2014-06-26 AB VRF - Veiligheidsregio Fryslân

AG E N D A
algemeen bestuur
Datum
:
26 juni 2014
Tijdstip
:
09.30! – 11.00 uur
Locatie
:
Ridderzaal, Harlingertrekweg 58, Leeuwarden
Algemeen bestuur
Onderwerp
Bijlage
Doel
1.
Opening en mededelingen
Bijlagen
Informeren
2.
Conclusies vergadering 6 maart 2014
Bijlage
Vaststellen
3.
Viermaandsrapportage 2014
Bijlagen
Kennisnemen
4.
Zienswijzen gemeenten
Bijlagen
Vaststellen
•
Jaarrekening 2013
•
Geïntegreerde begroting 2014
•
Begroting 2015
•
1 wijziging begroting 2015
e
5.
Inrichting brandweerkamer bij VNG
Bijlagen
Vaststellen
6.
Huurovereenkomsten brandweerkazernes en decharge
Bijlagen
Vaststellen
Bijlage
Benoemen
Stuurgroep PVB
7.
Herbenoemen externe leden auditcommissie
8.
Rondvraag
9.
Sluiting
10. ±10.30 uur: Informeren burgemeesters over Regiovisie
Huiselijk Geweld en Kindermishandeling Fryslân
Bijlage
S AM E NV AT T E N D V E RS L AG E N AD V I E S
Auditcommissie Veiligheidsregio Fryslân
Datum
Locatie
:
:
17 februari 2014
Harlingertrekweg
Aanwezig:
T. van de Zwan
A. Aalberts
E. van Esch
W. Kleinhuis
J. Oostinga
R. Giesolf
W. Piek
J.H. Wobma
Afwezig met kennisgeving:
F. Veltman
Onderwerp
1.
Opening
De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.
2.
Verslag van de vorig vergadering
Het verslag van de vorige vergadering wordt ongewijzigd vastgesteld.
3.
Samenstelling auditcommissie
Gelet op de wijzigingen in de bestuursstructuur (governance) van Veiligheidsregio Fryslân is het wenselijk
om de samenstelling van de auditcommissie te heroverwegen. De volgende wijzigingen worden
voorgesteld:
• Uitbreiding van de commissie met één lid namens de Bestuurscommissie Veiligheid.
• Duidelijk onderscheid maken tussen leden en overige deelnemers/adviseurs van de commissie.
• Opnemen van een rooster van aftreden voor de leden van de commissie.
Het is de bedoeling om met ingang van de vergadering van juni in de nieuwe samenstelling van de
commissie bijeen te komen.
Conclusie: de auditcommissie adviseert het Algemeen Bestuur om de samenstelling van de
auditcommissie aan te passen zodat deze aansluit op de gewijzigde bestuursstructuur van
Veiligheidsregio Fryslân. Dit betekent dat voorgesteld wordt om de commissie uit te breiden met één lid
vanuit de Bestuurscommissie Veiligheid. De auditcommissie is akkoord met de gewijzigde artikelen 8 en
9 van de verordening, waarbij opgemerkt wordt dat duidelijk aangegeven moet worden dat de externe
deskundigen ook leden van de commissie zijn. De aangepaste verordening kan ter vaststelling worden
voorgelegd aan het Algemeen Bestuur van 6 maart.
4.
Rekenkamer/rekenkamercommissie
In de auditcommissie is gesproken over de aankomende wetswijziging, waarbij rekenkamercommissies
dezelfde bevoegdheden krijgen als rekenkamers. De commissie is van mening dat het verstandig is om
één rekenkamer aan te wijzen voor de Veiligheidsregio. De rekenkamer van de gemeente Leeuwarden
kan gevraagd worden om de rol van rekenkamer voor de VRF in te vullen.
1
Conclusie: de auditcommissie stelt voor om ter voorbereiding op het van kracht worden van de
gewijzigde wetgeving de rekenkamer van de gemeente Leeuwarden te vragen om de rol van rekenkamer
voor de Veiligheidsregio in te vullen.
5.
Zienswijzen kaderbrief 2015
Het voorstel van de VRF om in de begroting 2015 geen indexering door te voeren, impliceert een
taakstelling voor de VRF van ongeveer € 300.000. De auditcommissie is van mening dat hiervoor
aangegeven dient te worden welke consequenties dit heeft voor de uitvoering van taken door de VRF.
Conclusie: De auditcommissie houdt vast aan de lijn betreffende indexering zoals opgenomen in de
financiële verordening. De commissie is het dan ook niet eens met het voorstel van het Dagelijks Bestuur
om geen indexering toe te passen in de begroting 2015. Indien het Dagelijks Bestuur besluit om geen
indexering toe te passen, dan zal het bestuur moeten aangeven welke taken Veiligheidsregio Fryslân niet
meer zal uitvoeren.
6.
Voorstel resultaatbestemming 2013
Gelet op de omvang van het positieve resultaat en de nog te voeren discussie over de omvang van het
weerstandsvermogen is de auditcommissie van mening dat terugstorting nu niet voor de hand ligt. Bij het
vaststellen van de beleidsnota Weerstandsvermogen kan hier alsnog over worden besloten.
Conclusie: de auditcommissie adviseert het Dagelijks Bestuur om het voordelig resultaat over 2013 nu
niet terug te betalen aan de deelnemende gemeenten. Een eventuele terugbetaling van voordelige saldi
dient betrokken te worden bij de herijking van het weerstandsvermogen.
7.
Procesvoorstel beleidsnota Weerstandsvermogen
Voor het opstellen van een nieuwe beleidsnota Weerstandsvermogen is een procesvoorstel opgesteld
dat zich richt op het vaststellen van de nieuwe beleidsnota in oktober 2014.
Conclusie: de auditcommissie stemt in met het procesvoorstel voor het opstellen van de beleidsnota
Weerstandsvermogen voor de komende periode (2015 - 2018).
8.
Doorontwikkeling interne controle
De auditcommissie is positief over de voorstellen over doorontwikkeling interne controle. De rol van het
afdelingsmanagement voor interne controle blijft aandacht vragen.
9.
Kasritme facturering gemeentelijke bijdragen
Naar aanleiding van reacties van een aantal gemeenten wordt voorgesteld om over te gaan naar
maandelijkse bevoorschotting in plaats van halfjaarlijkse bevoorschotting.
Conclusie: de auditcommissie adviseert het Algemeen Bestuur om te besluiten tot het wijzigen van het
betaalritme voor de gemeentelijke bijdrage van halfjaarlijks naar maandelijks. Hierbij benadrukt de
commissie dat een deugdelijk liquiditeitsbeheer en investeringsplanning van belang zijn.
10.
Rondvraag en sluiting
Tijdens de rondvraag wordt kort stilgestaan bij de invulling van de € 1 miljoen taakstelling binnen het
programma Brandweer.
2
S AM E NV AT T E N D V E RS L AG E N AD V I E S
Auditcommissie Veiligheidsregio Fryslân
Datum
Locatie
:
:
31 maart 2014
Harlingertrekweg
Aanwezig:
T. van de Zwan
A. Aalberts
T. van Bekkum
W. Kleinhuis
J. Oostinga
R. Giesolf
W. Piek
J.H. Wobma
Aanwezig bij agendapunt 3
C. Alserda (PWC)
Afwezig met kennisgeving:
E. van Esch
Onderwerp
1.
Opening
De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.
2.
Verslag van de vorig vergadering
Het verslag van de vorige vergadering wordt ongewijzigd vastgesteld.
3.
Jaarrekening 2013
Door de accountant (PWC) wordt een toelichting gegeven op de uitkomsten van de controle van de
jaarrekening 2013. De accountant zal een goedkeurende controleverklaring bij de jaarrekening
verstrekken voor zowel de getrouwheid als de rechtmatigheid.
De belangrijkste bevindingen van de accountant hebben betrekking op
• Planning en control: in de doorontwikkeling van planning en control zijn in 2013 een aantal stappen
gezet door de VRF.
• Brandweer nieuwe taak: per 2014 is de brandweerzorg een taak van de VRF. Voor deze nieuwe taak
is het van belang om deze financieel goed te monitoren. In 2014 zal inzicht moeten ontstaan in de
werkelijke kosten in relatie tot de door de gemeenten overgedragen budgetten.
• Sturing op kasstromen: mede gelet op liquiditeitspositie aan het einde van het jaar en de nieuwe taak
brandweer is het van belang om strak te sturen op de kasstromen.
• IC en rechtmatigheid: de uitvoering en vastlegging van interne controles (incl. rechtmatigheid) zijn
voor verbetering vatbaar. Dit aandachtspunt is door het management opgepakt.
• Voorziening sociaal plan: voor de kosten van de uitvoering van het sociaal plan brandweer (overgang
beroepspersoneel en vrijwilligers naar VRF) is een voorziening gevormd. De voorziening is conform
besluitvorming gevormd en voldoet aan de voorschriften van het BBV.
In de jaarrekening is de eindbalans exclusief de overname van brandweermaterieel en vastgoed. De
openingsbalans 2014 zal inclusief brandweermaterieel en vastgoed zijn. Gelet op de impact van deze
overname op de balanspositie van de VRF zal de openingsbalans 2014 in de volgende vergadering van
de auditcommissie aan de orde komen.
1
Conclusie: de auditcommissie onderschrijft de bevindingen van de accountant en stemt in met de wijze
waarop de organisatie deze bevindingen oppakt. De auditcommissie adviseert het Algemeen Bestuur om:
• Kennis te nemen van het accountantsverslag 2013;
• de jaarrekening 2013 ongewijzigd vast te stellen.
In de volgende vergadering van de auditcommissie (2 juni) zal de openingsbalans 2014 worden
besproken.
4.
Begrotingen
Op basis van een presentatie wordt stilgestaan bij de concept programmabegroting 2014 en 2015. De
auditcommissie stelt vast dat concept programmabegroting 2014 en 2015 nog niet volledig uitgewerkt zijn
en nog onduidelijkheden bevatten
Conclusie: de auditcommissie neemt kennis van de concept programmabegroting 2014 (inclusief
wijzigingen) en van de concept programmabegroting 2015. In de vergadering van 2 juni zullen deze
stukken weer worden geagendeerd inclusief zienswijzen gemeenten en zal de auditcommissie een
advies uitbrengen aan het Algemeen Bestuur.
5.
Risico-inventarisatie t.b.v. weerstandsvermogen
Voor de risico-inventarisatie zullen risico’s worden ‘gescoord’ op basis van impact (effect) op de
organisatie en beheersbaarheid (effectieve beheersmaatregelen). De risico-inventarisatie zal zich richten
op de risico’s met een hoge impact op de organisatie en waarvan de beheersbaarheid laag is. Daarnaast
is het ook van belang om aandacht te besteden aan de risico’s met hoge beheersbaarheid, waarvoor
geen effectieve beheersmaatregelen zijn getroffen.
Conclusie: de auditcommissie stemt in met de methodiek voor het inventariseren van risico’s die relevant
zijn voor het bepalen van het weerstandsvermogen. Voor het weerstandsvermogen zijn risico’s met een
hoge impact en een lage beheersbaarheid relevant.
6.
Rondvraag en sluiting
Van de rondvraag wordt geen gebruik gemaakt.
2
C O N CL US I E S
algemeen bestuur Veiligheidsregio Fryslân
Datum
Locatie
:
:
6 maart 2014
Leeuwarden
Aanwezig:
F. Crone (voorzitter)
H. Apotheker (plv. vz/pfh. veiligheid)
T. van Bekkum (pfh financiën/personeel)
A. Aalberts
R.J.H. Bats
J. Boertjens
G. Gerbrandy
S. Heldoorn
A. de Hoop
E. ter Keurs
G. van Klaveren
G. Krol
J. Liemburg
Afwezig:
W. van den Berg
B. Bilker
T. van Mourik
E. Schadd-de Boer
1.
•
•
2.
•
•
3/4.
•
H. Oosterman
F. Ravestein
W.R. Sluiter
J. Stellinga
F. Veenstra
M. Waanders
T. van der Zwan
F. Bolhuis (provinsje)
W. Kleinhuis (algemeen directeur/secretaris)
J. Oostinga (directeur bedrijfsvoering)
J. Postma (directeur/commandant brandweer)
H.C. de Vries (directiesecretaris)
P. van Erkelens (wetterskip)
J. Eland (OM)
Opening en mededeling
De voorzitter feliciteert de heer Postma met zijn benoeming tot kwartiermaker brandweer LMO. Op 26
maart zal formeel afscheid genomen worden. De heer Kleinhuis zegt dat intern nagedacht wordt over de
wijze van invulling van de ontstane vacature. Hij gaat er van uit dat het dagelijks bestuur daarover
binnen twee weken een nader besluit kan nemen.
Op de vraag van mevrouw Waanders (naar aanleiding van de besluiten auditcommissie 4 september
2013) antwoordt de heer Oostinga dat de versterking op het terrein van inkoop en aanbesteding
inmiddels heeft plaatsgevonden.
Conclusies van de vergadering van 28 november 2013
Het algemeen bestuur besluit:
de conclusies ongewijzigd vast te stellen.
Naar aanleiding van de conclusies:
Het algemeen bestuur besluit:
dat in het kader van de regionalisering van de brandweer het materieel met een aanschafwaarde lager dan
€ 10.000,-- door de gemeenten om niet wordt overgedragen aan Veiligheidsregio Fryslân.
Decharge stuurgroep SN1B/Presentatie stand van zaken geregionaliseerde brandweer
Per 1 januari 2014 is de brandweer geregionaliseerd. Middels een presentatie blikt de heer Postma
terug op het proces en stipt de belangrijkste aandachtspunten aan voor de toekomst (de presentatie is
bijgevoegd).
De heer Apotheker benadrukt dat het project heel goed is opgepakt door zowel de gemeentelijke als de
regionale medewerkers. Veel respect daarvoor.
1
•
5.
•
•
•
De heer Kleinhuis merkt op dat landelijk belangstelling/waardering bestaat over de wijze waarop in het
project de vrijwilligers hebben geparticipeerd en beleid met het oog op vrijwilligers is vastgesteld.
De voorzitter geeft aan dat landelijk nog volop in discussie is de normering van de brandweerzorg.
Beïnvloeding zal moeten plaatsvinden via het Veiligheidsberaad en wel zodanig dat ruimte blijft bestaan
voor regionale invulling. Door meerdere leden wordt naar voren gebracht dat de vrijwilligers ook op tijd
en nadrukkelijk moeten worden meegenomen bij deze beleidsmatige ontwikkelingen.
De heer Apotheker geeft aan dat wat hem betreft de komende jaren de invulling van de taakstelling, de
implementatie van de komende beleidsontwikkelingen (normeringen) en het vorm en inhoud geven aan
de matrixorganisatie de speerpunten voor de brandweer zullen zijn.
Het algemeen bestuur:
verleent onder dankzegging decharge aan de stuurgroep Samen naar één brandweer.
Wijziging verordening op de auditcommissie
De heer Van der Zwan licht toe dat de wijziging samenhangt met de nieuwe governance van de
veiligheidsregio.
Mevrouw Waanders geeft in overweging in het algemeen bestuur explicieter stil te staan bij de adviezen
van de auditcommissie. Dit wordt door het dagelijks bestuur toegezegd.
Het algemeen bestuur besluit:
de gewijzigde verordening vast te stellen. In de werkwijze van de auditcommissie zal de
advisering explicieter aan de orde worden gesteld in het algemeen bestuur.
6.
•
•
Kasritme facturering gemeentelijke bijdragen
De heer Oostinga geeft een korte toelichting op het voorstel.
Het algemeen bestuur besluit:
e
vanaf juli 2014 de gemeentelijke bijdrage maandelijks (voor de 16 ) te factureren.
7.
•
Financieel kader 2015 - 2018
De heer Van der Zwan zegt dat de auditcommissie van mening is dat het organisatiebelang en het door
het algemeen bestuur vastgestelde beleid pleiten voor het handhaven van de indexatie voor 2015.
Bovendien betekent het loslaten van de indexatie een impliciete keuze van een lager kwaliteitsniveau
voor de uitvoering van de opgedragen taken. Een keuze die juist in de agenda- en bestuurscommissies
moet worden gemaakt. De commissie adviseert derhalve wel te indexeren voor 2015.
De heer Van Bekkum geeft aan dat het dagelijks bestuur het advies van de auditcommissie op zich
terecht vindt maar dat het bestuur, gelet op de ontvangen zienswijzen, de gemeenten tegemoet wil
komen door het handhaven van het derde beslispunt. De formulering is zodanig dat de indexatie 2015
onderdeel is en blijft van de te voeren discussies in de agenda- en bestuurscommissies.
De heer Bats maakt namens de Waddeneilanden een voorbehoud. Deze gemeenten hebben het kader
niet ontvangen voor een zienswijze. De heer Kleinhuis zegt dat het kader uiteraard is voorgelegd aan
alle gemeenten. Van Schiermonnikoog is inmiddels ook een reactie ontvangen. Voor de drie andere
gemeenten zal hij een en ander nagaan.
De heer Sluiter merkt op dat de termijn te kort is om te reageren. De heer Kleinhuis geeft aan dat de
veiligheidsregio een langere termijn hanteert dan wettelijk is bepaald en dat de huidige termijn (twee
maanden) in overeenstemming is met het door de Colleges van B&W in Fryslân vastgestelde (en aan de
veiligheidsregio toegezonden) advies van raadsgriffiers.
De heer Gerbrandy zegt dat hij kan instemmen met de beslispunten.
Mevrouw Waanders vraagt met betrekking tot het tweede beslispunt (vaststelling kwaliteitsniveau van
uitvoering) naar de wijze van voorbereiding. In samenhang daarmee vraagt zij naar de uitwerking van
het dekkingsplan 2.0 in relatie met de noodzaak tot het plegen van extra investeringen aan de voorkant
(pro-actie/preventie) en de verwachting dat de resultaten van de onderzoeken eerst eind 2014 gereed
zijn.
De heer Veenstra zegt dat zijn raad inmiddels heeft ingestemd met het financieel kader.
De heer Aalberts verwijst naar een bijeenkomst van de VFG waarin aan orde is geweest een zerobasedbenadering van alle GR-en. Insteek is het systematisch analyseren van de wettelijke taken en het
vaststellen van het gewenste kwaliteitsniveau. Hij stelt voor een dergelijk onderzoek in 2015 uit te
voeren en dat om de 5 jaar te herhalen.
De heer Van Bekkum onderschrijft het voorstel van de heer Aalberts, maar ook dan zullen bestuurlijke
keuzes gemaakt moeten worden. Het is prima voor het inzicht, waaraan overigens ook een transparante
productenbegroting van de organisatie bijdraagt.
De heer Kleinhuis wijst er op dat ook aan de gezondheidskant de wettelijke taken in beweging zijn. De
•
•
•
•
•
•
•
•
•
2
•
•
•
•
•
vaststelling van het nieuwe basistakenpakket JGZ zal zeker gevolgen hebben.
De voorzitter stelt voor dat het dagelijks bestuur kijkt naar het aanbrengen van noodzakelijke faseringen
in de besluitvorming en op basis daarvan komt met een procesvoorstel.
De heer Apotheker wijst nog op de komende gemeenteraadsverkiezingen en de noodzaak naar de
gemeenten toe te gaan om raadsleden te informeren over de uitvoering van de overgedragen taken.
De heer Kleinhuis zegt dat het onderwerp de aandacht heeft. Een notitie daarover komt maandag aan
de orde in de directie; insteek daarbij is wel dat de veiligheidsregio de gemeentelijke portefeuillehouders
ondersteunt bij hun voorlichting. Bij de GGD bereidt een werkgroep een informatiebijeenkomst voor met
het oog op mogelijk nieuwe leden in de Bestuurscommissie Gezondheid (wethouders).
De heer Van Klaveren benadrukt het belang van een goede communicatie. Naast het vaststellen van
een kwaliteitsniveau voor de uitvoering is ook een efficiënte uitvoering van belang.
Het algemeen bestuur besluit:
het financieel kader 2015 – 2018 vast te stellen met de volgende aanvullingen:
• met het oog op een mogelijke doorwerking van het vastgestelde kwaliteitsniveau van
uitvoering naar de gemeentelijke bijdrage voor 2015, worden de agenda- en
bestuurscommissies gevraagd in de vergadering van het algemeen bestuur van 29 oktober
2014 voorstellen ter zake voor te leggen;
• vooruitlopend op genoemde voorstellen zal bij de opstelling van de conceptbegroting 2015
worden uitgegaan van het binnen de begroting opvangen van de indexatie 2015;
• gelet op de (landelijke) ontwikkelingen zal het dagelijks bestuur een procesvoorstel opstellen
ten behoeve de fasering van de noodzakelijke besluitvorming.
De burgemeesters van Ameland, Terschelling en Vlieland maken een voorbehoud.
8.
•
•
•
9.
Rondvraag
De heer Aalberts wijst op het belang voor de veiligheidsregio’s aan te sluiten bij de (gemeentelijke)
systematiek voor geo-informatie. Hiervoor zal aandacht moeten zijn binnen het Veiligheidsberaad.
Mevrouw Waanders vraagt aandacht voor de verbreding van crisiscommunicatie door gemeenten als
gevolg van de doordecentralisatie jeugdzorg.
Het AEF-rapport naar de borging van GGD-taken (exclusief JGZ) door gemeenten zal worden
toegezonden aan de leden van het algemeen bestuur. De minister komt tegen de zomer met een
reactie.
Sluiting
3
Stand van zaken
geregionaliseerde brandweer
Algemeen Bestuur
6 maart 2014
Johan Postma
Project ‘Samen naar één brandweer’
Project
Nu
Initiatief- Definitie- Ontwerpfase
fase
fase
Voorbereidingsfase
Keuze ontwerp
(nov. 2012)
Programma van eisen
(juli/ september 2012)
Projectopdracht
(nov 2011)
Projectplan
(maart
2012)
Implementatiefase
Implementatieplan
( maart 2013)
Resultaat
Nazorg
Oplevering
(dec 2013)
Stand van zaken (1)
Beleidsplan brandweer 2014: ‘De basis op orde’
•
Risicobeheersing
•
Planvorming
•
Vakbekwaamheid
•
Materieelbeheer
•
Incidentbestrijding
Stand van zaken (2)
Personeel
• 180 beroeps en 1150 vrijwilligers geplaatst / in dienst
genomen
• 4 bezwaarschriften; advies bezwarencommissie:
ongegrond m.u.v. 1 gedeeltelijk
• Verdere harmonisatie uitvoering van regelingen /
afspraken / systemen
• ‘Samen één brandweer’: inzetten op duurzame
inzetbaarheid personeel
• Uitwerking visie op vrijwilligheid in regels en
regelruimte
Stand van zaken (3)
Bedrijfsvoering brandweer
•
Organisatie
•
Communicatie
•
Financiën
•
Beleidsontwikkeling
Belangrijke thema’s
•
•
•
•
Oriëntatie op gemeentelijk perspectief
Vrijwilliger als basis
Verdere invlechting binnen de Veiligheidsregio
Ontwikkelen van de matrixorganisatie
De aanleiding
OPLEGNOTITIE
Voorstel ter behandeling in
de vergadering van het Algemeen Bestuur
Datum
26 juni 2014
Onderwerp
Viermaandsrapportage 2014
Bijlage ten behoeve van
agendapunt 3
Portefeuillehouder
W. Kleinhuis
Opsteller
H.C. de Vries
Telefoon
E-mail
Bijlage(n)
1. Viermaandsrapportage 2014
Beslispunten
Kennisnemen van de viermaandsrapportage 2014
Toelichting
Overeenkomstig artikel 5 van de Financiële Verordening informeren wij u tussentijds over de realisatie
van de begroting middels een vier- en achtmaandsrapportage.
Bijgaand treft u aan de rapportage over de eerste vier maanden van 2014.
Naar aanleiding van de rapportage willen wij met name aandacht vragen voor een drietal punten, te
weten
- onzekerheid met betrekking tot de uitvoering nieuwe brandweertaken
- kwetsbaarheid afdeling Zorg en Advies (GGD)
- risico’s
Nieuwe brandweertaken
De taken met betrekking tot de brandweer zijn per 1 januari 2014 door de gemeenten overgedragen aan
Veiligheidsregio Fryslân. Het betekent dat de uitvoering van deze nieuwe taak bij de opstelling van de
rapportage nog maar kort was opgestart. Veel onderwerpen zijn nog in ontwikkeling met het oog op de
collectieve uitvoering. Met het oog daarop wordt terughoudend om gegaan met vervanging van materieel
en het doen van uitgaven.
De stand van zaken na vier maanden is daardoor vertekend en een prognose over de rest van het jaar
erg onzeker. Naast de inhoudelijke component geldt een en ander ook voor de ondersteunde taken
binnen de organisatie. Reden voor het dagelijks bestuur om bij deze rapportage af te zien van de
gebruikelijke prognose.
Pagina 1 van 2
Kwetsbaarheid afdeling Zorg en Advies
Steeds meer wordt duidelijk dat de uitvoering van de klassieke GGD-taken onder druk staat. Verlies van
taken (SMA) en bezuinigingen hebben geleid tot vermindering van de formatie met gevolg dat de
uitvoering van de verschillende functies kwetsbaar is geworden. Sterker nog, het oplossen van de
bestaande bovenformativiteit heeft waarschijnlijk gevolgen voor de uitvoering van de wettelijke taken. Zou
bovendien de aanbesteding van de arrestantenzorg betekenen dat deze taak elders wordt belegd dan
moet worden gevreesd voor de uitvoering van de wettelijke lijkschouw. De aanstelling van een
projectleider in noordelijk verband met het oog op de aanbesteding arrestantenzorg en het bespreken van
het AEF-onderzoek naar de borging van GGD-taken in een strategische bijeenkomst van de
Bestuurscommissie Gezondheid zijn acties die worden ondernomen om op korte termijn de nodige
duidelijkheid te verkrijgen op dit onderwerp.
Risico’s
De globale financiële verwachting voor 2014 sluit af met het benoemen van de niet-inhoudelijke risico’s.
Wij benadrukken dat het opvangen van mogelijke uitkomsten van de CAO-onderhandelingen (de huidige
CAO is al op 31 december 2012 verlopen) een forse last tot gevolg kan hebben voor het lopende jaar.
Hiermee is geen rekening gehouden in de opgestelde verwachting.
Na besluitvorming:
Akkoord met voorstel
Paraaf
secretaris:
Akkoord met voorstel met aantekening:
[Vul hier de aantekening(en) in]
Niet akkoord met voorstel met aantekening:
[Vul hier de aantekening(en) in]
Origineel in archief
Kopie naar ambtelijk aanspreekpunt
Pagina 2 van 2
Viermaandsrapportage 2014
januari - april
VEILIGHEID
Brandweer
Algemeen
Ten tijde van het opstellen van de 4-maandrapportage, zo’n 100 dagen na de start van de nieuwe
brandweerorganisatie, kan geconcludeerd worden dat het stof langzaam neerdaalt. Brandweer
Fryslân kijkt terug op een vloeiende overgang van vrijwillige posten en de adequate incidentbestrijding
heeft geen moment onder druk gestaan. Ook was er voor de beroeps een nieuwe werkplek, werkte de
computer en werd het eerste salaris eind januari keurig op tijd overgemaakt. Kortom; de belangrijkste
zaken voor een zo goed mogelijke start, waaraan eind 2013 nog hard is gewerkt, waren geregeld en
werkten goed. Uiteraard stonden de eerste maanden ook, en naar verwachting zal dit nog wel even zo
blijven, in het teken van wennen, zoeken, aftasten en het oude los laten. Voor veel medewerkers
betekent de nieuwe brandweerorganisatie niet alleen een nieuwe werkgever, maar ook een nieuwe
werkplek met nieuwe collega’s en andere werkinhoud. Tot slot brengt het werken van de
matrixorganisatie een nieuwe dynamiek met zich mee waarin een ieder zijn rol aan het zoeken is.
Uitvoering
Het eerste jaar in het bestaan van Brandweer Fryslân staat volledig in het teken van het op orde
brengen van de basis: de eerste stappen in het leggen van het fundament voor de nieuwe organisatie
zijn gezet in het project. Het fundament moet nu uitharden in de praktijk. Concreet betekent dit voor de
basis brandweerzorg dat de verschillende niveaus in Fryslân in beeld zijn en vanuit de
gemeenschappelijke regeling wordt gestart met het creëren van een ‘gelijke deken over Fryslân’
(uniform niveau) dat afgestemd wordt op de lokale omgeving (als de risico’s daarom vragen). Ook
hoort bij de basis op orde brengen dat zaken, die nog niet of niet goed geregeld zijn, aangepakt
worden en procedures en producten geharmoniseerd worden. In het beleidsplan Brandweer 2014 zijn
speerpunten geformuleerd, die richting geven aan de inhoudelijke kant van het werk waarmee mede
de basis op orde wordt gebracht. Er is geconcludeerd dat een ieder zijn handen, rekeninghoudende
met het feit dat ieder zijn weg moet vinden in de nieuwe organisatie, vol zal hebben hieraan in 2014.
Bij het op orde brengen van de basis speelt tevens een kwaliteitsdiscussie. Het bestuur heeft altijd
benadrukt dat na 1 januari 2014 (de start van de opgeschaalde brandweerzorg) de discussie gevoerd
zal moeten worden over de gewenste kwaliteit en de beschikbare (financiële) middelen. Momenteel
wordt hier organisatiebreed hard aan gewerkt en dit vraagt veel extra inzet en energie van de
medewerkers. De stand van zaken op dit moment is dat de processen van Brandweer Fryslân, de
resultaten en het kwaliteitsniveau in kaart zijn gebracht. Volgende stappen in het proces zijn het
formuleren van de ambities en op basis hiervan bepalen wat dit betekent voor de bestaande
processen, mensen en middelen.
Vanuit het project Sn1B is een aantal goed functionerende communicatiemiddelen meegenomen, één
daarvan is het houden van informatieve tours langs de vrijwilligers. De eerste Lentetour heeft eind
april plaatsgevonden. Belangrijkste signaal vanuit de vrijwilligers is dat men zeer tevreden is over de
communicatie, informatie en de ondersteuning vanuit de afdeling bij materieelvraagstukken en
vakbekwaamheid. Er is aangegeven dat men ondanks de grootte van de organisatie ervaart dat de
lijnen kort zijn en men snel geholpen wordt. Belangrijkste aandachtspunt dat wordt genoemd is de
belasting van de ploegleiders met administratieve taken. Het signaal komt met name voort uit de
bewerkelijkheid van het gekozen automatiseringssysteem, hierop wordt actie ondernomen.
Aandachtspunten
• Ontwikkelingen Risicobeheersing: Op dit moment werkt het kabinet aan een aantal
veranderingen in wet- en regelgeving op het gebied van het omgevingsrecht. Deze
veranderingen kunnen op termijn gevolgen hebben voor het takenpakket van de brandweer
en het operationeel optreden.
• Borging AGS-piket: de bemensing van dit piket is niet structureel geborgd. De functie wordt
momenteel gecombineerd met de functie HOVD. Een extra bijkomstigheid hierbij is het tijdelijk
1
•
wegvallen van twee HOVD’en door ziekte en persoonlijke omstandigheden. De komende
periode zal onderzocht worden hoe beide piketten structureel ingevuld kunnen worden.
Inregelen meerjareninversteringsprogramma: het meerjareninvesteringsprogramma is
vooralsnog een samenvoeging van de aangeleverde gegevens vanuit de deelnemende
gemeenten en de voormalige regio. De afschrijvingstermijnen zijn in lijn gebracht met het
beleid van Veiligheidsregio Fryslân. Aandacht vraagt nog wel de eenduidigheid van de
investeringsbedragen en de doorwerking van indexering op de investeringen.
Naar verwachting is er minimaal sprake van een voordelig saldo van € 2.000.000 bij de brandweer. De
belangrijkste oorzaken voor dit voordelige saldo zijn:
• Onderuitputting kapitaallasten: de onderuitputting op de kapitaalslasten hangt samen met het
‘BTW effect’ en met het uitstellen van vervangingsinvesteringen. In totaal bedraagt de verwachte
onderuitputting € 1.500.000, waarvan € 500.000 betrekking heeft op het BTW effect.
• Personeelslasten (€ 500.000): voor een aantal functies heeft de brandweer de keuze gemaakt om
deze voorlopig niet in te vullen. Dit in verband met de invulling van de taakstelling van € 1.000.000
binnen het programma brandweer. Voor het uitvoeren van taken wordt waar nodig tijdelijk
personeel ingezet.
Crisisbeheersing
Algemeen
De eerste maanden van dit jaar heeft vooral in het teken gestaan van het vormgeven van de afdeling
Crisisbeheersing bestaande uit de clusters Bevolkingszorg, GHOR en crisisbeheersing. Momenteel
wordt gewerkt aan het inrichten van de afdeling en het integreren van de werkprocessen.
Uitvoering
Per 1 mei ligt de afdeling Crisisbeheersing op schema met de uitvoering van de jaarplannen 2014 van
de clusters Bevolkingszorg, GHOR en Crisisbeheersing- multi. De thema’s “Beleid, Planvorming en
Evenementen”, “Vakbekwaamheid”, “Informatiemanagement” en “Evalueren” vormen de gezamenlijke
inhoudelijke rode draad binnen de afdeling.
De afgelopen maanden is er door de afdeling Crisisbeheersing gewerkt aan een meerjarenvisie
Crisisbeheersing en aan een conceptversie van het meerjarenbeleidsplan 2015-2018. Daarnaast
hebben de volgende werkzaamheden plaatsgevonden:
- Er heeft een drietal GRIP-incidenten plaatsgevonden: brand grafkistenfabriek Burgum (GRIP 1),
brand garagebedrijf Rottevalle (GRIP 1) en incident zwembad Heerenveen (GRIP 1). Alle
incidenten worden standaard geëvalueerd. In overleg met de burgemeester van Heerenveen vindt
voor het zwembad-incident een uitgebreide evaluatie plaats.
- Er zijn 3 rampbestrijdingsplannen opgesteld, ter inzage gelegd en bestuurlijk vastgesteld.
Momenteel wordt gewerkt aan de implemenatie van deze plannen.
- Het Ontwerp Regionaal Risicoprofiel Fryslân is geactualiseerd.
- Er zijn overeenkomsten tussen de GHOR en 5 Friese Ziekenhuizen ondertekend
- Er is gewerkt aan het versterken van de regionale crisisorganisatie middels vier sporen:
versterken en indikken crisisorganisatie, versterken crisiscommunicatie crisisbeheersing als
professie en versterken informatiemanagement. Genoemde versterking vloeit onder andere voort
uit de verbeterpunten systeemtest en staat van de rampenbestrijding.
- Het huidige “Regionale Evenementenbeleid” wordt herzien naar een “Kader Evenementen
Veiligheid”. De VRF gaat daarnaast afzonderlijk in gesprek met de gemeenten waar risico- en
aandachtsevenementen plaatsvinden.
- Ten behoeve van het grootschalige evenement Tall Ships Races zijn er scenario’s besproken en
is er een multidisciplinair draaiboek en advies opgesteld.
- Er is gewerkt aan een opzet voor de ontwikkeling van kwalitatieve vakbekwaamheid
(functiebeschrijvingen / competentieprofielen / assesments / portfolio per medewerker)
- Met betrekking tot informatiemanagement wordt onderzocht hoe informatie dient te worden
ontsloten voor zowel de warme als de koude fase.
Aandachtspunten
• Landelijke meldkamerorganisatie: Op landelijk niveau vindt momenteel binnen de diverse
bestuurlijke overleggremia overleg plaats inzake de uitwerking van het transitieakkoord
meldkamer, dat de Minister heeft gesloten met alle 25 veiligheidsregio’s. Hierin zijn de
afspraken op hoofdlijnen opgenomen en is het invoeringsproces beschreven. Op basis van
een nulmeting worden regionale overeenkomsten opgesteld. De financiële gevolgen voor de
2
•
veiligheidsregio en/of gemeenten zijn op dit moment niet goed aan te geven en vormen
daarmee een aandachtspunt.
(Incidentele) kosten proactie/preventie brandweer: Het aanwenden van de voorziening BDUR
in het kader van de regionalisering van de brandweer heeft terecht geleid tot vragen (in uw
bestuur) over het dekken van de kosten voor versterkingen aan de voorkant van de keten
(proactie/preventie), mede in het kader van het op te stellen dekkingsplan 2.0 van de
brandweer. Een mogelijke (nieuwe) reservering ter zake zou de implementatie van
dekkingsplan 2.0 ten goede kunnen komen.
De verwachting is dat de afdeling crisisbeheersing het jaar 2014 afsluit met een voordelig saldo van
ongeveer € 200.000. Het voordelig saldo is een gevolg van vacatureruimte en indikking
crisisorganisatie. De invulling van vacatureruimte bij de voormalige clusters zal in samenhang met de
nieuwe inrichting van de afdeling worden beschouwd.
GEZONDHEID
Algemeen
De GGD is bezig met de voorbereiding van een nieuw meerjarenbeleidsplan, dat qua periode gelijk
gaat lopen met de nieuwe collegeperiode. De nieuwe colleges hebben o.a. tot gevolg dat het bestuur
van de GGD (de bestuurscommissie gezondheid) van samenstelling gaat veranderen. Er is een
introductieprogramma opgesteld voor de nieuwe portefeuillehouders gezondheid.
Financieel laat het programma gezondheid een verwacht resultaat zien van nihil. Het negatieve
resultaat van Zorg en Advies wordt gecompenseerd met het positieve resultaat van de
Jeugdgezondheidszorg.
Zorg en Advies
Uitvoering
De uitvoering van de werkzaamheden verloopt grotendeels volgens planning.
In deze rapportage worden enkele bijzondere zaken uit de eerste vier maanden naar voren gehaald.
Samen met Izore (laboratorium) is het project BMRO gestart, gericht op de aanpak van multiresistente micro organismen. Er is inmiddels een concept projectplan opgesteld.
Er is een uitbraak van TBC in de gemeente Leeuwarden geweest die (nog steeds) de nodige inzet
vraagt.
Er komen meer vluchtelingen (met name uit Eritrea en Syrië), wat ertoe heeft geleid dat binnen de
bestaande opvang meer mensen worden opgenomen. Dit betekent een intensivering van
werkzaamheden voor deze doelgroep. Met GGD Nederland en COA is afgesproken dat deze
werkzaamheden plaatsvinden op basis van nacalculatie.
De samenwerking met De Friesland Zorgverzekeraar heeft geleid tot de start van twee werkgroepen
rondom de Gezonde Wijk en Kennisdeling. Beide werkgroepen komen voor de zomer met een plan
van aanpak.
Met betrekking tot de uitvoering van klanttevredenheidsonderzoeken is de samenwerking met
Zorgbelang gezocht. Hiermee wordt de onafhankelijkheid beter gewaarborgd, en kan gebruik worden
gemaakt van de expertise en het netwerk van Zorgbelang op dit terrein.
Binnen de Medische Milieukunde vraagt de dioxineproblematiek in Harlingen nog steeds de nodige
aandacht. Inmiddels heeft de landelijke overheid besloten tot het uitvoeren van een landelijk
vervolgonderzoek naar dioxine in eieren van zgn. hobbyboeren. De GGD’en in Nederland zijn
betrokken bij de uitvoering van dit onderzoek.
Aandachtspunten
• Forensische geneeskunde: de beschikbare capaciteit voor de uitvoering van de forensische
geneeskunde (lijkschouw en politiezorg) blijft een punt van aandacht. Met het oog op de
aanbesteding van de politiezorg is voor Noord-Nederland een projectleider aangesteld om de
mogelijkheden voor samenwerking en efficiency nader te onderzoeken.
Het financiële tekort van de afdeling Z&A is grotendeels toe te schrijven aan bovenformativiteit, die
o.a. ontstaat door te realiseren bezuinigingen in het kader van ‘Skerp’. Mede door de bezuinigingen
wordt de kwetsbaarheid van de verschillende functies groter. Dit fenomeen doet zich voor bij
meerdere GGD’en, wat reden is geweest voor het ministerie van VWS om opdracht te geven voor een
onderzoek naar de borging van GGD-taken. Het eindrapport van dit onderzoek, uitgevoerd door AEF,
is onlangs verschenen, en zal in het najaar worden besproken in de bestuurscommissie gezondheid.
3
Jeugdgezondheidszorg
Uitvoering
De uitvoering van de werkzaamheden verloopt grotendeels volgens planning.
In deze rapportage worden enkele bijzondere zaken uit de eerste vier maanden naar voren gehaald.
De implementatie van het werken met de indeling 0-12 jarigen en 12–19 jarigen (i.p.v. 0-4 en 4-19)
verloopt volgens plan.
In het kader van de voorbereiding op de transitie jeugdzorg neemt de JGZ deel aan diverse pilots:
- School als Werkplaats: deze pilot loopt af in 2014;
- School als Vindplaats MBO en VO
- Zelfsturend team Tytsjerksteradiel
- Coördinatie en opzet gebiedsteam voor de gemeente Harlingen.
- Project De Basis Versterkt in Sneek met inzet van verpleegkundigen.
Daarnaast is de JGZ op lokaal niveau in gesprek om de aansluiting op de gebiedsgerichte teams te
realiseren.
De respons op de klanttevredenheidsonderzoeken in het onderwijs is nog laag, waardoor de
gegevens niet zijn te generaliseren. De bestaande gegevens laten zien, dat >90 % tevreden is over de
bereikbaarheid en dat 100% van de ouders/jongeren wordt gezien binnen 30 minuten van de
afgesproken tijd (tijdigheid). De overige punten uiten zich in een score van 8,7 voor de arts en 8,6 voor
de verpleegkundige en assistente.
Voor het Consultatiebureau zijn de scores voor de arts 8,5 en voor de verpleegkundige en cbassistente 8,4.
Aandachtspunten
• De voorbereiding van de implementatie van het nieuwe basistakenpakket van de JGZ in 2015.
Een deel van het huidige maatwerk wordt ondergebracht in dit nieuwe basistakenpakket. Het
andere deel wordt opgenomen in de nieuwe jeugdwet, over de uitvoering hiervan zijn nog
geen afspraken gemaakt.
Financieel laat de afdeling JGZ nu nog een overschot zien, dat vooral verklaard kan worden uit de
algemene opbrengsten.
PROGNOSE FINANCIEEL
Per 1 januari 2014 hebben de gemeenten de brandweertaken aan Veiligheidsregio Fryslân
overgedragen. Het spreekt voor zich dat de implementatie van de collectieve uitvoering van deze
taken, inclusief de bedrijfsvoering, de nodige tijd vergt. Veel onderwerpen zijn ook nog in ontwikkeling.
Het management van de brandweer voert in het verlengde daarvan een terughoudend beleid ten
aanzien van vervangingen en het doen van uitgaven.
Het betekent dat, mede gelet op de omvang van het brandweerbudget (inclusief bedrijfsvoering) ten
opzichte van het geheel, een prognose op basis van de eerste maanden met grote slagen om de arm
bekeken dient te worden. Reden voor het dagelijks bestuur om af te zien van het bijvoegen van een
prognose op het niveau van beleidsproducten. Wij gaan er van uit dat in het kader van de
achtmaandsrapportage 2014 wel een dergelijke prognose kan worden voorgelegd.
Samengevat is de verwachting op dit moment als volgt:
Onderdeel
Z&A
JGZ
Crisisbeheersing
Brandweer
Ondersteunende diensten
Totaal
Verwacht resultaat
-250.000
+250.000
+200.000
+2.000.000
+100.000
+2.300.000
Risico’s
In het licht van deze viermaandsrapportage 2014 brengen wij de navolgende risico’s onder uw
aandacht:
Algemene reserve
4
Er wordt op dit moment gewerkt aan de actualisatie van de Nota Weerstandsvermogen, een
actualisatie die ook nodig is in verband met de brandweertaken per 1 januari 2014. Bij de vaststelling
van de eerste begrotingswijziging 2014 (invoegen brandweerbudget) is al aangegeven dat de
verwachte BTW-effect in de kapitaallasten gebruikt zou kunnen worden voor een mogelijke
noodzakelijke verhoging van de algemene reserve.
De geactualiseerde Weerstandsnota komt aan de orde in uw vergadering van 29 oktober 2014.
CAO
Zoals ook is aangegeven in de ontwerpbegroting 2015 bestaat er binnen de geraamde budgetten
geen ruimte voor het opvangen van mogelijke uitkomsten van CAO-onderhandelingen (met
terugwerkende kracht tot 1 januari 2013).
Vervanging MS Office/ILB
Voor de reeds in 2013 vermelde risico’s ‘vervanging MS Office’ en ‘individueel loopbaangebonden
budget (ILB)’ wordt gekeken naar structurele oplossingen. Voor het ILB is in het kader van de
rekening 2013 al een beperkte reservering opgenomen.
ICT
Halverwege dit jaar wordt een breed ICT onderzoek opgestart, o.a. naar aanleiding van de
jaarrekening en het gesprek met de auditcommissie. Met name door de decentrale uitvoering van de
werkzaamheden wordt veel gevraagd van de stabiliteit en continuïteit van de ICT-omgeving.
Evaluatie inrichting/omvang ondersteunende diensten
Met het oog op de uitbreiding van Veiligheidsregio Fryslân met de brandweertaken zijn de
ondersteunende diensten vorig jaar opnieuw ingericht. Conform de afspraak vindt halverwege dit jaar
een evaluatie plaats. Deze evaluatie wordt extern ondersteund door Berenschot waarbij ook, middels
benchmark, gekeken zal worden naar de personeelsomvang van de overhead. Hierbij is ook van
belang dat, gelet op eerdere onzekerheden voor JGZ in het kader van de doordecentralisatie Jeugd,
in belangrijke mate is gewerkt met tijdelijke aanstellingen (nu 40% bij Bedrijfsvoering) hetgeen het
nodige risico met zich meebrengt wat betreft de continuïteit.
Leeuwarden, 12 juni 2014
Het dagelijks bestuur
5
OPLEGNOTITIE
Voorstel ter behandeling in
vergadering van het algemeen bestuur
Op
26 juni 2014
Onderwerp
Zienswijzen gemeenten jaarstukken VRF, inclusief 1 wijziging
begroting 2015 (invulling nieuw basispakket JGZ)
Bijlage ten behoeve van
agendapunt 4
Ambtelijk aanspreekpunt
W. Kleinhuis
Afdeling
Algemeen directeur
e
Telefoon
E-mail
Bijlage(n)
1. Overzicht zienswijzen gemeenten
Beslispunten
Instemmen met de geformuleerde reactie op de zienswijzen gemeenten op de jaarstukken VRF en
besluiten overeenkomstig de voorstellen.
Inleiding
Eind april zijn diverse financiële stukken (rekening 2013, geïntegreerde begroting 2014, begroting 2015
e
en 1 begrotingswijziging 2015) overeenkomstig de gemeenschappelijke regeling aan de gemeenten
voorgelegd met de mogelijkheid een zienswijze te formuleren. Teneinde in deze vergadering zicht te
hebben op de te verwachten zienswijzen zijn de, op de gemeentelijke websites, gepubliceerde
documenten geraadpleegd. In bijgevoegd overzicht zijn de zienswijzen (op 10 juni was informatie van 15
gemeenten beschikbaar) kort samengevat weergegeven. In het navolgende treft u aan de reactie van het
dagelijks bestuur op de zienswijzen, uitmondend in voorstellen aan uw bestuur voor definitieve
vaststelling van voornoemde financiële stukken.
Vooraf kan worden opgemerkt dat in geen der reacties een inhoudelijke wijziging noodzakelijk wordt
geacht, waaruit voorzichtig kan worden geconcludeerd dat de gemeenten inhoudelijk gezien content zijn
met de uitvoering van het beleid door de veiligheidsregio.
Reactie dagelijks bestuur op de zienswijzen
Rekening 2013
Alle gemeenten kunnen instemmen met de door het dagelijks bestuur vastgestelde conceptjaarrekening,
waarbij de gemeente Leeuwarden aangeeft dat de reservering van het resultaat feitelijk niet nodig is
Pagina 1 van 2
(maar acceptabel in afwachting discussie Weerstandsnota) en dat de reservering Regionalisering kan
vrijvallen in de jaarrekening 2014.
Onder verwijzing naar de Viermaandsrapportage 2014 vraagt het dagelijks bestuur aandacht voor de
daarin genoemde (inhoudelijke en bedrijfsmatige) risico’s en onzekerheden. Het dagelijks bestuur gaat er
van uit dat in de achtmaandsrapportage meer duidelijkheid kan worden gegeven, hetgeen vervolgens zijn
vertaling kan krijgen in de aan te houden reserveringen. In uw vergadering van 29 oktober wordt ook de
nota Weerstandsvermogen 2015 -2018 vastgesteld.
Voorstel
Gelet op de instemming van de gemeenten met de conceptjaarrekening en de daarin opgenomen
resultaatbestemming, mede gelet op de bespreking achtmaandsrapportage 2014 en nota
Weerstandsvermogen in de vergadering van 29 oktober van het algemeen bestuur geeft het dagelijks
bestuur het algemeen bestuur in overweging de jaarrekening en de resultaatbestemming 2013
ongewijzigd vast te stellen.
Geïntegreerde begroting 2014
Twee gemeenten geven aan dat het budget brandkranen inclusief overhead moet worden teruggegeven
aan de gemeenten. Hoewel de reactie van deze gemeenten op zich juist is, heeft het dagelijks bestuur
gelet op de reeds opgelegde taakstelling in het kader van de regionalisering brandweer alsmede het
onderzoek van Berenschot naar de overhead (zie Viermaandsrapportage 2014) gemeend in dit geval de
overhead buiten beschouwing te moeten laten. Over de resultaten van het onderzoek Berenschot zal het
dagelijks bestuur u in de volgende vergadering informeren.
Omdat de verschuiving van de WABO naar de basisbrandweerzorg een correctie betreft, kan het
dagelijks bestuur niet tegemoet komen aan het standpunt van Achtkarspelen.
Voorstel
Het dagelijks bestuur stelt het algemeen bestuur voor de geïntegreerde begroting 2014 ongewijzigd vast
te stellen.
Begroting 2015
Alle gemeenten kunnen instemmen met de begroting 2015. De Friese Meren wijst op het belang van de
te voeren takendiscussie. Sûdwest Fryslân acht bezuinigingen na 2018 noodzakelijk. De gemeente
Leeuwarden mist een verklaring voor de daling van de uitgaven met 1% bij gelijkblijvende gemeentelijke
bijdragen.
De daling van de uitgaven heeft te maken met de invulling van de taakstelling als gevolg van de
regionalisering brandweer. Hierdoor is de stelpost (baten) vervallen en zijn de betreffende lasten
verlaagd.
Voorstel
Het dagelijks bestuur stelt het algemeen bestuur voor de begroting 2015 ongewijzigd vast te stellen.
e
1 begrotingswijziging 2015
De gemeente Leeuwarden mist een verklaring voor de kosten beleidsadvisering en samenwerking.
Overeenkomstig het besluit van de Bestuurscommissie Gezondheid bereidt de JGZ zich voor op de
invulling van het nieuwe basistakenpakket JGZ conform de commissie De Winter en het ontwerpbesluit.
De genoemde kosten vloeien voort uit de taken genoemd in de artikelen 7 en 8 van het ontwerpbesluit
Publieke Gezondheid.
Voorstel
e
Het dagelijks bestuur stelt het algemeen bestuur voor de 1 begrotingswijziging 2015 ongewijzigd vast te
stellen.
Pagina 2 van 2
Bijlage 1 Overzicht zienswijzen gemeenten jaarstukken
gemeente
Achtkarspelen
het Bildt
Dantumadeel
De Friese Meren
Dongeradeel
Franekeradeel
Heerenveen
Kollumerland c.a.
Leeuwarden
Leeuwarderadeel
Littenseradiel
Menameradiel
Ooststellingwerf
Sudwest Fryslan
Tytsjerksteradiel
rekening 2013
akkoord
akkoord
akkoord
akkoord
akkoord
akkoord
akkoord
akkoord
akkoord (vrijval resultaat/ regionalisering)
akkoord
akkoord
akkoord
akkoord (betere onderbouwing)
akkoord
akkoord
begroting 2014
niet akkoord (WABO)
akkoord
akkoord
akkoord
niet akkoord (overhead brandkranen)
akkoord
akkoord
akkoord
niet akkoord (overhead brandkranen)
akkoord
akkoord
akkoord
akkoord
akkoord
akkoord
begroting 2015
akkoord
akkoord
akkoord
akkoord (takendiscussie eind 2014)
akkoord
akkoord
akkoord
akkoord
akkoord (verklaring daling 1%)
akkoord
akkoord
akkoord
akkoord
akkoord (bezuinigen na 2018)
akkoord
1e wijziging 2015
akkoord
akkoord
akkoord
akkooord
akkoord
akkoord
akkoord
akkoord
akkoord (verklaring beleidsadvisering)
akkoord
akkoord
akkoord
akkoord
akkoord
akkoord
OPLEGNOTITIE
Voorstel ter behandeling in
de vergadering van het Algemeen Bestuur
Datum
26 juni 2014
Onderwerp
Inrichting brandweerkamer bij VNG
Bijlage ten behoeve van
agendapunt 5
Portefeuillehouder
T. van Bekkum
Opsteller
L. van Poucke
Telefoon
9682
E-mail
[email protected]
Bijlage(n)
1. Brief Veiligheidsberaad (VB) van 21 maart 2014 betreffende dienstverleningsovereenkomst VNG - VB
ter oprichting van een brandweerkamer
Beslispunten
1. Stem in met de dienstverleningsovereenkomst VNG - VB ter oprichting brandweerkamer;
2. Stem in met het machtigen van de voorzitter en secretaris van het Veiligheidsberaad om namens het
bestuur van Veiligheidsregio Fryslân de dienstverleningsovereenkomst te ondertekenen;
3.Stem in met het afvaardigen van de heer T. van Bekkum, portefeuillehouder Personeel in het dagelijks
bestuur als lid van de brandweerkamer.
Inleiding
Achtergrond
In uw vergadering van 19 september 2013 is het verzoek van het VB aan de orde geweest met betrekking
tot de intentie de VNG te vragen een brandweerkamer in te stellen en de onderlinge afspraken ter zake
vast te leggen in een conceptdienstverleningsovereenkomst tussen VNG en de veiligheidsregio's. De
brandweerkamer heeft als doel tot beheer te komen van de brandweerspecifieke regelingen die nu nog
onderdeel zijn van de Collectieve Arbeidsvoorwaardenregeling voor gemeentepersoneel, maar na 1-12014 niet meer. Het concept van de dienstverleningsovereenkomst is nu gereed. Met de bijgevoegde
brief heeft het Veiligheidsberaad zich naar alle veiligheidsbesturen gewend met de hierboven genoemde
gevraagde besluiten 1 tot en met 3.
Inhoud
In de dienstverleningsovereenkomst wordt de instelling en samenstelling van de brandweerkamer
geregeld. Tevens zijn er afspraken te vinden over de taken en bevoegdheden, is de rol van de secretaris
en de onderhandelingsdelegatie uitgewerkt en zijn afspraken opgenomen over de bekostiging. Belangrijk
is dat:
1. alle veiligheidsregio’s een burgemeester afvaardigen als lid van de brandweerkamer.
2. de brandweerkamer alleen principeakkoorden kan sluiten die altijd schriftelijk ter accordering aan alle
veiligheidsbesturen worden voorgelegd (gelijk de huidige situatie t.a.v. de LOGA-akkoorden voor de
Pagina 1 van 3
gemeentelijke CAO);
3. in de onderhandelingsdelegatie per definitie is opgenomen dat één van de G4
gemeenten/veiligheidsregio’s is vertegenwoordigd.
Afvaaardiging
Het voorstel is om de heer T. van Bekkum, portefeuillehouder Personeel in het dagelijks bestuur, namens
Veiligheidsregio Fryslân af te vaardigen als lid van de Brandweerkamer
Kosten
VNG neemt de reguliere kosten (1/2 fte) voor ondersteuning brandweerkamer voor haar rekening. De
volgende kosten zijn voor rekening van de veiligheidsregio’s:
1. Een jaarlijkse financiële bijdrage van € 500,- per veiligheidsregio in verband met de
aansluitingsovereenkomst van de VR met de VNG (heeft VR Fryslân al en is ook begroot).
2. Mocht er sprake zijn van werkzaamheden bovenop de reguliere werkzaamheden, bijvoorbeeld als
gevolg van forse onderhandelingen dan zullen meerkosten van de VNG in rekening bij de
veiligheidsregio’s worden gebracht. Voor deze kosten hanteert de VNG het standaard uurtarief van € 92,-.
Beleidsmatige context
Met instelling van de brandweerkamer wordt recht gedaan aan de werkgeversrol van de
veiligheidsregio’s. De kosten kunnen beperkt gehouden worden omdat de VNG enkel en alleen de extra
kosten in rekening brengt bij de veiligheidsregio’s. De aansluitingskosten bedragen € 500,- per jaar per
veiligheidsregio, deze bestonden echter al voor VR Fryslân.
Beoogd effect/resultaat
Adequate betrokkenheid van VR Fryslân bij CAO-onderhandelingen betreffende een aantal
brandweerspecifieke onderwerpen
Argumenten voor
1. Het is wenselijk dat centraal onderhandeld wordt over brandweerspecifieke CAO-onderwerpen. Door
deelname aan de Brandweerkamer is VR Fryslân hierbij betrokken
Kanttekeningen/risico’s
Er kunnen mogelijk extra kosten komen indien de ondersteuning van het VNG de omvang van 0,5 fte
overschrijdt. De kosten worden echter gedeeld door de 25 VR's gezamenlijk.
Na besluitvorming:
Akkoord met voorstel
Paraaf
secretaris:
Akkoord met voorstel met aantekening:
[Vul hier de aantekening(en) in]
Niet akkoord met voorstel met aantekening:
[Vul hier de aantekening(en) in]
Pagina 2 van 3
Origineel in archief
Kopie naar ambtelijk aanspreekpunt
Pagina 3 van 3
OPLEGNOTITIE
Voorstel ter behandeling in
de vergadering van Het Algemeen Bestuur
Datum
26 juni 2014
Onderwerp
Huurovereenkomsten brandweerkazernes en decharge stuurgroep
Bijlage ten behoeve van
Agendapunt 6
Portefeuillehouder
Gerard van Klaveren, voorzitter stuurgroep
Opsteller
Johan Oostinga
Telefoon
0651 568 529
E-mail
[email protected]
Bijlage(n)
1.
2.
Rapport huur brandweerkazernes
ROZ model huurovereenkomst met bijlagen:
a. Algemene bepalingen
b. Voorbeeld concept objectsheet
Beslispunten
1. Instemmen met de voorgestelde uitgangspunten huren van kazernes
2. Na instemming voorgestelde uitgangspunten huren van kazernes de stuurgroep decharge te geven en op te
heffen.
Inleiding
In het najaar van 2013 heeft het AB besloten de brandweerkazernes in Friesland over te nemen in verband met de
regionalisering per 1 januari 2014. Afgesproken is dat:
de kazernes in eigendom van gemeenten voor 1 januari juridisch worden overgedragen aan de VRF;
de contracten van de extern gehuurde kazernes per 1 januari 2014 door de VRF worden overgenomen en
het AB een voorstel wordt gedaan in 2014 hoe de huur van kazernes door de VRF van gemeenten vorm te geven.
Op dit moment zijn van de 65 kazernes er 45 overgenomen, zijn er 7 gehuurd van externe partners en is de huur van de
laatste 13 kazernes in 9 gemeenten n voorbereiding. Hierover gaat dit voorstel.
Voorgesteld wordt om de 13 kazernes te huren op dezelfde gronden als bij de overname van de kazernes en de huur dus
te baseren op:
1. Kapitaallasten
2. Onderhoud
3. Exploitatielasten
4. Servicekosten
Ad 1 Kapitaallasten
Hier wordt voorgesteld om de kapitaallasten, net als bij de aankoop te baseren op:
De werkelijke stichtingskosten
De panden af te schrijven in 40 jaar
De installaties af te schrijven in 20 jaar
Pagina 1 van 4
-
Lineair af te schrijven met 3,5% rente
Bij onbekendheid onderscheid ‘stenen en installaties’ stichtingskosten te splitsen in 75%-25%.
De brandweer specifieke installaties worden door de VRF overgenomen. Met de thans beschikbare informatie zijn de
stichtingskosten ca € 2mln en de kosten van brandweerspecifieke installaties ca € 200.000.
Ad 2 Onderhoud
De kosten voor het onderhoud worden op dezelfde wijze bepaald als bij de overgenomen panden. Het rapport van de
Grontmij dient hiervoor als basis, zij het dat de eerste verbeteringen hierin hebben plaats gevonden. Dit leidt tot een prijs
per M2 onderhoudstarief van indicatief € 13,82 op basis van het gehanteerde gemiddelde tarief van de totale
onderhoudskosten van alle kazernes. Dit kan omdat er geen achterstanden zijn in onderhoud conform de eerder
vastgestelde norm NEN 2767.
Ad 3 Exploitatielasten
De exploitatiekostenlasten bestaan uit OZB, verzekeringen en NUTS. De kosten voor NUTS worden conform opgave
eigen meters bepaald of via opgave door de gemeente. Bij de laatste situatie worden de kosten van verbruik gerelateerd
aan het aantal m2.
Ad 4 Servicekosten
Deze kosten worden betaald aan gemeenten conform opgave gemeente.
Op dit moment worden de betreffende kazernes op detail beoordeeld . De waarde van de brandweer specifieke installaties
worden op basis van werkelijke kosten door de VRF overgenomen. Indien deze onbekend zijn, splitsen we de 25%
installatiekosten in 15% voor de primaire installatie en 10% voor het brandweer specifieke deel. De waarde van de
brandweer specifieke installaties schatten we nu in op ca. € 200.000.
De betreffende gemeenten worden gevraagd deze specificatie te accorderen om zo tot een totale huursom te komen. Dit
proces moet voor de zomer zijn afgerond.
De huurtermijn voor kazernes zal standaard 5 jaar zijn, al zullen sommige gemeenten opteren voor 3 jaar vanwege lokale
ontwikkelingen. Gekozen wordt voor een opzegtermijn van 1 jaar.
Met bovenstaande uitgangspunten komt de financiële last voor de regio totaal uit op € 280.000, bestaande uit:
huur (all in) per jaar ca.
€ 260.000 per jaar
kapitaallasten overname brandweerspecifieke installaties ca € 20.000 per jaar
De jaarlijkse lasten passen binnen het totale budget voor huisvesting zoals in november 2013 door het AB vastgesteld:
Item
Budget voor huisvesting
Taakstelling
Beschikbaar (sub 1)
Kosten overname kazernes
Beheer
Beschikbaar huur (sub 2)
Rest (totaal)
Euro
Toelichting
€ 3.485.000
(€ 236.000) Gehele taakstelling bedraagt € 668.000 waarvan € 236.000 Huisvesting
€ 3.249.000
1060000 Afschrijvingslasten
898000 Rentelasten
484000 Onderhoud
(€ 2.442.000) 2442000
(€ 250.000)
€ 557.000
(€ 280.000) begroting huur 'intern'
(€ 163.876) begroting huur 'extern'
€ 113.124 Risicopost
De risicopost is een restpost welke gebruikt wordt om fluctuaties binnen het programma huisvesting op te vangen. Dit
omdat niet alles al volledig duidelijk is. Uiteraard vindt verantwoording plaats via de jaarrekening.
Tot slot zijn er bij 3, mogelijk 4 van de 13 kazernes bijzondere omstandigheden die vragen om maatwerk en daarmee
akkoord aan de Veiligheidsregio dit bestens op te lossen:
1. Schiermonnikoog kan een BTW voordeel realiseren van ca. € 80.000 door splitsing, dit proces loopt nog tot
uiterlijk 1 juli 2014 (einde uitstel Belastingdienst)
2. Kazernes in gecombineerd gebruik maar zonder gemeentelijke dienst:
a. De kazerne op Nes Ameland wordt mogelijk verkocht aan Kijlstra, bekeken wordt of huur van een dan
externe partij opweegt tegen splitsing
b. De kazerne in Mantgum wordt mogelijk verkocht aan een aannemer, bekeken wordt of huur van een dan
externe partij opweegt tegen splitsing
Pagina 2 van 4
c.
De kazerne in Koudum is nu in gebruik bij de politie, de ambulance en de brandweer. De gemeente
onderzoekt verkoop van haar pand.
Kanttekeningen
1. Met bovenstaande uitgangspunten is bij de huur van brandweerkazernes een standaard model gekozen, dit in
tegenstelling tot de huurovereenkomsten voor de consultatiebureau’s (CB’s). De huur van de CB’s wordt bepaald
aan de hand van een all-in tarief, de VRF huurt veelal beperkt (dagdelen). Bij nieuw af te sluiten huurcontracten
voor CB locaties wordt overwogen de nu gehanteerde uitgangspunten en contract model toe te passen.
Na besluitvorming:
Akkoord met voorstel
Paraaf
secretaris:
Akkoord met voorstel met aantekening:
[Vul hier de aantekening(en) in]
Niet akkoord met voorstel met aantekening:
[Vul hier de aantekening(en) in]
Origineel in archief
Kopie naar ambtelijk aanspreekpunt
Pagina 3 van 4
Rapport huur Brandweer Kazernes
Versie 0.3 Tjitse van Dijk
140416 Rapport huur Brandweer Kazernes
Project Vastgoed Brandweer
Rapport huur brandweer kazernes van de gemeenten
2/13
Versie 0.3 Tjitse van Dijk
140416 Rapport huur Brandweer Kazernes
INHOUD
INHOUD .................................................................................................................................................... 3
1.
INLEIDING ....................................................................................................................................... 4
2.
HUUR PORTEFEUILLE ................................................................................................................ 5
2.1.
2.2.
2.3.
2.4.
2.5.
3.
HUURVARIANTEN....................................................................................................................... 10
3.1
3.2
3.3
3.4
4
OVERZICHT VAN DE INVENTARISATIE ........................................................................................ 5
OVERZICHT DEFINITIEVE HUURLOCATIES ................................................................................. 6
W IJZIGINGEN T.O.V. DE OORSPRONKELIJK CATEGORIE ........................................................... 6
TECHNISCHE KWALITEIT............................................................................................................ 8
W AARDERING ( KAPITAALSLASTEN).......................................................................................... 8
ALGEMENE UITGANGSPUNTEN ................................................................................................ 10
HUURTERMIJNEN .................................................................................................................... 10
HUURTARIEF BEREKENING...................................................................................................... 10
HUURCONTRACT ..................................................................................................................... 11
CONCLUSIE EN AANBEVELING ............................................................................................. 12
4.1
4.2
4.3
4.4
VALIDATIE SPECIFIEK EN PRIMAIR ........................................................................................... 12
KWALITEITSBEHEERSING ........................................................................................................ 12
RISICO’S .................................................................................................................................. 12
BESLUITEN .............................................................................................................................. 12
3/13
Versie 0.3 Tjitse van Dijk
140416 Rapport huur Brandweer Kazernes
1.
Inleiding
De afgelopen periode is er hard gewerkt aan het tot stand komen van één brandweer
organisatie voor heel Fryslan. Deze is vanaf 1 januari 2014 binnen de gestelde
wettelijke en bestuurlijke kaders functioneel.
Het vastgoed wat in eigendom was bij de verschillende gemeenten is met
uitzondering van enkele kazernes per 1-1-2014 overgedragen aan de Veiligheidsregio
Fryslan. De overdracht van het vastgoed in eigendom naar de VRF heeft de hoogste
prioriteit gekregen mede als gevolg van de aankomende BTW herziening.
De uitwerking van de huurovereenkomsten tussen VRF en de diverse gemeenten
staat gepland voor het eerste kwartaal van 2014.
Het vastgoed wat in eigendom blijft van de gemeenten betreft de kazernes die in
gedeeld gebruik zijn. Voor deze kazernes worden nieuwe huurovereenkomsten
aangegaan tussen de gemeenten en de VRF. In dit rapport wordt hiervoor een
voorstel gedaan dat in het kort neer komt op:
- een uniforme doorbelasting systematiek
- aansluiten bij de werkmethoden van de beheersorganisatie van de VRF voor
eigendomspanden.
In de notitie treft u vervolgens aan:
Hoofdstuk 2 betreft de portefeuille en de mutaties die hebben plaats gevonden, de
omschrijving van de technische kwaliteit en de waardering.
In hoofdstuk 3 worden de algemene uitgangspunten omschreven, de huurtermijnen ,
de huurtarieven en het huurcontract.
Hoofdstuk 4 betreft de validatie, de conclusie en aanbeveling en de gevraagde
besluiten.
4/13
Versie 0.3 Tjitse van Dijk
140416 Rapport huur Brandweer Kazernes
2.
Huur Portefeuille
De eigendom kazernes van de gemeenten solitair en in gedeeld gebruik zijn in 2013
geschouwd. Recent gebouwde kazernes, jonger dan 3 jaar zijn buiten deze
schouwing gelaten aangezien de onderhoudsstaat van deze kazernes naar
verwachting goed zal zijn.
De kazernes waar nu een huurovereenkomst voor wordt uitgewerkt zijn de kazernes
in gedeeld gebruik. De vaststelling van deze categorieën kazernes was onderdeel van
de adviesrapportage “Project Vastgoed Brandweer” opgesteld door Twynstra Gudde.
2.1.
Overzicht van de inventarisatie
De Portefeuille die in aanmerking komt als huurlocatie zijn de kazernes in gedeeld
gebruik met de gemeenten. In de advies rapportage van Twynstra Gudde zijn dit de
categorie II en categorie IV kazernes.
De omschrijving van categorie II, gedeelde kazernes met een substantieel BTW
bedrag. Deze kazernes staan in tabel 1 weergegeven.
Tabel 1 - Categorie II
Gemeente
Harlingen
IBOW OostWeststellingwerf
Schiermonnikoog
Sud West Fryslan
Locatie
Harlingen
Oldeberkoop
Adres gegevens Kazerne
Westerzeedijk 11, 8862 PK Harlingen
Wolvegasterweg 10a, 8421 PB
Oldeberkoop
Schiermonnikoog Noorderstreek 40, 9166 NR
Schiermonnikoog
Bolsward
Hichtumerweg 17, 8701 PG Bolsward
De omschrijving van categorie IV, gedeelde kazernes zonder BTW. Deze kazernes
staan in tabel 2 weergegeven.
Tabel 2 - Categorie IV
Gemeente
Achtkarspelen
Ameland
Dantumadeel
De Friese Meren
Dongeradeel
Littenseradiel
Locatie
Surhuisterveen
Buitenpost
Nes
Damwoude
Bakhuizen
Ternaard
Dokkum
Dokkum
Mantgum
Adres gegevens Kazerne
Badlaan 2 a, 8931 BA Surhuisterveen
Vaart 4, 9285 TX Buitenpost
Ballumerweg 38, 9163 GB Nes
De Moarreweg 24, 9104 LA Damwoude
T de Boerstrjitte 23, 8574 SC Bakhuizen
G. Japiksstraat 10, 9145 RW Ternaard
Stationsweg 47, 9101 HX Dokkum
Rondweg Noord 28, 9101 AD Dokkum
Skillaerderdyk 1, 9022 AV Mantgum
5/13
Versie 0.3 Tjitse van Dijk
140416 Rapport huur Brandweer Kazernes
Sud West Fryslan
2.2.
Koudum
Heeg
T. van der Walstraat 32, 8723 CA Dokkum
De Draei 17, 8621 CZ Heeg
Overzicht definitieve huurlocaties
Het definitieve overzicht van de brandweerkazernes die in aanmerking komen als
huurlocatie tussen gemeenten en VRF staat in tabel 3 weergegeven.
De totale portefeuille zoals hij nu dient te worden vastgesteld als huurlocatie bestaat
uit 13 kazernes, verdeeld over 9 gemeenten, zie tabel 3.
Tabel 3 – definitieve locaties
Gemeente
Achtkarspelen
Ameland
Dantumadeel
De Friese Meren
Dongeradeel
Harlingen
Kollumerland
Littenseradiel
Sud West Fryslan
2.3.
Locatie
Surhuisterveen
Buitenpost
Nes
Damwoude
Bakhuizen
Ternaard
Dokkum
Harlingen
Kollum
Mantgum
Koudum
Makkum
Heeg
Adres gegevens Kazerne
Badlaan 2 a, 8931 BA Surhuisterveen
Vaart 4, 9285 TX Buitenpost
Ballumerweg 38, 9163 GB Nes
De Moarreweg 24, 9104 LA Damwoude
T de Boerstrjitte 23, 8574 SC Bakhuizen
G. Japiksstraat 10, 9145 RW Ternaard
Rondweg Noord 28, 9101 AD Dokkum
Westerzeedijk 11, 8862 PK Harlingen
Tochmalaan 3, 9291 BV Kollum
Skillaerderdyk 1, 9022 AV Mantgum
T. van der Walstraat 32, 8723 CA Dokkum
Waardwei 1, 8764 HB Makkum
De Draei 17, 8621 CZ Heeg
Wijzigingen t.o.v. de oorspronkelijk categorie
De mutaties ten opzichte van de oorspronkelijke inventarisatie staan hieronder per
categorie kort omschreven. Naast de wijzigingen in categorie II en IV zijn er nog
specifiek wijzigingen doorgevoerd, deze staan ook kort omschreven bij overige
categorieën.
Wijzigingen categorie II
Wolvegasterweg 10a, 8421 PB Oldeberkoop
De kazerne in Oldeberkoop was niet juist gecategoriseerd, dit betreft een categorie V
kazerne, een kazerne die extern wordt gehuurd en niet bij de gemeente.
Noorderstreek 40, 9166 NR Schiermonnikoog
De splitsing van Schiermonnikoog is in volle gang. Schiermonnikoog is over gegaan
naar categorie I, dit gezien het BTW bedrag van ca. € 80.000. Tot overname is
6/13
Versie 0.3 Tjitse van Dijk
140416 Rapport huur Brandweer Kazernes
besloten in november 2013. De afronding 1e kwartaal 2014, gezien het economische
eigendom zijn m.b.t. deze kazerne maatwerk afspraken met de belastingdienst
gemaakt. Partijen in deze zijn de gemeente Schiermonnikoog, Natuur Monumenten
en Staatsbosbeheer. Belangrijk onderhandelpunt is het bouwen van een
bezoekerscentrum op de locatie van de oude brandweerkazerne.
Hichtumerweg 17, 8701 PG Bolsward
Bolsward is over gegaan naar categorie I, dit gezien het BTW bedrag van ca. €
196.000. De splitsing van de brandweerkazerne Bolsward is afgerond. De kazerne
Bolsward is in eigendom overgegaan naar de Veiligheidsregio.
De eigendomsoverdracht heeft volgens planning per 31-12-2013 plaats gevonden.
Wijzigingen categorie IV
Stationsweg 47, 9101 HX Dokkum
De kazerne Dokkum SW wordt niet meer als kazerne gebruikt. Deze locatie is door de
gemeente verkocht aan een projectontwikkelaar. De kazerne wordt geïntegreerd in de
brandweer kazerne aan de rondweg in Dokkum. Deze kazerne maakt nu geen deel
meer uit van de huurlocaties.
T de Boerstrjitte 23, 8574 SC Bakhuizen
De kazerne Bakhuizen is van categorie IV gewijzigd in categorie I. De
eigendomsoverdracht heeft volgens planning per 31-12-2013 plaats gevonden. Voor
het deel dat bij gemeentewerken in gebruik is, wordt een huurovereenkomst
opgesteld. De reden van categorie wijzing is de verdeling van de m2 tussen
gemeente en brandweer.
Aanvullend dient nog wel te worden opgemerkt dat de brandweer kazerne Bakhuizen
een afwijkende status heeft. Bij deze kazerne is het oppervlak wat in gebruik is bij de
brandweer groter dan het oppervlak dat in gebruik is bij gemeente werken. In overleg
met de gemeente is hier besloten om de situatie aan de omstandigheden aan te
passen. De Veiligheidsregio Fryslan is hier de eigenaar van de locatie waarbij de
gemeente het deel door haar in gebruik van de Veiligheidsregio Fryslan huurt.
Wijzigingen overige categorien
Tochmalaan 3, 9291 BV Kollum
De Kazerne in Kollum was oorspronkelijk een categorie III kazerne. Het college van
Kollumerland heeft besloten deze kazerne niet in eigendom over te dragen. Deze
kazerne is nu toegevoegd aan categorie IV.
7/13
Versie 0.3 Tjitse van Dijk
140416 Rapport huur Brandweer Kazernes
De kazerne Kollum is een solitaire kazerne welke zich wel op het terrein van de
gemeente bevindt. Door de gemeente Kollumerland is besloten deze kazerne niet in
eigendom aan de Veiligheidsregio Fryslan over te dragen. De kazerne in Kollum is
zodoende benoemd als huur kazerne.
Waardwei 1, 8764 HB Makkum
De kazerne in Makkum was niet juist gecategoriseerd, dit betreft geen solitaire maar
een gedeeld gebruik locatie. Makkum is opgenomen in categorie 4
2.4.
Technische kwaliteit
Van de objecten zijn gedetailleerde technische onderzoeken uitgevoerd naar de staat
van onderhoud en de hieruit voortvloeiende kosten. Om een vergelijkbaar
kwaliteitsniveau van de portefeuille te bepalen is uitgegaan van de NEN 2767. Niveau
3, redelijke kwaliteit is vastgesteld als minimaal niveau waaraan alle objecten in de
portefeuille dienen te voldoen.
Van alle geschouwde locaties zijn onderhoudsrapportages opgesteld. De opgestelde
onderhoudsrapportages voor de huurlocaties zijn in de overdrachtsmap welke aan de
gemeenten zijn verstrekt opgenomen onder bijlage 2.5.
De technische kwaliteit van de locatie Dokkum SW Stationsweg 47 is niet opgenomen
om reden dat deze locatie op korte termijn zal worden verlaten en niet meer als
Brandweer locatie zal worden gebruikt.
De technische schouwing van recent gebouwde locaties, locaties jonger dan 3 jaar is
op de huurlocaties niet van toepassing.
2.5.
Waardering ( kapitaalslasten)
Alle gemeenten zijn vanuit het HUV project (Heroverweging Uitgangspunten
Vastgoed) verzocht om de activagegevens aan te leveren van de betreffende
objecten. Met deze gegevens is een boekwaarde berekend volgens de
uitgangspunten uit de financiële verordening van de Veiligheidsregio Fryslan.
De kapitaalslasten zijn van uit het HUV project voor zowel de eigendom als de
huurlocaties in overleg met de gemeenten vastgesteld en aan de gemeenten
bevestigd.
8/13
Versie 0.3 Tjitse van Dijk
140416 Rapport huur Brandweer Kazernes
De in tabel 4 gehanteerde kapitaalslasten zijn de lasten die zijn overgenomen vanuit
het bovengenoemde traject.
Tabel 4 – Kapitaallasten huur locaties
Gemeente
Locatie
Achtkarspelen
Ameland
Surhuisterveen
Buitenpost
Nes
Cat. Validatie
T/G
IV
IV
IV
€ 353.616
Dantumadeel
Damwoude
IV
€ 196.229
De Friese Meren
Bakhuizen
III
€ 127.806
Dongeradeel
Ternaard
IV
€ 13.639
Dokkum RW
IV
€ 193.641
Harlingen
Harlingen
€ 146.074
Kollumerland
Littenseradiel
Kollum
Mantgum
III
IV
€ 29.984
€ 24.225
Sud West Fryslan
Koudum
IV
€ 436.448
Makkum
Heeg
III
IV
€0
€ 3.603
Bijzonderheden
Dient nog gevalideerd te worden
Dient nog gevalideerd te worden
Brandweer en ambulancestalling
bouw en installaties
Alleen afzuiging specifiek
aangegeven.
Wisseling afspraak i.v.m. m2
gebruik
Detail brandweer specifiek.
Opstal met primair t.b.v.
huurtarief ontbreekt.
Splitsing tussen primair en
brandweer specifiek. Inclusief de
verbouw om de locatie geschikt
te maken voor de werkplekken
brandweer. Opstal met primair
ontbreekt.
Splitsen tussen primair en
brandweer specifiek.
Categorie wisseling
Specifiek detail, opstal met
primair t.b.v. ontbreekt
Politie, Ambulance en brandweer
loopt door elkaar heen
Geen info aanwezig
Geen detail, alleen toegangspoort
Van de gemeente Achtkarspelen zijn de Kazernes Surhuisterveen en Buitenpost nog
niet gevalideerd. Deze gegevens zijn wel opgevraagd maar zijn niet door de
gemeenten aangeleverd. Validatie van deze locatie dient dan ook nog te worden
uitgevoerd.
9/13
Versie 0.3 Tjitse van Dijk
140416 Rapport huur Brandweer Kazernes
3.
Huurvarianten
3.1 Algemene uitgangspunten
Onafhankelijk van de keuze in huurvariant zijn er een aantal uitgangspunten vast te
stellen die voor iedere kazerne gelijk dienen te zijn. Deze uitgangspunten zijn
hieronder weergegeven met daarbij een korte onderbouwing/uitleg
-
de specifieke brandweer installaties worden door de Veiligheidsregio in
eigendom overgenomen
het huurcontract is op basis van het model voor de Raad voor Onroerende
Zaken (ROZ) op 30 juli 2003 vastgesteld.
het huurcontract heeft betrekking op de opstal met zijn primaire installaties.
Uitgangspunt met betrekking tot onderhoud, is onderhoudsniveau 3 (NEN
2767) voor alle kazernes gelijk als het onderhoudsniveau bij de kazernes die in
eigendom zijn van de VRF
3.2 Huurtermijnen
De huurtermijnen dienen per Kazerne te worden vastgesteld. In basis wordt voor
iedere kazerne een huurtermijn van 5 jaar vastgesteld. Een huurtermijn van minimaal
3 jaar wordt vastgesteld voor kazernes waar op korte termijn nieuwbouw plannen zijn
of waar van waarschijnlijk is dat deze in het dekkingsplan overbodig worden.
In uitzonderlijke gevallen, mochten deze van toepassing zijn, kan ook worden
besloten om i.p.v. een huurovereenkomst een gebruikersovereenkomst voor kortere
tijd op te stellen.
Beëindigen van deze overeenkomst vindt plaats door opzegging tegen het einde van
een huurperiode met inachtneming van een termijn van ten minste één jaar.
Opzegging dient schriftelijk te geschieden.
De verrekening van de huurbijdrage is per kwartaal vooraf. De verrekening van de
energie eveneens per kwartaal vooraf indien de locatie geen zelfstandige energie
bemetering heeft. Aan het einde van het jaar wordt de energie op basis van
daadwerkelijk gebruik afgerekend.
3.3 Huurtarief berekening
Het huurtarief dient op basis van de kapitaallasten te worden vastgesteld. De
kapitaallasten voor de brandweer kazerne zijn de waarde van de opstal en de waarde
10/13
Versie 0.3 Tjitse van Dijk
140416 Rapport huur Brandweer Kazernes
van de primaire installaties. De waarde bepaling geschiedt zoals eerder genoemd
volgens de vastgestelde financiële verordening van de Veiligheidsregio.
Het huurtarief is een all-in tarief en bevat de onderstaande componenten:
- basis huurkosten op basis van kapitaallasten
- onderhoudskosten
- servicekosten welke in de gemeentelijk servicecontracten zijn opgenomen
- energie kosten
De kapitaallasten worden bepaald op basis van het bedrag van de initiële investering,
het jaar van aanschaf of renovatie. De van toepassing zijnde economische levensduur
volgens de financiële verordening van de VRF:
- 40 jaar voor gebouwen en 20 jaar voor installaties
- Stichtingskosten 75% gebouw, 25% installaties
- Rente 3,5 % lineair
De van toepassing zijnde rentelasten worden gebaseerd op de over te nemen
boekwaarde, tegen een percentage van 3,5 % lineair. Deze componenten worden
gelijk verdeeld over de resterende economische levensduur en zijn de basis voor de
maandelijkse huurkosten.
De onderhoudskosten voor de Kazernes zijn in kaart gebracht volgens de NEN 2767
normering. De door de Veiligheidsregio Fryslan vastgestelde onderhoudprioriteit wordt
ook voor de huurlocaties gehanteerd. De uitgewerkte onderhoudsrapportages van de
gedeeld gebruik locaties met daarbij de meerjaren onderhoudsplannen zijn aan de
gemeenten verstrekt. Deze zijn digitaal verstrekt aan de gebouwbeheerders, en fysiek
in het overdrachtsdossier (bijlage 2.5).
De servicekosten hebben betrekking op door de gemeente afgesloten
onderhoudscontracten op diverse gebieden zoals bijvoorbeeld glasbewassing etc. Het
heeft voorkeur de gemeentelijke contacten te behouden en deze in het huurtarief te
verrekenen.
De kosten van energie, gas, water en elektra gaan indien de locatie een zelfstandige
energie aansluiting heeft, over naar de Veiligheidregio Fryslan. Indien de locatie geen
eigen bemetering heeft, wordt het energieverbruik op basis van een praktische reële
verdeling in het huurcontract opgenomen.
3.4 Huurcontract
Het huurcontract wordt op basis van het ROZ model per kazerne en per gemeente
afgesloten.
11/13
Versie 0.3 Tjitse van Dijk
140416 Rapport huur Brandweer Kazernes
4 Conclusie en aanbeveling
4.1 Validatie specifiek en primair
De validatie van de kazernes is door Twynstra Gudde in vervolg op het HUV traject
uitgewerkt. Deze validatie op basis van de financiële verordening van de VRF. Deze
validatie was toereikend voor de eigendomsoverdracht aangezien deze niet nader
hoefde te worden op gesplitst.
De investeringen die door de gemeenten zijn gedaan om de locaties geschikt te
maken als brandweerkazerne zouden door de VRF van de gemeenten worden
overgenomen. Dit soort investeringen betreft voor installaties met name adem en
perslucht en rookgasafvoer installaties. De bouwkundige aanpassingen ten behoeve
van de brandweer zijn met name de kleedruimte, douchevoorzieningen, kantine en de
instructieruimten.
Nader analyse geeft aan dat voor de te huren kazernes de validatie van de specifieke
brandweer installaties en bouwkundige aanpassingen onvoldoende is uitgewerkt. Om
wel een juiste verrekening met de gemeenten te kunnen doen dient de waarde
bepaling van specifiek brandweer op detail te worden uitgewerkt. Na deze uitwerking
kan een reële verrekening met de gemeenten plaats vinden.
4.2 Kwaliteitsbeheersing
De vastgestelde kwaliteitsnorm met betrekking tot het onderhoud dient op basis van
normering steekproefsgewijs te worden gecontroleerd. Dit dient nog te worden
uitgewerkt en wordt onderdeel van het beheersplan VRF.
4.3 Risico’s
Algemeen is het risico van het huren van locaties niet aan te bevelen. Een brandweer
kazerne heeft dusdanig specifieke programma’s van eisen dat bij een huur locatie hier
door de verhuurder specifiek in dient te worden geïnvesteerd. Deze investering met
een daarbij behorende winstopslag zal resulteren in langere huurtermijnen die het
managen van een dekkingsplan zal beperken.
4.4 Besluiten
In de onderstaande tabel zijn de besluiten om tot de opzet van de huurovereenkomst
en de daarbij behorende vergoedingen kort samengevat.
12/13
Versie 0.3 Tjitse van Dijk
140416 Rapport huur Brandweer Kazernes
Onderstaande besluitenlijst geeft duidelijkheid aan de partijen over de voortgang en
de vervolgstappen.
Tabel 5 - besluitenlijst
Omschrijving
2.2 Overzicht definitieve
locaties
2.4 technische kwaliteit
2.5 Waardering
3.2 Huurtermijnen
3.3 Huurtarief
berekening
4.1 Validatie primair en
specifiek
Gevraagd besluit
Vaststellen van Tabel 3, het definitieve locatie overzicht
huurcontracten
Vaststelen dat de technische kwaliteit dient te voldoen aan
de VRF normering zoals deze is opgesteld in de
onderhoudsrapportages
Waardering ontoereikend dient nader te worden uitgewerkt
zie ook punt 4.1
Vaststellen van de huurtermijnen
Vaststellen van het huurtarief zoals omschreven
Detail validatie van de specifieke installaties en
bouwkundige aanpassingen.
13/13
HUUROVEREENKOMST KANTOORRUIMTE
en andere bedrijfsruimte in de zin van artikel 7:230a BW
Model door de Raad voor Onroerende Zaken (ROZ) op 30 juli 2003 vastgesteld.
Verwijzing naar dit model en het gebruik daarvan zijn uitsluitend toegestaan, indien de ingevulde, de toegevoegde of de afwijkende tekst duidelijk als
zodanig herkenbaar is. Toevoegingen en afwijkingen dienen bij voorkeur te worden opgenomen onder het hoofd 'bijzondere bepalingen'.
Iedere aansprakelijkheid voor nadelige gevolgen van het gebruik van de tekst van het model wordt door de ROZ uitgesloten.
ONDERGETEKENDEN
●
gevestigd/wonende te
●
hierna te noemen 'verhuurder',
●
●
ingeschreven in het handelsregister onder nummer
vertegenwoordigd door
EN
●
gevestigd/wonende te
●
hierna te noemen 'huurder',
●
●
●
ingeschreven in het handelsregister onder nummer
omzetbelastingnummer
vertegenwoordigd door
ZIJN OVEREENGEKOMEN
Het gehuurde, bestemming
1.1 Verhuurder verhuurt aan huurder en huurder huurt van verhuurder de bedrijfsruimte, hierna 'het gehuurde' genoemd,
gelegen
●
●
kadastraal bekend
welke bedrijfsruimte nader is aangegeven op de als bijlagen bij deze overeenkomst gevoegde en daarvan
deeluitmakende door partijen geparafeerde tekening en een door partijen geparafeerd proces-verbaal van oplevering,
waarin wordt aangegeven welke installaties en andere voorzieningen wel, en welke installaties en andere voorzieningen
niet, tot het gehuurde behoren en waarin tevens een beschrijving van de staat van het gehuurde wordt gegeven,
eventueel aangevuld met door partijen geparafeerde foto’s.
1.2 Het gehuurde zal door of vanwege huurder uitsluitend worden bestemd om te worden gebruikt als
●
1.3 Het is huurder niet toegestaan zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van verhuurder een andere bestemming aan het gehuurde te geven dan omschreven in 1.2.
1.4 De hoogst toelaatbare belasting van de vloeren van het gehuurde bedraagt
●
1
●● paraaf huurder
paraaf verhuurder
Voorwaarden
2.1 Van deze overeenkomst maken deel uit de ‘ALGEMENE BEPALINGEN HUUROVEREENKOMST
KANTOORRUIMTE' en andere bedrijfsruimte in de zin van artikel 7:230A BW’, gedeponeerd bij de griffie van de
rechtbank te Den Haag op 11 juli 2003 en aldaar ingeschreven onder nummer 72/2003, hierna te noemen 'algemene
bepalingen'. De inhoud van deze algemene bepalingen is partijen bekend. Huurder en verhuurder hebben een exemplaar van de algemene bepalingen ontvangen.
2.2 De algemene bepalingen waarnaar in 2.1 wordt verwezen, zijn van toepassing behoudens voor zover daarvan in
deze overeenkomst uitdrukkelijk is afgeweken of toepassing daarvan ten aanzien van het gehuurde niet mogelijk is.
●●
●
●●
●
●
●
●
●●
●●
●
●
●
Duur, verlenging en opzegging
3.1 Deze overeenkomst is aangegaan voor de duur van
jaar, ingaande op
en lopende
tot en met
.
3.2 Na het verstrijken van de in 3.1 genoemde periode wordt deze overeenkomst voortgezet voor een aansluitende
periode van
jaar, derhalve tot en met
.
Deze overeenkomst wordt vervolgens voortgezet voor aansluitende perioden van telkens
jaar.
3.3 Beëindiging van deze overeenkomst vindt plaats door opzegging tegen het einde van een huurperiode met
inachtneming van een termijn van tenminste één jaar.
3.4 Opzegging dient te geschieden bij deurwaardersexploot of per aangetekend schrijven.
Huurprijs, omzetbelasting, huurprijsaanpassing, betalingsverplichting, betaalperiode
4.1 De aanvangshuurprijs van het gehuurde bedraagt op jaarbasis €
zegge:
1)
4.2 Partijen komen overeen dat verhuurder wel/geen omzetbelasting over de huurprijs in rekening brengt.
Indien géén met omzetbelasting belaste verhuur wordt overeengekomen is huurder naast de huurprijs een
afzonderlijke vergoeding aan verhuurder verschuldigd, ter compensatie van het nadeel dat verhuurder c.q. diens
rechtsopvolger(s) lijdt dan wel zal lijden, omdat de omzetbelasting op de investeringen en exploitatiekosten van
verhuurder niet (meer) aftrekbaar zijn. Het gestelde in 19.1 t/m 19.9 algemene bepalingen is dan niet van toepassing.
4.3 Indien partijen een met omzetbelasting belaste verhuur zijn overeengekomen maken huurder en verhuurder
gebruik van de mogelijkheid om op grond van Mededeling 45, besluit van 24 maart 1999, nr. VB 99/571, af te zien van
het indienen van een gezamenlijk optieverzoek voor een met omzetbelasting belaste verhuur. Huurder verklaart door
ondertekening van de huurovereenkomst mede ten behoeve van de rechtsopvolger(s) van verhuurder, dat hij het
gehuurde blijvend gebruikt of blijvend laat gebruiken voor doeleinden waarvoor een volledig of nagenoeg volledig
recht op aftrek van omzetbelasting op de voet van artikel 15 van de Wet op de omzetbelasting 1968 bestaat.
4.4 Het boekjaar van huurder loopt van
tot en met
4.5 De huurprijs wordt jaarlijks per
voor het eerst met ingang van
aangepast overeenkomstig 9.1.
t/m 9.4 algemene bepalingen.
4.6 De vergoeding die huurder verschuldigd is voor door of vanwege verhuurder te verzorgen bijkomende leveringen en
diensten wordt bepaald overeenkomstig 16 algemene bepalingen. Op deze vergoeding wordt een systeem van
voorschotbetalingen met latere verrekening toegepast, zoals daar is aangegeven.
4.7.1 De betalingsverplichting van huurder bestaat uit:
de huurprijs;
de afzonderlijke vergoeding indien geen met omzetbelasting belaste verhuur is overeengekomen
de over de huurprijs verschuldigde omzetbelasting indien partijen een met omzetbelasting belaste
verhuur zijn overeengekomen;
het voorschot op de vergoeding voor de door of vanwege verhuurder te verzorgen bijkomende
leveringen en diensten met de daarover verschuldigde omzetbelasting;
4.7.2 Huurder is geen omzetbelasting meer over de huurprijs verschuldigd indien het gehuurde niet langer met
omzetbelasting mag worden verhuurd, terwijl partijen dat wel waren overeengekomen. Als dat het geval is, komen de
in 19.3.a algemene bepalingen bedoelde vergoedingen voor de omzetbelasting in de plaats en
wordt de in 19.3.a sub I bedoelde vergoeding bij voorbaat vastgesteld op ..% van de actuele huurprijs.
1)
Doorhalen wat niet van toepassing is.
2
●● paraaf huurder
paraaf verhuurder
●
●
●
●
●●
●●
●
4.8. Per betaalperiode van
kalendermaand(en) bedraagt bij aanvang van de huurovereenkomst:
de huurprijs
€
de over de huurprijs verschuldigde omzetbelasting of
€
de afzonderlijke vergoeding als genoemd in 4.2 indien geen met
omzetbelaste verhuur wordt overeengekomen of
€
de in 4.7.2. genoemde vergoeding(en) indien niet meer met omzetbelasting
mag worden verhuurd, terwijl partijen dat wel waren overeengekomen
€
het voorschot op de vergoeding voor door of vanwege verhuurder verzorgde bijkomende
leveringen en diensten met de daarover verschuldigde omzetbelasting
€
€
€
________________
●
●●
●
totaal
€
zegge:
4.9 Met het oog op de datum van ingang van de huur, heeft de eerste betaling van huurder betrekking op de periode
●● van
tot en met
en is het over deze eerste periode verschuldigde bedrag
●
€
. Dit bedrag is inclusief omzetbelasting, ook wat de omzetbelasting over de huurprijs betreft, doch alleen als
huurder omzetbelasting over de huurprijs verschuldigd is.
●
Huurder zal dit bedrag voldoen vóór of op
.
4.10 De uit hoofde van deze huurovereenkomst door huurder aan verhuurder te verrichten periodieke betalingen als
●
weergegeven in 4.8 zijn in één bedrag bij vooruitbetaling verschuldigd in euro’s en moeten vóór of op de eerste dag van
●
de periode waarop de betalingen betrekking hebben volledig zijn voldaan.
4.11 Tenzij anders vermeld, luiden alle bedragen in deze huurovereenkomst en de daarvan deel uitmakende algemene
bepalingen exclusief omzetbelasting.
●
●●
●
●
●
●
Leveringen en diensten
5. Als door of vanwege verhuurder te verzorgen bijkomende leveringen en diensten komen partijen overeen
-
Bankgarantie
6. Het in 12.1 algemene bepalingen bedoelde bedrag van de bankgarantie wordt bij deze tussen partijen
vastgesteld op
zegge:
.
Beheerder
7.1 Totdat verhuurder anders meedeelt, treedt als beheerder op
●
7.2 Tenzij schriftelijk anders overeengekomen, dient huurder zich voor wat betreft de inhoud en alle verdere
aangelegenheden betreffende deze huurovereenkomst met de beheerder te verstaan.
●
●
3
● ●● paraaf huurder
paraaf verhuurder
Bijzondere bepalingen
8.
●
●
Aldus opgemaakt en ondertekend in
●● plaats
voud
datum
plaats
.......................................
datum
...............................................
●● (handtekening verhuurder)
(handtekening huurder)
2)
Bijlagen:
●
●
●
-
algemene bepalingen
tekening van de gehuurde bedrijfsruimte
proces-verbaal van oplevering
bankgarantie
Afzonderlijke handtekening(en) van huurder(s) voor de ontvangst van een eigen exemplaar van de ‘ALGEMENE BEPALINGEN
HUUROVEREENKOMST KANTOORRUIMTE en andere bedrijfsruimte in de zin van artikel 7:230a BW’ als genoemd in 2.1.
●
Handtekening huurder(s):
2)
Doorhalen wat niet van toepassing is en eventueel aanvullen
4
Document : 140507 objectsheet damwald
Concept
Objectsheet Brandweerkazerne
Project:
NAW
Adres
Postcode
Plaats
Gemeente
Contact gegevens
De Moarrewei 24
9104 LA
Damwald
Dantumadiel
Ruimtelijk& gebruik
Analyse ruimtelijk
Totaal oppervlakte
Bruto vloer oppervlakte
Bebouwd vloeroppervlakte
Terrein oppervlakte
Functioneel
Damwald
Rapport huur Brandweer Kazerne
Werkelijk
2240
235
543
n.v.t.
m2
m2 BVO
m2 BBO
m2 terrein
aanduiding
grote
omschrijving
AKKERWOUDE I 6321
1 ha 63 a 40 ca
Berging – stalling - erf- tuin
stalling
kantine
instruct
werkpl
Wpl.adem
kantoor
slaapvrz
Sportvz
ja
nee
nee
ja
nee
ja
nee
nee
Stichtingsjaar
Stichtingskosten
Renovatie jaar
Boekwaarde renovatie
Resterende termijn
1998
€ 297.300
2001
€ 189.654
2014 - 2038
Huur
Exploitatie lasten
Onderhoudskosten
Service kosten
Totaal
€ 9.451
€ 4.477
€ 3.248
€
272
€ 17.448
Boekwaarde 1-1-14
Gebouw
Installatie
€ 189.654
€ 142.240
€ 40.839
Brandweer Installatie
€
6.575
Gegevens specifiek
Omschrijving
Aanschaf
waarde
Gebouw
Installatie
€ 218.475
€ 78.825
Gem
VRF
40
20
Jaar
Boekw VRF
2001
2001
Afschr.
per jaar
€ 157.487
€32.167
€ 5.431
€ 4.021
€ 189.654
€ 9.451
Afschrijvingslast
Rente
Totaal
Deel BV
Kosten
€ 9.451
€ 6.638
€ 16.089
100 % locatie
€ 9.451
Omschrijving brandweer
specifiek
Aanschaf
waarde
Gem
VRF
Jaar
Boekw VRF
Rookgasafzuig install.
€ 6.575
€ 6.575
Exploitatielasten
Gem.belastingen
verzekeringen
NUTS
Totaal
€ 741,61
€ 229,54
€ 3.506
€ 4.477.25
Onderhoudskosten
m2
tarief
Totaal
235
€ 13,82
€ 3.247,70
Terreinen
Facilitair
Totaal
€ 68
€ 204
€
Servicekosten
272
Eigendom VRF en te onderhouden door VRF
Omschrijving
Rookgasafzuig install.
Bouwjaar
Fabricaat / Type / Serienummer
Overig
OPLEGNOTITIE
Voorstel ter behandeling in
de vergadering van het Algemeen Bestuur
Datum
26 juni 2014
Onderwerp
Herbenoemen externe leden auditcommissie
Bijlage ten behoeve van
agendapunt 13
Portefeuillehouder
W. Kleinhuis
Opsteller
R. Giesolf
Telefoon
088-2299960
E-mail
[email protected]
Bijlage(n)
Geen
Beslispunten
De heer Wobma en de heer Piek herbenoemen als externe leden van de auditcommissie Veiligheidsregio
Fryslân.
Inleiding
Recentelijk is de bestuursstructuur van de Veiligheidsregio gewijzigd, waarbij voor de inhoudelijke
kolommen afzonderlijke bestuurscommissies zijn ingericht. Om aansluiting te behouden bij de bestuurlijke
structuur van de Veiligheidsregio is de samenstelling van de auditcommissie hierop aangepast. Het
Algemeen Bestuur heeft op 6 maart de aangepaste Verordening op de Auditcommissie VRF, waarin de
gewijzigde samenstelling is opgenomen, vastgesteld.
Gelet op de aangepaste verordening dient het Algemeen Bestuur de twee externe leden te benoemen die
zitting nemen in de auditcommissie. De externe leden van de auditcommissie zijn momenteel de heer
Wobma en de heer Piek. De zittingstermijn van beide leden loopt in 2014 af. In de aangepaste
verordening is de mogelijkheid opgenomen om zittende leden voor een tweede termijn te benoemen.
Voor de continuïteit binnen de commissie is het wenselijk om de zittende externe leden te herbenoemen.
Hierbij wordt voorgesteld om de heer Wobma voor een periode van twee jaren en de heer Piek voor een
periode van vier jaren te benoemen. Hiermee wordt geborgd dat de twee externe leden (in de toekomst)
niet gelijktijdig aftreden.
Beleidsmatige context
Verordening op de Auditcommissie Veiligheidsregio Fryslân.
Pagina 1 van 2
Beoogd effect/resultaat
Met ingang van juni 2014 is de samenstelling van de commissie conform de samenstelling volgens de
Verordening op de Auditcommissie.
Na besluitvorming:
Akkoord met voorstel
Paraaf
secretaris:
Akkoord met voorstel met aantekening:
[Vul hier de aantekening(en) in]
Niet akkoord met voorstel met aantekening:
[Vul hier de aantekening(en) in]
Origineel in archief
Kopie naar ambtelijk aanspreekpunt
Pagina 2 van 2
MEMO
Aan:
Burgemeesters Friese gemeenten
Van:
Baukje Besling/beleidsmedewerker
centrumgemeente Leeuwarden
Datum:
11 juni 2014
Onderwerp:
Regiovisie huiselijk geweld en kindermishandeling
Registratienummer:
Kopie:
Inleiding
Op basis van de gewijzigde Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) zijn
alle gemeenten verantwoordelijk voor de ketenaanpak huiselijk geweld en
1
kindermishandeling. De gemeenten hebben de opdracht gekregen om vanaf
2015 in regionaal verband met elkaar afspraken te maken over de besteding van
de regionale middelen die het rijk ter beschikking stelt aan de
2
centrumgemeenten . Naast de opdracht voor het opstellen van een regiovisie
hebben gemeenten ook de opdracht gekregen om een bovenlokaal Advies en
Meldpunt Huiselijk Geweld en Kindermishandeling (AMHK) in te stellen. Met als
doel één meldpunt voor alle vormen van huiselijk geweld en
kindermishandeling en meer samenhang in de aanpak ervan.
Niet alleen de centrumgemeenten, maar alle gemeenten zijn verantwoordelijk
voor een ketenaanpak op het gebied van huiselijk geweld en
kindermishandeling. Net als in heel Nederland moet ook in Fryslân een betere
sturing en samenhang in het beleid tot stand komen. Op basis van welke
uitgangspunten en afspraken de gemeenten dit willen doen wordt in deze
regiovisie beschreven. Met deze visie gaat Fryslân de beleidsrichting aangeven
voor de geïntegreerde aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling de
komende jaren. Het doel is het voorkomen van geweld en het realiseren van
een duurzame veilige situatie voor het gehele gezinssysteem: kinderen en
volwassenen. Geweld moet zo vroeg mogelijk worden gesignaleerd en gestopt.
De centrumgemeente Leeuwarden, heeft vanuit haar rol als ontvanger van de
decentrale middelen Vrouwenopvang, het initiatief genomen voor het opstellen
van deze regiovisie.
Noodzakelijke samenwerking, uitgangspunten en taken
De aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling dient zowel vanuit de
verbinding met het sociaal domein (jeugd, zorg en welzijn) als vanuit de
verbinding met veiligheid te worden opgepakt. Samenwerking tussen de
verschillende domeinen is essentieel. Actieve inzet van alle gemeenten is hierbij
noodzakelijk. Elke gemeente dient de aanpak zo te organiseren dat problemen
1
Kamerbrief Staatssecretaris van VWS van 14 december 2011
2
Decentralisatie uitkering vrouwenopvang
Blad 2
zoveel mogelijk worden voorkomen of worden aangepakt voordat er sprake is
van huiselijk geweld en kindermishandeling. In deze regiovisie voor huiselijk
geweld en kindermishandeling onderscheiden we vijf categorieën taken:
• Preventie
• (Vroeg)Signalering en melding
• Planvorming en regievoering
• Opvang, herstel en hulpverlening
• Nazorg
Elke gemeente is verantwoordelijk voor het uitvoeren van de taken op het terrein
van preventie, (vroeg) signalering, melding, herstel, hulpverlening en nazorg.
Het belang van het uitvoeren van deze gemeentelijke taken is groot omdat
daardoor gewerkt kan worden aan het voorkomen en het duurzaam beëindigen.
De lokale gebiedsteams, CJG’s (Centra Jeugd en Gezin), sociale
(wijk)teams/jeugdgezinsteams zullen hierin een belangrijke rol gaan spelen.
De aanvullende bovenlokale aanpak (uitvoering door de centrumgemeente in
casu Leeuwarden) bestaat uit het bieden van opvangplaatsen en het zorgen dat
daar goede begeleiding wordt geboden. Daarmee is deze inzet gericht op het
herstellen van de veiligheid voor de slachtoffers als ze niet in hun eigen
omgeving kunnen worden opgevangen. Dit betekent dat de taakverdeling in de
geïntegreerde keten huiselijk geweld en kindermishandeling tussen de lokale
taken en de bovenlokale taken goed op elkaar moet worden afgestemd.
Daarnaast is de samenhang met de justitiële keten van belang. Door een
doelmatige mix van bestuurlijke en justitiële maatregelen voor daders en hulp
voor de slachtoffers te organiseren, wordt het mogelijk om een samenhangend
aanpak te realiseren.
In de regiovisie wordt beschreven hoe de samenhang van uitgangspunten,
gemeentelijke taken, taken centrumgemeente en de gestelde doelen wordt
vormgegeven.
De voorgestelde uitgangspunten zijn:
1. Veiligheid voorop en die van kinderen in het bijzonder
2. Snelle en passende hulp
3. Systeemgericht (integrale aanpak via 1 gezin, 1 plan, 1 aanspreekpunt)
4. Focus op eigen kracht en sociaal netwerk
5. Lokaal wat kan en boven lokaal wat moet
6. Outreachend
7. Samenwerking tussen domeinen (lokaal/provinciaal en zorg/justitie) vraagt
om heldere afspraken
8. Niet weten hoe te handelen is geen reden om niet tot actie over te gaan
Proces
Om er voor te zorgen dat er een regiovisie geformuleerd wordt waarvoor
enthousiasme en draagvlak is bij alle Friese gemeenten wordt gewerkt met een
ambtelijke begeleidingsgroep. In deze groep zijn alle regio’s afgevaardigd en zijn
de domeinen jeugd, Wmo en veiligheid vertegenwoordigd. De leden van deze
begeleidingsgroep hebben de taak om hun regio ambtelijk en bestuurlijk te
informeren over de regiovisie. Verder worden de ambtelijke provinciale
overleggen zorg en welzijn en veiligheid benut om input te krijgen voor de
regiovisie. Cliënten en uitvoerende organisaties worden betrokken via
werkconferenties en presentaties.
Ook voor de inrichting van het AMHK in Fryslân is een provinciale ambtelijke
werkgroep ingesteld met afgevaardigden uit verschillende domeinen. In
afstemming met deze werkgroep, Bureau Jeugdzorg en Fier Fryslân wordt nu
Blad 3
een gedragen programma van eisen opgesteld. Ook de adviesraden van BJZ en
Fier Fryslân worden daar bij betrokken. BJZ en Fier Fryslân verwerken deze
eisen hierna in een inrichtingsplan.
De betrokken portefeuillehouders zijn geïnformeerd over de regiovisie op 5
juni ’14 via het VFG pho Sociaal Domein. De aanwezige portefeuillehouders
hebben ingestemd met de uitgangspunten en de voorgestelde taakverdeling
tussen de gemeenten en de centrumgemeente Leeuwarden. Tevens heeft men
de hieronder voorgestelde route voor besluitvorming onderschreven. De
burgermeesters worden op de hoogte gesteld van de inhoudelijke lijn tijdens
het AB van de veiligheidsregio op 26 juni ’14.
Voorgestelde route besluitvorming
• 2 Oktober 2014 aan het VFG portefeuillehouders overleg Sociaal
Domein advies vragen of de regiovisie ter vaststelling aan colleges B&W
en gemeenteraden kan worden voorgelegd
• Daarna stelt elke gemeenteraad voor 1 januari 2015 de regiovisie vast
• Uitwerken regiovisie in gemeentelijke uitvoeringsplannen en een boven
lokaal uitvoeringsplan dat door centrumgemeente Leeuwarden wordt
geformuleerd. Deze uitvoeringsplannen worden vast gesteld door de
betreffende colleges.
Vragen:
1. Kunt u de voorgestelde inhoudelijke lijn, inclusief de voorgestelde
taakverdeling tussen de Friese gemeenten en Leeuwarden
centrumgemeente, onderschrijven?
2. Kunt u het voorgestelde besluitvormingsproces onderschrijven?