Schoolgids 2014-2015 - Roelof van Echten College

Vmbo/lwoo
Schoolgids 2014-2015
Inhoudsopgave
Hoofdstuk 1: Over het RvEC!
!
!
!
!
pagina 4
1.1 Identiteit
1.2
pagina 4
pagina 5
Hoofdstuk 2: Onderwijsaanbod!!
!
!
!
pagina 6
2.1 Praktijkonderwijs: dat werkt! pagina 6
2.2
2.3 2.4 2.5 pagina 7
pagina 9
pagina 10
pagina 10
pagina 10
Hoofdstuk 3: Adressen & locaties! !
!
!
pagina 13
3.1 Algemeen adres pagina 13
3.2
3.3 3.4 3.5 3.6 3.7 3.8 3.9 pagina 14
pagina 14
pagina 14
pagina 14
pagina 15
pagina 15
pagina 15
pagina 16
Visie en missie
Vmbo
Havo/atheneum/gymnasium
Begeleiding en zorg
Huisvesting
Leerlijnenschema Ministerie van Onderwijs en Onderwijsinspectie Externe vertrouwenspersoon Vertrouwensinspecteur Leerplichtambtenaar
Raad van toezicht
Medezeggenschapsraad (MR) Ouderplatform
Jeugdgezondheidszorg op het voortgezet onderwijs Hoofdstuk 4: Resultaten en kwaliteit!
!
!
pagina 17
4.1 Regulier Schooltoezicht (RST) pagina 17
4.2
4.3 4.4 pagina 18
pagina 18
pagina 18
pagina 18
!
!
!
!
pagina 19
5.1 Gedragscode schoolkosten voortgezet onderwijs
pagina 19
5.2
5.3 5.4 5.5 5.6 pagina 20
pagina 21
pagina 21
pagina 23
pagina 23
Kwaliteits- of opbrengstenkaart
Schoolprestaties Trouw/Elsevier
Vensters voor verantwoording Slagingsperscentages RvEC Hoofdstuk 5: Geldzaken!
Ouderbijdrage
Boekenzaken
Gratis lesmaterialen
Onderwijsnummer
Verzekeringen
!
i
Hoofdstuk 6: Klachtenregeling! !
!
!
!
pagina 24
6.1 Klachtencommissie
pagina 24
6.2 Externe vertrouwenspersoon 6.3 Vertrouwensinspecteurs
pagina 24
pagina 25
Hoofdstuk 7: Rechten en plichten! !
!
!
pagina 26
7.1 Persoonsregistratie leerlingen pagina 26
7.2
7.3 7.4 7.5 7.6 Aanvraag en verlof
Leerplicht Informatie en inzage
Foto en video
Protocol sociale media
pagina 26
pagina 27
pagina 27
pagina 28
pagina 28
Hoofdstuk 8: Vakantieregeling! !
!
!
!
pagina 29
Hoofdstuk 9: Opbrengstenkaarten! !
!
!
pagina 30-31
Deel II: Vmbo en lwoo
Hoofdstuk 10: Vmbo en lwoo! !
!
!
!
pagina 33
10.1 Leiding
10.2 Contact
10.3 Onderwijsaanbod 10.4 Leerlijnen 10.5 Leerjaren 10.6 Doorlopende leerlijnen 10.7 Doorstroommogelijkheden 10.8 Overgangsnormen 10.9 Aangescherpte exameneisen 10.10 Rapporten 10.11 Studie- en lesmaterialen pagina 33
pagina 33
pagina 33
pagina 33
pagina 34
pagina 34
pagina 35
pagina 35
pagina 35
pagina 35
pagina 36
Hoofdstuk 11: Lestijden!
!
!
!
!
!
pagina 37
11.1 Lestijden en lessentabel
pagina 38
11.2 Lesuitval 11.3 Leerplicht en schoolverzuim
11.4 Lessentabellen pagina 39
pagina 39
pagina 39
ii
Hoofdstuk 12: Schoolregels!
!
!
!
!
pagina 40
12.1 Gedragsregels
pagina 40
12.2 Schoolreglement 12.3 Veiligheid 12.4 Leerlingenraad pagina 41
pagina 43
pagina 43
Hoofdstuk 13: Leerlingenzorg! !
!
!
!
pagina 44
13.1 Interne deskundigen
pagina 44
13.2 Externe deskundigen 13.3 Begeleiding en trainingen
pagina 45
pagina 45
Hoofdstuk 14: Activiteiten! !
!
!
!
14.1 Excursies en werkweken
pagina 47
14.2 Culturele activiteiten
14.3 Buitenschoolse activiteiten
14.4 Stage
14.5 Maatschappelijke stage pagina 47
pagina 48
pagina 48
pagina 48
Hoofdstuk 15: Contact en diversen!!
!
15.1 Ouderavonden
pagina 49
15.2 Huisbezoek
15.3 Rapportspreekmiddag/-avond
15.4 Locatie Griendtsveenweg
15.5 Uitwisselingen
15.6 Locatie Voltastraat
15.7 Veiligheid & praktijklokalen
pagina 49
pagina 50
pagina 50
pagina 50
pagina 51
pagina 51
Hoofdstuk 14: Lessentabellen! !
!
!
! pagina 47
! pagina 49
! pagina 52-55
iii
1
Over het RvEC
1.1 Identiteit
Het Roelof van Echten College gaat uit van de Stichting
Roelof van Echten te Hoogeveen. In artikel twee van de
statuten staat haar grondslag als volgt omschreven: ‘De
stichting aanvaardt als grondslag voor haar handelen de
Bijbel. De geloofsinhoud daarvan wordt tot uitdrukking
Een succesvolle
leerloopbaan voor ieder kind
gebracht in de Apostolische Geloofsbelijdenis. Zij ontleent haar normen en waarden aan de Tien Geboden’.
‘Het doel van de stichting is het doen geven van christelijk onderwijs gericht op algemeen maatschappelijke vorming, persoonlijke ontplooiing en beroepsvoorbereiding.’
4
1.2 Visie en missie
Een succesvolle leerloopbaan voor ieder kind. Dat wil
het Roelof van Echten College bereiken. Handelend vanuit de Bron van de christelijke traditie vinden wij het belangrijk dat een kind volledig tot zijn recht komt op onze
school. Wij voelen ons verantwoordelijk voor een goede
overgang van het basisonderwijs naar onze school. En
van onze school naar het vervolgonderwijs of de arbeidsmarkt.
Hoe wij dat aanpakken? Ten eerste is er voor ieder kind
passend onderwijs dat aansluit bij zijn of haar ontwikkelmogelijkheden. Daarnaast bieden we verschillende trajecten aan, die de overgang naar het vervolgonderwijs
gemakkelijker maken. Om dit te bereiken werken wij samen met het basisonderwijs, speciaal onderwijs, vervolgonderwijs en het bedrijfsleven. Wij bieden onze medewerkers een professionele omgeving waarin ook zij kunnen leren en groeien. Een succesvolle leerloopbaan voor ieder kind. Ouders,
medewerkers en samenwerkingspartners mogen onze
organisatie aanspreken op deze verantwoordelijkheid!
Onze visie
Het Roelof van Echten College wil een school zijn die
passend onderwijs biedt voor ieder kind. Of het kind nu
meer intellectuele uitdaging nodig heeft of juist extra begeleiding op inhoudelijk of sociaal- emotioneel gebied.
Het Roelof van Echten College wil dat een kind zo goed
mogelijk terechtkomt. Dat het moeiteloos doorstroomt
naar het vervolgonderwijs of een passende baan vindt
die aansluit bij zijn of haar capaciteiten en interesses.
Maar ook dat een kind een diploma haalt waar de arbeidsmarkt behoefte aan heeft en dat het een volwaardige deelnemer wordt van onze maatschappij. Het Roelof
van Echten College wil te boek staan als een zeer goede school. Niet alleen bij ouders en leerlingen. Wij vinden het even zo belangrijk dat onze werknemers het
Roelof van Echten College beoordelen als een goede
werkgever. Een werkgever door wie zij worden gehoord,
die hen de mogelijkheid biedt zich breder te ontwikkelen
en die hen uitdaagt vernieuwend bezig te zijn. Boven-
staande visie vraagt van het management en van de medewerkers van onze school ondernemend en professioneel gedrag.
Onze strategie
Het Roelof van Echten College is ONDERNEMEND Wij nemen onze maatschappelijke opdracht serieus.
Daarom luisteren wij naar de behoeften van ouders en
leerlingen, van de aanleverende basisscholen en van
onze ‘afnemers’: het vervolgonderwijs en het bedrijfsleven. Zodat wij in ons onderwijsaanbod hier alert op kunnen reageren. Vanuit deze ondernemersvisie handelen
wij proactief door het initiatief naar ons toe te trekken en
samenwerking te zoeken met basisonderwijs, het vervolgonderwijs en het bedrijfsleven.
Het Roelof van Echten College is PROFESSIONEEL Wij willen kinderen de mogelijkheid geven over te stappen van de ene naar de andere leerlijn, ze uitdagen om
hogerop te komen en hen in staat stellen zich te oriënteren op vervolgopleidingen en de beroepspraktijk. Hiertoe moeten wij onze samenwerkingspartners beter leren
kennen. En door samenwerking de expertise in huis halen om ieder kind op intellectueel en op sociaal-emotioneel vlak te laten groeien. Onze medewerkers willen wij
stimuleren om zich verder te ontwikkelen. Dit willen wij
bereiken met bijscholing, uitwisselingsprogramma’s en
door meer verantwoordelijkheden bij hen neer te leggen.
5
2
Onderwijsaanbod
2.1 Praktijkonderwijs: dat werkt!
Het praktijkonderwijs van het Roelof van Echten College
richt zich op leerlingen van 12 tot 18 jaar die vaak zonder diploma doorstromen naar werk of naar een korte
beroepsopleiding. Met persoonlijke aandacht, praktijkgericht leren en de juiste begeleiding worden leerlingen
voorbereid op een succesvolle loopbaan.
In het eerste leerjaar wordt voornamelijk veel aandacht
geschonken aan het zelfbeeld van de leerlingen. Doel
hiervan is om zicht te krijgen op de capaciteiten, interesses, normen en waarden en de eigen prestaties en ont-
Een succesvolle
leerloopbaan voor ieder kind
wikkeling van de leerling. Van iedere leerling wordt een
dossier bijgehouden dat resulteert in een Individueel
Ontwikkelingsplan (IOP), waarin het onderwijs zo veel
mogelijk afgestemd wordt op de behoefte van de leerling.
Dakpanklas
Voor sommige leerlingen bestaat de mogelijkheid om in
het eerste jaar naar de dakpanklas te gaan. In deze klas
volgen zij – onder begeleiding van ons zorgteam - gedurende één jaar het programma van het Leerweg Ondersteunend Onderwijs (LWOO). Het LWOO is gericht op
6
leerlingen die met extra begeleiding toch hun vmbo-diploma kunnen halen. Blijkt een leerling uit de dakpanklas dit ook te kunnen, dan vervolgt deze leerling zijn
leerloopbaan in het LWOO (vmbo+).
Oriëntatie op de arbeidsmarkt
Na het eerste jaar oriënteren leerlingen zich vooral op
de arbeidsmarkt. Ze volgen naast algemeen vormende
vakken als rekenen/wiskunde en godsdienst, praktijkvakken die aansluiten bij de individuele behoeften en talenten van de leerling. Enkele vakken zijn: metaalbewerking, metselen, straten, houtbewerking, groenvoorziening, horeca, zorg & welzijn en detail. Met deze combinatie van vakken als rugzak volgen de leerlingen in leerjaar
4 of 5 een (afsluitende) stage bij een bedrijf in de regio
Hoogeveen. Tijdens de stage verkent de leerling de arbeidsmarkt en wordt erop voorbereid aan het werk te
gaan.
Arbeidtrainingscentrum (ATC)
Naast een stage kunnen leerlingen ervaring met de arbeidsmarkt opdoen in het Arbeidtrainingscentrum (ATC).
Het ATC is een ‘echt’ bedrijf, buiten de muren van de
school. Leerlingen werken hier voor opdrachtgevers uit
de regio en verrichten onder meer assemblage-, inpaken magazijnwerkzaamheden. Het ATC laat leerlingen
zien hoe het er in de praktijk aan toe gaat bij een bedrijf.
Er wordt getraind op sociale vaardigheden, leren om op
tijd te komen en om te gaan met een baas en collega’s.
Op deze manier wordt de overgang naar de arbeidsmarkt zo vloeiend mogelijk gemaakt.
Nazorg
Een succesvolle leerloopbaan begint niet op het Roelof
van Echten College, maar eindigt daar ook niet. Daarom
biedt de school leerlingen die het praktijkonderwijs verlaten nog 1 jaar nazorg aan. De mogelijkheid bestaat om
in aansluiting op het schooltraject een jobcoach aan te
vragen, die een leerling gedurende 1 jaar begeleidt in
zijn/haar verdere loopbaan. Daarnaast zijn oud-leerlingen elke dinsdagavond van 19.30 tot 21.00 uur welkom
op de avondschool. Schoolverlaters krijgen hier begeleiding bij onder meer hun vervolgopleiding, VCA of bij
het behalen van het theorie-examen voor hun rijbewijs.
2.2 VMBO
Het voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs (vmbo)
kent vier leerlijnen. De opleiding duurt vier jaar. Een leerlijn is een soort onderwijsprogramma van basisschool
naar vervolgonderwijs met daarin in de beide laatste
leerjaren een aantal verplichte en een aantal vrij te kiezen examenvakken.
De vier leerlijnen zijn:
- de VMBO + leerlijn;
- de Praktische leerlijn; - de Theoretische leerlijn; - de MAVO-leerlijn.
Lwoo: vmbo met een +
Sommige leerlingen zijn wel in staat een vmbo- diploma
te halen, maar hebben daarbij extra hulp nodig. Voor die
leerlingen heeft het Roelof van Echten College de vmbo
+ leerlijn, ook wel Leerweg Ondersteundend Onderwijs
(LWOO) genoemd.
De + in deze leerlijn staat voor extra zorg, extra ondersteuning en, indien gewenst, een aangepast programma. Het vmbo + kent drie varianten afhankelijk van de
behoeften van de leerling:
Lwoo1: leerlingen krijgen een aangepast aantal lessen
in kleine groepen. In vier jaar halen zij met de juiste begeleiding het reguliere vmbo-diploma.
Lwoo2: In tegenstelling tot de andere leerlingen van het
vmbo, duurt deze opleiding voor de meeste leerlingen 5
jaar. Ook hier halen leerlingen een regulier vmbo-diploma, maar wordt er extra aandacht besteed aan het wegwerken van leerachterstanden en aan sociale-emotionele problematiek. De lessen worden in een aparte setting
en in kleine groepen gegeven.
Lwoo 3: leerlingen volgen lessen in reguliere vmbo-klassen en krijgen daarbij extra ondersteuning, bijvoorbeeld
in de vorm van remediale hulp.
7
Vmbo P: de praktische leerlijn
De praktische leerlijn biedt afwisseling tussen theorie en
praktijk, maar de nadruk ligt op de praktijk. Deze leerlijn
lingen samen met mbo en bedrijfsleven op tot echte vakmensen in de voertuigentechniek, transport en logistiek.
is heel geschikt voor leerlingen die graag leren door met
de praktijk bezig te zijn. Met de praktische leerlijn leggen leerlingen de basis om een echte vakman of vakvrouw te worden. Het bereidt ze voor op een vervolgopleiding in het mbo.
De Vmbo T: de theoretische leerlijn
Deze leerlijn kent afwisseling tussen theorie en praktijk,
maar hier ligt de nadruk op de theorie. Voor leerlingen
die weinig moeite hebben met studeren, maar zich ook
al willen voorbereiden op een breed beroepsveld, is
vmbo T een geschikte keuze.
Intersectoraal programma
Voorheen was het zo dat leerlingen na de tweede klas
kozen voor een specifieke studierichting: economie,
techniek of zorg & welzijn. Maar kiezen op jonge leeftijd
is best moeilijk. Op het Roelof van Echten College doen
we het daarom anders. Via een Intersectoraal Programma (ISP) maken leerlingen kennis met zo veel mogelijk
beroepen en sectoren. Via allerlei themaopdrachten ontdekken leerlingen de veelzijdigheid van die thema’s. Zo
is er in een pretpark veel techniek te vinden, moet het
park commercieel in de markt worden gezet en moeten
bezoekers goed worden verzorgd.
Het ISP geeft leerlingen een realistisch beeld van de beroepspraktijk, waardoor leerlingen aan het eind van hun
loopbaan een overwogen keuze kunnen maken voor
een opleiding die bij ze past. Aan het eind van hun
vmbo-opleiding kiezen leerlingen uit twee uitstroomrichtingen:
• Techniek & Commercie
• Dienstverlening & Commercie
Leerlingen van de praktische leerlijn halen een diploma
voor de basisberoepsgerichte of kaderberoepsgerichte
leerweg (BB of KB) Daarmee stromen ze door naar niveau 2, 3 of 4 van het mbo.
KARgo! en VTLM
Leerlingen met ambitie richting de voertuigentechniek,
transport, logistiek en (landbouw)mechanisatie kunnen
in de bovenbouw nog wel gericht kiezen voor de afdeling VTLM. Deze leerlingen krijgen les op onze locatie
KARgo! aan De Stroom in Hoogeveen. KARgo! leidt leer-
Intersectoraal Programma
Ook leerlingen van de theoretische leerlijn volgen in de
bovenbouw het Intersectoraal Programma (ISP). Bij het
ISP maken leerlingen kennis met uiteenlopende beroepen, stromingen en sectoren. Dit gebeurt zowel binnen
als buiten de school bij bedrijven, instanties en instellingen. Het ISP stelt leerlingen in staat zich goed te oriënteren en probeert zo te voorkomen dat zij een keuze maken die niet goed bij hen past. Voor alle leerlingen geldt:
blijkt een kind toch niet de juiste keuze gemaakt te hebben of wil een leerling een stapje terug of hogerop, dan
is overstappen bij ons in overleg altijd mogelijk.
Leerlingen van de theoretische leerlijn halen een diploma van de Gemengde Leerweg (GL) of Theoretische
Leerweg (TL). Dat geeft ze toegang tot niveau 3 of 4 van
het mbo of tot een aantal profielen op de havo.
Mavo: de opstap naar havo
Voor leerlingen die naar de havo willen, hebben we een
aparte leerroute: de mavo. Het vakkenpakket is helemaal afgestemd op de havo. Het verschil met vmbo T is
dat de mavo leerlingen voorbereidt op de havo, terwijl
vmbo T voorbereidt op een vervolgopleiding op het
mbo. Daarom gaan mavo- leerlingen ook naar school
op locatie Bentinckspark. Zo kunnen ze alvast wennen
aan de omgeving van de havo. Met een mavo-diploma
(vmbo TL) stroomt een leerling moeiteloos door naar de
havo. Uiteraard biedt dit diploma ook toegang tot het
mbo.
8
2.3 Havo/vwo/gymnasium
Locatie Bentinckspark van het Roelof van Echten College is een school voor mavo, havo, atheneum en gymnasium in Hoogeveen. De school streeft ernaar de betrokkenheid van de leerling bij de eigen leerloopbaan zo
veel mogelijk te stimuleren. Daarom kiest een leerling
zelf het onderwijs dat aansluit bij de persoonlijke interesses en talenten.
Onderbouw: stromenland
In de havo- en vwo-brugklassen kiezen leerlingen voor
een van de vijf stromen uit het Stromenland. Zo krijgen
onze leerlingen de gelegenheid hun persoonlijke talenten verder te ontwikkelen. De leerling kan kiezen uit:
Sportstroom: in de sportstroom ligt de nadruk op sport
en bewegen. Leerlingen krijgen vijf uren lichamelijke oefening per week. Daarbij gaat het niet alleen om het
sporten zelf, maar zullen leerlingen bijvoorbeeld ook een
toernooi organiseren of oefenen als scheidsrechter,
coach of hulpverlener.
Kunststroom: in de kunststroom volgen leerlingen een
lesprogramma dat duidelijk afwijkt van de reguliere lessen tekenen, handvaardigheid en muziek. Leerlingen
houden zich bezig met drama, toneelspelen, decor bouwen, film & fotografie en zingen.
Technasium: de technasiumstroom is gericht op leerlingen die hun talent voor bèta en techniek verder willen
ontwikkelen. Het Roelof van Echten College is één van
de vier officiële technasiumscholen in Drenthe.
Centraal in deze stroom staat het vak Onderzoek & Ontwerpen. Leerlingen doen aan de hand van praktijkopdrachten uit het bedrijfsleven belangrijke vaardigheden
op, die van grote waarde zijn in het vervolgonderwijs en
de beroepspraktijk.
Gymnasium: de gymnasiumstroom is er voor leerlingen
met een vwo-advies. In deze stroom krijgen leerlingen
les over de oudheid en volgen zij de vakken Grieks en
Latijn.
Fast lane English: de English stroom is een versterkt
programma Engels. De voertaal in deze lessen is Engels. Er is veel aandacht voor het leren spreken, de cultuur in andere Engelstalige landen en een e-mailproject
met een school in het buitenland.
Let op! De stromen kunst, sport en Fast Lane English
gaan pas door bij aanmelding van 25 leerlingen of meer.
Bovenbouw: de Tweede Fase
De bovenbouw van de havo- en vwo-klassen wordt ook
wel de Tweede Fase genoemd. Leerlingen kiezen hier
een profiel dat aansluit bij de eigen capaciteiten. Tot het
derde leerjaar krijgen leerlingen uitgebreid de mogelijkheid zich hierop te oriënteren. Scholieren kunnen kiezen
uit vier profielen:
• Cultuur en Maatschappij;
• Economie en Maatschappij; • Natuur en Gezondheid;
• Natuur en Techniek.
In de Tweede fase ligt de nadruk op het ontwikkelen van
de zelfstandigheid van leerlingen. Doel is om studievaardigheden aan te leren die nodig zijn in het vervolgonderwijs. Op deze manier wordt de overgang naar het vervolgonderwijs zo eenvoudig mogelijk gemaakt. Met een
havo-diploma heeft een leerling toegang tot het vwo of
hbo. Met een vwo- diploma stroomt een leerling door
naar hbo of universiteit. Leerlingen die het gymnasium
doorlopen, ontvangen een gymnasiumdiploma. Technasiumleerlingen krijgen naast hun havo- of vwo-diploma
ook een technasiumcertificaat.
Doorlopende leerlijnen
Met name in de onderbouw bestaan er optimale mogelijkheden om te veranderen van leerlijn: zowel doorstromen binnen de leerlijnen onderling als naar HAVO en
Praktijkonderwijs. Dit gebeurt altijd in overleg met de
klassenmentor. Deze doorlopende leerlijnen bieden
onze leerlingen veel voordelen:
• goede aansluiting op basis- en vervolgonderwijs;
9
• gemakkelijke overstapmogelijkheden naar een andere
leerlijn;
dagogen en een maatschappelijk werker. Dit zorgteam
biedt ondersteuning bij:
• Omdat een leerling een leerlijn kan kiezen die past bij
zijn mogelijkheden en belangstelling, maken we de
kans op zittenblijven zo klein mogelijk;
1. leerproblemen door middel van het verzorgen van psychodiagnotisch onderzoek, het bieden van informatie en
het verstrekken van adviezen, studiebegeleiding, remediale hulp voor specifieke problemen op het gebied van
talen, psychologische begeleiding door de schoolpsycholoog/orthopedagoog.
• veel keuzemogelijkheden;
• optimale kansen;
• grote slagingskans;
• ruimte voor eigen talenten.
2.4 Begeleiding & Zorg
Het Roelof van Echten College wil een school zijn voor
ieder kind. Wij willen onze leerlingen het onderwijs en de
faciliteiten bieden, die ervoor zorgen dat zij in staat zijn
het maximale uit hun leerloopbaan te halen. Om dat te
bereiken houden onze mentoren de ontwikkeling van
onze leerlingen nauwlettend in het oog. Wij zien het als
onze verantwoordelijkheid een leerling de juiste begeleiding en zorg te bieden tijdens zijn leerloopbaan en onderwijs te bieden dat bij het niveau van de leerling past.
Dat betekent dat wij onze leerlingen prikkelen hogerop
te komen en indien nodig adviseren een stapje terug te
doen. In eerste instantie is hier een belangrijke rol weggelegd voor de decaan en de mentor. De mentor volgt
leerlingen op de voet en dient vaak als eerste aanspreekpunt bij vragen en eventuele problemen. De decaan ondersteunt scholieren bijvoorbeeld bij de oriëntatie op vervolgopleidingen of als leerlingen willen wisselen van leerlijn of niveau.
Expertisecentrum
Het kan voorkomen dat een leerling aan de reguliere begeleiding niet voldoende heeft. Voor deze leerlingen
kan, indien gewenst, een beroep gedaan worden op het
Expertisecentrum. Dat bestaat uit een aantal professionals op het gebied van diagnostisch onderzoek, advisering en begeleiding. Het Roelof van Echten College beschikt zo onder meer over eigen psychologen, orthope-
2. gedragsproblemen of sociaal-emotionele problemen
door middel van het verzorgen van psychodiagnostisch
onderzoek, het bieden van informatie en het verstrekken
van adviezen, counseling bij grote sociaal-emotionele
problemen, faalangstreductietraining, sociale vaardigheidstraining of psychologische begeleiding door de
schoolpsycholoog/orthopedagoog.
Voor meer informatie over het Expertisecentrum en het
zorgaanbod op het Roelof van Echten College verwijzen
wij naar onze website. Meer informatie over het zorgaanbod binnen de sector mavo/havo/ vwo vindt u verderop
in de schoolgids, hoofdstuk 2 Leerlingbegeleiding.
2.5 Huisvesting
De huisvestingssituatie van het Roelof van Echten College verandert de komende jaren ingrijpend. Zitten onze
leerlingen nu nog verspreid over vier locaties in Hoogeveen, de komende jaren wordt dat aantal teruggebracht
naar twee. Met de huisvestingsplannen geven we een
belangrijke impuls aan het verbeteren van de kwaliteit
van ons onderwijs.
Voltastraat
Het Roelof van Echten College bouwt in totaal twee
nieuwe locaties. De locatie voor praktijkonderwijs en
vmbo komt op de plaats waar onze voormalige locatie
Voltastraat was gevestigd. Een belangrijke stap voorwaarts. Enerzijds, omdat onze leerlingen in de nieuwbouw gebruik kunnen maken van moderne faciliteiten.
Anderzijds, omdat het voor de leerlingen prettiger en veiliger is om les te krijgen op één locatie in plaats van verspreid te zitten over meerdere locaties in Hoogeveen.
10
Passend onderwijs
Het Roelof van Echten College wil een school zijn voor
ieder kind. Ook kinderen die wat extra zorg en aandacht
leid tot vakmensen die beschikken over de kennis en
vaardigheden die de arbeidsmarkt van hen vraagt.
nodig hebben, hebben recht op passend en uitdagend
onderwijs. Ook al hebben wij de kennis en expertise
daarvoor niet altijd zelf in huis. Denk bijvoorbeeld aan
leerlingen die door hun hoogbegaafdheid extra uitdaging zoeken. Of kinderen met een beperking in hun gedrag of met psychiatrische problematiek. Maar ook kinderen met een lichamelijke of verstandelijke beperking
willen we onderwijs en ondersteuning op maat bieden.
Het Roelof van Echten College bundelt daarom haar
krachten met het Regionaal Expertisecentrum Noord
-Nederland RENN4 uit Groningen, Ambiq uit Hoogeveen, het onderwijscentrum De Twijn uit Zwolle en de
G.J. van der Ploeg School in Hoogeveen.
Deze samenwerking komt tot uiting in het project Eduwiek, waarin we samen met onze partners huisvesting
realiseren bij onze nieuwbouw aan de Voltastraat. Daarbij worden we niet één grote school, maar zitten we als
partners in de toekomst wel vlak bij elkaar. Zo hebben
we alle kennis en expertise binnen handbereik.
Deze ontwikkelingen zijn in het belang van alle leerlingen, ook voor die kinderen die wel gemiddeld presteren.
We bundelen onze krachten, waardoor de kwaliteit van
ons onderwijs zal stijgen. Het gemiddelde niveau gaat
stijgen en de startpositie van onze leerlingen op de arbeidsmarkt en vervolgopleidingen zal verbeteren.
Bentinckspark
Leerlingen van mavo, havo en vwo hebben aan het begin van het schooljaar 2014-2015 hun intrek genomen in
hun nieuwe locatie in het Bentinckspark. De nieuwe locatie is een inspirerende leeromgeving die aansluit bij de
belevingswereld van onze leerlingen. Binnen de school
hebben we moderne faciliteiten die leerlingen helpen
hun talenten te ontwikkelen. Talent voor kunst, techniek
of moderne of klassieke talen bijvoorbeeld. Daarnaast
past het goed bij de sportplannen van het Roelof van
Echten College. In het nieuwe schoolgebouw speelt
sport en beweging een belangrijke rol. Het Roelof van
Echten College heeft als doelstelling de mogelijkheden
op het gebied van sport en bewegen voor leerlingen die
daar belangstelling voor hebben, te vergroten. Met de
komst van de nieuwe locatie in het Bentinckspark, met
topsporthallen en sportvelden in de ‘achtertuin’, wordt
een belangrijke stap richting dat doel gezet. Ook leerlingen van de andere locatie (s) van het RvEC kunnen
straks gebruik maken van de topsportfaciliteiten.
KARgo! Opleidingscentrum Voertuigentechniek,
Transport & Logistiek
Naast de bouw aan de Voltastraat heeft het Roelof van
Echten College samen met het Alfa-college en Kreeft
Opleidingen een bijzonder initiatief ontwikkeld. Op het
terrein van Kreeft Opleidingen is in 2011 het opleidingscentrum voor Voertuigentechniek, Transport & Logistiek
en Landbouwmechanisatie geopend. Hier kunnen onze
leerlingen Voertuigentechniek en studenten Transport &
Logistiek van het Alfa-college terecht om te leren in een
levensechte situatie. Ze werken daar met moderne apparaten, voertuigen en materialen aan praktijkopdrachten
die veelal in samenwerking met het bedrijfsleven tot
stand worden gebracht. Zo worden de scholieren opge-
Geen overlast
Een ingrijpende verandering als deze gaat natuurlijk niet
onopgemerkt voorbij. Ons huisvestingsprogramma is zo
ingericht dat de overlast voor onze leerlingen tot het minimum wordt beperkt. Leerlingen van de Julianastraat,
Park Dwingeland, Griendtsveenweg en het praktijkonderwijs verhuizen pas als de nieuwe locatie klaar voor gebruik is. De nieuwbouw aan de Voltastraat wordt vermoedelijk in 2016 afgerond. Uiteraard houden we ouders en leerlingen goed op de hoogte van alle ontwikkelingen.
11
AZZga^_cZcde]ZiGdZad[kVc:X]iZc8daaZ\Z
DcYZgl^_hdebVVi^ck^ZgkddgWZZaYZc
mbo
mbo
havo
hbo
aZZg_VVg
werk
wo
+
ath 6
vmbo+ 5
vmbo 4
mavo 4
havo 5
*
havo 4
)
(
mavo 3
vmbo+ 2
pro 1
praktijkonderwijs
havo 2
m/h 1
vmbo 1
vmbo+
vmbo (P/T)
mavo
basisonderwijs
havo
'
ath 2
gym 1
atheneum
&
gymnasium
dotato
De leerloopbaan van Wim
Wim krijgt op de basisschool het advies naar het praktijkonderwijs te gaan. Na
een tijdje valt het docenten op dat Wim via het leerwegondersteunend onderwijs
(vmbo+) best zijn vmbo-diploma kan halen. Nu zit hij op het mbo om het beroep
te leren dat hij altijd al wilde uitoefenen.
De leerloopbaan van Marit
De groepsleerkracht van Marit twijfelt op de basisschool tussen een havo- en
vmbo-advies. Marit wil graag naar het hbo, maar kiest toch voor het vmbo. Ze
denkt dat dit beter bij haar past en weet dat ze op het Roelof van Echten College
een versnelde route kan volgen. Zo komt ze via het mbo toch op het hbo, zonder
dat het extra tijd kost.
De leerloopbaan van Pieter
Pieter begint bij ons op de havo. Na het tweede jaar geeft hij aan dat hij graag
naar de mavo wil, omdat hij soms moeite heeft met de lesstof. Na de mavo haalt
hij alsnog zijn havo-diploma en stroomt door naar het hbo.
De leerloopbaan van Ellen
Op de basisschool blijkt Ellen behoefte te hebben aan wat extra uitdaging in de
lesstof. Daarom doet ze mee aan het project Dotato. Ellen kiest in de brugklas
voor het gymnasium. Aan het einde van het eerste jaar blijkt dat ze de Klassieke
talen en Oudheid toch niet zo interessant vindt als ze dacht. Ze stapt daarom
in de tweede klas over naar het atheneum. Daar voelt ze zich helemaal thuis en
ontdekt ze precies wat ze wil. Ellen volgt nu een vervolgopleiding die bij haar
past op de universiteit.
12
3
Adressen & Locaties
3.1.1 Algemene directie en Bestuursbureau
3.1 Algemeen adres
Roelof van Echten College
Postbus 2152
7900 BD Hoogeveen
Telefoon: (0528) 358 658
Fax : (0528) 358 651
E-mail: [email protected]
Website : www.rvec.nl
Bankrekening: NL80RABO0347956297 t.n.v. Roelof van Echten College Hoogeveen
Een succesvolle
leerloopbaan voor ieder kind
Algemeen directeur/bestuurder:
de heer dr.ir. A. Weishaupt Bestuurssecretaris: de heer H.R. Nijmeijer Directiesecretaresse: mevr. N. Lotterman
Bezoekadres: Sportveldenweg 20, Hoogeveen Telefoon: (0528) 358 672
E-mail: [email protected]
13
3.1.2 Bedrijfsvoering en Beheer
Fax: (0528) 358 691 E-mail: [email protected]
Directeur: de heer R.H. Geuzinge 3.1.5 Mavo, havo en vwo
Bezoekadres: Sportveldenweg 20, Hoogeveen
Telefoon: (0528) 358 658
Fax: (0528) 358 693
E-mail: [email protected]
3.1.3 Praktijkonderwijs
Afdelingsleider: de heer J.W. Wennink
Locatie Nicolaas Beetsstraat
Nicolaas Beetsstraat 3, Hoogeveen
Telefoon: (0528) 358 658
Fax: (0528) 358 695 E-mail: [email protected]
Arbeidstrainingscentrum
Voltastraat 55C, Hoogeveen
Telefoon: (0528) 358 767
3.1.4 Vmbo
Directeur: de heer H.G. Wesseling
Locatie Bentinckspark
Sportveldenweg 20, 7902 NX, Hoogeveen
Telefoon: (0528) 358 658 Fax: (0528) 358 693 E-mail: [email protected]
3.2 Ministerie van Onderwijs en de
onderwijsinspectie
Ministerie van onderwijs, cultuur en wetenschappen
(OC&W) heeft een speciale informatiesite voor ouders
en verzorgers van leerlingen in alle vormen van het onderwijs: www.minocw.nl
Inspectie voor het onderwijs - kantoor Groningen
Inspecteur: de heer H.G. Besseling
Postadres: postbus 10048, 8000 GA Zwolle
Website: www. onderwijsinspectie.nl
Directeur: de heer R.H. Baas
Locatie Griendtsveenweg (vmbo P & lwoo)
Griendtsveenweg 1, Hoogeveen
Telefoon: (0528) 358 658
Fax: (0528) 358 691 E-mail: [email protected]
Locatie Julianastraat (vmbo T)
Julianastraat 3, Hoogeveen
Telefoon: (0528) 358 658
Fax: (0528) 358 696 E-mail: [email protected]
KARGO! Opleidingscentrum voertuigentechniek, transport & logistiek
De Stroom 3, 7901 TG, Hoogeveen
Telefoon: (0528) 358 658 3.3 Externe vertrouwenspersoon
Mevrouw drs. W. Verdegaal telefoon 06 47002748 (zie
verder hoofdstuk 6.2)
3.4 Vertrouwensinspecteur (zie 6.3)
Het ministerie van Onderwijs heeft een vertrouwensinspecteur aangesteld. Het telefoonnummer is 09001113111.
3.5 Leerplichtambtenaar
Onze leerplichtambtenaren zijn mevr. A. Knol en dhr.
P. Baudet
p.a. Gemeente Hoogeveen - bureau Recht op Leren
afdeling Welzijn, Onderwijs, Cultuur & Sport
Postbus 20.000, 7900 PA te Hoogeveen. Tel. (0528) 29 14 03
14
3.6 Raad van Toezicht
3.7.1 Ledenlijst MR
De Raad van Toezicht heeft tot taak toezicht te houden
op het beleid van het bestuur en op de algemene gang
Onderwijspersoneel
van zaken binnen het Roelof van Echten College en de
met haar verbonden rechtspersonen. De RvT staat het
Bestuur met advies ter zijde. De raad bestaat uit de volgende leden:
De heer mr. M.J.M. Franken MBa De heer drs. C.K. Langebeeke Mevrouw A.H. Nysingh
De heer J.J. Mastwijk
De heer Th. Oosterhuis Mevrouw drs. A. van Arragon
Contactgegevens: Raad van Toezicht Stichting Roelof van Echten p.a. Postbus 2152, 7900 BD Hoogeveen.
3.7 Medezeggenschapsraad (MR)
De Wet Medezeggenschap Scholen (WMS) regelt dat
ook het Roelof van Echten College een Medezeggenschapsraad (MR) heeft geïnstalleerd. Het doel van de
medezeggenschapsraad is het bevorderen van het goed
functioneren van de school door het stimuleren van een
goed overleg tussen ouders, leerlingen en personeel (zogenaamde geledingen) en het bevoegd gezag van de
school. De MR bestaat uit twee geledingen: één voor
het personeel en één voor de ouders/leerlingen. Overleg
tussen de “oudergeleding” van de MR en de overige ouders is belangrijk, omdat bij meningspeilingen en beslissingen binnen de MR-vergaderingen de oudervertegenwoordiging een duidelijke stem wil laten horen. Ouders
kunnen hun mening en/of opmerkingen kenbaar maken
aan hun vertegenwoordigers in de medezeggenschapsraad.
De heer K. Blanksma (voorzitter)
De heer K. de Vries
De heer H. Herbers (secretaris) De heer. O. Linde (secretaris)
Onderwijsondersteunend personeel
De heer G. Meijer De heer E. Gilbert
Oudergeleding
De heer R. Karst
Mevrouw L. Eijdems Mevrouw A. Jansma Mevrouw J. Wolthers
Leerlinggeleding
Antoine Fatah
Loulou de Vos
Contactpersoon is de heer K. Blanksma
3. 8 Ouderplatform
Naast de MR kent het Roelof van Echten College een
ouderplatform. Het ouderplatform heeft een zelfstandige
status binnen onze school. De algemene doelstelling is
om de relatie tussen ouders en school te bevorderen en
de ouders te betrekken bij wat er op school gebeurt.
Het ouderplatform vormt een klankbord tussen de belangen van ouders en de schoolleiding. Het platform overlegt regelmatig met de schoolleiding.
Samenstelling Henk Westerhof Jacqueline Koster Anita van der Laar
Carina ten Caat Jellie Schipper
Anja Pater
Judith Strijker
Voor het nieuwe schooljaar zijn er nog vacatures. Contactpersoon: Jacqueline Koster e-mail:
[email protected]
15
3.9 Jeugdgezondheidszorg op het
voortgezet onderwijs
De Jeugdgezondheidszorg van GGD Drenthe (JGZ) is
onderdeel van het Centrum voor Jeugd en Gezin. Zij
richt zich op het bevorderen van een gezonde ontwikkeling van kinderen van 0 tot 19 jaar. Op het consultatiebureau, de basisschool en in het voortgezet onderwijs
volgt de GGD de ontwikkeling, gezondheid en groei van
kinderen. Wat betekent dit voor jongeren op het voortgezet onderwijs en hun ouders/verzorgers?
afspraak of tijdens een vrij inloopmoment. Bij de jeugdverpleegkundige kun je terecht met vragen over gezondheid, relaties, gevoelens, seksualiteit, alcohol en drugs.
Jeugdartsen nemen deel aan het Zorg en Advies Team
op de school en werken samen met de school in de uitvoering van het verzuimprotocol. Dit houdt in dat leerlingen die veel verzuimen bij de arts uitgenodigd worden.
Dit wordt eerst met de mentor besproken. Ook de jeugdarts houdt spreekuren op school voor vragen over bijvoorbeeld groei, ontwikkeling, gedrag, verzuimbegeleiding, horen en zien.
Wat doet de GGD op school?
Op het voortgezet onderwijs zijn de assistent JGZ, de
jeugdverpleegkundige en de jeugdarts van de GGD
werkzaam.
Assistenten doen het gezondheidsonderzoek bij alle
leerlingen in het tweede jaar. Ouders krijgen hier vooraf
bericht van. De leerlingen wordt gevraagd een vragenlijst in te vullen over gezondheid en leefstijl. De leerling
wordt gemeten en gewogen en het gehoor wordt getest
. De vragenlijst wordt samen met de leerling besproken.
Naar aanleiding van de bevindingen uit de vragenlijst en
de metingen kan een leerling uitgenodigd worden voor
het spreekuur van de jeugdarts of jeugdverpleegkundige op school.
Jeugdverpleegkundigen doen in het vierde jaar van de
havo en het vwo en in het eerste jaar van het MBO een
extra gezondheidsonderzoek. Tijdens een lesuur op
school laat de jeugdverpleegkundige een kort filmpje
zien met informatie over het onderzoek en de vragenlijst. De leerlingen vullen daarna de vragenlijst in. Na het
beantwoorden van de vragen, is direct te zien hoe er gescoord is op verschillende onderwerpen zoals eetgewoonten, beweging, genotsmiddelengebruik (roken, alcohol en drugs) en of de leerling lekker in zijn vel zit.
Vervolgens worden er enkele gezondheids- en leefstijltips gegeven. Naar aanleiding van de score kan er een
uitnodiging volgen voor een gesprek met de jeugdverpleegkundige of de jeugdarts.
Wat doet de GGD nog meer voor de jongeren?
Vaccinaties
Alle meisjes krijgen als ze 12 of 13 jaar oud zijn van de
GGD een oproep thuisgestuurd voor een vaccinatieserie
tegen baarmoederhalskanker. Deze vaccinaties worden
niet op de school gegeven. In de oproep staat aangegeven waar de vaccinatie gehaald kan worden, zie
www.ggd.nl.
Jongerenwebsite
Jongeren van 13 – 23 jaar kunnen online betrouwbare
informatie vinden over gezondheid, relaties, lichamelijke
ontwikkeling, seks, gevoelens, alcohol, roken en drugs
op de website www.jouwGGD.nl. Op deze website kunnen jongeren anoniem chatten en mailen met een GGDjeugdarts of jeugdverpleegkundige.
Meer informatie?
Neem voor informatie over de GGD op school, of om
een afspraak te maken, contact op met de GGD Drenthe. Tel: 088-2460246 | E [email protected]
!
!
Naast dit gezondheidsonderzoek houden de jeugdverpleegkundigen spreekuren op school. Leerlingen, maar
ook ouders, kunnen dit spreekuur bezoeken. Dit kan op
16
4
Resultaten & kwaliteit
Onze school vindt goede resultaten belangrijk. We volgen de ontwikkeling van onze leerlingen, meten de kwaliteit van ons onderwijs en vragen ouders en leerlingen
regelmatig of we ons werk goed doen. Naast de interne
kwaliteitscontroles houdt de inspectie voor het onderwijs toezicht op de kwaliteit van onze school. Zij doet
dat op twee manieren:
• Het regulier schooltoezicht (RST)
• De kwaliteitskaart
Een succesvolle
leerloopbaan voor ieder kind
4.1 Regulier Schooltoezicht (RST)
In juni 2002 is er een wet vastgesteld die regelt dat de
kwaliteit van alle scholen door de inspectie wordt doorgelicht. De inspectie bezoekt iedere school eens in de
vier jaar en spreekt dan met directie, leraren, leerlingen
en ouders en bezoekt lessen. Daarna schrijft de inspectie een rapport over de kwaliteit van het onderwijs op de
school. De rapporten laten zien hoe de resultaten van
de scholen zijn en wat de inspectie vindt van de kwaliteit van de lessen, de veiligheid, gebruik van computers
en dergelijke. In januari 2004 bezochten twee inspecteurs onze school voor een RST. De inspectie oordeelt
positief over onze school. Over de volle breedte over-
17
heerst sterkte boven zwakte. Uit het rapport zijn ook verbeterpunten gehaald waaraan we de komende tijd zullen gaan werken. Eén daarvan is het werken aan de opdracht leerlingen actief te betrekken bij het onderwijs.
Het volledige rapport is te vinden op het internet:
www.onderwijsinspectie.nl Klik dan door naar : ‘rapporten VO’ of naar ‘producten’ en ‘schooltoezicht voortgezet onderwijs’.
In het Dagblad van het Noorden werd gemeld dat het
Roelof van Echten College zeer goed scoort. U kunt
daarvoor raadplegen : www.trouw.nl en www.dvhn.nl.
4.4 Vensters voor verantwoording
Een relatief nieuw instrument om de kwaliteit van scholen te monitoren is Vensters voor Verantwoording. Via
de website www.schoolvo.nl kunt u allerlei gegevens
opvragen over het Roelof van Echten College zoals slagingspercentages, tevredenheid van ouders en leerlingen en examencijfers. Ook kunt u deze gegevens vergelijken met andere scholen.
4.2 Kwaliteits- of opbrengstenkaart
Vanaf 1998 verschijnt er jaarlijks een kwaliteitskaart
waarin verslag wordt gedaan van het rendement van
scholen. Deze kaarten zijn te raadplegen op de site
www.kwaliteitskaart.nl en verderop in deze schoolgids.
De kwaliteitskaart beperkt zich tot een rapportage van
de in-, door – en uitstroomgegevens en de examenresultaten van de school. Het geeft dus een beperkter beeld
dan het RST.
4.3 Schoolprestaties Trouw/Elsevier
Ook Trouw en Elsevier beoordelen de scholen al een
aantal jaren. Zij baseren zich daarbij op de kwaliteitskaarten van de inspectie. Onze school komt daar in vergelijking met andere scholen steeds goed voor de dag.
Leerlijn
09/10
10/11
11/12
12/13
13/14
Vmbo praktische leerlijn (kb/bb)
98
95/100
96/100
98/100
93/96
Vmbo theoretische leerlijn (gl/tl)
91
80
81
82
97
Leerwerktraject (LWT)
100
96
100
100
100
93/92/92
94/93/84
91/93/76
94/87/94
96/96/96
Mavo/havo/vwo
Praktijkonderwijs
35 leerlingen 36 leerlingen 22 leerlingen 21 leerlingen 12 leerlingen
vervolgen hun vervolgen hun vervolgen hun vervolgen hun vervolgen hun
loopbaan met loopbaan met loopbaan met loopbaan met loopbaan met
werk/vervolg- werk/vervolg- werk/vervolg- werk/vervolg- werk/vervolgopleiding
opleiding
opleiding
opleiding
opleiding
Tabel 1: Percentage geslaagde leerlingen schooljaar 2009-2010 t/m 2013-2014
18
5
Geldzaken
5.1 Gedragscode schoolkosten Voortgezet onderwijs
Het is de school er veel aan gelegen de kosten voor de ouders zo laag mogelijk te houden. Als school hebben we weinig invloed op de hoogte van de schoolkosten. Binnen de
school wordt hier grote zorg aan besteed door een ieder
bewust te maken en aan het denken te zetten over de mogelijkheden om de kosten voor ouders te beheersen. Lan-
Een succesvolle
leerloopbaan voor ieder kind
delijk is er een trend gaande om de kosten voor ouders beheersbaar te houden. Het RvEC ondersteunt dit door het
aanvaarden van een gedragscode. Deze gedragscode
houdt het volgende in:
• De hoogte van de schoolkosten mag voor ouders/verzorgers en leerlingen geen belemmering vormen om
het verplichte onderwijsprogramma te volgen. Daarom
19
spant de school zich in om de schoolkosten zo laag
mogelijk te houden met behoud van kwaliteit.
• De school bespreekt voorafgaand aan het betreffende
schooljaar de hoogte en de ontwikkeling van de totale
schoolkosten met de ouder-/leerlinggeleding van de
medezeggenschapsraad.
• Daartoe wordt – eveneens voorafgaand aan het betreffende schooljaar - in overleg met de oudergeleding
een begroting opgesteld met betrekking tot de vrijwillige ouderbijdrage die gevraagd wordt.
• De school informeert ouders/verzorgers en leerlingen
op een inzichtelijke wijze over de hoogte van de
schoolkosten. De school doet dit tijdig voorafgaand
aan het betreffende schooljaar. Hierbij splitst de
school de kosten uit naar leerjaar, opleiding en specifieke kostensoort.
• De school communiceert de hoogte en opbouw van
de schoolkosten via diverse kanalen, zoals schoolgids, website, open dagen etc.
• De school stuurt een rekening naar de ouders/verzorgers met een duidelijke specificatie van de schoolkosten. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen lesmateriaal en lesactiviteiten, overige schoolkosten en vrijwillige ouderbijdrage.
• De school verstrekt bij de rekening een adequate toelichting waaruit blijkt aan welke doeleinden de gelden
worden besteed.
• De school legt binnen redelijke termijn na afloop van
het schooljaar rekening en verantwoording af aan de
oudergeleding van de medezeggenschapsraad over
de feitelijke besteding van de ontvangen bijdragen.
• Als blijkt dat de gemaakte kosten aanzienlijk lager zijn
dan de betaalde bijdrage, verrekent de school dit met
de betreffende ouders/verzorgers.
• De school inventariseert jaarlijks, samen met de oudergeleding van de medezeggenschapsraad, of schoolboeken niet of nauwelijks zijn gebruikt.
• Indien dit het geval is, worden deze boeken in beginsel uit de toekomstige boekenlijst geschrapt.
5.2. Ouderbijdrage
De ouderbijdrage is een vrijwillige bijdrage. Dit houdt in
dat ouders kunnen kiezen of zij wel of niet betalen voor
een bepaalde voorziening of activiteit. Het gaat dan bijvoorbeeld om kosten voor excursies, speciale activiteiten (introductiedagen, werkweken) en kluisjes. Al deze
kosten die wij aan u vragen hebben een vrijwillig karakter. Ouders mogen dus zelf bepalen voor welke voorzieningen ze wel of niet wensen te betalen. Deze bedragen
zijn vastgelegd in een totaaloverzicht [link]. Op basis
van dit overzicht weet u exact wat we in een schooljaar
van u zullen vragen.
Materialen als aanvullend lesmateriaal
Ouders moeten zich realiseren dat het volgen van een
bepaalde opleiding in sommige gevallen extra kosten
met zich meebrengt. De school mag ouders melden dat
bijvoorbeeld een atlas, woordenboek, of gereedschap
onmisbaar is om de opleiding met succes te volgen. Bij
een aantal opleidingen geldt bijvoorbeeld dat het gebruik van veiligheidskleding (lasbril, overall, stofjas) een
voorwaarde is om aan de lessen te kunnen deelnemen.
Het hebben daarvan is dan ook verplicht. De school kan
deze materialen leveren en als zodanig vindt u die ook
terug in de lijst. Ouders bepalen echter zelf op welke manier ze dit materiaal aanschaffen: via de school door
een bijdrage of door zelf het materiaal bij een andere leverancier aan te schaffen. U moet echter wel beseffen
dat de consequentie van het niet betalen voor een activiteit kan zijn dat uw kind niet kan deelnemen. Er is dan
een alternatief programma op school.
Facturering: digitaal via het ouderweb
Eind september, begin oktober ontvangen alle ouders
van de financiële administratie het verzoek de ouderbijdrage over te maken. De betaling gaat digitaal. Via het
20
ge’. Indien u dat wenst, kunt u bij de financiële administratie op de locatie Julianastraat om een voor uw situatie ingevulde overeenkomst vragen. Deze wordt in tweevoud opgemaakt en we vragen u dan na ondertekening
één exemplaar naar de school te zenden.
5.3 Boekenzaken
ouderweb kunt u eenvoudig aangeven waarvoor u wel
en niet wilt betalen en vervolgens kunt u eenvoudig het
geld overmaken via iDeal. Ouders ontvangen een instructie over hoe zij dit proces kunnen doorlopen.
De bijdragen zijn onderverdeeld in twee categorieën:
Het Roelof van Echten College kent voor de meeste opleidingen geen boekenfonds. De school heeft een contract afgesloten met Van Dijk Studieboeken uit Kampen.
Ouders (uitgezonderd praktijkonderwijs) doen rechtstreeks zaken met Van Dijk. Aan het eind van ieder
schooljaar krijgen de ouders bericht via de school van
Van Dijk over de boekenlijsten voor het volgend schooljaar. U kunt via de website www.vandijk.nl zelf de bestelling plaatsen en volgen. Ook kunt u de lijst per boek aanpassen. Voor de ouders van leerlingen in het Praktijkonderwijs en de speciale LWOO-afdeling geldt dat er nog
een beperkt boekenfonds is. Meer informatie hierover
vindt u bij de betreffende locatie-informatie.
1. Bijdragen voor algemene leerling activiteiten.
Het gaat om € 20,-- Vanuit de post leerling activiteiten
betalen we de kosten: €10,-- voor vieringen (Kerst, Pasen, eindejaar, diploma-uitreiking); tegemoetkomingen
bij buitenschoolse activiteiten en €10,-- voor kluisjes
voor leerlingen en verzekeringspremies. Voor wat betreft
de bedragen voor leerlingenactiviteiten kent de school
een reductie- en kwijtscheldingsregeling. U vindt die terug in de ‘overeenkomst vrijwillige ouderbijdrage’ . Ouders zijn niet verplicht genoemde bedragen te betalen.
2. Bedragen per leerjaar
Afhankelijk van het leerjaar van uw zoon/ dochter organiseert de school activiteiten. Per activiteit wordt van u
een bijdrage gevraagd. U bent niet verplicht deze te betalen. Consequentie is wel dat uw kind aan deze activiteit niet deel kan nemen. Er is in dat geval een alternatief programma op school. Als u wilt weten wat u in een
jaar aan onkosten kunt verwachten: zie totaaloverzicht.
Overeenkomst
De school kent een ‘overeenkomst vrijwillige ouderbijdra-
5.4 Gratis lesmaterialen
Met ingang van het schooljaar 2009‐2010 ontvangen
scholen van de overheid een vergoeding voor schoolboeken en lesmateriaal, zoals bedoeld in artikel 6 van
de WVO. Dit betreft lesmateriaal dat specifiek voor een
leerjaar wordt voorgeschreven en daarmee noodzakelijk
wordt geacht voor het volgen van het onderwijsprogramma. Scholen moeten dit lesmateriaal gratis ter beschikking stellen aan leerlingen. De school mag ouders sinds
het schooljaar 2009‐2010 dan ook geen kosten voor dit
lesmateriaal in rekening brengen.
De hoofdregel is: Alle schoolboeken en al het lesmateriaal dat door het schoolbestuur voor een specifiek leerjaar wordt voorgeschreven, is vanaf het schooljaar
2009‐2010 gratis voor ouders. Scholen zijn verantwoordelijk voor het gratis beschikbaar stellen van de voorgeschreven schoolboeken (lesmaterialen) voor al het onderwijs dat wordt aangeboden. Dat geldt in beginsel ook
voor schoolboeken en lesmateriaal die nodig zijn voor
het volgen van extra onderwijsaanbod (zie hieronder).
21
Welke leermiddelen?
Overige schoolkosten
Onder de regeling ‘gratis schoolboeken’ vallen alle leermiddelen die nodig zijn voor informatieoverdracht in het
Er zijn enkele andere zaken die niet onder de regeling
‘gratis schoolboeken’ vallen en waarvoor ouders/verzor-
komende cursusjaar. Daarbij moet u denken aan:
gers wel een nota kunnen ontvangen van Van Dijk. Het
gaat hier bijvoorbeeld om een rekening voor de verzendkosten, een borg en eventuele bestelde leermiddelen
die niet onder de regeling vallen. Aan het einde van het
schooljaar, na inlevering van de schoolboeken, stort Van
Dijk de borg terug. Eventuele schade of vermissingen
worden daarbij verrekend.
•
•
•
•
•
Tekst- en werkboeken
Bijbehorende cd-roms
Examenbundels
Door de school gemaakt lesmateriaal
Licenties van online materiaal
Zaken die meerdere jaren meegaan en die geen informatiedragers zijn, vallen niet onder de regeling. Ouders/verzorgers zullen deze zaken dus zelf moeten bekostigen.
Daarbij moet u denken aan onder meer:
•
•
•
•
•
•
•
•
•
Agenda, pennen, schriften
Rekenmachine
Sportkleding
Gereedschap
Beschermende kleding/bril
Usb-stick
Atlas
Woordenboeken
Leesboeken en literatuur (geen lesboeken)
Wanneer een leerling meer bestelt dan het voor hem/
haar bestemde pakket of meerdere pakketten, wordt de
school hiervan door Van Dijk op de hoogte gesteld. Het
teveel bestelde dient dan geretourneerd te worden. Wanneer hieraan geen gehoor wordt gegeven, brengt de
school het teveel bestelde in rekening bij de betreffende
leerling en diens ouders/verzorgers.
Tegemoetkoming ouders en kindgebonden budget
De tegemoetkoming ouders is per 1 januari 2010 voor
leerlingen in het regulier voortgezet onderwijs verdwenen. Per die datum is het kindgebonden budget van de
Belastingdienst verhoogd. Het kindgebonden budget
wordt verstrekt door de Belastingdienst. Het kindgebonden budget is, net als de tegemoetkoming ouders, een
22
inkomensafhankelijke bijdrage in de kosten van kinderen van 0 tot 18 jaar. Per 1 januari 2010 wordt de tegemoetkoming ouders voor het grootste gedeelte opgenomen in het kindgebonden budget van de Belastingdienst voor kinderen van 12 tot 18 jaar. Het kindgebonden budget wordt daarom voor deze leeftijdsgroep verhoogd. Daarnaast krijgen leerlingen in het regulier voortgezet onderwijs op school gratis schoolboeken.
5.5 Onderwijsnummer
Alle leerlingen die door de overheid bekostigd onderwijs
volgen, hebben een persoonsgebonden nummer. Hiervoor wordt het burgerservicenummer (BSN) gebruikt.
Dat nummer houden de leerlingen gedurende hun hele
loopbaan in het onderwijs, van basisschool tot en met
beroepsonderwijs. Ouders hebben via de belastingdienst een brief ontvangen met daarin het burgerservicenummer. In de Wet op het Onderwijsnummer is de nadruk gelegd op de bescherming van persoonsgegevens. De Informatie Beheer Groep beheert de leerlinggegevens in een speciaal daarvoor ontwikkeld Basisregister Onderwijsnummer. De school ontvangt voor de eigen leerlingen een kopie van dit basisregister. Ouders
hebben recht op inzage in de gegevens van hun kind(eren). Ouders hebben de plicht om het sofinummer aan
te leveren bij de aanmelding of als de school erom
vraagt. Voor verdere informatie kunt u terecht op de internetsite www.onderwijsnummer.nl.
5.6. Verzekeringen
tief zijn (bestuursleden, personeel, vrijwilligers) dekking
tegen schadeclaims ten gevolge van onrechtmatig handelen. Om misverstanden te voorkomen wijzen we op
het volgende:
Ten eerste is de school c.q. het schoolbestuur niet (zonder meer) aansprakelijk voor alles wat tijdens de
schooluren en buitenschoolse activiteiten gebeurt. Wanneer dit wel het geval zou zijn, zou alle schade die in
schoolverband ontstaat door de school moeten worden
vergoed. Dat is echter een misverstand. De school heeft
pas schadevergoedingsplicht wanneer er sprake is van
een verwijtbare fout. De school (of zij die voor de school
optreden) moeten dus tekort geschoten zijn in hun
rechtsplicht. Het is mogelijk dat er schade wordt geleden zonder dat er sprake is van enige onrechtmatigheid.
Bijvoorbeeld tijdens de gymnastiekles een bal tegen een
bril. Die schade valt niet onder de aansprakelijkheidsverzekering en wordt (dan ook) niet door de school vergoed.
Ten tweede is de school niet aansprakelijk voor (schade
door) onrechtmatig gedrag van leerlingen. Leerlingen
(of, als zij jonger zijn dan 14 jaar, hun ouders) zijn primair
zelf verantwoordelijk voor hun doen en laten. Een leerling die tijdens de schooluren of tijdens andere door de
school georganiseerde activiteiten door onrechtmatig
handelen schade veroorzaakt, is daar dus in de eerste
plaats zelf (of de ouders) verantwoordelijk voor. Het is
dus van belang dat ouders/verzorgers zelf een particuliere aansprakelijkheidsverzekering hebben afgesloten.
De school heeft een verzekeringspakket afgesloten bestaande uit een ongevallenverzekering en een aansprakelijkheidsverzekering. Op grond van de ongevallenverzekering zijn alle betrokkenen bij schoolactiviteiten (leerlingen, personeel, vrijwilligers, stage) verzekerd. De verzekering geeft recht op een (beperkte) uitkering indien
een ongeval tot blijvende invaliditeit leidt. Ook zijn de
geneeskundige en tandheelkundige kosten gedeeltelijk
meeverzekerd, voor zover de eigen verzekering van betrokkene geen dekking biedt (bijvoorbeeld door eigen
risico). Materiële schade (kapotte bril, fiets enz.) valt niet
onder de dekking. De aansprakelijkheidsverzekering
biedt zowel de school zelf als zij die voor de school ac-
23
6
Klachtenregeling
Een succesvolle
leerloopbaan voor ieder kind
6.1 Klachtencommissie
6.2 Externe vertrouwenspersoon
Het Roelof van Echten College wil klachten zoveel mogelijk voorkomen. Mocht zich echter een klacht voordoen
dan moet deze op een effectieve manier worden opgelost. Er bestaat een klachtenregeling waarin de procedure wordt beschreven. De procedure gaat er vanuit dat
klachten in de regel binnen de school opgelost moeten
kunnen worden. Als het een klacht over een persoon betreft, wordt de klacht eerst besproken met de betreffende persoon. Krijgt u onvoldoende gehoor of helpt het
niet, dan kunt u de mentor of de sectordirectie benaderen. Mocht u over de afhandeling van de klacht door de
sectordirectie niet tevreden zijn dan kunt u in beroep
gaan bij de algemeen directeur. Mocht u bezwaar blijven
hebben tegen de wijze waarop de school uw klacht
heeft afgehandeld dan kunt u zich wenden tot de Geschillencommissie Bijzonder Onderwijs, waarbij onze
school is aangesloten. Kijk voor meer informatie op
www.gcbo.nl
De school kent ook een externe vertrouwenspersoon.
De externe vertrouwenspersoon fungeert als aanspreekpunt bij klachten. De externe vertrouwenspersoon gaat
na of door bemiddeling een oplossing kan worden bereikt en gaat na of de gebeurtenis aanleiding geeft tot
het indienen van een klacht. Daarnaast begeleidt de vertrouwenspersoon de klager desgewenst bij de verdere
procedure en verleent bijstand bij het doen van aangifte
bij politie of justitie. Ook verwijst de externe vertrouwenspersoon de klager naar andere instanties gespecialiseerd in opvang en nazorg, als dat noodzakelijk mocht
zijn. Als de externe vertrouwenspersoon slechts aanwijzingen en geen concrete klachten bereiken, kan hij/zij
deze ter kennis brengen van de klachtencommissie of
het bevoegd gezag. Uiteraard neemt de externe vertrouwenspersoon bij de werkzaamheden de grootst mogelijke zorgvuldigheid in acht en is verplicht tot geheimhouding in alle zaken die hij/zij in die hoedanigheid verneemt. De externe vertrouwenspersoon die aangesteld
is door het bestuur van het Roelof van Echten College
is:
Klachten ten aanzien van ongewenste intimiteiten kunnen zodanig zijn dat een klager bezwaarlijk de hierboven genoemde procedure kan volgen. Dan kunt u met
klachten over ongewenste intimiteiten, seksisme of seksuele intimidatie terecht bij de interne vertrouwenspersoon van de sector. De huidige vertrouwenspersonen
zijn te vinden bij de informatie van de betreffende sectoren.
MEVROUW DRS. W. VERDEGAAL
Telefoon 06-47002748
24
6.3 Vertrouwensinspecteurs
Heeft de school, het schoolbestuur of de klachtencommissie geen afdoende antwoord op uw vragen, dan kunt
u zich wenden tot de inspectie van het onderwijs. De
inspectie houdt - namens de minister - toezicht op de
scholen en is goed op de hoogte van de gang van zaken. Bij de onderwijsinspectie werken vertrouwensinspecteurs bij wie u terecht kunt voor het melden van
klachten over gebeurtenissen in het onderwijs op het
gebied van:
• seksuele intimidatie en seksueel misbruik
• lichamelijk geweld
• grove pesterijen
• geweld, extremisme, discriminatie, onverdraagzaamheid, fundamentalisme en radicalisering
De vertrouwensinspecteurs zijn tijdens kantooruren bereikbaar op telefoonnummer 0900 –1113111 (lokaal tarief). Een vertrouwensinspecteur is aanspreekpunt voor
betrokkenen bij scholen. De inspecteur helpt bij het zoeken naar oplossingen, bij het vinden van de juiste weg
of bij het doen van aangifte.
25
7
Rechten en plichten
7.1 Persoonsregistratie leerlingen
Uiteraard is het nodig om bepaalde gegevens van en
over leerlingen te registreren en systematisch te bewaren. Zowel voor wat betreft de registratie, als het verstrekken van de leerlinggegevens worden de voorschriften, zoals die zijn vastgelegd in de Wet Persoonregistraties en in de Wet Bescherming Persoonsgegevens, opgevolgd. Dit houdt onder andere in, dat:
Een succesvolle
leerloopbaan voor ieder kind
gistreerde informatie. Deze informatie kan op hun verzoek – bij gebleken onjuistheid – worden aangevuld,
verbeterd, en/of verwijderd;
• Alleen relevante leerlinggegevens op verzoek aan andere instanties (onderwijsinspectie, leerplichtambtenaar, etc.) worden verstrekt, voor zover niet in strijd
met de Wet Persoonsregistraties en de Wet Bescherming Persoonsgegevens.
• Systematisch opgeslagen leerlinggegevens beschermd zijn tegen onbevoegde inzage;
7.2 Leerplicht
• Ouders en voogden, op hun verzoek en na legitimatie,
binnen een maand recht op inzage hebben in de gere-
Leerplicht betekent dat jongeren verplicht zijn om naar
school te gaan. In de Leerplichtwet staat uitgelegd wat
ouders, jongeren en de school moeten doen om ervoor
26
te zorgen dat jongeren naar school blijven gaan. De leerplicht duurt tot het einde van het schooljaar waarin jongeren zestien worden. Ook na het schooljaar waarin de
leerling 16 jaar is, blijft hij nog leerplichtig tot de dag
waarop de leeftijd van 18 jaar wordt bereikt. De jongere
hoeft dan niet elke dag naar school, maar is nog wel
kwalificatie plichtig. Ouders moeten hun dochter of
zoon inschrijven op een school. Verder moeten ouders
ervoor zorgen dan hun kind naar school gaat. Maar ook
de leerlingen zelf worden erop aangesproken wanneer
ze niet naar school gaan. Zo kunnen zowel ouders als
leerlingen een boete krijgen vanwege langdurig spijbelen.
In bepaalde gevallen kunnen leerlingen vrij krijgen buiten de normale schoolvakanties om. Bijvoorbeeld bij
een huwelijk of sterfgeval in de familie. Ook voor sommige religieuze feesten mogen leerlingen thuis blijven. Natuurlijk moeten de ouders hiervoor overleggen met de
schoolleiding. Daarnaast kan een leerling in bepaalde
gevallen extra vrij krijgen voor vakantie. Met name wanneer hun ouders vanwege hun werk per se niet weg kunnen in de schoolvakantie. Hiervoor zijn nadere richtlijnen
opgenomen in de leerplichtwet. Ook voor extra vakantie
moeten ouders toestemming vragen aan de schoolleiding. Tenslotte krijgt een leerling vrij wanneer hij ziek is.
Bij ziekte moeten de ouders onmiddellijk de school waarschuwen.
Wanneer leerlingen spijbelen (= ongeoorloofd schoolverzuim) moeten ouders en school optreden. Daarom is het
ook belangrijk dat ouders regelmatig contact met de
school hebben, om te weten te komen of hun kind zonder problemen naar school gaat. Het Roelof van Echten
College kent een verzuimprotocol, waarin staat welke
actie de school onderneemt bij ongeoorloofd verzuim
(daaronder valt ook te laat komen) of niet gemeld verzuim. Dit verzuimprotocol ligt ter inzage op de administraties van de verschillende locaties. In ernstige gevallen van ongeoorloofd verzuim is de school verplicht de
leerplichtambtenaar in te schakelen. Ook bij veelvuldig
ziekteverzuim is de school gehouden de leerplichtambtenaar in kennis te stellen. Deze werkt bij de afdeling onderwijs van de gemeente. De leerplichtambtenaar helpt
mee met het zoeken van oplossingen om spijbelgedrag
tegen te gaan, verwijst door naar hulpinstanties en gaat
in gesprek met de leerling, zijn ouders en de school.
Ook kan de leerplichtambtenaar in bepaalde gevallen
proces-verbaal opmaken en boetes geven. De school
moet ook aan de leerplichtambtenaar toestemming vragen om een leerling langere tijd vrij te geven buiten de
schoolvakanties om. Bij dit alles staat het belang van de
leerling, om een goede schoolopleiding af te maken,
voorop.
7.3 Informatie en inzage
Ouders krijgen enkele malen per schooljaar informatie
over de resultaten van hun kind(eren), door middel van
een rapport en een daaropvolgende spreekmiddag/avond. Daarnaast zijn de schoolresultaten terug te zien
op het ouderweb en leerlingenweb. Alle ouders en leerlingen ontvangen persoonlijke inloggegevens. Heeft u
geen inloggegevens of problemen met inloggen, stuur
dan een mail naar [email protected]
Leerlingen en / of hun ouders hebben verder recht op
inzage in:
• het schoolplan
de statuten van de Stichting Roelof van Echten de statuten van de Medezeggenschapsraad het leerlingenstatuut
het klachtenreglement
het zorgplan
de kwaliteitskaart
Om deze stukken in te zien, kunnen ouders een afspraak maken met de schooladministratie.
7.4 Foto en video
Geregeld worden bij ons op school video-opnames of
foto's gemaakt tijdens schoolactiviteiten. Formeel horen
ouders / verzorgers hier toestemming voor te geven.
Hiermee verzoeken wij de ouders/verzorgers die bezwaar hebben tegen dergelijke foto's en/of video-opnames om dit te melden bij de schoolleiding van de sector.
In voorkomende gevallen zullen van de desbetreffende
leerling(en) dan geen opnames plaatsvinden.
27
7.5 Protocol Sociale Media
7.6 Aanvraag buitengewoon verlof
Sociale media zoals Hyves, Twitter, Facebook, YouTube
en LinkedIn bieden de mogelijkheid om te laten zien dat
Bij het toekennen van buitengewoon verlof (vrijstelling
van schoolbezoek) is de schoolleiding gehouden de leer-
je trots bent op je school en kunnen een bijdrage leveren aan een positief imago van het Roelof van Echten
College. Van belang is te beseffen dat je met berichten
op sociale media (onbewust) de goede naam van de
school en betrokkenen ook kunt schaden. Om deze reden vragen wij ouders, leerlingen en personeel om bewust met de sociale media om te gaan. We hebben daarom een protocol opgezet om een ieder die bij het RvEC
betrokken is of zich daarbij betrokken voelt daarvoor
richtlijnen te geven.
plichtwet uit te voeren. De schoolleiding kan maximaal
10 dagen per cursusjaar extra verlof toekennen. Gronden voor toekenning van buitengewoon verlof kunnen
zijn:
-
religieuze verplichtingen: vakantieverlof (bij hoge
uitzondering) als het beroep van één van de ouders het
onmogelijk maakt dat vakantie wordt opgenomen in één
van de schoolvakanties;
Essentieel is dat, net als in communicatie in de normale
wereld, de onderwijsinstellingen en de gebruikers van
sociale media de reguliere fatsoensnormen in acht blijven nemen en de nieuwe mogelijkheden met een positieve instelling benaderen. Het Roelof van Echten College
vertrouwt erop dat zijn medewerkers, leerlingen, ouders/
verzorgers en andere betrokkenen verantwoord om zullen gaan met sociale media.
-
andere gewichtige omstandigheden zoals het voldoen aan een wettelijke verplichting, verhuizing, huwelijk van een familielid t/m de vierde graad, ernstige ziekte van ouders en/of bloedverwanten t/m de vierde
graad, bevalling van moeder of verzorgster, overlijden
van bloed - of aanverwanten t/m de vierde graad, het
25-, 40- en 50-jarige ambtsjubileum en het 121⁄2 -, 25-,
40-, 50- en 60-jarig huwelijksjubileum van bloed- en aanverwanten voor de duur van één dag, en andere calamiteiten ter beoordeling van het bevoegd gezag.
Uitgangspunten
Geen gronden voor toekenning zijn:
Fatsoensnormen
Het Roelof van Echten College onderkent het belang
van sociale media. Het protocol draagt bij aan een goed
en veilig school- en onderwijsklimaat. Verder bevordert
het protocol dat de instelling, medewerkers, leerlingen
en ouders op de sociale media communiceren in het verlengde van de missie en visie van de onderwijsinstelling
en de reguliere fatsoensnormen. In de regel betekent dit
dat we respect voor de school en elkaar hebben en iedereen in zijn waarde laten. De gebruikers van sociale
media dienen rekening te houden met de goede naam
van de school en van een ieder die betrokken is bij de
school. Tot slot dient het protocol de onderwijsinstelling,
haar medewerkers, leerlingen en ouders tegen zichzelf
en anderen te beschermen tegen de mogelijke negatieve gevolgen van de sociale media. Het protocol Sociale
Media is te downloaden op het personeelsweb, ouderweb en eduweb.
* familiebezoek in het buitenland;
* vakantie in een goedkopere periode of in verband met
een speciale aanbieding;
* vakantie onder schooltijd bij gebrek aan boekingsmogelijkheden;
* eerder vertrek of latere terugkeer in verband met (verkeers)drukte;
* verlof voor een kind omdat andere kinderen uit het gezin al of nog vrij zijn
Verzoeken voor buitengewoon verlof dienen in principe
tenminste 6 weken van tevoren worden ingediend bij de
schoolleiding. Vanzelfsprekend geldt dit niet bij ziekte,
bevalling en/of overlijden. Buitengewoon verlof wordt
aangevraagd middels het formulier Aanvraag buitengewoon verlof niet- medische redenen die te downloaden
is op de website van de school. De aanvraag dient - indien mogelijk—4 weken voor het verlof ingediend te worden.
28
8
Een succesvolle
leerloopbaan voor ieder kind
Vakantieregeling
Vakantie
Van
(Feest)dagen buiten
vakanties
Tot
Herfstvakantie
13-10-2014
17-10-2014
Goede vrijdag: 3 april 2015
Kerstvakantie
22-12-2014
02-01-2015
Tweede Paasdag: 6 april
Voorjaarsvakantie
23-02-2015
27-02-2015
Hemelvaartsdag: 14 mei 2015
Meivakantie
27-04-2015
08-05-2015
Tweede Pinksterdag: 25 mei 2015
14-08-2015
Organisatiedagen (leerlingen lesvrij):
18 augustus, 19 augustus, 25
september, 25 november, 19 januari,
11 februari, 30 juni, 1 juli en 2 juli
Zomervakantie
06-07-2015
29
9
Opbrengstenkaarten
Een succesvolle
leerloopbaan voor ieder kind
9
Opbrengstenkaarten
Een succesvolle
leerloopbaan voor ieder kind
10
Vmbo en lwoo
Een succesvolle
leerloopbaan voor ieder kind
INFORMATIE SPECIFIEK VOOR VMBO EN LWOO
32
10.1 Leiding
10.3 Onderwijsaanbod
De directie van het vmbo (en mavo) bestaat uit de volgende personen:
Hieronder is een schematisch overzicht afgebeeld van
het onderwijsaanbod van het Roelof van Echten College
in relatie tot de vmbo/mavo opleidingen.
• dhr. R.H. Baas - sectordirecteur
Verklaring van afkortingen:
Verder kent het vmbo de volgende functionarissen:
locatie Griendtsveenweg:
dhr. J.A. Kreuze - adjunct-sectordirecteur
mw. J.L. Everts - afdelingsleider bovenbouw dhr. A.P. de
Koning- afdelingsleider onderbouw dhr. E.J. Stuit - afdelingsleider LWOO
Vmbo: voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs
Mavo: middelbaar algemeen voortgezet onderwijs Pro: praktijkonderwijs
Havo: hoger algemeen voortgezet onderwijs
Mbo: middelbaar beroepsonderwijs
!
mw. B. Jansen - decaan
mw. G.J. Schierbeek - remediale hulp
mw. E.J. Krommenhoek - leerlingbegeleider/ zorgcoördinator
mw. J. Blokzijl - zorgcoördinator LWOO
locatie Park Dwingeland:
dhr. A. Ekkel - afdelingsleider
dhr. K. Kroezen- decaan
mw. J. Blokzijl - leerlingbegeleider/zorgcoördinator mw. M. Muis - remediale hulp
Clusterleiders (voor G én P):
dhr. G. Veldhuis - talen (ne/en/du/fr)
mw. B. Jansen - exacte vakken (wi/bi/re/ns) dhr. H. Bodewits - creatief (mu/hb/te/tn/vz) dhr. R. Onvlee - intersectoraal programma (ISP)
mw. A. Bakker - lwoo
Allen zijn telefonisch bereikbaar via het centrale telefoonnummer van school: (0528) 358 658.
10.2 Contact
Ouders kunnen altijd telefonisch een afspraak maken,
wanneer zij een docent, klassenmentor, coördinator, decaan of directielid willen spreken. De school kent hiervoor geen spreekuur.
10.4 Leerlijnen
Het vmbo/mavo van het Roelof van Echten College
heeft vier leerlijnen:
1.
mavo leerlijn
2.
vmbo-T leerlijn (de theoretische leerlijn)
3.
vmbo-P leerlijn (de praktische leerlijn)
4.
vmbo+ leerlijn (de leerlijn met extra zorg)
1. Mavo-leerlijn
De mavo-leerlijn is gericht op een naadloze doorstroming naar de havo van het Roelof van Echten College.
Deze leerlijn biedt een vakkenpakket aan dat helemaal
is afgestemd op de havo. Met een mavo-diploma kunnen leerlingen doorstromen naar de havo maar ook naar
niveau 3 of 4 van het mbo.
33
2. Vmbo T
Dit is een leerlijn met goede afwisseling tussen theorie
en praktijk, waarbij de nadruk op theorie ligt. Als leerlingen op zich weinig moeite hebben met studeren, maar
zich ook al gericht willen voorbereiden op bepaalde beroepen, is de vmbo-T leerlijn een geschikte keuze. Met
een diploma van de theoretische leerlijn kunnen leerlingen doorstromen naar niveau 3 of 4 van het mbo of
eventueel naar de havo.
3. Vmbo P
Dit is een leerlijn met veel afwisseling tussen theorie en
praktijk, waarbij de nadruk op de praktijk ligt. Als leerlingen goed kunnen leren en graag de handen uit de mouwen willen steken zullen zij zich in deze leerlijn goed
thuis voelen. Met een diploma van de praktische leerlijn
is een naadloze doorstroming mogelijk naar het mbo.
4. vmbo+ leerlijn
Deze leerlijn is bedoeld voor leerlingen van wie verwacht wordt dat ze met extra zorg het reguliere vmboprogramma kunnen volgen. De + staat voor extra zorg +
ondersteuning + eventueel een aangepast programma.
De vmbo+ leerlijn op het Roelof van Echten College is te
onderscheiden in:
Lwoo-1:
Leerlingen krijgen een aangepast aantal lessen in kleine
groepen. In de bovenbouw is een mogelijke
routehetLeerwerktraject(LWT).Leerlingenkrijgen dan een
beperkt aantal theoretische vakken en veel praktijkvakken en lopen één of meerdere dagen stage buiten
school. Leerlingen behalen een diploma van de basisberoepsgerichte leerweg (BB) waarmee ze door kunnen
stromen naar niveau 1 of 2 van het mbo.
Lwoo-2:
In tegenstelling tot de andere leerlijnen van het vmbo,
duurt deze opleiding 5 jaar, omdat er extra aandacht besteed wordt aan sociale en emotionele problematiek.
Daarnaast wordt er gewerkt aan achterstanden betreffende lezen, spelling en rekenen. De meeste lessen worden in een aparte setting en in kleine groepen gegeven.
Ter voorbereiding op het vervolgonderwijs volgen de
leerlingen in het 5e leerjaar alle vakken geïntegreerd in
de reguliere klassen van het vmbo. Leerlingen kunnen
dus een regulier vmbo-diploma halen en afhankelijk van
de leerweg doorstromen naar het mbo.
10.5 Leerjaren
De eerste 2 leerjaren (3 leerjaren bij LWOO-2 noemen
we de onderbouw. Het 3e en 4e leerjaar (4e en 5e leerjaar bij LWOO-2) noemen we de bovenbouw.
Onderbouw
In de onderbouw krijgen de leerlingen voornamelijk algemeen vormende vakken. Deze vakken dienen als basis
voor de eigenlijke beroepsvoorbereidende opleiding die
in de bovenbouw begint. In de onderbouw krijgen de
leerlingen daarom voorlichting over sectoren en afdelingen van de bovenbouw en gaan ze ook in deze afdelingen kijken en aan het werk. Op deze manier kunnen ze
een goede keuze maken voor de toekomstige beroepsvoorbereidende opleiding.
Bovenbouw: Intersectoraal Programma
In de bovenbouw (klas 3 en 4) volgen alle leerlingen een
zogeheten Intersectoraal Programma (ISP). In dit programma worden de leerlingen zowel binnen als buiten
de school, bij bedrijven, instanties en instellingen in aanraking gebracht met uiteenlopende beroepen en sectoren. Wij verwachten dat zij hierdoor beter in staat zijn
eenweloverwogenkeuzetemakenvooreen vervolgopleiding. Tevens worden in de lessen studievaardigheden
aangeleerd die de leerlingen in het vervolgonderwijs nodig hebben.
Alleen leerlingen die kiezen voor de afdeling Voertugientechniek, transport & logistiek en (landbouw)mechanisatie (VTLM) krijgen geen ISP. Zij volgen een beroepsgericht programma op onze locatie KARgo!
10.6 Doorlopende leerlijnen
Bij het vmbo/mavo van het Roelof van Echten College is
sprake van doorlopende leerlijnen: van het basisonderwijs lopen de leerlijnen door via het vmbo/mavo naar
34
het mbo/havo. Doorlopende leerlijnen kennen veel voordelen:
• goede aansluiting op basis- en vervolgonderwijs; gemakkelijke overstapmogelijkheden; zittenblijven komt nauwelijks voor;
veel keuzemogelijkheden;
optimale kansen;
grote slagingskans;
ruimte voor eigen talenten.
10.7 Doorstroommogelijkheden
Met name in de onderbouw bestaan er optimale mogelijkheden om te veranderen van leerlijn: zowel doorstromen binnen de leerlijnen van het vmbo als naar havo en
praktijkonderwijs. Dit gebeurt altijd in overleg met de
klassenmentor. De leerling moet dan wel voldoen aan
de voor die leerlijn geldende criteria. In het eerste jaar
van de bovenbouw is veranderen van sector en/of afdeling in principe mogelijk tot aan de herfstvakantie.
10.8 Overgangsnormen
Bij het behalen van voldoende punten op het overgangsrapport wordt de leerling bevorderd. Bij het niet halen
van voldoende punten op het overgangsrapport wordt
de leerling besproken tijdens de rapportenvergadering.
Een leerling behaalt voldoende punten als hij niet meer
minpunten heeft dan volgens onderstaande formule berekend wordt. Hierbij geldt dat het cijfer onder de 6 minpunten oplevert. Het cijfer 5,5 telt als een half minpunt
op, het cijfer 5 telt als één minpunt en het cijfer 4,9 als
1,1 minpunten.
Formule: Aantal vakken, waarvoor een cijfer gegeven
wordt, gedeeld door 2 afgerond naar beneden op een
geheel getal minus een factor.
De factor in deze formule is per leerlijn verschillend:
Voor de vmbo-P-leerlijn: Voor de vmbo-T-leerlijn: Voor de mavo-leerlijn: factor = 1
factor = 3
factor = 4
Voorbeeld:
Een leerling in de T-leerlijn heeft 11vakken. Hij mag dan
op grond van de formule:
11 (vakken) : 2 = (afgerond) 5 – (factor) 3 = 2 minpunten
hebben.
Weging rapporten
Om te komen tot het eindcijfer geldt de volgende weging van de rapporten: het 1e rapport telt één keer mee,
het 2e en 3e rapport tellen twee keer mee.
Voor de overgang van klas 3 naar klas 4 geldt tevens de
examennorm, zoals die geldt voor het behalen van het
diploma in klas 4. Wanneer een leerling uit klas 3 niet
voldoet aan de formule voor de overgangsnorm en/of
aan de examennorm dan wordt hij besproken tijdens de
rapportvergadering.
De vmbo+ leerlijn valt voor wat betreft lwoo-1 qua normering onder de vmbo-P leerlijn. De normering voor het
lwoo2 hangt af van de leerlijn die wordt gevolgd. De onderbouw van het lwoo2 hanteert een afwijkende procedure.
10.9 Aangescherpte exameneisen
Door een verandering in wet- en regelgeving wordt
m.i.v. 1 augustus 2011 de slaag- zakregeling voor leerlingen in het voortgezet onderwijs aangepast. Dat wil zeggen dat leerlingen, die examen gaan doen te maken krijgen met een aangescherpte slaag– en zakregeling. De
nieuwe exameneisen worden vermeld in het examenreglement en zijn gepubliceerd op het ouder– en leerlingenweb.
10.10 Rapporten
Tijdens het schooljaar wordt drie keer een cijferrapport
uitgereikt. Bovendien ontvangen de leerlingen aan het
begin van het schooljaar een cijferkaart. Hierop moeten
de leerlingen zélf alle behaalde cijfers voor proefwerken,
overhoringen, enz. noteren. Op deze manier kunnen leerlingen en hun ouders voortdurend op de hoogte blijven
van de vorderingen. Leerlingen van de derde en vierde
35
klassen vinden op de cijferrapporten na iedere schoolexamenperiode tevens de behaalde schoolexamencijfers in de vorm van voortgangscijfers.
Ouderweb en eduweb
Overigens kunnen ouders de resultaten van hun kind
ookvolgenviahetouderweb.Ditportaalistebereiken via de
website van de school www.rvec.nl. Ook de leerlingen
hebben een vergelijkbaar portaal waar zij hun cijfers kunnen inzien.
Alle ouders en leerlingen ontvangen hiervoor een gebruikersnaam en inlogcode. Bent u die kwijt dan kunt u een
mail sturen naar [email protected]
2.7.1 Rapportspreekmiddag/-avond
Na uitreiking van de rapporten is er een spreekmiddag
en/of -avond waarop ouder(s) docenten kunnen spreken
over de vorderingen van de leerling. De ouders kunnen
opgeven met welke docenten zij graag een gesprek wensen. De datum van de rapportspreekmiddag en/of
-avond staat op het rapport vermeld.
zijn/haar portfolio digitaal kan bijwerken binnen de Elektronische Leeromgeving (ELO).
10.11 Studie- en lesmaterialen
De leerlingen moeten zelf schrijfmateriaal (pennen,
schriften of multomappen, kladblocs, etc.) en een agenda aanschaffen. Bovendien is het volgende nodig (voor
zover nog niet is opgenomen in het geleverde boekenpakket):
• Godsdienst: Bijbel (nieuwe vertaling: 2004)
• Wiskunde (1 + 2 + 3 + 4): Elektronische rekenmachine: Texas Instruments 30-IIB
Bij twijfel over de aanschaf van één of ander, kan de desbetreffende docent geraadpleegd worden.
2.7.2 Leerlingvolgsysteem
De school wil van alle leerlingen relevante informatie systematisch verzamelen en bewaren. Hiervoor is een leerlingvolgsysteem opgezet. Doel hiervan is om de “loopbaan” van leerlingen binnen onze school zo goed mogelijk te volgen en zo nodig en mogelijk snel en effectief in
te grijpen wanneer er iets mis dreigt te gaan. In het leerlingvolgsysteem zijn onder andere rapportcijfers, testresultaten en keuzeadviezen opgenomen. Uiteraard geldt
voor inzage in een leerlingdossier ook de Wet Persoonsregistraties en de Wet Bescherming Persoonsgegevens.
In het vmbo wordt steeds meer gebruikgemaakt van
een portfolio. Hierin bewaart de leerling allerlei gegevens en producten van zichzelf die van belang kunnen
zijn voor de vervolgopleiding. Het gaat daarbij om de
vragen: Wie ben ik?, Hoe handel ik?, Wat kan ik?, Wat
wil ik? En kán wat ik wil? De leerling is zelf verantwoordelijk voor deze map. Op dit moment werkt het Roelof
van Echten College aan een systeem waarbij de leerling
36
11
Lestijden
Een succesvolle
leerloopbaan voor ieder kind
37
11.1 Lestijden en lessentabel
Het lesrooster wordt op de eerste schooldag aan de leerlingen bekend gemaakt en is online te vinden via het
eduweb. De dagindeling is als volgt:
Lesuur
Tijd
1
08.30 – 09.20 uur
2
09.20 – 10.10 uur
Pauze
10.10 – 10.30 uur
3
10.30 – 11.20 uur
4
11.20 – 12.10 uur
Noodroosters
In bijzondere gevallen kan worden gebruikgemaakt van
noodlesroosters. Dit komt voor bij onvoorziene gebeurtenissen. De schoolleiding beslist over het gebruik van
een noodrooster en maakt dit bekend via het publicatiebord op school. De lestijden worden bij een noodrooster
als volgt gewijzigd:
A. Volledig noodrooster:
Lesuur
Tijd
1
08.30 – 09.10 uur
2
09.10 – 09.50 uur
3
09.50 – 10.30 uur
Pauze
10.30 – 10.50 uur
4
10.50 – 11.30 uur
5
11.30 – 12.10 uur
Pauze
12.10 – 12.35 uur
5
12.35 – 13.25 uur
Pauze
12.50 – 13.15 uur
6
13.25 – 14.15 uur
7
13.15 – 13.55 uur
8
13.55 – 14.35 uur
Pauze
14.15 – 14.30 uur
B. Verkort noodrooster:
7
14.30 – 15.20 uur
8
15.20 – 16.10 uur
Lesuur
Tijd
1
08.30 – 09.10 uur
2
09.10 – 09.50 uur
3
09.50 – 10.30 uur
Pauze
10.30 – 10.50 uur
4
10.50 – 11.30 uur
5
11.30 – 12.10 uur
6
12.10 – 12.50 uur
7
vervalt
8
vervalt
38
11.2 Lesuitval
Helaas is het onvermijdelijk dat er lesuitval plaatsvindt
wegens afwezigheid van docenten, bijvoorbeeld door
ziekte. Wanneer dit voor een klas een eerste, of een laatste lesuur betreft, wordt meestal vrijaf gegeven. Bij een
eerste lesuur worden de leerlingen van een klas via een
telefoonwaarschuwingssysteem en de roosters op de
website, van tevoren ingelicht. In alle andere gevallen
wordt geprobeerd om een andere docent de klas op te
laten vangen. De klas heeft dan een zogenaamde invalles. Hoewel de meeste docenten aan dit invalsysteem
meewerken, is het toch ook niet altijd te voorkomen dat
leerlingen een lesuur vrijaf krijgen. Ze hebben dan een
zogenaamd “tussenuur”. Die tijd kunnen ze dan gebruiken om in de kantine huiswerk te maken. In dit verband
is schoolregel 2b (zie hoofdstuk 12) nog van belang.
Onze school ziet erop toe dat de regels in de leerplichtwet zo goed mogelijk worden nageleefd. Dat houdt onder andere in, dat schoolverzuim nauwkeurig geregistreerd wordt. Het is van groot belang dat de ouders op
de juiste wijze verlof voor hun kinderen aanvragen of
melden (zie hoofdstuk 4.2.4), om misverstanden te voorkomen. Bij ongeoorloofd schoolverzuim zal de school
maatregelen moeten nemen. Deze zijn in de eerste
plaats erop gericht om herhaling van ongeoorloofd
schoolverzuim in de toekomst te voorkomen. Uiteraard
worden de ouders hiervan door de school op de hoogte
gesteld. Veelvuldig ongeoorloofd schoolverzuim kan verwijdering van school tot gevolg hebben. Hierbij wordt
altijd de gemeentelijke leerplichtambtenaar ingeschakeld. Dit kan ook het geval zijn in het geval van geoorloofd verzuim. Voor meer informatie over de leerplichtwet ligt op de schooladministratie een (gratis) brochure
klaar.
11.4 Lessentabellen
Zie bijlagen aan het eind van deze schoolgids.
11.3 Leerplicht en schoolverzuim
Scholen voor voortgezet onderwijs hebben in Nederland
te maken met de leerplichtwet. Hierin staan regels die
geoorloofd verlof regelen en ongewenst schoolverzuim
zoveel mogelijk voorkomen. Een gevolg van regelmatig
ongeoorloofd schoolverzuim is dat sommige jongeren
de school niet afmaken. Zij hebben geen diploma, maken minder kans op werk, hebben minder vooruitzichten
in de maatschappij. Het is daarom in ieders belang ongeoorloofd schoolverzuim zoveel mogelijk tegen te
gaan.
39
12
Schoolregels
12.1 Gedragsregels
Binnen onze school moet iedereen zich binnen en buiten het schoolgebouw veilig kunnen voelen. Daarom gelden de volgende gedragsregels voor iedereen die bij
onze school betrokken is:
-
Ik accepteer de ander en weiger te discrimineren.
-
Schelden, vloeken, uitlachen en/of roddelen laat
ik achterwege.
Een succesvolle
leerloopbaan voor ieder kind
-
Ik blijf van een ander en van de spullen van een
ander af.
-
Mijn uiterlijke verzorging is niet aanstootgevend of
beledigend voor anderen.
-
Als iemand mij hindert, vraag ik haar of hem daarmee te stoppen.
-
Als dat niet helpt, of bij ruzie, vraag ik hulp aan
een volwassene binnen de school.
-
Ik bedreig niemand, ik neem geen wapen, alcohol
en/of drugs mee naar school.
40
-
Ik gebruik binnen en buiten de school geen geweld.
-
Ik help anderen om zich ook aan deze regels te
houden.
12.2 Schoolreglement
12.2.1 In en om de school
-
De leerlingen moeten de instructies van schoolleiding, docenten en onderwijs- ondersteunend personeel
opvolgen.
-
Een ieder dient tijdig voor het begin van de lessen
in het lokaal aanwezig te zijn. Vijf minuten voor het begin van de schooltijd wordt een tijdsein gegeven waarop
de leerlingen zich naar de lokalen moeten begeven. Bij
het tweede tijdsein moet men in het lokaal aanwezig
zijn.
-
Het wisselen van de les wordt ook door een belsignaal aangegeven. Hiervoor is binnen het lesrooster
geen tijd ingeruimd en het wisselen van lessen moet
daarom zo snel mogelijk gebeuren. Het zich verplaatsen
naar een andere lesruimte moet via de kortste route gebeuren.
-
Tijdens de les is het niet toegestaan om zonder
toestemming van de docent het lokaal te verlaten.
-
Leerlingen mogen zich niet onnodig ophouden in
gangen en/of toiletten.
-
Roken in het schoolgebouw is niet toegestaan.
-
Het in bezit hebben van, of het gebruiken van alcoholische dranken en/of andere stimulerende en/of verdovende middelen in en om de school is streng verboden.
-
Het nuttigen van brood, dranken en andere consumpties is alleen toegestaan in de kantineruimten en
andere daartoe aangewezen ruimten.
-
(Brom)fietsen moeten gestald worden op de hiervoor aangewezen plaatsen. Het is niet toegestaan zich
hier onnodig op te houden.
-
Alleen in opdracht of na toestemming mogen
door leerlingen ramen, zonwering en/of verwarming worden bediend.
-
Zonder toestemming van schoolleiding of docen-
ten is het niet toegestaan dat leerlingen zich buiten lessen in lokalen of werkruimten ophouden.
-
Schooleigendommen (gereedschappen, rekenmachines, etc.) mogen niet worden meegenomen naar
huis. -
In de school is het niet toegestaan petten en andere hoofddeksels en/of kledingstukken voor over de bovenkleding (jassen, jacks, etc.) te dragen. Deze kledingstukken moeten in de garderobe(kastjes) worden bewaard.
12.2.2 Aansprakelijkheid
-
De school is niet aansprakelijk voor beschadiging
of verlies van eigendommen, zoals kleding, brillen, sieraden, (brom) fietsen, geld, enz. (Advies: kleding merken!)
-
De school draagt geen verantwoordelijkheid voor
leerlingen die zich op eigen initiatief buiten het schoolterrein bevinden.
-
Het is verboden waardevolle eigendommen onbeheerd achter te laten. Alle leerlingen kunnen een garderobekastje huren om schoolspullen op te bergen. De
school heeft hier een tweede sleutel van en kan, wanneer hiertoe aanleiding bestaat, de kastjes inzien.
-
Leerlingen moeten altijd instructies ten behoeve
van de veiligheid stipt opvolgen.
-
In praktijklokalen moeten leerlingen de daar voorgeschreven kleding, schoeisel en beschermingsmiddelen dragen.
12.2.3 Huishoudelijke gang van zaken
-
Onderwijsondersteunend personeel houdt toezicht op de leerlingen in en om de gebouwen. De leerlingen moeten hun aanwijzingen opvolgen.
-
Van de leerlingen kan worden verwacht, dat zij
meewerken aan corveewerkzaamheden in verband met
het gebruik van kantines en lokalen.
-
Elke leerling is mede verantwoordelijk voor de netheid van lokalen, kantines en andere ruimten in school
en van de schoolomgeving.
41
12.2.5 Verwijdering uit de les/wangedrag
-
12.2.4 Verzuimen van lessen/te laat komen
-
Wanneer een leerling verhinderd is lessen bij te
wonen, dan moeten zijn ouders dit vooraf melden, dan
wel hier vooraf toestemming voor vragen. Ongemelde
afwezigheid wordt aangemerkt als ongeoorloofd verzuim. Ongeoorloofd verzuim heeft strafmaatregelen tot
gevolg.
-
Ziekte of andere plotselinge omstandigheden,
waardoor een leerling de lessen niet kan bijwonen, moeten tussen 08.00 en 09.00 uur telefonisch door de ouders worden gemeld.
-
Indien een leerling tijdens schooltijd de school wil
verlaten, moet hij daarvoor toestemming vragen aan de
schoolleiding.
-
Rijexamens, dokter- en tandartsbezoeken, etc.
dienen zoveel mogelijk buiten de lessen te worden afgesproken.
-
Leerlingen die te laat komen, moeten zich bij de
conciërge melden. Meerdere malen ongeoorloofd te laat
komen kan strafmaatregelen tot gevolg hebben. Veelvuldig te laat komen moet door de school gemeld worden
bij de leerplichtambtenaar.
-
Leerlingen die buiten Hoogeveen wonen, met de
bus naar school komen en door het lesrooster op een
bepaalde dag, na het negende lesuur, langer dan een
uur op de bus moeten wachten, kunnen in bepaalde gevallen toestemming krijgen om eerder de les te verlaten.
Ongeoorloofd gedrag tijdens de lessen kan leiden
tot verwijdering. Wie uit een les verwijderd wordt, dient
zich in alle gevallen direct te melden. Verwijdering uit de
les kan strafmaatregelen tot gevolg hebben.
-
Wangedrag in het schoolgebouw, of op het
schoolterrein, kan strafmaatregelen tot gevolg hebben.
-
Het is verboden in en om de school vuurwerk in
bezit te hebben en/of af te steken.
-
Bij beschadiging, vernieling of verlies van eigendommen van de school zal (zullen) de betrokken leerling(en), c.q. de ouders daarop worden aangesproken.
Moedwillige beschadiging of vernieling kan tevens strafmaatregelen tot gevolg hebben.
12.2.6 Huiswerk, proefwerken, toetsen, etc.
-
Wanneer – door omstandigheden – huiswerk niet
is gemaakt, moet dit schriftelijk door de ouders gemeld
worden.
-
Wanneer een leerling een repetitie of andere opdracht om wettige redenen (bijvoorbeeld geoorloofd verzuim) niet heeft kunnen maken, dient hij, na terugkomst
op school, binnen een week zelf een afspraak te maken
met de betreffende docent over een inhaalmogelijkheid.
Wie zich niet aan deze regel houdt, ontvangt het cijfer
één. Ongeldige redenen zijn alle verzuim, waarvoor
geen toestemming is gegeven, of die niet is gemeld. Bij
schorsing van school vervalt het recht om proefwerken
in te halen.
-
Wanneer een leerling huiswerk niet in orde heeft,
of niet bij zich heeft, kan dit strafmaatregelen tot gevolg
hebben.
12.2.7 Roosterwijzigingen, vervallen van lessen
-
Uitval van lessen en roosterwijzigingen worden zo
spoedig mogelijk aan de leerlingen bekendgemaakt. Het
niet opvolgen van tijdig bekend geworden roosterwijzigingen geldt als ongeoorloofd verzuim. Alle informatie
met betrekking tot het rooster wordt gecommuniceerd
via de website www.rvec.nl en het ouder– en eduweb.
-
Er wordt geen vrijstelling gegeven voor “bijbaan-
42
12.2.9 Vakanties/vrije dagen
-
De vakanties en vrije dagen, zoals in deze School-
gids gepubliceerd, zijn wettelijk vastgesteld. Het is niet
toegestaan hiervan af te wijken.
12.2.10 Tenslotte
Naast deze algemene schoolregels bestaan er locatiegebonden huisregels. In alle gevallen waarin deze regels
niet voorzien, beslist de schoolleiding.
12.3 Veiligheid
In bepaalde (praktijk)lokalen moeten leerlingen specifiek
voorgeschreven kleding, schoeisel en/of beschermingsmiddelen dragen, in verband met de veiligheidsvoorschriften. De praktijkdocent zal de leerlingen bij aanvang van het schooljaar hierover instrueren. Ouders zijn
verantwoordelijk voor de hiervoor aan te schaffen materialen. Sommige materialen kunnen de leerlingen van
school in bruikleen krijgen en/of via school aanschaffen.
Leerlingen krijgen hierover bij aanvang van het schooljaar informatie van de betreffende docenten. Een leerling kan de toegang tot een praktijklokaal geweigerd
worden, indien hij niet beschikt over de voorgeschreven
middelen.
tjes”, etc., wanneer er roosterwijzigingen, of wijzigingen
in andere schoolactiviteiten (stages, terugkom-uren)
plaatsvinden.
12.2.8 Vrijstelling lessen lichamelijke oefening
-
Voor vrijstelling van lessen lichamelijke oefening is
een verklaring van de ouders nodig.
-
Aan leerlingen die de lessen lichamelijke oefening
langere tijd niet kunnen bijwonen, kan de docent een
vervangende taak opdragen.
12.4 Leerlingenraad
Leerlingenvertegenwoordigers van de verschillende leerjaren en afdelingen vormen samen met vertegenwoordigers van de schoolleiding en de medezeggenschapsraad de leerlingenraad. De leerlingenraad kan de schoolleiding gevraagd en ongevraagd adviezen geven over
zaken die direct met de school te maken hebben en de
leerlingen aangaan.
43
13
Leerlingenzorg
Op onze school staat een goede leerlingbegeleiding centraal. We vinden dat aandacht voor leerlingen als groep
en als individu een noodzakelijke voorwaarde is om te
kunnen leren en te kunnen groeien naar volwassenheid.
13.1 Interne deskundigen
De mentor vervult een centrale rol in de begeleiding van
leerlingen. Doel van het (klassen) mentoraat is: het ge-
Een succesvolle
leerloopbaan voor ieder kind
ven van individuele begeleiding aan de leerling en het
begeleiden van een klas gedurende een leerjaar. Dit
houdt onder meer het volgende in:
-
Optreden als begeleider van een klas; dit houdt
ook in het ontwikkelen, stimuleren en begeleiden van
(buitenschoolse) klassenactiviteiten, leiding geven bij
excursies en sportactiviteiten, etc.
-
Begeleiden van de individuele leerling, vooral wan-
44
neer zich persoonlijke en/of studieproblemen voordoen.
-
Afleggen van bezoeken en onderhouden van contacten met thuis in geval van langdurige ziekte.
-
Bijhouden van de cijfermatige ontwikkeling van de
individuele studieresultaten.
-
Volgen van presentie en absentie van de leerlingen van zijn klas.
-
Geven van relevante informatie over de leerlingen
tijdens de leerlingbesprekingen en bij de beslissing over
bevorderen/doubleren.
Ook wordt de decaan betrokken bij interne doorstroming. Decanen zijn:
-
-
Het zorgadviesteam (ZAT)
Soms hebben leerlingen extra zorg en begeleiding nodig. Die leerlingen worden door de mentor aangemeld
voor het zorgadviesteam (ZAT). Dit team kan gezien worden als de denktank op school voor wat betreft het geven van speciale zorg aan leerlingen. Bij speciale zorg
denken we dan aan:
De mentor is voor de ouders een belangrijk aanspreekpunt. Ouders kunnen voor informatie over hun kind op
school het best bij de mentor terecht. Andersom: Als er
thuis omstandigheden zijn die het welbevinden en/of het
leerproces van het kind op school beïnvloeden, dan kunnen de ouders contact opnemen met de mentor.
-
Het verhelpen/compenseren van leerproblemen
-
Het verhelpen/compenseren van sociaal- emotionele problemen.
Leerlingen en ouders kunnen altijd terecht bij de coördinator van de zorg. Die zorgt ervoor dat de juiste deskundige zich met de begeleiding en hulp gaat bezighouden.
In het ZAT zitten onder andere: de mentor, de zorgcoördinator, de teamleider, de orthopedagoog en de leerplichtambtenaar. De zorgcoördinator is voorzitter van
het zorgteam en heeft contact met alle deskundigen.
Zorgcoördinator voor de locatie Griendtsveenweg is mevrouw E.J. Krommenhoek en voor de locatie Julianastraat is dit mevrouw J. Blokzijl.
Vertrouwenspersoon
De vertrouwenspersoon is door het bevoegd gezag benoemd. Hij is het eerste aanspreekpunt bij vermoedens
van of klachten met betrekking tot seksuele en andere
intimidatie. De vertrouwenspersoon luistert naar de
klacht, helpt oplossingen te vinden voor het probleem
en geeft ondersteuning als er een officiële klacht ingediend moet worden. Bij een dergelijke klacht werkt de
vertrouwenspersoon volgens een vastgesteld protocol.
Uiteraard zijn ook alle andere docenten bereid om gesprekken te voeren over mogelijke problemen.
13.2 Externe deskundigen
Vertrouwenspersoon voor de locatie Griendtsveenweg
zijn mevr. E.J. Krommenhoek en mevr. P. van Bommel.
Voor locatie Julianastraat is de vertrouwenspersoon
mevr. J.H. Tonnema.
In de tweede klas worden alle leerlingen door de schoolarts onderzocht. Het betreft een algemeen lichamelijk
onderzoek.
Decaan
Het doel van het schooldecanaat is ervoor te zorgen dat
leerlingen leren om zelf keuzes te maken voor studie en
beroep. Zowel de decaan als de klassenmentor speelt
hierbij een belangrijke rol. De decaan geeft begeleiding
als het gaat om het kiezen van een leerweg, een sector
of een vakkenpakket. Verder speelt de decaan natuurlijk
een belangrijke rol bij de oriëntatie op de vervolgstudie.
Griendtsveenweg: mevrouw B. Janssen.
Julianastraat: de heer K. Kroezen.
13.3 Begeleiding en trainingen
Persoonlijke begeleiding
Bij persoonlijke begeleiding van een leerling kan de leerlingbegeleider hulp bieden. Zeker als het gaat om begeleiding die wat intensiever is en daardoor meer tijd
vraagt. De leerling krijgt dan individuele begeleiding, zolang dat nodig of mogelijk is. Er zullen bijvoorbeeld geregeld gesprekken plaatsvinden om het functioneren bin-
45
nen de school te verbeteren. In heel bijzondere gevallen
kan de hulp ingeroepen worden van een deskundige
van buiten de school. Uiteraard zijn begeleidings- gesprekken vertrouwelijk en houden de leerling- begeleiders zich aan een landelijk vastgestelde gedragscode.
Leerlingen kunnen zelf contact opnemen met de leerlingbegeleider; rechtstreeks, of via de klassenmentor. Via de
schooladministratie kunnen ouders contact opnemen
met de leerlingbegeleider om een afspraak te maken
voor een gesprek. Bovendien kan een leerling waarover
zorg bestaat bij docenten, naar een vorm van leerlingbegeleiding worden verwezen.
Onze school kent een anti-pestprotocol. Daarin is te lezen hoe de school handelt in geval van pesten. Vanaf
klas 1 wordt er regelmatig aandacht aan pesten geschonken. Ook worden de docenten geschoold in het
omgaan met pesters en gepesten. Ouders worden bij
dit onderwerp betrokken op ouderavonden.
Op de locatie Park Dwingeland is mevrouw H.M. AnnenSlagter schoolpastor. Het schoolpastoraat kan het best
omschreven worden als een handreiking vanuit de christelijke identiteit van de school aan de leerlingen en hun
ouders in omstandigheden die daartoe een bijzondere
aanleiding geven. Gesprekken met de schoolpastor zijn
strikt vertrouwelijk.
Huiswerkbegeleiding
Onze school biedt leerlingen de gelegenheid om één of
twee keer per week (afhankelijk van de locatie) hun huiswerk onder begeleiding op school te maken. De andere
dagen moet het natuurlijk wel thuis gebeuren. Wanneer
blijkt dat de leerling niet effectief met huiswerk om gaat
kan de lerarenvergadering een leerling ook opdragen
om huiswerkbegeleiding te volgen. Deze extra begeleiding vindt buiten schooltijd plaats, zoveel mogelijk aansluitend aan het lesrooster. Elke huiswerkbegeleidingsperiode duurt ± 8 weken. Tijdens die periode wordt de
leerling geleerd hoe moet worden omgegaan met huiswerk om tot goede resultaten te komen.
Huiswerkbegeleiding is geen “bijles” of remediale hulp,
maar een gelegenheid om te leren omgaan met huiswerk zonder hulp van anderen. Wanneer blijkt dat er hiaten in kennis of vaardigheden bestaan, kan de leerling
contact opnemen met de vakdocent en afspraken maken voor vakspecifieke hulp.
Remediale hulp
Leerlingen die speciale leerproblemen hebben, kunnen
worden geholpen door de remedial teachers. Dit is
meestal kortdurende hulp. Dat wil zeggen: leerproblemen die een leerling hinderen tijdens zijn studie, worden
aangepakt. Na een periode van remediale hulp wordt
bekeken of er verbetering is opgetreden. Als dit het geval is, dan wordt de remediale hulp gestopt. In andere
gevallen wordt overlegd of meer remediale hulp zinvol
is. Met name in de brugklas kunnen leerproblemen worden opgespoord en zal er gewerkt worden aan de oplossing daarvan. Aanmelding gaat via de mentor, de leerling zelf of via de ouders.
Sociale vaardigheidstraining
Niet iedere leerling is “sociaal handig”. Daardoor zijn deze leerlingen vaak onzeker, soms verlegen. Het Roelof
van Echten College heeft binnen het Onderwijs Service
Centrum (OSC) deskundige mensen in huis die leerlingen helpen bij het trainen van sociale vaardigheden.
Achterstanden op dit gebied bij leerlingen worden besproken in de leerlingbespreking/rapportbespreking of
in het zorgteam. Aan de leerling wordt dan (in overleg
met de ouders) een training aangeboden. Deze training
heeft tot doel het sociale gedrag te verbeteren, bovendien wordt geprobeerd het zelfvertrouwen van de leerling te vergroten. Tijdens de training kan er contact met
thuis zijn. Ook worden de mentor en andere docenten
op de hoogte gehouden.
Faalangstreductietraining
Op sommige locaties wordt een faalangstreductie- training gegeven. Deze is bedoeld voor leerlingen die last
hebben van faalangst, die moeite hebben met presteren
en bang zijn om niet aan de gestelde eisen te kunnen
voldoen. Wanneer er bij een leerling faalangst wordt geconstateerd, wordt hem of haar (in overleg met de ouders) een faal- angstreductietraining aangeboden. Zo’n
training duurt 6 à 8 weken en vindt voor een deel plaats
onder schooltijd. Voor meer informatie hierover kunt u
contact opnemen met de mentor.
46
14
Activiteiten
14.1 Excursies en werkweken
In elk leerjaar worden excursies georganiseerd. Er zijn
excursies die zijn gekoppeld aan een bepaald vak, zoals
bijvoorbeeld bij het vak biologie. De leerlingen hebben
voor dat vak een excursie naar de boerderij en naar de
dierentuin in Emmen. Daarnaast zijn er excursies binnen
een project of werkweek; bijvoorbeeld naar een museum, bioscoop of jaarbeurs. In de derde klas worden
werkweken voor de leerlingen georganiseerd. De kosten
Een succesvolle
leerloopbaan voor ieder kind
voor excursies en werkweken worden aan het begin van
het schooljaar bekendgemaakt en worden geïnd via een
automatische incasso.
14.2 Culturele activiteiten
In het kader van CKV (Culturele en Kunstzinnige Vorming) vindt er een aantal activiteiten plaats, zowel binnen als buiten de school. Zo bezoeken leerlingen concerten of gaan ze naar voorstellingen in De Tamboer.
Een bekende schrijver verzorgt bijvoorbeeld een gastles
47
op school. In klas drie doen alle leerlingen mee aan de
zogenaamde Kunstcarrousel waarbij ze in een aantal dagen met vele kunstuitingen te maken krijgen.
14.3 Buitenschoolse activiteiten
Gedurende het schooljaar worden evenementen buiten
schooltijd georganiseerd, waaraan leerlingen kunnen
deelnemen. Schaatsmiddagen, filmavonden, leerlingfeesten, etc. zijn jaarlijks terugkerende gebeurtenissen.
De school “subsidieert” deze activiteiten, maar de leerlingen die hieraan deelnemen, moeten zelf een deel van
de kosten betalen. Alle buitenschoolse activiteiten van
het vmbo van het Roelof van Echten College zijn alleen
toegankelijk voor leerlingen van onze school. Ouders
worden via de website op de hoogte gebracht van de
verwachte buitenschoolse activiteiten.
contact komen. Het stelt leerlingen in staat om zich
meer betrokken te voelen bij de maatschappij, op een
praktische manier te leren welke waarden en normen
belangrijk zijn en zich mede verantwoordelijk te voelen
voor een stukje van de samenleving. Een bijkomend
doel van de maatschappelijke stage is dat jongeren belangstelling kunnen ontwikkelen om zelf (nu of later) vrijwilligerswerk te doen. Naast dit alles blijkt dat veel leerlingen een maatschappelijke stage gewoon als een leuke, waardevolle en soms spannende ervaring beleven.
Vmbo
In het eerste en tweede leerjaar is sprake van groepsgerichte activiteiten onder schooltijd. In het derde leerjaar
gaat het om individuele activiteiten waarbij leerlingen
zelf, in overleg met de school, het initiatief nemen om
hier invulling aan te geven.
14.4 Stage
In de onderbouw van het vmbo komen kortdurende snuffelstages voor. In de bovenbouw krijgen de leerlingen te
maken met een beroepsoriënterende stageperiode. De
lengte hiervan is afhankelijk van de leerling en de afdeling. Leerlingen doen op deze manier praktische ervaring op. Van deze stageperiode moeten leerlingen schriftelijk verslag uitbrengen. Bij de Leerwerktrajecten vormt
de stage een wezenlijk onderdeel van het lesprogramma. In de derde klas gaan deze leerlingen vanaf januari
één dag in de week naar hun stageadres. In de vierde
klas gaan de leerlingen tijdens een startperiode op
school gedurende één dag in de week naar hun stageadres, daarna twee opeenvolgende dagen per week.
14.5 Maatschappelijke stage
Het Roelof van Echten College wil leerlingen deel laten
nemen aan de maatschappij. Daartoe ontwikkelt zij initiatieven in de vorm van een maatschappelijke stage. Jongeren maken zo tijdens hun schooltijd kennis met de samenleving en leveren daar een onbetaalde bijdrage aan.
Het geeft leerlingen de mogelijkheid om buiten de
school te leren en daarbij op een andere manier kennis
te maken met de samenleving en met bepaalde groepen
in deze samenleving, waar ze anders niet zo snel mee in
48
15
Contact en diversen
De school stelt goed en regelmatig contact met de ouders bijzonder op prijs. De contacten vinden op verschillende manieren plaats.
15.1 Ouderavonden
In alle leerjaren worden de ouders aan het begin van het
nieuwe schooljaar uitgenodigd voor een informatieve
ouderavond met als vast onderdeel een kennismakingsgesprek met de mentor. De mentor bespreekt met de
ouders wat het aankomende schooljaar op het programma staat, wat de ouders van de school kunnen verwachten en wat de school van de ouders en van de leerling
verwacht. Naar aanleiding van projecten (zoals bijvoor-
Een succesvolle
leerloopbaan voor ieder kind
beeld de werkweken), de afdelingskeuze in de bovenbouw of vanwege een specifiek thema worden er op
school ook ouderavonden georganiseerd. De ouders
ontvangen hiervoor altijd een schriftelijke uitnodiging.
15.2 Huisbezoek
In de periode tussen de herfstvakantie en de krokusvakantie gaan docenten van onze school op pad, om een
bezoek te brengen aan ouders van leerlingen. In de eerste plaats worden de ouders bezocht van de leerlingen
die nieuw zijn bij ons op school. De klassenmentor bezoekt deze ouders voor een persoonlijk gesprek, waarin
informatie met betrekking tot de leerling en de school
49
uitgewisseld kan worden. Dit betekent, dat in ieder geval de ouders van alle eersteklassers worden bezocht
en daarbij de ouders van de leerlingen in de overige leerjaren die nieuw zijn binnengekomen. Tenslotte worden
ouders bezocht, wanneer hiertoe aanleiding mocht zijn,
in verband met de leerresultaten, het gedrag, of andere
problemen met of van een leerling. Uiteraard worden
voor deze huisbezoeken van tevoren afspraken gemaakt.
15.3 Rapportspreekmiddag/-avond
Na uitreiking van de rapporten is er een spreekmiddag
en/of -avond waarop ouder(s) docenten kunnen spreken
over de vorderingen van de leerling. De ouder(s) kunnen
opgeven met welke docenten zij graag een gesprek wensen. De datum van de rapportspreekmiddag en/of
-avond staat op het rapport vermeld.
15.4 Locatie Griendtsveenweg
Het schoolgebouw aan de Griendtsveenweg wordt gekenmerkt door een bijzondere architectuur. In het gebouw zijn veel natuurlijke materialen en kleuren gebruikt. Met name de hardhouten voorgevel is karakteristiek voor het gebouw. Dit materiaal mag niet worden bewerkt en verandert daardoor voortdurend van kleur door
de weersinvloeden. Het gebouw is in 1975 geheel naar
onderwijswensen van de gebruikers ontworpen. Hoewel
in de loop der jaren verschillende aanpassingen hebben
plaatsgevonden, voldoet het gebouw nog steeds als
een moderne en praktische school die is toegerust op
het moderne beroepsonderwijs.
In de laatste jaren worden in het interieur van de school
meer kleuren gebruikt. De vier bouwlagen moeten dan
in combinatie met de aula (De Korf) een harmonieus geheel vormen. Belangrijk bij de inrichting van het schoolgebouw en het bijbehorende schoolterrein is dat er veilig en prettig gewerkt en geleefd kan worden. Het gebouw heeft enkele speciale onderwijsvoorzieningen zoals: een grootkeuken met “restaurant”, twee uitgebreide
en moderne computerlokalen, drie gymzalen waaronder
een sportzaal met klimwand, een eigentijds mode en
commercie lokaal en overige vaklokalen die zijn inge-
richt met het oog op de toekomst. Op de eerste bouwlaag zijn de receptie, de administratie en de conciërgeloge ondergebracht. Op de tweede bouwlaag hebben de
volgende voorzieningen een plek gekregen:
• de kamers van de schoolleiding
de aula (De Korf)
de personeelskamer
de ontmoetings- en vergaderruimte
de kamers van de staffunctionarissen
Achter het hoofdgebouw is een tijdelijke maar uiterst
moderne en praktische locatie gerealiseerd voor de
vmbo+ leerlijn.
Kantinegebruik
De locatie Griendtsveenweg en Julianastraat beschikken over een ruime, goed ingerichte kantine. Deze
wordt in de eerste plaats gebruikt tijdens de pauzes,
maar leerlingen kunnen ook in tussenuren of voor of na
de lessen gebruikmaken van de kantine om huiswerk te
maken, of met andere leerlingen even bij te praten. Natuurlijk veroorzaken de pauzes nogal wat afval en rommel. Daarom wordt van leerlingen verwacht dat zij eraan
meewerken om de kantine netjes en schoon achter te
laten. De kantinebeheerders zijn verantwoordelijk voor
het gebruik van de kantine en hun aanwijzingen moeten
dan ook worden opgevolgd. (Zie ook hoofdstuk 5.2.3).
Na wangedrag in de kantine kan een leerling de toegang
tot de kantine worden ontzegd.
15.5 Uitwisselingen
Internationalisering is een wezenlijk onderdeel geworden van het lesprogramma op het vmbo. De internationale projecten en uitwisselingen hebben de afgelopen
jaren bewezen zeer waardevol te zijn voor onze leerlingen.
Uitwisseling Hoogeveen - Bracciano (Italië)
Dit uitwisselingsproject heeft in januari 2007 de Innovatiecampagne 2006 gewonnen. De inzending ‘Scambio
Bracciano: succesvol uitwisselingsproject voor vmboers’ werd door de jury beoordeeld als een inzending die
50
bewijst de innovatie in beeld te hebben gebracht die betekenisvol is voor de rest van het voortgezet onderwijs.
Computergebruik
Overige uitwisselingen
nen zelfs zonder computer niet uitgevoerd worden. Leerlingen die thuis geen computer hebben, kunnen gebruikmaken van computers op school. Leerlingen krijgen
daarvoor een eigen inlogaccount en wachtwoord.
Op vergelijkbare wijze vinden ook uitwisselingen plaats
met scholen in Ladispoli, Rosolini en Nepi (Italië) en Villarobledo (Spanje). De deelnemende leerlingen komen in
aanraking met de noodzaak van actieve taalbeheersing.
Ze bereiden de uitwisseling voor via internet en gezamenlijke opdrachten en voeren tijdens de uitwisseling
ook een aantal praktische opdrachten uit. De leerlingen
verblijven tijdens de uitwisseling in gastgezinnen en zijn
dus een keer gast en een keer gastheer gedurende een
week.
15.6 Locatie Voltastraat
De locatie Voltastraat fungeerde tot enkele jaren geleden als een gebouw voor de vmbo+ leerlijn en een gebouw voor de vmbo-P leerlijn. De locatie is echter gesloopt en op dezelfde locatie vindt nieuwbouw plaats.
De nieuwe school gaat onderdak bieden aan alle leerlingen van het vmbo en praktijkonderwijs. In verband met
onze huisvestingsplannen krijgen de leerlingen van de
vmbo + leerlijn vanaf het schooljaar 2010-2011 les in de
tijdelijke huisvesting op locatie Griendtsveenweg. Ook
de theorielessen van de vmbo-P leerlijn vinden daar
plaats. Leerlingen van de afdeling vmbo-Techniek volgen hun praktijklessen op het Alfa-college. Ze hebben
daar een eigen vleugel met lokalen en praktijkruimtes.
(Voor meer informatie over onze huisvestingsplannen,
zie hoofdstuk 2.5)
Zowel bij de theorielessen als bij de praktijkvakken
wordt de computer gebruikt. Sommige opdrachten kun-
15.7 Veiligheid & praktijklokalen
In bepaalde praktijklokalen binnen KARgo! moeten leerlingen specifiek voorgeschreven kleding, schoeisel en/of
beschermingsmiddelen dragen in verband met de veiligheidsvoorschriften. Tijdens de lessen van het intersectorale programma krijgen de leerlingen voorgeschreven
kleding, schoeisel en/of beschermingsmiddelen in bruikleen gedurende de les. De praktijkdocent zal de leerlingen bij aanvang van het schooljaar hierover instrueren.
Leerlingen krijgen hierover bij aanvang van het schooljaar informatie van de betreffende docenten. Een leerling kan de toegang tot een praktijklokaal worden ontzegd indien hij niet beschikt over de voorgeschreven
middelen. Stofjassen en overalls moeten via school worden aangeschaft en zijn voorzien van een logo van de
school en de naam van de leerling. In het kader van de
Arbo-wet is het dragen van veiligheidsschoenen in de
praktijklokalen verplicht. Deze schoenen kan uw zoon/
dochter voordelig via school aanschaffen, maar dat is
niet verplicht. Schoenen mogen ook zelf woorden aangeschaft onder voorwaarde dat ze voldoen aan de eisen
(stalen neus en stalen tussenzool; code S3).
Diploma VCA
Werkplekkenstructuur
In de praktijklokalen van de technische afdelingen volgen de leerlingen de lessen volgens een werkplekkenstructuur. Dit betekent dat de lessen zoveel mogelijk gegeven worden zoals dat in het bedrijfsleven ook gaat.
Een hoge mate van zelfstandigheid wordt van de leerlingen gevraagd. Hierin worden ze, met name aan het begin van hun opleiding in de gekozen vakrichting, intensief begeleid. Leerlingen krijgen taken toebedeeld zoals
planner, magazijnmeester en zelfs toezichthouder. De
docent heeft meer de functie van begeleider.
Alle leerlingen die techniek modules volgen, krijgen een
cursus basisveiligheid (VCA). Deze cursus kan afgesloten worden met een examen.
Gereedschap
In de afdelingen bouwtechniek en metalektro werken de
leerlingen met eigen gereedschap. De mogelijkheid bestaat om een pakket gereedschap via school aan te
schaffen. In de afdeling bouwtechniek wordt door de
leerlingen zelf een gereedschapskist gemaakt. De materiaalkosten hiervoor worden in rekening gebracht.
51
16
Lessentabellen vmbo
“Een succesvolle
leerloopbaan voor ieder kind”
LESSENTABELLEN 2014/2015
versie 070414
vak
godsdienst
Nederlands
Engels
Lwoo1
1
1
3
3
lwoo1
2
1
4
3
lwoo2
1
1
3
3
Duits
Frans
aardrijkskunde
geschiedenis
mens en maatschappij
2
2
wiskunde
rekenen
wiskunde / rekenen
3
3
2
1
2
2
verzorging
5
5
5
muziek
handenarbeid
tekenen
mentorles/studieles
2
2
1
2
3
1
1
2
2
1
3
1
3
1
32
32
2
2
Groeps RT
TOTAAL
3
1
4
4
0,5
2
2
2
2
2
2
3
2
2
2
2
2
2
mavo
2
1
4
3
2
2
2
2
2
2
2
2
2
2
2
2
3
2
2
2
2
2
2
2
3
1
5
32
3
1
3
32
3
1
3
1
3
1
2
3
1
32
32
32
32
beeldende vorming
lichamelijke oefening
mavo
1
1
4
4
2
economie
informatiekunde
1
2
2
2
2
techniek
5
2
2
2
natuur- en scheikunde
nask/techniek
T
2
1
4
3
2
2
2
2
3
biologie
biologie/verzorging
LESSENTABEL VMBO + LWOO – onderbouw
lwoo2
lwoo2
P
P
T
2
3
1
2
1
1
1
1
1
1
3
4
4
4
4
3
3
3
3
3
2
2
2
1
2
2
1
2
3
2
3
3
3
3
1
1
1
1
1
2
1
1
1
1
1
1
2
3
1
4
1
2
1
32
32
32,5
1
vak
godsdienst
Nederlands
LWT
3
LWT
4
1
4
1
4
LESSENTABEL VMBO + LWOO – bovenbouw
P3
P4
T3
T4
mavo 3
1
3
3
3
1
3 | 0v
(3k) | 3v
3k2 | 3v
1
3k2 | 0v
(3k) | 3v
3k3
1
3k3
3k3
4k3
1
4k3
4k3
1
3
3
3
3
2
2
3
0,5
2
3
3
3k2 | 0v
3
4
2
2
2
Engels
1
3
3
Duits
1
5
4
3k3
1
3
3
4k3
Frans
*
geschiedenis
aardrijkskunde
wiskunde
2
rekenen
2
biologie
nask-1
mavo 4
(incl. lwoo2 (incl. lwoo2
groep 4)
groep 5)
nask-2
economie
1
3
3
3k
2k
4k
3
4k
4k
4k
4k
informatiekunde
maatschappijleer 1
1
1
2
2
beeldende vorming
ckv
isp
stage-(voorbereiding)
lichamelijke oefening
1
12
9
2
12
8
2
32
30
1
12
12
1
4
4*
1
2
2
2
2
32 (35)
30 (33)
32
30
mentorles/studieles/ict
TOTAAL
v
k
k3
k2
*
2
1
32,5
2
1
30
= voertuigentechniek
= keuzevak
= keuze van drie vakken
= keuze van twee vakken
= voor havo-doorstroom 4 geschiedenis i.p.v. 4 isp.
2