Gemeenteblad 2014 - Gemeente Rotterdam

Gemeenteblad 2014
Ondermandaatbesluit Concerndirecteur Dienstverlening 2014
De Concerndirecteur Dienstverlening,
Gelet op het Besluit mandaat, volmacht en machtiging gemeente
Rotterdam 2012 (MVMR 2012) en het bepaalde in afdeling 10.1.1 van de
Algemene wet bestuurswet (Awb);
overwegende, dat het om redenen van doelmatigheid wenselijk is de aan
hem in het Besluit mandaat, volmacht en machtiging gemeente Rotterdam
2012 opgedragen en daarvoor in aanmerking komende bevoegdheden
onder te mandateren aan ondergeschikte ambtenaren of aan anderen, dan
wel aan hen ondervolmacht te verlenen tot het verrichten van
privaatrechtelijke rechtshandelingen of aan hen ondermachtiging te
verlenen tot het verrichten van handelingen die noch een besluit, noch een
privaatrechtelijke handeling zijn;
besluit vast te stellen:
Ondermandaatbesluit Concerndirecteur Dienstverlening 2014
Inhoudsopgave
§ 1.
Definities
I. Collegebevoegdheden
§ 2.
Klachten
§ 3.
Dwangsom
§ 4.
Overeenkomsten
§ 5.
Basisregistratie personen
§ 6.
Huisvestingsvergunning
§ 7.
Verkiezingen
§ 8.
Nationaliteit
§ 9.
Burgerlijke stand
§ 10. Cassatiebevoegdheden, invordering en aanwijzing
deurwaarders
II. Burgemeesterbevoegdheden
§ 11. Verkiezingen
§ 12. Nationaliteit
§ 13. Burgerlijke stand
§ 14. Justitiële en strafvorderlijke gegevens
§ 15. Paspoorten
§ 16. Rijbewijzen
Gemeenteblad 2014
Nummer 13
pagina 1
III. Overige bevoegdheden
§ 17. Parkeren
IV. Slotbepalingen
§ 18. Intrekking
§ 19. Inwerkingtreding
Gemeenteblad 2014
Nummer 13
pagina 2
§ 1 Definities:
Artikel 1
1. Het cluster dienstverlening kent de volgende vakeenheden met ieder een
eigen leidinggevende:
a) Vakeenheid Publiekszaken, directeur Publiekszaken;
b) Vakeenheid Belastingen; directeur Belastingen;
c) Vakeenheid Stadsarchief, Stadsarchivaris;
d) Programma Dienstverlening en Verminderen regeldruk;
programmamanager.
2. Waar in dit besluit wordt gesproken over de directeur vakeenheid worden
de functionarissen onder a tot en met d bedoeld tenzij uitdrukkelijk anders
aangegeven.
I. Collegebevoegdheden
§ 2.
Klachten
Artikel 2
De Concerndirecteur Dienstverlening verleent ondermandaat aan:
1. de clustersecretaris, voor zover het zijn taakgebied betreft tot:
a.
het beslissen omtrent bejegeningsklachten bedoeld in artikel 9:1 Awb;
b.
het beslissen omtrent klachten gericht aan het college van B&W en
de burgemeester.
2. de directeur van de vakeenheid, het hoofd of manager en de teamchef of
teamleider van de afdeling, voor zover het zijn taakgebied betreft tot:
a.
het beslissen omtrent klachten gericht aan de Concerndirecteur
Dienstverlening, behoudens klachten, bedoeld in artikel 2, lid 1 van
dit besluit.
§ 3.
Dwangsom
Artikel 3
De Concerndirecteur Dienstverlening verleent ondermandaat aan:
1. de directeur van de vakeenheid, voor zover het zijn taakgebied betreft tot:
a.
het beslissen over de verschuldigdheid van een dwangsom bij niet
tijdig beslissen op grond van hoofdstuk 4 van de Awb;
b.
de actieve en passieve openbaarmaking van documenten, bedoeld
in de Wet openbaarheid van bestuur, voor zover het
aangelegenheden betreft die behoren tot hun werkterrein;
Gemeenteblad 2014
Nummer 13
pagina 3
2. het hoofd of manager van de afdeling waarop een ingekomen
ingebrekestelling betrekking heeft en de medewerker van deze afdeling,
ieder voor zover het zijn taakgebied betreft tot:
a.
het in behandeling nemen van een ingebrekestelling bij niet tijdig
beslissen, bedoeld in hoofdstuk 4 van de Awb.
§ 4.
Overeenkomsten
Artikel 4
De Concerndirecteur Dienstverlening verleent ondermandaat,
ondervolmacht en ondermachtiging aan:
1. de directeur van de vakeenheid, voor zover het zijn taakgebied betreft tot:
het aangaan, wijzigen en beëindigen van overeenkomsten inzake
dagelijks huishoudelijk beheer, bedrijfsactiviteiten of bedrijfsvoering,
waaronder in ieder geval wordt begrepen het laten verrichten van
diensten door derden, waarbij de bevoegdheid is beperkt tot
€ 250.000,-;
2. de manager van een vakeenheid, in de functie van afdelingshoofd, voor
zover het zijn taakgebied betreft tot:
a.
het aangaan, wijzigen en beëindigen van overeenkomsten inzake
dagelijks huishoudelijk beheer, bedrijfsactiviteiten of bedrijfsvoering,
waaronder in ieder geval wordt begrepen het laten verrichten van
diensten door derden, waarbij de bevoegdheid is beperkt tot
€ 50.000,-;
3. Bij afwezigheid van een onder lid 1 tot met 2 gemandateerde is bevoegd
de naast hogere leidinggevende.
§ 5.
Basisregistratie personen
Artikel 5
De Concerndirecteur Dienstverlening verleent ondermandaat aan:
1. de directeur Publiekszaken, de manager Uitvoering KCC, teamleiders
uitvoering KCC, de teamchefs Expertise Burgerzaken en de medewerkers
behorende tot de functiefamilie uitvoering, alsmede de medewerkers
behorende tot de functiefamilie publieksfuncties binnen de vakeenheid
Publiekszaken, ieder voor zover het zijn taakgebied betreft tot:
a.
het inschrijven van personen in de Basisregistratie personen (Brp)
en het opnemen en wijzigen van gegevens in de Brp;
b.
het vragen van inlichtingen, geschriften, beëdigde vertalingen of
persoonlijke verschijning, bedoeld in hoofdstuk 2, paragraaf 5 van
de Wet Brp;
Gemeenteblad 2014
Nummer 13
pagina 4
c.
d.
e.
f.
het starten en verrichten van een administratief onderzoek naar de
juistheid van de gegevens in de Brp, bedoeld in hoofdstuk 2 van de
Wet Brp;
het al dan niet op verzoek verstrekken van gegevens uit de Brp aan
burgers en het doen van mededelingen, bedoeld in hoofdstuk 2,
paragraaf 6 van de Wet Brp;
het beslissen op verzoeken om inlichtingen te verstrekken uit de
Brp, bedoeld in hoofdstuk 3 paragraaf 2 tot en met 4, alsmede
artikel 4.4 van de Wet Brp;
de afgifte van gewaarmerkte afschriften, uittreksels en verklaringen
op basis van de Wet Brp, alsmede het legaliseren van
handtekeningen en een attestatie de vita.
2. de medewerkers behorende tot de functiefamilie uitvoering, alsmede de
medewerkers behorende tot de functiefamilie publieksfuncties binnen de
vakeenheid Publiekszaken, ieder voor zover het zijn taakgebied betreft tot:
a.
het afnemen van verklaringen onder eed of belofte over gegevens
over de burgerlijke staat, voor zover het feiten betreft die zich buiten
Nederland hebben voorgedaan, als bedoeld artikel 2.8 lid 2 onder e
Wet Brp;
b.
het nemen van een beslissing als bedoeld in artikel 2.60 van de Wet
Brp.
3. de (senior) expert van Expertise Burgerzaken, voor zover het zijn
taakgebied betreft tot:
a.
het aanwijzen van instellingen waarbij daar verblijvende burgers
kunnen kiezen voor een briefadres;
b.
het aanwijzen van rechtspersonen die hun zetel in Nederland
hebben zoals bedoeld in artikel 2.42 van de Wet Brp;
c.
het nemen van een beslissing namens de burgemeester zoals
bedoeld in artikel 2.41, lid 1 van de Wet Brp.
§ 6.
Huisvestingsvergunning
Artikel 6
De Concerndirecteur Dienstverlening verleent ondermandaat aan:
1. de directeur Publiekszaken, de manager Expertise Burgerzaken, de
teamchefs Expertise Burgerzaken, de teamleider Uitvoering KCC en de
medewerkers behorende tot de functiefamilie uitvoering binnen de
vakeenheid Publiekszaken, ieder voor zover het zijn taakgebied betreft tot:
a.
het in ontvangst nemen van een aanvraag voor het verstrekken van
een huisvestingsvergunning;
b.
het verlenen en weigeren van een huisvestingsvergunning;
c.
het intrekken van een huisvestingsvergunning.
Gemeenteblad 2014
Nummer 13
pagina 5
§ 7.
Verkiezingen
Artikel 7
De Concerndirecteur Dienstverlening verleent ondermandaat aan:
1. de directeur Publiekszaken, de project- en programmamanager
Expertise Burgerzaken en de medewerkers behorende tot de functiefamilie
uitvoering binnen de vakeenheid Publiekszaken, ieder voor zover het zijn
taakgebied betreft tot:
a.
het registreren van de kiesgerechtigden van de gemeente
Rotterdam;
b.
het benoemen van de leden van elk stembureau bij alle
verkiezingen en een voldoende aantal plaatsvervangende leden;
c.
het registreren van de kiesgerechtigdheid van de onderdanen van
andere lidstaten van de Europese Unie.
§ 8.
Nationaliteit
Artikel 8
De Concerndirecteur Dienstverlening verleent ondermandaat aan:
1. de directeur Publiekszaken, de manager Uitvoering KCC, de manager
Expertise Burgerzaken, de teamchefs Expertise Burgerzaken, de
teamleiders Uitvoering KCC en de medewerkers behorende tot de
functiefamilie uitvoering, alsmede de medewerkers behorende tot de
functiefamilie publieksfuncties binnen de vakeenheid Publiekszaken, ieder
voor zover het zijn taakgebied betreft tot:
a.
het in verband met erkenning bedoeld in artikel 4, vierde lid, van de
Rijkswet op het Nederlanderschap in ontvangst nemen en
beoordelen van DNA-bewijs, bedoeld in het eerste en vierde lid van
artikel 1 van het Besluit DNA-onderzoek vaderschap.
§ 9.
Burgerlijke stand
Artikel 9
De Concerndirecteur Dienstverlening verleent ondermandaat aan:
1. de Directeur Publiekszaken en de manager Expertise Burgerzaken, ieder
voor zover het zijn taakgebied betreft tot:
a.
het aanwijzen van een huis der gemeente, alsmede het intrekken
van deze aanwijzing.
Gemeenteblad 2014
Nummer 13
pagina 6
Artikel 10
De Concerndirecteur Dienstverlening verleent ondermandaat aan:
1. de Directeur Publiekszaken en de manager Expertise Burgerzaken, ieder
voor zover het zijn taakgebied betreft tot:
a.
het benoemen en ontslaan van buitengewoon ambtenaren
burgerlijke stand.
2. de manager Expertise Burgerzaken, voor zover het zijn taakgebied
betreft tot:
a.
het benoemen en ontslaan van buitengewoon ambtenaren
burgerlijke stand voor de periode van één dag.
Artikel 11
De Concerndirecteur Dienstverlening verleent ondermandaat aan:
1. de directeur Publiekszaken, vermeld in artikel 5, lid 4 van het Reglement
Burgerlijke Stand 2014, voor zover het zijn taakgebied betreft tot:
a. het besluiten op een verzoek om af te wijken van de door het college
van burgemeester en wethouders vastgestelde openingstijden van
een·stadswinkel.
§ 10
Cassatiebevoegdheden, invordering en aanwijzing
deurwaarders
Artikel 12
De Concerndirecteur Dienstverlening verleent ondermandaat aan de
directeur van de vakeenheid Belastingen tot:
a) het instellen van beroep in cassatie en beslissen tot het voeren van
verweer in belastingzaken;
b) het nemen van alle conservatoire maatregelen in belastingzaken en
het doen van al wat mogelijk is ter voorkoming van verjaring of
verlies van recht of bezit van de gemeente Rotterdam;
c) het nemen van procesbesluiten in belastingzaken, bedoeld in artikel
160, eerste lid, onder f, van de Gemeentewet;
d) de invordering van de op grond van artikel 97 van de Woningwet
verschuldigde bestuursdwangkosten, verhoogd met de op de
invordering vallende kosten, overeenkomstig de artikelen 5:25 en
5:26 van de Algemene wet bestuursrecht;
e) de aanwijzing van gemeenteambtenaren die werkzaam zijn bij zijn
vakeenheid dan wel bij een ander onderdeel van de gemeentelijke
organisatie als gemeentelijk belastingdeurwaarder als bedoeld in
artikel 231, tweede lid, aanhef en onder e, van de Gemeentewet;
f) het invorderen van bestuursrechtelijke geldschulden voor zover
deze bevoegdheid niet is opgedragen aan de concerndirecteur
Werk en Inkomen;
g) het uitvoeren van draagvlakmetingen, bedoeld in de artikelen 4 en 5
van de Experimentenwet BI-zones;
Gemeenteblad 2014
Nummer 13
pagina 7
h) het beslissen op administratieve beroepen in het kader van uitstel
van betaling en kwijtschelding, bedoeld in artikel 25, respectievelijk
26 van de Invorderingswet.
II. Burgemeesterbevoegdheden
§ 11.
Verkiezingen
Artikel 13
De Concerndirecteur Dienstverlening verleent ondermandaat aan:
1. de directeur Publiekszaken, de project- en programmamanager
Expertise Burgerzaken en de medewerkers behorende tot de functiefamilie
uitvoering binnen de vakeenheid Publiekszaken, ieder voor zover het zijn
taakgebied betreft tot:
a. het inrichten van het stemlokaal en het aanwijzen van personen die
het stembureau ten dienste worden gesteld;
b. het aanwijzen van ambtenaren die het proces-verbaal en de
verzegelde pakken in ontvangst nemen, respectievelijk bewaren.
2. de directeur Publiekszaken, de project- en programmamanager
Expertise Burgerzaken en de medewerkers behorende tot de functiefamilie
uitvoering binnen de vakeenheid Publiekszaken, ieder voor zover het zijn
taakgebied betreft, tot het uitoefenen van de volgende bevoegdheden op
grond van de Kieswet en Kiesbesluit:
a. het aanwijzen van ambtenaren die aanwezig zijn bij het
ondertekenen van een verklaring van ondersteuning door een
kiezer, de identiteit en kiesgerechtigdheid nagaan en daarvan
aantekening maken;
b. het uitreiken van een nieuwe stempas;
c. het aanwijzen van ambtenaren die een beslissing nemen op een
schriftelijk verzoek om een kiezerspas voor het stemmen in een
andere gemeente;
d. het aanwijzen van ambtenaren die een beslissing nemen op een
mondeling verzoek om een kiezerspas voor het stemmen in een
andere gemeente;
e. het aanwijzen van ambtenaren die een beslissing nemen op een
verzoek om bij volmacht te stemmen.
§ 12.
Nationaliteit
Artikel 14
De Concerndirecteur Dienstverlening verleent ondermandaat aan:
1. de directeur Publiekszaken, de manager Uitvoering KCC, de manager
Expertise Burgerzaken, de teamchefs Expertise Burgerzaken, de
beleidsadviseur Expertise Burgerzaken, de teamleiders Uitvoering KCC en
de medewerkers behorende tot de functiefamilie uitvoering, alsmede de
Gemeenteblad 2014
Nummer 13
pagina 8
medewerkers behorende tot de functiefamilie publieksfuncties binnen de
vakeenheid Publiekszaken, ieder voor zover het zijn taakgebied betreft tot:
a.
het nemen van beslissingen, het afdoen van stukken, het
ondertekenen van uitgaande brieven, het uitreiken van
naturalisatiebesluiten en de bevestiging van de verkrijging van het
Nederlanderschap en het verrichten van overige handelingen ten
aanzien van aangelegenheden die verband houden met de aan de
burgemeester bij of krachtens de Rijkswet op het Nederlanderschap
verleende bevoegdheden en opgedragen taken;
b.
het namens de Minister nemen van beslissingen, afdoen van
stukken en ondertekenen van brieven ten aanzien van de
aangelegenheden, bedoeld in artikel 8 van de Regeling verkrijging
en verlies Nederlanderschap.
§ 13.
Burgerlijke stand
Artikel 15
De Concerndirecteur Dienstverlening verleent ondermandaat aan:
1. de directeur Publiekszaken, de manager Uitvoering KCC, de manager
Expertise Burgerzaken, de teamleiders Uitvoering KCC en de teamchefs
Expertise Burgerzaken, ieder voor zover het zijn taakgebied betreft tot:
a.
het doen van aangiften van geboorte en overlijden;
b.
het stellen van een andere termijn voor begraving of crematie;
c.
het geven van schriftelijk verlof tot ontleding, uiterlijk op de derde
dag na die van het overlijden;
d.
het afgeven van een laissez-passer betreffende het vervoer van
lijken dan wel de verklaring bedoeld in artikel 11, lid 4 van het
Besluit op de lijkbezorging.
§ 14.
Justitiële en strafvorderlijke gegevens
Artikel 16
De Concerndirecteur Dienstverlening verleent ondermandaat aan:
1. de directeur Publiekszaken, de manager Uitvoering KCC, de manager
Expertise Burgerzaken, de teamchefs Expertise Burgerzaken, de
teamleiders Uitvoering KCC en de medewerkers behorende tot de
functiefamilie uitvoering, alsmede de medewerkers behorende tot de
functiefamilie publieksfuncties binnen de vakeenheid, ieder voor zover het
zijn taakgebied betreft tot:
a.
het aanvragen van inlichtingen op grond van de artikelen 9, 10, 11,
12 en 13 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens juncto
artikel 13, eerste lid en derde lid, onderdeel c van het Besluit
justitiële en strafvorderlijke gegevens juncto artikel 111 van de
Wegenverkeerswet;
b.
het aanvragen van inlichtingen op grond van de artikelen 9, 10, 11,
12 en 13 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens juncto
Gemeenteblad 2014
Nummer 13
pagina 9
c.
d.
§ 15.
artikel 12, onderdeel c van het Besluit justitiële en strafvorderlijke
gegevens juncto artikel 31 van de Wet justitiële en strafvorderlijke
gegevens;
het aanvragen van inlichtingen op grond van de artikelen 9, 10, 11,
12 en 13 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens juncto
artikel 20 van het Besluit justitiële en strafvorderlijke gegevens;
het aanvragen van inlichtingen op grond van de artikelen 9, 10, 11,
12 en 13 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens juncto
artikel 16, onder b van het Besluit justitiële en strafvorderlijke
gegevens.
Reisdocumenten
Artikel 17
De Concerndirecteur Dienstverlening verleent ondermandaat aan:
1. de manager Uitvoering KCC en de teamleiders uitvoering KCC, ieder
voor zover het zijn taakgebied betreft tot:
a.
het aanwijzen van ambtenaren als autorisatiebevoegden
reisdocumenten, bedoeld in artikel 79 van de
Paspoortuitvoeringsregeling Nederland 2001 (PUN).
2. de teamleiders uitvoering KCC en de teamchefs Expertise Burgerzaken,
ieder voor zover het zijn taakgebied betreft tot:
a.
het aanwijzen en registreren van ambtenaren, bedoeld in artikel 78
PUN, met inachtneming van de functionele beschrijvingen met
betrekking tot het aanvraagsysteem reisdocumenten en
overeenkomstig de beveiligingsprocedure;
b.
de registratie van de parafen van de personen die tot parafering van
aanvraagformulieren bevoegd zijn;
c.
de aanmelding van de uitgiftelocaties bij het agentschap BPR;
d.
het vastleggen van een tijdstip met het bestelkantoor waarop de
reisdocumenten, identificatiekaarten en aanvraagformulieren
worden afgeleverd.
3. de medewerkers behorende tot de functiefamilie uitvoering binnen de
vakeenheid Publiekszaken van de afdeling Expertise Burgerzaken, ieder
voor zover het zijn taakgebied betreft, tot:
a.
het weigeren of vervallen laten verklaren van het reisdocument;
b.
de kennisgeving van de beslissing inzake weigering of
vervallenverklaring;
c.
het opvragen van informatie over gesignaleerde personen bij de
Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, bedoeld in
artikel 44 van de Paspoortwet en artikel 58 PUN;
d.
de verwijzing van de betrokken persoon in het geval van
onbevoegdheid tot het in ontvangst nemen van de aanvraag;
Gemeenteblad 2014
Nummer 13
pagina 10
e.
f.
de verwijzing van de betrokken persoon die een mededeling van
een vermissing wil doen naar de gemeente waar hij in de
basisregistratie personen als ingezetene is ingeschreven;
de doorzending van het ingehouden reisdocument dan wel het
reisdocument van een gesignaleerde persoon, bedoeld in artikel 62
PUN.
4. de medewerkers behorende tot de functiefamilie uitvoering, alsmede de
medewerkers behorende tot de functiefamilie publieksfuncties binnen de
vakeenheid Publiekszaken, ieder voor zover het zijn taakgebied betreft tot:
a.
het in ontvangst nemen van een aanvraag voor het verstrekken van
een nationaal paspoort, een reisdocument voor vluchtelingen en
vreemdelingen en een Nederlandse identiteitskaart;
b.
het in ontvangst nemen van een aanvraag voor het verstrekken van
een faciliteitenpaspoort en een tweede paspoort;
c.
het uitreiken van de in artikel 17 lid 4 sub a en b genoemde
documenten;
d.
het aanbrengen van wijzigingen en bijzondere vermeldingen in het
reisdocument;
e.
het doen van mededelingen aan het agentschap BPR inzake
vermelding en verwijdering van de vermelding in het register
paspoortsignaleringen, bedoeld in artikel 65 PUN;
f.
de kennisgeving aan het Expertise Centrum Identiteitsfraude en
Documenten van de Koninklijke Marechaussee inzake een
gevonden reisdocument, niet zijnde een nooddocument, bedoeld in
artikel 66 PUN;
g.
de definitieve onttrekking van reisdocumenten aan het verkeer in de
gevallen, bedoeld in de artikelen 67 en 98, lid 2 PUN;
h.
de registratie van de definitieve onttrekking in de basisregistratie
personen;
i.
het nagaan of kosteloze verstrekking van een reisdocument
ingevolge artikel 6, derde lid, van het Besluit paspoortgelden
mogelijk is;
j.
het inhouden van een reisdocument in de gevallen, bedoeld in
artikel 54 van de Paspoortwet.
5. de medewerkers behorende tot de functiefamilie publieksfuncties van de
Stadswinkel binnen de vakeenheid Publiekszaken, ieder voor zover het zijn
taakgebied betreft tot:
a.
het doorzenden van het definitief aan het verkeer te onttrekken
reisdocumenten, bedoeld in artikel 63 PUN.
6. de (senior) experts van Expertise Burgerzaken, ieder voor zover het zijn
taakgebied betreft tot:
a.
het onderzoeken van een reis- of identiteitsdocument op
onregelmatigheden;
b.
het melden van de onregelmatigheid aan het Expertise Centrum
Identiteitsfraude en Documenten van de Koninklijke Marechaussee.
Gemeenteblad 2014
Nummer 13
pagina 11
7. de medewerkers behorende tot de functiefamilie uitvoering, alsmede de
medewerkers behorende tot de functiefamilie publieksfuncties binnen de
vakeenheid Publiekszaken, ieder voor zover het zijn taakgebied betreft tot:
a.
de registratie van de ontvangen kennisgevingen in de
basisregistratie personen, bedoeld in artikel 75 PUN.
Artikel 18
De bevoegdheden, bedoeld in § 15 van dit Ondermandaatbesluit, komen
tevens toe aan de directeur publiekszaken voor zover het zijn taakgebied
betreft.
§ 16.
Rijbewijzen
Artikel 19
De concerndirecteur dienstverlening verleent ondermandaat aan:
1. de medewerkers behorende tot de functiefamilie uitvoering binnen de
vakeenheid Publiekszaken, ieder voor zover het zijn taakgebied betreft tot:
a.
het ongeldig verklaren van een rijbewijs in de gevallen, genoemd in
artikel 124, lid 2, sub c, d en f jo lid 1, sub a, b, c en e van de
Wegenverkeerswet;
b.
het weigeren van een aanvraag voor het verstrekken van een
rijbewijs.
2. de medewerkers behorende tot de functiefamilie uitvoering, alsmede de
medewerkers behorende tot de functiefamilie publieksfuncties binnen de
vakeenheid Publiekszaken, ieder voor zover het zijn taakgebied betreft tot:
a.
het in ontvangst nemen van een aanvraag voor het verstrekken van
een rijbewijs;
b.
het verstrekken van een rijbewijs;
c.
het vernietigen van het ongeldig geworden rijbewijs;
d.
het innemen van het ongeldig verklaarde rijbewijs;
e.
het registreren van de ontvangst van de afgeleverde rijbewijzen in
het rijbewijzenregister en het controleren van de levering op
juistheid en volledigheid;
f.
het afgeven van een rijbewijs alsmede het afgeven van een
internationaal rijbewijs.
3. de medewerkers behorende tot de functiefamilie uitvoering, alsmede de
medewerkers behorende tot de functiefamilie publieksfuncties binnen de
vakeenheid Publiekszaken, ieder voor zover het zijn taakgebied betreft tot:
a.
het maandelijks controleren van de rijbewijzen aan de hand van de
in het rijbewijzenregister opgeslagen gegevens;
b.
het terugzenden van onjuist vervaardigde dan wel onjuist
afgeleverde rijbewijzen met een proces-verbaal aan de Dienst
Wegverkeer;
Gemeenteblad 2014
Nummer 13
pagina 12
c.
d.
het terugzenden van niet uitgereikte rijbewijzen met een procesverbaal aan de Dienst Wegverkeer;
het opmaken van een proces-verbaal aan de Dienst wegverkeer
van niet ontvangen rijbewijzen.
4. de medewerkers behorende tot de functiefamilie uitvoering, alsmede de
medewerkers behorende tot de functiefamilie publieksfuncties binnen de
vakeenheid Publiekszaken, ieder voor zover het zijn taakgebied betreft tot:
a.
het bestellen van rijbewijzen door middel van het elektronisch
versturen van de aanvraag naar de Dienst Wegverkeer.
5. de beveiligingsfunctionaris Rijbewijzen, voor zover het zijn taakgebied
betreft tot:
a.
het beheer van en het toezicht op de naleving van de
beveiligingsprocedure, bedoeld in artikel 128, lid 6 van het
Reglement rijbewijzen.
Artikel 20
De bevoegdheden, bedoeld in § 16 van dit Ondermandaatbesluit, komen
tevens toe aan de Directeur Publiekszaken voor zover het zijn taakgebied
betreft.
III. Overige bevoegdheden
§ 17.
Parkeren
Artikel 21
De concerndirecteur Dienstverlening verleent op grond van het door
concerndirecteur Stadsbeheer verleende ondermandaat zoals opgenomen
in de bijlage, nader ondermandaat aan:
1. de directeur Publiekszaken, de teamleiders Uitvoering KCC en de
medewerkers behorende tot de functiefamilie publieksfuncties binnen de
vakeenheid Publiekszaken, ieder voor zover het zijn taakgebied betreft, tot:
a.
het verlenen, wijzigen en intrekken van ontheffingen van de
parkeerverboden, bedoeld in hoofdstuk 5, paragraaf 1, van de APV
Rotterdam 2012 met uitzondering van de haven- en
industriegebieden;
b.
het verstrekken en ongeldig verklaren van gehandicaptenparkeerkaarten, bedoeld in de artikelen 49 tot en met 55 van het
Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer;
c.
het verlenen, intrekken, overschrijven en wijzigen van
parkeervergunningen en het verlenen, intrekken, overschrijven en
wijzigen van ontheffingen, bedoeld in de artikelen 2, 3 en 4 van de
Verordening parkeerregulering en parkeerbelastingen.
Gemeenteblad 2014
Nummer 13
pagina 13
IV. Slotbepalingen
§ 18.
Intrekking
Artikel 22
Het Ondermandaatbesluit Concerndirecteur dienstverlening 2012, d.d. mei
2012 wordt ingetrokken.
§ 19.
Inwerkingtreding
Artikel 23
Dit besluit treedt in werking met ingang van 6 januari 2014.
Artikel 24
Dit besluit wordt aangehaald als: Ondermandaatbesluit Concerndirecteur
Dienstverlening 2014.
Aldus vastgesteld op 6 januari 2014.
Y.J. van Stiphout
Concerndirecteur Dienstverlening
Dit gemeenteblad is uitgegeven op 22 januari 2014 en ligt op werkdagen
van 8.30 tot 16.00 uur ter inzage bij het Kenniscentrum Bestuursdienst
Rotterdam (KBR), locatie Stadswinkel Centrum, Coolsingel 40 (zijde
Doelwater, tegenover hoofdbureau politie)
(Zie ook: www.bds.rotterdam.nl – Gemeentebladen)
Gemeenteblad 2014
Nummer 13
pagina 14