LESBRIEF

LESBRIEF
VOOR DE VOORSTELLING
Voorafgaand aan de voorstelling worden de kinderen voorbereid op het bezoek aan het theater en krijgen ze een
korte inleiding.
1. Het bezoek aan het theater
We gaan naar in het theater kijken naar de voorstelling ‘Peter Pan en de verloren jongens’. In het theater staat er
iemand klaar om de jassen op te hangen en daarna ga je de theaterzaal binnen. De leerkracht en of de
theatermedewerkers wijzen je plaats aan.
Het theater is een bijzondere plek en daar gelden dan ook andere regels dan in de bioscoop of wanneer je thuis
naar een film kijkt.
In de bioscoop:
 Kun je je jas aanhouden;
 mag je soms eten en drinken tijdens de film;
 is er een pauze waarin je kan opstaan om naar het toilet te gaan;
 kunnen de acteurs in de film jou niet horen en zien.
Als je thuis een film kijkt:
 Mag je altijd eten en drinken;
 kun je altijd naar het toilet;
 mag je praten of vragen stellen als je iets niet snapt.
In het theater:
Meestal begint het zo: als de lampen in de zaal uitgaan, gaan de lampen op het podium aan. Dan begint de
voorstelling. Jij hoort de acteurs praten en je kan de acteurs zien. Dat betekent dat de acteurs jou ook kunnen
horen en zien.
Daarom kun je in het theater:
 Tijdens de voorstelling niet naar de wc gaan;
 niet zomaar iets zeggen tegen de acteurs;
 niet met je buurman of buurvrouw kan kletsen;
 geen chips of snoep kunt eten of iets drinken.
2. Inleiding op de voorstelling
In een stil hoekje van de speelgoedafdeling staat een glazen kast met zeven apen.
MOUCHE: de dromer, HUM: de mopperpot, WIEZEL: de bangerik, KLOF: de stille, GROCK: de stiekeme,
ERNST: de wijze, TATOU, de baas.
Ze loeren door het glas naar de wereld buiten, die groot is, en gevaarlijk. Soms gooit er iemand geld in de gleuf.
Dan maken de apen samen muziek. De rest van de tijd maken ze ruzie. Ze zitten al veel te lang te dicht op
elkaar. Kinderen lopen het apenorkest steeds vaker voorbij. Steeds vaker is het oorlog in de kast.
Op een dag gonst er een gerucht door het warenhuis. Er hangt de apen iets vreselijks boven het hoofd. Ze
kunnen de ramp misschien nog voorkomen, maar dan moeten ze naar buiten. Alleen samen hebben ze daar
moed genoeg voor. Zal het ze lukken om vrede te sluiten, en eensgezind het gevaar te trotseren?
Voorbereiding: een film over het Aapjesorkest van vroeger
In samenspraak met de regisseur van ‘Apenstreken, Ted Keijser, en de artistiek leider Elout Hol van Theater
Gnaffel is er een inleidende film gemaakt op de voorstelling.
In deze film wordt op geheel eigen wijze verteld en getoond waar de makers de inspiratie vandaan hebben
gehaald voor deze voorstelling. De kinderen krijgen zo een eerste indruk van wat ze in de schouwburg zullen
gaan zien.
U kunt deze film via de link http://youtu.be/tPc8HAut36I vinden. De duur van de film is circa 5 minuten.
Oud word nieuw: een gesprek met de kinderen over vermaak en speelgoed.
Een gesprek aan de hand van de volgende informatie en vragen:
Vroeger, toen jullie oma’s en opa’s nog klein waren, had nog niet iedereen televisie, waren er geen computers,
geen games. Kijken naar het orkest van de speelgoedaapjes die muziek maken was voor hen toen heel
bijzonder, het was grappig, een beetje gek, fascinerend, magisch.
Wat vinden jullie bijzonder, waar worden jullie blij van? Denk aan: pretparken, kermis, speelgoed, televisie,
games, dierentuin, concerten, enz,
Een tentoonstelling
U kunt met de kinderen vervolgens een tentoonstelling inrichten met oud en nieuw speelgoed. Oud speelgoed
van hun ouders of grootouders en nieuw speelgoed van zichzelf
Ieder kind neemt twee stuks speelgoed mee, een van vroeger en een van nu. Hierbij wordt aan ze gevraagd om
zoveel mogelijk informatie over het speelgoed te verzamelen, hoe en wanneer er mee werd of wordt gespeeld en
wat er zo bijzonder aan is. Dit speelgoed kunt u samen met de kinderen op een bijzondere manier, alsof het een
tentoonstelling is, presenteren. Hierbij kunt u kaartjes met tekst maken.
NA DE VOORSTELLING
TATOU de baas
ERNST de wijze
GROCK de stiekeme
HUM de mopperpot
MOUCHE de dromer
KLOF de stille
WIEZEL de bangerik
Reflecteren: een gesprek over de apen aan de hand van foto’s
Het Aapjesorkest bestaat uit 7 apen. Elke aap heeft zijn eigen plek en instrument en zijn eigen karakter en
eigenaardigheden. Aan de hand van foto’s van elke aap kunt u met de kinderen hierover een gesprek aangaan.
Deze foto’s kunt u downloaden van onze website www.gnaffel.nl /educatie.
Vragen die u kunt stellen zijn bijvoorbeeld: welke aap vond jij leuk, wat maakte dat hij leuk, stoer, verdrietig,
grappig was, wie was de baas, welke aap zou jij willen zijn in het orkest, wie vond jij niet leuk.
Vanuit deze reflectie ontstaan er misschien al ideeën voor het maken van een eigen voorstelling met de kinderen.
Produceren; het maken van een korte voorstelling
Stap 1. Inhoud en vorm
Vragen die vooraf met elkaar worden besproken:
 Uit hoeveel personen bestaat het orkest
 Zijn we kinderen, volwassenen, dieren
 Maken we zelf muziek of gaan we playbacken
 Is er een dirigent aanwezig
 Maken we de instrumenten zelf of nemen we instrumenten mee van huis
 Hoe ziet de kleding er uit
 Hoe ziet de omgeving van het orkest eruit
Stap 2. Repeteren
Vanuit improvisatie ontstaat er geleidelijk een samengesteld orkest waar ieder zijn eigen rol in speelt.
In de voorstelling zagen we dat de apen niet de hele tijd muziek aan het maken zijn. Zij voeren ook gesprekken
met elkaar, maken grapjes en ruzies op het moment dat ze niet aan het spelen zijn. Het is leuk om niet alleen het
orkest te zien spelen maar ook aan de kijker te laten zien welke inspanning er geleverd moet worden voordat er
muziek gemaakt wordt. Al improviserend ontstaat er zo een verhaal.
Stap 3. De voorstelling
Nu breekt het grote moment aan om het te tonen aan het publiek.
Alle voorbereidingen zijn getroffen.
 De kostuums zijn klaar
 De muziek instrumenten zijn klaar
 Het decor is klaar
 De spelers zijn klaar
 Het publiek zit klaar
Het doek gaat op en dan start de voorstelling.
Stap 4. Reflecteren
Het reflecteren op deze zelfgemaakte voorstelling is ook hier van belang. We leren opnieuw kijken hoe de
voorstelling ontstaan is, wat voor werk er is verzet, hoe er is samengewerkt en wat het meest is bijgebleven.