Abdominale palpatie - Arteveldehogeschool

PROTOCOL VROEDKUNDE
Abdominale palpatie
M3
Abdominale palpatie
Gebruik ook het protocol “Algemeen werkschema”!
Leerdoelen
Na het doorwerken van dit protocol kan je:




De handgrepen van Leopold correct uitvoeren
de indicaties en contra-indicaties opsommen
aangeven wat het doel is en welke informatie verkregen wordt
voorbereiding
zorgvrager
geïnformeerd
lege blaas (maximaal 30 min ervoor geplast)
ontspannen houding in ruglig, met gestrekte benen
nazorg
Informeer de zwangere
Laat de zwangere terug de gewenste houding
aannemen
het hoofdeinde van de onderzoeksbank staat in een
hoek van 15°
aandacht voor vena cava syndroom
ontbloot abdomen
zorgverlener
dossierkennis
materiaal
bed
Omgeving
aandacht voor privacy
stap
1
warme handen en kortgeknipte nagels
Handen wassen
Mondelinge rapportage naar arts bij vermoeden van
abnormaliteiten
Schriftelijke rapportage.
actie
opmerkingen
1e Handgreep Van Leopold
Sta face to face naast de zwangere
1e deel:
is de fundushoogte congruent met de
zwangerschapsduur?
methode 1: met referentiepunt: symfyse, navel of xyphoïd

Zoek de baarmoederfundus op en bepaal de hoogte
a.d.h. van het referentiepunt

Bepaal de zwangerschapsduur
methode 2: met gebruik van lintmeter

Palpeer het hoogste punt van de baarmoeder,
vermijd neerduwen

houd de lintmeter met één hand op het hoogste punt
van de fundus

meet over de as van de baarmoeder tot aan de
bovenrand van de symfyse,
als de bovenste rand van de fundus niet in het midden
ligt, leg de lintmeter dan schuin over de buik

laat de lintmeter tijdens het meten de hele tijd in
contact met de huid

meet blind, met de afleesbare kant naar de huid van de
zwangere

lees de lintmeter af en noteer het resultaat
Nationale Richtlijn adviseert dit vanaf 24
weken zwangerschap
Ga na of jouw resultaat van
fundushoogte congruent is met de
zwangerschapsduur !
Kan je toepassen tussen 20 en 32 weken
zwangerschap
2e deel: welk deel in fundo? Hoofd of stuit?

Plaats beide handen t.h.v. de baarmoederfundus

Ga na welk foetaal deel in fundo te voelen is (eventueel
met behulp van ballottement)
3
PROTOCOL VROEDKUNDE
Abdominale palpatie
2
2e Handgreep Van Leopold (laterale palpatie)






3
M3
Sta face to face naast de zwangere
Hou één hand vlak tegen de buikwand
Tast met de andere hand van boven naar onder de
andere zijde van het abdomen af
Doe dit nu ook voor de andere zijde
Evalueer :
o plaats van de rug: plaats van meeste
weerstand
o plaats van de kleine delen: minste weerstand
Bij twijfel plaats van de rug: handgreep van Ahlfeld:
fundus uteri naar beneden drukken, kromming van de
rug neemt toe
Hulpmiddel om kant van kleine delen te
bepalen: vraag aan de zwangere welke
kant ze meest beweging voelt
3e Handgreep Van Leopold
(handgreep van Pawlik)
Is er een voorliggend deel?
Wat is het voorliggend deel?
Is ballottement mogelijk?




4
Sta face to face naast de zwangere
Wanneer je rechts van de vrouw staat, ga je het
voorliggend deel met rechterhand omvatten
Ga na of het een hoofd of een stuit is
Ga na of er ballottement mogelijk is
4e Handgreep Van Leopold
Graad van flexie en graad van indaling bepalen



Sta nu met jouw rug naar aangezicht van de zwangere
Bepaal de graad van flexie
Bepaal de graad van indaling:
methode 1:
(beweeglijkheid van het caput t.o.v. bekkeningang)
bbbi: hoofd is beweeglijk boven bekken ingang
bibi: hoofd is beweeglijk in bekken ingang
vibi: hoof is vast in bekken ingang
methode 2: uitdrukken in vijfden
5/5= caput volledig boven bekkeningang te voelen
2/5= caput nog 2/5 te voelen
=is ingedaald,
= beenderig deel van voorliggend deel thv de spinae
5
5e Handgreep van Leopold
Handgreep van Osborne
1 hand op pubis, 1 hand op het hoofd van de baby
Hand dat op hoofd ligt, is lager dan pubis
Handgreep van Osborne is negatief
Hand dat op hoofd ligt = hand op pubis
Hand dat op hoofd ligt, is lager dan pubis
Handgreep van Osborne is positief
3