Jaarverslag 2013 inclusief speciaal cahier met columns & interviews espria jaarverslag 2013 inhoudsopgave jaarverslag 1. Voorwoord 8 2. Profiel van het concern 14 2.1 14 Algemene identificatiegegevens 2.2 Structuur van de organisatie 14 2.3 Kerngegevens 14 3. Bestuur, toezicht en medezeggenschap 20 3.1 Normen voor goed bestuur 3.2 Raad van Bestuur en Directies 20 3.4 Medezeggenschap 33 3.4.1 Cliëntenraad 33 3.4.2 Ondernemingsraad 34 4. Beleid, inspanningen en prestaties 40 4.1 40 3.3 Raad van Commissarissen Meerjarenbeleid 21 21 4.2 Algemeen beleid verslagjaar 42 4.2.1 Beleidsthema’s per zorglijn. 42 4.2.2 Beleidsthema’s op concernniveau 52 4.3 Samenleving, samenwerkingsrelaties en belanghebbenden/stakeholders 61 4.3.1 Maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) 61 4.3.2 Belanghebbenden/stakeholders en samenwerkingsrelaties 63 4.4 Toekomstparagraaf 65 Bijlagen 1. Kerngegevens 134 2. 137 Samenstelling Raad van Bestuur 3 Alledaagse waarden Espria jaarverslag 2013 Veel of een beetje. Een bijdrage leveren. Omdat je dat kunt, en omdat je dat graag wilt doen. Meedoen is stimuleren, voor iedereen. En ook van jezelf. Meedoen. Zeer gewaardeerd. 5 Alledaagse waarden Espria jaarverslag 2013 Meedoen Zeer gewaardeerd 11.12 Fijn om het nog even na te lezen 14.05 En als je ermee bezig gaat, dan snap je het gelijk 18.15 Zo fijn om het dan weer te weten, waarom 1. voorwoord 9 1. Voorwoord Espria jaarverslag 2013 Dit alles overziend stellen we vast dat de sector, maar ook de samenleving stap voor stap leeft met de gedachte dat het ook anders kan, dat het wellicht ook goed is om het eerst meer zelf te doen en samen te doen, en dan pas aan LATEN DOEN te denken. Dat we na een paar decennia van probleem denken over bezuinigingen, bedreigingen, onbetaalbaarheid en onmogelijkheid als samenleving de verschillende handschoenen aan het oppakken zijn. personen, hebben we in een speciaal Cahier “Op weg naar een nieuwe vanzelfsprekendheid” in het hart van dit Jaarverslag 2013 opgenomen. Dat is de uitdaging. En hebben we daarvoor genoeg in huis? Meer dan genoeg. Sterker nog, zoveel aan waarden en elementen dat we die heel goed eens willen benadrukken. Dat we daar trots op mogen zijn en dat ook eens kunnen laten zien. Dat we aandacht voor elkaar hebben. Professioneel en betrokken zijn. Dat we graag willen dat we allemaal mee kunnen doen. Dat we bereikbaar en helder met elkaar communiceren. Dat we het van grote waarde achten dat onze kwetsbare cliënten - ouderen, mensen in de GGZ en mensen met een beperking - meetellen en van waarde kunnen zijn. Ieder op zijn en haar eigen wijze. Maar van waarde. Dat willen we graag nu, met een terugblik over 2013 en met veel energie voor de komende jaren, benadrukken. Zeer Gewaardeerd. Zie hier het thema van dit jaarverslag; en ook ons bindend thema voor de komende jaren. Voor onze cliënten, voor onze medewerkers, voor onze waarden. Onze passie. Zeer Gewaardeerd. Marco Meerdink, Tiana van Grinsven, John Kauffeld en Anton Zuure Raad van Bestuur betrokken samen meedoen aandacht geregeld dichtbij persoonlijk helder bereikbaar actief Dat we met z’n allen vaststellen dat we ook met z’n allen hier heel veel in kunnen betekenen. Hoe ingrijpend ook. Want dat anders denken, anders werken heeft ook ingrijpende gevolgen voor voor elkaar persoonlijk helder bereikbaar actief voor elkaar professioneel Zo vinden wij dat zorg niet meer automatisch en onvoorwaardelijk beschikbaar moet zijn voor bijvoorbeeld alle mensen die oud zijn. Mensen, die naar de traditionele normen gemeten, ‘daar recht op hebben’. Wij vinden dat je best die “nieuwe” vraag nog eens een paar maal mag stellen. ”Wat kunt u zelf En tenslotte zijn we er zeker van dat aandacht - er zijn voor elkaar, meedenken, betrokken zijn- van hele grote waarde is. Aandacht is “het beste recept” tegen wellicht de belangrijkste aandoening bij kwetsbare mensen: eenzaamheid. Laten we het anders zeggen: aandacht is van onschatbare of onbetaalbare waarde en dat is een prachtige tegenstelling. Aandacht kost namelijk niks. professioneel Inmiddels kunnen we zien dat in de sector, en misschien ook wel in de samenleving, dat “MOETEN” langzaam verandert in “WILLEN.” Dat we zien en weten, dat we beseffen dat we zelf, en met z’n allen, een hele belangrijke factor kunnen zijn in de wijze waarop wij omgaan met alle veranderingen die op ons afkomen. Die kanteling, van MOETEN naar WILLEN, van niet alles “LATEN doen” maar meer ZELF en SAMEN DOEN, is zo natuurlijk dat we inmiddels willen praten over “de weg naar een nieuwe vanzelfsprekendheid.” We verlaten de wereld waar we vandaan komen en gaan naar een wereld die nu nog nieuw is, waar we nog wat zoekend zijn maar wel weten dat de richting in grote lijnen klopt. Dat we kwetsbare mensen willen aanmoedigen in zelf doen, samen doen en dus meedoen, en dat we aldus werken aan een (zorg) samenleving die “met z’n allen” straks praat over een waardevol leven. Dat we dan met al haar nieuwe aspecten als vanzelfsprekend ervaren. Gedachten daarover, prachtige overdenkingen van aansprekende betrokken Willen wel. Willen is wat we zelf kunnen bedenken, begrijpen en omarmen. Dat anders denken, anders werken is binnen onze organisaties in 2013 heel duidelijk doorgezet. Parallel aan het overheidsbeleid op het gebied van de zorg, maar ook als een voorbeeld voor dat beleid. Espria is volstrekt van mening dat het een goede zaak is om anders te kijken naar heel veel zaken in de zorg; zaken die voorheen vanzelfsprekend waren. We zijn er bovendien van overtuigd dat wie meetelt zich van waarde voelt. Meedoet. En daarmee - vele onderzoeken geven dit aan - minder aanspraken maakt op zorg en andere faciliteiten maar ook, en dat is heel belangrijk, hoger scoren op de schaal als het gaat om kwaliteit van leven, om welbevinden. samen Moeten is niet leuk. Moeten wordt opgedragen, komt van buiten, is niet van jezelf. Maatschappelijk is de geest is uit de fles. Ontegenzeggelijk. We zijn er ook van overtuigd dat kwetsbare mensen graag mee willen blijven tellen, mee willen blijven doen, hoe minimaal ook en soms verrassend, hoe substantieel ook. meedoen Heel langzaam heeft onze samenleving in de gaten dat we er niet meer zijn als we naar buiten wijzen, als we bij bedreigingen, bezuinigingen, nieuw beleid naar de overheid wijzen en vaststellen dat “daar de oorzaak ligt, bij die overheid, en dat het daar echt anders moet.” Die overheid wijst inmiddels al een paar jaar terug en geeft aan ons, aan alle partijen in de sector aan dat we het zelf anders moeten aanpakken. We zijn er en willen er altijd zijn voor de zeer kwetsbare mensen die zonder onze hulp en bejegening, die zonder noodzakelijke zorg geen waardevol leven kunnen hebben. aandacht En die laatste toevoeging is wellicht de meest belangrijke. Een essentieel verschil met vroeger: “Met z’n allen.” bijvoorbeeld de werkgelegenheid. Ook in 2013 hebben we dientengevolge afscheid moeten nemen van gewaardeerde collega’s. Mensen die echter ook in een aantal gevallen, met ondersteuning van ons, weer nieuwe kansen hebben gekregen in een nieuwe werkomgeving. Waarbij we enkele uitgangspunten onveranderd en onvoorwaardelijk blijven bewaken. geregeld Ook 2013 heeft laten zien dat de sector van wonen en zorg heeft te maken met vele nieuwe uitdagingen. Dagelijks maken we daar kennis mee in de media, dagelijks krijgen we te horen en te zien dat “het allemaal niet meer zo kan en echt anders moet.” Ook binnen Espria, met onze duizenden cliënten en medewerkers bevinden we ons vaak in “het oog van deze orkaan.” Soms oorverdovend. Hoe moet dat allemaal en hoe gaan we dit oplossen. Met z’n allen? doen en wat kunt u met elkaar doen?” En pas daarna: “Wat kunnen wij voor u betekenen?” dichtbij Zeer gewaardeerd: hoe vanzelfsprekend 11 Alledaagse waarden Espria jaarverslag 2013 Met elkaar en gericht op elkaar. Bejegening met warmte, professioneel, betrouwbaar en empathisch. Rekening houden met wat kan, niet kan, met willen en doen. Betrokken. Zeer gewaardeerd. 13 Alledaagse waarden Espria jaarverslag 2013 Betrokken Zeer gewaardeerd 10.03 Gewoon even aan gedacht, zo’n bloemetje. Mooi 14.23 Voor jarig, of elk ander feestje. Iets nieuws 16.38 Zo fijn om te krijgen; maar ook om te geven 2. Profiel van het concern 2.1 Algemene identificatiegegevens De kraamvogel Stichting Holding BV Icare Bij Particura Zorgbemiddeling BV heeft een fusie plaatsgevonden waarbij Algemene Thuiszorg BV is geïntegreerd in eerstgenoemde BV. BV 51% St. Evean Thuiszorg Coöperatieve Zorgcentrale Noord U.A. St. Evean Zorg Amsterdam Thuiszorg Perfect BV Stichting Evean Zorg Stichting Kinderopvang Hoogeveen Stichting Particura • Particura Zorgbemiddeling • UMC Groningen Thuis BC (50%) • Stichting Profzorg De verschillende organisaties en bedrijfsonderdelen van Espria zijn onderverdeeld naar zorglijn en regio. Espria richt zich primair op de volgende zorglijnen: - Verpleging Verzorging en Thuiszorg (VVT); - Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ); - Verstandelijk Gehandicaptenzorg (VGZ); Stichting Evean Cumulus De Kraamvogel NW BV Stichting Evean Facilitas De Kraamvogel ZW BV Stichting Welsaen Stichting Maatschappelijke Dienstverlening * Consolidatie van de ledenvereniging vindt plaats in stichting Icare. betrokken samen meedoen bereikbaar actief voor elkaar professioneel Het huidige SSC maakt op dit moment onderdeel uit van de volgende stichtingen: Stichting Evean Zorg, Stichting Icare, Stichting GGZ Drenthe en Stichting Zorggroep Meander. betrokken samen meedoen • Evean Kraamzorg BV De Kraamvogel ZO BV De kernregio’s voor Espria waren in 2013 NoordHolland (VVT en Kraamzorg) en Noordoost Nederland (alle zorglijnen). De kengetallen van de Espria bedrijfsonderdelenzijn opgenomen in bijlage 1. aandacht Stichting Evean Caro De Kraamvogel NO BV Daarnaast is Espria actief op het gebied van Kraamzorg, Jeugdgezondheidszorg en Kinderopvang. Kraamzorg en Kinderopvang behoren niet tot de strategische speerpunten van Espria. Daarom wordt ingezet op vervreemding van deze activiteiten. geregeld persoonlijk Vereenvoudiging van de organisatiestructuur Waar mogelijk streeft Espria naar een versimpeling van de juridische structuur van het concern. Er is in 2012 een plan gemaakt om Stichting Evean Thuiszorg NHN, Stichting Evean Zorg Amsterdam Evean Services Stichting De Dillenburg 2.3 Kerngegevens dichtbij Samenwerking met de Espria Ledenvereniging Espria heeft een alliantie met de Espria Ledenvereniging. De Ledenvereniging staat open voor iedereen in de werkgebieden van de bedrijfsonderdelen van Espria. Leden kunnen gebruik maken van allerlei diensten op het gebied van service en comfort die de Ledenvereniging biedt. GGZ Drenthe • Habicare BV Ter ondersteuning van de Raad van Bestuur is een kleine concernstaf operationeel. De hoofdstructuur van Stichting Espria is weergegeven in het organogram, zoals weergegeven in figuur 1. Stichting Evean aandacht Stichting Espria bestaat uit meer dan dertig organisaties en bedrijfsonderdelen, elk onder leiding van resultaatverantwoordelijke directies. De verschillende onderdelen vallen onder zes rechtspersonen. Daarnaast heeft Espria een 51% belang in Evean Services BV. Meander Stichting Icare Beheer en Ontwikkeling BV Efficiënte ondersteuning bedrijfsonderdelen Espria heeft voor de bedrijfsonderdelen een Shared Service Center (SSC) ingericht. Hierin zijn de ondersteunende activiteiten op het gebied van finance, HR-services, ICT en inkoop ondergebracht. 2.2 Structuur van de organisatie De Trans geregeld Internetpagina: www.espria.nl Zorggroep dichtbij E-mailadres: [email protected] helder LEDENVERENIGING EVEAN/ICARE* Stichting Stichting persoonlijk Identificatienummer Kamer van Koophandel: 08173909 bereikbaar STICHTING ESPRIA Fusies in 2013 Met het oog op de realisatie van integraal aanbod in Zaanstad is Stichting Evean in 2013 bestuurlijk gefuseerd met Stichting Welsaen en Stichting Maatschappelijke Dienstverlening. Telefoonnummer: 088-3833488 actief Figuur 1. Organogram Espria helder Adres: Blankenstein 400, 7943 PH Meppel voor elkaar 2. Profiel van het concern Espria jaarverslag 2013 en Stichting Evean Zorg samen te voegen tot één juridische entiteit. In 2013 is de integratie van deze bedrijfsonderdelen verder uitgewerkt. De juridische integratie zal in 2014 worden geëffectueerd. Naam verslagleggende rechtspersoon: Stichting Espria professioneel 15 17 Alledaagse waarden Espria jaarverslag 2013 Zichtbaar en onzichtbaar. Maar wel de wetenschap. Op vele momenten en soms op elk moment. Voor elkaar en ook voor jezelf.Heel belangrijk, de tijd, de bejegening, het gezelschap. Geïnteresseerd. Aandacht. Zeer gewaardeerd. 19 Alledaagse waarden Espria jaarverslag 2013 Aandacht Zeer gewaardeerd 14.43 Verheug ik me altijd weer op. Zij ook 10.53 Gisteren al klaar gemaakt. Mijn recept 16.21 Wat wil je nog meer. Genieten 3. Bestuur, toezicht en medezeggenschap Algemeen In dit jaarverslag legt de Raad van Commissarissen van Espria, en de daaronder vallende juridische entiteiten, publiekelijk verantwoording af over de wijze waarop de Raad invulling heeft gegeven aan de uitvoering van zijn taken en bevoegdheden in het afgelopen jaar. betrokken Terugblik op 2013 De zorgsector verkeert in een turbulente periode en staat onder (financiële) druk ten gevolge van diverse overheidsmaatregelen. Dit tegen de achtergrond van een grote stelselwijziging die door het Kabinet in gang is gezet om de zorg ook op langere termijn betaalbaar te houden. Belangrijke elementen daarvan zijn het scheiden van wonen en zorg, het overhevelen van grote delen van de AWBZ naar de WMO en ZVW, gepaard gaand met forse budgetkortingen. Dit alles heeft grote impact op de samen persoonlijk professioneel betrokken samen meedoen aandacht geregeld dichtbij persoonlijk helder bereikbaar actief De personele unie op het niveau van de Raad van Commissarissen zal naar verwachting per 1 januari 2015, als gevolg van de Herzieningswet toegelaten instellingen volkshuisvesting, moeten worden opgeheven. Zie hiervoor paragraaf 3.3 helder • Portefeuilleverdeling Raad van Bestuur De heer Meerdink is als CEO primair verantwoordelijk voor de concernstrategie, innovatie, HRM en public affairs. De heer Zuure heeft als CFO o.a. het financiële beleid, control, treasury en riskmanagement in portefeuille. Mevrouw Van Grinsven is als COO primair verantwoordelijkheid voor het in het westen van het land gelegen zorgbedrijf Evean, alsmede De Kraamvogel en het Shared Service Center van Espria. De heer Kauffeld is als COO primair verantwoordelijk voor de noordoostelijk gelegen zorgbedrijven van Espria, te weten GGZ Drenthe, Icare, Zorggroep 3.3 Raad van Commissarissen meedoen De besluitvorming binnen de Raad van Bestuur vindt plaats met meerderheid van stemmen. Het bestuur legt bepaalde belangrijke bestuursbesluiten ter goedkeuring voor aan de Raad van Commissarissen. Deze besluiten zijn in de statuten nader omschreven. Daarnaast worden de directeuren door de Raad van Bestuur actief betrokken bij strategische vraagstukken. Dit gebeurt bijvoorbeeld in de vorm van synergiedagen en, daarnaast, in maandelijks afstemmingsoverleg tussen de directeuren en de beide COO’s van de Raad van Bestuur. aandacht De uitgangspunten en principes in de Zorgbrede Governance Code en in de Governance Code Woningcorporaties zijn onder meer bepalend voor de wijze waarop onderstaande punten binnen de governancestructuur van Espria zijn vorm gegeven: - invloed en betrokkenheid van en verantwoording aan belanghebbenden; - de wijze waarop de organisatie wordt bestuurd; - de wijze waarop toezicht wordt gehouden op het bestuur; - waarborgen voor onafhankelijkheid en tegengaan van belangenverstrengeling bij bestuur en toezicht; - honorering van bestuurders en toezichthouders. Directies van bedrijfsonderdelen zijn tevens verantwoordelijk voor samenwerking met andere bedrijfsonderdelen om synergievoordelen te behalen, best practices uit te wisselen, maar ook om ‘mede-eigenaarschap’ voor concernontwikkeling te realiseren. In dit kader is in 2013 bijvoorbeeld een regieraad van directeuren ingesteld voor afstemming van de aard, omvang en kwaliteit van de producten van het SSC. geregeld Taken, bevoegdheden en werkwijze In de statuten en in het reglement van de Raad van Bestuur zijn de taken, bevoegdheden en werkwijze van de Raad van Bestuur vastgelegd. Deze zijn te vinden op www.espria.nl. Onderdeel van het reglement is ook een regeling in verband met tegenstrijdige belangen en nevenfuncties. 1 voor elkaar Directies De directies van de bedrijfsonderdelen geven, binnen door de Raad van Bestuur van de bedrijfsonderdelen aangegeven inhoudelijke en financiële kaders, leiding aan hun eigen bedrijfsonderdeel. Binnen deze kaders stellen de directies een eigen beleidsplan en begroting op, die met de Raad van Bestuur worden besproken en daarna ter vaststelling aan de Raad worden voorgelegd. De governance is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de Raad van Bestuur en Raad van Commissarissen. Hoge eisen op het gebied van governance Espria en Woonzorg Nederland worden op hun beleidsterreinen geconfronteerd met vergelijkbare maatschappelijke en politieke ontwikkelingen. Met afnemende publieke middelen en mogelijkheden moet meer ondernemerschap worden getoond. Ondernemerschap, gericht op vernieuwing, verbreding en verbetering van de dienstverlening aan klanten. Naast maatschappelijke bevlogenheid wordt daarbij gevraagd naar een verantwoorde zakelijke inschatting van de risico’s die met een grotere beleidsvrijheid samenhangen. Daarbij is bovenal het beheersen van die risico’s belangrijk. professioneel Raad van Bestuur De Raad van Bestuur van Espria, tevens de Raad van Bestuur van de daaronder vallende juridische entiteiten, bestaat uit M.W. (Marco) Meerdink, A.Th.J.M. (Anton) Zuure, J.L. (John) Kauffeld en mevrouw T.T.M. (Tiana) van Grinsven. De bestuursleden vormen ook de Raad van Bestuur van Woonzorg Nederland. Een overzicht van de bestuursleden en hun nevenfuncties is opgenomen in bijlage 2. De Raad van Bestuur is primair verantwoordelijk voor: - de strategie en het beleid van het concern; - de realisatie van de doelstellingen van de concern; - de beheersing van de risico’s die het verwezenlijken van de doelstellingen in de weg staan; - de naleving van alle relevante wet- en regelgeving; - de maatschappelijke verantwoording van de organisatie. dichtbij Concreet betekent dit voor de governancestructuur van Stichting Espria, dat de Zorgbrede Governance Code is aangevuld met artikelen uit de Governance Code Woningcorporaties. Hierbij is uitgegaan van toepassing van maximale transparantie en helderheid. Het meest zware artikel uit beide codes geldt voor beide stichtingen. Dat betekent voor Espria veelal zwaardere eisen op het gebied van financiële regulering en controle. Dit past bij de hogere eisen die ten gevolge van de marktwerking in de zorgsector door financiële instellingen worden gesteld aan zorgorganisaties. Meander en De Trans, alsmede het landelijk werkende Particura. bereikbaar Personele unie Espria en Woonzorg Nederland Stichting Espria en stichting Woonzorg Nederland werken nauw samen met als doel oplossingen op het gebied van zorg, service en wonen te ontwikkelen; oplossingen die bijdragen aan de kwaliteit van leven van hun klanten. Dit zijn veelal ouderen en kwetsbare mensen. De samenwerking krijgt onder meer vorm in een personele unie: de raden van bestuur en commissarissen van Espria en Woonzorg Nederland bestaan uit dezelfde personen1. Espria heeft geen statutaire of andere formele relatie met Woonzorg Nederland. Espria met haar onderdelen is een volledig zelfstandige entiteit. Stichting Espria en de stichting Woonzorg Nederland willen op het gebied van governance tot de best in class behoren. Bij de vormgeving van de governancestructuur van Espria en Woonzorg Nederland zijn daarom zowel de bepalingen van de Zorgbrede Governance Code als van de Governancecode Woningcorporaties toegepast. 3.2 Raad van Bestuur en Directies actief Professioneel bestuur, professioneel toezicht daarop en een goede, transparante verantwoording zijn voor elke organisatie van essentieel belang. Stakeholders en vooral klanten weten zich hierdoor verzekerd van kwaliteit en continuïteit van de dienstverlening. Dat geldt zeker voor een maatschappelijke onderneming als Espria. Wij oriënteren ons voor normen voor goed bestuur niet alleen op de zorgsector, maar ook op de woningcorporatiesector. Espria heeft sinds 8 april 2008 een intensief samenwerkingsverband met Woonzorg Nederland; een woningcorporatie die vooral actief is op het gebied van ouderenhuisvesting en zorgvastgoed. 3. Bestuur, toezicht en medezeggenschap Espria jaarverslag 2013 voor elkaar 3.1 Normen voor goed bestuur 21 23 3. Bestuur, toezicht en medezeggenschap Espria jaarverslag 2013 Benoemings- en remuneratiecommissie De benoemings- en remuneratiecommissie heeft in 2013 zes keer vergaderd. Daarnaast zijn er diverse bijeenkomsten geweest in verband met het aantrekken van twee nieuwe commissarissen, en de voorbereiding van de zelfevaluatie. In deze commissie zijn in 2013 verder onder meer de volgende onderwerpen aan bod gekomen: - honoreringsbeleid Raad van Commissarissen 2013; - indexering bezoldiging bestuurders volgens beloningscodes voor woningcorporaties en de code voor de zorg (BBZ); betrokken persoonlijk helder bereikbaar actief voor elkaar professioneel De auditcommissie heeft in 2013 vijf keer vergaderd, waarvan tweemaal in aanwezigheid van de betrokken samen Auditcommissie De commissie kwaliteit is in 2013 vier keer bijeengekomen. De commissie heeft zich met name gericht op de uitkomsten van de kwaliteitsmonitor op basis van het kwaliteitssysteem van Espria, zoals hierboven onder toezicht op kwaliteit is beschreven. De commissie kwaliteit heeft in 2013 een tweetal locatiebezoeken georganiseerd, te weten aan De Trans en aan Zorggroep Meander. samen Commissies De Raad van Commissarissen heeft uit zijn midden commissies ingesteld, enerzijds om de bespreking van onderwerpen in de vergaderingen van de Raad van Commissarissen voor te bereiden, anderzijds om bepaalde zaken na goedkeuring van de Raad van Commissarissen zelfstandig af te handelen. In tabel 1 elders in dit hoofdstuk, met daarin de samenstelling van de Raad van Commissarissen, staat vermeld van welke commissies de commissarissen deel uitmaken. Het betreft de volgende commissies: • Toezicht op de financiële continuïteit De Raad van Commissarissen heeft in 2013 toezicht gehouden op de financiële continuïteit aan de hand van viermaandsrapportages, de Espria Meerjarenbegroting 2013 - 2017, de begroting 2013, het Treasury Jaarplan 2013 en de jaarrekeningen van de stichting, dochters en deelnemingen. De borging van de financiële continuïteit van Espria en de daaronder vallende bedrijfsonderdelen, was in 2013 een uitermate belangrijk issue voor de Raad van Commissarissen, gezien de toenemende risico’s op dit gebied. Het financiële toezicht van de Raad van Commissarissen wordt voorbereid in de auditcommissie. Commissie kwaliteit meedoen In 2013 hebben zich geen transacties voorgedaan met een tegenstrijdig belang zoals bedoeld in de statuten en de reglementen van de Raad van Bestuur en de Raad van Commissarissen. Tijdens de zelfevaluatie van de Raad van Commissarissen is de Raad van Commissarissen tot de conclusie gekomen dat het toezicht op het stakeholdersbeleid weliswaar als een verantwoordelijkheid van de Raad van Commissarissen is te beschouwen, maar geen meerwaarde te zien in een Commissie Stakeholders. Besloten is deze op te heffen en de verdere ontwikkeling van het stakeholdersbeleid bij de Raad van Bestuur te beleggen. aandacht • Toezicht op kwaliteit In 2013 heeft de Raad van Commissarissen aan de hand van de systematische kwaliteitsmonitor, als onderdeel van het kwaliteitsmanagementsysteem van Espria, toezicht gehouden op de kwaliteit van Espria. De monitor is op een aantal punten nog verbeterd. Hier is bijvoorbeeld riskmanagement aan toegevoegd. Het toezicht op de kwaliteit van de Raad van Commissarissen wordt voorbereid door de commissie kwaliteit. Commissie stakeholders/leden geregeld Daarnaast heeft de Raad van Commissarissen besluiten genomen met betrekking tot: - het voorzitterschap van de Raad van Commissarissen; - benoeming van de heer A. Westerlaken en de heer R. Steenbeek tot lid van de Raad van Commissarissen; - honoreringsbeleid Raad van Commissarissen; - honorering Raad van Bestuur in het kader van de WNT; - benoeming accountant voor de periode 2013 - 2015. externe accountant. De auditcommissie heeft haar bevindingen en adviezen gerapporteerd aan de Raad van Commissarissen. Naast nagenoeg alle documenten en besluiten waaraan de Raad van Commissarissen goedkeuring heeft verleend (zie hierboven), zijn de volgende onderwerpen in de vergaderingen aan de orde gekomen: - accountantsverslag 2012; - financieel audit jaarplan 2013 - 2014; - managementletter 2013; - riskmanagement; - informatiebeveiliging; - uitkomsten waardering vastgoed in het kader van scheiden wonen en zorg; - ontwikkelingen SKH. dichtbij • Toezicht op strategie Zoals hierboven is aangegeven, heeft de Raad van Commissarissen intensief met de Raad van Bestuur gesproken over de strategische koers van Espria, resulterend in goedkeuring van het Espria meerjarenplan en -begroting 2014 - 2017. meedoen persoonlijk helder bereikbaar actief voor elkaar professioneel De taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de Raad van Commissarissen zijn omschreven in de statuten van Espria. Een en ander is verder uitgewerkt in het reglement voor de Raad van Commissarissen d.d. 23 september 2009. De informatievoorziening door de Raad van Bestuur aan de Raad van Commissarissen is vastgelegd in een Het toezicht van de Raad van Commissarissen aandacht Werkwijze De Raad van Commissarissen houdt toezicht op het beleid van de Raad van Bestuur en op de algemene gang van zaken in de stichting en de met haar gelieerde rechtspersonen. Daarnaast heeft de Raad een adviesfunctie voor de Raad van Bestuur. Bij de vervulling van zijn taak richt de Raad van Commissarissen zich naar het (maatschappelijk) belang van de stichting en de met haar gelieerde rechtspersonen, met een bijzondere aandacht voor de volgende onderwerpen: - de realisatie van de statutaire en andere doelstellingen van de organisatie; - de strategie en de risico’s verbonden aan de activiteiten van de organisatie; - de opzet en werking van de interne risicobeheersings- en controlesystemen; - de financiële verslaglegging; - de kwaliteit en veiligheid van de activiteiten; - de naleving van wet- en regelgeving; - de verhouding met belanghebbenden; - het op passende wijze uitvoering geven aan de maatschappelijke doelstelling en verantwoordelijkheid van de organisatie. De Raad van Commissarissen heeft in het verslagjaar zeven maal vergaderd in aanwezigheid van de Raad van Bestuur. De Raad van Commissarissen heeft daarnaast enkele keren in eigen kring vergaderd, onder andere over de bespreking van het eigen functioneren en het functioneren van de Raad van Bestuur. Bij de bespreking van het jaarverslag 2012 was ook de accountant aanwezig. geregeld De Raad van Commissarissen dankt de Raad van Bestuur, directies en medewerkers van Espria voor hun inzet in 2013 voor de organisatie(s) en, bovenal, voor wie het allemaal bedoeld is: voor onze cliënten. • Toezicht op besluiten van de Raad van Bestuur/ besluiten van de Raad van Commissarissen De Raad van Commissarissen heeft in het verslagjaar 2013 bestuursbesluiten tot goedgekeurd ten aanzien van onder meer de volgende onderwerpen: - Meerjarenbeleidsplan en meerjarenbegroting 2013 - 2017; - Begroting 2014; - Treasury statuut en Treasury Jaarplan 2013; - Verkoop complex De Tamboerijn; - Bestuurlijke fusie tussen Stichting Evean en Welsaen/SMD; - Statutenwijziging en naamswijziging ledenvereniging Icare/Evean; - Vestiging recht van hypotheek door GGZ Drenthe t.g.v. BNG bank; - Jaarverslag en jaarrekening 2012; - de portefeuilleverdeling van de Raad van Bestuur; - de targets van de Raad van Bestuur voor 2013; informatieprotocol. De Raad van Bestuur rapporteert aan de Raad van Commissarissen regelmatig over de voortgang van de speerpunten uit het jaarplan, zoals financiële en inhoudelijke doelstellingen, strategisch plan en samenwerkingsvormen. Dit stelt de Raad van Commissarissen mede in staat om zijn toezichthoudende taak goed te vervullen. dichtbij bedrijfsonderdelen van Espria. De Raad van Bestuur heeft daarom een traject in gang gezet, gericht op de ontwikkeling van duurzame, meerjarige, toekomstplannen door de bedrijfsonderdelen. Hierin is in 2013 veel tijd en energie gestoken. De Raad van Commissarissen heeft dit proces nauwgezet gevolgd. Gedurende het jaar is hier meerdere keren met de Raad van Bestuur over gesproken. De Raad van Commissarissen heeft zijn waardering uitgesproken voor de door de Raad van Bestuur ingezette koers en heeft eind 2013 goedkeuring verleend aan het Espria Meerjarenbeleidsplan 2013 - 2017 en de Espria Meerjarenbegroting 2013 - 2017. 25 3. Bestuur, toezicht en medezeggenschap Espria jaarverslag 2013 - gevolgen Wet Normering Topinkomens (WNT) voor het bezoldigingsbeleid van de Raad van Bestuur en Raad van Commissarissen; - voorbereiding werving en selectie twee nieuwe commissarissen; - voorbereiding functioneringsgesprekken met de Raad van Bestuur; - voorbereiding zelfevaluatie Raad van Commissarissen. Zelfevaluatie De Raad van Commissarissen heeft haar eigen functioneren geëvalueerd. Een belangrijk punt dat uit de evaluatie naar voren is gekomen is de behoefte van de Raad van Commissarissen om nauwer betrokken te worden bij de organisatieonderdelen van Espria en Woonzorg Nederland. Dit heeft er toe geleid dat met ingang van 2014 de ‘aandachtscommissaris’ is ingevoerd, waarbij de bedrijfsonderdelen van Espria en Woonzorg (als totale entiteit) ieder worden gekoppeld aan een specifieke commissaris die in het bijzonder wordt geïnformeerd over en aandacht heeft voor de betreffende entiteit. Werkgeversrol De Raad van Commissarissen is verantwoordelijk voor een goed bestuur en is in dat kader onder andere verantwoordelijk voor de benoeming, schorsing en ontslag van de bestuurders, hun arbeidsvoorwaarden en de evaluatie van het functioneren van de bestuurders. In dat verband zijn de volgende zaken in 2013 relevant geweest: • Samenstelling bestuur Per 1 januari 2013 is mevrouw T.T.M. (Tiana) van Grinsven benoemd tot bestuurder. Daarnaast zijn er in 2013 geen mutaties geweest in de Raad van Bestuur. • Arbeidsrechtelijke verhouding Raad van Bestuur De arbeidsrechtelijke verhouding van de bestuurders van Stichting Espria en Woonzorg Nederland is bijzonder vanwege de dubbele positie die zij bekleden vanwege het samenwerkingsverband. Zo hebben de heren Meerdink en Kauffeld en mevrouw Van Grinsven een arbeidsrechtelijke relatie met Espria en de heer Zuure met Woonzorg Nederland. De kosten van de bestuurders worden voor 50% ten laste van Woonzorg Nederland en voor 50% ten laste Met inachtneming van bovenstaande heeft de Raad van Commissarissen geconstateerd dat de bezoldigingen, zoals overeengekomen in de arbeidsovereenkomsten van de heren Meerdink, Kauffeld en Zuure, de volgens de WNT toegestane maxima voor de sectoren zorg en corporaties overschrijden, doch gedurende geheel 2013 onder het overgangsrecht van de WNT vallen. Derhalve behoeven de bezoldigingen in dit jaar geen aanpassing aan de WNT. • Arbeidsvoorwaarden Raad van Bestuur en toepassing Wet Normering Topinkomens In 2013 heeft de juiste toepassing van de per 1 januari 2013 van kracht geworden Wet normering topinkomens (WNT) op de arbeidsvoorwaarden van de leden van de Raad van Bestuur, de bijzondere aandacht van de Remuneratiecommissie en de Raad van Commissarissen gehad. De bezoldiging van mevrouw Van Grinsven, die per 1 januari 2013 als bestuurder is aangetreden, valt binnen de maximum normbedragen van de WNT. Uitgangspunt voor het arbeidsvoorwaardenbeleid voor de leden van het bestuur is tot aan 2013 steeds de ‘Beloningsregeling voor bestuurders in de zorg 2009 (BBZ)’ geweest. Bij de start van het samenwerkingsverband met Espria in 2008 is besloten om de salariëring en andere arbeidsvoorwaarden te baseren op de toepasselijke branchecode van de zorg, en niet op de branchecode van de woningcorporatie2. Dit omdat vanwege de aard, omvang, en complexiteit van de Espriaorganisatie de hoofdfunctie van de Raad van Bestuur in de zorg ligt. Zowel de Raad van Commissarissen als de Raad van Bestuur hebben de intentie om in de geest van de WNT te handelen. Daarom is in 2013 in gezamenlijkheid besloten om in 2013 af te zien van indexering van de bezoldiging van de leden van de Raad van Bestuur die onder het overgangsrecht van de WNT vallen. Echter, na juridische consultatie is gebleken dat dit moet worden opgevat als een wijziging van de arbeidsovereenkomst. Daarmee zou het overgangsrecht van de WNT onmiddellijk komen te vervallen. De Raad van Commissarissen heeft gemeend dat dit niet de bedoeling kan zijn en heeft vervolgens besloten de bezoldiging van de betreffende bestuurders, conform de voorwaarden zoals geformuleerd in de betreffende arbeidsovereenkomsten, in 2013 wel te indexeren. De bestuursfuncties zijn ingeschaald in de BBZ-regeling. Daarbij heeft de Raad van Commissarissen de in de BBZ genoemde opslag voor omgevings- en risicofactoren gesteld op 30%. Dit vanwege het risicoprofiel van de markten waarin de organisatie opereert en de omvang (omzet) van het samenwerkingsverband Espria/ Woonzorg Nederland, waar de Raad van Bestuur verantwoordelijk voor is. Er worden geen bonussen of andere variabele beloningen toegekend. De voorzitter van de Raad van Bestuur heeft een arbeidsovereenkomst die geheel voldoet aan de BBZ. De heren Zuure en Kauffeld hebben een arbeidsovereenkomst die is gebaseerd op oudere beloningscodes. De salarissen van deze bestuurders vallen binnen de schalen voor de BBZ. Voor de heren Meerdink en Kauffeld hield dit in dat de bezoldiging in 2013 is geïndexeerd conform het door de NVZD afgegeven advies voor indexering in 2013, namelijk met 1,93%. De indexering van de bezoldiging van de heer Zuure is gebaseerd op de afspraken binnen de cao woondiensten, hetgeen voor hem in 2013 een eenmalige bruto uitkering van € 250 inhield. De heren Meerdink en Kauffeld en mevrouw Van Grinsven nemen deel aan de pensioenregeling van het Pensioenfonds voor Zorg en Welzijn. De heer Zuure neemt deel aan de regeling bij de Stichting Pensioenfonds voor de Woningcorporaties. Voor de hoogte van de beloning van de leden van de Raad van Bestuur wordt verwezen naar onderdeel 25 in de toelichting op de geconsolideerde resultatenrekening van de jaarrekening, conform de publicatievereisten van de WNT. • Beoordeling Raad van Bestuur Het functioneren van de Raad van Bestuur als geheel en de individuele leden afzonderlijk daarvan is door de Raad van Commissarissen besproken, voor- en nadat de benoemings- en remuneratiecommissie beoordelingsgesprekken met de Raad van Bestuur en een aantal ‘direct-reports’ en medezeggenschapsorganen heeft gevoerd. De Raad van Commissarissen heeft zich positief uitgesproken over de wijze waarop de bestuurstaak is vervuld. Honorering Raad van Commissarissen De Raad van Commissarissen heeft in 2013 op voordracht van de remuneratiecommissie een beloningsbeleid vastgesteld dat volledig is gebaseerd op de uitgangspunten van de WNT, inhoudende 5% van de conform de WNT toegestane maximum bezoldiging voor een lid van de Raad van Commissarissen en 7,5% van de conform de WNT toegestane maximum bezoldiging voor een voorzitter. Voor het overzicht van de vergoedingen die aan de commissarissen zijn uitbetaald in 2013 wordt verwezen naar onderdeel 25 in de toelichting op de geconsolideerde resultatenrekening van de jaarrekening, conform de publicatievereisten van de WNT. De Raad van Commissarissen heeft bovenstaande situatie getoetst aan de WNT. Hierbij heeft de Raad van Commissarissen rekening gehouden met de toepassingsregels van de WNT binnen zowel de zorgsector als binnen de corporatiesector. Voor zowel Espria als Woonzorg Nederland is het generieke maximum conform de WNT voor 2013 van toepassing, namelijk € 228.599. betrokken samen meedoen aandacht geregeld dichtbij persoonlijk helder bereikbaar actief voor elkaar professioneel betrokken samen meedoen aandacht geregeld dichtbij persoonlijk helder bereikbaar actief Met uitzondering van de jaarlijkse indexering. Bij de heer Zuure vindt de indexering plaats conform de cao-ontwikkeling sector woondiensten. voor elkaar professioneel 2 van Espria gebracht. Nadere informatie hierover is opgenomen in de betreffende jaarrekeningen. 27 Alledaagse waarden Espria jaarverslag 2013 Met en bij elkaar. Delend en ook in gesprek; soms in discussie, vaak met elkaar eens. Zo blijf je scherp. Maar ook vertrouwd. Onder elkaar. Samen. Zeer gewaardeerd. 29 Alledaagse waarden Espria jaarverslag 2013 Samen Zeer gewaardeerd 12.41 Even niet storen; wel m’n hoofd erbij houden 15.12 Keurig op een rijtje, klaar om te beginnen 17.44 Als je nog eens met z’n allen kijkt 31 3. Bestuur, toezicht en medezeggenschap Espria jaarverslag 2013 Mevrouw B. Fransen (1962) Functie Lid van de Raad van Commissarissen van Espria (op voordracht van de Centrale Cliëntenraad) ) en WZN Commissies Benoemings- en remuneratiecommissie (voorzitter) Hoofdfunctie en Directeur van Agfra Holding B.V. relevante nevenfuncties - Lid RvT Rijksmuseum Twenthe - Voorzitter beoordelingscommissie High Tech Factory Fund (Universiteit Twente) Eerste benoeming 1 september 2011 Einde benoemingstermijn 1 september 2015 Herbenoembaar Ja Aanwezig bij 6 van de 7 Raad van Commissarissen-vergaderingen Tabel 1: Overzicht commissarissen Raad van Commissarissen Espria Commissarissen per 31 december 2013 De heer A. Westerlaken (1955) Functie Lid van de Raad van Commissarissen van Espria en WZN (op voordracht van de COR Espria en GOR Woonzorg Nederland) Commissies Kwaliteit Hoofdfunctie en relevante - Voorzitter Raad van Bestuur Maasstad Ziekenhuis relevante nevenfuncties - Voorzitter Bestuur Start en Start Foundation - Voorzitter Raad van Toezicht Nederlandse Stichting voor het Gehandicapte Kind (NSGK) - Lid Raad van Advies College Bescherming Persoonsgegevens (CBP) - Voorzitter Raad van Toezicht IPCI, verbonden aan het Erasmus MC Eerste benoeming 12 november 2013 Einde benoemingstermijn 12 november 2017 Herbenoembaar Ja Aanwezig zijn 0 van de 1 vergaderingen Commissarissen die in 2013 zijn afgetreden betrokken samen meedoen aandacht geregeld dichtbij persoonlijk professioneel De heer H.J. van den Bosch (1949) Functie Lid van de Raad van Commissarissen van Espria en WZN (op voordracht van het LHP) Commissies Audit commissie (voorzitter) Hoofdfunctie en Bestuursadviseur en commissaris relevante nevenfuncties - Bestuurslid Vastgoedmaatschappij Alliance - Lid Raad van Commissarissen NSI N.V. - Voorzitter Raad van Commissarissen Terberg Group B.V. - Voorzitter Raad van Commissarissen Antea Participaties IV Eerste benoeming 1 maart 2005 Herbenoeming 14 december 2010 Einde benoemingstermijn 1 maart 2013 Herbenoembaar Nee Aanwezig bij 0 van de 1 Raad van Commissarissen-vergaderingen Samenstelling Raad van betrokken samen meedoen aandacht geregeld dichtbij persoonlijk helder bereikbaar actief voor elkaar Mevrouw B.E. Baarsma (1969) Functie Lid van de Raad van Commissarissen van Espria en WZN Commissies Audit commissie Hoofdfunctie en Directeur van SEO Economisch Onderzoek relevante nevenfuncties -B ijzonder hoogleraar Marktwerking- en mededingingseconomie, Faculteit Economie en Bedrijfskunde, UvA - Kroonlid Sociaal Economische Raad (SER) - Lid Raad van Commissarissen Loyalis NV - Lid van de Raad van Toezicht van het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis - Lid Raad van Toezicht BNN - Lid van het Bestuur van de Stichting Preferente Aandelen Kas Bank - Lid audit committee FNV Bondgenoten - Lid van de Raad van Toezicht van de Stichting G500 - Lid van de Raad van Advies van Peak Invest - L id Wetenschappelijke Adviesraad van het Instituut voor Informatierecht van de Universiteit van Amsterdam - Lid van de Commissie Structuur Nederlandse banken (Ministerie van Financiën) - Lid van de Commissie Dienstverlening aan huis (Ministerie van SZW) - Lid van de Monitoring Commissie Corporate Governance Code (EZ) Eerste benoeming 1 september 2011 Einde benoemingstermijn 1 september 2015 Herbenoembaar Ja Aanwezig bij 7 van de 7 Raad van Commissarissen-vergaderingen professioneel Lid van de Raad van Commissarissen van Espria en WZN Auditcommissie (voorzitter) CFRO en plv voorzitter Raad van Bestuur PGGM N.V. - Lid Raad van Commissarissen Koninklijke Kentalis, St Michielsgestel 31 december 2012 31 december 2016 Herbenoembaar Ja 6 van de 7 Raad van Commissarissen-vergaderingen helder Voorzitter van de Raad van Commissarissen van WZN Lid van de Raad van Commissarissen van Espria Kwaliteit (voorzitter), benoemings- en remuneratiecommissie Bestuursadviseur - Voorzitter Raad van Commissarissen Parking Delft B.V. - Voorzitter Stichting Sociaal Fonds PSO 10 november 2009 10 november 2017 Herbenoembaar Nee 7 van de 7 Raad van Commissarissen-vergaderingen bereikbaar De heer L. Geut (1947) Functie Commissies Hoofdfunctie en relevante nevenfuncties Eerste benoeming Einde benoemingstermijn Aanwezig bij De heer P.A.M. Loven (1956) Functie Commissies Hoofdfunctie en relevante nevenfuncties Eerste benoeming Einde benoemingstermijn Aanwezig bij actief Voorzitter van de Raad van Commissarissen van Espria Lid van de Raad van Commissarissen van WZN geen Burgemeester Gemeente Dalfsen - Lid Raad van Commissarissen Heisterkamp Transport te Oldenzaal - Lid Raad van Commissarissen Roto Smeets te Deventer - Voorzitter Koninklijke NVRD (Nederlandse vereniging reinigingsdirecteuren) - Voorzitter Raad van Advies Start Foundation - Voorzitter Raad van Toezicht Drents Museum 31 december 2012 31 december 2016 Herbenoembaar Ja 7 van de 7 Raad van Commissarissen-vergaderingen voor elkaar De heer H.C.P. Noten (1958) Functie Commissies Hoofdfunctie en relevante nevenfuncties Eerste benoeming Einde benoemingstermijn Aanwezig bij 33 3. Bestuur, toezicht en medezeggenschap Espria jaarverslag 2013 De medezeggenschapstructuur voor cliënten is binnen Espria op drie niveaus georganiseerd. Lokale organisatorische onderdelen (dit kunnen zijn verpleeg- en verzorgingshuizen, wijken, divisies etc.) hebben een eigen Cliëntenraad. Deze zijn vertegenwoordigd in de Regionale Cliëntenraden, die op het niveau van de bedrijfsonderdelen van Espria zijn georganiseerd. De Centrale Cliëntenraad Espria (CCR) bestaat weer uit een vertegenwoordiging van deze onderliggende Regionale Cliëntenraden. Adviezen van de CCR De CCR heeft in 2013 op verzoek van de Raad van Bestuur adviezen uitgebracht over de volgende onderwerpen: - addendum ambtelijk secretariaat; - geconsolideerde begroting Espria 2013; - geconsolideerd jaarverslag/jaarrekening Espria 2012; - onderzoek en herpositionering SSC; - klachtenregeling Evean Icare 2013; - niet harmoniseren waskosten; - voorgenomen benoemingen commissarissen. betrokken Wanneer aan de orde zijn op basis van bovengenoemde adviezen voorgenomen besluiten door de Raad van Bestuur aangepast, dan wel zijn afspraken over randvoorwaarden gemaakt dichtbij persoonlijk helder bereikbaar actief professioneel betrokken voor elkaar Er zijn in 2013 acht overlegvergaderingen van de CCR met de Raad van Bestuur geweest. Naast diverse adviesaanvragen (zie kader) heeft de CCR een aantal beleidsonderwerpen met de Raad van Bestuur besproken, zoals het brandveiligheidsbeleid en de ontwikkeling van meerjarenplannen, mede in het kader van het overheidsbeleid zoals geformuleerd in het Regeerakkoord ‘Bruggen Slaan’. Onafhankelijkheid Het reglement van de Raad van Commissarissen bevat regelingen met betrekking tot onder andere onafhankelijkheid, tegenstrijdige belangen en nevenfuncties. Alle commissarissen zijn onafhankelijk en kunnen - mede als gevolg van de samen In 2013 is op initiatief van de CCR en de Raad van Bestuur een zeer succesvol verlopen tweede ‘toogdag’ georganiseerd; een ontmoetingsdag voor alle cliëntenraadsleden binnen Espria. Thema was: ‘Eigen kracht als bron van vrijheid’. In 2014 wordt opnieuw een toogdag georganiseerd. samen 3.4.1 Cliëntenraad Ten aanzien van het eigen functioneren heeft de CCR met de Raad van Bestuur besproken behoefte te hebben aan versterking van de bemensing van de Raad, gepaard gaand met een evenwichtiger vertegenwoordiging vanuit de regionale cliëntenraden. Hierbij is het voorstel gedaan om tot een verdubbeling van de vertegenwoordiging vanuit de regionale cliëntenraden te komen. Dit is begin 2014 geëffectueerd. meedoen 3.4 Medezeggenschap Ook werden in 2013 standaard diverse Benchmark, Kwartaal- en Viermaandsrapportages, zowel gericht op financiën als kwaliteit, en andere documenten uit de planning- en controlcyclus toegelicht en besproken. aandacht Overleg Centrale Ondernemingsraad (COR) en Centrale Cliëntenraad (CCR) Delegaties van de Raad van Commissarissen hebben gedurende het jaar overlegvergaderingen met de COR en de CCR bijgewoond. Daarnaast zijn er enkele ‘cliëntgerichte’ projecten besproken die binnen Espria worden uitgevoerd. Het project Laaggeletterdheid en het project Beste Buur (van de ledenvereniging) zijn in dit kader te noemen. Bij bovengenoemde besprekingen worden regelmatig medewerkers van Espria, bijvoorbeeld projectleiders, uitgenodigd om een presentatie te houden of een toelichting te geven. geregeld De Raad van Commissarissen vindt goed ondernemingsbestuur (good governance) van groot belang. De Raad van Commissarissen en de Raad van Bestuur vinden dit een onderwerp dat behoort tot de gezamenlijke verantwoordelijkheid van de Raad van Commissarissen en Raad van Bestuur. Voor overige informatie hierover verwijzen wij naar paragraaf 3.1. De invulling van het voorzitterschap van de Raad van Commissarissen Woonzorg Nederland door de heer Geut had op zijn verzoek een tijdelijk karakter. De Raad van Commissarissen heeft met het oog op de opheffing van de personele unie op Raad van Commissarissen-niveau in 2015 verdere uitbreiding van de Raad van Commissarissen wenselijk geacht en heeft daarom in 2013 een ‘search’ uitgezet naar een commissaris met een ‘huisvestingsprofiel’, tevens beoogd voorzitter van de Raad van Commissarissen Woonzorg Nederland. Dit heeft geresulteerd in de benoeming van de heer. R. Steenbeek, per 1 januari 2014. Vanaf dat moment heeft hij het voorzitterschap van de heer Geut overgenomen. meedoen persoonlijk helder bereikbaar actief voor elkaar professioneel Door het vertrek van de heer H.J. van den Bosch zou een vacature ontstaan op een voordrachtzetel vanuit het Landelijk Huurdersplatform (LHP) van Woonzorg Nederland. Deze voordrachtzetel is echter komen te vervallen. Met het oog op de voorgenomen omvang van de Raad van Commissarissen Woonzorg Nederland van vier zetels op het moment van opheffing van de personele unie, per 1 januari 2015, zou het LHP conform de Herzieningswet Governance In de governancestructuur van Espria heeft in 2013 geen wijziging plaatsgevonden. Ook zijn er in 2013 wijzigingen geweest in het voorzitterschap van de Raad van Commissarissen. Het voorzitterschap van de Raad van Commissarissen Woonzorg Nederland is per 1 juli 2013 overgedragen aan de heer L. Geut. De heer Noten fungeerde vanaf dat moment als lid van de Raad van Commissarissen Woonzorg Nederland. Zijn voorzitterschap van de Raad van Commissarissen Espria bleef ongewijzigd. aandacht De statuten van Espria schrijven voor dat de Raad van Commissarissen uit tenminste zeven leden bestaat. In verband met het vertrek van de heer Van den Bosch en nog enkele bestaande vacatures hebben in 2013 enkele benoemingen plaatsgevonden. Richtinggevend voor deze benoemingen was van het besluit over het benoemingenbeleid dat de Raad van Commissarissen in 2012 in het perspectief van het wetsvoorstel Herzieningswet toegelaten instellingen heeft genomen. In dit wetsvoorstel is een verbodsbepaling opgenomen voor het tegelijkertijd bestaan van personele unies op het niveau van de Raad van Commissarissen en Raad van Bestuur. De Raad van Commissarissen heeft daarop in overleg met de Raad van Bestuur besloten om de personele unie met Espria op het niveau van de Raad van Commissarissen, op het moment van inwerkingtreding van de Herzieningswet, te doorbreken. Als ingangsdatum hiervoor is 1 januari 2015 voorzien. In dat perspectief heeft de Raad van Commissarissen besloten om vanaf 2012 in het benoemingsbeleid naar de opheffing van de personele unie toe te werken, zodat vanaf 1 januari 2015 twee volledig bemenste Raden van Commissarissen operationeel kunnen zijn. Concreet gaat het in 2013 om het volgende: waarborgen in het reglement - ten opzichte van elkaar, de Raad van Bestuur en andere organen onafhankelijk functioneren. In 2013 is geen sprake geweest van (transacties met) tegenstrijdige belangen waarbij een lid van de Raad van Commissarissen of de Raad van Bestuur betrokken is geweest. Met het oog op de gewenste omvang van de Raad van Commissarissen Espria van vijf zetels op het moment van opheffing van de personele unie is in 2013 ook de in 2012 ontstane vacature door het vertrek van mevrouw H.M. Prast ingevuld. Dit betreft de invulling van een gecombineerde voordrachtzetel vanuit de Groepsondernemingsraad (GOR) van Woonzorg Nederland en de Centrale Ondernemingsraad (COR) van Espria. Op basis van de zorggerelateerd profiel is de heer A. Westerlaken door de GOR en COR voorgedragen. Hij is per 12 november 2013 door de Raad van Commissarissen als commissaris benoemd. geregeld De Raad van Commissarissen heeft in 2013 een aantal mutaties ondergaan. Per 1 maart heeft de heer H.J. van den Bosch zijn functie als commissaris beëindigd vanwege het bereiken van de maximale zittingsduur van acht jaar. De Raad van Commissarissen is hem zeer erkentelijk voor de vele jaren dat hij actief is geweest in de raad, en zijn positieve bijdrage aan de verdere ontwikkeling daarvan. recht hebben op 1 voordrachtzetel. Vooruitlopend hierop is met het LHP overeengekomen dat met het vertrek van de heer Van den Bosch één van de twee huidige voordrachtzetels van het LHP kwam te vervallen. In plaats hiervan heeft het LHP adviesrecht verworven voor alle benoemingen in de Raad van Commissarissen. De overblijvende voordrachtzetel van het LHP wordt ingevuld door de heer L. Geut. dichtbij Commissarissen De Raad van Commissarissen van Espria heeft vanwege de personele unie met Woonzorg Nederland dezelfde samenstelling als die van Woonzorg Nederland. Zie tabel 1 voor een volledig overzicht van alle personen die in 2013 deel uitmaakten van de Raad van Commissarissen. 35 3. Bestuur, toezicht en medezeggenschap Espria jaarverslag 2013 Tenslotte zijn er verschillende besprekingen van functionele commissies met concernfunctionarissen over het desbetreffende vakgebied geweest. De COR kent de volgende commissies: commissie sociaal beleid, commissie financieel beleid, de OR verkiezingscommissie en het dagelijks bestuur. Doel van deze overleggen is om medewerkers nog meer te betrekken bij beleidsontwikkeling op verschillende terreinen, zoals personeel, organisatieontwikkeling, financiën en huisvesting. Wanneer aan de orde zijn op basis van bovengenoemde adviezen voorgenomen besluiten door de Raad van Bestuur aangepast, dan wel zijn afspraken over randvoorwaarden gemaakt. In twee overlegvergaderingen vond een zogenaamd art. 24 overleg plaats, waarin - in aanwezigheid van Raad van Bestuur en een afvaardiging van de Raad van Commissarissen - de algemene gang van zaken in de onderneming is besproken. betrokken samen meedoen aandacht geregeld dichtbij persoonlijk helder bereikbaar actief voor elkaar professioneel betrokken samen Daarnaast vond in 2013 vier keer per jaar gezamenlijk overleg plaats van de COR met de Gemeenschappelijke Ondernemingsraad (GOR) van Woonzorg Nederland, waarbij de voorzitter van de Raad van Bestuur gedeeltelijk aanwezig was. In dit zogenoemde platformoverleg tussen COR en GOR vond ook de afstemming plaats ten aanzien van een voordracht van een commissaris namens de medezeggenschap van Espria en WZN, alsmede ten aanzien van advisering inzake een andere voorgenomen benoeming in de Raad van Commissarissen. Voorts richtte het platform een brief aan de Raad van Bestuur inzake de door de Raad van Bestuur voorgenomen portefeuilleverdeling Raad van Bestuur na aanstelling van de 4e meedoen persoonlijk helder bereikbaar actief voor elkaar professioneel De zetels van de onderdelen Stichting Evean Thuiszorg, Coöperatieve Zorgcentrale Noord en Facilitaire diensten zijn sinds 2012 vacant. Op 31 december 2013 beëindigde ook de OR Kind en Jeugd zijn vertegenwoordiging in de COR. Dit vanwege de overdracht van een groot deel van de Jeugdgezondheidszorg naar de GGD-en. Einde 2014 bestond de COR uit 14 leden. De COR heeft in eigen gelederen 21 keer vergaderd in 2013. Daarbij zijn ook regelmatig gastsprekers uitgenodigd. Onderwerpen die in dat verband nader werden toegelicht waren onder meer: uitkomsten van benchmarkonderzoek van Actiz naar klant- en medewerkertevredenheid, de oprichting van de Espria Academy en de ontwikkeling van meerjarenbeleidsplannen. Overleg en advisering De Centrale Ondernemingsraad heeft advies- en instemmingsrecht op diverse beleidsthema’s van het concern (zie kader). De COR heeft in principe maandelijks overleg met een van de bestuurders, waarbij onder meer de advies- en instemmingsaanvragen worden besproken. In 2013 vonden elf overlegvergaderingen plaats. In de overlegvergaderingen is de COR door het bestuur geïnformeerd over uiteenlopende onderwerpen. Dit had in 2013 onder meer betrekking op de ontwikkeling van visie en meerjarenplannen om de gevolgen van de door de overheid voorgestane stelselwijziging in de zorg op te vangen. Verder zijn kwaliteitszorg, financiën en het beleid ten aanzien van sociale plannen aan de orde geweest. aandacht De COR startte 2013 met 13 zetels en 10 leden. Aangezien de COR zich geconfronteerd zag met niet bezette zetels, voorzag hij dat hierdoor mogelijk in toenemende mate problemen met het quorum zouden kunnen ontstaan, waardoor geplande vergaderingen geen doorgang zouden kunnen vinden. Daarom heeft de COR in 2013 besloten om de bepalingen in zijn reglement omtrent de grondslag voor de berekening van het quorum te wijzigen. Om de continuïteit van de COR te bevorderen (geringere gevoeligheid voor absenties van leden, voldoende menskracht in de commissies van de COR; een en ander mede met het oog op een verwachte samenvoeging van onderdelen en daardoor krimp van het aantal ondernemingsraden) heeft de COR, in overleg met de onderliggende raden en na instemming door de Raad van Bestuur, besloten om het aantal afgevaardigden naar de COR niet langer te beperken tot één per Ondernemingsraad, maar de afvaardigende Ondernemingsraden de reglementaire mogelijkheid te bieden om, naar believen, één of twee van zijn leden naar de COR af te vaardigen. Elke Ondernemingsraad die zich vertegenwoordigt in de COR beschikt daarbij over twee stemmen in de COR-vergadering, ongeacht of een Raad één of twee leden afvaardigt. Een aantal ondernemingsraden (van De Trans, GGZ Drenthe, De Kraamvogel en het SSC) hebben van de mogelijkheid gebruik gemaakt om twee personen af te vaardigen naar de COR. geregeld Samenstelling De Centrale Ondernemingsraad (COR) van Espria bestaat uit afgevaardigde leden van de lokale medezeggenschapsorganen van de Espriabedrijfsonderdelen. Adviezen van de COR De advies- en instemmingsaanvragen die in 2013 zijn afgehandeld, hebben vooral betrekking op organisatieveranderingen die bedrijfsonderdeel overstijgend zijn en, daarnaast, verbeteringen in bijvoorbeeld personele processen. Er is onder meer geadviseerd over: - onderzoek SSC en herpositionering SSC; - de reorganisatie van het facilitair bedrijf west; - de herpositionering van de ambtelijk secretarissen; - benoeming van commissarissen; - vervroegde uitbetaling van salarissen in december; - employee Self Service; - reglement e-mail- en internetgebruik. bestuurder en boog het zich over de targets van de Raad van Bestuur in 2013. Einde zittingstermijn op 31 december 2013 De zittingstermijn van de COR liep af op 31 december 2013. Om een vloeiende overgang te garanderen zijn vroegtijdig verkiezingen van nieuwe afgevaardigden naar de COR georganiseerd. Deze verkiezingen leidden niet tot vervangingen, wel - zoals gemeld - in enkele gevallen tot uitbreiding van de afvaardiging naar twee leden. dichtbij 3.4.2 Ondernemingsraad 37 Alledaagse waarden Espria jaarverslag 2013 Van doorzichtig en transparant, tot begrijpelijk en bereikbaar. Schoon, dat ook. Blinkend en glanzend. En wat te denken van pienter, en bij de tijd. Je eigen tijd. Helder. Zeer gewaardeerd. 39 Alledaagse waarden Espria jaarverslag 2013 Helder Zeer gewaardeerd 15.02 Wel goed m’n gedachten erbij houden 19.33 Ben je met allemaal samen, kun je heel veel vragen 20.39 En wat ik er nu mee kan….. niet te geloven 4. Beleid, inspanningen en prestaties De VVT-bedrijven zetten binnen deze thema’s in op een integrale benadering van wijken en buurten, het creëren van een ‘shared savings’ bedrijfsmodel waarin het terugdringen van de schadelast centraal staat en het ‘verbijzonderen’ van de laagcomplexe zorg in aparte bedrijfsonderdelen. Vanuit de gekozen strategie zal het accent in de VVT komen te liggen op versteviging van de positie in de bovenkant van de markt door in te zetten op verdere groei in (gespecialiseerde) thuisverpleging en het aangaan van samenwerking met huisartsen en ziekenhuizen, met name op het gebied van de curatieve zorg en revalidatiezorg. Wel zullen er door regionale verschillen en verschillen in uitgangspositie accentverschillen zijn tussen de VVT zorgbedrijven in de vormgeving van de extramurale zorg. betrokken Ten gevolge van de extramuralisering van de ZZP’s worden de VVT bedrijven voor wat samen persoonlijk helder bereikbaar actief voor elkaar professioneel Ook zal Espria betrokken blijven bij initiatieven die welbevinden en zelfredzaamheid bevorderen. Dit zullen wij bijvoorbeeld doen via de Espria Ledenvereniging en door te participeren in betrokken samen Ons meerjarenbeleid 2014 - 2017 Ons meerjarenbeleid 2014 - 2017 hebben wij gefundeerd op het hierboven in de missie genoemde uitgangspunt dat Espria zich ‘hogerop in de waardeketen’ wil positioneren. Wij zijn tot de conclusie gekomen dat met name de ‘onderkant’ van de zorg, het deel dat zal worden overgeheveld naar de Wmo, en waar de gemeenten de rol van inkoper zullen vervullen, in toenemende mate voor ons een ‘moeilijke’ markt zal worden. Er zal naar verwachting veel prijsdruk ontstaan en er zal sprake zijn van veel nieuwe toetreders, met name met veel ervaring in het zeer efficiënt organiseren van ‘laagcomplexe’ • VVT De VVT-bedrijven krijgen te maken met forse omzetdaling door volume- en tariefkortingen. Een en ander doordat hun relatief grote aandeel laagcomplexe extramurale omzet, in 2015 vanuit de AWBZ wordt gedecentraliseerd naar gemeenten en zorgverzekeraars. Dit betekent dat thema’s als het verlagen van de kostprijs en het terugdringen van volume met name in de VVT spelen. meedoen Bovengenoemd proces heeft geresulteerd in de vaststelling van meerjarenbeleidsplannen en -begrotingen 2014 -2017 voor alle bedrijfsonderdelen van Espria, geconsolideerd in een overall meerjarenbeleidsplan en -begroting 2014 - 2017 voor het Espria concern. Voor onze zorgbedrijven in onze kernmarkten betekent ons meerjarenbeleid het volgende: aandacht Een focus op het opschuiven naar boven in de waardeketen impliceert dat andere segmenten onderin de markt (op termijn) op een andere wijze door ons bediend zullen worden. De wijze waarop, en het tempo waarin, is hierbij mede afhankelijk van de lokale situatie waarin onze zorgbedrijven zich bevinden. Met name is hierbij van belang hoe de uitgangspositie van onze zorgbedrijven is in de laagcomplexe zorg op regionaal niveau. Daarnaast zal moeten worden bezien hoe met name gemeenten als inkopende partij zullen gaan acteren. Het is bijvoorbeeld de vraag of zij een integraal aanbod wensen, dan wel gesegmenteerd willen inkopen. In ieder geval zullen wij snel en flexibel moeten kunnen inspelen op de lokale situatie. Wat dat betreft zal de nadruk, meer dan voorheen komen te liggen op netwerk-samenwerking met andere partijen/aanbieders in diverse rolverdelingen. Flankerend aan bovengenoemde beleidslijn zullen wij organisatiebreed volop inzetten op: - kostenreductie en efficiencyverbetering; - een doelgericht personeelsbeleid om de kwantiteit en kwaliteit van ons personeelsbestand te matchen met onze ambitie; - ons innovatief vermogen. geregeld Onze ambitie is om ons daar, meer nog dan nu, onderscheidend te profileren, naar klanten, naar financiers en naar de samenleving: - naar klanten in de zin van blijvende aandacht voor een waardevol leven, niet meer zorg dan strikt noodzakelijk en een respectvolle, gastvrije bejegening; - naar financiers in de zin van voortdurende aandacht voor ‘schadelastbeperking’ en een excellent aanbod; - naar de samenleving als een zorgaanbieder met oog voor beperking van maatschappelijke kosten. initiatieven als WeHelpen.nl, het Healthy Ageing Netwerk Noord Nederland (HANNN) en de ‘Ínnovatietafel’ (een initiatief van een pensioenfonds, een bank, een woningcorporatie, overheid en enkele zorgaanbieders en zorgverzekeraars), van waaruit bijvoorbeeld een brede bewustwordingscampagne op het gebied van zorg, wonen en pensioen wordt gestart. dichtbij Dit zien wij als onze ‘core-business’. Wij -onze zorgbedrijven- schuiven daarmee op naar boven in de zorg-waardeketen, naar een toenemende focus op intramuraal wonen, intensieve zorg thuis, intensieve hulp richting zelfstandigheid, transmurale zorgpaden, en, in beperktere mate, basis eerstelijns wijkzorg. Wij herkennen ons in de door het Kabinet ingezette koers. Tegelijkertijd stelt het Espria en de aangesloten bedrijfsonderdelen voor een enorme uitdaging. Voor alle bedrijfsonderdelen van Espria houden de kabinetsplannen de noodzaak in tot een ingrijpende herpositionering. Wij hebben in 2013 daarom met onze bedrijfsonderdelen veel tijd en energie gestoken in het vraagstuk hoe de gewenste transitie kan worden gerealiseerd. Een optimale positionering ten opzichte van onze klanten en het garanderen van een economisch duurzame toekomst waren hierbij belangrijke uitgangspunten. meedoen persoonlijk helder bereikbaar actief voor elkaar professioneel Ingrijpende stelselwijziging De ingrijpende stelselwijziging die het Kabinet in de zorg voor ogen heeft, sluit goed aan op onze visie. De contouren van de kabinetsplannen zijn in 2013 duidelijk geworden. Kernwoorden In onze ogen ligt de toegevoegde waarde van Espria met name daar waar complexere zorg wordt gevraagd, en waar de inzet van hoger geschoolde zorgprofessionals nodig is. aandacht Missie Espria ziet het als haar missie om vorm te geven aan manieren van ondersteuning die de weerbaarheid van mensen versterken en waar mogelijk afhankelijkheid van zorg uitstellen of voorkomen. Ondersteuning die uitgaat van wat mensen zelf kunnen en hoe hun eigen sociale netwerk, hun buurt, hun wijk hierin kan bijdragen. In die zin richten wij ons op het stimuleren van eigen kracht. Niet alleen draagt dit naar onze mening bij aan het welbevinden van onze cliënten, maar we zullen in de toekomst onze professionele, aanvullende zorg steeds meer moeten richten op diegenen die het echt nodig hebben. Espria-breed zullen wij ons de komende jaren geleidelijk aan meer gaan toeleggen op de intensievere vormen van zorg, ‘hogerop in de waardeketen’. Dat zien wij als onze maatschappelijke opgave en op deze wijze willen wij bijdragen aan het overeind houden van de solidariteit binnen ons zorgstelsel. taken. Wij zijn van mening dat hier niet de kracht van Espria ligt. geregeld De zorgsector is begonnen aan een enorme en noodzakelijke cultuurverandering. Een verandering die een fundamenteel andere kijk op zorg en zorgverlening impliceert. Vele jaren hebben we vastgezeten in ‘oude’ zorgpatronen die zich bijna alleen maar richten op ziekte en gebrek in plaats van op zin en plezier in het leven, op welbevinden. Naast sterk gestegen zorguitgaven heeft dat geleid tot een verregaande zorgafhankelijkheid. Een zorg die de eigen verantwoordelijkheid heeft weggenomen. Een zorg die bovendien de eigen bijdrage van mensen om problemen op te lossen, of de bijdrage van hun directe sociale omgeving, grotendeels heeft verdrongen. 4. Beleid, inspanningen en presentaties Espria jaarverslag 2013 hierbij zijn: verregaande scheiding van wonen en zorg, overheveling van grote delen van de AWBZ naar de WMO en ZVW, overheveling van de jeugdzorg, inclusief de jeugd-GGZ, naar de gemeenten, verregaande extramuralisering bij gelijktijdige versterking van de eerste lijn en centrale positionering van de wijkverpleegkundige. Dit alles gepaard gaand met forse budgetreducties en verschuivingen in vergoedingen voor de lagere indicatiestellingen. dichtbij 4.1 Meerjarenbeleid 41 43 4. Beleid, inspanningen en presentaties Espria jaarverslag 2013 betrokken Evean Zorg levert binnen haar instellingen geriatrische revalidatie en is eind 2013 gestart met de implementatie van poliklinische revalidatie en revalidatie thuis. Zorgpaden zijn in samenwerking samen persoonlijk helder bereikbaar actief voor elkaar professioneel Intramuraal is in 2013 het bouwproject MFA Heggerank gestart, waarbinnen door diverse partijen wordt samengewerkt aan concepten die de dienstverlening aan de klant versterken. betrokken samen • Icare Zo is Icare begonnen met de ontwikkeling van geïntegreerde wijkteams, die de verbinding moeten gaan maken tussen het domein van de verzekerde zorg en het sociale domein. De wijkverpleegkundigen vervullen hierin een sleutelrol. In dat kader is prioriteit gegeven aan: - de vorming van zelf regisserende teams. Eind 2013 zijn de definiëring van het model, de voorwaarden en de implementatiestrategie afgerond; - het versterken van samenwerkingsrelaties met de eerstelijn (huisartsen) en ziekenhuizen. In dat kader is bijvoorbeeld in De Monden een multifunctioneel centrum opgericht; - het concretiseren van de koers in trajecten Op het gebied van dementiezorg zijn Evean Zorg en GGZ Dijk & Duin (onderdeel van de Parnassia Bavo groep) een verdere inhoudelijke samenwerking aangegaan voor de ambulante ketenzorg. Afgesproken is dat beide ketenpartners in de regio Zaanstreek/Waterland toewerken naar een gezamenlijk ‘DOC’ team (diagnostiek, onderzoek en casemanagement). Uniek is de multidisciplinaire diagnostiek, begeleiding en behandeling van zowel de cliënt als mantelzorger. Bovendien is laagdrempelige dagverzorging in de wijken beschikbaar. meedoen Verder stond bij Zorggroep Meander in 2013 het thema ‘ruimte voor leefplezier’ centraal. Dit komt bijvoorbeeld tot uitdrukking in het project ‘Goud Leven’, gericht op preventieve activiteiten binnen de thuiszorg. Het doel is om de leefstijl van volwassenen en ouderen in een achterstandspositie te verbeteren. Dit gebeurt o.a. door middel van het aantrekkelijk maken van het gebruik van allerlei voorzieningen. Een ander project betreft ‘Samen Oud’. Hierin worden ouderen vanuit de eerstelijns teams gescreend op kwetsbaarheid en welbevinden. Daarbij wordt gebruik gemaakt van het ‘Frailty-instrument’ dat mede is ontwikkeld door prof. dr. Joris Slaets van het UMCG, die tevens voor 50% werkzaam is voor Espria als adviseur van de Raad van Bestuur. • Evean In de gemeente Zaanstad heeft Evean Zorg ingezet op de realisatie van integraal wijkgericht aanbod. In dat kader heeft in juni een fusie plaatsgevonden tussen Evean Zorg en de welzijnsorganisaties SMD en Welsaen. Deze drie organisaties zijn gezamenlijk hoofdaanbieder geworden van drie nieuwe sociale wijkteams in Assendelft, Nieuw-West en ZaandamWest; wijkteams die in 2014 operationeel worden, naast de twee sociale wijkteams in Wormerveer en Zaandam-Zuid die al begin 2013 zijn gestart. Binnen de sociale wijkteams wordt het speerpunt van de gemeente Zaanstad vormgegeven: nieuwe taken in samenhang, integraal, dichtbij en met bewoners invoeren. aandacht VVT De VVT organisatieonderdelen van Espria zijn in 2013 reeds volop aan de slag gegaan in de voorbereiding van de grote transitie die in het kader van de stelselwijziging zal plaatsvinden. Tenslotte is in samenwerking met het Refaja ziekenhuis een zorgpad voor electieve orthopedie uitgewerkt, waarbij Meander zich richt op de revalidatiezorg. In het kader van het project Revalidatie 2015 worden de komende jaren meer zorgpaden uitgewerkt. geregeld 4.2.1 Beleidsthema’s per zorglijn Verder zijn in het kader van scheiden van wonen en zorg diverse arrangementen ontwikkeld. Een goed voorbeeld hiervan is het initiatief ‘Wonen Plus’. Veel ouderen willen met het oog op veiligheid, gezelligheid en voorzieningen graag dicht bij elkaar blijven wonen. In de huidige woonzorgcentra maakt Zorggroep Meander dat mogelijk. Ouderen gaan daar zelf huren en krijgen zorg en een dagelijkse warme maaltijd van Zorggroep Meander. Deze combinatie van wonen en zorgvoorziening blijft betaalbaar, ook voor ouderen met alleen AOW. dichtbij • Meander Zorggroep Meander heeft in samenwerking met onder meer huisartsen, apothekers en fysiotherapeuten een start gemaakt met de ontwikkeling van een nieuwe voorziening: het zogenoemde geïntegreerde eerste lijn plus zorgcentrum. In dit centrum zullen o.a. huisartsen, wijkverpleegkundigen, verpleegkundig specialisten en specialisten ouderengeneeskunde samenwerken. Dankzij die samenwerking kunnen zij meer complexe zorg leveren dan zij individueel kunnen bieden. Op die manier voorziet deze nieuwe voorziening in een zorgvraag die nu nog binnen ziekenhuizen wordt geboden, maar niet noodzakelijkerwijs om een ziekenhuisomgeving vraagt. In deze paragraaf passeren per zorglijn de belangrijkste beleidsthema’s uit het verslagjaar de revue. Ook de Espria Ledenvereniging komt hierbij aan de orde. Daarnaast worden aan het eind van deze paragraaf enkele beleidsthema’s op concernniveau toegelicht. meedoen persoonlijk helder bereikbaar actief voor elkaar professioneel • VG Binnen de VG sector wordt ook De Trans, alhoewel in beperktere mate als in de VVT sector, geconfronteerd met extramuralisering van de lagere zorgzwaartepakketten. Capaciteit zal derhalve vrijkomen. De Trans zal zich focussen op de zorg voor cliënten met een zwaardere zorgbehoefte, waarmee die vrijgekomen capaciteit kan worden ingezet. De Trans onderzoekt de mogelijkheden om haar Ten aanzien van de intramurale V&V huizen wil Icare aansluiten op veranderingen in de samenleving. Daarin is ingezet op de ontwikkeling naar kleinschalig wonen, waarin ‘belevingsgerichte zorg’ wordt geboden vanuit kleinschalige teams. Deze werkwijze is inmiddels in proeftuinen nader uitgewerkt. De implementatie volgt in 2014. 4.2 Algemeen beleid verslagjaar aandacht In beide gevallen sluit de koers van Espria aan op het in de GGZ gehanteerde thema ‘herstelgericht werken’, met eigen regie voor de cliënt en in gezamenlijkheid met familie en naastbetrokkenen. Deze vertaling werkt ook door in de focus op het verkorten van zorgprogramma’s, waarmee ontzorgen op een segmentspecifieke wijze wordt ingevuld. • Overige markten Zoals reeds eerder opgemerkt richt Espria zich primair op de zorg voor ouderen en kwetsbare mensen. Dat betekent dat het meerjarenperspectief voor onze zorgbedrijven in alle overige zorgmarkten (kraamzorg, kinderopvang) onverminderd is gericht op vervreemding. In dat verband kan worden gemeld dat de verkoop van De Kraamvogel in 2014 waarschijnlijk zal worden gerealiseerd. Een substantieel deel van Icare Jeugdgezondheidszorg (Icare JGZ) is in 2013 overgedragen aan de GGD-en van Drenthe en Overijssel. Er bestaan op dit moment geen plannen voor verdere vervreemding. geregeld • GGZ GGZ Drenthe zet in op een forse daling van het intramurale volume door ambulantisering enerzijds en anderzijds de verschuiving naar de generalistische ambulante zorg, die wordt ondergebracht in de Basis GGZ. Dit zal met capaciteitsreductie gepaard gaan. Voor de overblijvende intramurale capaciteit richt GGZ Drenthe zich op intramuraal wonen, als een aanbieder van gespecialiseerde GGZ voor complexe problematiek. Voor ambulante zorg sluit GGZ Drenthe zich aan bij lopende ontwikkelingen door de Basis GGZ te helpen opbouwen en het faciliteren van de inzet van de praktijkondersteuner huisartsen (POH GGZ). Regelarme Zorg, bijvoorbeeld in een project in Dronten met Achmea en in trajecten met gemeenten (o.a. Ede) ter voorbereiding op de WMO; - het doorlichten en verbeteren van processen aan de hand van de ‘Lean methode’ (bijvoorbeeld door invoering van ‘planning is realisatie’). ambulante activiteiten afzonderlijk te positioneren, al dan niet in samenwerking met andere partijen. dichtbij betreft de intramurale zorg geconfronteerd met volumedalingen. Dit zal deels worden opgevangen door capaciteit geschikt te maken voor zwaardere doelgroepen in het marktsegement ‘intramuraal wonen’, deels door het verantwoord afstoten van capaciteit. Ook hier spelen lokale verschillen en verschillen in uitgangssituatie een rol. Zo heeft de regio waarin Evean werkzaam is te maken met een bovengemiddeld aantal verpleeghuisbedden per 1.000 inwoners, waardoor Evean ten opzichte van de andere VVT-bedrijven van Espria daar meer capaciteit afbouwt. Ook voor de verzorgingshuiscapaciteit geldt dat de situatie voor Evean anders is dan voor Icare en Meander: de zorgverzekeraar lijkt bij Evean aan te sturen op capaciteitsafbouw op hogere ZZP’s. Icare en Meander, die zorg leveren in krimpregio’s waar sprake is van sterkere vergrijzing, bouwen vrijwel alleen capaciteit af als gevolg van het extramuraliseren van lage ZZP’s. 45 4. Beleid, inspanningen en presentaties Espria jaarverslag 2013 combinatie met psychische stoornissen. • Ontwikkeling Generalistische Basis GGZ (Indigo en Mirro) GGZ Drenthe ontwikkelt de Generalistische Basis GGZ onder het label Indigo, dat staat voor: wijkgericht werken, zorg dicht bij de cliënt (en zijn/ haar sociale netwerken), kortdurende behandeling gericht op de kracht en het herstelvermogen van cliënten. Indigo zet in op samenwerking met lokale zorgpartners en verwijzers. In 2013 heeft Indigo praktijkondersteuners gedetacheerd bij ruim 65% van de huisartsenpraktijken in Drenthe. In het afgelopen jaar werden voorbereidingen getroffen voor de invoering van de vernieuwde module voor de GGZ-praktijkondersteuning voor de huisartsenzorg (POH-GGZ). Tevens werden voorbereidingen getroffen voor de invoering van de Generalistische Basis GGZ. Doelen daarbij zijn: de screening optimaliseren, inzet van e-health stimuleren en de behandeling inrichten in de zorgpaden kort, middel, intensief en chronisch. GGZ Drenthe participeert in Stichting Mirro om de ontwikkeling van de Basis GGZ en de praktijkondersteuning van de huisartsen verder te versterken. Het project past naadloos in de strategische koers van GGZ Drenthe. Bij de ontwikkeling van zelfhulpwebsites van Mirro is gebruik gemaakt van de expertise van de medewerkers. De kwaliteitsinvestering in de praktijkondersteuning maakt dat onze entree bij huisartsen, als belangrijke schakel in de triage naar de Generalistische Basis GGZ en Specialistische GGZ, uitstekend is. Verstandelijk gehandicaptenzorg In 2013 heeft het thema ‘Meer door minder’ centraal gestaan bij De Trans. Dit thema heeft als doel met inzet van minder middelen en anders werken meer te bereiken. Er wordt een groter beroep gedaan op de zelfredzaamheid van cliënten en hun eigen sociale netwerk. Deze cultuuromslag vraagt grote zorgvuldigheid en overtuigingskracht. betrokken samen meedoen aandacht geregeld ‘Meer door minder’ is in 2013 onder meer zichtbaar geworden in een verbeterd personeelsplanningsproces, waardoor men met minder personele inzet toe kan. In het kader van “Meer door minder’ is in 2013 ook ingezet op een actief beleid gericht op het terugdringen van dichtbij professioneel persoonlijk Concentratie van de overblijvende klinisch specialistische zorg is nodig vanwege de schaalgrootte. Het gaat om intensieve zorg, met intensieve personele inzet. Zorg die wel betaalbaar moet blijven. Dit is niet in alle regio’s blijvend te realiseren. Daarom is concentratie noodzakelijk. Het gaat hierbij met name om gesloten voorzieningen en voorzieningen voor specifieke doelgroepen. In dat verband zijn in 2013, in samenwerking met andere zorgaanbieders, enkele nieuwe voorzieningen geopend: een centrum voor verstandelijke beperkingen en psychiatrie (zie navolgend bij De Trans) en een afdeling voor de behandeling van mensen met ernstige verslavingsproblematiek in betrokken samen meedoen persoonlijk helder bereikbaar actief voor elkaar professioneel Evean Zorg Amsterdam is betrokken bij een verzoek van de gemeente Amsterdam en Achmea om een plan van aanpak voor Wijkzorg op te stellen, voor de proeftuin Noord-West in stadsdeel Amsterdam-Noord. De aanbieders met meer dan 5% marktaandeel V&V en Wmo in het proeftuingebied (Cordaan, Doras, Evean, Combiwel en MEE) hebben zich verenigd in een alliantie. Vanuit de alliantie Speerpunten binnen deze verandering zijn versterking van de functies SPITS (opnamevoorkomende intensieve thuiszorg), FACT (Functie Assertive Community Treatment), Forensische ACT en acute deeltijdbehandeling. Geestelijke Gezondheidszorg GGZ Drenthe is 2013 begonnen in een nieuwe organisatiestructuur. De geografische indeling is verlaten en daarvoor in de plaats is een indeling gekomen die is gebaseerd op leeftijd en doelgroepen. GGZ Drenthe kent drie divisies: - 1e lijnszorg en jeugdpsychiatrie; - Ouderen en volwassenen; - Beveiligde zorg. Gedurende het jaar is deze structuur verder uitgewerkt en geïmplementeerd. Daarnaast is besloten om de functie van een eerste geneeskundige per divisie te verlaten en voor aandacht In Wormerveer is een pilot gestart getiteld ‘Samenwerkingsverband Zorg voor Ouderen in de Wijk’ (SZOW). Hierin werken huisarts, zorginstellingen en het sociale wijkteam binnen één wijk samen aan passende ondersteuning voor kwetsbare ouderen. Op aanvraag van een huisarts kan vanuit de verpleeghuizen een specialist ouderengeneeskunde worden ingeschakeld. Zo is in dit project sprake van volledig geïntegreerde zorg, behandeling en begeleiding. geregeld Ook is in 2013 gewerkt aan versteviging van de positie van de wijkverpleegkundige. Zo worden in Zaandam in het kader van het project ‘Zichtbare Schakel’ in vier wijken wijkverpleegkundigen ingezet met de focus op vroegsignalering en preventie, zowel op gebied van gezondheid als op welzijn en wonen. Deze manier van werken leidt tot een verbetering in toegankelijkheid en afstemming van de zorg- en dienstverlening tussen de verschillende partijen in de wijk, doordat het snelle en integrale interventies op maat mogelijk maakt voor de bewoners van deze wijken. Doel van dit beleid is om de cliënten zoveel mogelijk in de maatschappij te houden en, daar waar zij op dit moment nog langdurig op de terreinen verblijven, hen weer terug te brengen in de maatschappij. De ambitie is om de zorg zo te organiseren dat opname wordt voorkomen, meer mensen korter opgenomen zijn, de zorg in de thuissituatie gegeven kan worden, en dat mensen die nu nog langdurig klinische zorg ontvangen, zelfstandig buiten de kliniek gaan wonen met zorg en ondersteuning van ambulante teams. Het bereiken van dit doel gaat gepaard met het afbouwen van bedden en het gelijktijdig versterken van de ambulante zorg. Het budget dat vrijkomt door het sluiten van bedden wordt deels gebruikt om de ambulante voorzieningen te versterken en om extra high intensive care-capaciteit toe te voegen. Een bijzonder aandachtspunt in het beleid van Evean voor 2013 was de verdere integratie van de drie organisatieonderdelen Evean Zorg Amsterdam, Evean Zorg en Evean Thuiszorg NHN. Hiervoor is een transitieplan gemaakt dat in 2014 zal worden afgerond. Ook zal de juridische integratie van de drie zorgonderdelen dan een feit zijn. • Particura 2013 was voor Particura een lastig jaar. Particura werd geconfronteerd met het faillissement van een onderaannemer in Lunteren, hetgeen veel tijd en aandacht van het management heeft gevraagd. Naar aanleiding hiervan is het onderaannemingsbeleid Espriabreed verder aangescherpt. Daarnaast kwam het bedrijfsmodel van Particura, dat sterk is gebaseerd op werken met ZZP-ers en onderaannemers, met name ook in de PGB-markt, onder druk te staan. Bijvoorbeeld door maatregelen van de Belastingdienst. De mogelijkheden voor ZZP-ers om te werken voor organisaties als Particura worden hierdoor sterk ingeperkt. dichtbij Verder is gezamenlijk met het ZMC een dinnercentrum ontwikkeld, van waaruit maaltijdvoorziening aan beide instellingen zal plaatsvinden. • Extramuralisering GGZ Drenthe heeft in 2013 plannen gemaakt voor verregaande extramuralisering van de zorg. In het Extramuraliseringsplan 2014 - 2016 is het algemene kader geschetst waarbinnen de bewegingen van concentratie en spreiding van de zorg zich in deze periode zullen voltrekken. helder Verder is Evean Thuiszorg NHN betrokken bij het project ‘Alkmaar Vitaal’. Dit project heeft als doel Kwetsbare 65+’ers in Alkmaar-West zich prettiger, veiliger en gezonder te laten voelen. Daarnaast wordt de zelfredzaamheid en samenredzaamheid van de burgers versterkt. Evean Thuiszorg NHN heeft in 2013 ingezet op de verkleining van de omvang en vergroting van het zelfsturend vermogen van de teams. bereikbaar Met het Zaans Medisch Centrum (ZMC) zijn in 2013 plannen ontwikkeld voor de oprichting van een zorghotel, waarbinnen ook de revalidatiezorg verder gestalte zal krijgen. Hierover zullen in 2014 definitieve besluiten worden genomen. geheel GGZ Drenthe een geneesheer directeur aan te stellen die een aantal wettelijke taken uitvoert, vooral voortvloeiend uit de Wet BOPZ en straks de Wet Verplichte GGZ. Deze heeft bovendien een rol op het gebied van de bevordering en -bewaking van de patiëntkwaliteit en -veiligheid. actief is een voorstel gedaan voor de vormgeving van wijkzorg met een verbinding tussen welzijn, de huisarts en zorg in samenhang en dichtbij de burger georganiseerd. voor elkaar met de ziekenhuizen ontwikkeld voor de doelgroepen CVA, COPD, breuken of kneuzingen, electieve orthopedie en hartfalen. In 2013 is gestart met voor iedere aandoening afzonderlijk te beschrijven welke behandelingen er nodig zijn, hoe deze worden aangeboden en hoe vooruitgang gemeten kan worden. Komend jaar zal ook de behandeling in/ vanuit de thuissituatie vorm krijgen. 47 4. Beleid, inspanningen en presentaties Espria jaarverslag 2013 Daarnaast vinden er vanuit de ledenvereniging gesprekken plaats met de zorgbedrijven binnen Espria over de vraag hoe in de toekomst een zo goed mogelijke propositie naar de gemeenten kan worden gemaakt. Er is een duidelijke positie voor de ledenconsulenten gekozen; gericht op de zogenaamde ‘nulde lijn’. Dit houdt in dat de ledenvereniging zich primair richt op burgers (leden) die nog geen zorg nodig hebben. Juist door de interventies en het aanbod van de ledenvereniging, het steuntje in de rug, blijven de burgers zo lang mogelijk zelfstandig. De naam ‘Ledenvereniging Evean/Icare’ voldeed niet meer omdat de Ledenvereniging onder deze naam met meer dienstenmerken actief is. In 2013 is daarom besloten de naam te wijzigen in ‘Espria Ledenvereniging’; deze naam wordt gebruikt in business to business-contacten. In business to consumer-contacten worden de namen van de dienstenmerken gehandhaafd: Evean Ledenvereniging, Icare Ledenvereniging, Ledenvereniging Meander en Woonzorg Nederland Ledenvereniging. betrokken samen Het ledenaantal bedroeg op 31 december 2013 361.114. Ten opzichte van 2012 betekent dat een lichte daling van 0,7 %. meedoen persoonlijk helder bereikbaar professioneel betrokken samen meedoen • De ouder centraal Verder is de focus van Icare JGZ in 2013 sterk gericht op het centraal stellen van de ouders. actief • Taakherschikking In 2012 is in 2 regio’s een pilot uitgevoerd waarbij taakherschikking tussen de disciplines ‘arts’ en ‘verpleegkundige’ centraal stond. Na evaluatie is besloten deze werkwijze verder te implementeren in de overige regio’s van Icare JGZ. Hiermee is een begin gemaakt in 2013. In 2014 zal dit doorgaan en de verwachting is dat in 2015 in alle regio’s van Icare JGZ gewerkt wordt conform het model ‘taakherschikking’. voor elkaar Ledenvereniging Evean/Icare De Ledenvereniging Evean/Icare bereidt zich voor op de maatschappelijke ontwikkelingen op het gebied van zorg, wonen en welzijn. Naar verwachting zullen mensen langer zelfstandig thuis blijven wonen. Als gevolg daarvan zal de vraag naar dienstverlening in en om het huis sterk toenemen. Veiligheid en eenzaamheid zijn in dit verband belangrijke thema’s, waarop een antwoord gegeven moet worden. De ledenvereniging wil, samen met anderen, ‘het steuntje in de rug’ zijn waarmee de leden geholpen worden. De ledenconsulent vormt daarbij een belangrijke schakel. Eind 2012 is daarom gestart met het project ‘De toekomst van de Ledenvereniging’. Er hebben toekomstverkenningen plaatsgevonden op grond waarvan, mede in afstemming met de strategische koers van Espria, een viertal domeinen is gekozen waarop de Ledenvereniging zich wil inzetten, te weten: 1. Zelfstandige consumenten in het veranderende landschap van leven, gezondheid en welzijn; 2. Vitale en betrokken leefgemeenschappen in buurten en wijken; In Emmen en Veendam is de ledenvereniging actief betrokken bij het ontwikkelen van klantbedieningsconcepten; de lokale verankering is hierbij het uitgangspunt. De buurt en de wijk zijn de schaal waarop georganiseerd wordt; de wensen en behoefte van de bewoners zijn het uitgangspunt. De regionale teams van de ledenvereniging vormen hierbij het gezicht en het aanspreekpunt voor leden. aandacht Onder leiding van een interim directeur uit de eigen Espria gelederen zullen in 2014 verdere reorganisaties plaatsvinden en zal opnieuw naar een overnamepartner worden gezocht. In het Strategisch Beleidsplan 2014 - 2017 van de ledenvereniging is deze keuze verder uitgewerkt. Ook de missie, visie en positionering van de Ledenvereniging zijn herijkt en passen bij de strategische uitdagingen van de komende jaren. geregeld • Overgang GGD In 2012 is in de regio’s IJssel Zwartewaterland en in 8 van de 12 Drentse gemeenten definitief de keuze gemaakt om de JGZ voor 0-4 jarigen onder te brengen bij de GGD. Alle noodzakelijke acties hiervoor zijn in 2013 uitgevoerd en vanaf 1 januari 2014 is deze overgang gerealiseerd. Deze overgang betekent voor Icare JGZ een afname van 40% van de werkzaamheden, hetgeen financiële en personele consequenties heeft. Personeel dat betrokken was bij de overgang kon gelukkig grotendeels mee overgaan naar de GGD-en. Daarnaast wordt Icare JGZ ook geconfronteerd met verdere bezuinigingen in de jeugdzorg. Icare JGZ heeft in 2013 daarom ingezet op verbetering van de efficiency en aansturing van de organisatie. Dat heeft onder meer geleid tot de ontwikkeling van een ‘dashboard’, waarin een aantal belangrijke KPI’s worden gemonitord en op basis waarvan snel kan worden bijgestuurd. 3. S olidariteit en samenhang tussen sterke en kwetsbare groepen; 4. Vernieuwende samenwerking in het netwerk van leven, gezondheid en welzijn. dichtbij Kinderopvang Voor Stichting Kinderopvang Hoogeveen (SKH) was 2013 een moeilijk jaar. Vanwege overheidsmaatregelen en de economische crisis was de vraag naar kinderopvang beperkt. Dit maakte ingrijpende reorganisaties noodzakelijk. In 2013 stond SKH onder leiding van een interim directeur, tevens eigenaar van een andere kinderopvangorganisatie. Gedurende het jaar was zij verantwoordelijk voor het doorvoeren van de noodzakelijke reorganisaties, terwijl zij tegelijkertijd onderzoek deed naar een mogelijke overname van SKH. Helaas bleek eind 2013 dat geen overeenstemming kon worden bereikt over de voorwaarden waaronder een overname zou kunnen plaatsvinden. Jeugdgezondheidszorg aandacht persoonlijk helder bereikbaar actief voor elkaar professioneel Kraamzorg Het beleid van de Kraamvogel was in 2013 vooral gericht op het slagvaardiger maken van de organisatie. De volgende thema’s waren hierbij het uitgangspunt: - Het vergroten van klantkennis en zichtbaarheid; - Het realiseren van volumebehoud en ketenontwikkeling; - Het vergroten van de flexibiliteit en de slagkracht van medewerkers; - Het verbeteren van de efficiency en Dit gebeurt bijvoorbeeld door het aanbod flexibeler te organiseren en door de inzet van e-health. In de tweede helft van 2013 heeft het verkoopproces van de Kraamvogel centraal gestaan. Espria rekent de kraamzorg niet tot haar kernactiviteiten en is daarom actief op zoek gegaan naar een overnemende partij. Deze is gevonden in ZiN Kraamzorg. De overname door ZiN Kraamzorg zal naar verwachting in 2014 worden afgerond. geregeld De Trans richt haar professionele aanvullende zorg steeds meer op diegenen die het echt nodig hebben. Verdere resultaten die in 2013 gerealiseerd zijn de volgende: - Er is een businesscase ontwikkeld voor de ambulante begeleidingsactiviteiten van De Trans; - Transbreed is gestart met de invoering van Triple C. In tegenstelling tot andere behandelmodellen richt Triple-C zich niet op het beheersen van probleemgedrag. Triple-C werkt aan ‘herstel van het gewone leven’. Begeleiders, gedragsdeskundigen en leidinggevenden bouwen aan een onvoorwaardelijke ondersteuningsrelatie met cliënten; - Het vervoer van onze cliënten is gereorganiseerd waardoor de kosten aanmerkelijk gedaald zijn; - In samenwerking met GGZ Drenthe, Promens Care, De Baalderborg Groep en Vanboeijen is eind 2013 het Centrum Verstandelijke Beperking en Psychiatrie gestart. Een polikliniek waar kinderen, jongeren en volwassenen met een verstandelijke beperking terecht kunnen met vragen over hun (geestelijke) gezondheid; - Medewerkers van Divisie Bovenregionaal zijn verder geschoold in het aanbieden van dienstverleningsvormen die aansluiten op de toekomstige vraag naar dienstverlening van gemeenten voor mensen met een verstandelijke beperking; - Het nieuwe Kinderdagcentrum is in 2013 nagenoeg gerealiseerd. Het heeft de naam De Vuurtoren gekregen en wordt in het voorjaar van 2014 geopend. toegankelijkheid; - Het optimaal financieel gezond houden van de organisatie. De Kraamvogel heeft in 2013 actief ingezet op samenwerking met andere partijen om de geboortezorgketen mede vorm te geven en te regisseren. dichtbij ziekteverzuim, het stimuleren van zelfsturing en het aangaan van efficiënte samenwerkingsrelaties die de kosten reduceren. Ook dit dient ter ondersteuning van wat mensen zelf kunnen en hoe hun eigen sociale netwerk, hun buurt, hun wijk hierin kan bijdragen. 49 Alledaagse waarden Espria jaarverslag 2013 In beweging. In hoofd en gedachten. Spits en bij de tijd. Maar ook sportief. Van hier naar daar en nog een keer. Alleen en met elkaar. Uitdagend. Actief. Zeer gewaardeerd. 51 Alledaagse waarden Espria jaarverslag 2013 Actief Zeer gewaardeerd 09.10 Overleggen, zo en zo, terug, rusten en weer opnieuw. Even ontspannen 12.33 Natuurlijk kun je er ook anders naar kijken 15.18 En hoe verrassend kan de realiteit dan zijn 53 4. Beleid, inspanningen en presentaties Espria jaarverslag 2013 Engage is daarvoor een programma opgesteld. Verzuimbeleid, re-integratie en sturen op aantallen en financiële kpi’s zijn belangrijke onderdelen in dit programma. • Sociaal plan Op 1 april 2013 is het Espria sociaal plan afgelopen. De sociaal plan is in de periode van 1 april 2010 tot 1 april 2013 de basis geweest voor de uitvoering van organisatiewijzigingen. Espria heeft samen met de bonden gesproken over de mogelijkheid van een nieuw concernbreed sociaal plan, onder soberder condities. Dit met het oog op belangrijke organisatiewijzigingen die ons in het kader van de transitie te wachten staan. Het oude sociaal plan kende een aantal garanties en uitgangspunten die in de huidige tijd niet meer na te komen en uitvoerbaar zijn. Met de vakorganisaties is meer dan een jaar gesproken over een nieuw sociaal plan op Espria-niveau. De onderhandelingen zijn vastgelopen op de formuleringen rond eindigheid van de dienstverbanden bij boventalligheid. De onderhandelingen zijn daarna voortgezet op entiteitsniveau. Dat heeft inmiddels geleid tot een drietal sociale plannen met een beperkte werkingssfeer. • HR managersplatform Het in 2012 gestarte HR managersplatform heeft verbondenheid rondom thema’s die bij iedereen spelen opgeleverd. Het spreken over, ervaringen uitwisselen en sparren over de eerdergenoemde thema’s is van toegevoegde waarde gebleken. Kennis en ideeën worden gedeeld en daar waar het effectief is voor de afzonderlijke entiteiten worden zaken samen opgepakt. • Oriëntatie op HR applicaties Op het gebied van ict is er het afgelopen jaar veel veranderd. Het HR platform heeft zich daarin een prima klankbord getoond voor het SSC voor het geven van input en feedback. Momenteel wordt er druk gesproken over het totale ‘landschap’ aan HR applicaties. Doel daarbij is het komen tot de juiste investeringen voor alle onderdelen van Espria. Het gaat daarbij om managementinformatie, wervingstools en HR service applicaties. samen meedoen aandacht geregeld dichtbij persoonlijk Middels standaardisatie en digitalisering worden processen en systemen binnen het SSC Espria verder geoptimaliseerd en wordt bespaard op personeelsen overheadkosten. Concrete voorbeelden hiervan in 2013 zijn de digitalisering van de salarisstroken, personeelsdossiers en de verwerking van mutaties. helder De relatief hoge schadelast (dus een hoge uitstroom van gedeeltelijk arbeidsongeschikten) in de WGA in de periode van 2007 tot 2013 heeft geleid tot een forse premieverhoging op dit dossier. De doelstelling is dan ook om fors in te zetten op reductie van deze schadelast. In samenwerking met het adviesbureau bereikbaar • Eigenrisicodragerschap WIA/WGA (Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten) In 2013 is een nieuwe verzekeraar (Aegon) gecontracteerd voor de dekking van het eigenrisicodragerschap in het kader van de WGA. Dit contract geldt voor Evean, Icare, Particura, De Trans, De Kraamvogel en de Zorgcentrale. betrokken Rode draad in de onderwerpen zijn tot dusver vooral ‘technische’ HR thema’s geweest zoals werving, beloning en bijvoorbeeld het WGA dossier. De verbinding met de Espria Academy moet bijdragen aan een meer strategische focus. Het Shared Service Center Espria (SSC Espria) Het SSC Espria verleent aan de onderdelen van Espria ondersteunende diensten op het gebied van automatisering, informatisering, financiële administratie, personeel- en salarisadministratie en inkoop. In 2013 heeft het SSC Espria als relatief nieuw organisatieonderdeel zich duidelijk verder ontwikkeld en is er hard gewerkt om de dienstverlening aan de bedrijfsonderdelen verder te verbeteren. Hiertoe zijn er in 2013 o.a. reorganisaties doorgevoerd bij de afdelingen ICT en financiële administratie. Ook is het besturingsmodel van het SSC aangepast. actief professioneel • Duurzame inzetbaarheid Duurzame inzetbaarheid is een thema dat voor alle entiteiten een speerpunt vormt. In 2013 is een visiedocument voor duurzame inzetbaarheid vastgesteld. Dit document is tot stand gekomen door input van management, HR functionarissen en de medewerkersmedezeggenschap. De workabilityindex van de Finse professor Ilmarinen is de basis voor de uitwerking van de visie. Zijn systematiek gevat in het huis van inzetbaarheid, bevat de volgende elementen die moeten leiden tot het duurzaam inzetbaar houden van medewerker: gezondheid, vitaliteit, vakbekwaamheid en talentontwikkeling. Een gezonde balans tussen werk en privé, eigen verantwoordelijkheid van de medewerker en leiderschap zijn voorwaarden voor realisering van het duurzaam inzetbaar houden van medewerkers. De entiteiten zijn zelf verantwoordelijk voor het omzetten van deze visie naar beleid en uitvoering. voor elkaar • HR beleid in het kader van de Espria Academy Zoals hiervoor is aangegeven is binnen de Espria Academy de start gemaakt met een gezamenlijke leer- en ontwikkelagenda. Het Espria talentenprogramma wordt vandaar uit vormgegeven. Dit talenten programma is bedoeld om in de toekomst vacatures voor sleutelposities met eigen mensen in te vullen. Daarnaast is er een programma om jong talent binnen te halen en te binden. Daarnaast wordt samengewerkt bij het tot stand brengen van leer- en ontwikkel activiteiten, zoals e-learning. Ervaringen en kennis worden gedeeld en daar waar mogelijk- en nodig worden gezamenlijk initiatieven ondernomen. betrokken persoonlijk helder bereikbaar actief voor elkaar professioneel De middelen die hierbij worden ingezet zijn: - kennismanagement: hierbij gaat het om het verwerven en verspreiden van bestaande kennis op bovengenoemde terreinen; - onderbouwen door middel van wetenschap: naast het verwerven en verspreiden van bestaande kennis zal de Academy ook zelf aan kennisvermeerdering doen door middel van (wetenschappelijk) onderzoek; Doelstelling voor een volgende stap is daarom: het inspireren van de Espria entiteiten in de groei naar strategisch HRM, rekening houdend met lokale verschillen. De entiteiten kunnen elkaar inspireren en voeden en op onderdelen samenwerken. samen De Academy gaat zich richten op innovatie en kennis op vier terreinen, te weten: - de burger en burgerkracht; - geïntegreerde 1e lijn; - geïntegreerde 2e lijn; - e-health. • Verbinding met de Espria strategie De verbinding met de inhoudelijke strategische koers van Espria is goed zichtbaar, maar er zijn wel fase- en accentverschillen per entiteit. meedoen Eind 2013 is ten behoeve van de Academy een programmadirecteur benoemd. Deze directeur is voortvarend aan de slag gegaan met de verdere ontwikkeling van de Academy. HR-beleid HR beleid wordt binnen de Espria entiteiten als een belangrijk onderwerp gezien. In dit beleid wordt steeds meer de verbinding gezocht met de inhoudelijke strategische koers van Espria. Daarnaast wordt op tactisch en uitvoeringsniveau samengewerkt met het oog op de schaal- en synergievoordelen. aandacht Espria Academy Teneinde de gewenste transitie en cultuurverandering in de zorg in het algemeen, en in onze bedrijven in het bijzonder, mogelijk te maken is nieuwe kennis en kunde nodig. Wij willen daarin voorop lopen. Wij investeren in de ontwikkeling van kennisverzameling (bijvoorbeeld door middel van onderzoek) en kennisverspreiding (bijvoorbeeld door middel van e-learning). Dit doen wij in het kader van onze Espria Academy, van waaruit deze activiteiten worden georganiseerd en gecoördineerd. Het bovenstaande is in een plan van aanpak uitgewerkt dat begin 2014 is geaccordeerd en zal in dat jaar verder worden uitgerold. geregeld Ontwikkeling meerjarenbeleid en meerjarenbegroting. De ontwikkeling van het meerjarenbeleidsplan en -begroting 2014 - 2017, zoals aangegeven in paragraaf 4.1, is een prominent beleidsthema geweest in 2013. Het is een zeer tijdsintensief proces geweest waarin de verschillende bedrijfsonderdelen, in samenspel met de Raad van Bestuur, veel energie hebben gestoken. De ontwikkeling van het meerjarenplan en -begroting is in diverse gremia aan de orde geweest, onder meer in overleggen van de CCR, de COR en de Raad van Commissarissen. Dit heeft eind 2013 geresulteerd in de vaststelling van een meerjarenplan en -begroting dat op een breed draagvlak in de organisatie kan rekenen. - co-creatie: de Academy zal actief de samenwerking opzoeken en verbindingen aangaan met andere kennis- en onderzoeksinstellingen; - inbedden in leer- en ontwikkelagenda: de kennis en kunde die via de Academy wordt verworven zal ook worden verbonden met scholing en persoonlijke ontwikkeling van medewerkers van Espria. dichtbij 4.2.2 Beleidsthema’s op concernniveau 55 4. Beleid, inspanningen en presentaties Espria jaarverslag 2013 • Adequaat risicomanagement is een vereiste In onze visie is het daarom van belang om inzicht te hebben in de belangrijkste risico’s, om vervolgens risicomanagement op een structurele, systematische en integrale wijze in te richten voor het waarborgen van het succes van de organisatie op de korte en lange termijn. Om invulling te geven aan risicomanagement heeft de Raad van Bestuur eind 2012 een plan van aanpak invoering risicomanagement vastgesteld en in uitvoering gegeven met ondersteuning van KPMG Advisory. Na een startsessie risicomanagement met de Raad van Bestuur in februari 2013, zijn voor de verschillende bedrijfsonderdelen van Espria workshops gehouden waarbij de belangrijkste strategische risico’s voor de • Toenemende risico’s en onzekerheden De ingrijpende stelselwijziging in de zorg die de overheid voor ogen heeft, vindt zijn basis in het Regeerakkoord 2013 - 2017 van het kabinet Rutte II. Hierin zijn de gewenste veranderingen op hoofdlijnen benoemd en is een financiële taakstelling aan de zorg opgelegd van 5 miljard euro ultimo 2017. Aangezien het kabinet er aan hecht om zowel politiek als in het veld draagvlak te verwerven voor haar plannen is er in 2013 intensief overleg gevoerd met zowel de veldpartijen als met de sociale partners over de nadere invulling van de plannen. Dit heeft geresulteerd in een aantal akkoorden en brieven, waarvan de belangrijkste voor ons zijn: het sociaal akkoord, het zorgakkoord, de Kamerbrief Hervorming Langdurige Zorg en de bestuurlijke akkoorden over de cure en de GGZ. Dit heeft geleid tot een eerste aanzet van een risicoregister voor de verschillende bedrijfsonderdelen. Vervolgens is tevens een workshop gehouden met de Raad van Bestuur, waarin de strategische risico’s op Espria-niveau zijn geïdentificeerd, geprioriteerd en geanalyseerd. Hierbij is gebruik gemaakt van de input die is gekregen vanuit de gehouden workshops bij de verschillende bedrijfsonderdelen. Tevens is een besluit genomen inzake de inbedding van risicomanagement in de planning en control cyclus. Een rapportageformat is ontwikkeld en afspraken hierover tussen Raad van Bestuur en directies zijn ook vastgelegd in het managementcontract. Met ingang van 2014 is risicomanagement structureel ingebed in de rapportagestructuur en de verantwoordings-gesprekken tussen bestuurders en directeuren. Tevens is vastgesteld dat minimaal één keer per jaar een actualisatie van de registers plaatsvindt, en vaker indien noodzakelijk. Espria onderscheidt een aantal risicodomeinen op basis waarvan de geïdentificeerde risico’s kunnen worden onderverdeeld. Hieronder zijn de risico domeinen weergegeven op basis waarvan de geïdentificeerde risico’s zullen worden gecategoriseerd: Imago en reputatie Informatisering en automatisering Besturing Financiers Medewerkers betrokken samen meedoen geregeld dichtbij persoonlijk helder bereikbaar actief voor elkaar professioneel aandacht Markt Cliënten betrokken samen persoonlijk helder bereikbaar actief voor elkaar professioneel Verantwoordelijkheid voor de herpositionering, de inrichting van het demand-management en de sturing hierop alsmede het beschikbaar stellen van de benodigde (verander-)budgetten is belegd bij een nieuw afstemmingsorgaan genaamd regieraad. Dat geeft een veranderd speelveld en geeft derhalve nieuwe risico’s en onzekerheden en daarmee des temeer reden adequaat risicomanagement te voeren. Er zijn ook andere redenen om hieraan meer aandacht te geven; denk aan wijzigingen in wet- en regelgeving, meer eigen risicodragerschap, maar ook imagoschade. betreffende bedrijfsonderdelen zijn geïdentificeerd, geprioriteerd en geanalyseerd. Risicomanagement meedoen • Herpositionering SSC Espria In 2013 is in samenwerking met de bedrijfsonderdelen de ontwikkelingsrichting voor het SSC Espria nader uitgewerkt, met als doel een helder besturingsmodel (governance), een gezamenlijke visie en ambitie en een voorstel voor een veranderaanpak. De resultaten van dit onderzoek leiden tot een herpositionering van het SSC binnen Espria. Een belangrijk uitgangspunt hierin is dat de zorg aan de klant centraal staat en dat de schaalgrootte van Espria maximaal benut wordt om lagere kosten voor de ondersteunende diensten te realiseren. Een en ander leidt middels o.a. gezamenlijke vraagdefinitie en -bundeling tot minder overhead binnen Espria en een effectiever gebruik van deze ondersteunende diensten. Ook houding en gedrag van zowel medewerkers SSC als van de bedrijfsonderdelen is in de herpositionering een belangrijk thema. aandacht In overleg met de zorgbedrijven zijn werkprocessen opgesteld voor inkoopprocessen en wordt gewerkt met een zogenoemde inkoopkalender, waarin de planning en doelstellingen voor een jaar zijn opgenomen. Compliancebeleid Mededinging Espria & Reglement E-mail- en internetgebruik en Richtlijnen Sociale media Het Compliancebeleid Mededinging Espria is na vaststelling door de Raad van Bestuur en goedkeuring door de Raad van Commissarissen in 2012 ter goedkeuring voorgelegd aan de COR. Onderdeel van het compliancebeleid is dat Espria onderzoek kan doen naar de naleving van de mededingingswet. Het doen van dergelijk onderzoek kan in bepaalde gevallen op gespannen voet komen te staan met de privacy van medewerkers. Dat is bijvoorbeeld aan de orde als er e-mailboxonderzoek gedaan wordt. De COR heeft daarom aangegeven met het Compliancebeleid in te stemmen, zodra er een concernbrede privacyregeling is, waarin voldoende waarborgen voor de medewerkers zijn opgenomen. Inmiddels is deze privacyregeling er in 2013 gekomen (Reglement E-mail- en internetgebruik) en zijn er tevens richtlijnen opgesteld voor het gebruik van sociale media. Het reglement en de richtlijnen zullen op korte termijn op zorgvuldige wijze in de organisatie geïntroduceerd worden. Met het hebben van een concernbrede privacyregeling is het compliancebeleid ook definitief vastgesteld, waarmee dit beleid actief uitgevoerd kan worden. geregeld Met de migratie van de Evean-organisatie in 2013 zijn voor de medewerkers ook de eerste effecten zichtbaar van het vernieuwde ICT-platform van Espria. Inmiddels is ook de migratie van Icare, de Trans en Meander afgerond. De GGZ Drenthe volgt in de tweede helft van 2014. De datacenters en IT domeinen van Evean en Icare zijn in 2013 gemigreerd naar het nieuwe datacenter van Espria. Evean Zorg, Particura, JGZ, De Trans en de Kraamvogel werken inmiddels met de nieuwe infrastructuur. De migratie van GGZ volgt in 2014. Hiermee beschikt Espria over een moderne geïntegreerde ICT infrastructuur die betrouwbaar, veilig, en schaalbaar is met de komende veranderingen in de zorg. Daarmee lijken de kaders van de hervormingen in de langdurige zorg te zijn gezet: een verschuiving van AWBZ-zorg naar enerzijds informele zorg en anderzijds de Wet maatschappelijke ondersteuning en de Zorgverzekeringswet, gepaard gaande met forse kortingen. Dit zal gerealiseerd moeten worden in een periode van slechts een jaar of maximaal vijf. De regieraad bestaande uit de directies van de klantorganisaties en het SSC. Nadere voorbereiding en uitwerking van thema’s op de diverse vakgebieden vindt plaats in themagroepen. dichtbij Voor verdere verbeteringen in de nabije toekomst zijn in 2013 bijna 30 projectvoorstellen opgesteld en doordat de financiering hiervan in 2013 is geborgd, kan het SSC Espria zich blijven verbeteren en ontwikkelen. 57 4. Beleid, inspanningen en presentaties Espria jaarverslag 2013 betrokken Tenslotte is Particura geconfronteerd met een toezichtmaatregel (dwangbevel) van de Inspectie bij de instelling Boschoord te Lunteren. Dit is een kleine zelfstandige zorginstelling waar Particura de thuiszorg voor een aantal cliënten verzorgt. Aangezien Particura zich, na het uitbreken van een bestuurscrisis aldaar, garant heeft gesteld voor de zorgverlening binnen de instelling, is Particura voor de Inspectie primair aanspreekpunt geworden voor samen persoonlijk helder bereikbaar actief professioneel betrokken samen voor elkaar • Bestuursaudits Het uitvoeren van een (beperkt) aantal audits als onderdeel van de kwaliteitsmonitor heeft ook in Nadat in 2012 gestart is met het inbedden van de kwartaalrapportage in de kwartaalbesprekingen • Toezicht Inspectie voor de Gezondheidszorg De Inspectie voor de Gezondheidszorg heeft haar toezichtbeleid aangescherpt. In dat kader vinden vaker dan voorheen onaangekondigde Inspectiebezoeken plaats en past de Inspectie criteria strenger toe. Ook diverse organisatieonderdelen van Espria zijn in 2013 onaangekondigd bezocht door de Inspectie. In een aantal gevallen heeft de Inspectie tekortkomingen in de kwaliteitsborging geconstateerd. Daarbij is opdracht gegeven tot het maken van verbeterplannen die inmiddels resultaat opleveren. In één situatie is de Inspectie over gegaan tot verscherpt toezicht. Dit betrof de locatie Altingerhof van Icare. Ook hier is een verbeterplan opgesteld en in uitvoering genomen. meedoen Eénmaal per twee jaar doen de VVT-onderdelen, de JGZ, de Kraamvogel en het SSC mee met de verplichte benchmark in het kader van het Actiz lidmaatschap. Dit zal in 2014 weer het geval zijn. • Medezeggenschapsorganen De medezeggenschapsorganen worden geïnformeerd over onderdelen van de kwaliteitsmonitor en kunnen desgevraagd een specifieke toelichting of presentatie daarover ontvangen. In 2013 hebben zowel de COR als de CCR van deze mogelijkheid gebruik gemaakt. aandacht • Perioderapportage kwaliteit Het hart van de kwaliteitsmonitor wordt gevormd door de kwartaalrapportage kwaliteit. In 2013 heeft een verbeterslag ten aanzien van deze rapportage plaatsgevonden. De kwartaalrapportage is, in lijn met de overige rapportages, een perioderapportage geworden en verschijnt derhalve drie keer per jaar. Met name op het gebied van ketensamenwerking en onderaannemers heeft dit in 2013 geleid tot aanscherping van de checklists en protocollen. Ten aanzien van leveranciersbeoordelingen en de SLA systematiek geldt dat de besluiten zijn geïntegreerd in de aanpak herpositionering SSC. geregeld • Cliënt- en medewerkerstevredenheidsmetingen Het is Espriabeleid dat cliënt- en medewerkerstevredenheidsmetingen tenminste éénmaal per jaar worden uitgevoerd. Hierover wordt in de perioderapportage kwaliteit gerapporteerd. Alle entiteiten hebben deze metingen conform voorschrift uitgevoerd. Naar aanleiding van de uitkomsten hiervan zijn geen bijzonderheden te melden. 2013 plaatsgevonden. Er zijn (meestal bij 2 tot 3 entiteiten) audits uitgevoerd met betrekking tot risicosignalering op cliëntniveau, risicomanagement op procesniveau, ketensamenwerking/ onderaannemers, veiligheidsmanagement, SLA systematiek, leveranciersbeoordelingen alsmede de verbetermaatregelen naar aanleiding van de VVT benchmark. Deze audits hebben geleid tot rapportages aan de Raad van Bestuur alsmede in een aantal gevallen tot nadere advisering en besluitvorming. dichtbij Op basis van de inhoud van alle perioderapportages wordt door de adviseur kwaliteit een concernrapportage gemaakt en aan de Raad van Bestuur aangeleverd. Daar waar van belang worden op basis daarvan adviezen gegeven en besluiten door de Raad van Bestuur genomen. In het kader van de kwaliteitsmonitor zijn in 2013 door de commissie kwaliteit werkbezoeken gebracht aan Meander en De Trans. Bij het werkbezoek aan Meander is in een rondreis door Oost- Groningen gekeken naar de dementieketen (Samen Oud), de verbouwing van een verpleeghuis naar een multicultureel centrum, alsmede naar een project scheiden wonen en zorg. Tijdens het werkbezoek aan De Trans stonden de cateringdienst, die gerund wordt door cliënten, thuiszorgtechnologie, en vrijheidsbeperkende maatregelen centraal. meedoen persoonlijk helder bereikbaar actief voor elkaar professioneel • Kwaliteitsbeleid en kwaliteitssystemen In het kwaliteitshandboek van Espria, dat jaarlijks wordt geactualiseerd, is beschreven binnen welke kaders de diverse bedrijfsonderdelen van Espria hun kwaliteitsbeleid en kwaliteitssystemen ontwikkelen. Deze kwaliteitssystemen worden getoetst op HKZ dan wel ISO normen. De nieuwe perioderapportage start met vragen omtrent de externe certificering, inspectiebezoeken/ meldingen alsmede over tevredenheidsmetingen. Vervolgens worden 22 vragen gesteld in de onderwerpcategorieën Markt en Omgeving, Cliënten, Medewerkers en Processen. De entiteit vult zelf de norm in, alsmede een kleurcode die aangeeft of de prestatie in de betreffende periode groen, oranje of rood is ten aanzien van de gestelde norm. Tevens wordt aangegeven welke trend men daarbij waarneemt. Onderdelen van de kwaliteitsmonitor zijn de strategische kwaliteitsdoelen, meldingen inzake relevante kwesties uit de entiteiten, jaarverslagen van klachtencommissies, resultaten van benchmarks en tevredenheidsonderzoeken, werkbezoeken, resultaten van externe en interne audits (er is een bestuursauditteam dat op basis van een auditjaarplan onderwerpen onderzoekt die hetzij relevant zijn in de samenwerking tussen bestuur en directeuren of tussen directeuren onderling, dan wel meer inhoudelijke thema’s die als speerpunt worden gezien), resultaten uit systeembeoordelingen, etc. aandacht Kwaliteitsbeleid De rapportage was te uitgebreid waardoor het risico bestond om het zicht op werkelijk belangrijke zaken te missen. Ook ontbrak op een aantal punten de norm die door de entiteit werd gesteld. In Periode 2 2013 is de nieuwe perioderapportage (1 A4 per entiteit, dan wel kwaliteitssysteem) als pilot geïntroduceerd. Op basis daarvan is nog een aantal technische en inhoudelijke punten verbeterd. Vanaf Periode 3 2013 is de perioderapportage voor de zorgentiteiten definitief geïmplementeerd. • Kwaliteitsmonitor Teneinde binnen Espria te kunnen sturen en monitoren op de relevante kwaliteitsaspecten is eind 2010 de kwaliteitsmonitor ontwikkeld. Deze is in 2012 herijkt en heeft in 2013 in de nieuwe vorm gefunctioneerd. geregeld De belangrijkste bevindingen die uit de internal audit naar voren komen, richten zich op de procesgang als gevolg van het te laat beschikbaar komen van het controleprotocol en de nacalculatieformulieren vanuit de Nederlandse Zorg autoriteit. Dit heeft geleid tot grote inefficiënties in het controleproces. Voor de verantwoording 2014 wordt contact gezocht met de NZa om te onderzoeken hoe dit proces geoptimaliseerd kan worden. Intern is een verbetering zichtbaar in de oplevering van de interne controles. Met name de relatie tussen de geïdentificeerde risico’s en de daaruit voortvloeiende werkzaamheden is sterk verbeterd. De oplevering per jaareinde kan nog aan kracht winnen in tijdigheid en structuur. tussen bestuurder en directeur, is in 2013 een slag gemaakt met het verbeteren van de rapportage op zich. De kwaliteitssystemen van alle zorgentiteiten zijn ook in 2013 getoetst op de normen van het van toepassing zijnde HKZ normenstelsel en hebben op grond daarvan hun certificaten weten te behouden of te vernieuwen. Voor de ondersteunende entiteiten, het SSC en de facilitaire bedrijven, geldt dat zij hun systeem op de ISO normen hebben laten toetsen en ook zij hebben hun certificaten bestendigd. dichtbij • Specifieke aandacht voor de risicobeheersing productieverantwoording (Regeling AO/IC) Voor de zorgorganisaties is van groot belang dat de geleverde productie rechtmatig tot stand komt. De organisaties moeten hierbij de voorwaarden van de Regeling AO/IC naleven. Gedurende het jaar zijn er verschillende interne controles bij de bedrijfsonderdelen geweest. Deze zijn uitgevoerd door interne controlefunctionarissen die bij alle zorgonderdelen zijn aangesteld. De werkzaamheden zijn gebaseerd op vooraf vastgestelde interne controleplannen en een overkoepelend auditplan van de internal auditor, waarbij risico’s en aandachtspunten van voorgaande jaren zijn meegenomen. Ter voorbereiding van de controle door de externe accountant voert de internal auditor een uitgebreide audit uit op de uitgevoerde interne controlewerkzaamheden, zodat de naleving van de Regeling AO/IC kan worden aangetoond. Uiteindelijk resulteert de controle in een 35-tal controleverklaringen van de externe accountant ten behoeve van de zorgkantoren, zorgverzekeraars, de NZa en het ministerie van justitie. Alle controleverklaringen zijn tijdig verkregen en ingediend bij de betreffende contractpartij. 59 4. Beleid, inspanningen en presentaties Espria jaarverslag 2013 Onderzoek In het kader van de Espria Academy worden diverse onderzoeksactiviteiten uitgevoerd, bijvoorbeeld naar de factoren die het welbevinden van cliënten bepalen. In dat verband werken wij bijvoorbeeld samen met prof. dr. Peter de Jonge van de RUG/ UMCG. Ook participeren wij met het UMCG in onderzoek in het kader van het Healthy Ageing Network Noord Nederland (HANNN) GGZ Drenthe investeert naast zorg in (wetenschappelijk) onderzoek en opleidingen. Hiervoor wordt ook samengewerkt met het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG) en de Rijksuniversiteit Groningen (RuG). GGZ Drenthe participeert daarnaast met enkele andere GGZ instellingen in het Rob Giel Onderzoekscentrum. Binnen de divisies van GGZ Drenthe worden researchprogramma’s uitgevoerd naar de effectiviteit van behandelprogramma’s en om nieuwe interventies te ontwikkelen. In 2013 is er bijvoorbeeld binnen de Divisie Beveiligde Psychiatrie onderzoek gedaan naar de relatie tussen de werking van psychofarmaca en slaapstoornissen. In het Centrum voor Verstandelijke Beperking en Psychiatrie is onderzoek gedaan naar de effecten van langdurig gebruik van antipsychotica op de kwaliteit van leven van mensen met een combinatie van verstandelijke beperkingen en psychiatrische stoornissen. Verpleegkundige Adviesraad Espria hecht aan betrokkenheid van de professionals zelf bij vormgeving van de inhoud en kwaliteit van de professionele beroepsuitoefening binnen de organisatie. In dat kader is in 2013 een Verpleegkundige Adviesraad (VAR) opgericht, waarin de verschillende entiteiten van Espria vertegenwoordigd zijn. betrokken samen meedoen aandacht geregeld De VAR richt zich op de volgende activiteiten: - het ontwikkelen van een adviesprogramma waarbij samenhang wordt aangebracht binnen (de werkmaatschappijen van) Espria op het gebied van interne en externe beroepsinhoudelijke ontwikkelingen; - het geven van adviezen over verpleegkundig zorginhoudelijk vraagstukken, die vanuit de Raad van Bestuur, de VAR leden en/of collega verpleegkundigen ingebracht kunnen worden; - een signaalfunctie vervullen vanuit zorg- en beroepsinhoudelijke vraagstukken naar de Raad van Bestuur. dichtbij persoonlijk helder bereikbaar actief persoonlijk helder bereikbaar actief voor elkaar professioneel Wij dragen dit ‘thoughtleadership’ onder meer uit door actieve participatie bij symposia en bijeenkomsten e.d. over bovengenoemd thema, en door aanwezig te zijn aan tafels, onder meer via ons lidmaatschap van het bestuur van Actiz, van waaruit daadwerkelijke beïnvloeding op het zorglandschap kan plaatsvinden. voor elkaar • Sociale innovatie Espria wil voorop lopen in het vorm geven aan de paradigmashift die noodzakelijk is in de zorg. Het gaat hierbij om het realiseren van een nieuwe vanzelfsprekendheid: niet zorg als antwoord op alle vragen, maar ervoor zorgen dat mensen zo lang mogelijk zelfstandig kunnen blijven functioneren en plezier aan het leven beleven. professioneel Een aantal van onze innovatieve projecten in het jaar 2013 willen we hier noemen. betrokken • Innovatie gericht op medewerkers - Particura heeft een medewerkersportaal ingericht, waarop medewerkers hun planning en declaraties kunnen doen en waarmee 24 uur per dag informatie kan worden uitgewisseld en protocollen kunnen worden geraadpleegd. - Diverse bedrijfsonderdelen van Espria zijn reeds gestart met de introductie van e-learning. De verdere ontwikkeling en implementatie daarvan zal concernbreed vanuit de Espria Academy worden gecoördineerd. Onze Espria Academy zal in toenemende mate het brandpunt zijn van waaruit onze innovatieve activiteiten zullen worden aangejaagd en gecoördineerd. samen • Organisatorische innovatie - Bij Icare vindt er door toepassing van Leanmethodes in de wijkteams een continue verbeterproces plaats, leidend tot best-practices die de verschillende teams van elkaar overnemen. Een goed voorbeeld hiervan is de wijze waarop incidentmelding en -bespreking plaatsvindt. In plaats van centraal melden worden incidenten nu wekelijks in de teams zelf besproken, waardoor verbeteringen veel sneller tot stand komen. - Een ander project van Icare is ‘leefstijlgerichte Innovatie Onze innovatieve inspanningen beslaan een breed terrein. Ze zijn gericht op het continue verbeteren van de zorg die onze cliënten van ons vragen, bijvoorbeeld door toepassing van de nieuwste communicatie- en informatietechnologie. Maar ook door toepassing van nieuwe organisatieconcepten. Daarnaast investeren wij in kennisontwikkeling en -toepassing die gericht is op de paradigmashift, zoals beschreven in paragraaf 4.1. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om instrumenten die helpen om leefplezier, eigen kracht en welbevinden te bevorderen. Tenslotte passen wij innovaties toe die zijn gericht op het faciliteren en ondersteunen van onze medewerkers. meedoen • E-health - Bij Stichting Icare wordt een pilot, Caren genaamd, uitgevoerd, waarbij klanten via internet de zorgplanning kunnen inzien, en daarnaast boodschappen kunnen doorgeven aan de zorgverleners. - Evean Zorg heeft samen met VitaValley het project Vitaal Thuis gestart. Vitaal Thuis beschrijft technologische oplossingen om veilig, verzorgd en langer comfortabel thuis te kunnen wonen, op basis van betaalbare en en beschikbare internettechnologie. - Evean Zorg heeft een unieke heup-app ontwikkeld voor patiënten die een totale heupoperatie ondergaan. Deze app bevat informatie voor patiënten over het gehele traject van voorbereiding, operatie en revalidatie. De app bevat bijvoorbeeld oefeningen die patiënten kunnen toepassen bij de revalidatie. - In het project De Mediaan van Evean Thuiszorg NHN heeft een groot aantal bewoners van wooncomplex De Mediaan in Heerhugowaard een I-pad gekregen waarmee beeldcommunicatie met zorgverleners mogelijk is. - GGZ Drenthe heeft voorbereidingen getroffen voor de inrichting van een cliëntportaal op de website. Door hierop in te loggen kunnen cliënten online gebruik maken van diverse herstelgerichte ondersteuningsmogelijkheden. Dit wordt in 2014 verder geïmplementeerd. - Vanuit de Academy is in 2013 in samenwerking met de RUG in het project ‘I feel good’ een start gemaakt met de ontwikkeling van een internettoepassing die cliënten helpt hun gevoel van welbevinden te versterken en zicht te krijgen op persoonlijke factoren die het welbevinden positief beïnvloeden. aandacht Een en ander is voor de Raad van Bestuur aanleiding geweest om aanvullend instrumentarium te ontwikkelen op het bestaande kwaliteitsmanagementsysteem. In dat kader is onder meer contact gezocht met een oud-inspecteur die de opzet van een interne toezichtorganisatie binnen Espria zal begeleiden. preventie in de zorg’, waarin teams aan de hand van de werkmethodiek leren preventie en welbevinden een logische plek te geven in het gesprek met de cliënt. - Icare JGZ heeft een pilot ‘Taakherschikking’ succesvol afgerond. Hierin is gebleken dat taken van de arts kunnen worden uitgevoerd door de jeugdverpleegkundige, met behoud van kwaliteit, tevredenheid, en een verbeterde inzet van professionals. Deze werkwijze zal overal binnen JGZ worden uitgerold. - Evean Zorg Amsterdam is in 2013, in samenwerking met de gemeente Amsterdam en Achmea, gestart met het project ‘Wijkzorg’. Wijkzorg biedt ondersteuning dichtbij de bewoners in hun eigen wijk. Zelfredzaamheid van de cliënt en gebruik maken van het eigen sociale netwerk zijn hierbij uitgangspunten. De wijkverpleegkundige werkt hierbij nauw samen met de huisarts en maatschappelijke dienstverlening/welzijnswerk. - Evean Thuiszorg NHN werkt met Alzheimer Nederland, Geriant en het Platform Dementie samen in het project ‘Bewegen op Maat’. In dit project worden dementerenden gestimuleerd om meer te bewegen. - In het project ‘Samen Oud’ van Meander worden ouderen met behulp van het zogenoemde ‘frailtyinstrument’ van prof. dr. Joris Slaets, gescreend op kwetsbaarheid en welbevinden. - De Trans heeft in het project ‘Gezonde Leefstijl’ per divisie werkgroepen samengesteld die verschillende vitaliteitsmenu’s hebben uitgewerkt, ter ondersteuning van een gezonde leefstijl van cliënten en medewerkers. - De Kraamvogel werkt in het project ‘Geïntegreerde Geboortezorg Groningen’ samen met een grote verloskundige praktijk, een collega kraamzorgorganisatie, zorgverzekeraar en ziekenhuis aan afstemming in de geboortezorg. Er is een experimentstatus bij de Nza aangevraagd om dit project met integrale financiering te starten. geregeld Ook dit jaarverslag getuigt van onze ambitie. In het bijgevoegde cahier staan inspirerende verhalen van ‘thoughtleaders’ uit de samenleving, die getuigen van ‘de nieuwe vanzelfsprekendheid’. dichtbij het managen van de problematiek. Particura heeft een zeer intensief verbetertraject ingezet waarin frequent is gerapporteerd aan de Inspectie. De toezichtsituatie is inmiddels genormaliseerd. 61 4. Beleid, inspanningen en presentaties Espria jaarverslag 2013 betrokken samen meedoen helder bereikbaar actief voor elkaar professioneel aandacht 5,5 (bedrijfsresultaat / netto-rentelast) - De omzet op geconsolideerd Espria niveau daalt in komende vier jaren van circa € 809 miljoen (begroot 2013) naar € 723 miljoen (in 2017) oftewel een daling van circa € 86 miljoen (-/-11%). Voor het overgrote Duidelijk is dat de bedrijfsonderdelen van Espria hun positie opnieuw moeten bepalen in een fundamenteel veranderend speelveld en dat is dan ook de kern van de meerjarenplannen. Onze uitdaging is hoe wij de komende jaren de invulling van onze inhoudelijke visie hand in hand kunnen laten gaan met een toekomstbestendige bedrijfsvoering. geregeld 4,1 Interest coverage ratio Naast het uitwerken van een meerjarenplan en meerjarenbegroting op basis van een realistisch scenario heeft Espria ook een fallback-scenario en worstcase-scenario op hoofdlijn uitgewerkt. Het fallback-scenario geeft een aanvullende omzetafname van circa € 44 miljoen en ruim € 26 miljoen extra frictie. De uitkomst van het worstcasescenario geeft ten opzichte van het realistische scenario een extra omzetafname van circa € 134 miljoen en ruim € 82 miljoen frictie. dichtbij 1,2 (vlottende activa / kortlopende schulden) persoonlijk 1,3 Liquiditeitsratio helder 28,2% bereikbaar 30,6% deel doet dit zich voor bij het segment VVT waar de terugval van de omzet bijna 15% bedraagt. In de VVT worden vooral forse volume- en prijseffecten verwacht, het afbouwen van de intramurale capaciteit, verdere extramuralisering en de generieke kortingen op de tarieven in komende jaren. Met name in het jaar 2015 wordt een negatief effect verwacht; - Exclusief frictiekosten blijven de resultaten van Espria tot en met 2017 redelijk op peil. Het gemiddelde rendement in de periode 2014 -2017 komt uit op circa 2,4%. Dit staat of valt echter met de uitvoering en tijdige realisatie van voornomen beleidskeuzes en in de meerjarenbegroting, de daarin opgenomen maatregelen en taakstellingen. Strakke monitoring op realisatie hiervan is van groot belang. Espria heeft derhalve transitiemanagement als speerpunt voor komende jaren benoemd. Met ondersteuning van KPMG Plexus wordt inhoud gegeven aan de monitoring van dit proces; - Naar verwachting zal sprake zijn van circa € 50 miljoen aan frictiekosten. Dit betreft hoofdzakelijk kosten van afvloeiing personeel. In beperkte mate is nog sprake van kosten van afstoten van vastgoed en afbouw overige bedrijfskosten. De uitkomsten zijn gedeeld met de accountant, maar ook met banken, het Wfz en zorgverzekeraars. Dat leverde goede gesprekken en nuttige feedback op. De geconsolideerde meerjarenbegroting 2014-2017 van Espria laat een volgende beeld zien: actief 18,7% voor elkaar Solvabiliteitsratio (eigen vermogen / totale vermogen) 20,7% professioneel (eigen vermogen / totale opbrengsten) 3,3% betrokken Budgetratio 2,4% samen (resultaat / totale opbrengsten) persoonlijk Rentabiliteitsratio Voor de transitie hebben wij de volgende randvoorwaarden gesteld: - Een continu focus op kostenreductie en efficiëncyverbetering; - Een uitstekend personeelsbeleid; - Innovatieve kracht. Uitgaande van een positief resultaat en een behoudend investeringsbeleid kan voor het jaar 2014 eveneens een toename van de liquiditeitspositie worden verwacht. Een factor die de liquiditeit in substantiële mate kan beïnvloeden is de AWBZbevoorschottingssystematiek. Handhaving hiervan in haar huidige vorm is belangrijk voor een toereikende liquiditeitspositie, Op basis van een recent onderhandelingsresultaat van Actiz (maart 2014) mag worden verwacht dat deze bevoorschotting ten minste voor intramurale zorg gedurende de jaren 2015 en 2016 gehandhaafd blijft. meedoen Hieronder volgt een overzicht van enkele relevante ratio’s: 2013 2012 Wij zien het overheidsbeleid als een stimulans om de door ons ingezette koers te vervolgen. Echter, gezien het feit dat de gewenste transitie in een kort tijdsbestek dient te worden gerealiseerd, gepaard gaand met aanzienlijke bezuinigingen, dienen wij er wel voor te zorgen dat Espria zich op een bedrijfseconomisch verantwoorde wijze aanpast aan de veranderende omstandigheden. Daarvoor dienen keuzes te worden gemaakt: waar richten wij ons nog wel op en waarop niet, of niet meer? Deze keuzes hebben ingrijpende gevolgen voor onze bedrijfsonderdelen. Met het oog hierop heeft in het afgelopen jaar een intensief traject plaatsgevonden tussen de Raad van Bestuur en de directies van de bedrijfsonderdelen. Het onderwerp is ook in enige mate aan de orde geweest in Raad van Commissarissen- vergaderingen. Dat heeft geleid tot verdere aanscherping van onze strategische koers. De geactualiseerde meerjarenplannen en meerjarenbegrotingen houden hiermee rekening. De hoofdlijn van ons beleid voor de komende jaren is als volgt te omschrijven: ‘Hogerop in de waardeketen’. • Ontwikkeling liquiditeit De liquiditeitsontwikkeling verbeterde verder in 2013. De totale positie van liquide middelen resulteert uit een saldering van kasmiddelen en debet standen op rekening courant faciliteiten. Dit saldo bedraagt per ultimo 2013 € 140 miljoen en is daarmee € 18 miljoen hoger dan het beginsaldo van € 122 miljoen. Deze toename wordt overigens voor een belangrijk deel (€ 15 miljoen) veroorzaakt door een herkwalificatie: van de rekening courant faciliteit van GGZ Drenthe is € 15 miljoen omgezet in een langlopende lening. aandacht • Resultaat boekjaar Het geconsolideerd resultaat over 2013 bedraagt € 20,2 miljoen positief. Het begroot resultaat was € 19,5 miljoen positief. Het resultaat is daarmee conform verwachting. Het genormaliseerd resultaat 2013 kwam uit op € 22,1 miljoen positief en ligt daarmee circa € 2,6 miljoen boven de begroting. Over de gehele linie genomen heeft het resultaat zich grofweg ontwikkeld conform de begroting. Halverwege het jaar zijn wel acties ondernomen om de begrotingsachterstand in te lopen. Het stabiliseren van de omzet en het terugdringen van het ziekteverzuim hebben een belangrijke bijdrage aan het uiteindelijke resultaat geleverd. • Effecten regeringsmaatregelen op toekomstige exploitatie zijn in beeld Begin 2013 is op basis van het regeerakkoord een eerste impactanalyse opgesteld. In de loop van 2013 heeft dit een vervolg gekregen en is per bedrijfsonderdeel een meerjarenplan en meerjarenbegroting opgesteld met ondersteuning van KPMG Plexus. Daarin zijn niet alleen de effecten verwerkt vanuit de regeringsmaatregelen maar zijn ook de interne taakstellingen benoemd. Het is duidelijk dat er forse en ingrijpende maatregelen nodig zijn. Op segmentniveau was er wel sprake van een wisselend beeld in 2013. Zo liet het segment VVT een rendement zien van 2,5% ten opzichte van 3,4% in 2012. Het rendement van de gehandicaptensector kwam uit op 2,5% (2012: 4,7%). Het segment Psychiatrie bleef nagenoeg op het niveau van 2012 steken en kwam uit op rendement van 0,7% (2012: 0,8%). De kraamzorgactiviteiten lieten in 2013 daling van hun rendement zien naar 1,5% (2012: 2,2%). geregeld Financieel beleid Het rendement kwam in 2013 uit op 2,4% en ligt daarmee op het begroot niveau. Espria verstevigde met het positieve resultaat haar financiële positie. Zowel de budgetratio als de solvabiliteitsratio nam toe, waardoor het weerstandsvermogen verder verbeterd is. De zorgorganisaties staan echter aan de vooravond van forse bezuinigingen vanuit het Rijk. In komende jaren zullen volumes en tarieven fors onder druk komen te staan en daarmee de resultaten. Ook zal er als gevolg van afbouw van het personeelsbestand sprake zijn van forse frictiekosten. Daarmee zal in komende jaren een groot beroep gedaan worden op onze buffers om Espria goed door de transitie heen te leiden. dichtbij Wet normering topinkomens Als uitvloeisel van de invoering van de Wet normering topinkomens per 1 januari 2013, is iedere organisatie die onder de werkingssfeer van de wet valt verplicht de kring van topfunctionarissen te definiëren. Op grond van de in de wet aangegeven criteria zijn de volgende functionarissen binnen Espria als topfunctionaris aangemerkt: - alle leden van de Raad van Commissarissen; - alle leden van de Raad van Bestuur; - de directeur van GGZ Drenthe; - de directeur van de De Trans; - de directeur van Zorggroep Meander; - de beide directeuren van Evean; - de beide directeuren van Icare; - de directeur van Particura; - de directeur van de Kraamvogel; - de beide directeuren Welsaen en SMD 63 4. Beleid, inspanningen en presentaties Espria jaarverslag 2013 persoonlijk helder bereikbaar actief voor elkaar professioneel betrokken samen Ook zijn wij maandelijks in gesprek met onze Espria Ledenvereniging over de koers van de organisaties. Zo wordt het gevoerde beleid aan de hand van het De samenwerking met het Zaans Medisch Centrum om gezamenlijk een zorghotel te ontwikkelen is in 2013 verder uitgewerkt. De concretisering hiervan zal in 2014 zijn beslag krijgen. Zorgroep Meander heeft samen met het Refaja Ziekenhuis in het kader van het project Revalidatie 2015 het zorgpad traumatologie uitgewerkt. In 2014 wordt dit vervolgd met het project Revalidatie en Behandeling. Een unieke samenwerking is die van Particura met het UMCG in het project Intensieve Kindzorg, waarbij betrokken Op concernniveau betrekken wij de Centrale Cliëntenraad nauw bij onze beleidsontwikkeling. Datzelfde doen wij met de centrale vertegenwoordiging van onze medewerkers, de Centrale Ondernemingsraad. • Ziekenhuizen en huisartsen Espria werkt samen met alle ziekenhuizen in haar werkgebied. Deze samenwerking is in 2013 verder geïntensiveerd. Het doel van deze samenwerking is voornamelijk om patiënten weer zo snel mogelijk uit het ziekenhuis te krijgen door terugplaatsing naar huis, dan wel in tijdelijke verblijfsvoorzieningen, zodat het gebruik van dure tweedelijnsvoorzieningen kan worden ingeperkt. samen Bij GGZ Drenthe is een naastbetrokkenenbeleid ontwikkeld. Onderdeel daarvan is de installatie van een Naastbetrokkenenraad. Naar verwachting zal deze, na afronding van het nog lopende medezeggenschapstraject, in 2014 van start kunnen gaan. De samenwerking met zorgaanbieders buiten Espria heeft tot doel het realiseren van een zo integraal mogelijk zorgaanbod. Een goed voorbeeld van samenwerking waar zowel binnen als buiten het concern door partijen wordt samengewerkt, is het psychiatrisch centrum voor verstandelijk gehandicapten in Assen. meedoen Belanghebbenden/stakeholders Espria streeft er expliciet naar om belanghebbenden meer bij de organisatie te betrekken. De cliënten, maar in toenemende mate ook hun verwanten en naasten, staan hierbij voorop. De Trans heeft bijvoorbeeld in 2013 een impuls gegeven aan de samenwerking met ouders en verwanten van cliënten. In dat kader zijn voorjaarsbijeenkomsten georganiseerd en is een klankbordgroep van ouders en verwanten gestart die vorm en inhoud moet gaan geven aan het meer betrekken van de omgeving bij het levensgeluk van cliënten. • Samenwerking met zorgaanbieders Er zijn samenwerkingsverbanden met zorgaanbieders binnen en buiten het Espria-concern. De eerste samenwerking richt zich met name op het gezamenlijk ontwikkelen en toepassen van best practices, het ontwikkelen van (wijkgerichte) zorgconcepten en het gezamenlijk delen van voorzieningen. aandacht Belanghebbenden/stakeholders en samenwerkingsrelaties Samenwerkingsrelaties Om onze missie en visie te realiseren zoeken wij actief verbinding en samenwerking met andere partijen. Dit zijn zowel zorgaanbieders, zorgverzekeraars, gemeenten, corporaties, welzijnsorganisaties als wetenschappelijke en financiële instellingen. geregeld 4.3.2 jaarverslag, begrotingen, etc, met hen besproken. Ook vindt afstemming en samenwerking in innovatieve projecten plaats. dichtbij De komende jaren zullen wij ons MVO-beleid verder ontwikkelen en expliciteren. Ook zijn wij sponsor van het initiatief ‘WeHelpen. nl’. Dit is een initiatief waarmee burgerkracht kan worden gestimuleerd. Via de website ‘wehelpen. meedoen persoonlijk helder bereikbaar actief voor elkaar professioneel Een goed voorbeeld hiervan zijn de projecten ‘Gewoon doen! Meedoen in Musselkanaal’ en ‘Meer doen!’ in de gemeenten Pekela en Veendam waarin Zorggroep Meander met welzijnsorganisaties Welstad, Compaen, De Badde, consulenten Wmo en Werk & Inkomen van de gemeenten en partners als Lefier, Acantus, Wedeka, Synergon, NOVO, Lentis, Oosterlengte en de politie samenwerkt. Er is een samenwerkingsmodel ontwikkeld waarbij de burger centraal staat. Het stelt de burger in staat de regie over het eigen leven te krijgen, hebben en houden, daar zelf de verantwoordelijkheid voor te nemen en naar vermogen een bijdrage te leveren aan de eigen leefomgeving om een vitale wijk of buurt te creëren. Vanuit Sociale Teams, waarin de samenwerkende organisaties zijn vertegenwoordigd, wordt de wijk ingegaan om dichtbij de doelgroep te staan. Het team is zichtbaar in de wijk aanwezig, weet wat er speelt en staat dichtbij de bewoners. Het doel is mensen te stimuleren zoveel mogelijk zelf te doen, al dan niet met hulpbronnen in de naaste omgeving, en waar nodig hen op professionele wijze In toenemende mate hebben wij ook aandacht voor het aspect ‘planet’ in maatschappelijk verantwoord ondernemen. Zo trachten wij onze intramurale voorzieningen zo lang mogelijk door te exploiteren, bijvoorbeeld door ze in het kader van scheiden van wonen en zorg, geschikt te maken voor zwaardere vormen van zorg. Ook investeren wij in milieuvriendelijke techniek. Zo worden de nieuwbouwprojecten van De Trans in Nooitgedacht en Vlagtwedde ‘energieneutraal’ ontwikkeld. Espria ondersteunt tevens de Stichting Lezen en Schrijven. Binnen Espria is een projectleider aangesteld die aandacht voor en initiatieven op het gebied van taalvaardigheid binnen de bedrijfsonderdelen stimuleert en coördineert. Door de samenwerking met de Stichting Lezen en Schrijven willen we bereiken dat laaggeletterde mensen meer mogelijkheden hebben om te participeren in onze samenleving. Laaggeletterden hebben onvoldoende lees- en andere vaardigheden om zich te kunnen redden in onze kennissamenleving. De jaarlijkse maatschappelijke kosten van laaggeletterdheid zijn naar schatting 556 miljoen euro, waarvan 127 miljoen euro voor gezondheidszorg. Dit komt bijvoorbeeld door meer ziekenhuisopnamen, ongezonde keuzes of onjuist gebruik van medicijnen. Onze acties zijn gericht op het bewust maken van medewerkers van laaggeletterdheid, laaggeletterdheid te voorkomen, laaggeletterden te signaleren, hen te wijzen op educatiemogelijkheden en door de communicatie van de organisatie met haar cliënten beter toegankelijk te maken voor minder geletterden. aandacht People en Profit gaan wat ons betreft daarbij hand in hand. Espria wil als maatschappelijke onderneming een bijdrage leveren aan de oplossing van maatschappelijke vraagstukken. Daarom werken wij aan het terugdringen van zorgkosten, maar tegelijkertijd willen wij daarbij het welzijn en welbevinden van mensen bevorderen. Dit doen wij onder meer door preventie en het stimuleren van zelfredzaamheid. Om die reden ontwikkelen wij vanuit onze visie aan innovatieve concepten die gericht zijn op het activeren van de eigen kracht en sociale netwerken van cliënten. We zoeken ook steeds meer het contact met andere partijen in het sociale domein, omdat wij een gezamenlijke verantwoordelijkheid voelen om mensen te ondersteunen zo lang mogelijk zelfstandig te blijven. nl’ kunnen op wijkniveau kleine hulpvragen en hulpaanbod bij elkaar worden gebracht. Via de Espria Ledenvereniging wordt dit instrument inmiddels ingezet in een wijk in Veendam. Een ander voorbeeld betreft onze participatie in het project ‘Doen en Later’. Dit initiatief is voortgekomen uit de Innovatietafel en is gericht op de ontwikkeling van een gameomgeving die via internet kan worden benaderd en waarin het mogelijk is om als individu diverse toekomstscenario’s op gebied van wonen, zorg en pensioen te ‘spelen’, op basis van de invoer van bepaalde keuzemogelijkheden. Deze game zal in 2014 door middel van een publiekscampagne breed worden bekend gemaakt. Op deze wijze wil Espria tevens haar maatschappelijke verantwoordelijkheid nemen door mensen bewust te maken van keuzes op het gebied van zorg, wonen en pensioen. geregeld 4.3.1 Maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) Espria heeft maatschappelijk verantwoord ondernemen hoog in het vaandel staan. Maatschappelijk verantwoord ondernemen is gericht op het creëren van waarde op economisch (profit), sociaal (people) en ecologisch (planet) gebied. te faciliteren en te ondersteunen. Naast de Sociale Teams functioneert ook het gezondheidsteam op wijkniveau, waarbij de wijkverpleegkundige als de verbindende schakel optreedt tussen beide teams. De wijkverpleegkundige kent de (probleem)situaties en is eraan gewend om in samenwerking met anderen voor oplossingen te zorgen waarbij herstel van zelfredzaamheid het uitgangspunt is. Tevens kan zij verbindingen leggen met de huisarts, andere eerstelijns professionals. dichtbij 4.3 Samenleving, samenwerkingsrelaties en belanghebbenden/stakeholders 65 4. Beleid, inspanningen en presentaties Espria jaarverslag 2013 In 2014 en verder zullen wij ons blijven inzetten op innovatie en ontwikkeling, met name via onze Academy. De verdere ontwikkeling van onze kwaliteitsmanagementsysteem staat eveneens hoog op onze agenda. Een belangrijke toevoeging daarin is de benoeming van een interne toezichthouder, specifiek belast met het toezicht op kwaliteit. betrokken samen Kortom, er staat ons veel te doen. Maar vanuit een stevige basis, gestoeld op onze visie en plannen, zien wij de toekomst met vertrouwen tegemoet. meedoen persoonlijk helder bereikbaar actief voor elkaar professioneel Nu de meerjarenplannen en -begrotingen er liggen, is Espria is een belangrijke stap gezet in de voorbereiding op de grote veranderingen die komen gaan. Maar daarmee zijn we er nog niet. Het komt nu op de uitvoering van deze plannen aan en, als dat nodig is, tijdige bijstelling wanneer We zullen de marktontwikkelingen scherp blijven volgen en inspelen op nieuwe kansen die zich voordoen. Zo verwachten wij dat in de ketensamenwerking, met name met ziekenhuizen, nog veel te winnen is. Ook zijn wij volop bezig met om invulling te geven aan de herpositionering van de rol van de wijkverpleegkundige. aandacht 4.4 Toekomstparagraaf Daarnaast voeren wij een project uit dat ons meer inzicht moet geven in onze kostprijzen. Dit met het oog op de toenemende marktwerking die met de transitie gepaard gaat. Vanuit de zelfde overwegingen zullen we in 2014 ook de bestaande werkwijze ten aanzien van contracteren en ‘verkoop’ verder optimaliseren, onder andere door de inrichting van een virtuele tenderdesk. geregeld In 2013 hebben wij het initiatief genomen om financiële instellingen, zoals banken, nog nauwer bij onze organisatie te betrekken. In dat kader zijn wij begin 2014 gestart met een ‘roadshow’ langs alle grote banken in ons land waarbij wij onze organisatie, de uitdagingen waarvoor wij staan, onze keuzes en de doorrekening daarvan hebben gepresenteerd. de omstandigheden dit vragen. Het jaar 2014 is wat dat betreft een overgangsjaar. Wij gebruiken dit jaar om alle randvoorwaarden in te vullen die het mogelijk maken om onze organisatie optimaal voor te bereiden op het jaar van de grote transitie: 2015. In dat kader zal in 2014 onder meer een transitiemonitor ontwikkeld worden. Op basis van deze monitor kan aan de hand van een aantal specifiek gedefinieerde KPI’s gevolgd worden of de noodzakelijke transities binnen de bedrijfsonderdelen volgens plan verlopen, en kan zo nodig bijgestuurd worden. dichtbij • Financiële instellingen Financiële instellingen, zoals banken, pensioenfondsen, verzekeraars en investeerders, spelen een belangrijke rol in het mogelijk maken van nieuwe producten en diensten. Als financiers van zorg en nieuwbouw van vastgoed, maar ook als inkomensverschaffers voor ouderen en kwetsbare mensen. betrokken persoonlijk helder bereikbaar actief voor elkaar professioneel • Relatie met gemeenten geïntensiveerd Vanwege het verschuiven van AWBZ gefinancierde zorg naar Wmo gefinancierde zorg worden GGZ Drenthe is verbonden aan het Rob Giel Onderzoeks Centrum. Dit centrum ondersteunt wetenschappelijk onderzoek op het gebied van de GGZ. • Welzijnsorganisaties In ons streven naar een zo wijkgericht en integraal mogelijke aanpak van vraagstukken op het gebied van zorg, wonen en welzijn, vormt de relatie met welzijnsorganisaties een belangrijke schakel. Op diverse plaatsen werken we daarom in toenemende mate samen met welzijnsorganisaties. Ten behoeve van de realisatie van een integraal aanbod in de gemeente Zaanstad is Evean in 2013 gefuseerd met de welzijnsorganisaties SMD en Welsaen. samen Menzis ondersteunt diverse innovatieve projecten van Zorggroep Meander, zo ook VGZ bij Evean Thuiszorg NHN. Prof. dr. Joris Slaets van de Rijksuniversiteit Groningen is aan ons gelieerd vanwege zijn kennis op het gebied van kwetsbaarheid bij ouderen. Evean heeft nauwe contacten met het LUMC op het gebied van COPD. Zorggroep Meander werkt nauw samen met zowel Woonzorg Nederland als met Acantus en Lefier. Evean onderhoudt nauwe relaties met Woonzorg Nederland en woningcorporatie ZVH te Zaandam. meedoen • Innovatieve allianties met zorgverzekeraars Zorgverzekeraars zijn voor Espria partners bij de inkoop van AWBZ en Zvw-zorg. We werken ook samen met de zorgverzekeraars als Achmea, Menzis en VGZ aan innovatieve oplossingen in hun eigen werkgebied. Zoals hiervoor aangegeven, werkt GGZ Drenthe met Achmea samen in het Mirro project dat is gericht op versterking van de GGZ in de eerste lijns zorg. Ook het eerdergenoemde project Wijkzorg dat door Evean Zorg Amsterdam in samenwerking met Achmea wordt uitgevoerd is hiervan een goed voorbeeld. aandacht Espria werkt ook intensief samen met ziekenhuizen en huisartsen in COPD- en dementienetwerken. Evean heeft bijvoorbeeld op het gebied van dementiezorg gezamenlijke VTO-teams met de GGZ instelling Dijk en Duin. • Innovatieve zorg met wetenschappelijke instellingen Wij werken nauw samen met verschillende wetenschappelijke instellingen aan onder meer de ontwikkeling van innovatieve zorgconcepten: • Samen met corporaties Ook de relatie met de corporaties is belangrijk voor Espria, met name vanwege de scheiding van wonen en zorg. Doel is de transitie naar een betaalbaar woningaanbod waarbij de zorg nauw is aangesloten. Een bijzondere relatie is uiteraard die tussen Espria en Woonzorg Nederland, de grootste huisvester voor ouderen en kwetsbaren in Nederland. Deze unieke samenwerking maakt het mogelijk om voor onze klanten concepten en diensten op het gebied van wonen en gezondheid te ontwikkelen. Zo is bijvoorbeeld in samenwerking tussen De Trans en Woonzorg Nederland een nieuw Kinderdagcentrum in Emmen ontwikkeld. geregeld GGZ Drenthe werkt eveneens nauw samen met het UMCG op het gebied van onderzoek en het ontwikkelen van specifieke expertisegebieden binnen de geestelijke gezondheidszorg. In het kader van de transitie naar meer ambulante en wijkgerichte zorg wordt de samenwerking met de huisartsen steeds verder geïntensiveerd. Zo worden binnen het gehele werkgebied van Espria huisartsen ondersteund door praktijkondersteuners vanuit de VVT-organisaties. Daarnaast biedt GGZ Drenthe vanuit Indigo praktijkondersteuning op het gebied van de GGZ. Dit wordt mede vormgegeven in het kader van het Mirro project, in samenwerking met Achmea. gemeenten steeds belangrijker voor Espria. De verschillende Espria-bedrijfsonderdelen investeren daarom stevig in de relatie met gemeenten. Ze zijn bijvoorbeeld betrokken bij het overleg van gemeenten over de invulling van de Wmo. Daar waar mogelijk, bijvoorbeeld in Drenthe, trekken de bedrijfsonderdelen hierin gezamenlijk op. Het streven is om in goed overleg vraagstukken op het gebied van zorg en welzijn en leefbaarheid en veiligheid op wijkniveau te adresseren. Elders in dit verslag worden diverse voorbeelden genoemd van projecten van onze zorgbedrijven die gezamenlijk met gemeenten worden opgepakt. dichtbij ernstig zieke jonge patiëntjes van het UMCG thuis intensief worden verpleegd. 67 Alledaagse waarden Espria jaarverslag 2013 Van, voor en door jezelf. Bedacht en gemaakt. Een creatie. Gericht op jou, hem of haar voor wie het is bedoeld. Heel gericht. Persoonlijk. Zeer gewaardeerd. 69 Alledaagse waarden Espria jaarverslag 2013 Persoonlijk Zeer gewaardeerd 14.10 Elk dag komt Kerst weer dichterbij. Aan de slag 16.08 Die rode kleur, steeds weer prachtig 16.14 In de winkel komen de klanten. Voor wat ik maak espria jaarrekening 2013 inhoudsopgave jaarrekening 5.1 Geconsolideerde jaarrekening 72 5.1.1 Balans per 31 december 72 5.1.2 Resultatenrekening 73 5.1.3 Kasstroomoverzicht 74 5.1.4 Grondslagen van waardering en resultaatbepaling 75 5.1.5 Toelichging op de geconsolideerde balans 87 5.1.6 Mutatieoverzicht materiële vaste activa 98 5.1.7 Specificatie ultimo boekjaar onderhanden projecten en gereed gekomen projecten 105 5.1.8 Overzicht langlopende schulden ultimo 2013 108 5.1.9 Toelichting op de resultatenrekening 5.1.10 Toelichting wettelijk budget voor aanvaardbare kosten 112 123 5.2 Enkelvoudige jaarrekening 124 5.2.1 124 5.2.2 Enkelvoudige resultatenrekening 5.2.3 5.2.4 Toelichting op de enkelvoudige balans 126 5.2.5 129 Enkelvoudige balans Grondslagen van waardering en resulaatbepaling Toelichting op de enkelvoudige resultatenrekening 125 126 5.3 Overige gegevens 130 5.3.1 5.3.2 Vaststelling en goedkeuring jaarrekening Statutaire regeling resultaatbestemming 130 130 5.3.3 Resultaatbestemming 130 5.3.4 Gebeurtenissen na balansdatum 130 5.3.5 Ondertekening door bestuurders en toezichthouders 131 5.3.6 Controleverklaring van de onafhankelijke accountant 132 5. geconsolideerde jaarrekening 73 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 5.1.2 RESULTATENREKENING OVER 2013 in Euro’s 2013 2012 Bedrijfsopbrengsten 5.1 GECONSOLIDEERDE JAARREKENING 2013 5.1.1 BALANS PER 31 december 2013 (na resultaatbestemming) in Euro’s Ref. Ref. 31 december 2013 31 december 2012 Opbrengsten uit gebudgetteerde zorgprestaties 15 708.459.191 712.124.030 Niet gebudgetteerde zorgprestaties 16 71.243.919 69.649.303 Subsidies 17 28.528.462 23.504.700 Overige bedrijfsopbrengsten 18 27.603.363 22.935.166 Som der bedrijfsopbrengsten 835.834.936 828.213.199 activa Bedrijfslasten Vaste activa Personeelskosten 19 639.252.259 629.643.907 Afschrijvingen op immateriële en materiële vaste activa 20 28.948.597 29.374.766 Bijzondere waardeverminderingen van vaste activa 21 347.306 4.357.931 Overige bedrijfskosten 22 139.785.327 131.067.672 Som der bedrijfslasten 808.333.490 794.444.277 Bedrijfsresultaat 27.501.446 33.768.922 Financiële baten en lasten 23 -7.344.638 -6.437.636 20.156.808 27.331.287 0 Immateriële vaste activa 1 1.080.493 1.659.204 Materiële vaste activa 2 311.431.158 314.997.519 Financiële vaste activa 3 3.738.349 4.220.511 Totaal vaste activa 316.250.000 320.877.234 Vlottende activa Voorraden 4 352.018 349.876 Onderhanden projecten uit hoofde van DBC’s/DBC-zorgproducten 5 19.139.713 6.855.623 Vorderingen en overlopende activa 6 41.427.925 36.229.520 Vorderingen uit hoofde van bekostiging 7 30.310.855 36.254.667 Liquide middelen 9 157.660.912 147.826.611 Totaal vlottende activa 248.891.423 227.516.297 Buitengewone baten 24 0 548.393.531 Buitengewone lasten 24 0 0 0 0 RESULTAAT BOEKJAAR 20.156.808 27.331.287 Totaal activa 565.141.423 passiva Eigen vermogen 10 Kapitaal 323.562 341.713 Collectief gefinancierd gebonden vermogen 147.549.243 128.522.177 Niet-collectief gefinancierd vrij vermogen 24.728.277 25.685.250 Minderheidsbelang derden 265.148 258.932 Totaal eigen vermogen 172.866.229 154.808.072 Voorzieningen 11 26.352.736 22.038.287 Langlopende schulden 12 173.863.939 181.881.069 Kortlopende schulden Schulden uit hoofde van bekostiging 7 10.526.320 10.799.159 13 181.532.199 178.866.945 Totaal passiva 565.141.423 548.393.531 Overige kortlopende schulden Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening Buitengewoon resultaat Resultaatbestemming Het resultaat is als volgt verdeeld: Toevoeging/(onttrekking): Collectief gefinancierd gebonden vermogen: Reserve aanvaardbare kosten 16.622.897 21.926.175 Bestemmingsreserves 2.650.908 2.471.966 Niet-collectief gefinancierd vrij vermogen: Algemene reserves 712.002 1.823.755 Bestemmingsreserves 66.901 488.090 Bestemmingsfondsen 104.100 621.301 20.156.808 27.331.287 5.1.3 KASSTROOMOVERZICHT OVER 2013 in Euro’s 75 Ref. 2013 2012 Kasstroom uit operationele activiteiten Bedrijfsresultaat Aanpassingen voor: - afschrijvingen - bijzondere waardeverminderingen materiële vaste activa 27.501.446 20 28.948.598 29.527.250 2 347.305 4.357.931 - overige mutaties in het eigen vermogen 10 -894.273 -158.160 - mutaties voorzieningen 11 4.314.449 582.620 32.716.079 33.768.922 4 -2.143 -17.348 - onderhanden projecten DBC’s/DBC-zorgproducten 5 -12.284.090 10.063.758 - vorderingen 6 -5.198.405 980.749 - vorderingen/schulden uit hoofde van bekostiging 7 5.670.972 -14.222.344 34.309.641 13 -4.273.555 14.839.398 -16.087.220 11.644.213 Kasstroom uit bedrijfsoperaties 44.130.305 79.722.777 - kortlopende schulden (excl. schulden aan kredietinstellingen) Ontvangen interest 23 2.606.071 2.285.619 Betaalde interest 23 -9.276.323 -8.458.835 Overige opbrengsten financiële vaste activa 23 -6.130 -28.926 Waardeverandering financiële vaste activa en effecten 23 -460.486 -152.410 Vennootschapsbelasting 23 831 -83.158 Resultaat deelnemingen 23 -208.600 74 -7.344.638 -6.437.636 Totaal kasstroom uit operationele activiteiten 36.785.667 73.285.140 Kasstroom uit investeringsactiviteiten Investeringen/desinvesteringen materiële vaste activa 2 -26.355.208 Investeringen immateriële vaste activa 1 0 -1.974.138 Mutatie leningen u/g 3 302.162 -2.165.658 Overige investeringen in financiële vaste activa 3 180.000 -793.100 Totaal kasstroom uit investeringsactiviteiten -25.873.045 -36.213.447 -41.146.343 Kasstroom uit financieringsactiviteiten Nieuw opgenomen leningen 12 23.083.916 38.610.957 Aflossing langlopende schulden 12 -16.876.580 -22.089.650 Totaal kasstroom uit financieringsactiviteiten 6.207.336 16.521.308 Mutatie geldmiddelen 17.119.957 48.660.105 (liquide middelen en schulden aan kredietinstellingen) Toelichting: De indirecte methode is gebruikt. In de investeringen in materiële vaste activa is tevens begrepen de verwerving via fusies en overnames. 5.1.4 GRONDSLAGEN VAN WAARDERING EN RESULTAATBEPALING 5.1.4.1 Algemeen Veranderingen in vlottende middelen: - voorraden 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 Onder de overige mutaties in het eigen vermogen is verwerkt de inbreng van de activa en passiva van Stichting Welsaen en SMD. Groepsverhoudingen Stichting Espria staat aan het hoofd van de groep. De enkelvoudige jaarrekening van Stichting Espria is opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening van Stichting Espria te Meppel. Stichting Espria Blankenstein 400 7943 PH Meppel Statutair gevestigd in Meppel Grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de wettelijke bepalingen van Titel 9 Boek 2 Burgerlijk Wetboek, de Regeling verslaggeving WTZi en de stellige uitspraken van de Richtlijnen voor de Jaarverslaggeving, uitgegeven door de Raad voor de Jaarverslaggeving. Als gevolg van bij verschillende dochtermaatschappijen bestaande negatieve vermogens en negatieve exploitatieresultaten heeft Stichting Icare een Letter of Support afgegeven bij dochtermaatschappij Stichting HdS, Christelijke Organisatie voor Zorg. Daarmee verklaart Stichting Icare dat zij het stellige voornemen heeft de lopende en benodigde financiering voor deze operationele activiteiten van de dochtermaatschappij voor de periode tot 27 mei 2015 te continueren. Het jaarrekeningmodel is in euro’s opgesteld. Continuïteitsveronderstelling Deze jaarrekening is opgesteld uitgaande van de continuïteitsveronderstelling. Ten tijde van het opstellen van de jaarrekening van dochtermaatschappij Stichting Welsaen is er een ernstige onzekerheid over de continuïteit van de stichting. Waardering in de jaarrekening Stichting Welsaen heeft derhalve plaatsgevonden op basis van liquidatiewaarde. Duurzame voortzetting van het geheel van de werkzaamheden van deze stichting is onmogelijk geworden. Nader onderzoek vindt plaats naar welke activiteiten mogelijk kunnen worden voortgezet. Dochtermaatschappij Stichting GGZ Drenthe is contractueel verplicht haar jaarrekening en jaarverslag uiterlijk binnen zes kalendermaanden na afloop van het boekjaar, in het bezit te stellen van haar huisbankier BNG Bank. Op de niet door het WfZ geborgde financiering van Stichting GGZ Drenthe (zijnde een lening van € 15 miljoen en een rekening courant faciliteit met een limiet van € 15 miljoen (per april 2014)) zijn de Algemene Kredietvoorwaarden van BNG Bank van toepassing. Op basis van artikel 3.27 van de Algemene Kredietvoorwaarden is de bank gerechtigd haar kredieten op te eisen of te beëindigen wanneer met betrekking tot de laatst vastgestelde jaarrekening een goedkeurende controleverklaring van een accountant ontbreekt. Bij deze jaarrekening is door de controlerend accountant een verklaring met beperking verstrekt. Formeel is daarmee sprake van een opeisingsgrond voor de BNG Bank. BNG Bank weet dat dit niet alleen betrekking heeft op Stichting GGZ Drenthe maar op de gehele curatieve GGZ-sector in Nederland. De Algemene Kredietvoorwaarden van de bank hebben evenmin alleen betrekking op Stichting GGZ Drenthe, maar op al haar (ongeborgde-krediet)cliënten in de GGZ-sector. Het is zeer onwaarschijnlijk dat de bank al haar kredieten aan de sector zou beëindigen. Stichting GGZ Drenthe heeft van BNG Bank geen enkele indicatie gekregen dat zij daadwerkelijk haar kredieten zou willen opeisen. De Raad van Bestuur acht het niet aannemelijk dat aan Stichting GGZ Drenthe verstrekte kredieten worden opgeëist. Indien dit wel het geval zal zijn, kan dit binnen concernverband worden opgevangen. Vergelijking met voorgaand jaar De grondslagen van waardering en van resultaatbepaling zijn ongewijzigd ten opzichte van voorgaand jaar. Voor zover van toepassing zijn omwille van de vergelijkbaarheid de vergelijkende cijfers aangepast. Daar waar noodzakelijk geacht, is de aanpassing nader toegelicht. Stelselwijziging Op grond van de nieuwe RJ 655 dient met ingang van de jaarrekening 2013 (jaar t) rekening te worden gehouden met de definitieve indexering, die in het opvolgende jaar (t+1) wordt verwerkt in de tarieven, middels het opnemen van een vordering ultimo 2013. Als gevolg van de onzekerheden voor de bepaling van de omvang van de na-indexering van 77 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 het AWBZ budget ten aanzien van het tarief en de uiteindelijke realisatie in het productievolume het opvolgende jaar is deze vordering in de jaarrekening op nihil gewaardeerd. Ditzelfde geldt voor het kraambudget in de ZVW. Het betreft hier in beginsel een stelselwijziging conform RJ 140, echter door de gekozen verwerkingswijze is er geen effect op het eigen vermogen of het resultaat te vermelden. Bij de Kraamvogel Holding BV zijn op grond van RJ 274 de ontvangen subsidies ter dekking van de kosten van stage en opleiding onder de personeelskosten verantwoord. De stelselwijziging heeft geen gevolgen voor het eigen vermogen en resultaat. Consolidatie Stichting Espria beschikt op basis van statutaire bepalingen over de volledige zeggenschap over de in de consolidatie opgenomen stichtingen. Daarnaast beschikt Stichting Espria rechtstreeks, dan wel via de dochterstichtingen, over een meerderheidsbelang in de bij de consolidatie betrokken besloten vennootschappen. In de geconsolideerde jaarrekening zijn opgenomen de volgende stichtingen en vennootschappen die tot Espria behoren: - Groep Stichting Evean te Purmerend - Groep Stichting Icare te Meppel - Stichting Espria te Meppel - Stichting GGZ Drenthe te Assen - Stichting De Trans te Rolde - Stichting Zorggroep Meander te Veendam - De Kraamvogel Holding BV te Meppel - Evean Services B.V. te Harderwijk (51%) In de groep Stichting Evean te Purmerend zijn de volgende entiteiten in de consolidatie opgenomen: - Stichting Evean Zorg te Purmerend - Stichting Evean Zorg Amsterdam te Amsterdam - Stichting Evean Thuiszorg te Alkmaar - Stichting Evean te Amsterdam - Stichting Welsaen te Zaanstad - Stichting Maatschappelijke Dienstverlening Zaanstreek/Waterland te Purmerend - Stichting de Dillenburg te Alkmaar - Stichting Evean Caro te Purmerend - Stichting Evean Facilitas te Purmerend - Stichting Evean Cumulus te Purmerend - Stichting PartiCura te Purmerend - Stichting Profzorg te Purmerend - PartiCura Zorgbemiddeling B.V. te Purmerend - UMCGroningen Thuis B.V. te Purmerend (50% belang, integraal geconsolideerd) - Stichting Vakantiewoning Marken te Marken - Evean Kraamzorg B.V. te Purmerend In de groep Stichting Icare te Meppel zijn de volgende entiteiten in de consolidatie opgenomen: - Stichting Icare te Meppel - Icare Thuiszorg Beheer en Ontwikkeling B.V. te Meppel - Habicare B.V. (zorgplaats.nl) te Meppel - Coöperatieve Zorgcentrale Noord UA te Meppel - Thuiszorg Perfect B.V. te Meppel - Stichting Kinderopvang Hoogeveen te Meppel - Stichting UMCG Thuis te Meppel - HdS, Christelijke Organisatie voor Zorg te Meppel - Stichting Missiehuis Vrijland te Meppel - Stichting Vegetarisch Zorgcentrum Felixoord te Meppel Per 14 juni 2013 heeft er een bestuurlijke fusie plaatsgevonden tussen Stichting Evean, Stichting Welsaen en Stichting Maatschappelijke Dienstverlening Zaanstreek/Waterland. In de geconsolideerde jaarrekening van Stichting Espria is de exploitatie van Stichting Welsaen en Stichting Maatschappelijke Dienstverlening Zaanstreek/ Waterland voor 6 maanden meegenomen. kasstroom uit investeringsactiviteiten, voor zover betaling in geld heeft plaatsgevonden. Transacties waarbij geen instroom of uitstroom van kasmiddelen plaatsvindt, waaronder financiële leasing, zijn niet in het kasstroomoverzicht opgenomen. De betaling van de leasetermijnen uit hoofde van het financiële leasingcontract zijn voor het gedeelte dat betrekking heeft op de aflossing als een uitgave uit financieringsactiviteiten aangemerkt en voor het gedeelte dat betrekking heeft op de interest als een uitgave uit operationele activiteiten. Operational leasing Verplichtingen uit hoofde van operational leasing worden, rekening houdend met ontvangen vergoedingen van de lessor, op lineaire basis verwerkt in 5.1.2. resultatenrekening over de looptijd van het contract. Verbonden rechtspersonen Alle groepsmaatschappijen van Stichting Espria worden aangemerkt als verbonden partij. Stichting Espria vormt samen met Stichting Woonzorg Nederland een personele unie. De kosten van het bestuurscentrum van Stichting Espria worden verrekend tussen de entiteiten behorende bij de Espria- groep. Per 23 december 2013 is Particura Zorgbemiddeling BV juridisch gefuseerd met ATN B.V., waarbij ATN B.V. de verdwijnende partij is. Er hebben zich in het boekjaar geen transacties met verbonden partijen op niet-zakelijke grondslag voorgedaan. Op grond van artikel 7, lid 4 van Regeling verslaggeving WTZi is buiten de consolidatie gebleven: - Steunfonds Kruiswerk West-Veluwe Financiële instrumenten Primaire financiële instrumenten omvatten debiteurenvorderingen, overige vorderingen, geldmiddelen, leningen en overige financieringsverplichtingen, crediteuren en overige te betalen posten. Voor de grondslagen voor de primaire financiële instrumenten wordt verwezen naar de grondslagen van waardering van de betreffende posten zoals opgenomen in 5.1.4.2. Stichting Espria maakt geen gebruik van afgeleide financiële instrumenten. 5.1.4.2 Grondslagen van waardering van activa en passiva Het kasstroomoverzicht Het kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de indirecte methode. De geldmiddelen in het kasstroomoverzicht bestaan uit liquide middelen en schulden aan kredietinstellingen. Ontvangsten en uitgaven uit hoofde van interest zijn opgenomen onder de kasstroom uit operationele activiteiten. De verkrijgingsprijs van de verworven groepsmaatschappij is opgenomen onder de Ten aanzien van het gebruik van primaire financiële instrumenten loopt de Stichting Espria kredietrisico’s, rente- en kasstroomrisico’s. In 5.1.4.2 is opgenomen op welke wijze de kredietrisico’s zijn voorzien in relatie tot de waardering van vorderingen. In de toelichtingen op de balans zijn de looptijden en rentepercentages op de langlopende schulden nader toegelicht. De instelling heeft als beleid om geen afgeleide financiële instrumenten te gebruiken om (tussentijdse) rentefluctuaties te beheersen. Activa en passiva Activa en passiva worden in het algemeen gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Indien geen specifieke waarderingsgrondslag is vermeld, vindt waardering plaats tegen de verkrijgingsprijs. Toelichtingen op posten in de balans, resultatenrekening en kasstroomoverzicht zijn in de jaarrekening genummerd. Gebruik van schattingen De opstelling van de jaarrekening vereist dat het bestuur en de directie oordelen vormt en schattingen en veronderstellingen maakt die van invloed zijn op de toepassing van grondslagen en de gerapporteerde waarde van activa en verplichtingen, en van baten en lasten. De daadwerkelijke uitkomsten kunnen afwijken van deze schattingen. De schattingen en onderliggende veronderstellingen worden voortdurend beoordeeld. Herzieningen van schattingen worden opgenomen in de periode waarin de schatting wordt herzien en in toekomstige perioden waarvoor de herziening gevolgen heeft. Immateriële vaste activa Onder de immateriële vaste activa zijn begrepen kosten van goodwill die van derden zijn verkregen. De goodwill is het verschil tussen de verkrijgingsprijs en de waarde van de activa en passiva van de overgenomen partij. Geactiveerde goodwill wordt lineair afgeschreven op basis van de economische levensduur. Het gehanteerde afschrijvingspercentage bedraagt 20-50%. Materiële vaste activa Materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgings- of vervaardigingsprijs onder aftrek van cumulatieve afschrijvingen en cumulatieve bijzondere waardeverminderingen. De verkrijgingsof vervaardigingsprijs omvat de inkoopprijs en bijkomende kosten. Eventuele subsidies worden direct in mindering op de verkrijgings- of vervaardigingsprijs gebracht. Alleen actiefposten waarvan het economisch risico geheel of nagenoeg geheel door de organisatie wordt gedragen, worden geactiveerd. Aan deze voorwaarde wordt voldaan bij rechtstreekse koop, maar veelal ook bij financial lease of huurkooptransacties. Verwerking van financial 79 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 lease contracten vindt plaats tegen de contante waarde van de toekomstige huurverplichtingen, rekening houdend met een disconteringsvoet. Afschrijvingen geschieden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar. Afschrijving vindt in het jaar van ingebruikname naar tijdsgelang plaats. Afschrijvingstermijnen zijn gebaseerd op de verwachte economische levensduur van het actief en worden per individueel actief bepaald. De afschrijvingen worden berekend als een percentage over de aanschafprijs volgens de lineaire methode op basis van de economische levensduur. Op bedrijfsterreinen en materiële vaste activa in uitvoering en vooruitbetalingen op materiële vaste activa wordt niet afgeschreven. De volgende afschrijvingspercentages worden hierbij gehanteerd: - Bedrijfsgebouwen en terreinen: 0%-5% - Machines en installaties: 5% - Andere vaste bedrijfsmiddelen: 10%-33% Materiële vaste activa die buiten gebruik zijn gesteld en waarover het besluit tot verkoop is genomen, worden gewaardeerd tegen de verwachte opbrengstwaarde. De opbrengstwaarde is gebaseerd op de geschatte verkoopprijs onder aftrek van de geschatte kosten die rechtstreeks kunnen worden toegerekend aan de verkoop en nodig zijn om de verkoop te realiseren. Indien de opbrengstwaarde lager is dan de boekwaarde, wordt het verschil ten laste van het resultaat over het boekjaar gebracht. Indien de verwachte opbrengstwaarde hoger is dan de boekwaarde wordt de herwaardering verwerkt in een herwaarderingsreserve. Bij de realisatie van de waardestijging wordt de herwaardering verwerkt in de resultatenrekening. Sinds 2009 is sprake van een transitiefase voor de bekostiging van de materiële vaste activa die tot en met 31 december 2011 in aanmerking kwamen voor integrale nacalculatie. Dit in beginsel risicoloze bekostigingssysteem is per 1 januari 2012 vervangen door een systeem van prestatiebekostiging. Kapitaallasten worden voortaan bekostigd via een normatieve huisvestingscomponent (NHC) in de integrale tarieven, waarbij tot 2018 een overgangsregeling geldt waarin de nacalculatie van kapitaallasten wordt afgebouwd en de vergoeding op basis van NHC wordt opgebouwd. Hierdoor zijn nieuwe risico’s voor het vastgoed ontstaan, zoals exploitatierisico’s (leegstand, onderbezetting), marktontwikkelingsrisico’s en hierdoor het risico van duurzame waardevermindering bij structurele exploitatieverliezen. Ook voor nacalculeerbare huurcontracten zijn vergelijkbare risico’s ontstaan, waardoor bij structurele verliezen een voorziening voor verlieslatende contracten dient te worden gevormd. Financiële vaste activa Financiële vaste activa zijn activa die bestemd zijn om de uitoefening van de werkzaamheid van de organisatie duurzaam te dienen. Deelnemingen in groepsmaatschappijen en overige deelnemingen waarin invloed van betekenis kan worden uitgeoefend, worden gewaardeerd tegen nettovermogenswaarde. Invloed van betekenis wordt in ieder geval verondersteld aanwezig te zijn bij het kunnen uitbrengen van 20% of meer van de stemrechten. De nettovermogenswaarde wordt berekend volgens de grondslagen die gelden voor deze jaarrekening. Indien onvoldoende gegevens beschikbaar zijn voor het bepalen van de nettovermogenswaarde, wordt uitgegaan van de waarderingsgrondslagen van de deelneming. Indien de waardering van een deelneming volgens de nettovermogenswaarde negatief is, wordt een voorziening gevormd indien geheel of ten dele wordt ingestaan voor de schulden van de deelneming of indien het stellige voornemen aanwezig is de deelneming tot betaling van haar schulden in staat te stellen. De eerste waardering van gekochte deelnemingen is gebaseerd op de reële waarde van de identificeerbare activa en passiva op het moment van acquisitie. Voor de vervolgwaardering worden de grondslagen toegepast die gelden voor deze jaarrekening, uitgaande van de waarden bij eerste waardering. Deelnemingen waarop geen invloed van betekenis kan worden uitgeoefend, worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs. Indien sprake is van een duurzame waardevermindering vindt waardering plaats tegen deze lagere waarde; afwaardering vindt plaats ten laste van de resultatenrekening. voorzieningen worden als voorraad gewaardeerd. Onderhanden projecten uit hoofde van DBC’s/DBC-zorgproducten De onderhanden projecten uit hoofde van DBC’s worden gewaardeerd op basis van de verwachte opbrengst die is gebaseerd op de gemiddelde opbrengst van de bestede tijd en de verblijfsdagen overeenkomstig de normen van de Nederlandse Zorgautoriteit. Op de onderhanden projecten worden de voorschotten die ontvangen zijn van verzekeraars in mindering gebracht. Voor de bepaling of sprake is van verwachte verliezen wordt het totaal van de DBC’s en DBC-zorgproducten per zorgverzekeraar als een onderhanden project beschouwd. Vorderingen Vorderingen worden bij eerste verwerking gewaardeerd tegen de reële waarde van de tegenprestatie. Handelsvorderingen worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. Als de ontvangst van de vordering is uitgesteld op grond van een verlengde overeengekomen betalingstermijn wordt de reële waarde bepaald aan de hand van de contante waarde van de verwachte ontvangsten en worden er op basis van de effectieve rente rente-inkomsten ten gunste van de resultaten gebracht. Voorzieningen wegens oninbaarheid worden in mindering gebracht op de boekwaarde van de vordering. Een voorziening wordt gevormd bij verwachte oninbaarheid van de vorderingen die naar ouderdom wordt vastgesteld. Posten ouder dan een half jaar worden voorzien indien de inbaarheid twijfelachtig is. Posten ouder dan een jaar worden geheel voorzien. Debiteurenvorderingen groter dan € 0,1 miljoen worden individueel beoordeeld op inbaarheid. Overige financiële vaste activa worden gewaardeerd tegen nominale waarde onder aftrek van eventuele voorzieningen voor oninbaarheid. Vorderingen op groepsmaatschappijen worden afzonderlijk beoordeeld op inbaarheid. Bij mogelijke oninbaarheid van de vordering kan een voorziening achterwege blijven indien een andere groepsmaatschappij zich garant stelt voor de vordering. Bij vorderingen tussen groepsmaatschappijen wordt over het gemiddeld uitstaand saldo rente in rekening gebracht. Voorraden Voorraden zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs onder aftrek van een voorziening voor incourantheid. Alleen winkelvoorraad, duur gereedschap, technische onderdelen en horeca- Vorderingen uit hoofde van bekostiging / schulden uit hoofde van bekostiging. Vorderingen uit hoofde van bekostiging worden gewaardeerd tegen nominale waarde. De vorderingen worden individueel beoordeeld op inbaarheid. Eventuele voorzieningen worden verantwoord onder de kortlopende schulden en ten laste van de overige bedrijfskosten gebracht. Over diverse jaren bestaande vorderingen worden als actiefpost in de balans verantwoord. Over diverse jaren bestaande schulden worden als passiefpost in de balans verantwoord. Liquide middelen Liquide middelen bestaan uit kas, banktegoeden en deposito’s met een looptijd korter dan twaalf maanden. Rekening- courantschulden bij banken zijn opgenomen onder schulden aan kredietinstellingen onder kortlopende schulden. Liquide middelen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Herwaarderingsreserve Herwaarderingsreserves worden gevormd voor het verschil tussen de verwachte opbrengstwaarde van materiële vaste activa die buiten gebruik zijn gesteld en waarvoor besluit tot verkoop is genomen en de boekwaarde. Bij realisatie van de waardestijging wordt de herwaardering verwerkt in de resultatenrekening. Voorzieningen Algemeen Voorzieningen worden gevormd voor in rechte afdwingbare of feitelijke verplichtingen die op de balansdatum bestaan waarbij het waarschijnlijk is dat een uitstroom van middelen noodzakelijk is en waarvan de omvang op betrouwbare wijze is te schatten. De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de verplichtingen per balansdatum af te wikkelen. De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de contante waarde van de uitgaven die naar verwachting noodzakelijk zijn om de verplichtingen af te wikkelen. Indien geen betrouwbare schatting kan worden gemaakt van de momenten waarop de uitgaven plaatsvinden, vindt waardering van voorzieningen plaats tegen nominale waarde. Wanneer verplichtingen naar verwachting door een derde zullen worden vergoed, wordt deze vergoeding als een actief in de balans opgenomen indien het waarschijnlijk is dat deze vergoeding zal worden ontvangen bij de afwikkeling van de verplichting. Voorziening reorganisaties Voor uitgaven in het kader van een reorganisatie wordt een voorziening gevormd. Het betreffen 81 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 kosten die rechtstreeks ontstaan als gevolg van de reorganisatie. Deze zijn onderbouwd met een gedetailleerd reorganisatieplan. Indien afvloeiing van personeel aan de orde is, zijn de kosten hiervan meegenomen voor zover er ook gerechtvaardigde verwachtingen zijn gewekt bij hen voor wie de reorganisatie gevolgen heeft. De waardering van verplichtingen jegens boventallige medewerkers geschiedt op basis van het werkelijke salaris, waarbij een schatting wordt gemaakt van het aantal maanden waarop de medewerker boventallig en niet meer werkzaam zal zijn. Voorziening jubilea-uitkeringen Voor de verwachte kosten van voorwaardelijk toegekende rechten voor jubilea-uitkeringen aan medewerkers wordt een voorziening gevormd. De omvang van de voorziening wordt bepaald rekening houdend met de verwachte vertrekkans, toekomstige salarisstijgingen en een disconteringsvoet van 4%. Voorziening arbeidsongeschiktheid Een voorziening arbeidsongeschiktheid wordt gevormd voor de toekomstige risico’s uit hoofde van (deels) arbeidsongeschikte medewerkers. De voorziening wordt gewaardeerd tegen het bedrag van de bezoldiging inclusief werkgeverslasten dat naar verwachting (in de toekomst) verschuldigd zal zijn, voor zover hiervoor geen vergoeding (bijvoorbeeld uit verzekering) wordt ontvangen. Voorziening levensfasebudget De voorziening persoonlijk budget levensfase (PBL) betreft een voorziening uit hoofde van een CAO verplichting in het kader van de overgangsregeling 45+. Het persoonlijk budget levensfase kwalificeert als een beloning met opbouw van rechten. De voorziening betreft de contante waarde van de in de toekomst eenmalig uit te keren PBL-uren. De berekening is gebaseerd op de CAO-bepalingen, blijfkans, leeftijd en resterende dienstjaren tot het bereiken van de 55-jarige leeftijd. Gedurende de opbouwperiode vindt jaarlijks een dotatie plaats aan de voorziening. Voor de reguliere rechten uit hoofde van het persoonlijk budget levensfase wordt eveneens een voorziening gevormd die bestaat uit het saldo van de toegekende maar nog niet opgenomen reguliere rechten. Het saldo wordt gewaardeerd tegen het per balansdatum geldende uurtarief inclusief opslag werkgeverslasten. Naast een toekenning van rechten uit de specifieke overgangsregeling en reguliere rechten is in de CAO een algemene overgangsregeling opgenomen. De kosten die voortvloeien uit deze algemene overgangsregeling worden verwerkt in het jaar waarin de werknemer aanspraak maakt op deze extra rechten. Voorziening groot onderhoud Voor uitgaven voor groot onderhoud, waarbij de uitgaven jaarlijks sterk fluctueren, wordt een voorziening gevormd om deze lasten gelijkmatig te verdelen over een aantal boekjaren. De omvang van de voorziening wordt bepaald op basis van actuele meerjarenonderhoudsplannen. De toevoegingen aan de voorziening worden lineair over de jaren verdeeld. De kosten van groot onderhoud worden ten laste van de voorziening gebracht voor zover zij zijn opgenomen in het meerjarenonderhoudsplan. Voorziening verlieslatende contracten Een voorziening voor verlieslatende contracten wordt gevormd voor contracten die verliesgevend zijn, waarbij deze verliezen onvermijdbaar zijn. Waardering vindt plaats tegen de contante waarde van de geschatte toekomstige verliezen, rekening houdend met een disconteringsvoet van 5,25%. Overige voorzieningen De overige voorzieningen betreffen diverse overige in rechte afdwingbare of feitelijke verplichtingen die op de balansdatum bestaan waarbij het waarschijnlijk is dat een uitstroom van middelen noodzakelijk is en waarvan de omvang op betrouwbare wijze is te schatten. De voorzieningen worden gewaardeerd tegen nominale waarde op basis van de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de verplichtingen per balansdatum af te wikkelen. Langlopende schulden Een schuld wordt als langlopend gerubriceerd als deze niet binnen twaalf maanden na balansdatum kan worden opgeëist. Langlopende schulden worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Betaalde disagio bij aangaan van leningsovereenkomsten wordt in mindering gebracht op de nominale waarde van de langlopende schulden. Het disagio wordt als rentelast op lineaire basis gedurende de looptijd van de lening aan de verslagperioden toegerekend. Kortlopende schulden en overlopende passiva Schulden worden bij de eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde. Transactiekosten die direct zijn toe te rekenen aan de verwerving van de schulden worden in de waardering bij eerste verwerking opgenomen. Schulden worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs, zijnde het ontvangen bedrag rekening houdend met agio of disagio en onder aftrek van transactiekosten. 5.1.4.3 Grondslagen van resultaatbepaling Algemeen Het resultaat wordt bepaald als het verschil tussen de baten en de lasten over het verslagjaar, met inachtneming van de hiervoor reeds vermelde waarderingsgrondslagen. De baten en lasten worden toegerekend aan de periode waarop deze betrekking hebben, uitgaande van historische kosten. Verliezen worden verantwoord als deze voorzienbaar zijn. Baten worden verantwoord als deze gerealiseerd zijn. Baten (waaronder nagekomen budgetaanpassingen) en lasten uit voorgaande jaren die in dit boekjaar zijn geconstateerd, worden aan dit boekjaar toegerekend. Bijzondere waardeverminderingen Vaste activa worden beoordeeld op bijzondere waardeverminderingen als sprake is van wijzigingen in omstandigheden waardoor de vraag ontstaat of de boekwaarde van een actief terugverdiend kan worden. De terugverdienmogelijkheid van activa die in gebruik zijn, wordt bepaald door de boekwaarde van een actief per balansdatum te vergelijken met de realiseerbare waarde. De realiseerbare waarde kan bestaan uit de contante waarde van de toekomstige netto-kasstromen die het actief naar verwachting bij voortgezet gebruik zal genereren, of de bij verkoop naar verwachting te realiseren directe opbrengstwaarde. Wanneer de boekwaarde van een actief hoger is dan de realiseerbare waarde wordt een bijzondere waardevermindering verantwoord voor het verschil tussen de boekwaarde en de realiseerbare waarde. Stichting Espria beschikt over vastgoed waar zorg wordt verleend waarop aanspraak bestaat ingevolge artikel 6 van de AWBZ. Voor dit vastgoed zijn in 2011 de bekostigingsregels aangepast. Volledige nacalculatie van kapitaallasten van (voorheen) vergunningsplichtige investeringen is vervangen door prestatiebekostiging. Hierbij geldt een gefaseerde overgang met een overgangstermijn tot en met 2017. Stichting Espria beschikt tevens over vastgoed waar curatieve zorg wordt verleend die wordt bekostigd vanuit de Zorgverzekeringswet en het ministerie van Veiligheid en Justitie. Voor dit vastgoed was in 2011 reeds bekend dat de bekostiging zou worden aangepast, maar de exacte invulling en tarieven waren nog niet bekend. Met ingang van 2013 wordt volledige nacalculatie van kapitaallasten vervangen door prestatiebekostiging. Hierbij geldt deels een gefaseerde overgang met een overgangstermijn tot en met 2017. Als gevolg van de wijzigingen in de bekostiging, in samenhang met de beleidsvoornemens van het kabinet inzake de hervorming van de langdurige zorg was ultimo 2013 sprake van indicaties die kunnen duiden op een mogelijke duurzame waardevermindering. Als gevolg daarvan heeft Stichting Espria in voorgaande jaren overeenkomstig RJ 121 een beoordeling op bijzondere waardeverminderingen met een duurzaam karakter uitgevoerd. Ultimo 2013 heeft een actualisatie van de opgestelde bedrijfswaarde berekeningen plaatsgevonden op basis van de recent opgestelde meerjarenbegroting. Stichting Espria heeft de realiseerbare waarde van het vastgoed getoetst op basis van de contante waarde van de toekomstige kasstromen van haar zorgvastgoed. Deze is benaderd op het niveau van de kasstroomgenererende eenheden, en vergeleken met de boekwaarde van het vastgoed en de overige met de bedrijfsvoering samenhangende activa per 31 december 2013. In 2013 is meer duidelijkheid ontstaan over de mogelijke invulling van de beleidsvoornemen van het kabinet inzake de hervorming van de (landurige) zorg voor de langere termijn en de gevolgen daarvan voor Stichting Espria: 83 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 VVT en GHZ: - Extramuralisering waardoor de intramurale capaciteit de komende jaren zal worden gereduceerd (scheiden wonen en zorg); - Overheveling van delen van de AWBZ naar de WMO of de Zorgverzekeringswet; GGZ: - Invoering prestatiebekostiging op basis van DB(B)C’s en invoering NHC’s; - Invoering basis generalistische GGZ; - Beddenreductie in intramurale zorg in combinatie met verdere extramuralisering van lichte ZZP’s (scheiden wonen en zorg). Belangrijke overige veronderstellingen die zijn gehanteerd bij de benadering van de contante waarde van de kasstromen zijn: - Ontwikkeling in en samenstelling van de cliëntenpopulatie; - Gemaakte afspraken met zorgkantoren over afbouw intramurale capaciteit; - Uit de meerjarenbegroting afgeleide kasstromen voor de jaren 2013 tot en met 2017 en genormaliseerde trendmatige kasstromen vanaf 2018 tot aan einde Ievensduur. Bij de berekening hiervan is rekening gehouden met de effecten van de overgangsregeIing 2012-2017; - De resterende levensduur van het individuele vastgoed en de resterende huurperioden; - De verwachte ontwikkeling van de bezettingsgraad, waarbij rekening is gehouden met de mogelijkheden om huurcontracten op te zeggen; - Vervangingsinvesteringen tot het niveau welke noodzakelijk worden geacht om het betreffende vastgoed tot aan einde Ievensduur in gebruik te houden; - Een disconteringsvoet van 5,25%. Het verschil tussen de boekwaarde per 31 december 2013 en de contante waarde van de toekomstige kasstromen bedraagt voor enkele kasstroom genererende eenheden in totaal € 4,4 miljoen negatief. In overeenstemming met de bepalingen van RJ 121 is dit verschil in mindering gebracht op de boekwaarden van de desbetreffende activa ultimo 2013 en ten laste gebracht van het resultaat 2013. Daarnaast is de bijzondere waardevermindering van 2012 voor een bedrag van € 4,0 miljoen in 2013 teruggenomen als gevolg van een verwachte verbetering van de toekomstige netto-kasstroom van andere kasstroomgenererende eenheden. Opbrengsten Opbrengst wordt bepaald op de reële waarde van de ontvangen tegenprestatie. Verantwoording van opbrengsten uit de levering van diensten geschiedt naar rato van de geleverde prestaties, gebaseerd op de verrichte diensten tot aan balansdatum in verhouding tot de in totaal te verrichten diensten. Opbrengsten uit gebudgetteerde zorgprestaties De opbrengsten uit gebudgetteerde zorgprestaties worden verantwoord op basis van: - De in het boekjaar werkelijk geleverde verblijfsdagen en de daarvoor in de rekenstaat overeengekomen ZZP-tarieven; - De in het boekjaar werkelijk geleverde productieuren/-dagdelen (waaronder verpleging, persoonlijke verzorging, begeleiding, dagbehandeling, uitleen van verpleegartikelen en vervoer) en de daarvoor in de rekenstaat overeengekomen tarieven; - Nacalculeerbare kapitaalslasten met betrekking tot afschrijvingen, huur, rente en overige nacalculeerbare kapitaalslasten. Deze zijn gebaseerd op de daarvoor in de rekenstaat overeengekomen bedragen en het rentenormeringsmodel; - De opbrengst uit hoofde van de compensatiemaatregel welke in de rekenstaat is toegekend en in de periode 2012-2018 in het nacalculatieformulier wordt verwerkt. Deze bate is gelijk aan de afschrijving zoals verwerkt onder de financiële vaste activa uit hoofde van de vordering compensatiemaatregel; - Overige budgetcomponenten, waaronder toeslagen, zorginfrastructuur, generieke budgetkortingen, MRSA, innovatie, inrichtingskosten bij gedwongen verhuizing, extreme zorgzwaarte en extreme zorggebonden materiaalkosten en geneesmiddelen op cliëntniveau; - Nagekomen budgetaanpassingen vanuit voorgaande jaren welke in het boekjaar zijn toegekend door het zorgkantoor. Bij de opbrengstverantwoording is rekening gehouden met de productieafspraken welke met betrekking tot het boekjaar 2013 zijn overeengekomen met het zorgkantoor en de voorlopige budgetmutaties zoals opgenomen in de rekenstaat. Niet-gebudgetteerde zorgprestaties De niet-gebudgetteerde zorgprestaties worden als bate verantwoord in de resultatenrekening in het jaar waarin de opbrengsten zijn gerealiseerd. De niet gebudgetteerde zorgprestaties worden verantwoord op basis van: - De werkelijk geleverde zorg en diensten in het boekjaar en de met de betrokken instellingen overeengekomen tarieven; - De werkelijk geleverde zorg en diensten in het boekjaar en de met de betrokken cliënten overeengekomen tarieven, waaronder PGB’s; - De werkelijk geleverde productie uit hoofde van de Huishoudelijke Hulp in het boekjaar en de met de gemeente overeengekomen tarieven; - Overige opbrengsten uit hoofde van zorgverlening op basis van de specifieke afspraken. Subsidies Exploitatiesubsidies worden als bate verantwoord in de resultatenrekening in het jaar waarin de gesubsidieerde kosten zijn gemaakt of opbrengsten zijn gederfd, of wanneer een gesubsidieerd exploitatietekort zich heeft voorgedaan. De baten worden verantwoord als het waarschijnlijk is dat deze worden ontvangen. De subsidies van ministeries / gemeenten / provincies worden verantwoord op basis van de werkelijk geleverde zorg en diensten in het boekjaar en de met de betreffende instanties overeengekomen tarieven. Subsidies met betrekking tot investeringen in materiële vaste activa worden in mindering gebracht op het desbetreffende actief en als onderdeel van de afschrijvingen verwerkt in de resultatenrekening. Overige bedrijfsopbrengsten De overige opbrengsten omvat de opbrengsten uit levering van goederen en diensten onder aftrek van kortingen en dergelijke en van over de opbrengsten geheven belastingen en na eliminatie van transacties binnen de groep. Opbrengsten uit de verkoop van goederen worden verwerkt zodra alle belangrijke rechten en risico’s met betrekking tot de eigendom van de goederen zijn overgedragen aan de koper. Verantwoording van opbrengsten uit de levering van diensten geschiedt naar rato van de geleverde prestaties, gebaseerd op de verrichte diensten tot aan de balansdatum in verhouding tot de in totaal te verrichten diensten. In de overige bedrijfsopbrengsten worden onder meer de vergoedingen voor catering, winkelverkopen, parkeergelden, uitgeleend personeel, verhuur van onroerend goed en gerealiseerde boekwinsten op verkoop van onroerend goed verantwoord. Prestatiebekostiging ZVW Algemeen Met ingang van 2013 is voor de curatieve geestelijke gezondheidzorg prestatiebekostiging ingevoerd op basis van de DBC- systematiek. Hiertoe is in 2013 de handreiking omzetbepaling curatieve GGZ 2013 uitgebracht en in de jaarrekening 2013 toegepast. In de periode 2008 tot en met 2012 is reeds gebruik gemaakt van de DBC-systematiek voor de incasso van het budget, maar vanaf 2013 zijn de DBC’s ook bepalend voor de omzet in de jaarrekening. De systematiek kent inherente beperkingen. De risico’s en onduidelijkheden hebben met name betrekking op de registratie- en facturatiebepalingen. Deze bepalingen bevatten diverse open normen, waarvan een aantal gedurende- en na afloop van het boekjaar nader is geduid door de regelgevers. Het met terugwerkende kracht volledig voldoen aan achteraf vastgestelde nadere duidingen is onmogelijk en de consequenties zijn niet betrouwbaar in te schatten. Risico’s en onduidelijkheden hangen onder meer samen met inzet van de hoofdbehandelaar, de toepassing van normtijden, de verwijsregistratie, de inzet van ervaringsdeskundigen in de behandeling, de inhoud van de geleverde zorg, de aanpassingen in de productstructuur, voortschrijdend inzicht over gepast gebruik, verzekerde zorg en onderscheid eerste en tweede lijn, de status van de validatiemodule, en de juistheid van de indeling van de geregistreerde dagen in de juiste tariefcategorie. Toelichting op de onzekerheden 2013 meer in detail en de wijze waarop hier mee om is gegaan: De Raad van Bestuur heeft de omzet van de curatieve GGZ en daarbij behorende balansposten naar beste weten bepaald en daarbij rekening gehouden met belangrijke schattingsfactoren en onzekerheden die landelijk een rol spelen en ook bij Espria van toepassing zijn. De genoemde sectorbrede onzekerheden cumuleren en leiden tot onzekerheden in de jaarrekening. De Raad van Bestuur kan het individuele effect van deze sectorbrede onzekerheden op de betrouwbaarheid van de omzetverantwoording van de curatieve GGZ in de jaarrekening 2013 niet opheffen gegeven de landelijke systeemcomplexiteit. 85 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 Relevantie voor de jaarrekening 2013 voor wat betreft de omzet van de curatieve GGZ: a) Terugwerkende kracht aanpassingen c.q. aanscherpingen door nadere duidingen NZa en zorgverzekeraars en normonduidelijkheid over registratie- en declaratieregels De verantwoordelijke behandelaars hebben gedurende 2013 naar beste weten de registratie en facturatiebepalingen geïnterpreteerd en toegepast. Door de inrichting van onze administratieve organisatie, de door ons uitgevoerde interne controles, controles van zorgverzekeraars en/of naar aanleiding van vragen van patiënten zijn onjuistheden en onvolledigheden waar nodig door ons gecorrigeerd. Van de hieruit voortvloeiende risico’s en verplichtingen is een zo nauwkeurig mogelijke schatting gemaakt. b) Schadelastprognoses zorgcontractering 2013 die inherent onzekerheden bevatten Er zijn uit hoofde van de zorgcontractering 2013 met zorgverzekeraars afspraken gemaakt over de zorgverlening op schadelastjaar. Daarbij is een inschatting gemaakt van de verwachte realisatie van deze contractafspraken. Deze inschatting is met onzekerheden omgeven omdat er nog beperkte ervaring is met dergelijke prognoses gebaseerd op historische gegevens. c) Inschatting effecten materiële controles De effecten van materiële controles zijn onzeker als gevolg van laat op gang gekomen materiële controles in 2013 en nog uit te voeren controles door zorgverzekeraars met terugwerkende kracht. Daarbij komt dat een groot deel van de verantwoorde omzet nog onderdeel uitmaakt van het onderhanden werk waaraan nog tot eind 2014 kan worden gewerkt, leidend tot facturatie uiterlijk in 2015 en materiële controles in de jaren daarna. Er is naar beste weten een zo nauwkeurig mogelijke inschatting gemaakt van de hieruit voortvloeiende risico’s en verplichtingen en deze is verwerkt in de berekende omzet. Daarbij is rekening gehouden met ervaringsgegevens omtrent afwijzingen, uitkomsten van interne controles en materiële controles. d) De waardering van het onderhanden werk DBC bevat inherente onzekerheden, mede in relatie tot contracteringsafspraken, in de registratie en waardering Voor de (grondslag van) waardering van het onderhanden werk per 31 december 2013 verwijzen wij naar de toelichting op de post onderhanden werk en de waarderingsgrondslagen terzake. Er is geen sprake van verlieslatende contracten. e) De afwikkeling van vorderingen en schulden uit het oude budget tijdperk. Dit kan onzekerheden inhouden omtrent de balanspost nog in tarieven te verrekenen financieringsverschil Er is naar beste weten rekening gehouden met alle relevante factoren die naar de inschatting van de Raad van Bestuur van belang zijn en gaat uit van definitieve vaststelling en verrekening van de huidige opgenomen positie. Hierbij zijn de volgende zaken van belang: - Effecten uit materiële controles inzake DBC’s opgelegd door zorgverzekeraars na 31 december 2012 met betrekking tot en met de jaren 2012 en eerder zijn verwerkt in de balanspost nog in tarieven te verrekenen financieringsverschil, aangezien deze in de nacalculatie DBC’s 2013 (in te dienen uiterlijk 1 juni 2015) zullen worden opgenomen als te verrekenen bedrag. - De Raad van Bestuur gaat er van uit dat de reeds door de NZa vastgestelde ZVW budgetten tot en met boekjaar 2012 niet meer wijzigingen naar aanleiding van de hiervoor genoemde materiële controles. f) Nacalculatie doorloop DBC’s 2012 Er is naar beste weten een berekening van de vergoeding uit hoofde van deze regeling gemaakt in lijn met de beleidsregels en nadere aanwijzingen terzake en waarbij uitgegaan is van definitieve vaststelling en verrekening van de huidige opgenomen positie. Hierbij bedraagt de correctiefactor 18% welke is gebaseerd op de berekeningswijze van de NZa. Het budget 2012 op basis waarvan de rekenfactor is berekend is definitief vastgesteld en er is geen bezwaarprocedure daaromtrent onderhanden. Wij gaan er van uit dat correcties uit de materiële controle geen effect meer zullen hebben op de rekenfactor. g) Nacalculatie op correcties op voor 2013 geopende DBC’s Hiervoor is een verrekeningsmogelijkheid in de nacalculatie DBC’s 2013 maar onduidelijk is wat hier precies onder zal vallen en hoe lang hier onzekerheid blijft over nog uit te voeren materiële controles na 1 juni 2015 over DBC’s geopend voor 31 december 2012. h) Het bedrag dat voortvloeit uit de overgangsregeling NHC, zoals opgenomen in de omzet 2013 en waarvan goedkeuring door de NZa nog niet heeft plaatsgevonden Er is naar beste weten een berekening van de vergoeding uit hoofde van deze regeling gemaakt in lijn met de beleidsregels en nadere aanwijzingen terzake, en waarbij uitgegaan is van definitieve vaststelling en verrekening van de huidige opgenomen positie. i) Indeling deelprestaties verblijf naar verblijfklassen Voor de indeling van de deelprestaties verblijf naar verblijfklassen zijn de geldende NZa beleidsregels (en de daarin opgenomen criteria) toegepast. j) Verwijsregistratie Onder de toetsingscriteria in het controleprotocol nacalculatie doorloop DBC’s GGZ 2012 en nacalculatie DBC’s GGZ 2013 is opgenomen dat er voor iedere cliënt een geldige verwijzing dient te zijn. De wijze van administratieve verantwoording is vormvrij. Daarbij is onduidelijk waaraan die verwijzing zou moeten voldoen en waaraan de verwijsregistratie zou moeten voldoen. k) Hoofdbehandelaarschap Stichting Espria stelt zich op het standpunt dat gelet op de wijze van registreren, de uitkomsten van de interne controles en toezegging van Zorgverzekeraars Nederland (ZN) – het begrip hoofdbehandelaarschap voldoende is ingericht en heeft om die redenen geen voorziening opgenomen voor eventuele effecten uit materiële controles die toezien op hoofdbehandelaarschap. De hiervoor genoemde factoren worden in de handreiking omzetbepaling curatieve GGZ 2013 behandeld. De handreiking is gevolgd. De uiteindelijke uitkomsten zullen blijken uit de uitkomsten van materiële controles, de eindafrekeningen met zorgverzekeraars, eindafrekeningen met de NZa en een eventuele definitieve overschrijding van het macro- omzetplafond en kunnen afwijken van de in deze jaarrekening opgenomen bedragen gebaseerd op de beste schatting. Personeelsbeloningen Lonen, salarissen en sociale lasten worden op grond van de arbeidsvoorwaarden verwerkt in de resultatenrekening voor zover ze verschuldigd zijn aan werknemers. Pensioenen Stichting Espria heeft voor haar werknemers een toegezegde pensioenregeling. Hiervoor in aanmerking komende werknemers hebben op de pensioengerechtigde leeftijd recht op een pensioen dat gebaseerd is op het gemiddeld verdiende loon berekend over de jaren dat de werknemer pensioen heeft opgebouwd bij de instelling. De verplichtingen, die voortvloeien uit deze rechten van haar personeel, zijn ondergebracht bij het bedrijfstakpensioenfonds Zorg en Welzijn. De instelling betaalt hiervoor premies die door werkgever en werknemer gezamenlijk worden betaald. De pensioenrechten worden jaarlijks geïndexeerd, indien en voor zover de dekkingsgraad van het pensioenfonds dit toelaat. Naar de stand van ultimo april 2014 is de dekkingsgraad van het pensioenfonds 110%. In 2014 dient het pensioenfonds een dekkingsgraad van tenminste 105% te hebben. Het pensioenfonds verwacht hieraan te kunnen voldoen en voorziet geen noodzaak voor de aangesloten instellingen om extra stortingen te verrichten of om bijzondere premieverhogingen door te voeren. Stichting Espria heeft per 31 december 2013 daarnaast geen verplichting tot het voldoen van aanvullende bijdragen in geval van een tekort bij het pensioenfonds, anders dan het effect van hogere toekomstige premies. De instelling heeft daarom alleen de verschuldigde premies tot en met het einde van het boekjaar in de jaarrekening verantwoord. Belastingen Belastingen omvatten de over de verslagperiode verschuldigde en verrekenbare winstbelastingen en latente belastingen. De belastingen worden in de resultatenrekening opgenomen. De over het boekjaar verschuldigde en verrekenbare belasting is de naar verwachting te betalen belasting over de belastbare winst over het boekjaar, berekend aan de hand van belastingtarieven die zijn 87 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 vastgesteld op verslagdatum en eventuele correcties op de over voorgaande jaren verschuldigde belasting. 5.1.4.4 Grondslagen van segmentering 5.1.5 TOELICHTING OP DE GECONSOLIDEERDE BALANS Voor latente belastingen wordt een voorziening getroffen voor tijdelijke verschillen tussen de boekwaarde van activa en verplichtingen ten behoeve van de financiële versiaggeving en de fiscale boekwaarde van die posten. In de jaarrekening wordt in overeenstemming met RJ 655 een segmentatie van de resultatenrekening gemaakt in de segmenten Verpleging en Verzorging, Gehandicaptenzorg, Psychiatrie, Jeugdgezondheidszorg, Kraamzorg, Kinderopvang, Ledenservice en Overig. ACTIVA Er wordt uitsluitend een latente belastingvordering opgenomen voor zover het waarschijnlijk is dat er in de toekomst belastbare winsten beschikbaar zullen zijn die voor de realisatie van het tijdelijke verschil kunnen worden aangewend. Latente belastingvorderingen worden per iedere verslagdatum herzien en verlaagd voor zover het niet langer waarschijnlijk is dat het daarmee samenhangende belastingvoordeel zal worden gerealiseerd. Financiële baten en lasten Financiële baten en lasten worden tijdsevenredig verwerkt, rekening houdend met de effectieve rentevoet van de desbetreffende activa en passiva. Bij de verwerking van de rentelasten wordt rekening gehouden met de verantwoorde transactiekosten op de ontvangen leningen die als onderdeel van de berekening van de effectieve rente worden meegenomen. Bij de verdeling van de resultatenrekening per bedrijfssegment is aangesloten op de activiteiten van het bedrijfsproces. De verdeling van indirecte kosten over de te onderscheiden zorgsoorten geschiedt op basis van onderlinge Service Level Agreements. 1. Immateriële vaste activa in Euro’s 31 december 2013 De specificatie is als volgt: Kosten van goodwill die van derden is verkregen 1.080.493 1.659.204 Totaal immateriële vaste activa 1.080.493 1.659.204 2013 2012 Het verloop van de immateriële activa in het verslagjaar is als volgt weer te geven: 31 december 2012 Stand per 1 januari - aanschafwaarde 2.774.854 800.715 - cumulatieve afschrijvingen -1.115.651 -621.965 Boekwaarde per 1 januari 2013 1.659.204 178.750 Mutaties in het boekjaar Bij: investeringen 0 1.974.139 Af: afschrijvingen -578.711 -493.686 Stand per 31 december 2013 1.080.493 1.659.204 Cumulatieve aanschafwaarde 2.459.139 2.774.854 Cumulatieve afschrijvingen -1.378.646 -1.115.651 Boekwaarde per 31 december 2013 1.080.493 1.659.204 Toelichting: De goodwill bestaat uit twee delen. Het eerste deel betreft de goodwill die betaald is voor de overname van de activiteiten van Kinderman Zorggroep B.V. en Profzorg B.V. door Stichting Particura. De boekwaarde ultimo 2013 bedraagt € 1,1 miljoen. maximale goodwill geactiveerd onder gelijktijdig opnemen van een kortlopende schuld voor het nog te bepalen variabele deel van de koopsom. Het grootste deel van de goodwill wordt afgeschreven over een periode van 5 jaren. Een klein gedeelte wordt afgeschreven in 2 jaren. De goodwill van Kinderman Zorggroep B.V. bestaat uit een vast en een variabel bedrag. De goodwill wordt bepaald op basis van de resultaten tot en met 2015 en wordt betaalbaar gesteld indien de gestelde rendementseisen worden gerealiseerd. Ingevolge RJ 216-239 is de berekende Het tweede gedeelte van de goodwill betreft de in het verleden betaalde goodwill bij de overname van de kraamactiviteiten van STMG. De goodwill is in 2013 geheel afgeschreven. De afschrijvingen zijn ten laste gekomen van de segmenten VVT respectievelijk Kraamzorg. 89 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 2. Materiële vaste activa in Euro’s 31 dec. 2013 De specificatie is als volgt: 31 dec. 2012 Bedrijfsgebouwen en terreinen 246.436.546 254.953.970 Machines en installaties 24.911.979 24.999.900 Andere vaste bedrijfsmiddelen, technische en administratieve uitrusting 32.500.667 28.530.664 7.581.966 6.512.985 Materiële vaste bedrijfsactiva in uitvoering en vooruitbetalingen op materiële vaste activa Totaal materiële vaste activa 311.431.158 314.997.519 Het verloop van de materiële activa in het verslagjaar is als volgt weer te geven : Materiële vaste Andere vaste bedrijfsactiva bedrijfsin uitvoering middelen, en vooruittechnische en Bedrijfsbetalingen gebouwen en op materiële Machines en administratieve Stand per 1 januari 2013 uitrusting terreinen vaste activa installaties - aanschafwaarde 385.826.007 49.637.734 89.776.782 Totaal 6.523.306 531.763.829 - cumulatieve herwaarderingen -17.303.663 0 0 0 -17.303.663 -6.779.868 -143.255 -1.050.344 -10.320 -7.983.788 -106.788.507 -24.494.579 -60.195.773 0 -191.478.859 Boekwaarde per 1 januari 2013 254.953.970 24.999.900 28.530.664 6.512.985 314.997.519 - investeringen 11.222.465 1.873.826 12.004.885 14.044.419 39.145.596 - herwaarderingen -1.204.378 0 0 0 -1.204.378 - terugnemingen van bijzondere waardeverminderingen 3.145.061 0 900.484 0 4.045.545 - bijzondere waardeverminderingen -3.884.506 -336.047 -172.297 0 -4.392.850 - afschrijvingen -17.995.047 -1.541.919 -8.832.921 0 -28.369.887 2.423.659 0 1.203.980 0 3.627.639 -1.415.151 0 -1.003.446 0 -2.418.597 - cumulatieve aanschafwaarde - cumulatieve afschrijvingen - terugname geheel afgeschreven activa aanschafwaarde cumulatieve afschrijvingen -1.670.801 -536.307 -4.511.110 0 -6.718.218 1.670.801 536.307 4.511.110 0 6.718.218 - desinvesteringen aanschafwaarde -6.375.669 -1.036.630 -1.282.634 -12.975.439 -21.670.371 cumulatieve afschrijvingen 5.566.131 952.848 1.151.951 0 7.670.930 per saldo -809.538 -83.782 -130.683 -12.975.439 -13.999.441 -8.517.424 -87.922 3.970.002 1.068.981 -3.566.361 Mutaties in boekwaarde (per saldo) Stand per 31 december 2013 - aanschafwaarde - cumulatieve herwaarderingen 391.425.662 49.938.623 96.188.458 7.592.286 546.148.474 -18.508.041 0 0 0 -18.508.041 - cumulatieve bijzondere waardeverminderingen -8.934.464 -479.302 -322.157 -10.320 -10.749.689 - cumulatieve afschrijvingen -117.546.611 -24.547.342 -63.365.633 0 -205.459.586 24.911.979 32.500.667 7.581.966 311.431.158 Boekwaarde per 31 december 2013 246.436.546 De investeringen in bedrijfsgebouwen en terreinen hebben betrekking op een aantal extramurale locaties. De investeringen in andere vaste bedrijfsmiddelen, technische en administratieve uitrustingen hebben betrekking op aanschaf van ICT licenties en apparatuur. De desinvesteringen hebben voornamelijk betrekking op gereedgekomen projecten. De desinvesteringen materiele vaste activa in uitvoering zijn de activering van de onderhanden projecten. Voor de bijzondere waardevermindering wordt verwezen naar de toelichting op de resultatenrekening (5.1.9). In 5.1.6 is een nadere specificatie opgenomen van het verloop van de materiële vaste activa op grond van art. 5a Regeling verslaggeving WTZi. In toelichting 5.1.7 zijn overzichten opgenomen voor de onderhanden en gereedgekomen projecten. 3. Financiële vaste activA in Euro’s 31 dec. 2013 31 dec. 2012 De specificatie is als volgt: Deelnemingen in groepsmaatschappijen 40.000 40.000 Vorderingen op participanten en op maatschappijen waarin wordt deelgenomen (deelnemingen) 10.000 190.000 Overige effecten Overige vorderingen. Totaal financiële vaste activa Mutaties in het boekjaar verwerving via fusie Welsaen en SMD met Stichting Welsaen en Stichting SMD in juni 2013. De verwerving via fusies en overnames heeft betrekking op de verwerving van activa als gevolg van de bestuurlijke fusie - cumulatieve bijzondere waardeverminderingen - cumulatieve afschrijvingen Toelichting: Onder de bedrijfsgebouwen en terreinen zijn begrepen geactiveerde financial leasecontracten met een boekwaarde per 31 december 2013 van € 26,1 miljoen. Stichting Espria en haar bedrijfsonderdelen zijn niet de juridische eigenaar van het betreffende vastgoed. Het totaal van de in rekening gebrachte huurtermijnen bedraagt € 3,9 miljoen. 7.624 11.224 3.680.725 3.979.287 3.738.349 4.220.511 Het verloop van de financiële vaste activa is als volgt: Vorderingen op Deelnemingen aandeelhouders Overige Overige in groepsen overige vorderingen effecten maatschappijen deelnemingen Stand per 1 januari 2013 - aanschafwaarde 40.000 200.000 73.432 5.363.134 Totaal 5.676.566 - cumulatieve bijzondere waardeverminderingen 0 0 -62.208 -435.254 -497.462 - cumulatieve afschrijvingen 0 -10.000 0 -948.593 -958.593 40.000 190.000 11.224 3.979.287 4.220.511 Boekwaarde per 1 januari 2013 Mutaties: Investeringen 0 0 0 334.635 334.635 Desinvesteringen/aflossingen 0 -180.000 -3.600 -618.820 -802.420 Bijzondere waardeverminderingen 0 0 0 -14.377 -14.377 Mutaties in boekwaarde (per saldo) 0 -180.000 -3.600 -298.562 -482.162 Stand per 31 december 2013 - cumulatieve aanschafwaarde 40.000 200.000 73.432 5.697.769 - cumulatieve bijzondere waardeverminderingen 0 0 -62.208 -449.631 -511.839 - cumulatieve afschrijvingen 0 -190.000 -3.600 -1.567.414 -1.761.014 40.000 10.000 7.624 3.680.725 3.738.349 Stand per 31 december 2013 Toelichting: De desinvestering betreft het afstoten van de deelneming Intend B.V. in 2013 door GGZ Drenthe. De investering in de overige vorderingen betreft de activa die onder de NZa compensatieregeling (CA-300-493) vallen en hypothecaire leningen met een resterende looptijd van 14 jaar, welke 6.011.201 worden afgelost in 25 jaar. De afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen betreffen boeterente en oude vorderingen op de NZa. De boeterente wordt lineair afgeschreven in 40 jaar. De afschrijving is nacalculeerbaar bij de NZa. 91 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 4. Voorraden in Euro’s 31 december 2013 31 december 2012 De specificatie is als volgt: Overige voorraden Totaal voorraden Toelichting: Onder de overige voorraden zijn voorraden/materialen opgenomen die GGZ Drenthe aanhoudt ten behoeve van 7. Vorderingen uit hoofde van bekostiging en/of schulden uit hoofde van bekostiging in Euro’s 31 december 2013 352.018 349.876 352.018 349.876 Vorderingen uit hoofde van financieringstekort Totaal vorderingen uit hoofde van bekostiging Schulden uit hoofde van financieringsoverschot in Euro’s 5. Onderhanden projecten uit hoofde van DBC’s/DBC-zorgproducten 31 december 2013 31 december 2012 De specificatie is als volgt: Af: ontvangen voorschotten Totaal onderhanden projecten Toelichting: De onderhanden projecten DBC’s/DBC’s zorgproducten hebben betrekking op de geriatrische revalidatie zorg (GRZ) en psychiatrie. Vanaf 2013 is de GRZ overgeheveld vanuit de AWBZ naar de zorgverzekeringswet. De onderhanden projecten uit hoogte van DBC’s inzake psychiatrie en GRZ worden gewaardeerd op basis van de verwachte 46.832.773 34.832.071 -27.693.060 -27.976.448 19.139.713 6.855.623 6. Vorderingen en overlopende activa De specificatie is als volgt: Vorderingen op debiteuren Vorderingen op participanten en maatschappijen waarin wordt deelgenomen Nog te factureren omzet DBC’s Overige vorderingen Vooruitbetaalde bedragen Nog te ontvangen bedragen Overige overlopende activa Totaal vorderingen en overlopende activa Toelichting: De voorziening die in aftrek op de vorderingen is gebracht, bedraagt € 1,2 miljoen (2012: € 2,4 miljoen). De stijging van de vooruitbetaalde bedragen wordt met name verklaard door een wijziging in de verwerkingswijze van crediteurenfacturen. Met ingang van 2013 wordt het factuurstelsel gehanteerd in plaats van het kasstelsel. 31 december 2013 31 december 2012 22.066.455 24.102.326 67.982 811 6.159.013 0 1.175.510 1.213.772 5.623.591 2.925.858 6.080.406 7.524.770 254.969 461.984 41.427.925 36.229.520 De nog te facturen omzet DBC’s betreft de geriatische revalidatie zorg (GRZ) waarbij vanaf 2013 de financieringssystematiek is gewijzigd. 30.310.855 36.254.667 10.526.320 10.799.159 10.799.159 Specificatie vorderingen uit hoofde van bekostiging en/of schulden uit hoofde van bekostiging: t/m 2010 2011 2012 2013 totaal Saldo per 1 januari 3.662.614 -1.744.218 23.537.113 25.455.508 42.426.540 Financieringsverschil boekjaar 0 0 0 42.426.540 Correcties voorgaande jaren -1.473.850 -1.143.947 511.611 0 -2.106.186 Betalingen/ontvangsten -3.647.940 4.408.193 -16.718.187 -30.033.392 -45.991.327 -5.121.790 3.264.245 -16.206.576 12.393.148 -5.670.973 -1.459.176 1.520.027 7.330.536 12.393.148 19.784.535 Stadium van vaststelling (per erkenning): t/m 2010 2011 2012 2013 Stichting Icare c c b b Stichting Evean Zorg c c c a Stichting Evean Zorg Amsterdam c c c a Stichting Evean Thuiszorg NHN c c c a Stichting Particura c c c a UMCG Thuis B.V. c c c a Stichting de Trans - a a a Stichting Zorggroep Meander c b b a Stichting GGZ Drenthe c c c a a= interne berekening b= overeenstemming met zorgverzekeraars c= definitieve vaststelling NZa Subtotaal mutatie boekjaar Saldo per 31 december opbrengst die is gebaseerd op de gemiddelde opbrengst van de bestede tijd en de verblijfsdagen overeenkomstig de normen van de Nederlandse Zorgautoriteit. Op de onderhanden projecten worden de voorschotten die ontvangen zijn van verzekeraars in mindering gebracht. in Euro’s 36.254.667 10.526.320 Totaal schulden uit hoofde van bekostiging Onderhanden projecten DBC’s/DBC-zorgproducten 30.310.855 Schulden uit hoofde van bekostiging: dagactiviteiten. De voorziening die in aftrek is gebracht op de overige voorraden bedraagt nihil (2012: nihil). in Euro’s 31 december 2012 Vorderingen uit hoofde van bekostiging: in Euro’s 31 december 2013 31 december 2012 Waarvan gepresenteerd als: - vorderingen uit hoofde van financieringstekort 30.310.855 - schulden uit hoofde van financieringsoverschot 10.526.320 10.799.159 19.784.535 25.455.508 36.254.667 Specificatie financieringsverschil in het boekjaar in Euro’s 2013 2012 Wettelijk budget aanvaardbare kosten 712.312.625 710.181.963 Af: ontvangen voorschotten -585.070.827 -613.716.136 Af: overige ontvangsten -99.720.697 -79.834.419 Af: nog te facturen DBC’s en reeds gefactureerde DBC’s -9.378.696 -1.410.807 -5.749.257 10.063.759 Totaal financieringsverschil 12.393.148 23.537.113 Bij/af: mutatie onderhanden projecten uit hoofde van DBC’s/DBC-zorgproducten 93 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 Toelichting: De NZa heeft de nacalculatie Zorgverzekeringswet 2010 lager vastgesteld dan door GGZ Drenthe was ingediend. Het betreft een afwijzing voor een specifieke toeslag. GGZ Drenthe is hiertoe in bezwaar gegaan en er hebben inmiddels hoorzittingen plaatsgevonden. Desondanks heeft de NZa het bezwaar afgewezen, waarop GGZ Drenthe in beroep is gegaan bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBB). De specifieke toeslag geldt voor de jaren 2010 tot en met 2012 en bedraagt circa € 3 miljoen. Alhoewel GGZ Drenthe van mening is aanspraak te maken op de specifieke toeslagen voor deze jaren is in de jaarrekening uit voorzichtigheidsoverwegingen een voorziening van € 1,6 miljoen op de vorderingen getroffen. Het financieringsverschil in de ZVW is gestegen doordat het vangnet over schadelastjaar 2012 niet wordt uitgefactureerd. Het financieringsverschil bij Justitie wordt veroorzaakt doordat kapitaalslasten niet worden uitgefactureerd. Specificatie financieringsverschil per financieringsvorm in Euro’s 31 december 2013 31 december 2012 Financieringsverschil AWBZ 5.454.913 15.453.316 Financieringsverschil DBC-financiering 7.458.018 6.691.555 Financieringsverschil Justitie 6.871.603 3.310.637 Totaal financieringsverschil 19.784.535 25.455.508 Toelichting: Vanaf 2013 wordt de geriatrische revalidatie zorg (GRZ) gefactureerd aan de zorgverzekeraars. Voorheen vond de financiering via de AWBZ plaats. 10. Eigen vermogeN in Euro’s 31 december 2013 31 december 2012 Het eigen vermogen bestaat uit de volgende componenten: Kapitaal 323.562 341.713 Collectief gefinancierd gebonden vermogen 147.549.243 128.522.177 Niet-collectief gefinancierd vrij vermogen 24.728.277 25.685.250 Minderheidsbelang derden 265.148 258.932 Totaal eigen vermogen 172.866.229 154.808.072 Kapitaal in Euro’s Saldo per 31 dec. 2012 Resultaatbestemming Overige mutaties Saldo per 31 dec. 2013 Kapitaal 341.713 0 -18.151 323.562 Totaal 341.713 0 -18.151 323.562 Het verloop is als volgt weer te geven: Collectief gefinancierd gebonden vermogen Reserve aanvaardbare kosten Bestemmingsreserves 9. Liquide middeleN in Euro’s 31 december 2013 31 december 2012 De specificatie is als volgt: Banken 157.429.497 147.629.043 Kassen 231.415 197.569 Totaal liquide middelen 157.660.912 Toelichting: De liquide middelen zijn direct opeisbaar. PASSIVA 147.826.611 Herwaarderingsreserves Totaal 115.833.198 16.622.897 -70.246 132.385.849 11.907.051 2.650.908 541.558 15.099.517 781.926 0 -718.050 63.876 128.522.177 19.273.806 -246.738 147.549.243 Niet-collectief gefinancierd vrij vermogen Algemene reserves 18.709.114 712.002 1.616.775 21.037.891 Bestemmingsreserves 6.489.807 66.901 -2.970.422 3.586.286 Bestemmingsfondsen 0 104.100 0 104.100 486.329 0 -486.329 0 25.685.250 883.003 Herwaarderingsreserves Totaal -1.839.976 24.728.277 Minderheidsbelang derden Minderheidsbelang derden Totaal 258.932 0 6.216 265.148 258.932 0 6.216 265.148 Toelichting: De bestemmingsreserves hebben betrekking op nog uit te voeren projecten uit hoofde van het Synergiefonds, Strategisch Informatieplan en Ledenservice. 95 Toelichting: 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 In de kolom ‘overige mutaties’ (excl. minderheidsbelang derden) zijn de volgende posten verwerkt: Kapitaal: - Correctie aandelenkapitaal verwerking van het aandelenkapitaal van Zorgwinkels Kruiswerk West-Veluwe B.V. na de fusie met Stichting Icare per 31-12-2012. -18.151 Subtotaal -18.151 Collectief gefinancierd vermogen: - Gewijzigde resultaatbestemming GGZ Drenthe: - van reserve aanvaardbare kosten -578.120 - naar bestemmingsreserve 578.120 - Correctie beginvermogen Stichting UMCG Thuis -13.942 - Gewijzigde resultaatbestemming Stichting Espria enkelvoudig - van bestemmingsreserve -36.562 - naar reserve aanvaardbare kosten - Realisatie herwaarderingsreserve Stichting Zorggroep Meander in verband met verkoop onroerend goed - Vrijval herwaarderingsreserve Stichting Evean Thuiszorg in verband met beëindiging verkoop onroerend goed - Inbreng vermogen Stichting SMD als gevolg van juridische fusie in juni 2013 36.562 -210.021 -508.029 485.254 Subtotaal -246.738 Niet-collectief gefinancieerd vrij vermogen - Gewijzigde resultaatbestemming Stichting Espria: - van bestemmingsreserve -2.970.422 - naar algemene reserve 2.970.422 - Correctie aandelenkapitaal verwerking van het aandelenkapitaal van Zorgwinkels Kruiswerk West-Veluwe B.V. na de fusie met Stichting Icare per 31-12-2012. 18.151 - Realisatie herwaarderingsreserve Stichting Evean Cumulus in verband met verkoop onroerend goed -129.835 - Vrijval herwaarderingsreserve Stichting Kinderopvang Hoogeveen in verband met beëindiging verkoop onroerend goed -356.494 - Inbreng vermogen Stichting SMD als gevolg van juridische fusie in juni 2013 -1.371.798 Subtotaal -1.839.976 Minderheidsbelang derden - Correctie minderheidsbelang Evean Services B.V. (51%) 6.216 Subtotaal 6.216 Onderstaand zijn de eigen vermogens per 31 december 2013 en resultaten over het boekjaar 2013 van de in consolidatie betrokken entiteiten gespecificeerd 31 december 2013 Resultaat Stichting GGZ Drenthe in Euro’s: 32.041.872 1.083.859 Stichting Icare 44.555.748 8.676.735 Stichting Zorggroep Meander 11.833.934 1.370.600 Kraamvogel Holding B.V. geconsolideerd 4.026.329 572.361 Stichting Evean Stichting Evean Zorg 2.652.951 44.340 21.950.394 2.237.525 Stichting Evean Zorg Amsterdam 11.539.128 598.940 Stichting Evean Thuiszorg NHN 5.325.289 1.169.335 -1.862.866 -491.068 Stichting Welsaen Stichting Maatschappelijk dienstverlening Zaanstreek/Waterland Stichting de Trans Stichting Evean Caro geconsolideerd Stichting Particura geconsolideerd Stichting Evean Cumulus Stichting Espria Overige entiteiten en eliminaties Totaal (inclusief minderheidsbelang in het eigen vermogen) 247.266 -237.988 13.327.500 1.494.402 3.835.303 56.495 10.707.064 -232.049 5.145.412 349.257 10.413.141 4.217.261 -2.872.235 -753.198 172.866.229 20.156.808 In de beginbalans heeft een herrubricering plaatsgevonden. Het betreft een verschuiving van collectief vermogen naar niet collectief gefinancierd vrij vermogen. 11. Voorzieningen in Euro’s: Het verloop is als volgt weer te geven: Onttrekking 31 dec. 2012 Dotatie Vrijval Saldo per Saldo per 31 dec. 2013 Reorganisaties 6.655.016 7.291.962 -2.505.827 -2.701.184 8.739.967 Jubilea-uitkeringen 4.527.530 403.083 -94.350 -14.821 4.821.442 Arbeidsongeschiktheid 1.442.247 942.810 -620.853 -95.289 1.668.916 Levensfasebudget 3.975.309 1.104.166 0 0 5.079.475 Groot onderhoud 2.268.135 400.145 -477.373 -283.125 1.907.782 789.709 647.359 -461.660 0 975.408 2.380.341 1.502.570 -564.803 -158.359 3.159.747 22.038.287 12.360.955 -4.724.866 -3.321.640 26.352.736 Verlieslatende contracten Overige voorzieningen Totaal Toelichting in welke mate (het totaal van) de voorzieningen als langlopend moet worden beschouwd: Kortlopend deel van de voorzieningen (< 1 jaar) 10.974.063 Langlopend deel van de voorzieningen (> 1 jaar) 15.024.494 Hiervan langlopend (> 5 jaar) 2.515.649 Toelichting per categorie voorziening: Voorziening reorganisaties In 2013 is bij Icare, GGZ Drenthe, Zorggroep Meander, Evean Zorg Amsterdam en Evean Zorg een reorganisatievoorziening gevormd voor medewerkers die als boventallig zijn aangemerkt. De voorziening is gebaseerd op de totale afkoopverplichting waarbij rekening wordt gehouden met de kans dat medewerkers ander werk vinden binnen of buiten de organisatie. Aan bestaande reorganisatievoorziening is waar noodzakelijk aanvullend gedoteerd. De onttrekkingen uit de voorziening hebben primair betrekking op loondoorbetaling van boventalligen, met name bij Icare en Zorggroep Meander. Ten aanzien van de reorganisatievoorzieningen heeft een vrijval plaatsgevonden van circa € 2,5 miljoen. Dit betreft met name de bedrijfsonderdelen Evean Zorg, GGZ Drenthe en Zorggroep Meander. Voorziening jubilea-uitkeringen De voorziening jubilea-uitkeringen is gebaseerd op de gemiddelde jubileaverplichting, rekening houdend met een vertrekkans. Voorziening arbeidsongeschiktheid Deze voorziening is gevormd als gevolg van individuele beoordeling op re-integratiekans per medewerker in relatie tot de aard van de arbeidsongeschiktheid, ongeacht de duur van het verzuim. Voorziening levensfasebudget Deze voorziening is ultimo 2013 hoger door beperkte opname van uren bij de bedrijfsonderdelen GGZ Drenthe en De Trans. De berekening van de omvang is gebaseerd op geldende CAO-afspraken binnen de geestelijke gezondheidszorg respectievelijk de gehandicaptenzorg. Voorziening groot onderhoud De voorziening groot onderhoud is gebaseerd op de lange termijn onderhoudsplanning van de diverse bedrijfsonderdelen. De hoogte van de voorziening is hierop aangepast. Voorziening verlieslatende contracten Deze voorziening is ultimo 2013 hoger omdat De Trans in 2013 een voorziening verlieslatende contracten heeft getroffen inzake de huurcontracten van een tweetal panden. De voorziening is gebaseerd op de contante waarde. Overige voorzieningen Onder de overige voorzieningen is opgenomen de voorziening Eigen Risicodragerschap WGA. Het effect van de fluctuaties als gevolg van oprenting (wijziging disconteringsvoet) is beperkt en is derhalve verantwoord onder dotaties. 97 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 12. Langlopende schuldeN 13. Overige kortlopende schulden De specificatie is als volgt: De specificatie is als volgt: Langlopende schulden aan kredietinstellingen 145.698.537 150.363.809 Overige langlopende schulden 489.579 603.880 Financial leaseverplichtingen 27.675.823 30.913.379 in Euro’s 31 december 2013 Totaal langlopende schulden 173.863.939 in Euro’s 31 december 2012 181.881.069 31 december 2013 31 december 2012 Het verloop is als volgt weer te geven: Stand per 1 januari 193.477.825 176.956.518 Bij: nieuwe leningen 8.227.402 38.610.957 Af: aflossingen 17.020.066 -22.089.650 in Euro’s 31 december 2013 Crediteuren 23.305.334 23.739.920 Schulden aan kredietinstellingen 32.638.433 24.924.088 Aflossingsverplichtingen langlopende leningen 10.821.222 11.596.757 Belastingen en sociale premies 24.189.796 25.732.485 Schulden terzake pensioenen 12.013.459 11.689.613 Nog te betalen salarissen 9.060.982 7.555.956 Vakantiegeld 16.341.261 16.574.901 Vakantiedagen 20.987.152 21.501.117 Overige schulden 7.531.808 4.966.711 Nog te betalen kosten 21.309.975 20.490.342 Vooruitontvangen opbrengsten 2.600.797 10.033.014 62.040 Stand per 31 december 184.685.161 193.477.825 Overige passiva 731.982 Af: aflossingsverplichting komend boekjaar Totaal overige kortlopende schulden 181.532.199 10.821.222 11.596.757 Stand langlopende schulden per 31 december 173.863.939 181.881.069 Toelichting in welke mate (het totaal van) de langlopende schulden als langlopend moet worden beschouwd: Kortlopend deel van de langlopende schulden (< 1 jaar) (aflossingsverplichtingen) 10.821.222 11.596.757 Langlopend deel van de langlopende schulden (> 1 jaar) (balanspost) 173.863.939 181.881.069 Hiervan langlopend (> 5 jaar) 134.335.039 141.371.086 Voor een nadere toelichting op de langlopende schulden wordt verwezen naar bijlage 5.1.8 overzicht langlopende leningen. De aflossingsverplichtingen zijn verantwoord onder de kortlopende schulden. Toelichting: De post nieuwe leningen betreft een tweetal nieuwe financieringen door Evean Zorg en de Trans. De Trans heeft financiering aangetrokken ten behoeve van een investering en Evean Zorg heeft een aantal leningen geherfinancierd na afloop van de renteloze periode. Eveneens zijn onder de nieuwe leningen begrepen de leningen verkregen door bestuurlijke fusie met Stichting Welsaen en Stichting SMD in juni 2013. 31 december 2012 Toelichting: Schulden aan kredietinstellingen Onder de schulden aan kredietinstellingen is opgenomen een langlopende (niet geborgde) lening van € 15 miljoen van BNG Bank van dochtermaatschappij Stichting GGZ Drenthe. Op grond van de Algemene Kredietvoorwaarden van de BNG Bank bestaat een mogelijkheid tot directe opeising. Om die reden is deze als kortlopend gepresenteerd. Wij verwijzen 178.866.945 verder naar de waarderingsgrondslagen (continuïteitsveronderstelling). Vooruitontvangen opbrengsten De post vooruitontvangen opbrengsten is ultimo 2012 hoger door ontvangen voorschotten van Justitie en het Zorgkantoor welke betrekking hebben op 2013. 14. Niet in de balans opgenomen activa en verplichtingen Toelichting: Fiscale eenheid Stichting Espria kent een fiscale eenheid BTW voor de gehele groep. Huur en leaseverplichtingen De stichting heeft huur-, lease- en erfpachtverplichtingen voor een totaalbedrag van € 117 miljoen. Hiervan bedraagt € 63 miljoen langer dan 5 jaar. Obligoverplichting Een aantal leningen is geborgd bij het Waarborgfonds voor de Zorgsector (WfZ). Vanuit deze borging loopt de stichting risico voor maximaal 3% van de restschuld per balansdatum. De obligoverplichting Waarborgfonds bedraagt € 5,5 miljoen. Bankgaranties De hoogte van de afgegeven bankgaranties bedraagt ultimo 2013 € 0,7 miljoen. Er zijn geen investeringsverplichtingen ultimo 2013. Hoofdelijke aansprakelijkheid In het kader van ontvlechting van Zorgcoöperatie Nederland heeft GGZ Drenthe zich hoofdelijk aansprakelijk gesteld voor schulden aan het Waarborgfonds voor de Zorgsector (WfZ). Het betreft instellingen die op eigen merites nog niet voor borgstellingen in aanmerking komen. Het maximumrisico op grond van deze overeenkomst wordt voor alle betrokken instellingen op € 22,5 miljoen geschat. Tussen alle partijen die zich hoofdelijk aansprakelijk jegens het WfZ hebben gesteld is een nadere onderlinge overeenkomst gesloten, waarin de onderlinge afwikkeling van de hoofdelijke aansprakelijkheid nader is geconcretiseerd. Hiermee wordt het maximum van een eventuele aansprakelijkstelling middels beschikbaar vermogen en middelen vanuit derden beperkt. Overig De Kraamvogel Holding B.V. heeft middels een verklaring ex artikel 2:403 lid 1 onder f, BW, schriftelijk verklaard zich hoofdelijk aansprakelijk te stellen voor de uit rechtshandelingen voortvloeiende schulden van De Kraamvogel NW B.V., De Kraamvogel NO B.V., De Kraamvogel ZW B.V. en De Kraamvogel ZO B.V. Letters of support Als gevolg van het bij dochtermaatschappij Stichting HdS, Christelijke Organisatie voor Zorg bestaande negatieve vermogen en negatieve exploitatieresultaat heeft Stichting Icare een Letter of Support afgegeven bij deze dochtermaatschappij. Daarmee verklaart Stichting Icare dat zij het stellige voornemen heeft de lopende en benodigde financiering voor de operationele activiteiten voor de periode tot 27 mei 2015 te continueren. 99 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 5.1.6 MUTATIEOVERZICHT MATERIËLE VASTE ACTIVA op grond van art. 5a Regeling verslaggeving WTZi 5.1.6.2 WTZi - vergunningsplichtige materiële vaste activa In Euro’s 5.1.6.1 Totaal overzicht materiële vaste activa In Euro’s - aanschafwaarde - cumulatieve herwaarderingen - cumulatieve bijz. waardeverminderingen - cumulatieve afschrijvingen Boekwaarde per 1 januari 2013 - aanschafwaarde Totaal - herwaarderingen - terugnemingen van bijzondere waardeverminderingen 288.903.727 83.381.717 51.095.926 106.167.257 2.215.202 531.763.828 -17.926.050 0 0 622.387 0 -17.303.663 - cumulatieve afschrijvingen -3.905.793 -243.731 -256.170 -3.578.093 0 -7.983.788 -80.604.969 -26.329.728 -31.181.701 -52.150.725 Boekwaarde per 1 januari 2013 186.466.915 56.808.258 19.658.055 51.060.826 1.003.466 314.997.519 11.526.888 10.302.109 5.397.408 11.906.970 12.233 39.145.608 0 0 0 -1.204.378 0 -1.204.378 2.938.461 0 106.310 1.000.774 0 4.045.545 -377.378 -172.297 -435.311 0 -4.392.850 - afschrijvingen -11.411.948 -4.693.958 -5.522.312 -6.668.314 -73.355 -28.369.887 - verwerving via fusie Welsaen en SMD - cumulatieve aanschafwaarde 0 0 0 3.627.639 0 3.627.639 - cumulatieve afschrijvingen 0 0 0 -2.418.597 0 -2.418.597 -1.284.736 -498.902 -4.346.689 -587.891 0 -6.718.218 1.284.736 498.902 4.346.689 587.891 0 6.718.218 - desinvesteringen cumulatieve afschrijvingen per saldo Mutaties in boekwaarde (per saldo) -8.315.252 -6.824.324 -979.151 5.227.921 656.523 -3.087.331 -6.167.802 -3.441.795 -937.028 -5.551.644 0 979.151 807.336 0 7.670.930 0 -4.744.308 0 -13.999.441 -190.891 1.064.475 - investeringen -21.670.371 -61.121 -3.566.362 86.360.599 51.167.494 115.562.331 2.227.435 546.148.484 -17.926.050 0 0 -581.991 0 -18.508.041 -4.375.197 -621.109 -322.157 -3.012.630 0 -8.331.092 -31.378.173 -59.842.408 -1.285.091 -207.878.193 Boekwaarde per 31 december 2013 o.b.v. bedrijfseconomische grondslagen 183.025.119 55.871.230 19.467.163 52.125.302 942.345 311.431.158 Nacalculatorische afschrijvingen Boekwaarde per 31 december 2013 o.b.v. nacalculatorische grondslagen 8.496.849 181.068.941 10.708.833 5.154.270 202.041.355 920.873 22.779.795 44.305.401 2.993.201 288.903.727 0 0 -17.926.050 0 0 0 0 -17.926.050 0 0 -3.157.025 0 -711.514 -37.254 0 -3.905.793 -46.153.420 -920.873 -10.167.384 -21.187.507 0 -80.604.969 11.900.897 23.080.641 2.993.201 186.466.915 -216.000 -1.959.785 10.492.833 3.194.485 134.804.859 0 2.051.970 0 2.945.306 1.613.297 4.632.745 - cumulatieve aanschafwaarde 0 0 199.924 0 0 0 0 - terugnemingen van bijzondere waardeverminderingen 0 0 2.938.461 0 0 0 0 2.938.461 - bijzondere waardeverminderingen 0 -56.185 -3.015.633 0 0 -336.047 0 -3.407.865 - afschrijvingen 0 126.728 -8.551.762 0 -1.653.808 -1.333.107 0 -11.411.948 - terugname geheel afgeschreven activa 11.326.964 199.924 aanschafwaarde 0 0 -349.796 0 -398.633 -536.307 0 -1.284.736 cumulatieve afschrijvingen 0 0 349.796 0 398.633 536.307 0 1.284.736 aanschafwaarde cumulatieve afschrijvingen per saldo -142.146 0 -3.863.905 0 -589.438 0 0 3.855.945 0 544.217 154.189 -6.385.000 0 1.246.278 Mutaties in boekwaarde (per saldo) -142.146 -853.608 -2.866.156 827.759 0 -8.315.252 5.227.921 -81.706 1.766.590 -3.441.796 Stand per 31 december 2013 - aanschafwaarde - cumulatieve herwaarderingen - cumulatieve afschrijvingen 290.830.626 -85.504.260 -29.868.261 Subtotaal vergunning - aanschafwaarde - cumulatieve afschrijvingen 83.645 Stand per 31 december 2013 - cumulatieve bijzondere waardeverminderingen - cumulatieve bijzondere waardeverminderingen - cumulatieve herwaarderingen 0 - desinvesteringen - terugname geheel afgeschreven activa aanschafwaarde Mutaties in het boekjaar - verwerving via fusies en overnames: -3.407.865 cumulatieve afschrijvingen -1.211.736 -191.478.858 - bijzondere waardeverminderingen aanschafwaarde - cumulatieve herwaarderingen - cumulatieve bijzondere waardeverminderingen Mutaties in het boekjaar - investeringen TerreinSemi Ondervoorziepermanente Verbou-handen Grond ningen Gebouwen gebouwen wingen Installaties projecten Stand per 1 januari 2013 WTZi WTZi vergunningsmeldingsplichtig plichtig WMG Niet-WTZi KSWV Stand per 1 januari 2013 10.566.686 5.237.915 200.079.547 920.873 24.737.030 44.528.784 4.759.791 290.830.626 0 0 -17.926.050 0 0 0 0 -17.926.050 0 -56.185 -3.234.197 0 -711.514 -373.301 0 -4.375.197 -50.499.441 -920.873 -10.878.341 -21.156.548 0 -85.504.260 -216.000 -1.833.056 Boekwaarde per 31 december 2013 o.b.v. bedrijfseconomische grondslagen 10.350.686 3.348.674 128.419.859 0 Nacalculatorische afschrijvingen 0 0 365.501 3.520.776 Boekwaarde per 31 december 2013 9.907.208 2.989.785 124.335.100 o.b.v. nacalculatorische grondslagen Afschrijvingspercentage 0,0% 5,0% 2-2,5% 13.147.17522.998.935 4.759.791 183.025.119 2.262.005 2.348.567 0 8.496.849 0 15.830.692 23.418.247 4.587.910 181.068.941 5,0% 5,0% 5,0% 0,0% 101 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 5.1.6.3 WTZi - meldingsplichtig materiële vaste activa In Euro’s OnderOnderTrekkingsInstandhanden handen rechten projecten houdingen Subtotaal Subtotaal Stand per 1 januari 2013 projecten - aanschafwaarde - cumulatieve bijzondere waardeverminderingen - cumulatieve afschrijvingen Boekwaarde per 1 januari 2013 46.656.725 0 46.656.725 35.288.954 1.436.038 5.1.6.4 WMG gefinancierde materiële vaste activa 36.724.992 In Euro’s Subtotaal meldingsplichtige activa 83.381.717 0 0 0 -243.731 0 -243.731 -243.731 -12.401.619 0 -12.401.619 -13.928.108 0 -13.928.108 -26.329.728 34.255.106 0 34.255.106 21.117.114 1.436.038 22.553.152 56.808.258 Mutaties in het boekjaar - investeringen - bijzondere waardeverminderingen - afschrijvingen 710.208 0 710.208 4.289.258 5.302.644 9.591.901 10.302.109 0 0 0 -377.378 0 -377.378 -377.378 -2.436.880 0 -2.436.880 -2.257.078 0 -2.257.078 -4.693.958 aanschafwaarde 0 0 0 -498.902 0 -498.902 -498.902 cumulatieve afschrijvingen 0 0 0 498.902 0 498.902 498.902 - desinvesteringen aanschafwaarde cumulatieve afschrijvingen per saldo -83.392 0 -83.392 17.168 0 17.168 -66.223 0 -66.223 Mutaties in boekwaarde (per saldo) -1.792.896 -654.295 -6.086.638 -6.740.933 -6.824.324 0 639.354 656.523 -14.940 -6.086.638 -6.101.578 -6.167.802 0 -1.792.896 1.639.862 -783.994 855.867 -937.028 639.354 - aanschafwaarde - cumulatieve bijzondere waardeverminderingen - cumulatieve afschrijvingen 47.283.541 0 0 0 0 -621.109 0 -621.109 -621.109 -14.821.331 0 -14.821.331 -15.046.930 0 -15.046.930 -29.868.261 Boekwaarde per 31 december 2013 32.462.210 o.b.v. bedrijfseconomische grondslagen Afschrijvingspercentage 5,0% 47.283.541 38.425.014 652.044 39.077.058 - aanschafwaarde 86.360.599 0,0% 10,0% 0,0% 652.044 23.409.020 55.871.230 Subtotaal WMG 41.464.108 1.089.426 8.420.828 0 0 -251.403 -4.767 0 0 -256.170 - cumulatieve afschrijvingen -111.085 -25.088.965 -807.399 -5.174.252 0 -31.181.701 Boekwaarde per 1 januari 2013 10.478 16.123.741 277.260 3.246.576 51.095.926 0 19.658.055 Mutaties in het boekjaar - investeringen 0 2.784.123 46.050 2.567.234 0 - terugnemingen van bijzondere waardeverminderingen 0 101.543 4.767 0 0 106.310 - bijzondere waardeverminderingen 0 -172.297 0 0 0 -172.297 -3.596 -3.270.631 -109.689 -2.138.395 0 -5.522.312 - afschrijvingen 5.397.408 - terugname geheel afgeschreven activa cumulatieve afschrijvingen 0 -1.188.518 -469.318 -2.688.853 0 -4.346.689 0 1.188.518 469.318 2.688.853 0 4.346.689 - desinvesteringen aanschafwaarde 0 -909.394 -3.025 -66.732 0 -979.151 cumulatieve afschrijvingen 0 909.394 3.025 66.732 0 979.151 per saldo 0 0 0 0 0 0 -3.596 -557.262 -58.871 428.839 0 -190.891 Mutaties in boekwaarde (per saldo) Stand per 31 december 2013 - cumulatieve bijzondere waardeverminderingen - cumulatieve afschrijvingen Boekwaarde per 31 december 2013 Afschrijvingspercentage 0 32.462.210 22.756.976 121.563 - cumulatieve bijzondere waardeverminderingen - aanschafwaarde Stand per 31 december 2013 OnderVervoerAutomatihanden Stand per 1 januari 2013 middelen sering projecten Verbouwingen Inventaris aanschafwaarde - terugname geheel afgeschreven activa 121.563 42.150.320 663.133 8.232.477 0 0 -322.157 0 0 0 -322.157 -114.681 -26.261.685 -444.745 -4.557.062 0 -31.378.173 6.882 15.566.478 218.389 3.675.415 0 19.467.163 5,0% 10,0% 20,0% 10-33% 0,0% 51.167.494 103 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 5.1.6.5 Niet WTZi/WMG gefinancierde materiële vaste activa In Euro’s Semi Terreinpermanente VervoerOnderhanden Grond voorzieningen Gebouwen gebouwen Verbouwingen Installaties Inventaris middelen Automatisering projecten Stand per 1 januari 2013 - aanschafwaarde Subtotaal Niet WTZi/WMG 2.955.261 1.564.059 38.962.544 919.559 16.405.128 5.088.150 19.781.857 258.066 18.408.289 1.824.343 - cumulatieve herwaarderingen 0 0 622.387 0 0 0 0 0 0 0 622.387 - cumulatieve bijzondere waardeverminderingen 0 -3.043 -2.642.038 0 -22.517 -106.001 -790.063 -1.900 -2.212 -10.319 -3.578.093 - cumulatieve afschrijvingen 0 -281.366 -12.556.399 -399.673 -6.913.025 -3.080.774 -13.802.974 -317.783 -14.798.731 0 -52.150.725 2.955.261 1.279.650 24.386.494 519.887 9.469.586 1.901.374 5.188.820 -61.617 3.607.346 1.814.023 51.060.826 Boekwaarde per 1 januari 2013 106.167.257 Mutaties in het boekjaar - investeringen 13.637 54.589 248.821 13.414 599.470 260.529 1.641.991 96.922 4.868.565 4.109.032 11.906.970 - herwaarderingen 0 0 -1.204.378 0 0 0 0 0 0 0 -1.204.378 - terugnemingen van bijzondere waardeverminderingen 0 3.043 181.040 22.517 0 0 0 1.900 2.212 0 1.000.774 - bijzondere waardeverminderingen 0 0 -51.050 -11.056 -373.205 0 0 0 0 0 -435.311 - afschrijvingen 0 -27.078 -2.239.219 -173.808 -706.086 -207.918 -1.156.643 -31.693 -2.125.870 0 -6.668.314 - verwerving via fusie Welsaen en SMD - cumulatieve aanschafwaarde - cumulatieve afschrijvingen 7.700 0 1.678.546 0 737.413 0 697.000 26.692 480.288 0 3.627.639 0 0 -884.582 0 -530.569 0 -559.310 -25.342 -418.794 0 -2.418.597 - terugname geheel afgeschreven activa aanschafwaarde cumulatieve afschrijvingen 0 -4.746 -348.322 0 -70.402 0 -32.920 -85.001 -46.501 0 -587.891 0 4.746 348.322 0 70.402 0 32.920 85.001 46.501 0 587.891 - desinvesteringen aanschafwaarde cumulatieve afschrijvingen per saldo Mutaties in boekwaarde (per saldo) -11.498 -57.134 -316.374 0 -657.487 -183.022 -197.690 0 -105.793 -4.022.647 0 0 89.806 0 419.640 125.089 167.579 0 5.221 0 -5.551.643 807.336 -11.498 -57.134 -226.569 0 -237.847 -57.933 -30.111 0 -100.572 -402.264 -4.744.307 9.839 -26.579 -2.250.093 -160.394 -499.362 -5.321 1.382.987 68.479 2.705.832 86.385 1.064.476 Stand per 31 december 2013 2.965.100 1.556.768 40.225.215 932.973 17.014.123 5.165.657 21.890.238 296.679 23.604.848 1.910.728 - cumulatieve herwaarderingen - aanschafwaarde 0 0 -581.991 0 0 0 0 0 0 0 -581.991 - cumulatieve bijzondere waardeverminderingen 0 0 -2.512.048 11.461 -395.722 -106.001 0 0 0 -10.319 -3.012.629 - cumulatieve afschrijvingen 0 -303.697 -15.242.072 -573.480 -7.659.638 -3.163.602 -15.318.428 -289.816 -17.291.673 0 -59.842.406 2.965.100 1.253.071 21.889.104 370.954 8.958.763 1.896.053 6.571.810 6.863 6.313.175 1.900.408 52.125.302 0,0% 5,0% 2-2,5% 5,0% 5,0% 5,0% 10,0% 20,0% 10-33% 0,0% Boekwaarde per 31 december 2013 Afschrijvingspercentage 115.562.329 105 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 5.1.6.6 Kleinschalige Woonvoorzieningen In Euro’s 5.1.7 SPECIFICATIE ULTIMO BOEKJAAR ONDERHANDEN PROJECTEN EN GEREED GEKOMEN PROJECTEN Subtotaal kleinschalige TerreinvoorVerbouOnderhanden woonvoorGrond zieningen Gebouwen wingen Installaties projecten zieningen Stand per 1 januari 2013 - aanschafwaarde - cumulatieve afschrijvingen Boekwaarde per 1 januari 2013 87.286 9.324 784.606 820.078 244.183 269.724 2.215.202 0 -8.476 -395.943 -581.019 -226.298 0 -1.211.736 87.286 848 388.663 239.060 17.885 269.724 1.003.466 Mutaties in het boekjaar - investeringen 0 0 0 12.233 0 0 12.233 - afschrijvingen 0 -42 -23.491 -48.927 -894 0 -73.355 Mutaties in boekwaarde (per saldo) 0 -42 -23.491 -36.693 -894 0 -61.121 Stand per 31 december 2013 - aanschafwaarde - cumulatieve afschrijvingen 87.286 9.324 784.606 832.312 244.183 269.724 2.227.435 0 -8.519 -419.434 -629.946 -227.192 0 -1.285.091 Boekwaarde per 31 december 2013 87.286 805 365.172 202.366 16.991 269.724 Afschrijvingspercentage 5,0% 2-2,5% 5,0% 5,0% 0,0% 0,0% 942.345 5.1.7.1 Specificatie ultimo boekjaar onderhanden projecten In Euro’s Projectgegevens InvesteringenGoedkeuringen Nominaal Indexe- Aangepaste Jaar t/m 2013 t/m 2013 bedrag ring goed- van opOmschrijving WTZi type t/m 2012 2013 Gereed Onderhanden WTZi WTZi keuring levering Kwaliteitszorg -3.511 0 -3.511 0 0 0 0 0 Innovatieproject M&C 1.417 341.199 307.631 34.985 0 0 0 0 Datacentrum ICT 142.884 1.558.249 1.105.993 595.140 0 0 0 0 Planon 30.823 3.577 0 34.400 0 0 0 0 Lamellen 2.017 0 0 2.017 0 0 0 0 Zwolle, Strausplein 19.040 0 0 19.040 0 0 0 0 Zwolle, Oude Wetering 8.967 0 8.967 0 0 0 0 0 Kampen, Wederiklaan 5.273 0 0 5.273 0 0 0 0 Ermelo, Dr. Van Dalelaan 109.424 0 0 109.424 0 0 0 0 Zeewolde, Weerdt 75.238 0 0 75.238 0 0 0 0 Barneveld, Bouwheerstraat 101.313 0 0 101.313 0 0 0 0 Lunteren, Wilbrinkstraat 13.617 0 0 13.617 0 0 0 0 Ede, Stationsweg 352.707 29.881 0 382.588 0 0 0 0 Gieten, Dekelhem 24.153 15.828 24.153 15.827 0 0 0 0 Nieuw-Buinen, gezondheidscentrum 16.247 0 16.247 0 0 0 0 0 1.125 0 0 1.125 0 0 0 0 V&V GGZ Drenthe Assen, De Boshof 116.231 0 108.411 7.820 0 0 0 0 Assen, Ceresplein 367.592 815.037 1.182.629 0 0 0 0 0 Beurtschip Verpleging 52.521 59.964 -7.443 0 0 0 0 WSZ Beilen 146.136 1.742 0 147.878 0 0 0 0 Westerbork 24.563 12.246 0 36.809 0 0 0 0 Assen, Vierackers 199.785 0 182.244 17.541 0 0 0 0 Assen, Kloosterakker 63.075 0 63.075 0 0 0 0 0 VA Assen Oost 63.381 1.443 0 64.824 0 0 0 0 JGZ Zwolle 3.919 0 0 3.919 0 0 0 0 JGZ Barneveld 6.347 0 0 6.347 0 0 0 0 Innovatieproject JGZ 0 20.241 0 20.241 0 0 0 0 Overig 0 1.957 0 1.957 0 0 0 0 Niet WTZi 88.688 26.685 115.373 0 0 0 0 0 Noordse Balk/Rietvelden Vergunning 2.040.699 0 2.040.699 0 0 0 11.398.019 2013 Brandmeldinstallatie Overige projecten Geen 332.305 166.804 332.305 166.804 0 0 0 0 Overige projecten Geen 54.725 0 54.725 0 0 0 0 0 SUBTOTAAL TRANSPORT 4.460.701 2.994.891 5.598.905 1.856.686 0 0 11.398.019 107 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 5.1.7.1 Specificatie ultimo boekjaar onderhanden projecten In Euro’s Projectgegevens Investeringen Goedkeuringen t/m 2013 t/m 2013 Nominaal Indexering Aangepaste Omschrijving WTZi type t/m 2012 2013 Gereed Onderhanden bedrag WTZi WTZi goedkeuring SUBTOTAAL TRANSPORT 4.460.701 2.994.891 5.598.905 1.856.686 0 0 11.398.019 Jaar van oplevering Vlekkenplan vph Meander WTZI 2.529 0 0 2.529 0 0 0 2014 Keuken KLH WTZI 69.324 12.531 81.855 0 0 0 0 2013 Inventarisinrichting Parkheem WTZI 464.621 10.555 475.176 0 0 0 0 2013 Project BC WTZI 211.707 2.997.051 0 3.208.757 0 0 0 2014 Inventaris BC WTZI 0 379.439 0 379.439 0 0 0 2014 VPHM extra kantoren WTZI 0 3.543 0 3.543 0 0 0 2014 VPHM ketelhuis WTZI 0 203.958 0 203.958 0 0 0 2014 VPHM verlichtingsplan WTZI 0 17.530 0 17.530 0 0 0 2014 KH thermostaatkranen doucheruimtes WTZI 0 12.896 0 12.896 0 0 0 2014 BH Varkensruggen WTZI 0 8.853 0 8.853 0 0 0 2014 KO somerlustweg schilderwerk niet WTZI 0 17.785 0 17.785 0 0 0 2014 KO zuidenveld schilderwerk niet WTZI 0 35.934 0 35.934 0 0 0 2014 KO zuidenveld isolatieglas niet WTZI 0 20.825 0 20.825 0 0 0 2014 MFA Heggerank WTZI 0 699.186 0 699.186 0 0 0 2014 VPGM inventaris WTZI 0 24.746 0 24.746 0 0 0 2014 Stoombevochtiger WTZI 0 26.474 0 26.474 0 0 0 2014 233.012 -233.012 0 0 0 0 0 2013 Voorbereiden aanvraag 269.724 0 0 269.725 0 0 606.367 2013 Verklaring 46.728 -46.728 0 0 0 0 5.425.255 2014 einde project HACCP (verantwoord bij kleine projecten) Wonen Vlagtwedde (KSWV) 40 plaatsen vervangende hv Havens Instandhouding Instandhouding 0 1.222.969 1.212.369 10.600 0 0 435.405 Directiekosten div. projecten 147.853 147.853 0 0 0 0 0 0 Nieuwbouw Wieken/Vlint 180.342 180.342 0 0 0 0 0 0 Bouw MFR 426.445 167.147 575.440 18.150 0 0 0 0 Diverse kleine projecten 54.725 166.640 54.725 166.640 0 0 0 0 Jaarlijkse instandhouding 0 4.139.208 3.653.760 597.712 0 0 0 0 Totaal 6.567.711 12.882.420 11.980.425 7.581.967 0 0 17.865.046 109 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 5.1.8 Overzicht langlopende schulden ultimo 2013 In Euro’s Resterende Nieuwe Totale Aflossing Restschuld Restschuld Soort Werkelijke Restschuld looptijd in leningen looptijd Leninggever Datum in 2013 31 december 2013 over 5 jaar jaren eind 2013 Hoofdsom lening rente 31 december 2012 Aflossingswijze Aflossing 2014 Gestelde zekerheden in 2013 (in jaren) Kredietinstellingen BNG 3-dec-96 3.950.248 28 Hypoth.lening 6,45% 1.692.964 141.083 1.551.881 846.482 11 Lineair 141.082 Provincie Drenthe BNG 15-jan-98 2.382.346 30 Hypoth.lening 5,93% 1.270.584 79.412 1.191.173 794.113 15 Lineair 79.412 Waarborgfonds BNG 16-sep-02 1.800.000 30 Hypoth.lening 3,10% 1.200.000 60.000 1.140.000 840.000 19 Lineair 60.000 Waarborgfonds BNG 16-jun-04 6.400.000 9 Hypoth.lening 3,92% 711.110 711.110 0 0 Lineair - Waarborgfonds BNG 5-jul-04 1.095.000 30 Hypoth.lening 4,90% 803.000 36.500 766.500 584.000 21 Lineair 36.500 Waarborgfonds BNG 19-nov-07 15.000.000 20 Hypoth.lening 4,54% 11.250.000 750.000 10.500.000 6.750.000 14 Lineair 750.000 Waarborgfonds BNG 22-jan-08 1.361.341 15 Hypoth.lening 4,74% 930.250 90.756 839.494 385.714 10 Lineair 90.756 Waarborgfonds BNG 15-feb-11 10.375.000 25 Hypoth.lening 2,97% 9.960.000 415.000 9.545.000 7.470.000 23 Lineair 415.000 Waarborgfonds BNG 15-feb-11 10.375.000 25 Hypoth.lening 3,81% 9.960.000 415.000 9.545.000 7.470.000 23 Lineair 415.000 Waarborgfonds BNG 15-feb-11 10.375.000 25 Hypoth.lening 4,27% 9.960.000 415.000 9.545.000 7.470.000 23 Lineair 415.000 Waarborgfonds BNG 15-feb-11 10.375.000 25 Hypoth.lening 4,47% 9.960.000 415.000 9.545.000 7.470.000 23 Lineair 415.000 Waarborgfonds BNG 15-feb-11 5.000.000 20 Hypoth.lening 4,30% 4.750.000 250.000 4.500.000 3.250.000 18 Lineair 250.000 Waarborgfonds BNG 19-dec-12 7.000.000 30 Hypoth.lening 1,42% 7.000.000 233.333 6.766.667 5.600.000 28 Lineair 233.333 Waarborgfonds ING 19-dec-12 11.000.000 30 Hypoth.lening 3,02% 11.000.000 366.667 10.633.333 8.800.000 28 Lineair 366.667 Waarborgfonds - -834.224 -33.568 -800.656 Disagio BNG 1-jun-93 6.406.651 40 Onderhands 2,27% 2.100.000 100.000 2.000.000 1.500.000 20 Lineair 100.000 Gem. garantie Stadskanaal BNG 1-nov-93 5.036.960 40 Onderhands 2,94% 3.818.532 113.911 3.704.621 3.054.751 20 Annuitair 118.958 Gem. garantie Stadskanaal BNG 26-apr-01 4.537.802 30 Onderhands 5,82% 4.537.802 4.537.802 4.537.802 18 Aflossingsvrij Waarborgfonds BNG 26-apr-01 4.991.582 20 Onderhands 5,43% 2.246.213 249.579 1.996.634 748.739 8 Lineair 249.579 Waarborgfonds NWB 1-nov-96 1.743.650 30 Onderhands 4,05% 781.636 60.126 721.510 420.880 13 Lineair 60.126 Rijksgarantie 31-dec-04 3.085.705 17 Onderhands 4,02% 1.633.609 181.512 1.452.097 544.537 8 Lineair 181.512 Waarborgfonds *1) Waarborgfonds *1) ABN/AMRO Bank ABN/AMRO Bank NWB ABN/AMRO Bank 1-jan-98 2.488.031 23 Onderhands 4,00% 1.640.731 105.912 1.534.819 1.005.259 8 Lineair 105.912 27-feb-06 2.276.207 20 Onderhands 3,74% 1.593.345 113.810 1.479.535 910.485 13 Lineair 113.810 Waarborgfonds 1-jan-98 2.461.553 23 Onderhands 4,33% 1.614.254 105.912 1.508.342 978.782 8 Lineair 105.912 Waarborgfonds *1) NWB 31-dec-04 6.191.377 26 Onderhands 4,44% 4.372.626 239.596 4.133.030 2.935.050 17 Lineair 239.596 Waarborgfonds ABN/AMRO Bank 31-dec-04 1.421.648 23 Onderhands 4,33% 937.373 60.534 876.839 574.169 14 Lineair 60.534 Waarborgfonds *1) Waarborgfonds *1) ABN/AMRO Bank 1-aug-69 136.134 50 Onderhands 7,50% 53.908 6.877 47.031 19.665 6 Annuitair 5.473 ABN/AMRO Bank 18-dec-04 9.025.000 19 Onderhands 4,34% 5.225.000 5.225.000 0 0 0 Lineair 0 Waarborgfonds *1) BNG 108345 18-dec-13 4.750.000 10 Onderhands 1,75% 4.750.000 4.750.000 2.375.000 10 Lineair 475.000 Waarborgfonds *1) NWB 1-apr-08 1.000.000 30 Onderhands 4,06% 841.668 33.333 808.335 641.670 25 Lineair 33.333 Waarborgfonds BNG 40.107109 27-feb-12 3.387.378 16 Onderhands 3,46% 3.175.667 211.711 2.963.956 1.905.401 15 Lineair 211.711 Waarborgfonds BNG 40.107727 1-okt-12 907.560 10 Onderhands 2,30% 907.560 90.756 816.804 363.024 9 90.756 Waarborgfonds SNS Asset management 12-mei-05 23.597 57 Onderhands 4,50% 2.316 926 1.390 0 3 Lineair 926 geen BNG 15-jun-05 431.091 30 Onderhands 4,75% 158.067 14.370 143.697 71.847 10 Lineair 14.370 geen ING-Bank (cum1) 27-dec-04 2.500.000 28 Overige 4,79% 1.800.000 90.000 1.710.000 1.260.000 19 Lineair 90.000 Waarborgfonds ING-Bank (cum3) 20-sep-99 1.871.844 30 Overige eur+,5% 822.477 113.445 709.032 141.807 16 Lineair 113.445 Waarborgfonds NWB 1W0026295 (cum4) 1-sep-09 1.512.560 20 Overige 3,22% 1.266.769 75.628 1.191.141 813.001 16 Overige 75.628 Waarborgfonds NWB 1-0027691 (cum5) 1-aug-12 1.875.750 20 Overige 2,64% 1.786.429 89.321 1.697.107 1.250.502 20 Lineair 89.321 Waarborgfonds SUBTOTAAL TRANSPORT 120.929.666 4.750.000 11.627.552 114.052.114 83.782.680 6.203.653 *1) Voor ABN/AMRO bank leningen geldt tevens een negatieve hypotheekverklaring en een pari passu verklaring 111 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 5.1.8 Overzicht langlopende schulden ultimo 2013 In Euro’s Resterende Nieuwe Totale Aflossing Restschuld Restschuld Soort Werkelijke Restschuld looptijd in leningen looptijd Leninggever Datum in 2013 31 december 2013 over 5 jaar jaren eind 2013 Hoofdsom lening rente 31 december 2012 Aflossingswijze Aflossing 2014 Gestelde zekerheden in 2013 (in jaren) SUBTOTAAL TRANSPORT 120.929.666 4.750.000 11.627.552 114.052.114 83.782.680 6.203.653 Kredietinstellingen NWB overgesloten 31-dec-11 6.523.091 25 Onderhands 3,79% 6.262.167 260.924 6.001.243 4.696.625 23 Lineair 260.924 Waarborgfonds 14-mrt-97 1.507.726 25 Hypoth.lening 3,99% 381.481 381.481 0 - 0 Lineair - Waarborgfonds NWB 8-jul-02 1.765.000 19 Onderhands 5,22% 882.500 88.250 794.250 353.000 9 Lineair 88.250 Waarborgfonds NWB 31-jul-13 2.600.000 30 Onderhands 3,24% 2.600.000 21.667 2.578.333 2.145.000 29 Lineair 86.667 Waarborgfonds 20-mrt-06 2.983.136 30 Onderhands 3,95% 2.386.488 99.437 2.287.051 1.789.866 23 Lineair 99.437 Waarborgfonds 1-jul-12 7.000.000 30 Onderhands 4,50% 6.766.667 233.333 6.533.334 5.366.667 29 Lineair 233.333 Waarborgfonds NWB, herfinanc. 1-mei-12 8.000.000 27 Onderhands 4,70% 7.555.556 296.296 7.259.259 5.777.778 26 Lineair 296.296 Waarborgfonds Rabo, herfinanc. 1-mei-12 7.750.000 27 Onderhands 4,20% 7.319.444 287.037 7.032.407 5.597.222 26 Lineair 287.037 Waarborgfonds Rabo, onderhandse 1-aug-12 4.600.000 30 Onderhands 2,98% 4.446.667 153.333 4.293.333 3.526.667 29 Lineair 153.333 Waarborgfonds Disagio 3-jul-05 -179.800 -171.008 -5.993 -165.015 -135.048 Disagio 31-jul-13 -39.328 -39.328 -655 -38.673 -32.118 Rentevastlening ING 1-sep-09 147.025 10 Rente vast 5,45% 111.629 10.890 100.739 35.392 8 Lineair 10.890 Rentevastlening ING 1-sep-09 404.375 13 Rente vast 4,85% 298.750 32.500 266.250 128.125 11 Lineair 32.500 Hypotheek ING 1-jun-04 3.440.000 30 Onderhands 4,25% 2.465.321 114.667 2.350.654 1.777.313 21 Lineair 114.667 Waarborgfonds 3-okt-95 158.823 30 4,35% 95.500 6.744 88.756 53.506 Annuïtair 6.463 Geen 30-jun-99 363.024 25 5,34% 166.992 14.521 152.471 79.865 Lineair 14.521 Geen Totaal Kredietinstellingen 159.635.327 7.573.164 13.621.983 153.586.508 114.942.540 7.887.972 B.N.G. (DVE) Erasmus NV NWB SNS Fortis bank Hypotheek Overige langlopende schulden Stg. Steun a/d Kimme 1-jan-99 158.823 20 Onderhands 0,00% 47.647 7.942 39.705 5 Lineair 7.941 Geen COTG 1-jan-94 317.646 25 Hypothecair 0,15% 88.939 88.939 Lineair Geen Steunfonds 1-jan-03 1.000.000 onbep. Geldlening 4,00% 480.000 480.000 nvt Geen BNG 5-nov-93 726.048 30 Onderhands 4,48% 266.218 24.201 242.017 96.810 10 Lineair 24.201 Geen BNG 1-aug-04 300.000 10 Onderhands 4,40% 60.000 30.000 30.000 1 Lineair 30.000 Geen Erasmus N.V. 4-sep-06 400.000 20 Onderhands 4,32% 280.000 20.000 260.000 160.000 13 Lineair 20.000 Geen Van der Gragt Beheer B.V. 8-jun-03 90.756 20 Onderhands 2,00% 48.020 48.020 - Lineair Totaal overige langlopende schulden 616.586 654.238 699.102 571.722 256.810 82.143 Financial Lease Bethesda 31-dec-10 14.125.411 50 Financial lease 5,25% 5.842.274 241.681 5.600.593 4.367.066 21 Annuïtair 243.242 Geen Leveste 31-dec-10 11.521.098 50 Financial lease 5,25% 4.921.039 196.199 4.724.840 3.769.357 33 Annuïtair 194.614 Geen Parkheem 1-nov-12 11.871.255 30 Financial lease 4,21% 11.805.303 386.450 11.418.853 9.431.027 28 Annuïtair 395.711 Geen Woonzorg Nederland 1-jan-72 1.218.907 4 Financial lease 5,25% 718.970 346.082 372.888 1 Annuïtair 372.888 Geen Eigen Haard 1-jan-72 10.196.536 45 Financial lease 5,25% 4.308.961 947.940 3.361.021 3 Annuïtair 1.030.584 Geen Ymere 1-jan-70 3.383.154 50 Financial lease 5,25% 2.827.346 284.181 2.543.165 809.639 7 Annuïtair 303.521 Geen 31-dec-10 250.046 9 Financial lease 5,25% 213.800 24.123 189.677 6 Annuïtair 26.062 Geen 1-jan-12 2.848.992 9 Financial lease 5,25% 2.588.219 272.325 2.315.894 758.600 7 Lineair 284.485 Geen Totaal Financial Lease 33.225.912 2.698.982 30.526.930 19.135.689 2.851.107 193.477.825 8.227.402 17.020.066 184.685.161 134.335.039 10.821.222 Timanshof Woonzorg Nederland Totaal 113 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 5.1.9 TOELICHTING OP DE RESULTATENREKENING 5.1.9.1 GESEGMENTEERDE RESULTATENREKENING OVER 2013 In Euro’s Segment Verpleging en Verzorging 2013 2012 2013 2012 2013 Bedrijfsopbrengsten Opbrengsten uit gebudgetteerde zorgprestaties 499.502.271 507.478.249 GehandicaptenzorgPsychiatrieJeugdgezondheidszorg 55.063.862 2012 2013 2012 Kraamzorg 2013 2012 Kinderopvang 2013 2012 Ledenservice 2013 2012 Overig 2013 2012 Totaal 2013 2012 55.400.870 154.039.605 149.279.278 0 0 0 0 0 0 0 0 -146.548 -34.367 708.459.191 712.124.030 Niet gebudgetteerde zorgprestaties 17.717.036 13.439.642 3.473.827 3.582.953 3.690.642 3.882.653 2.410.578 2.511.079 38.589.174 39.317.696 5.216.117 7.046.087 0 0 146.546 -130.807 Subsidies 4.379.599 3.487.706 334.157 151.445 1.967.915 1.874.041 17.292.888 17.975.092 0 0 0 18.600 0 0 4.553.903 -2.185 28.528.462 23.504.700 14.463.285 13.463.648 237.984 235.265 4.038.348 3.768.436 749.356 0 110.508 -155.253 31.552 31.681 7.725.112 7.541.619 247.217 -1.950.231 27.603.363 22.935.166 536.062.190 537.869.245 59.109.831 59.370.534 163.736.511 158.804.408 20.452.822 20.486.171 38.699.682 39.162.443 5.247.669 7.096.368 7.725.112 7.541.619 4.801.118 Overige bedrijfsopbrengsten Som der bedrijfsopbrengsten 71.243.919 69.649.303 -2.117.589 835.834.936 828.213.199 Bedrijfslasten: Personeelskosten Afschrijvingen op immateriële en materiële vaste activa Bijzondere waardeverminderingen van vaste activa Overige bedrijfskosten Som der bedrijfslasten 418.706.151 411.947.381 38.079.708 37.087.112 119.625.320 121.261.781 14.148.618 14.373.486 34.822.512 34.876.324 4.010.201 5.317.440 2.522.720 2.468.719 7.337.029 14.228.146 14.280.020 3.571.421 3.545.352 10.071.423 10.088.615 21.875 21.000 175.091 261.169 333.283 575.056 27 194 547.331 2.311.664 639.252.259 629.643.907 603.360 28.948.597 -65.761 4.862.932 0 0 0 0 0 0 0 0 373.205 0 0 0 39.864 -505.001 347.306 4.357.931 87.907.274 87.497.467 14.422.914 14.248.746 28.740.429 22.409.027 5.501.763 5.586.693 3.173.692 3.190.138 1.341.558 1.554.812 5.179.753 4.553.783 -6.482.057 -7.972.994 139.785.327 131.067.672 520.775.808 518.587.800 56.074.043 54.881.209 158.437.173 153.759.424 19.672.257 19.981.179 38.171.294 38.327.631 6.058.247 7.447.308 7.702.500 7.022.696 1.442.167 -5.562.971 808.333.490 794.444.276 29.374.766 Bedrijfsresultaat 15.286.383 19.281.445 3.035.787 4.489.325 5.299.338 5.044.984 780.565 504.992 528.388 834.812 -810.578 -350.940 22.612 518.923 3.358.952 3.445.382 27.501.446 33.768.923 Financiële baten en lasten -1.736.490 -837.242 -1.541.385 -1.724.999 -4.215.479 -3.699.487 35.977 41.544 43.973 35.935 -47.273 -50.074 81.488 102.378 34.550 -305.690 -7.344.638 -6.437.636 Resultaat uit gewone bedrijfsvoering 13.549.893 18.444.203 1.494.402 2.764.326 1.083.859 1.345.497 816.542 546.536 572.361 870.746 -857.851 -401.013 104.100 621.301 3.393.502 3.139.692 20.156.808 27.331.287 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 13.549.893 18.444.203 1.494.402 2.764.326 1.083.859 1.345.497 816.542 546.536 572.361 870.746 -857.851 -401.013 104.100 Buitengewone baten en lasten RESULTAAT BOEKJAAR 0 621.301 3.393.502 3.139.692 20.156.808 27.331.287 Resultaatbestemming Segment Het resultaat is als volgt verdeeld: Verpleging en Verzorging 2013 2012 GehandicaptenzorgPsychiatrieJeugdgezondheidszorg 2013 2012 2013 2012 2013 2012 Kraamzorg 2013 2012 Kinderopvang 2013 2012 Ledenservice 2013 2012 Overig 2013 2012 Totaal 2013 2012 Toevoeging/(onttrekking): Collectief gefinancierd gebonden vermogen: Reserve aanvaardbare kosten Bestemmingsreserves 13.466.082 17.557.636 1.494.402 2.764.326 1.083.859 1.345.497 816.542 546.536 0 0 0 0 0 0 -237.988 -287.820 16.622.897 21.926.175 0 78.013 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 2.650.908 2.393.953 2.650.908 2.471.966 Niet-collectief gefinancierd vrij vermogen: Algemene reserves 11.861 405.255 0 0 0 0 0 0 572.361 870.746 -857.851 -401.013 0 0 985.630 948.767 712.002 1.823.755 Bestemmingsreserves 71.949 403.299 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 -5.049 84.791 66.901 488.090 Bestemmingsfondsen 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 104.100 621.301 0 0 104.100 621.301 13.549.893 18.444.203 1.494.402 2.764.326 1.083.859 1.345.497 816.542 546.536 572.361 870.746 -857.851 -401.013 104.100 621.301 3.393.502 3.139.692 20.156.808 27.331.287 115 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 BATEN 17. Subsidies 15. Opbrengsten uit gebudgetteerde zorgprestaties in Euro’s 2013 De specificatie is als volgt: Rijkssubsidies vanwege het Ministerie van VWS (waaronder opleidingsfonds) 3.355.177 2.798.983 Subsidies vanwege Provincies en gemeenten (exclusief Wmo-huishoudelijke hulp; inclusief 23.523.500 18.275.463 1.649.785 2.430.254 Totaal 28.528.462 23.504.700 in Euro’s 2013 De specificatie is als volgt: 2012 Wettelijk budget voor aanvaardbare kosten ZVW-zorg 109.061.411 81.869.975 Wettelijk budget voor aanvaardbare kosten AWBZ (exclusief subsidies) 599.397.780 630.254.055 Totaal 708.459.191 712.124.030 Voor een overzicht van de mutaties van het wettelijk budget voor aanvaardbare kosten in het verslagjaar ten opzichte van het voorafgaande jaar wordt verwezen naar 5.1.10. Toelichting: De omzet geriatrische revalidatiezorg (GRZ) werd tot en met 2012 gefinancierd vanuit de AWBZ. In 2013 wordt dit gefinancierd vanuit de zorgverzekeringswet (ZVW). Onzeker is of het landelijk budget voor GRZ wordt overschreden. In geval van overschrijding van het landelijk budget zullen de bedrijfsonderdelen Icare, Evean en Zorggroep Meander op basis van haar gerealiseerde aandeel in het totale budget worden gekort. Het contract rondom de uitleen hulpmiddelen is gewijzigd. De vergoeding vanuit de AWBZ wordt niet meer ontvangen. Hierdoor is de omzet AWBZ ten opzichte van vorig jaar afgenomen. Deze opbrengsten zijn met ingang van 2013 verantwoord onder de overige bedrijfsopbrengsten. In 2013 is de prestatiebekostiging ZVW voor de GGZ ingevoerd. Voor de omzetbepaling DBC’s in 2013 is de Handreiking Omzetbepaling Curatieve GGZ toegepast. Verwezen wordt verder naar de toelichting in de grondslagen voor waardering en resultaatbepaling (5.1.4.). 16. Niet-gebudgetteerde zorgprestaties in Euro’s 2013 De specificatie is als volgt: Eigen bijdragen en betalingen cliënten voor niet-verzekerde zorg en 1.293.997 2012 1.326.371 opbrengsten uit aanvullende zorgverzekering Persoonsgebonden en -volgende budgetten 7.070.511 7.412.453 Opbrengsten uit hoofde van niet-gebudgetteerde Zvw/AWBZ-zorg (waaronder kraamzorg) 40.018.989 40.852.544 Opbrengsten uit Wmo-prestaties op het gebied van huishoudelijke hulp (inclusief onderaanneming) 1.705.569 1.903.461 Overige niet-gebudgetteerde zorgprestaties 21.154.854 18.154.474 Totaal 71.243.919 69.649.303 Toelichting: De niet gebudgetteerde zorgprestaties zijn gestegen als gevolg van een herrubricering. De vergoeding voor de dienstverlening van de voormalige AWBZ uitleen verpleegartikelen werd vorig jaar verantwoord onder gebudgetteerde zorgprestaties en is vanaf 2013 gepresenteerd onder de overige niet-gebudgetteerde zorgprestaties. Verwezen wordt naar de toelichting hierboven onder punt 15. 2012 overige Wmo-prestaties zoals maatschappelijke en vrouwenopvang, verslavingszorg, OGGZ) Overige subsidies, waaronder loonkostensubsidies en EU-subsidies Toelichting: De stijging van de subsidieopbrengsten wordt verklaard door de bestuurlijke fusie met Stichting Welsaen en SMD in juni 2013. 18. Overige bedrijfsopbrengsten in Euro’s 2013 De specificatie is als volgt: 2012 Contributies 7.910.595 Verhuur 3.429.403 2.796.081 Overige 16.263.365 12.189.359 Totaal 27.603.363 22.935.166 Toelichting: De overige bedrijfsopbrengsten zijn gestegen als gevolg van herrubricering van de omzet met betrekking tot uitleen. Deze activiteiten worden met ingang van 2013 niet meer zelf uitgevoerd. De inkoopwaarde van de omzet werd in mindering gebracht op de omzet. Verwezen wordt ook naar de toelichting hierboven onder punt 16. 7.949.726 117 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 LASTEN Aansluiting afschrijvingen resultatenrekening - vergoeding nacalculeerbare afschrijvingslasten 19. Personeelskosten in Euro’s 2013 Totaal afschrijvingslasten resultatenrekening 28.948.597 waarvan nacalculeerbare afschrijvingen 8.496.849 - WTZi-vergunningplichtige vaste activa 8.496.849 Totaal vergoeding nacalculeerbare afschrijvingslasten 8.496.849 Aanschafwaarde desbetreffende vaste activa 256.583.083 Cumulatieve afschrijvingslasten desbetreffende vaste activa 92.517.534 92.517.534 in Euro’s 2013 De specificatie is als volgt: 2012 Lonen en salarissen 465.804.688 458.836.051 Sociale lasten 67.395.267 60.964.378 Pensioenpremies 40.665.260 38.428.964 Andere personeelskosten 29.587.225 32.894.111 Subtotaal 603.452.441 591.123.504 Personeel niet in loondienst 35.799.819 38.520.403 Totaal personeelskosten 639.252.259 629.643.907 Specificatie gemiddeld aantal personeelsleden (in FTE’s) per segment: Verpleging en Verzorging 7.641 7.453 Gehandicaptenzorg 827 800 Psychiatrie 1.943 1.956 Jeugdgezondheidszorg 228 251 Kraamzorg 706 738 Kinderopvang 87 135 Ledenservice 48 48 Overig 212 58 Gemiddeld aantal personeelsleden op basis van full-time eenheden 11.692 11.439 20. Afschrijvingen op immateriële vaste activa en materiële vaste activa in Euro’s 2013 De specificatie is als volgt: 8.496.849 2012 Nacalculeerbare afschrijvingen: 8.067.547 Overige afschrijvingen: -immateriële vaste activa 578.711 493.686 -materiële vaste activa 19.873.038 20.813.534 Totaal afschrijvingen 28.948.597 29.374.766 Toelichting: In de overige afschrijvingen is de afschrijving op geactiveerde financial lease opgenomen. Cumulatieve vergoedingen voor nacalculeerbare afschrijvingslasten desbetreffende vaste activa 21. Bijzondere waardeverminderingen van vaste activa in Euro’s 2013 De specificatie is als volgt: 2012 - Bijzondere waardeverminderingen WTZi 3.957.540 - Bijzondere waardeverminderingen niet-WTZi 435.311 3.055.703 - Terugneming van bijzondere waardeverminderingen WTZi -3.044.771 -1.685.000 - Terugneming van bijzondere waardeverminderingen niet-WTZi -1.000.774 -700.000 Totaal 347.306 4.357.931 Toelichting: Als gevolg van de waardering op basis van bedrijfseconomische grondslagen zijn ultimo 2013 bedrijfswaardeberekeningen uitgevoerd. Voor zover sprake is van een lagere realiseerbare waarde dan de boekwaarde, zijn bijzondere waardeverminderingen in het resultaat verwerkt. Als er voor een kasstroomgenerende eenheid sprake is van een Toelichting: De stijging van de personeelskosten hangt samen met een toename van het aantal FTE’s en een verbetering van de arbeidsvoorwaarden conform de CAO. Er zijn in 2013 ook intensiveringsmiddelen ingezet door diverse bedrijfsonderdelen, waardoor veel leerling- verzorgenden zijn aangenomen. -materiële vaste activa In het externe budget verwerkte vergoeding voor nacalculeerbare afschrijvingslasten: 3.687.228 verbetering van de toekomstige kasstromen op een reeds genomen bijzondere waardevermindering, dan wordt er een bedrag teruggenomen. Voor een nadere toelichting op onder andere de gehanteerde uitgangspunten wordt verwezen naar de grondslagen voor waardering en resultaatbepaling (5.1.4.). 119 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 22. Overige bedrijfskosten in Euro’s 2013 2012 De specificatie is als volgt: Voedingsmiddelen en hotelmatige kosten 30.147.502 30.742.307 Algemene kosten 43.665.255 44.634.275 Cliënt- en bewonersgebonden kosten 12.207.290 10.734.859 Onderhoud en energiekosten: - Onderhoud 7.868.826 9.496.467 - Energie gas 5.061.381 4.023.938 - Energie stroom 4.495.487 4.777.292 - Energie transport en overig 1.217.663 681.833 Subtotaal 18.643.358 18.979.529 Huur en leasing 29.680.021 26.361.325 Dotaties en vrijval voorzieningen 5.441.902 Totaal overige bedrijfskosten 139.785.327 Wat is de samenstelling van het bestuur of de directie? Vierhoofdig met voorzitter De bezoldiging van de bestuurders en gewezen bestuurders van Stichting Espria over het jaar 2013 is als volgt: NaamM.W. MeerdinkJ.L. Kauffeld 1 Vanaf welke datum is de persoon als bestuurder werkzaam in uw organisatie? 08-04-2008 01-01-2013 ja ja ja ja 3 Zo nee: tot welke datum was de persoon als bestuurder werkzaam in uw organisatie? -384.622 4 Is deze gewezen bestuurder sindsdien nog in dienst van uw organisatie? 131.067.672 5 Wat is de aard van de (arbeids)overeenkomst? (1) 2 1 1 6 Welke salarisregeling is toegepast? (2) 1 2 2 1 7 Wat is de deeltijdfactor? (percentage) 50% 50% 50% 50% 139.931 117.535 119.754 69.967 9 Wat is de totale som van de eventuele vergoedingen in natura (o.a. huisvesting, auto (mede) voor privégebruik, laagrentende leningen, etc.)? 0 0 0 0 10 Belastbare vaste en variabele onkostenvergoedingen (3) (3) (3) (3) 11 Voorzieningen ten behoeve van beloning betaalbaar op termijn (o.a. werkgeversbijdrage pensioen, VUT, FPU, sabbatical, aanvulling sociale uitkering, arbeidsongeschiktheidsuitkering, etc.) 15.689 12.921 32.795 7.908 12 Winstdelingen en bonusbetalingen 0 0 0 0 13 Uitkeringen in verband met beëindiging van het dienstverband 0 0 0 0 Totale bezoldiging conform WNT 155.619 130.455 152.548 77.875 14 Belastbare vaste en variabele onkostenvergoedingen 1.650 1.650 1.650 1.650 15 Werkgeversbijdrage sociale verzekeringspremies 4.124 4.124 5.292 4.124 161.393 136.229 159.490 83.649 2 Maakt de persoon op dit moment nog steeds deel uit van het bestuur? a. Waarvan: verkoop verlofuren b. Waarvan: nabetalingen voorgaande jaren in Euro’s 2013 A.Th.J.M. Zuure T.T.M. van Grinsven 01-12-1994 8 Beloning (incl. salaris, vakantiegeld, eindejaarsuitkering en andere vaste toelagen) De specificatie is als volgt: 2012 Financiële baten: Rentebaten 2.606.071 2.285.619 Overige opbrengsten financiële vaste activa en effecten -6.130 -28.926 Subtotaal financiële baten 2.599.940 2.256.768 Financiële lasten: Rentelasten 9.276.323 Resultaat deelnemingen 208.600 0 Waardeverandering financiële vaste activa en effecten 460.486 152.410 Vennootschapsbelasting -831 83.158 Subtotaal financiële lasten 9.944.578 8.694.403 Totaal financiële baten en lasten -7.344.638 -6.437.636 Toelichting: De rentebaten zijn toegenomen door een herrubricering van de ontvangen rente financial lease. Deze rentebaten werden vorig jaar gepresenteerd onder de rentelasten. Het resultaat deelneming bestaat uit de afboeking van de deelneming Intend bij GGZ Drenthe. Welk bestuursmodel is van toepassing op uw organisatie? Eindverantwoordelijke Raad van Bestuur met Raad van Commissarissen 01-02-2010 Toelichting: De stijging van de cliënt- en bewonersgebonden kosten wordt verklaard door met name crisisuitplaatsingen. De stijging van de kosten van dotaties en vrijval voorzieningen wordt voornamelijk veroorzaakt doordat in 2013 diverse nieuwe reorganisatievoorzieningen zijn gevormd. Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar 5.1.5. toelichting op de balans onder punt 11. 23. Financiële baten en lasten 25. Bezoldiging bestuurders en toezichthouders 8.458.835 Totale bestuurdersbezoldiging conform BW 2 Titel 9 (art.383) 2 121 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 Toelichting: (1) Het cijfer 1 op deze regel staat voor: arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Het cijfer 2 op deze regel staat voor: arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd. (2) Het cijfer 1 op deze regel staat voor: bezoldiging op basis van de BBZ-regeling in de zorg. Het cijfer 2 op deze regel staat voor: bezoldiging op basis van de toenmalige NVZDregeling, nu de overgangsregeling binnen de BBZ. (3) Er is sprake van een netto onkostenvergoeding welke onderdeel uitmaakt van de vrije ruimte binnen de werkkostenregeling. Daarmee valt deze vergoeding niet onder de WNT-bezoldiging. Bij de samenstelling van bovenstaande verantwoording uit hoofde van de WNT zijn de Beleidsregels toepassing WNT d.d. 27 februari 2014 van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koningkrijksrelaties als uitgangspunt gehanteerd. Stichting Espria herkent de door de Minister van BZK in zijn kamerbrief d.d. 27 februari 2014 onderkende uitvoeringsproblemen met betrekking tot externe niettopfunctionarissen en heeft deze categorie in lijn met de door de minister voorgestelde gedragslijn niet in de WNT verantwoording betrokken. De bovengenoemde bestuurders zijn zowel statutairbestuurder van Stichting Espria als Stichting Woonzorg Nederland. De samenwerking tussen Stichting Espria en Stichting Woonzorg Nederland is tot stand gekomen middels een personele unie Raad van Bestuur en raad van commissarissen. De heren Meerdink en Kauffeld en mevrouw Van Grinsven hebben een arbeidsrechtelijke relatie met Stichting Espria. De heer Zuure heeft een arbeidsrechtelijke relatie met Stichting Woonzorg Nederland. De kosten van de bestuurders worden voor 50% ten laste van Stichting Espria en voor 50% ten laste van Stichting Woonzorg Nederland gebracht. NaamP.A.M. Loven A.A. Westerlaken H.J. van den Bosch 01-01-2013 12-11-2013 08-04-2008 nee nee nee 4 Beloning (incl. salaris, vakantiegeld, eindejaarsuitkering en andere vaste toelagen) 11.430 1.556 1.905 5 Wat is de totale som van de eventuele vergoedingen in natura (o.a. huisvesting, auto (mede) voor privégebruik, laagrentende leningen, etc.)? 0 0 0 6 Vaste en variabele onkostenvergoedingen 0 0 0 0 1 Vanaf welke datum was de toezichthouder voor het eerst in de huidige functie van toezichthouder werkzaam binnen de organisatie? 2 Is de persoon in het verslagjaar voorzitter van de Raad van Commissarissen geweest? 3 Nevenfunctie(s) Bij de bestuurders Meerdink, Kauffeld en Zuure is er sprake van een overschrijding van de maximum bezoldiging in het kader van de WNT. Betreffende bestuurders vallen onder het overgangsrecht WNT. De bezoldigingsafspraken met deze functionarissen zijn gebaseerd op afspraken die voor de inwerkingtreding van de WNT zijn gemaakt. De bezoldiging van mevrouw Van Grinsven, die per 1 januari 2013 als bestuurder is aangetreden, valt volledig binnen de kaders van de WNT. 7 Werkgeversbijdrage sociale verzekeringspremies 8 Voorzieningen ten behoeve van beloning betaalbaar op termijn (o.a. werkgeversbijdrage pensioen, VUT, FPU, sabbatical, aanvulling sociale uitkering, arbeidsongeschiktheidsuitkering, etc.) 0 0 9 Winstdelingen en bonusbetalingen 0 0 0 10 Uitkeringen in verband met beëindiging van het dienstverband 0 0 0 11.430 1.556 1.905 (2) Totaal bezoldiging conform WNT De bezoldiging van de leden van de Raad van Commissarissen van Stichting Espria over het jaar 2013 is als volgt (in euro’s): Naam 1 Vanaf welke datum was de toezichthouder voor het eerst in de huidige functie van toezichthouder werkzaam binnen de organisatie? 2 Is de persoon in het verslagjaar voorzitter van de Raad van Commissarissen geweest? 3 Nevenfunctie(s) 4 Beloning (incl. salaris, vakantiegeld, eindejaarsuitkering en andere vaste toelagen) H.C.P. Noten B.E. Baarsma B. Fransen (2) Inclusief btw bedraagt de vergoeding € 2.305. L. Geut 26. Wet Normering Topinkomens (WNT) 01-01-2013 01-09-2011 01-09-2011 10-11-2009 ja nee nee nee 17.145 11.430 11.430 11.430 5 Wat is de totale som van de eventuele vergoedingen in natura (o.a. huisvesting, auto (mede) voor privégebruik, laagrentende leningen, etc.)? 0 0 0 0 6 Vaste en variabele onkostenvergoedingen 0 0 0 0 7 Werkgeversbijdrage sociale verzekeringspremies 8 Voorzieningen ten behoeve van beloning betaalbaar op termijn (o.a. werkgeversbijdrage pensioen, VUT, FPU, sabbatical, aanvulling sociale uitkering, arbeidsongeschiktheidsuitkering, etc.) Aanvullend zijn de onderstaande topfunctionarissen van toepassing. Het betreft de directies van de betreffende zorgbedrijfsonderdelen (in euro’s). NaamJ.T.H. Admiraal H. van PettenM.L. Straus E.S. van der Haar Entiteit St. Evean Zorg St. Evean Zorg St. Evean Zorg St. GGZ Drenthe Directeur Directeur Directeur Directeur 01-03-1992 20-08-1990 01-07-2009 01-10-1981 1 Functionaris (functienaam) 2 In dienst vanaf (datum) 3 In dienst tot (datum) 09-03-2013 100% 100% 100% 100% 151.232 145.777 41.456 244.620 0 0 0 0 151.232 145.777 41.456 244.620 8 Werkgeversbijdrage sociale lasten 8.248 8.248 1.565 8.248 9 Bruto-onkostenvergoeding (vast en variabel) 3.425 3.425 652 (1) 16.077 15.436 2.571 27.129 0 0 67.440 0 170.734 164.638 44.679 271.749 4 Deeltijdfactor (percentage) 5 Bruto-inkomen (incl. salaris, vakantiegeld, eindejaarsuitkering en andere vaste toelagen) 0 0 0 0 9 Winstdelingen en bonusbetalingen 0 0 0 0 10 Uitkeringen in verband met beëindiging van het dienstverband 0 0 0 0 17.145 11.430 11.430 11.430 Totaal bezoldiging conform WNT Voor de bezoldiging van de Raad van Bestuur en de Raad van Commissarissen in het kader van de WNT wordt verwezen naar de tabel zoals deze is opgenomen onder punt 25. 6 Winstdelingen en bonusbetalingen 7 Totaal beloning (5 en 6) 10 Voorzieningen ten behoeve van beloningen betaalbaar op termijn 11 Uitkeringen in verband met beëindiging van het dienstverband Totaal bezoldiging conform WNT (regel 7, 9, 10) 123 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 Naam B.J. Hogeboom Entiteit St. Icare 1 Functionaris (functienaam) 2 In dienst vanaf (datum) 5 Bruto-inkomen (incl. salaris, vakantiegeld, eindejaarsuitkering en andere vaste toelagen) 6 Winstdelingen en bonusbetalingen 7 Totaal beloning (5 en 6) 8 Werkgeversbijdrage sociale lasten 9 Bruto-onkostenvergoeding (vast en variabel) 10 Voorzieningen ten behoeve van beloningen betaalbaar op termijn 11 Uitkeringen in verband met beëindiging van het dienstverband Totaal bezoldiging conform WNT (regel 7, 9, 10) Naam Entiteit A. Tijsma St. De Trans St. Zorggroep Meander 100% 100% 100% 100% 161.762 161.190 148.200 141.121 0 0 0 0 161.762 161.190 148.200 141.121 8.248 8.248 8.248 8.604 (1) (1) 3.425 3.425 5.1.10 TOELICHTING WETTELIJK BUDGET VOOR AANVAARDBARE KOSTEN in Euro’s 2013 Opbrengsten uit gebudgetteerde zorgprestaties Wettelijk budget voor aanvaardbare kosten voorgaand jaar 712.124.030 663.205.964 Productieafspraken verslagjaar -5.371.901 22.774.658 Overheidsbijdrage in de arbeidskostenontwikkeling 1.676.384 6.085.063 Prijsindexatie materiële kosten 188.669 1.269.805 Groei normatieve kapitaalslasten 2.542.613 2.032.808 4.407.666 Uitbreiding erkenning en toelating: - loonkosten 1.314.139 0 - materiële kosten 231.907 0 - normatieve kapitaalslasten 12.200 353 1.558.246 Beleidsmaatregelen overheid: - intensiveringsmiddelen 851.268 10.876.883 851.268 Nacalculeerbare kapitaalslasten: - rente -199.468 -135.891 - afschrijvingen 80.874 -152.525 - overige 232.384 1.377.674 113.789 Overige mutaties: - overige mutaties -1.370.473 2.847.172 -1.370.473 2.847.172 Subtotaal wettelijk budget boekjaar 712.312.625 710.181.963 Correcties voorgaande boekjaren -3.853.433 3.165.328 Correcties voorgaande boekjaren intensiveringsmiddelen 0 -1.223.262 Wettelijk budget voor aanvaardbare kosten 708.459.191 Toelichting: De post overige mutaties 2012 betreft o.a. de productie van RZA. Vanaf 2013 maakt de compensatie voor prijsindex materiële kosten en de overheidsbijdrage in de arbeidsontwikkeling onderdeel uit van het onderhandelbaar tarief in de AWBZ en ZVW. Effecten voortvloeiend uit de indexen zijn daardoor opgenomen onder de post productieafspraken verslagjaar. 17.327 17.327 15.482 14.716 0 0 0 0 179.089 178.517 167.107 159.262 H. Buijing G.J. Wubs St. Welsaen St. Maatschappelijk Holding B.V. Dienstverlening Zaanstreek / Waterland 8 Werkgeversbijdrage sociale lasten 9 Bruto-onkostenvergoeding (vast en variabel) 10 Voorzieningen ten behoeve van beloningen betaalbaar op termijn 11 Uitkeringen in verband met beëindiging van het dienstverband Totaal bezoldiging conform WNT (regel 7, 9, 10) Directeur Directeur Directeur Directeur 01-09-2010 01-01-1996 07-10-2008 01-10-1985 100% 100% 100% 100% 122.151 113.763 120.568 95.545 0 200 0 0 1122.151 113.763 120.568 95.545 8.838 8.248 8.558 8.248 (1) 3.346 21.900 0 12.386 12.121 13.181 10.654 0 0 0 0 134.537 129.429 155.649 106.199 (1) Er is sprake van een netto onkostenvergoeding welke onderdeel uitmaakt van de vrije ruimte binnen de werkkostenregeling. Daarmee valt deze vergoeding niet onder de WNT-bezoldiging. Toelichting: Bij de directeur de heer E.S. van der Haar is sprake van een overschrijding van de maximum bezoldiging in het kader van de WNT. Betreffende directeur valt onder het overgangsrecht WNT. De bezoldigingsafspraken met deze functionaris zijn gebaseerd op afspraken die voor de inwerkingtreding van de WNT zijn gemaakt. 2012 Directeur 7 Totaal beloning (5 en 6) 01-10-2005 6 Winstdelingen en bonusbetalingen Directeur 5 Bruto-inkomen (incl. salaris, vakantiegeld, eindejaarsuitkering en andere vaste toelagen) De honoraria van de onafhankelijke accountant over 2013 zijn als volgt: 01-01-2011 4 Deeltijdfactor (percentage) 2013 Directeur St. PartiCura 3 In dienst tot (datum) 04-08-1980 E.J. van DalenJ.A.M. de Jong 2 In dienst vanaf (datum) in Euro’s Directeur De Kraamvogel 1 Functionaris (functienaam) 27. Honoraria van de onafhankelijke accountant 01-01-2001 3 In dienst tot (datum) 4 Deeltijdfactor (percentage) G.H. Leeftink J.N.M. van Scheijen St. Icare 1. Controle van de jaarrekening 881.081 746.920 2. Overige controlewerkzaamheden ( w.o. Regeling AO/IC en Nacalculatie ) 96.671 114.829 3. Fiscale advisering 0 0 4. Niet controlediensten 0 94.042 Totaal honoraria van de onafhankelijke accountant 977.751 955.791 2012 9.387.675 353 10.876.883 1.089.258 712.124.030 125 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 5.2.2 ENKELVOUDIGE RESULTATENREKENING OVER 2013 5.2 ENKELVOUDIGE JAARREKENING 2013 5.2.1 ENKELVOUDIGE BALANS PER 31 december 2013 (na resultaatbestemming) in Euro’s Ref. 31 december 2013 31 december 2012 ACTIVA 3 4.031.662 3.459.281 Totaal vaste activa 4.031.662 3.459.281 Vlottende activa Vorderingen en overlopende activa 6 55.224 Liquide middelen 9 9.068.672 5.093.821 Totaal vlottende activa 9.123.896 5.378.685 13.155.559 8.837.966 Totaal activa 284.864 PASSIVA Eigen vermogen 10 Collectief gefinancierd gebonden vermogen 5.008.299 2.357.391 5.404.841 3.838.489 Totaal eigen vermogen Niet-collectief gefinancierd vrij vermogen 10.413.141 6.195.880 31 december 2013 31 december 2012 Overige bedrijfsopbrengsten 18 14.642.044 15.001.837 14.642.044 15.001.837 Bedrijfslasten Personeelskosten 19 4.072.124 4.409.989 Overige bedrijfskosten 22 7.005.528 8.286.153 11.077.652 12.696.142 Bedrijfsresultaat 3.564.392 2.305.695 23 652.869 919.763 Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening 4.217.261 3.225.458 Som der bedrijfslasten Financiële baten en lasten Buitengewone baten 24 0 0 Buitengewone lasten 24 0 0 Buitengewoon resultaat 0 0 Resultaat boekjaar 4.217.261 3.225.458 Resultaatbestemming Kortlopende schulden Overige kortlopende schulden Ref. Bedrijfsopbrengsten Som der bedrijfsopbrengsten Vaste activa Financiële vaste activa in Euro’s 13 2.742.418 2.642.086 Totaal passiva 13.155.559 8.837.966 Het resultaat is als volgt verdeeld: 2013 2012 Toevoeging/(onttrekking): Collectief gefinancierd gebonden vermogen: Reserve aanvaardbare kosten 0 -36.562 Bestemmingsreserves 2.650.908 2.393.953 Niet-collectief gefinancierd vrij vermogen: Algemene reserves 1.566.352 868.067 4.217.261 3.225.458 127 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 5.2.3 GRONDSLAGEN VAN WAARDERING EN RESULTAATBEPALING Toelichting op belangen in andere rechtspersonen of vennootschappen 5.2.3.1 Algemeen Naam en rechtsvorm en woonplaats rechtspersoon Kernactiviteit Kapitaalbelang (in %) Eigen vermogen Resultaat Kraamvogel Holding B.V. deelneming 100% 4.026.329 572.361 Evean Services B.V. deelneming 51% 10.457 -1 Groepsverhoudingen Stichting Espria staat aan het hoofd van de Espria groep. Grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de wettelijke bepaling van Titel 9 Burgerlijk Wetboek, de regeling verslaggeving WTZi en de stellige uitspraken van Richtlijnen voor de Jaarverslaggeving, uitgegeven door de Raad van Jaarverslaggeving. Het jaarrekeningmodel is in euro’s opgesteld. De grondslagen van waardering en van resultaatbepaling voor de enkelvoudige jaarrekening en de geconsolideerde jaarrekening zijn gelijk. Deelnemingen in groepsmaatschappijen worden gewaardeerd volgens de nettovermogenswaarde in overeenstemming met paragraaf Financïele vaste activa uit hoofdstuk 5.1.4 van de geconsolideerde jaarrekening. Voor de grondslagen van de waardering van activa en passiva en voor de bepaling van het resultaat wordt ook verwezen naar hoofdstuk 5.1.4. in Euro’s De specificatie is als volgt: Nog te ontvangen bedragen Totaal vorderingen en overlopende activa ACTIVA 3. Financiële vaste activa in Euro’s De specificatie is als volgt: in Euro’s 31 december 2013 31 december 2012 Deelnemingen in groepsmaatschappijen 4.031.662 3.459.281 Totaal financiële vaste activa 4.031.662 3.459.281 Het verloop van de financiële vaste activa is als volgt: Deelnemingen in groepsmaatschappijen Stand per 1 januari 2013 Totaal - aanschafwaarde 3.459.281 3.459.281 Boekwaarde per 1 januari 2013 3.459.281 3.459.281 Mutaties: Resultaat deelnemingen 572.360 572.360 Desinvesteringen/aflossingen 21 21 Mutaties in boekwaarde (per saldo) 572.382 572.382 31 december 2013 Cumulatieve aanschafwaarde 4.031.641 4.031.641 Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen 21 21 Stand per 31 december 2013 4.031.662 4.031.662 31 december 2012 55.224 284.864 55.224 284.864 31 december 2013 31 december 2012 Banken 9.068.672 5.093.821 Kassen 0 0 Deposito’s 0 0 9.068.672 5.093.821 Totaal liquide middelen 31 december 2013 9. Liquide middelen De specificatie is als volgt: 5.2.4 TOELICHTING OP DE ENKELVOUDIGE BALANS Toelichting: Stichting Espria heeft een deelneming van 100% in Kraamvogel Holding B.V. en 51% in Evean Services B.V. 6. Vorderingen en overlopende activa Toelichting: De liquide middelen zijn direct opeisbaar. 129 5.2.4 TOELICHTING OP DE ENKELVOUDIGE BALANS 5.2.5 TOELICHTING OP DE ENKELVOUDIGE RESULTATENREKENING passivA bATEN 18. Overige bedrijfsopbrengsten 10. Eigen vermogen in Euro’s 31 december 2013 31 december 2012 Het eigen vermogen bestaat uit de volgende componenten: Collectief gefinancierd gebonden vermogen 5.008.299 2.357.391 Niet-collectief gefinancierd vrij vermogen 5.404.842 3.838.489 Totaal eigen vermogen 10.413.141 6.195.880 Collectief gefinancierd gebonden vermogen Saldo per Resultaat Overige 31 december 2012 bestemming mutaties Het verloop is als volgt weer te geven: Reserve aanvaardbare kosten Bestemmingsreserves Totaal Saldo per 31 december 2013 -36.562 0 36.562 0 2.393.953 2.650.908 -36.562 5.008.299 2.357.391 2.650.908 0 5.008.299 Saldo per Resultaat Overige Saldo per 31 december 2013 Algemene reserves Bestemmingsreserves Totaal 868.067 1.566.353 2.970.422 5.404.842 2.970.422 0 -2.970.422 0 3.838.489 1.566.353 0 5.404.842 31 december 2013 31 december 2012 Crediteuren 59.960 165.402 14.933 Belastingen en sociale premies 16.168 Nog te betalen salarissen 980 0 Kortlopende schulden groepsmaatschappijen 2.125.603 1.784.643 Nog te betalen kosten 539.708 677.107 Totaal overige kortlopende schulden 2.742.418 2.642.086 14. Niet in de balans opgenomen activa en verplichtingen Fiscale eenheid Stichting Espria kent een fiscale eenheid BTW voor de gehele groep. Overige 14.642.044 15.001.837 Totaal 14.642.044 15.001.837 2012 Toelichting: Onder overige opbrengsten zijn opgenomen de doorbelastingen van gemaakte kosten en de vergoeding voor synergieprojecten. in Euro’s 2013 De specificatie is als volgt: Personeel niet in loondienst 4.072.124 4.409.989 Totaal personeelskosten 4.072.124 4.409.989 22. Overige bedrijfskosten De specificatie is als volgt: Overige niet in de balans opgenomen activa en verplichtingen 2013 2012 Toelichting: Er is geen personeel in dienst bij Stichting Espria. 13. Overige kortlopende schulden De specificatie is als volgt: 19. personeelskosten Toelichting: De bestemmingsreserve betreft nog uit te voeren projecten uit hoofde van het synergiefonds. in Euro’s in Euro’s lasTEN Niet-collectief gefinancierd vrij vermogen 31 december 2012 bestemming mutaties Het verloop is als volgt weer te geven: 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 in Euro’s 2013 De specificatie is als volgt: 2012 Algemene kosten 7.005.528 8.286.153 Totaal overige bedrijfskosten 7.005.528 8.286.153 Toelichting: De algemene kosten zijn met name gedaald door lagere advieskosten en lagere kosten van het bestuurscentrum van Stichting Espria en Stichting Woonzorg Nederland. 23. Financiële baten en lasten in Euro’s 2013 De specificatie is als volgt: 2012 Financiële baten: Rentebaten 80.509 48.944 Resultaat deelnemingen 572.360 870.819 Subtotaal financiële baten 652.869 919.763 Totaal financiële baten en lasten 652.869 919.763 131 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 25. Bezoldiging bestuurders en toezichthouders De bezoldiging van de bestuurders welke ten laste van Stichting Espria is gekomen over het jaar 2013 bedraagt € 0. De bezoldiging van de toezichthouders en gewezen toezichthouders over het jaar 2013 bedraagt € 0. 26. Wet Normering Topinkomens (WNT) Voor de bezoldiging van de bestuurders, toezichthouders en overige (niet)-topfunctionarissen in het kader van de WNT wordt verwezen naar de geconsolideerde jaarrekening van Stichting Espria, alwaar deze zijn verantwoord. 27. Honoraria van de onafhankelijke accountant De honoraria van de onafhankelijke accountant die over 2013 in de jaarrekening zijn verantwoord zijn opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening van Stichting Espria. 5.3 OVERIGE GEGEVENS 5.3.1 Vaststelling en goedkeuring jaarrekening De Raad van Bestuur van Espria heeft de jaarrekening 2013 vastgesteld in de vergadering van 27 mei 2014 te Amstelveen. De Raad van Commissarissen van Espria heeft de jaarrekening 2013 goedgekeurd in de vergadering van 27 mei 2014 te Amstelveen. 5.3.2 Statutaire regeling resultaatbestemming In de statuten is bepaald, conform artikel 4, dat het behaalde resultaat ter vrije beschikking staat van Espria. 5.3.3 Resultaatbestemming Het resultaat wordt verwerkt volgens de resultaatverdeling in de resultatenrekening. 5.3.4 Gebeurtenissen na balansdatum Eind januari heeft de Raad van Bestuur van Espria bekend gemaakt dat een intentieverklaring is getekend met Zorg in Nederland B.V. om de aandelen van kraamzorgorganisatie De Kraamvogel Holding B.V. over te dragen. Na het doorlopen van het adviestraject met de medezeggenschap en de zorgfusietoets door de Nederlandse Zorgautoriteit wordt de transactie naar verwachting in mei afgerond en zal met terugwerkende kracht naar 1 januari 2014 van toepassing zijn. Onderstaand enkele kerncijfers met betrekking tot De Kraamvogel Holding B.V. in Euro’s 31 december 2013 De specificatie is als volgt: 31 december 2012 Boekwaarde activa 10.199.571 10.119.402 Vreemd vermogen 5.718.777 5.941.314 2013 2012 Omzet 38.699.682 39.162.443 Kosten 38.171.294 38.327.631 Rentebaten 43.973 35.934 Winst uit gewone bedrijfsuitoefening 572.361 870.746 Kasstroom uit operationele activiteiten -39.859 1.445.734 Kasstroom uit investeringsactiviteiten -18.690 -48.881 5.3.5 Ondertekening door bestuurders en toezichthouders De ondertekening van de jaarrekening en daarmee de vaststelling en goedkeuring door de Raad van Bestuur respectievelijk de Raad van Commissarissen heeft op 27 mei 2014 te Amstelveen plaatsgevonden. Origineel getekend door Raad van Bestuur dhr. M.W. Meerdink, voorzitter dhr. A.Th.J.M. Zuure mw. T.T.M. van Grinsven dhr. J.L. Kauffeld Orgineel getekend door Raad van Commissarissen dhr. H.C.P. Noten, voorzitter dhr. P.A.M. Loven dhr. L. Geut mw. B. Fransen mw. B.E. Baarsma dhr. R. Steenbeek dhr. A. Westerlaken. 5.3.6 Controleverklaring van de onafhankelijke accountant Aan: de Raad van Bestuur en de Raad van Commissarissen van Stichting Espria Verklaring betreffende de jaarrekening Wij hebben de in dit verslag opgenomen jaarrekening 2013 van Stichting Espria te Meppel gecontroleerd. Deze jaarrekening bestaat uit de geconsolideerde en enkelvoudige balans per 31 december 2013 en de geconsolideerde en enkelvoudige resultatenrekening over 2013 met de toelichting, waarin zijn opgenomen een overzicht van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen. Verantwoordelijkheid van de Raad van Bestuur De Raad van Bestuur van de stichting is verantwoordelijk voor het opmaken van de jaarrekening die het vermogen en het resultaat getrouw dient weer te geven, in overeenstemming met de in Nederland geldende Regeling verslaggeving WTZi en de Beleidsregels toepassing Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT), alsmede voor het opstellen van het jaarverslag overeenkomstig Richtlijn voor de Jaarverslaggeving 655 ‘Zorginstellingen’. De Raad van Bestuur is tevens verantwoordelijk voor het opmaken van de jaarrekening die voldoet aan de WNT-eisen van financiële rechtmatigheid, zoals opgenomen in het Controleprotocol WNT van de Beleidsregels toepassing WNT. De Raad van Bestuur is voorts verantwoordelijk voor een zodanige interne beheersing als zij noodzakelijk acht om het opmaken van de jaarrekening en de naleving van die WNT-eisen van financiële rechtmatigheid mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude of fouten. 133 zijn afhankelijk van de door de accountant toegepaste oordeelsvorming, met inbegrip van het inschatten van de risico’s dat de jaarrekening een afwijking van materieel belang bevat als gevolg van fraude of fouten. Bij het maken van deze risico-inschattingen neemt de accountant de interne beheersing in aanmerking die relevant is voor het opmaken van de jaarrekening en voor het getrouwe beeld daarvan, alsmede voor de naleving van de WNT-eisen van financiële rechtmatigheid, gericht op het opzetten van controlewerkzaamheden die passend zijn in de omstandigheden. Deze risico-inschattingen hebben echter niet tot doel een oordeel tot uitdrukking te brengen over de effectiviteit van de interne beheersing van de stichting. Een controle omvat tevens het evalueren van de geschiktheid van de gebruikte grondslagen voor financiële verslaggeving en de gebruikte WNT-eisen van financiële rechtmatigheid en van de redelijkheid van de door de Raad van Bestuur van de stichting gemaakte schattingen, alsmede een evaluatie van het algehele beeld van de jaarrekening. Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is om een onderbouwing voor ons oordeel te bieden. Oordeel Naar ons oordeel geeft de jaarrekening een getrouw beeld van de grootte en de samenstelling van het vermogen van Stichting Espria per 31 december 2013 en van het resultaat over 2013 in overeenstemming met de Regeling verslaggeving WTZi en de Beleidsregels toepassing WNT. Voorts zijn wij van oordeel dat de jaarrekening 2013 in alle van materieel belang zijnde aspecten voldoet aan de WNT-eisen van financiële rechtmatigheid, zoals opgenomen in het Controleprotocol WNT van de Beleidsregels toepassing WNT. Verantwoordelijkheid van de accountant Onze verantwoordelijkheid is het geven van een oordeel over de jaarrekening op basis van onze controle. Wij hebben onze controle verricht in overeenstemming met Nederlands recht, waaronder de Nederlandse controlestandaarden en de Beleidsregels toepassing WNT, inclusief het Controleprotocol WNT. Dit vereist dat wij voldoen aan de voor ons geldende ethische voorschriften en dat wij onze controle zodanig plannen en uitvoeren dat een redelijke mate van zekerheid wordt verkregen dat de jaarrekening geen afwijkingen van materieel belang bevat. Verklaring betreffende het jaarverslag Wij vermelden dat het jaarverslag, voor zover wij dat kunnen beoordelen, verenigbaar is met de jaarrekening. Een controle omvat het uitvoeren van werkzaamheden ter verkrijging van controleinformatie over de bedragen en de toelichtingen in de jaarrekening. De geselecteerde werkzaamheden Rotterdam, 27 mei 2014 PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Verklaring betreffende overige bij of krachtens de wet gestelde eisen Ingevolge artikel 2 Regeling verslaggeving WTZi juncto artikel 2:393 lid 5 onder e BW vermelden wij dat ons geen tekortkomingen zijn gebleken naar aanleiding van het onderzoek of de in artikel 2:392 lid 1 onder b tot en met h BW vereiste gegevens zijn toegevoegd. Origineel getekend door: drs. A. Terlouw RA 5. Geconsolideerde jaarrekening Espria jaarverslag 2013 Bijlage 1. Kerngegevens 135 4. Beleid, inspanningen en presentaties Espria jaarverslag 2013 2013 2012 2011 Kerngegevens Verpleging, Verzorging en Thuiszorg (VVT) Aantal cliënten met verblijf op basis van een volledig pakket thuis (VPT) Aantal extramurale cliënten (inclusief cliënten met begeleiding of dagbesteding (op bais van de functies BGI en/of BGG) voor zover niet opgenomen in een instelling) 3.138 3.319 3.366 114 108 0 24.196 23.648 24.211 Capaciteit Aantal beschikbare bedden/plaatsen met verblijfszorg per einde verslagjaar, inclusief vroegere gezinsvervangende tehuizen 3.538 3.561 Aantal dagen op bais van volledig pakket thuis (VPT) Aantal dagdelen dagbesteding (op basis van de functie Begeleiding in groepsverband (BGG) Aantal uren extramurale productie (exclusief dagbesteding op basis van de functie Begeleiding in groepsverband (BGG) en Wmo-zorg) 3.562 1.192.706 1.248.898 1.233.993 37.453 29.185 12.409 173.685 171.721 169.537 4.733.810 4.832.628 4.710.461 Personeel Aantal personeelsleden in loondienst per einde verslagjaar 13.461 13.907 13.794 Aantal fte in loondienst per einde verslagjaar 6.569 7.106 6.931 Bedrijfsopbrengsten (in € miljoen) Totaal bedrijfsopbrengsten 565 568 503 Waarvan wettelijk budget voor aanvaardbare kosten 500 507 469 22 0 0 478 507 469 65 61 34 - Zorgverzekeringswet - AWBZ Waarvan overige bedrijfsopbrengsten Aantal kamers met één bed 999 869 830 Aantal kamers met twee bedden (niet bestemd voor gehuwden/samenwonenden) 292 322 326 Aantal kamers met drie bedden 6 16 8 Aantal kamers met vier bedden 3 10 29 Aantal kamers met vijf bedden 0 0 0 1.300 1.217 1.193 Kerngegevens Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ) Cliënten Totaal aantal patienten/cliënten in zorg/behandeling in verslagjaar 25.033 27.851 28.941 Aantal patienten/cliënten in zorg/behandeling op 31 december van verslagjaar 14.331 15.224 17.349 350 427 429 Waarvan Zorg Zwaarte Pakket (ZZP)-patienten/cliënten in zorg/behandeling op 31 december van verslagjaar Capaciteit Het aantal bedden/plaatsen dat beschikbaar is voor dagelijkse planning van opnames, verblijf of voor dagbehandeling. 908 908 2011 Aantal in verslagjaar geopende DBC’s 18.751 18.561 23.009 Aantal in verslagjaar gesloten DBC’s 19.379 20.139 23.373 Productie AWBZ Aantal ZZP-dagen met verblijfszorg exclusief forensische zorg in justitieel kader Aantal geleverde dagdelen dagactiviteiten in verslagjaar 147.088 152.196 153.976 13.029 16.237 16.062 Totaal aantal GGZ personeelsleden in loondienst op 31 december van het verslagjaar 2.798 2.619 2.588 Totaal aanta Fte in loondienst einde verslagjaar 2.072 1.986 1.975 Bedrijfsopbrengsten (in € miljoen) Totaal bedrijfsopbrengsten 164 159 156 Waarvan wettelijk budget voor aanvaardbare kosten 154 149 146 - Zorgverzekeringswet 87 80 86 - AWBZ 50 51 45 - Justitie 17 18 15 Waarvan overige bedrijfsopbrengsten 10 10 10 Kerngegevens Gehandicaptenzorg (GHZ) Cliënten Aantal cliënten in instelling op basis van een zzp met dagbesteding (dagbesteding staat aan) 508 476 476 Aantal cliënten in instelling op basis van een zzp zonder dagbesteding (dagbesteding staat uit) 51 45 22 Aantal cliënten met verblijf op basis van volledig pakket thuis (VPT) 0 0 0 682 679 676 Aantal extramurale cliënten (inclusief cliënten met dagbesteding voor zover niet opgenomen in een instelling) Capaciteit Meerbedskamers verpleeghuizen Totaal aantal kamers 2012 Personeel GGZ Productie Aantal dagen zorg met verblijf 2013 Productie Zorgverzekeringswet Cliënten per einde verslagjaar Aantal cliënten in instelling op basis van een zzp Kerngegevens 908 Aantal beschikbare bedden/plaatsen met verblijfszorg per einde verslagjaar, inclusief vroegere gezinsvervangende tehuizen. 536 518 502 Productie Aantal dagen zorg met verblijf en dagbesteding 171.495 174.574 170.608 Aantal dagen zorg met verblijf zonder dagbesteding 13.688 12.197 11.316 0 0 31 Aantal dagdelen dagbesteding 74.780 73.581 52.335 Aantal uren extramurale productie 81.449 86.051 87.475 Aantal dagen zorg op basis van volleidg pakket thuis (VPT) Personeel Aantal personeelsleden in loondienst per einde verslagjaar Aantal fte in loondienst per einde verslagjaar 1.066 1.059 1.054 722 723 714 Bedrijfsopbrengsten (in € miljoen) Totaal bedrijfsopbrengsten 59 59 55 Waarvan wettelijk budget voor aanvaardbare kosten 55 55 50 4 4 5 Waarvan overige bedrijfsopbrengsten 137 4. Beleid, inspanningen en presentaties Espria jaarverslag 2013 Kerngegevens 2013 2012 2011 Kerngegevens Kraamzorg Productie Aantal inschrijvingen in verslagjaar 21.218 21.395 Aantal partusassistenties in verslagjaar 3.682 3.911 4.360 Aantal partusassistentie-uren in verslagjaar 11.322 11.923 12.459 Aantal intakes aan huis in verslagjaar 21.453 10.715 10.509 10.161 Aantal kraamverzorgingen in verslagjaar 20.043 20.814 20.906 Aantal kraamverzorginsuren in verslagjaar (exclusief partusassistentie-uren) 828.165 856.481 852.022 9.475 10.430 11.057 Aantal telefonische intakes in verslagjaar Personeel Aantal personeelsleden in loondienst voor kraamzorg per einde verslagjaar 1.383 1.492 1.442 Aantal fte in loondienst voor kraamzorg per einde verslagjaar 632 661 621 Aantal kraamverzorgenden in loondienst per einde verslagjaar 1.161 1.251 1.201 Fte kraamverzorgenden in loondienst 517 528 497 Aantal leerlingen BegroepsBegeleidende Leerweg (BBL) kraamverzorgenden in opleiding per einde verslagjaar 30 46 24 Aantal stagiaires kraamzorg in opleiding in verslagjaar 132 35 47 Bedrijfsopbrengsten (in € miljoen) Totaal bedrijfsopbrengsten 39 39 38 Bijlage 2. Samenstelling Raad van Bestuur Dhr. M.W. (Marco) Meerdink (1958) Functie Espria: voorzitter Raad van Bestuur Benoemd: 1 februari 2010 Relevante nevenfuncties: Voorzitter Commissie Arbeidszaken Actiz Dhr. J.L. (John) Kauffeld (1954) Functie Espria: vice voorzitter Raad van Bestuur Benoemd: 8 april 2008 Relevante nevenfuncties: Vice-voorzitter bestuur Actiz, Bestuurslid VNO-NCW Noord Dhr. A.Th.J.M. (Anton) Zuure (1955) Functie Espria: lid Raad van Bestuur Benoemd: 8 april 2008 Relevante nevenfuncties: commissaris Stadsherstel Den Haag en omgeving N.V., commissaris Tomingroep BV Mw. T.T.M. (Tiana) van Grinsven (1970) Functie Espria: lid Raad van Bestuur Benoemd: 1 januari 2013 Colofon Verantwoording Espria legt in dit jaarverslag, met het thema ‘Zeer Gewaardeerd’, verantwoording af over haar prestaties in het boekjaar 2013. Met dank aan cliënten, hun verwanten en medewerkers van Evean, De Trans en GGZ Drenthe voor hun medewerking aan de fotografie. Behorend bij dit jaarverslag heeft Espria, samen met Woonzorg Nederland, het Cahier ‘Op weg naar een nieuwe vanzelfsprekendheid’ uitgegeven. Dit Cahier dient als overdenkende ondersteuning bij de thematiek ‘Zeer Gewaardeerd’ van het Jaarverslag 2013 van Espria en Woonzorg Nederland. Redactie Gerlof Meijer, Wendy Wesselingh, Coert Wolswinkel, Thomas R. Hofhuis Fotografie Remco Koenderman Coördinatie fotografie Birte van der Zwan Vormgeving More Creative, Amsterdam Productie Uitgave: 2014 | Oplage: 1.000 In opdracht van Espria Voor verdere informatie Het jaarverslag en bijbehorend Cahier ‘Op weg naar een nieuwe vanzelfsprekendheid’ downloaden: www. espria.nl/jaarverslag2013 Dit is een uitgave van Espria. Niets uit deze uitgave mag worden gereproduceerd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, film, of welke andere wijze dan ook zonder vooraf schriftelijke toestemming van Espria. Contactpersoon Gerlof Meijer, Secretaris Raad van Bestuur Espria/Woonzorg Nederland Espria Postadres: Postbus 900, 7940 KE Meppel Bezoekadres: Blankenstein 400, 7943 PH Meppel Telefoon: 088 38 33 488 Fax: 088 38 33 499 E-mailadres: [email protected] Internetpagina: www.espria.nl Espria jaarverslag 2013
© Copyright 2025 ExpyDoc