van dresden naar berlijn: de duitslandreis in het vijfde jaar

VAN DRESDEN NAAR BERLIJN:
DE DUITSLANDREIS IN HET VIJFDE JAAR
Van woensdag 2 tot zaterdag 12 april ondernamen zestien leerlingen uit het vijfde jaar onder de
inspirerende leiding van Werner De Smet een – op z’n zachtst gezegd – uitdagende studiereis
richting Berlijn en Dresden. Tijdens deze reis schreven ze hun bevindingen, ervaringen en
indrukken neer. Co-begeleider Joos Van Goethem maakte een selectie uit dit lijvige verslag.
Over Dresden: the place to be!
Een stad als een feniks uit haar as herrezen én
het levende bewijs dat als mensen
samenwerken en streven naar een ideaal, ze
geweldige en grootse dingen kunnen bereiken.
Neem nu de Frauenkirche: een kerk die al
twee keer met de grond gelijk gemaakt is en tot
zelfs drie keer toe wederopgebouwd is. Het is
een gebouw met voornamelijk nieuwe, witte
stenen en met enkele zwarte stenen die nog
bruikbaar waren na het bombardement. Hier is
duidelijk over nagedacht: binnen tientallen
jaren zullen door de zure regen de witte stenen
in zwarte veranderen. Hierachter zit een
symbolische boodschap: tijd heelt alle wonden.
We zijn o.a. naar het Grünes Gewolbe geweest,
waar prachtige kunstschatten te bewonderen
waren. Deze immense barokke “schatkist”
bestond uit meerdere kamers die elk een
andere soort schat bevatten. Zo was er de
eerste kamer met prachtige sierstukken van
amber, de volgende kamer stond vol met ivoor,
daarna een kamer, blinkend van het goud.
We bezochten ook het Albertinum, een
museum dat kunst verzamelt van oud tot
nieuw. “De Oorlogstriptiek” van Otto Dix
stond in de schijnwerper. Otto Dix is de maker
van een gigantisch schilderij, dat bestaat uit
drie panelen, die de gruwel van de oorlog
voorstellen. We zagen ook werken van onder
andere Gerhard Richter, Ludwig Richter en
Caspar David Friedrich, die bekend staat voor
zijn schilderijen waarbij we enkel de
achterkant van de personages en een landschap
zien, zodat de gevoelens er van af spatten.
Helaas zagen we in dit museum voornamelijk
landschapsschilderijen zonder personages.
Over de verschillende opera’s: van latte
machiato tot espresso
De eerste opera Cosi fan tutte (Latte
Machiatto) die we te zien kregen in de
prachtige neorenaissancezaal van de vermaarde
Semperoper te Dresden, was rustig en vrolijk,
een typische opendeurkomedie. Het was een
unieke ervaring: we zaten immers helemaal
vooraan en konden zowel het orkest als het
podium zien. Thema’s waren trouw, keuzes
maken, vriendschap en verzoening. De
voorstelling speelde zich af op een roterend
platform met witte lakens, die aan het plafond
hingen. Het verhaal ging over twee vrienden
die beiden tot over hun oren verliefd zijn, en
een uitdager, Alfonso. Hij beweerde dat geen
enkele vrouw trouw blijft, dus ook die van de
twee jongemannen niet…
De laatste opera Iphigenia auf Tauris
(Espresso) was in tegenstelling tot de
hierboven besproken opera een harde,
gewelddadige en bloederige opera. Meneer van
Goethem wou ons laten kennismaken met het
hedendaagse genre. Sommigen bedankten hem
hiervoor, anderen vonden het maar niets. We
moeten toegeven: het begin was spectaculair:
de muziek begon, het doek opende en we
zagen een man vastgebonden met zijn benen
aan het plafond, heen en weer wiegend van
links naar rechts. In de hoek stond een gezette
vrouw met een mes in de hand, Iphigenia.
Toen wisten we: dit is het slachtaltaar van de
dochter van Agamemnon. Iphigenia die het
gedwongen moorden psychisch niet meer
aankon, ging kapot vanbinnen. Uiteindelijk
komt Iphigenia er achter dat het haar broer is
die ze moet slachten, en beslist ze om dit niet
te doen. Pylades, verkleed als soldaat, is nu
teruggekomen en schiet de slechte Thoas dood.
Eindelijk is de gruwel voorbij die het eiland
Tauris al vijftien jaar lang teisterde!
Over Berlijn: Berlin been there, done that,
oftewel de dag van de vier musea
Vandaag zouden we een record vestigen: vier
musea! M. De Smet beweerde - met een lachje
- dat hij ons nog wel meer te bieden had, maar
dat hij ons dat zou besparen. Na een inleidend
woordje leidde onze sympathieke begeleider
ons naar het eerste museum. We startten in het
Altes Museum, een paradijs voor de Latinistjes
en Grieken onder ons. We zagen er beelden
van Romeinse en Griekse goden, een groot
mozaïek én de beroemde amfoor waarop de
spelende Achilles en Aias afgebeeld staan.
Ook konden we Etruskische (huis)juwelen
bewonderen. De tour vervolgde in de Alte
Nationalgalerie. Hier hadden M. Van Goethem
en M. De Smet ons helemaal mee. We reisden
doorheen de romantische schilderkunst en
kwamen Caspar David Friedrich tegen. Hij zal
altijd op zoek blijven naar het oneindige…
Aan de hand van het schilderij het
‘Dodeneiland’ van Böcklin bracht M. De Smet
ons een levenswijsheid bij: het leven is een
tocht, je bent steeds onderweg. Von Stuck
probeerde ons echter iets heel anders te tonen.
Zijn femmes fatales zijn echter mooier dan de
schijnbare boodschap… In het Neues
Museum kregen we de kans ons te verdiepen in
het antieke Egypte. Het hoogtepunt was echter
‘de mooiste vrouw van Berlijn’, het
adembenemende hoofd van Nefertete. Het
gebouw was erg mooi, zo mooi dat je de
Egyptische of Trojaanse vondsten uit het oog
verloor. Sommige musea werden helemaal
opnieuw gereconstrueerd. In dit museum
trachtte men echt oud en nieuw te versmelten
tot een cultureel pareltje. Je voelde het
gebroken Duitsland van de oorlog sterker
worden en weer bloeien. Op de trappen van het
Bode-Museum kregen velen een ‘klopje’. M.
Van Goethem sprak ons echter bemoedigende
woorden toe. Dit museum kunnen we
omschrijven als een kleine chaos. Alle
kunstwerken en -voorwerpen liepen door
elkaar. Het ging van een enorme
muntstukkencollectie naar een Madonna van
Rafaël en schatten uit … Het was erg
prikkelend en mooi, maar nu hadden we toch
wel een verzadigingsgevoel bereikt…
Overdag een zwarte bladzijde, ’s avonds een
fijne ontmoeting
Dit was een emotioneel zeer zware dag. We
begonnen met een bezoek aan het
Dorotheenstädtischer Friedhof , het kerkhof
dat over ons appartement gelegen was. Hier
werden we al vroeg geconfronteerd met
treurige gebeurtenissen van de oorlog. Hierna
kregen we een uitgebreide uitleg in het
metrostation – het was immers flink beginnen
regenen – over het ontstaan en verloop van de
Berlijnse Muur. We kregen direct een brok in
onze keel en toen we uiteindelijk aan de Muur
stonden werden we allemaal muisstil. Het was
hartverscheurend om te zien hoe hele families
uit elkaar gerukt waren en mensen wanhopig
hadden geprobeerd om zich uit hun benarde
situatie te redden, meestal met een fataal
gevolg. We volgden stomverbaasd M. De Smet
en M. Van Goethem verder langs de Muur en
kwamen vervolgens terecht in Stasi Archiv.
Hier werden we ons terug bewust van de
rampzalige situatie die de mensen in de DDR
moesten ondergaan. We kregen immers
getuigenissen te horen en zagen beeldmateriaal
van hoe het er toen aan toeging. Nadien
kwamen we aan in de Topographie des
Terrors, een museum over het naziverleden.
Hier zijn weer vele schrijnende beelden op ons
netvlies gebrand. We kwamen allemaal, diep in
gedachten verzonken, het museum uit.
Na deze mentale strijd kregen we nog het
Rotterdams Philharmonisch Orkest in het
Konzerthaus op ons bord voorgeschoteld. We
hadden weer geluk met onze plaatsen
aangezien we recht boven het orkest zaten. We
zagen een schitterende uitvoering van
Beethoven en Rimski-Korsakov met in de
hoofdrol een violiste, Lisa Batiatishvilli en
gedirigeerd door Yannick Nézet-Séguin.
Zowel M. De Smet als M. Van Goethem waren
in de wolken en achteraf stond M. De Smet in
de rij voor een exclusieve ontmoeting en
handtekening van de dirigent. Zijn avond kon
al niet meer stuk en blij maar toch vermoeid
keerde iedereen terug naar het appartement
waar we nog een glaasje dronken en nog wat
napraatten over de dag.
Over alternatief Berlijn
Nadat we ’s morgens het Bundeskanzleramt
bezocht hadden, volgde een korte wandeling
langs de parlementsgebouwen en de Spree.
Toen hielden we halt op een bankje met zicht
op de Spree. Dan polste meneer de Smet wat
we in de namiddag gingen doen. Hij bracht
enkele voorstellen aan en we kozen resoluut
voor de ietwat marginale / alternatieve wijk
“Kreuzberg”. We stapten op de metro en na
enkele halten arriveerden we in deze wijk. We
merkten meteen het contrast op tussen de met
graffiti bekladde gebouwen en het stijve
centrum van Berlijn waar we de dagen ervoor
vertoefden. We vingen de wandeling aan en
ontdekten het ware karakter van Berlijn. We
zagen enkele eclatante graffitikunstwerken en
ook de ontspannen sfeer van de wijk raakte
ons. Onze begeleiders vertelden ons nog
enkele anekdotes voor we het goed beseften
waren we al vier uur aan het stappen. Hierna
waren we volledig uitgeput en verlangden we
weer naar een beetje rust in het appartement.
Terugblikken op de onvermijdelijke laatste
dag van deze reis
Om half negen vertrokken we te voet richting
het centraal station van Berlijn. Daar namen
we de trein richting Keulen, in de hoop dat we
tijdig thuis zouden zijn. De reis naar Dresden
en Berlijn heeft ieder van ons op een of andere
manier beïnvloed, ons veranderd, ons meer
volmaakt laten worden. We hebben schatten
gezien, we hebben de beste concerten gehoord,
meesterwerken van onder andere Vermeer,
Richter, Dix en nog zoveel anderen.
We waren letterlijk doodmoe op het einde.
Misschien is dat ook een teken dat we onze tijd
niet hebben verspild. Zoals Charles Darwin het
verwoordde: “Een man die een uur tijd durft
te verspillen heeft de waarde van het leven nog
niet ontdekt”. We hebben zoveel gezien en
zoveel gedaan dat het simpelweg
onoverzichtelijk is geworden als we er nu op
zouden terugkijken. Ik vermoed dat we over
enkele jaren, als we terugdenken aan onze
jeugd en wat we van cultuur hebben gehad, we
allemaal aan Dresden en Berlijn zullen denken.
Het was een reis die ons op letterlijk alle
vlakken heeft verbeterd. Om de tweede
wereldoorlog en het DDR-regime te begrijpen
moet je gewoonweg naar Berlijn gaan. In een
klas zitten en kijken naar een paar dia’s over
het leven van de burgers tijdens de oorlog is
niet effectief. Je moet door de straten gaan
waar het allemaal is gebeurd, rondkijken en de
geschiedenis over je laten heenlopen. Er
waren momenten bij die erg beklijvend waren
en iedereen deed verstommen. Plaatsen die
zo’n gruwelijke, afgrijselijke dingen hebben
meegemaakt dat de aarde en de natuur er
verdorden en de plaats ontvluchtten. Onze
geschiedenis is de spiegel van onze toekomst.
Hopelijk zullen we nooit meer zoiets
meemaken. De positieve manier waarop we
alles vergaarden was te danken aan onze
groepssfeer.
De groep was meteen zeer hecht, en diegenen
die elkaar nog niet kenden leerden gaandeweg
elkaar appreciëren. Als je met mensen op reis
gaat en 24 uur op 24 uur in een straal van 30
meter bij elkaar bent, leer je echt kennen hoe
ze zijn. Ook onze begeleiders, Meneer De
Smet en Meneer Van Goethem, waren de beste
begeleiders die er voor deze reis zouden
kunnen zijn geweest. Ze hadden ieders hun
eigen blik en nadruk op de verschillende
gebeurtenissen en kunst. Ze vulden elkaar in
hun uitleg aan, waardoor je je een goede
objectieve mening kon vormen over de zaken.
Met een zoet en lichtjes pijnlijk gevoel keren
we terug naar Antwerpen. De melancholie zal
nog een paar dagen nazinderen en als we
terugdenken aan deze wonderbaarlijke reis zal
het terug vurig branden in onze harten.
Feind ist, wer anders denkt…
Verslag: Amber Adam, Thomas Antychin,
Maria Bors, Charlotte Bastaens, Christina
Caeyers, Lenka Chavée, Olivier De Meyer,
Elisabeth De Raeymaecker, Julie Goossens,
Willem Jacobs, Katrien Joris, Celine Lauwers,
Jonathan Saké, Margaux Van den Abbeele,
Charlotte Verhaeghe, Marie Vermeiren