Kinderopvangnieuws juni 2014

1
Kennisgroep Kinderopvang
www.mth.nl
Inhoudsopgave kinderopvangnieuws juni 2014
1. Het nieuwe arbeidsrecht
2. De MTH Financieringspitch
3. Verschillende fiscale uitvoeringsregelingen gewijzigd per 1 juli 2014
4. Eerste Kamer akkoord met wetsvoorstel Wet hervorming kindregelingen
5. Verschil peuterspeelzaal en kinderopvang wordt kleiner
6. Blij met extra kredietfaciliteit verzekeraars en bank
7. Toekomst werkgelegenheid Kinderopvang onzeker
8. Eén rekeningnummer voor toeslagen uitgesteld
9. Landelijke IKC-dag
10. FCB
11. Voorzichtige tekenen van stabilisatie kinderopvang
12. Harmonisatie jaar vervroegd
MTH accountants & adviseurs
Juni 2014
2
1. Het nieuwe arbeidsrecht
Het nieuw arbeidsrecht lijkt nog een ver van uw bed show maar de wijzigingen zoals nu gepresenteerd en naar
verwachting worden ingevoerd, zijn al van invloed op uw keuze als het gaat om het verlengen van tijdelijke
arbeidscontracten.
Verlengt u de komende maanden arbeidscontracten welke eindigen op of na 1 juli 2015 en heeft de
betreffende medewerker op dat moment twee jaar of langer bij u gewerkt, dan bent u zoals het er nu naar
uitziet een ontslagvergoeding c.q. transitievergoeding aan hem/haar verschuldigd.
Zelfs als het tijdelijke contract zoals gebruikelijk van rechtswege (verstrijken van de termijn) eindigt!
Het ingediende voorstel luidt dat als een medewerker wordt ontslagen of haar/zijn arbeidsovereenkomst eindigt
van rechtswege en het tijdelijk c.q. dienstverband duurde twee jaar of langer, dan heeft hij/zij recht op een
vergoeding van een zesde maandsalaris per gewerkt half jaar.
Omdat bovenstaande op dit moment nog een voorstel is maar het er naar uitziet dat het volledig als wet
wordt aangenomen, adviseren wij u de verlenging van tijdelijke arbeidscontracten zodanig te organiseren dat
u niet boven de periode van twee jaar uitkomt.
Dit kunt u o.a realiseren door de contracten niet met een jaar maar met 11 maanden te verlengen, zodat u
onder de twee jaartermijn (2 maanden) blijft.
Voor een uitgebreidere uitleg van de meest actuele wijzigingen verwijzen wij u naar de bijlage en onze
website:
www.mth.nl
2. De MTH Financieringspitch
Corporate Finance heeft in samenwerking met MTH Prognose de MTH Financieringspitch ontwikkeld voor
financieringsaanvragen. De MTH Financieringspitch is opgesteld op basis van de ervaringen die zijn opgedaan
bij recente financieringsaanvragen en na overleg met diverse banken. Met deze informatie heeft de bank een
prima startpositie om een financieringsaanvraag te kunnen behandelen.
Uiteraard staat of valt het kunnen realiseren van de financieringsaanvraag met een adequate onderbouwing en
een betrouwbare en goede ondernemer. Met MTH Prognose kunnen wij relatief eenvoudig een prognose
maken voor een bestaande of startende onderneming.
Voor meer informatie: mail naar [email protected]
3. Verschillende fiscale uitvoeringsregelingen gewijzigd per 1 juli 2014
De staatssecretaris heeft verschillende fiscale uitvoeringsregelingen met ingang van 1 juli 2014 gewijzigd. Het
betreft voornamelijk technische en redactionele wijzigingen. Wij ontlenen hieraan verder het volgende:
•
Voordelen die worden behaald door deelname aan mobiliteitsprojecten in het kader van Anders Betalen
voor Mobiliteit of in het kader van Beter Benutten zijn vrijgesteld van IB als het mobiliteitsproject is
aangewezen. Aangewezen zijn nu het Mobiliteitsproject Spitsmijden Personen op Ruit Rotterdam en
het Mobiliteitsproject Spitsmijden Algeracorridor (regio Rotterdam).
•
De overgangsperiode voor de invoering van de eenbankrekeningmaatregel is met een jaar verlengd tot
en met 30 juni 2015.
Bron: Min. v. Fin. 17 juni 2014 IZV2014/120
MTH accountants & adviseurs
Juni 2014
3
4. Eerste Kamer akkoord met wetsvoorstel Wet hervorming kindregelingen
De Eerste Kamer heeft op 24 juni 2014 het wetsvoorstel aangenomen tot Wijziging van de Algemene
Kinderbijslagwet, de Wet op het kindgebonden budget, de Wet werk en bijstand, de Wet IB 2001, de Wet
studiefinanciering 2000 en enige andere wetten in verband met hervorming en versobering van de
kindregelingen (Wet hervorming kindregelingen; Kamerstuk 33716). Ouders krijgen in het nieuwe stelsel te
maken met maximaal 4 in plaats van de huidige 11 regelingen: de kinderbijslag, het kindgebonden budget, de
combinatiekorting en de kinderopvangtoeslag.
Bron: Eerste kamer 24 juni 2014
5. Verschil peuterspeelzaal en kinderopvang wordt kleiner
Voortaan gelden voor medewerkers in de kinderopvang en peuterspeelzalen dezelfde regels. Zo moet vanaf 1
januari 2015 het aantal medewerkers op groepen met twee- en driejarigen overal hetzelfde zijn. Dit aantal
wordt gelijkgetrokken. Daarnaast gaat vanaf 1 juli volgend jaar het 'vierogenprincipe' ook gelden voor
peuterspeelzalen. Dit betekent dat er altijd twee medewerkers kunnen meekijken of meeluisteren met de
groep. Nu geldt dit alleen nog voor organisaties in de kinderopvang.
Minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en staatssecretaris Dekker van Onderwijs, Cultuur en
Wetenschap maken drie miljoen euro vrij onder meer om medewerkers beter op te leiden. Dat schrijven ze
vandaag in een brief aan de Tweede Kamer.
De nieuwe regels voor peuterspeelzalen en kinderopvang gaan een jaar eerder in dan eerder aangekondigd.
Met deze maatregelen zet het kabinet een eerste stap om het verschil tussen de kinderopvang en
peuterspeelzalen te verkleinen. De bewindspersonen vinden dat het voor de ontwikkeling van peuters niet uit
moet maken of zij naar de kinderopvang of de peuterspeelzaal gaan. Daarbij moet de kwaliteit omhoog.
Het kabinet kan de maatregelen sneller invoeren omdat er brede steun is voor de plannen van de VNG, de
Brancheorganisatie in de kinderopvang en de Belangenvereniging van ouders in de Kinderopvang (BoinK). Veel
gemeenten zijn bovendien al bezig de kwaliteit van peuterspeelzalen en kinderopvang gelijk te trekken. De
nieuwe regels maken het voor gemeenten makkelijker om daar verder mee te gaan.
Vanaf 1 januari volgend jaar gaan kinderopvangorganisaties en peuterspeelzalen medewerkers extra opleiden.
Zo moeten zij alerter zijn op kinderen die een ontwikkelingsachterstand dreigen op te lopen. Het gaat dan
bijvoorbeeld om kinderen die slecht Nederlands spreken.
Bron: Kinderopvangtotaal
6. Blij met extra kredietfaciliteit verzekeraars en bank
VNO-NCW en MKB-Nederland zijn blij met het nieuwe initiatief van negen verzekeraars en ABN Amro om bijna
300 miljoen euro te steken in de kredietverlening aan mkb-bedrijven. Nu de economie zich lijkt te herstellen en
de bedrijfsinvesteringen weer aantrekken, is het van groot belang dat externe financiering beschikbaar is. Ook
is het volgens de ondernemingsorganisaties goed dat de verzekeraars en de bank mikken op het kleinere mkb.
Brug tussen vermogen en vraag
Met de samenwerking ‘MKB Financiering’ wordt een brug geslagen tussen het beschikbare beleggingsvermogen
bij verzekeraars en de vraag naar krediet vanuit het mkb. ABN Amro speelt een verbindende rol door de
kredietverstrekking en het risicomanagement te verzorgen. De kredieten bedragen maximaal 1 miljoen euro en
hebben een looptijd van zeven jaar.
MTH accountants & adviseurs
Juni 2014
4
Gebruik bereik van bank
Volgens VNO-NCW en MKB-Nederland is het slim dat de verzekeraars gebruikmaken van het bereik van de
bank. Het midden- en kleinbedrijf is immers historisch in hoge mate afhankelijk van bancair krediet. De
verzekeraars en ABN Amro investeren elk 140 miljoen euro in de nieuwe samenwerking. Ook het risico en het
rendement op de nieuwe mkb-leningen worden fiftyfifty verdeeld.
Bron: VNO-NCW
7. Toekomst werkgelegenheid Kinderopvang onzeker
Hoe ontwikkelt de werkgelegenheid in de kinderopvang zich de komende jaren? Nog altijd heeft de sector te
maken met vraaguitval en een personeelsoverschot. De ontgroening van de bevolking (krimp) maakt de
toekomst van de sector onzeker. Het slechte baanperspectief is niet goed voor het imago van de kinderopvang.
In het rapport 'Arbeid in Zorg en Welzijn 2014' beschrijft het Ministerie van VWS de stand van zaken op de
arbeidsmarkt in de zorg- en welzijnbranche. Ondanks de vergrijzing verwachten de onderzoekers op korte
termijn nog geen groei van werkgelegenheid in de zorg. Voor 2015 wordt uitgegaan van een daling en daarna
van een beperkte stijging.
Imago kinderopvang
Voor de kinderopvang is het toekomstbeeld nog 'ongewis'. Er is meer overheidsbudget voor de kinderopvang,
maar het aantal faillissementen stijgt nog steeds. De effecten van eerdere bezuinigingen hebben mogelijk nog
langere tijd invloed op de sector. Het slechte baanperspectief is slecht voor het imago van de kinderopvang.
Daardoor kan er een tekort ontstaan aan mensen die voor een pedagogische opleiding kiezen.
Werk-naar-werk
Niet veel werknemers durven nu makkelijk van baan te veranderen, concludeert het ministerie. Een deel van
hen heeft bovendien niet de vaardigheden die in de toekomst nodig zijn. Een ander deel zal binnen de
instelling van positie veranderen of ergens anders moeten gaan werken. Werkgevers moeten er daarom met
een van-werk-naar-werk-traject voor zorgen dat de werknemers meer mobiel worden.
Kinderopvangtoeslag
De afgelopen periode zijn diverse maatregelen genomen om de uitgaven aan de kinderopvangtoeslag (KOT)
beheersbaar te houden. Tegelijkertijd is er meer aandacht voor verbetering van de (pedagogische) kwaliteit
van de kinderopvang. In de Rijksbegroting 2014 is weer extra geld opgenomen voor verhoging van de
kinderopvangtoeslag. Of dit leidt tot een stabilisatie in de branche is nog onbekend.
Ontgroening
Een complicerende ontwikkeling voor de toekomst van de kinderopvangbranche is de ontgroening van de
bevolking. Dit zal leiden tot een dalende vraag in bijvoorbeeld de kinderopvangbranche, kraamzorg en
jeugdzorg. Ook neemt de potentiële instroom in het relevante beroepsonderwijs op de langere termijn af. De
uitwerking van de ontgroening verschilt sterk per regio.
Bron: kinderopvangtotaal
Zie het rapport als bijlage
MTH accountants & adviseurs
Juni 2014
5
8. Eén rekeningnummer voor toeslagen uitgesteld
De Belastingdienst krijgt één jaar langer om ervoor te zorgen dat ontvangers van toeslagen met één
rekeningnummer staan geregistreerd. Deze operatie had eigenlijk in juli afgerond moeten zijn, maar wegens
vertraging moesten tienduizenden mensen wachten op hun toeslagen.
Om fraude tegen te gaan, is besloten dat mensen met één rekeningnummer bekend zijn bij de Belastingdienst.
Zo is het zeker dat de toeslagen niet in handen komen van mensen die er geen recht op hebben. Ook met
kinderopvangtoeslag is in het verleden gefraudeerd.
Kinderopvangtoeslag
In juli had dit systeem in werking moeten treden, maar er ging een hoop mis. Eind januari hadden 32.000
mensen en bedrijven hun toeslagen nog niet ontvangen. Ook gezinnen moesten maanden wachtten op
kinderopvangtoeslag. De problemen bij de Belastingdienst kostten de toenmalige staatssecretaris Frans
Weekers de kop.
Niet verantwoord
De huidige staatssecretaris Eric Wiebes wil de overgangsperiode verlengen tot juli 2015. Zo heeft de
Belastingdienst langer de tijd om aanpassingen door te voeren en te controleren of het doorgegeven
rekeningnummer daadwerkelijk op de juiste naam staat. Wiebes vindt het 'niet verantwoord' om nu al over te
schakelen naar één rekeningnummer per persoon.
Bron: Belastingdienst
9. Landelijke IKC-dag
Op veler verzoek organiseert het Landelijk Steunpunt Brede scholen in samenwerking met de PO-Raad en
Brancheorganisatie Kinderopvang op 26 september 2014 de tweede landelijke IKC-dag. Bent u bezig met de
ontwikkeling van een integraal kindcentrum of heeft u plannen om hiermee aan de slag te gaan? Dan mag u
deze inspirerende bijeenkomst zeker niet missen!
De ontwikkeling van brede scholen in Nederland gaat razendsnel. Het onderwijs werkt steeds vaker en
intensiever samen met andere organisaties. Dat gebeurt vaak in de vorm van een integraal kindcentrum.
Kinderen profiteren maximaal van deze samenwerking en zetten hierdoor grote stappen in hun ontwikkeling.
IKC-dag
Deze IKC-dag is speciaal voor bestuurders onderwijs, bestuurders kinderopvang, schoolleiders en managers
kinderopvang.
Wat kunt u tijdens deze dag verwachten?
Een oplossingsgericht en praktisch programma dat bestaat uit een plenair deel met een interessante lezing van
Robert Jan Simons, hoogleraar didactiek, en een vraaggesprek van Job van Velsen (Landelijk Steunpunt)
met Rinda den Besten (PO-Raad) en Lex Staal (Brancheorganisatie Kinderopvang). Daarna volgen zeven
deelsessies met vele praktische en handige tips van experts en praktijkvoorbeelden. En uiteraard
netwerkmogelijkheden en boeiende ontmoetingen met andere deelnemers!
Meer informatie
Datum: vrijdag 26 september, van 9.30 tot 14.00 uur (inclusief netwerklunch)
Locatie: de precieze locatie volgt nog
Meer informatie en inschrijven: www.bredeschool.nl/ikc-dag
Het advies is om in koppels, onderwijs en kinderopvang gezamenlijk, deel te nemen. Aan deelname zijn geen
kosten verbonden.
Bron: Landelijks steunpunt brede scholen
10. FCB
Wat kan FCB voor u betekenen?
Zie bijlage
MTH accountants & adviseurs
Juni 2014
6
11. Voorzichtige tekenen van stabilisatie kinderopvang
Nog altijd is er sprake van een daling van het gebruik van kinderopvangtoeslag. In het eerste kwartaal van
2014 maakte 1 procent minder kinderen gebruik van kinderopvangtoeslag dan in dezelfde periode in 2013. Het
aantal uren opvang per kind daalde met 4 procent. De afname wordt vooral bepaald doordat de hoge
inkomens weer recht hebben op kinderopvangtoeslag sinds 2014. Toch is er reden voor optimisme. Vergeleken
met de afname in het laatste kwartaal van 2013 is er zelfs sprake van een lichte groei.
Het Ministerie van Sociale Zaken presenteerde de cijfers van het eerste kwartaal van 2014. Er is gekeken naar
het gebruik van kinderopvangtoeslag, het aantal locaties, de uurtarieven en de arbeidsparticipatie van vrouwen
en mannen, vaders en moeders. De cijfers gelden voor het gebruik van opvang in het kinderdagverblijf, de
buitenschoolse opvang en gastouderopvang.
Kinderopvangtoeslag
In het eerste kwartaal van 2013 maakten 648.000 kinderen nog gebruik van kinderopvangtoeslag, dit nam eind
2013 af tot 626.000, maar begin 2014 stond de teller weer op 642.000 kinderen. Dat betekent 3 procent groei
ten opzichte van het laatste kwartaal van 2013. Daarbij moet wel worden opgemerkt dat in 2014 de hoogste
inkomens hun recht op kinderopvangtoeslag terugkregen.
Lage inkomens
Brancheorganisatie Kinderopvang maakt zich zorgen over de grote afname van kinderen in de laagste
inkomenscategorie. In bijna alle inkomensgroepen werd er in het eerste kwartaal van 2014 iets minder gebruik
gemaakt van kinderopvangtoeslag dan in het eerste kwartaal van 2013. In de laagste inkomensgroepen ligt de
afname op 11 procent. Hoe hoger het inkomen, hoe kleiner de daling. In de hoogste inkomenscategorie 3 keer
modaal en hoger is er juist sprake van een stijging van 46 procent. Dat beïnvloedt het gemiddelde cijfers van
het gebruik van kinderopvang aanzienlijk: 1 procent minder kinderen die gebruik maken van
kinderopvangtoeslag en 4 procent minder uren.
De arbeidsparticipatie daalde in het algemeen in het eerste kwartaal van 2014. In sommige categorieën is die
daling licht, maar er zijn categorieën zoals de alleenstaande moeders waar de daling met 2,3 procent wat
steviger is. Bekijk hier de cijfers van de arbeidsparticipatie.
Locaties kinderdagverblijven
De meeste kinderen gingen in het eerste kwartaal van 2014 naar de bso: 282.000, daarna naar het
kinderdagverblijf: 262.000 en 98.000 kinderen gingen naar de gastouder. Het is opvallend dat het aantal
kinderdagverblijven toenam, terwijl het aantal locaties in de bso en de gastouderopvang afnam.
Brancheorganisatie Kinderopvang schrijft die stijging deels toe aan de omzetting van peuterspeelzalen in
dagopvang waar veel gemeenten volop mee bezig zijn (geweest).
Herstellende economie
De totale daling van 5 procent in het gebruik van kinderopvangtoeslag komt overeen met wat leden van de
Brancheorganisatie hebben geconstateerd. De belangenorganisatie merkt op dat er sprake lijkt van een
stabilisatie, maar ziet ook dat de ontwikkelingen in de kinderopvang achterlopen bij de economie die al tekenen
van herstel vertoont. Als er in de toekomst sprake is van groei, kan de precaire financiële situatie waarin veel
kinderopvangeigenaren zitten een obstakel vormen en de arbeidsparticipatie van jonge ouders zelfs
belemmeren.
Bekijk de cijfers over het eerste kwartaal van 2014 als bijlage
Bron: Rijksoverheid
MTH accountants & adviseurs
Juni 2014
7
12. Harmonisatie jaar vervroegd
De kwaliteitsmaatregelen voor harmonisatie tussen kinderopvang en peuterspeelzaalwerk worden een jaar
vervroegd. Per 1 januari 2016 worden de regels voor beroepskracht-kindratio gelijk gesteld. En per 1 juli
volgend jaar wordt het vierogenprincipe ook ingevoerd in de peuterspeelzalen. Dit schrijven minister Asscher
en staatssecretaris Dekker aan de Tweede Kamer.
De nieuwe kwaliteitsregels voor peuterspeelzalen en kinderopvang gaan een jaar eerder in dan aangekondigd.
Met deze maatregelen zet het kabinet een eerste stap om het verschil tussen de kinderopvang en
peuterspeelzalen te verkleinen. De bewindspersonen vinden dat het voor de ontwikkeling van peuters niet
moet uitmaken of zij naar de kinderopvang of de peuterspeelzaal gaan. Daarbij moet de kwaliteit omhoog. De
bewindspersonen maken drie miljoen euro vrij, onder meer om medewerkers beter op te leiden.
Brede steun
Het kabinet zegt de maatregelen sneller te kunnen invoeren omdat er brede steun is voor de plannen van de
VNG, de Brancheorganisatie in de kinderopvang en de Belangenvereniging van ouders in de Kinderopvang
(BOinK). Veel gemeenten zijn bovendien al bezig de kwaliteit van peuterspeelzalen en kinderopvang gelijk te
trekken. De nieuwe regels maken het voor gemeenten makkelijker om daarmee verder te gaan.
Financiering
De aanpassing van de financieringsstructuur staat los van de kwaliteitseisen die vervroegd worden. De minister
meldt dat de vervolgstappen om te komen tot één financieringsstructuur voor werkende ouders worden
bepaald nadat bestuurlijk overleg met de VNG heeft plaatsgevonden.
Pedagogisch beleidsplan
Tevens moeten beide voorzieningen vanaf 1 juli 2015 enkele beperkte wijzigingen doorvoeren in hun
pedagogisch beleidsplan. Er moet onder meer aandacht besteedt worden aan de wijze waarop
beroepskrachten bijzonderheden in de ontwikkeling van kinderen of andere problemen signaleren en ouders
doorverwijzen naar passende instanties die hierbij ondersteuning kunnen bieden. In de kinderopvang is dat nu
nog niet verplicht. Bovendien moet aandacht worden besteed aan de manier waarop kinderen kunnen wennen
aan een nieuwe groep. Volgens de minister ondersteunen betrokken partijen (Brancheorganisatie
Kinderopvang, MOgroep en BOinK) deze wijzigingen.
Opleiden
Vanaf 1 januari volgend jaar gaan kinderopvangorganisaties en peuterspeelzalen medewerkers extra opleiden.
Zo moeten zij alerter zijn op kinderen die een ontwikkelingsachterstand dreigen op te lopen. Het gaat dan
bijvoorbeeld om kinderen die slecht Nederlands spreken. Ook blijven gemeenten in de toekomst geld krijgen
voor voorschoolse voorzieningen voor niet-werkende ouders.
Bron: kinderopvangtotaal
Hoewel bij de samenstelling van deze nieuwsbrief de uiterste zorg is nagestreefd, wordt geen aansprakelijkheid aanvaard voor
onvolledigheden of onjuistheden. Vanwege het brede en algemene kader van deze nieuwsbrief, is het niet bedoeld om alle
informatie te verschaffen die noodzakelijk is voor het nemen van financiële beslissingen. Deze nieuwsbrief is gebaseerd op de
stand van zaken in wetgeving en publicaties op het moment van verzending.
MTH accountants & adviseurs
Juni 2014