Jaarverslagenanalyse 2013 Sectorrapport Gehandicaptenzorg

JAARVERSLAGENANALYSE 2013
SECTORRAPPORT
GEHANDICAPTENZORG
Een analyse van de financiële en operationele kengetallen van
zorgorganisaties actief in de gehandicaptenzorg
oktober 2014
Intrakoop, de inkoopcoöperatie van de zorg
Verstegen, accountants en adviseurs
i.s.m. Marlyse-Research
Inhoud
1.
Samenvatting ............................................................................................................................ 2
2.
Inleiding ..................................................................................................................................... 4
3.
4.
5.
6.
2.1
Verantwoording ....................................................................................................................... 4
2.2
Gehanteerde definities ............................................................................................................ 5
Financiële positie...................................................................................................................... 6
3.1
Resultaat ............................................................................................................................. 6
3.2
Solvabiliteit .......................................................................................................................... 7
3.3
Liquiditeit ............................................................................................................................. 8
Bedrijfslasten .......................................................................................................................... 10
4.1
Totale bedrijfslasten .......................................................................................................... 10
4.2
Inkoopuitgaven .................................................................................................................. 11
Personeel ................................................................................................................................. 13
5.1
Personeelskosten .............................................................................................................. 13
5.2
Aantal personeelsleden en fte’s ........................................................................................ 15
5.3
Vacatures .......................................................................................................................... 16
5.4
Verzuim ............................................................................................................................. 17
Capaciteit en productie .......................................................................................................... 18
Jaarverslagenanalyse gehandicaptenzorg 2013
1
1. Samenvatting
Van alle sectoren heeft de gehandicaptenzorg de resultaten in 2013 het sterkst zien afnemen. In
2012 was de gehandicaptenzorg qua rendement nog de best presterende deelsector in de zorg met
een rendement van 2,7%. Dit is in 2013 afgenomen tot 1,3%. De resultaten in de sector staan onder
druk door de afschaffing van de zogenaamde ‘Agema’-gelden (intensiveringsmiddelen). Doordat
deze middelen in 2013 zijn afgeschaft, zijn de bedrijfsopbrengsten -ondanks indexering van tarieven
en een lichte toename van de zorgproductie – gestabiliseerd op circa € 8,1 mld. De bedrijfslasten zijn
daarentegen met circa +1,5% gestegen van € 7,7 naar ruim € 7,8 mld.
De toegenomen bedrijfslasten worden veroorzaakt door de stijging in de personeelskosten, waar de
inkoop-uitgaven met -0,2% ongeveer op het niveau van 2012 blijven. De personeelskosten zijn niet
alleen gestegen door cao stijgingen, maar ook door forse dotaties aan reorganisatievoorzieningen.
De omvang van de voorzieningen is in 2013 gestegen van € 431 mln. naar € 509 mln. Doordat deze
dotaties niet afzonderlijk worden gepresenteerd in de jaarverslagen bestaat er geen totaal beeld van
de invloed van de dotaties aan reorganisatievoorzieningen op het totale sectorresultaat, maar uit
analyse van individuele jaarrekeningen blijkt dat dit voor het overgrote deel reorganisatiekosten
betreft. Een andere oorzaak van de toegenomen personeelskosten zijn de hogere sociale lasten en
pensioenpremies. Deze stijgen sterk, gemiddelde met +6%.
Binnen de inkoop-uitgaven zijn het vooral de investeringen die stijgen: +2,7% in 2013. De transitie
waarbij mensen met een beperking indien mogelijk steeds meer thuis wonen, lijkt gepaard te gaan
met investeringen in nieuwe concepten voor verblijf en zorg. De sector weet de uitgaven aan patiënten bewonersgebonden kosten met -0,4% op niveau te houden bij een gelijkblijvende intramurale
productie en een toename van het aantal cliënten dat thuis gebruik maakt van het dienstenaanbod
van organisaties in de sector.
Na jaren van toenemende flexibilisering en stijgende kosten voor werk derden, dalen deze
inkoopgerelateerde personeelskosten in 2013 aanzienlijk met -8,9%. De sector lijkt daarmee voor te
sorteren op een periode van krimp en maakt de keuze om in eerste instantie te snijden in het aantal
ingehuurde externe arbeidskrachten.
Op basis van signalen in de media en politiek zou een omvangrijke impairment (het afboeken van het
materieel vast actief vanwege een verminderde terugverdiencapaciteit) in de jaarrekening 2013
mogen worden verwacht. Niets blijkt echter minder waar. De impairmentverliezen zijn juist sterk
gedaald van € 101 mln. in 2012 tot € 67 mln. in 2013, mede doordat in het zorgakkoord van april
2014 de maatregelen in het kader van de extramuralisering van de lichtere zorg zijn verzacht.
De bescheiden positieve exploitatieresultaten in 2013 betekenen ook licht verbeterde solvabiliteits-,
en liquiditeitsratio’s voor de gehandicaptenzorg. Het eigen vermogen als percentage van de totale
Jaarverslagenanalyse gehandicaptenzorg 2013
2
omzet was over 2013 23,1%, terwijl dit over 2012 21,8% bedroeg. Daarmee beschikt de sector als
geheel over een gezonde maar ook noodzakelijke buffer met het oog op de toenemende
bedrijfsrisico’s door de bezuinigingen waar de gehandicaptenzorg vanaf 2015 mee te maken zal
krijgen.
De liquiditeitsratio (current-ratio), is toegenomen van 0,9 naar 1,0. De verwachting is echter dat de
druk op de liquiditeit de komende jaren sterk zal toenemen. De bezuinigingen zullen in het algemeen
de operationele resultaten en daarmee de liquiditeit geen goed doen. Daarnaast zal door
verschuiving van bekostiging van de AWBZ naar zorgverzekeraars en gemeenten de
bevoorschotting door zorgkantoren afnemen en is er nog de uitgaande cashflow die gepaard gaat
met reorganisatie- en afvloeiingskosten. De vraag is dan ook nadrukkelijk, of de huidige liquiditeit in
dat licht als toereikend kan worden gezien.
Jaarverslagenanalyse gehandicaptenzorg 2013
3
2. Inleiding
2.1
Verantwoording
1
2
Intrakoop en Verstegen accountants en adviseurs hebben een analyse uitgevoerd op de 176
jaarverslagen van zorgorganisaties actief in de gehandicaptenzorg die medio september 2014
beschikbaar waren over het jaar 2013. Doel van deze jaarverslagenanalyse is de financiële en
operationele kengetallen van deze zorgorganisaties in kaart te brengen en om het belang van inkoop
in de bedrijfsvoering van organisaties in de gehandicaptenzorg zichtbaar te maken.
De analyse is uitgevoerd op basis van 174 bruikbare jaarverslagen van zorgorganisaties actief in de
gehandicaptenzorg in Nederland over het jaar 2013 met vergelijkende cijfers over 2012. Van
twee relatief kleine zorgorganisaties zijn geen cijfers beschikbaar, omdat deze gebruik maken van
een beperkte jaarverantwoording. Bij de analyse is gebruik gemaakt van de gegevens uit DigiMV
(bron: CIBG, Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, bewerkt en beschikbaar gesteld door
Intrakoop).
Bij interessante verschillen is ook een uitsplitsing gemaakt naar organisatie-omvang, uitgedrukt in
3-
NVTZ omzetklasse:

€ 0 tot € 10 mln.

€ 10 tot € 25 mln.

€ 25 tot € 60 mln.

€ 60 tot € 150 mln.

€ 150 tot 300 mln.

€ 300 mln. of meer.
1
Intrakoop is de inkoopcoöperatie van de zorg en helpt 580 zorgorganisaties op circa 7.006 locaties efficiënter te werken.
2
Verstegen accountants en adviseurs is de huisaccountant van meer dan 100 zorgorganisaties, waarbij zij de jaarcijfers
controleren en bedrijfseconomisch en fiscaal advies verstrekken.
3
Nederlandse Vereniging van Toezichthouders in de Zorg
Jaarverslagenanalyse gehandicaptenzorg 2013
4
2.2
Gehanteerde definities
In deze rapportage vallen de bedrijfslasten uiteen in personeelskosten en inkoopuitgaven.
Personeelskosten bestaan uit:

Salariskosten

Sociale lasten

Pensioenpremies

Overige personeelskosten en

Kosten voor personeel niet in loondienst (PNIL).
Waarvan de laatste twee in deze rapportage ook gerekend worden tot de inkoopuitgaven.
De inkoopuitgaven omvatten alle uitgaven van een organisatie waar een externe factuur tegenover
staat. Binnen de inkoopuitgaven wordt onderscheid gemaakt tussen kosten die in de exploitatie
worden opgenomen en investeringen:
Inkoopgerelateerde exploitatiekosten, waaronder:

Voedingsmiddelen en hotelmatige kosten

Algemene kosten

Patiënt- en bewonersgebonden kosten

Onderhoud en energiekosten

Huur en leasing

Personeel niet in loondienst

Overige personeelskosten (grotendeels inkoopgerelateerd)
Investeringen:

Investeringen in gebouwen en terreinen

Investeringen in machines en installaties

Investeringen in andere bedrijfsmiddelen, technische en administratieve uitrusting

Investeringen in materiële vaste bedrijfsactiva in uitvoering en vooruitbetalingen
Jaarverslagenanalyse gehandicaptenzorg 2013
5
3. Financiële positie
Figuur 3.1
Financiële kengetallen gehandicaptenzorg 2013
Norm
2013
2012
Resultaat
Totaal resultaat (x € 1 mln.)
106
216
Resultaatsratio
1,3%
2,7%
Solvabiliteit
Totaal eigen vermogen (x € 1 mln.)
Omzetratio
1.866
1.760
15%
23,1%
21,8%
1,0
1,0
0,9
Liquiditeit
Liquiditeitsratio
3.1
Resultaat
Algemeen
De gehandicaptenzorg heeft over 2013 nog positieve resultaten behaald. Wel was het rendement in
2013 aanzienlijk lager dan in 2012. De 176 organisaties in de gehandicaptenzorg verdienden in 2013
ruim € 105 mln. ten opzichte van € 216 mln. in 2012. Uitgedrukt in een percentage van de totale
bedrijfsopbrengsten, betreft het in beide gevallen relatief geringe rendementen, namelijk 1,3% in
2013 en 2,7% in 2012. Kenmerkend is ook dat 11 organisaties over 2012 een verlies rapporteerden,
terwijl over 2013 maar liefst 28 organisaties een ‘rode cijfers’ presenteerden.
De bedrijfsopbrengsten (voornamelijk bestaand uit het wettelijk budget) zijn in 2013 nagenoeg
onveranderd gebleven (ruim € 8 miljard). Reden van deze stagnatie is het feit dat in 2013 de
zogenaamde Agema gelden (intensiveringsmiddelen) uit de tarieven zijn gehaald. Deze
tariefsverlaging is slechts ten dele gecompenseerd door indexering van tarieven en een toename van
het zorgvolume.
Dat het resultaat is afgenomen is te wijten aan een toename van de bedrijfslasten van in totaal ruim
€ 7,7 mld. in 2012 tot ruim € 7,8 mld. in 2013. Deze toename van circa +1,5% verklaart voor het
overgrote deel de afname van de resultaatratio van 2,7% naar 1,3% in de gehandicaptenzorg.
Als de resultaatratio naar omvang van de organisatie wordt geanalyseerd valt op dat naarmate de
omzet toeneemt de resultaatratio afneemt.
Jaarverslagenanalyse gehandicaptenzorg 2013
6
Figuur 3.2
Resultaatratio gehandicaptenzorg naar omvang zorgorganisatie
NVTZ-Omzetklasse
Resultaatratio
2013
2012
€ 0 tot 10 mln.
2,3%
3,6%
€ 10 tot 25 mln.
2,9%
3,9%
€ 25 tot 60 mln.
1,2%
3,0%
€ 60 tot 150 mln.
1,8%
3,1%
€ 150 tot 300 mln.
1,2%
2,1%
€ 300 mln. of meer
-0,2%
1,9%
Bijzondere waardeverminderingen
Aan afboekingen van onrendabel materieel ‘vast actief’ (impairment) is in 2013 € 66,9 mln.
verantwoord ten opzichte van € 100,5 mln. over 2012. Deze daling is opmerkelijk, omdat de
financiële prognoses op het moment van het opmaken van de jaarrekening 2013 (voorjaar 2014)
ongunstiger waren dan een jaar geleden. Verwacht werd dat dit beeld zich zou vertalen in een
neerwaartse bijstelling van de verwachte toekomstige opbrengsten en in lijn daarmee verlaging van
de bedrijfswaarden van het zorgvastgoed.
De daling van de impairmentverliezen kan worden verklaard uit het feit dat in het zorgakkoord van
april 2014 de maatregelen in het kader van de extramuralisering van de lichtere zorg zijn verzacht.
De zorg voor cliënten met een ZZP VG 3 zou aanvankelijk worden geëxtramuraliseerd, maar deze
plannen zijn aangepast waardoor deze cliënten toegang houden tot de Wet Langdurige zorg en
daarmee recht houden op intramuraal verblijf. Deze maatregel heeft een positief effect op de
waardering van het vastgoed in de GHZ.
3.2
Solvabiliteit
Wat betreft het weerstandsvermogen staat de gehandicaptenzorg er goed voor. De solvabiliteit van
organisaties in de gehandicaptenzorg is gestegen van 21,8% in 2012 naar 23,1% in 2013. Van 176
onderzochte organisaties hebben er 130 een solvabiliteit van minimaal 15%, een door het
Waarborgfonds voor de zorgsector gehanteerde norm. Slechts zes (2012: negen) voornamelijk
kleinere organisaties hebben een negatief eigen vermogen.
Jaarverslagenanalyse gehandicaptenzorg 2013
7
Indien de solvabiliteit wordt uitgesplitst naar organisatieomvang, blijkt dat ook de solvabiliteit afneemt
naarmate de omvang van de organisatie toeneemt.
Figuur 3.3
Solvabiliteit gehandicaptenzorg naar omvang zorgorganisatie
NVTZ-Omzetklasse
Solvabiliteit
2013
2012
€ 0 tot 10 mln.
29,9%
27,8%
€ 10 tot 25 mln.
30,3%
28,4%
€ 25 tot 60 mln.
24,6%
23,3%
€ 60 tot 150 mln.
24,8%
23,1%
€ 150 tot 300 mln.
23,0%
21,8%
€ 300 mln. of meer
13,5%
13,6%
3.3
Liquiditeit
Op basis van de liquiditeitsratio’s kan worden geconcludeerd dat de liquiditeit in de
gehandicaptenzorg is verbeterd. De gemiddelde current ratio is gestegen van 0,9 in 2012 naar 1,0 in
2013. Van de 176 organisaties hebben 124 een liquiditeit boven de ‘traditionele norm’ van 1,0 ten
opzichte van 113 in 2012.
Figuur 3.4
Liquiditeit Gehandicaptenzorg naar omvang zorgorganisatie
NVTZ-Omzetklasse
Solvabiliteit
2013
2012
€ 0 tot 10 mln.
2,1
2,0
€ 10 tot 25 mln.
1,3
1,4
€ 25 tot 60 mln.
1,1
1,1
€ 60 tot 150 mln.
1,2
0,9
€ 150 tot 300 mln.
0,9
0,7
€ 300 mln. of meer
0,6
0,5
Uit bovenstaande opstelling blijkt dat de liquiditeit van grotere organisaties in de gehandicaptenzorg
gemiddeld onder de norm ligt. Daarbij moet worden opgemerkt dat deze organisaties over het
algemeen wel zeer nadrukkelijk aandacht schenken aan de beheersing van hun liquiditeitspositie en
Jaarverslagenanalyse gehandicaptenzorg 2013
8
ook reeds anticiperen op mogelijke tekorten door tijdig afspraken te maken met banken voor
kredietverschaffing.
Voor de gehele care-sector is het sterk de vraag of de traditionele norm van 1,0 voor de komende
periode nog toereikend is. Veel zorgorganisaties ondervinden grote moeite om
financieringsafspraken te maken. Banken reageren terughoudend met het aanbieden van
financieringen of het aanpassen van rekening courant-afspraken. En zeker in een periode van
reorganisaties kunnen organisaties te maken krijgen met acute financiële aanspraken. Daarbij moet
rekening worden gehouden met het gegeven dat de aanzienlijke reorganisatievoorzieningen die in
2013 zijn gevormd veelal binnen 1 á 2 jaar worden geëffectueerd en beslag leggen op liquiditeit.
Daarnaast zal de overgang van een deel van AWBZ-activiteiten naar de WMO en de
Zorgverzekeringswet een afname van bevoorschotting door het zorgkantoor betekenen en daarmee
negatieve effect hebben op de liquiditeit. Kortom, de toereikendheid van de liquiditeit verdient alle
aandacht. Faillissementen worden immers veroorzaakt door een gebrek aan cash en niet door een
ontoereikend eigen vermogen.
Jaarverslagenanalyse gehandicaptenzorg 2013
9
4. Bedrijfslasten
4.1
Totale bedrijfslasten
De gehandicaptenzorg ziet de totale bedrijfslasten in 2013 licht stijgen met +1,5%. Een stijging die
sterker is dan de ontwikkeling in de bedrijfsopbrengsten, die met +0,1% nagenoeg gelijk blijft. Net als
in andere deelsectoren van de gezondheidszorg is ook in de gehandicaptenzorg voor het eerst in
jaren sprake van afvlakkende toename in kosten en opbrengsten. Ter vergelijk: in 2012 stegen de
bedrijfslasten en –opbrengsten nog met respectievelijk +8,7% en +9,3%. Het totaal aan bedrijfslasten
bedraagt in de gehandicaptenzorg zo’n € 8 mld.
Figuur 4.1
Verbijzondering bedrijfslasten gehandicaptenzorg 2013
23%
5%
72%
Personeelskosten
Jaarverslagenanalyse gehandicaptenzorg 2013
Afschrijvingen
Overige bedrijfskosten
10
4.2
Inkoopuitgaven
De totale inkoopuitgaven in de gehandicaptenzorg omvatten € 3,6 mld. en bestaan voor het grootste
deel (= 61%) uit exploitatiekosten. De overige 39% betreft investeringen met een totale waarde van
€ 1,4 mld. in 2014.
De inkoopuitgaven blijven in 2013 met een daling van -0,2% nagenoeg op het niveau van 2012. Dit is
het resultaat van enerzijds licht oplopende investeringen (+2,7%) en anderzijds licht dalende
inkoopgerelateerde exploitatiekosten (-2,0%).
Binnen de inkoopuitgaven ziet de gehandicaptenzorg voor de kosten voor energie en de
investeringen voor machines en installatie toenemen. Dalende uitgaven betreffen de kosten voor
personeel niet in loondienst (-8,9%), algemene kosten (-5,5%) en de investeringen in materiele vaste
bedrijfsactiva in uitvoering (-12,6%). Tot deze laatste categorie worden de lopende bouwprojecten
gerekend.
Figuur 4.2
Verbijzondering inkoopuitgaven gehandicaptenzorg 2013
Inkoopuitgaven
Totaal: € 3,6 mld.
Ontwikkeling 2013-2012
Totaal: -0,2%
Exploitatiekosten (-2,0%):
Voedingsmiddelen en hotelmatige
kosten
€ 0,4
-5,3%
€ 0,5
Algemene kosten
Patiënt- en bewonersgebonden
kosten
-5,5%
€ 0,2
-,4%
€ 0,1
Energie
+12,4%
€ 0,2
Onderhoud
+3,5%
€ 0,3
Huur en leasing
+5,5%
€ 0,2
Personeel niet in loondienst
-8,9%
€ 0,3
Overige personeelskosten
-1,5%
Investeringen (+2,7%):
€ 0,9
Bedrijfsgebouwen en terreinen
+4,3%
€ 0,2
Machines en installaties
+12,9%
Andere vaste bedrijfsmiddelen,
technische en adm. Uitrusting
€ 0,2
Materiële vaste bedrijfsactiva in
uitvoering
€ 0,2
€-
€ 0,5
+3,8%
-12,6%
€ 1,0
-30% -20% -10%
0%
10%
Miljarden
Jaarverslagenanalyse gehandicaptenzorg 2013
11
20%
30%
Patiënt- en bewonersgebonden kosten
De patiënt- en bewonersgebonden kosten omvatten de kosten die het dichtst bij de behandeling en
verzorging van cliënten liggen. Het zijn de kosten die voortkomen uit de kernactiviteit van de
gehandicaptenzorg. Onder meer de uitgaven aan therapieën, geneesmiddelen en hulpmiddelen
worden tot de patiënt- en bewonersgebonden kosten gerekend. Het totaal aan patiënt- en
bewonersgebonden kosten bedraagt in 2013 € 214 mln.
Het is positief dat de patiënt- en bewonersgebonden kosten in 2013 ongeveer op het niveau van
2012 blijven (-0,4%). Dit te meer, omdat de sector te maken heeft met een toenemende
extramuralisering en gelijktijdig een – vooralsnog – gelijkblijvende intramurale productie. Zo’n 3% van
de totale bedrijfslasten betreft patiënt- en bewonersgebonden kosten.
Energie
In 2013 geeft de gehandicaptenzorg € 104 mln. uit aan energie. Van de inkoopkosten die tot de
exploitatie worden gerekend, stijgen de energiekosten met +12,4% het hardst. Het jaar 2013 kende
een betrekkelijk koude winter: ten opzichte van 2013 lag het aantal graaddagen 7,8% hoger (3.047
4
graaddagen in 2013 versus 2.868 graaddagen in 2012) . Het aantal graaddagen is het aantal dagen
dat de temperatuur onder de 18 graden lag, maal het aantal graden dat de temperatuur naar
beneden afweek van de 18 graden.
Bedrijfsgebouwen en terreinen
Binnen de inkoopuitgaven nemen de investeringen in bedrijfsgebouwen en terreinen met € 853 mln.
het grootste aandeel in. De gehandicaptenzorg ziet de investeringen in deze categorie in 2013
toenemen met +4,3 na in 2012 nog vrijwel gelijk te zijn gebleven met -0,7%. De transitie waarbij
mensen met een beperking indien mogelijk steeds meer thuis wonen lijkt gepaard te gaan met
investeringen in nieuwe concepten voor verblijf en zorg.
4
Bron: KNMI 2013, 2012
Jaarverslagenanalyse gehandicaptenzorg 2013
12
5. Personeel
5.1
Personeelskosten
Bijna 70% van de totale bedrijfslasten van een gemiddelde zorgorganisatie in de gehandicaptenzorg
betreft personeelskosten. In 2013 ziet de sector de personeelskosten in totaal stijgen met +3,4% na
eerder in 2012 nog te zijn gestegen met +5,3%. De totale personeelskosten bedragen in 2013 € 5,6
mld. Lonen en salarissen maken voor ruim 70% deel uit van de personeelskosten. De ‘flexibele schil’
van personeel niet in loondienst (PNIL) vertegenwoordigt circa 5-6% van de kosten. Het overige
kwart van de personeelskosten betreft pensioenpremies, sociale lasten en overige
personeelskosten, waaronder kosten voor opleidingen en inkoop van ARBO-gerelateerde
dienstverlening.
Figuur 5.1
Verbijzondering personeelskosten gehandicaptenzorg 2013
6%
4%
7%
10%
73%
Lonen en salarissen
Sociale lasten
Personeel niet in loondienst
Overige personeelskosten
Jaarverslagenanalyse gehandicaptenzorg 2013
Pensioenspremies
13
Binnen de personeelskosten stijgen de salariskosten met +4,0% en de daaraan gerelateerde sociale
lasten met +5,7%. Het meest in het oog springen echter de kosten voor personeel niet in loondienst.
Na jaren van toenemende flexibilisering en stijgende kosten voor werk derden, dalen deze
inkoopgerelateerde personeelskosten in 2013 aanzienlijk met -8,9%. De sector lijkt daarmee voor te
sorteren op een periode van krimp en maakt de keuze om in eerste instantie te snijden in het aantal
ingehuurde externe arbeidskrachten.
Uit aanvullende grootboekanalyses van Intrakoop blijkt ruim 60% van de PNIL-uitgaven
uitzendkrachten betreft. 40% omvat overige kosten voor werk derden, zoals zzp-ers.
Figuur 5.2
Verbijzondering personeelskosten gehandicaptenzorg 2013
Personeelskosten
Totaal: € 5,5 mld.
Ontwikkeling 2013-2012
Totaal: +3,4%
€ 4,0
Lonen en salarissen
Sociale lasten
€ 0,6
Pensioenpremies
€ 0,4
Personeel niet in loondienst
€ 0,2
Overige personeelskosten
€ 0,3
€0
€2
+4,0%
+5,7%
+6,6%
-8,9%
-1,5%
€4
€6
€8
€ 10
-10%
0%
10%
20%
Miljarden
Jaarverslagenanalyse gehandicaptenzorg 2013
14
30%
5.2
Aantal personeelsleden en fte’s
Bij de 137 organisaties actief in de gehandicaptenzorg met cijfers beschikbaar over het aantal
medewerkers werken in 2013 134.850 medewerkers. De overige 40 organisaties hebben geen cijfers
beschikbaar gesteld over het aantal medewerkers. Op basis van extrapolatie wordt het totaal aantal
medewerkers bij deze organisaties geschat op 20.500, waarmee het totaal aantal medewerkers in de
sector uitkomt op 155.350 medewerkers.
De afgelopen jaren kende de gehandicaptenzorg een jaarlijkse toename van het aantal medewerkers
rond de +3%. De sector ziet in 2013 het medewerkersbestand voor het eerst kleiner worden en wel
met -2,3%. De instroom van nieuwe medewerkers bij de 137 organisaties met beschikbare cijfers
bedraagt in 2013 16.740 medewerkers. Hiertegenover staat een uitstroom van 19.863 medewerkers.
De daling in het aantal personeelsleden lijkt samen te hangen met een toenemende
extramuralisering de komende jaren.
Figuur 5.3
In- en uitstroom personeel per saldo gehandicaptenzorg, naar organisatie-omvang
In- en uitstroom personeel
per saldo
€ 0 tot 10 mln.
€ 10 tot 25 mln.
per
saldo
uitstroom

€ 25 tot 60 mln.
164
-30
per
saldo
instroom

-707
€ 60 tot 150 mln.
-1201
€ 150 tot 300 mln.
-1106
€ 300 mln. of meer
-2.500
-231
0
2.500
Uitgedrukt in fte’s werken in de gehandicaptenzorg 93.800 fte. Door het totaal aantal fte’s in de
sector te delen door het aantal medewerkers is de deeltijdfactor te berekenen. De gemiddelde
deeltijdfactor in de gehandicaptenzorg bedraagt in 2013 60%. Een fte in de gehandicaptenzorg kost
in 2013 gemiddeld € 53.000 aan salariskosten, sociale lasten en pensioenpremies.
Jaarverslagenanalyse gehandicaptenzorg 2013
15
5.3
Vacatures
De onderzochte organisaties in de gehandicaptenzorg laten in 2013 een daling in het aantal
vacatures zien van -18% naar een totaal van 3.143 vacatures in 2013.
Cliëntgebonden vacatures maken circa 72% uit van het totaal aantal vacatures in de sector. Het
aantal cliëntgebonden vacatures daalt in 2013 met -19,5%.
Ondanks het dalende totaal aantal vacatures blijkt het nog lastig voor de sector om moeilijk
vervulbare vacatures vervuld te krijgen. Dit zijn vacatures waarvoor binnen een periode van drie
maanden geen indiensttreding heeft plaatsgehad. Het aantal moeilijk vervulbare vacatures stijgt in
2013 met +23% naar een totaal van 260.
Figuur 5.4
Aantal vacatures in de gehandicaptenzorg 2013, uitgesplitst naar type
2%
26%
6%
66%
Cliëntgebonden
Cliëntgebonden, moeilijk vervulbaar
Niet-cliëntgebonden
Niet-cliëntgebonden, moeilijk vervulbaar
Jaarverslagenanalyse gehandicaptenzorg 2013
16
5.4
Verzuim
Het jaar 2013 laat een aanzienlijke daling in het verzuimpercentage zien van -9%. Het
verzuimpercentage daalt van 5,3% in 2012 naar 4,8% in 2013.
Indien het verzuimpercentage wordt uitgesplitst naar organisatie-omvang uitgedrukt in NVTZomzetklasse, valt op dat het verzuim bij de kleinere organisaties met een omzet tot € 10 mln.
aanzienlijk lager is dan bij de grotere organisaties.
Figuur 5.5
Verzuimpercentage uitgesplitst naar organisatie-omvang
Ontwikkeling 2013-2012
Totaal: -8,9%
Verzuimpercentage 2013
Totaal: 4,8%
€ 0 tot 10 mln.
11,9%
4,3%
€ 10 tot 25 mln.
-4,9%
5,3%
€ 25 tot 60 mln.
5,0%
€ 60 tot 150 mln.
5,1%
€ 150 tot 300 mln.
5,2%
€ 300 mln. of meer
5,1%
0%
2%
Jaarverslagenanalyse gehandicaptenzorg 2013
4%
6%
-5,1%
-4,6%
-8,5%
-8,%
-15%
-10%
-5%
0%
17
6. Capaciteit en productie
De gehandicaptenzorg laat in 2013 een geringe stijging in het aantal cliënten zien. In 2013 stijgt het
aantal cliënten met +1,5% naar een totaal van 177.000. Het aantal intramurale cliënten op basis van
een ZZP bedraagt aan het eind van 2013 zo’n 72.000 cliënten: een geringe toename van +0,3% ten
opzichte van 2012. De trend waarin cliënten steeds vaker zorg thuis ontvangen, is in de cijfers van
2013 zichtbaar. Het aantal extramurale cliënten, dat al dan niet gebruik maakt van begeleiding of
dagbesteding, stijgt met +9,1%, maar er is vooral een toename in het aantal cliënten dat op basis
van een volledig pakket thuis (VPT) zorg ontvangt. Deze laatste categorie is met ruim de helft
toegenomen (+51,7%).
Figuur 6.1
Aantal cliënten gehandicaptenzorg
Ontwikkeling 2013-2012
Totaal: +1,5%
Cliënten gehandicaptenzorg 2013
Totaal: 177.000
Cliënten in instelling op basis van
een ZZP
+,3%
72
Cliënten met verblijf op basis van
volledig pakket thuis (VPT)
+51,7%
3
Extramurale cliënten (inclusief
cliënten met begeleiding of
dagbesteding 2013
102
0
50
100
150
+9,1%
200
0,00%
20,00%
40,00%
60,00%
x 1.000
De intramurale capaciteit, uitgedrukt in het aantal beschikbare plaatsen, is in de gehandicaptenzorg
in 2013 op het niveau gebleven van het voorgaande jaar (+/- 0%) en bedraagt circa 75.300 plaatsen.
Doordat het aantal intramurale cliënten nauwelijks is gestegen en het aantal beschikbare plaatsen
gelijk is gebleven, blijft ook de bezettingsgraad ten opzichte van 2012 hetzelfde: 95,2%.
Jaarverslagenanalyse gehandicaptenzorg 2013
18
© 2014 Intrakoop en Verstegen accountants en adviseurs. Overname of reproductie van de inhoud
van deze rapportage, op welke wijze dan ook, is uitsluitend toegestaan met bronvermelding
‘Intrakoop en Verstegen accountants en adviseurs: Jaarverslagenanalyse Zorgsector 2013’. Het
gegevensbestand dat ten grondslag ligt aan deze rapportage is eigendom van Intrakoop en voor
geïnteresseerden tegen vergoeding opvraagbaar.
Intrakoop u.a.
Verstegen accountants en adviseurs
Regterweistraat 11a, 4181 CE Waardenburg
Noordendijk 189, 3311 RN Dordrecht
Postbus 67, 4180 BB Waardenburg
Postbus 574, 3300 AN Dordrecht
http://www.intrakoop.nl
http://www.verstegenaccountants.nl
http://twitter.com/intrakoop
http://twitter.com/VerstegenAcc
Jaarverslagenanalyse gehandicaptenzorg 2013
19