Nieuwsbrief Prinsenland - De Kleine Prins » Montessori

Agenda
woensdag 19 en donderdag 20 maart: jeugdtandverzorging
vrijdag 21 maart: boekenruilbeurs
Inhoud
Vijfde onderbouwgroep
Halfjaarlijkse controle jeugdtandverzorging
Verslag vergadering medezeggenschapsraad
Oproepje voor paastakken
Lang leve het montessorionderwijs!
Workshop 'De Ontdekkingsreis naar het Stiltepunt'
Getalbegrip op kleuterniveau
Het plantenrijk in de middenbouw
Duurzaamheidstips van de EcoRaad
Gedragsregel week 12
VAN DE DIRECTEUR
Vijfde onderbouwgroep
Nieuwsbrief
Prinsenland
14 maart 2014
jaargang 22
Op 17 maart start er een vijfde montessorionderbouwgroep. Omdat de ruimte op de locatie
Prinsenland beperkt is zal deze groep tot het eind
van dit schooljaar op de locatie Lage Land worden
geplaatst. De nieuwe kinderen en ouders hebben
intussen al kennis kunnen maken met de juffen: juf
Lindsey (maandag en dinsdag) en juf Vera (woensdag t/m vrijdag).
Ondanks dat de groep op de locatie Lage Land zal
worden gehuisvest, is het een montessorigroep en
krijgen de kinderen daar het montessorionderwijs
aangeboden. We wensen de kinderen, de juffen en
de ouders een goede start van hun nieuwe basisschooltijd.
Wilke Vos, directeur
JEUGDTANDVERZORGING
Halfjaarlijkse controle
Woensdag 19 en donderdag
20 maart komt de jeugdtandverzorging langs voor de
kinderen die hiervoor zijn
aangemeld.
Mocht u interesse hebben om
uw kind ook aan te melden, dan
kunt informatie afhalen bij Martine van de
administratie.
VAN DE MEDEZEGGENSCHAPSRAAD
Verslag vergadering MR 25 februari
De medezeggenschapsraad gaat in vernieuwde samenstelling een cursus volgen bij het CNV. We werken nog aan onze presentatie op de schoolsite.
Inhoudelijk is het Arboplan van locatie Prinsenland
besproken. Vrijwel alles loopt goed. Het Arboplan
2014 locatie Prinsenland is goedgekeurd. Binnenkort
wordt dit voor locatie Lage Land besproken met een
evaluatie.
De ouderleden hebben kennis gemaakt met diverse
onderdelen van het strategisch beleidsplan ‘De Kleine Prins 2014-2018, op weg naar een duurzame wereld’. Enkele belangrijke punten van het plan zijn besproken zoals het meer betrekken van vaders bij de
school, het bereiken van optimale resultaten bij het
rekenen en het toepassen van de omgangsregels
door kinderen en ouders. Het onderwerp (digitale)
communicatie met ouders komt structureel op de
agenda van de MR om ook de ouderleden de gelegenheid te geven mee te denken.
Ben Jalhay, namens de MR van Prinsenland en
Lage Land
OPROEPJE
Gezocht: gratis grote paastakken om de school mee te
versieren. Mocht u deze over hebben, wilt u dit dan
doorgeven aan Jolanda van Leeuwen via
[email protected]
MONTESSORI
Lang leve het montessorionderwijs!
Wat horen en lezen we veel in de media over onderwijs. Zo is het passend
onderwijs een hot item, evenals de Cito Eindtoets en gisteren hoorde ik dat
het niveau voor onderwijs aan de bollebozen omhoog moet.
De leerlingen schijnen te vaak de gewone leerlijn te moeten volgen en leerkrachten schijnen niet altijd goed met de verschillen om te kunnen gaan.
Leerkrachten zouden het dus moeilijk vinden om te differentiëren en de
doorgaande leerlijn aan te passen naar het kind.
Mijn enige gedachte is dan: lang leve het montessorionderwijs!
Montessorileerkrachten doen niet anders dan leerlijnen aanpassen, extra
leerstof aanbieden, niveauverschillen zien en daarop inspelen; uitdaging
bieden en de kinderen prikkelen om het beste uit henzelf te halen.
Wij zijn er juist op getraind om niet groepsgewijs onderwijs te bieden maar
te zoeken naar wat iedere leerling individueel nodig heeft om te groeien als
persoon op cognitief maar zeker ook op sociaal en emotioneel gebied.
Het blijft een prachtig vak! Ik geniet ervan om de kinderen te zien stralen
wanneer zij beseffen dat zij wéér een leerdoel
hebben bereikt, of trots zijn op een verhaal dat zij
geschreven hebben, een staartdeling met
miljarden in het antwoord, een Engels gedicht en
zo kan ik doorgaan en doorgaan.
Het is zo mooi om te zien dat talenten naar boven
komen en actief worden ingezet. De kinderen
groeien en verkrijgen meer zelfvertrouwen.
Ja, voor mij is het antwoord op vele vragen en
verhalen uit de media over het onderwijs: “Ga
eens kijken hoe ze dat in het montessorionderwijs aanpakken, op De Kleine Prins of zo…”
Gaby Hoogenboom
STILTEPUNT
Workshop 'De Ontdekkingsreis naar het Stiltepunt' voor
ouders van de onderbouw
Dinsdag 11 maart was het dan zo ver. De ouders van de kinderen in de
onderbouw op allebei de locaties van De Kleine Prins hebben ontdekt
wat het Stiltepunt is.
Ze kwamen naar de workshop uit belangstelling of nieuwsgierigheid om
nu toch eindelijk te weten te komen wat hun kind bedoelde met die boom,
klankschaal of spaghetti.
Wat een spontaniteit, enthousiasme en energie lieten de ouders zien!
Want na onze uitleg over het Stiltepunt, zijn we vooral gaan oefenen. De
ouders kropen in de huid van hun kleuter en hebben ervaren wat het is
om te bewegen, wat de adem met ons doet, hoeveel gedachten en beelden er door ons hoofd gaan, wat ont-spanning ons brengt en hoe fijn een
massage kan zijn.
Ons motto is namelijk 'leren = doen = ervaren = leren'.
En dus zijn de ouders op reis gegaan met zichzelf. Soms onwennig of
aftastend, maar zeker vanuit plezier. Dat maakte dat langzaam het hoofd
minder voorop liep en plaats maakte voor het beleven.
Het Stiltepunt is meer dan ontspannen en rustig worden. Het is juist ook
de beweging en energie voelen, want die hebben we nodig om ons in te
zetten en onze talenten tot bloei te laten komen. Kinderen leren zichzelf
zo kennen vanuit een ontspannenheid. Zonder prestatiegerichtheid presteren ze beter omdat ze ontdekken wie ze zijn.
De ouders gingen positief en een ervaring rijker de schooldeuren uit. En
wij geïnspireerd en aangemoedigd door ouders die geïnteresseerd zijn in
de belevingswereld van hun kinderen.
Annet Alingh-van der Schalk en Karin Kamstra
ONDERBOUW
Getalbegrip op kleuterniveau
In groep 1 en 2 is spelen het middel om te leren. Een vier- of vijfjarige leert
vooral door zelf dingen te ontdekken en dat is een van de uitgangspunten
van het montessorionderwijs. De invloed van volwassenen is daarin belangrijk. Het zijn zowel de ouders als de leerkracht die het kind ‘begeleiden’ bij het opdoen van nieuwe ervaringen.
De manier waarop kleuters leren wordt gekenmerkt door drie aspecten.
Ten eerste is er de spelactiviteit, ten tweede wordt het handelen van de
kleuter steeds meer doelgericht en als laatste nemen kleuters de wereld
om zich heen waar.
Jonge kinderen maken zich tot de leeftijd van ongeveer 7 jaar verschillende rekengerelateerde
vaardigheden eigen. Als deze vaardigheiden zich goed ontwikkelen, komen de meeste kinderen tot een voldoende niveau van voorbereidende
rekenvaardigheid. Dit komt hen van pas bij het verdere rekenen en rekenonderwijs.
Hoeveelheden koppelen
Hieronder wordt het koppelen van aantallen aan getallen, tot en met 10,
verstaan. Als kinderen dit beheersen dan kunnen ze op basis van overeenkomsten of verschillen, onderscheid maken tussen hoeveelheden en
deze groeperen.
Eén-één correspondentie
Het vergelijken van hoeveelheden door het toepassen van de éénéénrelatie. Kinderen die deze component beheersen zijn in staat om éénéén-relaties te leggen tussen verschillende gegevens. Bijvoorbeeld: weten bij twee rijen met verschillende voorwerpen (een rij met kippen en
een rij met eieren) dat er wel/niet evenveel kippen als eieren zijn. Ook
begrijpen kinderen dan dat zes pionnen qua hoeveelheid evenveel is als
zes stippen op een dobbelsteen.
Ordenen
Het rangordenen van voorwerpen aan de hand van bepaalde criteria.
Kinderen die kunnen ordenen zijn in staat zijn te bepalen of voorwerpen
of getallen wel of niet in een goede volgorde/rangorde staan. Het gaat
om ordeningen van hoog naar laag, van meer naar minder, van dun naar
dik, van smal naar breed et cetera. Hierbij is het belangrijk dat de kinderen de juiste leesrichting hanteren, van links naar rechts.
Daarnaast kunnen kinderen zelf logische verbanden leggen. Een voorbeeld hiervan zijn de cilinders (montessorimateriaal). Ze kunnen dan cilinders koppelen, een grote gele cilinder koppelen aan een dikke rode
cilinder en een kleine gele cilinder koppelen aan een dunne rode cilinder.
Artikel
Telwoorden gebruiken
Het vooruit tellen, terugtellen en verder tellen en het kunnen benoemen
van de buurgetallen. Dit betekent dat kinderen akoestisch kunnen tellen
(de telrij kunnen opzeggen) en dat ze de rangtelwoorden toepassen (eerste, tweede etc.) en dat ze het getal als aanduiding van een aantal gebruiken.
Jean Piaget
Op basis van vakpublicaties en wetenschappelijk onderzoek zijn negen
componenten, of aspecten, van voorbereidende rekenvaardigheid te onderscheiden. Deze negen componenten behoren samen tot één factor
‘getalbegrip op kleuterniveau’. In deze negen componenten zijn de rekengerelateerde aspecten van de psycholoog Piaget als het ware geïntegreerd. Jean Piaget (Neuchâtel, 9 augustus 1896 - Genève, 16 september
1980) was een Zwitsers psycholoog die de cognitieve psychologische
ontwikkeling van kinderen bestudeerde.
Hieronder vindt u de negen componenten, of aspecten, verder uitgelegd.
Vergelijken
Het vergelijken van voorwerpen op kwalitatieve of kwantitatieve kenmerken. Met deze component wordt bedoeld dat kinderen de begrippen beheersen die in vergelijkingen veel voorkomen. Het gaat om begrippen zoals: meeste, minste, hoger, lager, dikker, dunner etc.
Synchroon en verkort tellen
Het synchroon tellen (gelijktijdig aanwijzen en tellen van voorwerpen) en
het verkort tellen (tellen in groepjes, dobbelsteenstructuur, vingerstructuur etc.). Kinderen die deze vaardigheden beheersen kunnen met het
gebruik van het montessorimateriaal hoeveelheden synchroon tellen en
tijdens het tellen het materiaal met hun vinger aanwijzend. Ook zijn ze in
staat dobbelsteen- , eierdoos- en vingerstructuren direct te herkennen.
Resultatief tellen
Het tellen van gestructureerde en ongestructureerde hoeveelheden en
het tellen van bedekte hoeveelheden. Dit betekent dat kinderen de totale
hoeveelheid kunnen bepalen van zowel gestructureerde als ongestructureerde verzamelingen. Hierbij is het laatst genoemde telwoord het aantal.
Toepassen van kennis van getallen
Het kunnen toepassen van de kennis van het getallensysteem in eenvoudige probleemsituaties. Dit houdt in dat kinderen getallen onder de twintig
in eenvoudige alledaagse probleemsituaties kunnen gebruiken. Dus wanneer er 3 van de vijf kinderen een schaar hebben, weet het kind dat er nog
twee scharen bij gehaald moeten worden.
Schatten
Kinderen kunnen op getallenlijnen die lopen van 0 tot 10 en van 0 tot 20
met redelijke nauwkeurigheid de positie van getallen bepalen. Kinderen
kunnen betekenis geven aan de grootte van getallen op een getallenlijn.
Freya te Boekhorst, OBA
Bronnen:
Het artikel “Ontwikkeling van tellen en getalbegrip bij kleuters’” (juni 2009) bijdrage van Prof.
Dr. J.E.H. van Luit, en een uitgave van Projectbureau Kwaliteit voor de implementatiekoffer
van site www.schoolaanzet.nl en www.rekenpilots.nl
http://nl.wikipedia.org/wiki/Jean_Piaget
http://www.slo.nl/speciaal/so/zml_mg/kerndoelen_leerlijnen/tussendoelen/Rekenen_en_wisk
unde_tussendoelen.pdf
MIDDENBOUW
Het plantenrijk
Redactie
Martine Aarsman
Wilke Vos
Vormgeving
Martine Aarsman
Na de voorjaarsvakantie zijn we in de middenbouw gestart met een
nieuw kosmisch thema: het plantenrijk.
Het plantenrijk is een uitgebreid thema. Vandaar dat er verschillende aspecten aan bod komen.
Allereerst leren de kinderen over bomen. Naast het kijken naar bomen
gaan we het ook met de kinderen hebben over het feit dat de mensen en
de bomen elkaar nodig hebben. De mensen zorgen voor koolstofdioxide
terwijl de bomen voor onze zuurstof zorgen.
Hierna wordt er aandacht besteed aan zaden en vruchten. Hierbij gaan we
onder andere met de kinderen kijken naar de verspreiding van zaadjes en
het ontkiemen daarvan.
Tenslotte zijn de bloemen aan de beurt. De kinderen gaan in ieder geval
een aantal bloemen goed bekijken en ontdekken dat een bloem uit verschillende onderdelen
bestaat.
Binnenkort weten de
kinderen hopelijk veel
meer te vertellen over
wat het plantenrijk ons
te bieden heeft.
Sofie Busser. MBG
en middenbouwcoördinator
Duurzaamheidstips
Er zijn heel veel tips die goed zijn om te weten als je zelf aan de
slag wilt met duurzaamheid. We hebben wat tips per thema op een
rij gezet:
Duurzame energie
►Trek een trui aan en zet de verwarming lager ► Douche niet te
lang ► Gebruik spaarlampen ► Stap over op groene energie ►
Was op een lagere temperatuur en met een volle trommel. Hang de
was buiten bij goed weer en gebruik bij voorkeur geen droger ►
Voorkom sluipverbruik en laat apparaten niet op stand-by staan en
haal opladers uit het stopcontact.
Duurzaam winkelen, boodschappen doen en
ondernemen
► Kies voor seizoensgroente en -fruit ► Kies voor streekproducten
► Drink water uit de kraan ► Laat vlees af en toe staan of kies
voor een vleesvervanger ► Kies voor producten met milieukeurmerken ► Begin met lokaal ruilen en geef spullen een tweede leven ► Verkoop spullen via internet en geef ze een tweede leven ►
Gooi spullen die kapot zijn, niet meteen weg. Kijk of ze gerepareerd
kunnen worden.
► Koop geen plastic boodschappentas maar neem uw eigen tas
mee ► Recycle! Denk aan karton, kranten, tijdschriften, papier,
glas, plastic, blikken en kleding ► Bankier en beleg duurzaam.
Duurzaam bouwen en wonen
► Voorkom energieverlies en isoleer het huis goed ► Schaf
zonnepanelen aan ► Houd
rekening met de plaats van de
woning ten opzichte van het werk
of andere veelbezochte
bestemmingen i.v.m. vervoerskosten ► Gebruik voor de tuin in
plaats van kunstmest natuurlijke
varianten zoals mest en compost.