KNGF over kostenbesparing in de zorg door inzet fysiotherapie

KNGF over kostenbesparing in de zorg door inzet
fysiotherapie
Het KNGF ziet in de resultaten van een in opdracht van KNGF gehouden BMC onderzoek een bevestiging
van de centrale rol die fysiotherapie heeft in het proces van herstel en vermindering van klachten bij veel
chronische aandoeningen. Het is daarom gewenst dat de beleidsbepalers in de zorg en zorgverzekeraars
recht doen aan de positieve bijdrage van fysiotherapie en zorgen voor een goede en evenwichtige positie
van fysiotherapie in basis- en aanvullende verzekering. Ook voor gemeenten zijn de resultaten volgens het
KNGF relevant. Als zij in hun nieuwe zorgconcepten voorzien in een tijdige inzet van fysiotherapie, zijn ook
daar kosten te besparen en de kwaliteit van leven voor -steeds langer thuis wonende- patiënten te
verhogen.
In opdracht van het KNGF (Koninklijk Nederlands Genootschap voor Fysiotherapie) onderzocht BMC het
effect van eerstelijns fysiotherapie bij patiënten die lijden aan problemen met het bewegingsstelsel
(reumatoïde artritis en artrose, osteoporose, lage rugpijn), aandoeningen aan het hartvaatstelsel (gevolgen
van een beroerte, hart- en slagaderaandoeningen), suikerziekte en aandoeningen aan de
ademhalingswegen.
De belangrijkste conclusies uit het onderzoek zijn:
• eerstelijns fysiotherapie bij patiënten met een chronische aandoening levert gemiddeld bijna 200 euro per
patiënt op;
• de zorgconsumptie neemt af en de arbeidsproductiviteit neemt toe;
• de kwaliteit van leven van zowel de patiënt als zijn omgeving gaat vooruit.
De geconstateerde besparingen op zorgconsumptie zijn voor een groot deel het gevolg van minder inzet
van de tweede lijn. Er zijn onder andere minder consulten door specialisten en behandelingen in het
ziekenhuis. In de eerste lijn wordt bespaard op huisartsconsulten en inzet van thuiszorg. Ook neemt het
gebruik van medicatie af. Patiënten die zich op de arbeidsmarkt begeven, verzuimen minder en zijn
productiever.
Negen verkenningen en vijf expertteams
Het onderzoek van BMC betrof een verkennende analyse, waarbij gebruik is gemaakt van vijf onafhankelijk
van elkaar werkende expertteams. In deze teams zijn effecten gekwantificeerd op basis van zowel cijfers
uit de literatuur als ervaringen en inschattingen. In een waarderingsmodel is een vertaling gemaakt naar
vormen van kwaliteit van leven, zorgconsumptie en arbeidsproductiviteit, gebruikmakend van incidenties,
fracties binnen de doelgroep en fasering in de tijd.