Werkplan Schoolzwemmen Optisport Maesemunde

Werkplan Schoolzwemmen
Optisport Maesemunde
Scholen Hoek van Holland
‘s-Gravenzande, 11 augustus 2014
Optisport Maesemunde
Inhoudsopgave
1.
Voorwoord
1
2.
2.1.
2.2.
Werkplan Schoolzwemmen
Waarom een Werkplan Schoolzwemmen
Status van het Werkplan Schoolzwemmen
2
2
2
3.
3.1.
3.2.
3.3.
3.4.
Bewegingsonderwijs
Bewegingsonderwijs, een totaal visie
Uitgangspunten van het bewegingsonderwijs
Grijpen wordt begrijpen
Algemene doelstelling
3
3
3
3
3
4.
4.1.
4.2.
4.3.
4.4.
Zwemonderwijs
Veelzijdig zwemonderwijs
Uitgangspunten en didactische aanpak bij het Schoolzwemmen
Zwemonderwijs = bewegingsonderwijs
Algemene doelstelling Schoolzwemonderwijs
4
4
4
5
5
5.
5.1.
5.2.
5.3.
5.4.
5.5.
5.5.1.
5.5.2.
5.5.3.
Verantwoordelijkheden
6
Verantwoordelijkheden Schoolzwemmen
6
Groepsleerkracht in de zwemzaal tijdens het Schoolzwemmen
6
Aansprakelijkheid
7
"Intake"
7
Veiligheidsprotocol
7
Algemeen
7
Van school tot aan overdracht van de leerlingen
8
Overdracht van de leerlingen door groepsleerkracht aan
zwemonderwijsgevenden
8
5.5.4. De zwemles
8
5.5.5. Overdracht van de leerlingen door zwemonderwijsgevenden aan de
groepsleerkracht
9
5.5.6. Van einde zwemles tot terugkeer op school
9
5.6.
Ouders, verzorgers en andere vrijwilligers
10
5.7.
5.8.
5.9.
Hygiëne
Calamiteiten
Presentie- en specifieke aspecten
10
10
11
6.
6.1.
6.2.
6.3.
6.4.
6.5.
6.6.
6.7.
6.8.
Zakelijke gegevens
De accommodatie
Interne organisatie
Medewerkers Schoolzwemmen
Niveaugroepen
E.H.B.O.
Belangrijke telefoonnummers
Vakanties schooljaar 2014-2015
Rooster Schoolzwemmen 2014-2015.
12
12
12
12
13
13
13
13
14
7.
7.1.
7.2.
De leerinhouden
Schooljaaroverzicht
Schoolweekoverzicht
15
15
17
Bijlagen
1.
Voorwoord
Optisport Maesemunde B.V. heeft al enige jaren een Werkplan
Schoolzwemmen. Voor het komend schooljaar werkt het Schoolwerkplan
samen met het Schoolzwemprotocol.
Het Schoolzwemprotocol omvat:
1.
De Samenwerkingsovereenkomst Schoolzwemmen. (Tussen
zwembad en school)
2.
Het Werkplan Schoolzwemmen
Het Werkplan Schoolzwemmen is een document waarin is opgenomen hoe
het Schoolzwemmen is ingevuld. Daarnaast is het een verantwoording naar
de inspectie van het basisonderwijs, gemeente, scholen, ouders, collega's en
andere zwembaden.
Zwemmen is bewegingsonderwijs. Kinderen moeten plezier beleven aan
bewegen en dus ook bewegen in het water. Kinderen moeten ervaren dat er
veel meer is dan zwemmen alleen.
Bij het Werkplan Schoolzwemmen 2014 - 2015 zijn een aantal Bijlagen
gevoegd. (I t/m IX). Bijlagen die gebruikt moeten gaan worden vóór
aanvang, tijdens en na afloop van een school zwemseizoen. De school en de
zwemaccommodatie zullen hiermee het meest in aanraking komen.
Het is voor beide partijen overigens wat extra werk, maar het zal, mits
beide partijen elkaar steunen, met elkaar samenwerken en elkaar aanvullen
een prima basis zijn om de veiligheid voor alle deelnemende leerlingen zo
goed mogelijk te waarborgen.
Wij hopen op een plezierig, sportief, school zwemseizoen
Met sportieve groeten,
namens alle teamleden van Optisport Maesemunde,
Jannette Bol, Teamleider zwembad
Carla Boogaard, locatie coördinator Maesemunde
2.
Werkplan Schoolzwemmen
2.1.
Waarom een Werkplan Schoolzwemmen
Het Werkplan Schoolzwemmen is een schriftelijke verantwoording naar
onderwijsinspectie, gemeente, scholen, ouders, collega's en andere
zwembaden. Het zal jaarlijks aangepast worden om mee te gaan met de
ontwikkelingen binnen de hedendaagse sport- en bewegingswereld.
2.2.
Status van het Werkplan Schoolzwemmen
In het Werkplan Schoolzwemmen zijn doelstellingen, taken,
verantwoordelijkheden en procedures met betrekking tot het
Schoolzwemmen opgenomen.
Het Werkplan Schoolzwemmen is door het zwembad opgesteld en door de
scholen onderschreven en wordt jaarlijks geëvalueerd en indien nodig
bijgesteld.
Jaarlijks wordt het (al dan niet gewijzigde) Werkplan Schoolzwemmen door
de partners van de "Samenwerkingsovereenkomst Schoolzwemmen"
vastgesteld.
3.
Bewegingsonderwijs
3.1.
Bewegingsonderwijs, een totaal visie
De termen lichamelijke oefening en lichamelijke opvoeding wekken de
indruk, dat alleen lichamelijke aspecten worden gestimuleerd, zonder te
beseffen dat ook cognitieve-, sociale- en emotionele aspecten gestimuleerd
en beheerst dienen te worden. De term bewegingsonderwijs omvat een meer
totale visie: het met behulp van bewegen komen tot de totale ontwikkeling
van het kind.
3.2.
Uitgangspunten van het bewegingsonderwijs
Bewegingsonderwijs gaat uit van de natuurlijke drang tot bewegen en
zintuiglijke ontdekking van het kind. Door middel van veelzijdig, intensief
en plezierig bewegen kan bewegingsonderwijs een positieve bijdrage
leveren aan de ontwikkeling van het kind. Het pedagogische aspect loopt als
een rode draad door het bewegingsonderwijs. Het dient zich aan te sluiten
bij de belevingswereld van het kind. Het kind staat centraal.
3.3.
Grijpen wordt begrijpen
Het is zo dat een kind zich ontwikkelt door eerst te "grijpen" en daarna dat
te gaan "begrijpen". Met andere woorden: bewegen is de basis van het leren
denken. Hoe ruimer de aangeboden beweegwereld (bewegingscultuur) van
het kind zal zijn, hoe breder het kind zich zal gaan ontwikkelen.
3.4.
Algemene doelstelling
Door het kind met behulp van gevarieerde bewegingssituaties plezierige
bewegingservaringen op te laten doen, wordt er hulp en begeleiding
geboden om te komen tot een optimale ontwikkeling van het kind. Naast het
ontdekken van de eigen (on)- mogelijkheden, zal het, op jonge leeftijd,
plezier beleven aan bewegen en de basis leggen voor een leven lang
meedoen aan bewegingsactiviteiten. (Life-time sport beoefening)
4.
Zwemonderwijs
4.1.
Veelzijdig zwemonderwijs
De intrede van de basisschool, waarbij uitgegaan wordt van gedifferentieerd
en ervaringsgericht onderwijs, heeft consequenties voor het hedendaagse
zwemonderwijs.
Daarnaast is het steeds ruimere aanbod van sporten en bewegen (vooral
binnen het zwembad) een aspect, waar zeker niet aan voorbij moet worden
gegaan.
4.2.
Uitgangspunten en didactische aanpak bij
het Schoolzwemmen
Omdat het kunnen geven van veelzijdig zwemonderwijs in de praktijk een
ruime variatie aan didactische werkvormen verlangt (het beperkt zich
namelijk niet alleen tot het leren van de zwemtechnieken) zal de
zwemonderwijzer een veelvoud aan onderwijsleertechnieken moeten
beheersen. Immers elke leersituatie vraagt een andere vorm van het hanteren
van de hulpmiddelen, die een zwemonderwijzer kan gebruiken om een
(motorisch) leerproces te beïnvloeden of de juiste richting te geven.
Enkele hiervan zijn:
 praatje - plaatje – daadje
Met andere bewoordingen uitleggen, laten zien, uitvoeren (ervaren).
 verbale informatie
Een uitleg m.b.v. woorden. Belangrijk hierbij is een complete uitleg van
het bewegingsverloop. (begin-verloop -volgorde-einde) Bij dit
bewegingsverloop moet alleen de kern van de beweging gegeven
worden.
 directe hulp
Door middel van hulp (tegenhouden of een duwtje) of lichamelijk contact
(vastpakken) pogen de beweging correct te laten uitvoeren. De discussie
blijft echter in hoeverre kan je een leerling "vastpakken".
 het (eigen) voorbeeld
Het geven van een visueel beeld van een beweging is vooral voor jongere
leerlingen de meest duidelijke vorm van informatie overbrengen. Vaak
wordt een voorbeeld verbaal begeleid om accenten te leggen in een
beweging.
 materiaal als hulpmiddel
Het gebruik en de opstelling van materiaal kan een betere
”bewegingsuitvoering” afdwingen.
 beïnvloeding door medeleerlingen
Alle situaties waarin sprake is van samenwerking of interactie kunnen
leerlingen de beweegsituatie positief of negatief voor elkaar beïnvloeden.
Er moet begrijpelijkerwijs gestreefd worden naar een beweegsituatie
waarin de leerlingen elkaar stimuleren, aanmoedigen of uitdagen.
 uitdaging door de beweegsituatie
Heeft de beweging of de situatie waarin de leerling zich bevindt een




4.3.
uitdagend karakter, dan zal dit een positieve invloed op de leerintentie
van de leerling hebben.
leerintentie van de leerling
De instelling of concentratie waarmee een leerling een beweging ervaart,
is zeer bepalend voor het leereffect of de uitvoering. Voorbeelden van
deze psychische aspecten zijn angst, overwinningsdrang, het leuk vinden,
vervelen, enz..
plezier
Plezier van de leerlingen bij het omgaan met water in de lessen is een
doel op zich.
Begeleiding
Elke lesgroep wordt door een eigen zwemonderwijsgevende begeleid.
Overige instrumenten
Motiveren en stimuleren zijn belangrijke instrumenten.
Zwemonderwijs = bewegingsonderwijs
Zwemmen is (een onderdeel van het) bewegingsonderwijs. Daarom volgen
we ook de doelstellingen van het bewegingsonderwijs, waarin o.a. leren
bewegen en leren over bewegen centraal staan. Er wordt gesproken over het
ontdekken van en wegwijs raken in de hedendaagse bewegingscultuur.
Binnen het zwemonderwijs denken we dus aan de water- en
zwem(bad)cultuur.
4.4.
Algemene doelstelling School zwemonderwijs
Het bereiken van zelfredzaamheid en het ontwikkelen van een veelzijdig en
intensief bewegingsgedrag in, om, met en op het water.
Bovenstaande doelstelling behoeft een nadere verklaring.
a. Zelfredzaamheid
Het vertrouwd raken met de natuurlijke aspecten van het water
(temperatuur, weerstand, diepte, enz.) en het om leren gaan met diverse
fysieke en psychische aspecten (angst, vermoeidheid, kramp, enz.),
zodat de leerlingen ongeacht diplomabezit, in elke situatie, zichzelf
kunnen redden in de ruimste zin van het woord.
b. Veelzijdig bewegingsgedrag
Een brede introductie in de water(zwem)cultuur, met aandacht voor alles
wat in, om, met en op het water kan. We hebben het o.a. over
overlevingszwemmen, spelvormen, zwemtechnieken, vrijetijdsinvulling
en andere watersporten naast het zwemmen, enz.
c. Intensief bewegingsgedrag
Er moet getracht worden om binnen de bewegingslessen zoveel
mogelijk te bewegen. Dit omdat door ”het ervaren” het leereffect vele
malen groter is in een actieve les dan in een inactieve les.
5.
Verantwoordelijkheden
5.1.
Verantwoordelijkheden Schoolzwemmen
a. Een aanwezige groepsleerkracht van de school is vóór, tijdens en na de
zwemles verantwoordelijk voor een goede gang van zaken. Het zwemonderwijzend personeel is medeverantwoordelijk tijdens de zwemles!
b. Het zwembad is verantwoordelijk voor voldoende gekwalificeerde
zwemonderwijsgevenden en een juiste verdeling van de
zwemonderwijsgevenden over de lesgroepen.
c. Het zwembad is verantwoordelijk voor een deugdelijke zweminrichting
die voldoet aan de geldende normen ten aanzien van veiligheid en
hygiëne.
d. Dit omvat mede het afgesloten zijn van deuren die onbewaakt toegang
geven tot de zwemzaal en de aanwezigheid van duidelijk zichtbare
diepteaanduidingen.
e. Het management en de zwemonderwijsgevenden van het zwembad zijn,
onder algehele verantwoordelijkheid van de groepsleerkracht,
verantwoordelijk voor de feitelijke verzorging van de zwemles en de
veiligheid.
f. De school is verantwoordelijk voor voldoende begeleiders, waaronder
de groepsleerkracht(en), om de haar toegewezen taken en
verantwoordelijkheden goed uit te voeren.
5.2.
Groepsleerkracht in de zwemzaal tijdens het
Schoolzwemmen
Motieven hiervoor zijn:
a. Het kunnen toezien op de veiligheid van de leerlingen.
b. Een mogelijke aansprakelijkheidstelling van de school in verband met
tijdens schooltijd ontstane schade met betrekking tot de leerlingen.
c. Het voorkomen dat de school onzorgvuldig handelen wordt verweten.
d. De groepsleerkracht is verantwoordelijk voor de communicatie van de
school naar het zwembad en visa versa.
e. De groepsleerkracht kan een actieve rol gevraagd worden in de
communicatie richting ouders.
f. De groepsleerkracht kan een actieve rol gevraagd worden bij het
organiseren van het diploma zwemmen.
g. De groepsleerkracht is verantwoordelijk voor de informatie betreffende
gegevens van de kinderen uit zijn groep. (zie Bijlagen I + II)
h. De groepsleerkracht kan een actieve rol gevraagd worden bij het
begeleiden van de verschillende thema's en werkvormen.
i. De groepsleerkracht is in de gelegenheid om op actieve wijze deel te
nemen aan de lessen (maar niet in het water)
j. Aan het einde van het schooljaar wordt de groepsleerkracht gevraagd het
evaluatieformulier (zie bijlage VI )in te vullen betreffende het
Schoolzwemmen.
5.3.
Aansprakelijkheid
Bij aansprakelijkheid gaat het om "feitelijke nalatigheid", "onrechtmatige
daad" en "onzorgvuldig handelen". Alle betrokken partners van de
samenwerkingsovereenkomst, alsmede hun medewerkers zijn, binnen de
verschillende verantwoordelijkheden, aan te spreken op het functioneren.
5.4.
"Intake"
a. Tijdens de eerste schoolzwemles doet de school, de daartoe door het
zwembad beschikbaar gestelde,(zie bijlage I en II ) ingevulde en
ondertekende formulieren aan het zwembad toekomen. Op de
formulieren staan gegevens vermeld van de in het betrokken schooljaar
aan het Schoolzwemmen deelnemende leerlingen. Hierbij dienen ook
bijzonderheden (medisch of anderzijds, bijvoorbeeld watervrees) te
worden vermeld die van invloed kunnen zijn op het zwemmen.
b. Tijdens de eerste schoolzwemles worden alle leerlingen door het
zwembad ingedeeld, door middel van de Presentielijst (bijlage VIII) op
niveau van zwemvaardigheid en daarna (definitief) in lesgroepen
ingedeeld.
c. De school is verantwoordelijk voor het tijdig (voor de eerstvolgende
zwemles) schriftelijk doorgeven (zie bijlage I en II ) van nieuwe
informatie en/of mutaties over leerlingen.
5.5.
Veiligheidsprotocol
5.5.1. Algemeen
a. Alle betrokkenen (groepsleerkrachten en zwemonderwijsgevenden)
hebben het recht en de plicht alle maatregelen te treffen die een goede en
veilige gang van zaken in het zwembad bevorderen.
b. De school instrueert de leerlingen voorafgaand aan de zwemlessen over
de in acht te nemen gedragslijnen en spreekt de leerlingen daar zonodig
op aan. (regels m.b.t. Schoolzwemmen, zie bijlage III )
c. Leerlingen die niet aan een zwemles kunnen deelnemen dienen bij
voorkeur op school achter te blijven. Indien leerlingen niet op school
kunnen achterblijven, verblijven zij tijdens de zwemles in het GrandCafé. De school zorgt voor toezicht op de leerlingen.
d. Indien dit voor bepaalde kinderen noodzakelijk is geacht (in overleg
tussen zwembad en school te bepalen naar aanleiding van de resultaten
van de intake) ziet de groepsleerkracht toe op uitvoering van bijzondere
maatregelen. (Zie bijlage I en/of II )
5.5.2. Van school tot aan overdracht van de leerlingen
a. Het vervoer van school naar het zwembad wordt geregeld door de
school en valt onder haar verantwoordelijkheid.
b. De leerlingen betreden als groep de zwemaccommodatie. De
groepsleerkracht zorgt dat de leerlingen het zwembad ordelijk betreden
en via de afgesproken route naar de afgesproken kleedgelegenheid gaan.
(Zie bijlage IX ) De leerlingen kleden zich om en blijven in de
kleedruimte tot de groepsleerkracht het sein geeft om naar de douches te
gaan.
c. De groepsleerkracht draagt er zorg voor dat de leerlingen voor aanvang
van de zwemles douchen en (indien nodig) gebruik maken van het toilet.
d. De groepsleerkracht zorgt dat de leerlingen bij aanvang van de lestijd
(niet eerder en niet later) gereed staan in de kleedkamers. De
groepsleerkracht zorgt er voor dat er nog geen leerlingen naar de bassins
gaan.
5.5.3.
Overdracht van de leerlingen door groepsleerkracht aan
zwemonderwijsgevenden
a. De groepsleerkracht draagt de leerlingen over aan de zwem lesgevende.
De groepsleerkracht en de zwemonderwijsgevenden tellen (per
schoolgroep (half uur les/ 2 zwem lesgevende) het aantal leerlingen. De
groepsleerkracht noteert dat op de presentielijst, in het logboek in de
jurykamer.
b. De groepsleerkracht vergewist zich er van dat, indien van toepassing,
recent doorgegeven mutaties zoals bedoeld in bijlage I of II bij de
betrokken zwem lesgevende bekend zijn. Voorts geeft de
groepsleerkracht eventueel nog niet doorgegeven bijzonderheden aan de
zwem lesgevende door. Dit kan gaan om nieuwe leerlingen of
bijzonderheden (medisch of anderzijds) van leerlingen die van invloed
kunnen zijn op het zwemmen.
5.5.4. De zwemles
a. De zwem lesgevende begeleiden de diverse lesgroepen naar de
lespunten in de zwemzaal.
b. De zwemlessen kunnen beginnen als de groepsleerkracht en de zwem
lesgevende in de zwemzaal aanwezig zijn. De groepsleerkracht blijft
gedurende de duur van de gehele zwemles in de zwemzaal (op een
positie van waaruit een zo totaal mogelijk overzicht wordt verkregen) en
ziet toe op het verloop van de lessen en de veiligheid van de leerlingen.
De groepsleerkracht spreekt de zwem lesgevende aan bij situaties waarin
hij/zij vindt dat deze onveilig zijn of mogelijk onveilig kunnen worden
en grijpt indien nodig zelf in. De zwem lesgevende blijven de gehele les
bij de eigen lesgroep en zorgen (volgens algemeen aanvaarde
didactische principes) voor zweminstructie en voor de veiligheid
aan/van de leerlingen in de eigen lesgroep.
c. De lessen worden gestaakt en de leerlingen gaan zich voortijdig
aankleden als de groepsleerkracht (voortijdig) de zwemzaal verlaat en/of
een zwem lesgevende zijn/haar lesgroep verlaat zonder deze over te
dragen aan een andere zwem lesgevende. Hiervan wordt aantekening
gemaakt (Bijlage IV) en bij het eigen school zwemdossier gevoegd en er
d. vindt onmiddellijk melding plaats bij de partner in de
samenwerkingsovereenkomst. (De schriftelijke melding en of
aantekening van de mondelinge melding wordt eveneens in het eigen
school zwemdossier opgenomen, zie bijlage IV.)
e. Tenzij er andere voorafgaande afspraken tussen school en zwembad zijn
gemaakt (deze zijn dan schriftelijk door partners vastgesteld en in het
School Werkplan opgenomen), maken "vrije zwemlessen" of "vrij spel"
tijdens de zwemles deel uit van de reguliere zwemles. De spelvormen
vinden alleen met leerlingen van de eigen lesgroep met de eigen
zwemonderwijsgevende plaats. Na de reguliere les is vrij zwemmen niet
toegestaan.
f. Indien leerlingen tijdens de les gebruik moeten maken van het toilet
geeft de zwem lesgevende dit door aan de groepsleerkracht. Zodra deze
hiervan op de hoogte is gesteld, kan de betrokken leerling naar het toilet.
De groepsleerkracht is verantwoordelijk voor de veiligheid van de
leerling tot het moment dat de leerling zich weer bij de zwem
lesgevende heeft gemeld voor het vervolg van de les.
g. E.H.B.O.-taken ten behoeve van leerlingen worden uitgevoerd door
zwem lesgevende. Indien een zwem lesgevende van een lesgroep zelf
eerste hulp verricht, zorgt de groepsleerkracht er voor dat alle kinderen
van de lesgroep het water hebben verlaten alvorens tot de hulpverlening
wordt overgegaan.
Indien de leerling verdere hulpverlening nodig heeft
(ziekenhuis/huisarts) is de school verantwoordelijk voor de begeleiding
van de leerling.
h. Na afloop van de zwemles brengt de zwem lesgevende de leerlingen
naar de groepsleerkracht op de verzamelplaats bij de grote douche.
5.5.5.
Overdracht van de leerlingen door
zwemonderwijsgevenden aan de groepsleerkracht
De zwem lesgevende draagt de leerlingen over aan de groepsleerkracht. De
groepsleerkracht en de zwem lesgevende tellen het aantal leerlingen en
controleren dat met de voor aanvang van de les ingevulde presentielijst, in
het logboek in de jurykamer.
5.5.6. Van einde zwemles tot terugkeer op school
a. Na overdracht van alle leerlingen door de zwem lesgevende aan de
groepsleerkracht zorgt de groepsleerkracht er voor dat de leerlingen
douchen en zich naar de kleedruimte begeven. De groepsleerkracht
vergewist zich er van dat alle leerlingen de doucheruimte hebben
verlaten alvorens hij zich naar de kleedruimte begeeft.
b. De leerlingen kleden zich om en blijven in de kleedruimte tot de
groepsleerkracht het sein geeft om de accommodatie te verlaten. De
leerlingen verlaten als groep de accommodatie. De groepsleerkracht
zorgt dat de leerlingen het zwembad ordelijk via de afgesproken route
verlaten. (Zie bijlage IX.)
c. Het vervoer van het zwembad naar de school wordt geregeld door de
school en valt onder haar verantwoordelijkheid.
5.6.
Ouders, verzorgers en andere vrijwilligers
a. Ouders, verzorgers en andere vrijwilligers (hierna te noemen
"begeleiders") kunnen groepsleerkrachten ondersteunen bij hun taken.
Hierbij valt te denken aan het helpen bij het aan- en uitkleden, toezicht
op het vervoer van en naar het zwembad, het begeleiden van leerlingen
van en naar de toiletten en E.H.B.O.-ruimte tijdens de zwemles.
b. De school is verantwoordelijk voor het instrueren van de begeleiders.
c. De handelingen van begeleiders vallen onder verantwoordelijkheid van
de groepsleerkracht van de school.
d. Begeleiders treden, behoudens calamiteiten, niet in contact met
zwemonderwijsgevenden.
e. Begeleiders volgen instructies van de groepsleerkracht en de zwem
lesgevende op.
5.7.
Hygiëne
a. Zowel de groepsleerkrachten als de zwembadmedewerkers houden
toezicht op de handhaving van hygiëne door de leerlingen.
b. Leerlingen met huidaandoeningen (indien briefje arts) mogen niet
deelnemen aan de zwemlessen.
c. Het betreden van "natte ruimten" met buitenschoeisel is niet toegestaan.
d. Het zwembad is verantwoordelijk voor goed en hygiënisch zwemwater.
e. De leerlingen zijn verplicht om voor en na de zwemles te douchen.
f. Het zwembad zorgt voor voldoende en schone kleedkamers.
Groepsleerkrachten zorgen voor een ordelijk en zo schoon mogelijk
verloop.
g. De leerlingen zwemmen, tenzij dit in het kader van de zwemlessen
noodzakelijk is en door de zwem lesgevende anders is aangegeven, in
badkleding. Bij het zwemmen met kleding is het noodzakelijk dat de
leerlingen zwemmen met gewassen kleding en met gereinigd schoeisel.
5.8.
Calamiteiten
Het zwembad beschikt over een ontruimingsplan. In het ontruimingsplan
wordt aangegeven welke medewerkers wat moeten doen. In geval van een
calamiteit volgen de groepsleerkrachten de aanwijzingen van het personeel
van het zwembad strikt op.
5.9.
Presentie- en specifieke aspecten
a. Het zwembad maakt gebruik van een presentiesysteem.
b. De gevormde niveaugroepen worden in het systeem opgenomen.
Aanvullende gegevens over leerlingen, onder andere medische-, of
gedragsproblemen, aangedragen door de school, zijn terug te vinden in
het logboek op de formulieren specifieke aspecten.
6.
Zakelijke gegevens
6.1.
De accommodatie
Optisport Maesemunde B.V. omvat:
a. Een wedstrijdbassin van 25 bij 15 meter met een diepteverloop van 2.00
tot 2.75 mtr.
b. Een deel van dit bad, aan de zijde van de jurykamer over een lengte van
9 mtr. en de volledige breedte, is een beweegbare vloer. De hoogte van
de vloer is instelbaar van 0.00 tot 2.00 mtr.
c. Bij het wedstrijdbassin kan een tribune geplaatst worden.
d. Een instructiebassin van 8 x 10 mtr., met een diepte van 0.30 - 0.90 mtr
met aansluitend een bassin van 8 x 10 mtr., met een diepte verloop van
0.90 - 1.20 mtr.
e. Een peuterbassin met een diepte van 0.15 mtr.
f. Een glijbaan met uitzwembad met een diepte van 1.20 mtr.
g. Een whirlpool met een diepte van 1.20 mtr
6.2.
Interne organisatie
Mevr C. Boogaard, locatie coördinator. Het Schoolzwemmen valt onder de
verantwoordelijkheid van de teamleider zwembad Mevr. J. Bol in
samenwerking met de verschillende zwem lesgevende (medewerkers
Schoolzwemmen.), zoals vermeld in paragraaf 6.3., i.s.m. de
groepsleerkracht van de groep die deelneemt aan het Schoolzwemmen.
Hoofd Technische Dienst en verantwoordelijk voor de kwaliteit van het
zwemwater is de Hr. B. Cardinaal.
6.3.
Medewerkers Schoolzwemmen
Team;
F. van Dijk
M. Kuyvenhoven
R. v d Lelij
S de Zeeuw
Frans
Margreet
Ricardo
Saskia
Akte MO-P
Akte MO-P
Zwemonderwijzer
Zwemonderwijzer
Invalkrachten;
A. Groenheide
J. Kroonen
R. Noordam
Annet
Janis
Riana
Zwemonderwijzer
Zwemonderwijzer
Zwemonderwijzer
J. Bol
Jannette
Teamleider
6.4.
Niveaugroepen
Tijdens de lessen die gegeven worden zal gewerkt worden met drie a vier
niveau groepen en drie a vier docenten. (afhankelijk van niveau en/of
groepsgrootte)
a. Niveau 1: Kinderen zonder diploma (ondiep en diep)
b. Niveau 2: Kinderen met een diploma
c. Niveau 3: Kinderen met twee diploma’s
d. Niveau 4: Kinderen met drie diploma’s of meer.
Omdat het aanvangsniveau van leerlingen sterk kan wisselen kan het
voorkomen dat in deze indeling wordt geschoven, mede omdat er met drie a
vier groepen gewerkt wordt. Dit kan in de praktijk betekenen dat kinderen
uit niveau 2 zwemmen bij niveau 3. Omdat er wordt gesproken over
individueel en gedifferentieerd toegepast onderwijs, zal dit in de praktijk
wel individueel verschillende opdrachten betekenen.
6.5.
E.H.B.O.
Er is een E.H.B.O.-ruimte in de zwemzaal te vinden. Deze bevindt zich aan
de kopse kant van het bad naast de jurykamer. (Zie Bijlage IX) Alle zwem
lesgevende zijn in het bezit van een geldige E.H.B.O.-diploma. Is er een
E.H.B.O.-geval, dan moet de groepsleerkracht (onderwijzeres) uit
veiligheidsoverweging (toezicht) de groep overnemen, zodat de zwem
lesgevende het E.H.B.O -geval kan behandelen. Is het E.H.B.O -geval van
dien aard dat vervoer naar ziekenhuis (wel of niet met de ambulance) of een
arts nodig is, dan zorgt de school voor begeleiding. (Zie ook Hfst. 5 punt
5.5.4 (f) )
6.6.
Belangrijke telefoonnummers
In noodgevallen te bereiken:
Huisarts alarmnummer (0174) 41 36 84
Centrale huisartsenpost (0174) 638738 = Behandelcentrum te Naaldwijk
Politie
112
Ambulance
112
Brandweer
112
6.7.
Vakanties schooljaar 2014 – 2015.
Herfstvakantie
Kerstvakantie
Voorjaarsvakantie
Meivakantie
Hemelvaartsdag
Zomervakantie
20-10
22-12
23-02
27-04
14-05
13-07
t/m 24-10
t/m 02-01
t/m 27-02
t/m 08-05
t/m 15-05
t/m 21-08
2014
2015
2015
2015
2015
2015
6.8.
Rooster Schoolzwemmen 2014-2015
Tijd
Woensdag
9.00
–
9.30
De Driemaster 5a ( 26 )
9.30
–
10.00
Rijckevorsel 4 ( 13 )
10.00
–
10.30
De Driemaster 4a ( 20 )
10.30
–
11.00
Jozef 4a ( 22 )
11.00
–
11.30
Jozef 4b ( 12 )
De Driemaster 5b ( 25 )
Rijckevorsel 5 ( 20 )
De Driemaster 4b ( 21 )
Jozef 5b ( 10 )
Jozef 5a ( 26 )
Indien er bij u op school nog afwijkende vrije dagen zijn, verzoeken
wij u deze data (s) zo snel mogelijk, per email door te geven aan de
teamleider zwembad. Email : [email protected]
7
De leerinhouden
7.1
Schooljaaroverzicht
Weekplanning Schoolzwemmen 2014 - 2015
Week / datum
36 /
3-9
37 / 10-9
38 / 17-9
39 / 24-9
40 / 1-10
41 / 8-10
42 / 15-10
Activiteit
1e Les
Zwemslagen
Zwemslagen
Kijk les
Duiken + o.w. zw.
Drijven
o.w. parcours.
Opmerkingen
Groepen indelen
Ss + rs + w.t.
Techn. Bc + Rc.
Kijk les
Duiken + o.w. zw.
Buik + Rug + w.t.
o.w. parcours.
Variatie gevorderden
Techniek Testen
Ss + rs + w.t.
Techn. Bc + Rc.
Kijk les
Duiken + o.w. zw.
Buik + Rug + w.t.
o.w. parcours.
43
44
45
46
47
48
49
50
51
/
/
/
/
/
/
/
/
/
22-10
29-10
5-11
12-11
19-11
26-11
3-12
10-12
17-12
Herfstvakantie
Duiken + o.w. zw.
Duiken + o.w. zw.
Kleding eisen.
Kleding zwemmen
Zwemslagen
Zwemslagen
Zwemslagen
Bal parcours.
Herfstvakantie
Duiken + o.w. zw.
Duiken + o.w. zw.
Kleding eisen.
Kleding zwemmen
Zwemslagen
Zwemslagen
Zwemslagen
Bal parcours.
Herfstvakantie
Duiken + o.w. zw.
Duiken + o.w. zw.
Kleding eisen.
Kleding zwemmen
Zwemslagen
Zwemslagen
Zwemslagen
Bal parcours.
52 /
1 /
24-12
31-12
Kerstvakantie
Kerstvakantie
Kerstvakantie
Kerstvakantie
Kerstvakantie
Kerstvakantie
2
3
4
5
6
7
8
9
7-1
14-1
21-1
28-1
4-2
11-2
18-2
25-2
Zwemslagen
Zwemslagen
Afstand zwemmen
Drijven
Kleding A
Uitzoeken A
Diploma A
Voorjaarsvakantie
Zwemslagen
Zwemslagen
Afstand zwemmen
Drijven
Duiken + o.w. zw.
Techn. Bc + Rc.
o.w. Bal parcours.
Voorjaarsvakantie
Zwemslagen
Zwemslagen
Afstand zwemmen
Drijven
Elementen C
Techn. Bc + Rc.
o.w. Bal parcours.
Voorjaarsvakantie
/
/
/
/
/
/
/
/
Week
10 /
11 /
12 /
13 /
14 /
15 /
16 /
17 /
18 /
19 /
20 /
21 /
22 /
23 /
24 /
25 /
26 /
27 /
28 /
29 /
4-3
11-3
18-3
25-3
1-4
8-4
15-4
22-4
39-4
6-5
13-5
20-5
27-5
3-6
10-6
17-6
24-6
1-7
8-7
15-7
Activiteit
Groepen testen
Zwemslagen
Zwemslagen
Drijven
Drijven
Crawl
Crawl
Afstanden + o.w.
Mei vakantie
Mei vakantie
Zwemslagen
Drijven A
Crawl A
Elementen
Kledingzwemmen A
Testen(briefjes) A
Proefzwemmen
Diploma Zw A
Laatste les
Zomer vakantie
Opmerkingen
Groepen testen
Afstand + crawl
Afstand + crawl
Duiken + o.w. Zw.
Duiken + o.w. Zw.
Techn. crawl
Techn. crawl
Drijven + elementen
Mei vakantie
Mei vakantie
Zwemslagen
Drijven B
Crawl B
Elementen
Kledingzwemmen B
Testen(briefjes) B
Proefzwemmen
Diploma Zw B
Laatste les
Zomer vakantie
Variatie gevorderden
Groepen testen
Afstand + crawl
Afstand + crawl
Duiken + o.w. Zw.
Duiken + o.w. Zw.
Techn. crawl
Techn. crawl
Techn. crawl
Mei vakantie
Mei vakantie
Zwemslagen
Drijven C
Crawl C
Elementen
Kledingzwemmen C
Testen(briefjes) C
Proefzwemmen
Diploma Zw C
Laatste les
Zomer vakantie
Diploma datum woensdag 1 Juli 2015.
Op de datum van het diplomazwemmen hebben alle kinderen zwemles.
Het diplomazwemmen wordt onder de eigen zwemtijd afgenomen door 1 of 2
zweminstructeurs van Optisport, onder toezicht van de teamleider zwembad.
Ouders en andere belangstellenden zijn van harte welkom om het diplomazwemmen
vanaf de tribune in de zwemzaal bij te wonen.
Het busvervoer blijft op deze datum ongewijzigd.
Bijlage I Specifieke aspecten bij Schoolzwemmen
Specifieke aspecten bij Schoolzwemmen van groep_________
Van de_________________________
Zwemt op__________van_____tot______
Aantal lesgroepen en zwem lesgevende(teurs):
Aantal begeleiders vanuit de school, waaronder de groepsleerkracht(en)
Te gebruiken kleedruimtes:
Te volgen route naar de kleedruimte:
Leerlingen die speciale aandacht behoeven:
Afspraken met betrekking tot leerlingen die speciale aandacht behoeven:
Partner
Naam
Functie
:
Handtekening
:
:
:
School
:
Zwembad
:
Bijlage II Specifieke aspecten per leerling
Specifieke aspecten per leerling van groep_______
Van de___________
Zwemt op __________van______tot______
Naam specifiek aspect:
Bijlage III Regels met betrekking tot
Schoolzwemmen
 Verzamelen voor de ingang van het zwembad
 Denk aan de andere mensen die gebruik maken van de ingang
 De groepen die het eerste lesuur Schoolzwemmen hebben, mogen alleen als het regent in
de hal wachten
 Vanaf de entree links naar de groene gang en dan naar de kleedkamers
 Netjes en rustig naar de kleedkamers lopen(dus niet rennen en gillen)
 Niet met de deuren slaan
 Omkleden en rustig wachten totdat de groepsleerkracht de leerlingen roept
 Voor het zwemmen naar de wc
 Alle zwemmende kinderen douchen
 Daarna naar je plekje lopen, niet rennen i.v.m. vallen
 Aan de kant van de jurykamer mag je niet duiken
 Geen snoep of kauwgom tijdens de zwemles
 Geen kettinkjes armbandjes of horloges aan
 Ringen en oorbellen op eigen risico
 Lange haren in een staart 1: gemak voor jezelf, 2: schoner voor het zwemwater
 Als je niet mag of kan zwemmen door ziekte of pijn blijf dan zitten waar je moet zitten en
ga niet door het gebouw of zwembad lopen
 De meisjes dragen een badpak of een bikini
 De jongens dragen een zwem slip
 Verkeerde zwemkleding kan resulteren tot het uitsluiten van de zwemles
Bijlage IV Voorvallen tijdens schoolzwemlessen
Datum + tijd Zwemles
Naam groepsleerkracht
Omschrijving voorval
Naam
Zweminstructrice(teur)
Bijlage V Diploma diversen
Examenprogramma A-diploma van het ZWEM-ABC
Gekleed zwemmen
 Van een startblok of 1-meter springplank te water gaan met een voetsprong
voorwaarts, helemaal onder water gaan; na het boven komen aansluitend:
15 seconden watertrappen met gebruik van armen en benen;
12,5 meter rugslag (armen mogen actief worden gebruikt), onder een lijn door duiken,
halve draai om lengte-as;
12,5 meter schoolslag;
zelfstandig uit het water op de kant klimmen.
In badkleding
 Van de kant of startblok te water gaan met een sprong (kopsprong heeft de voorkeur),
direct gevolgd door (zonder boven te komen);
onder water oriënteren en onder water zwemmen door een gat in een verticaal in het water
hangend zeil op 3 meter van de kant, aansluitend;
50 meter schoolslag;
50 meter enkelvoudige rugslag (armen passief).
 Naar keuze te water gaan van de kant met kopsprong of in het water afzetten van de wand,
direct gevolgd door;
5 seconden uitdrijven op de borst, enkele meters schoolslag;
5 seconden drijven op de borst.
 Afzetten van de wand direct gevolgd door;
5 seconden uitdrijven op de rug, enkele meters enkelvoudige rugslag;
15 seconden drijven op de rug.
 Afzetten van de wand direct gevolgd door;
aansluitend 8 meter beginners borstcrawl.
 In het water, afzetten van de wand, aansluitend;
8 meter beginners rugcrawl.
 Van de kant te water gaan met een sprong naar keuze, gevolgd door;
60 seconden watertrappen met gebruik van armen en benen, waarin tevens 2 keer, al
watertrappend, een hele draai om de lengte-as wordt gemaakt.
Examenprogramma B-diploma van het ZWEM-ABC
Gekleed zwemmen
 Van een startblok of 1-meter springplank te water gaan met een voetsprong voorwaarts,
helemaal onder water gaan, onder water minimaal een halve draai om de lengte-as maken;
na het boven komen aansluitend;
15 seconden watertrappen met gebruik van armen en benen;
25 meter schoolslag, een keer onder een vlot door en een draai om lengte-as;
25 meter rugslag (armen mogen actief worden gebruikt);
zelfstandig uit het water op de kant klimmen.
In badkleding
 Van de kant of startblok te water gaan met een kopsprong, direct gevolgd door (zonder
boven te komen);
onder water oriënteren en onder water zwemmen door een gat in een verticaal in het water
hangend zeil, op 6 meter van de kant, aansluitend;
75 meter schoolslag; onderbroken door 1x naar de bodem zakken;
75 meter enkelvoudige rugslag (armen passief).
 Naar keuze te water gaan van de kant met kopsprong en in het water afzetten van de wand,
direct gevolgd door;
5 seconden uitdrijven op de borst, enkele meters schoolslag;
7 seconden drijven op de borst.
 Afzetten van de wand direct gevolgd door ;
5 seconden uitdrijven op de rug, enkele meters enkelvoudige rugslag;
15 seconden drijven op de rug.
 Van de kant of startblok te water gaan met een kopsprong, aansluitend;
10 meter borstcrawl.
 In het water, afzetten van de wand, aansluitend;
10 meter rugcrawl.
 Van de kant te water gaan met een sprong naar keuze, gevolgd door;
30 seconden watertrappen met gebruik van armen en benen, gevolgd door;
30 seconden watertrappen met armen in de zij.
Examenprogramma C-diploma van het ZWEM-ABC
Gekleed zwemmen
 Van een startblok of 1-meter springplank te water gaan met een rol voorover, aansluitend;
30 seconden watertrappen met gebruik van armen en benen en 30 seconden blijven drijven
 met gebruik van hulpmiddel, gevolgd door
50 meter schoolslag, een keer onder een vlot door en een keer over het vlot heen klimmen
en
50 meter rugslag (armen mogen actief worden gebruikt);
zelfstandig uit het water op de kant klimmen.
In badkleding
 Van de kant of startblok te water gaan met een kopsprong, direct gevolgd door (zonder
boven te komen);
onder water oriënteren en onder water zwemmen door een gat in een verticaal in het water
hangend zeil, op 9 meter van de kant, aansluitend;
100 meter schoolslag; onderbroken door 1x een koprol voorover en 1x een hoekduik;
100 meter enkelvoudige rugslag (armen passief).
 Te water gaan met kopsprong , direct gevolgd door;
5 seconden uitdrijven op de borst, enkele meters schoolslag;
10 seconden drijven op de borst.
 Afzetten van de wand direct gevolgd door ;
5 seconden uitdrijven op de rug, enkele meters enkelvoudige rugslag;
20 seconden drijven op de rug.
 Van de kant of startblok te water gaan met een kopsprong, aansluitend;
15 meter borstcrawl.
 In het water, afzetten van de wand, aansluitend;
15 meter rugcrawl.
 Van de kant te water gaan met een hurksprong , gevolgd door;
30 seconden watertrappen met verplaatsen , gevolgd door
30 seconden blijven drijven met gebruik van armen (benen passief ).
Kledingeisen
Bij proeven die gekleed moeten worden uitgevoerd dient de kleding tot aan het einde van de
proef te worden gedragen.
Bij examens voor het zwemdiploma A dient de kleding te bestaan uit:
 badkleding
 hemd en shirt of blouse met korte mouwen
 korte broek met steekzakken (d.w.z. broekje met pijpen; broekjes met pijpen die naadloos
aansluiten op de huid zijn niet toegestaan)
 sokken en schoenen
 het is toegestaan i.p.v. broek/blouse een jurk of rok/blouse te dragen.
Bij examens voor het zwemdiploma B dient de kleding te bestaan uit:
 badkleding
 hemd en shirt of blouse met lange mouwen
 lange broek met steekzakken (d.w.z. broekje met pijpen; broekjes met pijpen die naadloos
aansluiten op de huid zijn niet toegestaan)
 sokken en schoenen
 het is toegestaan i.p.v. broek/blouse een jurk met lange mouwen of rok/blouse met lange
mouwen te dragen.
Bij examens voor het zwemdiploma C dient de kleding te bestaan uit:
 badkleding
 hemd en shirt of blouse met lange mouwen
 lange broek met steekzakken (d.w.z. broekje met pijpen; broekjes met pijpen die naadloos
aansluiten op de huid zijn niet toegestaan)
 sokken en schoenen
 het is toegestaan i.p.v. broek/blouse een jurk met lange mouwen of rok/blouse met lange
mouwen te dragen.
 Regen/windjack met lange mouwen.
Bijlage VI Evaluatieformulier
1.
2.
3.
4.
Wat vindt u van het Schoolwerkplan?
Goed
Voldoende
Middelmatig
Slecht
Wat vindt u van de gegeven lessen?
Goed
Voldoende
Middelmatig
Slecht
Wat vindt u van de gegeven thema’s?
Leuk
Leerzaam
Nuttig
Overbodig
Hoe hebben de leerlingen het ervaren?
Leuk
Leerzaam
Nuttig
Niet leuk
Niet leuk
5.
Mist u wat in het Werkplan Schoolzwemmen?
Nee
Ja, het volgende ...............................................................................
.......................................................................................................
6.
Moet er volgens u iets uit het Werkplan Schoolzwemmen?
Nee
Ja, het volgende ...............................................................................
......................................................................................................
7.
Heeft u nog suggesties voor het Werkplan Schoolzwemmen?
Nee
Ja, het volgende ...............................................................................
......................................................................................................
......................................................................................................
8.
Vindt u dat het Schoolzwemmen op deze manier voortgezet moet worden?
Ja
Nee, omdat .....................................................................................
......................................................................................................
......................................................................................................
Wij danken u voor uw suggesties en medewerking.
Optisport Maesemunde B.V.