Blanco Sportvisserij

Persbericht
Bilthoven, 4 april 2014
BEWEGING IN DE WATERWERELD
AMSTERDAM –
Ons water is schoon, wellicht op sommige plaatsen veel te schoon. Tijdens een
drukbezocht symposium ‘Hoe schoon willen wij ons water?’ was dit één van de
meningen uit het maatschappelijk veld. Vrijdag werd dit symposium gehouden in
het Muziekgebouw aan het IJ. Om het water in Nederland voor vele
gebruiksdoeleinden in de toekomst gezond te krijgen zullen de stakeholders
gezamenlijk een wensenpakket formuleren.
Jarenlang is er gewerkt aan schoon water. De fosfaten en nitraten moesten er uit. Hoewel
niet overal in Nederland de gehaltes al een aanvaardbaar niveau hebben, is dat op veel
plaatsen wel zo. Het gevolg is kraakhelder water, zonder blauwalgen, maar wel met nieuwe
problemen. Waterplanten bezetten bijvoorbeeld het schone water waardoor waterrecreatie
op sommige plekken niet meer mogelijk is. Maar ook exoten zoals de quaggamossel en de
wolhandkrab zorgen ervoor dat er geen sprake meer is van een ecologisch evenwicht, laat
staan van een natuurlijk onderwaterleven.
Eisen waterkwaliteit
Niet iedereen stelt echter dezelfde eisen aan de waterkwaliteit. Waterrecreanten hebben
andere wensen en verlangens dan bijvoorbeeld waterschappen. Sportvisserij Nederland,
Natuurmonumenten en Recreatie Toervaart Nederland organiseerden daarom gezamenlijk
een symposium, ondersteund door de Unie van Waterschappen en het ministerie van
Infrastructuur en Milieu. Dagvoorzitter Jan Jaap de Graeff, onder meer oud voorzitter van de
Unie van Waterschappen en oud directeur van Natuurmonumenten, vatte de toespraken van
de verschillende sprekers samen: ‘’Eris al veel bereikt in de afgelopen veertig jaar, maar er
zijn nog aanzienlijke problemen die opgelost moeten worden. De kenmerken van de
problemen zijn tegenwoordig deels onzichtbaar en soms onbekend. Schoon water is niet
langer meer een graadmeter voor gezond water. Zo krijgen we te maken met demicroplastics en medicijnen die voor vervuiling zorgen en het ecosysteem veranderen. Wat het
beleid ten aanzien van de waterkwaliteit ook complex maakt, is dat maatregelen voor grote
wateren heel anders zijn dan voor kleine wateren zoals sloten.’’
Dit alles maakt dat de rol van de overheid mogelijk moet veranderen, concludeerde De
Graeff. ‘’De overheid regelt het beleid maar zou ook meer als inspirator kunnen dienen. Het
water heeft multifunctionele doelen. De een wil er inv issen, de ander in varen, maar ook
willen we schoon drinkwater.’’
Toekomst
Voor de komende planperiode moeten de waterbeheerders in het kader van de Europese
Kaderrichtlijn Water nieuwe maatregelingen opstellen. De maatschappelijke organisaties zijn
het er over eens dat zij gezamenlijk moeten kijken naar nieuwe oplossingen waar alle
partijen bij gebaat zijn. Elaine Alwayn, directeur van Water en Bodem van het ministerie van
Infrastructuur en Milieugaf aan dat overheden openstaan voor ideeën uit het werkveld.
Tijdens de paneldiscussie waren de partijen het er over eens dat de maatschappelijke
organisaties gezamenlijk ‘de waterwensen’ voor de toekomst in kaart moeten gaan brengen.
Aangeleverde foto: Rudy van Duijnhoven