Ok Google - Depositum Custodi

64 | Ok Google
Dit artikel is geschreven ter voorbereiding op de lezing van dr. ir. S. M. de Bruijn, die 21 mei 2015 Deo
Volente zal worden uitgesproken. De lezing draagt de titel “Beproeft alle dingen en behoudt het goede”
en zal gaan over zal gaan over de invloed van de moderne media en techniek op ons doen en denken.
In dit artikel vindt u een analyse van zoekmachine Google en diens Zeitgeist-rapporten.
Ok Google
De Zeitgeist van ’s werelds grootste zoekmachine
“zeit·geist | Uitspraak: 'tsIt-"gIst, 'zIt | Functie:
zelfstandig naamwoord | Etymologie: Duits, van
Zeit (tijd) + Geist (geest) | Datum: 1884 |
Betekenis: het algemene intellectuele, morele, en
culturele klimaat van een tijdperk.
'Zeitgeist' betekent 'tijdgeest' en deze tijdgeest wordt
weergegeven in een verzameling van miljoenen
zoekopdrachten die Google iedere dag verwerkt. Het
jaarlijkse Zeitgeist-rapport laat zien wat de wereld het
afgelopen jaar heeft beziggehouden; onze passies,
interesses en belangrijke momenten door de ogen van
Google Search” (Google, z.d.).
Tekst: Pieter Hoogendijk
In de lezingen die achter ons liggen is
gebleken dat de tijdgeest moeilijk in woorden
is te vatten. “Hij uit zich in concrete zaken,
maar is zelf zeer abstract” (Hoofdredactioneel commentaar, 2014). Toch is het goed
om een beeld te krijgen van wat de huidige
tijdgeest omvat. Op die wijze kan de tijd
worden ontmaskerd en bestreden, wat in veel
gevallen nodig is.
Wij zijn niet de enigen die een poging doen
om de tijdgeest te ontrafelen. Naast ons staat
namelijk Google. De zoekgigant stelt dat
door een analyse van de zoekopdrachten in
een bepaalde periode een beeld kan worden
verkregen van de tijdgeest. Google maakt van
de resultaten jaarlijks een zogenaamd Zeitgeistrapport op.
In deze bijdrage wordt Googles Zeitgeist onder
de loep genomen. Het artikel is opgedeeld in
drie delen. Allereerst wordt ingegaan op de
geschiedenis en doelstellingen van Google.
Dit overwegend feitelijke deel is nodig om
een brug te kunnen slaan naar het tweede
deel: waarin de ‘gangbare’ kritiek op Google
aan bod komt. Na deze ‘algemene’ verhandelingen over Google wordt in het derde en
laatste deel specifiek ingegaan op de Zeitgeistrapporten van Google. Er wordt afgesloten
met een conclusie.
Google: rise and shine
Wie googelt (dat woord bestaat echt) op
Google op ‘google’ vindt uit dat Google is
opgericht door Larry Page en Sergey Brin. De
twee ontmoetten elkaar in 1995 op Stanford
University in California en kregen al snel het
idee om samen een zoekmachine te beginnen.
Volgens Larry was een zoekmachine een
machine “dat precies begrijpt wat je bedoelt
en je precies vertelt wat je wilt weten”
(Google, sd). Na wat geknutsel kregen ze na
een jaar een zoekmachine draaiende op de
server van de universiteit, die zij BackRub
noemden. Deze zoekmachine gebruikte
echter teveel bandbreedte voor de universiteit
en werd weer offline gehaald. Larry en Sergey
gaven het niet op en besloten om hun idee
voort te zetten onder de naam ‘Google’: een
woordspeling op het woord ‘googol’, een
wiskundige term voor een 1 met honderd
nullen. Het gebruik van deze naam kenmerkt
de missie van Google om de ogenschijnlijk
oneindige hoeveelheid informatie op internet
te organiseren.
Voorbereidingsartikel lezing dr. ir. S. M. de Bruijn | 65
Googol
Inmiddels benadert het gebruik van de dienst
het getal googol: in 2012 verwerkte het bedrijf
maar liefst 1,2 biljoen zoekopdrachten, wat
neerkomt op 40.000 zoekopdrachten per
seconde. Het is illustratief dat Google deze
statistieken vat in een jaaroverzicht met de
veelzeggende naam ‘Zeitgeist’.
Immens aanbod
De zoekfuncties van Google zijn immens.
Naast de mogelijkheid om te zoeken in
websites, kan ook worden gezocht in een
omvangrijke videodatabase (Youtube), in
boeken en bibliotheken (Books), in
afbeeldingen en in nieuws. Maar er is meer.
Inmiddels omvat het portfolio onder meer
een webbrowser (Chrome), een mobiel
besturingssysteem (Android), een laptop
(Chromebook), een kaartendienst (Maps),
een advertentiedienst (Adwords) en
fotobewerking (Picasa). Om maar niet te
spreken van het onder ons wel bekende
Gmail
vergezeld met
Agenda en
Documenten. Google Hangouts moet als
chatdienst de verschillende gebruikers bij
elkaar brengen. Veel van de producten wordt
ontwikkeld door de geniuses van Google X,
een geheim laboratorium waaraan de meest
gerenommeerde wetenschappers van de
wereld zijn verbonden. De jongste creaties
van dit lab zijn onder meer een zelfrijdende
auto en Google Glass, een soort alles
kunnende bril. Ook in de wetenschap is
Google actief met een speciaal daarvoor
afgestemde zoekmachine in wetenschappelijke databases (Scholar).
Ongekend populair en lucratief
Google verdient goed met deze activiteiten.
Het bedrijf, dat inmiddels tienduizenden
medewerkers heeft, realiseerde in de eerste
helft van 2014 een winst van maar liefst 9
miljard dollar (Google, 2014). Ter illustratie:
Microsoft deed er vijftien jaar over om 1
miljard omzet te genereren; het lukte Google
in slechts zes jaar (Auletta, 2011).
Google is in Nederland ongekend populair.
In het tweede kwartaal van 2014 bedroeg het
marktaandeel van Google onder alle
zoekmachines voor desktops bijna 94% en
voor smartphones en tablets maar liefst bijna
99% (Pure Internet Marketing, 2014). We
hoeven alleen maar ons eigen surfgedrag te
bezien om te kunnen vaststellen dat Google
met zijn Google Search, YouTube en Gmail
een substantieel deel van het leven van de
digitale mens inneemt. En daarmee van de
tijdgeest.
Don’t Get Scroogled!
Niet iedereen is even gediend van de
successen van Google. Criticasters zijn er ten
overvloede, waarbij de kritiek veelal is gespitst
op de inbreuk van Google op de privacy van
haar gebruikers. Een andere, minder
oppervlakkige, vorm van kritiek richt zich op
de invloed van Google. Deze paragraaf
besteedt aandacht aan beide vormen.
Privacy
Een van Googles grootste concurrenten,
Microsoft, gebruikt een interessante spitsvondigheid in haar strijd tegen de bierkaai.
Het softwarebedrijf staat hiermee symbool
voor alle kritiek op Google op het gebied van
privacy en kan als voorbeeld dienen. Op de
website scroogled.com, opgetuigd in
Microsoft style, vindt de bezoeker een scala
een verwijten aan Googles adres. Over het
algemeen worden de pijlen dan gericht op de
inbreuk die Google doet op de privacy van
haar gebruikers. Denk aan Gmail: “Google
goes through every Gmail that’s sent or
received, looking for keywords so they can
target Gmail users with paid ads” (Microsoft,
2014). Deze welgemeende waarschuwing van
Microsoft draagt ook een oplossing met zich
mee: “Outlook.com is different – we don’t go
through your email to sell ads”. Of deze
laatste zin af- of toedoet aan de objectiviteit
van het geheel laat ik maar in het midden.
Het reikt te ver om na te gaan of en in hoeverre Google daadwerkelijk gebruik (of: misbruik) maakt van de gegevens van haar gebruikers. Zoals gebruikelijk in business is veel
kritiek namelijk gekleurd door de concurrentie: Microsoft vaart er wel bij als Google in
het beklaagdenbankje terechtkomt. Alleen al
daarom moet terughoudend met de op- en
66 | Ok Google
aanmerkingen op het beleid van Google worden omgegaan.
Überhaupt kunnen we ons afvragen of het zo
verkeerd is als er iets is op het internet dat alles van ons weet. De gedachte dat, naast God,
ons handelen wordt getracket door mensen zoals wij, zou ons er temeer toe moeten nopen
om altijd verantwoording af te kunnen leggen
over ons doen en laten. Een gedachte die ik
niet verder uitwerk, maar wel het overdenken
waard is.
Invloed
“In the beginning, the World Wide Web was
an intimidating collection, interlinked yet unindexed. Clutter and confusion reigned. It
was impossible to sift the valuable from the
trashy, the reliable from the exploitative, and
the true from the false. The Web was exciting
and democratic – to the point of anarchy. (…)
Then came Google. Google was clean. It was
pure. It was simple” (Vaidhyanathan, 2011, p.
1).
Met een oneerbiedige aan Genesis 1 gelijkende verteltrant neemt professor of Media Studies and Law Vaidhyanathan ons mee in de
diepste krochten van Google. Waar een doorsnee wereldling Google ziet als een simpele
zoekmachine, spreekt Vaidhyanathan (2011)
over Google als “omniscient, omnipotent
and omnipresent” (p. xi). Alwetend, almachtig en overal tegenwoordig. In zijn boek The
Googlization of Everything (and why we should
worry) neemt hij de “blind faith we place in
Google” (p. 50) kritisch onder de loep. En zoals geloof zich nestelt in het leven van een
mens, doet Google dat ook. “It rules by the
power of convenience, comfort and trust” (p.
14). Google is zo bezien meer dan google.nl.
Het is dan een way of living.
Wie zich verdiept in deze manier van kijken
naar Google komt terecht in een wereld vol
apocalyptische complotten en nieuwe wereldorders. De titel van het boek van Vaidhyanathan spreekt boekdoelen, maar ook een titel
als Googled. The End of the World As We Know It
van Ken Auletta is veelzeggend. Vaidhyanathan (2011) stelt dat Google van een dienst
die mensen in staat stelt om informatie van
het internet op te zoeken is veranderd in een
in ons leven geïntegreerde gids die voor ons
keuzes maakt en ons in contact brengt met de
wereld. Om het in de woorden van Google
CEO Eric Schmidt te zeggen: “I think most
people don’t want Google to answer their
questions, they want Google to tell them what
they should be doing next. (…) We know
roughly who you are, roughly what you care
about, roughly who your friends are”
(Jenkins, 2010). Hiermee raakt Schmidt aan
de kern van de ontwikkeling die Google tussen 1997 en heden heeft doorgemaakt: de focus is verschoven van het product (de zoekresultaten) naar de gebruiker.
Een ‘eigen’ Google?
Vaidhyanathan (2011) gaat zo ver om te betogen dat in plaats van gebruik te maken van
Google, de mensheid had moeten investeren
in een groot gezamenlijk Human Knowledge Project: een project waarbij alle data wordt geïnventariseerd en bereikbaar wordt voor iedereen. Een soort Google, maar dan met de focus op het product en niet op de gebruiker.
Alleen op die wijze kunnen we ons onttrekken aan de invloed die Google op ons heeft.
Het is inderdaad een prestatie van formaat dat
één onderneming een scala aan activiteiten
heeft opgezet waar de gehele wereld gebruik
van maakt. Zelfs Henry Ford kreeg het met
zijn inventieve automobielen niet voor elkaar
dat Ford een marktaandeel van meer dan 90%
veroverde. Er zijn redenen aan te dragen dat
het niet wenselijk is dat de een groot deel van
de levensinvulling en keuzebeïnvloeding van
mensen in handen is van één bedrijf. Het zou
beter kunnen zijn om er een open source project
van te maken, een soort Wikipedia. Het ideaal
is te waarderen, de praktische uitvoering kent
waarschijnlijk wat haken en ogen. Verdere bespreking van dit alternatief valt buiten het bestek van deze bijdrage, waardoor ik die achterwege laat. Verwezen zij naar het boek van
Vaidhyanathan, waarin alle voor- en tegenargumenten uitgebreid worden besproken.
Voorbereidingsartikel lezing dr. ir. S. M. de Bruijn | 67
Google Zeitgeist
Nu in het kort is aangegeven dat Google in
de ruim 15 jaar van haar bestaan onderdeel is
geworden van de mensheid en daarmee van
de tijdgeest zal worden ingegaan op de visie
van Google zelf op de tijdgeest: Zeitgeist.
Zeitgeist is zoals gezegd een jaarlijks overzicht
van Google waarin de populairste zoektermen van een bepaalde periode worden gevat.
Het vloeit voort uit Trends, waarin Google
continue de populaire zoektermen bijhoudt
(per dag). “Het jaarlijkse Zeitgeist-rapport
laat zien wat de wereld het afgelopen jaar
heeft beziggehouden; onze passies, interesses
en belangrijke momenten door de ogen van
Google Search” (Google, sd). Met in het achterhoofd de huidige omvang van de activiteiten van Google is het inderdaad geen
vreemde gedachte dat in de zoekopdrachten
een tijdgeest te herkennen is.
Overzicht 2012 en 2013
De populairste zoektermen van Googles gebruikers bestonden volgens het recentste Zeitgeist-rapport 2013 uit de volgende woorden:
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
Nelson Mandela
Paul Walker
iPhone 5S
Cory Monteith
Harlem Shake
Boston Marathon
Royal Baby
Samsung Galaxy S4
PlayStation 4
North Korea
En de top-10 van 2012:
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
Whitney Houston
Gangnam Style
Hurricane Sandy
iPad 3
Diablo 3
Kate Middleton
Olympics 2012
Amanda Todd
Michael Clarke Duncan
BBB12
Een snelle analyse leert ons dat men op
Google vooral zoekt op brood en spelen.
Veel van de zoektermen circuleren rondom
beroemdheden, games en sport. Een enkele
keer dat een ramp plaatsvindt wordt daar dan
ook nog op gezocht. Een oppervlakkig geheel.
Betrouwbare zoekresultaten?
De vraag kan rijzen of deze zoektermen nu
werkelijk de tijdgeest symboliseren. Hier kan
zeker het een en ander over worden gezegd.
We missen in deze rijtjes namelijk woorden
als ‘postmodernisme’, ‘relativisme’, ‘seksualisering’ of ‘individualisme’, woorden die wij in
het algemeen zien als connotaties voor de
huidige tijdgeest. Een aantal verklaringen zijn
denkbaar.
Zo zou het kunnen zijn dat de gebruikers van
Google niet representatief zijn voor de wereldbevolking en daarmee de tijdgeest. Dit argument is echter uit de lucht te halen door
slechts te wijzen op het marktaandeel wat
Google heeft. Met een Nederlandse bevolking waarvan bijna 94% gebruik maakt van
internet is het niet onaannemelijk dat de
zoekresultaten in ieder geval voor Nederland
behoorlijk representatief zijn (Wereldbank,
2014).
Verder ontdoet Google de top-10 van seksueel expliciete zoektermen. Hierdoor kan de
lijst een vertekend beeld geven. Het lijkt me
stug dat de lijst er ook daadwerkelijk anders
uitziet, maar de mogelijkheid bestaat. Bij gebrek aan data over dat genre zoektermen kan
ik daar echter geen uitsluitsel over geven.
Als we echter uitgaan van de hypothese dat
de kernmerken van een tijdgeest zich op
Google niet uiten in hun letterlijke vorm, is
het een plausibele denkwijze dat de top-10 in
zijn geheel moet worden beoordeeld. En die
is, zoals ik al aangaf: oppervlakkig. Die term
brengt ons al meer bij de huidige tijdgeest, die
zich onder andere kenmerkt door een vergaande oppervlakkigheid. Bezien we de top100 (hier niet weergegeven) dan leert die ons
dat veel wordt gegoogeld naar (vrouwelijke)
68 | Ok Google
sterren uit de showbizz. Deze ongezonde aandacht brengt ons dan weer bij een ander kenmerk: seksualisering.
Blijft staan dat ‘postmodernisme’, ‘relativisme’ en ‘individualisme’ niet voorkomen in
het lijstje. Ook daar bijhorende woorden als
‘waarheidsvinding’, ‘authenticiteit’ en ‘tolerantie’ of ‘subjectivisme’ en ‘objectivisme’
schitteren in afwezigheid. Om maar te zwijgen over het woordeke ‘tijdgeest’. Mogelijk
ligt de oorzaak hiervan in het feit dat het volume van de ‘wetenschappelijke postmoderne
gebruikers’ van Google in het niet valt bij de
hoofdmoot van de gebruikers van Google,
waardoor het goed mogelijk is dat daardoor
hun zoektermen wegvallen in het geheel.
De tijdgeest is méér dan zoekresultaten
Een aantal interessante conclusies kan worden getrokken uit voorgaande constatering.
Zo kan worden vastgesteld dat de stelling dat
de tijdgeest resoneert in de zoekresultaten
van Google niet als volledig juist worden afgedaan. Bepaalde traditionele kernwoorden
van onze tijdgeest komen immers niet voor in
de populairste zoektermen van 2012 en 2013,
noch kunnen daaruit worden afgeleid.
Anderzijds zijn bepaalde genres (waaronder
muziek, film en entertainment) populair onder het gros van de Googlegebruikers. Dit
correspondeert aardig met de interesses van
een doorsnee Hollander (voor zover die te
definiëren valt), dunkt me. Peilingen naar bijvoorbeeld favoriete televisieprogramma’s
plegen in ieder geval de zelfde richting uit te
wijzen.
Samengevat: de tijdgeest resoneert wel in de
zoekresultaten, maar de zoekresultaten geven
niet die termen weer waar wij de tijdgeest in
het algemeen mee associëren. En dat komt
weer overeen met de beschrijving die eerder
is genoemd: de tijdgeest is abstract, maar uit
zich in concrete zaken. Ook in de zoekresultaten zien we de ‘concrete’ echo van de ‘abstracte’ tijdgeest. Anders gezegd: de tijdgeest
is méér dan zoekresultaten.
Conclusie
In deze bijdrage is kort een beeld geschetst
van de opkomst en groei van zoekgigant
Google en diens relatie tot de tijdgeest. Daarbij is aandacht gegeven aan de kritiek die
wordt gegeven op Google, waarbij inzichtelijk is gemaakt dat deze kritiek tweeledig is,
zowel op het privacybeleid als op de vergaande invloed. Ten slotte is ingegaan op
Googles Zeitgeist-rapporten, waarbij de conclusie is dat de populairste zoekresultaten wel
iets weergeven van symptomen van de tijdgeest, maar niet wat de tijdgeest zélf is.
Literatuur
Auletta, K. (2011). Googled. The End of the World As We Know It. London: Virgin Books.
Google. (2014). Q2 2014. Quarterly Earnings Summary. Geraadpleegd op 25 augustus 2014 van
http://investor.google.com/pdf/2014Q2_google_earnings_slides.pdf
Google. (n.d.). Google Zeitgeist. Geraadpleegd op 25 augustus 2014 van
http://www.google.nl/intl/nl/zeitgeist/
Google. (n.d.). Over Google. Geraadpleegd op 25 augustus 2014 van
http://www.google.nl/intl/nl/about/
Google. (n.d.). Zeitgeist 2012 - Google. Geraadpleegd op 25 augustus 2014 van
http://www.google.com/zeitgeist/2012/
Hoofdredactioneel commentaar. (2014, mei 27). Tijdgeest. Reformatorisch Dagblad, p. 3.
Jenkins, H. W. (2010, augustus 14). Opinion: Google and the Search for the Future. Wall Street Journal.
Levy, S. (2011). In the Plex. How Google Thinks, Works, and Shapes Our Lives. New York: Simon &
Schuster.
Microsoft. (2014). Don't Get Scroogled! Geraadpleegd op 25 augustus 2014 van http://www.scroogled.com/mail
Voorbereidingsartikel lezing dr. ir. S. M. de Bruijn | 69
Pure Internet Marketing. (2014, juli 2). Marktaandelen zoekmachines Q2 2014. Geraadpleegd op 25
augustus 2014 van http://www.pure-im.nl/blog/seo/marktaandelen-zoekmachines-q22014/
Vaidhyanathan, S. (2011). The Googlization of Everything (and why we should worry). Los Angeles:
University of California Press.
Wereldbank. (2014). Internet usage (per 100 people). Geraadpleegd op 25 augustus 2014 van
http://www.pure-im.nl/blog/seo/marktaandelen-zoekmachines-q22014/http://data.worldbank.org/indicator/IT.NET.USER.P2
Aan de lector zijn de volgende vragen gesteld:
1. Hoe beheerst de stroomversnelling aan technologische vernieuwingen ons doen en denken?
2. Hoe kan deze ontwikkeling in het licht van de Bijbel worden beoordeeld?
3. Hoe kunnen christenen deze Bijbelse visie praktisch toepassen?