € 985.000 en
dus zou het weerstandsvermogen met € 300.000 op ca 30% zitten.
De nota weerstandsvermogen geeft aan dat de gewenste weerstandscapaciteit 0,6 maal risicobedrag
oftewel € 591.000 zou moeten zijn. In het PFO (portefeuillehouders financiën) wordt nagedacht over
kaderstelling inzake gewenst weerstandsvermogen. Kortom, een harde normering is nog niet
voorhanden en is het een politieke keus om in te stemmen met het winstbestemmingsvoorstel. De
adviesfunctie is van mening dat zonder hard kader elk voorstel kan en dit voorstel wordt als
acceptabel beschouwd.
3.6 Weerstandsvermogen
Het weerstandsvermogen geeft aan in welke mate de organisatie in staat is om het hoofd te bieden
aan mogelijke nadelen die kunnen voortvloeien uit risico’s. Teneinde een goede beoordeling te
kunnen maken van de benodigde omvang, is het van belang om een gedegen risico-inventarisatie uit
te voeren.
De ODRN heeft een notitie weerstandsvermogen opgemaakt en daarin de risico’s benoemd. De
risico’s betreffen voornamelijk bedrijfsvoerings en financieringsrisico’s.
De nota is consciëntieus opgesteld en voldoet aan de vereisten van een goede nota. De volgende
stap is bezien hoeveel weerstandsvermogen er wenselijk wordt geacht voor de GR.
Zoals reeds vermeld is de mate waarin er een weerstandsvermogen noodzakelijk wordt geacht als
afdekking van de risico’s nog een issue wat ter discussie staat en waarvoor het PFO in de loop van
2014 een concept kader zal opstellen waarover de gezamenlijke gemeenten vervolgens een
standpunt in moeten nemen.
8
ODRN
Begroting
2015-2018
Datum: 17 maart 2014
Versie: 003 voor behandeling dagelijks bestuur
1
Begroting 2015-2018
Inhoudsopgave
1. AANBIEDING ______________________________________________ 3
1.1
inleiding ___________________________________________________________________ 3
1.2
Speerpunten en ontwikkelingen 2015 ___________________________________________ 3
1.3
Berekening budgettair kader __________________________________________________ 6
2. PROGRAMMA’S ____________________________________________ 8
2.1
Programma Vergunningverlening ______________________________________________ 11
2.2
Programma Handhaving en Toezicht ___________________________________________ 13
2.3
Programma BRZO __________________________________________________________ 15
2.4
Programma Vergunningverlening t.b.v. het stelsel ________________________________ 17
2.5
Programma advisering en bijzondere opdrachten _________________________________ 19
3. FINANCIËLE BEGROTING 2015-2018 ___________________________ 21
3.1
Inleiding __________________________________________________________________ 21
3.2
Uitgangspunten ____________________________________________________________ 21
3.3
Bijdrage: eerst vast daarna outputgericht _______________________________________ 21
3.4
Efficiencytaakstelling ________________________________________________________ 22
3.5
Financiële meerjarenbegroting ________________________________________________ 23
3.6
Toelichting op de begrotingsposten ____________________________________________ 26
4. PARAGRAFEN _____________________________________________ 29
4.1
Inleiding __________________________________________________________________ 29
4.2
Paragraaf weerstandsvermogen _______________________________________________ 29
4.3
Paragraaf Financiering _______________________________________________________ 30
4.4
Paragraaf Bedrijfsvoering ____________________________________________________ 30
4.5
Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen ________________________________________ 32
5. BIJLAGEN ________________________________________________ 33
5.1
Initiële kosten _____________________________________________________________ 33
5.2
Formatie overzicht__________________________________________________________ 33
5.3
Overzicht deelnemersbijdragen _______________________________________________ 34
5.4
Bevoorschotting 2015 _______________________________________________________ 36
5.5
Verklarende woordenlijst ____________________________________________________ 37
5.6
Risico-inventarisatie ________________________________________________________ 37
2
Begroting 2015-2018
n
1. Aanbieding
1.1 inleiding
Hierbij ontvangt u de meerjarenbegroting 2015-2018 van de Omgevingsdienst regio
Nijmegen (ODRN). De ODRN voert naast de verplichte basistaken voor de deelnemende
gemeenten aan de ODRN voor heel landsdeel Oost de VTH taak voor de BRZO-bedrijven
uit. Daarnaast stelt de ODRN voor de zogenaamde complexe bedrijven in Gelderland het
milieudeel van de omgevingsvergunning op. Deze speciale taken maken dat de ODRN
naast een kwalitatief goede oriëntatie op de basistaken binnen de eigen regio, ook een
sterk buiten de regio liggend takenpakket heeft te behartigen. Tevens voert de ODRN voor
de gemeente Nijmegen, de MUG-gemeenten en de provincie Gelderland de overige
Wabo-taken uit. De ODRN geeft bovendien voor haar partners invulling aan de regionale
crisisorganisatie omgevingszorg (milieubeheer en bouwbeheer).
Met de vaststelling van de begroting krijgt de ODRN de budgetten om tot de
taakuitvoering 2015 over te gaan.
1.2 Speerpunten en ontwikkelingen 2015
De omgevingsdienst regio Nijmegen (ODRN) zal zich in 2015 vooral richten op
verdergaand optimaal invullen van het primaire proces voor vergunningverlening, toezicht
en handhaving op het terrein van het omgevingsrecht. Dat primaire proces is onderhevig
aan veranderingen en wijzigingen. Bovendien worden er in 2015 hogere eisen gesteld aan
de kwaliteit van de uitvoering, van dat proces. Het primaire proces heeft vanaf de start
van de ODRN in april 2013 permanent aandacht gehad. Als nieuwe organisatie was de
eerste zorg dat proces in de steigers te zetten. In 2015 zal het primaire proces zijn ingebed
in een kwaliteitssysteem waarin de principes van permanent leren en verbeteren zijn
ingevuld.
Wet VTH
In 2015 is de Wet VTH ingevoerd en zullen wij moeten voldoen aan de kwaliteitscriteria
die in deze wet zijn vastgelegd. Het verbeterplan dat daartoe in 2013 is opgesteld en
waarin is vastgelegd welke maatregelen wij als ODRN moeten nemen vormt daarvoor
onze onderlegger. In dat plan is beschreven op welke wijze wij op alle aspecten die de wet
aan de kwaliteit van ons werk stelt, zoals opleiding en ervaring van medewerkers,
kwaliteitseisen processen de dienst nog moet investeren zodat wij in 2015 aan de Wet
VTH voldoen. Bovenstaande betekent dat wij in 2015 in staat zijn onze producten op een
efficiënte, transparante en kwalitatief goede manier te leveren. De inspanningen die we
hebben gedaan naar ons primaire proces zullen ook resultaten opleveren binnen het
fysieke domein (bouwtaken) waarvoor de gemeente Nijmegen onze grote opdrachtgever
is. Wij zullen met deze opdrachtgever verder invulling geven aan optimaliseren van de
producten die ten behoeve van dat fysieke domein door ons worden geleverd.
3
Begroting 2015-2018
Productencatalogus
2015 zal het eerste jaar zijn waarin we als dienst serieus experimenteren en invulling
geven aan onze productcatalogus. Hebben we de goede producenten en kengetallen
vastgesteld. 2015 wordt voor de productcatalogus het jaar waarin het bewijs ligt "in the
eating of the pudding".
Goed werkgeverschap
We willen als dienst een frisse en uitdagende werkgever zijn. In 2015 hebben wij
realistisch in beeld welke behoefte we als organisatie hebben aan kwaliteit en opleiding
van onze medewerkers. De ambities van onze medewerkers zijn aan de andere kant ook in
beeld. Onze medewerkers werken daar zelf actief aan bv in EVC-trajecten. In een serieus
vormgegeven gesprekscyclus bepalen leidinggevenden en medewerkers hoe groei van
medewerkers in combinatie met groei van de dienst een optimale match vormen. De
principes van het "nieuwe werken” zijn daarvoor een logische randvoorwaarde.
Privatisering van het bouwtoezicht
Zoals de bestuurlijke situatie op dit moment is zal er in 2015 sprake zijn van een duaal
systeem van toetsing en vergunningverlening binnen het domein van de bouwregelgeving.
Dat betekent dat er gedurende drie jaar sprake is van publiekrechtelijke en
privaatrechtelijke werkzaamheden en verantwoordelijkheden binnen dit domein. Wij
hebben binnen onze dienst zodanige maatregelen getroffen (zo min mogelijk vast
personeel op die taak) dat wij flexibel met deze wijziging kunnen omgaan.
Herindeling gemeenten Groesbeek-Millingen aan de Rijn en Ubbergen
Vanaf 2015 is de herindeling van de 3 gemeenten een feit. De heringedeelde gemeente
Groesbeek-Millingen aan de Rijn- Ubbergen wil ook de bouwtaken binnen onze dienst
onderbrengen. Dit betekent een inbreng van 10,35 fte tegen, voor 2015, een vast bedrag
van 1.048.000. Met de (financiële) consequenties van deze herindeling evenals het
onderbrengen van de bouwtaken is in deze begroting nog geen rekening gehouden.
Stelsel van omgevingsdiensten
Het stelsel van omgevingsdiensten zal in 2015 in Nederland meer samenhang en
daadkracht moeten gaan tonen. Dat geldt in Gelderland, het landsdeel Oost en in geheel
Nederland. Wij zullen ons als dienst inspannen en een bijdrage leveren in het succes van
de collectiviteit van diensten. Als dienst zullen wij in het kader van vergunningverlening op
het gebied van Milieu en overig WABO een trekkende rol spelen om de kader- en
normstelling van vergunningverlening in Nederland te uniformeren. Zowel door het Rijk,
IPO en VNG als vanuit de omgevingsdiensten ( Omgevingsdienst.nl) is dit een belangrijk
thema.
In Gelderland maar ook in landsdeel Oost zijn we als ODRN een belangrijke dienst voor de
complexe vergunningverlening en het toezicht en de handhaving van de majeure
risicobedrijven. De werkzaamheden die we in Gelderland én voor landsdeel Oost
verrichten zullen steeds meer afgerekend worden naar prestaties die we ten behoeve van
de verschillende bevoegde gezagen en diensten leveren. We zullen nog meer moeten
leren als dienst onze prestaties zakelijk te verantwoorden. In Gelderland zal het stelsel van
7 omgevingsdiensten verder professionaliseren. Het doel is om het stelsel qua manier van
werken overzichtelijker te maken en van al te ingewikkelde procedures te ontdoen.
4
Begroting 2015-2018
Als dienst zullen we vanuit de verantwoordelijkheid naar de complexe taken veel in
landelijke netwerken werken. Voor de BRZO bedrijven is daar een nieuwe
overlegstructuur voor ingericht waarin we als ODRN actief opereren. Wij zullen de
landelijke principes en kaders vertalen door gebruik te maken van het door ons opgestarte
ambtelijke en bestuurlijk overleg in Oost Nederland. In dat overleg wordt het
inspectieprogramma BRZO besproken. Bij de oprichting van de ODRN was deze werkwijze
in Oost Nederland nog niet voorzien waardoor we als dienst kritisch zullen monitoren of
deze inspanning bij gelijkblijvende financiën kunnen worden verricht.
Efficiencytaakstelling
In de meerjarenbegroting 2014-2017 was de efficiencytaakstelling voor het jaar 2014
ingevuld. Voor de overige jaren was de taakstelling door middel van een stelpost
financieel verwerkt. In deze meerjarenbegroting is de taakstelling in zijn geheel
functioneel verwerkt. Paragraaf 3.4 geeft verdere details over de invulling.
Indexering
De lasten en baten zijn conform het voorstel van de regionale adviesfunctie verhoogd met
1,46%.
Bezuinigingen gemeente Nijmegen
Bij de oprichting van de ODRN is door de deelnemers bepaald dat de ODRN de eerste 3
jaren wordt gefinancierd op basis van input: de deelnemer brengt personeel in en betaalt
3 jaar lang lumpsum de kosten hiervan aan de ODRN en krijgt hiervoor de gelijke omvang
van dienstverlening terug als voorheen. Met ingang van 2016 wordt gewerkt met
outputfinanciering en betalen de deelnemers op basis van werkelijk afname van de
producten met de restrictie dat meer/minder afname binnen de afgesproken
bandbreedte van 2% blijft. De gemeente Nijmegen ziet zich geconfronteerd met een
aantal ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving en wenst ondanks vorengenoemde
afspraak een besparing realiseren.
Omschrijving
Beperken toezicht en handhaving in
gebruiksfase milieu
Beperken toezicht en handhaving in
uitvoeringsfase bouwen
2014
2015
2016
2017
2018
150.000
150.000
150.000
150.000
150.000
100.000
100.000
100.000
100.000
100.000
Compensatie lagere opbrengsten
200.000
600.000
1.000.000
1.400.000
1.400.000
totaal
450.000
850.000
1.250.000
1.650.000
1.650.000
Ten gevolge van de crisis in de bouw zullen naar verwachting van de gemeente Nijmegen
de baten uit de bouwleges afnemen met 1,4 mln. euro. Dit heeft een disbalans in haar
begroting tot gevolg. Voor de komende jaren heeft de gemeente Nijmegen op dat aspect
derhalve haar begroting bijgesteld. De gemeente heeft ervoor gekozen de
legesverordening niet aan te passen, maar in 4 jaar tijd een structurele kostenbesparing
realiseren binnen alle VTH processen van het fysieke domein.
Momenteel, maart 2014, wordt er gezamenlijk met de gemeente Nijmegen onderzoek
gedaan naar de wijze waarop besparingen kunnen worden gerealiseerd en welke bijdrage
de ODRN aan kan leveren. De bezuinigingen zijn niet in de begroting opgenomen.
5
Begroting 2015-2018
Vertrekarrangement gemeente Nijmegen
Door toepassing van het vertrekarrangement zijn 8 medewerkers vervroegd uit dienst
getreden. De financiële consequenties van dit arrangement zijn in deze begroting
verwerkt.
1.3 Berekening budgettair kader
Onderstaand wordt het budgettaire kader voor de begroting 2015 berekend. Basis is het
budget geraamd in de meerjarenbegroting 2014-2017. De gastheercompensatie wordt
hier bij opgeteld, omdat deze in de nieuwe begroting bruto wordt verwerkt. Dit heeft
uiteraard geen financiële consequenties voor de deelnemers maar verheldert de
begroting. De gastheercompensatie is nu als last in de begroting opgenomen en niet meer
van de deelnemersbijdragen afgetrokken.
Omdat de efficiencytaakstelling via stelpost al financieel in de begroting 2014-2017 was
verwerkt heeft de nu in de begroting 2015-2018 functionele invulling van deze bezuiniging
geen financieel effect meer voor de deelnemers. Wat wel een klein financieel effect voor
de deelnemers heeft is de raming van de toegestane verwachte kostenstijging. Dit leidt tot
een iets hogere bijdrage.
De integratie uitkering VTH 2014 (overheveling van Provinciefonds naar Gemeentefonds)
is in de begroting verwerkt. De overheveling verloopt voor de ODRN budgettair neutraal.
Dat wat er minder wordt ontvangen van de provincie Gelderland wordt meer ontvangen
van de deelnemende gemeenten: verschillen die kunnen optreden door de overheveling
van de gelden tussen provincie, gemeenten en ODRN zijn van tijdelijke aard, want met de
invoering van outputfinanciering in 2016 staat prestatie tegenover budget en betaald
niemand in principe teveel of te weinig.
integratie uitkering VTH taken
begroting
begroting
2.014
2015
2016
2017
2018
Gemeente Beuningen
113.351
113.351
113.351
113.351
113.351
Gemeente Druten
133.304
133.304
133.304
133.304
133.304
Gemeente Groesbeek
22.076
22.076
22.076
22.076
22.076
Gemeente Heumen
78.964
78.964
78.964
78.964
78.964
Gemeente Millingen
85.756
85.756
85.756
85.756
85.756
Gemeente Nijmegen
358.308
358.308
358.308
358.308
358.308
Gemeente Ubbergen
22.078
22.078
22.078
22.078
22.078
127.361
127.361
127.361
127.361
127.361
-941.198
-941.198
-941.198
-941.198
-941.198
0
0
0
0
0
Gemeente Wijchen
Provincie Gelderland
totaal
6
Begroting 2015-2018
Ook het effect van de toepassing van het vertrekarrangement is verwerkt. Daardoor daalt
de bijdrage van de gemeente Nijmegen omdat de formatie die wordt betaald door de
gemeente Nijmegen met bijna 8 fte is gedaald. Over de herbezetting van de ontstane
vacatureruimte wordt momenteel overleg gevoerd.
De cijfermatige opstelling op totaalniveau ziet er als volgt uit.
Omschrijving
2014
Meerjarenbegroting 2014-2017
Gastheercompensatie
-vertrekarrangement GN
Totaal begroting 2015-2018
2017
2018
270.000
11.108.070 10.727.480 10.501.647 10.284.349 10.284.349
+compensatie verwachte prijsstijging
2015
+/- overheveling integratie uitkering VTH
2016
10.868.070 10.457.480 10.501.647 10.284.349 10.284.349
240.000
totale baten MJB 2014-2017
2015
156.520
156.353
155.651
155.651
0
0
0
0
-445.000
-445.000
-445.000
-445.000
11.108.070 10.439.000 10.213.000
9.995.000
9.995.000
0
Voor een specificatie van de bijdrage per deelnemer wordt verwezen naar de bijlage 5.2.
7
Begroting 2015-2018
2. Programma’s
Uitvoering passend bij visie en missie
In de visie en missie van de Omgevingsdienst Regio Nijmegen is aangegeven dat de
opgedragen taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving zodanig
worden uitgevoerd dat deze dienstbaar zijn aan een veilige fysieke leefomgeving. Hierbij
vindt de uitvoering plaats op kwalitatief goed niveau, efficiënt en met oog voor de klant.
Extra aandacht wordt hierbij gegeven aan de risicovolle (bedrijfs)activiteiten in het kader
van het toezicht op majeure risicobedrijven (o.a. BRZO) en de vergunningverlening bij
complexe bedrijven.
Uit te voeren taken
Door de deelnemers is de uitvoering van de milieu taken in het kader van toezicht,
handhaving en vergunningverlening op grond van de Wet algemene bepalingen
omgevingsrecht (Wabo) en daarmee samenhangende regels neergelegd bij de
Omgevingsdienst Regio Nijmegen. Daarnaast hebben de gemeente Nijmegen, de MUGgemeenten en de Provincie Gelderland het volledige Wabo-pakket ingebracht. De
gemeente Nijmegen heeft daarnaast ook de vergunningverlenende en handhavende taken
op het terrein van de Huisvestingswet, Leegstandswet en (deels) de APV ingebracht.
In het kader van het Gelders stelsel van omgevingsdiensten zal binnen de ODRN de
vergunningverlening voor complexe bedrijven uit de hele provincie plaats vinden. Op basis
van landelijke afspraken over de BRZO zal toezicht en handhaving van majeure
risicobedrijven voor landsdeel Oost (Gelderland + Overijssel) onder verantwoordelijkheid
van de ODRN plaats vinden.
Prestatie indicatoren
In deze begroting zijn in beperkte mate prestatie indicatoren opgenomen. Deze zijn
besproken met de deelnemers en zijn opgenomen in de werkplannen. Mede aan de hand
van deze indicatoren kan het functioneren van de ODRN worden beoordeeld. Uiteraard is
hierbij ook maatwerk mogelijk per deelnemer. Daarnaast is het van belang dat op
individuele dossiers maatwerk wordt geleverd. Het zal hier vooral gaan om situaties die
bestuurlijk gevoelig en/of technisch inhoudelijk of juridisch complex zijn.
Beleidskaders
Bij de uitvoering van de taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en
handhaving gelden, naast wat wettelijk is voorgeschreven, de beleids- en/of
toetsingskaders die worden ingebracht door de partners. In 2014, maar nu voor de
begroting 2015 nog niet beschikbaar, zal beoordeeld worden in hoeverre er verschillen
zitten in deze beleidskaders (bijv. het handhavingsbeleid, beleidsvisies op basis van
Externe Veiligheid, Bibob beleid) van de partners en zullen voorstellen gedaan worden hoe
met deze verschillen om te gaan.
Ontwikkelingen
De wet- en regelgeving is dynamisch. Het is van belang om tijdig in te spelen op
veranderingen voor onszelf maar ook voor de partners. Deze veranderingen kunnen plaats
vinden op gemeentelijk niveau (bijv. handhavingsbeleid of gemeentelijk Wabo-beleid),
provinciaal niveau (bijv. provinciaal geurbeleid), nationaal niveau (bijv. Omgevingswet) of
het Europese niveau (bijv. wijzigingen op het gebied van luchtkwaliteit).
8
Begroting 2015-2018
Van Input naar Output
De werkzaamheden van de ODRN worden nu betaald door middel van de zogenaamde
input-financiering. Hierbij brengen de deelnemers de financiële middelen in die medio
2010 op de begroting stonden voor vergunningverlening en handhaving. Het is de
bedoeling om in de begroting van 2016 output-financiering te presenteren, waarbij
financiering per product mogelijk is. Hierbij is het van belang om de tijdsbesteding per
product goed te definiëren. Zoals vermeld is 2015 het jaar waarin de productencatalogus,
ontwikkeld als onderlegger voor de outputfinanciering, wordt getest.
Bij het opstellen van vergunningen en het uitvoeren van toezicht en handhaving wordt
gebruik gemaakt van kengetallen. Voor het bouwdeel is in 2013 een eerste aanzet
gemaakt om goede kengetallen te ontwikkelen. In 2014 zijn deze kengetallen getoetst en
aangescherpt. Voor het milieudeel zijn concept kentallen beschikbaar welke komend jaar
getoetst en indien nodig aangescherpt worden. Verwacht wordt dat voor het merendeel
van de producten op het gebied van vergunningverlening en handhaving eind 2014
kengetallen beschikbaar zijn, maar nu bij het opstellen van de begroting 2015, februari
2014, nog niet volledig beschikbaar zijn.
Indeling en opzet programma’s
Met het oog op outputfinanciering in de begroting 2016 is de programma indeling en
opzet in deze begroting veranderd en smarter gemaakt. De programma’s zijn nu, naast
een algemene omschrijving, ingericht met de 3 W’s vragen:
 Wat willen we bereiken?
 Wat gaan we er voor doen?
 Wat mag het kosten?
Onder “wat willen we bereiken” is een eerste aanzet gemaakt met het opnemen van
prestatie indicatoren. Bij “wat mag het kosten” zijn naast de lasten ook de bijdragen van
de deelnemers/opdrachtgevers geraamd en dus niet meer op het programma algemene
dekkingsmiddelen dat dan ook is vervallen. Voor BRZO activiteiten is een afzonderlijk
programma gemaakt. Dit geldt ook voor de vergunningverlening t.b.v. het stelsel. Tot slot
is een programma Advisering en bijzondere opdrachten gemaakt.
Onderstaand een overzicht van de oude versus nieuwe programma’s
Oude indeling
Vergunningverlening
Handhaving en Toezicht
BRZO en complexe vergunningverlening
Projecten en bovenregionale taken
Algemene dekkingsmiddelen
-
Nieuwe indeling
Vergunningverlening
Handhaving en Toezicht
BRZO
Vergunningverlening t.b.v. stelsel
Advisering en bijzondere opdrachten
9
Begroting 2015-2018
De nieuwe indeling van de programma’s in de begroting beoogt de financiële
inzichtelijkheid van het totale takenpakket zo goed mogelijk in beeld te brengen, te
kunnen ramen en voor straks in de jaarrekening te kunnen verantwoorden.
.
2013 heeft ons geleerd dat het werkprogramma en de financiële verantwoording daarvan
vraagt om:
1. Onderscheid te maken tussen BRZO en vergunningverlening t.b.v. het stelsel.
2. Werkzaamheden die voor het stelsel worden gedaan en werkzaamheden die voor
de regio Nijmegen worden verricht.
10
Begroting 2015-2018
2.1 Programma Vergunningverlening
Omschrijving
Op het gebied van Vergunningverlening wordt er een diversiteit aan producten geleverd:
o Omgevingsvergunningen: regulier en uitgebreid betreffende bouwen (incl.
monumenten), milieu, brandveiligheid, aanleggen en alles wat verder onder de
Wabo valt.
o Afhandeling meldingen: milieu (o.a. activiteitenbesluit), brandveilig gebruik
gebouwen slopen.
o Adviezen in het kader van ontwikkeling bouwprojecten (toepassing Bouwbesluit,
aanpasbaar en toegankelijk bouwen, GPR, EPC etc.).
o Vergunningen op basis van Huisvestingswet, Leegstandswet en APV.
Uitgezonderd zijn de milieuonderdelen t.b.v. het stelsel, deze worden in een ander
programma beschikt
Wat willen we bereiken?
o
o
o
o
Indicatoren
We zorgen ervoor dat de vergunningsaanvragen binnen de daarvoor afgesproken
termijn worden afgehandeld.
We verzenden het aanvullingsverzoek van een aanvraag binnen 21 dagen na
binnenkomst.
We voorkomen dat een vergunning’ van rechtswege’ wordt beschikt of binnen de
termijn van ‘orde’.
De beschikking is van voldoende kwaliteit om in een juridische procedure
overeind te blijven.
realisatie
2013
Verzenden aanvullingsverzoek
Tijdig leveren vergunning
99.5%
doelstelling
2014
2015
2016
2017
2018
21dgn.
21dgn.
21dgn.
21dgn..
21dgn.
80%
80%
80%
80%
80%
Wat gaan we er voor doen?
We gaan de vergunningverlening uitvoeren met goed opgeleide medewerkers. De
kwaliteitscriteria hebben we geïmplementeerd binnen dit programma. Daarnaast bestaat
de wens van de gemeente Nijmegen om extra te toetsen op duurzaamheid bij
afgesproken bouwplannen met het GPR-toetsingsprogramma.
Verwachte ontwikkelingen
De vorig jaar aangekondigde productencatalogus is gereed en zal dit jaar worden getoetst
aan de realiteit. Finetuning kan dit jaar nog plaats vinden om zo in 2016 een omschakeling
naar een output-begroting te maken.
In 2015 zal naar verwachting een duaal stelsel zijn ingetreden voor het onderdeel Bouwen.
Anders gezegd: het zal mogelijk zijn dat gecertificeerde private partijen de toets op het
Bouwbesluit kunnen uitvoeren. Een vergunningaanvrager heeft dan de keuze om de
11
Begroting 2015-2018
verplichte Bouwbesluittoets bij de overheid of een private partij te uitvoeren. Hoe deze
ontwikkeling van invloed zal zijn op dit programma is nu nog niet geheel duidelijk. Wel
hebben we als ODRN maatregelen getroffen door vacatures op het gebeid van bouwen
niet in te vullen maar op te nemen in de flexibel schil. Medio 2014 zal de Tweede Kamer
hier een besluit op nemen.
Met ingang van 2015 willen de MUG-gemeenten het volledige Wabo-pakket inbrengen bij
de ODRN. Dit betekent dat naast de bestaande milieutaken ook de Briks taken worden
uitgevoerd. In deze begroting is hiermee nog geen rekening gehouden omdat ten tijde van
de samenstelling van deze begroting nog geen volledig inzicht in de in te brengen
budgetten beschikbaar was.
Er zijn signalen dat andere partner gemeenten in 2015 ook hun volledige Wabo-pakket
zouden willen inbrengen.
Financiële gegevens
wat mag het kosten?
rekening
begroting
2013
2014
2015
2016
2017
2018
3.469.000
3.405.900
3.345.300
3.345.300
Beuningen
170.500
167.700
165.000
165.000
Druten
130.000
128.200
126.400
126.400
Groesbeek
69.500
67.800
66.600
66.600
Heumen
69.500
68.600
67.700
67.700
Millingen aan de Rijn
43.700
43.300
43.000
43.000
Nijmegen
2.502.600
2.464.700
2.428.700
2.428.700
Ubbergen
20.900
20.600
20.300
20.300
Wijchen
143.100
141.000
139.000
139.000
Provincie Gelderland
320.000
310.000
300.600
300.600
0
0
0
0
Financiële Lasten per product
Vergunningverlening
n.b.
n.b.
Financiële baten
Totaal programma
Toelichting financiën
Geraamd zijn hier de kosten van vergunningverlening op totaalniveau. Met de invoering
van outputfinanciering in 2016 zal dit product verder gedetailleerd worden. Op dit
moment is deze informatie nog niet beschikbaar.
Door de nieuwe programma indeling zijn de vergelijkende cijfers uit begroting 2014 en
rekening 2013 niet beschikbaar.
12
Begroting 2015-2018
2.2 Programma Handhaving en Toezicht
Omschrijving
De controles en het toezicht in het kader van de milieuregelgeving vinden plaats voor alle
deelnemers van de ODRN. De controles op het gebied van bouwen, slopen etc. vinden
plaats voor de gemeente Nijmegen en voor de provincie Gelderland. Vanaf 1 januari 2015
worden de bouwtaken ook uitgevoerd voor de MUG-gemeenten.
Wat willen we bereiken?
In samenspraak met de deelnemers aan de ODRN is een werkplan opgesteld. Dit werkplan
willen we uitvoeren conform afspraak. Daarnaast willen we de VTH taken goed en
slagvaardig vormgeven, waardoor het naleefgedrag wordt verbeterd. Gemelde milieu- en
bouwklachten willen we snel en adequaat in behandeling nemen. In 2015 willen we een
verdere verdiepingsslag maken in de kwaliteit van de geleverde producten.
indicatoren
1.
2.
3.
4.
5.
realisatie doelstelling
2013
2014
Geplande bezoekfrequentie
Wabo gerealiseerd
Controlebevindingen dat
binnen drie weken na het
controlebezoek aan de
inrichtinghouder is verzonden
Klachten binnen 1 week in
behandeling
Hercontroles uitgevoerd en
gerapporteerd n.a.v.
waarschuwingsbrief binnen vier
weken na afloop hersteltermijn
/ -datum
Lasten onder dwangsom
binnen vier weken na
verstrijken
begunstigingstermijn
gecontroleerd
2015
2016
2017
2018
88%
90%
90%
90%
90%
90%
Niet
gemeten
85%
85%
85%
85%
85%
100%
100%
100%
100%
100%
100%
Niet
gemeten
80%
80%
80%
80%
80%
Niet
gemeten
80%
80%
80%
80%
80%
Wat gaan we er voor doen?
De beschikbare milieuhandhavingscapaciteit zal planmatig worden ingezet. Enerzijds voor
het uitvoeren van de geplande milieucontroles, anderzijds voor de uitvoering van een
aantal projecten (zowel regionaal als provinciaal binnen het stelsel). Dat zijn binnen het
stelsel ondermeer de volgende projecten. Het ketentoezicht bij de gezamenlijk
afgesproken branches (maximaal drie). Binnen de regio worden de Vierdaagseweek en de
eindejaarscontroles bij vuurwerkverkooppunten projectmatig aangepakt.
Inspectie op de uitvoering van bouwplannen vindt plaats voor bouwwerken waarvoor een
omgevingsvergunning is verstrekt. De frequentie van het toezicht wordt bepaald door het
handhavingsbeleid van de opdrachtgevers en zal variëren afhankelijk van de aard van het
bouwwerk. Indien hiervoor aanleiding is zal er steekproefsgewijs of themagericht toezicht
worden gehouden op de bestaande bebouwing. Ook zal toezicht worden gehouden met
het oog op illegale bouw, op voorschriften betrekking hebbende op slopen van een
bouwwerk (inclusief asbestverwijdering) en het plaatsen van reclame. Bij overtredingen
zal het bestuursrechtelijke instrumentarium worden aangewend om de overtreding te
beëindigen.
13
Begroting 2015-2018
Medewerkers zullen ook in 2015 opleidingen volgen in het kader van de kwaliteitscriteria.
Verwachte ontwikkelingen
In 2015 zullen de effecten van de privatisering van het bouwtoezicht duidelijk worden.
Naar verwachting zullen de kwaliteitscriteria per 1 januari 2015 wettelijk verankerd
worden.
Financiële gegevens
wat mag het kosten
rekening
begroting
2013
2014
2015
2016
2017
2018
4.293.000
4.166.900
4.045.300
4.045.300
Beuningen
341.100
335.500
330.200
330.200
Druten
260.000
256.400
252.900
252.900
Groesbeek
138.200
135.500
133.000
133.000
Heumen
139.000
137.100
135.400
135.400
87.500
86.800
86.200
86.200
Nijmegen
2.550.000
2474.300
2401.600
2401.600
Ubbergen
41.800
41.200
40.700
40.700
Wijchen
286.300
282.100
278.000
278.000
Provincie Gelderland
450.000
431.200
414.500
414.500
0
0
0
0
Financiële lasten per product
Handhaving en toezicht
Financiële baten
Millingen aan de Rijn
Totaal programma
Toelichting financiën
Geraamd zijn hier de kosten van handhaving en toezicht op totaalniveau. Met de invoering
van outputfinanciering in 2016 zal dit product verder gedetailleerd worden. Op dit
moment is deze informatie nog niet beschikbaar.
Door de nieuwe programma indeling zijn de vergelijkende cijfers uit begroting 2014 en
rekening 2013 niet beschikbaar.
14
Begroting 2015-2018
2.3 Programma BRZO
Omschrijving
De ODRN is aangewezen als één van de 6 Omgevingsdiensten in Nederland die
verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van de WABO taken bij de majeure risico bedrijven
(BRZO of IPPC categorie 4 Richtlijn industriële emissies). De ODRN zal die taken uitvoeren
voor de bedrijven in landsdeel Oost (Overijssel en Gelderland). Het gaat hierbij momenteel
om 54 bedrijven, waarvan 34 gelegen in Gelderland en 20 in Overijssel. De ODRN is
verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van de uitvoering van vergunningverlening, toezicht
en handhaving. De bevoegdheid blijft bij de provincies of, indien een gemeente bevoegd
gezag is, bij de individuele gemeenten.
Wat willen we bereiken?
De VTH taken goed en slagvaardig vormgeven, waardoor de veiligheidsrisico's beter
beheerst worden. Adequaat optreden als er onaanvaardbare risico's gezien worden.
Intensieve samenwerking realiseren op het gebied van vergunningverlening, toezicht en
handhaving bij de majeure risico bedrijven.
Indicatoren *
realisatie
2013
1. Aantal gerealiseerde Brzo
controles
2. Geplande Wabo controles
gerealiseerd
3. Onaangekondigde controles Wabo
op veiligheidsaspecten
4. Inspectierapportages binnen 8
weken na het controlebezoek aan
bedrijf verzonden
5.tijdig leveren van vergunning
doelstelling
2014
2015
2016
2017
2018
100%
100%
100%
100%
100%
100%
?%
90%
90%
90%
90%
90%
?%
60%
60%
60%
60%
60%
?%
90%
80%
90%
80%
90%
80%
90%
80%
90%
80%
*Deze indicatoren staan in de DVO’s van de provincie Gelderland en gemeente Nijmegen. Voor de andere 20 opdrachtgevers
heeft de ODRN dergelijke afspraken nog niet gemaakt. De bedoeling is om dit jaar in de vorm van een bestuurlijk meerjarenplan
deze indicatoren te laten vaststellen.
Wat gaan we er voor doen?
We zorgen ervoor dat de vergunningen bij BRZO bedrijven actueel zijn. Naast genoemde
(administratieve) controles zullen we ook een bijdrage leveren aan landelijke en regionale
projecten. Het traject standaardiseren en uniformeren van vergunningen voor BRZO
bedrijven, dat door de ODRN wordt getrokken, zal in 2015 verder worden vormgegeven.
Medewerkers zullen opleidingen volgen in het kader van de kwaliteitscriteria. We
implementeren risico- en informatie gestuurd benaderen van bedrijven. We evalueren de
mandaten/DVO’s. we organiseren een bestuurlijk overleg Oost NL en
managementoverleg Oost NL met andere partners die betrokken zijn bij de
vergunningverlening, toezicht en handhaving bij majeure risico bedrijven.
Verwachte ontwikkelingen
Naar verwachting zal in 2015 de Wet VTH in werking treden. De ODRN zal zich
voorbereiden op de consequenties van de vergunningverlening, toezicht en handhaving bij
majeure risico bedrijven. Daarnaast is de verwachting dat de zes Brzo omgevingsdiensten
steeds meer als één organisatie zullen fungeren bij de uitvoering van de VTH taken. Dit om
de landelijke uniformiteit en kwaliteit te verbeteren.
15
Begroting 2015-2018
Financiële gegevens
wat mag het kosten
rekening
begroting
2013
2014
2015
2016
2017
2018
1.135.000
1.104.500
1.073.400
1.073.400
Nijmegen
250.000
245.000
240.000
240.000
Provincie Gelderland
569.200
550.000
530.000
530.000
OVIJ
30.600
30.000
29.400
29.400
ODRA
75.800
74.300
72.800
72.800
ODR
47.900
46.900
46.000
46.000
ODNV
36.800
36.100
35.400
35.400
ODDV
92.900
91.000
89.200
89.200
ODA
31.800
31.200
30.600
30.600
0
0
0
0
Financiële lasten per product
BRZO
Financiële baten
Totaal programma
Toelichting Financiën
Geraamd zijn hier de kosten van BRZO op totaalniveau. Met de invoering van
outputfinanciering in 2016 zal dit product verder gedetailleerd worden. Op dit moment is
deze informatie nog niet beschikbaar.
Door de nieuwe programma indeling zijn de vergelijkende cijfers uit begroting 2014 en
rekening 2013 niet beschikbaar.
16
Begroting 2015-2018
2.4 Programma Vergunningverlening t.b.v. het stelsel
Omschrijving
In Gelderland zijn circa 400 bedrijven als ‘complex’ gedefinieerd. Dit wil zeggen dat voor
het opstellen van de omgevingsvergunning met de activiteit milieu voor deze bedrijven
specifieke expertise nodig is. Van deze bedrijven vallen er ongeveer 150 onder het bevoegd
gezag van de provincie en ca. 250 onder het bevoegd gezag van individuele gemeenten. De
ODRN is verantwoordelijk voor het opstellen van de Wabo-vergunning voor het onderdeel
milieu. Het gaat hierbij om alle soorten milieuvergunningen en -meldingen die hierbij aan
de orde kunnen zijn. Te denken valt bijvoorbeeld aan: de oprichtingsvergunning, de
revisievergunning, de veranderingsvergunning, actualiseringen n.a.v. wetswijzigingen of
ontwikkelingen in jurisprudentie, meldingen in het kader van het Actualiteiten besluit, MER
beoordelingen en MER.
Wat willen we bereiken?
We zorgen ervoor dat vergunningaanvragen van complexe bedrijven in Gelderland binnen
de daarvoor afgesproken termijnen worden behandeld voor wat betreft het onderdeel
milieu. Dit betekent dat tijdig het vergunningsadvies geleverd wordt aan de
Omgevingsdienst die het mandaat heeft voor de vergunning.
We voorkomen dat een vergunning ‘van rechtswege’ wordt verleend.
We zorgen er voor dat de vergunningen kwalitatief goed zijn en in eventuele juridische
procedures ‘overeind’ blijven.
indicatoren
realisatie
2013
doelstelling
2014
5. Tijdig leveren vergunning
2015
2016
2017
2018
80%
80%
80%
80%
Wat gaan we er voor doen?
Voor de uitvoering van de complexe vergunningverlening wordt samengewerkt met de 6
andere Omgevingsdiensten in Gelderland. De werkwijze is in hoofdlijn zo dat de ODRN de
vergunning opstelt en deze als een advies aanbiedt aan de andere Omgevingsdienst. Deze
dienst (of haar één van haar partners) heeft het mandaat om de vergunning namens het
bevoegd gezag te tekenen en te verzenden. Deze werkwijze is relatief complex en we
zorgen dan ook voor een goede afstemming en overleg met de andere Omgevingsdienst.
We zorgen ervoor dat we voldoende kwalitatief goed geschoolde medewerkers hebben
om het milieugedeelte van de vergunningen van kwalitatief voldoende niveau op te
stellen. Bij een toename van de vraag om vergunningen zorgen we ervoor dat, binnen de
financiële mogelijkheden, extra personeel wordt ingezet zodat we op tijd kunnen leveren.
Met alle Omgevingsdiensten zijn Dienstverleningsovereenkomsten gesloten waarin
afspraken gemaakt worden over de levertijden en de wijze van aanlevering van de
vergunningen. We zorgen ervoor dat 80% van onze vergunningen op tijd is aangeleverd.
Verwachte ontwikkelingen
e
Verwacht wordt dat medio 2015 de 4 tranche van het Activiteitenbesluit in werking zal
treden. Dat kan wellicht effect hebben op het bestand van complexe inrichtingen. Omdat
17
Begroting 2015-2018
jaarlijks dit bestand wordt geactualiseerd zal deze ontwikkeling hierin worden
meegenomen.
Financiële gegevens
wat mag het kosten
rekening
2013
begroting
2014
2015
2016
2017
2018
1.540.700
1.511.500
1.785.200
1.785.200
OVIJ
199.700
195.700
192.000
192.000
ODRA
331.100
324.800
318.500
318.500
ODR
289.900
284.300
278.600
278.600
ODNV
197.600
193.900
190.000
190.000
ODDV
201.300
197.500
193.600
193.600
ODA
321.300
315.300
309.100
309.100
0
0
0
0
Financiële lasten per product
Vergunningverlening
Financiële baten
Totaal programma
Toelichting Financiën
Geraamd zijn hier de kosten van vergunningverlening ten behoeve van het stelsel. Met de
invoering van outputfinanciering in 2016 zal dit product verder gedetailleerd worden. Op
dit moment is deze informatie nog niet beschikbaar.
Door de nieuwe programma indeling zijn de vergelijkende cijfers uit begroting 2014 en
rekening 2013 niet beschikbaar.
18
Begroting 2015-2018
2.5 Programma advisering en bijzondere opdrachten
Omschrijving
Advisering: Voor diverse opdrachtgevers verzorgen we de advisering op het gebied van
milieu. Vaak gaat het hierbij om milieuadvisering in het kader van ruimtelijke processen of
planprocedures. Het kan hierbij gaan om integrale milieuadvisering, waarbij voor alle
relevante milieuaspecten een beoordeling wordt gegeven over de (on)mogelijkheid van
een ruimtelijke ontwikkeling.
Bijzondere opdrachten: Opdrachten al dan niet in projectvorm, met of zonder intern of
extern budget die programma overstijgend zijn worden hier verantwoord.
Wat willen we bereiken?
Advisering: Als zich knelpunten aandienen wordt aangegeven hoe hiermee kan worden
omgegaan. Regelmatig komt het voor dat voor een individueel milieuaspect advies
gevraagd wordt, bijvoorbeeld op het gebied van externe veiligheid, geurhinder,
geluidskwaliteit of bodemkwaliteit. Naast advisering in het kader van ruimtelijke
ontwikkelingen wordt ook in ander kader geadviseerd, bijvoorbeeld ten behoeve van de
APV of als ondersteuning in juridische procedures.
Bijzondere Opdrachten: Inzicht geven in de bijzondere projecten, processen en bijzondere
opdrachten binnen de ODRN
Wat gaan we er voor doen?
Advisering: Voor de advisering zorgen we voor voldoende kwalitatief goed geschoold
personeel. We zorgen ervoor dat we de ontwikkelingen op milieugebied als de
ontwikkelingen op het gebied van ruimtelijke ordening geïntegreerd worden in het advies.
e
We werken hierbij met een systeem van 2 lezing en kwaliteitsborging.
Met de diverse opdrachtgevers worden afspraken gemaakt over de termijnen van
levering.
Bijzondere opdrachten:
Verwachte ontwikkelingen
19
Begroting 2015-2018
Financiële Gegevens
wat mag het kosten
rekening
2013
begroting
2014
Financiële lasten per product
Adviezen
projecten
2015
2016
2017
2018
p.m.
p.m.
p.m.
p.m.
0
0
0
0
Financiële baten
Totaal programma
Toelichting financiën
Geraamd worden hier met de kosten van adviezen en bijzondere opdrachten.
Detailinformatie is nog niet beschikbaar vandaar dat nu met p.m. moet worden volstaan.
20
Begroting 2015-2018
3. Financiële begroting 2015-2018
3.1 Inleiding
In dit hoofdstuk wordt de financiële begroting van de ODRN weergegeven.
3.2 Uitgangspunten
De basis voor deze begroting is de vastgestelde begroting 2014. Voor de samenstelling van
de begroting 2015 zijn de begrotingsuitgangspunten gehanteerd die door de Dagelijks
Bestuur d.d. 19 december 2013 zijn vastgesteld evenals het advies van de Regionale
Adviesfunctie.
o De
- salariskosten zijn gebaseerd op het maximum van de schaal van de inbreng.
o De- lasten en de baten zijn ten opzicht van 2014 geïndexeerd met een percentage van 1,46.
Dit is conform het advies van de regionale adviescommissie.
o De- opgelegde efficiencykorting is functioneel verwerkt in de begroting.
o Voor
- investeringen wordt gerekend met een rentepercentage van 4% (gebaseerd op
rentepercentage langlopende geldleningen met een looptijd van 25 jaar bij de BNG)
o De- begroting is zonder kostprijsverhogend Btw-effect. De ODRN factureert naar de
deelnemers inclusief BTW, waarna de deelnemers deze BTW kunnen declareren bij het BTW
compensatiefonds.
o De
- bijdrage aan de programmatische bovenregionale taken van de omgevingsdiensten De
Vallei, Rivierenland en Veluwe en IJssel (afspraken van het Gelders Stelsel) zijn verwerkt op
basis van de opgave van de provinciale regie.
o Er- zijn geen materiële budgetten van het primair proces geraamd. Dit betreft proceskosten,
onderzoeks- en advieskosten en publicatiekosten. Voor de laatste is dat correct omdat de
publicatiekosten voor rekening van de deelnemers blijven (bevoegd gezag). Eventueel
optredende proceskosten en onderzoeks- en advieskosten dienen rechtstreeks door
desbetreffende deelnemer betaald te worden omdat de budgetten daarvoor zijn
achtergebleven bij de deelnemers.
o Er- is geen post onvoorzien geraamd.
3.3 Bijdrage: eerst vast daarna outputgericht
Deze ODRN begroting is de laatste inputbegroting. Er worden nu gegevens verzameld om
in de begroting 2016 een outputmodel te presenteren. Een outputmodel houdt in dat de
omgevingsdienst (zoveel mogelijk) op basis van geleverde prestaties en afgenomen
producten wordt bekostigd (kostprijs per prestatie/product). Nu met deze inputbegroting
geldt nog: het geraamde budget 2015 wordt door de deelnemers aan de ODRN betaald.
Wat er is geraamd qua budget primair proces wordt vertaald in uren.
De deelnemer (regiefunctionaris) overlegt periodiek met de directeur van de ODRN over
de inzet van de uren t.b.v. de begroting. Elke partner gaat in overleg met de directeur van
de ODRN de beschikbare uren inplannen op basis van de prioriteitstelling van de
21
Begroting 2015-2018
betreffende partner. Zo ontstaan de handhavings- en vergunningenplannen. De ODRN
schrijft vervolgens per gemeente tijd zodat elke gemeente ‘waar voor zijn inbreng’ krijgt.
Urenverschillen
De directeur van de ODRN heeft begrotingstechnisch 3 opdrachten:
 Uitvoeren van de taken binnen de budgetten van de begroting;
 De opdracht om de afgesproken urenproductie van de deelnemers te realiseren;
 De efficiencydoelstelling te behalen.
BRZO en Complexe vergunningverlening
Voor de BRZO en Complexe vergunningverlening heeft de directeur een opdracht
aanvullend op de hiervoor geschetste werkwijze. Deze taak wordt bekostigd door andere
omgevingsdiensten. Het is de opdracht om te sturen op de werkvoorraad, de formatie en
de bijdragen.
3.4 Efficiencytaakstelling
In de begroting 2014 was de taakstelling onder de lasten als negatieve stelpost op
genomen. Hierdoor daalden de geraamde lasten, maar ook de baten: In de
deelnemersbijdrage was dus de verwachte opbrengst van de taakstelling dus al verwerkt.
In de begroting 2015 is deze negatieve stelpost op nul gezet en is de taakstelling
functioneel verwerkt en wel als volgt.
omschrijving
2014
2015
2016
2017
2018
235.000
463.000
690.000
907.000
907.000
ingevuld via GH budget
74.000
44.000
314.000
314.000
314.000
Inhuurbudget schrappen
55.000
152.000
152.000
152.000
152.000
Korting loonsom
92.000
193.000
193.000
307.000
307.000
Korting materieel budget
14.000
14.000
14.000
14.000
14.000
60.000
90.000
120.000
120.000
463.000
763.000
907.000
907.000
Taakstelling
Realisatie:
Korting op ondersteuning
Totaal realisatie
235.000
Gevolg van de invulling is dat de omvang van de loonsom fors daalt en dat er voor inhuur
geen specifiek budget meer aanwezig is. De kosten van noodzakelijke inhuur kunnen nog
alleen nog maar worden gedekt door aanwezige vacatureruimte (de zgn. flexibele schil).
22
Begroting 2015-2018
3.5 Financiële meerjarenbegroting
Onderstaand is de financiële meerjarenbegroting opgenomen, die vervolgens per
onderdeel wordt toegelicht. De vermelde cijfers voor de jaarrekening zijn onverkort uit de
jaarrekening 2013 overgenomen. De cijfers van de begroting 2014 zijn die van de
primitieve, oorspronkelijke, begroting. Een wijziging van de begroting 2014 heeft nog niet
plaatsgevonden
Het overgrote deel van de materiele kosten wordt ingekocht bij de gastheer de gemeente
Nijmegen. De bedragen voor deze dienstverlening liggen vast in de gesloten
dienstverleningsovereenkomst en passen met inachtneming van de mutaties o.a. als
gevolg van een lagere personele formatie, binnen de in deze begroting geraamde
materiële budgetten.
Ten opzichte van de begroting 2014 zijn een aantal kostensoorten toegevoegd. Dit naar
aanleiding van de opgedane praktijkervaring vanaf de start van de ODRN per 1 april 2013
tot heden. Binnenlijns, dus zonder financiële uitzetting, zijn de ramingen herverdeeld
zodat ook op de nieuwe kostensoorten budgetten beschikbaar zijn.
23
Begroting 2015-2018
Lasten
nr. Omschrijving
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
Salariskosten
efficiencytaakstelling
Opleidingskosten
Overige personeelskosten
Mobiliteitskosten
Inhuur
Piofah taken gastheer
Piofah gastheercompensatie
Piofah gastheer minus compensatie
Huisvesting en verzekeringen
Kapitaallasten
ICT kosten
Accountant
abonnementen, boeken, tijdschriften
Representatiekosten
kosten telefonie
kantoorbehoeften
Overige materiele kosten
Budget externe veiligheid
Bijdrage regionaal stelsel
subtotaal lasten
21 opstartkosten
totaal lasten
jaarrekening
2013*
begroting
2.014
begroting
2015
4.956.685
0
105.271
103.824
79.642
711.885
712.500
-450.000
450.000
262.282
35.105
175.446
15.000
7.923.000
-235.000
145.000
145.000
90.000
152.000
1.215.000
-240.000
314.000
415.000
399.000
238.000
20.000
2016
2017
2018
7.399.000
0
145.000
98.000
91.500
0
1.172.000
270.000
7.399.000
7.285.000
7.285.000
145.000
98.000
91.500
0
1.142.000
0
145.000
98.000
91.500
0
1.112.000
0
145.000
98.000
91.500
0
1.112.000
0
152.000
135.000
10.868.000
354.000
399.000
240.000
15.000
15.000
6.500
35.000
25.000
37.000
0
137.000
10.439.000
354.000
399.000
240.000
15.000
15.000
6.500
35.000
25.000
111.000
0
137.000
10.213.000
354.000
399.000
240.000
15.000
15.000
6.500
35.000
25.000
37.000
0
137000
9.995.000
354.000
399.000
240.000
15.000
15.000
6.500
35.000
25.000
37.000
0
137000
9.995.000
10.868.000
10.439.000
10.213.000
9.995.000
9.995.000
9.866
90.057
0
110.751
7.368.314
991.000
8.359.314
24
Begroting 2015-2018
nr. Omschrijving baten
jaarrekening
2013*
begroting
2.014
begroting
2015
2016
2017
2018
22 Subsidie externe veiligheid
23 Baten bovenregionale taken
24 Deelnemersbijdragen:
Gemeente Beuningen
Gemeente Druten
Gemeente Groesbeek
Gemeente Heumen
Gemeente Millingen aan de Rijn
Gemeente Nijmegen
Gemeente Ubbergen
Gemeente Wijchen
Provincie Gelderland
subtotaal baten
eenmalige baten
opstartkosten
totaal lasten
74.637
1.376.721
152.000
1.869.101
1.856.500
1.821.000
1.785.200
1.785.200
254.170
163.834
118.144
82.635
28.905
4.155.386
25.898
192.828
1.455.451
7.928.609
48.890
991.000
8.968.499
487.978
374.772
196.163
200.720
128.368
5.783.408
60.201
411.434
1.203.855
10.868.000
511.600
390.000
207.300
208.500
131.200
4.944.500
62.700
429.400
1.339.200
10439.000
503.200
384.600
203.300
205.700
130.100
4.830.900
61.800
423.100
1.291.200
10.213.000
495.200
379.300
199.600
203.100
129.200
4.722.200
61.000
417.000
1.245.100
9.995.000
495.200
379.300
199.600
203.100
129.200
4.722.200
61.000
417.000
1.245.100
9.995.000
10.868.000
9.589.000
8.963.000
8.345.000
8.345.000
Rekening-/begrotingssaldo
-609.185
0
0
0
0
0
*Jaarrekening 2013 = 9 maanden
25
Begroting 2015-2018
3.6 Toelichting op de begrotingsposten
1.Salariskosten
De geraamde salariskosten zijn volgens onderstaande berekening tot stand gekomen.
Salariskosten
Raming begroting 2014
realisatie eff. taakstelling
Prijscompensatie 2015
Realisatie restant
efficiency.taakstelling
Basisraming 2015
vertrekarrangement
Raming begroting 2015
2014
7.923.000
7.923.000
7.923.000
2015
7.923.000
-92.000
114.000
2016
7.923.000
-92.000
114.000
2017
7.923.000
-92.000
114.000
2018
7.923.000
-92.000
114.000
-101.000
7.844.000
-445.000
7.399.000
-101.000
7.844.000
-445.000
7.399.000
-215.000
7.730.000
-445.000
7.285.000
-215.000
7.730.000
-445.000
7.285.000
2. Efficiencytaakstelling
Zie paragraaf 3.4. De taakstelling is met ingang van 2015 functioneel verwerkt, waardoor
hier niets mee behoeft te worden geraamd.
4. Overige personeelskosten
Budget hier verlaagd ten behoeve van nieuw geraamd budget telefonie en abonnementen
e.d. Geraamd zijn hier de kosten van de bedrijfszorg, koffievoorziening, premie
werkgeversverzekering (WA), kosten salarisadministratie en overige
personeelsvoorzieningen.
5. Mobiliteitskosten
Geraamd zijn hier de kosten van de gereden dienstkilometers, eventuele verblijfskosten
en de vergoedingen voor kosten van openbaar vervoer. E.e.a. conform het Gelders Sociaal
Plan.
6.Inhuur
Er is geen specifiek inhuurbudget meer beschikbaar omdat het budget ter realisatie van
de efficiency taakstelling is bezuinigd.
7.piofah taken gastheer
Ook in de ondersteuning dient efficiënter gewerkt te worden en daarom is de bijdrage
voor de Piofah taken verlaagd in overeenstemming met de percentages van de
efficiencytaakstelling:
26
Begroting 2015-2018
Piofah taken
Raming begroting 2014
Prijscompensatie 2015
Realisatie efficiencytaakst.
Raming 2015
2014
1215.000
-
2015
1215.000
17.000
-60.000
1.172.000
2016
1215.000
17.000
-90.000
1.142.000
2017
1215.000
17.000
-120.000
1.112.000
2018
1215.000
17.000
-120.000
1.112.000
8 en 9 Piofah gastheer compensatie.
Doordat de efficiencytaakstelling nu in zijn geheel is verwerkt kan de bruto verwerking in
de begroting vervallen is behoeft nu alleen nog de laatste tranche van de aan de
deelnemers uit te betalen gastheer compensatie te worden geraamd. In totaal is over de
jaren 2013 tot en met 2015 aan gastheercompensatie 960.000 euro aan de deelnemers
uitbetaald.
10. Huisvesting en verzekering
Budget hier verlaagd ten behoeve van nieuwe geraamde budgetten kantoorbehoeften en
overige materiele kosten. Geraamd is hier de huur van het bedrijfspand alsmede kosten
van de inboedelverzekering, schoonmaak, beveiliging en energiekosten.
11. Kapitaallasten
De ODRN doet investeringen in huisvesting en ICT van de organisatie. De investeringen
worden annuïtair afgeschreven om een gelijkblijvende kapitaallast te krijgen. De
afschrijvingstermijn voor de investeringen is: nr. 1 = 10 jaar, nr. 2 = 5 jaar en voor nr. 3 = 3
jaar. Deze investeringen hebben de volgende opbouw:
Investering
1. Inrichting (meubilair, vloerbedekking etc.)
Bedrag
Kapitaallast
1.000.000
130.000
2a. ICT Applicaties
400.000
2b. ICT Integraal systeem Gelderland
430.000
2c. ICT Servers
3. ICT Pc’s, laptops, tablets, printers
Totaal
50.000
203.000
180.000
66.000
2.060.000
399.000
12. ICT kosten
Dit betreft het budget voor directe ICT-kosten die niet worden geactiveerd. Dit gaat om
licenties van kantoorautomatisering en expertsystemen.
13. Accountant
De ODRN is een zelfstandige organisatie met een eigen jaarrekening en heeft daarom te
maken met de kosten van een accountantscontrole.
14. Abonnementen
Geraamd worden hier de kosten van vakliteratuur. Raming op basis van ervaring werkelijk
uitgaven 2013. Hoewel het een nieuw budget betreft is het op totaal niveau geen
uitzetting omdat andere budget(ten) hiervoor zijn afgeraamd.
27
Begroting 2015-2018
15 Representatiekosten
Geraamd worden hier de kosten van representatie. Raming op basis van ervaring werkelijk
uitgaven 2013. Hoewel het een nieuw budget betreft is het op totaal niveau geen
uitzetting omdat andere budget(ten) hiervoor zijn afgeraamd.
16. Kosten van telefonie.
Geraamd zijn hier de abonnementskosten en gebruikskosten van telefonie. Raming op
basis van ervaring werkelijk uitgaven 2013. Hoewel het een nieuw budget betreft is het op
totaal niveau geen uitzetting omdat andere budget(ten) hiervoor zijn afgeraamd.
17. Kantoorbehoeften
Geraamd zijn hier de kosten van: papier, kantoorartikelen, kopieerkosten e.d. Raming op
basis van ervaring werkelijk uitgaven 2013. Hoewel het een nieuw budget betreft is het op
totaal niveau geen uitzetting omdat andere budget(ten) hiervoor zijn afgeraamd.
18. Overige materiele kosten
Budget voor overige incidentele kosten: Kosten archiefinspectie, KvK uittreksels,
19. en 22 Budget externe veiligheid
In begroting 2014 was hiervoor nog een bedrag geraamd, maar omdat de regeling maar
tot 31-12-2014 loopt is bedrag voor begroting 2015 op 0 gezet. Mogelijk dat de regeling
toch nog wordt verlengd, maar op dit moment is er nog geen duidelijkheid over.
20 Bijdrage regionaal stelsel
In het Gelders stelsel van omgevingsdiensten zijn er programmatische bovenregionale
taken belegd bij 3 OD’s, te weten De Vallei, Rivierenland en Veluwe en IJssel. In totaal 9
fte. De ODRN betaalt hiervoor uiteraard een bijdrage.
23. Baten bovenregionale taken
Voor de BRZO taken en de taken complex vergunningverlening ontvangt de ODRN van
andere omgevingsdiensten bijdragen. De raming is thans gebaseerd op de formatieve
inbreng, maar zal bij outputfinanciering ook op basis van geleverde producten
gerealiseerd gaan worden.
24. Deelnemersbijdragen
De totale bijdrage van de directe ODRN deelnemers 2015 is in overeenstemming met de
meerjarenbegroting 2014 en bevat enkel de verwachte prijsstijging 2015. Wel is de
integratie uitkering 2014 verwerkt, maar die heeft op totaalniveau geen effect. Daarnaast
is door de bezuinigingen op de vrijwillige taken de bijdrage van de gemeente Nijmegen
verlaagd.
28
Begroting 2015-2018
4. Paragrafen
4.1 Inleiding
In het Besluit Begroting en Verantwoording zijn 7 verplichte paragrafen opgenomen voor
provincies, gemeenten en hun gemeenschappelijke regelingen. Deze zijn niet allemaal
relevant voor de ODRN. Om die reden zijn de paragrafen lokale heffingen, grondbeleid en
verbonden partijen niet opgenomen.
4.2 Paragraaf weerstandsvermogen
Het weerstandsvermogen geeft aan in welke mate de ODRN in staat is tegenvallers op te
vangen.
1. Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen;
a) de weerstandscapaciteit; zijnde de middelen en de mogelijkheden waarover de
omgevingsdienst Regio Nijmegen beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te
dekken
b) alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiele betekenis
kunnen zijn in relatie tot de financiële positie
2. De paragraaf betreffende het weerstandsvermogen bevat ten minste:
a) een inventarisatie van de weerstandscapaciteit
b) een inventarisatie van de risico’s
c) het beleid over de weerstandscapaciteit en de risico’s
Weerstandscapaciteit
De weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen en mogelijkheden om niet begrote
kosten, die onverwachts en substantieel zijn, op te kunnen vangen. Tot de aanwezige
weerstandscapaciteit van de omgevingsdienst slechts twee posten kunnen worden
gerekend:
- Reserves
- Post onvoorzien
De ODRN heeft de opdracht gekregen om een Notitie weerstandsvermogen en risicoinventarisatie ODRN op te stellen. Deze notitie is op 18 oktober 2013 door het Algemeen
Bestuur vastgesteld. In de notitie wordt geconcludeerd dat er wel risico’s zijn maar dat er
geen beschikbare weerstandscapaciteit is en daarmee een onvoldoende
weerstandsvermogen. Daarbij heeft het Algemeen Bestuur bepaald dat op het ontbreken
van een weerstandscapaciteit bij de behandeling van de jaarrekening 2013 en de
begroting 2015 dient te worden teruggekomen.
29
Begroting 2015-2018
4.3 Paragraaf Financiering
Volgens de Wet FIDO (Wet Financiering Decentrale Overheden), is elke
gemeenschappelijke regeling verplicht om een financieringsparagraaf in haar begroting en
jaarrekening op te nemen. Daarin worden de ontwikkelingen aangegeven met betrekking
tot de kasgeldlimiet, de ontwikkelingen wat betreft de rente-risiconorm, de verwachte
toe- of afname van geldleningen of uitzettingen en het verdere beleid ten aanzien van
treasury. Deze paragraaf Financiering bevat in ieder geval de beleidsvoornemens ten
aanzien van het risicobeheer van de financieringsportefeuille.
Kasgeldlimiet
De kasgeldlimiet geeft aan in welke mate in de financiering van investeringen mag worden
voorzien in de vorm van kortlopende middelen. Volgens de Wet FIDO bedraagt de
kasgeldlimiet 8,2% van het totaal van de (primitieve) begroting en dat is voor 2015 0,8
miljoen euro.
Er is een Treasurystatuut opgesteld voor de omgang met liquide middelen en financiering.
Met BNG is een overeenkomst hiertoe gesloten waardoor dit weinig formatieve capaciteit
vraagt. Gebruik van derivaten wordt niet toegestaan. Geleend wordt alleen voor
kapitaaluitgaven die de reguliere bedrijfsvoering betreffen. De ODRN heeft voor de
inrichting van de ICT-omgeving en de huisvesting in 2013 kredieten beschikbaar voor een
totaal van € 2,1 miljoen. Om die reden kan de ODRN niet enkel met kortlopende leningen
de investeringen plegen, maar zijn ook middelen nodig met een looptijd langer dan één
jaar. Tot op heden is hiervan nog geen gebruik gemaakt. Voorstellen hierover worden in
de BERAP’s opgenomen.
In december is het zogenaamde Schatkistbankieren verplicht geworden. De ODRN heeft
daarvoor een speciale rekening geopend bij de huisbankier BNG en een bij het Rijk. De
ODRN dient alle bedragen boven € 250.000 (gemiddeld over een maand) over te maken
naar deze speciale rekening. Het Rijk heeft toegang tot deze rekening en gebruikt deze
gelden voor hun eigen financiering terwijl de ODRN maar een zeer geringe
rentevergoeding (0,10%) over de gelden krijgt.
4.4 Paragraaf Bedrijfsvoering
Bestuursorganen, personeel en organisatie
De ODRN kent de volgende drie bestuursorganen: Algemeen Bestuur, Dagelijks Bestuur en
de Voorzitter.
Het Algemeen Bestuur
Het Algemeen Bestuur bestaat uit 8 leden, t.w. de leden van de Colleges van
Burgemeester en Wethouders van de deelnemende gemeenten en een
vertegenwoordiger namens het College van Gedeputeerde Staten van Gelderland. Tevens
zijn er evenzoveel plaatsvervangende leden aangewezen. Aan het Algemeen Bestuur komt
de bevoegdheid toe die in de gemeente toekomt aan de raad resp. in de provincie aan de
staten met dien verstande dat de verhoudingen bij de gemeenschappelijke regeling niet
volledig zijn gedualiseerd.
30
Begroting 2015-2018
Het Dagelijks Bestuur
Het Dagelijks Bestuur telt vier leden inclusief de voorzitter. Conform de wet en de regeling
komt het Dagelijks Bestuur de bevoegdheid toe die in de gemeente toekomt aan het
College van Burgemeester en Wethouders dan wel het College van Gedeputeerde Staten.
De Voorzitter
De Voorzitter wordt door en uit het Algemeen Bestuur benoemd. De voorzitter is belast
met de leiding van de vergaderingen van het Dagelijks als ook het Algemeen Bestuur. Hij
vertegenwoordigt de regeling in en buiten rechte. De vertegenwoordiger van de Provincie
Gelderland, dhr. J.J. van Dijk, bekleedt het voorzitterschap.
Ambtelijke organisatie
De ambtelijke organisatie kenmerkt zich door een platte organisatie met een beperkt
aantal afdelingen met aan het hoofd de directeur, tevens secretaris. De afdelingshoofden
geven ieder leiding aan een afdeling. Deze zijn in onderstaand organogram nader
weergegeven. Het managementteam wordt gevormd door de directeur en de
afdelingshoofden. De controller (deel uitmakend van de staf) heeft een speciale positie.
Hij bevordert de kwaliteit, voert de controle uit als ook adviseert hij de organisatie over
onder meer een juiste en goede planning- en control cyclus en informatievoorziening.
Het jaar 2015 zal in het teken staan van de verdere vervolmaking van de inrichting van de
organisatie. Nu de eerste start is gemaakt zal vooral aandacht besteed worden naar het
realiseren van de kwaliteits- en efficiencydoelstellingen. De opgave van management en
medewerkers is om de kwaliteiten zo goed mogelijk in te zetten ten behoeve van deze
doelstellingen. Op het gebied van P&O is na de start begonnen met het vormgeven van
kaders voor het personeelsbeleid. Dit zal in 2014 en in 2015 moeten zijn voltooid.
Financiën
Voor de omgevingsdienst Regio Nijmegen zijn enkele kaderstellende nota’s opgesteld: een
Treasurystatuut, de Financiële verordening en de Controleverordening en een Notitie
weerstandsvermogen en risico-inventarisatie (zie hiervoor paragraaf 4.2). In het
Treasurystatuut worden de afspraken van de omgang met liquide middelen en benodigde
financiering voor investeringen vastgelegd. In de financiële verordening worden onder
meer de afspraken vastgelegd over de aanbieding van rapportages. In de
controleverordening staan de afspraken over de accountantscontrole. Naar aanleiding van
deze verordeningen worden of zijn al diverse activiteiten ondernomen (zoals intern
controleplan, normenkader rechtmatigheid, regels inkoop, aanbesteding accountant etc.).
In 2015 zal dit op onderdelen nog inzet vragen van de ODRN.
ICT
ODRN maakt gebruik van het ICT-systeem van Nijmegen en daarvoor is een Citrix
omgeving gebouwd waarin het gedigitaliseerde werkproces is ondergebracht. Daarnaast is
dit het platform om in fase 1 de systemen van de partners te kunnen benaderen.
Uitgangspunt hierbij is Het Nieuwe Werken. In 2014 en 2015 zal de ICT verder worden
vormgegeven in uniformering in Gelders verband omdat dit ook van groot belang is voor
het halen van de efficiencydoelstelling.
31
Begroting 2015-2018
Huisvesting
ODRN huurt van de gemeente Nijmegen kantoorruimte. De huisvesting voldoet aan het
uitgangspunt van “het nieuwe werken”. De dienstverleningsovereenkomst met de
gemeente Nijmegen voorziet in de volledige bij de huisvesting behorende facilitaire
ondersteuning, zoals gebruik van vergaderzalen, sanitaire voorzieningen, catering,
telefooncentrale en receptie. In 2014 vindt een evaluatiemoment plaats tussen huurder
en verhuurder.
4.5 Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen
Investeringen die omgevingsdiensten hebben, zitten regulier in huisvesting, ICT en
dienstauto’s. De ODRN heeft in het kader van het vervoer besloten over te gaan tot het
leasen van één dienstauto. De paragraaf kapitaalgoederen heeft tot doel om te laten zien
hoe de ODRN de instandhouding van de kapitaalgoederenvoorraad waarborgt. Aangezien
er geen panden in eigendom zijn, betreffen dit de huurdersinvesteringen in de nieuwe
werkplekken en de ICT-investeringen. Deze worden tegen een reële termijn annuïtair
afgeschreven zodat er na het einde van de levensduur een vrijval is die gelijk is aan de
jaarlast en enkel nog voor prijsontwikkelingen geïndexeerd hoeft te worden.
32
Begroting2015-2018
5. Bijlagen
5.1 Initiële kosten
Via de begroting 2013 is door de deelnemers aan de ODRN een opstartkostenbudget
beschikbaar gesteld van 991.000 euro en bedoeld om gedurende 3 jaren als ODRN te
1
groeien naar een volwassen organisatie. Per 31-12-2013 was hierop ruim 417.000 euro
aan uitgegeven. Besteding van het restant ad 574.000 euro gaat op basis van onderstaande
meerjarenbegroting:
omschrijving
2014
2015
40.000
20.000
Kwaliteitszorg
150.000
100.000
Communicatie
25.000
25.000
100.000
100.000
10.000
4.000
325.000
249.000
P&O strategische ondersteuning
Versterking programma management (realiseren
eigen ambitie/lean management en
productencatalogus)
Diversen
Totaal
.
5.2 Formatie overzicht
De organisatie bestaat uit naast de directeur en de staf uit 2 handhavingsafdelingen, 2
vergunningverleningsafdelingen en 1 afdeling juridisch Advies. In de HH-afdelingen en de
VV-afdelingen worden BRZO-taken uitgevoerd.
Organisatieonderdeel
Formatie 1-1-2015
Directie en secretariaat
3,50
Afdelingen Handhaving incl. BRZO
39,50
Afdelingen Vergunningverlening incl. BRZO
44,04
Afdeling Juridisch Advies
Totale formatie
1
15,25
102,29
Bron: ODRN jaarverslag 2013
33
Begroting 2015-2018
5.3 Overzicht deelnemersbijdragen
Deelnemersbijdragen exclusief integratie uitkering VTH 2014
Omschrijving
begroting
begroting
2.014
2015
2016
2017
2018
Gemeente Beuningen
374.627
398.200
389.800
381.800
381.800
Gemeente Druten
241.468
256.700
251.300
246.000
246.000
Gemeente Groesbeek
174.087
185.200
181.200
177.500
177.500
Gemeente Heumen
121.756
129.500
126.700
124.100
124.100
42.612
45.400
44.300
43.400
43.400
Gemeente Nijmegen
5.425.100
4.944.500
4.830.900
4.722.200
4.722.200
Gemeente Ubbergen
38.123
40.600
39.700
38.900
38.900
284.073
302.000
295.700
289.600
289.600
Provincie Gelderland
2.145.053
2.280.400
2.232.400
2.186.300
2.186.300
totaal
8.846.900
8.582.500
8.392.000
8.209.800
8.209.800
begroting
begroting
2.014
2015
2016
2017
2018
Gemeente Beuningen
113.351
113.351
113.351
113.351
113.351
Gemeente Druten
133.304
133.304
133.304
133.304
133.304
Gemeente Groesbeek
22.076
22.076
22.076
22.076
22.076
Gemeente Heumen
78.964
78.964
78.964
78.964
78.964
Gemeente Millingen aan de Rijn
85.756
85.756
85.756
85.756
85.756
Gemeente Nijmegen
358.308
358.308
358.308
358.308
358.308
Gemeente Ubbergen
22.078
22.078
22.078
22.078
22.078
127.361
127.361
127.361
127.361
127.361
-941.198
-941.198
-941.198
-941.198
-941.198
0
0
0
0
0
Gemeente Millingen aan de Rijn
Gemeente Wijchen
Integratie uitkering VTH 2014
integratie uitkering VTH taken
Gemeente Wijchen
Provincie Gelderland
totaal
34
Begroting 2015-2018
Deelnemersbijdragen inclusief integratie uitkering VTH 2014
Omschrijving
begroting
begroting
2.014
2015
2016
2017
2018
Gemeente Beuningen
487.978
511.600
503.200
495.200
495.200
Gemeente Druten
374.772
390.000
384.600
379.300
379.300
Gemeente Groesbeek
196.163
207.300
203.300
199.600
199.600
Gemeente Heumen
200.720
208.500
205.700
203.100
203.100
Gemeente Millingen aan de Rijn
128.368
131.200
130.100
129.200
129.200
Gemeente Nijmegen
5.783.408
5.302.600
5.189.000
5.080.300
5.080.300
Gemeente Ubbergen
60.201
62.700
61.800
61.000
61.000
411.434
429.400
423.100
417.000
417.000
Provincie Gelderland
1.203.855
1.339.200
1.291.200
1.245.100
1.245.100
totaal baten
8.848.900
8.582.500
8.392.000
8.209.800
8.209.800
Gemeente Wijchen
Uit te betalen gastheercompensatie 2015
Omschrijving
begroting
2015
Gemeente Beuningen
29.555
Gemeente Druten
19.053
Gemeente Groesbeek
13.741
Gemeente Heumen
9.609
Gemeente Millingen aan de Rijn
3.364
Gemeente Nijmegen
0
Gemeente Ubbergen
3.008
Gemeente Wijchen
22.413
Provincie Gelderland
169.257
totaal uit te betalen
270.000
35
Begroting 2015-2018
5.4 Bevoorschotting 2015
Omschrijving
Bijdrage
Af: Gastheer
Te betalen
deelnemers
Compensatie
voorschot
Gemeente Beuningen
511.600
29.555
482.045
Gemeente Druten
390.000
19.053
370.947
Gemeente Groesbeek
207.300
13.741
193.559
Gemeente Heumen
208.500
9.609
198.891
Gemeente Millingen aan de Rijn
131.200
3.364
127.836
Gemeente Nijmegen
5.302.600
0
5.302.600
Gemeente Ubbergen
62.700
3.008
59.692
429.400
22.413
406.987
Provincie Gelderland
1.339.200
169.257
1.169.943
totaal uit te betalen
8.582.500
270.000
8.312.500
Gemeente Wijchen
36
Begroting 2015-2018
5.5 Verklarende woordenlijst
afkorting
voluit
B&W
Burgemeester en Wethouders
BERAP
BEstuursRAPportage
BOR
Bijzondere OndernemingsRaad
BRIKS
Bouw, Reclame, Inrit, Kap en Sloop
BRZO
Besluit Risico’s Zware Ongevallen
DVO
DienstVerleningsOvereenkomst
E-PRTR
FTE
Europese Pollutant Release Transfer Register. Verplichting van
Milieujaarrapportage door industriële bedrijven
FullTime Equivalent
HUP
HandhavingsUitvoeringsProgramma
ICT
Informatie en CommunicatieTechnologie
ILT
Inspectie Leefomgeving en Transport
IPPC
LOD
Integrated Pollution Prevention and Control. Geïntegreerde preventie en
bestrijding van verontreiniging
Last Onder Dwangsom
MARAP
MAnagementRAPportage
MUG-gemeenten
Millingen aan de Rijn, Ubbergen en Groesbeek
OD’s
OmgevingsDiensten
ODRN
OmgevingsDienst Regio Nijmegen
OM
Openbaar Ministerie
P&O
Personeel en Organisatie
PIOFAH
SZW
Personeel, Informatievoorziening, Organisatie, Financiën, Administratie
en Huisvesting
Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
VNG
Vereniging Nederlandse Gemeenten
VR
VeilgheidsRapport
VTH
Vergunningen, Toezicht en Handhaving
WABO
Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht
5.6 Risico-inventarisatie
37
Begroting2015-2018
38
Begroting 2015-2018
39
Begroting 2015-2018
40
Omgevingsdienst Regio Nijmegen
Jaarverslag
2013
Datum: 12 maart 2014
Versie: 008 dagelijks bestuur
jaarverslag ODRN
Inhoudsopgave
1. INLEIDING_________________________________________________ 4
2. TERUGBLIK 2013 ___________________________________________ 4
3. BESTUUR ODRN ____________________________________________ 5
4. UITVOERING PROGRAMMA __________________________________ 7
4.1
Vergunningverlening __________________________________________________ 7
4.2
Handhaving en toezicht ________________________________________________ 8
4.3
BRZO en complexe vergunningverlening _________________________________ 10
4.4
Projecten __________________________________________________________ 14
4.5
Wat heeft het gekost? ________________________________________________ 15
5. GELEVERDE PRESTATIES NAAR DEELNEMERS ___________________ 16
6. BEDRIJFSVOERING _________________________________________ 18
6.1
De mens in de organisatie _____________________________________________ 18
6.2
Communicatie ______________________________________________________ 20
6.3
Juridische kwaliteitszorg ______________________________________________ 21
6.4
Kwaliteitscriteria ____________________________________________________ 21
6.5
Dienstverleningsovereenkomsten ______________________________________ 22
6.6
Processen en werkwijzen _____________________________________________ 23
6.7
Informatievoorziening ________________________________________________ 23
6.8
Productiviteit _______________________________________________________ 25
6.9
Klachten ___________________________________________________________ 25
7. JAARREKENING 2013 _______________________________________ 26
7.1
Algemeen __________________________________________________________ 26
7.2
Balans _____________________________________________________________ 28
7.3
Toelichting op de balans ______________________________________________ 30
7.4
Programmarekening _________________________________________________ 32
7.5
Wet normering topinkomen ___________________________________________ 35
7.6
Initiële kosten ten laste van opstartbudget _______________________________ 37
8. PARAGRAFEN _____________________________________________ 38
8.1
Financiële paragraaf _________________________________________________ 38
8.2
Risicoparagraaf en weerstandsvermogen ________________________________ 38
8.3
Bedrijfsvoering ______________________________________________________ 40
8.4
Onderhoud kapitaalgoederen __________________________________________ 41
2
Jaarverslag 2013 ODRN
9. BIJLAGEN ________________________________________________ 42
9.1
Overzicht formatie ___________________________________________________ 42
9.2
Staat van activa _____________________________________________________ 42
9.3
Nadere toelichting van geleverde prestatie naar de deelnemers ______________ 43
9.4
Leden Algemeen Bestuur _____________________________________________ 49
9.5
Controleverklaring Ernst & Young Accountants LLP _________________________ 50
9.6
Verklarende woordenlijst _____________________________________________ 51
9.7
Risico-inventarisatie _________________________________________________ 52
3
Jaarverslag 2013 ODRN
n
1. Inleiding
Voor u ligt het eerste jaarverslag van de Omgevingsdienst Regio Nijmegen (ODRN). Qua
opzet sluit dit jaarverslag aan bij in de 2013 uitgebrachte Bestuursrapportages (BERAP)
uitgebreid met de voor de jaarafsluiting noodzakelijke onderdelen, zoals Balans en
verplichte paragrafen.
2. Terugblik 2013
De ODRN is een jonge dienst die in 2013 negen maanden heeft gefunctioneerd. Vanaf 1
april is de dienst volledig operationeel. 2013 is in grote lijnen te kenschetsen als startjaar,
waarbij de energie op twee pijlers heeft gezeten. Enerzijds hebben we een kwalitatief
goede inhoudelijke uitvoering van ons takenpakket als prioriteit gesteld. Anderzijds is er
veel energie gestoken om de bedrijfsprocessen en de ondersteunende processen neer te
zetten.
Taakstelling en producten
De ODRN voert een gemêleerd takenpakket uit dat bestaat uit een verplicht
basistakenpakket (het volledige milieupakket) voor alle opdrachtgevers. Voor de
gemeente Nijmegen en de provincie Gelderland worden bovendien vrijwillige taken op het
gebied van de WABO uitgevoerd. Recentelijk is bestuurlijk besloten dat in het kader van
de herindeling van de gemeenten Groesbeek, Millingen aan de Rijn en Beek Ubbergen
ook de WABO taken van deze gemeenten door de ODRN uitgevoerd gaan worden.
Hiermee starten wij naar verwachting op 1 januari 2015. De wijze waarop de
opdrachtgevers de uitvoering ingericht willen zien ligt vast in door de colleges van B&W en
het college van Gedeputeerde Staten van Gelderland vastgestelde
dienstverleningsovereenkomsten. Begin 2014 wordt door de ODRN met de deelnemende
partners het gesprek gestart om deze dienstverleningsovereenkomsten te harmoniseren.
Nu de ODRN bijna een jaar functioneert is die harmonisatie zeer wenselijk, omdat we zo
met de productcatalogus (die nagenoeg gereed is) aan de opdrachtgevers een uniform
productenpalet aan kunnen bieden. Qua beprijzing hebben die producten voor alle
opdrachtgevers een zelfde opbouw. Daarmee ontstaat voor de opdrachtgevers een
keuzemogelijkheden naar de aard en omvang van af te nemen producten. Voor de ODRN
geeft het de mogelijkheid om efficiënt processen in te richten en zo de producten ook
tegen een aantrekkelijke prijs te leveren. 2015 zal het proefjaar zijn voor de
implementatie van deze productcatalogus. In 2016 wordt er naar verwachting dan echt
mee gewerkt waarmee op dat moment de inputfinanciering wordt ingeruild voor
productfinanciering. Om dit traject serieus in te kunnen vullen is een verdergaande
harmonisering van producten nodig. Dat traject is eind 2013 ingezet en is een belangrijk
gespreksthema tussen opdrachtgevers en ODRN.
Bestuursrapportage
De ODRN verantwoordt zijn prestaties in een bestuursrapportage [BERAP]. De rapportage
laat in de breedte zien hoe de ODRN reilt en zeilt. De BERAP is zó ingericht, dat de
geplande activiteiten per opdrachtgever afgezet zijn tegen de daadwerkelijke realisatie.
Ook laten we in de BERAP zien waar de ODRN, voor iedere opdrachtgever, met de
besteding van het budget staat.
Ten opzichte van de rapportages in 2013 zijn de systemen nu beter ingeregeld,
medewerkers zijn zich bewuster van het tijdschrijven en er lekt minder menskracht weg
4
Jaarverslag 2013 ODRN
aan activiteiten die niet direct te maken hebben met het primaire proces. Daarmee wordt
de rapportage inzichtelijker voor alle partijen. In 2014 zijn wij voornemens een traject in te
zetten waarbij wij als dienst ook de outcome, oftewel het effect van onze inspanningen,
onderwerp van gesprek willen laten zijn.
Werkgeverschap
De ODRN wil een frisse, veilige en uitdagende werkgever zijn. Wat we daar als organisatie
belangrijk in vinden staat beschreven in onze missie en visie verwoord in het
uitvoeringsplan. Om dat te realiseren is intensief met bestuurders en medezeggenschap
samengewerkt. Een van de belangrijke uitdagingen is om de HRM-cyclus in te vullen. In
2013 hebben we een eerste oefening gedaan door met onze medewerkers in het kader
van de planning van het werk in 2014 ook een eerste, nog wat informeel, gesprek te
voeren over hoe ze kwantitatief en kwalitatief hebben gefunctioneerd. Dit levert grosso
modo een zeer bevredigend beeld op. Onze medewerkers hebben zich in 2013 ook zeer
ingespannen van de ODRN een goed functionerende dienst te maken.
Dienstverleningsovereenkomst met de gastheer
De huisvesting en de belangrijke PIOFACH-taken worden door gastheer Nijmegen tegen
een vast bedrag geleverd. Afgesproken is om de dienstverleningsovereenkomst waarin is
vastgelegd wat de gastheer levert in het najaar van 2013/voorjaar 2014 te evalueren.
Deze evaluatie is inmiddels van start gegaan.
3. Bestuur ODRN
De ODRN kent de volgende drie bestuursorganen: Algemeen Bestuur, Dagelijks Bestuur en
de Voorzitter.
Het Algemeen Bestuur
Het Algemeen Bestuur bestaat uit 8 leden: de leden van de Colleges van Burgemeester en
Wethouders van de deelnemende gemeenten en een vertegenwoordiger namens het
College van Gedeputeerde Staten van Gelderland. Er zijn evenzoveel plaatsvervangende
leden aangewezen. Aan het Algemeen Bestuur komt de bevoegdheid toe die in de
gemeente toekomt aan de Raad en in de provincie aan de Staten, met dien verstande dat
de verhoudingen bij de gemeenschappelijke regeling niet volledig zijn gedualiseerd. De
leden die namens de gemeenten en de provincie Gelderland gedurende het jaar 2013
deel hebben uitgemaakt van het Algemeen Bestuur zijn in bijlage 9.4 van dit verslag
vermeld. Het Algemeen Bestuur is in 2013 drie keer bij elkaar geweest.
Het Dagelijks Bestuur
Het Dagelijks Bestuur telt vier leden inclusief de voorzitter. Conform de wet en de regeling
komt het Dagelijks Bestuur de bevoegdheid toe die in de gemeente toekomt aan het
College van Burgemeester en Wethouders dan wel het College van Gedeputeerde Staten
bij de provincie. Het Dagelijks Bestuur is in 2013 acht keer bij elkaar geweest. De leden die
deel uitgemaakt hebben van de het Dagelijks Bestuur zijn, namens de deelnemers:
Provincie Gelderland, de gemeenten Nijmegen, Groesbeek en Beuningen.
De Voorzitter
De Voorzitter wordt door en uit het Algemeen Bestuur benoemd. De voorzitter is belast
met de leiding van de vergaderingen van het Dagelijks en het Algemeen Bestuur. Hij
5
Jaarverslag 2013 ODRN
vertegenwoordigt de regeling in en buiten rechte. De vertegenwoordiger van de Provincie
Gelderland, dhr. J.J. van Dijk, bekleedt het voorzitterschap.
Onderwerpen ter beraadslaging en besluitvorming
Na de oprichting van de ODRN in november 2012 hebben de vergaderingen van het
Dagelijks en Algemeen Bestuur in 2013 vooral in het teken gestaan van de opbouw en de
inrichting van de organisatie. In dat kader zijn vele regelingen, verordeningen en
overeenkomsten, die voor een organisatie als de ODRN nodig zijn, de revue gepasseerd en
door de besturen vastgesteld.
Organisatieverordening
Voor wat de inrichting van de organisatie betreft is een organisatieverordening
vastgesteld die in het kort een beschrijving geeft van de organisatie ODRN, een delegatie
en mandaatsbesluit en overige benodigde besluiten ten behoeve van de inrichting.
Personele regelingen
Op het vlak van de personele regelingen zijn door het Algemeen Bestuur de CAR UWO
voor de Gelderse omgevingsdiensten en het Gelders Sociaal Plan (GSP) van de Gelderse
omgevingsdiensten van toepassing verklaard op de ODRN. Ook zijn verschillende
regelingen op het vlak van P&O vastgesteld of van toepassing verklaard zoals onder meer
een gedragscode, een regeling algemene dienst en verzuimprotocol maar ook een regeling
voor de afhandeling van klachten door derden tegen personeel van de ODRN.
Informatie over het primaire proces
Op het inhoudelijke vlak is het bestuur geregeld geïnformeerd de BRZO (Besluit Risico’s
Zware Ongevallen) en de ontwikkelingen daarin. Dit onderwerp staat volop in de
belangstelling na het verschijnen van de rapporten over de firma Odfjell en de daarop
volgende discussie in de Tweede Kamer. De ODRN blijft voor het gebied Regio Oost (de
provincies Overijssel en Gelderland) dé omgevingsdienst voor de BRZO. Daarnaast is op
verschillende momenten het bestuur geïnformeerd over de stand van zaken van de
voortgang van het primaire proces, onder meer in de kwartaalrapportages zoals de BERAP
(bestuursrapportage) ten behoeve van het bestuur en de MARAP
(managementsrapportage) ten behoeve van de deelnemers.
Het afgelopen jaar heeft de ODRN in het kader van de stelseltaak BRZO en complexe
vergunningverlening van verschillende omgevingsdiensten en gemeenten de benodigde
mandaten ontvangen en de daarbij behorende overeenkomsten afgesloten. Het Dagelijks
Bestuur heeft met de aan de directeur verleende mandaten ingestemd.
Financiën
Op het financiële vlak is de begroting 2014 ODRN in behandeling geweest. De deelnemers
hebben hun zienswijzen ingediend en deze zijn bij de behandeling door het Algemeen
Bestuur op 24 juni 2013 meegenomen. Het bestuur heeft de begroting ongewijzigd
vastgesteld. Vervolgens is deze aan het ministerie van BZK toegezonden binnen de
daarvoor gestelde datum. De begroting 2014 is in evenwicht en is qua opzet gelijk aan de
begroting 2013. Door het bestuur zijn onder meer een Financiële verordening, een
Controle verordening, een Treasury statuut als ook een accountantsprotocol voor de
controle van de jaarstukken vastgesteld. Daarnaast heeft het bestuur tevens gesproken en
ingestemd met de Nota Weerstandsvermogen en risico inventarisatie ODRN.
6
Jaarverslag 2013 ODRN
4. Uitvoering programma
4.1 Vergunningverlening
Wat doen we?
Voor de gemeente Nijmegen en de Provincie verzorgen we ‘Wabo-breed’ de
vergunningverlening. Dat betekent dat we zowel de vergunningverlening voor de
zogenaamde BRIKS-taken (bouwen, reclame, inritten, kappen en slopen) verzorgen en ook
de vergunningverlening voor milieu.
Voor de gemeenten Millingen aan de Rijn, Ubbergen, Groesbeek, Beuningen, Heumen,
Druten en Wijchen verzorgen we alleen de vergunningverlening voor het onderdeel
milieu.
Voor meerdere gemeenten geven we specialistische milieu-adviezen. Deze adviezen,
worden vaak gegeven in het kader van een RO-procedure en hebben bijvoorbeeld
betrekking op de bodemkwaliteit, geluidshinder, de luchtkwaliteit of het voorkomen van
overlast als gevolg van de aanwezigheid van bedrijvigheid.
De ODRN stelt voor de hele provincie voor de zogenaamde complexe bedrijven en voor de
BRZO bedrijven de omgevingsvergunningen op voor het onderdeel milieu. De
verantwoording van deze activiteiten vindt plaats in hoofdstuk 4.3.
Wat hebben we bereikt?
Inmiddels zijn met alle deelnemers werkafspraken gemaakt over de te volgen werkwijzen
en te hanteren procedures in het kader van vergunningverlening. Wat hierbij opvalt is dat
er een grote verscheidenheid is aan processen en systemen. Hierdoor is de werkwijze voor
iedere deelnemer verschillend.
Gemeenten
In onderstaande tabel is per gemeente een overzicht gegeven van de afgeronde
werkzaamheden op het gebied van milieuvergunningverlening per 31 december 2013
REGIO
afgerond
2013
Beu
Dru
Gro
Heu
Mil
Nij
Ubb
Wij
Totaal
Uitgebreide
Vergunning
2
0
0
0
1
14
1
2
20
3
4
2
2
1
18
1
2
33
8
17
6
14
4
83
5
26
80
Milieu-advies
10
4
0
0
0
5
2
1
22
Vooroverleg
0
1
1
0
0
5
0
0
7
23
26
9
16
6
125
9
31
245
procedure
Reguliere
vergunning
procedure
Melding
Activiteiten
besluit
Totaal
7
Jaarverslag 2013 ODRN
In onderstaande tabel het overzicht van het actuele werk per 31 december 2013.
REGIO
Onder
handen
Beu
Dru
Gro
Heu
Mil
Nij
Ubb
Wij
Totaal
Uitgebreide
vergunning
2
4
2
3
0
10
1
6
29
3
1
0
1
0
4
0
0
10
8
7
7
7
1
34
2
6
67
Milieu-advies
10
4
0
3
0
17
1
3
40
Vooroverleg
0
1
1
0
0
6
1
2
11
23
17
10
14
1
71
5
17
157
procedure
Reguliere
vergunning
procedure
Melding
Activiteiten
besluit
Totaal
Uit de 2 tabellen blijkt dat het aantal meldingen in het kader van het Activiteitenbesluit
het grootst is. Dit is een logisch gevolg van de dereguleringsmaatregelen waarbij voor veel
branches de algemene regelgeving uit het Activiteitenbesluit van toepassing is en
bedrijven geen milieuvergunning hoeven aan te vragen.
Verder valt het aantal milieu-adviezen op. Deze worden veelal gegeven in het kader van
een RO procedure, maar ze kunnen ook betrekking hebben op incidentele casuïstiek
(bijvoorbeeld geluidsadvies in het kader van de APV, bodemadvies).
Omgevingsvergunningen met activiteit bouwen in gemeente Nijmegen
In het afgelopen jaar dat de Omgevingsvergunningen (BRIKS) voor de gemeente Nijmegen
zijn behandeld, zijn er in totaal 1307 zaken ingekomen. Hiervan zijn 50 zaken aangemerkt
als uitgebreide procedure Wabo, met een behandeltermijn van 26 weken (in plaats van de
standaard 8 weken). In dit jaar zijn 277 gebruiksmeldingen brandveiligheid behandeld en
814 sloopmeldingen. Voor de Leegstandswet zijn 138 beschikkingen afgegeven. Door
aangepaste regelgeving van de Leegstandswet zullen de aantallen naar verwachting met
de helft afnemen omdat er nauwelijks nog verlengingsaanvragen afgegeven hoeven te
worden. De Wabo-besluiten van 7 reguliere procedures zijn niet binnen de wettelijke
termijn afgehandeld. Anders gezegd is 99,5% wel binnen de wettelijke termijn
afgehandeld.
4.2 Handhaving en toezicht
Wat doen we?
Alle partners hebben een lijst met te controleren bedrijven aangeleverd bij de ODRN. Deze
lijst kan worden gezien als het Handhavingsuitvoeringsprogramma (HUP) voor 2013 (1april-31 december). Het HUP omvat 1078 controles voor 2013. Alle bedrijven zijn
ingedeeld in categorieën (A1 t/m D4/5). Per categorie wordt een kengetal gebruikt
conform de regionale maatlat. Op basis van het tijdschrijfsysteem zullen de kengetallen
8
Jaarverslag 2013 ODRN
worden geverifieerd en aangepast. De nieuwe kengetallen worden verwerkt in een
productencatalogus.
Wat hebben we bereikt?
In de eerste maanden van de ODRN is er een forse achterstand op getreden bij de invoer
van handhavingszaken in het ICT-systeem. Eind 2013 is dat onder controle en kan gesteld
worden dat nagenoeg alle bedrijfsbezoeken geregistreerd zijn. In totaal staan 948 initiële
controles geregistreerd. Onder initiële controle wordt verstaan: integrale controles,
aspectcontroles, opleveringscontroles en inspecties naar aanleiding van een klacht.
Hiermee zit de ODRN op 88% van het volledige uitvoeringsprogramma 2013. Per
opdrachtgever kan het percentage afwijken. Zo is in de gemeente Millingen aan de Rijn
68% van het uitvoeringsprogramma afgerond. In absolute zin gaat het hier om 7 controles.
Op basis van de accountgesprekken met de opdrachtgevers zijn de overzichten daar waar
mogelijk verbeterd. De overzichten bieden steeds meer inzicht. Er is zoveel mogelijk
rekening gehouden met de wensen die de opdrachtgevers naar voren hebben gebracht.
In de onderstaande tabel staan de toezicht- en handhavingsactiviteiten opgesomd. Het
geplande aantal is afkomstig uit het HUP. De gerealiseerde getallen geven de
werkzaamheden over de periode 1 april tot en met 31 december 2013 weer. Verderop in
dit jaarverslag worden per opdrachtgever de cijfers nader uitgewerkt.
Sinds medio 2013 worden milieugerelateerde meldingen / klachten van burgers
opgevoerd in de webapplicatie S@men. Sinds oktober zijn hier ook de bouwgerelateerde
meldingen aan toegevoegd. In 2013 zijn in totaal 322 klachten binnengekomen. Dagelijks
worden deze klachten opgepakt en in behandeling genomen. Er is altijd contact met de
klager en het merendeel van deze klachten kon mondeling worden afgedaan. Uiteindelijk
hebben 20 klachten geleid tot een handhavingsbrief.
Producten milieu
Aantal controles
Aantal meldingen in S@men
Aantal klachten leidend tot handhaving
Aantal hercontroles
Aantal beoordelingen EPRTR
Aantal Voornemen LOD
Aantal LOD
Producten bouw
Aantal inspecties
Aantal hercontroles
Aantal klachten
Gepland
voor
2013
1.081
werkelijk
uitgevoerd
2013
958
322
20
354
37
49
5
Gepland
voor 2013
Werkelijk
Uitgevoerd
2013
1.715
861
84
2.000
9
Jaarverslag 2013 ODRN
4.3 BRZO en complexe vergunningverlening
BRZO
Wat doen we?
De ODRN is verantwoordelijk voor de uitvoering van de werkzaamheden op het gebied
van risicobedrijven. Het gaat om bedrijven die vallen onder het Besluit Risico's Zware
Ongevallen (BRZO) voor zowel milieu als bouwen (dit laatste alleen als het bevoegd gezag
dit daadwerkelijk aan de ODRN heeft gemandateerd) in Oost Nederland (Overijssel en
Gelderland).
Daarnaast gaat het om bedrijven die vallen onder de IPPC categorie 4. Het gaat op dit
moment om in totaal 54 bedrijven (50 BRZO en 4 IPPC categorie 4). Er spelen in Oost
Nederland een aantal initiatieven op basis waarvan de inschatting wordt gemaakt dat er
zo'n 3 à 4 bedrijven zullen bijkomen. Maar de verwachting is ook dat er een paar bedrijven
zullen afvallen.
Uniformiteit bij 6 BRZO-diensten
De ontwikkelingen op het gebied van BRZO worden zoveel mogelijk door de zes BRZO
omgevingsdiensten in Nederland op uniforme wijze opgepakt. De zes directeuren komen
maandelijks bijeen, waarbij andere instanties zoals ILT, SZW, OM en een
vertegenwoordiger van de veiligheidsregio's ook aanschuiven. Inmiddels is een leidraad
voor de samenwerking tussen de zes omgevingsdiensten vastgesteld, waarin de ambities
en werkwijze op het gebied van BRZO zijn vermeld. De voorzitters van de dagelijkse
besturen van de betreffende omgevingsdiensten staan ook achter deze leidraad. Zij
hebben met elkaar afgesproken om ook een aantal keer per jaar bijeen te komen om de
bestuurlijke ontwikkelingen met elkaar af te stemmen.
Samenwerkingsverband Oost Nederland
Voor Oost Nederland is een managementoverleg geïnitieerd, waarbij de Veiligheidsregio's,
inspectie SZW, ILT, Openbaar Ministerie, Waterschappen en Rijkswaterstaat aanwezig zijn.
Het doel van dat overleg is implementeren van landelijke ontwikkelingen, integraal
samenwerken en programmeren van de werkzaamheden in Oost Nederland
Wat hebben we bereikt?
De afgelopen maanden heeft de ODRN veel tijd besteed aan het verkrijgen van de
mandaten op het gebied van BRZO van 22 gemeenten en 2 provincies. Inmiddels heeft de
ODRN het mandaat ontvangen van de provincies Gelderland en Overijssel en van de
gemeenten Barneveld, Wageningen, Scherpenzeel, Nijkerk, Tiel, Ede, Overbetuwe,
Kampen, Aalten, Arnhem, Putten, Nijmegen, Duiven, Zutphen, Deventer, Wierden,
Enschede, Hengelo, Zwolle en Almelo. De verwachting is dat de ODRN de resterende
mandaten van Apeldoorn en Brummen in het eerste kwartaal 2014 zal ontvangen. Met de
betreffende bevoegde gezagen of omgevingsdiensten worden ook
dienstverleningsovereenkomsten gesloten. In het eerste kwartaal 2014 zullen deze
overeenkomsten worden afgerond.
10
Jaarverslag 2013 ODRN
Nulmeting
Zoals uit het overzicht blijkt, hebben de BRZO inspecteurs het inspectieprogramma
uitgevoerd door de BRZO bedrijven te controleren. Daarnaast hebben de inspecteurs ook
een nulsituatie-onderzoek uitgevoerd dat betrekking heeft op de BRZO bedrijven in Oost
Nederland. Het doel van dat onderzoek is inzicht krijgen in de eventuele risico' s bij de
betreffende bedrijven. De resultaten van deze nulmeting zijn besproken met de
opdrachtgevers: de provincies Gelderland en Overijssel. De aanbevelingen die
voortvloeien uit dat onderzoek worden meegenomen in het uitvoeringsprogramma van
2014. In het managementoverleg Oost Nederland zijn ook afspraken gemaakt op welke
wijze het programma in 2014 gezamenlijk wordt vormgegeven. Momenteel bevordert de
ODRN dat de landelijke Handhavingstrategie BRZO door de colleges van de bevoegde
gezagen wordt vastgesteld. De verwachting is dat medio 2014 ieder bevoegd gezag de
strategie heeft vastgesteld. Voorts is een kennispunt externe veiligheid opgericht. In dit
kennispunt zitten vergunningverleners afkomstig van de omgevingsdiensten in Overijssel
en de ODRN met een bijzondere expertise op het gebied van externe veiligheid. Zij
adviseren onder meer ingeval van vergunningprocedures bij BRZO bedrijven.
In de onderstaande tabel staan de toezicht- en handhavingsactiviteiten opgesomd met
betrekking tot de BRZO-inspecties. De tabel laat het geplande aantal uit de BRZO
jaarplanning zien naast de gerealiseerde getallen, zodat het beeld ontstaat van de
werkzaamheden van het eerste kwartaal door de provincie/ inspectiepool en van de rest
van jaar door de ODRN.
BRZO Oost
Aantal BRZO controles
Gelderland
Overijssel
Aantal controles
onaangekondigd
Beoordeling VR
e
e
e
Gepland
in 2013
Gereed
per 31-12
1 kwartaal
51
33
18
55
36
19
15
8
7
2 +3
kwartaal
ODRN
20
15
5
6
7
1
0
0
4
1
VERGUNNINGVERLENING BIJ COMPLEXE BEDRIJVEN
Wat doen we?
De ODRN verzorgt de vergunningverlening voor het onderdeel milieu voor complexe
bedrijven in Gelderland. Het gaat hierbij vaak om IPPC en BRZO bedrijven. We verzorgen
deze vergunningverlening voor de Provincie en voor de 6 overige Omgevingsdiensten
(OD’s) in Gelderland. Voor de BRZO bedrijven werken we rechtstreeks voor de bevoegde
gezagen.
Voor de provincie Gelderland worden vergunningprocedures uitgevoerd bij bedrijven die
vallen onder bevoegd gezag van de provincie. Het kan hier gaan om BRZO bedrijven uit de
hele provincie, maar ook om bedrijven onder bevoegd gezag van de provincie in het
werkgebied van de ODRN.
Voor de 6 Gelderse OD’s zijn wij verantwoordelijk voor de inhoud en totstandkoming van
de vergunning terwijl de OD waar de aanvraag wordt gedaan (geografische dienst)
11
Jaarverslag 2013 ODRN
verantwoordelijk is voor het proces. De vergunningen worden door ons aangeleverd in de
vorm van een advies. De geografische omgevingsdienst verzorgt (afhankelijk van mandaat)
onder andere de publicatie en verzending van de vergunning.
Wat hebben we bereikt?
Provincie Gelderland
In onderstaande tabel staan de afgeronde werkzaamheden per 31-12-2013 en de stand
van de actuele werkzaamheden per 1-102014.
omschrijving
Uitgebreide
Vergunningprocedure
Reguliere
Vergunningprocedure
Melding
Activiteitenbesluit
Milieu- advies
Vooroverleg
Totaal
Afgeronde
werkzaamheden
per 31-12-2013
Onderhanden
werk per
1-1-2014
4
11
20
9
6
1
2
3
2
7
33
32
Omgevingsdiensten Gelderland
Vanaf de start van de omgevingsdiensten per 1 april 2013 is het Gelders stelsel van
Omgevingsdiensten in werking. Voor het onderwerp complexe vergunningverlening
bekent dit dat er per 1 april een grote variatie in mandaten en bevoegdheden aanwezig is.
De provincie heeft haar mandaat verdeeld over 7 omgevingsdiensten en voor de ruim 50
gemeenten bestaan er met name voor vergunningverlening grote verschillen in mandaat.
Veel tijd en energie is dan ook gestoken in het maken van werkafspraken met andere
omgevingsdiensten die recht doet aan deze variatie in bevoegdheden en mandaten.
Hiertoe is bij de ODRN een accountmanager aangesteld die wekelijks, of zo vaak als
noodzakelijk, contact heeft met de andere omgevingsdiensten om onduidelijkheden en
knelpunten in lopende procedures te bespreken en waar mogelijk op te lossen. Belangrijk
hierbij is om elkaar te kennen en om elkaar weten te vinden als er onduidelijkheden zijn.
Veel tijd is besteed aan de uitwisseling van informatie tussen de verschillende
organisaties. Met name in de beginfase is gewerkt aan oplossingen die het mogelijk maakt
om grote bestanden eenvoudig uit te wisselen. Het OLO is hierin een krachtig hulpmiddel
gebleken.
Gedurende deze ‘verbouwing’ ging het werk gewoon door. In onderstaande tabel is een
overzicht gegeven van de afgeronde vergunningenprocedures in het kader van het stelsel.
Voor een deel zijn deze procedures voor 1 april gestart in de latende organisaties en
afgerond na 1 april in de omgevingsdiensten.
12
Jaarverslag 2013 ODRN
Tabel aantal afgeronde procedures(adviezen) in het stelsel
Afgeronde
procedures in 2013
Uitgebreide vergunningenprocedure
Reguliere Vergunningenprocedure
Melding Activiteitenbesluit
Milieu-advies
Vooroverleg
Totaal
ODA =
OddV=
ODNV =
ODR =
ODRA =
OVIJ =
ODA
5
5
2
0
1
13
OddV ODNV
3
0
2
8
0
0
1
1
0
1
6
10
ODR
1
7
0
0
2
10
ODRA OVIJ
4
0
13
0
2
1
0
1
0
0
19
2
totaal
13
35
5
3
4
60
Omgevingsdienst Achterhoek
Omgevingsdienst de Vallei
Omgevingsdienst Noord Veluwe
Omgevingsdienst Rivierenland
Omgevingsdienst Regio Arnhem
Omgevingsdienst Veluwe IJssel
Onderstaande tabel geeft het actuele werk weer per 1-1-2014.
Lopende procedures
per 1-1-2014
Uitgebreide vergunningenprocedure
Reguliere Vergunningenprocedure
Melding Activiteitenbesluit
Milieu-advies
Vooroverleg
Totaal
ODA OddV
13
5
2
3
0
0
3
2
9
6
27
16
ODNV
5
1
0
2
7
15
ODR ODRA OVIJ
11
6
3
3
11
7
0
1
0
4
6
2
11
9
6
29
33
18
totaal
43
27
1
19
48
138
Uit de tabellen is grosso-modo de logische conclusie te trekken dat bij OD’s met grotere
bedrijvenbestanden / meer complexe bedrijven ook meer procedures spelen op dit vlak.
Deze OD’s zijn de ODRA, de ODR en de ODA.
Hoewel de reguliere procedures, de meldingen en vooroverleggen van belang zijn, zijn het
met name de uitgebreide procedures die de aandacht trekken. Zoals bijvoorbeeld de
oprichtingsvergunning voor een nieuwe melkpoederfabriek voor Friesland Campina, de
oprichting van mestvergistingsinstallaties op industriële schaal of de aanvraag voor de
grootste vuurwerkopslag in Nederland. Met het goed doorlopen van dergelijke procedures
worden initiatieven gefaciliteerd en activiteiten mogelijk gemaakt.
13
Jaarverslag 2013 ODRN
4.4 Projecten
Extern
Een belangrijk project in het Nijmeegse is ‘Ruimte voor de rivier’. De ODRN heeft hier een
behoorlijke stevige klus om vergunningverlening, toezicht en handhaving uit te voeren.
Omdat voor dit project een enorme hoeveelheid aan vergunningen verleend moeten
worden, is een grote coördinatielast binnen de ODRN gelegen. Denk hierbij aan
afstemming met andere overheden zoals het Rijk (rijkscoördinatieregeling ), Provincie,
Waterschap en RWS, maar ook met afdelingen van gemeente Nijmegen. Het afgeven van
een omgevingsvergunning door de ODRN heeft raakvlakken met verkeersbesluiten of
milieukundig bodemtoezicht van de gemeente.
Daarnaast geeft een aanvraag voor een Omgevingsvergunning (met diverse activiteiten als
kappen, inrit, bouwen, rijksmonumenten) een bijzondere dynamiek, omdat de aanvragen
urgent en politiek gevoelig zijn. Voor dit project is dan ook een projectleider compleet
vrijgespeeld om de processen te stroomlijnen. Daarnaast zijn nog een groot aantal
interne- en externe adviseurs betrokken bij dit project. Het zwaartepunt heeft het
merendeel van het jaar bij vergunningverlening gelegen, maar sinds oktober is een
verschuiving zichtbaar naar inspectie. De contouren van nevengeul, waterkering en
bruggen worden nu voor iedereen zichtbaar.
Intern
Om optimalisatie te bereiken in de administratieve processen is een intern project gestart
met als doel een nog efficiënter werkproces te ontwikkelen.
Een ander project binnen de ODRN is het opstellen van een productencatalogus voor
2016. Het doel is om in 2014 een concept producten- en dienstencatalogus (PDC) op te
stellen en deze in 2015 verder kunnen specificeren. Het opstellen van een PDC kost veel
interne uren om tot een goed en werkbaar product te komen.
14
Jaarverslag 2013 ODRN
4.5 Wat heeft het gekost?
lasten
nr. Omschrijving
begroting
2013
werkelijk
2.013
resultaat
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
5.779.500
105.000
105.000
64.500
242.475
712.500
-450.000
427.125
308.250
299.250
177.000
21.225
4.956.685
105.271
103.824
79.642
711.885
712.500
-450.000
450.000
262.282
35.105
175.446
15.000
31.192
9.866
58.864
822.815
-271
1.176
-15.142
-469.410
0
0
-22.875
45.968
264.145
1.554
6.225
-31.192
-9.866
-58.864
118.500
-11.001
641.762
0
641.762
Salarissen en sociale lasten
Opleidingskosten
Overige personeelskosten
Mobiliteitskosten
Inhuur
Piofah taken gastheer
Piofah gastheercompensatie
Piofah gastheer minus compensatie
Huisvesting en verzekeringen
Kapitaallasten
ICT kosten
Accountant
Overige materiele kosten via gastheer
Representatiekosten
Overige materiele kosten via derden
Budget externe veiligheid
Bijdrage regionaal stelsel
subtotaal lasten
18 opstartkosten
totaal lasten
0
118.500
99.750
8.010.075
991.000
9.001.075
110.751
7.368.314
991.000
8.359.314
baten
nr. Omschrijving
begroting
2013
werkelijk
2013
resultaat
19 Subsidie externe veiligheid
20 Baten bovenregionale taken
21 Deelnemersbijdragen
Subtotaal baten
Eenmalige baten:
22 -opstartkosten
23 -subsidies
Totaal baten
118.500
1.414.324
6.477.251
8.010.075
74.637
1.376.721
6.477.251
7.928.609
43.863
37.603
0
81.466
991.000
991.000
48.890
8.968.499
0
-48.890
32.576
Resultaat -voordelig-
9.001.075
609.185
Voor toelichting op de verschillen wordt verwezen naar paragraaf 7.4 van dit jaarverslag.
15
Jaarverslag 2013 ODRN
5. Geleverde prestaties naar deelnemers
De start van de ODRN per 1 april 2013 is er één geweest met een inhoudelijk prioriteit bij
de kwalitatieve voortgang van lopende en nieuwe procedures. Onze medewerkers hebben
opdracht gekregen alle zeilen bij te zetten om het lopende werk op kwalitatief niveau af
te handelen. Dat betekent dat zeker de maanden tot en met de zomervakantie volop is
ingezet op deze prioriteit. (Administratieve) zoektochten naar de juiste stukken binnen de
gemeenten en de andere omgevingsdiensten in Gelderland zijn daarbij voor lief genomen.
Het betekent dat er ‘lekverlies’ is geweest op de directe uren van ODRN medewerkers.
Ook het onmiddellijk juist en adequaat tijdschrijven op lopende projecten is de eerste
maanden na de start van de ODRN niet altijd in alle gevallen goed gegaan. Om in 2013
binnen de afgesproken marges te presteren (hoger of gelijk aan 90 % van de prestatieindicator), zijn in een aantal gevallen (= gemeenten) extra directe uren ingezet. Op het
moment dat de ODRN naar een output gestuurde organisatie gaat, per 1 januari 2016, zal
ieder van de opdrachtgevers 100% van de afgesproken prestatie geleverd hebben
gekregen. Dit uitgangspunt laat onverlet dat uit de gegevens van de ODRN de conclusie
lijkt te moeten worden getrokken dat in enkele gevallen bij opdrachtgevers sprake is van
een te grote vraag naar producten in relatie tot de bij de start van de ODRN geleverde
menskracht/ middelen. Indien dit structureel blijkt te zijn, zijn er dus opdrachtgevers die
te weinig hebben ingebracht. In die gevallen zal de vraag door de betreffende
opdrachtgever moeten worden bijgesteld dan wel zal er extra moeten worden
gefinancierd. Met de betrokken opdrachtgevers zijn wij hierover in gesprek.
In 2014 zijn wij veel beter in staat te sturen op onze prestaties. Uiteraard is dit een gevolg
van het feit dat ons tijdschrijfsysteem werkt, onze organisatie na de woelige
oprichtingsperiode in rustiger vaarwater terecht is gekomen en onze processen ‘lean’
gemaakt zijn. Daarmee is de balans tussen de planning van onze werkzaamheden op het
gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving en de realisatie daarvan in een
stabiele en optimalere situatie terecht gekomen.
Op de volgende pagina wordt een overzicht geschetst van de werkzaamheden in de
periode 1 april tot 31 december 2013. In paragraaf 9.3 zijn deze cijfers per gemeente
nogmaals opgenomen met een verklarende toelichting
16
jaarverslag ODRN
Geleverde prestaties naar
deelnemers
omschrijving
Beuningen
Druten
Groesbeek
Heumen
Millingen
Nijmegen
Ubbergen
Wijchen
Provincie
Inbreng 2013 (9 maanden)
261.015
168.268
121.327
84.860
29.717
4.250.175
26.562
197.922
1.494.730
Bedrag geschreven
252.553
255.067
134.449
117.032
30.383
4.443.491
49.079
260.978
1.431.411
Planning HUP 2013
100
121
95
44
28
322
46
207
118
Controles uitgevoerd (aantal)
117
120
95
81
24
236
33
153
101
Aantal hercontroles
36
49
32
31
12
132
16
40
16
Aantal klachten in S@men
28
5
10
7
2
202
4
15
49
2
0
1
0
0
14
2
1
Aantal klachten leidend tot handhaving
Aantal bouwinspecties
Aantal hercontroles bouw
Aantal klachten bouw
1.715
861
84
Aantal bouwaanvragen
1.307
Aantal sloopmeldingen
814
Aantal gebruiksmeldingen
277
Aantal leegstandswet aanvragen
138
Aantal kapaanvragen
Aantal reclameaanvragen
19
6
89
51
17
jaarverslag ODRN
6. Bedrijfsvoering
6.1 De mens in de organisatie
In 2013 hebben we ernaar gestreefd dat de ODRN een dienst is waar medewerkers met
betrokkenheid en inzet werkzaam zijn. Het behoeft geen betoog dat een adequaat
personeelsbeleid de cruciale succesfactor is voor het ook op langere termijn kunnen
blijven realiseren van de aan de ODRN gevraagde prestaties.
Wat wilden we bereiken
In 2013 hebben we ernaar gestreefd dat de ‘juiste mens op de juiste plaats in de
organisatie’ zou komen te zitten, omgeven door heldere transparante
arbeidsvoorwaarden en regelingen en faciliteiten in een prettig en gezond werkklimaat.
Dat moest zorgen voor een medewerker die goed is toegerust voor zijn taak. Dat wilden
we realiseren in een organisatie die qua omvang (fte’s) en kwaliteit op maat is en goed
toegerust is op haar taak, oftewel een organisatie en medewerkers die voldoen aan de
kwaliteitscriteria 2.1.
Wat hebben we bereikt?
We hebben geprobeerd medewerkers te helpen en te faciliteren in hun persoonlijke
professionele ontwikkeling. Dit is gedaan door het voeren van evaluatiegesprekken, die de
basis vormen voor een Vlootschouw in januari 2014. Daarmee willen we een duidelijk
beeld krijgen van de kwaliteit van de medewerkers. Ook is de medewerkers gevraagd na
te denken over de besteding van het hen ter beschikking staande Individueel Loopbaan
Budget (ILB) van jaarlijks 500 euro. Hiervan is in 2013 nog maar mondjesmaat gebruikt
gemaakt, vandaar dat onder het budget opleidingskosten een reservering van bijna 40.000
euro is opgenomen. Dit bedrag wordt overgeheveld naar 2014. Ook is er aan integriteit
gewerkt door het laten afleggen van de ambtseed en het organiseren van een geslaagde
en praktisch ingestoken integriteitsworkshop.
In de Expertgroep P&O, waarin de P&O’ers van de verschillende Gelderse
Omgevingsdiensten samenwerken, wordt er gewerkt aan een gezamenlijke HRgesprekkencyclus en een gezamenlijke Visie op HRM. In 2013 zijn de eerste stappen gezet
op weg naar een strategische personeelsplanning: er zijn afspraken gemaakt en dit zal in
2014 verder worden uitgewerkt. In het kader van de kwaliteitscriteria is er in 2013
gekeken naar de mogelijkheden voor opleiding en scholing, om in 2014 te starten met het
waar nodig bijscholen van medewerkers.
18
Jaarverslag 2013 ODRN
Arbeidsverzuim als gevolg van ziekte
1
In de begroting 2013 is voor arbeidsverzuim als gevolg van ziekte de norm gesteld op 5%.
De registratie vanaf de start van de ODRN in april 2013 t/m december 2013 toont aan dat
het daadwerkelijke verzuim erg laag is: 0,96%. Uitgesplitst naar verzuimduur ziet dit er als
volgt uit:
Verzuimduur
kort [t/m 7 dagen]
middel [8 t/m 42 dagen]
lang [43 t/m 365 dagen]
Totaal
percentage
0,23
0,34
0,39
0,96
Meldingsfrequentie
De meldingsfrequentie is het totaal aantal ziekmeldingen in één kalenderjaar gedeeld
door het gemiddeld aantal personeelsleden in één kalenderjaar. De (landelijke) norm
hiervoor is 1,5: dus elke medewerker meldt zich gemiddeld anderhalf keer per jaar ziek.
De werkelijke meldingsfrequentie voor de ODRN is 0,42. Dat is dus ook erg laag. Omdat
dit getal gebaseerd is op de cijfers vanaf april 2013 (dus niet voor een heel jaar), is het niet
een getal waar al conclusies aan verbonden kunnen worden. Dit geldt overigens ook voor
de andere hier genoemde verzuimcijfers. Daarvoor is de registratie vanaf april te kort.
Planningsgesprekken
e
De planningsgesprekken hebben plaatsgevonden zoals voorgenomen bij onze 1
rapportage. Ons streven was om in 2013 minimaal met 90% van de medewerkers een
dergelijk gesprek te hebben. Het werkelijk percentage medewerkers waarmee
2
planningsgesprekken gevoerd is, ligt op 98,34% .Hiermee is de doelstelling voor 2013 dus
ruim behaald.
Evaluatiegesprekken
In het laatste kwartaal 2013 hebben de evaluatiegesprekken (in de MARAP nog
beoordelingsgesprekken genoemd) plaatsgevonden. Ons streven was om in 2013
minimaal met 90% van de medewerkers een dergelijk gesprek te hebben. Het werkelijk
percentage medewerkers waarmee evaluatiegesprekken gevoerd is, ligt op 98,34%.
Hiermee is de doelstelling voor 2013 dus ruim behaald.
1
Bij het verzuim gaat het om de medewerkers die een formeel dienstverband hebben bij de ODRN. Alle
medewerkers die bij de ODRN werkzaam zijn via bijvoorbeeld de Gastheer Nijmegen, de Provincie Gelderland of
via een andere constructie, tellen niet mee bij dit getal.
2
Het gaat bij zowel de planningsgesprekken en de evaluatiegesprekken om de medewerkers die een formeel
dienstverband hebben bij de ODRN. Alle medewerkers die bij de ODRN werkzaam zijn via bijvoorbeeld de
Gastheer Nijmegen, de Provincie Gelderland of via een andere constructie, tellen niet mee bij dit getal.
19
Jaarverslag 2013 ODRN
6.2 Communicatie
Op het gebied van communicatie speelden, in het oprichtingsjaar van deze nieuwe
organisatie, veel onderwerpen. Twee sporen waren én zijn van essentieel belang.
Externe communicatie
Samen met de gastheerorganisatie, de gemeente Nijmegen, is een aantal sessies
georganiseerd om de externe relaties van de ODRN in kaart te brengen. Daarbij is gelet op
belangen, aard van de relaties en communicatieboodschappen. Doel van deze sessies was
om per stakeholder te inventariseren hoe we de externe communicatie op de
verschillende doelgroepen kunnen afstemmen: willen we de lokale politiek benaderen,
dan is daarvoor immers een andere aanpak vereist dan dat we bedrijven, gelieerde
instanties of burgers willen informeren. De output van de sessies wordt verder uitgewerkt
en verankerd in een strategische communicatievisie voor de ODRN, aangevuld met een
communicatiekalender 2014 en de daaropvolgende jaren.
Behalve de strategische component van interne communicatie wordt er ook in praktischer
zin gewerkt aan het optimaliseren van de relatie tussen de ODRN en haar werkomgeving
en relaties. Zo werken de communicatieadviseurs van de diensten in Gelderland samen in
een regionaal georganiseerd communicatieplatform (met deelnemers van alle Gelderse
Omgevingsdiensten) waarin onderwerpen als strategie, onderlinge informatieuitwisseling
en persbeleid op de agenda staan. Ook timmert de ORDN verder aan de extern gerichte
website en herschrijven we de brieven die de afdelingen vergunningverlening en
handhaving versturen. Ook het inhoudelijk en facilitair (factsheets, presentaties)
voorbereiden van de directeur op bezoeken aan lokale bestuursorganen is een belangrijke
communicatietaak, net als het voorbereiden van de organisatie op de impact van de
resultaten van de gemeenteraadsverkiezingen, in maart. Tevens wil de ODRN investeren in
een onderzoek naar de kwaliteit van haar dienstverlening in het directe ‘umfeld’.
Interne communicatie
De ODRN is een jonge organisatie die bestaat uit medewerkers van verschillende
overheidsorganisaties. Het wordingsproces van een eigen interne identiteit en
organisatiecultuur staat of valt bij de kwaliteit van interne communicatie. Daarom
vestigden we daar in het ontstaansjaar van de dienst dan ook veel aandacht op. De interne
middelenmix bestaat op dit moment -naast de reguliere lijncommunicatie- uit een
intranet, nieuwsbrief en 'zeepkist'-bijeenkomsten.
Het intranet wordt in 2014 volledig vernieuwd: van een vrijblijvend medium voor het
ophalen van actualiteit naar een interactief en onmisbaar onderdeel van het werk van de
ODRN'ers. Er is straks van alles te vinden: actualiteit, inhoudelijke informatie voor het
uitvoeren van de dagelijkse taken, documenten, praktische info, een P&O-desk,
medewerkersprofielen, contactinformatie en dergelijke.
Ook op regionaal niveau wordt gewerkt aan interne communicatie. Medio november 2013
is, tijdens een breed opgezette Omgevingsdag in Apeldoorn, een voor alle in de regio
werkzame omgevingsdienst-medewerkers te gebruiken kennisnetwerk gepresenteerd.
Behalve de doorontwikkeling van intranet en het opzetten van een regionaal netwerk,
wordt er vanuit communicatie ook praktisch ondersteuning geboden bij
informatievoorziening op onderwerpen die voor de interne organisatie van belang zijn.
Denk daarbij bijvoorbeeld aan een themabijeenkomst rond integriteit, die eind 2013 heeft
20
Jaarverslag 2013 ODRN
plaatsgevonden.
6.3 Juridische kwaliteitszorg
Onder juridische kwaliteitszorg verstaan wij het ontwerpen, implementeren, toepassen en
controleren van alle instrumenten die nodig zijn om de taken die onder mandaat van de
opdrachtgevers worden uitgevoerd op een juridisch verantwoorde manier uit te oefenen.
Vanuit het besef dat het tot de hoofddoelen van de overheid behoort om rechtmatig te
handelen willen wij de bestuurlijke slagkracht en flexibiliteit zo groot mogelijk houden. In
dat verband dragen wij zorg voor een adequate juridische inbreng op de juiste momenten
in de vergunningen- en handhavingsprocessen.
Analyse in 2013
Wij hebben de aan ons verstrekte mandaten door de aan de ODRN deelnemende partners
geanalyseerd. Hieruit blijkt dat er grote verschillen bestaan in de opzet en omvang van de
aan ons verstrekte mandaten. Deze verschillen brengen (juridische) risico’s met zich mee
en werken belemmerend op een efficiënte bedrijfsvoering van zowel ons als onze
partners. Aan de hand van de door ons uitgevoerde analyse zullen wij de partners
voorstellen om de aan ons verstrekte mandaten zo uniform mogelijk van opzet en omvang
te laten zijn.
BRZO-mandaat
Daarnaast hebben wij veel werk besteed aan het de totstandkoming van een zo uniform
mogelijke mandaatverstrekking aan ons door de gemeenten/omgevingsdiensten waarin
BRZO bedrijven gelegen zijn. Deze inspanningen hebben erin geresulteerd dat de ODRN
nu beschikt over een toereikend ‘BRZO-mandaat van bijna alle Gelderse en Overijsselse
gemeenten en Omgevingsdiensten.
Bezwaar en beroep
Tenslotte hebben wij in het kader van de juridische kwaliteitszorg afspraken gemaakt
over de behandeling van bezwaar- en beroepschriften met zowel de aan de ODRN
deelnemende partners als de Omgevingsdienst Regio Arnhem (die behandelt de bezwaaren beroepschriften tegen de door ons onder mandaat van de provincie Gelderland
genomen besluiten).
6.4 Kwaliteitscriteria
Zelfevaluatietool
De kwaliteitscriteria 2.1 zijn bedoeld om de uitvoering van vergunningverlening, toezicht
en handhaving te professionaliseren. Alle bevoegde gezagen worden geacht hieraan te
voldoen per 1-1-2015. Voor de ODRN is in het voorjaar van 2013 een nulmeting gedaan
conform de systematiek van de zelfevaluatietool. Hiermee wordt voor de opdrachtgevers
van de ODRN duidelijk voor welke van de 28 deskundigheidsgebieden de ODRN
voldoet aan de kwaliteitscriteria.
21
Jaarverslag 2013 ODRN
Scores
Bij 10 van de 13 generieke deskundigheidsgebieden scoort de ODRN goed, bij de overige 3
(VV en HH agrarisch en HH Bodem) wordt de samenwerking gezocht of wordt ingezet op
een opleidingstraject. Bij de 5 juridische deskundigheidsgebieden scoort de ODRN op 3
terreinen goed. De overige twee taken, ketentoezicht en buitengewone opsporing,
worden in samenwerking met de andere omgevingsdiensten ingevuld. Bij zeven van de 10
specialistische deskundigheidsgebieden kan de ODRN medio 2013 niet volledig voldoen
aan de kwaliteitscriteria (Bouwfysica-Complex, Brandveiligheid, Sloop en Asbest,
Afvalwater (indirecte lozingen), Geluid Complex, ‘Stedenbouw en inrichting openbare
ruimte’ en Cultuurhistorie). Voor de specialisaties Geluid, Stedenbouw en Cultuurhistorie
geldt dat een groot deel van de capaciteit is achtergebleven bij de opdrachtgevers.
Brandveiligheid wordt in samenwerking met de veiligheidsregio ingevuld. Het thema
‘Sloop en Asbest’ vereist een kleine aanpassing in de capaciteitstoedeling.
Procescriteria
Om de uitvoering van de VTH-taken mogelijk te maken en deze aan te sturen bevatten de
kwaliteitscriteria zogenaamde procescriteria. Op onderdelen daarvan wordt in de huidige
situatie nog niet in zijn geheel voldaan. In grote lijnen betekent dit het volgende;
 bestaand beleid op gebied van VTH taken actualiseren en aanpassen aan
kwaliteitscriteria
 bijscholing van medewerkers
 systematiek ontwikkelen voor rapportage en monitoring
 uniforme processen en protocollen vaststellen
 kwaliteitszorg waarborgen
In samenwerking met de opdrachtgevers zal de globale meting verder worden
uitgewerkt en leiden tot verbeterplan(en zodat de uitvoering van de VTH taken
redelijkerwijs per 1 januari 2015 aan het vereist kwaliteitsniveau voldoet. De eindmeting
zal in november/december 2014 plaatsvinden.
6.5 Dienstverleningsovereenkomsten
De aan de ODRN deelnemende partners zijn onze opdrachtgevers. In
dienstverleningsovereenkomsten worden de aard en omvang van de door opdrachtgevers
aan ons over te dragen werkzaamheden vastgelegd. Tevens worden in de
dienstverleningsovereenkomst de randvoorwaarden opgenomen, waarbinnen wij deze
werkzaamheden kunnen uitvoeren. In 2013 zijn met alle aan de ODRN deelnemende
partners deze dienstovereenkomsten gesloten. In het kader van de accountgesprekken
met de partners wordt gekeken of aanpassing van de dienstverleningsovereenkomst
noodzakelijk is. In 2013 is het (nog) niet nodig gebleken de dienstverleningsovereenkomsten aan te passen
Daarnaast zijn/worden wij bevoegd om in mandaat besluiten te nemen ten aanzien van de
in de provincie Gelderland en Overijssel gelegen bedrijven die onder de werkingssfeer van
het Besluit Risico’s Zware Ongevallen (BRZO)vallen. Met de Gelderse en Overijsselse
gemeenten en/of omgevingsdiensten, waarbinnen deze bedrijven zijn gevestigd, hebben
wij veelvuldig overleg gevoerd met diverse overheden over de wijze waarop wij de
verstrekte mandaten gaan uitvoeren. Inmiddels bevinden deze overleggen zich in een
22
Jaarverslag 2013 ODRN
afrondende fase en zullen de gemaakte afspraken vastgelegd worden in een aantal
dienstverleningsovereenkomsten
Tenslotte is binnen het kader van Gelderse stelsel van de omgevingsdiensten afgesproken
dat wij de advisering op milieutechnisch terrein verrichten bij vanuit milieuoogpunt
complexe bedrijven, die binnen het werkgebied van de andere Gelderse
omgevingsdiensten zijn gevestigd. De in dit verband gemaakte afspraken zullen ook
vastgelegd worden in een dienstverleningsovereenkomst. Vanzelfsprekend streven wij
ernaar waar mogelijk de dienstverleningsovereenkomsten zo uniform mogelijk van
inhoud en opzet te laten zijn, zodat wij onze werkzaamheden in dat verband zo efficiënt
mogelijk kunnen invullen.
6.6 Processen en werkwijzen
Om kwalitatief beter, sneller en goedkoper te werken zijn over de ‘breedte’ van de
uitvoering van de ODRN taken inhoudelijke afspraken gemaakt.
De wijze waarop deze taken worden uitgevoerd en de momenten van afstemming in het
proces met de opdrachtgevers, is in eerste aanleg vastgelegd in werkprocessen. Er is in het
afgelopen kwartaal hard gewerkt om de werkprocessen op orde te krijgen. De
werkprocessen worden zo ingericht dat maatwerk per deelnemer mogelijk is. Een aantal
zaken vraagt specifieke aandacht:
 Onduidelijkheden over rolverdeling, bijvoorbeeld bij meervoudige
vergunningverlening en uitvoering van bovenregionale taken
 Beperkte (digitale) beschikbaarheid van dossiers en werken in diverse
verschillende applicaties en systemen
 Snelheid van informatie-uitwisseling
 Ontbreken van eenduidig beleid en Uniformiteit in de toezichtstrategie
 Verschillen in mandatering
 Archivering
Bovenstaande factoren leiden tot onnodig tijdverlies aan de voorkant en achterkant van
het werkproces, waardoor een efficiënte uitvoering van onze taken onder druk komen te
staan. De afgelopen maanden zijn de processen geoptimaliseerd. Daar waar nodig en
mogelijk zullen ook gedurende het komende jaar de processen verder worden
geoptimaliseerd en gedigitaliseerd. Daarbij is afstemming met onze opdrachtgevers over
gemaakte afspraken en gekozen uitgangspunten van groot belang en zal in nauwe
samenwerking met onze gastheer het automatiseringssysteem op onderdelen
heringericht worden.
6.7 Informatievoorziening
Archivering
De ODRN valt voor wat de archivering betreft onder het toezicht van de Archiefinspecteur
van de gemeente Nijmegen. Deze zal in de toekomst op geregelde momenten de
archivering van de ODRN doorlichten en komen met een rapport daarover. Om een goede
start te kunnen maken is door het Regionaal Archief Nijmegen (RAN) een zogenaamde
nulmeting gedaan als basis voor de toekomstige inspecties. Begin 2014 zullen de
bevindingen daarvan gereed zijn.
23
Jaarverslag 2013 ODRN
Systeem voor het primaire proces
De ODRN heeft diverse systemen in gebruik voor het primaire proces. Het betreft WRS
voor het registreren van vergunningprocedures en bouwinspecties, Powerforms voor
milieuhandhaving en MyCorsa als documentmanagementsysteem. Deze systemen zijn
volop in ontwikkeling. Sinds de start van de ODRN zijn er circa 30 systeemaanpassingen
gerealiseerd en momenteel zijn er zo’n 35 in uitvoering.
Voor Handhaving is op 1 april meteen begonnen met zaakgericht werken in Powerforms.
Dat wil zeggen dat alle milieucontroles worden geregistreerd en afgehandeld in
Powerforms. Daarnaast is de koppeling tussen Powerforms en MyCorsa verbeterd. De
koppeling tussen Powerforms en de Basisregistratie Adressen en Gebouwen is nog niet
operationeel. De verwachting is dat deze begin 2014 in productie genomen kan worden.
De strategische visie van de ODRN ten aanzien van de informatiestructuur is grotendeels
bepaald. Hierbij wordt sterk rekening gehouden met de visie vanuit het Gelderse Stelsel
en de partners. In oktober 2013 is met een project gestart om de informatievoorziening
voor de stelseltaken van de Gelderse Omgevingsdiensten uit te werken. Doelstelling is om
te komen tot één stelsel(zaak)systematiek (geharmoniseerde werkprocessen en
gestandaardiseerde informatiearchitectuur) waarbij alle informatie over complexe
inrichtingen op een centrale plek beschikbaar is voor alle Gelderse omgevingsdiensten. Op
de volgende pagina is dit schematisch weergegeven
Informatiearchitectuur stelseltaken Gelderse Omgevingsdiensten fase 1
24
Jaarverslag 2013 ODRN
6.8 Productiviteit3
De gerealiseerde productiviteit over 2013 is uitgekomen op 69%. In de begroting 2013 is
de norm voor de productiviteit bepaald op 75% voor een heel jaar. De norm is dus niet
gehaald. De lagere productiviteit hangt samen met:
ste
 De start van de ODRN per 1 april waardoor we het meest productieve 1
kwartaal in de cijfers missen
 De onvermijdelijke startperikelen die horen bij een nieuwe organisatie
 De onwennigheid van de medewerkers om consequent op tijd, de tijd te
verantwoorden.
In onderstaande grafiek is de productiviteit per afdeling en totaal (TOT) weergegeven. De
norm is als horizontale zwarte lijn aangegeven.
Productiviteit ODRN cumulatief 2013
90%
t/m april
80%
t/m mei
70%
t/m juni
60%
t/m juli
50%
t/m aug
40%
t/m sept
30%
t/m okt
20%
t/m nov
10%
t/m dec
0%
norm
HH1
HH2
VV1
VV2
JA
TOT
6.9 Klachten
In 2013 zijn 4 klachten ingediend. In separaat jaarverslag zal hierover worden
gerapporteerd.
3
De definitie die we voor productiviteit gebruiken: productiviteit zijn de uren die medewerkers direct op de
producten schrijven.
25
Jaarverslag 2013 ODRN
7. Jaarrekening 2013
7.1 Algemeen
Begroting 2013
De begroting 2013 is in de vergadering van het Algemeen Bestuur van 11 maart 2013
vastgesteld en ter goedkeuring verzonden aan het Ministerie van Binnenlandse Zaken.
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling
De volgende grondslagen, waarop de waardering van activa en passiva en de
resultaatbepaling zijn gebaseerd, zijn bedoeld als leidraad voor een juiste interpretatie van
de financiële overzichten. De jaarrekening is opgesteld volgens de voorschriften van het
BBV. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden
plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij de desbetreffende balanspost anders
vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarde.
Voor zover het BBV niet anders voorschrijft, zijn de baten en lasten toegerekend aan het
jaar waarop zij betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op
balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het
einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de
jaarrekening bekend zijn geworden.
Materiële vaste activa
De vaste activa worden geactiveerd tegen verkrijgingprijs. Er wordt annuïtair
afgeschreven. De looptijden zijn 3, 5 of 10 jaar en variëren omdat ze afhankelijk zijn van
de soort investering.
Financiële vaste activa
De financiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen verkrijgingprijs (nominale waarde).
Leningen tegen de nominale waarde opgenomen, verminderd met de reeds gedane
aflossingen.
Uitzettingen en overlopende activa
Vorderingen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.
Liquide middelen
De liquide middelen zijn tegen de nominale waarde opgenomen en omvat het banksaldo.
Bestemmingsreserve
Onder een bestemmingsreserve wordt verstaan een reserve, waaraan door het bestuur
een bepaalde bestemming is gegeven.
Nog te bestemmen rekeningresultaat
Het nog te bestemmen rekeningresultaat is het resultaat in het boekjaar. Het nog te
bestemmen rekeningresultaat wordt ter bestemming voorgelegd aan het algemeen
bestuur.
26
Jaarverslag 2013 ODRN
Vaste schulden
De leningen met een looptijd langer dan een jaar worden hieronder tegen de nominale
waarde opgenomen, verminderd met de reeds gedane aflossingen.
Vlottende passiva
De vlottende passiva hebben een looptijd korter dan een jaar. De vlottende passiva zijn
gewaardeerd tegen nominale waarde.
Borg- en garantstellingen
Buiten de balanstelling wordt – voor zover van toepassing – het bedrag genoemd
waarvoor er borg- of garantstellingen zijn afgegeven.
Resultaat na bestemming
Het resultaat na bestemming is het resterende resultaat na reeds bestemde mutaties in
de reserves. Het resultaat wordt ter besluitvorming voorgelegd aan het Algemeen
Bestuur.
Verordeningen
De diverse verordeningen op basis van het Besluit Begroting en Verantwoording zijn door
het Algemeen Bestuur van de ODRN vastgesteld. Het Algemeen Bestuur heeft Ernst en
Young de opdracht tot controle verstrekt en heeft daarbij ingestemd met het
accountantsprotocol 2013.
Rechtmatigheid: normenkader
Voor wat de toetsing aan de rechtmatigheid betreft is door het Algemeen Bestuur bij het
vaststellen het accountantsprotocol het normenkader vastgesteld waaraan de rekening
dient te worden getoetst.
 Wet gemeenschappelijke regelingen;
 Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Regio Nijmegen;
 Gemeentewet;
 Provinciewet;
 Algemene wet bestuursrecht;
 Besluit begroting en verantwoording voor provincies en gemeenten;
 Fiscale wetgeving;
 Wet financiering decentrale overheden;
 Europese aanbestedingsregels;
 Besluit accountantscontrole decentrale overheden;
 Wet BIBOB;
 SISA-protocol;
 Ambtenarenwet;
 Fiscale wetgeving;
 Sociale verzekeringswetten;
 Arbeidsomstandighedenwet;
 CAR/UWO.
 Wet milieubeheer;
 Wet investeringsbudget stedelijke vernieuwing;
 Wet bodembescherming;
27
Jaarverslag 2013 ODRN




Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;
Wet openbaarheid van bestuur en alle krachtens deze wetgeving vastgestelde
AMvB's;
Aanbestedingswet
Wet normering Topinkomens
Overige in de gemeenschappelijke regeling van de ODRN en de jaarprogramma’s voor de
gemeenten en provincie opgenomen wetten en verordeningen waarvan de uitvoering is
opgedragen aan de ODRN
Daarnaast is nadere (interne) regelgeving vastgesteld door het Algemeen Bestuur. De
interne verordeningen c.q. regelgeving vallen voor het jaar 2013 onder het normenkader
van de Financiële Rechtmatigheid:
 Tekst Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Regio Nijmegen;
 Financiële verordening ODRN (212);
 Controleverordening ODRN (213);
 Treasurystatuut;
 Notitie inzake het weerstandsvermogen;
 AB- en DB besluiten.
Controletoleranties
Hierbij wordt aangesloten bij de maximale goedkeuring- en rapportagetoleranties, zoals
die wettelijk in het BAPG zijn vastgesteld, te weten 1% van de lasten voor fouten en voor
onzekerheden in de controle 3%. Deze toleranties gelden zowel voor de getrouwheid als
voor de rechtmatigheid. Elke fout of onzekerheid boven 50.000 euro wordt
gerapporteerd.
7.2 Balans
28
jaarverslag ODRN
bedragen in
euro's
Balans ODRN 2013
Activa
ultimo
2013
VASTE ACTIVA
TOTAAL VASTE ACTIVA
eigen vermogen
401.534
401.534
algemene reserve
0
bestemmingsreserve
0
nog te bestemmen rekeningsresultaat
609.185
TOTAAL VASTE PASSIVA
609.185
VLOTTENDE ACTIVA
VLOTTENDE PASSIVA
uitzettingen met een rentetypische looptijd <1 jaar
netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd <1 jaar
-vorderingen op openbare lichamen
637.083
-overige vorderingen
Liquide middelen
-schulden aan openbare lichamen
540.110
-overige schulden
151.031
765.251
overlopende activa
vooruitbetaalde bedragen
ultimo
2013
VASTE PASSIVA
materiele vaste activa
investeringen met een economisch nut
Passiva
overlopende passiva
617.000
-verplichtingen
293.897
-vooruitontvangen bedragen
826.644
TOTAAL VLOTTENDE ACTIVA
2.019.333
TOTAAL VLOTTENDE PASSIVA
1.120.541
TOTAAL
2.420.867
TOTAAL
2.420.867
29
Bedragen in euro’s
7.3 Toelichting op de balans
VASTE ACTIVA
Materiele vaste activa
401.533
Investeringen met een economisch nut.
Onderstaand is een overzicht gegeven van de gedane investeringen in het boekjaar. In 2013 is
gerekend met een half jaar afschrijving en rente.
Omschrijving
Boekwaarde 1 april 2013
Aanschaffingen in het jaar:
Aanpassing en inrichting kantoorpand
Ict applicaties
ICT: pc’s en laptops
Totaal aangeschaft
Af: afschrijving 2013
Boekwaarde per 31 december 2013
euro
0
340.298
39.111
46.580
425.989
24.455
401.534
VLOTTENDE ACTIVA
Uitzettingen met een rente typische looptijd van < 1 jaar
Vorderingen op openbare lichamen
-debiteurensaldo per ultimo 2013
-Omzetbelasting 2013
Totaal vorderingen op openbare lichamen
Liquide middelen
637.083
450.242
186.841
637.083
765.251
Bank
Het betreft hier het saldo van de (enige) rekening-courant van de ODRN bij de BNG. Dit saldo
stemt overeen met het desbetreffende bankafschrift.
Vooruitbetaalde bedragen
617.000
Betreft kosten van het vertrekarrangement van ex-medewerkers van de gemeente Nijmegen.
Deze kosten worden zo spoedig mogelijk, in overleg met de gemeente Nijmegen, verrekend
via de in de begroting 2014 en verder ontstane vrijval op de post salarissen.
30
VASTE PASSIVA
Nog te bestemmen rekeningresultaat
649.185
Betreft het positieve gerealiseerde resultaat over 2013. Het Algemeen bestuur dient hierover
nog te bestemmen.
VLOTTENDE PASSIVA
Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd <1jaar
Schulden aan openbare lichamen
-crediteurensaldo
e
-Loonheffing 4 kwartaal 2013
Totaal schulden aan openbare lichamen
Overige schulden
-Crediteurensaldo
-Verrekening netto salarissen via periode 13
Totaal overige schulden
Overlopende passiva
Transitorische passiva
-verplichtingen
-BRZO bijdrage nog te betalen aan gemeenten
-reservering Individueel loopbaanbudget
691.141
200.704
339.406
540.110
140.056
10.975
151.031
293.897
194.227
60.000
39.670
293.897
Vooruit ontvangen bedragen
Opstartbudget, restant per 31 december 2013
Nog te besteden subsidies
Ontvangen VT rechten ex medewerkers gemeente Nijmegen
Nog te betalen
Totaal vooruit ontvangen
826.644
573.636
91.920
160.038
1.050
826.644
31
7.4 Programmarekening
Onderstaand een overzicht van de uitgaven en inkomsten versus begroting over 2013. Het
jaar 2013 is afgesloten met een voordelig resultaat van 609.185. Het voordeel is hoofdzakelijk
ontstaan door overschotten op de budgetten voor salarissen en kapitaallasten. Er zijn echter
bij de budgetten voor materiële kosten ook overschrijdingen opgetreden. In 2014 zal uit
nadere analyse, onder andere door evaluatie van de verrekeningen met de Gastheer, moeten
blijken in hoeverre deze overschrijdingen structureel zijn. Is een structurele component
inderdaad aan de orde dan zal begroting 2014 e.v. gewijzigd moeten worden waarbij
budgettaire neutraliteit het uitgangspunt is en blijft. Een hogere bijdrage van de deelnemers
ligt dus niet in de rede.
Lasten
nr. Omschrijving
begroting
2013
werkelijk
2.013
resultaat
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
5.779.500
105.000
105.000
64.500
242.475
712.500
-450.000
427.125
308.250
299.250
177.000
21.225
4.956.685
105.271
103.824
79.642
711.885
712.500
-450.000
450.000
262.282
35.105
175.446
15.000
31.192
9.866
58.864
822.815
-271
1.176
-15.142
-469.410
0
0
-22.875
45.968
264.145
1.554
6.225
-31.192
-9.866
-58.864
118.500
-11.001
641.762
0
641.762
Salarissen en sociale lasten
Opleidingskosten
Overige personeelskosten
Mobiliteitskosten
Inhuur
Piofah taken gastheer
Piofah gastheercompensatie
Piofah gastheer minus compensatie
Huisvesting en verzekeringen
Kapitaallasten
ICT kosten
Accountant
Overige materiele kosten via gastheer
Representatiekosten
Overige materiele kosten via derden
Budget externe veiligheid
Bijdrage regionaal stelsel
subtotaal lasten
18 opstartkosten
totaal lasten
0
118.500
99.750
8.010.075
991.000
9.001.075
110.751
7.368.314
991.000
8.359.314
32
Baten
nr. Omschrijving
begroting
2013
werkelijk
2013
resultaat
19 Subsidie externe veiligheid
20 Baten bovenregionale taken
21 Deelnemersbijdragen
Subtotaal baten
Eenmalige baten:
22 -opstartkosten
23 -subsidies
Totaal baten
118.500
1.414.324
6.477.251
8.010.075
74.637
1.376.721
6.477.251
7.928.609
43.863
37.603
0
81.466
991.000
991.000
48.890
8.968.499
0
-48.890
32.576
9.001.075
Resultaat -voordelig-
609.185
Toelichting op de verschillen groter dan 25.000 euro.
1 Salarissen en sociale lasten
Per 31 december is er, zoals ook aangegeven in de BERAP per 1 oktober, een voordeel op de
betaalde salarissen en sociale lasten. Tegenover dit voordeel staat een nadeel op de post
inhuur omdat daar voor het overgrote deel de kosten geboekt worden die wij uit de flexibele
schil [=vacatureruimte] betalen. Per saldo is er echter nog sprake van een geraamd voordeel
van ruim 350.000 euro. Dit als gevolg van het niet volledig benutten van de flexibele schil. In
de BERAP per 1 oktober zat een ruime aanname voor nog te betalen kosten van detacheringen
via andere omgevingsdiensten en gemeente Nijmegen. De verwachting dat het uiteindelijke
voordeel wellicht nog wat hoger kon uitvallen dan het eerder aangekondigde voordeel van
123.000 euro is uitgekomen.
2 Opleidingskosten
Aan kosten van opleidingen is een bedrag van 65.600 euro uitgegeven. Daarnaast is een
reservering van bijna 40.000 opgenomen voor de door de medewerkers nog niet bestede
Individueel Loopbaan Budget (ILB) van jaarlijks 500 euro per medewerkers. Zie ook het
gestelde onder hoofdstuk 6.1.
4 Mobiliteitskosten
Op dit budget is een overschrijding van ruim 15.000 euro aan de orde. Het overgrote deel van
de uitgaven is betaald aan OV vergoeding en conform het Gelders Sociaal Plan en daarnaast
aan gedeclareerde kilometervergoedingen. Het tekort wordt gecompenseerd door het
voordeel op de salarissen en sociale lasten.
5 Inhuur
Aan inhuur is meer uitgegeven dan in de begroting geraamd, maar dat wil niet zeggen dat er
sprake is van een budgettaire overschrijding. De dekking voor deze kosten zit namelijk in de
vorm van de flexibele schil bij de begrotingspost ‘salarissen en sociale lasten’. Op die post
salarissen en sociale lasten worden echter alleen kosten verantwoord die via de
salarisadministratie lopen en omdat kosten van tijdelijke personeel voor het overgrote deel
via een factuur bij de ODRN in rekening worden gebracht worden deze op inhuur
verantwoord.
33
7 en 8 Piofach gastheercompensatie
Hier is sprake van een tekort ad 22.875. Dit is conform de begroting 2013. Het tekort wordt
gecompenseerd door het voordeel op de kapitaallasten.
De hier geraamde bedragen houden verband met enerzijds de compensatiebetaling aan de
deelnemers voor frictiekosten van 450.000 euro en anderzijds de berekening van het budget
daarvoor: verschil tussen de norm (voor 2013: 9/12 * 1.500.000) en het werkelijk te betalen
bedrag aan de gastheer ( voor 2013: 9/12 * 950.000).
9 Huisvesting en verzekeringen
Verwantwoord is hier de huur van het kantoorpand, maar ook de kosten van beveiliging,
schoonmaak e.d. Het ontstane overschot wordt nu gebruikt om de verschillende tekorten op
de materiele kosten af te dekken.
Het begrote bedrag lijkt hier niet in overeenstemming met de werkelijke hier te verantwoorde
uitgaven en zal in de analyse zoals vermeld in de aanhef van dit hoofdstuk worden
meegenomen.
10 Kapitaallasten
In de begroting is gerekend met rente en afschrijving over de ter beschikking gestelde
investeringskredieten. Per 31 december is nog maar een klein gedeelte van de beschikbare
kredieten uitgegeven waardoor er een voordeel op de kapitaallasten is ontstaan.
13 overige materiele kosten
Betreft abonnements- en gesprekskosten van mobiele telefonie. In de begroting was hier nog
geen rekening mee gehouden. Zie het gestelde in de aanhef van dit hoofdstuk
15 overige materiële kosten via derden
Betreft kosten van kantoorbehoeften, drukwerk, licenties, abonnementen e.d. in de begroting
was hiermee geen rekening gehouden. Zie het gestelde in de aanhef van dit hoofdstuk
16 Budget externe veiligheid
De kosten hiervoor zijn opgenomen onder de salarissen en sociale lasten.
18 en 22 opstartkosten
Zie hiervoor hoofdstuk 7.5.
19 subsidie externe veiligheid
Bij de MARN zijn de kosten die wij voor externe veiligheid hebben gemaakt overeenkomstig de
afspraak gedeclareerd en ontvangen.
20 baten bovenregionale taken.
Betreft verrekeningen met de andere omgevingsdiensten binnen het Gelders Stelsel voor
verrichtte werkzaamheden op het gebied van BRZO en complexe vergunningsverlening. Het
blijkt dat wij over de gehele linie iets minder in rekening hebben kunnen brengen dan
waarmee in de begroting was rekening gehouden.
Voor 2013 kan het ontstane nadeel van ruim 37.000 worden gecompenseerd door de
ontvangen subsidies opgenomen onder punt 23. In 2014 zal ook hier nadere analyse
plaatsvinden of het nadeel structureel is.
23 subsidies
In 2013 hebben wij van de provincie een tweetal subsidies ontvangen
34
voor de invulling van de BRZO taak is 50.000 ontvangen. Per 31 december was hiervan 10.000
besteed en als bate in de jaarrekening opgenomen. Het restant ad 40.000 is naar 2014
overgeheveld omdat de werkzaamheden dan pas plaatsvinden.
voor aanvullende werkzaamheden t.b.v. provincie die optreden bij overheveling van taken
naar een nieuwe organisatie is 90.810 euro ontvangen. Per 31 december is hiervan 38.890
euro besteed. De rest van de aanvullende werkzaamheden vindt in 2014 plaats zodat ook hier
het restant ad 51.920 naar 2014 is overgeheveld.
7.5 Wet normering topinkomen
De Wet normering topinkomens (WNT) is van toepassing op de ODRN. Op grond van de WNT
moet de ODRN een aantal zaken publiceren bij de jaarrekening. Dit betreft onder meer wie
topfunctionarissen zijn in de zin van de WNT. Op basis van de WNT kwalificeren de
bestuursleden zich als topfunctionarissen van de ODRN (zowel personen in dienstbetrekking
(secretaris/directeur) als personen anders dan in dienstbetrekking, de bestuursleden.
Bij de ODRN ontvangen de bestuurders geen bezoldiging. De secretaris/directeur heeft een
ambtelijke aanstelling bij de ODRN en valt binnen bezoldigingsstructuur van de ODRN die
afgeleid is van de CAR – UWO en de ambtelijke schalen voorkomende bij gemeenten. Deze
bezoldiging komt niet boven het maximumbedrag uit noch zijn er door de ODRN
beëindigingsuitkeringen gedaan aan topfunctionarissen. De GR ODRN kent geen
toezichthouders (RvC/RvT) zoals in de WNT omschreven.
Bij de ODRN heeft in 2013 geen beëindiging van de werkzaamheden van topfunctionarissen en
doorbetaling van salaris plaatsgehad noch zijn in 2013 afspraken gemaakt met betrekking tot
non-activiteitsregelingen. Op basis van het voorgaande, en rekening houdend met de
bepalingen in de WNT, gelden geen overgangsregelingen en termijnen voor topfunctionarissen
bij ODRN.
De ODRN kent geen bonussen en andere variabele beloningen en heeft die in 2013 dan ook
niet gedaan aan topfunctionarissen. Aangezien er geen betalingen zijn gedaan aan bonussen
zijn er ook geen onverschuldigde betalingen ingevolgde de WNT gedaan bij de ODRN en zijn er
geen acties door de ODRN hoeven te worden ondernomen om de bedragen aan
onverschuldigde betalingen terug te vorderen van de topfunctionaris.
Op basis van de WNT dient de ODRN van de topfunctionaris ook al worden de normen niet
overschreden toch enkele gegevens te publiceren. Voor wat de ODRN betreft kwalificeert
alleen de secretaris/directeur zich als zodanig. Onderstaand zijn de door de WNT vereiste
gegevens weergegeven:
Dhr. G.J.W. Bouman, secretaris/directeur. Dhr. Bouman is vanaf 1 april 2013, is de
oprichtingsdatum van de ODRN, verder gedurende het hele jaar 2013 in dienst geweest van
de ODRN tegen een salaris van 69.355,-- euro. Daarnaast is er aan sociale verzekeringspremies
5230,-- euro betaald en aan pensioenpremie 12 855,--. De totale loonsom bedraagt derhalve
87.440,-- euro .
Naschrift:
Het normenkader rondom de ‘’Wet Normering bezoldiging Topfunctionarissen Publieke en
Semipublieke Sector (hierna :WNT) is bekrachtigd in het Besluit van de Minister van
Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 26 februari 2014, nr. 2014-0000106049 en de
Regeling van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 26 februari 2014,
35
nr. 2014-0000 104920. De Aanpassingswet WNT is als onderdeel van dit normenkader nog niet
formeel aangenomen door de Eerste Kamer.
Voor het opmaken van de jaarrekening is in lijn met de mededeling van de minister van BZK
d.d. 12 februari 2014, gepubliceerd in de Staatscourant d.d. 18 februari 2014, de
Aanpassingswet WNT wel als onderdeel van het normenkader gehanteerd.
Ten aanzien van interim-functionarissen die geen topfunctie vervullen heeft de ODRN gebruik
gemaakt van de mogelijkheid die de kamerbrief d.d. 27 februari 2014 van de Minister van
Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties biedt inzake de volledige openbaarmaking van deze
functionarissen. Op basis van deze brief kán en hoeft de ODRN niet volledig te voldoen aan de
verplichting voor openbaarmaking van deze interim-functionarissen zoals voorgeschreven in
artikel 4.2 lid 2c van de Aanpassingswet WNT.
36
7.6 Initiële kosten ten laste van opstartbudget
budget
Omschrijving
P&O ondersteuning
financiële ondersteuning
Ontwikkelingsassessment
secretariële ondersteuning (incl.BOR)
ICT kosten systeemaanpassingen
communicatiekosten
bureaukosten
reis en verblijfkosten
representatie
diverse kosten
totaal uitgaven tot 1 april 2013
991.000
Uitgaven 2013
97.980
16.920
11.514
19.497
9.513
24.598
5.720
2.899
1.320
448
190.410
nog beschikbaar per 1 april 2013
-190.410
800.590
uitgaven na 1 april 2013
infomarkt en (start)bijeenkomsten personeel
mandaatbesluiten
P&O ondersteuning
communicatiekosten
secretariële ondersteuning (incl.BOR)
Detacheringskst. directeur sept 2012-mrt 2013
archiefinspectie
capaciteitsscan
diversen
totaal uitgaven 1 april-31 december
16.949
31.661
49.853
41.837
7.038
68.500
6.785
3.000
1.332
226.954
-226.954
totaal uitgaven 2013
nog beschikbaar per 31 december 2013
417.364
overheveling van het restant naar 2014
573.636
-573.636
totaal
991.000
0
573.636
37
8. Paragrafen
8.1 Financiële paragraaf
Uitgangspunten
De gemeenschappelijke regeling houdt zich voor wat het financieel beleid betreft aan de
Begrotingsrichtlijnen Regio Nijmegen.
Het resultaat, positief dan wel negatief, wordt op basis van het vastgestelde jaarverslag door
het algemeen bestuur bestemd.
Treasury
In de vergadering van het Algemeen Bestuur van d.d. 13 december 2012 is het
treasurystatuut van de gemeenschappelijke regeling vastgesteld. Op verzoek van het
ministerie van BZK is nog een kleine technische wijziging doorgevoerd. Het gewijzigde statuur
is op 18 oktober 2013 door het Algemeen bestuur vastgesteld.
Verslag over het jaar 2013
Het treasurystatuut bepaalt dat elk jaar bij het jaarverslag verslag wordt gedaan van de
ontwikkelingen daarin gedurende het jaar. Refererend aan de Wet fido wordt in het statuut de
treasuryfunctie omschreven als: “het sturen en beheersen van, het verantwoorden over en
het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, de financiële geldstromen, de
financiële posities en de hieraan verbonden risico’s.”
De gelden die de gemeenschappelijke regeling niet direct nodig heeft gehad voor haar
exploitatie staan op de rekeningcourant rekening bij de BNG.
Risicoparagraaf
In deze paragraaf worden alle risico’s opgenomen en toegelicht.
Omzetbelasting
Ten aanzien van de BTW geldt dat de ODRN volledig in de BTW heffing is betrokken en
voor 100% vooraftrek geniet.
8.2 Risicoparagraaf en weerstandsvermogen
De toenemende complexiteit van de samenleving, het complexe stelsel van afspraken
waarbinnen wij opereren en de snel veranderende wet- en regelgeving dwingt ons tot groot
risicobewustzijn. Het is van belang inzicht te hebben in de risico’s die zich manifesteren bij de
uitvoering van onze taken, de oorzaken op te sporen en om daarbij passende maatregelen te
treffen. In veel gevallen is er bij daadwerkelijk optreden van het risico ook sprake van
financiële schade bij de ODRN en dus ook voor de deelnemers daarin.
WEERSTANDSCAPACITEIT
De weerstandscapaciteit bestaat uit middelen en mogelijkheden om niet begrote kosten, die
onverwacht en substantieel zijn, op te vangen. Binnen de ODRN zou aanwezige
weerstandscapaciteit uit twee posten kunnen worden berekend:
 Post onvoorzien (structurele weerstandscapaciteit)
 Reserves (a-structurele weerstandscapaciteit)
38
Aanvankelijk was voor de opbouw van een weerstandsvermogen in de begroting een 1%
storting opgenomen, maar die is inmiddels als gevolg van een besluit van het AB via
begrotingswijziging teruggeraamd. Belangrijk motief daarvoor was dat de ODRN eerst een
identificatie van de risico’s diende te plegen. Ook de post onvoorzien is als gevolg van dat
besluit teruggeraamd. Binnen de ODRN is dus nog geen weerstandscapaciteit aanwezig. De
opbouw van de a-structurele weerstandscapaciteit is afhankelijk van toekomstige voordelige
jaarrekeningresultaten. Opbouw van structurele weerstandscapaciteit is op dit moment
helemaal niet mogelijk omdat we niet beschikken over een post onvoorzien. Het feit dat
[onvermijdbare] tegenvallers niet opgevangen kunnen worden schept een zorgelijk perspectief
voor de ODRN.
RISICOANALYSE
Voor de analyse van de risico’s binnen ODRN zijn het bedrijfsplan, uitvoeringsplan, MJB 20132016 en de MJB 2014-2017 als uitgangspunt genomen aangevuld met de tot nu opgedane
praktijkkennis. Het benoemen van risico’s is goed te doen, maar het kwantificeren van risico’s
is normaal gesproken al moeilijk maar krijgt bij de vorming van een nieuwe organisatie een
extra dimensie omdat er nog geen specifieke bedrijfservaring is opgedaan c.q. aanwezig is.
De nu bekende risico’s opgenomen met vermelding of het risico financieel [1] dan wel niet
financieel [2] is. Vervolgens is aangegeven wat de gevolgen zijn als het risico zich voordoet en
wat de te nemen beheersmaatregel dient te zijn.
Beheersmaatregelen
Om de risico’s te kunnen beheersen moeten beheersmaatregelen worden genomen. Deze
maatregelen moeten leiden tot risicobewustzijn van medewerkers en management van de
ODRN en daarna tot bepaalde vaardigheden binnen de ODRN. Voorbeelden hiervan zijn proactiviteit of continu monitoring. Soms kan een risico makkelijk worden ondervangen door een
verzekering, voor andere risico’s dienen meer ingewikkelde oplossingen te worden gezocht.
Ook kan het zijn dat bewust een risico wordt aanvaard omdat de kosten van de
beheermaatregel in de buurt komen van het feitelijke risico. Feit is dat [bijna] elke
beheersmaatregel geld kost en het dan ook noodzakelijk is dat voor elke maatregel een
kosten/baten analyse wordt gemaakt.
Restrisico
Ook al zijn er beheersmaatregelen genomen dan nog kan het zijn dat er een risico overblijft:
het zogenoemde restrisico. Zaak is dan dit restrisico zo nauwkeurig mogelijk te kwantificeren:
Kwantificering van de risico’s
In de bijlage zijn de nu bekende risico’s beschreven met vermelding van de beheersmaatregel
en tevens aangegeven of er nog sprake is van een restrisico. Dit restrisico is vervolgens
gekwantificeerd:
a. Welk bedrag is ermee gemoeid
Om tot een waardering van een risico te komen dienen ook de [financiële] gevolgen/ impact
van een risico te worden geschat. Vaak is niet exact aan te geven wat de omvang van een
risico in financiële zin zal zijn en zal met een schatting moeten worden volstaan.
b. Hoe groot is de kans dat het zich voordoet
Voor elk risico is een inschatting gemaakt van de kans dat zich een risico voordoet. Daarbij is
gebruik gemaakt van de volgende kans-klasse indeling:
39
klasse
1
2
3
4
5
waarschijnlijkheid
zeer klein
klein
gemiddeld
groot
zeer groot
kans
10%
25%
50%
75%
90%
Normaal gesproken vindt de inschatting van de kans voor de verschillende risico’s ook plaats
op basis van eigen historische gegevens, maar die ontbreken nu nog, waardoor het kanspercentage nog redelijk grof is gehouden. In de toekomst zal dit verder verfijnd worden en
gaat er gewerkt worden met een procentenrange binnen de klassen. Als bijvoorbeeld voor
klasse 1 van 0% tot 10%; klasse 2 van 11% tot 25% etc. waardoor de kans in de risico
inventarisatie ook bijvoorbeeld op 3% gezet kan worden
WEERSTANDSVERMOGEN
Het totaal van de risico’s is becijferd op 985.000 euro. Er mag echter van worden uitgegaan
dat niet alle risico’s zich tegelijkertijd zullen voordoen. Er kan dan ook rekening gehouden
worden met een dempingsfactor. Deze dempingsfactor geeft de kans aan dan dat alle risico’s
tegelijkertijd optreden. Omdat specifieke bedrijfservaring nog ontbreekt is met het vaker in
den lande gehanteerde getal van 0,6 gerekend.
De benodigde weerstandscapaciteit is dan:
0,6 * 985.000 = 591.000 euro
Aangezien de beschikbare weerstandscapaciteit 0 is, is het weerstandsvermogen van de ODRN
ruim onvoldoende.
Gebruiken we de formule en waarderingstabel van de NAR [zie paragraaf 2.3] dan ziet dit er
als volgt uit:
0
591.000
=
0
Waarderingscijfer : F
Betekenis: ruim onvoldoende
8.3 Bedrijfsvoering
Verwezen wordt naar hoofdstuk 3 voor het bestuur en naar hoofdstuk voor de overige
onderdelen betrekking hebbende op deze paragraaf.
40
8.4 Onderhoud kapitaalgoederen
Investeringen die omgevingsdiensten hebben, zitten regulier in huisvesting, ICT en
wagenpark. Dit geldt ook voor de ODRN. De paragraaf kapitaalgoederen heeft tot doel om te
laten zien hoe de ODRN de instandhouding van de kapitaalgoederenvoorraad waarborgt.
Aangezien er geen panden in bezit zijn, betreffen dit de huurdersinvesteringen in de nieuwe
werkplekken en de ICT-investeringen. Deze worden tegen een reële termijn annuïtair
afgeschreven zodat er na het einde van de levensduur een vrijval is die gelijk is aan de jaarlast
en enkel nog voor prijsontwikkelingen geïndexeerd hoeft te worden.
41
jaarverslag ODRN
9. bijlagen
9.1 Overzicht formatie
Afdeling
OD00 Directie
OD10 Staf
OD20 Handhaving 1
OD30 Handhaving 2
OD40 Vergunningverlening 1
OD50 Vergunningverlening 2
OD60 Juridisch Advies
Eindtotaal
Formatie
1,00
3,50
25,00
20,50
23,80
23,20
15,25
112,25
Bezetting
1,00
3,87
18,76
14,49
19,17
20,97
13,27
91,53
flex. schil
0,00
-0,37
6,24
6,01
4,63
2,23
1,98
20,72
Toelichting
De formatie van de ODRN bedraagt 112,25 fte. Daarvan is momenteel 91,053 fte bezet met vaste
formatie. Het verschil ad 20,72 fte is de flexibele schil. Deze flexibele schil is grotendeels bezet met
tijdelijk personeel o.a. via detachering maar ook via inhuur.
Binnen de ODRN wordt nu maar ook in de toekomst bewust gewerkt met een flexibele schil om de
pieken en dalen in de uitvoeringsvraag op te kunnen vangen.
9.2 Staat van activa
2013
boek- vermeerderaktiva
verminder- afschrijving
waarde
ingen
ingen
1-4-2013
in het jaar
in het jaar
in het
boek
rente
totaal
waarde
5%
kapitaal
jaar 31-12-2013
lasten
inrichting (meubilair
vloerbedekking e.d.)
jaar 2013
340.298
13.528
326.770
8.507
22.035
39.111
3.539
35.572
978
4.517
46.580
7.388
39.192
1.165
8.553
24.455
401.534
10.650
35.105
ICT applicaties
jaar 2013
ICT integraal systeem GLD
jaar 2013
ICT servers
jaar 2013
ICT Pc's laptops en printers
jaar 2013
Totaal
425.989
0
42
9.3 Nadere toelichting van geleverde prestatie naar de deelnemers
Onderstaand wordt per deelnemer een eerste overzicht geschetst van de werkzaamheden in de
periode 1 april tot en met 31 december 2013. Nagenoeg alle gegevens staan in de systemen van
de ODRN. Door de opstartfase en het feit dat er medewerkers uit 9 verschillende organisaties bij
elkaar zijn gebracht (en daarmee ook 9 verschillende werkprocessen) is de administratieve
afhandeling/registratie in de beginperiode niet 100% op orde geweest. Sinds het laatste kwartaal is
de registratie beter op orde. Dat kan echter nog wel betekenen dat niet alle handhavingsbezoeken
in het systeem van de ODRN zijn ingevoerd.
Gemeente Beuningen
omschrijving
Inbreng 2013 (9 maanden)
Bedrag geschreven
Realisatie (percentage)
Planning HUP 2013
Controles uitgevoerd
Aantal hercontroles
Aantal klachten
Aantal voornemens LOD
Aantal LOD
Aantal procedures afgerond in 2013
Aantal procedures onder handen per 01/01/2014
waarde
€ 261.015
€ 252.553
97%
100
117
36
28
7
2
23
22
De inbreng van de gemeente Beuningen voor 2013 bedraagt € 261.015,-. In deze periode is er voor
€ 252.553,- arbeid verricht in de gemeente Beuningen. Er is dus 97% gerealiseerd. In de tabel is een
overzicht gegeven waaraan het geschreven bedrag is besteed. In totaal zijn 117 milieucontroles
uitgevoerd. Dit is meer dan de totaalplanning van 100 bedrijven. Daarnaast zijn 36 hercontroles
uitgevoerd en zijn er 28 klachten / meldingen binnengekomen. Het hercontrolepercentage ligt op
31% (36 op 117 controles). Dit is nagenoeg gelijk aan het percentage hercontroles in het kental van
de regionale maatlat (30%). Van de klachten hebben er 2 geleid tot een handhavingsbezoek.
Er zijn 45 vergunningverleningsprocedures in het systeem van de ODRN geregistreerd. Hiervan zijn
er 23 in 2013 afgerond en 22 zijn onder handen per 1 januari 2014.
Gemeente Druten
omschrijving
Inbreng 2013 (9 maanden)
Bedrag geschreven
Realisatie (percentage)
Planning HUP 2013
Controles uitgevoerd
Aantal hercontroles
Aantal klachten
Aantal voornemens LOD
Aantal LOD
Aantal procedures afgerond in 2013
Aantal procedures onder handen per 01/01/2014
waarde
€ 168.268
€ 255.067
151%
121
120
49
5
5
0
26
17
43
De inbreng van de gemeente Druten voor het restant van 2013 bedraagt € 168.268,-. In deze
periode is er voor € 255.067,- arbeid verricht in de gemeente Druten. Er is dus 151% gerealiseerd.
In gemeente Druten zijn meer uren ingezet dan gepland. De inzet van deze extra uren is binnen de
bestaande bedrijfsvoering van de ODRN opgevangen. In 2014 zullen we nog meer sturen op het
realiseren van de geplande inzet van alle partners (zowel regionaal als binnen het stelsel ven
Gelderse Omgevingsdiensten). In de tabel is een overzicht gegeven waaraan het geschreven
bedrag is besteed. In totaal zijn 120 milieucontroles uitgevoerd. Dit is 99% van de totaalplanning
van 121 bedrijven. Daarnaast zijn 49 hercontroles uitgevoerd en zijn er 5 klachten/meldingen
binnengekomen. Het hercontrolepercentage ligt op 41% (49 op 121 controles). Dit is hoger dan het
percentage hercontrole in het kental van de regionale maatlat (30%). Geen van de klachten heeft
geleid tot een handhavingsbezoek.
In de gemeente Druten is de urenbesteding tussen vergunningverlening en handhaving ongeveer
gelijk, in tegenstelling tot de andere regionale partners waar de verhouding op 0,33 : 0,67 ligt. Dit
komt omdat Druten expliciet de bodemtaak heeft belegd bij de ODRN. Deze uren worden geboekt
onder het product vergunningverlening.
Er zijn 43 vergunningverleningsprocedures in het systeem van de ODRN geregistreerd. Hiervan zijn
er 26 in 2013 afgerond en 17 zijn onder handen per 1 januari 2014.
Gemeente Groesbeek
omschrijving
Inbreng 2013 (9 maanden)
Bedrag geschreven
Realisatie (percentage)
Planning HUP 2013
Controles uitgevoerd
Aantal hercontroles
Klachten
Aantal voornemen LOD
Aantal LOD
Aantal procedures afgerond in 2013
Aantal procedures onder handen per 01/01/2014
waarde
€ 121.327
€ 134.449
111%
95
95
32
10
4
1
9
10
De inbreng van de gemeente Groesbeek voor het restant van 2013 bedraagt € 121.327,-. In deze
periode is er voor € 134.449,- arbeid verricht in de gemeente Groesbeek. Er is dus 111%
gerealiseerd. In gemeente Groesbeek zijn meer uren ingezet dan gepland. De inzet van deze extra
uren is binnen de bestaande bedrijfsvoering van de ODRN opgevangen. In 2014 zullen we nog meer
sturen op het realiseren van de geplande inzet van alle partners (zowel regionaal als binnen het
stelsel ven Gelderse Omgevingsdiensten). In totaal zijn 95 milieucontroles uitgevoerd. Dit is 100%
van de totaalplanning van 95 bedrijven. Daarnaast zijn 32 hercontroles uitgevoerd en zijn er 10
klachten/meldingen binnengekomen. Het hercontrolepercentage ligt op 34% (32 op 95 controles).
Dit is hoger dan het percentage hercontrole in het kental uit de regionale maatlat (30%). Een aantal
klachten betrof geluidkachten bij de horeca. In opdracht van de ODRN zijn daar geluidmetingen
uitgevoerd. Bij de overige klachten zijn geen handhavingsbezoeken uitgevoerd.
Er zijn 19 vergunningverleningsprocedures in het systeem van de ODRN geregistreerd. Hiervan zijn
er 9 in 2013 afgerond en 10 zijn onder handen per 1 januari 2014.
44
Gemeente Heumen
omschrijving
Inbreng 2013 (9 maanden)
Bedrag geschreven
Realisatie (percentage)
Planning HUP 2013
Controles uitgevoerd
Aantal hercontroles
Aantal klachten
Aantal voornemen LOD
Aantal LOD
Aantal procedures afgerond in 2013
Aantal procedures onder handen per 01/01/2014
waarde
€ 84.860
€ 117.032
138%
44
81
31
7
9
1
16
14
De inbreng van de gemeente Heumen voor het restant van 2013 bedraagt € 84.860, -. In deze
periode is er voor € 117.032,- arbeid verricht in de gemeente Heumen. Er is dus 138%
gerealiseerd. In gemeente Heumen zijn meer uren ingezet dan gepland. De inzet van deze extra
uren is binnen de bestaande bedrijfsvoering van de ODRN opgevangen. In 2014 zullen we nog meer
sturen op het realiseren van de geplande inzet van alle partners (zowel regionaal als binnen het
stelsel ven Gelderse Omgevingsdiensten). In de tabel is een overzicht gegeven waaraan het
geschreven bedrag is besteed. In totaal zijn 81milieucontroles uitgevoerd. Dit is beduidend hoger
dan de planning. In dit aantal zijn ook de controles opgevoerd in het kader van een
bedrijfsterreininventarisatie en het project 24-uur blauw. Daarnaast zijn 31 hercontroles
uitgevoerd en zijn er 7 klachten/meldingen binnengekomen. Het hercontrolepercentage ligt op
38% (31 op 81 controles). Dit is hoger dan het percentage hercontrole in het kental van de
regionale maatlat (30%). Eén van de klachten heeft geleid tot een handhavingsbezoek.
Er zijn 30 vergunningverleningsprocedures in het systeem van de ODRN geregistreerd. Hiervan zijn
er 16 in 2013 afgerond en 14 zijn onder handen per 1 januari 2014.
Gemeente Millingen aan de Rijn
omschrijving
Inbreng 2013 (9 maanden)
Bedrag geschreven
Realisatie (percentage)
Planning HUP 2013
Controles uitgevoerd
Aantal hercontroles
Aantal klachten
Aantal voornemen LOD
Aantal LOD
Aantal procedures afgerond in 2013
Aantal procedures onder handen per 01/01/2014
waarde
€ 29.717
€ 30.383
102%
28
24
12
2
2
1
6
1
45
De inbreng van de gemeente Millingen aan de Rijn voor het restant van 2013 bedraagt € 29.717,-.
In deze periode is er voor € 30.383,- arbeid verricht in de gemeente Millingen aan de Rijn. Er is dus
102% gerealiseerd. In gemeente Millingen aan de Rijn zijn iets meer uren ingezet dan gepland. De
inzet van deze extra uren is binnen de bestaande bedrijfsvoering van de ODRN opgevangen. In
2014 zullen we nog meer sturen op het realiseren van de geplande inzet van alle partners (zowel
regionaal als binnen het stelsel ven Gelderse Omgevingsdiensten). In de tabel is een overzicht
gegeven waaraan het geschreven bedrag is besteed. In totaal zijn 24 milieucontroles uit het
jaarprogramma uitgevoerd. Daarnaast zijn 12 hercontroles uitgevoerd en zijn er 2
klachten/meldingen binnengekomen. Het hercontrolepercentage ligt op 50% (12 op 24 controles).
Dit is hoger dan het percentage hercontrole in het kental uit de regionale maatlat (30%). Er zijn 2
klachten/meldingen binnengekomen. Geen van die klachten heeft geleid tot een
handhavingsbezoek.
Er zijn 7 vergunningverleningsprocedures in het systeem van de ODRN geregistreerd. Hiervan zijn
er 6 in 2013 afgerond en is er nog 1 onder handen per 1 januari 2014.
Gemeente Nijmegen
omschrijving
Inbreng 2013 (9 maanden)
Bedrag geschreven
Realisatie (percentage)
Planning HUP 2013
Milieucontroles uitgevoerd
Aantal hercontroles milieu
Aantal klachten milieu
Aantal voornemen LOD
Aantal LOD
Aantal milieuprocedures afgerond in 2013
Aantal milieuprocedures onder handen per 01/01/2014
Aantal bouwinspecties
Aantal hercontroles bouw
Aantal klachten bouw
Aantal bouwaanvragen
waarde
€ 4.250.175
€ 4.443.491
105%
322
236
132
202
13
0
125
71
1.715
861
84
1.307
De inbreng van de gemeente Nijmegen voor het restant van 2013 bedraagt € 4.250.175,-. In deze
periode is er voor € 4.443.491,- arbeid verricht in de gemeente Nijmegen. Er is dus 105%
gerealiseerd. In gemeente Nijmegen zijn iets meer uren ingezet dan gepland. De inzet van deze
extra uren is binnen de bestaande bedrijfsvoering van de ODRN opgevangen. In 2014 zullen we nog
meer sturen op het realiseren van de geplande inzet van alle partners (zowel regionaal als binnen
het stelsel ven Gelderse Omgevingsdiensten). In de tabel is een overzicht gegeven waaraan het
geschreven bedrag is besteed. Voor de gemeente Nijmegen is het merendeel van de tijd
geschreven op Wabo-producten. In totaal zijn 236 milieucontroles uitgevoerd. Dit is 73% van de
totaalplanning van 322 bedrijven. Daarnaast zijn er 132 hercontroles uitgevoerd. Het
hercontrolepercentage ligt op 56% (132 op 236 controles). Dit is veel hoger dan het percentage
hercontrole in het kental van de regionale maatlat (30%). 14 Klachten hebben geleid tot een
handhavingsbezoek.
In totaal zijn 1.307 Wabo-vergunningprocedures met de activiteit bouwen opgestart. 1.257 Zaken
vallen binnen de reguliere procedure van de Wabo, met een termijn van 8 weken. 50 Zaken zijn
aangemerkt als uitgebreide procedure Wabo, met een behandeltermijn van 26 weken. De overige
dossiers zijn vergunningaanvragen voor de Leegstandswet, gebruiksmeldingen en sloopmeldingen.
46
Daarnaast hebben 1.715 inspecties plaatsgevonden. In totaal zijn 84 bouwgerelateerde klachten
opgepakt.
Er zijn 196 milieu vergunningverleningsprocedures in het systeem van de ODRN geregistreerd.
Hiervan zijn er 125 in 2013 afgerond en 71 zijn onder handen per 1 januari 2014.
Gemeente Ubbergen
omschrijving
Inbreng 2013 (9 maanden)
Bedrag geschreven
Realisatie (percentage)
Planning HUP 2013
Controles uitgevoerd
Aantal hercontroles
Aantal voornemens LOD
Aantal LOD
Aantal klachten
Aantal milieuprocedures afgerond in 2013
Aantal milieuprocedures onder handen per 01/01/2014
waarde
€ 26.562
€ 49.079
185%
46
36
16
1
0
4
9
5
De inbreng van de gemeente Ubbergen voor het restant van 2013 bedraagt € 26.562,-. In deze
periode is er voor € 49.079,- arbeid verricht in de gemeente Ubbergen. Er is dus 185% gerealiseerd.
In gemeente Ubbergen zijn meer uren ingezet dan gepland. De inzet van deze extra uren is binnen
de bestaande bedrijfsvoering van de ODRN opgevangen. In 2014 zullen we nog meer sturen op het
realiseren van de geplande inzet van alle partners (zowel regionaal als binnen het stelsel ven
Gelderse Omgevingsdiensten). In de tabel is een overzicht gegeven waaraan het geschreven
bedrag is besteed. In totaal zijn 36 milieucontroles uitgevoerd. Hierbij dient een nuancerende
opmerking. Op de planningslijst staan tevens 16 controles bij propaangastanks aan de Vlietberg.
Deze zijn uitgevoerd echter nog niet allemaal ingevoerd in het systeem. Bij 14 van de 16 controles
bleek iets niet in orde en zullen hercontroles worden uitgevoerd. Daarnaast zijn 16 hercontroles
uitgevoerd en zijn er 4 klachten/meldingen binnengekomen. Het hercontrolepercentage ligt op
44% (16 op 36 controles). Dit is hoger dan het percentage hercontrole in het kental van de
regionale maatlat (30%). Geen van de klachten heeft geleid tot een handhavingsbezoek.
Er zijn 14 vergunningverleningsprocedures in het systeem van de ODRN geregistreerd. Hiervan zijn
er 9 in 2013 afgerond en 5 zijn onder handen per 1 januari 2014.
Gemeente Wijchen
omschrijving
Inbreng 2013 (9 maanden)
Bedrag geschreven
Realisatie (percentage)
Planning HUP 2013
Controles uitgevoerd
Aantal hercontroles
Aantal klachten
Aantal voornemen LOD
Aantal LOD
Aantal milieuprocedures afgerond in 2013
Aantal milieuprocedures onder handen per 01/01/2014
waarde
€ 197.922
€ 260.978
132%
207
153
40
15
5
0
31
17
47
De inbreng van de gemeente Wijchen voor het restant van 2013 bedraagt € 197.922,-. In deze
periode is er voor € 260.978,- arbeid verricht in de gemeente Wijchen. Er is dus 132% gerealiseerd.
In gemeente Wijchen zijn meer uren ingezet dan gepland. De inzet van deze extra uren is binnen
de bestaande bedrijfsvoering van de ODRN opgevangen. In 2014 zullen we nog meer sturen op het
realiseren van de geplande inzet van alle partners (zowel regionaal als binnen het stelsel ven
Gelderse Omgevingsdiensten). In de tabel is een overzicht gegeven waaraan het geschreven is
besteed. In totaal zijn 153 milieucontroles uitgevoerd. Daarnaast zijn 40 hercontroles uitgevoerd
en zijn er 15 klachten / meldingen binnengekomen. Het hercontrolepercentage ligt op 26% (40 op
153 controles). Dit is wat lager dan het percentage hercontrole in het kental (30%). Twee van de
klachten hebben geleid tot een handhavingsbezoek.
Er zijn 48 vergunningverleningsprocedures in het systeem van de ODRN geregistreerd. Hiervan zijn
er 31 in 2013 afgerond en 17 zijn onder handen per 1 januari 2014.
Provincie Gelderland
omschrijving
Inbreng 2013 (9 maanden)
Bedrag geschreven
Realisatie (percentage)
Planning HUP 2013
Milieucontroles uitgevoerd
Aantal hercontroles milieu
Aantal klachten milieu
Aantal voornemen LOD
Aantal LOD
Aantal milieuprocedures afgerond in 2013
Aantal milieuprocedures onder handen per 01/01/2014
Aantal bouwinspecties
Aantal procedures vv geregistreerd in ODRN systeem
waarde
€ 1.494.730
€ 1.431.411
96%
118
101
16
49
3
0
33
32
19?
96?
De inbreng van de provincie Gelderland voor het restant van 2013 bedraagt € 1.494.730,-.
In deze periode is er voor € 1.431.411,- arbeid verricht voor provinciale bedrijven. Er is dus 96%
gerealiseerd. In de tabel is een overzicht gegeven waaraan het geschreven bedrag is besteed. In
totaal zijn 101 milieucontroles uitgevoerd. Dit is 86% van de totaalplanning van 118 geplande
bedrijfsbezoeken. Daarnaast zijn 16 hercontroles uitgevoerd en zijn er 49 klachten / meldingen
binnengekomen. Eén van die klachten heeft geleid tot een handhavingsbezoek.
Er zijn 65 milieuvergunningverleningsprocedures in het systeem van de ODRN geregistreerd.
Hiervan zijn er 33 in 2013 afgerond en 32 zijn onder handen per 1 januari 2014.
48
9.4 Leden Algemeen Bestuur
Naam
o
Mw. M.A. Barber (Ubbergen)
o
Dhr. H.A.M. van den Berg (Heumen)
o
Dhr. M.J.F.J. Thijsen (Wijchen)
o
Dhr. J.J. van Dijk (Prov. Gelderland) (voorzitter) (DB)
o
Dhr. P. de Klein (Beuningen) (DB)
o
Mw. H. Kunst (Nijmegen) (DB)
o
Dhr. M.H.T. Lepoutre (Druten)
o
Dhr. J.G.M. Thijssen (Groesbeek) (vicevoorzitter) (DB)
o
Dhr. P. Wassink (Millingen aan de Rijn)
49
9.5 Controleverklaring Ernst & Young Accountants LLP
50
9.6 Verklarende woordenlijst
afkorting
B&W
BERAP
BOR
BRIKS
BRZO
DVO
E-PRTR
FTE
HUP
ICT
ILT
IPPC
LOD
MARAP
OD’s
ODRN
OM
P&O
PIOFAH
SZW
VNG
VR
VTH
WABO
WNT
voluit
Burgemeester en Wethouders
BEstuursRAPportage
Bijzondere OndernemingsRaad
Bouw, Reclame, Inrit, Kap en Sloop
Besluit Risico’s Zware Ongevallen
DienstVerleningsOvereenkomst
Europese Pollutant Release Transfer Register. Verplichting van
Milieujaarrapportage door industriële bedrijven
FullTime Equivalent
HandhavingsUitvoeringsProgramma
Informatie en CommunicatieTechnologie
Inspectie Leefomgeving en Transport
Integrated Pollution Prevention and Control. Geïntegreerde
preventie en bestrijding van verontreiniging
Last Onder Dwangsom
MAnagementRAPportage
OmgevingsDiensten
OmgevingsDienst Regio Nijmegen
Openbaar Ministerie
Personeel en Organisatie
Personeel, Informatievoorziening, Organisatie, Financiën,
Administratie en Huisvesting
Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Vereniging Nederlandse Gemeenten
VeilgheidsRapport
Vergunningen, Toezicht en Handhaving
Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht
Wet Normering Topinkomens
51
9.7 Risico-inventarisatie
52
Jaarverslag 2013 ODRN
53
54
55