PRICE press statement - Nederlands - price

 Europees onderzoek: coexistentie van ggo en niet-­‐ggo producten is mogelijk Wageningen, 18 maart 2015. De vrijheid om te kiezen tussen genetisch gemodificeerde (ggo) en niet-­‐ggo producten is gebaseerd op het principe van coëxistentie: De mogelijkheid om ggo-­‐ en niet-­‐ggo producten naast elkaar te telen, transporteren en verhandelen, waarbij de regels voor etikettering en zuiverheidsnormen in acht worden genomen. Europese lidstaten hebben daar coëxistentiemaatregelen voor ontwikkeld, waaronder uniforme isolatieafstanden per gewas. Uit onderzoek dat is verricht in het door de EU gefinancierde PRICE 1 project kan worden geconcludeerd dat de huidige coëxistentiemaatregelen praktisch uitvoerbaar zijn, zowel in de teelt als in de keten. Deze maatregelen leiden tot extra kosten, die deels door consumenten, deels door ketenpartijen worden gedragen. Effectieve maatregelen in de landbouw Door uitkruising kan er genetisch materiaal van een ggo gewas in een aangrenzend veld met een niet-­‐ggo variant van hetzelfde gewas terecht komen. PRICE onderzoekers hebben gekeken naar het effect van coëxistentiemaatregelen op de mate van uitkruising van ggo-­‐mais naar aangrenzende velden met niet-­‐ggo maïs2. Meerdere maatregelen blijken geschikt te zijn om het ggo-­‐gehalte onder de 0,9% te houden. Boven deze drempelwaarde moet de maïs als ggo worden geëtiketteerd. Professor Justus Wesseler, projectleider van PRICE zegt hierover: “Gedurende 2 jaar hebben we veldproeven uitgevoerd in Spanje. We hebben de maatregelen toegepast die door de Spaanse Organisatie van Zaadproducenten worden geadviseerd en die uitkruising beperken: Bufferzones en verschillende zaaidata, resulterend in verschillen in bloeitijd. De resultaten laten zien dat deze maatregelen Spaanse maïstelers in staat stellen om aan de huidige wettelijke regels te voldoen, ook wanneer er sprake is van kleine percelen. In Duitsland, Tsjechië en Spanje hebben we ook veldproeven uitgevoerd met cytoplasmatisch mannelijk steriele (CMS) maïs die geen pollen vormt. We hebben vastgesteld dat deze vorm van mannelijke steriliteit een effectieve biologische inperkingsmaatregel is. De resultaten suggeren dat de huidige uniforme isolatieafstanden tussen ggo en niet-­‐ggo maïs niet in verhouding staan tot de officiële grenswaarde en kunnen leiden tot onnodige kosten en maatregelen die voor telers belastend zijn. “ Een tweede groep PRICE onderzoekers vroeg aan ruim 1.400 telers in Duitsland, Spanje, Portugal en het Verenigd Koninkrijk hoe zij tegen verschillende coëxistentiemaatregelen aankijken. “Zowel de telers van ggo maïs als de telers van niet-­‐ggo maïs vertelden ons dat ze het aanleggen van bufferzones (een aantal rijen niet-­‐ggo planten) en het bewaren van gegevens gedurende een periode van 5 jaar praktisch uitvoerbaar vinden. Meer problemen hadden de telers met het toepassen van verschillende zaaidata en de mogelijke aansprakelijkheid voor economische schade als gevolg van contaminatie van niet-­‐ggo maïs boven de wettelijke drempelwaarde.”, zei Wesseler. Een derde PRICE team ontwikkelde een prototype van een Decision Support Tool (DST) . Deze DST werkt op basis van internetdata en geeft resultaten op perceelsniveau. De tool kan worden toegepast door telers, adviseurs in de land-­‐ en tuinbouw, coöperaties en beleidsmakers. “Dit instrument stelt de gebruiker in staat om rekening te houden met factoren die van invloed zijn op de onvermijdbare aanwezigheid van ggo’s, zoals klimaat, overheersende windrichting, landschapselementen en landbouwkundige kenmerken als bloeitijden. Voor maïs kan de DST voorspellen wat het gehalte ggo-­‐materiaal zal zijn in verschillende delen van een aangrenzend perceel met niet-­‐ggo maïs. De DST berekent de waarschijnlijkheid van een vooraf te kiezen uitkruisingspercentage (bijvoorbeeld 0,1% of 0,9%) en geeft aan wat het verwachte effect is van een 1
PRICE is het acronym voor Practical Implementation of Coexistence in Europe. 2 In Europa wordt op dit moment slechts één type ggo-­‐maïs op commerciële schaal geteeld: De MON810 maïs met insectenresistentie. Deze wordt geteeld in Spanje, Portugal en Tsjechië. 1 bepaalde bufferzone of een verschil in bloeitijd. Zodoende is het mogelijk om voor maïs proportionele coëxistentiemaatregelen te treffen. Voor andere gewassen kan de DST berekenen wat de effecten zijn van uniforme isolatieafstanden”, aldus Wesseler. Segregatie in de keten als marketingstrategie Een vierde PRICE team onderzocht de ervaringen van de maïs-­‐ en sojaketens in Duitsland, Italië, Portugal en Zwitserland met het scheiden van ggo en niet-­‐ggo grondstoffen. Zij constateren dat het overgrote deel van de geïmporteerde soja die wordt gebruikt in diervoeders uit ggo’s bestaat, maar dat er ook een markt is voor niet-­‐ggo producten. Weseler: “Aparte ketens voor non-­‐ggo producten, zoals de Duitse melk met de aanduiding ‘Ohne Gentechnik’, bestaan wel, maar het zijn nichemarkten. Dergelijke non-­‐ggo producten zijn gewoonlijk onderdeel van een bredere marketingstrategie voor ‘biologische’ producten, streekproducten of ‘traditionele’ of ‘ambachtelijke’ producten.” In de keten zijn het meestal de grootwinkelbedrijven en levensmiddelenfabrikanten die de normen voor non-­‐ggo producten vaststellen en de toelevering coördineren. Het managen van een gescheiden non-­‐ggo keten wordt daarna al snel routine. Het meest kritisch wat betreft de aanwezigheid van onvermijdbare ggo’s is de productie van diervoeders. Een veel gekozen oplossing in de veevoerindustrie is het gebruik van aparte installaties voor transport, opslag en verwerking (non-­‐ggo of gecombineerd met ‘biologisch’). Betreft het echter grote installaties, dan is er vaak sprake van onderbenutting van de capaciteit en kunnen de schaalvoordelen niet worden benut. Samenvattend stelt Wesseler: “PRICE heeft aangetoond dat onder de huidige regelgeving coëxistentie van ggo en niet-­‐ggo producten in Europa mogelijk is. De beschikbaarheid van niet-­‐ggo soja in landen buiten de EU, de prijstoeslag voor non-­‐ggo grondstoffen, de kosten van segregatie in de keten en de bereidheid van Europese consumenten om een hogere prijs voor non-­‐ggo producten te zijn doorslaggevende factoren voor de duurzaamheid van vrijwillige non-­‐ggo normen op de langere termijn. Lagere drempelwaarden of andere strikter voorwaarden zullen een negatief effect hebben op de beschikbaarheid van non-­‐ggo grondstoffen.” Voor meer informatie kunt u contact opnemen met: Justus Wesseler, Phone: +31 317 482621/484049 e-­‐mail: [email protected] Huib de Vriend Phone: +31 343 51 47 61 e-­‐mail: [email protected] Meer informatie over de projectresultaten is tevens beschikbaar op de PRICE website: http://price-­‐coexistence.com/newsletters_price 2