MRSA PROTOCOL VOOR DE HUISARTS

MRSA PROTOCOL VOOR DE HUISARTS
MRSA (verdachte) patiënt: procedure bij verwijzing/opname
Verwijzing
naar MCL
bij kweek patiënt
MRSA aangetroffen
(poli/opname/SEH en patiënt is MRSA
positief of MRSA verdacht
Bij alleen polibezoek zonder invasieve
ingreep/handeling: geen kweken nodig
SPOED
- Huisarts overlegt met specialist/SEH
- Huisarts meldt in brief/fax MRSA pos.
of verdacht zijn
- Afhankelijk van urgentie: maatregelen in MCL
- Afspraak plannen
- Afspraak wie afd. H&IP tel: 058-2863718
informeert (huisarts/specialist / SEH)
community acquired MRSA
Bij kweek MRSA
aangetroffen
GEEN SPOED
Huisarts meldt MRSA verdacht zijn bij
Afd. H&IP van MCL, tel 058-2863718
afspreken wie kweken afneemt: huisarts of
afd. H&IP
Huisarts/patiënt maakt afspraak in ziekenhuis,
zo mogelijk na 1 wk.
Huisarts meldt MRSA verdacht zijn in brief/fax
H&IP maakt afspraak met patiënt voor
kweekafname, indien gewenst thuis.
Of huisarts neemt kweken af (zie instructie)
en geeft op aanvraagformulier afd. H&IP aan
als mede-aanvrager (i.v.m. info aan H&IP)
Kweekmateriaal naar Izore
Uitslag kweken van Izore naar afd. H&IP of
naar huisarts én H&IP (als medeaanvrager)
15-1
Afd. H&IP bericht huisarts, poli / SEH en
patiënt
Of: huisarts bericht afd. H&IP
Positieve kweekuitslag: huisarts neemt contact op
met arts-microbioloog over al of niet noodzakelijke
eradicatie + huisarts informeert afd. H&IP.
Bij behandeling thuis: huisarts schakelt afd. H&IP
in voor afname controle kweken of huisarts neemt
controlekweken af en informeert afd. H&IP
Negatieve kweekuitslag:
Patiënt bezoekt MCL zonder voorwaarden
Izore meldt MRSA positieve
kweek aan huisarts
Huisarts overlegt met:
- arts-microbioloog Izore
tel 058 - 2939495
en
- GGD: arts
infectieziektenbestrijding
tel 088 - 2299224
- meldt positieve uitslag aan
Afd. H&IP tel 058-2863718
Begeleiding en advies aan
patiënt en familie door
huisarts, arts-microbioloog
en GGD
MRSA PROTOCOL VOOR DE HUISARTS
Het voorkomen van MRSA kan gerelateerd zijn aan een ziekenhuisopname in Nederland of
buitenland. Echter, MRSA kan ook gevonden worden bij personen zonder relatie met het ziekenhuis
(uit gemeenschap afkomstige ofwel community acquired MRSA).
Doel van de werkafspraak: een snelle signalering van patiënten met (verdenking op) MRSA,
waardoor in een zo vroeg mogelijk stadium de juiste maatregelen genomen kunnen worden.
MRSA positieve patiënten zijn:
- patiënten bij wie MRSA dragerschap is aangetoond en van wie nog geen 3 betrouwbare negatieve
series controlekweken (afgenomen minimaal 48 uur na stoppen met antibiotica en afgenomen met
een minimale tussenpoos van 7 dagen) bekend zijn.
MRSA verdachte patiënten zijn:
 Patiënten, die in afgelopen 2 mnd in buitenlandse gezondheidszorg-instelling (ook SEH)
1. opgenomen zijn geweest > 24 uur óf
2. bij opname < 24 uur een invasieve handeling of ingreep hebben ondergaan
(operatie, plaatsen of inbrengen van lichaamsvreemde materialen die een verbinding vormen
tussen inwendig-uitwendig zoals drain, urine-katheteter, (endo)scoop, centraalveneus infuus,
arterieel infuus of externe fixatuur).
Bloedprikken en perifeer veneus infuus vallen niet onder invasieve ingrepen.
3. chronische infecties hebben (open wonden/huidlaesies/huidinfecties) ook al zijn ze langer
dan 2 maanden geleden in een buitenlandse zorginstelling geweest
 Patiënten, die eerder aangetoond drager van MRSA zijn geweest gedurende het eerste jaar
na MRSA-dragerschap
 Patiënten die onbeschermd contact (contact zonder strikte isolatiemaatregelen) hebben gehad
met een MRSA positieve medewerker of medepatiënt of die thuis partners, huisgenoten of
verzorgers zijn van een MRSA positieve patiënt
 Patiënten afkomstig van een andere Nederlandse zorginstelling van een afdeling met MRSA
problematiek.
 Buitenlandse “gastdialysanten” en eigen dialysepatiënten, die in het buitenland zijn
gedialyseerd (invasieve ingreep)
 Adoptiekinderen, die < 2 maanden geleden zijn geadopteerd vanuit het buitenland
 Patiënten die contact hebben gehad met bedrijfsmatig gehouden levende vleesvarkens,
vleeskalveren of vleeskuikens of wonen op een bedrijf waar deze dieren worden gehouden
Risicogroepen voor langdurig dragerschap van MRSA zijn:
-
patiënten met chronische luchtweginfecties
patiënten met chronische urineweginfecties
patiënten met een huidaandoening
patiënten met infectiebronnen zoals abcessen of furunkels
patiënten, die eerder MRSA positief zijn geweest
Er kan een persisterende blootstelling zijn: patiënt heeft een MRSA-positieve partner of woont op
een bedrijf met vleesvarkens, vleeskalveren of vleeskuikens of werkt op zo’n bedrijf. Als een negatieve
kweekserie ouder is dan 3 maanden geleden, dan moet opnieuw worden gekweekt als patiënt
opgenomen moet worden of een invasieve behandeling moet ondergaan.
15-2
 MRSA ontdekt in het ziekenhuis of gerelateerd aan het ziekenhuis wordt begeleid door de afdeling
Hygiëne en Infectie preventie (H&IP) van het MCL
 Community acquired MRSA, waarbij geen relatie kan worden gelegd met het ziekenhuis, wordt
begeleid door de arts-microbioloog van Izore in samenwerking met de GGD en de huisarts.
Het hebben van MRSA heeft een grote emotionele impact op betrokkenen en er is heel veel behoefte
aan uitleg en begeleiding. Net als bij andere infecties, waarbij bron- en contactopsporing en
voorlichting een rol spelen, kan ook hierbij de GGD worden ingeschakeld.
Procedure bij verwijzing/opname van MRSA (verdachte) patiënt
Spoed:
- Overleg met specialist/SEH of patiënt kan worden gezien met speciale maatregelen
- Huisarts vermeldt in brief/fax dat patiënt MRSA verdacht of positief is
Bij alleen polibezoek zónder invasieve ingreep/handeling zijn géén kweken nodig
Geen spoed:
 Als een MRSA (verdachte) patiënt (zie schema pag. 2) naar het ziekenhuis moet voor opname,
bezoek aan polikliniek of SEH, dan is een zo spoedig mogelijke melding door de huisarts bij
de afdeling H&IP van het MCL gewenst. (tel. dienstdoende deskundige infectiepreventie:
058-2863718 of via hoofdbalie: 058-2866666.)
Na het afnemen van kweken duurt het gemiddeld 4 (variërend van 2-5) dagen voor de uitslag
bekend is.
Melding geldt ook voor opname in andere Noorderbreedte of Pallet zorginstellingen.
 De afspraak op de poli (indien mogelijk na 1 week) kan worden gemaakt.
Benodigde informatie van de huisarts aan de deskundige infectiepreventie:
- patiëntgegevens
- reden MRSA verdacht of positief zijn
- waar en hoelang is patiënt opgenomen geweest
- is patiënt geopereerd
- heeft patiënt invasieve behandeling ondergaan in het buitenland
- evt. risicofactoren (wonden, eczeem, katheter, lijnen)
- gebruik antibiotica (welke, wanneer: dan zijn de kweken niet betrouwbaar)
- of patiënt moet worden opgenomen/naar welke poli de patiënt moet
Bij geplande opname/polikliniekbezoek/bezoek SEH
worden de noodzakelijke kweken afgenomen door een medewerker van de afdeling H&IP van
het MCL bij de patiënt thuis.
De huisarts kan deze kweken ook afnemen (zie instructie afname kweken pag.6)
Er wordt één serie kweken afgenomen en op het kweekformulier wordt duidelijk aangegeven wat de
reden van kweken is. Deze reden is belangrijk omdat het dan voor het laboratorium duidelijk is of het
gaat om een buitenlandscreening en de serie dus op MRSA en BMRO (Bijzondere Resistente Microorganismen, zie toelichting pag. 5) gekweekt moet worden of alleen op MRSA als het bijvoorbeeld
gaat om iemand die woont op een vleeskuikenbedrijf. De serie kweken bevat kweken van keel-neusrectum en evt. andere risicolocaties (bv. wonden en huidleasies).
Bij een verblijfskatheter wordt urine afgenomen (in een potje).
Idem bij opgeven van sputum.
De uitslag van de kweken wordt door Izore gemeld aan de deskundige infectiepreventie.
De deskundige infectiepreventie meldt de kweekuitslag aan de huisarts, de poli en de patiënt.
15-3
 Bij een negatieve betrouwbare uitslag (afgenomen minimaal 48 uur na stoppen met antibiotica
(om welke reden dan ook gegeven) hoeft er verder niets te gebeuren en kan de patiënt naar het
ziekenhuis.
 Als de patiënt antibiotica gebruikt (om welke reden dan ook gegeven) en het niet mogelijk is om
48 uur na stoppen met de antibiotica kweken af te nemen vóór dat de patiënt naar het ziekenhuis
moet, wordt de patiënt nog steeds als MRSA verdacht beschouwd en zijn er dus strikte
isolatiemaatregelen nodig
 Bij een positieve kweekuitslag neemt de huisarts contact op met een arts-microbioloog
van Izore en afd. H&IP over al of niet noodzakelijke eradicatie. Indien besloten wordt tot
behandeling, dan wordt de afdeling H&IP van het MCL opnieuw ingeschakeld voor het afnemen
van de kweken.
Kweken moeten worden afgenomen:
 Voor de start van de behandeling (zoeken naar de bronlocaties bij de patiënt).
 Na staken van de behandeling (controlekweken moeten worden afgenomen na 3, 10 en 17
dagen; steeds één serie).
 Als de kweken negatief zijn, dan wordt patiënt door middel van controlekweken na 2 en na 12
maanden vervolgd. Steeds wordt gevraagd naar antibiotica gebruik, periode wordt dan evt.
verlengd (denk b.v. aan behandeling van tbc).
 Als de kweken bij de ex-MRSA patiënt steeds negatief zijn dan kan de patiënt gedurende dit
jaar normaal het ziekenhuis bezoeken. In dat geval worden alleen bij opname kweken
afgenomen en als patiënt om welke reden dan ook antibiotica gebruikt, 7 dagen na start van
deze antibiotica.
Bij starten van de eradicatietherapie worden kweken afgenomen bij de partner en andere
huisgenoten. Zodat ook zij -indien nodig- mee behandeld worden bij de eradicatie.
COMMUNITY ACQUIRED MRSA (MRSA afkomstig uit de gemeenschap)
 Als bij toeval MRSA wordt gevonden in een door de huisarts aangevraagde kweek dan meldt het
laboratorium dit aan de huisarts.
 De huisarts overlegt met de arts-microbioloog en met de GGD over het te volgen beleid (tel Izore:
058-2939495 tel GGD Fryslân: 088-2299224)
De huisarts meldt de MRSA positieve persoon bij de afdeling H&IP (tel: 058-2863718)
 De huisarts, arts-microbioloog en GGD begeleiden en adviseren de patiënt en diens familie
Voor alle situaties geldt dat het belangrijk is dat de patiënt en zijn omgeving (huisgenoten,
verplegenden, verzorgenden) goed geïnformeerd wordt over zijn/haar MRSA positief of MRSA
verdacht zijn omdat hij/zij via zorgcontacten en ingrepen een risico voor anderen kan zijn.
Patiënten moeten als het ware “geoormerkt” zijn, zowel door huisarts als ziekenhuis als zorginstelling.
Het “vlaggen” van (mogelijke) patiënten wordt gedaan door de afdeling H&IP. Daarom is de melding
aan de afdeling H&IP zo belangrijk.
15-4
Achtergrondinformatie
MRSA (Methicilline Resistente Staphylococcus Aureus) is een Staphylococcus aureus, die resistent is
geworden voor alle -lactam antibiotica. Bestrijding van MRSA heeft tot doel te voorkomen dat
profylaxe en behandeling van infecties met S. aureus niet goed meer mogelijk zijn en om verdere
resistentie-ontwikkeling (o.a. tegen vancomycine) te voorkomen.
Prevalentie van MRSA: 25% van de Nederlandse bevolking is drager van Staphylococcus Aureus,
1% is drager van MRSA.
Transmissie geschiedt via de handen. Er is spontane eradicatie mogelijk na 2–3 maanden. Een groot
risico voor dragerschap van MRSA vormen patiënten, die in een buitenlandse zorginstelling zijn
opgenomen geweest.
In Nederland en de Scandinavische landen bestaat een streng (search en destroy) MRSA beleid.
Een epidemie van Methicilline Resistente Staphylococcus aureus is voor de betrokken patiënten erg
belastend en voor een ziekenhuis heeft het vergaande financiële en organisatorische gevolgen (zie
NTvG 2003 25 januari pag. 178). In het NTvG 2007 17 februari pag. 401 wordt MRSA afkomstig uit de
gemeenschap besproken.
Het LCI heeft het “Draaiboek MRSA in de openbare gezondheidszorg” gepubliceerd
(www.infectieziekten.info).
Bijzonde Resistente Micro-organismen (BRMO)
Naast MRSA zijn er meer micro-organismen die in staat zijn resistentie de ontwikkelen tegen eerste
keus antibiotica of tegen een combinatie van therapeutisch belangrijke antibiotica. Dit zijn de Bijzonder
Resistente Micro-organismen (BRMO). Om infecties met BRMO te bestrijden zijn maatregelen binnen
het ziekenhuis, die resistentieontwikkeling en verspreiding van resistente micro-organismen
voorkomen, van belang. Daarom worden er naast één serie MRSA kweken ook één serie BMRO
kweken afgenomen. Izore onderzoekt de aanwezigheid van Multi-resistente Gramnegatieve staven
(MRGNS). Op het aanvraagformulier kruist de aanvrager dan aan: MRSA en Multi-resistente
Gramnegatieve staven (MRGNS)
MRSA en andere zorginstellingen (verzorg-verpleeghuis)
- Noorderbreedte of Pallet instellingen: begeleiding door afd. H&IP van het MCL
- Instelling die zich bij H&IP Drachten, Sneek, Heerenveen of Dokkum heeft aangesloten: begeleiding
door de afdelingen H&IP van die ziekenhuizen.
- Instelling die zich niet bij een afd. H&IP heeft aangesloten: begeleiding door Izore in samenwerking
met de GGD.
- Bij verzorgingshuizen zal de huisarts van de cliënt betrokken worden en bij verpleeghuizen de
verpleeghuisarts.
Samenstelling werkgroep: mw. W.T. Bruinsma, huisarts; dhr. P. Caesar en mw. C. Vrijburg-Ossendrijver, deskundige
infectiepreventie; dhr. R. Scheper, afdelingshoofd SEH; dhr. P. van der Tas, arts infectieziekten GGD Fryslân; mw. E. van
Zanden, huisarts; dhr. J. van Zeijl, arts-microbioloog; mw. G.J. vermeer, medisch coördinator MCC Leeuwarden
maart 2007
herziening: januari 2008
2e herziening en aanvulling met “Instructie afnemen MRSA kweken door huisarts: mei 2012
3e herziening januari 2014
15-5
INSTRUCTIE AFNEMEN MRSA KWEKEN DOOR HUISARTS
Eerste actie
MRSA verdachte patiënten die (op termijn) naar het MCL gaan altijd melden aan de afdeling Hygiëne
& Infectiepreventie (H&IP) via 058-2863718 of buiten kantoortijden aan de dienstdoende deskundige
infectiepreventie door deze op te laten roepen via de balie van het MCL (058-2866666).
Inventarisatiekweken en controlekweken
Indien de patiënt moet starten met antibiotica is het van belang dat de inventarisatiekweken vóór het
starten met antibiotica worden afgenomen (indien de klinische toestand dit toelaat). Kweken
afgenomen terwijl de patiënt antibiotica gebruikt kunnen fout negatieve uitslagen geven en zijn
daarom niet betrouwbaar. Toch dienen er bij MRSA verdenking en antibiotica gebruik wel
inventarisatiekweken afgenomen te worden. Om betrouwbare kweken te krijgen dienen de
inventarisatiekweken bij deze patiënten 48 uur na het stoppen met antibiotica te worden herhaald.
Zolang de benodigde (zie in de kaders hieronder) kweken niet allemaal betrouwbaar en negatief zijn
gelden in het MCL isolatiemaatregelen voor patiënten indien er een invasieve handeling op de poli
wordt verricht of opname volgt.
Inventarisatiekweken
Inventarisatiekweken worden afgenomen bij MRSA (en BRMO) verdenking.
Bij alleen polibezoek bezoek zonder invasieve ingreep/behandeling: geen kweken nodig
Bij opname (op termijn) of invasieve behandeling op de poli (op termijn):
Eén serie kweken voor MRSA afnemen.
Een serie bestaat in elk geval uit:
 een keelkweek
 een neuskweek
 een rectumkweek
En eventueel -indien aanwezig- kweken van:
 alle wonden (apart kweken)
 alle huidafwijkingen zoals eczeem (indien mogelijk apart kweken)
 navelstomp (alleen bij neonaten)
 urine in steriel potje, eenmalig (als er een verblijfscatheter is)
 sputum in steriel potje (als er sputum opgehoest wordt)
Op het aanvraagformulier voor de eerst lijn moet duidelijk aangegeven worden waarom er
MRSA kweken afgenomen worden. Bij buitenlandscreening zal Izore dan automatisch de
BRMO (MRGNS) kweken toevoegen.
EEN KWEEKAFNAME SET IS VERKRIJGBAAR BIJ IZORE
15-6
Controlekweken
Controlekweken worden afgenomen na behandeling van besmetting met MRSA én eenmalig
voorafgaande aan de eerste behandeling om vast te stellen waar de MRSA precies zit zodat daar de
behandeling op afgestemd kan worden.
Er wordt een zelfde serie kweken afgenomen als bij een inventarisatiekweek
Benodigdheden
 Kweekstokken met medium: ITM-wit (Izore Transport Medium)
 Eventueel een steriel sputum- en/of urinepotje
 Izore aanvraagformulier voor de eerste lijn
Ter informatie voor de patiënt is er een patiëntenfolder “Methicilline Resistente Staphylococcus aureus
(MRSA)”
Informeer de patiënt voordat de kweken worden afgenomen dat:
 een neuskweek kan ‘kriebelen’
 een keelkweek vervelend kan zijn en kan leiden tot kokhalzen
 een wondkweek wat gevoelig kan zijn
Kweekafname
Afnemen keelkweek
Neem materiaal af uit de keel door met de kweekstok langs beide farynxbogen te strijken. Breek het
kweekstokje af bij het afbreekstreepje en steek deze in het ITM-wit buisje en draai het dopje erop.
Afnemen van een neuskweek
Breng een kweekstokje in een neusgat en draai de kweekstok minimaal 360 º rond voor in de neus
(het “neuspeutergebied”). Herhaal dit met het zelfde kweekstokje in andere neusgat. Breek het
kweekstokje af bij het afbreekstreepje en steek deze in het ITM-wit buisje en draai het dopje erop
Keeluitstrijkje
Neusuitstrijkje
Afnemen rectumkweek
Breng het kweekstokje in het rectum voorbij de kringspier en probeer het rond te draaien. Breek het
kweekstokje af bij het afbreekstreepje en steek deze in het ITM-wit buisje en draai het dopje erop.
Afnemen van wond-, huidafwijking en navelstomp kweken
Strijk het gebied (huid, wond of navelstomp) uit met de kweekstok. Breek het kweekstokje af bij het
afbreekstreepje en steek deze in het ITM-wit buisje en draai het dopje erop.
Afnemen van urinekweek en/ of sputumkweek
Deze kweken afnemen door urine of sputum op te vangen in een steriel potje.
15-7
Invullen formulier
Gebruik altijd het Izore aanvraagformulier voor de eerste lijn (zie bijlage)
 Kruis aan welke materialen worden afgenomen en voeg ontbrekende materialen eventueel toe.
 Noteer ook het eventuele gebruik van antibiotica tijdens de laatste 48 uur.
 De gegevens (naam en geboortedatum) ook op het buisje van de betreffende kweekstokjes
invullen, evenals de aard van het materiaal (=materiaalsoort)
 Formulier en gegevens op de buisjes van de kweekstokjes kunnen voorafgaand aan het afnemen
van de kweken worden ingevuld.
Opsturen kweken
Volgens normale procedure naar Izore.
Uitslagen
De huisarts krijgt bericht van Izore en ook de afdeling H&IP van het MCL als deze als medeaanvrager
is vermeld.
De huisarts meldt positieve MRSA uitslagen aan de afdeling H&IP.
De deskundige infectiepreventie belt uitslagen direct door aan de betreffende poli, verpleegafdeling.
De uitslag van een MRSA-kweek is op zijn vroegst 2 dagen na aankomst bij Izore bekend, maar het
kan ook 4 of 5 dagen en een enkele keer nog langer duren. Dit kan niet beïnvloed worden, maar is
afhankelijk van de groei van bacteriën. U hoeft dus niet zelf naar Izore te bellen!
Een sneltest is mogelijk maar zeer kostbaar. Een sneltest is eigenlijk alleen zinvol bij opname als het
isolatiedagen kan schelen. Er zijn ook contra-indicaties voor een MRSA sneltest. Dus is overleg
hierover met een arts-microbioloog of deskundige infectiepreventie vooraf noodzakelijk.
Voor meer informatie
Kunt u tijdens kantooruren contact opnemen met de afdeling H&IP, via 058-2863718 of buiten
kantooruren kunt u de dienstdoende deskundige infectiepreventie op laten roepen via 058-2866666.
15-8
Aanvraagformulier eerste lijn
Datum ontvangst:
Izore-nummer
(hier geen sticker plakken):
Patiëntgegevens (bij voorkeur ponsplaatje of sticker gebruiken)
Patiëntnummer / BSN :
Geb. datum en Geslacht :
Meerling: ¨ ja ¨ nee :
Eigen naam :
Naam echtgeno(o)t(e) :
Voornaam :
Adres :
Postcode, woonplaats :
Verzekeraar :
Verzekeringsnummer :
Jelsumerstraat 6
Postbus 21020
8900 JA Leeuwarden
T: 058 293 94 95
F: 058 293 92 00
www.izore.nl
[email protected]
Openingstijden:
Maandag t/m vrijdag 8.30-17.00 uur
Buiten openingstijden bereikbaar
via 06 23 340 817
(dienstdoende arts-microbioloog)
Aanvragend arts
Instelling/Locatie
Voor meer informatie: z.o.z.
Cito-bepalingen worden uitsluitend
uitgevoerd na telefonisch overleg.
Datum afname:
Tijd:
Klinische gegevens (noodzakelijk voor adequaat en betrouwbaar onderzoek), volledig invullen:
Gravida, wkn:
Periode:
¨ Uitslag van CITO-onderzoek doorbellen op tel.:
URINEWEGINFECTIES
A/B
¨ UriSwab (midstroom urine)
¨ UriSwab (katheterurine)
¨ Uricult (midstroom urine)
¨ Uricult (katheterurine)
SOA
C
¨ ♀ Chlamydia + gonorroe (vagina)
¨ ♂ Chlamydia + gonorroe (urine 1e portie)
¨ ♀ Trichomonas (vagina)
¨ ♂ Trichomonas (urine 1e portie)
SOA andere locaties
H
¨ Chlamydia + gonorroe (rectum)
¨ Chlamydia + gonorroe (keel)
¨ Herpes (blaasjesvocht)
SOA SEROLOGIE
S
¨ HIV
¨ HBV
¨ Lues
SUBFERTILITEIT
S
¨ Chlamydia trachomatis IgG-antistoffen (CAT)
FLUOR
H
¨ Gisten, Gardnerella vaginalis, S.aureus,
hemolytische streptokokken (vagina)
DIARREE
D
¨ Diarree < 10 dagen (bacterieel)
¨ Diarree >= 10 dagen
(bacterieel en parasitair)
¨ Diarree na antibiotica gebruik
(Clostridium difficile)
¨ Diarree na tropenbezoek
¨ Diarree bij patiënt met verminderde weerstand
¨ Diarree-uitbraak instelling (viraal)
LEVERAANDOENINGEN
S
¨ Acute virale hepatitis
(HAV, HBV, HCV, HEV, EBV, CMV)
¨ Chronische virale hepatitis (HBV, HCV)
• Temperatuur:
• Verminderde weerstand:
• Antibioticum na afname kweek:
°C
¨ Kopie uitslag sturen naar:
MAAGKLACHTEN
Diagnostiek H. pylori infectie (feces)
¨ H. pylori antigeentest
¨ H. pylori antigeentest controle 4 wk na
behandeling
MONONUCLEOSIS INFECTIOSA
¨ EBV
¨ CMV
TEKENBEET
¨ Borrelia
CONTROLE NA VACCINATIE
¨ Vaccinatie tegen
D
BACTERIOLOGIEKWEEK
¨ Uitstrijk, herkomst
H
S
S
S
SCHIMMELINFECTIE HUID/HAREN/NAGELS
E
¨ Dermatofyten
¨ Pityriasis versicolor (Malassezia furfur)
¨ Rude (T. verrucosum)
LUCHTWEGINFECTIE
G
¨ Influenza (nasofarynx)
¨ Respiratoire virussen (nasofarynx)
¨ Kinkhoest < 3 wk (nasofarynx)
¨ Kinkhoest > 3 wk (serologie)
S
¨ Pneumonie (sputum)
E
INFECTIE OOG/OOR
G
¨ Conjunctiva-uitstrijk
¨ Ooruitstrijk
MALARIA
patiënt naar ziekenhuislab
¨ Malaria (dikke druppel + EDTA-bloed + trom­bo­
cyten), tel.: 058 293 94 95, s.v.p. vermelden:
land
verblijfsduur
malariaprofylaxe
ZWANGERSCHAP
Prenatale screening
¨ HBV, Lues, HIV s.v.p. vermelden:
pariteit:
à terme datum:
Op indicatie:
¨ Rubella (indien niet gevaccineerd)
¨ Overig
¨ Controle dragerschap GBS (vagina)
MRSA + MRGNS
na verblijf buitenlands ziekenhuis
s.v.p. vermelden:
land
antibioticagebruik
¨ keel/neus/rectum (altijd)
¨ indien urinekatheter: → urine
¨ indien wond: → wonduitstrijk, herkomst
¨ Inclusief MRSA-sneltest: tel.: 058 293 94 95
MRSA
¨ Bedrijfsmatig contact dieren
(varkens, kalveren, pluimvee)
¨ Adoptiekind uit buitenland
¨ Controle na MRSA eradicatie
¨ Contactonderzoek MRSA, naam indexpatiënt
¨ keel/neus/rectum (altijd)
¨ indien urinekatheter: →urine ¨ indien wond: → wonduitstrijk, herkomst
S
H
F
A
H
F
A
H
¨ Inclusief MRSA-sneltest: tel.: 058 293 94 95
MRGNS
F
¨ Controle dragerschap MRGNS (keel/rectum)
¨ naam bacterie
¨ Contactonderzoek MRGNS, naam indexpatiënt
OVERIGE ONDERZOEKEN
¨
¨
¨
Voor informatie over verzendmateriaal en diagnostiek: zie Vademecum op www.izore.nl
15-9
iz08a•02-2014
• 1e ziektedag:
• Bezoek buitenland, waar:
• Antibioticum gebruik laatste 48 uur:
Symptomen:
LET OP: deze kant van het formulier NIET gebruiken als aanvraagformulier. Aanvragen die niet op het formulier staan, kunnen op de voorzijde onderaan rechts
bijgeschreven worden.
LET OP: de rode letters op de voorzijde van het formulier (A t/m H) corresponderen met de verzendsetjes van Izore waarin de benodigde afnamematerialen
zitten:
A UriSwab
B Uricult retour
C SOA
D Feces
E Sputum/schimmel
F MRSA/MRGNS
G ITM-blauw
HITM-wit
S Stolbloed (hiervoor moet de patiënt bloed laten prikken)
Samenstelling PCR-pakket
1. Feces bacterieel: Salmonella, Shigella, Campylobacter, STEC, Yersinia; Clostridium difficile (antigeentest)
2. Feces parasitair: G. lamblia, E. histolytica, D. fragilis, Cryptosporidium
3. Feces viraal: norovirus G1 en G2, rotavirus, adenovirus, sapovirus, astrovirus
4. Dermatofyten: T. rubrum/soudanense, T. violaceum, T. tonsurans, T. interdigitale/mentagrophytes, Microsporum species, dermatofyten algemeen
5. Respiratoire virussen: Influenzavirus A en B, RSV, hMPV, Parainfluenzavirus 1 t/m 3, Adenovirus
LET OP: bovenstaande bepalingen zijn onderdeel van een PCR-pakket waarbij de volledige uitslag zal worden gerapporteerd, losse aanvragen zijn niet mogelijk.
Samenstelling testpakket pneumonie sputum: kweek bacterieel en PCR Mycoplasma, Legionella, Q-koorts en Psittacose
Samenstelling testpakket diarree na tropen en/of bij verminderde weerstand
Kliniek
Testpakket
Verwekker
Diarree na tropenbezoek
PCR bacterieel
PCR parasitair
PCR Strongyloides
Ridley
Salmonella, Shigella, Campylobacter, STEC, Yersinia, C.difficile (antigeentest)
G. lamblia, E. histolytica, D. fragilis, Cryptosporidium
Strongyloides stercoralis
cysten, larven, wormen, wormeieren
Diarree bij patiënt met verminderde weerstand
PCR bacterieel
PCR parasitair
Ridley
Gemodificeerde ZN
Direct preparaat
Salmonella, Shigella, Campylobacter, STEC, Yersinia, C.difficile (antigeentest)
G. lamblia, E. histolytica, D. fragilis, Cryptosporidium
cysten, larven, wormen, wormeieren
Cyclospora, Isospora belli
vegetatieve stadia, wormeieren, cysten, Isospora belli
Indien waterdunne feces, dan ook →
Indien tropenbezoek, dan ook →
IF Microsporidum
PCR Strongyloides
Microsporidium
Strongyloides stercoralis
Verklaring afkortingen
CAT
Chlamydia-Antilichaam Test
CMV
Cytomegalovirus
Epstein-Barrvirus
EBV
GBS
Groep B streptokok
HAV
Hepatitis A virus
HBV
Hepatitis B virus
HCV
Hepatitis C virus
HEV
Hepatitis E virus
HIV
Humaan immunodeficiëntievirus
hMPV
Humaan metapneumovirus
Izore Transport Medium
ITM
MRGNS
Multiresistente Gram Negatieve Staaf
MRSA
Methicilline Resistente S.aureus
PCR
Polymerasekettingreactie
RSV
Respiratoir Syncytieel Virus
Seksueel Overdraagbare Aandoening
SOA
STEC
Shiga-toxine producerende E. coli
15-10
iz08a•02-2014
Zie voor actuele informatie: www.izore.nl/vademecum