Derde kwartaalrapportage 2014

Rapportage
e
3 Kwartaal 2014
januari t/m september
Versie
0.1
Datum
26-11-2014
0.2
0.3
1.0
28-11-2014
Bronbestand besproken met R. Rigter, H.
van der Wurff en T. Stok
Wijzigingen doorgevoerd
Inhoud
Inleiding ..................................................................................................................................... 3
Exploitatie tot en met september 2014/Prognose 2014 STAIJ ................................................. 4
Toelichting ................................................................................................................................. 5
Baten........................................................................................................................................... 5
Lasten ......................................................................................................................................... 8
Analyse risicoparagraaf 2014 ................................................................................................... 12
Liquiditeit ................................................................................................................................. 14
Leerlingenaantallen .................................................................................................................. 15
3e kwartaalrapportage 2014
Pagina 2
Inleiding
Hierbij treft u de managementrapportage tot en met het derde kwartaal 2014 aan. Doel van
deze rapportage is het bestuur en de raad van toezicht te informeren over de realisatie van de
begroting zoals deze in december 2013 is goedgekeurd.
Tot en met het derde kwartaal heeft STAIJ een positief resultaat geboekt van € 636.370. Dit
resultaat is samen met de financiële commissie (penningmeester en secretaris) en de algemene
directeur geanalyseerd. Op basis van deze analyse is er een nieuwe prognose opgesteld. In de
rapportage wordt een vergelijking gemaakt per post tussen de prognose van Q3 en de
begroting. Tevens wordt aangegeven of de verschillen per post structureel of incidenteel van
aard zijn.
Bij het opstellen van de halfjaar cijfers zijn voorstellen gedaan voor de invulling van de
budgettaire ruimte. Hierover is het bestuur periodiek geïnformeerd. De ingevulde voorstellen
zijn in deze rapportage verwerkt. Echter, door de late inzet in het boekjaar 2014 hebben deze
investeringen slechts een marginale invloed op het exploitatieresultaat van 2014.
Om te monitoren hoe onze belangrijkste inkomstenbron, het aantal leerlingen, zich dit jaar
ontwikkelt, is een vergelijking gemaakt van de leerlingenaantallen. Hierbij wordt het
leerlingenaantal van 1 oktober 2013 vergeleken met de prognoses uit de meerjarenbegroting,
die is vastgesteld in december 2013, en met de meest actuele cijfers van 1 oktober 2014.
Hierdoor ontstaat er een duidelijk beeld over de ontwikkeling van ons leerlingenaantal en
daarmee van de inkomsten van de stichting.
Tot slot wordt in deze managementrapportage de risicoparagraaf uit de meerjarenbegroting
geactualiseerd.
Door ons administratiekantoor is een managementinformatiesysteem uitgerold, waardoor wij
in de kwartaalrapportages de meest actuele gegevens kunnen opnemen over bijvoorbeeld de
personeelsopbouw en het ziekteverzuim bij de stichting. Bedoeling is om deze informatie in
de toekomst deels op te nemen in de rapportage. Bij het bespreken van deze
kwartaalrapportage zal dit gedaan worden in de vorm van een demo door de controller op de
vergadering van 11 december.
3e kwartaalrapportage 2014
Pagina 3
Exploitatie tot en met september 2014/Prognose 2014
STAIJ
2014
2014
2014
2014
2013
Realisatie
t/m sept
Begroot
t/m sept
Begroot
jaar *
Prognose
Q3
Realisatie
jaar
23.805.954
23.181.634
30.908.846
31.945.614
32.810.250
851.531
1.256.176
1.674.902
2.244.081
1.997.602
1.195.763
1.047.236
1.396.314
2.423.060
1.069.581
Totaal baten:
25.853.247
25.485.046
33.980.062
36.612.755
35.877.433
Personele lasten
20.663.139
21.328.044
28.437.392
28.657.000
27.968.907
688.064
641.684
855.579
917.419
894.609
Huisvestingslasten
1.673.334
1.751.744
2.335.658
2.737.300
2.256.331
Overige lasten
2.189.364
1.682.183
2.242.911
2.994.810
2.296.535
2.976
-23.927
-31.902
-22.800
-12.922
25.216.877
25.379.728
33.839.638
35.283.729
33.403.460
636.370
105.318
140.424
1.329.026
2.473.973
Baten
Rijksbijdragen
Gemeentelijke bijdragen
en overige subsidies
Overige baten
Afschrijvingen
Financiële baten en lasten
Totaal lasten:
Exploitatieresultaat:
3e kwartaalrapportage 2014
Pagina 4
Toelichting
Het exploitatieresultaat over het derde kwartaal bedraagt € 636.370. Dit is ruim € 300.000
lager dan het exploitatieresultaat na afloop van het tweede kwartaal. Dit wordt voornamelijk
veroorzaakt doordat de vrijval van de door de gemeente verstrekte subsidies, zoals onder meer
de Joost subsidies en de subsidies taalinterventies, na het tweede kwartaal (nog) niet geboekt
waren. De afrekening van de betreffende subsidies is inmiddels, met goedkeurende verklaring
van de accountant, opgestuurd naar de gemeente Amsterdam. Op basis van deze afrekening
zal in het vierde kwartaal de vrijval geboekt worden.
Het exploitatieresultaat over 2014 zal vrijwel zeker hoger uitvallen dan begroot. Dit wordt
veroorzaakt doordat de begroting 2014 vrij conservatief is opgesteld, de organisatie erin is
geslaagd nieuwe inkomstenbronnen aan te boren en de schooldirecties nog steeds
behoedzaam opereren.
Medio 2014 zijn de schooldirecties op de hoogte gesteld van het feit dat er ruimte is om extra
investeringsvoorstellen in te dienen. Deze extra investeringen zijn meegenomen in de
“prognose” en de investeringsoverzichten. Een groot aantal van deze investeringen zal echter
door het late tijdstip van aanvang pas in de loop van 2015 haar werkelijke weerslag krijgen in
het exploitatieresultaat.
Het geïndiceerde resultaat voor 2014 bedraagt op dit moment € 1.329.026. Dit is ruim drie ton
hoger dan in Q2 werd voorspeld. Oorzaken zijn onder meer niet-begrote extra baten van het
samenwerkingsverband, een hogere uitkering dan begroot van het Vervangingsfonds en
vrijvallende baten van subsidieregelingen uit het schooljaar 2012-2013.
De verschillen ten opzichte van de begroting worden hierna per post onderbouwd.
Baten
Rijksbijdragen
De rijksbijdragen zijn gebaseerd op de beschikkingsbedragen zoals deze bij de opstelling van
deze rapportage bekend zijn. Op basis hiervan bedraagt de afwijking ten opzichte van de
begroting € 1.036.438 (positief).
Rijksbijdragen
Verschil t.o.v begroting
Onderbouwing
Niet-begrote groei
Versterking samenwerking lerarenopleiding
AOS/IOS
Afwijking begrote lumpsum
Groei Materiële instandhouding
Subsidie zij-instroom en lerarenbeurs
LGF Materieel niet begroot
Overig
3e kwartaalrapportage 2014
Begroting
Prognose Q3 Incidenteel/
Structureel
€ 30.908.846 € 31.945.614
€ 1.036.768
€ 504.000
€ 400.000
€ 70.000
-€ 28.388
€ 36.162
€ 65.000
€ 66.215
-€ 76.552
€ 1.036.438
Structureel
Structureel
Structureel
Structureel
Structureel
Structureel
Incidenteel
Structureel
Pagina 5
De verklaring van het verschil ten opzichte van de begroting luidt als volgt:
 Uit de definitieve cijfers blijkt dat de niet-begrote groei door het Ministerie van
OC&W definitief is vastgesteld op € 504.000.
 De subsidie versterking samenwerking lerarenopleiding à € 400.000 was niet begroot.
Hiervan zal circa € 130.000 vrijvallen ten gunste van het resultaat. De uitgaven waren
namelijk al begroot als salariskosten.
 De subsidie vergoeding voor de academische opleiding school (AOS) van € 70.000
was niet begroot.
 De begrote lumpsum wijkt € 28.388 af van de begroting. Dit wordt veroorzaakt door
een iets lagere bekostiging van alle scholen en het nadelige exploitatieresultaat van
SBO Het spectrum van € 168.000. Daar tegenover staat dat de begrote korting op de
leerlingengewichten van € 166.000 geen doorgang vindt.
 Het restant van de afwijkingen ten opzichte van de begroting wordt veroorzaakt door
niet-begrote inkomsten voor materiële instandhouding, subsidie zij-instroom,
lerarenbeurs en leerlinggebonden financiering (LGF).
 De daling op de post overig van € 76.552 is voornamelijk veroorzaakt door een lagere
toekenning dan begroot voor de eerste opvang van vreemdelingen
(nieuwkomersonderwijs).
Gemeentelijke bijdragen en overige subsidies
Gemeentelijke bijdragen en overige subsidies
Verschil t.o.v begroting
Onderbouwing
Subsidie taalinterventies (5/12*€ 375.000)
Niet begroot Joost
KBA
Ouderportaal
Hoogbegaafdheid
Begroting
Prognose Q3 Incidenteel/
Structureel
€ 1.674.902 € 2.244.081
€ 569.179
€ 150.179
€ 217.000
€ 145.000
€ 17.000
€ 40.000
€ 569.179
Structureel
Incidenteel
Structureel
Structureel
De afwijking ten opzichte van de begroting is € 569.179 (positief). Dit wordt vooral
veroorzaakt door:
 Uitbreiding van de gemeentelijke subsidieregeling taalinterventies (Schakelklas en
Vakantieschool Taal). Deze subsidies zijn in het voorjaar van 2014 beschikt en
daarom niet meegenomen in de begroting 2014. De personele uitgaven die hier
tegenover staan, zijn opgenomen in de salariskosten.
 De Joost subsidie die in het schooljaar 2014-2015 grotendeels wordt gecontinueerd.
Dit veroorzaakt een incidentele baat van € 217.000, die meegenomen is in de
prognose. In de begroting was er op geanticipeerd dat de JOOST middelen niet
volledig gecontinueerd zouden worden.
 De niet-begrote inkomsten KBA voor De Dapper van € 145.000. Een deel hiervan is
opgenomen in de salariskosten.
 Subsidies voor het ouderportaal (€ 17.000) en hoogbegaafdheid (€ 40.000). De
subsidie ouderportaal zorgt tevens voor extra uitgaven. Het project hoogbegaafdheid
wordt uitgevoerd door personeel, waarvan de uitgaven zijn opgenomen in de
salarislasten.
3e kwartaalrapportage 2014
Pagina 6
Overige baten
Overige baten
Verschil t.o.v begroting
Onderbouwing
Verhuur opbrengsten
Bijdragen samenwerkingsverband
Overige baten
Interne overboeking dekking kosten stafbureau
Baten voorgaand jaar
Begroting
Prognose Q3 Incidenteel/
Structureel
€ 1.396.314 € 2.423.060
€ 1.026.746
€ 204.905
€ 316.374
€ 75.108
€ 330.360
€ 100.000
€ 1.026.747
structureel
structureel
Incidenteel
Incidenteel
Incidenteel
De afwijking ten opzichte van de begroting 2014 bedraagt € 1.026.747 (positief). De oorzaken
hiervan zijn:
 Hogere verhuuropbrengsten dan begroot, voornamelijk veroorzaakt door het opstellen
van de ingebruikers- en serviceovereenkomsten voor onze gebouwen in de loop van
2014, waardoor we beter dan voorheen zicht hebben op de werkelijke inkomsten.
 Hogere bijdrage samenwerkingsverband door de overgangsbijdrage voor SBO Het
Spectrum van € 168.000. De overige bijdragen van het samenwerkingsverband zijn in
lijn met de afspraken opgehoogd met € 150.000. Deze gelden zijn onder meer bestemd
voor het uitvoeren van de rugzakbegeleiding vanaf 1 augustus 2014.
 De overige baten wijken af door een ontvangst van Partou voor de vergoeding van de
pedagogisch-didactische kosten die bij Laterna Magica zijn gemaakt. Deze post was
niet begroot.
 Voor de dekking van de kosten van het stafbureau heeft in Q2 een interne boeking
plaatsgevonden van € 330.000. Een identiek bedrag is opgenomen onder de overige
lasten.
 Er is een extra baat opgenomen van € 100.000 in verband met het vrij laten vallen van
subsidies van vorige jaren die nog op de balans stonden, zoals de afrekening van de
Joost subsidie voor het schooljaar 2012-2013.
3e kwartaalrapportage 2014
Pagina 7
Lasten
Personele lasten
Personele lasten
Verschil t.o.v begroting
Onderbouwing
Salariskosten
Declaratie Vervangingsfonds
Versterking samenwerking lerarenopleiding
AOS/OIS
Overig
Begroting
Prognose Q3 Incidenteel/
Structureel
€ 28.437.392 € 28.657.000
€ 219.608
€ 344.035
-€ 638.820
€ 270.000
€ 170.000
€ 74.393
€ 219.608
structureel
structureel
structureel
structureel
Incidenteel
De afwijking ten opzichte van de begroting bedraagt € 219.608 (negatief) en is als volgt
opgebouwd:
 De salariskosten zijn hoger dan begroot. Dit is grotendeels veroorzaakt doordat de
werkelijke loonkosten in verband met de vervanging door ziekteverzuim hoger zijn
dan begroot. Bij de begroting was rekening gehouden met een percentage van 5,75%,
in werkelijkheid ligt dit percentage rond de 9%.
 Dit is eveneens zichtbaar in een hogere vergoeding van het Vervangingsfonds, die in
de begroting lager was ingeschat.
 Niet begroot waren de uitgaven voor de versterking samenwerking lerarenopleiding.
De totale subsidie bedraagt € 400.000 per jaar. Hiervan is € 200.000 beschikbaar voor
twee andere besturen en is € 70.000 opgenomen in de kosten. Het restant bedrag van €
130.000 was in de begroting reeds opgenomen in de personele lasten.
 De niet-begrote uitgaven voor AOS/OIS van € 170.000 zijn nu wel opgenomen.
 Tot slot zijn een aantal posten in lijn gebracht met de uitgaven tot en met Q3.
Afschrijvingen
De afschrijvingen zijn in lijn gebracht met de huidige afschrijvingsstaat. Doordat de
investeringen voor de huisvesting pas in een later stadium gaan plaatsvinden, veelal rond de
kerstvakantie, zijn deze nog niet zichtbaar in de exploitatie.
3e kwartaalrapportage 2014
Pagina 8
Huisvestingslasten
Huisvestingslasten
Verschil t.o.v begroting
Onderbouwing
Kosten onderhoud
Schoonmaak
Energie/Gas/Elektra/Water
Begroting
Prognose Q3 Incidenteel/
Structureel
€ 2.335.658 € 2.737.300
€ 401.642
€ 231.575 Incidenteel
€ 85.417 Incidenteel
€ 84.650 Structureel
€ 401.642
De afwijking ten opzichte van de begroting bedraagt € 401.642 (negatief). De oorzaken
hiervan zijn:
 De kosten onderhoud zijn in de loop van het jaar opgehoogd met de verwachte extra
huisvestingslasten voor: verbetering binnenklimaat op Daltonschool De Meer,
verhuiskosten nevenvestiging Het Spectrum op IJburg en éénmalige kosten voor de
aanleg van een groene speelplaats bij De Pinksterbloem.
 De schoonmaakkosten zijn € 85.417 hoger dan geprognosticeerd. Deze kosten waren
te laag begroot. Tevens is in de zomervakantie bij verschillende scholen de toplaag
van de vloeren gecoat. Verder is de glasbewassing extra uitgevoerd.
 De kosten voor energie, gas, elektra en water zijn opgehoogd. Ook deze post was te
laag begroot.
3e kwartaalrapportage 2014
Pagina 9
Overige lasten
Begroting
Prognose Q3 Incidenteel/
Structureel
€ 2.242.911 € 2.994.810
€ 751.899
Overige lasten
Verschil t.o.v begroting
Onderbouwing
Leermiddelen
ICT
Interne overboeking dekking kosten stafbureau
TSO
Incidentele lasten
Kosten voorgaande jaren
Beheer en Bestuur
Overig
€ 100.000
€ 82.500
€ 330.000
€ 55.000
€ 56.175
€ 30.000
€ 40.000
€ 58.224
€ 751.899
Structureel
Structureel
nvt
Structureel
Incidenteel
Incidenteel
Incidenteel
Incidenteel
De afwijking ten opzichte van de begroting bedraagt € 751.899 (negatief) en is als volgt
opgebouwd:
 In 2013 hebben de schooldirecteuren weinig investeringen gepleegd. Gevolg is dat er
bijvoorbeeld op het gebied van investeringen in ICT en leermiddelen achterstand is
ontstaan. Daarom is in de prognose Q1 de post leermiddelen met € 100.000
opgehoogd.
 De post ICT was in het vorige kwartaal met € 50.000 opgehoogd. Dit bleek niet
voldoende. Er wordt op de scholen veel meer aan ICT software en licenties besteed
dan begroot. Reden om deze post extra op te hogen met €32.500.
 De post TSO was oorspronkelijk niet begroot. Aangezien er op een aantal scholen aan
vrijwilligers kleine bijdragen worden uitgekeerd, moet deze post wel worden
opgenomen.
 De geplande uitgaven voor 2014 voor het nieuwe KBA-traject bij De Dapper waren
niet opgenomen. Hiervoor is in de zomer van 2014 de beschikking afgegeven (post
“incidentele lasten”).
 De post “kosten voorgaande jaren” is opgenomen en is een raming voor oude facturen
en afrekeningen.
 De post “beheer en bestuur” is opgenomen en heeft betrekking op de bijdrage aan
“Bureau Inzet”, die niet was begroot.
 Tot slot zijn in de post “overig” een vijftal posten in lijn gebracht met de huidige
uitgaven. Hierbij moet bijvoorbeeld gedacht worden aan de kosten die gemaakt zijn
voor het opstellen van het nieuwe meerjaren onderhoudsplan.
Investeringen
Investeringen 2014
Meubilair
Investeringsruimte begroting
Investeringen t/m 3 kwartaal
Inventaris
€
€
180.606 €
47.000 €
€
€
47.000 €
133.606 €
In bestelling
Totaal investering/bestelling
Ruimte
3e kwartaalrapportage 2014
Leermethoden
125.376 €
2.000 €
€
2.000 €
123.376 €
307.926
126.000
126.000
181.926
Hardware en apparatuur
Totaal
€
€
€
€
€
€
€
€
€
€
107.026
324.000
22.500
346.500
-239.474
720.934
499.000
22.500
521.500
199.434
Pagina 10
Ten opzichte van het vorige kwartaal is er flink geïnvesteerd. Dit is vooral zichtbaar in de
post “leermethoden” en “hardware en apparatuur”. Door het late tijdstip van deze
investeringen tellen deze bedragen niet volledig mee voor de exploitatie. Ondanks de extra
investeringen opereren de schooldirecties nog steeds binnen de begroting.
3e kwartaalrapportage 2014
Pagina 11
Analyse risicoparagraaf 2014
In de begroting 2014 en de meerjarenbegroting 2014-2017 is een risicoparagraaf opgenomen,
die in het volgende overzicht wordt geactualiseerd. Wijzigingen worden vet gemarkeerd.
Risico omschrijving
Consequentie van het
optreden van het risico
Gevolg is dat de baten lager
zullen uitvallen.
Inschatting bedrag
2. Onduidelijkheid over
de afspraken rond
huisvesting door de
centralisatie van
onderwijshuisvesting.
Gevolg is dat er nog
financiële onzekerheden zijn
ten aanzien van de kosten
van huisvesting.
Onbekend
Middel
3. Doordecentralisatie van
kosten groot onderhoud.
Met ingang van het
kalenderjaar 2015 worden de
schoolbesturen zelf
verantwoordelijk voor de
kosten van het groot
onderhoud. De daarvoor
bestemde middelen worden
vanaf die datum rechtstreeks
overgemaakt naar het
schoolbestuur.
Maximaal €
200.000 tot 400.000
per jaar,
afhankelijk van de
investeringen die
wij doen in de
gebouwen en de
extra middelen die
de rijksoverheid
beschikbaar gaat
stellen.
Hoog
4. Oprichting nieuwe
scholen op
Zeeburgereiland en
Amstelkwartier.
Nieuwe scholen.
Uitgangspunt is voorfinanciering door Stadsdeel,
maar praktijk kan
weerbarstiger zijn.
Leegstaande lokalen brengen
ook kosten met zich mee,
indien geen vergoeding
wordt gegeven vanuit
rijksoverheid.
Gevolg is dat de opbrengsten
zoals begroot minder zullen
zijn waardoor de
besparingen dienen toe te
nemen.
Onbekend
Nihil
Onbekend
Nihil
In overleg met
Stadsdeel en centrale
stad om oplossingen
te zoeken.
Onbekend
Nihil
Snel reageren door
bestuur en algemeen
directeur als deze
situatie zich voordoet.
Zowel de lokale
overheid als de
1. Leerlingaantallen
wijken af van begroting.
5. Onduidelijkheid
leegstandbeleid.
6. Verdere bezuinigingen
van rijks -en lokale
overheid.
3e kwartaalrapportage 2014
Baten per leerling is
gemiddeld € 5.540,=
Risico
begroting
Nihil
Mitigerende
maatregel
Nauwkeurig opvolgen
en desgewenst
ingrijpen in de
exploitatie. Uit het
overzicht van het
leerlingenaantal
blijkt dat STAIJ
meer leerlingen zal
tellen dan
geprognosticeerd in
de
meerjarenbegroting.
Uitzoeken en in
samenspraak met het
Stadsdeel en de
centrale stad heldere
afspraken maken
omtrent huisvesting.
Actualiseren van het
meerjaren
onderhoudsplan voor
de schoolgebouwen
en reserveren van
middelen. Het plan is
geactualiseerd en
daaruit blijkt dat wij
structureel € 200.000
tot € 400.000 per
jaar tekort komen
om aan alle punten
te voldoen. Hiervoor
wordt in de nieuwe
MJB een voorstel
ontwikkeld.
Algemeen directeur
houdt strikt toezicht
op de gemaakte
afspraken.
Pagina 12
Risico omschrijving
7. Ontwikkelingen bij de
invoering van “Passend
onderwijs”.
8. Terugloop financiering
SBO Het Spectrum.
9. Uitwerking nieuwe
CAO
10. Inkomsten verhuur
en medegebruik vallen
tegen
Consequentie van het
optreden van het risico
Voor de invoering van
passend onderwijs zal het
budget vanuit het SWV
verhoogd worden. Het is niet
bekend of dit afdoende zal
zijn om de extra taken uit te
voeren.
Het Spectrum krijgt vanaf 1
augustus niet meer vergoed
volgens de norm 2%, maar
volgens het werkelijk aantal
ingeschreven leerlingen.
1. Loonsverhoging moet
voldoende gecompenseerd
worden in lumpsum. 2.
Afschaffing BAPO en
introductie nieuwe regeling
duurzame inzetbaarheid,
waardoor werknemers af
kunnen zien van de
overgangsmaatregel voor
BAPO en weer volledig
voor hun werktijdfactor
inzetbaar willen zijn
(vanwege de hogere eigen
bijdrage).
Vanaf 2014 worden de
inkomsten verhuur en
medegebruik achteraf
vastgesteld volgens de
werkelijk gemaakte kosten.
Inschatting bedrag
Onbekend
Risico
begroting
Nihil
regering investeren
in het onderwijs. Uit
het bestuursakkoord
tussen de minister en
de PO-raad blijkt
dat er de komende
jaren structureel
meer geld
beschikbaar komt
voor het onderwijs.
Mitigerende
maatregel
Heldere afspraken
maken op stedelijk
niveau met andere
Amsterdamse
schoolbesturen. Plan
van aanpak opstellen.
Maximaal € 440.000
structureel vanaf 1
augustus 2015. Voor
het schooljaar 20142015 hebben wij een
overgangsmaatregel
bewerkstelligd.
Onbekend
Hoog
Bestuurlijk overleg
starten met als doel
SWV ervan te
overtuigen dat voor
openhouden van twee
kleine locaties extra
geld nodig is.
Laag
1. Volgen van
ontwikkelingen op
dit terrein. 2. Tijdig
informeren van de
werknemers van de
nieuwe maatregelen
uit de CAO en
monitoren of dit tot
een verschuiving in
de inzetbaarheid van
het personeel leidt.
Maximaal € 50.000
Middel
Het op orde brengen
van de
administratieve
organisatie,
waardoor deze
kosten inzichtelijk
gemaakt kunnen
worden.
De verschuivingen in de risicoparagraaf geven geen aanleiding om de begroting bij te stellen.
Het totale risico blijft ongeveer even groot, waarbij de mitigerende maatregelen voldoende
zekerheid geven dat wij, indien nodig, tijdig kunnen ingrijpen.
3e kwartaalrapportage 2014
Pagina 13
Liquiditeit
BANKSTAND PER
Totaal
1-jun-14
€ 6.941.886
15-jun-14
€ 6.425.350
30-jun-14
€ 6.441.590
15-aug-14
€ 7.275.262
1-sep-14
€ 7.329.190
15-sep-14
€ 6.527.383
1-okt-14
€ 6.466.603
15-okt-14
€ 6.164.093
1-nov-14
€ 6.353.128
15-nov-14
€ 6.735.637
Per 15 november 2014 heeft STAIJ € 6,7 miljoen op de bank staan. Hiervan staat € 5,5
miljoen op de rekening Rabo-doelsparen. Het rentepercentage bedraagt op dit moment 1,4%
en is daarmee hoger dan de reguliere spaarrekening. Gezien de huidige markt is dit een zeer
gunstig percentage. STAIJ loopt hierbij geen andere risico’s dan bij een reguliere
spaarrekening. De middelen zijn namelijk altijd vrij opneembaar.
In 2015 zal met de treasury-commissie het concept-treasurystatuut worden besproken en
daarna ter vaststelling voorgelegd worden aan de raad van toezicht. In de eerste
kwartaalrapportage van 2015 zal er een nieuwe liquiditeitsbegroting gepresenteerd worden.
3e kwartaalrapportage 2014
Pagina 14
Leerlingenaantallen
De belangrijkste inkomstenbron van een schoolbestuur is het aantal leerlingen. Bij de
presentatie van de derde kwartaalrapportage willen wij daarom de meest actuele cijfers
presenteren. In onderstaande tabel staan achtereenvolgens per school het leerlingenaantal per
1 oktober 2013 (bepalend voor de inkomsten in het schooljaar 2014-2015), de prognose uit de
meerjarenbegroting 2014-2017 voor 1 oktober 2014 en de werkelijke cijfers op 1 oktober
2014 (bepalend voor de inkomsten in het schooljaar 2015-2016.
School
1-10-2013
Aldoende
De Kaap
De Dapper
’t Gouden Ei
Flevoparkschool
Linnaeus
e
4 Montessorischool
de Pinksterbloem
e
5 Montessorischool
Watergraafsmeer
SBO Het Spectrum
Daltonschool De
Meer
Bataviaschool
JP Coenschool
De Kraal
8e Montessorischool
Zeeburg
Olympus
De Kleine Kapitein
Montessorischool
Steigereiland
IKC Laterna Magica
MKC
Zeeburgereiland
MKC De Amstel
Totaal
377
141
233
123
294
225
407
Prognose MJB
1-10-2014
398
153
226
123
276
235
407
1-10-2014
617
615
145
452
135
455
142
62
246
309
501
60
252
325
510
77
246
330
314
274
631
280
296
640
287
275
500
27
550
36
564
26
5904
50
6022
70
6081
417
147
204
113
264
229
404
615
475
498
652
72
Een vergelijking van de cijfers uit de eerste en laatste kolom is het meest belangrijk. Hieruit
blijkt dat het leerlingenaantal van STAIJ, ondanks de genomen maatregelen om de financiën
op orde te brengen, verder stijgt met 3%. Zelfs de prognose uit de meerjarenbegroting wordt
ruimschoots gehaald. Deze extra inkomsten betekenen dat we meer financiële mogelijkheden
krijgen om het structurele tekort uit de meerjarenbegroting van € 1 miljoen per jaar te dekken.
Als voorbeeld kan de groeiformatie worden genoemd, die ook in het huidige schooljaar 20142015 de nodige inkomsten gaat genereren. In de nieuwe meerjarenbegroting zullen de
gevolgen van de verdere groei van het leerlingenaantal exact voor het voetlicht gebracht
worden.
3e kwartaalrapportage 2014
Pagina 15
Het bovenstaande leerlingaantal per 1 oktober 2014 kan nog licht dalen (maximale afwijking
7 leerlingen). Tot 1 december hebben de scholen namelijk nog de mogelijkheid om onjuiste
gegevens te corrigeren in het leerlingvolgsysteem. Gedacht moet hierbij worden aan
bijvoorbeeld dubbele inschrijvingen. Na 1 december worden de cijfers definitief vastgesteld.
Bovenstaande tabel geeft een goed overzicht van de ontwikkelingen per school. Een aantal
scholen is qua leerlingenaantal stabiel. De nieuwe scholen MKC Zeeburgereiland en MKC De
Amstel maken een sterke groei door. Sterke stijgers zijn Aldoende, De Kraal, Steigereiland en
Laterna Magica. Ook De Kaap, Linnaeus, Daltonschool De Meer en Bataviaschool maken een
positieve ontwikkeling door. Punt van aandacht zijn de ontwikkelingen op De Dapper, Het
Gouden Ei, Flevoparkschool en Olympus, niet alleen vanwege het dalende leerlingenaantal
maar ook omdat, met uitzondering van Olympus, fors gescoord wordt onder de prognose uit
december 2013. Overigens geldt dit laatste punt ook voor De Kleine Kapitein, die last heeft
van het grote aantal dubbele inschrijvingen in het Oostelijk Havengebied.
Voor de vier sterke dalers (De Dapper, Het Gouden Ei, Flevoparkschool en Olympus) zijn
verdere investeringen in de kwaliteit van het onderwijs en het lesgebouw van groot belang,
maar hierbij dient meteen opgemerkt te worden dat onze scholen als communicerende vaten
met elkaar in verbinding staan. Vaak gaat de groei van de ene school ten koste van de daling
van een andere school.
3e kwartaalrapportage 2014
Pagina 16