Jazzette 4-2014

Is jazz dan nog altijd de muziek van alcholisten, junks en
hoerelopers zoals Zaki het stelt, of platvloers zoals
Bosschaerts het meende? Echt niet hoor, het wordt hoog tijd
dat jazz terug naar de underground gaat en de sfeer van de
fifties terugkomt. Jazz moet terug gaan swingen.
Mensen die onze club regelmatig bezoeken zullen het toch
met me eens zijn dat muzikanten zoals Rolf Delfos, Nico
Scheepers, Hugo Bogaerts, de jazz in zijn waarde laten zoals
die zestig jaar geleden was. Dansbaar en aangenaam ,
meezingers, meeswingers, meefluiters. Voor mij mag het
natuurlijk al eens hoekig en a-tonaal klinken, absoluut, maar
ik moet na het concert kunnen zeggen dat ik me geamuseerd
heb. Muziek die niet op je gevoel slaat, nog niet met twintig
pinten in de pens, daar is iets mis mee. Waar blijft het
kippenvel, waar blijft de traan uit de rechterooghoek?
rm.
OUD VINYL
JOHAN &
MARTINE
BETTINA
v A NCLEEF
PB
3680 MAASEIK
12/3211
R O U W C E N T R A
Mgr. Koningsstraat 4, 3680 Maaseik
Breeërsteenweg 333, 3640 Kinrooi
Art Blakey & The Jazz Messengers.
Moanin’, Blue Note
Art Blakey:
Lee Morgan:
Benny Golson:
Bobby Timmons:
Jymie Merrit:
Drums
Trompet
Tenor Sax
Piano
Bas
Ik heb een hele mooie heruitgave van deze elpee op 45 toeren
kunnen bemachtigen, uitgebracht door Blue Note onder nummer
4003: één van de mooiste werkjes die ik de laatste tijd op de
kopheb kunnen tikken . Als mijn Anne zegt dat dit de muziek is die
ze wil dat jazz is, dan is dat zo en moet iedereen deze elpee kopen!
De volledige kant een van de LP opent met het titelnummer
‘Maonin’, tevens ook het beste en meest funky nummer van de hele
plaat. Het vraag en antwoord spelletje tussen Lee Morgan
(trompet), Benny Golson (tenorsax) en de ritme sectie maakt het
een uiterst toegankelijk nummer. ‘Are You Real’ en ‘Along Came
Betty’ zijn weer twee meezingers die dagen in het geheugen
blijven hangen en waar je na enkele nachten mee neuriën misselijk
van wordt, maar toch blijf je de plaat afspelen, opnieuw en opnieuw
en opnieuw.
Kant drie staat vol met ‘The Drum Thunder’ van Benny Golson. Ik
vraag mijn drie favoriete drummers van Maaseik dan ook met
aandrang om met Tritom dit nummer op het repertoire te zetten.
Kant vier opent met ‘Blues March’, een op de streetparades uit New
Orleans gebaseerde blues en het overbekende nummer ‘Come
Rain Or Come Shine’., een ouderwetse meezinger,waarvan iedereen
die de titel niet kent, bij beluistering wel meteen de melodie zal
herkennen.
Deze plaat bracht Blakey met The Jazzmessengers naar Europa,
waar ze meteen voor jaren roem en faam oogstten voor dit werk.
In mijn openingszin heb ik gezegd dat dit een van de mooiste
werkjes is die ik de laatste jaren heb kunnen bemachtigen, en dat
geldt niet alleen voor de muziek. Dit is een niet zo goedkope
uitgave op vinyl, uitzonderlijk op 45 toeren voor een nog beter
geluid. De hoes is nog van ouderwets karton dat tegen een stootje
kan.
Ik weet niet of dit exemplaar op CD te vinden is, of te downloaden
valt, voor mij hoeft dit absoluut niet, alleen al de hoes roept
nostalgie op: dit is fifties op en top.
Kopen die hap!
AGENDA
Café Sjruur Live Maaseik
festivals hier in België mensen op de eerste rij zitten,
wijsvinger en middelvinger op de rechterslaap, duim onder
de kin en ringvinger tussen de lippen, het hoofd zeer
langzaam meebewegen op een maat die ze niet begrijpen,
en kijken alsof ze zelf op het moment iets hebben uitgevonden waar de wereld beter van gaat worden. Als je als jazzleek,
muziekliefhebber die een uitstap wil maken in de jazzwereld,
toch een eerste keer naar een jazzfestival als Gent of Middelheim gaat, dan weet je toch niet wat je meemaakt. Het
sfeertje dat daar hangt is absoluut niet platvloersch zoals
Bosschaerts het zegt, maar hoogdravend en elitair. Je mag
niet gaan zitten waar je wil, je mag de muziek niet slecht
vinden, je krijgt er geen fatsoenlijke festivalpint, alles is nep
fake en kak, het niet voluit geschrevene wordt hier voluit
geschreven. Jazz heeft het aan zichzelf te danken het niet
door de grote massa wordt gesmaakt, jazz heeft het aan
zichzelf te danken dat er niet meer podia beschikbaar zijn,
jazz heeft het aan zichzelf te danken dat het niet meer op de
nationale zender wordt gespeeld.
BELGIË
BELGIQUE
Zat. 18 okt. 2014
Bart Lust Quintet
Zat. 15 nov. 2014
JAZZETTE
Skordatura PunkJazz Ensemble
Zat. 20 dec. 2014
Daan Demeyer Quintet plays
Cannonball Adderley
zon. 15 maart 2015
Arthur Tuznier Trio (Laureaat Jazz Hoeilaart).
zat. 11 apr. 2015
Jules Deelder
zat 16 mei 2015
Alter Tape
www.sjruur.be
De Jazzette is een
uitgave van
Sjruur Live v.z.w.
colofon
De Jazzette verschijnt 6 keer per jaar.
Redactieadres: Torenstraat 3, 3680 Maaseik
www.sjruur.be
e-mail:[email protected]
Bijdragen: Willy Borkelmans
René Meuris
Carolius Nonk
Corrector: Arno Latour
Vormgeving: Paul Brouwers
the Rhythm Junks
Jaargang 16/nr. 4 - 2014
afgiftekantoor
3680 MAASEIK
De Jazzette is een
uitgave van
Sjruur Live v.z.w.
P004554
rm.
Torenstraat 3 B- 3680 MAASEIK
Torenstraat 3,
B-3680 Maaseik.
Jaargang 16
nr. 4 - 2014
VU: Willy Borkelmans
Javanastraat 39
3680 Maaseik
VOORWOORD
Ik ben een trotse voorzitter. Met ons 20 –
jarig jubileum hebben wij naar aloude
traditie weer iets moois neergezet in
onze kroeg en per definitie in Maaseik.
De superlatieven waren en zijn nog
steeds niet van de lucht. Een greep uit de
lofbetuigingen die wij tot nog toe in
ontvangst mochten nemen: manjefik,
neet te geluive, bom diggie, schitterend, waat ei fiëes,
awesome, te gek, waal wèrm, denderend, daverend, enorm,
noeits zoe gèt schoêns gezieên, van de zök gebloeze, neet
normaal, danse doer langöwt op den dansvloer te gaon ligke
- mocht dèt feitelijk ? - joa alles moch, den drummer waas
geweldig, iech vong Jef Nevens hiëel good, Sjruurs - gieë zeet
gek, heel mooi, heel ingetogen, formidabel, kolossaal,
subliem, fameus, dae Steven De Bruyn waat vuur ein energie
haef dae man - 100.000 volt, formidable, fantastisch, prachtig,
moch ze diech einen deure cocktail bestèlle aan Teijnes - nae
dèt waas ein van de weinige dènger dei-j neet mochte daovuur wèrdese bowte gegoeid - ouch nao aloude tradeijsie,
fabelachtig, prachtig, uit de kunst, fantastisch, waat schjoên,
fameus, excellent, gaaf puik, sjik man, waat is dèt waat Roland
rouk - iech zou het be-ij god neet weite - het ruijkt alleszins
nao ongewasse zök met appeleprotsj, uitmuntend, volmaakt,
iech ben gelökkig, ravissant, goddelijk, iech wil beij uch
verkenswangetjes kommen iëete, waem is Paul Pentecoast dèt is eine bril, zeldzaam, gedenkwaardig, ongeëvenaard, gief
miech noch eine Whisky - waat, de fles Bowmore is laeg - weij
kump zogèt, fenomenaal, subliem, charmant, hemels, pront,
nae ierlik jonges - vèng gie dèt now gooie mezei-jk ?, deij aan
het buffet, deij kalden waal hèl - dèt zal waal - deij zoete tot
aan hunne nek vol sjampanj - Sabine zeijn fout trouwens, haef
Jef Neve ouch gooje mezieik beij, mieters, uitmuntend,
grandioos, tiegedraods, woe zeen deij anger tiendowsend
man deij heij moste zeen, wondermooi, indrukwekkend,
,curieus, onvoorstelbaar, weergaloos, zeldzaam, subliem…
U ziet, beste lezer, we zijn een beetje gewaardeerd geworden
de laatste dagen en terecht, ik vind het dan ook gepast om
hier mijn collega Sjruuristen te bedanken. Het zijn zij die dit
alles gedaan hebben. Geef hen een klein applaus, ook als u
nu alleen bent . Als u nu dacht dat de adrenaline lang zijn werk
zou doen bij ons, dan vergist u zich, want waarschijnlijk door
het hoge alcoholpeil in ons bloed wordt adrenaline onmiddellijk omgezet naar energie en gaan we op het zelfde elan
verder naar ons 40- jarig jubileum. U vindt alle info terug op
onze magnifieke website en we starten tegelijkertijd, als klap
op de vuurpijl, ook nog eens met een heuse radio uitzending,
op radio LRM onder de naam “Somenthing else…” en dit
iedere derde donderdag van de maand van 22.00 – 23.00 uur.
So What…
Willy Borkelmans
DAG VRIENDEN
VAN DE JAZZ EN OOK
VAN DE POËZIE.
Zoals misschien geweten, breng ik al jaren, samen met mijn
gezin, mijn vakantie door in Bretagne. Etnografen beweren
dat de Bretoenen samen met de Ieren, de Schotten, en de
Welshmen nog voor een stuk afstammen van de Kelten en
dus nog verre achterneven zijn van onze Ambiorix. Nu heeft
Julius Caesar en ook wel een beetje Willy Vandersteen die
Kelten altijd afgeschilderd als een barbaars volkje dat enkel
van vechten, dobbelen en pinten drinken hield. De (oude)
Belgen, nog steeds volgens Juul en Wiel, strekten de rest
daarbij tot een stichtend voorbeeld. Toen tenminste nog. Wat
veel minder bekend is, is dat die Kelten een voor die tijd zeer
hoogstaande cultuur hadden. Zij hadden landbouwwerktuigen ontwikkeld die op technologisch vlak hun tijd ver vooruit
waren. Hun wapensmeedkunst zou de Krupps in Duitsland
doen watertanden. Op cultureel vlak hadden zij reeds een
heel eigen schrift ontwikkeld en aan hun edelsmeedkunst
kon zelfs Goofy, de bekende edelsmid, een puntje zuigen.
Eén cultuurelement is tot op heden nog steeds tastbaar, of
beter gezegd hoorbaar. Dat is hun muziek.
De hedendaagse westerse folkmuziek is voor een groot deel
gebaseerd op Keltische muzikale roots. Er zijn tig groepjes
die nog steeds de nostalgie hooghouden en de lijsttrommels,
Ierse fluiten, doedelzakken in allerlei verschijningsvormen
(de zak moet hier wel lager hangen dan de pijp(-en)), en
draai- en gewone lieren bespelen en de emoties beroeren.
Hier en daar zie je zelfs nog iemand de longen uit zijn lijf
blazen om een carnyx te laten dreunen. Op het jaarlijkse
interkeltische muziekfestival in Lorient zie en hoor je dat
allemaal bij elkaar. Een indrukwekkend schouwspel is wel het
minste wat je daarvan kunt zeggen.
Maar we zijn een jazzclub en dit is een jazzblad en wat heeft
dit folk- en heimatgedoe daar dan mee te maken?
In Cancale en omstreken, het café dat ik daar pleeg te
frequenteren incluis, zie ik regelmatig affiches ophangen die
één of ander jazzoptreden aankondigden. Daartussen hing er
ook een affiche van een groepje dat hun muziek “jazz
celtique” noemde en dat intrigeerde mij, temeer omdat die
term mij niet vertrouwd in de oren klonk. Het wou lukken dat
zij niet zo ver af van mijn pleisterplaats speelden in een bruin
café dat reeds jaar en dag de zuidwesterstormen trotseerde
en waar vermoedelijk nog ooit oude zeeschuimers rum en
ander geestrijk vocht hadden zitten zwelgen. Voor die paar
euro entree kon je sowieso toch niet gekloot zijn en bovendien moet je om nieuwe gebieden te ontdekken, bereid zijn
te investeren en enig risico te nemen. Het zou allicht beter
zijn dan die coverbandjes of stand-alones die mijn gehoor al
danig hadden geteisterd. Ik kon mijn nieuwsgierigheid dus
niet langer bedwingen en moest mij overgeven aan de
onweerstaanbare drang om die gozers en gozerin een
luisterend oor te bieden. Ik, die dacht dat zij wat Ierse ballads
in een ander ritme zouden hebben gegooid en overgoten
MUZIEKLECTUUR
hadden met wat jazzy arrangementen, was eraan voor de
moeite. Het was werkelijk, voor zover ik daarover kan
oordelen, originele en schitterende muziek. Weer eens heel
iets anders. Niet uitgaand van de klassieke jazzstandards
maar wel van een mengeling van Ierse, Engelse en Schotse
folk met zelfs een vleugje country en een zweempje blue
grass , gearrangeerd op een jazzy manier, gebracht met
zowel traditionele als moderne (elektronische) instrumenten . Echt mooi ! Even mooi en met elkaar verweven als die
klassieke Keltische knoop.
En daar heb ik nu een gedichtje over gemaakt.
Het Keltisch teken
Het Keltische teken aan de muur
Weerspiegelde haar onrust
De verstrengelde knopen in
Een eindeloos figuur
Haar parelwitte tranen
Maakte het zwarte water grijs
Spoelde weg door de gootsteen
Van haar gedachten
De cirkel van haar leven
Stuitte steeds op oude knopen
Versperde haar wil van
Verdergaan naar niets
Thioraidh, Carolius Nonk.
Liefde en jazz (Eugene Bosschaerts)
Dit boekje uit 1943, origineel exemplaar beste mensen,
staat al jaren in mijn bibliotheek en is nooit gelezen, tot op
heden. Waar ik het vandaan heb weet ik ook niet meer
precies. ik meen me te herinneren dat ik het van Harei-j
Sjruur heb gekregen of zelf gekocht heb op de boekenbeurs van de harmonie in Maaseik. Maar goed dit doet
allemaal weinig ter zake, het verhaal op zich ook niet, maar
het voorwoord , voorbericht zoals hij het zelf noemt, van de
auteur roept wel wat bedenkingen op.
In dit tamelijk ruwe verhaal hekel ik het materialisme, de
geldzucht en de verwildering in de moderne samenleving.
Om consequent te blijven moest ik mijn stijl in overeenstemming brengen met de milieuschildering. Jazzmuzikanten, diensters en dergelijke spreken in het algemeen geen
engelentaal. De lezer mogen zich echter niet te veel
ergeren aan menig platvloersch gezegde. Hij bedenke dat
de man uit het volk het met een schilderachtige, doch grove
uitdrukking daarom niet kwader meent. Of, om het anders
te zeggen, de heeren politici, diplomaten en kanonnenkooplui meenen het met hun beschaafde omgangstaal
daarom geen zier beter. Ik persoonlijk ben de meening
toegedaan, dat een raak woord, uit den volksmond
opgevangen en in een tekst te pas gebracht, oneindig
minder kwaad kan dan het kleinste scherfje van een
granaat. En het oude Europa krijgt dagelijks tienduizenden
van die gevaarlijke spullen op zijn donder.
Toch liet ik hier en daar het grove slechts vermoeden. Het
trucje van het niet voluit geschrevene is veeleer flauw, ik
heb het echter toch maar aangewend om te bewijzen dat
het niet in mijn bedoeling lag de fijngevoeligheid van den
lezer moedwillig te kwetsen.
Ik heb bij het schrijven van dit verhaal vooral zorg besteed
aan de typering en minder gedacht aan literatuur in het
algemeen, of aan het kweeken van stijlbloempjes in het
bijzonder. En ik eindig dit korte voorbericht dan ook met de
raadgeving, die Lode Zielens eens gebruikte als titel voor
een novellebundel: LEES EN VERGEET.
Toen ik dit las dacht ik meteen weer aan de uitspraak van
onze vriend Zaki, die ik de vorige jazzette heb toegelicht.
Tussen dit boek en dat van Zaki zitten exact zeventig jaar en
de mening over jazz is blijkbaar nog niet veranderd…...
Maar ik denk dat net het tegenovergestelde aan het
gebeuren is: jazz of jazzmuzikanten zijn niet meer
platvloers of ruw, integendeel voor mij zijn ze soms te
bekakt, en dit heeft alles te maken met de ontwikkeling van
de jazzmuziek op zich. Daar waar het zeventig jaar geleden
nog over swing ging, dansbare muziek, gaat het nu vaak
over gekunstelde muziek, te berekend en uitgewerkt om
nog van het volk te kunnen zijn. Zevenenzestig maatveranderingen en modulaties in een nummer, het meedrummen
met de voet op de grond bestaat niet meer, kan voor de
leek of liefhebber ook niet meer. En dan zie ik op de grote