Dit raakt mijn koude kleren wel!

W.o.-natuur • 5e leerjaar
Lesfiche
Dit raakt mijn koude
kleren wel!
❙❙ Eindterm
1.12 De leerlingen kunnen het verband illustreren tussen de leefgewoonten van
mensen en het klimaat waarin die mensen leven.
In een notendop
In deze les gaan we in op de invloed die het klimaat heeft op de leefgewoonten van
mensen. We beperken ons tot de drie (overheersende) klimaattypes van Europa.
❙❙ Leerplandoelen
■■ VVKBaO
7.26 – 9.11
■■ OVSG
WO-NAT-01-6 WO-NAT-04-10
WO-NAT-06-14/15/16/17/18/19/20/21
■■ GO!
❙❙ Didactische suggesties
Inleiding
ƒƒ Start met een natuurkundig experiment, waarin u aantoont dat het
water van de zee aan de basis ligt van het stabielere (zee)klimaat. Als
u het experiment door de leerlingen laat uitvoeren, geeft u hen de
ontdekfiche bij het experiment (bijlage 1).
ƒƒ Voor het experiment moet er voldoende tijd worden uitgetrokken,
omdat de resultaten pas na enige tijd duidelijk worden. Wie het allemaal wat sneller wil zien evolueren, vervangt de zon door een stevige
bureaulamp.
ƒƒ Besluit
Zand warmt het vlugst op, maar koelt ook het vlugst af.
Water heeft meer tijd nodig om op te warmen, maar houdt de warmte langer vast. Het water van de zee warmt langzamer op dan het vasteland en het koelt ook langzamer af. Daardoor worden de gebieden
aan zee gekenmerkt door een zeeklimaat: zacht in de winter en fris in
de zomer. Gebieden ver van de zee hebben een landklimaat: koudere
winters en warmere zomers.
twee gelijkaardige
schaaltjes, zand
(of aarde), water,
thermometer
zelf (onderzoeks-)
vragen stellen
© Uitgeverij Averbode, 2009
131
W.o.-natuur • 5e leerjaar
Lesfiche
Kern
❙❙ De klimaatzones van Europa
ƒƒ Neem een kaart van Europa of een atlas. Bespreek de volgende vragen met de leerlingen: Welke Europese landen liggen dicht bij de zee?
Over welke zeeën hebben we het dan? Welke Europese landen liggen ver
van de zee?
ƒƒ Wellicht vindt u in de atlas ook een Europese kaart met de verschillende klimaatgebieden.
ƒƒ Neem de klimatogrammen van een aantal geselecteerde Europese
hoofdsteden (bijlage 2). Laat de leerlingen het werkblad in duo’s invullen. Bespreek de volgende vragen met de leerlingen: Hoe heten
die grafieken? Wat kunnen we daaruit leren (aflezen)? Waar liggen die
steden? Welke eigenschappen hebben de verschillende Europese klimaatzones? Wat leren we uit het eerste experiment over ons eigen klimaat?
kaart van Europa,
atlas
Informatie voor de leerkracht
Niet alleen de aanwezigheid van water (zee) zorgt voor lagere temperatuurverschillen (cf. inleidend experiment). Heel dikwijls is de
wind ook een doorslaggevende factor (klimaatcurven van Marrakech
en Barrow). In onze streken bijvoorbeeld zorgen de overheersende
zuidwestenwinden voor zachtere temperaturen. Verder spelen ook
de afstand tot de evenaar en de hoogteligging een grote rol (hoe
hoger, hoe kouder en natter).
ƒƒ Wijs de leerlingen op het verschil tussen het weer en het klimaat van
een bepaald gebied (= de gemiddelde temperatuur, neerslag … in een
bepaalde streek over een langere tijd).
ƒƒ Neem nu de kaart van Europa uit bijlage 3 (deel 1). De leerlingen duiden de verschillende hoofdsteden van bijlage 2 aan. De kaart wordt
ingekleurd aan de hand van de kleuren in de legende (drie verschillende klimaatzones).
❙❙ Aanpassing aan het klimaat (kledij)
ƒƒ U staat even stil bij de inhoud van de kleerkast van de leerlingen.
Welke kleren zijn allemaal nodig om ons klimaat de baas te kunnen?
Breng wat structuur aan in de opgesomde kledij door het bord onder
te verdelen in winter en zomer.
ƒƒ Daarna laat u de leerlingen het tweede deel van bijlage 3 oplossen (de
kleerkast van Boris, Alberto en Freja).
ƒƒ Correctiesleutel: Boris – gematigd klimaat, Freja – gematigd klimaat,
Alberto – Middellandse Zeeklimaat
❙❙ EXTRA Aanpassing aan het klimaat (eetgewoonten)
Laat de leerlingen in (reis)tijdschriften op zoek gaan naar typische
gerechten. Plaats die op de (klas)kaart van Europa.
hoeken- of
contractwerk
(reis)tijdschriften,
(klas)kaart van Europa
collage
132
© Uitgeverij Averbode, 2009
W.o.-natuur • 5e leerjaar
Lesfiche
Informatie voor de leerkracht
Zelfs bepaalde eetgewoonten zijn typisch voor de verschillende klimaatgebieden. Typische inlandse gerechten vertellen heel wat over
landbouwactiviteit en klimaat:
‚‚ de pizza met olijven uit Italië, de moussaka uit Griekenland
of de paella uit Spanje (Middellandse Zeeklimaat),
‚‚ de ‘fish and chips’ uit het Verenigd Koninkrijk of het smorrebrod uit Denemarken (gematigd zeeklimaat),
‚‚ de gehaktballen en worsten uit Duitsland of de goulash uit
Hongarije (gematigd landklimaat).
Slot
❙❙ De opwarming van de aarde
ƒƒ U staat stil bij de klimaatveranderingen die ook in Europa onafwendbaar lijken. Wijs de leerlingen er wel op dat wijzigingen in het klimaat
pas na geruime tijd kunnen worden vastgesteld (cf. kern van de les:
verschil tussen weer en klimaat).
ƒƒ Wat weten jullie over het broeikaseffect?
ƒƒ Wat zijn de oorzaken?
ƒƒ Wat zijn de gevolgen?
ƒƒ Hoe kunnen we ervoor zorgen dat de opwarming van de aarde vertraagt?
Met de lesfiche ‘De aarde warmt op’ kunt u hier dieper op ingaan.
onderwijsleergesprek
❙❙ Ook bruikbaar in deze thema’s
Gaat onze aarde naar de maan? – Vogels – De kleren maken de man
❙❙ Bijlagen
ƒƒ Bijlage 1 – werkblad Lekker warm water
ƒƒ Bijlage 2 – werkblad Het klimaat in Europa
ƒƒ Bijlage 3 – werkblad De klimaatzones in Europa
© Uitgeverij Averbode, 2009
133
W.o.-natuur • 5e leerjaar
Bijlage 1
Werkblad • Dit raakt mijn koude kleren wel!
Naam: ............................................................................................................................................................................. Datum: ................................................................
Lekker warm water
Materi
Probleemstelling
Waarom is het in de winter aan zee warmer dan in de Ardennen
en in de zomer vaak omgekeerd?
aal
• twee gelijke schaaltjes
• zand (of aarde)
• water
• thermometer
1
Stap
2
Doe zand in het ene schaaltje en evenveel
water in het andere. Laat de schaaltjes
enkele uren in dezelfde ruimte staan.
Meet de temperatuur in elk schaaltje.
3
Stap
134
4
Zet de twee schaaltjes in de koelkast. Meet elk kwartier de temperatuur. Wat merk je op?
Zet de twee schaaltjes twee uur in de
zon. Meet elk kwartier de temperatuur. Wat merk je op?
© Uitgeverij Averbode, 2009
© Jan Tilley
Stap
© Jan Tilley
© Jan Tilley
Stap
© Jan Tilley
Zo doe je het
W.o.-natuur • 5e leerjaar
Bijlage 1
Werkblad • Dit raakt mijn koude kleren wel!
Voorspel wat er gaat gebeuren.
.......................................................................................................................................................................................................................................................................
.......................................................................................................................................................................................................................................................................
Voer de proef verder uit. Wat merk je op?
.......................................................................................................................................................................................................................................................................
.......................................................................................................................................................................................................................................................................
Was je voorspelling juist?
O ja O neen
Heb je nu een antwoord op de vraag uit de probleemstelling?
O ja O neen
Wat leer je uit de proef?
....................................................................................................................................................................................................................................................
.......................................................................................................................................................................................................................................................................
....................................................................................................................................................................................................................................................
.......................................................................................................................................................................................................................................................................
Zo komt het ...
r koelt ook het vlugst af.
aa
m
,
op
t
gs
vlu
t
he
t
rm
Zand wa
houdt om op te warmen, maar
dig
no
d
tij
r
ee
m
eft
he
er
Wat
de warmte langer vast.
en er op dan het vasteland
am
gz
lan
t
rm
wa
e
ze
de
n zee
Het water van
r worden de gebieden aa
oo
rd
aa
D
af.
er
am
gz
lan
het koelt ook
cht in de winter en fris in
za
t:
aa
lim
ek
ze
n
ee
or
gekenmerkt do
hebben een landklimaat:
e
ze
de
n
va
r
ve
en
ied
de zomer. Geb
ere zomers.
koudere winters en warm
© Uitgeverij Averbode, 2009
135
W.o.-natuur • 5e leerjaar
Bijlage 2
Werkblad • Dit raakt mijn koude kleren wel!
Naam: ............................................................................................................................................................................. Datum: ................................................................
Het klimaat in Europa
1
In welk Europees land liggen deze hoofdsteden?
Schrijf het naast elke stad.
Lissabon ........................................
– station 08535
...............
...............
..............................................
...............
136
© Uitgeverij Averbode, 2009
– station 15420
...............
Kopenhagen ........................................ – station 06180
Rome
Boekarest ........................................
Londen ..................................................... – station 03776
...............
– station 16242
Warschau ........................................
...............
– station 12375
W.o.-natuur • 5e leerjaar
Bijlage 2
Werkblad • Dit raakt mijn koude kleren wel!
2
Wat kun je op de grafieken aflezen?
....................................................................................................................................................................................................................................................
.......................................................................................................................................................................................................................................................................
3
Schrijf onder elke grafiek het nummer van het bijbehorende klimaattype.
Klimaattype 1
hete zomer
zachte winter
droge zomer
vochtige winter
Klimaattype 2
hete zomer
strenge winter
minder neerslag
Klimaattype 3
frisse zomer
zachte winter
vochtige zomer
vochtige winter
Klimaatgebied
Klimaatgebied
Klimaatgebied
.................................................................................
.................................................................................
.................................................................................
.................................................................................
.................................................................................
.................................................................................
In Europa zijn er drie grote klimaatgebieden. Schrijf de naam van elk klimaatgebied in de goede kolom. Kies uit:
Middellandse Zeeklimaat – gematigd zeeklimaat – gematigd landklimaat.
4
Ons land behoort tot het GEMATIGD zeeklimaat.
Komt dat overeen met de beschrijving in de kolommen van oefening 3?
O ja O neen
Wat is de verklaring voor de kleine temperatuurverschillen tussen winter en zomer?
....................................................................................................................................................................................................................................................
....................................................................................................................................................................................................................................................
© Uitgeverij Averbode, 2009
137
W.o.-natuur • 5e leerjaar
Bijlage 2
Werkblad • Dit raakt mijn koude kleren wel!
Vergelijk onze klimaatcurve met die van andere steden, die ook dicht bij een zee liggen. Wat stel je vast?
....................................................................................................................................................................................................................................................
.......................................................................................................................................................................................................................................................................
5
Marrakech (Marokko) en Barrow (Verenigde Staten)
Vergelijk deze grafieken. Wat valt op?
....................................................................................................................................................................................................................................................
.......................................................................................................................................................................................................................................................................
Verklaar nu waarom wij over een GEMATIGD zeeklimaat spreken.
....................................................................................................................................................................................................................................................
......................................................................................................................................................................................................................................................................
.......................................................................................................................................................................................................................................................................
138
© Uitgeverij Averbode, 2009
W.o.-natuur • 5e leerjaar
Bijlage 3
Werkblad • Dit raakt mijn koude kleren wel!
Naam: ............................................................................................................................................................................. Datum: ................................................................
gematigd landklimaat
Middellandse Zeeklimaat
groen
geel
© Dirk Billen
gematigd zeeklimaat
blauw
Deel 1
Kaart van Europa
Zoek op in je atlas. Kleur alle gebieden van eenzelfde klimaattype in
de aangegeven kleur. Kijk goed naar de legende.
De klimaatzones in Europa
© Uitgeverij Averbode, 2009
139
W.o.-natuur • 5e leerjaar
Bijlage 3
Werkblad • Dit raakt mijn koude kleren wel!
Naam: ............................................................................................................................................................................. Datum: ................................................................
Deel 2
De kleerkast van Boris,
Alberto en Freja
In welk klimaatgebied zouden Boris, Alberto en Freja wonen? Kijk naar de drie kleerkasten. Schrijf het goede klimaatgebied bij elke kleerkast.
Boris
Alberto
..............................................................................................
..............................................................................................
Freja
..............................................................................................
..............................................................................................
..............................................................................................
..............................................................................................
140
© Uitgeverij Averbode, 2009