Leerlingenstatuut College De Heemlanden schooljaar 2014-2015

Leerlingenstatuut College De Heemlanden schooljaar 2014-2015
Inhoudsopgave
I Algemeen
1.
2.
3.
4.
5.
6.
Doelstelling
Begrippen
Betekenis
Procedure
Geldigheidsduur
Publicatie
II Rechten en plichten
7.
Het onderwijsproces
8.
Toetsing
9.
Examens
10.
Verslaglegging
11.
Toelating tot hoger leerjaar
12.
Verwijdering op grond van leerprestatie
13.
Huiswerk
14.
Aanwezigheid
15.
Te laat komen
16.
Gebruik etenswaren en genotmiddelen
17.
Gebruik communicatiemiddelen en media
18.
Vrijheid van meningsuiting
19.
Vrijheid van uiterlijk
20.
Veilige school
21.
Vergaderingen
22.
Leerlingenraad
23.
Schoolkrant
24.
Aanplakborden
25.
Schoolplan
26.
Aanstellen van personeelsleden en directie
27.
Leerlingenregistratie en privacybescherming
III Sancties
28.
29.
30.
31.
32.
33.
Strafbevoegdheden
Straffen
Verwijdering uit de les
Schorsing
Definitieve schorsing
Aansprakelijkheid
IV Klachten
34.
35.
Klacht
Klacht bij de, interne of externe, klachtencommissie
V Slotbepalingen
36.
Recht op voorstellen en suggesties
37.
Ontsnappingsartikel
38.
Overgangsartikel
39.
Citeerartikel
40.
Inwerkingtreding
Bijlage 1
Bijlage 2
Bijlage 3
Leerlingenstatuut College De Heemlanden 2014
HOOFDSTUK I ALGEMEEN
Artikel 1 Doelstelling
Dit leerlingenstatuut is de vaststelling en nadere uitwerking van de rechten, bevoegdheden en plichten
van de leerlingen.
Het leerlingenstatuut heeft de intentie:
1. problemen te voorkomen;
2. problemen op te lossen;
3. willekeur uit te sluiten.
Artikel 2 Begrippen
In dit statuut wordt bedoeld met:
bevoegd gezag:
het bestuur van de Stichting Open Oecumenische School voor Voortgezet Onderwijs Houten;
verder aangehaald als ‘het bestuur’
bovenbouw:
alle leerjaren 4, 5 en 6
directeur-bestuurder:
de met het bevoegd gezag beklede functionaris
docenten:
personeelsleden en stagiaires met een onderwijstaak;
ELO:
Elektronische leeromgeving
geleding:
een groepering van ouders, leerlingen of personeelsleden binnen de school, die recht heeft op een
vertegenwoordiging in de medezeggenschapsraad;
inspectie:
inspecteur(s) die belast is/zijn met het toezicht op deze school, bedoeld in de Wet op het onderwijstoezicht ;
interne klachtencommissie
orgaan dat klachten over vermeende onjuiste of onzorgvuldige toepassing van het leerlingenstatuut
in behandeling kan nemen en hierover bindende uitspraken doet met inachtneming van artikel 34 van dit
statuut;
teamleider:
docent die verantwoordelijk is voor de dagelijkse leiding van een aantal klassen of afdelingen en leidinggeeft
aan de docenten die werkzaam zijn in het team;
klassenvertegenwoordiger:
de leerling die zijn klas of groep vertegenwoordigt;
leerlingen:
jongeren die op deze school als onderwijsvolgend staan ingeschreven;
leerlingenraad (LR):
een uit en door de leerlingen gekozen groep of een soortgelijke organisatie die de belangen van
leerlingen behartigt;
lessen:
alle ingeroosterde lesactiviteiten;
Magister:
het administratie programma waarin ouders de vorderingen van hun zoon/dochter kunnen
bekijken en dat de school gebruikt als elektronische leeromgeving;
Leerlingenstatuut College De Heemlanden 2014
management:
directeur-bestuurder en conrectoren
medezeggenschapsraad
het vertegenwoordigend orgaan van alle geledingen van de school met instemmings- en
adviesbevoegdheden, als beschreven in de Wet Medezeggenschap Onderwijs 1992;
mentor:
een docent die verantwoordelijk is voor de begeleiding van een klas of groep leerlingen;
missie:
opdracht die de school zichzelf heeft gesteld, vastgesteld door bestuur nadat de medezeggenschapsraad
instemming heeft verleend, te vinden in de Schoolgids;
onderbouw
leerjaar 1, 2 en 3
onderwijs ondersteunend personeel:
personeelsleden en stagiaires met een andere taak dan lesgeven;
ouders:
de wettelijke vertegenwoordiger(s) van de leerling 1
personeel:
alle personeelsleden in dienst van de Stichting Open Oecumenische School voor Voortgezet Onderwijs
Houten;
Programma van Toetsing en Afsluiting (PTA):
het wettelijk voorgeschreven document waarin de procedures en inrichting van het schoolexamen en het
centraal examen (CE) zijn vastgelegd;
rapport:
periodiek (schriftelijk) verslag over de staat van de vorderingen van een leerling;
rapportvergadering
de vergadering docenten die lesgeven aan een bepaalde klas of groep voorgezeten door de
teamleider
school:
College De Heemlanden te Houten
toets:
verzamelnaam voor de wijze waarop leerlingen getoetst worden, zoals een schriftelijke overhoring,
practicum, presentatie, proefwerk, repetitie.
In dit leerlingenstatuut wordt ten behoeve van de leesbaarheid alleen in de mannelijke vorm geschreven.
Daar waar mannelijke voornaamwoorden worden gebruikt, kunnen ook vrouwelijke worden gelezen.
1
In bijlage 1 wordt beschreven op welke manier College De Heemlanden omgaat met leerlingen vanaf 18 jaar
Leerlingenstatuut College De Heemlanden 2014
Artikel 3 Betekenis
1. Het leerlingenstatuut kan niet los worden gezien van de wet, de andere geldende reglementen
van de school zoals het Reglement medezeggenschap, het Managementstatuut, de
Klachtenregeling. In algemene zin is het leerlingenstatuut ondergeschikt aan de wet en aan de
hiervoor genoemde reglementen. Het leerlingenstatuut vormt hierop een aanvulling en een
nadere uitwerking vanuit de invalshoek van leerlingen. Verwacht wordt dat dit leerlingenstatuut
zowel de leerlingen als het personeel van de school houvast biedt bij hun dagelijkse handelen, en
bij de beoordeling van handelingen van anderen.
2. De bepalingen van het leerlingenstatuut hebben een bindend karakter binnen het kader van de
genoemde interne reglementen en de wet; zij gelden in en buiten de schoolgebouwen en terreinen zowel onder schooltijd als daarbuiten bij alle schoolse en buitenschoolse activiteiten.
3. Dit statuut kan niet los worden gezien van de Schoolgids en het Schoolplan (Strategisch
beleidsplan).
Artikel 4 Procedure
Het leerlingenstatuut, daaronder elke wijziging inbegrepen, wordt vastgesteld door het bestuur, met
inachtneming artikel 24.3.b. van het Medezeggenschapsreglement.
Artikel 5 Geldigheidsduur
1. Het leerlingenstatuut is geldig vanaf de in artikel 38 aangegeven datum.
2. Het leerlingenstatuut wordt voor de periode van twee schooljaren vastgesteld door het bestuur.
3. Tenminste drie maanden voor het verlopen van de geldigheidsduur zal worden besproken of een
herziening van het leerlingenstatuut wenselijk en/of nodig is. Indien herziening niet aan de orde
is,wordt de geldigheidsduur met een periode van twee jaren verlengd.
Artikel 6 Publicatie
1. Aan het begin van de schoolloopbaan ontvangt een ieder voor wie het leerlingenstatuut bindend
is,een brief over het leerlingenstatuut en de plaats(en) waarop dit statuut in te zien is. In het Open
Leercentrum liggen exemplaren van het leerlingenstatuut ter inzage. Het leerlingenstatuut staat op
de website van de school. In de Schoolgids staat een samenvatting van het leerlingenstatuut.
2. Indien het leerlingenstatuut inhoudelijk (tussentijds) wordt gewijzigd, wordt hiervan melding gemaakt
aan een ieder voor wie het leerlingenstatuut bindend is.
Leerlingenstatuut College De Heemlanden 2014
HOOFDSTUK II RECHTEN EN PLICHTEN
Artikel 7 Het onderwijsproces
1. De leerlingen hebben er recht op dat de docenten zich inspannen om behoorlijk onderwijs te geven
overeenkomstig het vastgestelde Schoolplan, de Schoolgids, de afgesproken leerstof en het
lesrooster. Het gaat daarbij om
a. Een evenwichtige verdeling van de leerstof over het leerjaar/de lesperiode;
b. Goede aansluiting van het huiswerk bij de leerstof;
c. Een goede aansluiting van de toetsen bij de leerstof.
2. Als een medewerker naar het oordeel van een leerling zijn taak niet op een behoorlijke wijze vervult,
dan kan dat door de leerling aan de orde worden gesteld overeenkomstig de klachtenprocedure
zoals beschreven in artikel 34 van dit statuut.
3. De leerlingen zijn verplicht zich in te spannen om het onderwijsproces goed te laten verlopen.
4. Een leerling die naar het oordeel van een medewerker een goede voortgang van de les verstoort of
verhindert, kan door de medewerker verplicht worden de les te verlaten. De leerling meldt zich dan
zo snel mogelijk in het time-outlokaal of een daarvoor andere aangewezen plaats of functionaris en
gaat na de les terug naar de medewerker om het conflict uit te praten. De medewerker heeft het
recht om de leerling een passende sanctie op te leggen.
Artikel 8 Toetsing
1. De regels en afspraken met betrekking tot toetsing in de (voor)eindexamenklassen staat
beschreven in het Programma van Toetsing en Afsluiting (PTA) dat aan het begin van het
schooljaar aan de betreffende leerlingen wordt uitgereikt.
2. Van een toets moet bij het opgeven daarvan duidelijk zijn welk gewicht de toets heeft ten
opzichte van andere (soorten) toetsen. Ook moet duidelijk zijn welk deel van de leerstof door de
leerlingen beheerst moet worden.
3. De toets moet representatief zijn voor de leerstof.
4. Alle toetsen worden door de docent in Magister vermeld, alleen dan is de opgegeven toets geldig.
5. Het laagste cijfer dat behaald kan worden is een 1. Het hoogste cijfer dat een leerling kan
behalen is een 10.
6. Een beoordeling kan ook worden uitgedrukt met de letters o(nvoldoende),v(oldoende) en g(oed).
7. Twee vormen vragen om nadere omschrijving.
a. een schriftelijke overhoring is een toets die voor maximaal 50% weegt ten opzichte van een
repetitie. Deze toets wordt minstens twee schooldagen van te voren aangekondigd, omvat
een beperkte hoeveelheid stof en derhalve ook een beperkte hoeveelheid voorbereidingstijd.
b. een repetitie met de bijbehorende stofomschrijving wordt minimaal 5 schooldagen van te
voren aangekondigd.
8. Leerlingen in hetzelfde leerjaar worden per onderwijssoort voor hetzelfde vak gelijk behandeld bij
toetsing en herkansing.
9. Een oefen- of diagnostische toets geeft een representatief beeld van de te toetsen leerstof en is
uitsluitend bedoeld om de leerling en de
docent inzicht te geven in hoeverre de leerling de lesstof begrepen en geleerd heeft.
Deze toets kan onverwacht gehouden worden. Van deze toetsen wordt de beoordeling
niet meegeteld voor het rapport of het examen.
10. Onderbouw
Het maximum aantal repetities per dag buiten de toetsweek is 1 met een maximum van drie per
week; in de toetsweek is het maximum per dag 2 . In de week voorafgaand aan de toetsweek
mogen geen leertoetsen worden opgegeven.
Bovenbouw
Het maximum aantal toetsen per dag is 3, met een maximum van 12 per week. Het maximaal
aantal toetsminuten op een dag is 160. Indien er 3 toetsen zijn, is minstens één van deze toetsen
een toets waarvoor een leerling zich niet of nauwelijks hoeft voor te bereiden. Toetsdagen met
drie toetsen worden gespreid over de week.
Voor leerlingen met extra vakken geldt deze beperking niet. Evenmin geldt deze beperking bij
inhaaltoetsen.
11. Indien het toetsrooster onevenwichtig zwaar is naar het oordeel van de leerling, kan hij tot een
dag na het bekend worden van het toetsrooster bezwaar maken bij de teamleider.
12. De docent moet de uitslag van een toets binnen tien schooldagen bekend maken en in het
leerlingenadministratiesysteem (Magister) invoeren, tenzij er sprake is van overmacht of
bijzondere gevallen, ter beoordeling aan de teamleider.
13. De leerlingen hebben er recht op dat de normen van beoordeling van een toetsing door de
docent meegedeeld en zo nodig toegelicht worden. Ook heeft een leerling het recht van inzage
Leerlingenstatuut College De Heemlanden 2014
14.
15.
16.
17.
en bespreking van het gecorrigeerde werk. In de onderbouw wordt het door de leerling gemaakte
werk - na bespreking - aan de leerling meegegeven.
Wanneer het maken van werkstukken, van welke soort ook, onderdeel is van het
onderwijsprogramma en meetelt in een beoordeling, dient van tevoren duidelijk te zijn aan welke
normen een werkstuk moet voldoen, wanneer het gereed moet zijn en wat er gebeurt bij niet of te
laat inleveren.
De leerling die het niet eens is met de beoordeling van een toets tekent eerst bezwaar aan
bij de docent. Is de reactie van de docent niet bevredigend, dan kan de leerling klagen
overeenkomstig de klachtenclausule zoals beschreven in artikel 34 van dit statuut.
De leerling, die met een voor een lid van het management aanvaardbare reden niet heeft
deelgenomen aan een toetsing, kan de toets inhalen.
De sanctie op fraude wordt in de onderbouw vastgesteld door de teamleider na overleg met de
mentor van de betreffende leerling. In de bovenbouw zijn de maatregelen omtrent fraude
opgenomen in het PTA.
Artikel 9 Examens
1. Voor het Schoolexamen (SE) en het Centraal Examen (CE) gelden anderen bepalingen dan in
artikel 11 beschreven staan. Deze bepalingen zijn opgenomen in het Programma van Toetsing
en Afsluiting (PTA).
2. In het examenreglement worden opgenomen een klachtenregeling, een reglement betreffende
herkansingen en een overzicht van de data voor het schoolexamen en het centraal examen. De
voorwaarden waaraan de kandidaten moeten voldoen om deel te nemen aan het CE moeten
duidelijk worden vermeld.
Artikel 10 Verslaglegging
1. Een rapport geeft de leerling en zijn ouders/verzorgers een overzicht van zijn prestaties voor alle
vakken over een vooraf bepaalde periode.
2. Cijfers worden met 1 decimaal op het rapport vermeld.
3. Het cijfer op het eindrapport wordt bepaald door het voortschrijdende gemiddelde van het hele
schooljaar. Bij het berekenen van het eindrapportcijfer wordt uitgegaan van het wiskundig
gemiddelde: 5.49 wordt een 5, 5.5 wordt een 6.
4. Een rapportcijfer in de onderbouw moet voor iedere rapportperiode gebaseerd zijn op minimaal twee
cijfers. Uitzondering is het vak project, daar volstaat één cijfer per periode.
5. De ouders/verzorgers van de leerlingen ondertekenen het rapport.
Artikel 11 Toelating tot hoger leerjaar
1. De school hanteert in de onderbouw het principe van de continue voortgang. Een docentenvergadering kan op grond van de prestaties besluiten om hiervan in positieve zin voor een
individuele leerling af te wijken. In de bovenbouw wordt per leerling naar de prestaties gekeken over
het hele leerjaar. Dit is vastgelegd in het bevorderingsreglement.
2. In het bevorderingsreglement is vastgelegd binnen hoeveel dagen na het bekend maken van de
beslissing tot het niet-bevorderen van een leerling, de docentenvergadering over de leerling
heropend kan worden, welke gronden hiervoor gelden en welke procedure daarbij wordt gehanteerd.
Voor de hele procedure geldt als uiterste termijn voor heropening van de vergadering de laatste
schooldag voor de officiële start van de zomervakantie.
3.
Het bestuur stelt het bevorderingsreglement vast. Deze richtlijnen worden bij het eerste rapport
bekend gemaakt.
Artikel 12 Verwijdering op grond van leerprestatie
1. Het is niet toegestaan een leerling die bevorderd is, tijdens het schooljaar op grond van onvoldoende
leerprestaties van school te verwijderen of naar een andere afdeling te sturen. De
docentenvergadering kan aan een leerling wel een advies geven zich voor een andere school of
andere afdeling in te (laten) schrijven.
2. Aan het einde van een schooljaar kan de docentenvergadering op grond van de leerprestaties
adviseren dat de leerling zich laat inschrijven bij een andere afdeling of een andere school en de
school verlaat.
Artikel 13 Huiswerk
1. De docenten die lesgeven aan een bepaalde klas, streven naar een redelijke totale belasting aan
huiswerk.
2. De docenten vermelden het huiswerk in de ELO
3. De leerling die het huiswerk niet heeft gemaakt, meldt dit bij aanvang van de les aan de betreffende
docent onder vermelding van de reden van verhindering. Indien deze reden naar het oordeel van de
Leerlingenstatuut College De Heemlanden 2014
docent de leerling niet van zijn plicht tot het maken van huiswerk ontslaat, kan hij hem een maatregel
opleggen.
4. De leerling is zelf verantwoordelijk voor het achterhalen van gemiste leerstof, uitgedeeld
lesmateriaal, gemaakte afspraken en dergelijke.
5. Na een avondfestiviteit, georganiseerd door de school, wordt de daarop volgende dag geen toets
gegeven.
6. Studieplanners worden bij de start van een periode aan de leerlingen bekend gemaakt via publicatie
in de ELO.
Artikel 14 Aanwezigheid
1. De leerlingen zijn verplicht de lessen en andere door school georganiseerde activiteiten volgens het
voor hen geldende rooster en/of jaarplanning te volgen, tenzij er een andere regeling is getroffen.
Ook roosterwijzigingen moeten worden opgevolgd. De leerlingen zijn voor de school beschikbaar
tussen 8.00 en 17.00 uur.
2. De leerlingen kunnen bij de teamleider wijzigingen in het rooster voorstellen.
3. Voor elke absentie, uitgezonderd in geval van ziekte en bezoek aan tandarts of arts, dient vooraf
verlof te worden aangevraagd bij de teamleider.
4. Bij ziekte van een leerling melden ouders/verzorgers dit vóór de aanvang van het eerste door hem
op die dag te volgen lesuur telefonisch bij de receptie.
5. Voor bezoek aan een (tand)arts meldt de leerling dit bij de receptie.
6. De leerling is zelf verantwoordelijk voor het bijhouden van de voor hem relevante informatie over zijn
lessen, huiswerk, toetsen en dergelijke.
7. Tijdens pauzes, lesuitval en roostervrije uren zijn de leerlingen van het eerste leerjaar verplicht op
school te blijven. Leerlingen van de hogere leerjaren mogen de school verlaten. Voor hen blijven
echter alle bepalingen uit dit statuut van kracht.
8. Leerlingen wordt medegedeeld welke regeling er voor hen bij uitval van lessen getroffen wordt.
9. Een hoge absentie, zonder geldige verantwoording, kan aanleiding zijn tot het geven van een advies
zoals bedoeld in artikel 12, lid.2.
Artikel 15 Te laat komen
1. Een leerling wordt geacht op de vastgelegde of afgesproken tijd in het lokaal of bij de activiteit
aanwezig te zijn.
2. Bij een tussentijdse leswisseling dienen leerlingen zich rechtstreeks naar het volgende lokaal te
begeven.
3. Vanaf het einde van een les wordt er gerekend met maximaal 5 minuten looptijd om in een ander
lokaal of bij een activiteit te arriveren.
4. Een leerling die, naar het oordeel van een medewerker, niet op tijd in het lokaal of bij een activiteit is,
wordt door de medewerker verplicht een briefje bij de receptie te halen alvorens plaats te mogen
nemen in het lokaal of bij de activiteit. Indien een leerling meer dan 20 minuten ongeoorloofd te laat
is (ongeacht de lesduur), wordt de leerling de toegang tot de les of activiteit geweigerd en wordt de
gemiste les of activiteit aangemerkt als ‘gespijbeld’.
5. Het feit van het te laat komen wordt aangetekend in het leerlingenadministratiesysteem.
6. De pedagogisch medewerker in het time-outlokaal of de medewerker van de receptie stelt aan de
hand van de geldende regels vast of de leerling in aanmerking komt voor strafmaatregelen.
7. Indien een docent meer dan 10 minuten te laat is, waarschuwt de klassenvertegenwoordiger (een
leerling) de receptie en wachten de leerlingen voor het lokaal of in de aula. De klas wordt
medegedeeld wat er verder gaat gebeuren.
8. Indien een leerling geregeld te laat komt wordt er contact opgenomen met de ouders. Als dit niet het
gewenste resultaat heeft, wordt contact opgenomen met de leerplichtambtenaar. Uiteindelijk kan
structureel te laat komen leiden tot schorsing.
Artikel 16 Gebruik etenswaren en genotmiddelen
1. Eten en drinken is alleen toegestaan in de aula en de gangen op de begane grond.
2. Roken is alleen toegestaan in de bovenbouwpauze en buiten het schoolhek onder het daarvoor
bestemde afdak.
3. In en om school is het bezit, gebruik of het verhandelen van alcohol, soft en/of hard drugs en wapens
niet toegestaan.
4. In hun gedrag dragen leerlingen bij aan een schone school.
Leerlingenstatuut College De Heemlanden 2014
Artikel 17 Gebruik communicatiemiddelen en media2
1. Het is leerlingen niet toegestaan tijdens de lessen mobiele telefoons aan te hebben of te gebruiken.
Het gebruik van mobiele telefoons is toegestaan in de aula of buiten op het schoolplein.
2. Het gebruik van mediaspelers is in de gebouwen van de school uitsluitend toegestaan met
toestemming van een van de medewerkers van de school.
3. Het gebruik van alle apparatuur van de school zoals genoemd onder lid 2, en met name van de ter
beschikking van de leerlingen staande computers, is uitsluitend toegestaan wanneer er door de
leerling aantoonbaar in opdracht van een van de medewerkers van de school wordt gewerkt. Dit
gebruik valt onder de regeling ‘elektronische informatie- en communicatiemiddelen (zie bijlage 3).
4. Het is leerlingen niet toegestaan op school van leerlingen en personeelsleden foto-, video- en/of
geluidsopnamen te maken zonder medeweten en nadrukkelijke toestemming van betrokkene.
Artikel 18 Vrijheid van meningsuiting
1. Een ieder heeft de vrijheid zijn mening op school te uiten, behoudens ieders verantwoordelijkheid
voor de wet.
2. Verbale, non-verbale (waaronder kleding) en schriftelijke (waaronder digitale) uitingen die
discriminerend en/of bedreigend en/of seksueel intimiderend zijn en/of als zodanig worden ervaren
door medeleerlingen en/of personeelsleden, worden in geen geval getolereerd.
3. De leerling die zich door een ander beledigd voelt, kan klagen volgens de klachtenprocedure zoals
deze is vastgelegd in de klachtenregeling.
Artikel 19 Vrijheid van uiterlijk
1. Een ieder heeft het recht op vrijheid van uiterlijk, behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de
wet en hetgeen gesteld is in artikel 18, lid 2. Gezichtsbedekkende kleiding die de communicatie
bemoeilijkt en/of onmogelijk maakt de identiteit vast te stellen, is niet toegestaan.
2. Het dragen van een hoofddeksel anders dan om dwingend religieuze redenen is in lesruimten niet
toegestaan.
3. De school kan alleen bepaalde kleding verplicht stellen op grond van hygiëne- of veiligheidseisen.
4. Uit veiligheidsoverwegingen kan de school het dragen van versieringen verbieden of eisen stellen
aan de haardracht.
5. De kleding is in overeenstemming met de algemeen geldende fatsoensnormen, zulks ter beoordeling
aan het management.
Artikel 20 Veilige school
1. Een ieder is verplicht bij te dragen aan een veilig schoolklimaat. Een veilig schoolklimaat wordt onder
meer gekenmerkt door de afwezigheid van (seksuele) intimidatie, agressie, geweld en pesten in
welke vorm dan ook. De school heeft hiertoe pestbeleid geformuleerd dat op de website van de
school te vinden is.
2. Een leerling heeft er recht op om als persoon tegemoet te worden getreden. Indien de leerling meent
dat er sprake is van (seksuele) intimidatie en/of pestgedrag van de kant van medeleerlingen of
schoolpersoneel, dan kan hij handelen volgens de klachtenprocedure, zoals deze is vastgelegd inde
Klachtenregeling.
3. De klachtenregeling maakt deel uit van het leerlingenstatuut.
Artikel 21 Bijeenkomsten
1. De leerlingen hebben het recht buiten lestijd te vergaderen over zaken aangaande het schoolgebeuren en daarbij gebruik te maken van de faciliteiten van de school. In overleg met het
management worden afspraken gemaakt omtrent tijd en plaats van vergadering indien deze zou
plaatsvinden onder schooltijd en in het schoolgebouw.
2. Anderen dan leerlingen worden alleen toegelaten op een bijeenkomst van leerlingen als de
leerlingen dat toestaan.
3. Anderen dan leerlingen van buiten de school behoeven ook de toestemming tot het bijwonen van
de bijeenkomst van de begeleider van de leerlingenbijeenkomst of een van de
managementleden.
4. Het management is verplicht voor een bijeenkomst van leerlingen een ruimte ter beschikking te
stellen, een en ander binnen de feitelijke mogelijkheden van de school.
5. De leerlingen zijn verplicht een ter beschikking gestelde ruimte op een behoorlijke wijze achter te
laten. Ieder van hen kan door de school aansprakelijk worden gesteld voor eventuele schade,
overeenkomstig artikel 33 van dit statuut.
Artikel 22 Leerlingenraad
2
Artikel 17 wordt zo snel mogelijk geactualiseerd; tot die tijd is het artikel wel van kracht.
Leerlingenstatuut College De Heemlanden 2014
1. Aan de school is een leerlingenraad verbonden. Een leerlingenraad geeft, gevraagd of ongevraagd,
advies aan de leerlingen in de medezeggenschapsraad.
2. Aan de leerlingenraad wordt zo mogelijk een vaste ruimte, maar in ieder geval een afsluitbare kast
ter beschikking gesteld.
3. Voor activiteiten van de leerlingenraad worden door het management reproductiefaciliteiten,
apparatuur en andere materialen in redelijke mate gratis ter beschikking gesteld.
4. Activiteiten van de leerlingenraad kunnen tijdens de lesuren plaatsvinden na toestemming van de
teamleiders. Het verdient aanbeveling vergadering, activiteiten en dergelijk buiten de lesuren te
laten plaatsvinden
5. Leerlingenraadsleden kunnen voor hun werkzaamheden voor de leerlingenraad lesuren vrij krijgen
na toestemming van de teamleider.
6. Een leerling kan op grond van zijn of haar activiteiten voor de leerlingenraad geen hinder of nadeel
ondervinden van personen genoemd in artikel 2.
7. De vertegenwoordigers van de leerlingen in de medezeggenschapsraad worden gekozen volgens
de bepalingen van het reglement medezeggenschap.
8. Het management is verplicht om, gevraagd of ongevraagd, alle relevante informatie te overhandigen
aan de leerlingenraad.
Artikel 23 Schoolkrant
1. Er wordt naar gestreefd om op school een schoolkrant te laten verschijnen, in de begroting wordt
daartoe een reëel bedrag gereserveerd.
2. De schoolkrant is op de eerste plaats bestemd voor de leerlingen, maar is ook beschikbaar voor
andere geledingen.
3. Op voorstel van de schoolkrantredactie stelt het bestuur een redactiestatuut vast, gehoord hebbende
de medezeggenschapsraad. De vaststelling van het redactiestatuut geschiedt binnen een half
schooljaar na vaststelling van het leerlingenstatuut.
4. In het redactiestatuut worden ten minste de volgende zaken vastgelegd:
a. De geldigheidsduur van het redactiestatuut;
b. De samenstelling van de redactie en de wijze waarop benoeming plaatsvindt;
c. De vastlegging van de verantwoordelijkheid van de redactie voor de inhoud van de schoolkrant;
d. De beschikbaarheid van voldoende faciliteiten en budget;
e. Wie de bevoegdheid heeft om een nummer van de schoolkrant of een deel daarvan te wijzigen
of verschijning ervan te verbieden.
5. De inhoud van de schoolkrant dient overeen te stemmen met artikel 18 van dit statuut. De redactie is
hiervoor verantwoordelijk en aansprakelijk.
6. Het bestuur, de medezeggenschapsraad of de leerlingenraad kan (een vertegenwoordiger van) de
redactie ter verantwoording roepen voor alle geplaatste stukken. Zo nodig kan de redactie verplicht
worden tot rectificatie over te gaan.
7. Voor alle in de schoolkrant genoemde personen geldt het recht op publicatie van een weerwoord in
dezelfde editie van de schoolkrant..
8. Het management draagt er zorg voor dat een leerling niet benadeeld wordt in zijn positie in de school
en in zijn schoolcarrière, uitsluitend op grond van activiteiten in de schoolkrantredactie.
Artikel 24 Aanplakborden
Er is een aanplakbord waarop de leerlingenraad, de schoolkrantredactie en eventueel aanwezige leerlingencommissies zonder toestemming vooraf mededelingen en affiches van niet-commerciële aard kunnen
ophangen, zonder toestemming vooraf wegens de inhoud daarvan, behoudens ieders verantwoordelijkheid
volgens de wet en de bepalingen van dit leerlingenstatuut.
Artikel 25 Schoolplan
1. De directie legt in het Schoolplan vast hoe het onderwijsproces en leerproces worden vormgegeven.
Het Schoolplan is openbaar en is voor een ieder die dat wenst ter inzage op een vrij toegankelijke
plaats.
2. Het Schoolplan wordt op een zodanig tijdstip naar de leerlingenraad gestuurd dat deze nog in de
gelegenheid is om met de leerlingengeleding van de medezeggenschapsraad, gevraagd of
ongevraagd, overleg te voeren alvorens deze stukken in de MR worden besproken.
Artikel 26 Benoeming van personeelsleden
Het bestuur, gehoord de medezeggenschapsraad, stelt een procedure vast om personeelsleden te
benoemen waarbij uitdrukkelijk gekeken wordt naar de mogelijkheden om leerlingen een plaats te geven in
de procedure.
Artikel 27 Leerlingenregistratie en privacybescherming
Leerlingenstatuut College De Heemlanden 2014
1. Persoonsgegevens van leerlingen worden overeenkomstig de bepalingen van het privacyreglement
van het bestuur opgenomen in de leerlingenadministratie, die zich op school bevindt.
2. De vaststelling van het privacyreglement dient binnen een jaar na publicatie van het leerlingenstatuut
te geschieden. Tot de vaststelling van dit privacyreglement zijn de artikelen die betrekking hebben op
de leerlingenregistratie opgenomen in bijlage 1.
Leerlingenstatuut College De Heemlanden 2014
HOOFDSTUK III SANCTIES
Artikel 28 Strafbevoegdheden
1. De bevoegdheid een straf aan een leerling op te leggen komt alleen toe aan het management. Het
management kan het opleggen van een straf delegeren aan de de teamleiders, de docenten en
andere medewerkers.
2. Tegen een opgelegde straf kan een leerling in beroep gaan bij de leidinggevende van de
medewerker die de straf heeft opgelegd.
Artikel 29 Straffen
1. Lijf-, tucht- en vermogensstraffen zijn verboden.
2. Bij het opleggen van de straf dient er een verhouding te bestaan tussen de strafmaat en de ernst
van de overtreding. Ook dient er zo mogelijk een verhouding te bestaan tussen de aard van de
overtreding en de soort straf.
3. Het moet duidelijk zijn voor welke overtreding de straf gegeven wordt.
4. De uitvoering van een straf dient zo snel mogelijk op de overtreding te volgen.
Artikel 30 Verwijdering uit de les
1. Als een leerling uit de les gestuurd is, meldt hij zich direct en via de kortste route in het timeoutlokaal.
2. Na afloop van de les meldt de leerling zich bij de medewerker die hem uit de klas heeft gestuurd om
zo snel mogelijk het incident te bespreken. De medewerker bepaalt hierop een straf en zorgt voor de
afhandeling hiervan.
Artikel 31 Schorsing
1. Leerlingen kunnen worden geschorst door één van de leden van het management.
2. Er wordt onderscheid gemaakt tussen een interne en externe schorsing. Interne schorsing
betekent dat de leerling niet is toegelaten tot de lessen, maar de dag(en) wel op school
doorbrengt. Externe schorsing betekent dat de leerling niet tot het terrein en de gebouwen van de
school wordt toegelaten, met uitzondering van vooraf aangekondigde toetsen.
Voor beide geldt een maximum van 5 schooldagen.
3. Van een externe schorsing wordt de ambtenaar leerplicht op de hoogte gesteld. Van een externe
schorsing van meer dan één dag wordt ook de Inspectie op de hoogte gesteld.
Artikel 32 Definitieve verwijdering
1. Alleen het bestuur kan een leerling definitief van school verwijderen.
2. Het besluit van het bestuur tot voordragen van een leerling voor verwijdering wordt direct mondeling
gemeld aan de leerling en zijn ouders/verzorgers en vervolgens schriftelijk bevestigd.
3. Definitieve verwijdering van een leerling geschiedt slechts na overleg met de inspectie. Hangende dit
overleg kan de betreffende leerling extern worden geschorst.
4. Het bestuur kan slechts besluiten tot definitieve verwijdering van een leerling nadat deze, en indien
hij/zij minderjarig is ook de ouders, in de gelegenheid zijn gesteld over het voornemen tot verwijdering te worden gehoord.
5. Een besluit tot definitieve verwijdering wordt schriftelijk en met opgave van reden(en) aan de leerling,
en indien deze minderjarig is, ook aan de ouders, meegedeeld. Daarbij wordt gewezen op de
mogelijkheid te verzoeken om herziening van het besluit.
6. Gedurende de behandeling van de voordracht van de leerling voor definitieve verwijdering en een
eventuele herziening, kan het bestuur de leerling de toegang tot de school ontzeggen.
7. Tegen de definitieve verwijdering kan de leerling en, indien deze minderjarig is, ook de ouders bij de
Interne Klachtencommissie (IKC) in beroep gaan binnen 6 weken na dagtekening van het besluit.
8. De IKC beslist binnen 4 weken na ontvangst van het bezwaar, maar niet eerder dan nadat de
leerling en, indien deze minderjarig is, ook diens ouders in de gelegenheid zijn gesteld, te worden
gehoord. (zie artikel 15.3 uit het Inrichtingsbesluit).
9. Een leerplichtige leerling mag slechts worden uitgeschreven als leerling van een school, wanneer
deze leerling elders is of kan worden ingeschreven of van de leerplicht is vrijgesteld.
Voor niet-leerplichtige leerlingen heeft het bevoegd gezag een inspanningsverplichting tot
inschrijving van de leerling op een andere, passende school.
Artikel 33 Aansprakelijkheid
1. Voor schade die de leerling aan eigendommen van de school of van derden aanricht, is hij zelf
aansprakelijk, behoudens hetgeen hierover gesteld is in het Nederlandse recht in
verzekeringspolissen.
Leerlingenstatuut College De Heemlanden 2014
2. Het Bestuur aanvaardt geen wettelijke aansprakelijkheid voor schade die buiten zijn
verantwoordelijkheid wordt toegebracht aan bezittingen van leerlingen. Het Bevoegd Gezag
aanvaardt ook geen wettelijke aansprakelijkheid voor bezittingen van leerlingen die in of bij de school
of tijdens schooltijd zijn zoekgeraakt. Indien een minderjarige leerling voor enige schade aan de
school of schooleigendommen verantwoordelijk is, informeert de school de ouders daarover en
stelt hen vervolgens aansprakelijk.
3. Indien een leerling aan het schoolgebouw, aan de leermiddelen die zich daarin bevinden of aan
andere bezittingen van de school of aan andere onder het beheer van de school staande zaken,
schade toebrengt, wordt die schade hersteld op kosten van de leerling die de schade heeft veroorzaakt of indien deze minderjarig is op kosten van zijn ouders.
Leerlingenstatuut College De Heemlanden 2014
HOOFDSTUK IV KLACHTEN
Artikel 34 Klacht
1. Bij vermeende onjuiste of onzorgvuldige toepassing van het leerlingenstatuut kan een ieder een
klacht indienen bij degene die zodanig heeft gehandeld, met het verzoek de handelwijze in overeenstemming te brengen met het leerlingenstatuut.
2. Een klacht kan zowel individueel als collectief worden ingediend.
3. Indien een (groep) leerling(en) niet kan of durft te klagen, kan hij (of de groep) iemand schriftelijk
machtigen namens hem te klagen. De gerechtigde is dan de klager.
4. Indien de klager een leerling of een groep leerlingen is en deze geen bevredigende reactie heeft ontvangen, kan hij zijn mentor op de hoogte stellen. Indien de klacht de mentor zelf betreft, wendt de
leerling zich tot de teamleider.
5. De mentor ofteamleider hebben maximaal vijf schooldagen de gelegenheid een bemiddelende rol te
vervullen.
6. De leerlingenraad kan desgevraagd in een conflict, algemene zaken betreffende, adviseren.
7. Indien de bemiddeling niet tot een bevredigende oplossing leidt, kan de klager zich in tweede
instantie tot de conrector wenden.
8. Als de reactie van de conrector als onbevredigend wordt ervaren, kan de klager zich richten tot het
bestuur zoals beschreven in artikel 34. Mocht deze stap niet tot een bevredigende oplossing voor de
klager leiden, dan kan beroep worden gedaan op de Interne Klachten Commissie (IKC).
Artikel 35 Klacht bij de, interne of externe, klachtencommissie
1. De interne klachtencommissie kan elke klacht betreffende vermeend onjuiste of onzorgvuldige
toepassing van het leerlingenstatuut in behandeling nemen, nadat alle andere mogelijkheden om
een klacht te behandelen zoals vastgelegd in het reglement voorfase klachtenbehandeling binnen de
school uitgeput zijn
2. De klachtencommissie kan een klacht gegrond, ongegrond of gedeeltelijk gegrond verklaren.
3. De samenstelling van de klachtencommissie, de wijze waarop de klager zijn klacht kan indienen en
gehoord wordt, de termijn waarbinnen de procedure afgehandeld dient te worden, zijn vastgelegd in
de Klachtenregeling.
4. In de klachtenregeling staat eveneens beschreven welke procedure gevolgd moet worden, indien de
klager zich uiteindelijk tot de externe klachtencommissie wil wenden.
Leerlingenstatuut College De Heemlanden 2014
HOOFDSTUK V SLOTBEPALINGEN
Artikel 36 Recht op voorstellen en suggesties
Leerlingen hebben het recht om via de leerlingenraad voorstellen of suggesties te doen over alle zaken in en
om de school. Het management antwoordt hierop binnen twintig schooldagen.
Artikel 37 Ontsnappingsartikel
In aangelegenheden waarin dit statuut noch andere reglementen voorzien, beslist het bestuur.
Artikel 38 Overgangsartikel
Met het in werking treden van dit statuut vervalt de vorige versie van het leerlingenstatuut.
Artikel 39 Citeerartikel
Dit statuut kan worden aangehaald als leerlingenstatuut.
Artikel 40 Inwerkingtreding
Dit leerlingenstatuut treedt in werking op 1 augustus 2013
Leerlingenstatuut College De Heemlanden 2014
BIJLAGE 1: 18 en 21 jarigen
18-jarigen
Leerlingen van 18 jaar en ouder zijn volgens onze wetgeving volwassen. Voor hen gelden de volgende
uitgangspunten:
1. Inschrijving bij de school is voor de leerling automatisch een verplichting tot naleving van de
schoolregels.
2. Over studieresultaten en gedrag zal via de gebruikelijke weg aan ouder(s)/ verzorger(s) gerapporteerd
worden, tenzij de leerling nadrukkelijk kenbaar gemaakt heeft, dat dergelijke informatie voor hem
persoonlijk bestemd is. In dit laatste geval dient de leerling een gelijkluidende verklaring te ondertekenen.
3. In geval van afwezigheid geeft de leerling zo spoedig mogelijk – doch uiterlijk op de dag dat hij de
lessen weer heeft hervat – schriftelijk bericht aan de conciërge met in achtneming van de geldende
voorschriften. Ook voor 18-jarigen kan ongeoorloofd verzuim leiden tot maatregelen die de verbintenis
tussen de school en de leerling verbreken.
Meerderjarigheid
Met de toelating van een leerling tot welke klas dan ook, sluiten de ouders en de school een
leerovereenkomst. De school stelt haar deskundigheid beschikbaar om de ouders bij te staan bij de
opleiding en opvoeding van hun kind. De school stelt de ouders regelmatig op de hoogte van de
vorderingen van hun kind.
Wanneer een leerling meerderjarig is geworden, kunnen alle uit de leerovereenkomst voortvloeiende
rechten en plichten worden overgedragen op de leerling. Indien de ouders en/of leerling dat wensen,
dienen zij dit schriftelijk kenbaar te maken aan de teamleider. In alle andere gevallen blijft de
leerovereenkomst met de ouders gehandhaafd totdat de leerling de school heeft verlaten.
Ouders blijven financieel verantwoordelijk voor hun kinderen tot 21 jaar.
Bij zelfstandig wonende leerlingen en leerlingen van18 jaar en ouder berust
- de meldingsplicht bij verzuim van lessen
- de melding dat (tijdelijk) de lessen lichamelijke opvoeding niet kunnen worden gevolgd
bij henzelf.
Een besluit tot schorsing en verwijdering wordt, wanneer de leerling de leeftijd van 21 jaar nog niet heeft
bereikt, aan de leerling én ouders meegedeeld en schriftelijk bevestigd.
Leerlingenstatuut College De Heemlanden 2014
Bijlage 2, later op te nemen in een privacyreglement
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
11.
12.
Gegevens van leerlingen worden opgenomen in het (geautomatiseerde) leerlingenadministratiesysteem en het leerlingvolgsysteem.
Deze systemen staan onder verantwoordelijkheid van het management.
De administratie is verantwoordelijk voor het dagelijks beheer.
Het management bepaalt welke gegevens van een leerling in de administratie en het
leerlingvolgsysteem opgenomen worden.
Een leerling heeft de bevoegdheid tot inzage van de gegevens die in de, in artikel 5.7.1 genoemde
dossiers over hem genoteerd zijn en tot het doen van schriftelijke, gemotiveerde voorstellen aan het
management om correcties aan te brengen. Om van het recht tot inzage gebruik te maken, dient een
leerling en/of zijn wettelijke vertegenwoordiger een verzoek in tot een afspraak met het lid van het
management dat verantwoordelijk is voor de administratie. Aan dit verzoek moet binnen vijf dagen
gehoor worden gegeven.
Het management geeft binnen 5 schooldagen aan de betrokkene(n) te kennen of de gewenste
correcties al dan niet uitgevoerd zullen worden.
Indien de betrokkene(n) niet tevreden is/zijn met het antwoord van het management kan/kunnen de
betrokkene(n) zich direct wenden tot de interne klachtencommissie.
De leden van de interne en externe klachtencommissies hebben recht van inzage van de
betreffende genoteerde gegevens gedurende de behandeling van een klacht.
De personen genoemd in dit artikel dienen de uit de leerlingenadministratie of het
leerlingvolgsysteem afkomstige gegevens strikt persoonlijk te behandelen en nimmer op enigerlei
wijze door te geven aan anderen dan deze personen.
Behoudens wettelijke voorschriften worden de gegevens over een leerling vernietigd nadat de leerling de school heeft verlaten.
Het bestuur mag, mits vergezeld van een medewerker van de school, alle kluisjes (laten) openen en
de inhoud (laten) inspecteren.
Iedere leerling krijgt een leerling-pas, die hij op school altijd bij zich dient te hebben om zich te
kunnen legitimeren. Bij het niet kunnen vertonen van de pas wordt een dubbele absentie /te
laatmelding genoteerd.
Leerlingenstatuut College De Heemlanden 2014
Bijlage 3: Regeling elektronische informatie- en communicatiemiddelen3
Artikel 1 Doel en werkingssfeer van deze regeling
1.1
Deze regeling geeft de wijze aan waarop College de Heemlanden met betrekking tot de leerlingen
omgaat met elektronische informatie- en communicatiemiddelen (EIC). Deze regeling omvat
gedragsregels ten aanzien van verantwoord gebruik en geeft regels over de wijze waarop controle
plaats vindt.
1.2
Onverantwoord gebruik is gebruik tegenstrijdig aan de doelstelling en identiteit van de school,
zowel in persoonlijk gebruik als in relatie tot anderen binnen of buiten de school. Hierbij wordt in
het bijzonder gedacht aan illegale toepassingen van bestanden, godslasterlijke, beledigende,
aanstootgevende, gewelddadige, racistische, discriminerende, intimiderende, pornografische
toepassingen, zinloos tijdverdrijf en/of toepassingen die strijdig zijn met de wet of als onethisch te
karakteriseren zijn.
1.3
De controle op persoonsgegevens bij gebruik van elektronische informatie- en
communicatiemiddelen vindt plaats met als doel:
a. systeem- en netwerkbeveiliging
b. tegengaan van onverantwoord gebruik.
1.4
Deze regeling geldt voor een ieder die als leerling ten behoeve van zijn/haar opleiding aan College
de Heemlanden toegang heeft tot elektronische informatie- en communicatiemiddelen (EIC) van
en/of via de school.
Artikel 2 Algemene uitgangspunten
2.1
De controle op gebruik van elektronische informatie- en communicatiemiddelen zal overeenkomstig
deze regeling uitgevoerd worden.
2.2
Gestreefd wordt naar een goede balans tussen controle op verantwoord gebruik en bescherming
van de privacy van leerlingen.
2.3
Persoonsgegevens over gebruik van elektronische informatie- en communicatiemiddelen worden
niet langer bewaard dan noodzakelijk, met een maximum bewaartermijn van 6 maanden.
2.4
De directie treft voorzieningen over de positie en integriteit van de manager ICT. Dit wordt
geconcretiseerd door de manager ICT alleen technisch verantwoordelijk te laten zijn en dit laat
onverlet het bepaalde in artikel 5.5.
3
In afwachting van nieuw voorstel leerlingengeleding
Leerlingenstatuut College De Heemlanden 2014
Artikel 3 Gebruik van elektronische informatie- en communicatiemiddelen
3.1
Het gebruik van elektronische informatie- en communicatiemiddelen is primair verbonden met
taken/bezigheden die voortvloeien uit de hoedanigheid van leerling aan de school.
Gedragsregels, schoolreglement, het reglement digitaal schoolplein en andere specifieke
(gedrags)regels voor de leerlingen zijn ook van toepassing op gebruik van elektronische informatie
en communicatiemiddelen.
3.2
Leerlingen mogen elektronische informatie- en communicatiemiddelen niet gebruiken voor
persoonlijke doeleinden.
3.3
Het is niet toegestaan om elektronische informatie- en communicatiemiddelen zodanig te
gebruiken dat het systeem- en/of de beveiliging opzettelijk worden aangetast, of de inhoudelijke
communicatie tegenstrijdig is aan de doelstelling en identiteit zoals omschreven in artikel 1.2.
3.4
Het is niet toegestaan om elektronische informatie- en communicatiemiddelen voor onacceptabele
doeleinden te gebruiken. Hierbij moet onder andere worden gedacht aan het anders dan in
opdracht van de docenten ten behoeve van het onderwijs aan College de Heemlanden spelen of
downloaden aan spelletjes, winkelen, gokken of deelnemen aan kansspelen, het voeren van een
werk gerelateerd dagboek, het bezoeken van chatboxen, gebruik van msn en dergelijke
toepassingen. Ook het online luisteren naar radio en het bekijken van televisie en andere video
online toepassing valt onder deze noemer.
3.5
Het is in het bijzonder niet toegestaan om:
 toegang tot de elektronische informatie- en communicatiemiddelen van de school te verkrijgen
door gebruik van andere dan de aan de leerling toegewezen inlog-gegevens.
 bewust sites te bezoeken die pornografisch, racistisch, discriminerend, beledigend of
aanstootgevend materiaal bevatten;
 bewust pornografisch, racistisch, discriminerend, beledigend of aanstootgevend materiaal te
bekijken of te downloaden of te verspreiden;
 bewust informatie waartoe men via elektronische informatie- en communicatiemiddelen toegang
heeft verkregen zonder toestemming te veranderen of te vernietigen;
 actief aan te geven aan webwinkels dat belangstelling bestaat voor het ontvangen van
productinformatie voor eventuele latere bestellingen in de privé-sfeer;
 bestanden te downloaden die geen verband houden met de studie;
 software en applicaties te downloaden zonder voorafgaande toestemming van de docent en/of
beheerder;
 anoniem of onder een fictieve naam via elektronische informatie- en communicatiemiddelen te
communiceren;
 op dreigende, beledigende, seksueel getinte, racistische dan wel discriminerende manier via
elektronische informatie- en communicatiemiddelen te communiceren, in het bijzonder te
pesten;
 kettingmailberichten te verzenden of door te sturen;
 iemand lastig te vallen;
 anders dan in opdracht van de medewerkers ten behoeve van het onderwijs aan College de
Heemlanden zich tot niet openbare bronnen op het internet toegang te verschaffen en/of
inkomende privé-berichten te genereren door het deelnemen aan niet-zakelijke nieuwsgroepen,
abonnementen op e-zines, elektronisch winkelen, down- en uploaden van bestanden,
nieuwsbrieven en dergelijke.
3.6
Het is leerlingen niet toegestaan om foto’s, video’s of ander materiaal van op school werkzame
personen of leerlingen of andere bij de school betrokkenen via elektronische informatie- en
communicatiemiddelen bekend te maken. Voor het bekendmaken van foto’s waarop personen zijn
afgebeeld is voorafgaande toestemming van betrokkene of diens wettelijke vertegenwoordiger
vereist.
3.7
Het is ook anderszins niet toegestaan om door middel van elektronische informatie- en
communicatiemiddelen in strijd met de wet of onethisch te handelen.
3.8
User-identifcatie (gebruikersnaam) en authenticatie (bijvoorbeeld wachtwoord) zijn
persoonsgebonden en mogen niet aan anderen worden doorgegeven.
Leerlingenstatuut College De Heemlanden 2014
3.9
Onbedoelde inbreuken op beveiliging, van binnenuit of van buiten de school, dienen onmiddellijk
aan de kernteamleider of afdelingleider gemeld te worden; deze informeert onmiddellijk de
manager ICT.
Artikel 4 Meldingsplicht
Een vermoeden van misbruik van elektronische informatie- en communicatiemiddelen moet direct worden
gemeld bij de kernteamleider of afdelingleider.
Artikel 5 Controle
5.1
Controle op gebruik van elektronische informatie- en communicatiemiddelen vindt slechts plaats in
het kader van in artikel 1.2 en 1.3 genoemde doelen.
5.2
De directie informeert de leerlingen voorafgaand aan de invoering van de regeling over controle op
elektronische informatie- en communicatiemiddelen, omtrent de doeleinden, de aard van de
gegevens, de omstandigheden waaronder zij verkregen zijn en de inhoud van deze regeling.
5.3
Niet toegestaan gebruik van elektronische informatie- en communicatiemiddelen wordt zo veel
mogelijk technisch onmogelijk gemaakt.
5.4
Controle vindt in beginsel steekproefsgewijs plaats.
5.5
Minstens een keer per jaar wordt ten behoeve van de steekproefsgewijze controle per locatie
gedurende één maand een logfile bijgehouden van het elektronische informatie- en
communicatiemiddelenverkeer.
5.6
De geanonimiseerde rapportage wordt verstrekt aan de kernteamleider of afdelingleider, aan de
directie en aan de manager ICT.
5.7
De directie geeft indien nodig aan de manager ICT de opdracht om de elektronische informatie- en
communicatiemiddelenacties van de betrokkene na te gaan; de kernteamleider of afdelingleider
kan na overleg met de directie naar aanleiding van deze rapportage vragen om een
gepersonaliseerde rapportage.
5.8
Als de kernteamleider of afdelingleider of het hoofd ICT merkt of er op geattendeerd wordt dat het
EIC gedrag van een (groep) leerling(en) niet binnen de kaders van deze regeling verloopt, dan wel
er gerede verdenking is van het overtreden van regels, wordt zonder aankondiging aan
betrokkene(n) gedurende een vastgestelde (korte) periode gericht gecontroleerd.
5.9
De manager ICT brengt hiervan schriftelijk verslag uit aan directie, de kernteamleider of
afdelingleider.
5.10 Leerlingen ten aanzien van wie geconstateerd is dat zij zich niet aan deze regeling houden, worden
zo spoedig mogelijk door de kernteamleider of afdelingleider op hun gedrag aangesproken met
vermelding van plaats, datum en tijd; er kunnen onmiddellijk passende maatregelen worden
genomen.
5.11
Bij handelen in strijd met deze regeling wordt na overleg met de directie beslist over de al dan niet
te nemen (disciplinaire) maatregelen. Tot deze maatregelen kan verwijdering van de school
behoren.
Artikel 6 Inwerkingtreding en citeertitel
Deze regeling kan aangehaald worden als EIC-regeling College de Heemlanden voor leerlingen.
De EIC-regeling is vastgesteld door de directie van College de Heemlanden op xx maart 2007, van
positief advies voorzien door de Medezeggenschapsraad op xx april 2007 en na algemene
bekendmaking in de week van xx april 2007 in werking getreden op xx mei 2007.
Leerlingenstatuut College De Heemlanden 2014