M CCA - Mocca Amsterdam

M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
Keizersgrach
T 020 - 6
[email protected] |
Zomerschool, © Jean-Pierre Jans
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
T r e n d r a p p o R T
Cultuureducatie in Amsterdam
2010
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Inleiding
Geen educatie zonder cultuureducatie
Geen educatie zonder cultuureducatie, dat is de boodschap van Mocca. Cultuur maakt kinderen slimmer en
socialer. Door cultuureducatie krijgen zij de kans dingen te beleven die hun van huis uit vaak niet worden
meegegeven. Cultuureducatie geeft prikkels om na te denken over de eigen cultuur en maakt kinderen tot
eigenaar van hun cultuur. Natuurlijk komt daarbij een aantal vragen bij hen op. Wat is cultuur en wat is mijn
cultuur? Wat kan ik zelf? Wat vind ik mooi? Wat vind ik waardevol in mijn cultuur en in die van een ander?
Waarin verschilt mijn cultuur van andere culturen en wat delen wij met andere culturen?
Cultuur biedt jongeren de mogelijkheid om zich zo volledig mogelijk te ontplooien en zich wereldburger te
gaan voelen. Juist in een land als Nederland met zijn steeds veranderende, cultureel diverse populatie is
wereldburgerschap van groot belang.
In het onderwijs heeft cultuur helaas de wind niet mee. Nederland is het enige land in de Europese Unie
waar cultuureducatie geen vast onderdeel van het leerprogramma is. Scholen hebben daardoor weliswaar de
vrijheid om te kiezen uit het grote cultuuraanbod, maar dit maakt cultuureducatie wel vluchtig.
Lokale en landelijke overheden benadrukken het belang van lezen, schrijven en rekenen en verbinden de
overdracht daarvan met de kwaliteit van het onderwijs. Cultuureducatie raakt daardoor bekneld tussen de
wens van de leerkrachten om kinderen het beste te bieden en de druk van de toetsen voor de zakenvakken.
En toch zorgen leerkrachten, tegen de stroom in, voor een waardevol cultuurprogramma. Dit gebeurt zeker
in Amsterdam, maar ook in veel andere steden. Zij maken plannen en scholen zich om goede keuzes te
maken uit het cultuuraanbod. Steeds weer constateren zij dat cultuureducatie bijdraagt aan het inlopen
van leerachterstanden in juist die zakenvakken. Leerkrachten verwachten van culturele instellingen en
kunstenaars dat zij hun culturele kennis en hun passie voor cultuur aan leerlingen overdragen, en hen zo
stimuleren hun eigen talenten te ontdekken.
Jongeren verdienen de beste kunstenaars en cultuureducatoren om hun het beste over te brengen
wat cultuur te bieden heeft. Helaas is niet iedere kunstenaar of cultuureducator even goed onderlegd
in zijn kunstdiscipline of in de overdracht ervan. Er is daarom behoefte aan workshops en andere
scholingsmogelijkheden, met name op pedagogisch en agogisch gebied. Voor deze en andere vragen over
werk op scholen zou een servicedesk, specifiek voor kunstenaars, uitkomst kunnen bieden.
Cultuureducatie is een noodzaak, net zo goed als kwaliteit van het aanbod een noodzaak is, en daarin is de
komende jaren nog een slag te maken.
In dit trendrapport komen eerst enkele conclusies en aanbevelingen aan de orde. Dan volgen een terugblik
op enkele ontwikkelingen van vorig jaar, een kort overzicht van landelijke ontwikkelingen en de stand van
zaken van de cultuureducatie in Amsterdam.
Peggy Brandon
Directeur Mocca
September 2010
1
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Conclusies
Amsterdamse scholen zien het belang van cultuureducatie en hechten belang aan het maken van eigen
keuzes. Zij waarderen de korte lijnen met kleine en grote instellingen en de mogelijkheden die deze bieden
voor nauwe samenwerkingen.
Door de vraagsturing is er openheid ontstaan in de cultuureducatie. Kunstenaars vinden hun weg naar de
scholen en bieden jongeren nieuwe mogelijkheden voor actieve kunstbeleving.
Scholen kiezen er vaak voor hun leerlingen kennis te laten maken met een groot aantal kunstdisciplines,
waarbij zij uitgaan van de effecten die zij bij hun leerlingen teweeg willen brengen. Behalve een zo volledig
mogelijke ontplooiing van ieder kind noemen zij als gewenst effect vaak taalverwerving, maar ook het
zichzelf leren presenteren en het verwerven van meer zelfvertrouwen.
Veel scholen zetten cultuureducatie in om sociale cohesie en burgerschap te bevorderen. In hun keuzes
streven scholen er steeds meer naar om buurtgericht te werken.
Scholen zoeken naar aanbod in de eigen buurt. Enkele grote culturele instellingen spelen hierop in met
outreach-projecten. Zij bezoeken scholen, maar kiezen er soms ook voor een sublocatie in een andere buurt
te openen. Zo heeft het Fotografiemuseum Amsterdam een atelier in West geopend.
Het belang van netwerken neemt toe, en daarmee ook het belang van scholen om onderling kennis en
ervaring uit te wisselen. Scholen en culturele instellingen wisselen nog weinig kennis en ervaring met elkaar
uit.
Stadsdeelbesturen stimuleren cultuureducatie in de eigen buurten door scholen beleidsmatig te
ondersteunen, door activiteiten te financieren en soms door cultuurcoördinatoren op scholen te financieren.
Door de nadruk die landelijke en lokale overheden leggen op kwaliteitsverbetering van de zogenaamde
zakenvakken, schrijven, rekenen en lezen, staat cultuureducatie in het basisonderwijs onder druk.
Schooldirecties besluiten hun jaarplanning aan te passen en activiteiten te annuleren of een jaar uit te
stellen.
Cultuurcoördinatoren in het basis- en voortgezet onderwijs maken een kwaliteitsslag en zijn steeds beter
in staat om een gedegen jaarplanning te maken. Omdat de overheid hen daar niet in steunt en doordat het
aantal formatie-uren voor cultuureducatie terugloopt, dreigen zij echter hun motivatie te verliezen.
De samenwerking met Mocca biedt scholen continuïteit en blijkt vaak een voorwaarde om cultuureducatie op
de agenda te houden.
In het speciaal onderwijs is de positieve invloed van cultuureducatie goed te zien.
Cultuureducatie heeft een plek in het naschoolse aanbod, zowel in de brede scholen als in scholen met een
verlengde schooldag.
Scholen verdiepen zich in de kwaliteit van het cultuureducatieve aanbod. Ruim een kwart van de
Amsterdamse scholen zet binnen zes maanden een evaluatie van een cultuureducatief project op de
Mocca-website.
2
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Kansen voor het onderwijs
Door het cultuurprogramma van de verlengde schooldag en het programma onder schooltijd beter op elkaar
af te stemmen kan het cultuureducatieve programma worden versterkt.
De meeste primair-onderwijsscholen hebben uren voor muziek, beeldende vorming en tekenen opgenomen in
het schoolrooster. Als deze uren daadwerkelijk voor deze vakken worden benut, krijgt cultuureducatie een
sterkere positie.
Door culturele projecten en activiteiten te evalueren, kan de kwaliteit van het cultuurprogramma worden
bewaakt en wordt draagvlak binnen het team vergroot.
Vakdocenten muziek, textiele werkvormen, beeldende vorming en tekenen kunnen cultuureducatie een extra
impuls geven, zeker als zij ook worden aangesteld als cultuurcoördinator. Scholen die bij elkaar in de buurt
liggen kunnen samenwerken door hun aanstellingsuren op elkaar af te stemmen.
Voor veel scholen is structurele samenwerking met welzijnsorganisaties een voorwaarde
voor naschoolse opvang of voor invulling door de brede school. Deze samenwerking biedt mogelijkheden
voor een gezamenlijk cultuureducatieprogramma in de verlengde schooldag.
Als leerkrachten en cultuurcoördinatoren meer kennis hebben van disciplines en van de kunstbeleving van
jongeren, maakt dat hen tot betere gesprekspartners van culturele instellingen.
Kansen voor culturele instellingen en kunstenaars
Er vinden nog maar weinig neutrale en inhoudelijke uitwisselingen tussen scholen en culturele instellingen
plaats, zonder dat daarbij direct de eigen projecten worden gepromoot.
Muziekeducatie staat volop in de belangstelling. Scholen vragen om meer samenwerking, om leerlijnen voor
de onder-, midden en bovenbouw, en om een centraal punt waar informatie over muziekeducatie kan worden
opgevraagd.
Het basispakket voor cultuureducatie, een initiatief vanuit het overleg van de samenwerkende stadsdelen,
voorziet in een minimum aantal uren in drie disciplines. Het kan mogelijkheden bieden aan culturele
instellingen die muziek, cultureel erfgoed en beeldende vorming bieden.
3
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Aandachtspunten
Er is veel verloop in de scholen, zowel in de directies als in de teams. Dat heeft negatieve gevolgen voor de
uitvoering van hun cultuureducatieprogramma.
Cultuureducatie is vluchtig. De samenwerking met een expertisenetwerk zoals Mocca biedt continuïteit en
houdt cultuureducatie op de agenda.
Cultuureducatie heeft voortdurende aandacht nodig zolang het geen vast onderdeel van de toetsen is.
In het basisonderwijs is het geen officieel onderdeel van het onderwijsprogramma en in het voortgezet
onderwijs slechts een klein onderdeel.
De positie van cultuurcoördinatoren staat onder druk. Inhoudelijke ondersteuning en additionele financiering
bieden tegenwicht aan vrijblijvendheid.
Zelfstandige kunstenaars kunnen jongeren actief kunst leren beleven, maar niet iedere kunstenaar heeft de
benodigde kennis van didactiek.
Vervoer is nog steeds een veel genoemd obstakel voor het bezoeken van de grootstedelijke erfgoedlocaties
en culturele instellingen.
Een verontrustende ontwikkeling is dat er steeds minder taakuren worden toegekend aan de
cultuurcoördinator. Door de bezuinigingen waren er het afgelopen jaar op een groeiend aantal scholen geen
formatieuren meer beschikbaar voor een cultuurcoördinator.
Samba Parade, Eveline Torres Projecten
4
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Inhoudsopgave
Inleiding; Geen educatie zonder cultuureducatie
Conclusies
Kansen voor het onderwijs
Kansen voor culturele instellingen en kunstenaars
Aandachtspunten
Terugblik op 2009
1
2
3
3
4
10
1. Rijksoverheid en de financiering van cultuureducatie
Inleiding
Stimuleringsregeling cultuureducatie
OCW/CJP-Cultuurkaart in Amsterdam
Andere landelijke fondsen en regelingen
11
11
11
11
12
2. Cultuureducatie in Nederland: vraagsturing steeds meer de norm
Inleiding
Ontwikkelingen in vraagsturing
Verandering bij de instellingen voor kunstzinnige vorming
Vraagsturing in de grote steden
Combinatiefuncties in de grote steden
Vervoer
ICC-cursus
Edu-Art en KunstStationC
Samenvatting
13
13
13
13
14
14
14
15
15
15
3. Cultuureducatie in Amsterdam: Het Amsterdamse model
Inleiding
Voortgang cultuureducatie in Amsterdam
Voortgang per medio 2010 en grafieken
Aantal scholen
Scholen zonder interesse
16
16
16
17
17
17
4. Financiering cultuureducatie in Amsterdam
Inleiding
Voucherbeheer Amsterdam, voorheen de Voucherbank
Gebruik budget Voucherbeheer Amsterdam
Waar wordt het aanbesteed?
Amsterdams Fonds voor de Kunst
Projecten in Zuidoost
Kunstkijkuren, muziekonderwijs en de kunstschooldag
Internationalisering
Het Plein
Welzijn en cultuureducatie
XXXsjongerenkaart
Samenvatting
18
18
18
18
18
19
19
20
20
20
21
21
21
5
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
5. Werkzaamheden Mocca
Inleiding
Samenwerkingen
Bereik onder de scholen
Kengetallen 2009
Kenniskringen en onderzoeksprojecten
Evalueren doet begeren
Ondernemerskring Sociale sector Amsterdam en cultuureducatie
22
22
22
22
23
23
23
24
6. Amsterdamse stadsdelen
Inleiding
VO-scholen per stadsdeel
Amsterdam-Noord
De scholen
Wat kiezen scholen in Amsterdam-Noord?
Algemeen beeld van het beleid van het stadsdeel
Brede scholen
Talentontwikkeling
Wat kiest de Dorus Rijkersschool?
Amsterdam-Centrum
De scholen
Wat kiezen de scholen in Amsterdam-Centrum?
Algemeen beeld van stadsdeel Centrum
Cultuur Netwerk Binnenstad (CNB)
Mooi Bewaard
Wat kiest de Burghtschool?
Oud-West
De scholen
Wat kiezen de scholen in Amsterdam Oud-West?
Algemeen beeld van stadsdeel Oud-West
Brede scholen
Wat kiest de Vlinderboom?
Westerpark
De scholen
Wat kiezen de scholen?
Algemeen beeld van stadsdeel Westerpark
Brede scholen
Wat kiest basisschool De Catamaran?
Zuideramstel
De scholen
Wat kiezen de scholen in Zuideramstel?
Algemeen beeld van stadsdeel Zuideramstel
Nieuwe ontwikkelingen
Wat kiest Montessorischool De Stern?
De Baarsjes
De scholen
Wat kiezen de scholen in De Baarsjes?
Algemeen beeld van stadsdeel De Baarsjes
Netwerken
Brede scholen
25
25
25
26
26
26
26
27
27
27
28
28
28
28
29
29
29
30
30
30
30
30
30
31
31
31
31
31
31
32
32
32
32
32
32
32
33
33
33
33
33
6
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Juni is de kunstmaand in de Baarsjes
Wat kiest de Rosa Boekdrukkerschool?
Bos en Lommer
De scholen
Wat kiezen de scholen in Bos en Lommer?
Algemeen beeld van stadsdeel Bos en Lommer
Brede scholen
Wat kiest de Paulusschool?
Geuzenveld-Slotermeer
De scholen
Wat kiezen de scholen in Geuzenveld-Slotermeer?
Algemeen beeld van stadsdeel Geuzenveld-Slotermeer
Brede scholen Wat kiest de Goeman Borgesiusschool?
Osdorp
De scholen
Wat kiezen de scholen in Osdorp?
Algemeen beeld van stadsdeel Osdorp
De Talentenschool
Brede scholen
Wat kiest de Globe?
Slotervaart
De scholen Wat kiezen de scholen in Slotervaart?
Algemeen beeld van stadsdeel Slotervaart
Brede scholen
Wat kiest de Bisschop Huibersschool?
Zeeburg
De scholen Wat kiezen de scholen in Zeeburg?
Algemeen beeld van stadsdeel Zeeburg
Brede scholen
Word een ster in Zeeburg
Wat kiest de Laterna Magica?
Stadsdeel Zuidoost
De scholen Wat kiezen de scholen in Zuidoost?
Algemeen beeld van stadsdeel Zuidoost
Nieuwe voorzieningen
Brede scholen
Geldstromen
Netwerken
Wat kiest basisschool Het Gein?
Stadsdeel Oud-Zuid
De scholen
Wat kiezen de scholen in Oud-Zuid?
Algemeen beeld van stadsdeel Oud-Zuid
Brede scholen
Netwerken
Wat kiest de Nicolaas Maesschool?
34
34
34
34
34
34
35
35
36
36
36
36
36
36
37
37
37
37
37
38
38
38
38
38
38
39
39
39
39
39
40
40
40
40
41
41
41
41
42
42
42
42
42
44
44
44
44
45
45
45
7
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Oost-Watergraafsmeer
De scholen Wat kiezen de scholen in Oost-Watergraafsmeer?
Algemeen beeld van stadsdeel Oost-Watergraafsmeer
Nieuwe voorzieningen
Brede scholen
De Talententent
Netwerken
Wat kiest basisschool Frankendael?
Samenvatting
46
46
46
46
46
46
47
48
48
48
7. Koers Nieuw West
Inleiding
Meesterplan Onderwijs Nieuw-West
Totaalprogramma 2010-2011
Het programma Kunst- en Cultuureducatie (KCE) van KNW
KCE: een kopprogramma
Beleid en de vraag van de scholen leidend
Samenwerking Mocca en KNW in netwerken
49
49
49
49
49
50
50
50
8. Trends in het basisonderwijs
Inleiding
Aantallen leerlingen in het basisonderwijs
De Zomerschool: leerachterstanden en kunst en cultuur
Muziek en taalachterstanden
Taalachterstanden en kunst en cultuur
Onderzoek door Maaike Verrips
51
51
51
51
52
52
52
9. VO-scholen
Inleiding
Cultuureducatiebeleid, Amsterdam versus het landelijke beeld
Voortgezet-onderwijsscholen in Amsterdam
De rol van cultuurcoördinatoren
Kwaliteitsslag van de cultuurcoördinator
Praktijkonderwijs: Amsterdam wijkt ten positieve af
Alphons Laudyschool
Netwerken in het voortgezet onderwijs
NetWest
Netwerk speciaal onderwijs
Plannen voor netwerk vmbo KB en BB
Samenvatting
53
53
53
53
53
54
54
55
55
55
55
55
55
10. Trends in het VO
Inleiding
Basistechnieken beeldende vorming ontbreken
Bestedingen voor CJP-Cultuurkaart in Amsterdam
Trends per schooltype
Maatschappelijke stage
Calvijn met Junior College
56
56
56
56
57
57
57
8
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
58
58
59
59
60
60
11. Culturele instellingen
Inleiding
Culturele instellingen in de Mocca-database
Culturele diversiteit in het Amsterdams aanbod
Opschoning van de database
Trends in het aanbod
Speciaal onderwijs
Steeds meer Community art
Enkele voorbeelden
NWC de Ezel
61
61
61
61
62
62
62
62
63
64
Bijlage 1
Overzicht van de culturele instellingen in de Mocca-database per discipline
Beeldende kunst
Cultureel erfgoed
Dans
Letteren
Muziek
Nieuwe Media/audiovisueel
Theater
65
65
65
65
65
67
68
68
69
Bijlage 2
Een onderzoek naar cultuureducatie en taal, Maaike Verrips, De Taalstudio
70
Bijlage 3
De Bik-opleiding, beroepskunstenaars in de klas
75
Bronnen
76
© Myra May
Het Huygens College
Buurtgerichte educatieprojecten
De nieuwe rol van de culturele partners
Film 2 connect
Film en media
Samenvatting
Rijksmuseum; JIJ & de Gouden Eeuw - museum workshop;
kinderen kijken naar De Staalmeesters van Rembrandt
9
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Terugblik op 2009
Uit het Trendrapport 2009 is een aantal aandachtspunten voortgekomen. Van deze punten wordt de huidige
stand van zaken kort weergegeven:
De kwaliteitsvraag, de vraag naar objectieve kwaliteitsnormen voor cultuureducatie, is in belang
toegenomen. De eerder besproken certificering voor culturele instellingen van de gemeente Amsterdam
is nog in ontwikkeling. Sinds oktober gebruiken scholen de door Mocca opgezette webbased evaluaties. Er
is sprake van een succes, in de eerste zes maanden heeft al ruim 25% van alle scholen een evaluatie op
de website geplaatst. Het belang van netwerken is onverminderd. De netwerken geven een impuls aan de
professionalisering van leerkrachten. Mocca werkt in bijna alle stadsdelen samen met de beleidsambtenaren
om relevante netwerken voor scholen te starten en te onderhouden. De formatie-uren voor cultuureducatie
staan steeds meer onder druk. Mede door de extra aandacht voor de kwaliteitsverbetering van het onderwijs
in de zakenvakken en de daarmee samenhangende tijdsbelasting, wordt vooral bij de zwakkere scholen het
aantal formatie-uren teruggebracht. De opzet van een gedegen cultuureducatief programma komt erdoor in
gevaar.
De scholingsvraag van zowel het onderwijs als de cultuureducatoren is toegenomen en het belang ervan
wordt ook landelijk onderschreven. Cultuurnetwerk heeft een ICC-cursus ontwikkeld voor het voortgezet
onderwijs. Eind 2010 is deze gereed. In het trendrapport van 2009 werd het ontbreken van deze cursus
als een gemis aangemerkt evenals het ontbreken van scholing voor cultuureducatoren. In samenspraak
met een aantal organisaties, waaronder Mocca, ontwikkelt Cultuurnetwerk volgend jaar een cursus voor
culturele instellingen om dit hiaat op te vullen. Voor Amsterdamse culturele instellingen biedt Mocca sinds
najaar 2009 workshops aan die bijdragen aan kwaliteitsontwikkeling. Mocca deelt zijn ervaringen met deze
workshops met andere organisaties in den lande.
Van grote waarde in Amsterdam is het jaarlijkse ambtswoninggesprek. De wethouder voor Cultuur, mevrouw
Caroline Gehrels, is voorzitter tijdens dit gesprek. Het brengt scholen, culturele instellingen, partners
van het Amsterdamse stelsel voor cultuureducatie, welzijnsinstellingen en andere partijen bij elkaar, en
waarborgt daarmee een gezamenlijke aanpak. In 2009 kwamen er de volgende zaken in aan de orde: de
invulling van cultuureducatie in de brede school en de rol van welzijnsorganisaties, het belang van de
kwaliteitsvraag en evaluaties, de effecten van het programma Koers Nieuw West en het delen daarvan met
andere stadsdelen, en de samenwerking tussen de stadsdelen en de schoolbesturen in het basispakket.
Dit basispakket ondersteunt de opname van leerlijnen voor de disciplines beeldende vorming, muziek en
cultureel erfgoed voor een minimum aantal uren per week in het programma van Amsterdamse scholen.
Meer in het algemeen tekent zich voor het schooljaar 2010-2011 in Amsterdam een aantal ontwikkelingen af:
• Stadsdeelbesturen nemen een actieve rol op zich in cultuureducatie.
• Schoolbesturen erkennen het belang van cultuur in het schoolprogramma.
• Scholen wisselen informatie en ervaringen uit in netwerken.
• Scholen evalueren projecten en scherpen de uitvoering aan van de cultuurprogramma’s die zij hebben gekozen.
• Leerkrachten willen meer inzicht in kwaliteitsnormen.
• Kunstenaars hebben meer kennis nodig van didactische grondslagen.
• De kwaliteit van het aanbod wordt een belangrijkere factor bij het kiezen van partners.
• Het belang van sociale samenhang leidt tot meer community art projecten in verschillende disciplines.
10
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
1. Rijksoverheid en de financiering van cultuureducatie
Inleiding
Het ministerie van OCW heeft de cultuureducatie in de afgelopen jaren beleidsmatig en financieel
ondersteund, waarmee het belang ervan is onderstreept. Voor het basis- en voortgezet onderwijs heeft
het ministerie twee regelingen ingesteld om cultuureducatie een plek te geven, de Regeling versterking
cultuureducatie in het primair onderwijs 2008-2011 en de Regeling Cultuurkaart voortgezet onderwijs.
In tegenstelling tot eerdere berichten is de stimuleringsregeling niet opgegaan in de lumpsumregeling, zij is
nog steeds geoormerkt voor cultuureducatie. De cultuurkaart beleefde het afgelopen schooljaar zijn tweede
editie. In september 2010 werd echter bekend dat de cultuurkaart mogelijk wordt opgeheven. De subsidies
van het Cultuurparticipatiefonds van OCW zijn zowel voor het basis- als het voortgezet onderwijs bestemd.
Stimuleringsregeling cultuureducatie
De rijksoverheid ondersteunt cultuureducatie in het basisonderwijs met de Regeling versterking
cultuureducatie in het primair onderwijs 2008-2011. Ingevolge deze regeling krijgen basisscholen per
schooljaar voor cultuuronderwijs € 10,90 per leerling. De gelden zouden onderdeel worden van de
lumpsumregeling, die in 2007 van kracht werd. Op advies van de Onderwijsraad is de € 10,90 per leerling
echter geoormerkt gebleven voor cultuur. In het begin van het schooljaar 2008-2009 heeft het ministerie
besloten dat alle scholen van de per capita regeling gebruik kunnen maken, ongeacht de vraag of zij
in voorgaande jaren een aanvraag hebben ingediend. De besteding van de gelden verschilt per stad en
per regio. In de grote steden zetten scholen het budget vaak zelfstandig in. In andere regio’s wordt het
overgedragen aan steunfuncties, die het inzetten voor cultuureducatief aanbod voor de scholen.
OCW/CJP-Cultuurkaart in Amsterdam
In het schooljaar 2008-2009 is de CJP-Cultuurkaart geïntroduceerd. Inmiddels weten de meeste scholen
hoe ze de kaart moeten activeren en welke mogelijkheden de kaart biedt. Het beschikbare budget voor
het schooljaar 2009-2010 bedraagt voor Amsterdam € 430.130. Daarnaast heeft het VSB Fonds € 71.940
beschikbaar gesteld voor de CKV-leerlingen in de tweede fase. Het totaalbudget voor de Amsterdamse
scholen is dus € 502.070 euro. In 2008 had 83% van de leerlingen zijn kaart geactiveerd. In 2009 was
dat 86%.
De bestedingstermijn is bij het schrijven van dit rapport nog niet verstreken. De eerste cijfers van de
bestedingen zijn gunstiger dan die van vorig jaar. Op 1 juli 2010 hadden de scholen € 244.734 uitgegeven,
49% van het beschikbare budget. In 2008 was dit op 1 juli nog maar 37%. De scholen hebben tot
30 september de tijd om de resterende collectieve tegoeden te besteden. De CKV-leerlingen kunnen hun
individuele budget nog tot 31 oktober opmaken.
11
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Andere landelijke fondsen en regelingen
Het Fonds voor Cultuurparticipatie van het ministerie van OCW is een landelijke regeling waarop zowel
scholen als culturele instellingen een beroep kunnen doen voor het ontwikkelen of laten bestendigen van
een cultuureducatief project. Het fonds kent verschillende regelingen waaronder een voor muziekonderwijs:
de ‘Muziek in ieder kind’. ‘Er zit muziek in ieder kind’ maakt onder de noemer ‘Muziek Telt’onderdeel uit van
een landelijke campagne van Muziek Centrum Nederland, Kunstfactor en het Fonds voor Cultuurparticipatie.1
De toekenning van het project de Muziek Talent Express van Muziekschool Aslan in Amsterdam valt onder
de paraplu van het programma Muziek Telt. Naast het Fonds voor Cultuurparticipatie zijn er andere fondsen
van het ministerie van OCW die benut kunnen worden voor cultuureducatie, ook al zijn ze daarvoor niet
direct bestemd. Een daarvan is de Subsidieregeling onderwijstijdverlenging basisonderwijs. Voor het
schooljaar 2009-2010 is daarvoor maximaal 12 miljoen euro beschikbaar. Bij onderwijstijdverlenging gaat
het om een verlenging van de effectieve leertijd met in ieder geval onderwijs in taal en rekenen. Bij de
aanvraag geven scholen vaak aan dat ze cultuureducatie willen inzetten in het verlengde programma om
taal- en rekenvaardigheden van achterstandsleerlingen te vergroten en hen sociale vaardigheden te laten
ontwikkelen. De Zomerschool in Amsterdam West is mede gefinancierd uit deze regeling.
Het Fonds voor beeldende kunsten, vormgeving en bouwkunst, het Fonds bkvb, heeft een regeling voor
kunstenaars en school. Dit is echter uitdrukkelijk niet voor educatieve projecten. Koepelorganisaties
zoals Kunstfactor, het sector instituut voor Amateurkunst en Kunstconnectie, de brancheorganisatie voor
culturele instellingen, stellen geen subsidies voor cultuureducatie beschikbaar.2
Een van de schoolprojecten van Muziekschool Aslan
1 www.cultuurparticipatie.nl
2 Kunstconnectie is de brancheorganisatie voor culturele instellingen en cultureel ondernemers die professionele kunsteducatie bieden, amateurkunstbeoefening mogelijk maken en/of kunstparticipatie bevorderen.
12
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
2. Cultuureducatie in Nederland: vraagsturing steeds meer de norm
Inleiding
In Nederland is met het project Cultuur en School van het ministerie van OCW in 1997 een impuls gegeven
aan cultuureducatie: cultuureducatie zou op elke school een vaste plaats in het curriculum moeten
krijgen. Door dit project erkennen steeds meer scholen het belang van cultuureducatie en denken
scholen na hoe zij het beste een kunst-en-cultuurprogramma voor de eigen school kunnen invullen. Veel
gemeenten hebben deze vraag van scholen gesignaleerd, waardoor zij zich zijn gaan afvragen of scholen
niet de leidende partij zouden moeten worden in cultuureducatie. Dit zou betekenen dat de vraag op de
cultuureducatieve arbeidsmarkt leidend zou worden over het aanbod. Samen met Oost-Groningen liep
Amsterdam in 2006 landelijk voorop in de keuze voor een vraaggestuurd model voor cultuureducatie. Daarbij
stonden inhoudelijke ondersteuning, inzicht in het beschikbare cultuuraanbod en nadruk op het stimuleren
van planmatig werken op scholen, centraal. Andere steden volgen de resultaten van het Amsterdamse
model nauwgezet. Deze resultaten dienen vaak als referentie voor een meer vraaggestuurde opzet van
cultuureducatie.
Ontwikkelingen in vraagsturing
De afgelopen jaren geven steeds meer steden ruimte aan vraagsturing. De vaak al jarenlang actieve
instellingen voor kunstzinnige vorming, de zogeheten steunfuncties, krijgen in de grotere gemeentes de
opdracht meer vraaggericht te werken. De voormalig student en Mocca-stagiair Martijn Pool heeft zijn
Masterthesis aan dit onderwerp gewijd. Hij schreef zijn scriptie ter afronding van zijn studie Algemene
Cultuurwetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam. Tijdens een stage bij Mocca heeft hij de
ontwikkelingen op het gebied van cultuureducatie van de culturele G4 van Nederland bestudeerd. G4 staat
voor de vier grote steden in Nederland. In deze steden, Amsterdam, Utrecht met het UCK, Den Haag met het
Koorenhuis en Rotterdam met SKVR, is sinds 2005 veel veranderd, en er gaat nog veel veranderen.3
Voor dit trendrapport zijn de bevindingen van Martijn Pool aangevuld met informatie uit het overleg dat de
kunstinstellingen van Utrecht, Den Haag, Rotterdam en Amsterdam regelmatig voeren.
Verandering bij de instellingen voor kunstzinnige vorming
De meeste instellingen voor kunstzinnige vorming komen behalve met vrijetijdsaanbod voor volwassenen
en jongeren, ook met onderwijsprojecten. Consulenten en adviseurs helpen scholen bij het maken van een
keuze uit dit aanbod, maar dat is wel een keuze uit de activiteiten en projecten die de steunfunctie zelf
aanbiedt. De gemeentebesturen en provincies vragen zich nu af of er wel sprake is van eigenlijk gebruik
van de subsidiegelden daarvoor. Deze gedeelde functies van adviseur en producent komen onder druk te
staan. Gemeentebesturen en provincies vragen zich af of er sprake is van concurrentievervalsing, andere
partijen bieden immers hetzelfde aan maar worden niet gesubsidieerd. Beleidsmakers zien al dan niet reële
bezuinigingsmogelijkheden. De adviesorganisatie BMC heeft een aantal kunstinstellingen doorgelicht en de
gemeenten geadviseerd over een nieuwe opzet, waarbij zij vaak heeft gerefereerd aan het ‘Amsterdamse
model’. Op basis van het advies van BMC heeft de gemeente Heerenveen er begin 2010 voor gekozen om de
steunfunctie op te heffen. De vroegere werknemers van deze steunfunctie moeten zich nu zelfstandig op de
scholen richten als zij hun cultuureducatieve werkzaamheden willen voortzetten. Anders dan in Amsterdam
krijgen de scholen en culturele instellingen in dit Heerenveense model geen inhoudelijke ondersteuning.
3 De volledige scriptie is te vinden op de Mocca-website bij onderzoek
13
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Vraagsturing in de grote steden
In Utrecht heeft het Utrechts Centrum voor de Kunsten (UCK) een vooraanstaande plek veroverd in de
cultuureducatie voor de hele stad Utrecht. Het UCK werkt duidelijk niet alleen voor de scholen, maar
voor alle inwoners in de stad. Bij het UCK is er een tendens om te decentraliseren: er zijn steeds meer
activiteiten in de wijken. Binnenkort heeft iedere wijk ook zijn eigen kunst- en cultuurfaciliteit.
De gemeente Utrecht stimuleert scholen niet uitdrukkelijk om een eigen cultuureducatiebeleid te
formuleren. Wel is er een proefperiode geweest waarin scholen, als zij hun beleid op schrift wilden stellen,
kosteloos ondersteuning konden krijgen. Deze proefperiode is inmiddels ten einde, scholen betalen nu
een vergoeding voor deze ondersteuning. Hoewel de gemeente Utrecht er niet nadrukkelijk naar streeft
dat alle scholen hun cultuureducatiebeleid gaan vastleggen, luistert het UCK wel degelijk naar de wensen
van scholen. Onder meer met de website Cultuurmatch.nl komt het UCK tegemoet aan deze wensen. Deze
website voorziet in de behoefte aan cultuureducatieve activiteiten in de eigen buurt. Op de site bieden
allerlei partijen activiteiten aan, waaronder ook gratis activiteiten.
In Rotterdam heeft de Stichting Kunstzinnige Vorming Rotterdam (SKVR) de Kunstmenu’s voor scholen meer
gedifferentieerd gemaakt. Zij houdt nu rekening met dagarrangementen en het naschoolse programma.
De gemeente streeft ernaar dat in 2012 alle scholen voor primair onderwijs in staat zijn zelf een visie op
cultuureducatie te formuleren. De SKVR heeft een rol in dit beleid. Om scholen beter in de vraagsturing te
ondersteunen is de SKVR per augustus 2010 een expertisecentrum gestart. Het centrum is onafhankelijk,
maar opereert binnen de SKVR.
Het Koorenhuis, het kunstencentrum voor Den Haag en de Haagse regio, is nog volop in de ontwikkeling
naar een meer vraaggestuurde organisatie. Via klankbordgroepen en netwerken hebben interne
cultuurcoördinatoren, ICC-ers, lokale culturele instellingen en cultuureducatoren inspraak in de
programmalijnen van het Koorenhuis.
Combinatiefuncties in de grote steden
In Rotterdam richten de culturele combinatiefuncties zich op het verder verankeren van cultuureducatie
in scholen. Zes functionarissen werken er aan lange leerlijnen. De scholen die eraan meedoen, onder meer
kunstscholen, hebben duidelijke pedagogische opvattingen. De functionarissen werken deels voor het
onderwijs en deels voor de SKVR.
Utrecht heeft combinatiefuncties, die deels bij het UCK en deels bij andere organisaties zijn ondergebracht.
In Amsterdam vervullen vier functionarissen voor in totaal 2,2 fte combinatiefuncties voor cultuur in
muziekeducatie. De functionarissen zijn ondergebracht bij de verschillende locaties van de stedelijke
muziekschool en bij het Concertgebouw. Zij werken voor de tien scholen die onderdeel zijn van het
Leerorkest.
Vervoer
Het vervoer van en naar culturele instellingen is een landelijk vraagstuk. In Den Haag werken zeventien
erfgoedinstellingen samen om zelf het vervoer van en naar scholen te regelen. Het Haagse Koorenhuis en
het Utrechtse UCK koppelen busvervoer aan een aantal kunstmenu’s. In Amsterdam kijkt de gemeente of zij
het vervoer voor scholen centraal kan organiseren.
14
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
ICC-cursus
Leerkrachten in het basisonderwijs kunnen de landelijke cursus voor interne cultuurcoördinator volgen. De
cursus is bedoeld om scholen in staat te stellen samen met culturele instellingen een goede infrastructuur
in en om scholen te ontwikkelen. De ICC-cursus is in 2005 ontwikkeld in opdracht van het ministerie van
OCW als onderdeel van de Regeling versterking cultuureducatie in het primair onderwijs. Cultuurnetwerk
Nederland verzorgt de landelijke coördinatie. EDventure, Kunstconnectie en Erfgoed Actueel zijn samen
verantwoordelijk voor de cursus. Deze organisaties hebben ruim driehonderd trainers opgeleid. In
Amsterdam zijn ongeveer tien trainers gecertificeerd, onder wie zes medewerkers van Mocca. De meeste
trainers werken bij erfgoedinstellingen, schoolbegeleidingsdiensten of centra voor kunstzinnige vorming en
organiseren de ICC-cursus in de eigen gemeente of provincie. Inmiddels hebben zij al meer dan 3000 ICC-ers
gecertificeerd.
De ICC-cursus wordt in alle vier de grote steden gegeven. Steunfuncties, schoolbegeleidingsdiensten en
erfgoedinstellingen gaan er samenwerkingen voor aan met lokale organisaties. Samenwerking met lokale
organisaties is een voorwaarde van het landelijk coördinatiepunt. Den Haag heeft nu 36 gecertificeerde
ICC-ers op een totaal van 170 scholen. Dat aantal is vergelijkbaar met Utrecht en Rotterdam. Amsterdam
heeft 75 gecertificeerde ICC-ers op een totaal van 240 scholen. Tot 2009 bood Mocca de cursus aan
in samenwerking met het adviesbureau voor onderwijs en opvoeding ABC. Voor 2010 is Mocca een
samenwerking aangegaan met het Amsterdams Historisch Museum voor certificering.
Edu-Art en KunstStationC
De ontwikkelingen in Gelderland en Oost-Groningen zijn tekenend voor de opmars van vraagsturing buiten
de grote steden. Edu-Art in Gelderland heeft zich van een steunfunctie tot een expertisecentrum ontwikkeld
dat zich volledig richt op het verzamelen en promoten van cultuureducatief aanbod. Het ondersteunt zowel
scholen als culturele instellingen in het opzetten en uitvoeren van hun cultuureducatieve activiteiten.
KunstStation-C in Oost-Groningen heeft scholen er aanvankelijk vooral toe aangezet om een
cultuureducatiebeleid te formuleren. Op zijn website zette het daarvoor informatie over het aanbod in
Oost-Groningen. Nu een groot deel van de scholen inmiddels beleid heeft geformuleerd, richt KunstStationC
zich steeds meer op de kwaliteit van het aanbod en ontwikkelt het soms ook projecten die culturele
instellingen niet aanbieden maar waar scholen wel om vragen.
Samenvatting
Vraagsturing wordt steeds meer de norm binnen cultuureducatie. Scholen waarderen de eigen inbreng en
de directe contacten met culturele instellingen. Daarbij valt op dat de inhoudelijke ondersteuning door een
externe partij een voorwaarde is voor zowel scholen als instellingen. Goed vervoer van en naar culturele
instellingen is een landelijk vraagstuk.
15
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
3. Cultuureducatie in Amsterdam: Het Amsterdamse model
Inleiding
Amsterdam heeft sinds 2005 een systeem van vraaggestuurde cultuureducatie: de scholen zijn leidend in het
vaststellen van hun programma voor cultuureducatie. De gemeente stelt daarvoor geoormerkte budgetten
beschikbaar. Inhoudelijke steun krijgen de scholen van het expertisenetwerk voor cultuureducatie Mocca.
Voucherbeheer Amsterdam is verantwoordelijk voor de verdeling van de cultuureducatiebudgetten voor het
PO en de eerste twee leerjaren van het vmbo. Met de subsidies van het Amsterdams Fonds voor de Kunst
kunnen scholen en cultuureducatoren gezamenlijk projecten ontwikkelen. Mocca waarborgt de vraagsturing
door Amsterdamse scholen, culturele instellingen en individuele kunstenaars inhoudelijk te ondersteunen
bij het formuleren, vastleggen en uitvoeren van hun cultuureducatieprogramma. Mocca biedt scholen de
middelen voor het maken van een afgewogen keuze uit het totale cultuuraanbod.
Voortgang cultuureducatie in Amsterdam
Het Amsterdamse model is een veelbesproken voorbeeld voor andere gemeenten. Mocca, het
expertisecentrum voor cultuureducatie in Amsterdam, heeft haar laboratoriumfunctie binnen de
Nederlandse vraaggestuurde cultuureducatie verder verankerd. In de vijf jaar dat het Amsterdamse model
wordt gehanteerd is Mocca er steeds beter in geslaagd scholen en culturele instellingen te begeleiden
in het vastleggen van hun cultuureducatiebeleid. Inmiddels heeft ruim 70% van de 340 scholen een
cultuureducatiebeleidsplan. Daarmee is cultuureducatie in Amsterdam vanzelfsprekend geworden. Vragen
van scholen gaan nu steeds meer over kennisoverdracht, uitwisseling binnen netwerken en het faciliteren
van kwaliteitsontwikkeling in de vraaggestuurde cultuureducatie.
Cultuureductie-informatiemarkt
tijdens de jaarlijkse Moccabijeenkomst ‘Cultuureducatie in Amsterdam’
16
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Voortgang per medio 2010 en grafieken
Mocca heeft een adviesrelatie met 95% van de scholen. Per medio 2010 heeft 73% van alle Amsterdamse
scholen beleid ontwikkeld: 78% in het basisonderwijs en 55% in het voortgezet onderwijs.
Situatie 2010
Overzicht basisscholen Amsterdam & Cultuureducatie
280
240
280
254
237
200
160
240
199
120
254
236
200
160
159
120
80
17
40
0
Situatie 2009
Overzicht basisscholen Amsterdam & Cultuureducatie
Totaal aantal
basisscholen
Scholen
zonder
interesse
80
38
Scholen die
Scholen die
beleidstraject beleidstraject
Mocca volgen Mocca volgen
of gevolgd hebben
Scholen
met
beleid
0
Totaal aantal
basisscholen
Scholen
zonder
interesse
Situatie 2010
Scholen
met
beleid
Situatie 2009
90
90
81
75
73
60
45
8
15
Totaal aantal
VO-scholen
Scholen
zonder
interesse
80
45
41
30
28
Scholen die
Scholen die
beleidstraject beleidstraject
Mocca volgen Mocca volgen
of gevolgd hebben
84
60
45
30
0
Scholen die
Scholen die
beleidstraject beleidstraject
Mocca volgen Mocca volgen
of gevolgd hebben
Overzicht VO-scholen Amsterdam & Cultuureducatie
Overzicht VO-scholen Amsterdam & Cultuureducatie
75
77
18
40
4
15
Scholen
met
beleid
0
39
Totaal aantal
VO-scholen
Scholen
zonder
interesse
Scholen die
Scholen die
beleidstraject beleidstraject
Mocca volgen Mocca volgen
of gevolgd hebben
Scholen
met
beleid
Aantal scholen
Door de komst van nieuwe scholen of nieuwe locaties treden er ieder jaar kleine verschillen op in het aantal
scholen. Om inzicht te geven in de totale werkzaamheden van Mocca, zijn in het overzicht ook scholen
opgenomen waar Mocca beleidstrajecten heeft begeleid, maar die inmiddels zijn opgeheven.
Scholen zonder interesse
Het aantal scholen dat geen contact met Mocca heeft neemt langzaam af.
17
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
4. Financiering cultuureducatie in Amsterdam
Inleiding
Sinds 2005 investeert de gemeente Amsterdam in een stelsel van vraaggestuurde cultuureducatie.
Het nieuwe systeem is gebaseerd op de werking van vraag en aanbod, op beleidsmatige ondersteuning van
de vraagontwikkeling en op het feit dat het geld voor cultuureducatie rechtstreeks naar de scholen gaat. Het
effect van die investeringen op de inzet van cultuur op scholen is enorm: het maken van beleidsplannen, het
ontwikkelen van projecten en het in gang zetten van langdurige cultuureducatieve trajecten met grote en
kleine culturele instellingen heeft een vlucht genomen.
Voucherbeheer Amsterdam, voorheen de Voucherbank
Voucherbeheer Amsterdam, vroeger de Voucherbank, is verantwoordelijk voor het digitale beheer van de
directe gemeentelijke subsidie voor cultuureducatie voor alle leerlingen in het basisonderwijs en de eerste
twee leerjaren van het vmbo. Jaarlijks wordt € 20 tot € 22 per leerling beschikbaar gesteld. De school
dient daarvoor de factuur van het cultuureducatief project in bij Voucherbeheer Amsterdam, dat zorgt voor
de uitbetaling aan de culturele instelling of kunstenaar die het educatief project heeft aangeboden. Zo wordt
gewaarborgd dat de budgetten alleen voor cultuureducatie worden gebruikt.
Gebruik budget Voucherbeheer Amsterdam
Scholen besteden een hoog percentage van de budgetten, jaarlijks ongeveer 93%. Wat overblijft wordt in
het daarop volgende jaar herverdeeld over alle basisscholen en vmbo 1 en 2-groepen op basis van het aantal
leerlingen.
Waar wordt het aan besteed?
Per 1 augustus 2010 bleek een groot deel van de gelden van het schooljaar 2009/2010 te zijn besteed, van
ruim 1,5 miljoen resteert nog zo’n 400.000 euro. De bestedingstermijn loopt af op 31 september dus de
gegevens zijn nog niet compleet. In het onderstaande overzicht een indicatie van die bestedingen.
Aan beweging is ruim 92.000 euro besteed, aan dans 126.000. Naar toneel is 162.000 euro gegaan en
naar drama 84.000, aan diverse voorstellingen 110.000 euro is besteed. Toneel is met 22.000 euro de
grootste bestedingspost voor het vmbo. Musicals zijn opvallend populair in het basisonderwijs, er is een
bedrag van 35.000 aan besteed. In het vmbo komt deze categorie niet voor. Museumbezoek door het vmbo
komt op een totaal 12.5000, in het basisonderwijs is een bedrag van 84.500 euro besteed, in het speciaal
onderwijs is 3.500 besteed. Aan zangactiviteiten is een totaal van 118.500 besteed, daarvan was 12.000
voor het speciaal onderwijs bestemd. Zang is de grootste categorie in de bestedingen binnen het speciaal
onderwijs. Aan instrumenten is totaal 187.500 euro besteed, het merendeel, 157.000 is in het basisonderwijs
besteed. Textiel is een kleine categorie met slechts 20.000 euro aan bestedingen, maar wel opvallende
populair binnen het speciaal basisonderwijs, het is met 10.000 euro verreweg de grootste investering.
Aan handvaardigheid wordt 35.000 euro uitgegeven, aan driedimensionale projecten 30.000 euro, 90%
van beide categorieën wordt in het basisonderwijs besteed. Aan tekenen en schilderen is totaal 43.000
euro uitgegeven waarvan 8.000 aan tekenen en 35.000 aan schilderen. Aan architectuur is zo’n 5000
euro besteed, aan stadwandelingen bijna 8000 euro. Aan vervoer is een totaal van 102.000 euro besteed,
waarvan 21.000 aan OV vervoersbewijzen en de rest aan andere vormen van vervoer.
Aan projecten op de eigen school is 887.000 euro besteed, aan activiteiten op school gecombineerd met
een andere locatie 310.000 en aan projecten alleen buiten de school ook circa 310.000.
18
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Amsterdams Fonds voor de Kunst
Het Amsterdams Fonds voor de Kunst heeft jaarlijks een bedrag van ruim anderhalf miljoen euro beschikbaar
voor subsidies voor cultuureducatieve projecten. Met het deelprogramma Cultuureducatie steunt het Fonds
projecten die de Amsterdamse schoolgaande jeugd laten kennismaken met kunst en cultuur. Zowel projecten
waarin kunst en cultuur als doel als projecten waarin kunst en cultuur als middel worden ingezet, komen
voor steun in aanmerking. Het Fonds steunt zowel projecten die zich richten op binnenschoolse culturele
activiteiten als projecten die zich richten op voor- of naschoolse culturele activiteiten. Voorts komen
zowel projecten die scholen zelf opzetten als projecten waarvoor specifiek cultuureducatief aanbod wordt
ontwikkeld voor steun in aanmerking. Het Fonds geeft daarbij voorrang aan projecten voor het primair
onderwijs en het vmbo. In de komende jaren zal het Fonds scholen stimuleren meer gebruik te maken van
culturele mogelijkheden in de omgeving zoals muziekscholen, jeugdtheaters en ateliers in de wijk, maar
ook van het alom aanwezige materiële en immateriële erfgoed. Monumenten, archieven, archeologische
vondsten, de overlevering van geschiedenis, kennis van historische ontwikkelingen en veranderingen via
orale tradities en uitingen, sociale gewoonten en gebruiken, rituelen en feestelijke gebeurtenissen kunnen
geschikte aanknopingspunten zijn voor cultuureducatieve projecten.4
Het afgelopen jaar heeft het fonds de aanvraagformulieren en dergelijke versimpeld en de
beslissingsprocedure voor kleine aanvragen verkort. Van het eerder ingestelde maandelijkse spreekuur
waarin cultuuraanbieders een voorstel voor een project kunnen bespreken, is veel gebruikgemaakt. Nog
onervaren kunstenaars kunnen tijdens het spreekuur hulp krijgen bij het indienen van een zo goed mogelijke
aanvraag. Zo kunnen teleurstellingen worden voorkomen. Als tijdens het gesprek blijkt dat een idee nog
verder moet worden ontwikkeld, stelt een kunstenaar zijn aanvraag vaak uit.
Projecten in Zuidoost
In 2010 en 2011 draagt het Amsterdams Fonds voor de Kunst € 200.000 bij aan twee projecten van
stadsdeel Zuidoost. “De diversiteit van de stad spat er hier van af. Bovendien laat Zuidoost al jaren een
enorme wil, professionaliteit en voortvarendheid zien als het gaat om investeringen op het gebied van kunst
en cultuur(educatie)”, zo omschreef de toenmalige Fondsdirecteur Andries Mulder zijn enthousiasme. Het
stadsdeel en samenwerkingspartners in Zuidoost vullen het bedrag verder aan.
Vanaf juni 2010 komt er in de Straat van Sculpturen Junior een tijdelijke tentoonstelling van werk van
jongeren uit de wijk. Dit project voor kunst in de openbare ruimte wordt gerealiseerd in samenwerking
met CBK Zuidoost, Straat van Sculpturen, Krater Theater, Jeugdtheaterschool Zuidoost, Circus Elleboog en
Muziekcentrum Zuidoost. Het project vormt ook de basis voor het nieuw op te richten Coördinatiepunt
Cultuureducatie Zuidoost. De uitgangspunten voor het coördinatiepunt zijn vastgelegd in de
Basisnota Cultuureducatie 2008-2011 van het stadsdeel: “Het Coördinatiepunt werkt intensief
samen met de adviesgroep cultuureducatie Zuidoost; de schoolbesturen en –directies, de stedelijke
ondersteuningsinstellingen, zoals bijvoorbeeld Mocca, en de culturele instellingen in Zuidoost”
4 Bron www.amsterdamsfondsvoordekunst.nl
19
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Kunstkijkuren, muziekonderwijs en de kunstschooldag
De stad hecht belang aan cultuureducatie en financiert de kunstkijkuren, het muziekonderwijs en de
kunstschooldag via de samenwerking tussen alle stadsdelen met uitzondering van stadsdeel Noord. De
stadsdelen treden op als gebundelde opdrachtgever onder de noemer consensusregeling. Daaronder valt
een aantal activiteiten. De activiteiten betreffen schoolzwemmen, verkeersexamens, kunstkijkuren, de
kunstkijkdag en schooltuinen. Tot 2009 vielen muziekluisterlessen en het muziekatelier ook onder de
regeling.
Tijdens de kunstkijkuren bezoeken groepjes kinderen uit de hoogste klassen van het basisonderwijs de
drie grote Amsterdamse kunstmusea. Zij gaan vier keer naar het Rijksmuseum, vier keer naar het Stedelijk
Museum en één keer naar het Van Gogh Museum, waaraan op school een inleidende les voorafgaat. In tien
opeenvolgende weken onderzoeken de kinderen al kijkend en vergelijkend de kunstwerken. Samen met de
docent - vaak zelf een beeldend kunstenaar - bespreken zij dan de vragen die bij hen opkomen.
Ongeveer 80% van de leerlingen in groep 7 en 8, gemiddeld zesduizend per jaar, neemt deel aan de
kunstkijkuren. Het Bureau Servicetaken Onderwijs, een afdeling van de Dienst Welzijn Amsterdam
organiseert ze. Tot 2009 verzorgde dit bureau ook de muziekluisterlessen. De gelden voor deze
luisterlessen zijn inmiddels overgeheveld naar Het Concertgebouw, dat een aparte afdeling heeft opgezet
voor muziekonderwijs aan scholieren. Tijdens de jaarlijkse Kunstschooldag, een andere activiteit binnen de
consensusregeling, gaan bijna 7.000 scholieren en begeleiders de stad in. Circa vijftig kunstinstellingen,
groot en klein, werken jaarlijks mee aan de dag. Deze kunstinstellingen presenteren dan een speciaal
programma voor de scholieren, waarmee zij aan hen een beeld geven van hun aanbod door het hele jaar
heen. De Kunstschooldag wordt georganiseerd in opdracht van de stadsdelen door Stichting Jam.
Internationalisering
Met ingang van schooljaar 2008–2009 ondersteunt de gemeente voor enkele jaren de regeling
internationalisering van cultuureducatie voor scholen in het voortgezet onderwijs. In 2008-2009 en
2009-2010 was daarvoor steeds een bedrag van € 230.000 beschikbaar. Het bedrag is bestemd voor het
voortgezet onderwijs voor het organiseren en uitvoeren van cultuureducatieve projecten met kunstenaars
en kunstinstellingen in het buitenland.
In het schooljaar 2009–2010 is aan 9 scholen een subsidie verleend.5
Het Plein
Ook Het Plein, een kleine school voor praktijkonderwijs in Nieuw-West, realiseert veel cultuureducatieve
projecten, en de kwaliteit ervan is hoog. Twee cultuurcoördinatoren slagen er ondanks een gering
aantal formatie-uren in om samenhangende plannen te maken, mensen te overtuigen, geld via diverse
subsidieregelingen binnen te halen en de projecten goed uit te voeren. Ook op deze school liggen een
gedegen visie en een goed beleidsplan ten grondslag aan de cultuureducatie.
De culturele activiteiten geven de school een nieuw elan en trekken leerlingen aan.
In mei is een groep leerlingen en begeleiders naar Marokko geweest voor een culturele reis. De leerlingen
hebben daar in een mozaïekwerkplaats en een tegelbakkerij gewerkt. Ook hebben zij lessen in Marokkaanse
muziek gevolgd, eerst in Nederland en daarna ter plekke in Fez. Twee trotse leerlingen fungeerden als
tolk. Een van de leerkrachten: “De leerlingen vonden het eerst erg primitief – zitten op de vloer in de hitte.
Er was eerst wat weerstand, maar toen ze eenmaal bezig waren pasten ze zich aan. Hun grenzen werden
steeds verlegd en het was een geweldige ervaring!”
5 Zie het overzicht op de Mocca-website
20
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Welzijn en cultuureducatie
Stadsdelen subsidiëren het reguliere werk van welzijnsorganisaties en sluiten convenanten specifiek
voor cultuureducatief aanbod. Hiermee subsidiëren zij de cultuureducatie zowel direct als indirect. De
welzijnsorganisaties nemen na de reguliere schooltijden de zorg over de leerlingen over en zijn daarmee een
belangrijke partner in de vele brede scholen en de naschoolse opvang. Tijdens de naschoolse programma’s
hebben de kinderen gelegenheid voor contact met elkaar, hebben zij rust na de schooldag, en kunnen
zij meedoen aan verschillende activiteiten, waaronder behalve sport en spel ook culturele activiteiten.
Cultuureducatie neemt een steeds belangrijkere plaats in.
XXXsjongerenkaart
De gemeente stelt aan jongeren van 12 tot en met 18 jaar een xxxsjongerenkaart beschikbaar. Met deze
kaart krijgen jongeren korting op diverse culturele en sportieve activiteiten in hun vrije tijd.
Samenvatting
Amsterdam ondersteunt cultuureducatie en cultuurparticipatie met directe en indirecte geldstromen. De
centrale stad doet dit in de vorm van de geldstroom via Voucherbeheer Amsterdam en via regelingen zoals
de xxxsjongerenkaart. De stadsdelen betalen gezamenlijk aan de consensusregelingen en per stadsdeel
stimuleren de stadsdeelbesturen eigen projecten en activiteiten.
Leerlingen van Het Plein, bij een pottenbakkerij in Marokko,
tijdens een internationaliserings project
21
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
5. Werkzaamheden Mocca
Inleiding
Mocca ontplooide nieuwe initiatieven om haar functie van expertisecentrum uit te breiden en haar expertise
te delen met de stad en vele landelijke organisaties. Mocca heeft daarom ook de taak op zich genomen
om initiatieven in Amsterdam met elkaar te verbinden, bijvoorbeeld door in de verschillende stadsdelen
netwerken te initiëren tussen scholen en instellingen. Het Moccateam kenmerkt zich door bevlogenheid,
inhoudelijke kennis en passie. Bestaande samenwerkingsverbanden, zoals met het Amsterdams Fonds voor
de Kunst, Voucherbeheer Amsterdam en de pabo, zijn voortgezet en verruimd. De relatie met Koers Nieuw
West is versterkt, een lid van het Moccateam is daar gemiddeld een dagdeel per week.
Samenwerkingen
De samenwerking met de koepelorganisatie van welzijnsorganisaties is uitgebreid.
De bestaande samenwerkingsverbanden, zoals met de pabo en de Amsterdamse Hogeschool voor de
Kunsten, zijn verder verdiept. Nieuw in 2009 was de samenwerking met Erfgoed Nederland, Anno en de
Canon van Nederland. Die samenwerking heeft ertoe geleid dat Mocca de laatste landelijke Canonkaravaan
heeft georganiseerd. Met bijna vierhonderd bezoekers was dit een wervelend einde van de introductie van
de Canon van Nederland in het onderwijs.
Met OOG, een zelfstandig bureau dat besturen ondersteunt op het gebied van onderwijs, zorg en welzijn, en
met het Algemeen Pedagogisch Studiecentrum (APS), een landelijk instituut voor onderwijsverbetering, is
over verdere samenwerking gesproken.
De samenwerking met stadsdeelbesturen kreeg in 2009 meer vorm. Mocca organiseert bijeenkomsten met
scholen in nauwe samenwerking met beleidsambtenaren en contactpersonen op het gebied van cultuur.
Bereik onder de scholen
Het percentage scholen dat regelmatig contact heeft met Mocca is het afgelopen jaar gestegen van 80 naar
93. Per medio 2009 heeft 63% van de basisscholen beleid ontwikkeld en volgt 30% – 77 scholen – een
beleidstraject. In het voortgezet onderwijs heeft 46% van de scholen beleid ontwikkeld en volgt bijna 50%
een beleidstraject. Tussen eind 2008 en medio 2009 is een grote sprong voorwaarts gemaakt: van 15 naar
39 scholen die hun beleid hebben vastgelegd. Begin 2010 had 70% van de scholen beleid geformuleerd.
22
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Kengetallen 2009
Er zijn dit jaar 708 schoolbezoeken afgelegd, een gemiddelde van 2,5 bezoek per Amsterdamse school:
van januari tot juli hebben zes accountmanagers 408 bezoeken afgelegd; van juli tot december hebben vijf
accountmanagers 310 schoolbezoeken afgelegd.
De twee accountmanagers cultuur hebben 180 kennismakings- en adviesgesprekken met culturele
instellingen en kunstenaars gevoerd.
Er zijn twee kenniskringen georganiseerd. Telefonisch heeft het Moccateam meer dan 650 keer informatie
verstrekt aan scholen, culturele instellingen, kunstenaars en verschillende andere organisaties. Er staan
inmiddels 586 culturele instellingen en kunstenaars in de database op de Mocca-website, waarvan 430
instellingen en kunstenaars zijn gevestigd in Amsterdam en 156 buiten Amsterdam, de meeste in de regio.
Het aantal projecten in de database nam toe van 1050 tot 1640.
Er zijn in totaal dertig bijeenkomsten georganiseerd die duizend bezoekers trokken.
Het aantal bezoeken van de site klom van 12.367 naar 37.864. Het aantal unieke bezoekers groeide van
8.441 naar 26.986. In totaal hebben 146 basisscholen en 26 scholen voor voortgezet onderwijs hun plannen
op het gebied van cultuureducatie vastgelegd in een meerjarenbeleidsplan.
Mocca nam als participant of spreker tachtig maal deel aan landelijke en regionale bijeenkomsten en vier
maal aan buitenlandse bijeenkomsten. Samen met het ABC heeft Mocca één ICC-cursus gegeven aan elf
cursisten. Er verschenen zes nieuwsbrieven, één speciale editie Canonkaravaan en een Mocca Canongids
2009.
Kenniskringen en onderzoeksprojecten
Mocca organiseert jaarlijks twee kenniskringen. In 2009-2010 waren dat een kenniskring over
muziekeducatie getiteld “Scholen en instellingen zetten de toon”, en een kenniskring over de effecten van
cultuureducatie op taalverwerving. In het najaar van 2010 start Mocca een kenniskring kwaliteitsbeoordeling
cultuureducatie en een kenniskring “Community art vanuit de wens van de school”.
Naast de kenniskringen worden jaarlijks, meestal kortlopende, praktische onderzoeken gedaan. In 2009
is een analyse verricht van cultureel divers aanbod in Amsterdam en is een onderzoek gestart waarbij de
lichting beroepskunstenaars in de klas (bik’ers) van 2009 een jaar lang wordt gevolgd. De reden voor dit
onderzoek is dat er steeds meer individuele kunstenaars actief worden in de cultuureducatie en Mocca
daarmee inzicht hoopt te verkrijgen in hun beweegredenen en ervaringen. Vlak na het halen van het bikcertificaat heeft Mocca de afgestudeerden onder meer gevraagd naar hun financiële en professionele
verwachtingen voor het jaar na hun afstuderen. Na een half jaar zijn de bik’ers weer benaderd voor een
interview. In september 2010 vinden de afrondende gesprekken plaats.
In 2009–2010 is ook een vervolgonderzoek gedaan naar de effecten van het ‘meer-cultuur-opschooltraject’.6
Evalueren doet begeren
Vanaf september 2009 vraagt Mocca aan Amsterdamse scholen om hun cultuureducatieve activiteiten online
te evalueren. In de eerste zes maanden hebben negentig scholen, ruim 25%, een evaluatie ingediend: 61
basisscholen en 29 scholen voor voortgezet onderwijs, waarvan één vmbo-school. Zij hebben in totaal 107
instellingen geëvalueerd. Een positief effect is dat instellingen bij een minder goede score contact opnemen
met de school om het project dat zij hebben aangeboden samen met de school te evalueren en het waar
mogelijk te verbeteren. Maar het mooiste effect is dat scholen elkaars evaluaties op de website kunnen
lezen en contact met elkaar kunnen opnemen om ervaringen uit te wisselen. De evaluaties blijken daarmee
van invloed te zijn op de keuzes van scholen voor culturele organisaties en hun projecten.
De cultuurcoördinator van de Buikslotermeerschool maakt gebruik van de evaluaties van andere scholen.
Zij zegt daarover: “We kijken eerst of een bepaalde aanbieder een goede evaluatie heeft gehad door een
vergelijkbare school en dan pas nemen we contact met de aanbieder op.”
6 Alle rapporten en publicaties zijn te vinden op de website
www.mocca-amsterdam.nl/cultuureducatie/onderzoek-en-kennis/
23
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Scholen kunnen met hun login-gegevens online-evaluatieformulieren invullen op de website van
Voucherbeheer of zij kunnen een link toegestuurd krijgen waarmee zij kunnen inloggen op de Mocca-website.
Zo wordt voorkomen dat culturele instellingen zelf evaluatieformulieren invullen.
De scholen die hun mening geven liggen over de hele stad verspreid. Voorts geven naast openbare scholen
ook alle gezindten, algemeen bijzonder, katholiek, protestants-christelijk, islamitisch, en onderwijsvormen,
waaronder bijvoorbeeld ook Montessori en Jenaplan, hun mening. Aan de hand van een aantal algemene
vragen en een tevredenheidsindex geven scholen hun oordeel over een cultuureducatief project waaraan
hun leerlingen hebben deelgenomen. Om de leerkrachten ertoe aan te zetten online evaluaties in te sturen,
krijgen zij per evaluatie in het eerste jaar extra budget voor cultuureducatie voor hun school of een
theaterbon om zelf inspiratie op te doen.
Ondernemerskring Sociale sector Amsterdam en cultuureducatie
Talentmakelaars, welzijnsmedewerkers en bredeschoolcoördinatoren ontwikkelen cultuurprogramma’s
voor brede scholen en de naschoolse opvang, en dragen daarmee actief bij aan de verankering van
cultuureducatie in het onderwijs. Mocca biedt hun in samenwerking met de Ondernemerskring Sociale sector
Amsterdam (OSA) de mogelijkheid om meer zicht te krijgen op cultuureducatie. Er is een cursus ontwikkeld
in het verlengde van een soortgelijke cursus voor het basisonderwijs. De cursus voor het OSA leidt op tot
gecertificeerd cultuurcoördinator in de brede school. Hij bestaat uit zes lessen en mondt uit in een plan van
aanpak waarmee binnen de scholen en in de wijk aan de slag kan worden gegaan. De certificering loopt via
het landelijk steunpunt voor de ICC. De cursus is de eerste in zijn soort in Nederland.
24
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
6. Amsterdamse stadsdelen
Inleiding
De dertien stadsdelen in Amsterdam werden in het voorjaar van 2010 samengevoegd tot zeven stadsdelen.7
Voor de cultuureducatie was dat overwegend gunstig. De samenvoegingen waren aanleiding voor het maken
van nieuwe meerjarenbeleidsplannen, waarin cultuureducatie werd opgenomen. In het navolgende overzicht
is de oude stadsdeelindeling aangehouden. De informatie in dit hoofdstuk betreft vooral de scholen in het
basisonderwijs.
Voor de volledigheid is het totaal aantal beleidsplannen in het voortgezet onderwijs in een overzicht
geplaatst. Een totaal overzicht van alle beleidsplannen is te vinden in hoofdstuk 3.
VO-scholen per stadsdeel
Centrum
Er zijn twee scholen voor voortgezet onderwijs en er is één school voor speciaal onderwijs. Alle drie de
scholen hebben een beleidsplan.
Noord
Er zijn zeven scholen voor voortgezet onderwijs, één school voor praktijkonderwijs, en twee afdelingen
van scholen voor voortgezet speciaal onderwijs. Van de tien scholen of afdelingen van scholen zijn er vier
(afdelingen van) VO-scholen met een beleidsplan.
Oost
Er zijn tien scholen voor voortgezet onderwijs, één school voor praktijkonderwijs, en één afdeling van een
school voor voortgezet speciaal onderwijs. Van de in totaal twaalf (afdelingen van) scholen hebben zes
(afdelingen van) VO-scholen een beleidsplan,
Zuidoost
Er zijn drie scholen voor voortgezet onderwijs, één school voor praktijkonderwijs, en vier afdelingen van
scholen voor voortgezet speciaal onderwijs. Van de in totaal acht scholen zijn er zes (afdelingen van)
VO-scholen met een beleidsplan
Zuid
Er zijn negentien scholen voor voortgezet onderwijs, één school voor praktijkonderwijs en twee scholen voor
voortgezet speciaal onderwijs. Vijftien scholen hebben een beleidsplan.
West
Er zijn zes scholen voor voortgezet onderwijs, vijf daarvan hebben een beleidsplan.
Nieuw West
Er zijn twaalf scholen voor voortgezet onderwijs, één school voor praktijkonderwijs en vier afdelingen van
scholen voor voorgezet speciaal onderwijs. Er zijn twaalf (afdelingen van) VO-scholen met een beleidsplan.
7 Voor dit trendrapport is de oude indeling gehandhaafd. Dit is de structuur die Mocca in haar werkzaamheden hanteerde en waarmee de informatie is opgebouwd.
25
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Amsterdam-Noord
De scholen
In Amsterdam-Noord zijn 29 scholen voor primair onderwijs en 2 scholen voor speciaal onderwijs. Van de
29 basisscholen hebben 27 scholen hun cultuureducatiebeleid beschreven in het schoolbeleidsplan of in een
apart cultuureducatiebeleidsplan.
Wat kiezen scholen in Amsterdam-Noord?
Scholen in Amsterdam-Noord kiezen voor talentontwikkeling, niet in de laatste plaats omdat het
stadsdeel daaraan ook veel aandacht besteedt in zijn stadsdeelbeleid. Veel kinderen komen volgens de
leerkrachten niet of te weinig in aanraking met activiteiten waarin zij hun talenten kunnen ontdekken en
ontwikkelen. De scholen willen in deze lacune voorzien en een belangrijke rol spelen in de eerste fase
van de talentontwikkeling, die van de oriëntatie en kennismaking. Ook hechten veel scholen belang aan
buurtgericht werken: zij willen samenwerken met de buurt. Voor een betere sociale cohesie, maar ook uit
praktische overwegingen zoals hoge vervoerskosten en lange reistijden, gaan zij op zoek naar activiteiten
in het eigen stadsdeel. Voor scholen waarvan de leerlingen met een taalachterstand op school komen,
bijvoorbeeld door een migrantenachtergrond, is ook taal een belangrijk thema. Op deze scholen worden alle
activiteiten, dus ook die op het gebied van cultuureducatie, ingezet om die achterstand in te halen. Veel
scholen leggen de nadruk op activiteiten die de taalontwikkeling ten goede komen. Scholen noemen vaak
kennismaken met de Nederlandse cultuur en het Nederlandse cultureel erfgoed als thema. Zij hechten
daar belang aan naast kennismaking met het eigen cultureel erfgoed van de diverse immigrantengroepen.
Algemeen beeld van het stadsdeel Noord
Amsterdam-Noord telt bijna 90.000 inwoners waarvan meer dan 30% jonger is dan 25 jaar en 36% van
niet-westerse allochtone afkomst. Sinds 1921 maakt Amsterdam-Noord deel uit van Amsterdam, maar het is
een stad op zichzelf gebleven met een eigen historie en een eigen cultuur. Amsterdam-Noord hecht belang
aan eigen culturele faciliteiten, eigen mogelijkheden voor talentontwikkeling en talentmakelaars in het
stadsdeel, en aan de ontwikkeling van brede scholen.
Amsterdam-Noord heeft een eigen muziekschool, een eigen jeugdtheaterschool8 en diverse voorzieningen
die uniek zijn voor het stadsdeel zoals de in het voorjaar van 2010 geopende Tolhuistuin. Dit groene gebied
maakte bijna honderd jaar deel uit van het bedrijfsterrein van Shell. In 2009 zou Shell echter een deel van
dit terrein afstoten. In 2005 heeft de bewonersvereniging van Amsterdam-Noord aan het stadsdeel gevraagd
of de Tolhuistuin een sociaal-culturele bestemming kon krijgen. In 2007 werd het plan van Cultuur aan het
IJ om van de Tolhuistuin vijf jaar lang een ontmoetingsplek met uitstraling, horeca en cultuur te maken
met een eigen Tolhuistuinfestival, uitgekozen uit vijftig inzendingen.9 Verschillende instellingen bieden
cultuureducatieprogramma’s voor het primair onderwijs en worden door het stadsdeel gesubsidieerd.
In Amsterdam-Noord zijn bij de welzijnsorganisatie Combiwel drie talentmakelaars aangesteld. Zij
‘bemiddelen’ tussen de vraag van de scholen en het aanbod van de culturele instellingen en ondernemers.
De talentmakelaars zijn gevestigd in buurtcentra en richten zich op de lokale culturele infrastructuur.
Zij brengen de vraag in de buurt bij het aanbod aldaar of daarbuiten.
8 http://www.datschool.nl
9 www.tolhuistuinfestival.nl
26
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Brede scholen
Het stadsdeel is al in 1999 begonnen met het ondersteunen van brede scholen. In dat jaar ontstond de eerste
brede school uit een samenwerking tussen de zes scholen in Midden-Noord. Later voegden zich daarbij de
vier scholen in de Banne en de vier scholen in Nieuwendam-Noord. Andere scholen houden in hun nieuwbouw
al rekening met de nieuwe functies van een bredeschoolgebouw.
Een brede school is volgens het stadsdeel een school die naast zijn kerntaak iets extra’s te bieden heeft.
Wat “iets extra’s” precies is verschilt per brede school en is afhankelijk van de buurt en de leerlingen. Zo
legt de ene school het accent op sport en de andere op creativiteit of techniek en heeft de ene wel en de
andere geen voorschool. Veel scholen bieden extra activiteiten aan voor zowel de kinderen als hun ouders.
De kinderen kunnen er sport-, theater- of muzieklessen volgen en hun ouders een taalcursus of een cursus
opvoedingsondersteuning. Scholen kunnen hiervoor samenwerken met bijvoorbeeld Muziekcentrum Noord,
de bibliotheek of Sportbuurtwerk Amsterdam Noord.
Talentontwikkeling
Voor brede talentontwikkeling heeft het stadsdeel samenwerking gezocht met een aantal lokale culturele
instellingen die de opdracht hebben gekregen een leerlijn voor brede talentontwikkeling te ontwikkelen,
iedere instelling in haar eigen discipline. Een van deze instellingen is Noordjes Kinderkunst van Saskia
Noordhuis. ‘Kraak de Kunst’ is de leerlijn beeldende vorming die Noordjes Kinderkunst heeft opgezet
in overleg met talentmakelaars van Combiwel, een talentcoördinator van Noordjes Kinderkunst en één
schoolcoördinator per deelnemende school. Met deze leerlijn wil stadsdeel Amsterdam-Noord samen met
culturele partijen en kunstenaars de beeldende kunst onderdeel maken van het vaste programma in het
primair onderwijs. Door de inzet van een talentcoördinator en talentmakelaars worden de professionaliteit,
kwaliteit en consistentie bewaakt. Het programma Kraak de Kunst is opgebouwd uit de niveaus spel en
kennismaking, op school en na school, verdieping en vervolg in de buurt en bewustwording en topniveau in
een culturele instelling.10
Wat kiest de Dorus Rijkersschool?
De Dorus Rijkersschool kiest voor verwondering en heeft uitdrukkelijk voor cultuureducatie gekozen als
profiel van de school. “Rekenen, lezen en taal zijn zeer belangrijk, maar er is meer. Bij ons op school vormt
expressieve vorming een belangrijk onderdeel van het lesprogramma. De school stimuleert de kunstzinnige
talenten en de creativiteit van de kinderen door middel van beeldende vorming, dus tekenen en
handvaardigheid en door muzikale vorming. Tijdens de lessen beeldende vorming wordt gewerkt met
verschillende technieken zoals klei-, hout-, schilder- en tekentechnieken. Daarnaast is het leren kijken en
het positief leren waarderen van eigen werk en dat van anderen een belangrijk aspect van deze lessen.
Kinderen ontdekken vaak onbekende vaardigheden en ontwikkelen nieuwe interesses. Beeldende vorming
levert een belangrijke bijdrage aan de brede ontwikkeling van kinderen.” Om de twee weken werkt iedere
groep, behalve groep 1 en 2, in het bevo-lokaal onder begeleiding van hun groepsleerkracht en een
leerkracht beeldende vorming. In het bevo-lokaal zijn alle knutselmaterialen te vinden en is voldoende
ruimte om het werk van de kinderen te laten drogen. Onder schooltijd en in de Verlengde Schooldag komen
diverse culturele activiteiten aan bod. Op de school worden diverse culturele projecten uitgevoerd zoals
Noach’s Ark, Werken in de Wijk, Groen in de buurt. De school werkt met kunstenaars van buiten de school en
heeft een eigen vakdocent voor beeldende vorming. Taal en taalverwerving staan centraal bij alle projecten
en in alle disciplines. De school was tot voor kort een zwakke school maar behoort nu tot de best scorende
scholen in Amsterdam.
10 Zie ook http://www.noordjeskinderkunst.nl/educatie/talentontwikkeling.aspx
27
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Amsterdam-Centrum
De scholen
In het centrum zijn dertien scholen voor primair onderwijs. Van deze dertien scholen hebben negen scholen
een cultuureducatieplan: een separaat beleidsplan voor cultuureducatie of een cultuureducatieplan dat is
opgenomen in het schoolbeleidsplan.
Wat kiezen de scholen in Amsterdam-Centrum?
Het bezoeken van musea, theaters en andere grote culturele instellingen is een vast onderdeel van
het beleidsplan en het jaarprogramma van scholen. Scholen zetten breed in op het werken in meerdere
disciplines, vaak met professionele kunstenaars en kunstdocenten. Zij werken vaak in projectvorm. Scholen
voeren een cultuureducatief programma uit rond een thema, een expositie, een voorstelling, een film of een
boek.
De leerlingenpopulatie van de meeste scholen heeft weinig of geen taal- of leerachterstanden. Scholen in
dit stadsdeel zetten cultuureducatie niet in om leerachterstanden positief te beïnvloeden of ter versterking
van de sociale cohesie. De scholen hebben voldoende middelen om een breed cultuureducatief programma
op te zetten en er zijn veel culturele instellingen en kunstenaars in de buurt. Deze gunstige omstandigheden
worden weerspiegeld in het programma.
Algemeen beeld van stadsdeel Centrum
Vergeleken met stadsdeel Amsterdam-Noord of -Zuid is Amsterdam-Centrum een relatief klein stadsdeel
met veel inwoners, 82.000. Daarvan is ongeveer 22% onder de 24 jaar en heeft 14% een niet-westerse
culturele achtergrond. In het stadsdeel zijn verreweg de meeste culturele instellingen van de stad gevestigd,
waarvan vele van nationaal en internationaal belang. Op alle scholen in de Amsterdamse binnenstad kunnen
de leerlingen deelnemen aan naschoolse activiteiten. Daarmee zijn het niet meteen brede scholen, maar wel
wordt daarvoor voldaan aan een basisvoorwaarde: leerlingen kunnen ook buiten de reguliere schooltijden en
via de school aan allerlei activiteiten deelnemen.
Het stadsdeel heeft een deel van het subsidiegeld voor cultuur gereserveerd voor cultuureducatie en zet dit
in voor het stimuleren van nieuwe ontwikkelingen. Ook scholen kunnen een aanvraag doen om met steun van
het stadsdeel een specifiek project te ontwikkelen.
Amsterdam-Centrum stimuleert graag cultuureducatieve projecten waarin de lokale overheid, culturele
instellingen, het bedrijfsleven en het onderwijs met elkaar kunnen samenwerken. Concrete resultaten
hiervan zijn de projecten Mooi Bewaard en de Vloot van Aemstel. Met de Vloot van Aemstel wil de Stichting
Waterwerk in de binnenstad een drijvende plek maken voor onder andere naschools aanbod.
Door koppelbare drijvende units met zowel binnen- als buitenruimte, kan op eenvoudige wijze en op
wisselende locaties een speel-doe-ontdekeiland samengesteld worden dat meegroeit met de behoefte van
het moment. De buitenruimte kan een strand, openluchttheater, sportveld, zwembad of timmerdorp zijn.
De binnenruimtes kunnen ingericht worden als theater, bioscoop, atelier, danszaal, relaxruimte, sporthal,
ontdekruimte en kookcafé en de faciliteiten kunnen tijdens schooltijd beschikbaar gesteld worden aan
andere gebruikers en doelgroepen.11
Andere Nederlandse gemeentes hebben het idee van de Vloot van Aemstel overgenomen als een geslaagd
voorbeeld van samenwerking tussen overheid, bedrijfsleven en onderwijs.
11 Zie www.stichtingwaterwerk.org/Vloot_van_Aemstel.html
28
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Cultuur Netwerk Binnenstad (CNB)
Na overleg tussen de beleidsambtenaren, de scholen en Mocca is in het voorjaar van 2010 een netwerk
gestart voor alle cultuurcoördinatoren van de scholen in het stadsdeel. Mocca organiseert dit netwerk
waaraan negen van de dertien scholen deelnemen. Mocca heeft aan de deelnemers van dit netwerk gevraagd
om behalve informatie uit te wisselen en ervaringen te delen, ook met elkaar en met instellingen in de buurt
samen te werken.
Mooi Bewaard
Mooi Bewaard is een pilotproject van het Allard Pierson Museum en ARCAM voor de scholen in de binnenstad.
Het project richt zich op zo’n twintig musea in de binnenstad, waarvan het gebouw vroeger een andere,
niet-museale, functie had. Hoewel er in de Amsterdamse binnenstad talloze gebouwen zijn met een andere
functie dan voorheen, is er voor musea gekozen omdat ze openbaar toegankelijk zijn. Het project is opgezet
voor leerlingen van groep 7 en 8, om hen te laten kennismaken met de binnenstad en zijn gebouwen en
hen te laten zien dat de stad vol staat met prachtige gebouwen uit verschillende periodes. Zo wordt bij
hen het gevoel versterkt dat zij als Amsterdammers mede-eigenaar en medeverantwoordelijk zijn voor
deze prachtige stad en dat zij daar emotioneel aandeelhouder van zijn. Als de oorspronkelijke functie van
gebouwen overbodig is, betekent dit immers niet dat ze moeten worden afgebroken, maar dat ze het waard
kunnen zijn om voor de stad te worden behouden. Dankzij de medewerking van Canal Company kunnen
de leerlingen vanaf de Stopera gratis met de boot naar een van de twintig musea die zijn opgenomen
in het project. Het is momenteel nog in een pilotfase en zal over een jaar worden aangeboden aan alle
Amsterdamse basisscholen.
Wat kiest de Burghtschool?
De Burghtschool heeft gekozen voor een breed aanbod aan kunstvakken en naschoolse activiteiten die
grotendeels zijn geïntegreerd in het schoolcurriculum en die zijn verbonden met vakken als aardrijkskunde,
techniek en geschiedenis. Mede dankzij aanvullende particuliere financiering van ouders beschikt de school
over een ruim budget.
“In principe is cultuureducatie voortaan gekoppeld aan het reguliere onderwijs. Zo leren kinderen
bijvoorbeeld bij aardrijkskunde over zonne-energie, en bij techniek maken ze vervolgens iets wat loopt op
zonne-energie. Of ze maken in de geschiedenisles kennis met de Romeinen, en daarna komen er ‘echte’
Romeinen uit het Archeon in de klas. Inmiddels is ons cultuureducatieprogramma volwassen geworden en
uitgegroeid tot een uitgebalanceerde doorgaande leerlijn die goed aansluit op het ‘gewone’ onderwijs”,
vertelt Monique McKenzie, ouder en ICC-er. “Er zijn vrijwel geen vakleerkrachten meer aan de school
verbonden en het programma is zo opgezet en ingekocht dat de leerkrachten deze lessen in de toekomst
zelf kunnen geven. We raadplegen vakdocenten over de inhoud, en zij komen volgend jaar 10 lessen geven in
groep 5 tot en met 8.12”
12 Zie ook http://www.obsburght.nl/kunst-en-cultuur
29
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Oud-West
De scholen
In Amsterdam Oud-West, in 2010 opgegaan in stadsdeel West, zijn zes scholen voor primair onderwijs. Eén
basisschool heeft een apart cultuureducatiebeleidsplan, drie scholen hebben hun cultuureducatiebeleid
opgenomen in hun bredeschoolplannen, en twee scholen hebben geen apart plan.
Wat kiezen de scholen in Amsterdam Oud-West?
Het cultuuraanbod op de scholen wordt gekenmerkt door de keuze voor kennismaking en verdieping van
steeds verschillende disciplines. Basisschool De Vlinderboom gaat uit van natuurlijk leren en verweeft
cultuureducatie daarom met de overige vakken. De Vlinderboom kiest ervoor veel verschillende disciplines
aan te bieden, opdat de kinderen kennis kunnen maken met zoveel mogelijk richtingen. Er wordt thematisch
gewerkt en per thema worden steeds één of twee disciplines centraal gesteld. Het Winterkoninkje is een
Montessorischool. Deze school noemt cultuureducatie niet apart in een beleidsplan, maar cultuureducatie is
er van oudsher in het onderwijsprogramma opgenomen.
Algemeen beeld van stadsdeel Oud-West
Oud-West had in 2009 ongeveer 31.000 inwoners waarvan 22% jonger dan 24 jaar. 19% van de inwoners
heeft een migrantenachtergrond. Oud-West was een van de eerste stadsdelen met een eigen cultuurscout.
De cultuurscout was werkzaam bij het project Knooppunt Oud-West. Knooppunt Oud-West was een vast
aanspreekpunt voor scholen en culturele instellingen. Het bemiddelde actief tussen scholen en culturele
instellingen en de vele zelfstandig kunstenaars in het stadsdeel. De buurt heeft eigen culturele instellingen,
zoals op het WG-terrein waar onder andere theaters, het Smart Project Space voor hedendaagse kunst, een
theaterschool, bedrijven uit de creatieve industrie, kunstenaars en ateliers zijn gevestigd. In de Kinkerbuurt
en rondom de Stadhouderskade bieden de buurthuizen naschoolse activiteiten. Het stadsdeel ondersteunt
lokale culturele festivals. In de afgelopen jaren bleken de scholen en de lokale culturele instellingen in OudWest elkaar goed te kunnen vinden.
Brede scholen
De Kinkerhoek en de Annie M.G. Schmidtschool zijn beide een brede school, waarin cultuureducatie zowel
binnen- als naschools een vast onderdeel is.
Wat kiest de Vlinderboom?
Na een periode van reorganisatie en herbezinning op het onderwijs, ontwikkelde Basisschool De
Vlinderboom, de voormalige Martin Luther Kingschool, een nieuw onderwijsplan dat gebaseerd is op de
ideeën van het natuurlijk leren. De school kiest voor het werken in clusters van acht weken en streeft
naar een doorgaande leerlijn in het cultuureducatieprogramma. Gedurende een periode van acht weken
kiest zij voor een schoolbreed thema voor cultuureducatie waarbij twee verschillende disciplines aan
bod komen. Het cultuureducatieprogramma wordt zoveel mogelijk gekoppeld aan andere vakken uit het
onderwijsprogramma. Zo besteedt de school op een evenwichtige manier aandacht aan alle disciplines
en aan de actieve, receptieve en reflectieve elementen van leren. Zij biedt de leerlingen uitdagende
cultuureducatieve activiteiten aan, waardoor zij actief, receptief en reflectief kennismaken met kunst en
cultuur en zij worden uitgedaagd om over de grenzen van het bekende heen te kijken. Zo worden kunst en
cultuur vanzelfsprekende onderdelen van het schoolprogramma voor de leerlingen en daarmee van hun
leven.
30
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Westerpark
De scholen
Het stadsdeel telt acht basisscholen. Vijf daarvan, waaronder de brede school van het stadsdeel, hebben een
cultuureducatieplan.
Wat kiezen de scholen in Westerpark?
De scholen kiezen veelal voor een breed scala aan disciplines, die zij binnen het onderwijsprogramma
aan andere vakken koppelen. Basisschool De Bron heeft zijn cultuureducatieve activiteiten bijvoorbeeld
georganiseerd rond een schoolbreed project dat de school elk jaar gedurende zes weken uitvoert met vaste
aanbieders. Alle scholen in stadsdeel Westerpark hebben een programma voor de verlengde schooldag.
Algemeen beeld van stadsdeel Westerpark
Westerpark, evenals Oud-West opgegaan in stadsdeel West, heeft zo’n 34.000 inwoners waarvan 22%
jonger is dan 24 jaar. Van de inwoners heeft 27% een migrantenachtergrond. In de afgelopen jaren heeft
het stadsdeel geïnvesteerd in samenwerking tussen het club- en buurthuiswerk en het onderwijs, wat onder
andere heeft geresulteerd in het schoolbuurtwerk. Dit schoolbuurtwerk biedt een programma van het
plaatselijke buurtwerk waarin cultuureducatieve en andere activiteiten worden ontwikkeld voor het primair
onderwijs voor zowel het binnenschoolse leren als de verlengde schooldag. Het Schoolbuurtwerk is zo
succesvol dat ook andere stadsdelen en gemeentes het hebben overgenomen.13
Brede scholen
Eén school, De Zeeheld, noemt zichzelf een brede school.
Wat kiest basisschool De Catamaran?
Basisschool De Catamaran in de Bentinckstraat heeft kunstzinnige oriëntatie centraal gesteld in wat zij
de kinderen biedt. Daarvoor zet de school methodes in zoals Moet je doen. De school werkt zowel met
leerlijnen, opdat diverse activiteiten met elkaar in verband kunnen worden gebracht, als thematisch en
projectmatig. De school wil zich van de andere scholen in de buurt onderscheiden door in het onderwijs veel
aandacht te besteden aan kunst en cultuur. Daaronder verstaat zij expressie geven aan ideeën, gevoelens en
waarnemingen in beeld, geluid, muziek, taal, spel en beweging.
13 Zie ook http://www.schoolbuurtwerk.nl
31
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Zuideramstel
De scholen
Er zijn zeventien scholen voor primair onderwijs in voormalig stadsdeel Zuideramstel en één voor speciaal
onderwijs. Tien scholen hebben een apart cultuureducatiebeleidsplan.
Wat kiezen de scholen in Zuideramstel?
De scholen in het stadsdeel zetten diverse disciplines in bij de samenstelling van hun cultuureducatieve
programma. Zij leggen het accent steeds op de zelfexpressie van het kind: het zelf doen. Een aantal
scholen werkt thematisch, waarbij zij programma’s samenstellen die tot een tastbaar product of een
voorstelling leiden. Andere scholen, zoals de Maas en Waalschool, kiezen voor leerlijnen in een aantal
disciplines.
Algemeen beeld van stadsdeel Zuideramstel
Het aantal inwoners bedraagt een totaal van 47.041 personen. Het percentage jongeren onder 24 jaar is
20,6%. Het percentage inwoners met een niet-westerse culturele achtergrond is 14%.
Het stadsdeel heeft gekozen voor een beleid waarin talentontwikkeling en de invulling van cultuureducatie in
de verlengde schooldag centraal staan. In de Rivierenbuurt en Buitenveldert, de twee buurten van stadsdeel
Zuideramstel, is daarvoor een talentmakelaar van welzijnsorganisatie Dynamo werkzaam. Zij heeft tot taak
om de vraag naar cultuureducatie van de scholen te koppelen aan passend cultuureducatief aanbod voor met
name de verlengde schooldag. Zij streeft naar aansluiting van het programma van de verlengde schooldag
op het binnenschoolse programma. De binnenschoolse activiteiten en de activiteiten tijdens de verlengde
schooldag blijven echter vaak ‘hangen’ in de eerste fase van de talentontwikkeling, die van kennismaking en
oriëntatie. Er is dan nog geen sprake van dat leerlingen zich ergens in verdiepen of dat zij zich specialiseren.
Het stadsdeel zoekt daarom naar professionele samenwerkingspartners, zoals jeugdtheaterscholen,
filmscholen, beeldende opleidingen enzovoort, die de volgende fasen van talentontwikkeling op zich kunnen
nemen. Momenteel zijn er echter nauwelijks professionele kunstinstellingen in de buurt. Instellingen buiten
de wijk bieden geen activiteiten aan in stadsdeel Zuideramstel.
Nieuwe ontwikkelingen
Er is geen zelfstandig stadsdeel Zuideramstel meer. Het is opgegaan in stadsdeel Zuid. Wellicht heeft dit
gevolgen voor de ontwikkeling van de cultuureducatieve infrastructuur, voor de indeling en taakverdeling
van de scholen en schoolbesturen, voor de geldstromen en voor de ontwikkeling van de brede scholen. Het
nieuwe stadsdeel heeft al wel aangegeven te willen vasthouden aan het beleid voor talentontwikkeling zoals
de vorige stadsdelen dat hadden opgezet.
Wat kiest Montessorischool De Stern?
Montessorischool De Stern heeft de volgende visie op cultuureducatie geformuleerd:
‘Naast basisvaardigheden zoals taal, rekenen en schrijven willen we kinderen in de gelegenheid stellen zijn
of haar talenten te ontdekken en te ontplooien. We geven dat vorm door een breed aanbod van activiteiten
zowel tijdens de schooluren als daarbuiten. Het is voor kinderen belangrijk in aanraking te komen met de
verschillende aspecten van cultuureducatie. Door het bezoeken van culturele activiteiten en instellingen, en
door lessen en activiteiten wil de school de ontwikkeling van ‘het totale kind’ stimuleren. Het motto is: Elk
kind een talent, met hoofd, hart en handen leer je kennen wie je bent.’
De visie van de school is vertaald in een cultuureducatieprogramma dat bestaat uit het afleggen van
verschillende culturele bezoeken, muzieklessen voor leerlingen en docenten, en weekvoorstellingen. In
samenwerking met de Merkelbachschool, die in het zelfde pand is gevestigd, heeft De Stern een uitgebreid
naschools programma samengesteld, dat wordt uitgevoerd door Stichting Wijsneus.
32
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
De Baarsjes
De scholen
Er zijn tien basisscholen in het voormalige stadsdeel De Baarsjes en één school voor speciaal basisonderwijs.
Daarvan hebben acht scholen een beleidsplan voor cultuureducatie.
Wat kiezen de scholen in De Baarsjes?
Ouderbetrokkenheid is een speerpunt van het beleid in De Baarsjes. Het stadsdeel stimuleert ouders om
mee te werken aan handvaardigheid en andere cultuureducatieve activiteiten. Sommige scholen nemen
de activiteiten van ouders ook daadwerkelijk op in hun cultuureducatieplan. Bij een aantal scholen staat
kennismaken met de verschillende disciplines van cultuureducatie voorop. De aandacht richt zich vaak op
erfgoed, kinderen moeten leren wat Amsterdam zoal te bieden heeft. Op veel scholen in De Baarsjes gaan
de kinderen bijvoorbeeld naar het Amsterdams Historisch Museum of zij maken onder begeleiding van een
kunstenaar een tocht met een rondvaartboot om zo kennis te maken met de stad.
Een ander doel is dat kinderen zich minder geremd en zekerder gaan voelen. Zo wordt muziek op sommige
scholen ingezet om kinderen zich te leren presenteren op een podium. Muziek heeft dan een ‘emancipatoir
doel’, naast de doelstelling om kinderen iets te leren over muziek.
Scholen zoeken binnen het cultuureducatiebeleid naar connecties met de naschoolse activiteiten. Op
een aantal scholen stelt een bredeschoolcoördinator zowel het binnenschoolse als het naschoolse
cultuurprogramma samen. Elk jaar kopen de tien basisscholen gemiddeld ongeveer 95 naschoolse
activiteiten in van acht tot tien lessen van één à anderhalf uur per week. AKROS, voorheen Stichting Welzijn
De Baarsjes, is verantwoordelijk voor de randvoorwaarden en plant deze activiteiten verspreid over het
schooljaar in. Elk jaar is er een Brede School Festival waarop de kinderen hun naschoolse activiteiten kunnen
presenteren en uitproberen. Voor kinderen met talent zijn er op verschillende scholen talentenklassen.
Algemeen beeld van het stadsdeel De Baarsjes
Het aantal inwoners in De Baarsjes is 33.636. Daarvan is 24% jonger dan 24 jaar. 34% van de inwoners
heeft een niet-westerse culturele achtergrond.
De Baarsjes stimuleert een gevoel van betrokkenheid van kinderen bij de buurt door hun te laten zien
hoe geschiedenis zichtbaar is in de eigen wijk en door hun duidelijk te maken dat alle Amsterdammers
gezamenlijk de geschiedschrijvers zijn van stad en buurt. Met de jeugdkrant GO-Baarsjes verspreidt
het stadsdeel informatie over jeugdactiviteiten in De Baarsjes op het gebied van muziek, sport,
knutselworkshops, speeltuinen, circus en clubhuisactiviteiten. De jeugdkrant GO-Baarsjes wordt huis aan huis
bezorgd. Basisscholieren krijgen de krant op school en kunnen hem mee naar huis nemen. Ook de laatste
bredeschoolnieuwtjes worden erin vermeld.
Netwerken
In overleg met de scholen en het stadsdeel organiseert Mocca netwerkbijeenkomsten voor scholen en
culturele instellingen in het netwerk West binnen de Ring.
Brede scholen
Er zijn vijf brede scholen in De Baarsjes. Ter ondersteuning van de bredeschoolontwikkelingen is een website
gemaakt en een bredeschoolloket ingesteld. Een coördinator stemt vraag en aanbod goed op elkaar af.
Er zijn in het stadsdeel geen wijkgerichte dagarrangementen meer, wel is er naschools aanbod.
Op iedere school is een schoolcoördinator die het stadsdeel voor vier uur financiert. De schoolcoördinator
verzorgt de naschoolse activiteiten en stemt vraag en aanbod op elkaar af.
In de Baarsjes werken twee talentmakelaars. Zij coördineren het naschoolse aanbod op alle basisscholen
en brengen het versnipperde activiteitenaanbod in De Baarsjes in kaart. Hun taak is om de ‘viertrapsraket’
van talentontwikkeling, het samenspel van techniek, cultuureducatie, sport en natuur, in overleg met alle
betrokkenen verder te ontwikkelen.
33
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Het stadsdeel subsidieert cultuureducatieve activiteiten en specifieke organisaties om in scholen te werken,
zoals Muziekschool Aslan. Zo wordt er in De Baarsjes met steun van het stadsdeel een kunstroute door de
buurt georganiseerd, waarin scholen een actieve rol vervullen. Kinderen lopen deze kunstroute, die voert
langs professionele beeldende kunst maar ook langs kunst in de scholen.
Juni is de kunstmaand in de Baarsjes
Voor de kunstmaand is in 2010 het project ‘Mijn-Juni-Kunstmaand’ bedacht en georganiseerd door
kunstenares Nina Rave. Kinderen uit de buurt werden opgeroepen een tekening in te leveren van een
fantasiebeest, een fantasiewereld of een fantastische droom. De winnende tekeningen werden op de
vuilniswagens van de buurt geschilderd. De vuilnismannen en straatvegers wilden geen afstand doen van de
vrolijke kunstwerken op hun wagens, evenmin als de bewoners, de ouders en natuurlijk de kinderen zelf.
Wat kiest de Rosa Boekdrukkerschool?
De Rosa Boekdrukkerschool heeft in haar beleidsplan opgenomen dat het binnenschoolse en naschoolse
aanbod op elkaar moeten zijn afgestemd. De school heeft gekozen voor disciplines en programma’s die
kinderen meer met en voor elkaar laten optreden om hun zelfvertrouwen te versterken. Samen met
muziekschool Aslan is voor de komende jaren een leerlijn muziek ontwikkeld. Na school wordt kinderen de
mogelijkheid geboden deel te nemen aan een talentenband.
Bos en Lommer
De scholen
Er zijn in voormalig stadsdeel Bos en Lommer tien basisscholen, waarvan acht scholen een plan voor
cultuureducatie hebben.
Wat kiezen de scholen in Bos en Lommer?
Het accent bij kunst- en cultuureducatie ligt in dit stadsdeel op kennismaking. De kinderen doen ervaringen
op met zingen, toneel en beeldende vorming, en een belangrijk onderdeel is ook de oriëntatie op erfgoed.
Het leren kennen van Amsterdam en het bezoeken van musea zijn vaste onderdelen van het programma.
Kinderen maken ook kennis met hun eigen omgeving. Bij het Schoolbuurtwerk bezoeken zij naast
bijvoorbeeld bakkerijen, ook kunstenaars in hun ateliers.
De keuze voor disciplines als drama en muziek wordt ingegeven door de effecten die ze teweeg kunnen
brengen op sociale vaardigheden. Een intrinsiek onderdeel van deze disciplines is immers leren samen
te werken, naar elkaar te kijken en te reflecteren op eigen prestaties. Een belangrijke reden om aan
cultuureducatie te doen is ook de taalontwikkeling die erdoor wordt gestimuleerd, wat belangrijk is voor
de veelal allochtone leerlingpopulatie van de scholen in dit voormalige stadsdeel.
Algemeen beeld van het stadsdeel Bos en Lommer
Het percentage jongeren onder 24 jaar is 33%. Het percentage inwoners met een niet-westerse culturele
achtergrond is 54%.
In het basisonderwijs maken kinderen voor het eerst kennis met cultuur. Het stadsdeel vindt cultuureducatie
van belang vanwege de samenhang tussen kunst, cultuur en samenleving.
In het kunst- en cultuurbeleid van Bos en Lommer hebben de scholen tot taak om cultuureducatie in te
zetten voor algemene ontwikkeling, talentontwikkeling, en integratie en emancipatie van kinderen. In
de optiek van het stadsdeel biedt de brede school mogelijkheden voor multifunctioneel ruimtegebruik,
waardoor de school en de omgeving worden geïntegreerd.
34
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Het stadsdeel streeft er sinds 2007 naar dat elke school in Bos en Lommer per eind 2010 een concrete
beleidsvisie Cultuureducatie heeft vastgesteld. Scholen kunnen zelf bepalen hoe en in welke mate zij
cultuureducatie een plek geven in hun programma.
Het stadsdeel erkent dat de schoolbesturen een belangrijke rol kunnen spelen in het stimuleren van
cultuureducatie en vraagt hun daarom aandacht te geven aan cultuureducatie. Omdat veel kinderen allerlei
elementen van de Nederlandse cultuur niet van huis uit meekrijgen, is dit een prioriteit voor het stadsdeel.
In vergelijking met andere Amsterdamse stadsdelen is de cultuurparticipatie in deze wijk laag. Voor
maatschappelijke integratie is cultuureducatie essentieel. Bij dit proces kunnen kunstenaars in de wijk een
rol spelen.
Het Bos en Lommerfestival heeft als doel het bevorderen van de sociale cohesie en de cultuurparticipatie
en -educatie. Samen met bewoners en maatschappelijke organisaties uit de wijk wordt het festival in de
komende jaren verder ontwikkeld.
Brede scholen
Er zijn vier brede scholen in het stadsdeel, de Al Wafa, El Amien II, de Boomgaard en de Paulusschool. Iedere
school heeft een oudercoördinator, waardoor de ouderbetrokkenheid wordt vergroot en het begrip brede
school inhoud krijgt. Er zijn vier bredeschoolcoördinatoren aangesteld en het beleid is om dit op alle scholen
in het stadsdeel te verwezenlijken.
Het stadsdeel wil de brede scholen verder ontwikkelen tot Community centra. In de beleidsvisie van Bos
en Lommer kan een brede school bijdragen aan verbreding van het bereik van culturele voorzieningen door
dienstverlening, educatie en cultuur beter op elkaar af te stemmen.
Er is een talentmakelaar aangesteld in het stadsdeel. Op verzoek van jongeren uit de Robert Scottbuurt
en hun ouders is er een nieuw tienercentrum gebouwd. Het moet een huiskamer worden waar alle
kinderen en jongeren de gelegenheid krijgen zich te ontplooien. De bedoeling is dat zij daar plezier aan
beleven en dat hun ontplooiing er los van de leerprocessen op school bijdraagt aan hun vorming en
persoonlijkheidsontwikkeling. Er komt in het centrum een talentengroep voor kinderen tussen de tien en
veertien jaar.
Wat kiest de Paulusschool?
De Paulusschool is een brede school met een uitgebreide zorg-, ouder- en welzijnscomponent. De school
heeft een cultuureducatieplan met veel aandacht voor taal en ondernemend leren en streeft ernaar het
zelfvertrouwen van kinderen te versterken. In de wijk zijn weinig clubs en verenigingen en de school wil
ouders motiveren om deel te nemen aan activiteiten op school. De school heeft samen met de Stichting
Educatieve Projecten (SEP) op basis van deze uitgangspunten een aanvraag ingediend bij Koers Nieuw
West voor een project. Als de aanvraag wordt gehonoreerd kan dit binnen- en naschoolse project, waarin
getalenteerde en gemotiveerde kinderen kunnen deelnemen aan verschillende activiteiten, worden
uitgevoerd. Een voorwaarde voor deelname is dat leerlingen hun motivatie daarvoor zowel mondeling als
schriftelijk kunnen verwoorden.
35
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Geuzenveld-Slotermeer
De scholen
Er zijn in voormalig stadsdeel Geuzenveld-Slotermeer elf basisscholen en vier S(B)O-scholen. In totaal
hebben dertien scholen een beleidsplan voor kunst en cultuur.
Wat kiezen de scholen in Geuzenveld-Slotermeer?
De scholen in Geuzenveld kiezen vaak voor programma’s en disciplines waarin taalontwikkeling en sociale
cohesie centraal staan. Zij vinden het belangrijk dat kinderen zich leren uiten en zichzelf leren presenteren.
Ook zetten zij kunst en cultuur in, om kinderen te laten reflecteren op hun eigen gedrag en dat van andere
kinderen. Hoewel deze scholen de kinderen willen laten kennismaken met de stad staan vervoerskosten
en de reistijd vaak in de weg. Scholen zijn daarom intensief op zoek naar kunst en cultuur in de wijk.
De nadruk ligt op het gezamenlijk ontwikkelen van een zo divers mogelijk naschools aanbod. Scholen
in dit stadsdeel kiezen vaak een duidelijk profiel om ouders bij de school te betrekken. Zij kunnen zich
bijvoorbeeld profileren met een techniekprogramma, maar ook met kunst en cultuur.
Algemeen beeld stadsdeel Geuzenveld-Slotermeer
Het aantal inwoners is 40.670. Het percentage jongeren onder 24 jaar is 35%. Het percentage mensen met
een niet-westerse culturele achtergrond is 58%.
Het stadsdeel wil kinderen en ouderen meer cultuurwijsheid bijbrengen en hen stimuleren actief deel te
nemen aan culturele activiteiten, om zo meer verbondenheid te brengen in het stadsdeel. Het culturele
vrijetijdsaanbod en de samenhang daarin moeten worden verbeterd, zodat talent kan groeien. Het stadsdeel
hecht veel waarde aan het cultuurhistorisch erfgoed en de ontstaansgeschiedenis van de tuinstad. Het denkt
daarmee een gedeelde trots te creëren bij de burgers. Kinderen en jongeren uit Geuzenveld-Slotermeer
kunnen zelf plannen ontwikkelen op het gebied van kunst en cultuur.
Als onderdeel van het cultuurparticipatiebeleid financiert het stadsdeel het Schatkamerproject. Het
Schatkamerproject helpt kinderen te ontdekken waar hun talenten liggen en zich daarin te ontplooien. De
naschoolse activiteiten van de Schatkamer bestaan voor 80% uit kunstzinnige en culturele activiteiten.
In samenwerking met Koers Nieuw West heeft een aantal scholen aanvragen voor extra activiteiten
ingediend. Met deze activiteiten willen ’t Koggeschip, de Timotheusschool, de Burgemeester de Vlughtschool,
de Slotermeerschool en de Goeman Borgesiusschool experimenteren met culturele activiteiten onder
schooltijd met aansluitend een naschools programma voor talentvolle kinderen.
Brede scholen
De wijk heeft een brede school, ’t Koggeschip.
Wat kiest de Goeman Borgesiusschool?
De Goeman Borgesiusschool heeft een aantal jaar geleden een cultuureducatiebeleidsplan vastgesteld.
Daarin is onder andere voor de discipline drama gekozen. De school wil zich de komende jaren tot een echte
dramaschool ontwikkelen. Daarvoor heeft hij een aanvraag gedaan bij Koers Nieuw West voor financiële
ondersteuning. De school laat de dramalessen aansluiten bij De Vreedzame School, een methode voor het
aanleren van sociale vaardigheden. Tijdens de dramalessen leren kinderen verschillende rollen te spelen
en leren zij gebeurtenissen uit hun eigen leven te verbeelden en in een dramatische vorm te gieten. Een
belangrijk doel is dat kinderen leren vertrouwen op hun eigen mogelijkheden en inbreng, en leren zich te
presenteren. De cultuurcoördinator zegt het als volgt: ‘Presenteren is immers iets dat je in de rest van je
leven heel goed kunt gebruiken.’ Ook dit leren presenteren is onderdeel van het beleid van de school. Ouders
worden steevast uitgenodigd om de tentoongestelde resultaten van culturele activiteiten te bekijken en de
school heeft een eigen zaal voor voorstellingen en uitvoeringen.
36
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Osdorp
De scholen
Het voormalige stadsdeel Osdorp telt dertien basisscholen en vier S(B)O-scholen. Vijftien scholen hebben
een plan voor kunst- en cultuureducatie.
Wat kiezen de scholen in Osdorp?
In Osdorp kunnen de scholen in drie groepen worden onderscheiden naar de afkomst van de leerlingen:
scholen met een populatie kinderen van hoogopgeleide en welvarende ouders van Nederlandse afkomst,
scholen met een gemengde populatie en scholen met uitsluitend kinderen uit migrantengezinnen. Deze
laatste scholen liggen in de armere delen van het stadsdeel. Daar is veel verloop, omdat migrantenouders
als zij de kans krijgen, ervoor kiezen om naar betere buurten te verhuizen.
De keuzes binnen het cultuureducatieve aanbod weerspiegelen de schoolpopulaties. De eerste groep
scholen kiest voor kunst en cultuur als doel op zichzelf in verschillende disciplines. Mede vanuit de
onderwijsfilosofie van de school wordt er opvallend vaak een koppeling gelegd tussen het reguliere
onderwijs en de kunstvakken. Er zijn scholen met ontwikkelingsgericht onderwijs, Daltononderwijs en
onderwijs dat uitgaat van meervoudige intelligentie. Bij deze onderwijsvormen hebben kunst en cultuur een
duidelijke plek binnen het schoolcurriculum.
De scholen met overwegend migrantenpopulaties kiezen er veelal voor cultuureducatie te verweven met
taalverwerving. Het cultuurprogramma is zo opgezet dat het vorm kan geven aan ‘iets gezamenlijks doen’
en ‘het samen beleven’. De meer gemengde scholen kiezen onder andere voor cultureel erfgoed.
Over het algemeen spelen muziek, cultureel erfgoed in de eigen buurt met aandacht voor veranderingen
daarin, en cultuureducatie als instrument voor taalverwerving een belangrijke rol in de wijk.
Dit jaar hebben drie basisscholen, de Johannesschool, de Globe en De Punt, een gezamenlijk leerorkest
opgericht. Daarmee heeft een van de doelstellingen van het stadsdeel, kunst inzetten als verbindende
kracht, een eerste aanzet gekregen.
Algemeen beeld van stadsdeel Osdorp
Het aantal inwoners in Osdorp is 47.511. Daarvan is 32% jonger dan 24 jaar. Het percentage niet-westerse
allochtonen is 44%.
In Osdorp staat de verbindende kracht van kunst centraal. Het stadsdeel vindt talentontwikkeling belangrijk
en wil dit op alle niveaus verbinden en versterken. Alle scholen hebben cultuureducatie opgenomen in hun
curriculum. Behalve als samenwerkingspartner in Koers Nieuw West heeft het stadsdeel geen grote rol in de
cultuureducatie.
Behalve Theater de Meervaart zijn er weinig professionele culturele voorzieningen in de wijk.
Onder meer om deze reden heeft Bik-Amsterdam zich in de garage Notweg gevestigd met als doel om de
kunst- en cultuureducatie in de wijk te stimuleren. Er zijn projecten met scholen uit ontstaan, maar helaas is
Bik-Amsterdam al na een half jaar weer vertrokken uit de garage Notweg.
De Talentenschool
Tijdens het bezoek van wethouder Postma aan de Talentenschool hoorde hij van de kinderen dat er te weinig
uitgaansmogelijkheden zijn in Osdorp. Hun is toen gevraagd om met ideeën te komen om dit probleem op
te lossen. De kinderen kwamen met het voorstel om een bioscooptent te plaatsen op het eilandje in de
Sloterplas. Tijdens de Open Raad op 9 februari 2010 presenteerden de kinderen van de Talentenschool
als volleerde sprekers ‘hun’ bioscoopidee aan de leden van de deelraad. De kinderen stelden zich voor en
vertelden vol zelfvertrouwen om de beurt voor de microfoon wat hun idee was voor het plaatsen van een
bioscoop in Osdorp. Aan alles hadden zij gedacht, aan beveiliging, het soort films, bezoekersaantallen,
openingstijden en zelfs aan de tijden waarop bepaalde doelgroepen naar bepaalde filmgenres mogen kijken.
37
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Brede scholen
In het veel geroemde gebouw De Kikker zijn twee scholen gevestigd, de Johannesschool en de Globe. Het
is tevens de enige brede school in het stadsdeel. Het stadsdeel hecht aan dit mooie gebouw als plek voor
kinderen, ouders en de buurt om samen activiteiten te ondernemen.
Wat kiest de Globe?
De Globe heeft de discipline muziek een belangrijke rol gegeven in zijn cultuureducatiebeleidsplan. Deze
school heeft gekozen voor een doorgaande leerlijn muziek met het accent op cultureel divers aanbod.
Om de leerlijn te realiseren werkt de school samen met Het Concertgebouw, Muziekschool Amsterdam en
Muziekschool Aslan. Met leerlingen van twee andere scholen nemen leerlingen van de Globe deel aan het
Leerorkest, dat ook is opgenomen in de leerlijn. Met financiële ondersteuning van Koers Nieuw West zal
voor de komende jaren naast de lange leerlijn de aansluiting van naschoolse op binnenschoolse activiteiten
worden gerealiseerd.
Slotervaart
De scholen
Slotervaart telt twaalf basisscholen, en zes S(B)O-scholen. Vijftien scholen hebben een beleidsplan.
Wat kiezen de scholen in Slotevaart?
De scholen in Slotervaart experimenteren veel met cultuureducatie onder schooltijd en met kunst en cultuur
in hun naschoolse programma. Er zijn veel verschillen tussen de scholen in Slotervaart, het is daarom
moeilijk ze in een paar zinnen te kenschetsen. Zij zien echter wel het belang van samenwerking: de scholen
werken samen met broedplaatsen in de buurt en kiezen voor samenwerking met een vaste groep aanbieders.
Scholen werken ook onderling samen en ontwikkelen zich tot Community centra met een verscheidenheid
aan partners. Ouderparticipatie, taalontwikkeling en kennismaking met de samenleving zijn drie
belangrijke uitgangspunten in de cultuureducatieplannen van de scholen. De disciplines waarop zij zich
richten zijn zeer divers: van film tot literatuur, van nieuwe media tot beeldende vorming. Veel scholen
doen mee aan het muziekatelier, dat door het stadsdeel wordt gefinancierd.
Algemeen beeld van stadsdeel Slotervaart
Het aantal inwoners in Slotervaart is 44.793. Het percentage jongeren onder 24 jaar is 33%. Het percentage
niet-westerse allochtonen is 43%.
Slotervaart richt zich sterk op talentontwikkeling: kinderen en jongeren worden in staat gesteld hun
talenten te ontwikkelen en deze ook te tonen. Het kunst- en cultuurbeleid is gericht op het zichtbaar
maken van het culturele kapitaal, het culturele talent en de kwaliteit van Slotervaart. Dit wordt bevorderd
door cultuureducatie binnen de scholen en door wijkgerichte arrangementen voor vrijetijdsbesteding. Het
stadsdeel is leidend bij het realiseren van de gewenste koppeling van het cultuureducatiebeleid binnen
schooltijd aan talentontwikkeling in het naschoolse programma. Het heeft een rol in de ontwikkeling van
wijkgerichte dagarrangementen en in het naschoolse vrijetijdsaanbod voor kinderen. Om deze initiatieven te
coördineren heeft het stadsdeel een talentmakelaar aangesteld.
Voor de verankering van talentontwikkeling zijn instellingen van belang die voor verdieping en doorstroom
kunnen zorgen na de eerste kennismaking met het kunst- en cultuuraanbod. Een voorbeeld daarvan is
Stichting Witte Tulp, die het stadsdeel heeft aangetrokken voor een talentontwikkelingstraject. Scholieren
van groep acht konden door buiten schooltijd deel te nemen aan dit project hun journalistieke talenten
ontwikkelen en hun taalvaardigheid en creativiteit vergroten. Zij namen interviews af en maakten verslagen
en fotoreportages in de buurt.
38
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Brede scholen
Het bezoeken van broedplaatsen en ateliers in de wijk moet in de toekomst een vast onderdeel uitmaken
van cultuureducatie op de scholen. Kinderen kunnen dan het productieproces van kunst meemaken. De
broedplaats Studio OH3 biedt kinderen zogenaamde talentstudio’s: onder begeleiding van professionele
kunstenaars werken de kinderen als stylist, fotograaf, danser of ontwerper. In het afgelopen jaar kwamen
kinderen van de St. Jan de Doperschool en de Einsteinschool naar de studio’s.
Er zijn vijf brede scholen in het stadsdeel. Het naschoolse cultuureducatieve aanbod is er volop in
ontwikkeling. Alle kinderen van de brede scholen Einstein, Ru Paré, Sint Jan de Doper en El Kadisia doen in
2010 mee aan minimaal twee naschoolse activiteiten per week. Zij kunnen kiezen uit sport, cultuur, techniek
en communicatie. Elke activiteit is bedoeld om zowel hun taalvaardigheid als hun sociale vaardigheden te
versterken. Er is een bredeschoolcoördinator aangesteld met subsidie van het stadsdeel. Deze coördinator
organiseert de activiteiten, zodat de docenten niet met deze taak worden belast. Welzijnsstichting Combiwel
probeert ouders bij de activiteiten van hun kinderen op de brede school te betrekken. Hij stimuleert hen
vooral om de presentaties van hun kinderen te bezoeken.
Wat kiest de Bisschop Huibersschool?
De Bisschop Huibersschool heeft op basis van zijn cultuureducatieplan gekozen voor kwaliteit. De school
wil de komende periode vooral de kwaliteit van de activiteiten verbeteren door de instellingen waarmee hij
gaat werken zorgvuldig te selecteren. De school plant alle belangrijke culturele activiteiten ruim van tevoren
in en koppelt ze zoveel mogelijk aan thema’s en vieringen die de school toch al organiseert. Zo krijgen de
leerlingen tijdens de Kinderboekenweek, een vast onderdeel van het onderwijsprogramma, de kans om onder
begeleiding van een tekenaar beeldverhalen te maken.
Zeeburg
De scholen
In Zeeburg zijn twintig basisscholen en één school voor speciaal onderwijs. Veertien scholen hebben een
beleidsplan voor cultuureducatie.
Wat kiezen de scholen in Zeeburg?
Zeeburg heeft drie wijken, de Indische buurt, de Oostelijke eilanden en IJburg, met elk een eigen
bevolkingsopbouw.
In Zeeburg en IJburg zijn veel nieuwe scholen. Een aantal daarvan heeft een onderwijsfilosofie: Montessori,
natuurlijk leren of ontwikkelingsgericht onderwijs. Waar mogelijk zijn kunst en cultuur daar in het
onderwijsaanbod opgenomen. Er kan worden gekozen uit een breed scala aan disciplines.
De Indische buurt heeft een meer gemengde schoolpopulatie. Kinderen van migrantenouders of van
Nederlandse ouders met een lage opleiding en een gemiddeld of laag inkomen zitten er in de klas met
kinderen uit welvarender gezinnen, al dan niet met een migrantenachtergrond. De scholen kiezen er
veelal voor om kunst en cultuur te koppelen aan thema’s of projecten die toch al plaatsvinden op
school. De seizoenen, jaarlijkse feest- en hoogtijdagen en bijvoorbeeld de Boekenweek vormen natuurlijke
aanknopingspunten. Scholen zetten de eigen leerkrachten in, bijvoorbeeld voor beeldende vorming en
muziek, maar zij gaan ook relaties aan met kunstenaars. Bij voorkeur maken zij gebruik van aanbod in de
eigen wijk.
39
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Algemeen beeld van stadsdeel Zeeburg
Het aantal inwoners in Zeeburg is 52.682. het percentage jongeren onder 24 jaar is 32%. Het percentage
niet-westerse allochtonen is 39%.
Het bevorderen van cultuureducatie op de basisscholen is een belangrijk onderdeel van het kunst- en
cultuurbeleid. Het stadsdeel wil een actieve en sturende rol spelen op dit beleidsterrein en heeft daarom
initiatieven genomen om de cultuureducatie te bevorderen, onder meer heeft het het Bertus Aafjesfonds
opgericht. Uit dit fonds is een jaarlijks bedrag beschikbaar voor subsidies.
Het stadsdeel wil basisscholen en buurtgebonden culturele instellingen gaan stimuleren samen een concreet
plan op te stellen om cultuureducatie vorm te geven. Het stadsdeel stimuleert en faciliteert het opstellen
van een plan voor binnenschoolse cultuureducatie op basisscholen en indien nodig wil het de geplande
activiteiten ook financieel ondersteunen.
Binnen de grenzen van het stadsdeel zijn instellingen die na schooltijd kunst- en cultuurlessen geven aan
basisschoolleerlingen, waaronder jeugdtheaterschool Theatraal IJburg, theater- en organisatiebureau
Kameeliejon en Pakhuis Wilhelmina, dat kunstlessen verzorgt. Het stadsdeel stelt kwaliteit en bereikbaarheid
als randvoorwaarden voor financiële ondersteuning aan instellingen.
Voor de invulling van brede talentontwikkeling werkt stadsdeel Zeeburg al weer enige jaren samen met
welzijnsorganisatie Civic Zeeburg. Civic heeft een talentmakelaar aangesteld voor de inhoudelijke invulling
van wijkgerichte activiteiten. Civic wil zoveel mogelijk kinderen bereiken met een stadspas en ook kinderen
die net niet voldoen aan de criteria voor een stadspas.
Brede scholen
Er is één brede school in Zeeburg. Daarnaast biedt een aantal basisscholen bredeschoolactiviteiten, zoals de
Olympus, Het Podium, Montessori-school Steigereiland, Willibrord en Neptunus.
‘Word een ster in Zeeburg’
Via de Civic-website ‘Word een ster in Zeeburg’ kunnen ouders hun kinderen gemakkelijk opgeven voor
activiteiten. De kinderen krijgen een pasje, dat zij iedere les in een bepaalde activiteit meenemen en laten
scannen. Via de website wordt gevolgd welke kinderen voor welke activiteiten zijn opgegeven. Voor iedere
les die zij hebben gevolgd, krijgen zij een ster en na tien sterren volgt een verrassing. Op de site staat
handige informatie voor de ouders en wordt bijgehouden hoeveel sterren een kind heeft.
Wat kiest de Laterna Magica?
Basisschool Laterna Magica heeft veel kunst en cultuur op zijn programma, maar geen beleidsplan voor
cultuureducatie. De school kiest voor contacten met in de buurt gevestigde bedrijven, culturele instellingen
en kunstenaars. Bij voorkeur kiest de school voor activiteiten die hij ‘realistisch’ noemt, zoals het beheren
van een eigen kunstuitleen. Deze kunstuitleen functioneert niet alleen voor de school maar ook voor
de buurt. De school heeft natuurlijk leren als pedagogisch en didactisch principe, waarbij hij uitgaat
van de theorieën van Howard Gardner over meervoudige intelligentie. Ook kunst en cultuur spelen een
belangrijke rol in natuurlijk leren. De kinderen verwerken lesstof individueel en volgen ook een individueel
programma. Zij krijgen individuele coaching en werken met een portfolio, waardoor zij mede-eigenaar
zijn van het onderwijs en het leerproces. Laterna Magica biedt de kinderen een rijke leeromgeving en de
ouders voelen zich betrokken bij de school. Zij zijn lid van de schoolstichting en geven mede vorm aan het
cultuurprogramma.
40
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Stadsdeel Zuidoost
De scholen
Stadsdeel Zuidoost telt 29 basisscholen, 2 scholen voor speciaal basisonderwijs, 2 scholen voor speciaal
onderwijs, 3 scholen voor voortgezet onderwijs, 1 school voor praktijkonderwijs en 1 school voor voortgezet
speciaal onderwijs. 23 basisscholen hebben een beleidsplan voor cultuureducatie.
Wat kiezen de scholen in Zuidoost?
Op vrijwel alle scholen waar een plan is opgesteld, is ook een cultuurcoördinator. De scholen vinden
het belangrijk dat kinderen met verschillende kunstuitingen in aanraking komen. Als belangrijk doel van
cultuureducatie noemen zij vaak het leren kennen en waarderen van de eigen en andermans cultuur. Zij
leggen het accent vaak op beeldende vorming, drama, muziek, cultureel erfgoed en in mindere mate op
dans. Zij koppelen cultuureducatie aan taal, met name leggen zij deze verbinding in drama. De scholen
zoeken naar thema’s waarop zij cultuureducatie kunnen laten aansluiten, zowel in taal als in de zaakvakken.
Bij de invulling van het cultuureducatieprogramma kiezen zij voor buurtprojecten en culturele instellingen in
het stadsdeel. Voor beeldende vorming maken de veertien scholen onder schoolbestuur Sirius gebruik van
twee bovenschoolse docenten beeldende vorming. Daarnaast hebben vier scholen nog een vakleerkracht
beeldende vorming14.
Algemeen beeld van stadsdeel Zuidoost
Stadsdeel Zuidoost heeft inmiddels ruim 80.000 inwoners, waarvan 34% jonger is dan 24 jaar. 64% van het
totale aantal inwoners heeft een niet-westerse culturele achtergrond.
In het schooljaar 2008-2009 is het stadsdeel op alle basisscholen begonnen met een traject voor
kwaliteitsverbetering. Er wordt niet alleen gewerkt aan verbetering van de taal- en rekenpresentaties van
de kinderen, ook is er veel aandacht voor de competenties van de leerkrachten. Door dit traject is er minder
tijd voor cultuureducatie en soms ook voor de zaakvakken. De scholen bezoeken minder vaak voorstellingen
en musea, en op het lesrooster krijgt cultuureducatie soms alleen nog een plek in het schoolbrede project.
Het stadsdeel heeft de regie over de aanpak van cultuureducatie. Het heeft de samenwerking
tussen culturele instellingen in het stadsdeel sterk bevorderd, waaruit twee belangrijke resultaten
zijn voortgekomen. Er is een gezamenlijk programma-aanbod voor cultuureducatie gekomen van
zowel onderschoolse als naschoolse activiteiten, dat in april in het nieuwe Bijlmer Parktheater werd
gepresenteerd. Een tweede belangrijk resultaat is het project Straat van Sculpturen Junior. Culturele
instellingen hebben daarvoor lessen voor de basisscholen ontwikkeld met ruimte als thema.
Daarnaast is het stadsdeel verantwoordelijk voor een efficiënte inzet van de middelen en het maken van
afspraken met instellingen om de continuïteit en kwaliteit van de cultuureducatie te waarborgen.
Zoals beschreven in de beleidsnotitie cultuureducatie is het stadsdeel in het afgelopen jaar verder gegaan
met de verankering van cultuureducatie in de scholen.15 In 2009 heeft het stadsdeel van het Amsterdams
Fonds voor de Kunst een projectsubsidie gekregen voor onder meer de aanpak van cultuureducatie.
Leerlingen in het voortgezet onderwijs hebben ontwerpen gemaakt voor kunst in de openbare ruimte. Een
aantal van deze ontwerpen is vanaf juli 2010 in het groot te zien als tijdelijke tentoonstelling Straat van
Sculpturen Junior. Dit project vormt de start van het nieuw op te richten Coördinatiepunt Cultuureducatie
Zuidoost, dat een schakelpunt moet worden tussen het onderwijs en culturele instellingen bij de
implementatie van cultuureducatie. Voor de invulling van de werkzaamheden van het coördinatiepunt gaat
het stadsdeel samenwerken met Projectbureau Primair Onderwijs Zuidoost, schoolbesturen, scholen en
Mocca.
14 Het aantal uren (fte’s) van de vakleerkrachten op de scholen verschilt zeer.
15 Beleidsnotitie cultuureducatie 2008-2011 Van beleid naar praktijk; stadsdeel zuidoost sector
Maatschappelijke Ontwikkeling sept 2008
41
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Nieuwe voorzieningen
In oktober 2009 heeft het Bijlmer Parktheater zijn deuren geopend. De zaal beschikt over een theateren een circusopstelling. Het Bijlmer Parktheater biedt betaalbare voorstellingen voor jong en oud.
Daarnaast zijn er drie studio’s die overdag worden gebruikt voor theater-, circus- en danslessen voor
kinderen en jongeren. De vaste bespelers zijn de initiatiefnemers: Krater Theater, Circus Elleboog, de
Jeugdtheaterschool Zuidoost en de Theaterwerkplaats. Ook de 5 O’Clock Class van de Hogeschool voor de
Kunsten is er als vaste huurder ingetrokken.
Het Centrum Beeldende Kunst Zuidoost is in april 2010 verhuisd naar een nieuw pand naast het
stadsdeelkantoor. Op deze locatie is meer ruimte om de kunstuitleen en tentoonstellingen goed tot hun
recht te laten komen.
Brede scholen
In Zuidoost zijn tien clusters waarbinnen drie tot vijf scholen samenwerken aan een wijkgericht naschools
aanbod. De organisatie en coördinatie zijn in handen van het Projectenbureau Primair Onderwijs Zuidoost.
Drie talentmakelaars/bredeschool-clustercoördinatoren onderhouden de contacten met aanbieders en
bewaken de diversiteit en de kwaliteit van het aanbod. Op iedere school is een bredeschoolcoördinator
aanspreekpunt voor ouders en kinderen. Samen met de andere scholen en de clustercoördinator stellen zij
het programma samen. De cultuurprogramma’s onderschools en naschools staan vaak nog los van elkaar.
De volgende stap is de verbinding van de cultuurprogramma’s.
In april is de website Brede School Zuidoost gelanceerd,16 waarop kinderen en ouders kunnen zien welk
naschools programma hun school biedt en waarop zij zich online kunnen inschrijven. Het programma
biedt activiteiten aan binnen de vier talentgebieden sport, kunst en cultuur, science, en media. Het doel
is om zoveel mogelijk kinderen met zoveel mogelijk activiteiten te laten kennismaken én hen deze te
laten beleven. Voor kinderen die zich na een activiteit verder ontwikkelen wordt gekeken naar mogelijke
vervolgactiviteiten.
Geldstromen
Het stadsdeel betaalt mee aan consensusvoorzieningen als Kunstschooldag, aan de Kunstkijkuren kan steeds
een deel van de scholen deelnemen, en het stadsdeel betaalt mee aan muziekonderwijs. Verder subsidieert
het stadsdeel de meeste culturele instellingen binnen het stadsdeel.
Netwerken
Mocca organiseerde netwerkbijeenkomsten voor de cultuurcoördinatoren van de basisscholen, waarin
onder andere werd gesproken over het vinden van passend aanbod en het enthousiasmeren van het team.
Bij iedere bijeenkomst vertelt een van de scholen hoe hij de cultuureducatie op zijn school vormgeeft.
Komend jaar gaat Mocca onderzoeken of het mogelijk is om ook het voortgezet onderwijs bij dit netwerk
te betrekken. Over de brede school is er overleg tussen de bredeschoolcoördinatoren, aanbieders en de
clustercoördinatoren.
Wat kiest basisschool Het Gein?
Het Gein heeft een lange traditie in beeldende vorming en schoolbrede projecten. Lange tijd werd er ad hoc
voor bepaalde cultuureducatieve activiteiten gekozen en stonden deze los van het reguliere programma. In
zijn huidige meerjarenplan voor cultuureducatie heeft Het Gein echter gekozen voor een doorgaande lijn,
waarin de school rekening houdt met het ontwikkelingsgerichte onderwijs in de onderbouw en het accent
op zelfstandig werken dat hij legt in de bovenbouw. Uitgangspunt is dat er gebruik wordt gemaakt van de
talenten en mogelijkheden van ieder kind. Cultuur is bij Het Gein daarom geen losstaand vakgebied maar een
geïntegreerd onderdeel van het gehele onderwijsprogramma. Ieder schooljaar wordt er gekozen voor een
centraal thema, dat de leerkrachten gedurende het jaar laten aansluiten bij de taalthema’s en zaakvakken.
16 www.bredeschoolzuidoost.nl
42
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Het Gein werkt zoveel mogelijk met vaste culturele partners die kunnen aansluiten bij het centrale thema.
De school heeft afspraken gemaakt om de kunstdisciplines en culturele activiteiten binnen en buiten de
school evenwichtig over alle acht leerjaren te verdelen. Daarnaast zijn er jaarlijks terugkerende activiteiten:
de consensusvoorziening muziek, een bezoek aan de Hermitage, de Kunstkijkuren, de Kunstschooldag en
het project Verteltassen. Verder wordt er eens in de twee jaar een voorstelling bezocht in De Krakeling
en ook komt er eens in de twee jaar een docent drama. Een vakleerkracht beeldende vorming is tevens
cultuurcoördinator en een groepsleerkracht is gedeeltelijk ook als docent drama werkzaam.
Dit jaar heeft als thema ‘Samen snoepen van cultuur?’ De leerlingen van Het Gein onderzochten eten
en drinken in veel verschillende culturen en in andere tijden. Zij bezochten theatervoorstellingen,
fotografeerden hun lievelingseten en ervoeren wat eten en drinken in de joodse cultuur betekent. Het
project zal worden afgesloten met een presentatie waarbij de school in een klein museum verandert. De
cultuurcoördinator heeft voor dit project een weblog aangemaakt waarmee het project te volgen is.17
‘Straat van Sculpturen Junior’, CBK Zuidoost
17 http://samensnoepenvancultuur.wordpress.com
43
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Stadsdeel Oud-Zuid
De scholen
Stadsdeel Zuid telt 21 basisscholen, 3 scholen voor speciaal basisonderwijs, 2 scholen voor speciaal
onderwijs. Twintig scholen hebben een beleidsplan voor cultuureducatie.
Wat kiezen de scholen in Oud-Zuid?
Veel scholen streven er in hun plannen naar om in acht jaar tot een programma te komen waarin alle
verschillende vormen van cultuureducatie aan bod komen. Eventuele accenten leggen zij op beeldende
vorming, muziek, drama en cultureel erfgoed. In stadsdeel Oud-Zuid werken veel vakleerkrachten, met
name in beeldende vorming. Vijftien scholen hebben een vakleerkracht beeldende vorming, op twee scholen
werkt de docent beeldende vorming ook als groepsleerkracht.18 Op twintig scholen is een cultuurcoördinator.
De vele vakdocenten kiezen meestal voor kunst als doel op zichzelf, niet vaak voor kunst als middel. Zij zijn
gericht op het kunstzinnige en zien het als hun taak kinderen daarin te scholen. Die gerichtheid is terug te
zien in hun keuzes in de cultuureducatieprogramma’s.
Algemeen beeld van stadsdeel Oud-Zuid
Het stadsdeel telt ruim 132.000 inwoners, bijna 23 % van hen is jonger dan 24 jaar, 17% van de inwoners
heeft een niet-westerse culturele achtergrond.
In de afgelopen twee jaar heeft het stadsdeel een nieuwe visie op kunst en cultuur geformuleerd. Met de
herindeling van de stadsdelen in het zicht is gekozen voor een nieuwe vorm in het nieuwe stadsdeel Zuid. In
de nota Podium Zuid: Kunst- en cultuurvisie 2010-202019 wordt die visie op kunst- en cultuur, en dus ook op
cultuureducatie, beschreven. Het stadsdeel wil meer samenwerken met interne en externe partners. Voor de
totstandkoming van de visie is het daarom begonnen gesprekken te voeren met zestig vertegenwoordigers
uit het culturele veld. Het stadsdeel zal in de komende jaren een leidende rol op zich nemen.
Voor cultuureducatie zijn voor het basis- en voortgezet onderwijs een groot aantal doelen gesteld, waarin
de persoonlijke ontwikkeling en sociale competenties centraal staan. Daaronder valt het ontwikkelen
van zelfvertrouwen door actieve kunstbeoefening, het leren genieten van kunst en het erkennen van de
inhoudelijke waarde van kunst en cultuur, het krijgen van zicht op de onderliggende waarden van onze
samenleving en de dilemma’s die daarmee zijn verbonden, het verwerven van kennis van ons erfgoed en van
trots op de school- en woonomgeving, het reflecteren op het leven door verbeelding, beroepsoriëntatie,
overdracht van maatschappelijke en culturele verworvenheden, het leggen van contacten met andere
kinderen van verschillende achtergronden, en het leggen van de verbinding tussen school en buurt.
De voornaamste doelen zijn professionalisering, samenwerking en koppeling van cultuureducatie aan
talentontwikkeling. Om deze doelen te realiseren wil het stadsdeel ervoor zorgdragen dat de culturele
instellingen en het onderwijs meer gaan samenwerken. Het stadsdeel vraagt de scholen om meer
gebruik te maken van de culturele infrastructuur in de directe omgeving van de school. Er is veel in Zuid:
cultuurhistorie en erfgoed, kunstinstellingen, kunstopleidingen, galerieroutes, kunstenaars, broedplaatsen,
artists in residence, en bekende schrijvers en schilders die in de buurt hebben gewoond.
Tot 1 mei 2010 had stadsdeel Oud-Zuid een cultuurbemiddelaar die kunstenaars en creatief ondernemers
ondersteunde bij het opzetten van kunstprojecten en culturele initiatieven. Het nieuwe stadsdeel Zuid biedt
deze dienst niet meer aan.
18Het aantal uren (fte’s) dat de vakleerkrachten op de scholen werkzaam zijn is zeer verschillend
19Podium Zuid; kunst- en cultuurvisie 2010-2020 stadsdeel Zuid; februari 2010
44
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Brede scholen
Stadsdeel Zuid ziet in de brede school een belangrijk middel om een samenhangend onderwijs- en
jeugdbeleid te realiseren. In de wijkgerichte aanpak werken verschillende scholen samen met
welzijnsorganisatie Combiwel. Het programma Een leuke schooldag biedt kinderen op verschillende scholen
gelegenheid om deel te nemen aan sport-, kunst- en natuuractiviteiten. Het wordt gecoördineerd door drie
talentmakelaars. Naast het organiseren van activiteiten is hun taak erop gericht verschillende partijen in
een wijk te verbinden met het onderwijs. Het uiteindelijke doel is dat geïnteresseerde kinderen gebruik gaan
maken van het reguliere aanbod in de wijk.
In het voorjaar van 2010 heeft Brede School Bockesprong haar deuren geopend. Behalve aan de basisscholen
De Notenkraker en De Nautilus (voorheen de Willem van Boeijenschool) biedt het complex onderdak aan een
Ouder-Kind-Centrum en een logopediepraktijk en is het een locatie van welzijnsstichting en kinderopvang
Combiwel. Voor de opening hebben een kunstenaar en kinderen van beide scholen het Tegelproject
uitgevoerd, waarvoor de kinderen gezamenlijk hebben gewerkt aan portretten van zichzelf en de tegels
vervolgens zijn samengevoegd tot een geheel waardoor er nieuwe gezichten zijn ontstaan. Het kunstwerk
hangt in de hal van het nieuwe gebouw.
Netwerken
Stadsdeel Oud-Zuid organiseerde jaarlijks een netwerkbijeenkomst voor culturele instellingen. Afgelopen
jaar heeft het nieuwe stadsdeel Zuid deze bijeenkomst georganiseerd. Zij stond in het teken van de nieuw
te ontwikkelen visie op kunst en cultuur. Stadsdeel Zuid wil jaarlijks een netwerkbijeenkomst voor alle
betrokken partners op het gebied van cultuureducatie organiseren.
Mocca organiseerde voor het tweede achtereenvolgende jaar bijeenkomsten voor cultuurcoördinatoren in
Oud-Zuid. Daarbij kwamen ervaringen aan de orde van scholen met de kunstdiscipline audiovisueel, vond een
uitwisseling plaats over de opzet en invulling van eindmusicals, en werd gesproken over ontwikkelingen op
landelijk-, stedelijk- en stadsdeelniveau.
Wat kiest de Nicolaas Maesschool?
De Nicolaas Maesschool voert zijn beleidsplan gestructureerd uit. Aanvankelijk was er slechts een
ad-hocprogramma. Met steun van de cultuurcommissie heeft de gecertificeerde cultuurcoördinator dit
programma inmiddels omgebogen naar een gestructureerd programma. De keuzes van de school zijn
gericht op een brede kennismaking met cultuureducatie door de kinderen van groep 1 tot en met 8. De
school vindt het belangrijk dat kinderen naast creatieve vaardigheden ook begrip en respect ontwikkelen
voor ideeën en mensen om zich heen. In het beleidsplan wordt eerst de discipline cultureel erfgoed
uitgewerkt. De allerkleinsten gaan in de buurt een met de cultuurcommissie ontwikkelde buurtwandeling
maken. De kinderen in de middenbouw gaan dieper in op wat er in het stadsdeel is te zien. Uiteindelijk
verlaten de leerlingen in de bovenbouw het stadsdeel om in het kader van het project Welkom in mijn
Wijk een uitwisseling aan te gaan met een andere school om Amsterdam in de breedte te leren kennen.
Als deze doorgaande lijn eenmaal in het cultuureducatieprogramma van de school is verankerd, richt
de cultuurcommissie zich op de volgende stap: de rol van het creatieve proces in de verschillende
cultuuractiviteiten en het opzetten van een portfolio.
45
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Oost-Watergraafsmeer
De scholen
Het voormalige stadsdeel Oost-Watergraafsmeer telt veertien basisscholen, één school voor speciaal
basisonderwijs, één school voor speciaal onderwijs, zeven scholen voor voortgezet onderwijs en twee
scholen voor praktijkonderwijs. Dertien basisscholen hebben een beleidsplan cultuureducatie.
Wat kiezen de scholen in Oost-Watergraafsmeer?
Door de diversiteit van de verschillende wijken zetten de scholen cultuureducatie op verschillende manieren
in. Op scholen met kinderen met veel leerachterstanden staat een brede kennismaking met cultuureducatie
voorop. Deze scholen proberen taal en cultuureducatie met elkaar te verbinden. Daarnaast kiezen zij voor
de disciplines muziek, drama en dans. Op relatief veel scholen, tien in totaal, is een vakleerkracht voor
beeldende vorming. Het aanstellen van een cultuurcoördinator is onderdeel van het beleid. Op veertien
scholen zijn één of meer cultuurcoördinatoren aangesteld, van wie het merendeel is gecertificeerd. Alle
scholen maken bij voorkeur gebruik van de lokale culturele voorzieningen en instellingen.
Algemeen beeld stadsdeel Oost-Watergraafsmeer
Stadsdeel Oost-Watergraafsmeer heeft een groeiend aantal inwoners. Van de ruim 112.000 inwoners is meer
dan 30% jonger dan 24 jaar. Bijna 35% van het totale aantal inwoners heeft een niet westerse culturele
achtergrond.
Sinds 2009 heeft het stadsdeel talentontwikkeling en de brede school als uitgangspunten voor zijn
cultuureducatiebeleid. Het stadsdeel is begonnen met de uitvoering van zijn beleid in de achterstandswijken.
In samenspraak met Mocca heeft het stadsdeel scholen aangeboden om één teamlid op kosten van het
stadsdeel de scholing voor intern cultuurcoördinator te laten volgen. Volgend schooljaar heeft meer dan de
helft van de scholen daardoor een gecertificeerde ICC-er.
Het stadsdeel wil vooral de kwaliteit van de cultuureducatie in het stadsdeel stimuleren. Het wil ruimte
bieden aan scholen bij de bevordering van de kwaliteit van de cultuureducatie en bij de structurele
uitwisseling van expertise met culturele instellingen.
Ter bevordering van de cultuurparticipatie van kinderen en ouders wil het stadsdeel ook stimuleren dat
cultuuraanbieders hun aanbod afstemmen op de scholen en wil het de ontwikkeling van stadsdeelgerichte
projecten stimuleren. Kunst en cultuur zijn onderdeel van de ketenafspraken voor wijkgerichte
dagarrangementen. Het stadsdeel neemt een actieve rol op zich, onder andere met het Fondsenboek
Oost waarmee het bewoners en scholen de weg wijst naar fondsen die investeren in de samenleving. Het
fondsenboek is te vinden op de website van het stadsdeel.
Nieuwe voorzieningen
CBK Amsterdam is sinds vorig jaar gehuisvest in een voormalige tramremise, naast het nieuwe
stadsdeelkantoor Oost en kunstmagneetschool De Kraal.
Brede scholen
De brede school De Kraal is de enige brede school in het stadsdeel. Onlangs is besloten om een tweede te
bouwen. Daltonschool de Meer zal samen met een buitenschoolse opvang, een peuterspeelzaal en de tweede
locatie van het Muziekatelier een multifunctioneel gebouw betrekken.
46
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
De Talententent
Het stadsdeel is al langere tijd bezig met wijkgerichte naschoolse aanpak. Het programma de Talententent
geeft kinderen de mogelijkheid te ontdekken waar zij goed in zijn en zich hierin te bekwamen. De organisatie
is in handen van drie talentmakelaars die werkzaam zijn bij welzijnsorganisatie Dynamo. Zij vragen aan
scholen aan welk aanbod zij behoefte hebben en gaan binnen de wijk op zoek naar culturele instellingen.
De Talententent draagt bij aan het ontwikkelen van persoonlijke identiteit en doorzettingsvermogen. Haar
activiteiten zijn gericht op verschillende talentgroepen. Als er geen passend aanbod in de buurt is, proberen
de talentmakelaars het te realiseren. De uiteindelijke bedoeling is dat alle kinderen in het stadsdeel
kunnen kiezen uit een breed aanbod, ook als zij meedoen aan activiteiten van de verlengde schooldag of
de buitenschoolse opvang en ook als zij het buurthuis bezoeken. Het stadsdeel streeft ernaar dat in 2011
alle scholen kunnen meedoen aan de wijkgerichte programma’s. Buurten met kansarme kinderen hebben
prioriteit.
Sinds kort kunnen ouders meedoen aan een parallel programma.
Kinderen volgen de cursus Versieren met verf, en tegelijkertijd leren de ouders basistechnieken van het
decoreren en hoe zij samen met hun kinderen thuis met verf aan de slag kunnen.
© www.deweekkrant.nl
Een bijzonder buurtproject dat werd georganiseerd is het Transvaaltapijt. Met kinderen uit de Transvaalbuurt
werd een persoonlijke kaart van de buurt gemaakt met de verhalen van de kinderen. De verhalen worden
verbeeld in banieren en digitaal bewerkte foto’s.
Buurtproject het Transvaaltapijt
47
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Netwerken
Het stadsdeel organiseert jaarlijks tweemaal een netwerkbijeenkomst voor cultuurcoördinatoren. Een
stuurgroep bestaande uit scholen, culturele instellingen, welzijnsorganisatie Dynamo, Mocca en het
stadsdeel bereiden deze bijeenkomsten voor.
Wat kiest basisschool Frankendael?
Basisschool Frankendael heeft een aantal jaren geleden haar koers gewijzigd. De school heeft na
daarvoor te hebben samengewerkt met Mocca en na een ICC-cursus te hebben gevolgd, een beleidsplan
cultuureducatie gemaakt. Daarbij heeft zij er nadrukkelijk voor gekozen om niet alleen de leervakken
aan bod te laten komen, maar ook aandacht te besteden aan de ontwikkeling van praktische en sportieve
vaardigheden, creatieve ontplooiing en respect voor elkaar en de natuur.20 Deze extra’s komen terug in
het zogenaamde Pluspakket: structureel extra leerlijnen voor vier vakgebieden. Een van de vakgebieden
is creatieve vorming. Cultuureducatie is onderdeel van het reguliere schoolprogramma. De leerkrachten
realiseren met de methode Moet je doen de lessen beeldende vorming en muziek. In het Pluspakket staat
in het kader van creatieve vorming ieder jaar een andere discipline centraal. Volgend jaar is dat cultureel
erfgoed. De groepen bezoeken instellingen en op school wordt in samenwerking met culturele instellingen
of met kunstenaars ook aandacht besteed aan cultureel erfgoed. Zo is er voor de komende jaren ook voor
techniek een aantal thema’s vastgelegd. Door een thema te koppelen aan het reguliere programma is er
voor kinderen meer samenhang. Waar mogelijk zal cultuureducatie in dit extra pakket aan techniek worden
gekoppeld. Als voor drama bijvoorbeeld een theatervoorstelling wordt bezocht, kan bij techniek in het
kader van het thema elektriciteit een kijkje achter de coulissen worden genomen en een project worden
uitgevoerd rondom een bewegend decor.
Samenvatting
De stadsdeelbesturen nemen een steeds actievere rol in cultuureducatie en cultuurparticipatie, zowel
beleidsmatig als door financiering van uren van cultuurcoördinatoren en culturele activiteiten. De nieuwe
indeling van de stadsdelen heeft daar een gunstige invloed op.
Nieuwe ontwikkelingen zijn onder andere de projecten Mooi Bewaard en de Vloot van Aemstel. Beide
zijn voorbeelden van samenwerking tussen de lokale overheid, culturele instellingen, het bedrijfsleven
en het onderwijs. Netwerken per stadsdeel nemen toe en Mocca speelt daarin een verbindende rol. De
populatie van de scholen verschilt per wijk en per stadsdeel en die verschillen worden weerspiegeld in de
keuzes voor disciplines en speerpunten in cultuureducatieprogramma’s. Talentontwikkeling, buurtgericht
werken, kennismaken met de Nederlandse cultuur en taalverwerving zijn belangrijke thema’s binnen de
cultuureducatiebeleidsplannen. De keuzes voor disciplines zijn heel divers. Scholen kiezen dikwijls voor een
breed scala aan activiteiten, waarbij muziek, drama, erfgoed, letteren en beeldende vorming vaak worden
genoemd.
20 Uit: Onze school als basis voor de toekomst; basisschool Frankendael (AMOS). Jaartal niet bekend
48
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
7. Koers Nieuw West
Inleiding
Koers Nieuw West (KNW) heeft zich ten doel gesteld om binnen tien jaar de maatschappelijke positie
van alle inwoners van Nieuw-West op een Normaal Amsterdams Peil te brengen, dat wil zeggen op het
sociaaleconomische niveau van de gemiddelde inwoner van Amsterdam.
Meesterplan Onderwijs Nieuw-West
Kunst- en cultuureducatie is opgenomen in het zogenaamde Meesterplan Onderwijs Nieuw-West. In dit plan
is het streven neergelegd om van alle scholen in Nieuw-West krachtige en slagvaardige scholen te maken.
Uit de toelichting die scholen geven als zij zich opgeven voor het Meesterplan, blijkt dat zij een rol zien
weggelegd voor kunst- en cultuureducatie. 27 van de 40 basisscholen willen er aandacht aan besteden.
Scholen willen kunst- en cultuureducatie meer inhoud geven, maar zij denken ook dat zij zich ermee kunnen
profileren en er ouders mee kunnen betrekken bij de school.
Totaalprogramma 2010-2011
Voor het schooljaar 2010-2011 is een totaalprogramma samengesteld voor alle scholen in het primair
onderwijs in Amsterdam Nieuw-West. Dit programma bestaat uit in totaal twaalf onderdelen die allemaal
zijn gericht op kwaliteitsverbetering, het verminderen van leerachterstanden en het vergroten van
ontwikkelingsmogelijkheden. Er worden programma’s aangeboden aan leerlingen, directies en leerkrachten.
Een onderdeel is onderwijstijdverlenging (OTV), waarbij kinderen een jaar lang een keer per week na
schooltijd extra lessen krijgen, onder meer in cultuur. Ook de Zomerschool is onderdeel van het masterplan.
Het programma Kunst- en Cultuureducatie (KCE) van KNW
Vanaf juli 2007 tot en met december 2010 wordt het programma Kunst- en Cultuureducatie van KNW
uitgevoerd. Het richt zich op het ontwikkelen van sterke netwerken en samenwerkingsrelaties tussen de
scholen in Nieuw-West en culturele instellingen en kunstenaars. Deze samenwerkingen hebben tot doel
alle kinderen in Nieuw-West blijvend in contact te laten komen met goede, inspirerende en vernieuwende
trajecten op het gebied van kunst- en cultuureducatie. De trajecten vinden zowel onder als na de reguliere
schooltijd plaats en zijn geïntegreerd in het curriculum van de school.
49
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
KCE: een kopprogramma
Het programma Kunst- en Cultuureducatie is een kopprogramma, het is tijdelijk en aanvullend van
aard. Behalve op kunst als opzichzelfstaande waarde, richt het zich ook op kunst die bijdraagt aan
onderwijskundige doelen, zoals de taalontwikkeling van leerlingen. Het kopprogramma gaat uit van wat al
in gang is gezet of ontwikkeld, zowel binnen scholen als in het culturele veld. Dat is het uitgangspunt voor
initiatieven voor het ontwikkelen, uitvoeren en duurzaam borgen van kunst- en cultuureducatie. De ‘kop’
heeft betrekking op het stimuleren en ondersteunen van de kunst- en cultuureducatie vanuit bestaande en
nieuwe initiatieven rond de volgende inhoudelijke focuslijnen:
- cultuureducatie koppelen aan taal en rekenen;
- versterking binnen- en buitenschoolse culturele activiteiten;
- het ontwikkelen van lange leerlijnen voor cultuureducatie.
Beleid en de vraag van de scholen leidend
In de praktijk zijn het beleid en de vraag van de individuele scholen leidend, er worden geen standaard
activiteiten voor alle scholen gezamenlijk ontwikkeld. Scholen kunnen samen met een culturele organisatie
een voorstel indienen dat aansluit bij hun beleid. In samenwerking met KNW begeleidt Mocca dit proces bij
de scholen. KNW beoordeelt de plannen en subsidieert eventueel de uitvoering met maximaal € 10.000.
Het afgelopen jaar hebben elf scholen een subsidieaanvraag ingediend en zijn zestien projecten gestart,
waaronder Het Leerorkest op De Globe, de Johannesschool en De Punt. De Timotheusschool, de Paulusschool
en de Sint Jan de Doperschool doen mee aan de Talentenkaravaan van de Stichting Educatieve Projecten
(SEP). Naar verwachting zullen eind dit jaar ongeveer twintig aanvragen van scholen zijn gehonoreerd.
© Jean-Pierre Jans
Samenwerking Mocca en KNW in netwerken
Het afgelopen jaar is een aantal netwerkbijeenkomsten voor scholen en culturele instellingen georganiseerd
in steeds wisselende delen van de wijken.
Leerlingen van de Zomerschool bezoeken een museum
50
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
8. Trends in het basisonderwijs
Inleiding
De cultuureducatieve programma’s van Amsterdamse scholen zijn net zo divers als de populatie van de stad
is. Er is daarom niet echt een lijn te ontdekken in de keuzes die scholen maken, behalve de toename van
samenwerkingen met zelfstandige kunstenaars en kleine culturele instellingen voor actieve kunstbeleving
in de school. Wat zich wel steeds duidelijker aftekent is de rol die cultuureducatie heeft bij het stimuleren
van leerlingen om hun woordenschat te vergroten, een connectie met de buurt van de school aan te gaan, of
om hun zelfbeeld positief te beïnvloeden. Scholen ervaren dat alleen maar hameren op betere resultaten in
de zakenvakken niet tot betere leerprestaties leidt. De inzet van cultuureducatie in samenhang met andere
vakken leidt tot een prettiger schoolklimaat en kan tot betere leerprestaties leiden. Onderstaand enkele
voorbeelden van de keuzes die scholen maken.
Aantallen leerlingen in het basisonderwijs
In het basisonderwijs zijn volgens de telling van het CBS in 2008-2009 een totaal van 57.700 leerlingen. Het
speciaal basisonderwijs heeft in totaal 1.500 leerlingen. Het speciale onderwijs heeft een aantal van 3.600
leerlingen.
De Zomerschool: leerachterstanden en kunst en cultuur
De Zomerschool is gericht op kinderen uit groep 7 van wie, om welke reden dan ook, de toetsuitslagen lager
zijn dan de leerkracht had verwacht. Er nemen bijna zeventig kinderen deel van vijftien scholen in stadsdeel
Nieuw-West.
Met de Zomerschool wordt een kind de kans geboden om goed voorbereid naar groep 8 te gaan. Tijdens de
Zomerschool krijgen de kinderen een gevarieerd lesprogramma, waarin de nadruk ligt op taal. ‘s Ochtends
krijgen zij les in taal en rekenen en ‘s middags staan er boeiende en uitdagende activiteiten op het gebied
van sport, en kunst en cultuur op het programma.
De Academie voor Beeldende Vorming verzorgt de twee weken van het culturele programma, waarin
zij samenwerkt met het Pratt Institute uit New York en met docenten kunsteducatie. Onder leiding van
docenten kunsteducatie biedt een aantal studenten van de beide instituten een programma aan. De kinderen
gaan op onderzoek uit en in workshops leren zij werken met verschillende materialen en technieken, onder
andere in animatie, keramiek, grafiek en theater. Ook bezoeken zij musea, waaronder het Amsterdams
Historisch Museum en het Rembrandthuis.
De Zomerschool wordt georganiseerd door Koers Nieuw West, als onderdeel van het Meesterplan Onderwijs
Nieuw-West.
Muziek en taalachterstanden
Aslan Muziekcentrum heeft de Muziek Talent Express ontwikkeld, een doorlopende leerlijn muziek voor het
primair onderwijs, en komt daarmee tegemoet aan de wens van scholen om extra aandacht te geven aan
leerlingen met taalachterstanden. Muziek wordt namelijk als een middel bij uitstek gezien om taal op een
andere manier te presenteren. Het is de eerste lesmethode waarin alle groepen van één school gedurende
meerdere jaren muziekonderwijs krijgen. Een belangrijk uitgangspunt is dat het educatieve aanbod van de
methode aansluit bij de belevingswereld en de behoeften van de kinderen. Omdat de basisschoolleerlingen
in Amsterdam een zeer verschillende achtergrond hebben, werkt Aslan Muziekcentrum zowel met westerse
51
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
klassieke muziek als met wereldmuziek. In de Muziek Talent Express wordt veel belang gehecht aan
presentatie voor een publiek en aan de mogelijkheden die muziek biedt voor uitwisseling, verbroedering
en verbinding. Ieder jaar kan het talent tijdens het MTE Festival in Theater de Meervaart podiumervaring
opdoen en zich presenteren aan een groot publiek. Er wordt ook onderzoek gedaan naar de leereffecten van
de lesmethode.
Taalachterstanden en kunst en cultuur
Kinderen die in een taalarme omgeving opgroeien of die thuis nauwelijks of geen Nederlands spreken,
blijven vaak achter in de ontwikkeling van hun woordenschat en ook blijven er gebreken in hun zinsopbouw.
Cultuureducatie, met name in drama gecombineerd met beeldende vorming, blijkt positieve effecten te
hebben op leerlingen met taalachterstanden. Zij vergroot hun taalvaardigheid én hun sociale vaardigheden.
Stichting Taalvorming reageerde op de vraag van een aantal scholen om passend aanbod voor deze
aandachtsgroep door in samenwerking met zes Amsterdamse basisscholen en met subsidie van het
Amsterdams Fonds voor de Kunst de methode Taal en Toneel te ontwikkelen. Kinderen die doorgaans
weinig in aanraking komen met kunst, leren om naar kunst te kijken en te ontdekken wat kunst bij hen
kan oproepen. Volgens Liesbet Bool, een van de ontwikkelaars, blijkt drama daarvoor een heel geschikte
werkvorm. “Juist ook voor kinderen die niet zo goed Nederlands spreken: iets uitbeelden kun je tenslotte
ook zonder taal,” zegt Bool in een interview in Het Parool van 3 september 2009. “Al (toneel)spelend kun je
een kind prikkelen om meer taal te gebruiken.”
Liesbet Bool begeleidde groepsleerkracht Hoebba in het geven van dramalessen. Hoebba, al 33 jaar in het
vak, ziet kinderen dankzij de dramalessen groeien: “Vroeger werkten we met taalmethodes, maar daarbij
waren de kinderen niet zo betrokken. Tegenwoordig werken we met teksten die kinderen zelf hebben
geschreven, over dingen die ze zelf hebben meegemaakt. Dat werkt veel beter. In de eerste versie staan
vaak nog veel algemeenheden. Door een tekst te laten uitspelen, en elkaar woorden aan te reiken, worden
kinderen preciezer en beeldender in hun taalgebruik. Dat lees je later terug in rijkere teksten.”
Onderzoek door Maaike Verrips
Maaike Verrips van de Taalstudio heeft een vijftal scholen geïnterviewd over hun ervaringen met taal en
cultuureducatie. Het artikel is in bijlage aan het rapport toegevoegd.
52
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
9. VO-scholen
Inleiding
Het Amsterdamse model voor cultuureducatie heeft tot een paar opmerkelijke resultaten geleid. 55%
van de scholen voor voortgezet onderwijs heeft een visie op cultuureducatie en een daaruit voortvloeiend
beleidsplan. De positieve effecten van het cultuureducatiebeleid zijn goed zichtbaar in het praktijkonderwijs.
kwetsbare jongeren worden er weerbaarder, krijgen meer eigenwaarde, ontwikkelen nieuwe mogelijkheden
in hun persoonlijk leven en verbeteren hun arbeidsperspectief.
Cultuureducatiebeleid, Amsterdam versus het landelijke beeld
Van alle Amsterdamse VO-scholen heeft 55% een beleid vastgelegd op het gebied van cultuureducatie.
Landelijk heeft slechts 50% van de VO-scholen met een visie (90% van het totale aantal VO-scholen) deze
visie ook vastgelegd in een plan, zoals is te lezen in de Monitor Cultuureducatie 2008-2009, uitgevoerd
door Sardes en Oberon. Amsterdamse scholen met de mavo-, havo- en vwo-richting komen overeen met het
landelijke beeld. Landelijk is het aantal leerlingen in het VO 935.000 in 2008-2009, volgens de tellingen van
het CBS. In Amsterdam zijn dat er 32.900 in 2008-2009.
Voortgezet-onderwijsscholen in Amsterdam
Uitgaande van de gemeentelijke telling zijn er in Amsterdam zeventig VO-scholen.21 Er zijn vijf categorale
gymnasia, vijf praktijkscholen en zeven scholen voor speciaal onderwijs. De resterende 53 scholen maken
deel uit van een scholengemeenschap. De Amsterdamse scholengemeenschappen variëren in samenstelling:
van scholengemeenschappen met alleen atheneum en gymnasium of met alleen vmbo basisberoeps en
kaderberoeps tot scholengemeenschappen waarin alle richtingen, van vmbo basisberoeps tot en met
gymnasium, zijn ondergebracht.
De rol van cultuurcoördinatoren
Cultuurcoördinatoren hebben een sterkere positie binnen school en werken professioneler dan enkele jaren
geleden. Zij worden steeds meer bedreven in het vinden van fondsen en het doen van subsidieaanvragen, en
sommige cultuurcoördinatoren krijgen daar zelfs plezier in. Zij hebben zich duidelijk het vraaggerichte model
eigen gemaakt en weten hoe zij een gesprek met een cultuuraanbieder moeten aangaan. Zij hebben een
zakelijker contact met de culturele partners, waarbij zij hun uitgangspunten en het effect op de scholieren
dat zij beogen, helder uiteenzetten.
Op de Amsterdamse scholen waar cultuureducatie een stevige positie heeft, die dus onder meer een visie op
cultuuronderwijs hebben geformuleerd en een cultuureducatieplan hebben vastgelegd, is de directie meestal
betrokken en is er intern draagvlak. Als een school een beleidsplan ontwikkelt wordt er iets teweeggebracht.
De cultuurcoördinator, kortweg de cuco, wordt zichtbaar en krijgt meer respect voor de inspanningen die
opzet en uitvoering van een plan vergen. Het onderwijspersoneel erkent dan zijn werk en vindt het legitiem
dat de cultuurcoördinator daarvoor de noodzakelijke uren krijgt toegekend, waarmee alles op zijn plek valt.
21 Mocca telt dependances als aparte school en hanteert een hoger aantal in haar tellingen.
53
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Kwaliteitsslag van de cultuurcoördinator
Er is een ontwikkeling te zien in de kwaliteit van de cultuurcoördinatoren en hun positie binnen de scholen.
80% van de Amsterdamse scholen heeft inmiddels een cultuurcoördinator, wat overeenkomt met het
landelijk beeld. Er zijn echter enorme verschillen in de aantallen uren en taken die cultuurcoördinatoren
krijgen toebedeeld. Ook de monitor cultuureducatie van Sardes/Oberon concludeert dat er een verband is
tussen de visie op cultuureducatie en het aantal taakuren van de cultuurcoördinator: als een school een visie
op cultuureducatie heeft vastgelegd, heeft hij vaak ook meer uren toebedeeld aan een cultuurcoördinator.
Ook op de Amsterdamse scholen is dit verband zichtbaar. Scholen met een visie hebben meestal hun beleid
vastgelegd, en er is sprake van een duidelijke infrastructuur, draagvlak vanuit de directie en goed financieel
beheer.
In de afgelopen twee jaar heeft met name de invoering van de CJP-Cultuurkaart in het VO duidelijk gemaakt
welke scholen hun cultuureducatieve organisatie op peil hebben gebracht, en welke scholen nog niet. Op
scholen die geen cultuurcoördinator hebben aangesteld of waar de cultuurcoördinator geen uren krijgt voor
zijn werk, heeft het proces rond de kaart, zoals het aanmelden en activeren, het verdelen van budgetten en
het coördineren van de uitgaven, tot problemen geleid en zijn de budgetten nauwelijks of niet besteed.
Op 80% van de scholen is een cultuurcoördinator en op 60% van de scholen zijn de invoering van de
CJP-Cultuurkaart en de administratie die het gebruik ervan vergt, goed verlopen. Op de overige 40%
heeft de invoering veel problemen gegeven of is er geld blijven liggen. Op de meeste van deze scholen is
geen cultuurcoördinator of is er wel een cultuurcoördinator, maar zijn hem of haar geen uren of mandaat
toegekend. Wij merken dat op de scholen waar de cultuurcoördinator een sterke positie heeft, de invoering
en het gebruik van de kaart goed verlopen.
Praktijkonderwijs: Amsterdam wijkt ten positieve af
Vergeleken met de overige scholen lopen scholen voor praktijkonderwijs achter in het vastleggen van
hun visie op cultuureducatie. Dit is landelijk vastgesteld. De Monitor cultuureducatie is er bezorgd over
dat slechts 34% van de praktijkscholen zijn visie schriftelijk in een apart beleid of in het schoolplan heeft
vastgelegd. Amsterdam wijkt in positieve zin af van dit landelijke beeld: in Amsterdam heeft 75% van de
praktijkscholen een beleid op het gebied van cultuureducatie geformuleerd en vastgelegd. Bovendien heeft
de meerderheid van deze scholen een directeur die er het belang van inziet en een cultuurcoördinator die in
de school draagvlak voor cultuureducatie heeft gecreëerd.
Binnen het speciaal onderwijs en het praktijkonderwijs is veel ruimte voor een eigen invulling van het
curriculum. Scholen hoeven minder rekening te houden met strak omlijnde doelstellingen als programma’s
van toetsing en afsluiting, centrale examens en het behalen van diploma’s. Cultuureducatie wordt erkend
als belangrijk middel om de algemene doelstellingen te realiseren: zich staande kunnen houden op stage- en
werkplekken, sociaal-maatschappelijk ontwikkeling, zelfredzaamheid en het ontwikkelen van hobby’s.
Deze gunstige voorwaarden gelden echter voor alle PRO- en VSO-scholen in het land. Hoe komt het dat de
Amsterdamse scholen anders zijn? Wellicht komt dit doordat wij in Amsterdam veel aandacht voor deze
scholen hebben, zowel voor de individuele begeleiding als door de bijeenkomsten die wij organiseren.
Verder is Mocca begin 2008 met een netwerk speciaal onderwijs en praktijkonderwijs gestart, waarin
gedachtenuitwisselingen plaatsvinden over tal van onderwerpen waarmee de coördinatoren op hun school te
maken krijgen. Dit netwerk heeft zeker bijgedragen aan het succes en de invulling van cultuuraanbod in de
praktijkscholen.
54
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
De Alphons Laudyschool
De VSO-afdeling van de Alphons Laudyschool voor ZMLK, is een goed voorbeeld van een school voor
voortgezet speciaal onderwijs waarin alle elementen voor het slagen van cultuureducatie aanwezig zijn.
Ten eerste is er een gedreven en creatieve cultuurcoördinator, die ondersteund wordt door de directie en
het team. Hij heeft voldoende uren voor zijn taken en wordt voor alle financiële zaken bijgestaan door een
administratief medewerker. Maar ook in emotionele zin wordt de cultuurcoördinator gesteund. Hij wordt
serieus genomen en gewaardeerd voor zijn inzet en krijgt de vrijheid voor eigen initiatief. Daarnaast is de
structuur binnen de school met veel kunstvakdocenten ook gunstig voor het inbedden van cultuureducatie.
Praktijkvakken als handvaardigheid, tekenen, textiel, tuin, koken, drama en muziek worden er als waardevol
gezien. De school heeft een uitstroomprofiel kunst en leerlingen lopen kunststages op verschillende
kunstenaarsateliers en in de kunstwerkplaatsen van Stichting Cordaan. Daar de school klein is, is het
collectief budget veel minder dan bij een grote scholengemeenschap, maar de school is gedreven in het
vinden van gratis aanbod. Twee keer per jaar organiseert de school kunstweken, waarvoor hij subsidies
aanvraagt bij het Amsterdams Fonds voor de Kunst en diverse andere fondsen. Terwijl sommige scholen
klagen over de houding van de directeur en het gebrek aan zichtbaarheid, greep de directeur van de Alphons
Laudyschool zelf de telefoon en belde AT5 en het Jeugdjournaal om ervoor te zorgen dat het kunstproject
over China zou worden vastgelegd.
Netwerken in het voortgezet onderwijs
NetWest
Dit schooljaar heeft Mocca een nieuw netwerk opgezet voor cultuurcoördinatoren van VO-scholen in de
westelijke stadsdelen. De groep is twee keer bijeengekomen, telkens bij een andere culturele instelling in
West. De eerste bijeenkomst was in Garage Notweg, de tweede in Podium Mozaïek. Op beide locaties begon
de middag met een rondleiding. Vervolgens wisselde de groep van gedachten over geslaagde projecten,
over aanbieders in de buurt en over de organisatie op school. Onderwerpen die nog op de agenda staan
zijn financiën, fondsenwerving en culturele diversiteit. De medewerker VO van Koers Nieuw West neemt
ook deel aan het netwerk en houdt de scholen op de hoogte van de nieuwste ontwikkelingen binnen het
kopprogramma kunst- en cultuureducatie in West.
Netwerk speciaal onderwijs
Dit netwerk van scholen uit alle geledingen van het (voorgezet) speciaal onderwijs en praktijkonderwijs is
in 2008 gestart en is al negen keer bijeengekomen. De behoefte om met elkaar van gedachten te wisselen,
elkaar te inspireren en gezamenlijk initiatieven te nemen wordt steeds groter. Om contacten te stimuleren
tussen scholen en aanbieders zijn de bijeenkomsten regelmatig bij een culturele instelling in combinatie met
een rondleiding en een gesprek met de educatief medewerker van deze culturele instelling.
Plannen voor netwerk vmbo KB en BB
Vmbo-scholen willen graag in contact komen met collega’s van andere scholen die de kader- en
basisberoepsgerichte leerwegen aanbieden. De leerlingen van deze scholen zijn een aparte aandachtsgroep.
Er komen steeds meer zorgleerlingen met een laag taalniveau al dan niet gecombineerd met
gedragsproblemen. Deze scholen vinden het moeilijk om passend aanbod te vinden. In het schooljaar 20102011 wordt ook voor deze scholen een netwerk gestart.
Samenvatting
De Amsterdamse VO scholen hebben de afgelopen jaren een grote ontwikkeling doorgemaakt. Landelijk
gezien lopen scholen voorop in het percentage gerealiseerde beleidsplannen. Cultuurcoördinatoren kregen
een sterkere positie en zijn bedreven geworden in de uitvoering van hun cultuurplan. De hogere bestedingen
met de cultuurkaart door scholen met een cultuurcoördinator en een beleidsplan onderstrepen dit.
Onderlinge uitwisseling is een speerpunt voor de verdere ontwikkeling van hun werk.
55
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
10. Trends in het VO
Inleiding
Een verontrustende ontwikkeling is dat er steeds minder taakuren worden toegekend aan de
cultuurcoördinator. Door de bezuinigingen waren er het afgelopen jaar op een groeiend aantal scholen
geen formatieuren meer beschikbaar voor een cultuurcoördinator. Zeker 12% van de coördinatoren
gaf aan dat het aantal uren door onder meer reorganisaties, schoolfusies, andere taakinvullingen en
financiële herverdelingen was afgenomen. Eén cultuurcoördinator heeft zijn taak neergelegd, omdat het
cultuurcoördinatorschap volgens hem geen persoonlijke hobby is, de taken van een cultuurcoördinator
zijn een onderdeel van het schoolprogramma. Scholen schuiven de kunst en cultuur steeds meer naar de
achtergrond en afficheren zich liever als exacte school vanuit de gedachte dat zij daardoor een betere
concurrentiepositie hebben ten opzichte van andere scholen. Bovendien geven kunstdocenten aan dat er in
sectievergaderingen meer aandacht is voor praktische zaken dan voor onderwijsontwikkelingen.
Basistechnieken beeldende vorming ontbreken
Vmbo-scholen geven aan dat hun leerlingen over weinig vaardigheden beschikken voor het kunstonderwijs.
Het lijkt wel of hun niveau ieder jaar lager wordt, zij zouden de basistechnieken voor beeldende vorming
missen. Op de basisschool geven vakdocenten nauwelijks kunstonderwijs en op de pabo is er weinig aandacht
voor. Bovendien wordt in het kunstonderwijs veel aandacht besteed aan beleven en reflectie en minder aan
actieve kunstbeoefening. Als het beoefenen van kunst van huis uit niet is gestimuleerd, halen de leerlingen
hun achterstand in het VO heel moeilijk in.
Bron: CJP
Bestedingen voor CJP-Cultuurkaart in Amsterdam
In vergelijking met het schooljaar 2008-2009 geven de scholen het budget van de Cultuurkaart nog steeds
grotendeels uit aan theatergezelschappen en bezoeken aan theaters. In 2008-2009 werd daaraan nog 50%
van het Cultuurkaartbudget besteed, in het schooljaar 2009-2010 was dit slechts 36%. De bestedingen voor
museumbezoeken nemen toe: van 12% vorig schooljaar naar 18% dit schooljaar. Ook de bestedingen bij
organisaties voor culturele en educatieve dienstverlening nemen toe: van 12% naar 18%. 5% van het budget
wordt besteed aan individuele kunstenaars. Ten slotte werd het budget van de Cultuurkaart voor maar 4%
besteed aan bioscoopbezoek.
Verdeling over de sectoren van de besteding door de Amsterdamse scholen.
56
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Trends per schooltype
Maatschappelijke stage
Zoals bekend wordt de maatschappelijke stage (MaS) vanaf het schooljaar 2011-2012 verplicht voor alle
VO-scholen. Afhankelijk van het onderwijsniveau besteden leerlingen in het VO 48 tot 72 uur aan deze stage.
Het belangrijkste doel van de maatschappelijke stage is dat leerlingen kennismaken met de samenleving en
ervaring opdoen in vrijwilligerswerk.
In het Trendrapport 2009 werd al vermeld dat er met 35 Amsterdamse scholen een pilot rond de
maatschappelijke stage is gehouden. Cofora heeft onderzoek gedaan naar de leereffecten van deze stages.
Sardes heeft in zijn landelijke monitor de scholen eveneens gevraagd of zij maatschappelijke stages hebben
op het gebied van kunst en cultuur. Maar liefst 20% van de scholen geeft aan dat dit het geval is en dat
gemiddeld 28 leerlingen per school stage lopen op het gebied van cultuur.
De Amsterdamse scholen laten een ander beeld zien. In het rapport van Cofora komt naar voren dat slechts
8% van de deelnemende Amsterdamse scholen hun leerlingen stage hebben laten lopen in de sector kunst
en cultuur. Als daarbij het organiseren van evenementen wordt betrokken, is dit percentage echter 23%,
wat vergelijkbaar is met de landelijke meting.
De erfgoedsector, met onder andere musea en kunst- en cultuurorganisaties, trok meer dan 8% van de
leerlingen. Evenementen binnen of buiten de school trok 10,8% van de leerlingen. De stages werden ingevuld
met onder meer het organiseren van een jongerenparty, het verzorgen van de catering van popbands en het
voorbereiden van een WereldKinderFeest.
In november 2009 ondertekenden culturele instellingen in het Koorenhuis in Den Haag een
Intentieverklaring Maatschappelijke Stages met de toenmalige staatssecretaris Van Bijsterveldt van
Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, om in 2011 al vijfhonderd stageplaatsen te creëren. De partijen
die de intentieverklaring hadden ondertekend waren Muziek Centrum Nederland (MCN), Theater Instituut
Nederland (TIN), Nederlandse Associatie voor de Podiumkunsten (NAPK), Vereniging van Schouwburg- en
Concertgebouwdirecties (VSCD) en de Vereniging Nederlandse Poppodia en -Festivals (VNPF).
Uit de Amsterdamse pilot blijkt dat bijna twee derde van de leerlingen die stage liepen afkomstig was van
het praktijkonderwijs of het vmbo en bijna een derde van de havo en het vwo. Een belangrijk aspect van
de stages is dat leerlingen er inzicht door krijgen in hun persoonlijkheid en dat zij algemene competenties
verwerven die hun leerprestaties kunnen versterken.
De buitenschoolse leerervaringen kunnen worden ingebed in de leerdoelen van schoolvakken, profielen en
leerwegen, en zo de aansluiting op vervolgopleidingen verbeteren.
Calvijn met Junior College
Het Calvijn met Junior College is een vmbo-school in West met de leerwegen basis- en kaderberoeps. Het is
een brede school waarin het naschoolse aanbod wordt geïntegreerd in het reguliere lesrooster. Het Calvijn
met Junior College treedt al langer naar buiten met de leerlingen en legt ook al langer externe contacten.
De school beschikt over een servicepunt, een meetingpoint en een brede-schoolcoördinator. Voorts is er een
medewerker die actief voor de school op zoek gaat naar organisaties voor maatschappelijke stages zoals
festivals of culturele instellingen. Daarbij gaat hij ervan uit dat een leerling die bijvoorbeeld de richting Zorg
heeft gekozen, niet per definitie zijn maatschappelijke stage in die sector moet lopen.
De leerlingen van het Calvijn met Junior College vervullen hun MaS bij culturele instellingen, zoals
Het Concertgebouw, de Hermitage, het Vondelpark Openluchttheater, het Cinekid Festival en het
Sloterplasfestival. Zij helpen met organiseren, het begeleiden van deelnemers en pr-werk.
De leerlingen zijn enthousiast omdat er van alles te doen is, omdat zij op plekken komen waar zij anders niet
zouden komen en omdat het werk hen boeit. Bovendien maken zij kennis met de organisaties.
57
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Het Huygens College
Het Huygens College is een vmbo-school met alle leerwegen gericht op de sector Economie. Leidraad in
zijn culturele aanbod is de verdiepende en doorlopende opbouw van het eerste naar het derde leerjaar.
Het Fotografie Museum Amsterdam (Foam) was een van de culturele instellingen die regelmatig terugkwam
op de school. Het lag daarom voor de hand dat leerlingen van het Huygens College als eerste groep
maatschappelijke stagiaires aan het werk ging bij het Foam. Door een nauwe samenwerking tussen de school
en zijn leerlingen en het museum sluiten de stageprogramma’s goed aan.
Tijdens de stage maken de leerlingen zelf podcasts en filmpjes over fotografie en het museum, en gaan zo
zelf aan de slag met beeldcultuur. Ook maken de stagiaires lesmateriaal voor leerlingen uit het speciaal
onderwijs. Zo leren zij niet alleen om te gaan met nieuwe media, maar krijgen zij ook de kans hun ideeën in
de praktijk te brengen.
Buurtgerichte educatieprojecten
Met buurtgerichte cultuurprojecten streven scholen naar verbinding met de buurt en samenwerking met
lokale kunstenaars en culturele instellingen. Deze projecten zijn een hot item, zowel in de programma’s
van politieke partijen als in de beleidsplannen voor cultuureducatie van scholen. Met name scholen voor
praktijkonderwijs en vmbo-scholen kiezen ervoor kennis te maken met cultuur via activiteiten in de
directe omgeving van de school. Naast de praktische reden van een beperkte reistijd, spelen ook binding
en herkenning een rol in die keuze. Bovendien biedt deze aanpak aan leerlingen de mogelijkheid zich te
oriënteren op latere beroepsmogelijkheden. Havo- en vwo-scholen met leerlingen uit de wijk zoeken hun
culturele activiteiten echter ook bewust in de buurt. Tal van culturele instellingen spelen in op de vraag van
scholen naar projecten in hun wijk en gaan daarmee een samenwerking op maat aan met de scholen.
Een herkenbaar voorbeeld is het Hervormd Lyceum West voor vwo, havo en vmbo-t in Amsterdam West. De
school telt ongeveer 850 leerlingen, veelal van allochtone afkomst. Een van de doelstellingen van de school
is leerlingen de kans te bieden te stijgen op de sociale ladder. De school probeert dit doel te bereiken door
leerlingen de mogelijkheid te geven hun maatschappelijk functioneren te verbeteren en door de opleiding
te laten aansluiten op de arbeidsmarkt. Kunst en cultuur helpen leerlingen hun horizon te verbreden en
een kritische houding te ontwikkelen. Bovendien wordt hun binding met de school versterkt door culturele
activiteiten. Daarnaast kan de school zich met culturele activiteiten profileren naar de omgeving.
De bedoeling is dat de leerlingen hun weg leren vinden naar zowel de binnen- als buitenschoolse reguliere
activiteiten in de buurt. De school werkt daarvoor nauw samen met een aantal vaste aanbieders in West. Dit
zijn professionele kunstinstellingen op het gebied van muziek, theater, dans, nieuwe media en architectuur.
De leerlingen bezoeken voorstellingen op de podia van Amsterdam West, de Meervaart en Podium Mozaïek.
Daarnaast maken de bovenbouwleerlingen kennis met de plekken in West, zoals Studio West, theater Rast of
het educatief centrum de Witte Tulp om hun talenten te ontwikkelen in de dans-, zang- en toneelworkshops.
De leerlingen nemen jaarlijks deel aan het multidisciplinaire Sloterplas Festival en aan het ARCAM-project
Bekijk je wijk, een programma dat zoekt naar de verbinding tussen de school en Nieuw West.
Een school die de verbinding in de buurt zoekt, is de vmbo bb kb-afdeling (economie, techniek) van het
Bredero College in Amsterdam-Noord. 80% van de leerlingen van het Bredero College komt uit Noord. Een
groot deel van de leerlingen van het Bredero College heeft een niet-Nederlandse achtergrond.De school ziet
het als zijn taak om de leerlingen kennis te laten maken met de historie en het cultureel erfgoed waarvan
ook zij deel uitmaken, opdat zij met trots naar hun eigen buurt en afkomst kunnen kijken.
58
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
In samenwerking met lokale media, erfgoedinstellingen en het jongerenwerk in Amsterdam-Noord wordt
met kunstenaars en de leerlingen een documentaire gemaakt over Amsterdam-Noord. Ieder schooljaar
maken Stichting De frisse blik, een instelling voor media-educatieprojecten, en het Historisch Centrum
Amsterdam-Noord samen met leerlingen een korte documentaire over gebeurtenissen in Amsterdam-Noord
met historische waarde. De leerlingen maken zo kennis met de verschillende disciplines en toepassingen,
en ontwikkelen hun creativiteit en talent, wat leidt tot een positiever zelfbeeld en respect voor elkaars
uitingen. Daarnaast krijgen zij een duidelijker beeld van hun beroepsperspectieven, met name in de richting
van nieuwe media.
Een bijkomend effect voor de school is dat met name leerlingen met een andere culturele achtergrond
tijdens een eindpresentatie aan hun ouders de culturele rijkdommen van Amsterdam-Noord kunnen tonen.
De nieuwe rol van de culturele partners
De samenwerking tussen scholen en culturele instellingen en tussen scholen onderling is aan het
veranderen. De verwachtingen van scholen zijn anders geworden door het cultuureducatiebeleid dat zij
hebben vastgelegd en hun vraaggerichte houding. Zij nemen niet langer genoegen met een eenmalig project
van een workshop en een voorstelling, maar zijn op zoek naar partnerschappen. Scholen willen leerlingen
een andere horizon bieden, bijvoorbeeld door uitwisselingen met andere scholen. Tijdens uitwisselingen
ontmoeten leerlingen leeftijdsgenoten uit andere delen van de stad en komen in aanraking met een andere
manier van leven, andere hobby’s en een andere cultuur of een ander geloof. Culturele instellingen en
kunstenaars worden zich daardoor opnieuw bewust van hun rol in het cultuureducatieve veld en reageren op
de behoefte van scholen aan partnerschappen en interscolaire ontmoetingen.
Een voorbeeld daarvan is het juniorproject van Toneelgroep Amsterdam (TA-juniorproject). Vorig jaar
organiseerde dit gezelschap een productie met vijf Amsterdamse scholen, het Berlage Lyceum, het
Cartesius Lyceum, het Montessori Lyceum Amsterdam, de Open Schoolgemeenschap Bijlmer en de Visio
Comeniusschool. Dertig leerlingen van deze vijf scholen ontwierpen en speelden Het feest van het grote
geld, een eigen variant van de volwassenenvoorstelling Zomertrilogie van Goldoni. De scholen die deelnemen
aan het TA-juniorproject zijn cultureel actieve vmbo-t-, havo- en vwo-scholen met een cultuurcoördinator en
een stevig verankerd cultuurbeleid dat zichtbaar is in de school.
Film 2 connect
Een ander initiatief, dat nog in ontwikkeling is, is het project Film 2 connect. Het won in januari 2009 de
stimuleringsprijs van het Nederlands Instituut voor Filmeducatie (NIF). Het is een onderwijsproject voor de
bovenbouw over film en internet, waarin vier scholen een partnerschap aangaan met De frisse blik en het
IDFA. Leerlingen maken filmpjes over zichzelf en over een andere jongere die zij normaliter niet ontmoeten.
Deze filmpjes gaan over wat zij zoal doen in hun dagelijks leven, zoals over hun hobby’s, kunstbezigheden
en geven hun visie op zaken als film, beeldvorming in de media, identiteit en internet. De filmpjes worden
verwerkt in het voorprogramma van het scholierenprogramma van het IDFA in november.
De deelnemende scholen zijn de IVKO School, het 4e Gymnasium, Scholengemeenschap Reigersbos en het
Huygens College. Deze scholen variëren in populatie, stadsdeel en schooltype. Het onderwijsniveau loopt
van vmbo tot gymnasium. Al deze scholen hebben een gedegen programma voor cultuuronderwijs en willen
nog meer op dat gebied. Zij willen daarom met elkaar en met een aantal professionele kunstinstellingen
samenwerken. De vier scholen zoeken naar verdieping, in dit geval in een leerlijn Film. Om ervoor te zorgen
dat het project Film 2 connect onderdeel wordt van een langere leerlijn van de scholen, gaan de vier scholen
samen met stichting De frisse blik en IDFA Docschool een lesprogramma ontwikkelen.
59
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Film en media
Het Huygens College (vmbo) ontwikkelt al jaren een doorlopende leerlijn Kunst Beeldend in zijn curriculum.
Het profileert onder andere nieuwe media door meer film en fotografie te gebruiken als beeldend middel
en door in het CKV-curriculum van het vmbo-t ook mediawijsheid op te nemen. Volgens het IVKO (vmbo-t en
havo) is de relatie tussen cultuureducatie en mediawijsheid evident. Daarom krijgen film- en media-educatie
er extra aandacht in het gehele curriculum. Ook Scholengemeenschap Reigersbos (vmbo-t, havo en vwo)
heeft een leerlijn Beeldend in het tweede en derde leerjaar. De leerlingen leggen daarin een dossier aan en
houden zich bezig met driedimensionale vormgeving, film en nieuwe media. Op het 4e Gymnasium beginnen
de leerlingen in de eerste klas aan een doorlopende leerlijn film met het maken van kleine filmpjes. Ieder
schooljaar wordt daaraan een aspect toegevoegd, zoals interviews filmen, trailers maken en het leren van
filmtechnieken. Ten slotte maken de leerlingen in de bovenbouw propagandafilms en documentaires waarin
zij de vaardigheden die zij hebben verworven kunnen toepassen.
Samenvatting
Scholen zijn op zoek naar partnerschappen met culturele instellingen en naar uitwisselingen met andere
scholen. Ze faciliteren daarmee onderlinge ontmoetingen in een gezamenlijk project of in een gezamenlijke
productie. In het vmbo blijken leerlingen weinig vaardigheden te hebben in de basistechnieken voor
beeldende vorming. De rol en positie van de cultuurcoördinator staat onder druk, door de bezuinigingen is
op een groeiend aantal scholen de formatie-uren voor cultuurcoördinatoren afgeschaft.
60
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
11. Culturele instellingen
Inleiding
De vraaggerichte cultuureducatie in Amsterdam heeft openheid gebracht. Het is aantrekkelijk voor culturele
instellingen en zelfstandig kunstenaars om zich op scholen te richten. Zij willen dat scholen hen niet langer
alleen als ‘aanbieder’ zien, maar ook als mogelijke partner en vice versa. De grote erfgoedinstellingen
en theaters hebben educatie als onderdeel van hun opdracht meegekregen en de kleine instellingen en
kunstenaars hebben echt passie om kinderen te laten delen in hun eigen enthousiasme voor de kunsten.
Werken op een school is meer dan alleen het uitbreiden van een afzetmarkt voor culturele producten.
Het vraagt zowel om kennis van een of meer kunstdisciplines als om didactische kennis, kennis van de
ontwikkeling van kinderen en kennis van hun aandachtscurve.
Dat cultuurcoördinatoren een professionaliseringsslag maken is elders al beschreven. De grote culturele
instellingen hebben een zelfde verbeterslag gemaakt. Voor veel kleine culturele instellingen en zelfstandig
kunstenaars die cultuureducatieve activiteiten willen ontplooien, is die verbetering de volgende
noodzakelijke stap.
Culturele instellingen in de Mocca-database
Mocca biedt via haar website een overzicht van het cultuureducatieve aanbod voor Amsterdamse scholen.
De instellingen melden zich zelf aan en scholen kunnen op basis van een zoekmachine en filters naar het
aanbod zoeken dat past bij het beleidsplan van hun school. Er staan nu 586 instellingen op de website.
Het afgelopen jaar zijn 74 instellingen van de website verwijderd die weinig actief waren. Van september
2009 tot en met juli 2010 meldden 130 nieuwe culturele instellingen en kunstenaars zich aan. De meeste
aanmeldingen komen uit de discipline theater, gevolgd door de disciplines beeldende kunst en muziek.
Culturele diversiteit in het Amsterdams aanbod
In Amsterdam wonen 177 verschillende nationaliteiten. 30% van de Amsterdamse bevolking heeft twee
nationaliteiten, waaronder de Nederlandse, of een andere nationaliteit dan de Nederlandse. Volgens
sommige tellingen zijn er in onze stad meer nationaliteiten dan in New York. 17% van de culturele
instellingen en kunstenaars in de database heeft een cultureel diverse achtergrond of biedt een project
aan met een cultureel divers karakter, bijvoorbeeld een workshop henna, mozaïek, samba, buikdans of
didgeridoo. Van de verschillende disciplines in de Mocca-database is het dansaanbod het meest cultureel
divers, 20% van het dansaanbod is niet-westers. Daarna volgen muziek en beeldende kunst.
Instellingen geven in de database vaak niet duidelijk aan dat hun aanbod cultureel divers is. Voor scholen is
het nuttig als instellingen dit juist wel aangeven. De zichtbaarheid in de database wordt er mee verhoogd.
Mocca stimuleert culturele instellingen en kunstenaars hun trefwoorden zorgvuldig te kiezen, met de taal
van de school als leidraad.
61
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Opschoning van de database
In het afgelopen voorjaar zijn 200 culturele instellingen en kunstenaars die op de database stonden, maar
waar geen kennismakingsgesprek mee had plaatsgevonden, benaderd met de vraag of ze van de website
mochten worden verwijderd. Bij geen reactie op de eerste e-mail en de herinneringsmail zouden de
instellingen en kunstenaars in kwestie binnen 3 maanden verwijderd worden. In totaal zijn er 73 van de
200 gemailde instellingen verwijderd. Per discipline komt dit neer op: 13 muziek, 6 dans, 14 beeldende kunst,
18 theater, 3 letteren, 2 cultureel erfgoed, 9 multidisciplinair, 9 nieuwe media, 1 bemiddelingsorganisatie.
De verwijderde cultuuraanbieders zijn vrij om zich opnieuw aan te melden, met de instellingen en
kunstenaars die nog wel actief in cultuureducatie waren, zijn de contacten hernieuwd.
Trends in het aanbod
Speciaal onderwijs
Er wordt meer aanbod ontwikkeld specifiek voor het speciaal onderwijs. Instellingen gaan intensief met
een school in gesprek om programma’s voor deze doelgroep te ontwikkelen.
De Klankspeeltuin heeft extra begeleiders voor scholen voor speciaal onderwijs. Er is één
Klankspeeltuinbegeleider op elke vijf kinderen en indien nodig zijn de lessen korter. Als een school vaker
wil komen, zoals Praktijkcollege Het Plein, maakt de Klankspeeltuin samen met iemand van de school
activiteiten op maat.
Het Rijksmuseum ontwikkelde exclusief voor het speciaal onderwijs, sbo en vso, het programma Kijk je ogen
uit met Avercamp! De zeventiende-eeuwse schilder Hendrick Avercamp was zelf doof. Het lesprogramma is
daarom voor dove en slechthorende kinderen. (Gebaren)taal en het kijken naar kunst staan erin centraal.
Buiten de grote instellingen ontwikkelen ook individuele kunstenaars programma’s voor het speciaal
onderwijs. Roos Toussaint is dansdocente in moderne dans. Onder de naam Roos Dansverhalen verzorgt zij
onder andere lessen voor autistische en verstandelijk gehandicapte kinderen. In haar lessen combineert zij
dans met poppenspel.
Steeds meer Community art
Sociale samenhang, social-inclusionprojecten, Community art, het zijn allemaal termen die verwijzen naar
buurtgerichte cultuureducatieve projecten. Scholen kiezen vaak voor deze buurtgerichte activiteiten om de
sociale cohesie te bevorderen. De projecten maken contact mogelijk met buurtgenoten rond de school en
geven kinderen een gevoel van trots op hun school.
Het fotografiemuseum Foam is een voorbeeld van een culturele instelling die de Community art serieus
neemt. Het museum heeft een buurtcentrum annex fotostudio geopend aan het Bilbaoplein in Nieuw West
vanwaaruit jongeren kunnen meedoen aan fotoprojecten in de eigen buurt.
62
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Enkele voorbeelden
De Corantijn in de Baarsjes, heeft in een buurtproject beeldendekunstvoorwerpen tentoongesteld in de
etalages van winkels.
Vera Linn Laan organiseert buurttheaterprojecten waarin zij een voorstelling geeft die geschreven is
voor de wijk waarin de basisschool staat die het project uitvoert. De voorstelling wordt door de kinderen
gespeeld op bijzondere plekken, zoals bij iemand op het balkon, op een bootje in het water of in een mooie
tuin. Het publiek en de kinderen die niet meespelen in het stuk lopen langs verschillende plekken waar het
theaterstuk wordt gespeeld.
Norbau, een samenwerkingsverband tussen de beeldend kunstenaars Norbert Wille en Baukje Spaltro,
laat kinderen in het project Citymap een plattegrond maken van hun ideale buurt op een wit tafelkleed.
Spelenderwijs worden zij zich bewust van hun omgeving, van onderlinge en culturele verschillen, en van
actuele vraagstukken.
Leerlingen van de Olympiaschool, de Peetersschool, de Geert Grooteschool en Instituut Schreuder
fotografeerden hun omgeving voor het kunsteducatieproject Het verleden herbeleven, heden vormgeven. De
beelden werden op de computer tot kunstwerk bewerkt en tentoongesteld in Cultuurhuis Diamantslijperij en
de Openbare Bibliotheek, filiaal Roelof Hartplein.
Public Amusement: Tijdens expeditielessen onderzoeken leerlingen het dagelijks leven van bewoners in hun
eigen buurt, waarbij zij worden begeleid door een fotograaf, een theatermaker, een toneelschrijver, een
architect en een buurtcoördinator.
De leskisten van Bureau Monumenten en Archeologie bevatten materiaal voor lessen over monumenten. De
lessen zijn gericht op de omgeving van de school.
Stichting Geheugen van West
In dit project verzamelen jongeren verhalen en beelden uit de buurt en publiceren deze als stripverhaal,
fotoreportage of interview op de website www.geheugenvanwest.nl.
Centrum Beeldende Kunst Zuidoost
In Zuidoost staat veel kunst op straat en in het openbare groen. CBK Zuidoost biedt een speurtocht naar
beelden in de buurt die de omgeving bijzonder maken. Wie heeft dat kunstwerk gemaakt? Waarom ziet het er
zo uit? Wat is het verhaal achter het kunstwerk?
Gebouwd in West
Judith Zwaan maakte op de Sint Janschool een architectonisch kunstwerk van papier-maché, waaraan de
hele school meewerkte. Alle groepen maakten één bouwsteen van papier-maché. Alle bouwstenen samen
vormden een ‘gebouw’. Judith werkte samen met tachtig hulpouders. Het architectonisch kunstwerk stond
een week lang tentoongesteld in Het Sieraad. De kinderen hebben zelf hun bouwstenen naar Het Sieraad
gebracht en het kunstwerk steen voor steen opgebouwd.
63
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
NWC de Ezel
Als veel ZZP’ers de arbeidsmarkt betreden, ontstaat behoefte aan samenwerking. Marike Hoekstra en Linda
Rusconi zijn beide beeldend kunstenaar en speelden in op deze behoefte. Om een Amsterdams netwerk van
beeldend kunstenaars in educatieve rollen te creëren, ontwikkelden zij de krant NWC de Ezel, een nieuw
en verfrissend initiatief. NWC de Ezel richt zich op beeldend kunstenaars, docenten beeldende vorming,
cultuurcoördinatoren met een beeldende achtergrond, beeldende-opleidingsinstituten en kunstinstellingen.
De krant is een platform voor de beeldend kunstenaar die, naast zijn eigen artistieke praktijk, ook op
scholen werkt. Een terugkerend onderwerp in NWC de Ezel: ‘hoe gedraag je je als kunstenaar in je lespraktijk
en waarom is het belangrijk dat je beiden bent: kunstenaar en docent?’
Met steun van het Basisburo en de Academie voor Beeldende Vorming kwam in juni 2010 de eerste krant uit.
Het streven is NWC de Ezel zes keer per jaar uit te brengen.
64
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Bijlage 1
Overzicht van de culturele instellingen in de Mocca-database per discipline
Beeldende kunst
In de discipline beeldende kunst staan 91 culturele instellingen en kunstenaars in de Mocca-database. Deze
instellingen en kunstenaars bieden zonder uitzondering maatwerk. Bijna 70% maakt projecten voor zowel
het PO en VO als het speciaal onderwijs. 23 van de 91 culturele instellingen en kunstenaars werken vanuit
een cultureel diverse insteek. Van de 91 organisaties is 86% zelfstandig kunstenaar.
Er zijn steeds meer initiatieven om beeldende vorming en cultuureducatie in een doorlopende leerlijn aan te
bieden. De omvangrijke digitale lesmethode ‘Laat maar zien’ voor het PO van Stichting Beeldend Onderwijs is
daarvan een voorbeeld.
Afgelopen schooljaar meldden 22 culturele instellingen en kunstenaars zich in de discipline beeldende kunst
aan op de Mocca-website. Het merendeel van de nieuwe aanmeldingen, 20 van de 22, komt van zelfstandig
kunstenaars. Enkele van deze kunstenaars hebben de opleiding tot beroepskunstenaar in de klas, de Bikopleiding, afgerond.
Cultureel erfgoed
Het educatief cultureel erfgoed in de Mocca-database bestaat grotendeels uit musea, 22 van de in totaal
36 instellingen zijn musea. Soundtrackcity Amsterdam is geen museum, maar biedt wel projecten aan op
het gebied van cultureel erfgoed. Zij nodigt jongeren uit om de straat op te gaan en opnieuw de stad te
ontdekken via acht geluidswandelingen van kunstenaars. De wandelingen zijn in verschillende wijken en
vertellen elk een ander verhaal over heden, verleden en toekomst van het gebied, gebaseerd op verhalen en
ervaringen van bewoners. Het zijn theatrale, muzikale geluidswandelingen.
In totaal staan er 185 cultureel-erfgoedprojecten op de Mocca-website. Een deel daarvan is multidisciplinair,
zoals het lesprogramma Wereldburgerschap van Kind & Wereld. De leerlingen leren in dit programma
over wereldreligies maar ook over armoede en rijkdom in Tanzania. Zij leren maskers te maken van oude
materialen en zij leren de ritmes van een traditionele oogstdans.
Musea werken vaker multidisciplinair. Zo heeft het Van Gogh Museum de theatrale rondleiding Augusta voor
het basisonderwijs. Ook het Rijksmuseum heeft, samen met de Toneelmakerij, een onderwijsprogramma
ontwikkeld waarin de geschiedenisles met gebruik van toneel spannend en smakelijk wordt gemaakt.
Met ingang van 1 augustus 2010 is de canon van Nederland officieel opgenomen in de kerndoelen voor
het primair en voortgezet onderwijs. In schoollokalen hangt de poster van de canon van Nederland en
leerkrachten bezoeken de website entoen.nu. Toch weten leerkrachten niet altijd hoe zij deze canon moeten
inzetten in de lessen. Bekende erfgoedmusea zoals het Rijksmuseum, het Amsterdams Historisch Museum
en het Stadsarchief spelen hierop in en ontwikkelen nieuw lesmateriaal of koppelen de canon aan reeds
bestaande projecten. Dans
Het educatief dansaanbod van de 80 instellingen in de Mocca-database omvat veel verschillende stijlen.
Modern en klassiek ballet, dansexpressie, stijldans en verschillende urban-dancestijlen. Voorts zijn er nieuwe
en multidisciplinaire initiatieven zoals schrijfdans en weinig bekende dansvormen zoals het esoterische
Bharata Natyam.
65
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
36 instellingen melden dat dans hun hoofddiscipline is en 44 instellingen noemen het als tweede discipline.
Het aantal instellingen dat dans aanbiedt groeit niet veel, het afgelopen jaar zijn er acht instellingen bij
gekomen. Het is echter de discipline met het grootste percentage cultureel divers aanbod. Van 20% van
het dansaanbod op de Mocca-website is de inspiratiebron niet-westers: Senegalese sabar, bachata uit de
Dominicaanse Republiek, Argentijnse tango, zouk uit Guadeloupe en Oriëntaalse dans, allemaal vormen die
toegankelijk zijn voor Amsterdamse scholen.
Urbandancestijlen zijn populair, vooral bij leerlingen in het VO. Programma’s als ‘Move like Michael Jackson’
of ‘America’s Best Dance Crew’ schieten als paddestoelen uit de grond en dragen bij aan de interesse van
Amsterdamse leerlingen in deze stijlen. Van de dansinstellingen op de Mocca-website biedt 20% projecten
specifiek gericht op het voortgezet onderwijs aan en 75% zowel projecten voor primair als voortgezet
onderwijs. Opvallend is verder dat van alle instellingen 75% aangeeft dat een deel van hun projecten
geschikt zijn voor het speciaal onderwijs.
Het grote aanbod op het gebied van dans voor speciaal onderwijs zet aan tot vernieuwing zoals schrijfdans,
een nieuw fenomeen. Schrijfdans is geschikt voor alle kinderen van 3 tot en met 12 jaar ongeacht
hun motorische vaardigheden of verstandelijke vermogens. Het is een multidisciplinaire schrijf- en
bewegingsmethode die hen helpt vlot te leren schrijven en spelenderwijs hun motoriek te verbeteren. Binnen
schrijfdans komen de disciplines dans, letteren, muziek en beeldend aan bod. In twee maanden telde de
Mocca-database drie nieuwe instellingen die schrijfdans aanbieden. Culturele instellingen als Dancefun4kids
en Kunstgras bieden workshops schrijfdans. Deze bestaan uit beweging en dans in de ruimte en beweging,
tekenen en schrijven op het platte vlak met krijt, verf, potloden en scheerschuim. Aan een project kan een
thema worden gekoppeld, afhankelijk van de wensen van scholen.
Stichting Balls (ISH)
Sinds 1999 is de ambitie van ISH om de steeds veranderende straatcultuur te confronteren met gevestigde
cultuuruitingen. Dans en acrobatische stunts vormen de rode draad in de ISH-voorstellingen. Zij zijn gericht
op groep 8 en alle groepen in het VO.
Na tien jaar ISH, is de naam veranderd in Stichting Balls (ISH). Balls blijft nieuwe artistieke uitdagingen
aangaan en de onmiskenbare ISH-stijl blijft terugkomen in het aanbod. Motion capture, rap, lyrical hiphop,
humor, breakdance, audiovisuele effecten, spoken word en acrobatiek zijn voor ISH middelen om het verhaal
te vertellen. In 2010 kwam ‘Stormish-Who the f*** ISHakespeare’ uit, een interpretatie van het klassieke
stuk van William Shakespeare. De voorstelling ‘Herculish’ volgt komend najaar. In deze voorstellingen
ontmoeten hedendaagse straatcultuur en klassiekers elkaar.
Balls denkt vooruit en laat zich inspireren door ontwikkelingen op straat, onder andere door veel samen
te werken met jongeren. Talentontwikkeling van jongeren in achterstandsposities is een speerpunt.
Dit doet Balls niet alleen met dans. Balls wijst jongeren ook op de financiële mogelijkheden van het
Jongerencultuurfonds Amsterdam.
Onlangs vierde Stichting Balls in Paradiso zijn tienjarig jubileum met een feestelijke jubileumvoorstelling.
Geheel in ISH-stijl was er dezelfde avond ook een rollerskate-disco, een skatedance-show, een DJ-competitie
en een jubileumfeest.
66
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Letteren
De lettereninstellingen vormen een kleine, maar zeer constante groep instellingen en kunstenaars in de
database. 24 organisaties noemen letteren als hoofddiscipline. Daarnaast zijn er nog 41 andere instellingen
die aangeven dat zij aanbod op het gebied van letteren hebben, maar waarvan het niet de hoofddiscipline is.
Letteren is een actieve discipline, van alle letterenprojecten is 80% actief. In verschillende projecten is
zelf een verhaal of gedicht schrijven het uitgangspunt. Deze projecten worden meestal afgesloten met een
wedstrijd of een performance waarin de leerlingen hun geschreven tekst aan het publiek laten horen. School
der Poëzie organiseert deze wedstrijden of performances, zowel lokaal als landelijk. Met het laten schrijven
van verhalen en gedichten door kinderen en jongeren wordt beoogd dat zij hun woordenschat vergroten,
maar ook dat zij zich leren presenteren.
Een terugkerend onderwerp bij letteren is in het openbaar spreken. Er zijn meerdere projecten waarin het
gaat om filosoferen, discussiëren, debatteren en interviewtraining. Bij letteren draait het dus niet alleen om
het geschreven, maar ook om het gesproken woord. Een terugkerend thema is het ontdekken van jezelf en
wat je later wilt worden. Zo wordt letteren in het onderwijs gebruikt om vakken als geschiedenis, CKV en
Nederlands te combineren in oral history. Bij oral history verdiepen de jongeren zich in de geschiedenis van
Nederland, van naasten en ook van zichzelf. Zij doen dit door interviews af te nemen van mensen uit hun
buurt of van ouderen en door te luisteren naar hun verhalen. Door de verslaglegging achteraf worden de
verschillende onderdelen van de discipline gecombineerd in verschillende schoolvakken, zoals geschiedenis
en topografie.
Letteren wordt dus gecombineerd met andere disciplines, wat niet zo verwonderlijk is, aangezien taal voor
veel disciplines het uitgangspunt is. Zo wordt taal met theater gecombineerd en schrijven kinderen hun
eigen toneeldialogen. In verteltheater, een aparte discipline binnen theater, is het vertellen van verhalen
de leidraad. Impresariaat Het Verteltheater heeft zeventien vertellers in zijn bestand en meer dan honderd
voorstellingen, verhalen en workshops. Het biedt muzikale, literaire, spannende, avontuurlijke en grappige
verhalen. Andere combinaties in letterenprojecten worden bijvoorbeeld gemaakt met muziek, in de vorm van
rap en slam poetry, en met dans, door het dansen van sprookjes.
Een instelling die inmiddels al vijf jaar actief is op het gebied van cultuureducatie en letteren is Stichting
Taalvorming. Zij probeert een brug te slaan tussen kunsteducatie en taalonderwijs en biedt daarvoor een
gevarieerd aanbod van workshops en projecten. Ter ere van het vijfjarig bestaan organiseert Stichting
Taalvorming dit jaar in september de conferentie ‘De kracht van taalvorming, taal met hart, hoofd en
handen’. Het doel van deze conferentie is om de aanwezigen te inspireren om taalvorming te gebruiken in
allerlei situaties.
67
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Muziek
Mocca telt 67 muziekinstellingen in haar database. Dit aantal groeit nog steeds en wordt steeds kleurrijker.
57% van alle muziekinstellingen biedt programma’s voor zowel PO- als VO-leerlingen. Leerkrachten kunnen
zowel bij 25 grote als bij 42 kleinere muziekinstellingen terecht met hun wensen voor muziekonderwijs.
Scholen voor speciaal onderwijs hebben volop keuze: 41 muziekinstellingen maken projecten voor het
speciaal onderwijs.
Van alle aangemelde muziekinstellingen heeft ruim 40% een cultureel divers muziekaanbod. Steeds meer
muziekinstellingen met een aanbod van niet-westerse muziek vinden hun weg naar de Mocca-database.
Samba Salad richt zich op Zuid-Amerikaanse en met name Braziliaanse beats. Het trio Neco Novellas
brengt niet alleen het populaire djembé, maar ook andere Afrikaanse percussie-instrumenten onder de
aandacht van scholen. De in september 2009 geopende Wereldmuziekschool is een nieuwe Amsterdamse
muziekinstelling die als missie heeft om verschillende muziekstromen de scholen in te brengen.
Stichting Kasba is een van de weinige culturele instellingen die zich inzet voor verspreiding en
professionalisering van Marokkaanse muziek en cultuur in Nederland. De stichting komt voort uit de
band Kasba, die uit Nederlanders en Marokkanen bestaat. Stichting Kasba richt zich op PO-leerlingen
en muziekscholen. In de toekomst wil zij ook projecten ontwikkelen voor het VO. In samenwerking met
Kunstfactor maakte Stichting Kasba ‘Klinkend Arabisch’, twaalf Noord-Afrikaanse meespeelnummers voor het
muziekonderwijs. Het materiaal kan gebruikt worden op muziekscholen om leerlingen kennis te laten maken
met een aantal basisritmen en melodieën in de Noord-Afrikaanse muziek.
Nieuwe Media/audiovisueel
Het gebruik van media in het onderwijs neemt toe, ook in de kunstvakken. De behoefte aan mediawijsheid
wordt schoolbreed gevoeld.22 De discipline nieuwe media/audiovisueel groeit daardoor. Dit jaar zijn er
weer zeventien nieuwe organisaties bij gekomen, wat het totale aantal organisaties dat nieuwe media/
audiovisueel aanbiedt op 62 brengt, 11% van het totale aanbod. Deze instellingen en kunstenaars geven
aan dat media/audiovisueel hun hoofddiscipline is. Daarnaast zijn er nog 34 instellingen die aangeven dat
zij weliswaar activiteiten op het gebied van nieuwe media/audiovisueel aanbieden, maar dat het niet hun
hoofddiscipline is. In het afgelopen jaar zijn acht instellingen verwijderd uit de database, omdat zij geen
projecten meer aanbieden of ontwikkelen.
Wat opvalt, is dat er naast de vele workshops film, videoclips, animaties en foto’s maken, steeds meer
aandacht is voor mediawijsheid. Projecten en workshops beginnen met een inleiding over mediawijsheid en
gaan daarna over in zelf maken en vastleggen. In projecten wordt onder meer van jongeren gevraagd om
hun eigen leven te filmen of om aan de slag te gaan met maatschappelijke thema’s. Door deze onderwerpen
centraal te stellen wordt het maken van films onder meer ingezet om jongeren erachter te laten komen
wat zij later willen worden en of zij zich bewust zijn van hun keuzes in het dagelijks leven. Door de inleiding
in mediawijsheid worden jongeren zich bewust van de mogelijkheden van media-uitingen en van hoe zij de
waarheid kunnen manipuleren.
Er is veel aanbod in de database om kinderen en jongeren te leren zelf films en foto’s te maken, maar ook
is er veel aanbod om hen animaties en korte videoclips te leren maken. Doordat jongeren met hun mobiele
telefoons kunnen fotograferen en filmen en er toegang mee hebben tot internet, hebben zij steeds meer
toegang tot de media. Instellingen spelen daarop in door bij de projecten het eindproduct in de vorm van een
podcast te zetten, door het te presenteren in de vorm van een powerpointpresentatie, door het op Youtube
te zetten of door het op een eigen website te zetten.
22 Cutuur en School
68
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Vorig jaar schreven wij al over culturele instellingen die de buurt in trekken. Deze trend heeft zich het
afgelopen jaar voortgezet. Foam had al de Foam_Mobiel waarmee het de wijk in kan trekken, maar sinds mei
heeft het museum een dependance aan het Confuciusplein in Amsterdam Nieuw-West, waar het drie jaar zal
blijven. Kinderen, jongeren en volwassenen uit de buurt kunnen drie jaar lang fotografieworkshops volgen
waarbij zij zichzelf en hun wijk in beeld brengen. Zo probeert het museum ook de sociale samenhang te
vergroten en meer cultuur naar het stadsdeel te brengen.
Daarnaast is er in deze discipline ook een nieuw en belangrijk samenwerkingsverband. Onder de naam
EYE Film Instituut Nederland zijn de Filmbank, Holland Film, het Nederlands Instituut voor Filmeducatie
en het Filmmuseum per 1 januari 2010 verenigd in één organisatie, onder één naam en onder één dak. EYE
heeft kennis en expertise op het gebeid van filmrestauratie, onderzoek, educatie, internationale promotie
en marketing. Op het gebied van educatie levert EYE een bijdrage aan het aanbod op het gebied van
filmeducatie in Nederland.
Theater
Theater blijft de discipline met het meeste aanbod. Van de 559 instellingen op de Mocca-website geven 164
instellingen aan dat theater hun hoofddiscipline is, 29% van alle instellingen. 49 instellingen geven aan dat
zij activiteiten op het gebied theater aanbieden, maar dat dit niet hun hoofddiscipline is.
Het afgelopen schooljaar zijn er 39 nieuwe theaterinstellingen op de Mocca-website bijgekomen, 30% van
alle nieuwe aanmeldingen.
Theater kan in veel vormen worden aangeboden: poppentheater, locatietheater, improvisatietheater,
mimevoorstellingen, interactieve theatervoorstellingen over persoonlijke en maatschappelijke thema’s,
dramalessen, internationaal theater, muzikale voorleesvoorstellingen, musicals en in nog veel meer vormen.
De instellingen bieden projecten en voorstellingen voor alle doelgroepen. 50% van de instellingen geeft
aan dat zij projecten voor het speciaal onderwijs hebben en 36% maakt alleen projecten voor het primair
onderwijs.
Theaterinstellingen bundelen hun krachten. Theatereducatie Amsterdam is een samenwerkingsverband
van elf verschillende theaters en gezelschappen uit Amsterdam: De Toneelmakerij, Het Muziektheater
Amsterdam, MC, Podium Mozaïek, Rozentheater, Stadsschouwburg Amsterdam, Theater Bellevue,
Frascati, De Krakeling, Toneelgroep Amsterdam en het Tropentheater. Al vijf jaar organiseren deze
theaters voor docenten in het voortgezet onderwijs in Amsterdam de Theateradviesdag en sinds vorig
schooljaar ontwikkelen zij ook een basisworkshop theater en bieden zij deze aan. Het is een workshop
voor brugklassers die voor het eerst vanuit school in aanraking komen met theater en theatereducatie.
Ook hebben deze theaters sinds juni 2010 een vernieuwde website met een duidelijk overzicht van alle
voorstellingen met een bijbehorende leeftijdsindicatie.
Een aantal instellingen zet theater in om kinderen en jongeren vertrouwd te maken met de dagelijkse
realiteit. In theaterstukken worden actualiteiten en maatschappelijke issues aan de orde gesteld.
Stichting Kikid maakt theatervoorlichtingsprojecten voor het voortgezet onderwijs met als doel de sociale
competenties en maatschappelijke weerbaarheid van de jeugd te versterken en te vergroten. Jongeren
tussen de 17 en 21 jaar worden ingezet om peer-educationprojecten uit te voeren binnen het onderwijs,
gevolgd door een discussie tussen de peer-educators en de leerlingen. Stichting Kikid werkt met peereducators omdat zij dicht bij de leefwereld van de leerlingen staan. De projecten zijn een mix van kunst,
cultuur en discussie.
69
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Bijlage 2
Een onderzoek naar Cultuureducatie en taal
Maaike Verrips
4 oktober 2010
Vijf visies
Mocca signaleerde de afgelopen jaren dat veel basisscholen zich bij de aanpak van cultuureducatie steeds
nadrukkelijker afvragen of cultuureducatieve activiteiten ook een bijdrage leveren aan de taalontwikkeling
van de leerlingen. Ook aanbieders lijken hier op in te spelen door bijvoorbeeld woordenschatontwikkeling te
benoemen als één van de positieve effecten van hun project. Wat is hier aan de hand? Maaike Verrips van
De Taalstudio ging in opdracht van Mocca in gesprek met vijf scholen in vier stadsdelen, om meer te weten
te komen over die relatie tussen taal en cultuureducatie. Hoe kijken de scholen aan tegen de inzet van
cultuureducatie voor de taalontwikkeling? Wat zijn hun verwachtingen en wat zijn de ervaringen? En tot slot:
is er misschien juist iets voor te zeggen om bij cultuureducatie niet in te zetten op de taalontwikkeling? Vijf
betrokken leerkrachten, met vijf verschillende benaderingen van taalonderwijs, en vooral van de plaats van
cultuureducatie daarin. Maar eerst een uitstapje naar de theorie achter taalonderwijs.
Taalonderwijs
Het werken aan taalachterstanden heeft op veel Amsterdamse basisscholen de hoogste prioriteit. Dat
geldt zeker voor de scholen met veel anderstalige leerlingen. Het inzicht is immers wijd verbreid dat een
goede taalontwikkeling de basis vormt voor het hele onderwijs. Dat mes snijdt aan twee kanten. Enerzijds
geeft een onvoldoende taalbeheersing problemen in alle vakken. Aan de andere kant bieden alle vakken
kansen om aan taalontwikkeling te werken. Ook is duidelijk dat, binnen het taalonderwijs, de ontwikkeling
van de woordenschat de eerste plaats verdient. Leerlingen die niet voldoende woorden kennen, kunnen de
lessen onvoldoende volgen. Maar zij leren ook minder snel nieuwe woorden bij. Taal, en in het bijzonder
woordenschat, is dus de basis van alle vakken en alle vakken bieden mogelijkheden om aan de woordenschat
te werken. Het is dan ook op zichzelf niet verrassend dat ook bij cultuureducatieve activiteiten aandacht is
voor de taalontwikkeling van de leerlingen.
Om systematisch de kennis van de leerlingen uit te breiden is bewust inrichten van woordenschatonderwijs
noodzakelijk. Dit vereist van leerkrachten ook specifieke didactische kennis en specifieke vaardigheden.
Factoren die het succes van woordenschatonderwijs bepalen, zijn: systematisch en structurele aandacht
voor woorden, aansluiten bij de beleveniswereld van het kind, woorden aanbieden in een betekenisvolle
context en in samenhang met andere woorden. Vooral bij jonge kinderen wordt het ook van belang geacht
dat andere zintuigen dan kijken en luisteren worden betrokken bij het overbrengen van de betekenis van
woorden.
Er zijn verschillende werkwijzen bekend om aan de woordenschat van kinderen te werken. En dat gaat
niet door het laten opdreunen van rijtjes woorden, maar altijd door een combinatie van technieken. In de
bekende aanpak ‘Met woorden in de weer’ worden vier stappen onderscheiden. De te leren woorden worden
eerst zorgvuldig geselecteerd, dan wordt de belangstelling van de kinderen voor de gekozen woorden
gewekt, en vervolgens wordt de betekenis met verschillende technieken overgebracht. Tot slot wordt
gecontroleerd of de kinderen het woord passief en actief beheersen.
Er is niet veel fantasie voor nodig om te zien dat cultuureducatie de woordenschatontwikkeling in al deze
stappen zou kunnen ondersteunen. Maar doet het dat ook? Ondanks de gebleken belangstelling van scholen
voor de mogelijkheid om cultuureducatie te verbinden aan het taalbeleid, is er geen gedegen onderzoek
waarin de effecten van zulke inspanningen zijn gemeten.
70
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Kunst en kennis
De Kraal is een kunstmagneetschool, wat zoveel wil zeggen als dat de school er naar streeft veel
aandacht aan kunstvakken te besteden en deze ook te integreren met de kennisvakken. De Kraal heeft
drie vakdocenten voor de kunstvakken: één voor dans, één voor drama en één voor beeldende vorming.
Frances Overwater is docent dans en ICC-er op basisschool de Kraal. Zij is er rotsvast van overtuigd dat het
onderwijs in de kunstvakken ook een positief effect op de kennisvakken kan hebben. Frances investeert dan
ook veel in de aansluiting tussen de danslessen en de lessen van de groepsleerkracht. Het cultuurschrift is
daar een recent voorbeeld van: in het schrift schrijven de kinderen zelf iets over de dansles. Zo vertalen ze
zelf de dansles naar een taal-activiteit.
Maar belangrijker is de aansluiting in de opzet van de lessen. Aan het begin van iedere periode bespreekt
zij met iedere leerkracht welke thema’s aan de orde zullen komen in de klas. Op basis daarvan wordt
een inhoud gemaakt voor haar dans- en bewegingslessen. Soms stelt ze ook zelf een thema voor aan
de groepsleerkracht. ‘Als het thema in de klas bijvoorbeeld groente en fruit is, dan vertaal ik dat in de
dansles naar begrippen zoals groei en gezondheid. Het begrip groei heeft alles te maken met tijd, en dat
is een basiselement bij dans. En bij dans staat het lichaam centraal en zo kom je dan ook vanzelf toe aan
gezondheid.’ Nog dichter bij de taalles bleef ze bij haar serie rond het woord sok, dat de kinderen net
hadden leren schrijven. De kinderen kregen van haar sokken aan waar ze helemaal in pasten en ervoeren
op die manier allerlei aspecten van de betekenis van sok. Iets dat strak zit, iets dat om je lichaam heen zit,
iets waarin je dingen kunt verstoppen. Net zo werd het begrip roos in de dansles met fantasie gekoppeld
aan beweging en ook aan het sociale aspect van dans. De kinderen dansen de bewegingen van een roos die
open of dicht gaat, in een kringetje dicht bij elkaar als een gesloten roos, en in een wijder wordende kring de
opening van de roos.
Een enkele keer vraagt een leerkracht ook aan Frances om met de kinderen te werken aan een bepaald
begrip dat de kinderen moeilijk vinden. ‘Bijvoorbeeld het begrip schuin tegenover elkaar, daar kunnen we
in de dansles heel goed aan werken. Schouders tegenover elkaar, diagonaal, die begrippen krijgen door de
dansles een concrete inhoud voor de kinderen. En het blijkt ook te beklijven: als ik er een week later naar
vraag, blijken ze die begrippen nog heel goed te kennen’ vertelt Frances enthousiast.
In haar functie als ICC-er vraagt Frances regelmatig aan de leerkrachten of er bepaalde wensen zijn. Het
aanbod is immers erg groot en er moet gekozen worden. Natuurlijk denken niet alle leerkrachten daarover
even enthousiast mee. Maar ze heeft niet de indruk dat de suggesties die ze krijgt direct voortkomen uit
de leerdoelen in het taalonderwijs. Jenneke van der Haar is leerkracht in groep drie op De Kraal. Zij ziet
ook de meerwaarde van de aansluiting tussen kennisvakken en kunstvakken. “Maar dat betekent niet dat
je een cultureel uitstapje helemaal moet plannen vanuit je taalonderwijs. De aansluiting kan ook heel goed
andersom: als er een cultuureducatie-project wordt gedaan, kun je dat in de klas ook vertalen in de taalles.”
Ze herinnert zich nog goed dat de kinderen naar aanleiding van Kijken naar Kunst de begrippen abstract en
figuratief leerden kennen. Door dat project zullen ze die begrippen nooit meer vergeten. Zelf is Jenneke
al jaren geleden getraind door de Stichting Taalvorming. Daar leerde ze technieken om uitgaand van de
beleving van de kinderen zelf de woordenschat uit te breiden en de taalontwikkeling te stimuleren. Die past
ze nog steeds toe, in aanvulling op – en soms ook ter vervanging van – een opdracht uit de taalmethode.
Kunstmagneetscholen bestaan inmiddels ruim vijftien jaar. Jenneke en Frances merken dat de druk op de
leerkrachten om met de leerlingen te presteren op toetsen in de kennisvakken steeds toeneemt. Daardoor
komt de plaats van de kunstvakken ook op de kunstmagneetscholen onder druk te staan en is het niet zeker
hoeveel ruimte er in de toekomst zal zijn voor de integratie van kunst en kennis.
71
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Betekenis overbrengen met weinig woorden
Marijke Kruse is directeur van SBO Meander, een school voor speciaal basisonderwijs, waar veel
kinderen met verschillende ontwikkelingsachterstanden bij elkaar komen, waaronder een flink aantal
met taalachterstanden. “Bij alles wat wij doen, werken wij ook aan taalontwikkeling”, zegt Marijke
Kruse. Leerkrachten hebben soms de neiging om steeds meer woorden te gebruiken om iets uit te
leggen. Belangrijk is om naast het auditieve kanaal voor informatieverwerking ook andere kanalen te
gebruiken zoals onder andere het visuele. “De leerkrachten zijn intensief bijgeschoold op het gebied van
taalontwikkeling. Technieken om met zo weinig mogelijk woorden een betekenis over te brengen zijn bij onze
kinderen van grote waarde.” Aan de school is ook een logopedist verbonden die zeer intensief betrokken is
bij het taalbeleid. Zij coacht ook de leerkrachten. “Zo wordt er onder andere bij wereldoriëntatie gewerkt
met woordenlijsten die door de logopedist in samenwerking met de leerkracht worden opgesteld. Zij doet
dat op basis van de thema’s die op dat moment in verschillende klassen centraal staan. Met deze groep
kinderen is het nog meer dan bij andere kinderen van belang dat een begrip op veel verschillende manieren
wordt overgebracht.” Ook daarbij kan cultuureducatie een positieve bijdrage leveren. Cultuureducatie wordt
vaak ingezet bij zo’n thema.
Naast woordenschatontwikkeling is er ook veel aandacht voor begrijpend lezen en de mondelinge
uitdrukkingsvaardigheid. Dat laatste gebeurt op SBO Meander bijvoorbeeld door middel van de kleine kring,
waarbij kinderen een paar keer per week, in groepjes van maximaal vier, praten over een thema. Zo worden
gespreksvaardigheden geoefend zoals beurtgedrag en het vasthouden van een thema. Op dit moment loopt
een cultuureducatief project waarbij de kinderen op basis van interviews en foto’s portretten van elkaar
maken. Zo wordt op een vanzelfsprekende manier ook aan taalvaardigheden gewerkt.
Keuzes maken
Auke Klapwijk is directeur van de Amstelmeerschool in Amsterdam-Noord. Sinds begin jaren negentig werkt
de Amstelmeerschool met het Taalspeellokaal, dat door de school onder leiding van Klapwijk is ontwikkeld.
Het Taalspeellokaal is een apart lokaal in de school met een eigen leerkracht. In het Taalspeellokaal worden
kinderen, in groepen van maximaal 12, enkele keren per week apart onderwezen. Het principe is simpel:
het Taalspeellokaal loopt een week vooruit op de thema’s uit de klas. Op deze manier leggen zwakkere
kinderen een basis voor de stof die zij in de reguliere lessen krijgen gepresenteerd. Door deze voorbereiding
kunnen ze de les beter volgen en lopen ze soms zelfs even voor op de andere kinderen. Dat werkt enorm
motiverend. De overige kinderen zonder taalachterstand profiteren hier ook van. Hun klas is steeds
90 minuten lang homogener en bovendien kleiner. De leerkracht kan dan meer aandacht geven aan de
verdieping die deze kinderen aankunnen.
Klapwijk hecht als directeur aan focus en duidelijke keuzes. Hij stelt dat cultuureducatie pas echt zin heeft
vanaf groep vijf. “Tot en met groep vier moet alle energie en aandacht uitgaan naar de ontwikkeling van
woordenschat, technisch lezen en begrijpend lezen. En vanaf groep vijf hebben de kinderen bovendien
plezier van cultuureducatie.” De afgelopen vijf jaar werd op de Amstelmeerschool steeds een filmproject
gedaan met regisseur Alex Ivanov. Klapwijk noemt het “een kennismaking met een andere taal, filmtaal.”
In groep 5 begonnen de kinderen met het maken van fotoseries aan de hand van lego-bouwsels. Zo leerden
ze de techniek kennen van het snel afdraaien van veel plaatjes om tot de illusie van beweging te komen. In
groep 6 werd een animatiefilm gemaakt, in groep 7 werden interviews en camerawerk geoefend en in groep
acht montage en verhaalopbouw. Het heeft jaarlijks geleid tot mooie resultaten, al wordt het na vijf jaar
weer eens tijd voor iets anders.
Op de Ru Paré school is de afgelopen jaren alle aandacht uitgegaan naar het bereiken van betere
resultaten bij taal en rekenen. Nadat de school enkele jaren geleden door de inspectie als slechte school
werd beoordeeld, is een omwenteling ingezet, en in het voorjaar van 2010 kreeg de school van de
onderwijsinspectie weer een voldoende. Vooral de laatste twee jaar is de aandacht geconcentreerd op het
systematisch aanpakken van de taalontwikkeling, onder andere door het invoeren van nieuwe methodes
72
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
en scholing van de leerkrachten. De opening van de nieuwe schoolbibliotheek zal een impuls zijn voor het
leesonderwijs en biedt ok aanknopingspunten voor cultuureducatie. Eerdere ervaringen met Taalvorming
waren zeer gericht op de expressie van de kinderen en het bevorderen van de interactie in de klas,
waardoor kinderen meer over hun ervaringen zouden praten. Dit kon met beeldende vorming en met drama.
De leerkrachten vonden het vaak mooie projecten maar ook erg arbeidsintensief. Met de invoer van de
nieuwe taalmethodes en de aandacht op het verbeteren van de resultaten wordt er op dit moment niet veel
met de werkvormen van Taalvorming gedaan. Ook het komende jaar zal de aandacht nog vooral gericht
moeten zijn op taal en rekenen en is er weinig ruimte en energie over om de cultuureducatie uit te bouwen.
Betekenis ontdekken met cultuureducatie
Gerda Beikes is directeur van de Avonturijn, een school voor Ontwikkelingsgericht Onderwijs (OGO), in de
Rustenburgerstraat in de Pijp. Bij OGO staan de vier B’s centraal: Betekenisvol, Betrokken, Bemiddelend,
en Bedoeling. De ervaringen van de kinderen staan centraal bij het ontwerp van alle activiteiten, er wordt
zo veel mogelijk gewerkt vanuit hun belangstelling en beleving. De werkelijke ervaring opdoen is leidend,
de school probeert om de echte wereld in de school te halen of met de school naar de echte wereld toe te
gaan. Het taalonderwijs wordt gekoppeld aan de eigen ervaring en de eigen associaties van de kinderen. Op
basis van deze visie op onderwijs werkt de school op dit moment ook aan een vernieuwde integrale visie op
cultuureducatie. Maar dat neemt niet weg dat de school al een lange traditie kent in het verbinden van taal
en cultuur.
Al in de jaren negentig zocht de Avonturijn – geconfronteerd met veel kinderen die Nederlands niet als
moedertaal spraken - naar manieren om ook andere middelen dan de ‘gewone taal’ in te zetten in het
onderwijs. In samenwerking met de Stichting Taalvorming werd een eigen werkwijze ontwikkeld voor het
leesonderwijs. Later werd vanuit die visie ook een werkwijze ontwikkeld voor woordenschatonderwijs,
grammatica en spelling. In die werkwijze – en ook bij de ontwikkeling ervan – wordt veel gebruik gemaakt
van kunst en cultuur, zoals drama en beeldende vorming. Zo worden de associaties van de kinderen
permanent ingezet in het onderwijs en in het ontwikkelen daarvan.
De inzet van drama is een goed voorbeeld. In alle groepen op school wordt drama gegeven. Kinderen
leren zo niet alleen verbaal, maar ook non-verbaal met hun stem, mimiek en lijf uitdrukking te geven aan
ervaringen, emoties en gedachten. De kinderen bevragen elkaar over wat ze bedoelen, en de leerkracht
nodigt de kinderen uit goed te kijken en te verwoorden wat ze zien. Daarnaast wordt drama ook gebruikt
bij gesprekken over (prenten)boeken en tekstbesprekingen om duidelijk te maken wat bedoeld wordt. Dat
is vooral belangrijk voor kinderen met een kleine Nederlandse woordenschat. Doordat de leerkracht de
handelingen van het kind benoemt, het zogenoemde labelen, kunnen er nieuwe woorden geleerd worden.
Uitgangspunt bij OGO is onder andere dat de kinderen de eigen omgeving actief onderzoeken. In de loop der
jaren zijn er verschillende formats ontwikkeld voor het voorbereiden van cultuureducatieve activiteiten,
zoals een museumbezoek. Zo kan er vooraf les worden gegeven over een bepaald object, waarbij de
kinderen de opdracht krijgen dat object in het museum te gaan zoeken. Of door middel van kartonnen
kijkertjes worden kinderen aangespoord om in te zoemen op bepaalde details. Het zijn de lessen eromheen
die zorgen dat het bezoek aan een culturele instelling waarde krijgt voor de kinderen.
De activiteiten zelf worden niet zozeer uitgezocht op basis van het taalprogramma, maar, zoals Gerda
Beikes zegt: ‘Taal is voor ons steeds de rode draad. We geven elkaar en onszelf de opdracht om in de klas
iets te doen met de activiteit. Er liggen verschillende formats voor het maken van lessen om een activiteit
heen, maar wat er precies gebeurt bepaalt de leerkracht zelf op basis van de leerdoelen die op dat moment
centraal staan.’
73
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Intrinsieke waarde
Met al die aandacht voor het nut van cultuureducatie voor het taalonderwijs, rijst de vraag of de scholen
ook de intrinsieke waarde van cultuureducatie erkennen. Daarover zijn de scholen opmerkelijk eensgezind
en positief. Marijke Kruse van de SBO Meander zegt het zo: “We vinden het ontzettend belangrijk om de
wereld van de kinderen te vergroten, en ze de gelegenheid te geven allerlei dingen te ervaren en te beleven
die ze van huis uit niet vanzelf meekrijgen. Onze kinderen hebben vaak niet alleen met een leerachterstand
te maken maar ook met een sociale achterstand. Cultuureducatie speelt een belangrijke rol. Omdat wij een
kleine school zijn, zijn onze middelen door de voucherregeling wel veel beperkter geworden dan vroeger.
Dat is heel jammer, juist voor deze kinderen.” Ook de andere scholen bevestigen dat cultuureducatie een
waarde in zichzelf heeft, niet alleen als ondersteuning van het taal- en rekenonderwijs maar juist ook omdat
het gelegenheid biedt om andere communicatievormen te gebruiken en andere talenten te ontplooien en
ontdekken. Auke Klapwijk zegt het kort en krachtig: “Door cultuureducatie maken kinderen kennis met kunst
en cultuur en met nieuwe manieren om de wereld te bekijken. Hopelijk ontluikt daardoor ook een zekere
liefde voor kunst en cultuur. Wij hebben daar niet zo veel uren voor in een schooljaar. Laten we die uren dan
goed gebruiken en niet proberen er allerlei andere doelen aan te verbinden. Het doel van cultuureducatie is
cultuureducatie.”
Conclusie
Het taalonderwijs en de aanpak van taalachterstanden is voor alle scholen een rode draad, waar vrijwel
iedere activiteit of inspanning zich mee moet meten. Dat betekent niet dat de keuzes voor de invulling
van cultuureducatie gebaseerd zijn op een bepaalde verwachting van een specifiek, meetbaar en
wetenschappelijk bewezen effect op de taalontwikkeling. Het betekent wel dat als er extra aandacht
voor het taalonderwijs moet zijn, zoals op de Ru Pare, dit ten koste kan gaan van de aandacht voor
cultuureducatie. Het betekent ook dat de meeste onderzochte scholen zoeken naar activiteiten die
aansluiten bij de thema’s die centraal staan in het taal- en rekenonderwijs. Maar die aansluiting kan van
twee kanten komen. Cultuureducatie hoeft niet altijd het taal- en rekenonderwijs te volgen. Naar aanleiding
van een aansprekend project vult een leerkracht soms ook de reken- of taalles in op een manier die bij
dat project aansluit. Veel leerkrachten zien daar mogelijkheden voor, al dan niet geïnspireerd door de
methodes van de Stichting Taalvorming. Aan het andere uiteinde van het spectrum staat een school als de
Amstelmeerschool: de aanpak van het taalonderwijs is heel sterk uitontwikkeld, en voor cultuureducatie is
daarnaast een beperkte ruimte. Maar aan de invulling van die ruimte worden geen eisen gesteld vanuit het
taal- en rekenonderwijs.
Amsterdam, 4 oktober 2010
De Taalstudio in opdracht van Mocca Expertisenetwerk Cultuureducatie
74
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Bijlage 3
De Bik-opleiding, Beroepskunstenaars in de klas
Bik-kunstenaars (bik’ers) zijn professionele kunstenaars die samen met leerkrachten uit het PO projecten
uitvoeren op scholen.
Bik-kunstenaars zijn niet in dienst van een school, maar werken op projectbasis samen met een school. Ook
buiten de normale lestijden zetten basisscholen ‘bik’ers’ in, vanwege de ontwikkeling van de brede school en
de toename van de naschoolse opvang die scholen aanbieden.
De Bik-opleiding is een eenjarige post hbo-opleiding. Tijdens deze opleiding verdiepen deelnemers zich in
cultuureducatie en doen zij kennis op over pedagogiek en leermodellen. Elke deelnemer ontwikkelt tijdens
de opleiding drie stageprojecten en voert deze uit op verschillende scholen, die de deelnemer zelf benadert.
Deelnemers leren hun kunstenaarschap te vertalen naar kwalitatief hoogwaardige educatieve projecten en
leren scholen kennen die zij zelf benaderen.
75
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
Bronnen
OCW - Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, http://www.rijksoverheid.nl/ministeries/ocw
SKVR - Stichting Kunstzinnige Vorming Rotterdam, http://www.skvr.nl
UCK - Utrechts Centrum voor de Kunsten, http://www.uck.nl
Koorenhuis, Kunstencentrum voor Den Haag en de Haagse regio, http://www.koorenhuis.nl/home
KunststationC, Bureau voor cultuureducatie in de provincie Groningen, http://www.kunststationcultuur.nl
http://www.cultuurplein.nl
Martijn Pool, De zoektocht naar kwalitatief hoogwaardige cultuureducatie, Masterthesis UvA 2010
CJP - Cijfers Amsterdam 2009/2010 tot 5 juli, http://www.cjp.nl
Voucherbeheer Amsterdam, bestedingen 2009-2010
Dienst Onderzoek en Statistiek Gemeente Amsterdam, Kerncijfers Amsterdam 2009,
http://www.onderzoekenstatistiek.nl
Podium Zuid; kunst- en cultuurvisie 2010-2020 stadsdeel Zuid; februari 2010
Cultuur visie Zuid
www.onderwijstijdverlenging.nl
http://www.museum.nl/index.cfm/nieuws/Maatschappelijke-stage-in-Foam-van-start
… daarom geef ik nog steeds training!
De leereffecten van de maatschappelijke stage in Amsterdam voor leerling, docent en stagebieder in het
schooljaar 2008-2009
Cofora, Ruud Duvekot, Liesbeth Duvekot, Marieke Hanekamp, Lotte Lebbink- Arnhem, Augustus 2009
Cultuureducatie in het primair en voortgezet onderwijs
Monitor 2008-2009, Utrecht, september 2009
Oberon: Claudy Oomen, Inge Visser, Afke Donker
Sardes: Sandra Beekhoven, Karin Hoogeveen
Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten/Universiteit Utrecht: Folkert Haanstra
CBS - Centraal Bureau voor de Statistiek, Jaarboek onderwijs in cijfers 2009 (2e editie)
http://www.cbs.nl/nl-NL/menu/themas/onderwijs/publicaties/publicaties/archief/2009/2009-f162-pub.htm
76
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
http://www.maatschappelijkestage.nl/actueelsectie/nieuws/archief/Intentieverklaring_cultuursector_0.2.doc
http://www.museum.nl/index.cfm/nieuws/Maatschappelijke-stage-in-Foam-van-start
http://www.film2connect.nl
http://www.toneelgroepamsterdam.nl/default.asp?path=n2zjsiyu
Het Parool, http://www.parool.nl
Eindverslag Internationalisering 2008-2009, Mocca Amsterdam
Eindverslag AFK pilot ‘Meer Cultuur op School’, Mocca Amsterdam & Richtje Sybesma BINOQ 2008
Kenniskring Muziekeducatie, Mocca Amsterdam 2010
De informatie in dit trendrapport is met zorg samengesteld. We moeten echter een voorbehoud maken wat
betreft de inhoud en kwaliteit van de informatie van derden.
77
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
M CCA
EXPERTISENETWERK CULTUUREDUCATIE
Kleine Gartmanplantsoen 21 1017 RP Amsterdam
T 020 620 9567
[email protected] | www.mocca-amsterdam.nl
MATCH ONDERWIJS CULTUUR AMSTERDAM
78
Keizersgracht 44
T 020 - 620 9
[email protected] | www