Overzicht pitches Academiedag

Overzicht inleidingen Academiedag 2014
De rol van opleiders bij innovatie in de bouw en van de bouwsector in de kwaliteit van opleidingen
Marjan Weekhout directeur Kennispark Twente
De bouw is van oudsher een belangrijke sector voor de economie in Oost –Nederland. De bouw in Oost Nederland was voor de crisis vooral bekend om haar omvang en haar betrouwbaarheid. We moeten we ons afvragen
of dit nog steeds de kenmerken zijn waarmee de bouwsector een rol van betekenis kan spelen in de regionale
economie. Welke rol spelen opleiders bij innovatie in de bouw en welke rol speelt de bouwsector in de kwaliteit
van de opleidingen?
 Samenwerking tussen opleiders en de branche, welke formules werken in de praktijk en waarom.
 Hoe kan de bouwbranche / een bouwbedrijf bijdragen aan de kwaliteit van de bouwopleidingen:
 Van specifiek naar integraal: de brede bachelor Built Environment, focus op de Toekomst Bestendige Stad
als uitgangspunt voor het opleiden.
De bouwer als leverancier van huisvesting en ruimtelijke inrichting
Cees van Beukering directeur PVM Partners Vastgoed Management Rotterdam/Eindhoven
De bouwsector ligt door de crisis knock-out in de economische boksring. Naarmate de crisis dieper werd is gelukkig het inzicht in wat anders moet duidelijker geworden. Een economie in transitie verlangt een passende
ruimtelijke inrichting en dito huisvesting. Voor de bouw ontstaan daardoor mogelijkheden voor nieuwe verdienlijnen. Om als bouwer diensten aan potentiële opdrachtgevers te mogen blijven leveren dient de organisatie
dienstverlenend, zelflerend en innovatief te zijn en gericht op:
1. het verbeteren van de kwaliteit van leven van de gebruiker. Het gaat niet meer om meters maar om kwaliteit;
2. het verbeteren van de bereikbaarheid en (architectonische) aantrekkelijkheid van de locatie
3. denken in baten c.q. productiviteit (omzetgerelateerde huur, risicodragende expolitatie)
4. herbruikbaarheid van het gebouw bij gebruiksveranderingen en/of functiewijzigingen
RWS als aanjager van innovatie
Ben Spiering, Innovatie manager RWS
Het kabinet stimuleert innovatie en heeft er voor gekozen om met het Topsectorenbeleid sterke sectoren nog
sterker te maken. Een onderdeel hiervan is het beleid om 2,5% van het totale inkoopvolume te bestemmen voor
de ontwikkeling en toepassing van innovatie.
Rijkswaterstaat wil als een van de grote inkopers invulling geven aan dit beleid. In de eerste plaats moet duidelijk zijn aan welke innovaties RWS behoefte heeft. Wat zijn de grote vragen die de komende jaren op RWS afkomen en hoe kunnen markt en kennis daarop inspelen? In de tweede plaats moet RWS het proces organiseren om een innovatie van “eerste toepassing” naar “business as usual” te brengen. In de derde plaats zal de
overheid de technologische ontwikkelingen goed moeten volgen,. Het project Getijdencentrale Brouwersdam zal
als illustratie van dit beleid worden gebruikt.
1
Overzicht pitches Academiedag 2014
Nr.
Inleider
Bedrijf
Onderwerp
1
Peter Kok
Normteq
Innovatief renoveren van torenflats uit de
jaren ’60
2
Jan Pieter van Dalen
Nieman Raadgevende Ingenieurs
Energie 0-woning
3
Harry Nieman
Nieman Raadgevende ingenieurs
private kwaliteitsborging = privatisering van
het Bouwtoezicht
4
Dennis Honkoop
Van Driesten Bouw
Social media als marketingtool
5
Eugène Hübner
Gelderland energie
Lokale energiemaatschappijen
085-7500030,
[email protected]
6
Franc Kleissen
Kleissen en partners
Humanagement
7
Frits van den Boogaard
Heijmans
Weg van de toekomst
8
Mike de Leeuw
Siers
Glasvezel in het buitengebied
9
Dineke van der Burg
RWS
Superstil wegdek
1. Innovatief renoveren van torenflats uit de jaren ‘60
Stelling: ‘Vernieuwing is niet mogelijk zonder doordacht opdrachtgeverschap’.
Afstappen van de gebaande aanbestedingswegen.
Afstappen van traditioneel hoofdaannemerschap gericht op uitbesteden.
Een industriële aanpak creëert betere, duurzame en goedkopere oplossingen.
Voorbeeld : balkonrenovatie van jaren ’60 flats van woningbouw vereniging Welbions in Hengelo.
2.
Energie 0 – woning
Energieneutraal, energie nul, EPC-0, energienotaloos, klimaatneutraal, energieleverend…deze termen zijn de
afgelopen maanden trending topic in de Bouwwereld. Er is sprake van een nieuwe ambitie en deze gaat verder
dan ooit te voren. Het lijkt erop dat de markt op dit punt de overheid en wellicht ook de consument inhaalt. Maar
is dit ook zo? Welke ontwikkelingen zijn er gaande om de mondiale energiedoelstellingen te realiseren? Hebben
we het wel over hetzelfde? Op een beknopte wijze wordt uiteengezet waar welke term voor staat en hoe we met
de beschikbare kennis en middelen kunnen komen tot realistische ‘energie – 0 – concepten’.
3. Private kwaliteitsborging: kwaliteit als leidraad
Het ziet er naar uit dat bouwpartijen vanaf 2015 de keuze hebben: of de gemeente toetst het bouwplan, of je
levert een kant en klaar plan af, dat door een private partij getoetst is aan de bouwtechnische regelgeving. En
als de voortekenen niet bedriegen, is dit pas de eerste stap naar volledige private kwaliteitsborging in de bouw.
Dat legt de verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid ondubbelzinnig waar hij thuis hoort: bij de professionele
bouwsector. Als één van de kwartiermakers namens de overheid is voor de opzet van private kwaliteitsborging
drs. ing. Harry Nieman van Stichting Bouwkwaliteit aangesteld. Hij licht deze ontwikkelingen graag nader toe.
2
4 Sociale media als marketingtool in ontwikkeling van woningen
’’Van Driesten Bouw richt zich niet op grote uitbreidingslocaties - die zijn er ook bijna niet meer – maar vooral op
kleinschalige ontwikkelingen op goede plekken. Ontwikkelaars waren gewend om op basis van emotie een bepaalde locatie aan te kopen. Wij doen dat op basis van informatie over de aanwezige vraag in de omgeving.’’
Aan het woord is Dennis Honkoop, directeur Van Driesten Bouw. ’’Dat hebben wij veel beter in beeld dan de
meeste makelaars.’’
Van Driesten Bouw is een middelgroot, ontwikkelend bouwbedrijf uit Ede en zet digitale strategieën in om tot
nieuwe ontwikkelingen te komen. Daarvoor heeft Van Driesten Bouw een bijzondere manier bedacht om de
wensen van eindgebruikers in kaart te brengen. Het doel van deze exercitie is primair om nieuwe ontwikkelingen te starten die vervolgens door het bouwbedrijf gerealiseerd kunnen worden.
5. Lokale energiemaatschappijen: Gelderland Energie en Tijd voor Groen
Deze 2 bedrijven hebben een nauwe samenwerking en tot doel om lokaal in eerste instantie vanuit een postcode roos op externe daken stroom middels zonnepanelen op te wekken.Werken vanuit een postcode roos is
vooral voor mensen aantrekkelijk die gezien hun woonsituatie of ligging van het huis niet in staat zijn zelf zonnepanelen te plaatsen op hun woning.
Men moet dan denken dat het huis niet op het zuiden ligt of dat men in een flatgebouw woont en er geen ruimte
is voor zonnepanelen. Wanneer men dan kiest om zonnepanelen op een extern dak te plaatsen hebben deze
mensen toch lokaal opgewekte groene stroom en zij kunnen de opbrengst van de panelen op het externe dak in
mindering brengen op hun energie rekening.Dit alles gaat gebeuren vanuit een cooperatie die behalve hernieuwbare energie lokaal gaat opwekken en exploiteren maar ook op het gebied van warmte en opslag haar
expertise zal inzetten. Dit alles natuurlijk vanuit een groene gedachte.
6. Humanagement
In projectmanagement ligt vaak de focus op ‘stenen stapelen’. Past die technische oriëntatie nog wel in onze
huidige maatschappij? Kleissen en Partners vindt van niet. Daarom heeft deze organisatie een eigen methode
ontwikkeld waarbij juist de sociale component centraal staat: Humanagement.
Humanagement draait om samenwerken, communicatie, verwachtingen en vertrouwen. Gedurende het hele
project is er systematisch aandacht voor de wederzijdse verwachtingen, de ‘vraag achter de vraag’ en de best
mogelijke oplossing voor alle betrokkenen. Tegelijkertijd worden de voortgang, planning, kwaliteit en kosten van
het project planmatig bewaakt.
Inmiddels is bewezen dat Humanagement positieve effecten heeft: opdrachtgevers hebben beter grip op ontwerp en uitvoering en opdrachtnemers bieden vaak méér dan wat gevraagd wordt. Dat lijkt misschien soft, maar
ook juridisch, technisch en procesmatig worden scherpere resultaten geboekt dan bij traditioneel bouwmanagement.
Nieuwsgierig hoe dat werkt? Kom naar de pitch Humanagement!
3
7. Stap naar voren!
De financiële en economische crisis; ook de bouwwereld is in rep en roer. Bezuinigingen, ontslagen, klagen
over gebrek aan werk, slechte marges.. totdat het besef ontstaat dat ‘doen wat we gisteren deden’ een gewisse
dood betekent. Heijmans ontdekte dit en kijkt in de spiegel. ’t Bouwbedrijf zette een ‘stap naar voren’. Door het
tonen van visie en in te zetten op innovatie. Door de klant centraal te stellen; zijn (latente) behoefte te onderzoeken. En door in te zetten op het leveren van toegevoegde waarde. Met haar propositie van de Smart Highway; een vergezicht op de snelweg van (over)morgen, zette het velen aan het denken. Een stap naar voren met
impact. Niet alleen voor de buitenwacht.. Graag neem ik u mee in het verhaal over de gevolgen van ‘een stap
naar voren’. Onderscheidend, inspirerend en aanleiding tot nog meer stappen naar voren! “
8. Glasvezel in het buitengebied
De afgelopen jaren heeft de grootschalige aanleg van glasvezel in de kernen van plaatsen een grote vlucht
genomen. Een aantal infra-aannemers hebben zich hierin gespecialiseerd. Met name de Telecom-onderdelen
van deze bedrijven hebben zich als strategisch partner van opdrachtgevers verzekerd van een grote werkstroom, dito omzet en voor de infrawereld acceptabele marges. Inmiddels is deze markt verzadigd.
Een niche-markt die tot op heden door de hoge investeringskosten onaangeroerd is gebleven is die van de verglazing van de buitengebieden. Nu lijkt ook die markt in beweging te komen. In de eerste plaats stellen provincies subsidies beschikbaar. Daarnaast heeft Siers Groep Oldenzaal b.v. in een vroeg stadium een revolutionair
plan uitgewerkt om naast de technische aspecten juist in te zoomen op het betrekken van de diverse externe
stakeholders. Al deze aspecten –ook de politieke- zullen in deze pitch de revue passeren.
9. Ultrastil wegdek
Geluidoverlast door verkeer op de weg blijft erg hinderlijk. Ondanks dat we nu al tweelaags-ZOAB hebben, dat
al veel stiller is dan het ‘gewone asfalt’ Dicht Asfalt Beton (DAB). Uit internationaal onderzoek is gebleken dat
met toevoeging van rubber er een nóg stiller asfalt is te maken. Maar dat is wel een forse klus, want de samenstelling van het wegdek bestaat dan uit steentjes, rubber en bindmiddel (lijm). En dat gaat van nature niet samen en heeft de neiging snel uit elkaar te vallen.
Alle uitdaging dus om innovatieve oplossingen te zoeken. Samen met marktpartijen en kennispartijen uit binnen- en buitenland gaat Rijkswaterstaat de uitdaging aan de goede oplossing te vinden.
Het innovatieproject is net van start gegaan, en het wórdt een uitdaging. Maar als het lukt, krijgen we een mooi
product, met positieve effecten voor de leefbaarheid en bereikbaarheid van Nederland. Mét mogelijkheden voor
export.
4