Wie adopteert de hut?

‹
www.nieuwsblad-landvanaltena.nl
Van botter noar
kéés
RIJSWIJK – Op De Botter-
schuur wordt al lang geen
boter meer gemaakt. “Naast
het houden van geiten hebben we nog zo’n twintig
hectare akkerbouw”, vertelt Wilma Westerlaken.
“Toen Alex en ik getrouwd
waren, boerde Alex’ vader
Hans hier. Wij hebben toen
een tijd in een noodwoning
hiernaast gewoond, en in
2003 hebben we het bedrijf
overgenomen. In 2003 zijn
de koeien de deur uitgegaan
en zijn we overgestapt op
geiten.”
“Het melken gaat twee keer
per dag grotendeels automatisch – achtenveertig
geiten tegelijk”, vertelt Alex.
“Dat lijkt veel maar het is
wel nodig als je behalve de
vierhonderd geiten in opfok,
achthonderd
mélkgeiten
hebt. De melk wordt twee tot
drie keer in de week opgehaald door de Bettinehoeve
uit Etten-Leur.”
Daar begon Johan Ewijk uit
Almkerk in 1982 met het
maken van de inmiddels
beroemde kaas. Dat was
toen met de melk van twee
geiten. Inmiddels wordt de
melk door veertig geitenhouders aangeleverd waarvan het bedrijf een breed
assortiment aan geitenkazen maakt en sinds kort ook
melkpoeder. Verkocht Ewijk
z’n kazen in het begin op
locale markten, nu gaan ze
de hele wereld over en zijn
enkele zelfs bekroond,
Wilma: “Door de zeswekelijkse melkcontrole weten
we precies wat elke geit
geeft. En bij tienduizend
kilo krijg je van Landwaard
Agribusiness, die het voer
levert, een beeldje van de
geit. Kijk, deze is van Betsy”,
zegt ze en pakt er een van de
keukenschouw. “In februari en maart is het hier topdrukte. Dat is de tijd dat de
geiten gaan lammeren. Maar
anders dan bijvoorbeeld een
koe is het voor een geit niet
nodig om elk jaar te lammeren om de melkproductie in
gang te houden. Anders zou
het ook wel gauw vol worden met zoveel melkgeiten.”
Nieuwsblad Land van Altena · donderdag 31 juli 2014 · 8
“Dat zeg je niet nóg een keer hè!”
Het is de enige boerderij
aan een doodlopende
weg en veel passanten
komen er dan ook niet.
Dat was ooit wel anders.
Toen wisten velen De
Botterschuur wel te
vinden.
door Ronald Veuger
RIJSWIJK – Naast de deur zijn
de namen van Wilma en Alex
Westerlaken met hun kinderen Nienke, Debora, Wessel en Femke op evenzoveel
klompjes te lezen. Die zijn
door Wilma gemaakt en illustreren haar afkomst als boerendochter uit Noordeloos.
Zij wilde later ook in de agrarische sector gaan werken
maar had in haar jeugdjaren
nog geen idee waar. Dát werd
duidelijk toen ze op de Middelbare Landbouwschool in
Gorkum een boerenzoon uit
Rijswijk leerde kennen: Alex.
Alex: “Mijn opa, Dirk Westerlaken, was ook boer maar
kwam door de uitbreidingsdrang van Rijswijk in de knel.
Hij heeft in 1942 de schuur
hierachter laten bouwen, ging
daarin met zijn vrouw ook
wonen, en ging met veertig
kippen en drie koeien aan de
slag. In die moeilijke jaren
maakte hij van de melk die de
koeien leverden onder meer
boter die hij verkocht of ruilde voor bijvoorbeeld kolen. In
die tijd wisten mensen Dirk
Westerlaken om z’n boter wel
te vinden en is de naam De
Botterschuur ontstaan. Direct
ná de oorlog hebben ze dit
huis laten bouwen en dat was
voor die tijd heel wat. Maar
hij vond het ontzéttend vervelend dat het praatje rondging ‘Dat zal ie wel van de
boter hebben gedaan.’ Daardoor heeft ie zich héél lang
gekrenkt gevoeld. Ten onrechte natuurlijk. Mijn vader
Hans was en ís zelfs trots op
die naam, en wij hebben die
trots van hem overgenomen!
Sterker: het een soort geuzennaam geworden!”
Mompelend
“Toen ons pa en ma 25 jaar
getrouwd waren hadden wij
als kinderen een passend ca-
Wilma en Alex Westerlaken: “De naam is zelfs onze bedrijfsnaam!”
deau: de naam op de schuur!
Immers, die naam was in de
wijde omgeving uitgegroeid
tot een begrip, en daarom hebben we hem ook als bedrijfsnaam gekozen. Zo werden we
in onze jeugdjaren, als we uit-
gingen, steevast begroet met
‘Hé Botter!’ Maar als opa Dirk
dat hoorde beet hij ze toe: ‘Dat
zeg je niet nóg een keer hè?”
Opa Dirk zat er in zijn tijd dus
maar mee. Maar tijden veranderen. Want áls hij anno
2014 nog eens op het erf zou
komen, zou hij ongetwijfeld
worden begroet met: ‘Hé Botter!’ Misschien zou hij dan
wel mompelen: “Zeg dat nog
eens?” Nog wel záchtjes gemompeld natuurlijk.
Wie adopteert de hut?
De griendwerkershut in
polder Jannezand werd
in 2008 geopend. Het
idee voor de hut was
Frank en Bart Dirven,
maar inmiddels is de
keet overgedragen aan
Staatsbosbeheer. In de
loop der jaren is de hut
steeds verder verloederd.
Staatsbosbeheer ziet wel
wat in het adopteren van
de hut door vrijwilligers.
door Hannie Visser-Kieboom
NIEUWENDIJK - De griendwer-
kershut staat op een prachtige plek, midden in het
groen, in een stiltegebied
langs het Oostwaardpad.
Overnachten in de hut geeft
vooral een paradijselijk gevoel. Kwetterende vogeltjes
maken de gasten al in de
vroege ochtenduren wakker. Natuurvorsers menen
zelfs een bever te hebben gespot in het watertje vlakbij.
Kort na de opening lag in de
hut een dagboekje. Heerlijk
om te lezen over belevenissen van andere slapers en
wandelaars die de plek ontdekten. Maar ineens was
het verdwenen. Een nieuw
dagboekje was enige tijd
later ook weer verdwenen,
net als de deurklink. Maar
inmiddels zijn zowel de
picknicktafel als het interieur ronduit smerig. Het dak
van de hut is ontdaan van de
wilgenstekken, die werden
opgestookt voor een kampvuurtje. Al met al roept het
de vraag op of het niet tijd
wordt voor een andere aanpak om de verloedering te
stoppen.
Boswachter Thomas van der
Es van Staatsbosbeheer heeft
daar wel zo zijn ideeën over.
“Als er meer sociale controle
zou zijn, dan blijft de verloedering natuurlijk ook beperkt. Het mooiste zou zijn
als een groepje vrijwilligers
de hut adopteert en een paar
keer per jaar inspecteert. En
zo nodig schoonmaakt. We
roepen mensen ook op om
bij vermoedens van vernielingen gewoon de politie te
De griendwerkershut in betere tijden, de foto is gemaakt in 2009
bellen, ook bij bijvoorbeeld
gemotoriseerd verkeer of
grote kampvuren. Voor het
ruwe maaiwerk van het
wandelpad komen we van
tijd tot tijd wel bij de hut.
Het repareren van het dak
door nieuwe wilgenstekken
aan te brengen is met enkele
vrijwilligers in een paar
uurtjes gebeurd. Als Staatsbosbeheer knotten we zelf
regelmatig wilgen, dus het
materiaal is wel voorhan-
www.riooltechniek.nl
! ontstoppen
! repareren / renoveren
! stank! en camera-inspectie
! industriële reiniging
24-uurs service
Werkendam: 0183 - 50 94 57
Hank: 0162 - 40 36 00
den”. Van der Es geeft aan
dat het werk in de winterdag
gedaan moet worden. “Misschien is het wel een mooie
klus voor de natuurwerkdag
die we ieder jaar in november houden”.