Competentieprofiel instructeurs

Competentieprofiel instructeurs
1) Actuele Kennis & Vaardigheden van Eerste Hulp
Dit is de elementaire kennisstof en de bijbehorende vaardigheden die ten grondslag liggen aan Eerste Hulp
onderwijs. Deze lesstof wordt inhoudelijk bepaald door de opleidingsinstituten en zijn gekoppeld aan de NRK
richtlijnen voor Eerste Hulp.
Docent-instructeurs Eerste Hulp:
De docent-instructeur beschikt over alle competenties van de instructeurs Eerste Hulp en kan
instructeurs Eerste Hulp en thema-instructeurs begeleiden bij de ontwikkeling van de benodigde
competenties.
De docent-instructeur houdt literatuur bij over ter onderbouwing van de NRK-richtlijnen en volgt
nascholing om deze kennis en vaardigheden bij te houden.
De docent-instructeur kan bij en nascholing geven op het gebied van NRK-richtlijnen aan instructeurs
en thema-instructeurs Eerste Hulp.
Instructeurs Eerste Hulp:
De instructeur beschikt over inhoudelijke kennis van Eerste Hulp en op zijn minst van alle onderdelen
die gekoppeld zijn aan NRK richtlijnen.
De instructeur beschikt over uitstekende techniekbeheersing met betrekking tot Eerste Hulp
vaardigheden (NRK methodiek).
De instructeur beschikt over kennis van diverse cursussen van het NRK en heeft de handleidingen van
elke cursus tot zich genomen.
De instructeur actualiseert zijn kennis en vaardigheden van Eerste Hulp door het volgen van bij- en
nascholing.
De instructeur heeft kennis van het Nederlandse Rode Kruis, waaronder de grondbeginselen van het
NRK.
De instructeur maakt gebruik van actuele theoretische en methodische inzichten.
De instructeur is op de hoogte van de laatst geldende NRK-richtlijnen en NRK-methodiek voor de
leerstof en kan deze toepassen in de onderwijsleersituaties.
Thema-instructeurs Eerste Hulp:
De thema-instructeur beschikt over actuele Kennis en vaardigheden Eerste Hulp (Uitgebreide Eerste
Hulp NRK).
De thema-instructeur heeft een uitstekende techniekbeheersing Eerste Hulp vaardigheden.
De thema-instructeur heeft kennis van diverse cursussen van het NRK (zowel qua opzet en
inhoudelijk).
De thema-instructeur heeft kennis van het Nederlandse Rode Kruis als organisatie, waaronder de
grondbeginselen van het NRK.
De thema-instructeur kent de missie en visie van Eerste Hulp NRK.
De instructeur maakt gebruik van actuele theoretische en methodische inzichten.
De instructeur is op de hoogte van de laatst geldende NRK-richtlijnen en NRK-methodiek voor de
leerstof kan deze toepassen in de onderwijsleersituaties.
2) Didactische vaardigheden
Deze competentie bevat de wijze waarop de lesstof behandeld en geoefend wordt en inhoudelijke kennis en
vaardigheden die hieraan ten grondslag liggen.
Docent-instructeurs Eerste Hulp:
De docent-instructeur beschikt over alle competenties van de instructeurs Eerste Hulp en kan
instructeurs Eerste Hulp en thema-instructeurs begeleiden bij de ontwikkeling van de benodigde
competenties.
De docent-instructeur houdt literatuur bij over ter onderbouwing van de NRK methodiek en volgt
nascholing om deze competenties actueel te houden.
De docent-instructeur kan bij en nascholing geven met behulp van actuele methodiek
(competentiegericht leren en beoordelen) aan instructeurs en thema-instructeurs Eerste Hulp.
De docent-instructeur beschikt over uitmuntende didactische competenties en kan (thema)instructeurs waar nodig begeleiden bij het geven van hun lessen.
Instructeurs Eerste Hulp:
De instructeur is in staat een door een Eerste Hulples eigen te maken.
De instructeur beschikt zelf over kennis van Eerste Hulp en kan de vaardigheden correct voordoen
(volgens NRK richtlijnen).
De instructeur is bereid mee te denken met de ontwikkeling van de lessen Eerste Hulp en kan op
adequate wijze een bijdrage leveren aan de ontwikkeling van het opleidingsmateriaal.
De instructeur kent de meerwaarde van het NRK lesmateriaal.
De instructeur heeft oog voor verschillen binnen de groep en kan hierop inspringen (differentiëren).
De instructeur heeft kennis en vaardigheden van de NRK methodiek: competentiegericht leren, in
combinatie met de OTIC methode.
De instructeur kent verschillende werkvormen en kan deze onderbouwd inzetten ter ondersteuning
van de leerdoelen.
De instructeur kan de cursist betrekken bij de leerstof en de cursist motiveren om zijn kennis en
vaardigheden toe te willen passen.
De instructeur is in staat om op systematische wijze competenties van cursisten te beoordelen aan de
hand van de door het NRK ontwikkelde competentie beoordelingsformulieren.
De instructeur is mentaal en fysiek in staat om de lesstof goed over te dragen en alle handelingen
goed voor te doen.
De instructeur maakt gebruik van didactische werkvormen aangesloten op de cursusleerdoelen
gedurende verschillende onderwijsleersituaties (presenteren, demonstreren, etc.).
De instructeur kent de meerwaarde van de door het NRK cursusmaterialen die bij het onderwijs in de
Eerste Hulp gebruikt worden.
De instructeur kan het product en proces van een onderwijsleersituatie evalueren.
De instructeur kan een les opbouwen (doelgericht, doeltreffend middels proces- en
productevaluaties, logische volgorde in stappen, onderscheid tussen hoofd- en bijzaken).
De instructeur kan leerdoelen formuleren gericht op het aanleren van kennis, inzicht, praktische
vaardigheden en houding en daar waar nodig bijstellen.
De instructeur kan een ongevalsituatie opbouwen zodat deze bruikbaar is voor een demonstratie aan
cursisten.
De instructeur kan onderdelen van een les tot een logisch geheel samenvoegen (aansluiten bij
opleiding, kennisniveau en achtergrond van de cursisten, opklimmen in moeilijkheidsgraad).
De instructeur kan een juiste verhouding tussen praktijk en theorie van de Eerste Hulp in de les
plannen.
De instructeur werkt in en met een groep en stemt daarbij taaksituaties af op het niveau van de
cursisten.
De instructeur beoordeelt en corrigeert vaardigheden en competenties objectief aan de hand van de
beoordelings- of testformulieren.
De instructeur stimuleert en motiveert cursisten door juiste didactische stappen en interventies om de
handelingen voor het verlenen van Eerste Hulp te oefenen.
De instructeur geeft op constructieve wijze feedback op het leerproces van de cursisten.
De instructeur verstrekt passende achtergrondinformatie bij de les, en wijkt hierin niet af van de
voorgeschreven cursusmaterialen en inhoud uit de instructeurshandleiding, mits anders gevraagd
wordt door het NRK (bijvoorbeeld bij herhalingslessen).
De instructeur kan zijn vakinhoudelijke opvattingen die hij in de lessen toepast verantwoorden.
De instructeur beheerst de eindtermen en daaraan gerelateerde leerstof.
De instructeur kan de kennis, vaardigheden en houding op het gebied van de leerstof overbrengen,
zodanig dat deze op een adequate wijze Eerste Hulp kunnen verlenen:
De instructeur kan uitleggen door welke factoren onze waarnemingen worden beïnvloed en welke
gevolgen dit heeft voor de wijze waarop een slachtoffer moet worden benaderd.
De instructeur kan de protocollaire benadering van een slachtoffer omschrijven en toepassen.
De instructeur kan uitleggen waarom de Eerste Hulp bij de verschillende letsels moet worden verleend
op de wijze die de cursisten in de cursussen/modules krijgen geleerd.
De instructeur signaleert onmiddellijk als er problemen zijn bij de uitvoering van de Eerste Hulp
verlening en kan beoordelen hoe deze problemen aangepakt kunnen worden.
De instructeur kan op grond van de (ongeval)situatie en de verschijnselen concluderen wat het
vermoedelijke letsel van een slachtoffer is.
De instructeur kan het doel van Eerste Hulp bij de verschillende gebeurtenissen en letsels omschrijven.
Thema-instructeurs Eerste Hulp:
De thema- instructeur is in staat een NRK Eerste Hulp les eigen te maken.
De thema-instructeur maakt gebruik van het NRK cursusmateriaal en volgt de instructeurshandleiding.
De thema-instructeur heeft kennis en vaardigheden met betrekking tot competentiegericht leren en
de OTIC methode zoals omschreven in de instructeurshandleiding
De thema-instructeur is bekend met verschillende werkvormen, zoals omschreven in de
instructeurshandleiding, en kan deze werkvormen adequaat toepassen in de les
De thema-instructeur is in staat om op systematische wijze competenties van cursisten te beoordelen
aan de hand van de door het NRK ontwikkelde competentie beoordelings en testformulieren.
De thema-instructeur moet fysiek in staat zijn om alle Eerste Hulp handelingen goed voor te doen
volgens de NRK richtlijnen en NRK methodiek.
De thema-instructeur geeft op constructieve wijze feedback op het leerproces van de cursisten.
De thema-instructeur stimuleert en motiveert cursisten door juiste didactische stappen en
interventies om de handelingen voor het verlenen van Eerste Hulp te oefenen.
De thema-instructeur beheerst de eindtermen en daaraan gerelateerde leerstof van de te geven
cursus Eerste Hulp.
De thema-instructeur kan een les opbouwen
De thema-instructeur werkt in en met een groep en stemt daarbij taaksituaties af op het niveau van
de cursisten.
De thema-instructeur stimuleert en motiveert cursisten door juiste didactische stappen en
interventies om de handelingen voor het verlenen van Eerste Hulp te oefenen.
De thema-instructeur doet op basis van beoordelingen en testen betrouwbare uitspraken over de
competenties van de cursisten.
De thema-instructeur verstrekt passende achtergrondinformatie bij de les, indien aangegeven in de
instructeurshandleiding.
De thema-instructeur kan zijn vakinhoudelijke opvattingen die hij in de lessen toepast verantwoorden.
De thema-instructeur kan de kennis, vaardigheden en attitudes op het gebied van de leerstof
overbrengen, zodanig dat deze op een adequate wijze Eerste Hulp kunnen verlenen:
o De thema-instructeur kan uitleggen door welke factoren onze waarnemingen worden
beïnvloed en welke gevolgen dit heeft voor de wijze waarop een slachtoffer moet worden
benaderd.
o De thema-instructeur kan de protocollaire benadering van een slachtoffer omschrijven en
toepassen.
o De thema-instructeur kan uitleggen waarom de Eerste Hulp bij de verschillende letsels moet
worden verleend op de wijze die de cursisten in de cursussen/modules krijgen geleerd.
o
De thema-instructeur signaleert onmiddellijk als er problemen zijn bij de uitvoering van de
Eerste Hulp verlening en kan beoordelen hoe deze problemen aangepakt kunnen worden.
3) Organisatorische vaardigheden
Kennis van de organisatie van het Eerste Hulp onderwijs van het NRK. Deze competentie stelt de instructeur in
staat om de lessen Eerste Hulp op adequate wijze te kunnen aanbieden aan cursisten. De voorbereiding van de
lessen, kennis van het proces van inschrijving tot aan certificering (uitgevoerd door de organisator), kennis en
binding met de organisatie (het NRK wordt gekenmerkt door haar maatschappelijk doelstellingen en de zeven
grondbeginselen) en het handhaven van regels en richtlijnen van de organisatie (NRK richtlijnen), het
beoordelen van competenties van cursisten en het gebruik van de digitale cursusadministratie.
Docent-instructeurs Eerste Hulp:
De docent-instructeur beschikt over alle competenties van de instructeurs Eerste Hulp en kan
instructeurs Eerste Hulp en thema-instructeurs begeleiden bij de ontwikkeling van de benodigde
competenties.
De docent-instructeur kan (thema-)instructeurs bijscholen of begeleiden op het gebied van NRK
kennis, cultuur (grondbeginselen) en de taken die cursisten kunnen bekleden als vrijwilliger van het
NRK. De docent-instructeurs zijn hiermee ambassadeurs van het NRK.
De docent-instructeur kan (thema-)instructeurs begeleiden op het gebied van time-management,
lesplanning, het hanteren van de instructeurshandleiding etc.
Instructeurs Eerste Hulp:
De instructeur kent het digitale cursussysteem van het NRK en kan cursisten via dit systeem vinden en
beoordelen. De instructeur maakt op een doelmatige manier gebruik van digitale cursusadministratie
en hanteert een gemakkelijk toegankelijke administratie van beoordelings- of testformulieren. De
Organisator archiveert het papierwerk.
De instructeur is op de hoogte van de complete organisatie rondom de cursus, van inschrijving tot
certificering.
De instructeur treft een goede voorbereiding voor de lessen, zorgt dat hulpmiddelen en materialen
tijdig en op de juiste plaats klaar staan.
De instructeur onderschrijft de grondbeginselen van het NRK en draagt deze uit tijdens zijn lessen.
De instructeur kent de andere diensten van het NRK en kan eventueel (potentiële) vrijwilligers
informeren over mogelijke taken binnen het NRK.
De instructeur werkt met organisatoren van cursussen samen om de betreffende cursus in goede
banen te leiden.
De instructeur hanteert op een consequente manier concrete, functionele procedures en afspraken.
De instructeur kan in teamverband met andere lesgevers Eerste Hulp onderwijs aanbieden.
De instructeur kan, eventueel met andere instructeurs en lotusslachtoffers, competenties van
cursisten op de voorgeschreven wijze testen en/of beoordelen.
De instructeur plant en organiseert de groep en de beschikbare tijd zorgvuldig en is daarin waar nodig
flexibel.
De instructeur maakt gebruik van de instructeurshandleiding, houdt een planning aan die bij de
cursisten bekend is en werkt volgens een tijdschema.
De instructeur bewaakt de tijd gedurende de uitvoering van de bijeenkomst.
De instructeur schakelt daar waar nodig een lotusslachtoffer in.
De instructeur houdt overzicht over de cursisten en gaat over tot actie bij de cursisten die nog niet
bezig zijn.
De instructeur vraagt de cursisten aan het einde van de cursus om de evaluatieformulieren in te
vullen, haalt deze op en stuurt ze naar het NRK (eventueel in samenwerking met de organisator).
De instructeur verzamelt tijdens de cursus de beoordelings- of testformulieren en ordent ze daarna en
zorgt dat ze in het bezit van de organisator komen.
Thema-instructeurs Eerste Hulp:
De thema-instructeur presenteert voorafgaand aan de cursus de competenties die in de lessen aan de
orde komen en worden beoordeeld.
De thema-instructeur bespreekt samen met het lotusslachtoffer welke handelingen uitgevoerd
moeten worden.
De thema-instructeur legt aan de cursisten uit aan welke organisatorische afspraken zij zich dienen te
houden.
De thema-instructeur geeft aan welke leeractiviteiten hij van de cursisten verwacht en wat de
cursisten van hem kunnen verwachten.
De thema-instructeur verzamelt tijdens de cursus de beoordelings- of testformulieren en ordent ze
daarna en geeft ze aan de organisator voor het archief.
De thema-instructeur maakt op een doelmatige manier gebruik van digitale cursusadministratie en
hanteert een gemakkelijk toegankelijke administratie van beoordelings- of testformulieren.
De thema-instructeur vraagt de cursisten aan het einde van de cursus om de evaluatieformulieren in
te vullen, haalt deze op en stuurt ze naar het NRK (eventueel in samenwerking met de organisator).
De thema-instructeur werkt met organisatoren van cursussen samen om de betreffende cursus in
goede banen te leiden.
De thema-instructeur hanteert op een consequente manier concrete, functionele procedures en
afspraken.
De thema-instructeur kan in teamverband met andere lesgevers onderwijs aanbieden.
De thema-instructeur plant en organiseert de groep en de beschikbare tijd zorgvuldig en is daarin
waar nodig flexibel.
De thema-instructeur houdt een planning aan die bij de cursisten bekend is en werkt volgens een
tijdschema zoals weergegeven in de instructeurshandleiding.
De thema-instructeur zorgt dat hulpmiddelen en materialen tijdig en op de juiste plaats klaar staan.
De thema-instructeur bewaakt de tijd gedurende de uitvoering van de bijeenkomst.
De thema-instructeur schakelt daar waar nodig een lotusslachtoffer in.
De thema-instructeur houdt overzicht over de cursisten en gaat over tot actie bij de cursisten die nog
niet bezig zijn.
De thema-instructeur verzamelt tijdens de cursus de beoordelings- of testformulieren en ordent ze
daarna en zorgt dat ze in het bezit van de organisator komen.
4) Communicatieve vaardigheden: Interpersoonlijke (en pedagogische) vaardigheden
De voortdurende interactie die plaats vindt tussen cursisten en de instructeur en leiden tot een positief
groepsklimaat ten behoeve van het lerende vermogen van de cursist. Dit betekent dat de instructeur beschikt
over degelijke communicatieve vaardigheden, die de cursist motiveert om te leren en in staat stelt om vragen
te stellen. Onder communicatie wordt ook verstaan de communicatie tussen de organisator, het NRK en de
instructeur.
Docent-instructeurs Eerste Hulp:
De docent-instructeur beschikt over alle competenties van de instructeurs Eerste Hulp en kan
instructeurs Eerste Hulp en thema-instructeurs begeleiden bij de ontwikkeling van de benodigde
competenties.
De docent-instructeur kan (thema)-instructeurs begeleiden op het gebied van communicatie (met
cursist, organisator, Lotus en anderen), afspraken maken met cursisten, consequent handelen etc.
De docent-instructeur kan (thema-)instructeurs begeleiden bij het professioneel handelen en de
ontwikkeling tot professionele instructeur Eerste Hulp van het NRK.
De docent-instructeurs houden deze competentie zelf op peil door het volgen van gerichte nascholing.
Instructeurs Eerste Hulp:
De instructeur beschikt over een professionele houding ten opzichte van de cursist, organisator en het
NRK.
De instructeur beschikt over communicatieve vaardigheden (uitstekende beheersing Nederlandse
taal/taal waarin de cursus gegeven wordt, interactie met cursisten).
De instructeur kan leiding geven aan een groep en kan rust en orde bewaren binnen de groep
De instructeur is zich bewust van zijn voorbeeldpositie.
De instructeur is in staat om als expert cursisten een competent gevoel te geven.
De instructeur kan een balans vinden in het corrigeren van vaardigheden en het complimenteren van
cursisten wanneer een handeling goed uitgevoerd wordt.
De instructeur helpt de cursist om zich in te leven in het slachtoffer en hoe hij het slachtoffer kan
geruststellen.
De instructeur bespreekt samen met het lotusslachtoffer welke handelingen uitgevoerd moeten
worden.
De instructeur legt aan de cursisten uit aan welke organisatorische afspraken zij zich dienen te
houden.
De instructeur geeft aan welke leeractiviteiten hij van de cursisten verwacht en wat de cursisten van
hem kunnen verwachten.
Thema-instructeurs Eerste Hulp:
De thema-instructeur heeft een professionele houding ten opzichte van de cursist, organisator en het
NRK.
De thema-instructeur beschikt over communicatieve vaardigheden (uitstekende beheersing
Nederlandse taal/taal waarin de cursus gegeven wordt, interactie met cursisten)
De thema-instructeur kan rust en orde bewaren binnen de groep
De thema-instructeur kent zijn voorbeeldpositie.
De thema-instructeur kan de cursist het gevoel van competentie geven
De thema-instructeur helpt de cursist om zich in te leven in het slachtoffer en hoe hij het slachtoffer
kan geruststellen.
De thema-instructeur bespreekt samen met het lotusslachtoffer welke handelingen uitgevoerd
moeten worden.
De thema-instructeur legt aan de cursisten uit aan welke organisatorische afspraken zij zich dienen te
houden.
De thema-instructeur geeft aan welke leeractiviteiten hij van de cursisten verwacht en wat de
cursisten van hem kunnen verwachten.
5) Reflectieve vaardigheden
Een instructeur is in staat om terug te kijken op het eigen handelen en voelt de bereidheid om het eigen
handelen te verbeteren ten behoeve van de aan te leren competenties van de cursist en de kwaliteit van het
Eerste Hulp onderwijs van het NRK.
Docent-instructeurs Eerste Hulp:
De docent-instructeur beschikt over alle competenties van de instructeurs Eerste Hulp en kan
instructeurs Eerste Hulp en thema-instructeurs begeleiden bij de ontwikkeling van de benodigde
competenties.
De docent-instructeur kan (thema)-instructeurs begeleiden bij het reflecteren op eigen handelen.
De docent-instructeur hebben een coachende en begeleidende rol, bij het (ver)werken van
aandachtspunten bij (thema-) instructeurs na de audits.
De docent-instructeur stelt een verbeterplan op met (thema-)instructeurs na onvoldoende
beoordeling bij een audit.
Instructeurs Eerste Hulp:
De Instructeur is in staat systematisch terug te kijken op zijn eigen handelen.
Instructeur evalueert de cursus en audit rapportages en zet dit om in concrete actieplannen ten
behoeve van zijn functioneren.
De instructeur evalueert de cursus, verwerkt de evaluaties en stelt leerdoelen op ten behoeve van het
eigen leerproces.
De instructeur houdt een digitaal portfolio bij binnen de elektronische leeromgeving van Eerste Hulp
(verzameling evaluatieverslagen van de cursus, reflectieverslagen en auditrapporten).
De instructeur kan op adequate wijze reflecteren op zijn eigen handelen, ten behoeve van verbetering
van de competenties uit het competentieprofiel van de instructeur Eerste Hulp.
De instructeur evalueert de les bij de cursisten en kan de feedback verwerken in een evaluatieverslag
ten behoeve van het eigen functioneren.
Thema-instructeurs Eerste Hulp:
De thema-instructeur is in staat systematisch terug te kijken op zijn eigen handelen.
De thema-instructeur evalueert de cursus en auditbezoeken en zet dit om in concrete actieplannen
ten behoeve van zijn functioneren.
De thema-instructeur evalueert de cursus aan de hand van de docentevaluaties.
De thema-instructeur evalueert de cursus met de cursisten en gebruikt de feedback van de cursisten
voor de eigen professionele ontwikkeling.