Aan staatssecretaris mr. drs. F.H.H. Weekers Ministerie van

Aan staatssecretaris mr. drs. F.H.H. Weekers
Ministerie van Financiën
Postbus 20201
2500 EE Den Haag
Amersfoort, 14 januari 2014
Betreft: Uitzondering op de één bankrekeningmaatregel voor de minnelijke schuldhulpverlening
Geachte heer Weekers,
Op 1 december jl. is de regeling ingegaan die bewerkstelligt dat de Belastingdienst toeslagen en
betalingen voor een burger op één bankrekeningnummer stort die op naam van die burger staat. Met
deze regeling wordt fraude met toeslagen en belastingteruggaves voorkomen. De VNG, de Federatie
Opvang, GGZ Nederland en de RIBW Alliantie ondersteunen de inspanningen van het kabinet om
fraude met inkomensregelingen te voorkomen van harte.
Uitzonderingen wegens schuldhulpverlening en budgetbeheer
In de op 1 december 2013 van kracht geworden uitvoeringsregeling is een mogelijkheid opgenomen
voor gemeenten en voor leden van de NVVK om als ontvanger van de toeslag of belastingteruggave
te dienen in het kader van schuldhulpverlening en budgetbeheer. Deze regeling is bedoeld om ervoor
te zorgen dat de uitbetalingen aan mensen die ernstige en problematische schulden hebben en op
basis van een schuldregelingsovereenkomst hulp ontvangen, aan een erkende instantie worden
overgemaakt en benut voor het doel waarvoor ze zijn uitgekeerd.
Veel instellingen voor maatschappelijke opvang en beschermde woonvormen in de ggz bieden
begeleiding bij financiële administratie, budgetbeheer en (toeleiding naar) gemeentelijke
schuldhulpverlening aan (ex-dakloze) cliënten met psychische stoornissen, verslavingsproblemen en
verstandelijke beperkingen. De meeste cliënten hebben problematische schulden en zijn zelf niet of
minder goed in staat hun administratie uit te voeren. In veel gevallen komen zij vanwege
toelatingscriteria niet voor de reguliere gemeentelijke schuldhulp in aanmerking. Deskundige
medewerkers helpen deze mensen om hun financiële huishouding op orde te krijgen en te houden. De
instellingen voor maatschappelijke opvang en beschermde woonvormen in de ggz dragen met deze
activiteiten bij aan het voorkomen en oplossen van fouten en problemen bij inkomensvoorzieningen
voor de laagste inkomens. Zij voeren deze activiteiten uit in opdracht van de 43 centrumgemeenten
voor maatschappelijke opvang. In het kader van de budgetbeheer- en/of schuldhulpwerkzaamheden
fungeren deze instellingen tot nu toe als ontvanger van betalingen door de Belastingdienst ten
behoeve van cliënten. Vanwege de eisen van de Wet op het financieel toezicht staan rekeningen die
aan cliënten worden toegekend voor de duur van de begeleiding op naam van de organisatie en niet
op naam van de cliënt.
Omvang van het budgetbeheer door instellingen voor maatschappelijke opvang en beschermd wonen
in de ggz
Ongeveer zestig van deze instellingen doen dit budgetbeheer voor enkele tienduizenden cliënten.
Deze instellingen vallen niet onder de in de uitvoeringsregeling genoemde uitzonderingen. Deze
instellingen zijn geen lid van de NVVK. Zij bedienen namelijk een klantgroep die vanwege
toelatingscriteria niet in aanmerking komt voor schuldhulp volgens de richtlijnen van de NVVK en de
gemeenten. Het lidmaatschap van de NVVK is in dat geval niet de aangewezen route voor deze
specifieke doelgroepen.
Kwaliteitsnormen instellingen voor maatschappelijke opvang en beschermd wonen ggz
De bedoelde instellingen voldoen wel aan andere kwaliteitseisen dan die van de NVVK, op grond
waarvan waarborging van zekerheden ten aanzien van de continuïteit, bonafiditeit en kwaliteit
verkregen kunnen worden. Deze kwaliteitseisen vloeien o.a. voort uit de volgende zaken:
−
zij zijn gecertificeerd door de Stichting Harmonisatie Kwaliteitsbeoordeling in de Zorgsector
(NEN-ISO 9001);
−
een jaarlijkse accountantsverklaring is verplicht;
−
men hanteert de Zorgbrede Governancecode of de Governancecode Welzijn en
Maatschappelijke Dienstverlening;
−
men heeft een subsidieovereenkomst met een gemeente en voldoet aan de subsidieverordening
en aan de verantwoordingseisen van de gemeente.
De branches van zorgaanbieders hebben inmiddels van een groot aantal leden begrepen dat het
budgetbeheer dat zij in opdracht van gemeenten ten behoeve van hun cliënten uitvoeren, mis dreigt te
lopen doordat de uitzondering die voor gemeenten in de uitvoeringsregeling is gemaakt, niet voor
deze instellingen geldt. Daarmee ontstaat een groot risico dat cliënten die al in problemen verkeren,
nog meer schulden opbouwen en de toeslagen mogelijk uitgeven aan minder gewenste zaken,
bijvoorbeeld omdat zij verslaafd zijn. Ten behoeve van de Federatie Opvang, de RIBW Alliantie en
GGZ Nederland willen wij u vragen om de uitzonderingsbepaling die van toepassing is op gemeenten
en NVVK-leden ook van toepassing te verklaren op de maatschappelijke opvang en instellingen voor
beschermd wonen in de ggz, die een subsidieovereenkomst met een gemeente hebben en ook lid zijn
van de Federatie Opvang, de RIBW Alliantie of GGZ Nederland. Desgewenst kan de nu al verplichte
jaarlijkse accountantsverklaring worden uitgebreid naar de procedures rond de ontvangsten van
betalingen voor cliënten. Uiteraard zullen de instellingen zich hierbij conformeren aan de eisen die de
Belastingdienst stelt. Een dergelijk accountantsrapport maakt ook onderdeel uit van het arrangement
dat met de kinderopvangsector is overeengekomen.
Dit verzoek wordt mede ondersteund door Divosa (vereniging van gemeentelijke managers op het
terrein van participatie, werk en inkomen).
Voor aanvullende informatie kunt u contact opnemen met Rina Beers, senior beleidsmedewerker
Federatie Opvang, [email protected], 06-13846484.
Graag vernemen wij uw reactie op dit verzoek.
Met vriendelijke groet,
J. Kriens
Voorzitter directieraad VNG
J. Laurier
Voorzitter Federatie Opvang
J.D.C. Geel
Voorzitter GGZ Nederland
A.P.B.M. van Tuijn
Voorzitter RIBW Alliantie