3 Effectief bereik van kwetsbare migrantengezinnen

3
Effectief bereik van
kwetsbare
migrantengezinnen
De transformatie is er op
gericht om gezinnen met
opvoedingsproblemen
vroegtijdig te bereiken. Nu zijn
we vaak te laat en worden er
relatief veel
migrantenjongeren onder
toezicht gesteld. Wat kan hier
in verbeteren?
Gespreksleider Hans Bellaart van FORUM heet iedereen van harte welkom. Deze ronde tafel gaat
over het effectief bereiken van kwetsbare migrantengezinnen. De transformatie is er op gericht om
gezinnen met opvoedingsproblemen eerder te bereiken en vraaggericht te werken. Nu zijn we nog
vaak te laat en worden er relatief veel migrantenjongeren onder toezicht gesteld. Hoe zorgen we er
voor dat we de kwetsbare groepen effectief bereiken en dat de zorg goed bij hen aansluit? In deze
ronde-tafel-sessie bespreken we met het panel en de zaal drie dilemma’s en zoeken we naar
oplossingen die passen bij de transformatie. Ieder dilemma sluiten we af met een aanbeveling.
Voorstellen panel:
• Cliëntenvertegenwoordigers, intermediairs van migrantenorganisaties
o Sumeyra Saglam, Lisiemo Roermond
o Abdel Elghalbouni, Marokkaanse intermediair Dordrecht
o Funda Bozdere, Turkse intermediair Dordrecht
•
Opvoedingsondersteuning / hulpverleners
o Monique Schweitz, coördinator Centrum Jong Zaandam / Jeugdteam Weerpad
o Anne-Claire van Holsteijn, coördinator informatiedienst JGZ Careyn
o Asiye Songül, School Maatschappelijk Werkster FlexusJeugdplein Dordrecht
o Esmae Mahdi, Programmamanager St. IPI, Amsterdam
•
Gemeenten / Koepelorganisaties
o Hans Kamps, voorzitter Jeugdzorg Nederland
o Geert van der Velde, programmaleider Toegang Jeugdhulp VNG
o Selamün Yavuz, Beleidsadviseur Gemeente Dordrecht
Dilemma 1: Volstaat een algemene werkwijze óf is er specifieke aandacht voor migrantengezinnen
nodig?
Sommigen zeggen dat door de transformatie de toegankelijkheid voor migrantengezinnen vanzelf
beter wordt. Is dat zo? Of is er nog specifieke aandacht nodig om goed bij die gezinnen aan te
sluiten? Ieder dilemma wordt ingeleid met een praktijkvoorbeeld. Wij hebben de acteur Amar ElAjjouri uitgenodigd om in verschillende rollen de praktijkvoorbeelden te laten zien.
Dialoog
In dit voorbeeld signaleert de school problemen, maar wil vader geen opvoedingsondersteuning. Wat
is hier aan de hand? Wat de acteur liet zien is een bekend fenomeen voor de schoolmaatschappelijk
werkster aan de tafel. Het is belangrijk om te weten waarom vader niet wil meewerken. Het kan zijn
dat hij het probleem echt niet groot vindt, het kan ook zijn dat hij bang is voor de betutteling door
jeugdzorg of dat professionele hulp zijn referentiekader niet zal begrijpen. Zij geeft aan dat het in
zo’n geval belangrijk is om figuurlijk náást de ouder te gaan zitten in plaats van tegenover. Begrip
voelen en begrepen worden is nodig voor ouders.
Vertegenwoordigers van cliënten geven aan dat school vader wil helpen, maar dat vader de
instellingen misschien niet vertrouwt. Voor hem is het vaag wat de instellingen doen, het is lastig met
de taal en hij houdt de hulp af, omdat hij denkt dat de instellingen vanuit hun eigen visie een manier
van opvoeden willen opleggen.
Is specifieke aandacht nodig en zo ja welke? Er is volgens het panel zowel een algemene als
specifieke werkwijze nodig voor migrantengezinnen. Begonnen moet worden met een specifieke
werkwijze om wantrouwen bij migrantenouders weg te nemen. Meer tijd nemen voor een
vertrouwensrelatie, duidelijk maken wat de hulp kan bieden en angsten wegnemen. Daarnaast is er
mogelijk een verschil in probleemperceptie en visie van ouders, school en hulpverlening. Ouders
ontkennen problemen omdat zij dat gedrag ‘normaal’ vinden of de problemen zijn niet duidelijk. De
ouder moet erbij betrokken worden om problemen op school op te lossen. Daarvoor is er eerst
contact nodig, maar dat geldt voor alle ouders. Er moet bij migrantenouders een ander soort ingang
gezocht worden. Kijken welke vragen de ouders wél hebben en daarmee beginnen. Het zou bijdragen
wanneer de zorg geïntegreerd wordt op school. Wijk- of jeugdteams moeten een afspiegeling
worden van de wijksamenstelling, als afspiegeling van je doelgroep. Er is heel veel kennis bij
migrantengemeenschappen, gemixte teams zouden kunnen helpen.
Om deze gezinnen eerder te bereiken is het vaak handig om goede contacten te hebben met
migrantenorganisaties en sleutelpersonen. Zij kunnen voorlichting geven en een brug slaan naar
opvoedhulp.
Aanbeveling: De toegankelijkheid voor migrantengezinnen kan beter door samen te werken met
migrantenorganisaties op een gelijkwaardige manier, omdat zij de onbekendheid en wantrouwen
kunnen verminderen en de kennis bij jeugdhulp kunnen vergroten. Jeugdteams betrekken migranten
intermediairs als gelijkwaardige partner om de toegang tot en kwaliteit van jeugdhulp te verbeteren.
_________________________________________
Dilemma 2: Moet de transformatie naar multicultureel maatwerk aangestuurd worden door de
gemeente óf doen de instellingen het vanzelf?
In het voorbeeld zegt de manager van de jeugdteams dat hij alle groepen goed bereikt, maar heeft
niet echt gegevens. Als we specifieke verbeteringen in de toegang en kwaliteit willen realiseren hoe
kan dat worden aangestuurd?
Dialoog
Nu meer investeren in kwetsbare groepen bespaart op termijn mogelijk kosten van duurdere zorg.
Maar veel gemeenten zien niet in dat migranten te laat worden bereikt en als zij het wel weten dan
wordt er niet in geïnvesteerd. Er is trend van een terugtredende overheid, die instellingen meer
verantwoordelijkheid geeft. Wie controleert of instellingen deze aspecten meenemen in de andere
manier van werken? De vertegenwoordigers van jeugdinstellingen aan tafel vinden dat gemeenten
actief in gesprek moeten gaan met instellingen, omdat instellingen niet uit zichzelf de moeilijkere
groepen gaan bereiken. Er moet bijvoorbeeld gevraagd worden wat de bereikstrategie is. De
medewerker van de VNG is het daar niet mee eens. Het is beter om het te stimuleren, dan om eisen
te stellen. Instellingen moeten zelf de meerwaarde zien. Er moeten geen perverse prikkels zijn. Als er
een bepaald aantal cliënten bereikt moet worden, dan wordt juist het laaghangende fruit geplukt
(makkelijk bereikbare cliënten). Het bereiken van moeilijkere doelgroepen moet beloond worden. Bij
de prestatie-indicatoren van hulpverleningsinstellingen zou dit zichtbaar kunnen worden.
Gemeenten kunnen ook stimuleren dat jeugdteams samenwerken met informele intermediairs en
het eigen netwerk van migranten. Het verbeterproces kan worden geborgd door de samenwerking
met migrantenorganisaties in te bedden inde zorgstructuur. Het gaat er om dat een jeugdteam goed
aansluit bij de wijk. Als de wijk heel divers is samengesteld, moet dat consequenties hebben voor het
jeugdteam. In samenstelling, in competenties en in manier van werken. De gemeente moet dit
monitoren en samenwerking met migrantengroepen uit de wijk actief stimuleren om multicultureel
maatwerk te kunnen bieden.
Aanbeveling: Gemeenten moeten een stimulans geven aan jeugdteams om intermediairs te
gebruiken om kennis uit te wisselen. Gemeenten maken een wijkanalyse en vragen daarbij aan de
jeugdteams een strategie om migrantengezinnen vroegtijdig te bereiken.
_________________________________________
Dilemma 3: Staat de vraag van de klant echt centraal óf bepaalt de instelling wat een goede manier
van opvoeden is?
Dialoog
In het voorbeeld worstelt de hulpverlener met dit dilemma. De vader – afkomstig uit Irak – heeft een
andere opvoedingsvisie dan de hulpverlener. Vader wil zijn dochter beschermen en verbied haar om
uit te gaan. De dochter is echter depressief geworden en wil meer vrijheid. De hulpverlener wil aan
de ene kant vader respecteren maar het welzijn van het kind staat centraal. Hoe moeten deze
cultuurverschillen worden overbrugd, zonder de Nederlandse opvoedingsvisie op te leggen? Een
deelnemer aan de ronde tafel gaf aan dat het gezin de cliënt is en niet alleen het kind. Er moest eerst
vertrouwen gewonnen worden en dan aangesloten worden bij het gezin. Vader wil wel dat zijn
dochter geholpen wordt bij haar depressie, maar op een manier die past bij zijn cultuur. De kunst is
om op de vragen van de ouders in te gaan en stapje voor stapje ook het perspectief van de dochter in
te brengen. Wanneer een ingang moeilijk is kan ook het eigen netwerk betrokken worden, eventueel
met hulp van intermediairs. Dit kan ook zeer nuttig zijn om de eigen kracht van het gezin en de
omgeving te vergroten. De nadruk moet gelegd worden op overeenkomsten niet op verschillen en je
moet met elkaar in dialoog blijven. Dit vergt wel wat van de professional. Voldoende begeleiding,
intervisie en deskundigheidsbevordering helpt de professional om goed om te kunnen gaan met
diversiteit.
Aanbeveling: In de eisen aan jeugdteams wordt opgenomen dat de competenties van de
medewerkers moeten passen bij de diversiteit in het werkgebied. Vraaggericht werken vraagt bij
migrantengezinnen om culturele sensitiviteit en investeren in een vertrouwensrelatie. Diversiteit in
teamsamenstelling helpt om goed om te kunnen gaan met verschillen.
Bouwstenen
1. De toegankelijkheid voor migrantengezinnen kan beter door samen te werken met
migrantenorganisaties op een gelijkwaardige manier, omdat zij de onbekendheid en
wantrouwen kunnen verminderen en de kennis bij jeugdhulp kunnen vergroten. Jeugdteams
betrekken migranten intermediairs als gelijkwaardige partner om de toegang tot en kwaliteit
van jeugdhulp te verbeteren.
2. Gemeenten moeten een stimulans geven aan jeugdteams om intermediairs te gebruiken om
kennis uit te wisselen. Gemeenten maken een wijkanalyse en vragen daarbij naar de
strategie zijn om migrantengezinnen vroegtijdig te bereiken.
3. In de eisen aan jeugdteams wordt opgenomen dat de competenties van de medewerkers
moeten passen bij de diversiteit in het werkgebied. Vraaggericht werken vraagt bij
migrantengezinnen om culturele sensitiviteit en investeren in een vertrouwensrelatie.
Diversiteit in teamsamenstelling helpt om goed om te kunnen gaan met verschillen.