Aanslag 2 - RFV Christiaanse

AANSL AG!
de
Een uitgave van de Rotterdamse Fiscalisten Vereniging Christiaanse – Taxateur
Jaargang 23, nummer 2| 2013/2014
Battle of the
Generations
Een Docent
over het thema:
Em. prof. dr. H.A. Kogels
Interviews met:
Verder:
BDO
Stibbe
Aankondiging Aanmerkelijk Belang
De Luxemburgreis
CT on Ice
Fiscale bedrijvendag
Fiscale Bedrijvendag
Fiscale Bedrijvendag
Fiscale Bedrijvendag
Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag
Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag
Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag
Fiscale Bedrijvendag Fiscale
Bedrijvendag
Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag
Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag
Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag
Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijven
Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag
Fiscale Bedrijvendag
Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag
Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag
Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag
Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag
Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag
Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag
Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag
Fiscale Bedrijvendag
Fiscale Bedrijvendag Fiscale Bedrijvendag
Fiscale Bedrijvendag
14 februari 2014
deAANSL AG!
Inhoudsopgave
Inhoudsopgave
Thema-artikel
Aanmerkelijk Belang
Een strijd tussen
jong en oud
Alumnivereniging
Per januari 2014
heeft de R.F.V.
Christiaanse-Taxateur
een alumnivereniging
Een tikkende
tijdbom?
6
9
Em. prof. dr. H.A. Kogels
CT on Ice
Bijzonder Hoogleraar
Belastingrecht
“Battle of the
generations?”
30
14
4 Redactioneel
5 Van de Voorzitter
21 Prijsvraag
22 Startersinterview Stibbe
10 1Startersinterview BDO
28 Nieuwjaarsborrel
6 Thema-artikel
9 Aanmerkelijk Belang 13 Fiscaliteit in perspectief! 14 Docentenartikel
16 Kantoorbezoek Loyens & Loeff 17 Kantoorbezoek PWC
18 De Tien
19 Sinterklaasborrel
20 Eerstejaars aan het woord
24 De Luxemburgreis
27 Thuis bij…
30 CT on Ice
32 Tax Jurisprudence Program
34 Speciaal Fiscaal
36 De Stelling
38 Column Martijn
38 Agenda
3
De Aanslag is het verenigingsblad van
de R.F.V. Christiaanse-Taxateur en
verschijnt vier keer per jaar.
Editie
Jaargang 23 / Nummer 2
Februari 2014
Hoofd- en eindredactie
Michèle Hendriks
Redactioneel
Redactioneel
Colofon
deAANSL AG!
4
Redactie
Mehdi el Manouzi
Cindy Steentjes
Valérie Visser
Alain van Westen
Met dank aan:
De stellingdeelnemers
Laura van Buggenum
Alexander Claessens
Robert Donkers
Floris Evenboer
Julia Grooten
Diederik Jiskoot
Nicky Kattenbroek
Jeroen Koenraadt
Em. prof. dr. H.A. Kogels
Maud van der Linden
Agnes Maassen
Joris Naalden
Chiem Ringers
Erik Ros
Martijn Schippers
Patrick van de Werken
Redactieadres
Erasmus Universiteit Rotterdam
De Aanslagredactie
Kamer H13-11
Postbus 1738
3000 DR Rotterdam
Telefoon: 010 – 408 14 69
Website: www.christiaanse-taxateur.nl
E-mail: [email protected]
Adverteren
Voor inlichtingen over adverteren kunt
u contact opnemen met Agnes Maassen
([email protected]).
Ontwerp en vormgeving
Orangebook
Almanakken & Verenigingsbladen
Waarde leden,
De jaren vliegen voorbij, zo ook het jaar 2013. Een jaar waarin we het
4e lustrum van de CT vierden. Inmiddels zijn we in februari aanbeland en is het alweer tijd voor het grootse evenement ‘de Bedrijvendag’ die dit jaar het thema ‘Fiscaal Flirten’ zal hebben. Toepasselijk
omdat de Bedrijvendag dit jaar op 14 februari, de dag van de liefde,
zal plaatsvinden. Wij hopen veel van onze leden te kunnen verwelkomen op deze dag.
Voor de tweede editie van de Aanslag hebben we gekozen voor het thema: ‘Battle of the
Generations’. Dit leek ons wel toepasselijk omdat de R.F.V. Christiaanse-Taxateur per januari 2014 een alumnivereniging heeft opgericht met de naam ‘Aanmerkelijk Belang’,
oftewel een oudere generatie CT’ers die de mogelijkheid heeft om betrokken te blijven
bij de vereniging en de universiteit, maar ook om het contact met oud-studiegenoten te
verstevigen.
De strijdbijl tussen generaties zal nooit helemaal begraven worden en wellicht wordt de
generatiekloof alleen maar groter nu de groep gepensioneerde babyboomers alleen maar
zal toenemen en de vergrijzing een feit is. Een generatie die zichzelf ziet als zondebok van
de financiële crisis en als eerste zal moeten doorwerken tot hun 67ste. Zij hebben hun
hele leven hard gewerkt en krijgen er als bonus twee jaar langer doorwerken voor terug
zonder de zekerheid dat zij zonder zorgen van hun pensioen kunnen genieten. Wel wordt
er vergeten dat we steeds ouder worden door de toenemende welvaart. Het is heel aannemelijk dat de jongere generatie nog langer moet doorwerken.
Als we allemaal goed om ons heenkijken en ons pessimisme laten varen, zal je zien dat
elke generatie hard werkt zodat de volgende generatie een nog welvarender leven kan
leiden. Door de toenemende groep babyboomers en onze negatieve houding zijn we allen alweer vergeten dat de generatie daarvoor de barre omstandigheden van de Tweede
Wereldoorlog heeft meegemaakt. Wanneer we nog wat generaties terug gaan, mogen
we blij zijn dat we überhaupt de leeftijd van 67 bereiken. Kortom: elke generatie zal het
hoogstwaarschijnlijk beter krijgen dan de vorige. We moeten kijken naar wat de vorige
generaties allemaal hebben bereikt en wat we als generatie nog kunnen toevoegen. Een
beetje solidariteit voor elkaar is dan wel op zijn plaats.
Wanneer we het thema weer toespitsen op onze vereniging, mogen we de “oudere generatie CT’ers” dankbaar zijn voor het werk dat ze voor de vereniging hebben verricht
zodat wij als huidig lid daarvan kunnen profiteren en waardoor we een aantal mooie
activiteiten kunnen neerzetten zoals de borrels, de Luxemburgreis naar het Hof van Justitie van de Europese Unie en CT on Ice die in deze editie van de Aanslag uitgebreid aan
bod komen!
Drukkerij
Orangebook
We wensen je veel leesplezier!
Oplage
800 exemplaren
Met vriendelijke groet,
namens de Aanslagcommissie 2013/2014
Michèle Hendriks
XXIste bestuur der R.F.V.
Christiaanse-Taxateur
Floris Evenboer - Voorzitter
Nicky Kattenbroek - Secretaris
Emiel de Bok - Penningmeester
Agnes Maassen - Commissaris Extern
Daan Hoogwegt - Commissaris Intern
Michèle Hendriks - Commissaris Media
Van de Voorzitter
deAANSL AG!
Van de Voorzitter
Waarde leden,
We bevinden ons in de kortste maand van het jaar
en u weet wat dat betekent: de tweede Aanslag van
het jaar ‘13/’14 ligt bij u op de mat! Een editie die in
het teken staat van de ‘Battle of the Generations’.
Een thema dat van alle tijden is, geklaag over de
jeugd is immers ook van alle tijden. Echter, het is
ook een thema dat nu meer dan ooit aan de orde
is, denkende aan de problemen waar we te maken
mee krijgen door de toenemende vergrijzing, die zowel de politiek als de burger zelf bezighoudt. Waar
voorheen de jongeren als ‘lastpak’ gezien werden,
lijkt dit nu de ouderen te overkomen.
Ik neem u mee naar vroeger – u weet wel: ‘toen-alles-beter-was’ –
toen zei de grote filosoof Socrates al: ‘Onze jeugd heeft tegenwoordig een sterke hang naar luxe, heeft slechte manieren, minachting
voor het gezag en geen eerbied voor ouderen. Ze geven de voorkeur
aan kletspraatjes in plaats van training. Zij spreken hun ouders
tegen, houden niet hun mond in gezelschap, en tiranniseren hun
leraren.’ Zoals u ziet is de generatiekloof er altijd al geweest en hieruit is de term ‘jeugd van tegenwoordig’ ontstaan; een uitdrukking
die niet zonder het bijbehorende hoofdschudden kan worden uitgesproken. Een veelgehoord geluid is dat de jeugd te vol van zichzelf zou zijn en zich niet zou bekommeren om andere generaties.
Maar nu doet het moment zich voor, dat de jeugd een kans krijgt
om het tegendeel te bewijzen.
“Gelukkig” is de tijd aangebroken dat de oudere generatie ons,
de jeugd, meer dan ooit nodig heeft. Wij staan aan de voet van
onze carrière, terwijl de vergrijzing net in een stroomversnelling
terechtgekomen is. De lasten van de vergrijzing moeten worden
(her)verdeeld onder de generaties, de hoogstaande zorgvoorziening worden uitgebouwd
Dat betekent dus ook dat u en ik, als generatie, ons steentje daaraan moeten bijdragen en dit realiseert de zogeheten ‘babyboomgeneratie’ zich maar al te goed. Ik hoor u al denken: ‘Dit vraagt om
een goede baan!’. Daar helpt de Christiaanse-Taxateur u graag een
handje bij.
Want de afgelopen maanden zijn er weer volop kantoorbezoeken,
TJP-sessies en tentamentrainingen georganiseerd en is u zelfs de
unieke mogelijkheid geboden om een bezoek te brengen aan het
Hof van Justitie in Luxemburg. Alles om voor u de best mogelijke
carrièrekansen te creëren. Bovendien is er, voor de eerste keer, dit
jaar een pre-event van de Bedrijvendag georganiseerd, zodat u het
maximale kunt halen uit de Fiscale Bedrijvendag 2014 die deze
maand op het programma staat!
De Fiscale Bedrijvendag 2014 zal de titel dragen: ‘You’ll never tax
alone’. En niets is minder waar, want ook binnen de fiscaliteit zullen alle generaties samen moeten werken om de vergrijzing op
te lossen. Deze dag biedt u de mogelijkheid om de verschillende
kantoren te leren kennen en de kantoren ú. Het ochtenddeel zal
bestaan uit individuele gesprekken met recruiters en adviseurs. Na
de lunch is er de mogelijkheid tot het volgen van workshops, die
zullen worden verzorgd door de kantoren. Na afloop van de workshops zal er een borrel plaatsvinden, gevolgd door een estafettediner. Dit geeft u de kans om nog wat te netwerken of gewoon gezellig te babbelen met recruiters en uw medestudenten.
Zoals u ziet bieden wij u genoeg mogelijkheden aan, om uw carrièrekansen te vergroten en sterker te staan in deze ‘Battle of the
Generations’. Ik zie u dan ook graag terug op onze Fiscale Bedrijvendag 2014 of bij een van onze andere activiteiten.
Met vriendelijke groet,
namens het XXIste bestuur,
Floris Evenboer
Voorzitter 2013/2014
5
6
deAANSL AG!
Thema-artikel
De strijd tussen jong en oud:
een tikkende tijdbom
Door:
Mehdi el Manouzi
Kloven in de Nederlandse samenleving, zoals de
kloof tussen arm en rijk, de migratiekloof en de
kloof tussen hoog- en laagopgeleiden zijn ons bekend. Maar er is op dit moment een geheel nieuw
conflict gaande dat de oppervlakte begint te raken.
de kloof tussen jong en oud. De klassenstrijd tussen de generaties gaat, zoals bij de meeste conflicten, over poen. Jongeren constateren dat ze het op
terreinen als pensioen, onderwijs, arbeidsmarkt,
woningmarkt en de zorg minder goed zullen gaan
krijgen dan de voorafgaande generatie. Het ziet er
ook niet naar uit dat dit snel zal veranderen.
tisch wereldbeeld op nahielden. Zij brachten de tijd van de provo’s,
the sit and teach ins, de seksuele revolutie, de ontzuiling, de ontkerkelijking en dolle mina’s voort. Zij behoren tot de generatie die
het Maagdenhuis bezette voor meer inspraak in het onderwijs en
daarnaast zijn zij ook de eerste generatie die recht kreeg op een
studiebeurs. De babyboomers hadden de wind van welvaart en
kansen in de rug.
Terugblik op de babyboomers
De grenzeloze generatie
De babyboomgeneratie, geboren in de periode 1945-1955, is de eerste naoorlogse generatie die vele malen groter is dan de generaties
van daarvoor. Deze generatie staat ook wel bekend als de protestgeneratie doordat een groot deel zich keerde tegen de gevestigde
orde en de heersende moraal.
De babyboomers staan bekend als de generatie die in hun jongere
jaren maatschappijkritisch ingesteld waren en er een zeer idealis-
Al snel ruilden de babyboomers hun idealen voor een betere wereld in. Het materiële belang kwam voorop te staan en krijgen
werd belangrijker dan geven. Geld werd de norm voor succes en
niet het welzijn van mensen. Het vanzelfsprekende huurhuis werd
ingeruild voor een koophuis.
De generatie (geboren vanaf 1986), waartoe de lezers van dit blad
behoren, kan worden bestempeld met meerdere etiketten; generatie Y, de digitale generatie, de generatie Einstein, de grenzeloze
generatie en soms wordt zij zelfs benoemd tot de patatgeneratie.
Zij zijn opgegroeid met het internet, social media en de nieuwste
high-tech gadgets. Zij zijn grenzeloos, want ze surfen letterlijk en
figuurlijk de wereld rond. Communiceren doen ze steeds vaker digitaal dan in real life. Individualisme staat voorop en niet het col-
Thema-artikel
deAANSL AG!
lectief. Flexibel werken buiten de traditionele 9 tot 5 mentaliteit
heeft hun voorkeur. Ook typerend voor deze generatie is een intens
leven, zelfontwikkeling, een fascinatie voor uiterlijk en status, en
een levensmoto dat luidt: ‘YOLO!’.
De keerzijde van de medaille is dat de houding van deze generatie
ook de nodige schadelijke gevolgen met zich mee brengt; alcoholmisbruik, schooluitval, schulden en publieke agressie. Er is weinig
meer over van de calvanistisch ingestelde Nederlander. Ook is er
een omvangrijke groep jongeren, meestal laaggeschoolden, die
dreigen buiten de boot te vallen omdat zij zich niet kunnen redden in de cultuur van zelfverdraagzaamheid. Er is sprake van een
toenemende tweedeling tussen jongeren die onafhankelijk zijn
en jongeren die meer sturing nodig hebben, aldus Lampert en
Spangenberg. Uit onderzoek blijkt dat 41% van de jeugd niet onafhankelijk is en zij dreigen geen juiste aansluiting te krijgen op de
arbeidsmarkt (Lampert, M. en F. Spangenberg 2009, De grenzeloze
generatie en de eeuwige jeugd van hun opvoeders).
Na ons de zondvloed
Babyboomers dragen het negatieve imago van een stelletje ‘graaiers en snaaiers’. Een generatie die liever spreekt over rechten dan
over plichten. Jongeren hebben het idee dat zij ‘Het Zwitserleven
Gevoel’ van ouderen betalen. Dit zou best wel eens zo kunnen zijn.
Neem als voorbeeld de AOW. De AOW is een basispensioen voor
iedereen die de pensioengerechtigde leeftijd haalt. Dit pensioen wordt gefinancierd door middel van een omslagstelsel; het
uitgekeerde pensioen wordt betaald door de premies van de
werkenden van nu. Dit financieringsmodel werkt goed totdat er
sterke demografische veranderingen opkomen, zoals de vergrijzing in Nederland, die de verhouding tussen gepensioneerden en
werkenden verstoren. De premies moeten stijgen of de uitkeringen
moeten worden verlaagd. Hetgeen de babyboomers hierbij wordt
verweten is dat dit probleem voorkomen had kunnen worden door
een (vergrijzings)reserve op te bouwen. Dit zou echter betekenen
dat de babyboomers hogere premies dienden te betalen.
Jammer genoeg verzaakte deze generatie om hervormingsbesluiten te nemen en werden deze vooruit geschoven. Om de AOW in
de toekomst betaalbaar te houden werd met veel moeite besloten
om de AOW te fiscaliseren, ook wel bekend als de Bos-belasting. Op
deze wijze gaan gepensioneerden met een aanvullend pensioen
ook meebetalen aan de AOW en worden jongeren enigszins ontlast. Een andere maatregel was de verhoging van de AOW-leeftijd.
Het spijtige is dat de verhoging van de AOW leeftijd vertraagd is
zodat nu juist de babyboomgeneratie uit de wind wordt gehouden. De nieuwste CBS bevolkingsprognose laat zien dat het aantal
65-plussers toe zal nemen van 2,7 miljoen in 2012 tot een hoogtepunt van 4,7 miljoen in 2041. Gevolg is een grotere belastingdruk
op de werkenden van nu. Om de AOW te kunnen financieren zal de
overheid ook in de verzorgingsstaat snijden waardoor aankomende generaties steeds minder aanspraak kunnen maken op publieke
voorzieningen. Zo zou Vadertje Drees het niet gewild hebben.
De jongeren krijgen ook op andere gebieden de rekening van economisch gewin van ouderen gepresenteerd. Neem de woningmarkt. De meerderheid van de babyboomers heeft zich met haar
en tand verzet tegen elk ´gemorrel´ aan de hypotheekrenteaftrek.
Voornaamste reden was het gunstige effect op de overwaarde van
hun huis. Gevolg was wel dat de generaties erna zich met de alsmaar stijgende huizenprijzen steeds dieper en dieper in de schulden moesten steken om een huis te kunnen financieren. Het geluk
van de winsten die ouderen op hun huizen maakten is dus betaald
door de jongeren.
Pensioenmythe
Als het om pensioenen gaat staan de belangen van de ouderen
haaks op die van de jongeren. Het Nederlandse pensioenstelsel
werd het beste pensioenstelsel ter wereld genoemd. Voor hen die
reeds met pensioen zijn is dit zeker zo, maar inmiddels weten we
dat het er voor degene die na 1960 geboren zijn niet meer zo roos-
7
8
deAANSL AG!
Thema-artikel
grote schulden, geen vaste baan maar tijdelijke arbeidscontracten
en een huis dat gekocht is met een te dure hypotheek. Het enige
goede van de komst van een 50plus partij is dat het ervoor heeft
gezorgd dat het generatieconflict een officieel agendapunt in Den
Haag is geworden.
Jongeren en politiek blijft een lastige combinatie. De opkomst bij
verkiezingen van jongeren daalt al jaren en het politieke bewustzijn is afwezig. Het is niet verwonderlijk dat jongeren collectief
niet in opstand komen en niet zichtbaar zijn als het gaat om hun
toekomst. Jongeren zijn namelijk gebrekkig georganiseerd en hebben geen besef van de noodzaak van protest, omdat er geen directe
aanleiding is. Daarentegen zijn ouderen vele malen beter georganiseerd, komen vaker opdagen bij partijbijeenkomsten en zijn
mondiger tegenover politici. Een leuk jongereninitiatief tijdens de
Tweede Kamerverkiezingen van 2012 was de G500. De G500, een
politieke jongerenbeweging van ruim 1000 jongeren, constateerde
dat hervormingen uitbleven en de rekening doorgeschoven wordt
naar de volgende generatie. Het was tijd om de politiek te ‘verjongen’ en niet langer over jongeren te spreken, maar met hen. Na de
verkiezingen bleek jammer genoeg dat het geen initiatief met een
lange adem was.
Solidariteit onder de loep
kleurig uitziet. De vergrijzing en hogere levensverwachtingen eisten hervormingen van het pensioenstelsel. Ouderen hebben zich
altijd verzet tegen deze hervormingen en de risico’s op de jongere
generatie afgewenteld. Gevolg is dat jongeren langer door moeten
werken, meer pensioenpremie betalen en de pensioenuitkering
voor hen veel lager zal uitvallen. Het gevolg van meer pensioenontvangers en minder premiebetalers is dat de pensioenreserves
drastisch afnemen. Door middel van boekhoudkundige trucs zoals
de rekenrente gaan pensioenfondsen zich rijker rekenen dan dat
ze zijn. Gevolg is dat oudere generaties zichzelf heel goed bedelen
met geld dat er niet is en zo komen de risico’s voor rekening van
de jongeren.
Politieke arena
Doordat de babyboomers de grootste generatie is die we hebben in
Nederland is ‘de grijze stem’ zeer interessant voor menig politicus.
Hierdoor klinkt de stem van ouderen meer dan die van jongeren
in de politiek. Regeringen hebben de afgelopen 25 jaar altijd de
babyboomers als uitgangspunt genomen. Politici hebben zich dan
ook jarenlang proberen te onthouden van maatregelen die deze
groep nadelig raken en de verworvenheden van deze groep heilig
verklaard.
Met het toetreden van een populistische partij als ‘50-plus’ in de
politieke arena blijkt maar weer hoezeer ouderen hun eigen belang voorop plaatsen. Nederland heeft op dit moment eerder de
behoefte aan een 35min-partij dan een 50plus-partij. Deze groep
staat namelijk kwetsbaarder in het leven en zit in het spitsuur
van het leven met grote verantwoordelijkheden; kleine kinderen,
Onderliggend in de veldslag tussen jong en oud ligt het vraagstuk
van solidariteit. Wat ouderen jammer genoeg minder begrijpen is
dat solidariteit geen eenrichtingsverkeer is, maar een wederkerig
beginsel. Als we realiseren dat een samenleving niet kan blijven
bestaan zonder wederkerige solidariteit dan kunnen jong en oud
elkaar vinden. Wanneer de verzorgingsstaat er slechts nog is voor
een beperkte groep van de bevolking, maar de kosten wel door
de hele jonge werkende bevolking opgebracht worden, zal het
draagvlak hiervoor uitgehold worden. Naarmate de vergrijzing
toeneemt en daarmee het beroep op de voorzieningen van onze
verzorgingsstaat, zal het conflict zich verscherpen en meer op de
voorgrond treden. Jongeren zien dat zij het moeten doen met de
versoberde tierige restjes van een verzorgingstaat. Een ‘opstand’
van de jongere generatie die haar solidariteit verliest is reëel. Een
mooie vormgeving om solidariteit te behouden is een grondwettelijke vastlegging waarin bepaald is dat de lasten evenredig over
de toekomstige generaties verdeeld zullen worden.
Slotsom
Tot slot kunnen we ons afvragen hoe we de oude generatie zullen
herinneren. De nalatenschap van de babyboomers bevat in ieder
geval weinig goeds; een uitgewoonde verzorgingstaat, een ziek
financiëel stelsel, het mislukken van de noodzakelijke hervormingen, onbetaalbare sociale voorzieningen en een samenleving met
grote schulden. Zij die het land in waardeloze staat achterlaten
draaien niet op voor wat zij tot stand hebben gebracht.
Tegelijkertijd is de huidige economische crisis een geschenk gezien de noodzaak van hervormingen geen uitstel meer verdraagt.
De les die wij jongeren hieruit kunnen trekken is dat het kortetermijndenken ingeruild dient te worden voor het langetermijndenken. Een generatie kan niet alleen met een hypotheek op de
toekomst van de jongere generaties de welvaart voor zichzelf
veilig stellen.
Aanmerkelijk Belang
deAANSL AG!
Word lid van onze alumnivereniging
‘Aanmerkelijk Belang’!
De CT breidt uit! Graag wil ik u op de hoogte stellen van onze per 2014 opgerichte alumnivereniging
‘Aanmerkelijk Belang’. Alle oud- CT’ers zijn welkom om lid te worden van ‘Aanmerkelijk Belang’. Door
alumni-lid te worden steunt u niet alleen de CT, maar krijgt u ook de kans om het contact met oud-studiegenoten te verstevigen en op de hoogte te blijven van wat er speelt op de universiteit. Elk jaar zal een
borrel en een activiteit voor AB-leden worden georganiseerd. De eerste AB-borrel zal nog voor de zomer
plaatsvinden. Ook kunt u als AB-lid tegen een gereduceerd tarief deelnemen aan het fiscale congres dat
elk jaar in juni wordt georganiseerd in samenwerking met FEI BV.
Wilt u deel uitmaken van dit veelzijdige fiscale netwerk? Gezellig borrelen met oud-studiegenoten? Betrokken blijven bij de CT? Als oud-CT’er kunt u zich inschrijven via het inschrijfformulier ‘Aanmerkelijk
Belang’ op de website. Aanmerkelijk Belang heeft ook een online aanwezigheid op Facebook en LinkedIn.
Lidmaatschap Aanmerkelijk Belang
• €20 per jaar
• jaarlijkse AB-borrel
• jaarlijkse AB-activiteit
• gereduceerd tarief voor het congres i.s.m. FEI BV
• AB-kwartaalbrief
Schrijf u snel in, want onder de eerste vijftig inschrijvingen verloten we
een dinerbon van €50,-!
9
10
deAANSL AG!
Startersinterview BDO
Startersinterview
Diederik Jiskoot
Paspoort
Naam: Diederik Jiskoot
Opleiding: Fiscaal Recht
Leeftijd: 23
Favoriete plek in Rotterdam: Kop van Zuid
Fiscale tip: Kijk goed rond bij verschillende kantoren, ook bij kantoren die je in eerste
instantie niet interessant lijken.
Alexander Claessens en Diede- gekomen met Bouchra. Ondanks goed conrik Jiskoot hebben Fiscaal Recht tact heb ik werkstudentschappen doorlopen
gestudeerd aan de Erasmus Uni- bij een ander kantoor waar ik een aanbod
versiteit Rotterdam. Tijdens hun gekregen had. Zo’n 2 à 3 jaar lang heb ik een
studie hebben ze beiden een be- beetje om BDO heen gedraaid, maar tijdens
stuursjaar gedaan bij de R.F.V. mijn bestuursjaar en door borrels en bedrijChristiaanse- Taxateur en be- vendagen heb ik steeds intensief contact
kleedden ze de functie ‘Commis- gehad met Bouchra. Tijdens mijn afstuderen
saris Extern’. Tijdens hun bestuur- werd mij een fulltime functie aangeboden
sjaar kwamen ze in contact met bij BDO in Amstelveen. Dus ik heb een lange
de recruiter van BDO, Bouchra tijd intensief contact gehad met BDO, maar
Laghzaoui. Alexander is direct na ik heb hier geen werkstudentschappen of
zijn scriptiestage fulltime aan de scriptiestage bij BDO gedaan en ben in één
slag gegaan bij BDO en is nu ruim keer aan de slag gegaan.
een maand werkzaam in Rotterdam. Diederik werkt nu een paar Waarom hebben jullie
maanden op de algemene advies gekozen voor BDO?
praktijk bij BDO Amstelveen.
Alexander: Ik heb eerst bij een ander, groter
Hoe zijn jullie bij BDO
terecht gekomen?
Diederik: We hebben alle twee een heel andere weg bewandeld.
Alexander: Ik heb “de standaardroute” afgelegd en die is als volgt;
Eerst heb ik werkstudentschappen gelopen
(o.a. bij een big 4) tijdens mijn bachelor. Vervolgens ben ik bij BDO ingestroomd als werkstudent en scriptant en heb ik voor mijzelf de
tijd genomen om twee maanden buiten BDO
fulltime aan mijn scriptie te gaan schrijven.
Vervolgens ben ik na mijn scriptie fulltime
bij BDO aan de slag gegaan.
Via de Bedrijvendag en het CT-bestuur leerde
ik Bouchra kennen en zo ben ik begonnen
met de scriptiestage/werkstudentschap bij
BDO.
Diederik: Tijdens een aantal tentamentrainingen ben ik in mijn tweede jaar in contact
kantoor gewerkt, waar ik toch wel dingen
mistte, qua werk, sfeer en mentaliteit. Door,
onder andere, gesprekken met Bouchra wist
ik dat BDO meer rekening houdt met jou als
persoon. Om die reden ben ik bij BDO gaan
kijken voor mijn stage en dat beviel vrijwel
meteen. De eerste dag dat ik kwam werken,
hing er meteen een naamkaartje met mijn
naam op de deur en was ik gelijk onderdeel
van een team. Dit was een groot verschil met
het kantoor waar ik voor BDO werkte. Toen ik
hier kwam werken waren andere medewerkers al op de hoogte gesteld dat er een nieuwe werkstudent zou komen. De eerste dag
kwam de hele afdeling langs om kennis met
me te maken, nog voordat ik mijn rondje had
gemaakt. Zo kwam ik erachter dat BDO informeler is en waarde hecht aan persoonlijke
benadering. Dat ik met open armen ontvangen werd en bij iedereen terecht zou kunnen
voor vragen heb ik als zeer prettig ervaren.
Diederik: Bij grote bedrijven heerst een andere mentaliteit, waardoor het lastiger is om
jezelf te ontwikkelen. Je stapt dan een traject
in, maar als jij iets wilt doen wat niet bin-
nen dit traject past, moet je heel veel moeite
doen om toch datgene te kunnen gaan doen
dat jij graag wilt. Bij BDO is dit heel anders;
hier mag je in overleg bepalen wat jij graag
wilt doen.
Alexander: Ook qua werkstudentschappen
is de mentaliteit bij BDO heel anders. Sommige kantoren nemen twintig werkstudenten aan, terwijl er maar plek is voor twee
fulltime banen. Wat ik zelf heb ervaren is dat
veel mensen daardoor na hun werkstudentschap niet aan de slag kunnen. Bij BDO wordt
er strenger gekeken naar wie ze aannemen
als werkstudent, maar als je eenmaal bij BDO
werkzaam bent dan investeren ze echt in je.
Moeten jullie nog veel
dingen bijspijkeren?
Alexander: Jazeker, ik merk eigenlijk wel dat
ik nog helemaal niks weet.
Diederik: Ik dacht echt, wat heb ik in hemelsnaam vier jaar lang uit mijn hoofd geleerd.
Het wordt nu pas echt toepassen; je werkt
niet meer met BV X en BV Y, maar er komen
allerlei dingen bij kijken en juist net die kleine dingetjes zijn dan toch heel belangrijk. Ik
voel me nu nog heel onervaren, maar je gaat
wel redelijk snel dingen herkennen.
Alexander: Je hebt wel bepaalde cursussen,
maar heel veel zaken leer je pas door jaren
lange ervaring. Wanneer we een vergadering
hebben, raak ik soms de draad binnen twee
seconden al kwijt en dan denk ik ‘Waar hebben ze het over? Dit zijn niet BV X en BV Y in
Nederland en België.’ In het begin zijn dingen
Startersinterview BDO
deAANSL AG!
Alexander Claessens
Paspoort
Naam: Alexander Claessens
Opleiding: Fiscaal Recht
Leeftijd: 24
Favoriete plek in Rotterdam: Witte de With
Fiscale tip: Oriënteer je en blijf niet alleen maar in de collegezaal zitten. Ontplooi jezelf!
vrij moeilijk, maar je draait meteen mee en
pakt dingen daardoor wel redelijk snel op.
Diederik: Je leert bepaalde zaken ook door bij
mensen binnen te lopen en te vragen hoe be-
paalde cases precies in elkaar steken. Wat ik
aan BDO zo fijn vindt is dat je heel goed begeleid wordt en aan vrijwel iedereen je vragen kunt stellen. Dat heb ik wel eens anders
ervaren. Ik ben echter wel van mening hoe
eerder je iemand anders zijn ervaring kan
overnemen, hoe eerder je zelf ook iets aan
het bedrijf toe kunt voegen. We beheersen in
feite de theorie, maar hoe het in de praktijk
werkt, is gewoon een kwestie van tijd!
Werken jullie op een
bepaalde afdeling?
Alexander: Ik werk nu op de afdeling ‘Internationaal belastingrecht’, een internationale afdeling, maar vergeleken met andere
internationale afdelingen is het nog redelijk algemeen. Het is niet dat ik me volledig
op een aspect richt. Er kunnen nog allerlei
verschillende zaken langskomen, zoals internationale inkomstenbelasting of invoerrechten.
Diederik: Ik werk op een algemene afdeling.
Bij BDO is het gangbaar om bij de algemene
praktijk te beginnen en je vervolgens te
specialiseren. Je wordt vrijgelaten waarin
jij je op een gegeven moment wilt specialiseren, maar je kunt natuurlijk ook altijd
generalist blijven. Collega’s waar ik nu mee
samenwerk zijn al jarenlang generalist en
zij weten van heel veel verschillende zaken
ontzettend veel af. Alleen voor de laatste details stappen ze naar een specialist toe die
hun verder kan helpen.
Is er verschil tussen de
verschillende BDO kantoren?
Diederik: Qua stijl is het allemaal wel een
beetje hetzelfde. Qua grootte zijn Rotterdam
en Amstelveen ook wel vergelijkbaar. BDO
heeft redelijk veel lokale vestigen, omdat zij
graag lokale ondernemers aan willen trekken. Verder heeft BDO ook een paar grote
kantoren, als Eindhoven, Rotterdam, Utrecht
en Amstelveen. In totaal zijn er 27 locaties
zodat alle ondernemers in het land bediend
kunnen worden. Daarbij wordt het persoonlijke aspect behouden, omdat je niet in van
die massatorens aan het werk bent.
Alexander: Bij de kleinere kantoren zou het
toch wel iets anders zijn. Je merkt hier dat
we teams hebben, zoals nationaal en internationaal en bepaalde specialisaties zoals
BTW, Loonbelasting en Transfer Pricing etc.
Bij de wat kleinere BDO locaties waar ca. 20
mensen op de fiscale praktijk werken, krijg je
te maken met collega’s die veel algemenere,
bredere kennis hebben.
Diederik: Dat zie ik juist ook wel weer als
een voordeel van BDO. Bij BDO krijg je de
kans om je breed te ontwikkelen. Je begint
dus ook vaak als generalist. Bij de grotere
BDO kantoren is er ook de mogelijkheid om
specialist te worden, terwijl bij de kleinere
kantoren generalistische kennis vereist is.
Als je bij BDO instapt kun je zelf bepalen of
jij je wilt specialiseren of je langer bezig wilt
houden als generalist. Het is als starter lastig
om direct een specialisatie te kiezen omdat
je nog geen reëel beeld hebt van de praktijk,
wellicht kom je er gaande weg achter dat de
specialisatie waar je voor gekozen hebt, toch
niet is wat bij je past. Dan is het zonde als je
al twee jaar van je carrière hierin hebt geïn-
vesteerd, omdat je er in de praktijk pas achter
komt waar je goed in bent en wat het werk
daadwerkelijk inhoudt.
Alexander: Ik ben nu ook redelijk algemeen
begonnen, dat is ook een van de redenen dat
ik bij BDO ben begonnen. Langzamerhand
kijk ik wel naar wat ik nou echt interessant
vind en waar ik me in wil verdiepen. De ideale combinatie lijkt me zowel generaliseren
als verdiepen en die mogelijkheid is er binnen BDO.
Is dit ook een reden waarom
jullie niet bij een Big Four
kantoor werkzaam zijn?
Diederik: Bij grote Big Four kantoren is het
zelfs zo dat je, je gaat specialiseren in een
specialisatie. Zo wordt ‘internationaal’ opgesplitst in bepaalde vakgroepen per land, zoals ‘China desk’ en nog verder opgesplitst in
olie of gas. Je wordt wel ergens heel erg goed
in, maar een bepaalde basiskennis ontbreekt
dan. Het lijkt mij leuker dat je een ondernemer volledig kan adviseren en desnoods specialistische dingen vraagt aan collega’s, op
die manier is de dynamiek ook spannender.
Alexander: Klanten als Shell en Heineken
hebben vaak specifieke vragen, maar juist
de MKB ondernemers hebben hele brede
vragen. Stel je denkt na vijf jaar, de deelnemingsvrijstelling is toch niet zo mijn ding en
je wilt iets anders gaan doen, dan is dit veel
lastiger dan wanneer je eerst generalist bent
geweest.
Diederik: Ook al heb je een bepaalde voorkeur, het is handiger om je eerst algemeen te
ontwikkelen.
11
12
deAANSL AG!
Startersinterview BDO
Wat zijn de
doorgroeimogelijkheden bij BDO?
Alexander: De doorgroeimogelijkheden zijn
hier echt heel goed. Je begint als jr. belastingadviseur, na twee tot drie jaar groei je
weer door naar een andere functiegroep. Dit
is ook echt het doel van BDO. Wanneer je de
kans krijgt om door te groeien, wordt er weer
plaats gemaakt voor nieuwe starters.
Diederik: Het klinkt heel afgezaagd, maar ik
vind de slogan die BDO hanteert ook echt
passen bij hoe ze met werknemers omgaan.
De slogan is: ‘Omdat mensen tellen.’ Je merkt
echt dat BDO veel zorg besteed aan het doorgroeitraject.
Alexander: Het lijkt net alsof bij de grote kantoren de hardste en beste mensen doorgaan,
maar dat is in mijn opzicht niet altijd waar.
De sfeer wordt hierdoor heel anders, heel
individueel; iedereen wil zelf de beste zijn
terwijl er binnen BDO meer waarde wordt
gehecht aan het leveren van een teamprestatie waar je wel de gelegenheid krijgt om
als persoon te excelleren.
Diederik: Hier willen collega’s meehelpen
om jou te laten ontwikkelen. Voor BDO werk
je voor een klant met een collega en bij veel
andere bedrijven werk je voor je manager en
die vervolgens het contact met de klant onderhoudt, waardoor je veel meer intern aan
het werk bent. Bij BDO heb je al gelijk contact
met klanten, wat zeer leerzaam is.
Hoe is de overgang geweest van
het studentenleven naar werken?
Diederik: In het begin is alles dusdanig
nieuw, dat je nog nergens wat van af weet.
Je weet niet hoe het ICT-systeem werk, hoe
je moet printen en kopiëren, hoe je een brief
moet sturen, al dat soort dingen. Verder heb
je door het fulltime werken ineens een heel
ander ritme. Je moet vroeg opstaan en werkt
tot vrij laat door. Dat vergt heel veel concentratie en energie. De eerste vier weken was
ik helemaal gesloopt als ik thuiskwam. De
weken duren in het begin voor je gevoel heel
lang, maar op een gegeven moment wen je
eraan en merk je ook dat de weken sneller
gaan. Nu ik drie maanden bezig ben, merk ik
dat wel redelijk gewend ben en mijn energie
ook in andere dingen kan steken en me kan
gaan verdiepen in bepaalde zaken.
Alexander: Ik kan me volledig bij je aansluiten. De eerste paar dagen wordt er gewoon
van uitgegaan dat je voor alles de tijd neemt
en is dat helemaal niet erg. Na een maand
wordt het tempo een beetje opgevoerd en
uiteindelijk is het een proces dat gewoon automatisch gaat.
Diederik: Je weekend wordt heilig! Ondanks
dat het weekend is moet je vaak nog wel
een dagdeel van je weekend opofferen aan
vakstudie of cursussen, zo moet je 7 keer
per jaar opdrachten maken voor NOB, waar
je wel een dag aan kwijt bent. Je moet jezelf
echt ontwikkelen van student naar belastingadviseur. Ik dacht dat ik het werken wel
gewend zou zijn door de werkstudentschappen, maar echt werken is toch wel anders.
Hebben jullie veel gehad aan
jullie bestuursjaar bij de CT?
Alexander: Ik merk dat ik er echt heel veel
gehad heb aan mijn bestuursjaar. We hebben allebei extern gedaan en ik merk heel erg
dat ik goed contact heb gehad met verschillende kantoren tijdens mijn bestuursjaar en
ook met Bouchra. Een bestuursjaar maakt het
mogelijk om redelijk eenvoudig contact te
hebben met heel veel verschillende kantoren.
Diederik: Het bestuursjaar heeft er vooral
ook voor gezorgd dat ik me persoonlijk heel
erg ontwikkeld heb. Ik heb heel veel bijgeleerd, dat valt niet ergens in uit te drukken.
Het is een ontwikkeling die ik zelf heb doorgemaakt, door eigenlijk het diepe in te springen en te zien waar het schip strandt. Op een
bepaalde manier zal ik daar echt iets aan
hebben als adviseur. Ik ben nu ook bezig met
acquisitie en een bepaald soort commercieel
denken en doordat ik die bestuursfunctie
heb ik vervuld kan ik me daar makkelijker in
verplaatsen. Verder bouw je ook een enorm
netwerk op, dat is heel zinvol geweest. Het is
denk ik mijn meest waardevolle jaar geweest
tijdens mijn studententijd, dat weet ik eigenlijk wel zeker.
Wat hebben jullie gedaan aan
verdere activiteiten?
Alexander: Ik ben nog twee jaar werkzaam
geweest bij de universiteit als studentassistent, daarna heb ik bij fiscale kantoren
gewerkt en heb ik verschillende commissies
gedaan voor de Christiaanse-Taxateur. Na
mijn bestuursjaar heb ik mijn Businesscourse gedaan en heb ik nog een jaar gewerkt en
daarna de overstap gemaakt naar BDO met
een werkstudentschap/scriptiestage.
Diederik: Ik ben tweeëneenhalf jaar werkstudent geweest bij vier verschillende bedrijven
en vier verschillende afdelingen en heb ik be-
stuur gedaan. Naast mijn bestuur ben ik door
blijven werken als werkstudent zijnde. En voor
de rest, in Dordrecht heb ik veel gevoetbald.
Wat zijn de mogelijkheden
voor studenten bij BDO?
Alexander: BDO is altijd opzoek naar werkstudenten.
Diederik: Volgens mij staan er nu ook wel
een aantal functies open aan werkstudentschappen. Als je je inschrijft mag je zelf in
overleg met BDO gaan bepalen wat je wilt
gaan doen.
Je hebt meeloopdagen, werkstudentschappen en scriptiestages. De meeloopdagen
zijn puur gebaseerd op oriënteren. De werkstudentschappen zijn voor langere duur en
lopen vaak over in een scriptiestage, wat eigenlijk ook een soort werkstudentschap is. Er
wordt zo gezorgd dat het eigenlijk 1 traject is:
van werkstudentschap via scriptiestage naar
een fulltime baan.
Hebben jullie nog tips voor
studenten?
Alexander: Ik adviseer je om veel rond te kijken in je studententijd en juist ook te kijken bij
kantoren die je in eerste instantie niet erg aan-
spreken. Je moet niet perse kijken naar waar je
heel graag wilt werken. Ga stage lopen!
Diederik: Je kan misschien beter eerst solliciteren bij bedrijven waarvan je een twijfel
hebt of je daar fulltime zou willen werken,
zodat je er achter kan komen of de twijfel terecht is. Ik heb zelf bij twee Big Four kantoren
gewerkt en bij een heel klein bedrijf en daar
heb ik gezien, dat ieder bedrijf een verschillend beleid heeft, maar het zelfs per afdeling
nog erg kan verschillen. Bij Inhousedagen
krijg je toch niet helemaal een reëel beeld.
Je moet gewoon gaan kijken en er echt gaan
werken.
Alexander: Je moet ook niet ergens blijven
zitten en denken van; ik loop hier nu stage
en ze zullen me vast een vast contract aanbieden.
Diederik: Ik ben zelf een keer binnen twee
maanden gestopt.
Alexander: Je kunt door blijven gaan omdat
het safe is, maar uiteindelijk is het belangrijkste dat je het naar je zin hebt. Oriënteer
je dus goed en maak gebruik van je netwerk.
Diederik: Tegenwoordig is het lastig om aan
een baan te komen, maar door jezelf te onderscheiden en andere dingen te doen naast
je studie, gaan bepaalde deuren juist weer
open. En onderhoud contact met de recruiter
van het bedrijf!
Alexander: Blijf ook dicht bij jezelf. Ik ken iemand die heeft drie jaar als fiscalist gewerkt
en was ook wel heel goed, ze stak er veel tijd
in. Maar uiteindelijk kwam ze erachter dat
fiscaliteit toch niet haar ding is. Dan moet je
gewoon stoppen.
Diederik: Je werkt om te leven en je leeft niet
om te werken!
Fiscaliteit in perspectief!
deAANSL AG!
Fiscaliteit in perspectief!
Ook in deze editie hebben geprobeerd leuke en interessante niet-fiscalisten ons de maat te laten nemen.
Lees hieronder wat studenten van andere faculteiten of studies vinden van onze studie en ons toekomstige beroep.
Naam Leeftijd: Studie: Plaats: Chiem Ringers
21
MST (Molecular Science and
Technology)
Delft
Je hoort het dagelijks, het woord belasting. Met dit woord zijn dus duizenden mensen in
Nederland dagelijks druk in de weer, maar wat houdt het nu precies in om Fiscale Economie
of Fiscaal Recht te studeren? Als nuchtere Delftse student zou ik zeggen: ‘Oh, iets met getalletjes, dus dat zal wel leuk zijn, maar aan de andere kant klinkt Recht wel weer erg Leids, dat
is drie keer niets.’
Bij belasting moet ik direct aan twee dingen denken. Enerzijds aan de belastingaangifte die
je jaarlijks moet doen, anderzijds aan de discussies die de dagelijkse sleur zijn in de Haagse
politiek.
Daarnaast is belasting al iets heel ouds. De romeinen hadden al een systeem waarin belasting werd betaald. Door alle inwoners van het Romeinse rijk, werd belasting betaald, voor
het gebruik van de grond, behalve door de Romeinen zelf. In de Middeleeuwen moesten de
boeren belasting betalen aan de vorst en toen in de 12e eeuw de steden in opkomst waren,
mochten deze ook zelf belasting gaan innen. Na Alva’s 10e penning en de accijnzen van de
Gouden Eeuw, werd er in 1805 een belastingstelsel voor de gehele Republiek ingevoerd. Ook
sindsdien is er alweer veel veranderd.
Belasting en het daarbij behorende recht is in ieder geval al lang in ontwikkeling en blijft
continu veranderen. Dit betekent dus dat er in de toekomst nog steeds vele fiscalisten nodig
zullen zijn.
Naam Laura van Buggenum
Leeftijd: 20
Studie: Technische Bestuurskunde
Universiteit: TU Delft
“Schrijf maar over waar jij aan denkt bij de studies Fiscale Economie en Fiscaal Recht, wat jij
daarvan vindt en hoe de fiscaliteit bij jou in het dagelijks leven voorkomt.”
Bij het lezen van de bovenstaande briefing sloeg de paniek toe. Wat vind ik van de studie
Fiscaal Recht? In alle eerlijkheid, helemaal niks eigenlijk. Net als bijvoorbeeld diergeneeskunde of criminologie vallen beide studies binnen het grijze gebied waarvan ik wel van het
bestaan afweet, maar er verder nooit aandacht aan besteed heb. Heel gek eigenlijk, want ik
ken vrij veel mensen, waaronder mijn bloedeigen moeder, die studeren of werken binnen
dat vakgebied. Bovendien krijgt iedere Nederlander vroeg of laat met belastingen te maken.
Sterker nog; belastingen zijn in ons land, op zowel budgettair als instrumenteel gebied, onmisbaar! Ik kan daarom niet anders dan concluderen dat het belangrijk is dat er mensen
zijn die zich specialiseren op fiscaal vlak. Niet alleen om Nederland draaiende te houden,
maar ook om bedrijven en personen te kunnen adviseren. Want ik vrees dat ik niet de enige
Nederlander ben waarbij de term ‘fiscaal’, en alles wat daarbij komt kijken, grijs gebied is…
Naam Robert Donkers
Leeftijd: 20
Studie: Industrieel Ontwerpen
Universiteit: TU Delft
Jeetje, wat is Fiscaal Recht nou precies? Iets met geld, met belasting en, met cijfers? Het
enige wat ik van Fiscale Economie of Fiscaal Recht afweet is dat het een studie is aan de
Erasmus Universiteit. Ik, als student aan de TU Delft, ben daar niet erg mee bezig, maar met
wat gegoogle weet ik al iets meer; Dikke boeken, veel wetkennis en zo veel mogelijk zoeken
naar manieren om geld naar eigen zak te sprokkelen; dat leren ze daar dus. Maar hoe meer
ik zoek, hoe meer ik blijf steken bij belasting. Ik vind artikelen over belasting en hoe je deze
zo goed mogelijk af kan zijn. Ik vind verhalen over de vennootschapsbelasting en de berucht
‘Double Dutch sandwich’.
Al schrijvende bedenk ik mij dat ik mijzelf wel degelijk bezighoud met belastingen. Niet de
vennootschapsbelasting, maar wel denk ik aan de inkomstenbelastingaangiftes die ieder
jaar opnieuw ingevuld moeten worden. En hoe ik op een bizarre wijze toch huurtoeslag aan
kan aanvragen voor mijn studentenkamer en dat er belastingen zijn die het drinken van
zelfs vruchtensap weer duurder maken. Eigenlijk vind ik de fiscaliteit helemaal niet leuk!
Ik, als ontwerper in wording, mag werken aan hele vette projecten, ontwerpen voor KIP en
Tacs en dergelijke. Dit zijn producten die direct bijdragen aan het welzijn van mensen. Wat
‘produceert’ een fiscalist, zodat het welzijn van de mensen stijgt?
Nee, fiscaliteit is niks voor mij, met cijfers werken kan ik wel redelijk. Toch wil ik mij in het
dagelijks leven niet bezighouden met cijfers, belastingen en geld. Het neemt niet weg dat
ik sommige dingen toch wel interessant vind en de fiscaliteit is toch wel belangrijk in mijn
eigen leven en opleiding. Ik zal er toch elk jaar wel weer mee te maken krijgen!
13
deAANSL AG!
14
Docentenartikel
Battle of the generations?
Door:
Em. prof. dr. H.A. Kogels
Gasthoogleraar Europees belastingrecht bij de capgroep belastingrecht van de ESL
Een aardige gedachte van de redactie van De Aanslag om een 67-jarige babyboomer (emeritus, maar
nog altijd met veel plezier gasthoogleraar) te vragen
een artikel te schrijven over het thema battle of the
generations. We doelen daarmee op de strijd tussen
leeftijdsgroepen binnen de bevolking, die uiteenlopende belangen hebben. Belangentegenstellingen
tussen generaties, maar ook binnen één generatie,
doen zich voor op verschillende terreinen, zoals levensopvatting, cultuur, welzijn, welvaart.
Die tegenstrijdige belangen botsen, versterken elkaar en veranderen in de loop van de tijd. Een oud
gezegde luidt: ‘Tempora mutantur et nos in illis’- de
tijden zijn veranderd en wij zijn daarin evenzeer
veranderd.
Provo
Ter illustratie ga ik even terug in de recente geschiedenis van mijn
generatie die kort na de Tweede Wereldoorlog werd geboren en opgroeide in een tijd waarin onze ouders bezig waren met wederopbouw. Die betrof niet alleen materiële zaken zoals woningen, winkels, fabrieken of havens, maar ook de rechtsstaat, de inrichting
van de maatschappij en de ontwikkeling van een economie die
meer grensoverschrijdend moest worden dan voorheen. Ondanks
dat veranderingsproces bleef de generatie van mijn ouders in belangrijke mate voortbouwen op hun gedachtegoed, hun normen
en waarden die ‘van hun generatie’ waren. Toen mijn generatie
een jaar of twintig was, was de wederopbouw al aardig op gang
gekomen, was de Europese Economische Gemeenschap van België,
Frankrijk, Italië, Nederland en het toenmalige West-Duitsland tot
stand gekomen en hadden we intussen zelfs al een periode van relatieve hoogconjunctuur achter de rug. Maar tezelfdertijd waren in
Berlijn de spanningen tussen enerzijds de Sovjet-Unie (die aan de
grens van het toenmalige Oost-Duitsland een muur liet bouwen
om vluchten naar het vrije rijke westen te verhinderen) en anderzijds de Verenigde Staten en zijn bondgenoten geculmineerd in de
Koude Oorlog. ‘Hoezo, vooruitgang?’, dacht mijn generatie, ‘onze
ouders zitten vastgeroest in hun verouderde normen en waarden,
en terwijl de wederopbouw vordert zie je de volgende oorlog al
aankomen.’
En zo ontstond binnen mijn generatie in die tijd verzet tegen de
oudere generaties die weliswaar verkondigden dat de jeugd de
toekomst heeft, maar geen oog leken te hebben voor wat de jonge
generatie wilde: het aan de kaak stellen van de overheid die de gevestigde orde (het ‘establishment’ ) vertegenwoordigde en zich repressief opstelde. De anarchistische ‘Provo’-beweging, ontstaan in
Amsterdam, riep zich uit tot vertegenwoordiger van het postmaterialisme, die opkwam voor de leefbaarheid in grote steden en zich
afzette tegen massaconsumptie en milieuvervuiling. Niet groen,
maar wit was hun kleur. En wit waren hun plannen waarvoor zij
actie voerden: het witte-fietsenplan (drieduizend witte fietsen in
Amsterdam als gratis openbaar vervoer), het witte-wijvenplan
(dat ongebreidelde vrije liefde propageerde), het witte-kinderenplan (voor gratis kinderopvang), het witte-ambtenarenplan (het
opblazen van het bevolkingsregister) en het witte-bedjesplan (de
toren van De Nederlandse Bank herinrichten als dependance van
het Amsterdamse Binnengasthuis. Op het Spui, bij het standbeeld
van ‘Het Lieverdje’ werden wekelijks ‘happenings’ gehouden die
door de politie uiteen werden gedreven. Minder ludiek waren de
opkomende kraakacties en de confrontaties tussen de Provo’s en
de politie in 1966 tijdens de bruiloft van prinses Beatrix en prins
Claus. Veertien jaar later zou de kraakbeweging onder het motto
‘Geen woning, geen kroning’ opnieuw actie voeren tijdens de inhuldiging van Beatrix tot koningin. De Mobiele Eenheid stond met
tanks en paarden langs twee veiligheidslinies in de Amsterdamse
binnenstad en er waren sluipschutters opgesteld langs de officiële route. De dag eindigde met een ware veldslag in een walm van
traangas. Het contrast met de recente inhuldiging van koning Willem Alexander is groot.
Ook de oorlog die de VS van 1964 tot 1973 in Vietnam voerde tegen
het communisme had grote impact op mijn generatie. Het was in
1966, in de kazerne in Nunspeet waar ik mijn dienstplicht vervulde en werd getraind om ons land te verdedigen tegen een aanval
van ‘Iwan’ (de Russen), dat we iedere ochtend om zes uur door de
luidsprekers de stem van Boudewijn de Groot hoorden, die vol sarcasme zong: ‘Meneer de president, welterusten / Slaap maar lekker
in je mooie witte huis / Denk maar niet te veel aan al die verre
kusten / waar uw jongens zitten, eenzaam ver van thuis / Denk
vooral niet aan die zesenveertig doden / die vergissing laatst bij dat
bombardement / En vergeet het vierde van die tien geboden / die
u als goed christen zeker kent.’ De popmuziek van mijn generatie
stond in het teken van ‘love and peace’.
Studentenopstanden
Een paar jaar later, het was mei 1968, kwam het tot verzet tegen
de bestaande bestuursstructuren van de universiteiten. Het begon
met studentenopstanden in Parijs en het toenmalige West-Berlijn,
en ontwikkelde zich bliksemsnel tot een internationale ‘revolutie’
tegen hiërarchische bestuursvormen, waarbij ook arbeiders zich
aansloten. In Nederland ontvlamde de studentenrevolte pas op
6 mei 1969, toen studenten van de toenmalige Katholieke Hogeschool Tilburg overgingen tot bezetting van de hogeschool en de
naam ervan veranderden in ‘Karl-Marxuniversiteit’. Tien dagen
later bezetten studenten van de Universiteit van Amsterdam het
bestuurscentrum van de universiteit in het Maagdenhuis.1 ‘Dit-ishet-begin! Wij-gaan-door-met-de-strijd!’, scandeerden de bezetters. Wim Kan, de meest bekende politieke cabaretier in die dagen,
gaf als commentaar: ‘Studenten zijn mensen die ruiten ingooien
bij gevestigde firma’s waarvan ze later directeur hopen te worden.’
Een vooruitziende blik. De studentopstanden leidden in 1971 tot de
Docentenartikel
invoering van de ‘Wet universitaire bestuurshervorming’ (WUB).
De senaat (de raad van alle hoogleraren) moest zijn bestuursmacht
afstaan aan de universiteitsraad waarin zowel het wetenschappelijk als het niet-wetenschappelijk personeel en de studenten waren
vertegenwoordigd. Op facultair niveau lag de bestuursbevoegdheid bij de faculteitsraad die op dezelfde wijze was samengesteld
(ik heb twee boeiende en leerzame jaren mogen beleven in de ‘wetenschappelijke fractie’ van de economische-faculteitsraad van de
EUR). In deze bestuursstructuur werd, conform het ‘Rijnlands bestuursmodel’, gestreefd naar consensus tussen belanghebbenden
(‘stakeholders’ zeggen we tegenwoordig). Maar het systeem werd
in de loop van de jaren meer en meer ervaren als gecompliceerd,
tijdrovend en ineffectief. Nadat in de Sovjet-Unie het communistische systeem was vastgelopen (in 1989 werd de Berlijnse muur gesloopt), kwam in het westen het ‘Angelsaksische bestuursmodel’ in
zwang, waarin consensus werd vervangen door (jawel!) hiërarchie:
het moet duidelijk zijn wie de baas is (de ‘Chief Executive Officer’
CEO) en medewerkers moeten worden afgerekend op hun prestaties (‘targets’). Dat werd ook duidelijk binnen onze universiteiten.
Waren het in 1968 de hoogleraren die de baas waren, sinds 1997 is
volgens de ‘Wet modernisering universitaire bestuursorganisatie’
(MUB) het College van Bestuur de baas. Naast de rector magnificus
(die meestal geen voorzitter is), worden hierin door een externe
raad van toezicht personen van buiten de universiteit benoemd.
Decanen zijn zelfstandig verantwoordelijk voor onderwijs en onderzoek, maar als faculteitsbeheerders zijn zij ondergeschikt aan
het college van bestuur. Terugkijkend heeft de jonge opstandige
studentengeneratie uit de jaren zestig, dertig jaar later, een universitaire bestuursstructuur gecreëerd waarin de macht in overwegende mate bij bestuurders van buiten de universiteit ligt en
die meer hiërarchisch is dan die waartegen zij indertijd in opstand
kwamen. Inderdaad: de tijden zijn veranderd en wij evenzeer.
Andere tijden – terug naar de onze
Wie na deze terugblik verzucht dat de geschiedenis zich nooit herhaalt, heeft in zoverre gelijk dat tijden veranderen. Maar de manier waarop wij daarop reageren vertoont terugkerende patronen
die variëren tussen strijd en solidariteit. In tijden van voorspoed is
men geneigd te reageren in solidariteit en saamhorigheid, in tijden
van crisis is dat anders. Sinds 2008 beleven we een crisis van een
omvang die slechts vergelijkbaar is met die in de jaren dertig van
de vorige eeuw. Met dit verschil dat de huidige crisis zich afspeelt
in een wereld die meer internationaal vervlochten is, waarin mobiliteit van goederen, diensten, kapitaal en mensen veel groter is
dan toen, waarin de informatietechnologie andere marktvormen
en business models creëert, waarin de persoonlijke levenssfeer in
toenemende mate ondergeschikt wordt gemaakt aan veiligheidsmaatregelen tegen dreigend terrorisme, en waarin welvaartsverschillen binnen en tussen generaties toenemen. Het ligt voor de
hand dat in deze omstandigheden de reacties een patroon volgen
van verdeeldheid en bevechten van groepsbelangen. Werkloosheid, sociale zekerheid, pensioenverlaging, stijgende zorgkosten en
hoge schulden, zowel bij particulieren als bij de overheid, zetten de
samenleving en ‘de politiek’ onder druk.
deAANSL AG!
Het overheidsbeleid met betrekking tot de openbare financiën, en
daarmee ook de belastingheffing, is van invloed op de verhouding
tussen enerzijds burgers en bedrijven en anderzijds de overheid,
maar ook op de verhouding tussen burgers en tussen bedrijven
van groot tot klein. Kennis van de reacties op veranderende sociaal-economische omstandigheden in het verleden kan een beter
inzicht in de huidige situatie opleveren en een basis bieden voor
een beter fiscaal-economisch beleid voor de toekomst. Iedere generatie worstelt met dat probleem en de oude generaties zijn in veel
opzichten niet succesvol geweest in het vinden van goede oplossingen.
De jonge generatie fiscalisten (fiscaal juristen en fiscaal economen), met een lange toekomst voor zich, moet kennis opdoen. En
bij voorkeur niet alleen op fiscaal-technisch terrein, maar ook op
het terrein van aanpalende disciplines, zoals staatsrecht, economie
en politieke besluitvormingsprocessen (locaal, nationaal, Europees
en internationaal). Een deel van die kennis zal, gezien de huidige
studienormen, helaas pas na het behalen van de Masterbul kunnen worden opgedaan. Naarmate die jonge generatie evolueert tot
oudere generaties, zal zij die kennis en ervaring moeten delen met
volgende generaties. Dat is de dynamiek van het leven. Tegen die
achtergrond zei ik in mijn afscheidscollege, ruim twee jaar geleden, dat het de belangrijkste verantwoordelijkheid van een docent
is aantredende generaties fiscalisten op te leiden die beter zijn dan
de generaties die terugtreden. En daarvoor is nodig dat jonge generaties lastige vragen stellen en de oude generaties uitdagen hun
eigen kennis en ervaring aan een kritische beschouwing te onderwerpen. Prima als je ook dat wilt zien als battle of the generations.
Maar ik zie het liever als een noodzakelijke, kritische en constructieve dialoog tussen generaties.
1) Aan de Nederlandse Economische Hogeschool in Rotterdam bleef het rustig, op ‘een democratische oprisping’ bij de sociologen na (zie
Ambitie en identiteit, 2013, blz. 106-107). Pas in 1973 bezette een aantal studenten de administratie van de (inmiddels) Erasmus
Universiteit Rotterdam, maar dat gebeurde uit protest tegen verhoging van het collegegeld (zie t.a.p. blz 240 -243).
15
16
deAANSL AG!
Kantoorbezoek
Kantoorbezoek Loyens & Loeff
15 november 2013
Kantoorbezoek
Kantoorbezoek PWC
22 november 2013
deAANSL AG!
17
deAANSL AG!
18
De Tien...
De Tien...
Na gedane arbeid is het goed rusten. Jarenlang heb
je uitgekeken naar deze grote dag. Je neemt feestelijk afscheid van collega’s. Eindelijk heb je de tijd
om je verwaarloosde hobby’s op te pakken. Geen
deadlines, geen dagelijkse sleur, geen zorgen noch
stress. Je hebt geen verantwoordelijkheden meer en
je hoeft niet per se op tijd je bed uit. Het pensioen is
een groot feest, maar je moet soms wel zelf de slingers ophangen. Elke dag moet je weer een nieuwe
daginvulling verzinnen om te voorkomen dat je niet
achter de geraniums verdwijnt. Een top 10 over wat
te doen met je pensioen.
1.Vrijwilligerswerk
Veel gepensioneerden vinden er voldoening in ‘iets terug
te doen’. Nederland is internationaal gezien kampioen als
het gaat om vrijwilligerswerk. De helft van de Nederlanders
doet aan vrijwilligerswerk (Centraal Bureau van Statistiek). Het veld van vrijwillige inzet is zeer breed. De meeste
vrijwilligers zetten zich in voor organisaties actief in de
sportwereld, de gezondheidszorg of het onderwijs. Een leuke
fiscale kanttekening hierbij is dat als je een vergoeding voor
je inzet ontvangt je niet hoeft te vrezen voor een belastingheffing. Mits de afgesproken vergoeding de grens van €4,50
per uur, €150 per maand en €1.500 per jaar niet overschrijdt.
2.
3.
Ga op reis
Nu je zeeën van tijd over hebt kun je die grote reis maken
waar je altijd over droomde. Een wandeling over de Grote
Muur in China, een avontuurlijke kanotocht door het
Amazone gebied of met een camper door Europa trekken.
Voor degene die het dichter bij huis willen houden heeft ons
kleine landje ook heel wat te bieden. Wat dacht je bijvoorbeeld van een fietstocht over de Veluwe of het kennis maken
met het waddengebied door te gaan wadlopen.
Nieuwe werkcarrière
De grootste pensioenplannen kunnen ook gecombineerd
gaan met het blijven doorwerken. Daar waar voorheen voor
vele mensen de leeftijd van 65 een richtpunt is geweest
zien we de laatste jaren een steeds grotere groep gepensioneerden die ervoor kiezen door te blijven werken. Tegenwoordig zijn er zelfs uitzendbureaus die speciaal gericht
zijn op 65-plussers. Vele werkgevers waarderen 65-plussers
vanwege hun ervaring en zien in dat het moeilijker wordt
om aan voldoende geschikt personeel te komen. Naast het
werken voor een baas is een tweede werkcarrière als ondernemer ook een populaire optie voor degenen die onafhankelijk willen opereren.
4. Ontplooi je creatieve kant
Heb je altijd al willen weten of er meer in je zit als artiest
zijnde dan slechts een zolderkameramateur? Dan geeft je
pensioen een mooie gelegenheid om je creatieve en artistieke kant te verkennen. Het schrijven van een roman of je
levensverhaal aan de wereld vertellen door middel van een
boek waar je nooit de tijd voor hebt gehad. Het schilderen of
maken van muziek is ook een veel voorkomende activiteit
Door:
Mehdi el Manouzi
wat te doen met je pensioen!
op de oude dag. En met je 65-pluspas krijgt je een fikse korting op museabezoek.
5.
Je kunt altijd nog politicus worden
Heb je altijd al het gevoel gehad dat er een echte politicus
in je schuilt? Op oudere leeftijd kun je gehoor geven aan
deze ambitie. De mogelijkheid om in het Torentje terecht te
komen zit er niet in, maar in de lokale politiek liggen de kansen een stuk gunstiger. Politieke partijen hebben de grootste
moeite om kandidaat-gemeenteraadsleden te vinden. Een
actieve bemoeienis in de lokale besluitvorming is bovendien
ook een mooie uitlaatklep voor de kenmerkende ergernissen
van ouderen.
6. Emigreer naar een zonnig fiscaal klimaat
Wanneer je het weer in Nederland definitief zat bent kan je
het koude kikkerlandje ook definitief inruilen voor een zonnig oord. Naast het genieten van de tropische temperaturen
kun je ook voordeel halen uit het zonnige fiscale klimaat.
Afhankelijk van het belastingverdrag tussen Nederland en
het pensioenland zou het pensioen aanzienlijk lager belast
kunnen worden dan wanneer je in Nederland zou blijven
wonen.
7.
Laat oude herinneringen herleven
Mis je ook die oude vrienden waar je een geweldige tijd mee
hebt gehad? Hernieuw het contact met oude vrienden die
je uit het oog verloren bent. Sommige vriendschappen zijn
gebleven, maar andere zijn door omstandigheden verloren
gegaan. Daar zaten waardevolle contacten tussen, jullie
hebben veel met elkaar meegemaakt, kenden elkaar door en
door en je zou ze graag willen terugzien. Vaak is dat wederzijds en nu is de uitgelezen kans om die stap te nemen
8. Werken als tentamensurveillant
Als het gehoor je niet verlaten heeft en het zicht nog scherp
is dan kun je een oogje in het zeil houden tijdens het afnemen van de tentamens. Surveilleren bij toetsen zorgt ervoor
dat de onderwijskwaliteit behouden blijft en zo worden
beruchte Inholland schandalen voorkomen. Verwacht wel
tegenwerking van studenten wanneer u na afloop het tentamen uit de handen van de studenten moet innemen.
9. Terug de schoolbanken in
Je bent nooit te oud om te leren. Ben je nieuwsgierig en
gemotiveerd? Treuzel dan niet en ga ervoor! Om mentaal fit
te blijven en nieuwe sociale contacten te leggen zou je opnieuw de scholbanken op kunnen zoeken. Schrijf je vandaag
nog in voor die studie filosofie waar je al jaren geïnteresseerd in bent of volg een cursus naar keuze. Waar? Waar jij
maar wilt, je hoeft je niet alleen te beperken tot Nederland
en zelfs niet alleen tot Europa.
10. Maak je fouten goed
Familie- en vriendenruzies kunnen soms jaren voortduren.
Heb je al die jaren al ‘het spijt me’ willen zeggen? Wie weet
beleef jij punt 1 tot en met 9 van deze top tien dan wel met
een oude kennis. Wacht dan niet langer en ga het einde van
het leven met een schoon geweten tegemoet.
Sinterklaasborrel
Sinterklaasborrel
5 december 2013
deAANSL AG!
19
20
deAANSL AG!
Eerstejaars aan het woord
Eerstejaars
aan het woord
Jeroen Koenraadt
Paspoort
Naam: Fiscale Economie
Leeftijd: 19
Woonplaats: Rotterdam
CT-lid: Jazeker
Hobby’s: Forexhandel en boeken lezen
Hoe bevalt je studie tot nu toe?
Wat vind je van de vakken?
Wat is jouw motief geweest om
juistte kiezen voor Fiscale Economie
De studie economie an sich interesseert me in plaats van Economie?
sowieso. Het is alleen lastig dat je pas in
het tweede jaar met de fiscaliteit te maken
krijgt. De colleges ‘introductie Fiscale Economie’ zijn leuk, maar je krijgt elk college
maar heel kort met een bepaald onderwerp
te maken, waardoor ik geen klik krijg met de
vakken, de vakgroep en de ouderejaars. De
borrels na het college in ‘De Smitse’ vind ik
echter wel altijd erg gezellig. Doordat het
eerste jaar samen gegeven wordt met de
studie Economie, word je niet zo betrokken met de studie Fiscale Economie en is
de studie het eerste jaar totaal nog niet op
de fiscaliteit gericht. Ik ging bij deze studie
niet uit van vakken als marketing of microeconomie, maar deze vakken moet je toch
verplicht doen het eerste jaar. Dit creëert
extra struikelblokken zeker met de strenge
BSA regels.
Is er iets dat je mist binnen de studie
of is er iets waarvan je denkt dat het
verbeterd zou kunnen worden?
Zoals gezegd mis ik fiscale vakken voor studiepunten. De mentorlessen zijn veel beter
in te richten en ook vind ik verplichte practica nogal onzin. Naar mijn mening moet je
leren dat de universiteit geen school is en
dat de verantwoordelijkheid bij jezelf ligt.
Naar mijn idee heeft de helft van de studenten echt te weinig inzet. Volgens mij kan de
Erasmus Universiteit de goede studenten
veel beter belonen dan in plaats van practica verplicht te stellen en te dreigen met
een negatief BSA.
Eerlijk gezegd wil ik al jaren Econometrie
doen, maar met een onvoldoende voor wiskunde B heb ik toch besloten om wat anders te gaan doen. Economie zou het gaan
worden, totdat ik op een open dag ook ging
kijken naar Fiscale Economie. Ik wist toen
nog niet precies wat het inhield, maar ik
was meteen erg enthousiast. Fiscale Economie leek mij leuk, omdat het wat specifieker
is dan Economie, ook al in de bachelor. Je
concentreert je op één vakgebied en richt
je niet continu op een breed scala aan vakken. Naar mijn idee richt je je wat eerder op
je toekomst en dat lijkt me leuk. Daarnaast
ben ik iemand die graag de regeltjes kent en
er dan tussendoor laveert.
Ben je bekend met de CT en ben je
al naar activiteiten geweest?
Ik heb me meteen ingeschreven bij CT, omdat ze veel carrièreactiviteiten hebben maar
ook borrels e.d. Ik ben nog niet bij CT-activiteiten geweest, omdat ik nog een beetje
denk dat het voor ‘echte’ studenten fiscaal
is. Je hebt naar mijn mening nog niet zoveel
aan de carrièreactiviteiten als je pas over
drie jaar begint met afstuderen. Komende
jaren kan ik me nog gaan richten op bedrijven en recruitment of solliciteren voor een
commissie. De deadline voor het solliciteren
voor een commissie in de 4e week van een
nieuwe studie schrok me een beetje af. Ik
wacht dit jaar nog af en wil volgend jaar wel
actiever meedoen.
Weet je al iets af over de fiscaliteit?
Niet meer dan je eigenlijk moet weten. Toch
intrigeert het me, omdat iedereen er mee te
maken heeft en het een gebied is dat constant in beweging is. Het enige wat ik weet
is dat er zoveel over te leren is. Nu klinkt dit
heel cliché, maar: hoe makkelijker het is, hoe
minder wij als fiscalisten eigenlijk nodig
zijn.
Wat vind je van de introductiecolleges Fiscale Economie?
Zoals ik al zei mis ik een fiscaal vak voor
studiepunten. De onderwerpen bij de introductiecolleges zijn breed, maar veel leer
je er eigenlijk niet en dat is jammer. Ik vind
de insteek goed, maar door het verplicht te
stellen overstijgt het gevoel van ‘moeten’
het ‘willen’. Misschien is er volgend jaar
ruimte voor een eigen vak of een introductieproject.
Heb je al een idee over wat je in
de toekomst wilt gaan doen?
Ik weet niet wat er allemaal mogelijk is,
maar graag zou ik later iets in het Investment Banking doen. Misschien moet ik
daarvoor wel wat extra’s of wat anders erbij gaan doen, maar dat komt later. Ik zal er
eerst voor moeten zorgen dat ik m’n BSA
haal.
Woon je al in Rotterdam?
Ja! Ik woon sinds augustus samen met mijn
vriendin in Rotterdam. We komen beiden
uit Enschede en zijn hier allebei naartoe gekomen om te studeren.
Eerstejaars aan het woord
deAANSL AG!
Maud van der Linden
Paspoort
Naam: Maud van der Linden
Opleiding: Fiscaal Recht
Leeftijd: 19 jaar
Woonplaats: Capelle aan den IJssel
CT-lid: Ja
Hobby’s: Hockey, uiteten/feestjes vieren en andere leuke dingen doen met vrienden
Hoe bevalt je studie tot nu toe?
Wat vind je van de vakken?
Het PGL-onderwijs (probleemgestuurd leren) is leuk, aangezien je met een casus aan
de gang gaat. Aan de andere kant vind ik het
ook eentonig worden, omdat je in principe
elke week hetzelfde doet.
Wat is jouw motief geweest om
juist te kiezen voor Fiscaal Recht
in plaats van Rechten?
Rechten alleen leek mij wat saai. Ik heb wat
met cijfertjes en bij Fiscaal Recht krijg ik die
er toch nog bij, vandaar dat ik voor Fiscaal
Recht gegaan ben. Helaas is het eerste jaar
Fiscaal Recht vrijwel identiek aan Rechten,
dus op het fiscale aspect moet ik nog even
wachten.
Prijsvraag
In onderstaande rebus zit een
uitspraak verstopt die te maken heeft met het thema van
deze Aanslag. Weet jij hem
te vinden? Mail je antwoord
uiterlijk 28 februari 2014
naar [email protected] onder vermelding
van ‘Prijsvraag Aanslag 2’ en
maak kans op een 3-gangendiner à la carte bij Mediterraanse Chef voor 2 personen.
Ben je bekend met de CT en ben je
al naar activiteiten geweest?
Ik begin nu steeds wat bekender te worden
met de CT. Ik ben naar de Kennismakingsactiviteit geweest wat erg leuk was, evenals
de borrel en het Lustrumfeest in Staal!
Weet je al iets af over de fiscaliteit?
Ik weet wel al iets van de fiscaliteit af, maar
nog lang niet genoeg. Gelukkig heb ik nog
een studie voor me om mijn kennis daarover wat bij te schaven.
Heb je al een idee over wat je in
de toekomst wilt gaan doen?
Een precies idee heb ik nog niet, maar ik studeer naast Fiscaal Recht ook Bedrijfskunde.
Indien het me lukt om beide studies af te
maken, lijkt het me leuk om iets te gaan
doen wat op beide studies betrekking heeft.
Woon je al in Rotterdam?
Zo nee, waarom niet? Ben je in de
toekomst van plan om dit wel te
gaan doen?
Ik heb vroeger in Rotterdam gewoond, toen
ik nog klein was ben ik naar Capelle verhuisd en hopelijk binnenkort weer terug
naar Rotterdam. Ik ben nu in een kwartiertje op de universiteit, dus wat de afstand
betreft was dat geen reden voor mij om te
verhuizen. Aangezien ik het wel leuk vind
om weer in Rotterdam te gaan wonen, gaat
dit zeker in de (nabije) toekomst gebeuren!
21
22
deAANSL AG!
Startersinterview Stibbe
Startersinterview
Joris Naalden
Paspoort
Naam: Joris Naalden
Studie: Fiscaal Recht
Leeftijd: 28
Kantoor: Stibbe
Afdeling: Tax
Joris Naalden heeft Fiscaal Recht
gestudeerd in Maastricht. Naast
zijn studie heeft hij veel nevenactiviteiten verricht, onder andere veel gereisd en verschillende
commissies gedaan. Na zeven
jaar was hij helemaal klaargestoomd om het bedrijfsleven in te
stappen.
Waarom heb je voor Fiscaal
Recht gekozen?
Het was voor mij meer een toevallige keuze.
Ooit ben ik begonnen met International
Business, na een half jaar ben ik daarmee
gestopt om vervolgens de rechtenkant op te
gaan. Fiscaal Recht vind ik heel interessant
omdat je rechten dan meer macro-economisch bekijkt: waarom hef je belasting? Is
de belasting die je moet betalen gerechtvaardigd? Het snijvlak tussen rechten en
economie trekt mij erg aan en natuurlijk
heb ik destijds de kans op een baan mee laten wegen.
Heb je naast je studie
activiteiten verricht?
Ja, zeker. Ik ben lid geweest van een studentenvereniging, een dispuut en heb daarbinnen verschillende bestuursfuncties gedaan. Daarnaast ben ik voorzitter geweest
van het algemene rechtenfaculteitsblad in
Maastricht. Ook heb ik deelgenomen aan
een studieproject van vier maanden in Azië,
waarbij we onderzoek deden voor Nederlandse bedrijven die in Azië iets op wilden
gaan zetten. Specifiek gericht op Vietnam,
waarvoor we eerst een half jaar samen met
een team van dertien anderen met acquisitie bezig waren. Na het project heb ik nog
veel gereisd. Eigenlijk heb ik zoveel nevenactiviteiten gedaan dat ik achteraf gezien
de verhouding tussen studie en vrije tijd
wat meer in balans had kunnen brengen.
Aan de andere kant trek je alles wat je nog
niet aan basiskennis hebt, weer recht als je
in de praktijk komt te werken. In totaal heb
ik zeven jaar gestudeerd.
Hoe is de overgang tussen het
studentenleven en het werken?
Het is voor mij eigenlijk tweeledig: aan de
ene kant was ik uit gestudeerd en toe aan
het bedrijfsleven, aan de andere kant is het
contrast tussen studeren en werken groot.
Studeren is de tijd dat je je hele dag helemaal zelf kan inplannen, werken als junior
bestaat uit het maken van lange werkweken waarbij 50 tot 60 uur per week geen
uitzondering is.
Waarom heb je uiteindelijk
gekozen voor de advocatuur?
Eerst heb ik bepaald of ik wel fiscalist wilde worden. Na die keuze gemaakt te hebben, kon ik kiezen voor de advocatuur, de
‘Big Four’ of een vergelijkbaar advieskantoor. Bij een advieskantoor doe je vaak het
‘day-to-day’ fiscale werk van een cliënt. De
advocatuur heeft daarentegen veel raakvlakken met het civiele recht, wat mij erg
aanspreekt. Advocaten zorgen meer voor
het transactiewerk, zoals fusies en overnames oftewel eenmalige, grote projecten. Het
gaat daarbij vaak niet primair om de relatie
van de cliënt tot de belastingdienst, maar
meer om de relatie tussen de cliënt en de
wederpartij. Het ondernemings- en contractenrecht dat hierbij ter sprake komt, leek mij
erg leuk alsmede de meerwaarde die naar
voren komt bij het worden van advocaat én
belastingadviseur.
Je bent naast advocaat dus
ook adviseur?
Ja, klopt. Als je bij Stibbe binnenkomt, ben je
de eerste drie jaar advocaat-stagiair. Tijdens
deze periode volg je vakken van de Orde
van Advocaten (NOvA) waarbij je ook tentamens aflegt. Het extra programma ‘Law
Firm School’ dat een aantal grote Zuidaskantoren heeft opgezet, waaronder Stibbe,
volg je daarnaast om wat meer basiskennis
te krijgen gericht op ons specifieke werk.
Om de twee à drie weken volg je op donderdag en vrijdag colleges in een hotel in
Scheveningen, samen met andere junioren
van de deelnemende kantoren. Nadat je de
NOvA en Law Firm School hebt afgerond
Startersinterview Stibbe
begin je met de NOB opleiding. Na drie jaar
ben je dan zowel advocaat als NOB belastingadviseur.
Wat zijn de mogelijkheden
voor studenten binnen Stibbe?
Elk jaar in mei heb je gedurende een week
een business course in New York: STBB2NY.
Deze begint in het kantoor van Stibbe in
Amsterdam, vanuit daar ga je zes dagen
naar New York om een casus op te lossen
om zo een beeld te krijgen van het werk wat
wij doen. Ook hebben we een vergelijkbare
business course in Amsterdam: Stibbe Amsterclass. Daarbij leer je Stibbe eigenlijk het
beste kennen, aangezien je in contact komt
met heel veel mensen van kantoor. De STEP
Inhouse-dag is ook een activiteit waar Stibbe aan mee doet. Als je meer te weten wilt
komen over Stibbe kun je daarnaast altijd
contact opnemen voor een rondleiding op
de afdeling.
Hoezo heb je voor Stibbe gekozen
en hoe ben je hier terecht gekomen?
Op een algemene juridische bedrijvendag
in Maastricht ben ik met iemand in gesprek
geraakt en kwam ik erachter dat je ook fiscalist kan worden bij een advocatenkantoor. Vervolgens ben ik langs gekomen op
kantoor en heb ik een brief geschreven voor
Stibbe to New York. Tijdens de week in New
York vond ik het werk dat ze bij Stibbe doen
heel leuk en de sfeer was heel goed. Na mijn
studie heb ik een fulltime stage gelopen van
twee maanden, dat beviel heel goed van
beide kanten. Toen heb ik gesolliciteerd en
van het een kwam het ander.
Op welke afdeling werk je?
Binnen Stibbe hebben we voor de fiscalisten
alleen de afdeling ‘Tax’: de algemene fiscale
praktijk. Daarbinnen ontwikkelen sommige
mensen wel een subspecialisme (denk bijvoorbeeld aan M&A/private equity of formeel belastingrecht), maar in principe doet
iedereen alles.
Hoe ziet een gemiddelde
werkdag eruit?
Je kunt nooit helemaal weten hoe je dag eruit gaat zien. Vaak heb je wel een idee maar
je werkt aan meerdere zaken tegelijk. Er zijn
dagen dat je alles op je gemak kunt doen en
dagen dat je op kantoor komt en je hele inbox vol zit waardoor de hele dag druk bezet
is met meetings, telefoontjes en ga zo maar
door.
Wat kenmerkt Stibbe?
De sfeer. Het werk dat we doen is natuurlijk
vergelijkbaar met andere advocatenkantoren. Uiteraard heb je wel gezagsverhoudingen, maar Stibbe onderscheidt zich wel door
de informele manier waarop de mensen
hier met elkaar omgaan.
deAANSL AG!
Wat is jouw fiscale tip?
Ondanks dat je van verschillende mensen
signalen krijgt dat je je vooral op je studie
zou moeten richten en je studie zo snel mogelijk af moet ronden, zou ik studenten willen adviseren om alles uit je studententijd
te halen. Het is natuurlijk niet de bedoeling
dat je je studie helemaal naast je neerlegt,
maar je plukt er later wel de vruchten van
wanneer je wel de tijd neemt om te studeren en ernaast nuttige activiteiten te verrichten.
23
24
deAANSL AG!
Fotopagina
Luxemburgreis
De Luxemburgreis
De CT brengt een bezoekje aan het Hof van Justitie van de Europese Unie
Door:
Agnes Maasen
Op donderdag 9 januari heeft een groep enthousiaste CT’ers het voorrecht gehad om een zeer spraakmakende zaak betreffende de grensoverschrijdende fiscale eenheid bij te wonen die voorkwam bij
het Hof van Justitie van de Europese Unie. Mede
dankzij Prof. dr. P. Kavelaars heeft de R.F.V. Christiaanse-Taxateur dit mogelijk kunnen maken voor
studenten. Middels deze weg willen wij nogmaals
onze dank uiten aan de heer Kavelaars voor alle
moeite die hij heeft gestoken in de organisatie en
coördinatie van de reis. Vanwege het feit dat de
rechtszaak op donderdag 9 januari om 09:30 uur al
voorkwam, is de groep al woensdag 8 januari in alle
vroegte richting Luxemburg vertrokken.
Om 08:00 uur in de ochtend werden de studenten verwacht bij
de Kralingse Zoom om te beginnen aan een vier uur durende reis.
Met twee busjes en een personenauto ging de gehele groep op pad
richting Luxemburg. Na wat files en verkeersoponthoud onderweg
kwamen allen om 12:30 uur aan in het hostel in de stad Luxemburg. Een prachtige, rotsachtige plaats die weinig weg heeft van
een grote stad. Door de vele begroeiing, oude panden en robuuste
rotsen heerst er in het centrum van de stad de sfeer van een gemoedelijk dorp. Doordat de oude panden op verschillende niveaus
zijn gebouwd, krijgt het geheel een extra dimensie. Ook de spoorlijn die over een hoge, oude brug door de stad raast en het grote dal
vlak naast het centrum dragen bij aan de dorpse ambiance en de
pracht van de stad. Veel tijd was er echter in de middag niet om te
genieten van deze bijzondere omgeving, want de studenten werden verwacht bij de Luxemburgse vestiging van Deloitte.
Bij Deloitte werden wij onthaald door een uiterst vriendelijke
medewerker van Deloitte die ons al te graag meer wilde vertellen over het fiscale stelsel van Luxemburg. Tijdens zijn presentatie
kwamen wij erachter dat binnen Luxemburg veel fiscale trucjes
mogelijk zijn die in Nederland reeds door wetgeving niet meer zo
gemakkelijk uitvoerbaar zijn. Een voorbeeld is het onderbrengen
van onroerende goederen in een BV en deze BV vervolgens te verkopen om op die manier overdrachtsbelasting ontwijken. Een andere mogelijkheid om in Luxemburg belastingdruk te verlagen is
door een moedermaatschappij een lening te laten verstrekken aan
een dochtermaatschappij en op deze manier forse profitshifting te
laten plaatsvinden. Duidelijk werd dat in Luxemburg de ethische
discussie betreffende de effectieve belastingdruk niet zo heftig
wordt gevoerd als in Nederland. Zo is ook de BEPS-discussie (Base
Erosion and Profit Shifting) vrijwel niet aan de orde in Luxemburg.
Luxemburg heeft in deze discussies, volgens de medewerker van
Deloitte Luxemburg, een afwachtende en neutrale houding.
Na deze zeer interessante, inhoudelijke middag kreeg men de tijd
om wat te ontspannen en door de stad heen te slenteren. Deze vrije
tijd werd door eenieder zeer nuttig besteed door na een korte stadswandeling plaats te nemen in een café waar men zichzelf tegoed
deed aan een alcoholische versnapering. Rond etenstijd nam men
plaats in een Italiaans restaurant waar werd genoten van sappige
pizza’s, royale pasta’s, rode en witte slobberwijn onder begeleiding
van enthousiaste bediening. Na dit heerlijke diner zijn enkele verstandige studenten richting het hostel gegaan en enkele studenten hebben zich gewaagd aan een drankje in café Urban. Bij dit
gezelschap hebben zich twee docenten van Fiscale Economie, heer
Robben en heer van Ovost, gevoegd en heeft een rustige doch gezellige borrel plaatsgevonden. Echter, vanwege het feit dat men de
volgende dag de rechtszaak bij het Hof zou bijwonen, lag iedereen
voor 01.00 uur op bed. De studenten zijn zelfs eerder vertrokken
dan de docenten! Duidelijk werd dat iedereen zijn focus had op de
rechtszaak van de volgende dag.
Voor dag en douw gingen op de verschillende kamers in het hostel wekkers af, omdat iedereen om zeven uur aan het ontbijt werd
verwacht. Met ietwat kleine oogjes druppelden de studenten de
ontbijtruimte binnen om rond kwart voor 8 te vertrekken naar het
Hof van Justitie.
Bij aankomst werden wij hartelijk ontvangen door een van de
medewerkers van het Hof. Na een intensieve check mochten wij
Luxemburgreis
Fotopagina
het immense gebouw betreden. Door de strakke planning van de
organisatie kregen we de mogelijkheid om kort rond te lopen en
een aantal rechtszalen te betreden. In de grootste rechtszaal is
plek voor 24 linguïsten die tijdens een rechtszaak alles direct vertalen. Omdat bij het Hof van Justitie van de Europese Unie vrijwel
alle zaken in meerdere talen worden gevoerd en het belangrijk
is dat de belanghebbenden, rechters en geïnteresseerde burgers
van EU-lidstaten de rechtszaak kunnen volgen, zijn linguïsten en
hun werkzaamheden ontzettend belangrijk voor een goede procesgang. Na deze korte tour kregen we uitleg over de technische
aangelegenheid van rechtszaken bij het Hof van Justitie. Zo werd
ons onder andere verteld dat de rechters van het Hof periodiek bij
elkaar komen om rechtszaken te verdelen. Bij deze verdeling van de
rechtszaken wordt geen rekening gehouden met de nationaliteit of
achtergrond van de rechters. Het zou dus kunnen voorkomen dat
een rechter die afkomstig is uit Duitsland met een civielrechtelijke
achtergrond een Nederlandse fiscale zaak moet behandelen. Op
het moment dat de zaak wordt besproken door alle rechters, wordt
onder andere ook bepaald hoeveel rechters de zaak zullen behandelen, door welke rechters dit wordt gedaan en wie de rapporteur
zal zijn. Na deze zeer informatieve sessie werden wij om half tien
naar de rechtszaal geleid waar de zitting aanving. De rechtszaak
had betrekking op drie vergelijkbare zaken (C-39-41/13). Aan de
orde was de vraag of de Nederlandse fiscale eenheidswetgeving
verenigbaar is met het EU-recht. Indirect gehouden dochtervennootschappen kunnen namelijk slechts in de fiscale eenheid worden gevoegd wanneer ook de tussenhoudster in de fiscale eenheid
is gevoegd. Tevens geldt voor zustermaatschappijen dat zij slechts
kunnen worden opgenomen in de fiscale eenheid indien ook de
moedermaatschappij deel uitmaakt van de fiscale eenheid. In het
geval dat deze verbindende tussenhoudster of moedermaatschappij is gevestigd buiten Nederland, in casu een andere EU-lidstaat,
is het niet mogelijk deze in de fiscale eenheid te voegen. Derhalve is het voor bovengenoemde gevallen niet mogelijk een fiscale
eenheid te vormen. De belanghebbenden namen het standpunt
in dat dit indruist tegen de vrijheid van vestiging dat binnen het
EU-recht is geformuleerd. Tevens stelden zij dat de situatie vergelijkbaar is met het arrest Papillon waarin, door het Hof van Justitie
van de Europese Unie, werd geoordeeld dat weigering van een dergelijke consolidatie naar Frans recht inbreuk maakt op de vrijheid
van vestiging. De zitting werd gestart met de betogen van de vier
verschillende belanghebbenden die ieder in eigen bewoording de
bovengenoemde standpunten formuleerden.
Vervolgens kreeg de Nederlandse staat de gelegenheid om haar
standpunt te formuleren. Doordat de zaak dient bij het Europese
Hof van Justitie, is Nederland verplicht een afgevaardigde te sturen die werkzaam is bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Dit
brengt met zich mee dat de vertegenwoordiger van de Nederlandse staat vaak totaal geen fiscale kennis bezit. In het pleidooi kwam
naar voren dat de Nederlandse staat van mening is dat, indien de
tussenhoudster niet wordt opgenomen in de fiscale eenheid, de
economische verwevenheid van de lichamen niet meer van een
dermate omvang is om voeging in de fiscale eenheid te rechtvaardigen. Tevens werd in het betoog gesteld dat het arrest Papillon
niet vergelijkbaar is, omdat de Franse consolidatie veel minder
vergaand is dan de Nederlandse consolidatie. Na dit betoog kregen
deAANSL AG!
25
26
deAANSL AG!
Fotopagina
Luxemburgreis
ook respectievelijk de Duitse en Franse staat de mogelijkheid om
een betoog te houden. Elke EU-lidstaat heeft de mogelijkheid voorafgaand aan de rechtszaak opmerkingen in te sturen en tevens een
betoog te houden tijdens de zitting. Duitsland en Frankrijk stelden
zich op hetzelfde standpunt als Nederland en voerden een vergelijkbaar betoog.
Tijdens de pleidooien van Frankrijk en Duitsland werd voor het
eerst tijdens de zitting langdurig in een andere taal dan Nederlands gesproken. Ontzettend interessant was het om de linguïsten
‘in actie’ te zien. De snelheid waarmee geluisterd en vertaald werd,
is ongelooflijk. Nadat alle partijen gesproken hadden, kregen allen
nog de mogelijkheid om op elkaar te reageren. Dit waren kortere
betogen met, althans tijdens deze zitting, een klein beetje humor.
Vervolgens kregen de rechters de mogelijkheid om vragen te stellen aan de partijen. De rapporteur en advocaat-generaal hebben
allebei vragen afgevuurd op de Nederlandse staat. Dit was het moment dat duidelijk werd dat de vertegenwoordiger van de Nederlandse staat weinig fiscale kennis bezat. Zij had zeer veel moeite
met de beantwoording van de vragen en moest meerdere malen
ten rade gaan bij haar collega’s van het Ministerie van Financiën,
die in het publiek zaten. De vragen van de rapporteur en advocaatgeneraal indiceerden dat zij neigden hun mening te vormen ten
nadele van de Nederlandse staat. Wat daadwerkelijk de mening
van beiden is, is natuurlijk niet bekend. Echter, de advocaat-generaal zal eind februari al haar mening laten blijken in haar conclusies. Na deze vragen werd de zitting gesloten en stond iedereen
rond 12:00 uur weer buiten de zaal. Iedereen was zeer enthousiast
en uiteraard nieuwsgierig naar de uitspraak van de rechters. Helaas zullen wij hier nog even op moeten wachten.
Snel kregen wij nog een korte tour door het gebouw en konden
nieuwsgierigen al hun vragen afvuren op de medewerker van het
Hof. Wij werden onder andere meegenomen naar de ‘Deliberation
Room’, de ruimte waarin alle rechters tezamen vergaderen. Een
enorme ruimte met een onbeschrijfelijke hoeveelheid jurisprudentie. Helaas moesten we na deze enerverende ochtend weer terugkeren naar het hostel om alle koffers in te pakken en te vertrekken
richting Nederland. Ondanks het vroege opstaan en het lange reizen, spreek ik denk ik namens alle deelnemers als ik zeg dat het een
ontzettend leuke en interessante ervaring was! Middels deze weg
nogmaals dank aan bestuursleden Floris Evenboer en Emiel de Bok
voor de goede organisatie. In het bijzonder dank aan CT-lid Rogier
Vermeer die zich hard heeft ingezet om deze reis te laten slagen.
Fotopagina
Thuis bij
deAANSL AG!
Thuis bij...
Julia Grooten
Voor de tweede editie van de Aanslag zijn we thuis bij oudAanslagcommissielid Julia Grooten. Julia is masterstudent Fiscaal
Recht en doet dit jaar mee aan de Tax Jurisprudence Program. Naast
haar studie heeft ze een passie voor basketbal en geniet ze van haar
studententijd.
Waar in Rotterdam woon je enhoe ben je aan deze
kamer gekomen?
In het begin van mijn studententijd heb ik in Rotterdam-Zuid
gewoond, tegenover de Maassilo. Daar woonde ik in een mooie
grote gerenoveerde kamer. Maar toen ik via een vriendin een
iets minder grote kamer in Kralingen kon krijgen, ben ik toch vol
enthousiasme verhuisd. Ik woon inmiddels al bijna drie jaar aan
de Lambertusstraat boven een misschien wel bekende pizzeria
‘Marco Polo’, altijd handig als je geen zin hebt om boodschappen te
doen en te koken. Ik woon hier met drie gezellige meiden. Helaas
hebben we geen gezamenlijke woonkamer, maar we eten gezellig
samen bij elkaar op de kamer.
Wat voor leuke dingen doe je naast je studie?
In mijn eerste jaar ben ik lid geworden bij de studentenvereniging
Laurentius, nu vier jaar later ben ik uitgeschreven als lid, maar
doe ik nog steeds volop leuke dingen met mijn clubgenootjes.
Daarnaast ben ik uiteraard lid bij de R.F.V. Christiaanse-Taxateur.
Vorig jaar heb ik met veel plezier in de mooie Aanslagcommissie
gezeten en dit jaar doe ik mee aan de Tax Jurisprudence Program,
wat ik ook een leuke en leerzame ervaring vind. Ook basketbal ik
al ongeveer acht jaar. Tijdens mijn studententijd ben ik op een lager niveau gaan spelen, maar nog steeds vind ik het de mooiste
sport die er bestaat. Ik heb op de studentenbasketbalvereniging
EBV Baros twee jaar geleden een jaar bestuurservaring opgedaan
als penningmeester.
Hoeveel bedraagt de huur per maand?
Ik betaal € 350,- inclusief voor een kamer van 18m2. En de badkamer en keuken hoef ik daarvoor maar met één ander meisje te
delen.
Wat trekt je het meest aan in je studie?
Ik vind Fiscaal Recht vooral interessant omdat het een combinatie
is van Rechten en Economie. Ik ben zelf vooral geïnteresseerd in
de rechtenkant van de fiscaliteit, welke goed naar voren komt in
deze studie. Ik zit inmiddels in mijn master Fiscaal Recht en ik vind
het fijn dat de bachelor Fiscaal Recht mij er voldoende op heeft
voorbereid. Het verschil is dat er dieper op bepaalde aspecten van
de stof wordt ingegaan, wat mij erg aanspreekt. Tijdens mijn bachelor heb ik de mogelijkheid gehad om mijn civiel effect te behalen zodat ik na het afronden van mijn master zowel de adviseurals de advocaatkant op kan.
Wat vind je de mooiste plek in Rotterdam?
Toen ik nog in Rotterdam-Zuid woonde, vond ik het uitzicht wat
je had als je in het donker over de brug fietste indrukwekkend. In
de zomer op het terras van Hotel New York waan ik me altijd een
beetje op vakantie, dus dat is ook zeker een aanrader! Verder zijn
er in Rotterdam genoeg leuke kroegjes om gezellig een biertje te
drinken.
Hoe zie je jezelf over tien jaar?
Ik ben er nog niet helemaal uit of ik adviseur wil worden of toch
advocaat. Misschien wil ik na deze master nog een master Strafrecht volgen. Voor mij zitten er mooie dingen aan beide beroepen.
Ik kan nu dus moeilijk zeggen waar ik over tien jaar ben. Maar ik
hoop dat ik dan met plezier en passie mijn beroep uitoefen.
Heb je nog tips voor andere student-fiscalisten om
zich zo goed mogelijk te ontwikkelen?
Ik zou zeggen: ‘geniet vooral van je studententijd’. Dit is een tijd
om hard te studeren, eventueel stages te lopen of werkstudentschappen te doen, maar ook vooral om je als mens te ontwikkelen
en niet alleen als fiscalist.
27
28
deAANSL AG!
Nieuwjaarsborrel
Nieuwjaarsborrel 9 januari 2014
Nieuwjaarsborrel
deAANSL AG!
29
30
deAANSL AG!
CT on Ice
CT on Ice 10 januari 2014
To be on
top of tax
you need to be prepared
for the unexpected
Vaar ook mee met de Meijburg Sail Challenge 2014!
Onze jaarlijkse Sail Challenge zal plaatsvinden op 16 mei 2014.
Wil jij je individueel of per team inschrijven of meer informatie
over dit unieke evenement?
Kijk dan op www.waarligtjouwtax.nl
en hou onze Facebookpagina in de gaten.
© 2014 KPMG Meijburg & Co, belastingadviseurs, is een samenwerkingsverband van besloten vennootschappen, staat ingeschreven in het
Handelsregister onder nummer 53753348 en maakt deel uit van KPMG International Cooperative (“KPMG International”), een Zwitserse entiteit.
Alle rechten voorbehouden.
32
deAANSL AG!
Tax Jurisprudence Program
Tax Jurisprudence Program sessie Formeel Belastingrecht
Tax Jurisprudence Program sessie Loonbelasting i.s.m. Tax Jurisprudence Program sessie Omzetbelasting i.s.m.
Tax Jurisprudence Program
i.s.m. De Bont Advocaten 20 november 2013
Belastingdienst 11 december 2013
BDO 5 januari 2014
deAANSL AG!
33
34
deAANSL AG!
Speciaal Fiscaal
Speciaal Fiscaal
Door: Cindy Steentjes
Paspoort
Naam: Patrick van de Werken
Leeftijd: 20 jaar
Studio: Tweedejaars Fiscaal Recht
Topsport: Schaatsen
Wanneer ben je begonnen
Patrick van de Werken is een Vertel eens iets over de
met schaatsen?
tweedejaars Fiscaal Recht student studentenschaatsvereniging?
met vijf andere studenten, waaron- Toen ik ongeveer zeven was, dus dat is al
en volgt tevens nog de opleiding Samen
der een aantal oude ploeggenoten van mij, een tijdje geleden. Voordat ik begon vond ik
Rechtsgeleerdheid in deeltijd. Hij hebben we de schaatsvereniging E.S.S.V. het al heel leuk om te schaatsen, maar het
heeft echter ook een serieuze hob- Alcedo (via Erasmus Sport) opgericht. Wij was uiteindelijk het idee van mijn moeder
tevens in het bestuur van de vereni- om mij schaatsles te laten volgen. Dit met
by daarnaast: schaatsen. Trainen zitten
ging. We geven training aan studenten op de gedachte om mij te leren niet te vallen
en deelnemen aan wedstrijden is de woensdag en de vrijdag op de schaats- op natuurijs.
wat hij regelmatig doet naast zijn baan bij Leonidas.
Wat voor prijzen heb je behaald?
studie en hij heeft ondertussen al
Kun je wat meer vertellen over
Ik ben wel vaker gewestelijk kampioen geaardig wat resultaten behaald.
worden, in dit geval van Brabant-ZeelandWaarom heb je voor Fiscaal Recht
gekozen?
Om eerlijk te zijn, wilde ik eerst Geneeskunde gaan studeren. Helaas werd ik uitgeloot
voor de studie en had ik geen zin om dan
ook nog een soortgelijke studie te doen; het
is dan toch niet honderd procent wat ik wil.
Daarna ben ik verder gaan zoeken en toen
ben ik op Fiscaal Recht uitgekomen, aangezien ik naast Geneeskunde ook de financiële kant leuk vind. De combinatie van rechten en het fiscale aspect trekt mij erg aan.
Livestrong?
Naast mijn studie ben ik ook actief voor
Livestrong. Dit is een organisatie die geld
inzamelt voor de strijd tegen kanker. Daarnaast vindt de organisatie het belangrijk
om mensen bewust te maken van de problematiek rond kanker. Op evenementen
(vaak wielrenevenementen) worden dan
ook de bekende gele bandjes verkocht en
wordt er aan mensen informatie verstrekt,
onder andere door mij.
Hoe combineer je het
schaatsen met je studie?
In totaal train ik zes keer per week waarvan
Hoe ziet jouw studentenleven eruit? ik drie keer bezig ben met schaatsen en de
Waarschijnlijk niet zoals het er bij de meeste studenten uitziet. Eigenlijk train ik bijna
elke dag op de schaatsbaan of ergens anders om aan mijn conditie te werken. Daarnaast sta ik nog weleens vrijwillig op evenementen voor Livestrong, ben ik actief in
het bestuur van een studentenschaatsvereniging. en studeer ik Fiscaal Recht voltijd
en Rechten deeltijd.
andere drie trainingen bestaan vooral uit
fitness en fietsen om mijn conditie bij te
houden. Het voordeel is dat ik maar drie
dagen colleges heb en door de onderwijsgroepen hoef ik alleen in de ochtend naar
de universiteit toe.
Limburg omdat ik in Breda train. Daarnaast
ben ik afgelopen jaar op het Nederlands
kampioenschap supersprint, waar ongeveer twintig junioren van mijn leeftijdscategorie aan mee mogen doen, vierde geworden. Sinds 2009 doe ik al mee aan deze
kampioenschappen. Je moet aan bepaalde
limiettijden voldoen tijdens de trainingswedstrijden om deel te kunnen nemen aan
de selectiewedstrijden die je vervolgens
een plaatsing kunnen opleveren bij de Nederlandse kampioenschappen. Sinds dit
jaar behoor ik tot de neosenioren, een andere leeftijdscategorie, waarbij ik de deelnamen aan de kampioenschappen helaas
net niet heb gehaald.
Hoe ben je zo ver gekomen?
In het begin was het meer een hobby voor
op de zaterdagochtend. Vanaf mijn dertiende vonden er selecties plaats en ben ik
serieus begonnen met veel trainen. Heel
veel trainen, veel discipline hebben en goed
plannen zijn een aantal voorwaarden om
ver te kunnen komen. Naast de reguliere
Speciaal Fiscaal
trainingen gaan we ook drie keer per jaar
op trainingskamp. Eén keer blijven we in
Nederland en gaan we naar de Drunense
duinen om daar te mountainbiken en te
werken aan kracht en conditie. Daarnaast
gaan we nog twee keer naar Duitsland.
Meestal gaan we twee keer naar Erfurt om
daar wedstrijden te rijden en om te trainen
op het ijs. Dit jaar gaan we echter ook nog
naar Inzell. De omstandigheden zijn daar
beter om wedstrijden te schaatsen, dus verwachten we daar snellere tijden.
Zie jij jezelf over tien jaar
nog steeds fanatiek op
de schaatsbaan staan?
Ik ben bang van niet. Op een gegeven moment moet je een keuze maken tussen
studie en sport, dan vind ik studie toch
belangrijker. Als je je echt volledig op het
schaatsen wilt richten, moet je ten eerste
naar Heerenveen verhuizen, want daar
speelt het hele schaatsleven zich af. De
meesten trainen daar twee keer per dag op
het ijs. Dan zet je toch je studie op een lager pitje, waardoor je er waarschijnlijk veel
langer over doet of het zelfs helemaal niet
haalt. En er zijn uiteindelijk maar weinig
schaatsers die de top halen. Als je in een gemiddelde klasse zit, kost het je bijna meer
dan dat het je oplevert.
deAANSL AG!
35
36
deAANSL AG!
De Stelling
Stelling:
Jongeren kunnen beter uit het
huidige pensioenstelsel stappen en
hun eigen pensioen beheren
Onze pensioenen staan onder druk en we maken ons er steeds meer zorgen over. Pensioenfondsen
kunnen niet meer garanderen dat we krijgen wat ons is beloofd. Het recht op een goede oude dag
is altijd vanzelfsprekend geweest, maar dat lijkt nu te veranderen. Het pensioen blijkt nu minder
waard. De jongere generaties moeten langer werken, betalen meer pensioenpremies en zullen op
oudere leeftijd een veel lager pensioen ontvangen. Dit terwijl pensioengerechtigden steeds langer
leven en pensioen genieten waar zij geen pensioenpremie voor betaald hebben. Hebben jongeren
straks wel een appeltje voor de dorst voor hun oude dag of is de pensioenpot straks leeg?
Erik Ros, docent Fiscaal Recht
In ons huidige pensioenstelsel betalen alle deelnemers in een pensioenregeling dezelfde premie (doorsneepremie), waardoor volgens het CPB jongeren meebetalen aan de opbouw van het pensioen van ouderen. Het systeem van de zogenoemde doorsneepremie stamt uit de tijd dat de meeste mensen hun hele leven dezelfde baan
hadden. Dat systeem werkte toen wel eerlijk, maar functioneert in de huidige tijd niet meer, omdat jongeren
vaker van baan wisselen (dus ook van pensioenfonds) of ze worden zzp-er. Daardoor bouwen ze minder pensioen
op. Het gevolg van de nadelen voor jongeren is dat het draagvlak onder het pensioenstelsel wordt ondermijnd.
Om het huidige pensioensysteem toekomstbestendiger te maken, vind ik dat werknemers en zzp-ers verplicht
moeten worden gesteld om voor hun pensioen te sparen. Daarbij moet de keuze voor de pensioenuitvoerder
waar zij de pensioenspaarpot onderbrengen vrij zijn. Het pensioengeld moet dan collectief belegt worden en de
beleggingsstrategie zal moeten worden afgestemd op de leeftijd van de deelnemer. Hoe ouder de deelnemer, hoe
minder risico’s er worden genomen. Oudere deelnemers hebben immers minder tijd om eventuele tegenvallers
op te vangen. De kosten die de uitvoerder rekent, moeten eveneens transparant zijn. Ik realiseer dat de overgang
naar zo’n pensioenstelsel veel vragen en overgangsproblemen oproept. Uitgangspunt moet echter blijven om zo
veel mogelijk de balans tussen solidariteit en individuele keuzes te waarborgen.
Olof Scholtes, masterstudent Fiscale Economie
Volgens mij zijn veel werknemers verplicht deel te nemen aan een pensioenregeling en kunnen alleen gemoedsbezwaren ten alle tijden vrijstelling krijgen. Het huidige systeem zit echter wel vreemd in elkaar. Aan de ene kant
wordt er veel gespaard voor de oude dag terwijl er aan de andere kant wordt geleend voor het kopen van een
huis. Ik ben absoluut geen pensioenexpert maar op het eerste gezicht lijkt het mij een vreemde constructie. Het
geld dat gebruikt wordt om een pensioenaanspraak op te bouwen, zou ook gebruikt kunnen worden om de eigen
woning te financieren. Op deze manier bouw je ook vermogen op voor de oude dag.’
Janwillem den Hollander, masterstudent Fiscale Economie
Door de babyboom, kort na de tweede oorlog, zijn we nu - 69 jaar later - in een periode beland waarbij enorm veel
ouderen met pensioen gaan. Hierdoor hebben pensioenfondsen het lastig om aan de pensioenverplichtingen
te kunnen voldoen en heeft het kabinet meerdere maatregelen moeten nemen. Het probleem vindt zijn
oorsprong in het feit dat de pensioenpremies die wij betalen niet direct zijn bestemd om in onze eigen
latere pensioenuitkeringen te voorzien, maar om de pensioenuitkeringen te kunnen voldoen van de huidige
pensioengerechtigden. Het klinkt daarom in eerste instantie niet vreemd in de oren om zelf voor je pensioen te
sparen. Echter ben ik van mening dat dit enorm veel complicaties met zich meebrengt. Wat als we langer leven
dan gemiddeld? Het potje raakt op den duur toch echt op.
Moet je dit risico dan weer extern gaan verzekeren? Dit probleem heb je niet als je bij een pensioenfonds zit. Als
mensen te veel gaan sparen, zou dit slecht zijn voor de economie. En is het merendeel van de burgers wel capabel
genoeg om zelf voor hun pensioen te sparen? Moet het dan niet streng gereguleerd worden? Dit is zomaar
een korte samenvatting van problemen waar we tegen aan zouden lopen. Ik ben het daarom niet eens met
de stelling. Ik denk dat er zoveel complicaties optreden dat het merendeel van de bevolking beter af is met het
huidige stelsel en dat de gemiddelde burger tegen zich zelf beschermd moet worden. Sparen voor het pensioen
moet gewoon gedaan worden door mensen die er - naar je mag aannemen - verstand van hebben.
De Stelling
deAANSL AG!
Max Oosterbaan, masterstudent Fiscale Economie
Hoewel de collectieve pensioenfondsen op dit moment inderdaad onder druk staan, ben ik van mening dat
een pensioen in eigen beheer niet de oplossing biedt. Het collectief zorgt er in mijn ogen voor dat de ‘schade’
beperkt blijft. Zo wordt het beleggingsrisico gespreid. Daardoor zal naar verwachting een hoger netto rendement
worden behaald dan beleggen met een eigen portefeuille. Dat vangt, mijns inziens, het gat dat ontstaat door
de vergrijzing en de stijgende levensverwachting deels op. Daarnaast leert de geschiedenis mij dat de politiek
koopkracht vergrotende maatregelen zal treffen als de waarde van de (collectieve) pensioenen te veel dalen. Naar
mijn mening zal tevens een pensioen in eigen beheer minder opbrengen door de rekenrente die gehanteerd dient
te worden.
David van der Linden, eerstejaars Fiscale Economie
In 1960 was de grijze druk (aantal gepensioneerden gedeeld door aantal personen van 20-65 jaar) gelijk aan 16,8%.
In 2012 bedroeg deze 26,8%[1]. Dit gegeven vormt de grootste dreiging voor het Nederlandse pensioenstelsel,
omdat het een omslagstelsel is. Dat wil zeggen dat diegene die nu werken betalen voor de AOW uitkering die
nu ontvangen worden. Dit lijkt verdacht veel op een zogeheten “Ponzi Scheme” of pyramidesysteem, maar
met het verschil dat de Nederlandse staat deze zal steunen en subsidiëren. Echter, de Nederlandse staat is
onbekwaam; hij heeft al moeite met het in bedwang houden van het financieringstekort, laat staan dat er
schulden afgebouwd worden. Deze situatie geldt voor de meeste landen in Europa. Hierdoor zal de ECB net als
de Fed en BoE kwantitatieve versoepeling toe gaan passen (sterker nog, het fenomeen wordt al toegepast in de
vorm van “debt monetisation”), hetgeen gepaard gaat met ultra lage rentes. De gemiddelde disconteringsvoet
voor Nederlandse pensioenfondsen is 4 á 5%[2]. Om dit rendement nog te kunnen behalen en daarmee ook
een voldoende dekkingsgraad te behouden zullen pensioenfondsen risicovoller moeten beleggen, of zich de
werkelijkheid schoner voorstellen dan zij is. Mijn conclusie is dat jongeren er inderdaad verstandig aan doen zich
van hun eigen pensioenen te voorzien. Men investeert niet in een “Ponzi Scheme”, dus ook niet in die van de staat.
Dat de traditionele spaarmiddelen zoals goud en zilver straks nog zullen bestaan is zeker, maar hoelang men nog
onaflosbare valuta kan inwisselen tegen harde valuta is, op z’n zachts uitgedrukt, onzeker.
Jia Xin Ma, tweedejaars Fiscaal Recht
De stelling stelt dat jongeren beter zelf, individueel, hun eigen pensioen moeten beheren. Is dit echt wat we
willen? Mijns inziens zou dit geen verstandige keuze zijn. Dit zou namelijk betekenen dat jongeren ieder voor zich
zijn/haar pensioen zou moeten plannen en zelfstandig daarvoor moet gaan sparen. Ten eerste twijfel ik aan de
bereidheid van de meeste jongeren om al vroeg te beginnen met sparen voor hun pensioen. Immers, het duurt
nog ruim 40 jaar voordat zij met pensioen gaan. ‘Genoeg tijd joh’ zal waarschijnlijk de mentaliteit zijn onder
sommige jongeren. Hierdoor kunnen zij op hun dertigste, dan wel veertigste levensjaar of later pas beseffen dat
zij nog hun volledige pensioen moeten gaan opbouwen. Dit is veel te laat en moet voorkomen worden. Daarnaast
is er ook nog een groep jongeren die wel bereid is om alvast over zijn pensioen na te denken en te gaan sparen.
Echter, weten zij voldoende van toekomstige ontwikkelingen om goed geïnformeerde, rationele keuzes te maken
waar zij op hun oude dag nog comfortabel van kunnen leven? Een doorsnee persoon zal hier hoogstwaarschijnlijk
onvoldoende van af weten om een goede beslissing te maken. Een stormvloed bij de adviseurs en beleggers
die een individueel plan moet opmaken voor het pensioen van zijn cliënt zou het gevolg zijn. Dit klinkt (en is
waarschijnlijk) ook zeer inefficiënt. Daarnaast hebben sommige mensen geen toegang tot een dure adviseur die
zij zelf moeten betalen. Bij het huidige pensioenstelsel wordt het plan van aanpak echter redelijk centraal bij het
pensioenfonds zelf geregeld voor de groep mensen die bij het desbetreffende pensioenfonds zijn aangesloten. Ik
ben meer geneigd om te denken dat de oplossing niet ligt bij de individualisering van het pensioen maar juist in
een wijziging van het bestaande pensioenstelsel. Het zou niet bepaald verantwoordelijk zijn om mensen ‘aan hun
lot’ over te laten wat betreft hun oudedagsvoorziening
37
38
deAANSL AG!
Column / Winnaar Prijsvraag / Agenda
Column
Hoe omgaan met ouderen?
Zaterdag na de jaarwisseling ging ik tezamen met een
vriend op bezoek bij een oud-collega in een verzorgingstehuis. In de lift troffen we een op leeftijd zijnde man
aan met een blindegeleidestok. De KNGF-hond ontbrak.
Aangezien het vlak na Oud & Nieuw was hielden we er
serieus rekening mee dat de hond ten prooi was gevallen aan de blaas-een-huisdier-op-met-een-rotje-debiel
uit Amersfoort. Maar goed, dat ter zijde. We stapten de
lift uit op de eerste verdieping. De man bleef wachten tot
de tweede verdieping zich zou aandienen. In een in en
in triest zaaltje, die door de verpleegsters ‘woonkamer’
werd genoemd, vonden we onze oud-collega. Tranen
van geluk dat wij haar kwamen opzoeken sprongen in
haar ogen. ‘Uiteraard komen we u opzoeken’, zeiden we
haar. Zij vond het geen vanzelfsprekendheid en vroeg of
we het niet als een verplichting zagen. Ze wilde ons namelijk niet tot last zijn. Daarover gesproken, ik las laatst
een artikel over dat ouderen zich een last van de samenleving voelen. Het artikel wist te melden dat een oude
opvatting uit het oude Griekenland - waar die last tevens
werd gevoeld - inhield, dat je na je zestigste levensjaar
zelfmoord moest plegen door van een brug te springen.
Tamelijk vergaande maatregel om de kosten van de vergrijzing een halt toe te roepen zou je denken. De regering
heeft in het kader van de wiedergutmachung maatregelen genomen. Zo krijg je als dode Griek nog jaarlijks
een uitkering overgemaakt, als je naaste jouw overlijden
niet doorgeeft. Een land met naar verluidt een kleine 11
miljoen inwoners blijkt wellicht een veel kleiner aantal
inwoners te hebben. Zou dit in Nederland ook het geval
zijn en hebben we eigenlijk geen last van vergrijzing,
maar ‘slechts’ van een paar ‘levend gewaande’ ouderen?
Ouderen doen er zelf in ieder geval aan mee. Zo vergat
een Rotterdamse te melden dat zij was overleden en ontving zodoende onterecht 120.000 euro aan AOW. Gelukkig vorderde de Sociale Verzekeringsbank het geld terug,
meldden de kranten een week later. Opheldering over
waarom niemand de vrouw had gemist bleek een week
na het nieuwsbericht niet meer relevant. Terug naar het
zaaltje in het verzorgingstehuis. De kar met eten werd
binnengereden. Op het menu: tot moes gekookte aardappelen, slapgekookte sperziebonen en een tot baseball
gebakken gehaktbal op een bedje van vergeten groente.
‘Vergeten groente?’, vroeg mijn collega. ‘Ja, wat spitskool
die we tweede kerstdag zijn vergeten te serveren’, zei de
verpleegster vriendelijk. Zo namen we na een bezoek
van een half uur afscheid zodat ze rustig kon eten met
haar medebewoners. Op weg naar de uitgang troffen we
in de lift dezelfde man met zijn blindegeleidestok. Zijn
we blind voor de huidige omgang met ouderen?
Martijn Schippers
Masterstudent Fiscaal Recht & Bedrijfsrecht
Winnaar Prijsvraag
Het goede antwoord was: “124 kikkertjes”. De winnaar van Aanslag 2 is Astrid Hamers. Astrid heeft
een werelds 3-gangen keuzediner voor 2 personen
gewonnen bij Eetcafé Panorama.
Agenda
Februari 2014
12 februari: Wettenbundelborrel i.s.m. Loyens & Loeff
18 februari: Kantoorbezoek Grant Thornton
Maart 2014
06 maart: Diesfeest
10 maart: Kantoorbezoek Mazars
12 maart: Tax Jurisprudence Program
i.s.m. Grant Thornton
31 maart: Kantoorbezoek Accon avm
sessie
DGA-problematiek
April 2014
9 april: Tax Jurisprudence Program sessie Douane i.s.m. Deloitte
Naast bovenstaande activiteiten zullen er nog diverse andere activiteiten en borrels worden
georganiseerd. Houd daarom onze website, www.christiaanse-taxateur.nl, goed in de gaten
voor updates en eventuele wijzigingen!
Ben je derde- of vierdejaars rechtenstudent met ambitie. Schrijf je dan in voor de
10e editie van onze vijfdaagse masterclass STBB2NY. Deze zal van 6 tot en met
STBB2NY
12 mei 2014 op ons kantoor in New York plaatsvinden. Daar pak je tijdens workshops
samen met ons zaken aan binnen een breed scala van rechtsgebieden en leer je onze internationale rechtspraktijk beter kennen. En natuurlijk laat je
de stad zelf ook niet links liggen. Kortom, vijf dagen ‘work hard, play hard’ in New York. Zorg dat je 1 mei 2014 ook vrij houdt in je agenda, want dan
vindt de kick-off plaats op ons kantoor in Amsterdam. Je kunt je tot en met 9 maart 2014 aanmelden via onze website www.werkenbijstibbe.nl
10
We want to build a better working
world — for you and with you.
Because we employ some of
the world’s best talent, your
career will be enriched by the
EY experience — no matter when
you join us or how long you stay.
Why not start now?
Visit ey.nl/carriere.
© 2013 EYGM Limited. All Rights Reserved.
A better
working world
stArts with you.