Raadsvoorstel gemeente Súdwest Fryslân - VVD Súdwest

Ons nummer: R14.000045
*R14.000045*
Raadsvoorstel gemeente Súdwest-Fryslân
O.0000001E
Onderwerp
Raadsvergadering van
Commissie
Commissievergadering van
Portefeuillehouder
Team
standpunten windenergie
20 februari 2014
n.v.t.
Behandelend ambtenaar
L. Zwager
G. Akkerman-Wielinga
Flexpool
Voorstel:
 geen aanleiding te zien het eerder ingenomen standpunt ten aanzien van de realisatie van een
windpark in het IJsselmeer te wijzigen of aan te vullen
 geen standpunt in te nemen omtrent het door Wynpark Fryslân aangedragen
voorkeursalternatief
 ten aanzien van initiatieven op land (Kop Afsluitdijk) vooralsnog niet te starten met de
ruimtelijke procedure, omdat initiatieven op land en in het water (IJsselmeer)
communicerende vaten zouden moeten zijn
 de minister van EZ en het college van GS schriftelijk te berichten omtrent de gevoelens die er
leven binnen SWF over de door rijk en provincie gekozen positie die niet of nauwelijks ruimte
laat voor andere initiatieven dan Wynpark Fryslân
Inleiding:
De discussie over gebruik van duurzame energiebronnen, en met name windenergie, is actueel in onze
gemeente. Vooral nu duidelijk wordt hoe ver gevorderd de plannen zijn voor de aanleg van een megawindmolenpark in het IJsselmeer, genaamd Wynpark Fryslân.
Nederland heeft in Europees verband afspraken gemaakt over het aandeel duurzaam op te wekken
energie. Op nationaal niveau werken deze afspraken door in het energieakkoord voor duurzame groei
waaraan meer dan 40 partijen zich hebben verbonden.
De afspraken uit het energieakkoord werken door in het regeerakkoord. Afspraak is dat in 2020 het
aandeel duurzaam opgewekte energie 13% van het totaal bedraagt. Voor het jaar 2023 ligt de ambitie
op 16%.
Voor wat betreft de windenergie is door het rijk vastgelegd dat in totaal 6000MW moet worden
opgewekt. Het rijk heeft deze opgave verdeeld over de 12 provincies. Voor Fryslân ligt er een opgave
van 530,5 MW in 2020.
Dat betekent dat nog 350 MW dient te worden gerealiseerd. Op dit moment wordt ongeveer 160 MW
gerealiseerd door bestaande windmolens. Zeker is dat nog 18 MW zal worden opgewekt uit het
windmolenpark dat in het Friese deel van de Noordoostpolder, nabij Lemmer, wordt aangelegd.
De raad van Súdwest-Fryslân heeft zich tot nu toe twee keer uitgesproken over het door de gemeente te
voeren beleid ten aanzien van windenergie. In 2012 werd de kadernotitie windenergie vastgesteld. In
juni 2013 opgevolgd door de “notitie bijgestelde kaders windenergie”, inclusief amendementen.
In de notitie bijgestelde kaders windenergie werd onder meer gesteld:
 Er zijn mogelijkheden voor opschaling in het gebied rond de Kop Afsluitdijk: Hiddum/Houw,
Beabuorren en A7
1

Het Friese Merengebied dient vrij te blijven van windmolens
Ten aanzien van de aanleg van een windpark in het IJsselmeer werd een amendement aangenomen.
De letterlijke tekst van het amendement luidt:
 Op basis van de bijgestelde kaders een Beleidsnotitie Windenergie op te stellen, rekening
houdend met de uitkomst van het kabinetsbesluit om onderzoek in te stellen naar de
mogelijkheid van plaatsing van windmolens bij/op de Afsluitdijk;
 Wanneer het onderzoek naar plaatsing van windmolens bij/op de Afsluitdijk voldoende
rendement oplevert in het aantal MW’s, is realisatie van een windmolenpark in het IJsselmeer
geen optie meer;
 Als alle onderzoeken tot een negatief advies leiden en het rijk blijft vasthouden aan zijn
rijkcoördinatieregeling, dan zijn wij tegen plaatsing van windmolens in het IJsselmeer.
In dit voorstel wordt uiteengezet dat inmiddels duidelijkheid is ontstaan over het onderzoek naar
windmolens bij/op de Afsluitdijk en de opstelling van het rijk ten aanzien het windenergiedossier. Wij
interpreteren –met de kennis van nu- het standpunt van de raad als volgt:
De raad is tegen de aanleg van een windpark in het IJsselmeer zolang niet duidelijk is welke
mogelijkheden de locatie op of pal naast de Afsluitdijk biedt. Totdat alle andere onderzoeken zijn
afgerond, is de raad tegen de aanleg van een windpark in het IJsselmeer.
Argumenten:
De provincie heeft in september 2012 een ontwerp- structuurvisie Fryslân Windstreek 2012 ter inzage
gelegd. Voor de gemeente Súdwest-Fryslân betekende dit o.a. dat er geen plaats is voor windmolens in
het Friese Merengebied. Wel werden zoekgebieden aangewezen in het IJsselmeer en langs de Kop van
de Afsluitdijk.
Tegen de ontwerp-structuurvisie werden zoveel zienswijzen ingediend dat de provincie veel meer tijd
dan gepland nodig zou hebben om alle zienswijzen te verwerken. Intussen maakte de provincie in
januari en juni 2013 afspraken met het rijk over het Friese aandeel in de landelijke opgaaf van 6000MW
windenergie in 2020. De provincie verbond zich om de mogelijkheden voor windenergie ruimtelijk vast
te leggen uiterlijk eind 2013; later uitgesteld tot april 2014.
Om de afspraken met het rijk gestand te doen hebben Gedeputeerde Staten op 12 november 2013
Provinciale Staten laten weten dat zij in de in april 2014 vast te stellen structuurvisie een windpark van
400 MW in het IJsselmeer mogelijk willen maken. Daarmee wordt de opgave van 530,5 MW ruimtelijk
mogelijk.
Op land maakt de provincie voorlopig pas op de plaats. Met subsidie van de provincie inventariseren het
comité Hou Friesland Mooi, Platform Duurzaam Friesland en de Friese Milieufederatie, samen verenigd
in de stichting Fryslân foar de wyn, de mogelijkheden voor wind op land. Dat betekent dat op land alle
opties wat de provincie betreft nu weer open liggen. Het Friese Merengebied is niet op voorhand
gevrijwaard; en de locatie Kop Afsluitdijk keert niet per definitie terug als zoekgebied. De
inventarisatie door de stichting Fryslân foar de wyn is onlangs gestart.
Gedeputeerde Staten verwachten de uitkomsten van het onderzoek en de daaruit voortvloeiende aan
te wijzen locaties op land in het vierde kwartaal 2014 voor te leggen aan Provinciale Staten.
Met de brief van 12 november van GS werd een koerswijziging in het beleid van de provincie ingezet.
Steeds duidelijker werd dat de provincie de plannen van de initiatiefnemer voor het windpark in het
IJsselmeer ondersteunt.
Met de aanleg van dit park wordt ineens voldaan aan de rijksopgave. Uit ambtelijk overleg werd helder
dat het rijk ook inzet op snelle realisatie van het windpark in het IJsselmeer. Provincie en rijk blijken
daarmee ongevoelig voor de argumenten van de gemeente Súdwest-Fryslân dat het windpark stuit op
grote maatschappelijke bezwaren. Deze hebben te maken met de grote invloed op het landschap en de
daarmee gepaard gaande nadelige gevolgen voor recreatie en toerisme. Daarnaast wordt gevreesd voor
aantasting van de leefomgeving , geluidsoverlast, forse ecologische schade en risico’s en nadelen voor
de beroepsvaart.
Gezien de omvang van het windpark (>100 MW) is het Rijk bevoegd voor wat betreft de planologische
inpassing. Het rijk legt dit vast in een Rijksinpassingsplan. Op basis van de Rijkscoördinatieregeling
verzorgt het Rijk de coördinatie van de vergunningen. De gemeente is bevoegd gezag, en verleent de
omgevingsvergunning.
2
Wanneer aan planologische en andere randvoorwaarden wordt voldaan (bij voorbeeld
MilieuEffectRapportage) is de gemeente verplicht de omgevingsvergunning te verlenen. De gemeente
kan de komst van het windpark in het IJsselmeer dus niet tegenhouden.
Tijdens een raadsinformatiebijeenkomst d.d. 22 januari 2014 is de commissie DSO door de
portefeuillehouder geïnformeerd over de positie die door rijk en provincie wordt gekozen.
Daarbij kwam ook aan de orde het voornemen van de provincie om op enigerlei wijze deel te nemen in
Windpark Fryslân. Tevens werd een overleg op bestuurlijk niveau tussen rijk, provincie en gemeente
aangekondigd op 3 februari 2014. In de raadsvergadering d.d. 30 januari 2014 bleek er ruime steun te
zijn voor het uitdragen van het gemeentelijk standpunt dat eerst helder moet worden welke
mogelijkheden er zijn voor wind op land alvorens medewerking wordt verleend aan realisatie van
Windpark Fryslân. Voor de gemeente Súdwest-Fryslân zijn de mogelijkheden voor wind op land en in
het water communicerende vaten, waarbij in totaal (niet meer en niet minder dan ) de opgave van
530,5 MW dient te worden gerealiseerd.
Dit standpunt is door de portefeuillehouder helder verwoord in genoemd bestuurlijk overleg. Ook is
verheldering gevraagd omtrent de reactie van het rijk op het onderzoek naar de mogelijkheden van de
windenergie op de Afsluitdijk.
Aan de provincie is gevraagd om een toelichting op het voornemen om deel te nemen in Wynpark
Fryslân; met name met betrekking tot mogelijke verstrengeling van publieke en private belangen.
Voor wat betreft het standpunt van de gemeente Súdwest-Fryslân dat –gelet op de grote
maatschappelijke onrust die is ontstaan- op zijn minst de onderzoeken naar mogelijkheden van wind op
land door de stichting Fryslân foar de wyn afgerond moeten zijn, alvorens – zonodig- het traject met de
initiatiefnemer van Wynpark Fryslân wordt voorgezet, hebben rijk en provincie aangegeven dat zij daar
niet voor voelen.
Het rijk laat weten gehouden te zijn aan procedures, en om die reden het verzoek van initiatiefnemer
nu niet aan te kunnen houden; zelf niet als initiatiefnemer daarmee in zou stemmen. De mogelijkheden
van windenergie op de Afsluitdijk worden op dit moment niet verder verkend omdat dit vertraging kan
veroorzaken voor het windpark in het IJsselmeer. Immers in de benodigde onderzoeken naar de effecten
van het windpark, zou dan rekening moeten worden gehouden met dit initiatief en mogelijk
cumulerende effecten.
De provincie stelt dat een voorgenomen deelname in wynpark Fryslân al lang bekend was, en dat deze is
bedoeld om sanering op land mogelijk te maken.
De provincie voelt niets voor het afwachten van de inventarisatie van de stichting Fryslân foar de wyn.
De nog in te dienen plannen zullen waarschijnlijk niet in hetzelfde vergevorderde stadium zijn als de
plannen van Wynpark Fryslân. De provincie is van mening dat daarmee de geplande opgave van 530,5
MW in 2020 in gevaar komt.
Daarnaast stelde de provincie tijdens het bestuurlijk overleg dat de veronderstelling van de gemeente
dat de plannen voor wind op land en in het IJsselmeer communicerende vaten zijn, onjuist is. Het is
volgens de provincie denkbaar dat in totaal meer zal worden gerealiseerd dan 530,5 MW.
Met betrekking tot dit laatste punt constateren wij dat provincie zijn standpunt heeft herzien.
Nu helder is dat rijk en provincie de plannen willen doorzetten, mag worden aangenomen dat het park
daadwerkelijk zal worden gerealiseerd.
Aan het standpunt van de gemeente SWF zal voorbij gegaan worden. Wij hebben overwogen of dit voor
de gemeente aanleiding zou moeten zijn het eerder ingenomen standpunt te herzien, dan wel aan te
vullen met een voorkeur voor 1 van de 4 door de initiatiefnemer onderzochte alternatieven en/of
randvoorwaarden. Door de initiatiefnemer wordt gesuggereerd dat in dit stadium meer ruimte bestaat
voor aanpassing van de plannen en compenserende maatregelen.
Voorgesteld wordt het eerder ingenomen standpunt ten aanzien van een windpark in het IJsselmeer niet
te herzien. De eerder aangevoerde bezwaren gelden onverkort, en er is geen garantie dat wijziging,
nuancering of aanvulling van het eerder ingenomen standpunt zal leiden tot enige aanpassing van het
plan dan wel compenserende maatregelen.
In dit stadium van het proces zijn overeenkomsten met betrekking tot compensatie op economisch,
ecologisch of ander vlak niet aan de orde.
Eveneens is een uitspraak omtrent de inmiddels door initiatiefnemer –vertrouwelijk- aangedragen
voorkeursvariant in dit stadium niet aan de orde.
3
Op basis van het bovenstaande kan worden geconcludeerd dat rijk en provincie zich weinig gelegen
laten aan de mening college, uw raad en een belangrijk deel van de inwoners van Súdwest-Fryslân.
Geconstateerd wordt dat daardoor de positie van de initiatiefnemers van Wynpark Fryslân steeds verder
verstevigd wordt. Het zou in het normale verkeer tussen overheden onderling betamelijk zijn geweest
als rijk en provincie rekening hadden gehouden met de gevoelens die er leven in de gemeente SWF,
door een bredere afweging te maken.
Wij stellen dan ook voor de minister van Economische Zaken, als eerst verantwoordelijke, en het
college van Gedeputeerde Staten van Fryslân door middel van bijgaande concept-brieven hiervan op de
hoogte te stellen.
Concept-MER Wynpark Fryslân:
Recent is door de initiatiefnemer van Wynpark Fryslân een concept-MER deels aangeleverd. Binnen de
ambtelijke projectgroep die geleid wordt door het ministerie van EZ, en waarin de gemeente SWF
vertegenwoordigd is, is gevraagd om een eerste ambtelijke reactie.
De stukken zijn bestudeerd door het gemeentelijk projectteam. Ter kennisname geven wij u een indruk
van de bevindingen van het gemeentelijk projectteam. De eerste indruk is dat de aangeleverde stukken
nog op veel onderdelen manco’s vertonen. Zorgen zijn er vooral op de onderdelen: recreatie en
toerisme, ecologie, geluid en slagschaduw en scheepvaart.
Over de onderdelen archeologie en fundering en constructie kan pas meer gezegd worden als de
plannen verder uitgewerkt zijn.
De onderbouwing van het standpunt ten aanzien van een windpark in het IJsselmeer vindt dus zeker niet
alleen grond in de zorgen over de gevolgen voor recreatie en toerisme.
Overige initiatieven in SWF:
In de notitie bijgestelde kaders windenergie d.d. juni 2013 is vastgelegd dat op land ruimte is voor
opschaling van de bestaande locaties Hiddum/Houw, A7 en Beabuorren.
Voorgenomen werd deze kaders te verwerken in een beleidsnotitie en op basis daarvan verder
onderzoek te doen.
De initiatiefnemers van het park Hiddum/Houw, inmiddels omgedoopt tot Windpark Kop Afsluitdijk,
concluderen in bijgaande brief dat daarmee de MER-procedure voor dit park kan worden opgestart. Na
vaststelling van de notitie bijgestelde kaders windenergie hebben zij een formeel principeverzoek
ingediend om de ruimtelijke procedure te starten. In reactie daarop is initiatiefnemers gevraagd hun
verzoek aan te vullen op een aantal punten. In november 2013 is aan dit verzoek gehoor gegeven.
Tijdens een bestuurlijk overleg d.d. 18 december 2013 is met initiatiefnemers besproken dat door de
gewijzigde opstelling van de provincie een onduidelijke situatie was ontstaan. Besproken is dat de
gemeente eerst meer duidelijkheid wilde omtrent de volgende punten:
 Realisatie windpark in het IJsselmeer
 Uitkomsten inventarisatie Fryslân foar de wyn
Daarnaast werd besproken dat de jongste ontwikkelingen mogelijk aanleiding zouden kunnen zijn de
uitgangspunten uit de notitie bijgestelde kaders windenergie te herzien.
Ten aanzien van dit initiatief zijn wij van mening dat vooralsnog geen medewerking kan worden
verleend aan het opstarten van de ruimtelijke procedure, omdat wij van mening zijn dat tussen
initiatieven op land en in het IJsselmeer sprake dient te zijn van communicerende vaten, die breed
dienen te worden afgewogen.
Alternatieven:
Wijziging of aanvulling van eerder ingenomen standpunten. Gemotiveerd wordt waarom dit niet aan de
orde is.
Risico’s:
-
4
Wettelijke basis:
notitie bijgestelde kaders windenergie d.d. juni 2013, Wet op de ruimtelijke ordening,
Rijkscoördinatieregeling, Crisis- en Herstelwet.
Financiële aspecten/gevolgen: n.v.t.
Meegezonden:
- concept-brief aan de minister van EZ
- concept-brief aan het college van GS van Fryslân
- brieven Windpark A7 bv
Ter inzage:
-
Burgemeester en wethouders van Súdwest-Fryslân.
drs. H.H. Apotheker
drs. J. Krul
5
, burgemeester.
, gemeentesecretaris.
Raadsbesluit gemeente Súdwest-Fryslân
Onderwerp
standpunten windenergie
De raad van de gemeente Súdwest-Fryslân;
gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 6 februari 2014;
gelet op -;
overwegende dat -dat de in het raadsvoorstel opgenomen overwegingen niet leiden tot een ander
standpunt,
-ook overigens ingestemd kan worden met de door het college voorgestelde acties zoals verwoord in
het raadsvoorstel;
b e s l u i t:




geen aanleiding te zien het eerder ingenomen standpunt ten aanzien van de realisatie van een
windpark in het IJsselmeer te wijzigen of aan te vullen
geen standpunt in te nemen omtrent het door Wynpark Fryslân aangedragen
voorkeursalternatief
ten aanzien van initiatieven op land (Kop Afsluitdijk) vooralsnog niet te starten met de
ruimtelijke procedure, omdat initiatieven op land en in het water (IJsselmeer) communicerende
vaten zouden moeten zijn
de minister van EZ en het college van GS schriftelijk te berichten omtrent de gevoelens die er
leven binnen SWF over de door rijk en provincie gekozen positie die niet of nauwelijks ruimte
laat voor andere initiatieven dan Wynpark Fryslân
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van
20 februari 2014
drs. H.H. Apotheker
,
voorzitter.
G.W. Stegenga
,
wnd. griffier.
6