presentatie Raf Somers over nieuw te vormen scholengemeenschap

2014
Nieuwe scholengemeenschap
 De Kraal: (nu zelfstandige scholengemeenschap): 4
administratieve scholen, 1 codi, 4 ped. directies (2
kleuteronderwijs en 2 lager onderwijs);
 De Ark: 2 administratieve scholen: 1 administratief
directeur, 1 ped. dir kleuteronderwijs en 1 ped. dir lager
onderwijs;
 KS Kessel-Lo (nu zelfstandige scholengemeenschap): 4
administratieve scholen: 1 codi en 4 directies;
 De Twijg: 1 administratieve school, 1 directeur;
 Sint-Pieterschool Korbeek-Lo: 1 administratieve school,
1 directeur;
 Bleydenberg Wilsele: 1 administratieve school, 2
vestigingsplaatsen.
Totaal: 13 administratieve scholen, 4650 leerlingen
basisonderwijs, 6 raden van bestuur.
Opties
 Meegaan in het idee van schaalvergroting: omdat het interessant en
noodzakelijk is (met het oog op professionalisering, verhoging
beleidsvoerend vermogen) én minder onder druk van de
toekomstplannen van de minister (scholengroepen-conceptnota);
 Zeker zoveel mogelijk behouden: de huidige relatieve kleinschaligheid en
huidige intense samenwerking;
 Samenwerken in respect voor de specifieke eigenheid van elke betrokken
school: eigenheid respecteren en gelijkgerichtheid kunnen perfect samen
gaan;
 Samenwerken met de neuzen in dezelfde richting vanuit de vastgestelde
gemeenschappelijke bezorgdheden, vanuit een eigentijdse christelijke
identiteit, en met dynamische partners richting vooruit, …;
 Overleggen in een lichte structuur: transparant samenwerken, open en
met een overzichtelijk aantal partners tegelijk aan de tafel;
 Met de focus op de basisschool: we opteren om de specifieke eigenheid
van het besturen van basisscholen zoveel mogelijk centraal te stellen,
expliciet in goede en georganiseerde samenwerking met het secundair
onderwijs;
 Besturen vanuit een sterke lokale verankering met bijv. parochies, lokale
verenigingen;
Opties
 Geen zware, sturende bovenstructuur, gefinancierd door de scholen,
wel een werking van onderuit;
 Een samenwerking op aangeven van de scholen;
 Maximale doorstroming van de ondersteuning naar scholen (via het
concept ‘scholenfamilies’);
 Stimuleren en waarderen van maximale samenwerking;
 Samenwerking versterken door ‘uitwisseling’ en ‘bevruchting’ :
vanuit de beginsituatie effectief werken aan optimaliseren (alle
beleidsdomeinen);
 Expliciete solidariteit, openheid naar andere (kleinere) partners die
zich vinden in onze opties en ons model (afwachtend).
Samenwerkingsmodel
Samenwerkende
directies
Samenwerkende
directies
Samenwerkende
directies
Samenwerkende
directies
Samenwerkende
schoolbesturen
Samenwerkende
schoolbesturen
Samenwerkende
schoolbesturen
Samenwerkende
schoolbesturen
?
?
?
Scholengemeenschap
Coditeam: 1 codi per
scholenfamilie
CASS: 2 bestuurders per
scholenfamilie
Ad hoc adviesraden
(alle beleidsdomeinen)
??
Samenwerkingsmodel
Samenwerkende
directies
Samenwerkende
directies
Samenwerkende
directies
Samenwerkende
schoolbesturen
Samenwerkende
schoolbesturen
Samenwerkende
schoolbesturen
(scholenfamilieraad)
(scholenfamilieraad)
(scholenfamilieraad)
Scholengemeenschap
Coditeam: 1 codi per
scholenfamilie
CASS: 2 bestuurders per
scholenfamilie
Ad hoc adviesraden
(alle beleidsdomeinen)
Model: toelichting
 Scholenwerking op 3 niveaus: school,
scholenfamilie, scholengemeenschap;
 Klemtoon op de werking in de scholenfamilies;
 Scholenfamilie overlegt (directieteam,
scholenfamilieraad) en spreekt met 1 stem in de
scholengemeenschap (coditeam, CASS);
 Ondersteund door inhoudelijke input vanuit de
adviesraden met wisselende samenstelling
naargelang het onderwerp.
 Eerste drie jaren: accent op samenwerking in
scholenfamilies, daarna idem op vlak
scholengemeenschap;
Tijdschema
 September ‘13: intentie-overeenkomst;
 Oktober-februari: uitbouwen structuur ter
voorbereiding aanvraag DPCC en vastpinnen
samenwerkingsovereenkomst;
 Februari-juni: bespreken werking per
scholenfamilie
 2014-2017: 1 scholengemeenschap
 2017-2020: ?
Aanvraag scholengroep-schoolbestuur met specifieke
kenmerken?
Afhankelijk van de (bevroren) plannen van de minister
en het verloop van de samenwerking;