bijlage 1 - Living Lab Eemsdelta

Living Lab Eemsdelta
3-2-2014
LIVING LAB EEMSDELTA
Energieakkoord
Horizon 2020
Topsectorenbeleid
GreenDeal NNL
Maatschappelijk belang, Bedrijven, Kennisinstellingen, Overheden
1
Living Lab Eemsdelta
3-2-2014
Propositie “Living Lab Eemsdelta”: naar een duurzaam, innovatief en
robuust nationaal cluster
Wij bieden de Minister van Economische Zaken de kans om 10 jaar lang onze
regio te gebruiken voor een industrieel-wetenschappelijk experiment, waarbij
maatschappelijk belang, verduurzaming, werkgelegenheid,
kennisontwikkeling en innovatie, samenkomen. De minister zal hier een
precedent mee scheppen, maar wel op basis van louter offensief
voorwaardenscheppend beleid gericht op een belangrijk cluster binnen de
topsector chemie, waarvan de resultaten op korte termijn concreet gemaakt
worden, dat wetenschappelijk onderbouwd wordt, dat langjarig getoetst
wordt en waarvan de opgedane kennis binnen Europa verspreid kan worden.
Daarnaast bieden wij met deze propositie een directe invulling van het
Nationaal Energie-akkoord en een concreet Living Lab project dat binnen
Europa als voorbeeld kan dienen.
Vanzelfsprekend zijn regionale partijen bereid om passend bij hun rol en
verantwoordelijkheid een bijdrage in financiële zin en een bijdrage in natura
(menskracht, tijd, e.d.).
Inhoudsopgave
 Achtergrond Eemsdelta
 Eemsdelta: koploper regio groene- en duurzame economie (2030)
 Korte termijn en middellange termijn agenda
 Concrete realisatie – korte en middellange termijn
 Wat hebben we nodig om het living lab te realiseren?
 Bijlage 1 – Overzicht Investeringsportefeuille Eemsdelta
2
Living Lab Eemsdelta
3-2-2014
Achtergronden Eemsdelta (1950 –heden)
De Eemsdelta is vanwege de sterk ontwikkelde sectoren energie en chemie en logistiek een
industriegebied van nationaal belang. In combinatie met een sterk agrarisch achterland en
de kernzone Groningen-Assen vormen de industrie- en havengebieden Eemshaven en
Delfzijl een belangrijke pijler voor de werkgelegenheid in Noord Nederland.
Het industrieel cluster Delfzijl kent haar oorsprong eind jaren 50 van de vorige eeuw. Na
de vondst van zout en aardgas in de Groningse bodem opende AKZO een zoutfabriek en
vestigde Aldel zich onder de gunstige voorwaarde van een lage elektriciteitsprijs en de
logistieke mogelijkheden door de directe ligging aan zee.
De industrie in Delfzijl vormt inmiddels een geïntegreerd chemisch cluster rondom de
verwerking van chloor voor o.a. de vezel- en kunststofindustrie; aardgas, groen gas en restglycerine voor (groene) methanol en een verwerkingsketen van aluminium. De kracht van
dit industrieel cluster is het geïntegreerde karakter, waarin aanbieders en afnemers van
grondstoffen direct verbonden zijn en op efficiënte wijze samenwerken (zie figuur) en een
grote bijdrage leveren aan de Topsector Chemie.
Het industriecluster Delfzijl levert werkgelegenheid aan 2.250 directe en 3.400 indirecte
arbeidskrachten in de regio (bron: Groningen Seaports) met een hoge multiplier gezien de
kapitaalintensiteit van deze industrie, en is daarmee essentieel voor de werkgelegenheid in
de regio.
3
Living Lab Eemsdelta
3-2-2014
Anno 2014 zorgen de huidige hoge tarieven voor gas en elektriciteit in Nederland, door het
ontbreken van een level playing field op de Europese energiemarkt en een tot nu toe
onvoldoende Europees antwoord op de Amerikaanse schaliegasrevolutie, voor een
verslechterde concurrentiepositie van het industrieel cluster Delfzijl (en de Nederlandse
industrie). Het voorliggend voorstel biedt hierop een beter perspectief.
Dit voorstel bevat een achttal mogelijke maatregelen, die verder moeten worden
uitgewerkt. Dit is de lijn waarlangs de regio de minister van Economische Zaken een
voorstel doet om tot een sluitende aanpak te komen van de problematiek die voor
ligt.
4
Living Lab Eemsdelta
3-2-2014
Eemsdelta: koploper regio groene- en duurzame economie (2030)
De Eemsdelta is in 2030 één van de Europese koploper regio’s voor groene economie en
een duurzame energievoorziening. Het is dan tevens het belangrijkste groene haven- en
industriegebied van Noord-West Europa, met de laagste relatieve CO2-footprint. De
Eemshaven heeft zich daarbinnen ontwikkeld tot Energyport en datahub voor NoordwestEuropa. Delfzijl is het toonaangevend cluster waar chemie sterk is vergroend en
verduurzaamd en waar reststoffenverwerking heeft geleid tot een duurzame en groene
grondstoffenmarkt met een regionale en (inter)nationale afzet.
(bron: Bosatlas Energie 2012 Energie in Noord Nederland)
Industrieel cluster Delfzijl is een duurzaam, innovatief en robuust cluster van
samenwerkende bedrijven vanuit agro- energie en chemiebedrijven, dat gekenmerkt wordt
door de nauwe integratie in de keten, zowel op menselijk niveau, als op R&D en utilities.
Het cluster beschikt over een uitstekende infrastructuur, waar bedrijven alle benodigde
producten en diensten die niet tot de kernactiviteit van het bedrijf horen op een
kosteneffectieve manier kunnen inkopen.
Tot deze producten behoren elektriciteit, stoom, (groen) gas, perslucht, industriewater, etc.
Tot de diensten behoren veiligheidsvoorzieningen (in- en externe veiligheid), afhandeling
van en toezicht op vergunningen, industrieel onderhoud en natuurlijk ook opleiding van
benodigde personeel, dus de beschikbaarheid van goede opleidingsinstituten zoals de
opleiding offshore wind techniek.
Dit industrieel cluster fungeert als “energiebuffer” voor zowel landzijdige als offshore
geproduceerde groene elektriciteit, d.m.v. Power2Gas (en producten).
Er heeft zich een sterk biorefinery cluster ontwikkeld, dat o.a. groen syngas en biomethanol produceert. De verbinding tussen het chemisch cluster en het agro-food
achterland heeft vorm gekregen door ketensamenwerking tussen chemische en agrarische
bedrijven. Er is een aantal toonaangevende en groene nieuwe bedrijven gevestigd. Het
cluster van bedrijven (voornamelijk chemie- en industrie) heeft haar CO2-footprint met
30% gereduceerd door bovenop haar al lopende meerjarenverplichtingen (MJA en MEE)
een bovenwettelijke inspanning te leveren door groene- en duurzame projecten door te
voeren. Dit is ook in lijn met het Energieakkoord waarin jaarlijks 1,5% energiebesparing is
belegd.
5
Living Lab Eemsdelta
3-2-2014
Het cluster verschaft 3.000 (nu 2.250 direct) mensen directe werkgelegenheid, indirect
4.500 mensen (3.400 in 2014) en er is een “Eemsdelta Human Capital Bank” opgericht.
6
Living Lab Eemsdelta
3-2-2014
Korte termijn en middellange termijn agenda
Dit voorstel verbindt de lange- met de korte termijn. Om de lange termijn doelen te
realiseren is het noodzakelijk om een aantal randvoorwaarden op de korte termijn al te
realiseren.
Deze randvoorwaarden zijn:
 Een lagere energieprijs om op korte termijn concurrerende vestigingsvoorwaarden
te scheppen d.m.v. een Europees level playing field
 Een gunstig investeringsklimaat voor de langere termijn om hierbinnen de transitie
naar verduurzaming en vergroening te bewerkstellingen.
Een lagere energieprijs heeft (voor de meest korte termijn) grote invloed op de
concurrentiepositie van bedrijven. Energiekosten van de meeste bedrijven bedragen tot
30% tot 40% van de operationele kosten. Het verlagen van deze kosten (op de korte
termijn) geeft bedrijven een gunstiger uitgangspositie voor het kunnen vergroenen en
verduurzamen van hun processen en producten (langere termijn).
Om een gunstiger uitgangspositie te creëren voor de bedrijven binnen het industriële
cluster Delfzijl, wil de Eemsdelta-regio graag onderstaande routes verkennen.
Korte termijn:
1. BSRI regeling
De BSRI regeling is een regeling die (vernieuwende, strategische) investeringen én
vestiging van nieuwe bedrijven ondersteunt. Het is een regeling die goedgekeurd is
in Brussel. De regeling is gepubliceerd in de Staatscourant van 6 juli 2010.
Afhankelijk van het gebied en soort project gaat het om projecten van grote
bedrijven die minimaal € 13,5 mln. in omvang zijn of zelfs minimaal € 45 mln. Voor
MKB bedrijven gelden lagere ondergrenzen: € 7,5 mln. resp. € 11,25 mln.
Het voorstel is de BSRI regeling (budget is nu 0 gezet) in te zetten om
financieringsvoorstellen aantrekkelijker te maken voor investeerders. Verschillende
landen binnen EU, maar ook de VS zetten dit type instrumenten in om investeringen
naar een bepaalde regio te bewegen. De BSRI regeling is een Europees
goedgekeurde instrument, maar vanwege het ontbreken van funding kan ze
momenteel niet worden ingezet.
2. Coördinatie inspecties/ aanpassen wet- en regelgeving
Het is zaak om ten aanzien van de handhaving van wet- en regelgeving en de rol
van inspecties te komen tot een goede afstemming (bijvoorbeeld 1
loketbenadering), waarbij de regellast voor bedrijven wordt geminimaliseerd, maar
wel de beoogde effecten worden behaald.
3. Ondersteuning WKK
Substantieel lagere elektriciteits- en stroomprijs voor de korte termijn of het
huidige verstromingscontract van NAM omzetten naar een langjarig
leveringscontract van laag calorisch gas op WKK Delesto, waarop Delesto stroom
teruglevert aan NAM voor haar compressorstations. Inclusief mogelijkheid van
wel/geen aandeelhouderschap en eventueel in combinatie “black start” contract.
7
Living Lab Eemsdelta
3-2-2014
Middellange termijn:
4. Nieuwe bedrijven versterken het industriële cluster en leveren nieuwe
werkgelegenheid op in de industrie. De Eemsdelta biedt een goed vestigingsklimaat.
Door de verhoogde WKK-subsidie dan wel een substantieel lagere gasprijs, de inzet
van de BRSI en door zekerheid te creëren ten aanzien van de van toepassing zijnde
wet- en regelgeving en de inzet van instrumenten als financieringsgarantie en
afschrijving ‘at will’ is er concreet perspectief op de vestiging van een aantal
nieuwe bedrijven met nieuwe business.
5. Aanleg nieuwe kabel Delfzijl – Duitsland
6. Privatisering bestaande stroomkabel TenneT. Door het deels privatiseren van
het tracé Diele-Meeden-Weiwerd-Aldel kan een rechtstreekse, dedicated verbinding
gelegd worden tussen het Duitse net en Nederlandse gebruikers.
Lange termijn:
7. Het Living Lab stelt zich ten doel om in de periode 2014 -2024 de Eemsdelta en
daarmee het industrieel cluster Delfzijl te versterken, te verduurzamen en te
vernieuwen en de hierbij opgedane kennis zodanig te ontsluiten dat ook de
concurrentiepositie van de Nederlandse én Europese industrie hierdoor versterkt
wordt door nieuwe business en nieuwe verdienmodellen.
Het lab is een (globaal) afgebakende omgeving met een eigen dynamiek. Gerichte
ingrepen in die dynamiek door de deelnemende partijen worden in het Living Lab
zorgvuldig gevolgd en geregistreerd, zodat een kennisdatabase ontstaat waarvan
overheden en bedrijven in binnen en buitenland kunnen leren.
De wetenschappelijke inbedding wordt verzorgd door de Energy Academy Europe
(EAE) en de Rijksuniversiteit Groningen (middels haar programma BioBrug).
EAE wil graag meewerken aan ontwikkelen van en participeren in het Living Lab.
Inbreng vanuit EAE is er ondermeer vanuit de hoek van biobased economy,
maatschappelijk verantwoord innoveren chemie, keten analyse en
systeemintegratie, energie-economisch perspectief, gasinnovatie en
proeftuinontwikkeling. Interactie met ondernemers en bestuurders zelf is wenselijk
en noodzakelijk.
Deze ambitie tot het verbinden van sectoren vraagt om de ontwikkeling van
verbindende infrastructuur en de ontwikkeling van cascaderingconcepten van
hernieuwbare grondstoffen (biomassa en reststoffen). ‘Groene revolverende’
fondsen kunnen een belangrijke rol spelen in de vertaalslag van experiment en
onderzoek naar daadwerkelijke toepassing van innovaties.
8. De ministeries van EZ en Financiën stellen hun kennis en netwerken actief
beschikbaar ten behoeve van het actief benaderen van banken,
participatiemaatschappijen, pensioenfondsen en private en venture capitalpartijen.
In het laatste hoofdstuk van dit voorstel worden bovenstaande mogelijke maatregelen
nader uitgewerkt.
8
Living Lab Eemsdelta
3-2-2014
9
Living Lab Eemsdelta
3-2-2014
Concrete realisatie – korte en middellange termijn
Het industriële cluster in de Eemsdelta heeft ongekende ontwikkelmogelijkheden, die
kunnen worden geclusterd rondom de volgende vier programmalijnen:
1. Vergroening en verduurzaming van de bestaande bedrijven
De in de Eemsdelta gevestigde bedrijven hebben concrete plannen om hun
productieprocessen te verduurzamen, het verbruik van grondstoffen te reduceren en
te vergroenen en de mogelijkheden van recycling te vergroten en het benutten van
elkaars reststromen te optimaliseren. Het betreft hier een aanzienlijke
investeringsopgave (ruim 160 miljoen euro) die op korte termijn kan worden
gepleegd en additionele werkgelegenheid genereerd. Zij vragen de overheid om
ondersteuning bij realisatie van deze projecten (onder meer in de vorm van
investeringsondersteuning, kennisontwikkeling en experimenteerruimte, aanpassing
regelgeving). Het bestaande bedrijfsleven kan hierdoor een grote bijdrage leveren
aan het versterken van het industriële cluster en behoud van bestaande en leveren
van nieuwe bedrijvigheid op het industriepark.

Het Living Lab stelt zich ten doel om in de periode 2014 -2024 de Eemsdelta en
daarmee het industrieel cluster Delfzijl te versterken, te verduurzamen en te
vernieuwen en de hierbij opgedane kennis zodanig te ontsluiten dat ook de
concurrentiepositie van de Nederlandse én Europese industrie hierdoor versterkt
wordt door nieuwe business en nieuwe verdienmodellen.
 Een concreet voorbeeld van een ontwikkeling om nieuwe starters aan de regio te
binden op het gebied van kennis en innovatie is:
Brainwierde Weiwerd:
Het voormalige wierdedorp Weiwerd is ontwikkeld als een gezamenlijke
“community” vestigingsplaats voor kleinschalige- en kennisintensieve bedrijvigheid
die door middel van kennis of kunde toegevoegde waarde levert door een dienst of
product af te zetten in haar directe omgeving maar ook daarbuiten. De Brainwierde
Weiwerd functioneert daarmee als satteliet in de Eemsdelta voor kennisinstellingen
en kennisintensieve bedrijven (ECN/TNO/Ingenieurs/Consultancy).
10
Living Lab Eemsdelta
3-2-2014
 Middels het Living lab wordt invulling gegeven aan:
 De benaming “ experimenteer regio” zoals in de Green Deal Noord Nederland is
afgesproken
 De opgaves voor industrie zoals vermeld in het SER energieakkoord
 Het huidige Topsectoren beleid (zowel chemie als energie)
 Het Europese Horizon2020 programma, waarin crossovers en living labs als
maatstaf dienen voor innovatie, kennisontwikkeling en economische groei
 European Energy Directive
 De Ontwikkelingsvisie Eemsdelta 2030
 Economische Visie Eemsdelta 2030
 Havenvisie 2030; Groningen Seaports
 SWITCH
 VNCI visie 20-30 Routekaart Chemie

Proceswater
Hergebruik afvalwaterzoutfabriek (fase 1 gerealiseerd)
Op Chemiecluster Delfzijl wordt ca. 2,5 miljoen kubieke meter water per jaar
gebruikt voor industriële toepassing. Veelal wordt hiervoor drinkwater gebruikt,
terwijl dit in veel gevallen niet nodig is.
De doelstellingen van de openbare industriewaterleiding zijn:
 Duurzame toepassing van ‘reststoffen’ van klanten, waarmee transportkosten en
energie wordt bespaard.
 Zoveel mogelijk voorkomen dat drinkwater wordt toegepast voor industriële doelen
waar ook een andere kwaliteit water kan volstaan.
 Stimuleren van ketenvorming (industriële ecologie): de uitwisseling van stromen
tussen bedrijven verhoogt de mate van duurzaamheid en zorgt voor het verlagen
van de logistieke kosten per bedrijf.
11
Living Lab Eemsdelta
3-2-2014
 Aanbieden van een vestigingsfactor: de industriewaterleiding werkt
drempelverlagend voor nieuwe vestigers met een industriewaterbehoefte.
 Masterplan Utilities Eemsdelta
In een gezamenlijke aanpak van gebruikers en faciliterende partijen (zoals
terreinbeheerders en overheden) wordt een roadmap opgesteld voor het
gemakkelijker onderling uitwisselen van utilities als stroom, gassen en vloeistoffen
(verhogen organisatiegraad) en het ontwikkelen en beheren van de infrastructuur
(ontwikkeling infrastructuur, hardware). Voor nadere uitwerking zie verderop.
 Voorgenomen Investeringen door gevestigde bedrijven zijn nader uitgewerkt in
een vertrouwelijk Projectenboek (reeds toegezonden). Het bedrijfsleven in de
Eemsdelta regio is bereid om te investeren in schonere en duurzame technologie,
reductie van het energieverbruik, drinkwater. Het totale investeringsvolume
bedraagt daarin €161 miljoen.
 De Stichting Eemsdelta Green speelt een belangrijke rol bij het ophalen van
groene projecten bij de bedrijven en het identificeren van knelpunten om
projecten daadwerkelijk in gang te zetten. Ondersteuning bij de oplossing van
gesignaleerde knelpunten is gewenst en kan er zonder meer toe leiden dat het
investeringsvolume van het huidige bedrijfsleven nog verder toeneemt.
2. Verbetering Utility infrastructuur
Groningen Seaports, de NOM en SBE ontwikkelen samen een masterplan utilities. Er
zijn in de Eemsdelta nog vele mogelijkheden bij het bestaande bedrijfsleven om
utilities in gezamenlijkheid te ontwikkelen. Dit is tevens een versterking van de
vestigingsvoorwaarden (aantrekkelijkheid) van de Eemsdelta. Hierbij kan gedacht
worden aan het aanleggen van een restwarmte net, groene stoomproductie,
(groen)stoomnet (hoge druk, middel druk, lage druk), de aanleg van een syngas net,
privaat stroomnetwerk inclusief eventuele kabel naar Duitsland, stikstof, perslucht,
instrumentenlucht netwerk, het benutten van geothermie en de aanleg van een
buisleidingstraat. Dit soort investeringen vergt ondersteuning op het gebied van
organisatie, investeringen en ontwikkelingen in wet- en regelgeving.


Industriële infrastructuur vormt een belangrijke drager voor de verregaand
geïntegreerde industriële clusters in Eemshaven en Delfzijl. De ontwikkeling van
gedeelde infrastructuur en voorzieningen draagt bij aan versterking van het
cluster. In dit kader kunnen de onderstaande projecten worden genoemd.
Buisleidingenstraat (http://www.buizenzone.nl)
Verbinding en integratie clusters Eemshaven en Delfzijl. De Eemshaven biedt met
een operationele diepgang van -15 meter NAP schaalgrootte ten opzicht van
Delfzijl met een operationele diepgang van -9 meter NAP. Chemische (vloei)stoffen
kunnen met Panamax size schepen worden aangevoerd naar de Eemsdelta regio.
Opslag- en buffer capaciteit is beschikbaar in de Eemshaven. De stoffen worden per
pijpleiding getransporteerd naar het chemiecluster in Delfzijl.
Ten behoeve van de buizenzone zijn reeds verschillende studies uitgevoerd. De
provincie Groningen heeft inmiddels qua ruimtelijke ordening een voorkeurstracé
aangewezen.
12
Living Lab Eemsdelta




Green Grid
Ontwikkeling openbaar netwerk voor het transport van waterstof en/of syngas
binnen het Chemie Cluster Delfzijl. De ontwikkeling van het GreenGrid vindt plaats
in een drietal stappen:
A. Haalbaarheidsonderzoek en ontwikkeling blauwdruk.
B. Realisatie van het GreenGrid en de interfaces met bedrijven.
C. Verduurzaming van syngas en waterstof door innovatief gebruik van biomassa
en duurzame energieproductie.
Lokale opwekking
Optimaliseren lokaal energieverbruik en levering (Elektriciteit en warmte (zie
figuur)
Vergelijking CO2 emissies
300
250
Procenten

3-2-2014
200
150
254%
100
123 %
50
100 %
0
Kolencentrale
Gascentrale
Delesto
13
Living Lab Eemsdelta
3-2-2014
3. Innovatie op het gebied van Gas/power to gas
De Eemsdelta kan de nationale proeftuin voor “Power to Gas” en groen syngas
worden waarbij de voordelen van de nabije windenergie en de aanvoer biomassa
kunnen worden benut. Concreet spelen er ontwikkelingen op het gebied van H2
elektrolyse, Syngas, groen gas en LNG die het verdienen om te worden ondersteund,
bijvoorbeeld door garantstellingen, investeringszekerheid en instrumenten als
afschrijving ‘at will’ en subsidies.










Ontwikkelen van samenwerking tussen agro- chemie en energiebedrijven door
gebruik van gezamenlijke faciliteiten en uitwisselingen van energie en grondstoffen
Omzetting van hernieuwbare grondstoffen (zoals biomassa) naar groen
synthesegas door vergassing, inclusief een bufferfunctie voor synthesegas in
zoutkoepels
Omzetting van elektriciteit naar gas als peak shaving in het elektriciteitsnet naar
bovenstaande bufferfunctie
Inzet van groen synthesegas op verschillende manieren, zoals productie van groene
bouwstenen zoals alcoholen, glycolen en alkenen
Opwekking van groene stroom en groene stoom, etc.
Nieuwe processen waarbij hernieuwbare grondstoffen (zoals biomassa) en groene
methanol omgezet worden naar chemische bouwstenen zoals olefinen, azijnzuur, en
groene alternatieven voor chemische bouwstenen als benzeen, tolueen en xyleen
(nu nog vanuit fossiele raffinage)
Nieuwe downstream processen waarbij bovengenoemde bouwstenen gecombineerd
worden met het aanwezige chloor tot bv EDC (Delamine), MCA, en mogelijk groene
kunststoffen.
Duurzame opslag van energie.
Met de ontwikkelingen rondom wind- en zonne-energie is de verwachting dat
beschikbaarheid van energie zal fluctueren. Verschillende conceptuele ideeën
rondom dit vraagstuk zijn uitgewerkt. Alle oplossingsrichtingen maken gebruik van
de unieke beschikbaarheid van zoutcavernes en de mogelijkheid om energie terug
te leveren aan de chemische industrie. Enkele oplossingsrichtingen zijn:
CAES (Compressed Air and Energy System); zoutcavernes vullen met lucht onder
druk, welke druk op een ander moment turbines kunnen aanjagen om stroom op te
wekken.
Power to Gas (P2G) in samenhang met grootschalige opslag van waterstof in
zoutcavernes.
4. Acquisitie nieuwe bedrijven
Tax incentives en investeringssubsidies kunnen een belangrijke rol spelen, naast een
goede utilities infrastructuur, in het binnenhalen van nieuwe bedrijfsvestigingen. In
de regio wordt al intensief samengewerkt met de opleidings- en kennisinstellingen
om de opleidingsfaciliteiten up-to-date te hebben om voldoende gekwalificeerd
personeel beschikbaar te hebben voor de bestaande en nieuwe bedrijven.
Nieuwe bedrijven versterken het industriële cluster en leveren nieuwe werkgelegenheid
inde industrie. De Eemsdelta biedt een goed vestigingsklimaat.
14
Living Lab Eemsdelta
3-2-2014
Investeerder
Omschrijving
Investering
BioBTX
Benzeen, Tolueen en Xyleen uit
biomassa
(pilot is gestart in 2014)
Syngas, waterstof en zuurstof uit
biomassa
(vergunningen traject gestart)
Grondstof zonnepanelen
(vergunningentraject gestart)
Investeerder in BioMCN
(gerealiseerd)
Groen Syngas en Biomethanol uit
biomassa
(vergunning traject gestart)
50
Werkgelegenheid
(FTE)
15
60
15
650
350
6
10
800
200
Torrgas
TSM
Vitol
Woodspirit
(miljoenen €)
In Bijlage 1 zijn deze potentiële investeringen verder uitgewerkt.
15
Living Lab Eemsdelta
3-2-2014
Wat hebben we nodig om het living lab te realiseren?

Gunstiger investeringsklimaat:
o Lagere energieprijs voor elektriciteit en stoom
o Verruimen huidige MEP subsidie naar warmte levering aan omgeving
o Beschikbaar maken investeringssubsidies zoals BSRI
o Investeringszekerheid qua wet- en regelgeving
o Instrumenten als garantstellingen en afschrijving ‘at will’

Wet- en regelgevingsvraagstukken/opgaven:
o Wet- en regelgeving Energiesysteem 2.0 bestendig (onder andere energie
balancerings- en opslag vraagstukken)
o Gezamenlijk invulling geven aan het werkprogramma Zeehavens I&M en EZ.
o Handhaving (ILT)/.Conflicterende wetgeving: Inzet van groene grondstoffen
in de chemie wordt meermaals gefrustreerd vanwege afvalwetgeving. Zo is
bekend dat glycerine als afvalstof wordt aangemerkt wat de toepassing als
groene grondstof in de chemie frustreert.
Wat vragen wij dan concreet om bovenstaande te realiseren? Dat wordt hieronder nader
uitgewerkt.
Faciliterende inzet vanuit de rijksoverheid
Vanuit de betrokken overheden kan op een aantal manieren ondersteuning worden
verleend om de bovengenoemde ontwikkelingen mogelijk te maken. Onderstaand
worden deze uitgelegd, waarbij per maatregel ook wordt aangegeven welke
ondersteuning gevraagd wordt.
Concreet kan worden gedacht aan maatregelen om:
 Een level playing field binnen Europa te bewerkstelligen voor de kosten van
energie;
 Private- en publieke investeringen te bevorderen;
 Imagocompensatie als gevolg van gaswinning;
 Aanleggen van gezamenlijke infrastructuur/ utilities;
 Regelgeving af te stemmen op elkaar.
Level Playing Field Europese Industrie
A) Level Playing Field energie
De bedrijven in de Eemsdelta (chemie, maar ook energie intensieve industrie)
ondervinden ernstige hinder als gevolg van het ontbreken van een Level-Playing Field
op het gebied van energie. Nog niet alle landen binnen de EU hebben hun
energievoorziening (productie) geliberaliseerd.
Hierdoor hebben alle bedrijven een ernstig nadeel ten opzichte van haar concurrenten.
Dit kan op de korte termijn enkel middels subsidies in balans worden gebracht. Op de
(middel)lange termijn zou het Kabinet moeten streven naar Europese harmonisatie,
zodat er een eerlijk speelveld binnen Europa ontstaat en bedrijven een gelijke
concurrentiele positie krijgen.
Wat hebben we nodig?
- Het instellen van een tijdelijke WKK subsidie gedurende een periode van twee
jaar.
16
Living Lab Eemsdelta
-
3-2-2014
Inzet van het kabinet op het harmoniseren van de Europese regelgeving op het
gebied van de kosten van energie voor grootverbruikers.
B) Level-playingfield milieueisen
Er zijn diverse maatregelen op milieugebied, waarbij de bedrijven in de Eemsdelta
aanzienlijk strenger worden behandeld dan hun Europese concurrenten, laat staan hun
niet Europese concurrenten. De Nederlandse overheid zou er op zeer korte termijn alles
aan moeten doen om ook dit gelijk te trekken binnen Europa.
Wat hebben we nodig?
- Inzet op passend maken ILT-handhavingsbeleid, volgens de ambities van
Staatssecretaris Mansveld (brief 2e Kamer 20 juni 2013 “van afval naar
grondstof")
- Urgente inzet op maatwerk van de toepassing van de ILT wetgeving bij bedrijven
in de Eemsdelta: zeer urgent: glycerine zaak BioMCN
- Inzet op harmonisatie milieuwetgeving: Europese Verordening Overbrenging
Afvalstoffen (EVOA
Investeringsmaatregelen
C) Investeringszekerheid
Een belangrijke faciliterende randvoorwaarde is de mogelijkheid voor bedrijven om
afspraken te maken over de regelgeving die voor een bepaalde installatie gaat gelden.
Het komt nu voor dat bedrijven deze beslissing niet (durven) nemen vanwege een
vermoeden dat de wet- en regelgeving gedurende het in werking hebben van de
installatie verandert. Voorbeelden daarvan zijn producenten van biobrandstoffen die
afhankelijk zijn van de bijmenging van de biobrandstoffen.
Om de bedrijven investeringszekerheid te bieden zou de mogelijkheid moeten worden
gecreëerd dat gedurende de afschrijvingstermijn van een installatie er geen nieuwe of
andere wet- en regelgeving van toepassing kan worden verklaard op deze betreffende
installatie. Dit geeft voor de investeerder lange termijn uitzicht op de verdiencapaciteit
van de installatie. Dat is een belangrijke manier om (buitenlandse) investeerders weer
geïnteresseerd te krijgen om in Nederland te investeren.
Wat hebben we nodig? :
- Toezegging van het gelijk blijven van wet- en regelgeving inz. milieu gedurende
de afschrijvingsperiode gekoppeld aan de betreffende installatie.
D) Investeringsgarantie
De houding van banken, bij het beoordelen van kredietaanvragen, is mede als gevolg van
de crisis een andere geworden. Bancaire instellingen stellen voorwaarden bij het
aangaan van financieringen en werpen meer voorwaarden op bij projecten waarbij nog
niet alle onzekerheden zijn weggenomen. Dit in de vorm van hogere rentepercentages,
aflossingen en garantstellingen. Uit de praktijk blijkt dat het moeilijk is om het gewenste
niveau van zekerheden vanuit de bank en het beschikbare niveau van zekerheden vanuit
het investeringsproject met elkaar te matchen. Een onzekerheid wordt veelal gevormd
door fluctuerende grondstofprijzen en verkoopprijzen. Zeker bij nieuwe groene- en
duurzame projecten is er te weinig historie die naar de toekomst geëxtrapoleerd kan
worden. Als gevolg hiervan maken dergelijke groene- en duurzame projecten vanuit
projectfinanciering door banken minder kans. Een goede mogelijkheid om bedrijven in
de Eemsdelta te ondersteunen kan plaatsvinden door het afgeven van een
investeringsgarantie door de nationale overheid. Hierdoor neemt het risicoprofiel voor
17
Living Lab Eemsdelta
3-2-2014
bedrijven af en is het voor banken makkelijker om te financieren. Voor de overheid is er
feitelijk geen sprake van “out of pocket” kosten. Dit zou diverse projecten die in de
Eemsdelta op stapel staan van papieren plan op weg helpen naar daadwerkelijke
realisatie.
Wat hebben we nodig?
- het actief aangaan en ondersteunen van garantie voor groene- en duurzame projecten.
Een voorbeeld daarvan is het project Woodspirit te Delfzijl welke een investering vraagt
van €5.000K. Het aangaan van een garantstelling verstevigt de businesscase waardoor
de toegang voor bancaire instituten wordt vergemakkelijkt.
- het aangaan van maatwerk bij het aangaan van garantstellingen ten behoeve van
acquisities.
- ondersteuning bij het opzetten van een revolving fund voor de Eemsdelta waarbij
toekomstige groene- en duurzame businesscases uit ondersteund kunnen worden.
- het benutten van de kennis en rol van de NOM en het bieden van ruimte daartoe als
financieringsvehicel om projecten te realiseren.
E) Afschrijven “at will”
In de offshore-sector mogen ondernemingen zelf bepalen in welk tempo haar technische
installaties worden afgeschreven. Het faciliteert een goed ondernemingsklimaat
wanneer een dergelijke faciliteit voor industriële bedrijven beschikbaar komt. Voor de
overheid heeft dit per saldo geen negatief effect, haar inkomsten komen hooguit op een
ander tijdstip binnen in de vorm van omzet- en vennootschapsbelasting. Voor bedrijven
maakt deze afschrijving ”at will” het mogelijk om te bepalen om zo haar afschrijving af te
stemmen met haar eigen cashflow. Hierdoor komen investeringsstromen makkelijker op
gang en wordt de terugverdientijd van businesscases verkort.
Wat hebben we nodig?
- Zo spoedig mogelijk inzet op een overleg met de bewindspersoon Financien.
F) Platformsubsidies
Er liggen concrete kansen om bedrijven en potentiele business-cases in de Eemsdelta
gerichter te wijzen en te begeleiden naar subsidiemogelijkheden van o.a. het Rijk. Met
name voor kleine- en middelgrote bedrijven is de investering in het uitzoeken van
beschikbare mogelijkheden en het schrijven van adequate aanvragen te hoog. Het zou
helpen wanneer er ondersteuning beschikbaar is die gezamenlijk met de bedrijven
screent welke mogelijkheden er liggen en waar projecten (subsidie technisch) aan
moeten voldoen, o.a.
- hoe je moet aanvragen (welke taal, aantonen dat het aansluit bij het doel van de
subsidie),
- bij wie (provinciaal, regionaal, landelijk),
- wanneer je geld mag uitgeven,
- welke rapportagevoorwaarden
- planning en timing van bedrijfsontwikkeling vs. subsidierondes
- etc.
Naast de eigen kennis van regels, subsidievoorwaarden vanuit Rijk en Provincie zou het
helpen als er één partij is met het bedrijf praat. Die partij zoekt voor jou uit, vraagt aan
en bemiddelt met de verleners. Fysiek kan het bijvoorbeeld een ambtenaar (van bijv
RvO) zijn die zich inleeft in de specifieke projecten van één bedrijf, daarbij de juiste
18
Living Lab Eemsdelta
3-2-2014
vragen stelt, zelfstandig met de subsidieverleners praat, met het juiste format terugkomt
voor rapportage etc. Hierdoor neemt de administratieve last voor bedrijven enorm af en
wordt de toegankelijkheid van bestaande subsidies enorm vergroot.
Wat hebben we nodig?
- Rijk: expert regelingen om verschillende subsidierondes/-kansen in kaart te
brengen
- Rijk: expert staatsteun en (overige) subsidie-technische zaken
- Provincie: expert project-/ beleidsontwikkeling en kennis ruimtelijke inpassing
- Subsidioloog, accountant, fiscalist
- Subsidietafel: bundeling van bovenstaande kennis in loket voor Eemsdelta
- Doelstelling: Effectiever inzetten op projectontwikkeling Eemsdelta met gebruik
making van bestaande ondersteuningskaders.
G) Besluit Regionale Subsidie Investeringsprojecten
In het (recente) verleden is de BRSI van toepassing geweest in Noord-Nederland.
Hierdoor kon een ondersteuningspremie worden verkregen op
uitbreidingsinvesteringen van het bestaande bedrijfsleven en op de vestiging van
nieuwe bedrijven. Indien deze regeling weer over een budget beschikt, kan het bij het
bestaande bedrijfsleven nieuwe investeringen uitlokken. Tevens zou het een belangrijke
randvoorwaardelijke ondersteuning kunnen bieden bij de acquisitie van nieuwe
bedrijven in de Eemsdelta.
Wat hebben we nodig?
- Opstellen van steunkaders voor inzet BSRI in samenwerking met Provincie
Groningen
- Openstellen van regeling en nieuw budget toewijzen
- De inzet van het BSRI middel door de inzet bij nieuwe acquisities
Infrastructuur
H) Utilities
Binnen het chemiecluster is al sprake van een behoorlijke ketenintegratie: gezamenlijk
te gebruiken infrastructuur in een chemiecluster is een must. Er zijn echter nog steeds
aanzienlijke voordelen te behalen. Utilities zijn de basisvoorzieningen die nodig zijn
voor industriële processen, zoals water, energie en industriële gassen. Voor de
collectieve industrie in Delfzijl en Eemshaven vormt de beschikbaarheid van betaalbare
utilities een belangrijke pijler.
Om de toekomstige beschikbaarheid van concurrerende utilities in de Eemsdelta te
borgen wordt een masterplan utilities ontwikkeld. Het Masterplan Utilities beoogt de
toekomstige beschikbaarheid van betaalbare utilities - en daarmee het vestigingsklimaat
voor industrie in de Eemsdelta - te borgen. Het doel is om gezamenlijke kaders en
uitgangspunten voor de ontwikkeling van utilities uit te werken en vast te leggen.
Betrokken partijen hebben de verwachting dat de kosten kunnen dalen, de
milieuprestatie verbetert en de Eemsdelta aantrekkelijker wordt voor bedrijven.
Om de kansen op het gebied van utilities te realiseren moet geïnvesteerd worden in de
infrastructuur en moet de randvoorwaardelijke organisatie worden ontwikkeld. De
rijksoverheid kan toegevoegde waarde leveren door de ontwikkeling te versnellen met
financiële steun en flankerend beleid. Financiële steun bij de ontwikkeling van
infrastructuur met een lange terugverdientijd brengt de realisatie en optimalisatie van
19
Living Lab Eemsdelta
3-2-2014
utilities dichterbij. Flankerend beleid neemt belemmeringen weg of stimuleert
collectiviteit.
Voorbeelden zijn:
1. Buizenzone Eemsdelta; deze kabel en leidingenstrook versterkt de verbinding
tussen de industrie in Eemshaven, Delfzijl en de omliggende gebieden (o.a.
Zoutcavernes voor energieopslag). Voorwaarde is dat de benodigde
civieltechnische kunstwerken worden ingericht en agrarische grond wordt
aangekocht. De overheid kan dit ondersteunen met financiële middelen en
ondersteuning bij herverkaveling.
2. Warmte-infrastructuur; de nuttige inzet van restwarmte verhoogt de energie
efficiëntie (en daarmee de concurrentiekracht) van de industrie en beperkt
warmtelozing. Vanwege de relatief lage waarde van restwarmte hebben
investeringen een lange terugverdientijd. De overheid kan restwarmtegebruik
bevorderen door investeringssubsidies en het faciliteren van de aanleg en
ontwikkeling van openbaar toegankelijke infrastructuur.
3. Syngas; syngas is een grondstof voor de chemie en een potentiele vervanger van
aardgas. In Delfzijl zijn meerdere producenten en afnemers van syngas actief.
Naast infrastructuur is er behoefte aan specifieke maatregelen op het gebied van
regelgeving die het aansluiten op deze infrastructuur vereenvoudigen en back-up
vanuit het aardgasnet mogelijk maken.
4. Het bieden van toegang tot snelle internetverbindingen.
5. Utilities -organisatie; het opzetten van een ontwikkel- en beheerorganisatie die
zich richt op versterken en ontwikkelen van de gezamenlijke utilities. Een
dergelijke organisatie moet op termijn zichzelf in stand houden, maar op de
kortere termijn is er behoefte aan startkapitaal om de organisatie op te kunnen
starten en investeringen te kunnen doen.
I) Ondersteuning WKK
Duitsland heeft in 2012 een wet geïmplementeerd met als doelstelling om 25%
elektriciteit via WKK’s op te wekken. Deze KWKG (Combined Heat and Power Law)
gebruikt politieke instrumenten om het potentieel aan CHP te vergroten. Nederland zou
naar Duits voorbeeld de CHP’s kunnen ondersteunen.
Wat hebben we daarin nodig?
 Inzet op overleg om de aanwezige WKK’s alsnog onder de SDE plus regeling te
brengen.
 Overwegen om de gasprijs als voeding voor WKK’s voor de industrie te koppelen
aan een internationale referentie, zodanig dat de resulterende energieprijs op
een concurrerend internationaal niveau terecht komt.
 Een tegenstem van onze overheid tegen de backloading in het Europese
parlement, of als dit niet wenselijk is: gelden/EUA’s die bijvoorbeeld vrijkomen
doordat minder bedrijfstakken vanaf 2015 onder de Carbon Leakage status
vallen, ten goede te laten komen aan de energie-intensieve industrie.
 Het verlenen van subsidies voor duurzame/kostenconcurrerende oplossingen
anders dan gas-WKK’s op industriële multi sites.
 Ondersteuning vanuit de overheid van duurzame- en innovatieve projecten
vanuit de industrie. Hieronder zouden met name projecten moeten vallen die in
de keten verduurzaming bewerkstelligen. EemsdeltaGreen speelt als platform
daarbij een belangrijke rol, maar heeft nu te weinig capaciteit om die rol in te
20
Living Lab Eemsdelta
3-2-2014
vullen. Wij vragen op hierop specifieke overheidsondersteuning te laten
plaatsvinden om projecten te genereren en te kunnen ondersteunen bij de
individuele bedrijven.
Regelgeving/ Overige maatregelen
J) Regelgeving/Overige maatregelen
Bedrijven hebben in de regel te maken met meerdere inspecties op het terrein van weten regelgeving (arbo, veiligheid, milieu etc.). De afstemming (van de inzet op de
bedrijven) tussen deze inspecties is een belangrijk aspect die bedrijven veel energie en
tijd bespaart. Tevens is het van belang om kritische door te nemen welke regelgeving
nog functioneel is voor een bedrijf. Toezicht houden op is alleen efficiënt als de
betreffende regelgeving ook daadwerkelijk van meerwaarde is.
Wat hebben we hierin nodig?
- Afstemming op de inzet van de inspecties richting bedrijven.
- Afstemming van de geldende wet- en regelgeving op het niveau van bedrijven.
Het doel daarbij is om tegenstrijdige of overbodige wet- en regelgeving te laten
afnemen.
21
Living Lab Eemsdelta
3-2-2014
Bijlage 1 – Overzicht Investeringsportefeuille Eemsdelta
Woodspirit
Project: Derde generatie biobrandstof project: Middels torrefactie en vergassing
biomassa omzetten naar syngas en vervolgens biomethanol. (min 400 kton/jaar). Deze
combinatie van innovatieve proces technologie en van deze grootte is nog nooit full
scale gerealiseerd. Totale investering €800 miljoen. Ner300 subsidie €199 miljoen (EIB)
toegezegd in december 2012. Hiermee heeft NL grootste bedrag uit Ner300 binnen
gehaald.
Vergunningentraject loopt, zit midden in de Enginering fase.
Partners: Siemens, BioMCN, Andritz Group(Oostenrijkse partij)
Rol project binnen cluster: Spil in de vergroening van het gehele chemisch cluster. Groen
syngas kan zowel binnen het bestaande chemisch cluster gebruikt worden als
vervanging grijs, kan dienen als CO2 buffer (CO2 hergebruik om biomethanol te maken)
en plant kan dienen als Power to Gas/Products buffer. Levert een substantiële bijdrage
aan de duurzame energieproductie opgave.
Nodig: Partners krijgen financiering niet rond. Er wordt gesproken met meerdere grote
fuel bedrijven. Om gebruik te kunnen maken van NER300 subsidie moeten
bankgaranties aangeleverd worden. Verzoek aan Rijk (min EZ en Financien) om garant
te staan is meerdere malen afgewezen.
Opties:


Rijk kan garant staan voor voorschotten van EIB
5 februari a.s. is er een afspraak tussen consortium en Bert de Vries (min. EZ) om
over voortgang te praten.
Torrgas/ Power to -Gas/-Product installatie.
Project: Torrgas bouwt middelgrote vergassingsinstallatie o.b.v. schone biomassa op het
chemiepark. Het betreft een installatie van 15 MW waar hoogwaardig syngas
geproduceerd wordt op basis van houtpellets. Deze schaalgrootte past bij de huidige
22
Living Lab Eemsdelta
3-2-2014
beschikbaarheid van pellets, en is bedoeld als demonstratie van techniek t.b.v.
grootschalige uitrol in bijv. Woodspirit-project. Totale investering is € 20 miljoen.
Waddenfonds subsidie à € 6,4 miljoen. De verwachte (nieuwe) werkgelegenheid is 1015 FTE
Potentiele projectpartners: Torrgas, A. Hak, Gasunie, Eneco
Hoe versterkt het chemiecluster: Er is gekozen voor het chemiecluster Delfzijl omdat de
afzetmogelijkheden voor het hoogwaardige syngas divers zijn. Er wordt in eerste
instantie met BioMCN proeven gedraaid voor het maken van groene Methanol met het
Syngas, zodat met opgedane ervaringen het project Woodspirit succesvol
geïmplementeerd kan worden. Dit project doorloopt reeds de vergunningenprocedure.
Realisatie gepland eind 2015.
Project: Torrgas neemt het initiatief om naast de vergassingsinstallatie een elektrolyse
demonstratie installatie (10 MWe) te realiseren. De vergassingsinstallatie draait
namelijk efficiënter als er zuiver zuurstof (O2) kan worden gebruikt. O2 heeft extra
voordeel op het chemiecluster om meerdere verbrandingsprocessen efficiënter te
maken (Torrgas, evt. Woodspirit, EEW, Eneco, Ensartech) en er komt H2 beschikbaar. H2
is een basis voor vergroening van chemische processen of voor de ontwikkeling/
lostrekken nieuwe chemische producten. Deze extra investering levert additioneel
voordeel op. Het chemiecluster onderscheidt zich doordat de route biomassa torrefactie - vergassing diverse (groene) producten oplevert. Wanneer elektrolyse
gevoed wordt d.m.v. duurzame energie is er een groene keten ontwikkeld:
-
Syngas (ter vervanging van uit aardgas geproduceerd Syngas)
O2 ter verbetering rendement verbrandings- en vergassingsinstallaties
H2 als grondstof voor chemie, opslag, combi met CO 2 experiment.
Er ontstaat een Power-to-gas / power-to-product keten. Dit cluster kan ook door
ontwikkelen voor productie bio-LNG.
Er kan gebruik worden gemaakt van de aanwezige elektriciteitsinfrastructuur voor
elektrolyse. Dit vergroot het adaptatie vermogen van duurzame energie en voorkomt
onbalans in het elektriciteitsnet. Investering: € 10-15 miljoen(Beoogde)Partners:
Gasunie, Siemens, Stedin. Uitbreiden met kennis uit Duitsland. Werkgelegenheid: nog
eens 10-15 FTE. Belangrijke kennisopbouw rondom thema's, vergassing, elektrolyse,
power-to-gas en power-to-products.
Hoe versterkt het chemiecluster: Vormen van consortium en uitbouwen van een H2 en O2
infrastructuur voor afname in industrie is belangrijke vergroener en
vestigingsvoorwaarde. Drager voor green grid infrastructuur. Balanceringsoptie voor
duurzame energie, start power to gas infrastructuur en belangrijker: power-to-product
infrastructuur.
Nodig: Equity
TSM
Project: Productie van (fase 1) 8.000 ton Silicium van zeer hoge kwaliteit (9N), grondstof
ten behoeven van zonnepanelen (komt overeen met productie van 600MW panelen). Dit
23
Living Lab Eemsdelta
3-2-2014
gebeurt in een continue productie middels reactoren. Het betreft een investering van €
650 miljoen. De fabriek biedt werkgelegenheid aan 300 FTE.
Aandeelhouders TSM zijn: DSM, Provincie Limburg, Centrotherm en Technip
(technologieën - Duitse partijen).
Rol binnen cluster Op het chemiecluster Delfzijl zijn voordelen te behalen door
beschikbaarheid zoutzuur, chloor, waterstof en synergie met beschikbare
elektriciteitsinfrastructuur en verwerkingscapaciteit chemisch afval. Door vestiging op
het chemieterrein wordt stevige relatie gelegd met bestaande bedrijven (m.n. Akzo).
Nodig: Het bestaande plan van TSM (Chemelot te Geleen) moet worden omgebouwd.
Daarvoor moet er worden geïnvesteerd in het re-engineeren van de fabriek. Kosten
korte termijn bedragen € 1 miljoen. Belangrijkste is bevestiging van de
synergievoordelen met bestaande industrie. Een ander belangrijk punt is het kunnen
verkrijgen van gunstig elektriciteitstarief. TSM vraagt veel energie.
De zoektocht naar investeerders voor de € 650 miljoen wordt eveneens voortgezet.
Door eerdere (bijna) financial close zijn hiervoor contacten.
(in het verlengde) Alinement/Veendam
Project: Afnemer van silicium (wavers) is Alinement. Fabriek voor het produceren van
nieuwe generatie zonnecellen en assembleren van cellen in panelen. Geavanceerd
productieproces zorgt voor hoger rendement van panelen en hogere opbrengst per m2.
Alinement is in keuzeproces ver: Veendam is gewenste locatie. Alinement zoekt
investeerders om te komen tot financial close. Betreft productie van 80MW/piek
zonnepanelen (fase 1). Groeimodel om te komen tot hogere productie, 500 MW/piek.
Initiële investering geschat op € 50 miljoen. Biedt werkgelegenheid voor (fase 1) 150
medewerkers.
Rol binnen cluster: Alinement versterkt een silicium cluster Delfzijl/ Noord-Oost
Groningen.
Nodig: opleiden en beschikbaar krijgen kwalitatief goed geschoolde operators (vapro
A/B). Inzetten van middelen uit bijvoorbeeld Sectorplannen.
Zoetwaterfabriek Eemshaven
Project: North Water (Evides/wil industriecluster Delfzijl en Eemshaven voorzien van
proceswater. Nu wordt drinkwater gebruikt. Proceswater kan geput worden uit
productieprocessen (bv. condensaat Akzo) of gewonnen worden uit oppervlakte water
(Damsterdiep/ Eemskanaal).
Proceswater is vestigingsvoorwaarde voor nieuwe industrieën, en verduurzaamt
bestaande industrie. Tevens is er nog geen back-up geregeld wanneer
drinkwatervoorziening onderbroken wordt, of onttrekking (droogte) überhaupt niet
mogelijk is. Het aanleggen van benodigde infrastructuur is nodig: Proceswaternetwerk
Oosterhorn en leiding Damsterdiep/ Eemshaven.
24
Living Lab Eemsdelta
3-2-2014
Geschatte kosten van infrastructuur voor de Eemshaven is € 11-13 miljoen. Er is een
onrendabele top van € 4 miljoen bij een beoogde afnemer in de Eemshaven
(datacentrum).
Nodig: equity
LNG-terminal
LNG (Liquified Natural Gas) is de toekomstige brandstof voor scheepvaart, treinen en
(zwaar)wegverkeer. Door strengere uitstoot-normen wordt LNG gezien als serieus
alternatief voor de huidige maritieme brandstoffen zoals stookolie en diesel.. Het is
noodzakelijk om een passende LNG-infrastructuur te ontwikkelen. Dit kan door middel
van small en mid scale LNG terminals, bunkerfaciliteiten en tankstations. Tevens biedt te
realiseren infrastructuur de mogelijkheid voor productie Bio-LNG (bv. uit initiatieven
Torrgas/Electrolyse fabriek/Woodspirit). Geschatte kosten terminal 50 mln.
Projectpartners; Gasunie, GdF SUEZ LNG Solutions, Koninklijke Sjouke Dijkstra/MUG en
BAM. De opslagfaciliteiten van o.a. Vopak kunnen gebruikt worden voor LNG-opslag.
Rol binnen cluster: Aanleg LNG-terminal versterkt de afzetmogelijkheden van groen/syngas (bv. uit initiatief Torrgas, elektrolysefabriek, Woodspirit) naar Bio-LNG.
Concentratie van beschikbaarheid LNG jaagt de ombouw/ nieuwbouw van schepen aan.
Nodig: Aanleg infra doorbreekt kip-ei problematiek. Eerste jaren onrendabele top van
ongeveer €4 miljoen
In het verlengde –LNG Kalibratie & meet Faciliteit
Voorstel van VSL (onderdeel van TNO) om een meet en kalibratie faciliteit voor Small
Scal LNG te ontwikkelen. LNG is een commodity en wordt verhandeld op de wereld
markt, de kwaliteit en de samenstelling van het gecomprimeerde aardgas is altijd een
belangrijk onderwerp bij (door) verkoop downstream. VSL wil in samenwerking met
een aantal partners een gaskwaliteit meet station ontwikkelen. Er zijn drie locaties in
beeld: 1. Eemshaven te verbinden aan de Terminal, 2. Entrance. 3. DNV- GL of een
combinatie van die drie.
Totale investering €4.5 miljoen.
Rol binnen cluster: versterking groen/syngas/LNG activiteiten. Unieke
kennisontwikkeling en borging in de regio, middels samenwerking Energy Academy
Europe.
Nodig: equity/subsidie
ChemCom Industries BV Project: Bezig met project G2G (Glycerine naar glycolen).Bij
uitstek een “groen” project waarbij glycerine (bijproduct biodiesel productie) wordt
omgezet naar glycolen (bijvoorbeeld PET).Zijn bezig om financiering van fase 1 rond te
krijgen.
Banken geven aan geïnteresseerd te zijn, maar pas in fase 2 te willen meedoen.
25
Living Lab Eemsdelta
3-2-2014
Nodig: De staat kan dit soort “groene” projecten mogelijk maken door het afgeven van
garanties.
BioBTX BVProject: Demofabriek, Benzeen, Tolueen en Xyleen uit biomassa. Uniek. Pilot
schaal fabriek reeds draaiend, zijn nu bezig om uit BioBTX PET te maken. Totale
investering €50 miljoen
Nodig: Equity, idem Chemcom. Banken zeer geïnteresseerd, maar willen nu nog niet
instappen.
Zeolyst - uitbreiding
Project: Zeolyst is JV (bestaat nu 25 jaar) tussen PQ (investeringsbedrijf Carlisle) en CRI
(waar Shell hoofdaandeelhouder is). Zeolyst Delfzijl is nu bezig met uitbreiding 11A
(circa € 30 miljoen investering), begin maart start de productie.
Zeolieten zijn nog steeds een groeimarkt: Vergroenen van productieprocessen, bv
methanol naar olefinen, syngas etc. en potentiele NOX reductie vrachtwagens.
De investering waar nu door de board een besluit over moet worden genomen is 11B
(circa € 30 miljoen). Hierbij is de keuze tussen Kansas en Delfzijl.
Men kiest er voor om de uitbreidingen in kleine stappen te doen, ook al is dat relatief
duurder.
Nodig: Keuze tussen US en NL kan positief beïnvloed worden door de
financieringskosten zo laag mogelijk te maken d.m.v. BSRIregeling.
AKZO uitbreiding(en)
Akzo heeft aangegeven voor ten minste €40 miljoen te willen investeren over 10 jaar in
optimalisatie van processen van warmte-wisseling zoutfabrieken tot ombouw
bestaande zoutfabrieken.
PPG uitbreiding
Moederbedrijf PPG kijkt naar uitbreiding binnen concern, Finland, Turkije, Oost Europa
en Delfzijl dingen mee. Het gaat om een investering van ongeveer €30 miljoen.
26