download

Christen
worden
met
Paulus
Hoger Diocesaan
Godsdienstinstituut
Gent
Academiejaar
2013-2014
1
“Leven is Christus”
2
“Leven is Christus”
3
“Leven is Christus”
4
5
“Leven is Christus”
6
“Leven is Christus”
7
“Leven is Christus”
8
“Leven is Christus”
9
Artemisium, Efeze
11
Inleiding (Fil 1,1-11)
– Verzenders, geadresseerden en zegenwens (Fil 1,1-2)
– Dankzegging en verzekering van gebed (Fil 1,3-11)
Situatie van Paulus en van de gemeenschap in Filippi (Fil 1,12-2,18)
– Paulus tussen dood en leven, ten prooi aan intriges (Fil 1,12-26)
– Het geestelijke gevecht van de christenen in Filippi,
geroepen om de ‘gezindheid’ van Christus over te nemen (Fil 1,27-2,18)
Tussenstuk (Fil 2,19-30)
– De zending van Timotheüs (Fil 2,19-24)
– De zending van Epafroditus (Fil 2,25-30)
De levensstijl van Paulus, een model voor de christenen in Filippi (Fil 3,1-4,1)
– Paulus, gegrepen door Christus, over de verwaandheid van zijn tegenstanders (Fil 3,1-16)
– De christenen van Filippi, navolgers van Paulus,
geroepen om zich gelijkvormig te laten maken aan de heerlijkheid van Christus (Fil 3,17-4,1)
Tot slot nog enkele aansporingen (Fil 4,2-9)
Naschrift (Fil 4,10-23)
– Bedanking voor de verkregen hulp (Fil 4,10-20)
– Groet en slotzegen (Fil 4,21-23)
Opschrift
[1] Van Paulus en Timotheüs,
dienstknechten van Christus Jezus,
aan alle heiligen in Christus Jezus te Filippi,
met hun leiders en diakens.
13
Ebed Adonaï (bij Jesaja)
Ziehier mijn dienstknecht, die Ik ondersteun;
mijn uitverkorene, die Ik met genoegen gadesla.
Ik heb mijn geest op hem gelegd,
en hij maakt het recht bekend aan de volken.
Hij roept niet en schreeuwt niet,
hij laat zijn stem niet horen op straat.
Het geknakte riet zal hij niet breken
en de kwijnende vlaspit blaast hij niet uit.
Werkelijk, hij zal recht brengen.
(…) Ik neem u bij de hand,
Ik vorm u, en bestem u
tot een verbond met het volk, tot een licht voor de naties;
om blinde ogen te ontsluiten,
om gevangenen uit de kerker te bevrijden,
degenen die in de duisternis van de gevangenis wonen. (Js 42,1-3,6-7)
Opschrift
[1] Van Paulus en Timotheüs,
dienstknechten van Christus Jezus,
aan alle heiligen in Christus Jezus te Filippi,
met hun leiders en diakens.
15
Opschrift
[1] Van Paulus en Timotheüs,
dienstknechten van Christus Jezus,
aan alle heiligen in Christus Jezus te Filippi,
met hun leiders en diakens.
17
Het ambt in dienst van het Godsvolk
van
naar
Zegenwens
[2] Genade voor u en vrede vanwege God onze
Vader en de Heer Jezus Christus!
19
Dankzegging (1)
[3] Ik dank mijn God telkens als ik aan u denk,
[4] altijd, bij al mijn gebeden voor u allen. Met
blijdschap zeg ik mijn gebed, [5] vanwege uw
aandeel in de prediking van het evangelie vanaf
de eerste dag tot nu toe.
• ‘De gelovige erkent dat alles
genade is, dat de liefde van God
zijn leven voorafgaat, begeleidt
en volgt.’ (E. Bianchi)
• Vgl. prefatie bij het
eucharistisch gebed:
•
• ‘Heilige Vader, machtige
eeuwige God, om recht te doen
aan uw heerlijkheid, om heil en
genezing te vinden, zullen wij U
danken, altijd en overal, door
Jezus Christus onze Heer.
Want…’
Een woord van Jezus (Abba) door
Paulus ontsloten voor alle christenen:
‘Maar toen de volheid van de tijd gekomen was,
heeft God zijn Zoon gezonden, geboren uit een
vrouw, geboren onder de wet, [5] om hen die
onder de wet stonden vrij te kopen, opdat wij de
rang van zonen zouden krijgen. [6] En dit is het
bewijs dat u zonen bent: God heeft de geest van
zijn Zoon in ons hart gezonden, die roept: Abba,
Vader! [7] U bent dus geen slaaf meer, maar
zoon; en als u zoon bent, dan ook erfgenaam,
door toedoen van God’ (Gal 4,4-7).
Dankzegging (1)
[3] Ik dank mijn God telkens als ik aan u denk,
[4] altijd, bij al mijn gebeden voor u allen. Met
blijdschap zeg ik mijn gebed, [5] vanwege uw
aandeel in de prediking van het evangelie vanaf
de eerste dag tot nu toe.
Dankzegging (2)
[6] Ik ben er zeker van dat Hij die een goed werk in
u begonnen is, het zal voltooien tegen de dag
van Christus Jezus.
24
Advent in de liturgie
1ste zondag: hoopvol uitzien naar de toekomst:
Christus’ wederkomst (‘2de komst’: het voorwerp van
onze hoop) – gids: vooral Jesaja
2de en 3de zondag: de tussentijd
nu leven vanuit het perspectief dat God alles zal
voltooien, een nieuw leven - gids: Johannes de doper
4de zondag: voorbereiding op de viering van Jezus’
menswording (‘1ste komst’: de grond van onze hoop) –
gids: Maria, Jozef, Elisabeth
Lezingen bij de eerste zondag van de Advent – A-jaar
Jesaja 2,1-5
Romeinen 13,11-14
doorgingen met eten en drinken,
met huwen en ten huwelijk geven,
Visioen van Jesaja, de zoon van Amos, Broeders en zusters,
op de dag waarop Noach de ark
over Juda en Jeruzalem.
Gij weet dat het uur om uit de slaap te tot
binnenging,
Op het einde der dagen
ontwaken
en zij niets vermoedden
zal de berg waarop de tempel van de reeds is aangebroken.
totdat de zondvloed kwam en allen
HEER staat,
Thans is ons heil dichterbij
oprijzen boven alle bergen
dan toen wij tot het geloof kwamen. wegrukte:
zo zal het gaan bij de komst van de
en uitsteken boven alle heuvels.
De nacht loopt ten einde, de dag
Mensenzoon.
Alle volkeren zullen erheen stromen breekt aan.
Dan zullen er twee op de akker zijn:
en talloze naties erheen trekken.
Laten wij ons dus ontdoen van de
de een wordt meegenomen, de ander
Zij zullen zeggen:
werken der duisternis
achtergelaten:
"Kom, laat ons optrekken naar de berg en ons wapenen met het licht.
twee vrouwen zullen met de molen
van de HEER,
Laten wij ons behoorlijk gedragen
aan het malen zijn:
naar de tempel van Jakobs God.
als op klaarlichte dag,
een wordt meegenomen, de
"Hij zal ons zijn wegen wijzen
en ons onthouden van braspartijen en de
andere
achtergelaten.
en wij zullen zijn paden bewandelen. drinkgelagen,
Weest dus waakzaam,
"Want uit Sion komt de Wet,
van ontucht en losbandigheid, van
want gij weet niet op welke dag uw
het Woord van de HEER uit Jeruzalem. twist en nijd.
komt.
"Oordelen zal Hij de volkeren,
Bekleedt u met de Heer Jezus Christus Heer
rechtspreken over de talloze naties. en koestert geen zondige begeerten Begrijpt dit wel:
als de eigenaar van het huis wist
"Zij zullen hun zwaarden omsmeden meer.
op welk uur van de nacht de dief zou
tot ploegijzers,
komen,
hun speren tot sikkels.
zou hij blijven waken en in zijn huis
"Geen volk zal nog het zwaard trekken
Matteüs 24,37-44
niet laten inbreken.
tegen een ander,
en niemand zal nog leren oorlog
In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen: Weest ook gij dus bereid,
voeren.
"Zoals het ging in de dagen van Noach,omdat de Mensenzoon komt op het
uur waarop gij het niet verwacht."
"Huis van Jakob, kom,
zo zal het gaan bij de komst van de
Iaat ons wandelen in het licht van de Mensenzoon.
HEER."
Zoals de mensen in de dagen voor de
Psalm 122
zondvloed
Mysterie van het geloof
Verkondigen wij het mysterie van het geloof.
Heer Jezus, wij verkondigen uw dood
en wij belijden tot Gij wederkeert,
dat Gij verrezen zijt.
ofwel:
Als wij dan eten van dit brood
en drinken uit deze beker,
verkondigen wij de dood des Heren,
totdat Hij komt.
Onze Vader
… maar verlos ons van het kwade.
(‘embolisme’)
Verlos ons Heer, van alle kwaad. Geef vrede in
onze dagen. Dat wij, gesteund door Uw
barmhartigheid, vrij mogen zijn van zonden en
beveiligd tegen alle onrust: hoopvol wachtend op
de Komst van Jezus, Messias, Uw Zoon.
Want van U is het Koninkrijk,…
‘Hoopvol
wachten op de
komst van
Jezus Messias,
uw Zoon.
Christus
pantocrator
Apsis, Byzantijns,
11de eeuw
(Sicilië)
Dankzegging (2)
[6] Ik ben er zeker van dat Hij die een goed werk in
u begonnen is, het zal voltooien tegen de dag
van Christus Jezus.
30
Dankzegging (3)
[7] Het spreekt trouwens vanzelf dat ik zo over u
allen denk, want ik draag u in mijn hart, u allen
die, tijdens mijn gevangenschap en bij de
verdediging en bekrachtiging van het evangelie,
in de genade deelt die mij gegeven wordt. [8]
God kan voor mij getuigen hoe vurig ik naar u
allen verlang, met de innigheid van Christus
Jezus
31
Dankzegging (4)
[9] En dit is mijn bede: dat uw liefde steeds rijker
wordt aan ware kennis en fijngevoeligheid in
alles,
[10] om te kunnen onderscheiden waar het op
aankomt. Dan zult u zuiver en onberispelijk zijn
op de dag van Christus, [11] vol van de vrucht
van de gerechtigheid, die komt van Jezus
Christus, tot lof en eer van God.
32
Bianchi over de voorbede
van de gekruisigde
‘Een hoogtepunt van de voorbede bestaat niet zozeer in het
spreken van woorden voor God, maar in een leven voor
Hem zoals de Gekruisigde heeft gedaan: trouw aan God en
solidair met de mensen tot het bittere einde. De
voorspraak bij uitstek, waaraan ook de christen zijn eigen
voorbede kan laten deelnemen, is inderdaad deze van
Christus die zijn armen wijd uitstrekt op het kruis en om
vergeving vraagt voor hen die Hem kruisigen. Op die
manier opent Hij zijn armen voor een omhelzing van de
hele mensheid en maakt Hij zo van de extreme zwakte van
zijn eigen dood een daad van liefde, waardoor in Hem de
kracht van Gods barmhartigheid zichtbaar wordt. In die
daad erkent en belijdt de gelovige de voorspraak die
volkomen doeltreffend is, onbegrensd en heilbrengend
voor iedereen’.
Dankzegging (4)
[9] En dit is mijn bede: dat uw liefde steeds rijker
wordt aan ware kennis en fijngevoeligheid in
alles,
[10] om te kunnen onderscheiden waar het op
aankomt. Dan zult u zuiver en onberispelijk zijn
op de dag van Christus, [11] vol van de vrucht
van de gerechtigheid, die komt van Jezus
Christus, tot lof en eer van God.
35
Paulus over zijn situatie (1)
[12] Ik wil dat u weet, broeders en zusters, dat wat mij
overkomen is juist veel heeft bijgedragen tot de
voortgang van het evangelie. [13] Zo is het in heel
het pretorium en voor alle anderen duidelijk
geworden, dat ik mijn boeien draag ter wille van
Christus [14] en dat de meesten van mijn broeders
uit mijn gevangenschap kracht hebben geput om, in
vertrouwen op de Heer en met meer durf dan eerst,
onbevreesd het woord te verkondigen.
36
Paulus over zijn situatie (2)
[15] Weliswaar doen sommigen het uit nijd en strijd,
maar anderen prediken Christus met goede
bedoelingen. [16] Die doen het uit liefde, in de
overtuiging dat ik sta voor de verdediging van het
evangelie. [17] De anderen verkondigen Christus met
zelfzuchtige en onzuivere bedoelingen, in de waan mijn
boeien daardoor te verzwaren.
[18] Wat dan nog? In elk geval wordt Christus verkondigd,
met of zonder bijbedoeling. En daarover verheug ik
mij. En ik zal mij ook blijven verheugen,
37
Paulus over zijn situatie (3)
[19] want ik weet dat dit zal uitlopen op mijn
redding, dankzij uw gebed en de bijstand van
de Geest van Jezus Christus. [20] Het is mijn
stellige verwachting en mijn hoop dat ik in
niets beschaamd zal staan, maar dat in de
volle openbaarheid, zoals altijd, ook nu
Christus zal worden verheerlijkt in mijn
lichaam, of ik nu levend ben of dood.
38
D. Bonhoeffer (1906-1945)
“Dit is het einde,
voor mij
het begin
van het leven…”
39
Anastasis (opstanding) – Fresco, ca.1315, Chora-kerk in Istanbul
40
Icoon van de
menswording
‘Als jullie vetrekken, ontnemen jullie ons jullie
hoop en beroven jullie ons van onze hoop’.
Des hommes et des dieux (Xavier Beauvois, 2010)
Paulus over zijn situatie (3)
[19] want ik weet dat dit zal uitlopen op mijn
redding, dankzij uw gebed en de bijstand van
de Geest van Jezus Christus. [20] Het is mijn
stellige verwachting en mijn hoop dat ik in
niets beschaamd zal staan, maar dat in de
volle openbaarheid, zoals altijd, ook nu
Christus zal worden verheerlijkt in mijn
lichaam, of ik nu levend ben of dood.
43
Paulus over zijn situatie (4)
[21] Want voor mij is leven Christus en sterven
winst. [22] Maar als blijven leven betekent dat ik
vruchtbaar kan werken, dan zou ik niet weten
wat ik moet kiezen. [23] Ik word naar twee
kanten getrokken: ik heb het verlangen heen te
gaan en met Christus te zijn, want dat is
verreweg het beste. [24]
44
Paulus over zijn situatie (5)
Maar voor u is het nuttiger dat ik nog blijf
leven. [25] En omdat ik hiervan overtuigd ben,
weet ik dat ik zal blijven leven en bij u allen zal
blijven voor uw vooruitgang en
geloofsvreugde. [26] Dan zult u nog meer
reden hebben om trots te zijn op mij in
Christus Jezus, wanneer ik weer bij u ben.
45
De roeping van
de gemeenschap in Filippi (1)
[27] Maar u moet wel een leven leiden dat het evangelie van
Christus waardig is. Dan zal ik, als ik u kom bezoeken, met
eigen ogen zien of, als ik ver van u af ben, over u horen, dat
u vast staat in één geest en eensgezind strijdt voor het
geloof in het evangelie,
[28] zonder dat u zich ook maar in het minst door de
tegenstanders laat afschrikken. Voor hen is dit een teken
van ondergang en voor u een teken van redding, en wel van
Godswege.
46
Inleiding (Fil 1,1-11)
– Verzenders, geadresseerden en zegenwens (Fil 1,1-2)
– Dankzegging en verzekering van gebed (Fil 1,3-11)
Situatie van Paulus en van de gemeenschap in Filippi (Fil 1,12-2,18)
– Paulus tussen dood en leven, ten prooi aan intriges (Fil 1,12-26)
– Het geestelijke gevecht van de christenen in Filippi,
geroepen om de ‘gezindheid’ van Christus over te nemen (Fil 1,27-2,18)
Tussenstuk (Fil 2,19-30)
– De zending van Timotheüs (Fil 2,19-24)
– De zending van Epafroditus (Fil 2,25-30)
De levensstijl van Paulus, een model voor de christenen in Filippi (Fil 3,1-4,1)
– Paulus, gegrepen door Christus, over de verwaandheid van zijn tegenstanders (Fil 3,1-16)
– De christenen van Filippi, navolgers van Paulus,
geroepen om zich gelijkvormig te laten maken aan de heerlijkheid van Christus (Fil 3,17-4,1)
Tot slot nog enkele aansporingen (Fil 4,2-9)
Naschrift (Fil 4,10-23)
– Bedanking voor de verkregen hulp (Fil 4,10-20)
– Groet en slotzegen (Fil 4,21-23)
De roeping van
de gemeenschap in Filippi (2)
[29] Want u is de genade omwille van Christus
verleend, niet alleen in Hem te geloven, maar
ook voor Hem te lijden. [30] U hebt dezelfde
strijd te leveren die ik voor uw ogen geleverd
heb en die ik, zoals u weet, nog steeds lever.
48
‘U hebt dezelfde
strijd te leveren’
‘Van de 2 miljard christenen
worden er 200 miljoen vervolgd,
dus 10 procent, en dat aantal is
groter dan dat van gelijk welke
andere geloofsgroep. Als ik zeg
vervolgd, gaat het om
verwoeste gebedshuizen,
doodslag, verwonding,
gevangenis, stelselmatige
onderdrukking, verbanning…’
Rupert Shortt in Tertio. Christelijk
opinieweekblad 698 (2013), in
een interview n.a.v. zijn boek
Christianophobia. A Faith Under
Attack, Rider-London, 2012.
‘U hebt dezelfde strijd te leveren
1 Tes 5,8
‘Laten wij, die behoren aan de dag, nuchter zijn, de borst gepantserd
met geloof en liefde, de helm van de hoop op redding op het hoofd’.
Ef 6,13-17
‘Grijp daarom naar de wapenrusting van God om weerstand te kunnen
bieden op de dag van het kwaad en staande te blijven, strijdend tot het
einde. [14] Stel u op, de waarheid als een gordel om uw middel, de
gerechtigheid als een pantser om uw borst, [15] de ijver voor het
evangelie van de vrede als schoeisel aan uw voeten. [16] Draag steeds
het schild van het geloof, waarmee u alle brandende pijlen van het
kwaad kunt doven. [17] Draag ook de helm van de redding en het
zwaard van de Geest, dat wil zeggen, het woord van God’.
1 Tim 6,12: ‘Vecht voor de goede zaak van het geloof, grijp het eeuwig
leven, waartoe u geroepen bent en waarover u de goede belijdenis
hebt afgelegd, ten overstaan van vele getuigen’.
De roeping van
de gemeenschap in Filippi (2)
[29] Want u is de genade omwille van Christus
verleend, niet alleen in Hem te geloven, maar
ook voor Hem te lijden. [30] U hebt dezelfde
strijd te leveren die ik voor uw ogen geleverd
heb en die ik, zoals u weet, nog steeds lever.
51
De roeping van
de gemeenschap in Filippi (3)
Hoofdstuk 2
(WB 95)
[1] Als dus vermaning in Christus en liefdevolle
bemoediging, gemeenschap van Geest, hartelijkheid en
mededogen u iets zeggen, [2] maak mijn vreugde dan
volledig door uw eenheid van denken, uw eenheid in de
liefde, uw saamhorigheid en eensgezindheid.
(NBV)
‘*1+ Nu u door Christus zozeer bemoedigd wordt en liefdevol
getroost, nu er onder u zo’n grote verbondenheid met de
Geest is, zo veel ontferming en medelijden, [2] maak mij
dan volmaakt gelukkig door eensgezind te zijn, één in
liefde, één in streven, één van geest’.
52
Eensgezindheid
‘In de gave van de eensgezindheid, niet in haar
bedrijvigheid, ligt het theologische geheim van
de kerk, liggen de kracht en de fascinatie die van
haar uitgaan.
Eensgezind leven is de eerste en belangrijkste
zending van de kerk. Pas dan kan men erin
slagen de verstrooiden uit alle volkeren bijeen te
brengen’.
(LOHFINK, G., Heeft God de kerk nodig, 306)
Gemeenschap als plaats van vermaning
‘Wij vermanen u, broeders en zusters: wijs de
leeglopers terecht, bemoedig de kleinmoedigen,
ondersteun de zwakken, heb geduld met allen’
(1 Tes 5,14-15)
‘Broeders en zusters, ik ben ervan overtuigd dat
u best zelf in staat bent om elkaar terecht te
wijzen, want u bent vol goede bedoelingen en u
hebt een rijke kennis van zaken’ (Rom 15,14).
De roeping van
de gemeenschap in Filippi (4)
[3] Geef niet toe aan partijzucht en ijdelheid, maar
beschouw in alle nederigheid de ander als hoger
dan uzelf. [4] Laat niemand alleen zijn eigen
belangen behartigen, maar ook die van de
anderen.
Die gezindheid moet onder u heersen
die ook in Christus Jezus was:
55
Vernedering-verheffing / afdaling-terugkeer in de Schrift
Ps 49,15-16
‘als schapen op weg naar het dodenrijk, zo worden ze door de dood geweid.
Regelrecht dalen ze af naar die hoeder, naar de staat van ontbinding in het rijk waar hij heerst.
Maar God koopt mijn leven vrij, Hij haalt mij terug uit de greep van het dodenrijk’
Mt 23,11-12
‘De grootste van u zal uw dienaar zijn.
Wie zich verheft, zal vernederd worden,
en wie zich vernedert, zal verheven worden’.
Js 55,10-11
‘Want zoals de regen en de sneeuw uit de hemel neerdalen
en pas daarheen terugkeren wanneer zij de aarde hebben gedrenkt,
haar hebben bevrucht en met planten bedekt,
wanneer zij zaad hebben gegeven aan de zaaier, en brood aan de eter,
zo zal het ook gaan met mijn woord.
Het komt voort uit mijn mond; het keert niet vruchteloos naar Mij terug,
maar pas wanneer het heeft gedaan wat Mij behaagt,
en alles heeft volvoerd, waartoe Ik het heb gezonden’.
[6] Hij die bestond in de gestalte van God
heeft er zich niet aan willen vastklampen
gelijk aan God te zijn.
[7] Hij heeft zichzelf ontledigd
en de gestalte van een slaaf aangenomen.
Hij is aan de mensen gelijk geworden.
En als mens verschenen
[8] heeft Hij zich vernederd;
Hij werd gehoorzaam tot de dood, de dood aan een kruis.
[9] Daarom ook heeft God Hem hoog verheven
en Hem de naam verleend die boven alle namen staat,
[10] opdat in de naam van Jezus
iedere knie zich zou buigen, in de hemel,
op aarde en onder de aarde,
[11] en iedere tong zou belijden
57
tot eer van God, de Vader: de Heer, dat is Jezus Christus.
M.I. Rupnik ,s.J. (Rome)
61
De roeping van
de gemeenschap in Filippi (5)
[12] Daarom, geliefden, omdat u altijd naar mij geluisterd
hebt, niet alleen in mijn aanwezigheid maar nog veel
meer nu ik afwezig ben: bewerk uw redding met
eerbied en ontzag. [13] God immers brengt in u zowel
het willen als het doen tot stand, om zijn welgevallen te
verwezenlijken.
[14] Doe alles zonder morren of tegenspreken, [15] zodat
u onberispelijk en onschuldig bent, onbesproken
kinderen van God, te midden van een slinks en ontaard
geslacht, waarin u schittert als sterren in het heelal.
62
De roeping van
de gemeenschap in Filippi (6)
[16] Houd vast aan het woord dat leven geeft. Dan
kan ik, als de dag van Christus komt, trots zijn
omdat ik niet tevergeefs heb gelopen en niet
voor niets heb gezwoegd. [17] Maar ook al
wordt mijn bloed geplengd bij de offerdienst van
uw geloof, dan nog ben ik verheugd en wens ik u
allen geluk. [18] En u moet evengoed verheugd
zijn en delen in mijn vreugde.
63
Tussenstuk met mededelingen
(Fil 2,19-30) – deel 1
[19] In vertrouwen op de Heer Jezus hoop ik
Timotheüs spoedig naar u toe te sturen; het zal mij
goed doen te horen hoe het met u gaat. [20] Ik heb
niemand die u zo welgezind is en zo trouw uw
belangen zal behartigen. [21] Want allen zoeken
hun eigen belang, niet dat van Jezus Christus. [22]
Maar hij heeft, zoals u weet, zijn trouw bewezen,
want samen met mij heeft hij, als een kind naast
zijn vader, de zaak van het evangelie gediend. [23]
Hem hoop ik dus te sturen, zodra ik kan overzien
hoe mijn zaken ervoor staan. [24] Maar ik vertrouw
op de Heer, dat ik spoedig ook zelf zal komen.
Tussenstuk met mededelingen
(Fil 2,19-30) – deel 2
[25] Ik vind het wel nodig onze broeder Epafroditus, mijn
medewerker en strijdmakker, uw afgezant en uw helper in
mijn nood, naar u toe te sturen. [26] Hij heeft namelijk
heimwee naar u allen, en hij lijdt eronder dat u van zijn
ziekte gehoord hebt. [27] Hij is inderdaad doodziek
geweest. Maar God heeft medelijden met hem gehad, en
niet alleen met hem maar ook met mij, opdat ik niet het
ene verdriet na het andere zou hebben. [28] Daarom stuur
ik hem haastig terug, opdat u verheugd zult zijn hem weer
terug te zien en ik van zorgen bevrijd ben. [29] Verwelkom
hem dus hartelijk in de Heer. Mannen als hij moet u in ere
houden, [30] omdat hij voor het werk van Christus de dood
nabij is geweest. Hij heeft zijn leven op het spel gezet om
mij te helpen, waar u in gebreke moest blijven.
Paulus’ levensstijl als model (1)
Hoofdstuk 3
[1] Ten slotte, broeders en zusters, verheug u in de
Heer …
U nogmaals hetzelfde schrijven is voor mij een
kleine moeite, en u geeft het zekerheid.
[2] Pas op voor de honden, pas op voor de
saboteurs, pas op voor de versnedenen! [3] Want
wij zijn de besnijdenis, wij die God aanbidden in de
Geest, onze roem zoeken in Christus Jezus en niet
op onszelf vertrouwen,
Paulus’ levensstijl als model (2)
[4] hoewel ik met recht en reden op mezelf zou
kunnen vertrouwen. Als anderen menen op
zichzelf te kunnen vertrouwen, dan ik zeker: [5]
ik ben besneden op de achtste dag, ik behoor
tot Israëls geslacht, tot de stam Benjamin, ik ben
een geboren en getogen Hebreeër; naar de wet
ben ik een farizeeër, [6] wat mijn ijver aangaat
een vervolger van de kerk, en wat betreft
gerechtigheid op grond van de wet ben ik
volmaakt.
Paulus’ levensstijl als model (3)
[7] Maar wat winst voor mij was, ben ik omwille
van Christus gaan beschouwen als verlies. [8]
Sterker nog, ik beschouw alles als verlies, want
het kennen van mijn Heer Christus Jezus gaat
alles te boven. Om Hem heb ik alles
prijsgegeven, en ik beschouw alles als vuilnis
Paulus’ levensstijl als model (4)
[8] Ik beschouw alles als vuilnis als het erom gaat
Christus te winnen [9] en één te zijn met Hem; mijn
gerechtigheid steunt niet op de wet maar op het
geloof in Christus: zij komt van God en steunt op
het geloof. [10] Ik wil Christus kennen, de kracht
van zijn opstanding en de gemeenschap met zijn
lijden; ik wil steeds meer op Hem lijken in zijn dood
[11] om eens te mogen komen tot de opstanding uit
de doden. *12+ Niet dat ik dat alles al “gegrepen”
heb of al volmaakt ben! Maar ik streef er vurig naar
het te grijpen, gegrepen als ik ben door Christus
Jezus.
Paulus’ levensstijl als model (5)
[13] Nee, broeders en zusters, ik beeld mij niet in dat ik
het al in mijn bezit heb. Alleen dit: vergetend wat achter
me ligt en me richtend op wat voor me ligt, [14] streef ik
naar het doel: de prijs van de hemelse roeping, die God in
Christus Jezus tot mij richt.
*15+ Laten wij, ‘volmaakten’, er zo over denken; en als u
op een of ander punt anders denkt, zal God u ook dat
openbaren. [16] Laten wij in ieder geval op de ingeslagen
weg voortgaan. [17] Broeders en zusters, volg mijn
voorbeeld en kijk naar hen die zich gedragen naar het
voorbeeld dat wij u gegeven hebben.
Paulus’ levensstijl als model (6)
[18] Want velen leiden een leven – ik heb u al vaak
over hen gesproken maar nu herhaal ik het onder
tranen – als vijanden van het kruis van Christus. [19]
Hun einde is de ondergang, hun god is hun buik, ze
stellen hun eer in schande, zij hebben hun zinnen
gezet op het aardse. [20] Maar óns vaderland is in
de hemel, vanwaar wij ook onze redder
verwachten, de Heer Jezus Christus.
[21] Hij zal ons armzalig lichaam veranderen en het
gelijkvormig maken aan zijn verheerlijkt lichaam,
met dezelfde kracht die Hem ook in staat stelt alles
aan zich te onderwerpen.
Nog enkele aansporingen (1)
Hoofdstuk 4
Daarom, mijn geliefde broeders en zusters, naar wie
ik zo verlang, mijn vreugde en mijn kroon, houd
aldus stand in de Heer, mijn geliefden. [2] Euodia en
Syntyche verzoek ik beiden: wees eensgezind in de
Heer.
[3] Ja ook u, mijn trouwe kameraad, vraag ik: wees
deze vrouwen behulpzaam, die mij hebben
bijgestaan in de strijd. Want zij hebben samen met
mij gestreden voor het evangelie, samen met
Clemens en mijn overige medewerkers, van wie de
namen in het boek des levens staan.
Nog enkele aansporingen (2)
[4] Verheug u altijd in de Heer. Nog eens: verheug u!
[5] Uw vriendelijkheid moet bij alle mensen bekend zijn.
De Heer is nabij. [6] Wees niet bezorgd, maar laat al uw
wensen bij God bekend worden door te bidden en te
smeken en door een dankgebed te zeggen. [7] En de
vrede van God, die alle begrip te boven gaat, zal uw hart
en uw gedachten bewaren in Christus Jezus.
[8] Tenslotte, broeders en zusters, blijf aandacht besteden
aan al wat waar en edel is, rechtvaardig en rein,
beminnelijk en aantrekkelijk, aan al wat deugd heet en lof
verdient. [9] En breng in praktijk wat u geleerd en
overgeleverd is, en wat u van mij hebt gehoord en gezien.
Dan zal de God van vrede met u zijn.
Naschrift: bedanking voor verkregen hulp
(1)
[10] Ik was er in de Heer bijzonder verheugd over
dat uw belangstelling voor mij nu eindelijk tot bloei
is gekomen; het ontbrak u niet aan interesse, maar
u had de kans niet.
[11] Ik zeg dit niet omdat ik tekort kom, want ik heb
geleerd in alle omstandigheden mijzelf genoeg te
zijn. [12] Ik weet wat het is om armoede te lijden, ik
weet ook wat het is om in overvloed te leven. Ik
ben volledig ingewijd. Ik kan volop eten en ik kan
honger lijden, ik kan in overvloed leven en ik kan
armoede lijden. [13] Ik kan alles aan, dankzij Hem
die mij kracht geeft.
Naschrift: bedanking voor verkregen hulp
(2)
[14] Toch hebt u er goed aan gedaan mij te helpen
in mijn moeilijkheden. [15] U weet het zelf ook wel,
Filippenzen: in het begin van mijn
evangelieprediking, bij mijn vertrek uit Macedonië,
heeft geen enkele gemeente met mij een lopende
rekening geopend, behalve de uwe. [16] Al in
Tessalonica hebt u mij tot tweemaal toe gestuurd
wat ik nodig had. [17] Niet dat het mij om uw giften
te doen is; het is mij erom te doen dat het tegoed
op uw rekening toeneemt.
Naschrift: bedanking voor verkregen hulp
(3)
[18] Al wat mij toekwam heb ik al ontvangen, en
meer dan dat. Ik heb meer dan genoeg, dankzij
Epafroditus, die mij uw gaven heeft
overgebracht. Die zijn een welriekende geur, een
aangenaam en welgevallig offer voor God. [19]
En mijn God zal vanuit zijn rijkdom in al uw
noden voorzien door u de heerlijkheid te
schenken in Christus Jezus.
[20] Aan onze God en Vader zij de heerlijkheid
tot in alle eeuwigheid! Amen.
Groet en slotzegen
[21] Groet iedere heilige in Christus Jezus. U
groeten de broeders die bij mij zijn, [22] en alle
heiligen hier groeten u, vooral die van het huis
van de keizer.
[23] De genade van de Heer Jezus Christus zij
met uw geest.