Podenco - aXmag

Podenco
Gracieuze gekte
RAS VAN DE MAAND
WOEF | 8
Zoek je een hond die meteen altijd en overal jouw commando’s opvolgt,
tevreden is met drie keer per dag een blokje om, rustig op de bank blijft
liggen terwijl jij voor jouw werk acht uur per dag van huis bent? Sorry,
sla dit artikel dan maar over, want deze tekst gaat over de podenco!
Zoek je daarentegen een boeiende kameraad, een hond met humor en
intelligentie en hou je zelf van een uitdaging? Lees dan vooral verder!
Uniek, maar specifiek
Bovenstaande inleiding is een variant op de eerste alinea uit het boek De podenco - Een bijzondere
huisgenoot van auteur Judy Kleinbongardt en daarmee is meteen de juiste toon gezet. De podenco
is een relatief onbekende, unieke en prachtige hond, maar geen gemakkelijke gezinshond voor iedereen. En omdat de podenco vaak al een hard leven in Spanje achter de rug heeft, zou het zonde
zijn dat hij ook hier in onze contreien in het asiel terecht komt. Reden genoeg dus om extra veel
informatie over dit ras te verzamelen vóór je zou besluiten er eentje te adopteren. Zo’n specifiek
ras vraagt om een aangepaste aanpak en alleen wie het karakter en de achtergrond van de podenco
respecteert, zal er een fantastische huisgenoot aan hebben.
Eeuwenoud ras
Maar laat ons bij het begin beginnen. ‘Podenco’ betekent in het Spaans ‘loophond’ of ‘jachthond’.
Het tweede deel van de naam verwijst naar de oorsprong van de variant, zoals Ibicenco, Canario,
enzovoort. In de loop van de tijd ontstonden er namelijk verschillende types podenco’s, al naargelang
de omstandigheden en jachtgebruiken van de omgeving. Zo leefde de podenco Ibicenco op Ibiza,
op Malta de pharaohond, op de Canarische eilanden de podenco Canario en in Portugal de podengo
Português. Buiten deze laatste hebben ze allemaal een aantal raskenmerken gemeen: hun slanke
bouw, lange dunne staart met witte staartpunt en de grote staande oren. Er bestaan nog andere
varianten, maar die worden niet erkend door de FCI (Fédération Cynologique Internationale). Wie
goed kijkt, ziet dat de podenco nog het meest lijkt op de honden die de oude Egyptenaren afbeeldden: hij behoort tot de oudste bekende rassen waarvan de afbeelding te zien is in de graftomben van
de farao’s en op museumstukken waarvan wetenschappers de ouderdom hebben bepaald op 3.400
voor Christus. De honden kwamen vermoedelijk in Spanje en op de eilanden terecht via de handelsschepen van de Feniciërs, de Carthagers en de Romeinen.
Natuurlijke jager
De podenco wordt in Spanje bijna uitsluitend gefokt voor de jacht op konijnen. De meute zoekt de
prooi op, sluit hem in, grijpt hem en levert hem bij voorkeur levend bij de jager af. De podenco hoort
een zogenaamde ‘zachte bek’ te hebben, wat inhoudt dat hij wild kan apporteren zonder het te verwonden. Hij heeft een zeer goed ontwikkeld gezichtsvermogen en kan in de schemering even goed
jagen als overdag. Meerdere jagers vormen met hun podenco’s een groep en positioneren zich waar
zij hun honden en de eventuele prooi goed kunnen zien en volgen. Bij het ontdekken van de prooi
laten de podenco’s een hoge blaftoon horen en gaan de staarten omhoog: dankzij de witte staartpunt kunnen de jagers duidelijk zien waar de dieren zich bevinden. Vervolgens wordt de prooi in de
richting van de jagers opgejaagd. De podenco jaagt met ogen, neus en oren. Hij zoekt het wild op:
ook als er niets te zien is, zal hij blijven speuren. Hij beschikt over een ongelofelijke wendbaarheid en
WOEF | 9
Een geadopteerde podenco kan
zijn oorspronkelijke taak, het
jagen op konijnen, niet meer uitvoeren en dus dient er sowieso
iets in de plaats te komen om
aan zijn jachtpassie te voldoen.
Een hond ‘afleren’ om te jagen,
kan niet.
een snel reactievermogen. De podenco is zeer alert: er ontgaat
hem zelden iets. Bovendien kan hij zich goed aanpassen aan
het klimaat en de bodem. Al deze manoeuvres worden van de
podenco verwacht zonder dat hij al te veel oefening heeft gehad. Meestal lopen de jonge podenco’s een paar keer mee met
de geroutineerde honden. Er wordt dan ook alleen met beste
jachthonden gefokt: niet het uiterlijk, maar de jachtcapaciteit
is van tel. De jagers zijn niet bereid veel energie in training te
steken en selecteren dus op een natuurlijk jachtinstinct. Toch
is de podenco een hond met een zeer opvallend uiterlijk. Het is
een plezier hem te zien rennen en springen: elegant en gracieus, maar ook oersterk en authentiek.
Slecht behandeld
Men zou kunnen veronderstellen dat de Spanjaarden fier zijn
op ‘hun’ eeuwenoud ras met zoveel mooie jachtkwaliteiten,
maar dat klopt helaas niet helemaal. In Spanje heerst een lange
geschiedenis van onverschilligheid en zelfs afkeer van honden.
Honden worden veelal als een gebruiksvoorwerp gezien en worden er ook zo behandeld. Deze minachting sijpelt zelfs door
in de Spaanse taal: wie in Spanje een ‘dia de perros’ (‘perro’
betekent hond) heeft, heeft een echte baaldag en een Mexicaan
die zijn ongenoegen wil uiten, gebruikt de uitdrukking ‘!Que
perro!’. Er zijn jagers die goed voor hun honden zorgen, maar
dat is meer de uitzondering dan de regel. De meeste podenco’s
moeten hun hele leven in vieze, kleine hokken slijten of aan de
ketting onder een boom. Na het jachtseizoen worden de beste
honden aangehouden om mee te fokken, de rest wordt gedood,
in de bergen achtergelaten of naar een plaatselijke perrera
gebracht. Dat zijn dodingstations die over heel Spanje te vinden zijn, zowel op het vasteland als op de eilanden en waar
de honden afgemaakt worden. Op Fuerteventura bijvoorbeeld,
mag er slechts 12 zondagen per jaar gejaagd worden. De rest
van het jaar worden de honden verwaarloosd en hebben een
zeer triest bestaan: ze vegeteren aan te korte kettingen zonder bescherming tegen de felle Canarische zon, met te weinig
of zelfs geen water of voedsel. Vaak genoeg worden ze dood
aan de ketting gevonden. Overleven ze het wel tot de volgende
jacht, dan sterven ze vaak door gebrek aan voorbereiding en
training of worden ze, als de prestaties uitblijven, genadeloos
afgeschoten, opgehangen, in brand gestoken of gewoon ergens
achtergelaten om te verhongeren. Gelukkig zijn er ook mensen
die zich inzetten voor het dierenwelzijn in Spanje en die een
mentaliteitswijziging ambiëren. Zij richten opvangcentra op en
proberen met erg weinig middelen de honden te redden, medisch te verzorgen en een nieuwe thuis voor hen te zoeken. Het
lijkt soms vechten tegen de bierkaai, maar dankzij de inzet van
dergelijke echte hondenliefhebbers worden jaarlijks duizenden
honden van de dood gered.
Zielenpoot ter adoptie?
De meeste podenco’s die je in België of Nederland ontmoet, komen uit zo’n Spaans opvangcentrum. Deze honden hebben het
geluk gehad dat iemand zich over hen wilde ontfermen. Wellicht loopt tijdens het lezen van deze tekst jouw gemoed helemaal vol en misschien wil jij ook zo’n dier in nood redden. Dat
kan. Maar je mag niet naïef zijn. Zijn slechte voorgeschiedenis
uit zich meestal in zijn gedrag. Waarschijnlijk heeft de hond
nooit in huis geleefd. De televisie, de stofzuiger, de deurbel, …
hij zal aan alles moeten wennen. Een geadopteerde hond vraagt
geduld en tijd. Het is niet realistisch te denken dat een hond die
net uit een opvangcentrum komt, volledig zindelijk is, alleen
kan blijven, rustig aan de lijn loopt en zich perfect gedraagt
in huis… Laat je zich dus niet misleiden door beschrijvingen
die beweren dat de adoptiekandidaat enkel ‘een warm mandje
en wat aandacht’ nodig heeft. Elke adoptiehond, en zeker een
podenco uit Spanje, heeft veel meer van zijn nieuwe baasjes
nodig dan dat! Die zielige, sprekende ogen achter tralies doen
je wellicht nu smelten, maar zal je nog evenveel empathie
voelen wanneer deze zogezegde zielenpoot, eens gewend aan
het goede leven, jouw pantoffels stukbijt, de tuin omspit of
de katten najaagt?
Uitdagen en energie kanaliseren
Een gelukkige, goed-in-zijn-vel-zittende podenco is vaak
heel levendig, ondeugend en eigenwijs. Ook is hij erg nieuwsgierig en wil hij graag ‘helpen’ bij het huishouden of tuinieren. De podenco heeft een uitgesproken mimiek: niet alleen
de stand van zijn beweeglijke oren, maar ook zijn hele gelaatsuitdrukking geeft zijn stemming weer. En de geluiden die
hij voortbrengt, zijn zo gevarieerd en bijzonder dat het soms
wel lijkt alsof hij praat. Buiten zijn grote passie voor de jacht
valt de podenco ook op door zijn intelligentie. Hij leert snel,
zowel dingen die je hem wilt leren als dingen die hij zichzelf
graag aanleert, maar waar jij misschien minder enthousiast
over bent. Hij is een meester in het zich eigen maken van
puzzels en wanneer hij eten te pakken kan krijgen, zal hij
niet aarzelen een kast of een vuilbak open te maken. Als een
echte Houdini slaagt hij erin deuren en deksels te openen. Hij
is graag bezig en steekt snel iets op, dus maak daar gebruik
van en begeleid en train hem juist. Een in België geadopteerde podenco kan zijn oorspronkelijke taak, het jagen op
konijnen, niet meer uitvoeren en dus dient er sowieso iets in
de plaats te komen om aan zijn jachtpassie te voldoen. Een
hond ‘afleren’ om te jagen, kan niet. Wel kan je het gedrag en
WOEF | 11
Loslopen is uit veiligheidsoverwegingen voor veel podenco’s
niet weggelegd. Maar wat is beter: een leven aan de ketting en
met slechte verzorging of een
leven als huishond met wandelingen aan de riem?
de energie kanaliseren tijdens andere activiteiten. Deze hond
heeft veel beweging en uitdaging nodig. Een paar keer per dag
blokje om is voor een gezonde, volwassen podenco zeker niet
voldoende. Maar eigenlijk maakt het nog niet zozeer uit hoeveel je wandelt, het is vooral de kwaliteit van de wandeling die
telt. Zorg voor afwisseling, ga niet altijd naar hetzelfde park
of paadje. Combineer de wandeling met zoekspelletjes en gehoorzaamheidstraining, klauter samen over boomstammen, …
kortom: wees interessanter voor jouw hond dan zijn omgeving,
zodat hij meer met jou bezig is en minder de neiging heeft
interessante geursporen na te jagen.
Los of aan de leiband
Idealiter kan de hond af en toe los rennen, maar dat is nu eenmaal uit
veiligheidsoverwegingen voor veel podenco’s niet weggelegd. Net
zoals de meeste jachthonden zijn podenco’s zachtaardig en hechten
ze zich sterk aan het gezin. Maar buiten wint hun jachtinstinct het
toch meestal van hun ‘trouw’ en is het niet altijd aangewezen een
podenco los te laten lopen. Podenco-experte Judy Kleinbongardt
geeft toe dat geadopteerde podenco’s in België en Nederland een
deel van hun vrijheid moeten opgeven, maar, zo schrijft ze ’als de
podenco kon kiezen, denk je dat hij dan zou kiezen voor een leven
aan een korte ketting, negen maanden per jaar, met nauwelijks
eten, geen of weinig beschutting en verzorging, met slechts drie
maanden per jaar de kans om te jagen, of voor een leven als huishond met dagelijkse wandelingen aan de riem, een goede verzorging, liefde, veiligheid, aandacht en een warm mandje, en dat het
hele jaar door?’ De keuze lijkt niet moeilijk. Vele podenco’s vinden
het leuk om op muizen te jagen tijdens de wandeling. Zo kunnen ze
ook hun jachtpassie aan de (lange) lijn uitleven: vaak staan ze eerst
minutenlang stil, houden hun kop scheef en een voorpoot opgetrokken. Hun oren bewegen daarbij de hele tijd om het kleinste geluidje
in het gras op te vangen. Hebben ze hun prooi gelokaliseerd, kunnen
ze met de zogenaamde ‘muizensprong’ uit stand één of twee meter
ver springen en de muis pakken. Of ze kunnen onvermoeibaar muizenholen uitgraven, wat ze ook zeer bevredigend en uitermate leuk
vinden. En zo kan je een aangelijnde wandeling toch nog boeiend
maken voor jouw podenco.
Lekker lui en zacht
Daarnaast komt de podenco zeker in aanmerking voor de meeste
hondensporten. Jachttraining, speuren, treibball, agility, canicross, hersenwerk… Podenco’s zijn heel snel, slim en behendig,
dus je vindt vast wel een leuke sport die niet alleen bij jou, maar
ook bij jouw hond past. Podenco’s staan er sowieso al bekend om
WOEF | 12
dat ze dingen stuk bijten. Versnipperde tijdschriften of gesloopte knuffelbeesten zijn zeker geen uitzondering. Een te weinig
gestimuleerde, zich vervelende podenco zal zeker naar dit gedrag teruggrijpen en het misschien niet alleen bij tijdschriften
of knuffelbeesten houden! Je hebt er dus alle belang bij de
juiste activiteit voor jouw podenco te vinden: als hij goed heeft
kunnen werken, zal hij daarna zalig luieren en zich terugtrekken
in de zon of in de zetel. Liefst ligt hij lekker zacht op de bank bij
het baasje – niet alleen omdat dat simpelweg gezellig is, maar
ook omdat hij last heeft van zijn gewrichten als hij lang op een
harde ondergrond moet liggen. Hij krijgt dan kale plekken waar
de botten slechts door een dun laagje vacht zijn omsloten en
de huid gaat irriteren. Let er ook op dat de podenco, net zoals
alle zichtjagers, een verhoogde ligplaats verkiest. Als hij dus,
ondanks zijn luxemand in de hoek, toch steeds weer op de zetel
wil, zou dat wel eens de reden kunnen zijn. Podenco’s worden
trouwens vaak vergeleken met katten: onafhankelijk, eigenwijs,
lenig en alleen knuffelachtig, aanhankelijk en trainbaar wanneer ze daar zelf zin in hebben en er het nut van inzien. Ze
kunnen helemaal uit de bol gaan, de gekste kuren hebben en
bokkensprongen maken, om een uurtje later te ongestoord te
liggen soezen op hun zachte (hoge) kussen.
Het blijven podenco’s!
Het mag duidelijk zijn dat de podenco een heel speciale hond is.
Zijn blik – de ene keer nostalgisch, de andere keer ondeugend
–, zijn bouw, zijn kleuren, zijn oren, de manier waarop hij zijn
hele lijf inzet om duidelijk te maken wat hij wil, maken hem erg
bijzonder. Het mag eveneens duidelijk zijn dat een podenco niet
voor iedereen geschikt is en dat je jouw verwachtingen best zo
realistisch mogelijk instelt. Wie echter eenmaal valt voor de charmes van deze elegante, gracieuze gekkerd en zijn capriolen, heeft
er geen seconde spijt van. In het boek van Judy Kleinbongardt
staan vele grappige en leuke getuigenissen van Podenco-eigenaars: ‘Ariël heeft het hele meubilair gereorganiseerd toen ze
jong was. Mijn mobiele telefoon staat vol tandafdrukken; de
afstandsbediening van de videorecorder is in duizend stukken… Maar als ze op een bepaalde leeftijd komen, wordt het
minder. Oh, wat zijn ze toch braaf geworden. En dan… liggen
de pannenlappen uit de keuken, afgelikt en afgekloven, plotseling onder de salontafel. Het blijven podenco’s!’
Tekst: Helena Wilmet. Met dank aan Judy Kleinbongardt, auteur van
‘De Podenco - een bijzondere huisgenoot’
Foto’s: Kurt Pas
Sterke koukleum
Los van zijn mentale gezondheid, afhankelijk van de ervaringen
die de podenco vaak op jonge leeftijd heeft moeten trotseren
en waar nieuwe baasjes veelal toch wat werk aan hebben, is
deze spring-in’t-veld fysiek erg sterk. Van de meeste variëteiten
zijn geen erfelijke afwijkingen gekend en podenco’s kunnen gemakkelijk 14 jaar worden. Wel is het belangrijk om honden die
uit Zuid-Europese landen komen te laten testen op mediterrane
ziektes, zoals Leishmaniose, Ehrlichiose en Babesiose. De meeste
stichtingen die honden uit Spanje herplaatsen, laten de honden
wel onderzoeken op deze ziektes, maar het is toch beter er zelf
even naar te polsen.
Podenco’s hebben ook wel last van de koudere temperaturen in
onze contreien. Goed afgedroogd worden na een zwempartij
of na een winterse sneeuw- of regenwandeling zullen ze zeker
op prijs stellen. Bij koud weer worden ze graag toegedekt. Ze
hebben onderhuids weinig vetweefsel, waardoor ze het buiten
snel koud hebben en een hondenjasje kunnen gebruiken. De
podenco is absoluut niet geschikt om buiten in een kennel te
leven. Hij wil het liefst in de buurt van zijn mensen zijn. Hij kan
heel hoog springen en zal zeker ontsnappen als hij zich verveelt,
dus een hoge omheining is zeker geen overbodige luxe en een
aanrader voor ieders veiligheid.
De podenco is een zichtjager
en verkiest een verhoogde ligplaats. Wees dus niet verbaasd
als hij de zetel verkiest boven
zijn dure luxemand.
WOEF | 13
De ervaring van onze reporter
Helena Wilmet
Podenco’s spreken nog authentiek honds
‘Toen ik in november vorig jaar een handje ging toesteken op het Canarische eiland Fuerteventura, was dat een
overweldigende ervaring. In het opvangcentrum Fuertedogs, waar ruim honderd verwaarloosde en gedumpte
honden een nieuwe kans krijgen, leerde ik onder andere
de podenco’s kennen. Lenig, sierlijk, actief en vriendelijk
– het was een heerlijke bende. Podenco’s spreken heel
goed honds. Meer dan eens vreesde ik dat een situatie
tussen twee honden uit de hand zou gaan lopen, maar
de podenco’s losten hun conflicten meestal erg vreedzaam op: met lichaamstaal en kalmerende signalen
maakten ze elkaar duidelijk wat ze wilden en vonden ze
samen een oplossing. Of het nu om een plek in de zetel
ging, een speeltje of een plaatsje bij de voederbak, de
podenco’s sloegen er telkens in de situatie niet te laten
escaleren. Heel indrukwekkend in een roedel bestaande
uit tientallen honden! Het zijn dan ook nog heel authentieke honden: ze werden nog niet te veel vermenselijkt
door overdreven fok, waardoor hun jachtinstincten en
hondentaal intact zijn gebleven.
De podenco’s in het opvangcentrum waren snel en beweeglijk. Ze konden hoog springen en liggen en stonden
ook graag op een verhoog op de uitkijk. Alleen wanneer
het regende, gingen ze liever schuilen. Ze luierden graag
onder de lome middagzon, speelden energiek bij valavond en stonden steeds paraat voor een knuffelsessie.
Hun slimme amberkleurige ogen en grote, parmantige
oren maakten hen bijzonder onweerstaanbaar en wanneer ze hun hoofd vragend scheef hielden met één oor
in de plooi, ja, dan kwam ik handen te kort natuurlijk
om te aaien, te krabben en te vertroetelen! De meeste
podenco’s op Fuerteventura hebben allerminst een leuke
voorgeschiedenis en eigenlijk hebben ze geen enkele reden om mensen nog te vertrouwen: ze werden gebruikt,
mishandeld en gedumpt. Dankzij een ongezien aanpassingsvermogen zijn ze echter in staat zich toch opnieuw
open te stellen voor nieuwe gebeurtenissen en vreemden. Wij mensen kunnen alleen maar van leren van deze
vergevingsgezinde doorzetters! Ze verdienen een beter
lot dan de dodingstations.’
Meer info op www.fuertedogs.com
Foto’s: Nina Bockstael
WOEF | 14
Rasstandaard
Podenco Canario
Rasstandaard
Podenco Ibicenco
Land van herkomst
Spaanse eilanden
Grootte
Land van herkomst
Ogen
Canarische Eilanden
Barnsteenkleurig en amandelvormig
Grootte
De gewenste schofthoogte is voor
de reu van 65 tot 72 cm en voor
de teef van 53 tot 60 cm.
Neus
Kleuren
Goed gespierd, geschikt voor het
rennen en jagen; de buik is iets
opgetrokken.
Rood-wit, van oranje- naar
donkerrood zijn alle kleurcombinaties toegestaan
De gewenste schofthoogte is voor de reu van 65 tot
72 cm met een gewicht van ca. 25 kg en voor de teef
van 60 tot 67 cm met een gewicht van ca. 20 kg.
Vacht
Kleuren
Rood, wit en alle combinaties daarvan
Vleeskleurig
Lichaam
Staart
Glad en kort
Lang en loopt spits toe, bij voorkeur in een wit puntje
Hoofd
Huid
Langwerpig, ca. 21-22 cm lang;
geen duidelijke stop
Ligt strak en zonder rimpels rond
het lichaam
Vacht
Gladharig (komt het meeste voor), ruwharig (harde
vacht met zogenaamde garnituur: een snor en
baard) of langharig (vrij zeldzaam).
Hoofd
Lang, smal en wigvormig, smal toelopend aan de
basis, smal schedeldak.
Oren
Groot, recht opstaand, zeer beweeglijk; dun en aan
de binnenkant niet behaard
Ogen
Rasstandaard
Klein, amandelvormig, amber- of baarnsteenkleurig
Neus
Podengo Português
Vrij grote neusspiegel, vleeskleurig
Hals
Gespierd, iets gebogen, beslaat een vierde deel van
de lichaamslengte
Land van herkomst
Hoofd
Lichaam
Portugal
Wat driehoekig
Hoog, smal en edel gebouwd, iets rechthoekig,
rechte lange rug, schuine schouder, platte ribben,
vrij ondiepe borstkas, opgetrokken buiklijn, brede
gewelfde lendenpartij
Grootte
Ogen
Podengo Grande, 55-70 cm,
Medio, 40-50 cm, en pequeno,
20-30 cm
Amberkleurig
Gangwerk
Kleuren
Zwevende draf, snelle galop
Wildkleur, geel, donkergrijs en
bleekzwart met of zonder witte
vlekken
Neus
Vacht
De podengo is niet zo lang en slank
gebouwd als de Spaanse podenco.
Staart
Lang en dun, sikkelvormig, bij voorkeur met een
wit puntje aan het einde
Gladharig en ruwharig
WOEF | 15
Oren
De oren staan, net als bij de
podenco Ibicenco, rechtop.
Donkerder dan de vacht
Lichaam
KARAKTERSCHETS
Hij beheerst de hondentaal als de beste,
is een van de sterkste hondenrassen,
kan het goed vinden met de kids en is
ook nog eens ontzettend lief voor zijn
baasje. Toch is de podenco niet voor
iedereen het geschikte maatje. Wil je
een hond die je niet voor schut zet op
de hondenschool, die telkens slaafs
reageert op elk bevel? Zoek dan maar
verder. Maar ben je graag actief bezig,
heb je een groot gevoel voor humor en
wil je graag je dagen doorbrengen met
een gekke en lieve clown, dan is de
podenco misschien wel wat voor jou.
Huishond
Doordat de podenco nog heel dicht bij de natuur staat,
is hij niet meteen dé huishond bij uitstek. Sommige geadopteerde podenco’s passen zich
moeilijk of langzaam aan in hun nieuwe woonst. Maar met veel geduld en een positieve opvoeding, komt alles doorgaans
goed. Een tuin is een pluspunt, maar deze dient voldoende hoog omheind te zijn, omdat podenco’s erg hoog kunnen
springen. Sommige adoptieorganisaties vragen een minimumhoogte van de omheining van twee meter. Een leven buiten
in een kennel, is uitgesloten voor deze warmbloedige zuiderling.
Met kinderen
Podenco’s kunnen het meestal goed vinden met kinderen, op voorwaarde dat ze rustig met hem omgaan. Leer je kinderen
dat ze hem niet zomaar mogen overvallen of bespringen, maar dat ze hem altijd op een kalme manier benaderen.
Leervermogen
In de top van de hondensport komen we podenco’s niet vaak tegen. Toch zijn het intelligente dieren. Door hun groot
jachtinstinct, gaat het aanleren van bevelen soms wat moeilijker dan bij andere rassen. Ook hebben ze geen enorme
will to please in vergelijking met bijvoorbeeld herdershonden. Toch hebben podenco’s baat bij een hondenschool of –
sport. Hun jachtinstinct kan je niet onderdrukken, maar je kan hen wel een nieuwe hobby geven!
Sociaal
Met andere honden kan de podenco het doorgaans erg goed vinden. Podenco’s spreken nog echt ‘honds’ en begrijpen lichaamstaal en andere signalen van hun medeviervoeters als de beste. Wanneer je een podenco adopteert en al een hond
in huis hebt, verloopt de opvoeding vaak vlotter, omdat de podenco zich optrekt aan zijn soortgenoten. Door zijn grote
jachtinstinct is het altijd afwachten hoe hij met andere dieren zoals knaagdieren, vogels en poezen omgaat. Sommige
podenco’s zien deze beestjes immers als een prooi.
Aanhankelijkheid
Voor mensen zijn podenco’s meestal lief. Hoewel ze soms wat terughoudend of voorzichtig zijn in contact met
vreemde mensen, raken ze snel gehecht aan hun baasje.
Probleemgedrag
Een podenco die onvoldoende beweging of mentale uitdaging krijgt, kan probleemgedrag vertonen: meubels vernielen, uitbreken of zich gaan fixeren op bepaalde zaken. Zorg voor voldoende stimulatie.
WOEF | 16
VACHTVERZORGING
Overdaad schaadt:
niet te veel borstelen
De Spaanse podenco en zijn Portugese bijnanaamgenoot, de podengo, bestaan in alle
maten en kleuren. Ook zijn vacht kan heel erg
verschillen. Zo is er een gladharige variant, maar
ook een ruwharige.
DAGELIJKSE VERZORGING
De gladharige podenco heeft een korte en dichte vacht, zonder
ondervacht, wat zijn verzorging erg gemakkelijk maakt: af en toe
met een vochtige zeem de losliggende haren verwijderen volstaat.
Enkel in de ruiperiode mag je gedurende een drietal weken met
een ceder (zaagblaadachtige kam) of heel fijn kammetje de dode
haren verwijderen. Nadien moet je de vacht weer laten rusten.
Overdaad schaadt bij deze vacht: te vaak kammen, geeft nog meer
haarverlies.
De ruwhaar voelt borstelachtig aan en heeft een duidelijke ‘baard’.
Af en toe moet je hem doorkammen om zijn vacht vrij te houden
van klitten, maar ook weer hier mag je niet overdrijven: ook de
ruwhaar vertoont meer haarverlies bij overmatig kammen. De
ruwharige variant heeft geen pluizige haren of ondervacht. Het
kan wel zijn dat hij geregeld getrimd moet worden.
IN HET TRIMSALON
De podenco is een vrij zeldzame verschijning in ons land. Als we
hem dan toch eens zien verschijnen in het trimsalon, wordt de
gladharige variant ontdaan van zijn dode haren. Dan worden oren,
ogen en nagels verzorgd, krijgt hij een fris bad en wordt hij tenslotte drooggeföhnd. Voor de ruwhaar geldt dezelfde verzorging,
maar hij kan ook getrimd worden wanneer het nodig is. Let wel
op: de vachtverzorging van dit ras kan enigszins anders zijn voor
een showhond dan voor een huishond, zeker voor de ruwhaar,
omdat het verschil tussen een ruw- en een gladhaar duidelijk
moet zijn op een show. Met vragen kan u steeds terecht bij een
erkende fokker of trimmer van dit speciale ras.
Tekst: Corinna Verschuren - Hondenkapsalon ‘t Trimmertje
Tel: 089/84.23.79 - 0475/61.96.42
WOEF | 17
EIGENAARS
Zus
Nacho
‘Zus (6), oftewel Zoë, komt via Stichting Prozus uit Spanje. Ze is
een echte clown: vrolijk en speels. Maar ze is ook heel nieuwsgierig en leergierig. Een podenco opvoeden is niet gemakkelijk. Het is hard werken en je moet altijd consequent blijven.
Podenco’s blijven immers jachthonden met sterk ontwikkelde
zintuigen zoals zicht, reukvermogen en gehoor. Met Zus doe
ik doggydance en breitensport. Ze heeft veel beweging nodig,
mar ook voldoende geestelijke uitdaging, anders gaat ze zich
vervelen. Thuis is ze heerlijk rustig.’
‘We adopteerden onze podenco Ibiceno Nacho (1) uit Spanje
via de organisatie ACE-Animal Care España. In het begin
gingen we met Nacho naar een hondentherapeute, omdat
hij wat aanpassingsmoeilijkheden had. Wandelen wou
hij niet en hij was bang van gras. Nadien volgden we een
intensieve training bij een hondenschool om de basiscommando’s onder de knie te krijgen. Nacho kent een heel
aantal commando’s, maar soms is hij eigenzinnig en weigert
hij het commando uit te voeren. Hij is heel lief voor onze vijf
poezen, zolang ze het maar niet op een lopen zetten, dan
snelt hij hen achterna. Gelukkig zijn de poezen sneller. Ik had
al gelezen dat podenco’s tot wel twee meter hoog konden
springen, maar schrok me toch wel een hoedje wanneer
Nacho plots op onze kast stond.’
Hester Roodbol uit Den Haag, Nederland
Jessica Verdoodt uit Duisburg
Nikita
‘Ik adopteerde Nikita (5) via Galgo Aid Europe. Ze is prettig
gestoord en aanhankelijk, maar de opvoeding is niet gemakkelijk vanwege haar jachtinstinct. Daardoor kan ze ook niet met
katten, knaagdieren en pluimvee. Nikita is prettig gestoord en
aanhankelijk. Haar lievelingshobby? Putten graven!’
Sjoerd Van Nooten uit Bouwel
Branco
De podenco in de boekenkast
‘Als pup werd Branco (2) samen met zijn zusje op straat gevonden in Portugal. Zijn opvoeding verliep op zich niet moeilijk,
omdat hij leergierig en intelligent is. Maar als hij iets ziet waarop
hij kan jagen, moet ik gewoon afwachten tot hij moe is. Door zijn
jachtinstinct kan ik hem enkel loslaten in omheinde losloopgebieden. Hij kan het thuis erg goed vinden met mijn twee
eurasiërs en drie katten.’
De Podenco, een bijzondere huisgenoot
e18,95
Kleinbonardt
Ibizan Hound (E)
e22,50
Puskas
Ibizan Hounds (E)
e12,50
Mc Donald Brearley
BESTELLEN?
Caroline van Raaij uit Heiloo, Nederland
Tel. 015/ 51 87 13 • fax: 015/ 52 09 65
[email protected]
HERBS & BOOKS
SPECIAALZAAK DIERENBOEKEN
WOEF | 18
JOUW OORDEEL
Knotsgekke levensgenieter
De ene podenco is de andere niet: je hebt
Spaanse podenco’s, Portugese podengo’s
en exemplaren afkomstig van de Canarische eilanden. Ook wat betreft hun vacht,
grootte, kleur en karakter, verschillen deze
honden sterkt. ‘Dé podenco’ bestaat dus
niet, maar toch hebben al deze zuiderlingen
één ding gemeen: hun knotsgekke en levenslustige persoonlijkheid, soms gepeperd met
een flinke dosis koppigheid. Als kers op de
taart, krijg je er ook nog eens erg zachtaardig en vriendelijk karakter bij. Een geweldig
maatje voor baasjes met een sterk gevoel
voor humor, die niet op zoek zijn naar een
hond die altijd gehoorzaamt.
met zijn of haar podenco gevolgd. Er is er zelfs eentje actief in de
sport, meer bepaald in dogdance en breitensport!
Gezondheid
Wanneer ze net geadopteerd zijn, kunnen podenco’s wel eens
kleine kwaaltjes vertonen die te maken hebben met de extreme
verwaarlozing die ze ondergingen in hun thuisland, maar uit onze
enquête blijkt dat de podenco een erg sterk en gezond hondenras
is. Alle podenco’s uit onze enquête zijn op-en-top gezond! Een
baasje waarschuwt wel voor hun tere huidje: oppassen dus met
prikkeldraad (maar dat spreekt wellicht voor zich!) en happende
honden!
Vachtverzorging
We zeiden het al: de ene podenco is de andere niet en dat blijkt
ook uit onze enquête. Het merendeel van de ondervraagde
podenco’s (of liever hun baasjes) heeft amper last van haarverlies,
maar er zijn er ook enkelen die klagen van véél vachtverlies. Over
één ding zijn alle baasjes het wel eens: veel verzorging
heeft de podencovacht niet nodig.
Karakter
Volgens zijn baasjes is de podenco een lieve, aanhankelijke en
speelse hond. Maar hij is ook eigenwijs, nieuwsgierig en ondeugend. Dat sommige baasjes hun podenco omschreven als ‘prettig
gestoord’ of ‘rasechte clown’, hoeft dan ook niet te verbazen.
Gemiddelde leeftijd eigenaars
De Spaanse trots en Portugese pracht doen het vooral goed bij twintigers, dertigers
en veertigers. De gemiddelde leeftijd van de
podencobaasjes bedraagt 34 jaar. Het oudste baasje is 48
jaar en het jongste
19 jaar.
Bewegingsbehoefte
Aankoop
Bijna alle
podenco’s uit
onze enquête zijn
afkomstig van
een buitenlandse
adoptieorganisatie.
Daar betaalden de
baasjes een adoptieprijs
die tussen de 215 en de 250
euro lag. Daarnaast waren er ook
enkele baasjes die hun podenco ‘via
via’ in huis namen.
Opvoeding
De meeste podencobaasjes gaven aan dat de
opvoeding van hun ras niet echt gemakkelijk
is. Sommige podenco’s zijn eigenzinnig of erg in
zichzelf gekeerd en andere podenco’s zijn dan weer
te snel afgeleid door hun grote jachtinstinct. Toch
zijn er ook baasjes bij wie de opvoeding net makkelijk
verliep. De overgrote meerderheid heeft hondenschool
WOEF | 19
Podenco’s zijn erg energieke honden die veel beweging nodig hebben. Sommige baasjes halen ook aan dat het ras ook geestelijke
uitdagingen nodig hebben. Podenco’s hebben immers een groot
jachtinstinct en blijven daardoor meestal aan de lange lijn. Loslopen,
mogen de meeste exemplaren enkel in degelijk omheinde losloopgebieden.
Omgang
De podenco beheerst als geen ander de hondentaal. Hij kan het
dan ook goed vinden met andere honden. De meeste podenco’s uit
onze bevraging, doen het ook erg goed met kinderen. Wat betreft
andere dieren, ligt het vaak wat moeilijker. De ene podenco kan
erg goed met de katten in zijn eigen gezin overweg, maar ziet
vreemde katten als een prooi. Sommige podenco’s kunnen dan
weer met alle andere dieren, tenzij ze het op een lopen zetten,
dan is hun podenco ook foetsie! En tenslotte zijn er ook podenco’s
die absoluut niet in dezelfde kamer kunnen zitten met pluimvee,
poezen en konijnen.
Vorige hond = volgende hond?
De meeste baasjes hadden nog nooit eerder een podenco. Toch
zijn ze helemaal bezweken voor de charmes van dit ras, want in
de toekomst kiest de meerderheid ook opnieuw voor de podenco.