berekening van de nettomaandwedde van een contractueel

BEREKENING VAN DE NETTOMAANDWEDDE
VAN EEN CONTRACTUEEL PERSONEELSLID
Bijwerking van 21.02.2014
FOD FINANCIEN – THESAURIE
DIENST BETALINGEN - WEDDEN
KUNSTLAAN 30
1040 BRUSSEL
www.wedden.fgov.be
INHOUDSTAFEL
Inhoudstafel ...................................................................................................... 2
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid...................................... 3
Brutomaandwedde ............................................................................................. 4
Voorbeelden: berekening butomaandwedde bij volledige prestaties ................... 6
Voorbeelden: berekening brutomaandwedde bij afwezigheden van korte duur ... 7
Voorbeelden: berekening brutomaandwedde bij verminderde prestaties ............ 9
Voorbeelden: berekening brutomaanwedde bij een combinatie van
verminderde prestaties + afwezigheden van korte duur ................................. 11
Bijdrage R.S.Z.................................................................................................. 14
Haard- of standplaatstoelage ............................................................................ 17
Belastbare toelagen.......................................................................................... 20
Totaal belastbaar bedrag .................................................................................. 21
Bedrijfsvoorheffing ........................................................................................... 22
Bijzondere bijdrage sociale zekerheid ................................................................. 23
Voorbeelden: berekening Bijzondere bijdrage sociale zekerheid ...................... 24
Niet-belastbare vergoedingen............................................................................ 25
Niet-belastbare inhoudingen ............................................................................. 26
Nettomaandwedde = betaald bedrag ................................................................. 27
Verjaringsregels herberekeningen wedde, toelagen en vergoedingen
contractuelen................................................................................................... 28
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
3
BEREKENING NETTOMAANDWEDDE CONTRACTUEEL
PERSONEELSLID
Schema
+
+
-
brutomaandwedde
haard- of standplaatstoelage
belastbare toelagen
bijdrage R.S.Z.
=
totaal belastbaar bedrag
+
-
bedrijfsvoorheffing
bijzondere bijdrage sociale zekerheid
niet-belastbare vergoedingen
niet-belastbare inhoudingen
=
=
nettomaandwedde
betaald bedrag
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
4
BRUTOMAANDWEDDE
Algemene formule voor de berekening van de brutomaandwedde:
jaarwedde ( + weddecompl ement ) x index x prestaties
12
¾ De jaarwedde is afhankelijk van:
ƒ de weddeschaal
Er zijn 2 soorten weddeschalen:
① de weddeschalen verbonden aan de graden die gemeenschappelijk zijn
voor de verschillende overheidsdiensten (gemene graden)
② de weddeschalen verbonden aan graden die specifiek zijn voor bepaalde
departementen /instellingen (bijzondere graden)
ƒ de weddeanciënniteit
Iemands geldelijke anciënniteit wordt, behoudens uitzonderingen, bepaald
door de werkelijke diensten die betrokkene verricht(te).
Uitzonderingen: sommige werkelijk verrichte diensten worden maar
gedeeltelijk (bv. bij overgang niveau) of helemaal niet (leeftijdsklassen)
in aanmerking genomen.
¾ Een weddecomplement is een bijkomend jaarbedrag.
Het weddecomplement wordt bij de jaarwedde gevoegd om de
brutomaandwedde te berekenen.
Bepaalde graden bij enkele departementen hebben recht op een
weddecomplement.
Ook personeelsleden die werken in het stelsel van de vrijwillige 4-dagenweek
hebben recht op een weddecomplement (jaarbedrag = € 841,68).
Er wordt rekening gehouden met bepaalde weddecomplementen bij de
berekening van het pensioenbedrag (opsomming van deze weddecomplementen
in de Wet van 25 januari 1999 of indien het weddecomplement “inherent is aan
het ambt”).
Het weddecomplement van de vrijwillige 4-dagenweek wordt niet in aanmerking
genomen bij de berekening van het pensioenbedrag.
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
5
¾ De index is de verhogingscoëfficiënt die o.a. gebruikt wordt voor de berekening
van de brutomaandwedde.
Overzicht indexcoëfficiënten
Geldig vanaf
Index
01/03/2002
1,2936
01/07/2003
1,3195
01/11/2004
1,3459
01/09/2005
1,3728
01/11/2006
1,4002
01/02/2008
1,4282
01/06/2008
1,4568
01/10/2008
1,4859
01/10/2010
1,5157
01/06/2011
1,5460
01/03/2012
1,5769
01/01/2013
1,6084
Elke aanpassing van de index heeft een verhoging van de brutomaandwedde met
2% tot gevolg.
¾ Prestaties:
™ Volledige prestaties: zie voorbeeld pagina 6
™ Onvolledige prestaties: de verschillende formules voor de bepaling van de
prestaties worden bij de voorbeelden uitgelegd.
ƒ
afwezigheden van korte duur: zie voorbeelden pagina 7
ƒ
verminderde prestaties: zie voorbeelden pagina 9
ƒ
combinatie van verminderde prestaties + afwezigheden van korte duur: zie
voorbeelden pagina 11
Het resultaat van de berekening van de brutomaandwedde wordt niet afgerond
d.w.z. alle cijfers na het 2de decimaal vallen weg.
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
6
Voorbeelden: berekening brutomaandwedde bij
volledige prestaties
Voorbeeld 1 (oktober 2005)
Een contractueel personeelslid heeft een jaarwedde van € 15 175,63 en werkt
voltijds.
Berekening brutomaandwedde oktober 2005:
jaarwedde x index x prestaties
12
=
€ 15 175,63 x 1,3728 x 100%
= € 1 736,09
12
Voorbeeld 2 (januari 2007)
Een contractueel personeelslid heeft een jaarwedde van € 35 683,60 en een
weddecomplement van € 4 005,97. Hij werkt voltijds.
Berekening brutomaandwedde januari 2007:
( jaarwedde + weddecompl ement ) x index x prestaties
12
=
(€ 35 683,60 + € 4 005,97) x 1,4002 x 100%
= € 4 631,11
12
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
7
Voorbeelden: berekening brutomaandwedde bij
afwezigheden van korte duur
Afwezigheden van korte duur zijn niet-bezoldigde afwezigheden waarvan de duur
beperkt is in de tijd (van enkele uren tot enkele weken, minder dan 1 maand).
Voorbeelden: X verlof dwingende redenen van familiaal belang
X staking
X ongewettigde afwezigheid
X vaderschapsverlof contractuelen
Bij afwezigheden van korte duur worden de prestaties in werkdagen
berekend.
Werkdag: alle dagen behalve zaterdag en zondag; ook de feestdagen worden
beschouwd als werkdagen indien ze niet op zaterdag of zondag vallen.
Formule voor de bepaling van de prestaties:
aantal gepresteerde werkdagen in de maand
aantal te presteren werkdagen volledige maand
Het berekeningsprogramma voor de wedde berekent op basis van deze breuk een te
betalen coëfficiënt in 5 posities (bv. 19/23 = 0,82608). Deze omzetting kan een
verschil van enkele eurocent in het resultaat van de berekening van de
brutomaandwedde tot gevolg hebben.
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
8
Voorbeeld 1 (februari 2007)
Een contractueel personeelslid heeft een jaarwedde van € 15 075,63. Hij heeft 4
werkdagen verlof zonder wedde op 7, 14, 21 en 28 februari 2007.
Omdat februari 2007 20 werkdagen telt, heeft het personeelslid in februari 16/20
gewerkt.
M
D
W
D
V
Za
Zo
1
2
3
4
FEBRUARI 2007
5
12
6
13
7
14
8
15
9
16
10
17
11
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
werkdagen
Afwezig wegens
verlof zonder wedde
Berekening brutomaandwedde februari 2007:
€ 15 075,63 x 1,4002 x 16 / 20
= € 1 407,25
12
Voorbeeld 2 (januari 2007)
Een contractueel personeelslid heeft een jaarwedde van € 15 075,63. Hij staakt 4
werkdagen in januari 2007 : 4, 11, 18, en 25 januari 2007.
Omdat januari 2007 23 werkdagen telt, heeft het personeelslid in januari 19/23
gewerkt.
werkdagen
Afwezig wegens
staking
M
D
W
D
V
Za
Zo
1
2
3
4
5
6
7
JANUARI
8
9
10
11
12
13
14
2007
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
Berekening brutomaandwedde januari 2007:
€ 15 075,63 x 1,4002 x 19/23
= € 1 453,14
12
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
9
Voorbeelden: berekening brutomaandwedde bij
verminderde prestaties
Bij verminderde prestaties wordt de brutomaandwedde vermenigvuldigd met het te
betalen percentage van de verminderde prestaties.
Het aantal “werkelijk” gepresteerde werkdagen is niet belangrijk.
Voorbeeld 1 (januari 2007)
Een contractueel personeelslid heeft een jaarwedde van € 15 075,63. Hij werkt in het
stelsel van loopbaanonderbreking 50%.
Berekening brutomaandwedde januari 2007:
€ 15 075,63 x 1,4002 x 50%
= € 879,53
12
Voorbeeld 2 (september 2005)
Een contractueel personeelslid heeft een jaarwedde van € 15 075,63.
Hij werkt in het stelsel van de vrijwillige 4-dagenweek en heeft dus recht op een
weddecomplement van € 841,68.
De brutomaandwedde van september 2005 wordt in 3 stappen berekend:
1. Berekening brutomaandwedde zonder weddecomplement:
€ 15 075,63 x 1,3728 x 80%
= € 1 379,72
12
2. Berekening weddecomplement:
€ 841,68 x 1,3728
= € 96,28
12
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
10
3. De brutomaandwedde is de som van beide bedragen :
€ 1379,72 + € 96,28 = € 1 476,00
Opmerking: als een contractueel personeelslid geen volledige maand verminderde
prestaties uitoefent, wordt de brutomaandwedde berekend op basis van het
werkelijke aantal gewerkte werkdagen voor die maand.
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
11
Voorbeelden: berekening brutomaandwedde bij een
combinatie van verminderde prestaties +
afwezigheden van korte duur
Bij een combinatie van verminderde prestaties en een afwezigheid van korte duur
wordt er zowel rekening gehouden met het percentage van de verminderde
prestaties als met de gewerkte werkdagen.
Werkdag: alle dagen behalve zaterdag en zondag; ook de feestdagen worden
beschouwd als werkdagen indien ze niet op zaterdag of zondag vallen.
Formule bepaling prestaties:
percentage x
aantal gepresteerde werkdagen in de maand
aantal werkdagen volledige maand - aantal niet te
presteren werkdagen wegens verminderde prestaties
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
12
Voorbeeld 1 (februari 2007)
Een contractueel personeelslid heeft een jaarwedde van € 15 075,65. Hij werkt in het
stelsel van loopbaanonderbreking 50%. Bijkomend neemt hij 4 dagen verlof
zonder wedde op 2, 9, 16 en 23 februari 2007.
Betrokkene oefent zijn verminderde prestaties uit met volgende 2-wekelijkse
werkkalender:
X Week 1: werkt niet op maandag, dinsdag en woensdag
X Week 2: werkt niet op maandag en dinsdag
FEBRUARI 2007
afwezig wegens
verminderde prestaties
afwezig wegens
verlof zonder wedde
M
D
W
D
V
Za
Zo
week 2
week 1
week 2
week 1
week 2
12
13
14
15
16
17
17
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
Berekening van de prestaties voor februari 2007:
50% x
6
10
Waarbij ► 50% = het percentage van de verminderde prestaties
►6
= het aantal gepresteerde werkdagen voor de maand
► 10
= 20 – 10
= het totale aantal werkdagen van de maand - het aantal niet te
presteren werkdagen wegens verminderde prestaties
Berekening brutomaandwedde februari 2007:
€ 15 075,65 x 1,4002 x 50% x 6/10
= € 527,72
12
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
13
Voorbeeld 2 (augustus 2006)
Een contractueel personeelslid heeft een jaarwedde van € 15 075,65.
Hij werkt in het stelsel van loopbaanonderbreking 50%. Bijkomend heeft hij
4 werkdagen gestaakt op 4, 11, 18 en 25 augustus 2006.
Betrokkene oefent zijn verminderde prestaties uit met volgende 2-wekelijkse
werkkalender:
X Week 1: werkt niet op maandag, dinsdag en woensdag
X Week 2: werkt niet op maandag en dinsdag
AUGUSTUS 2006
M
D
W
D
V
Za
Zo
week 2
week 1
week 2
week 1
week 2
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
afwezig wegens
verminderde prestaties
werkdagen
Afwezig wegens
staking
Berekening van de prestaties voor augustus 2006:
50% x
8
12
Waarbij ► 50% = het percentage van de verminderde prestaties
►8
= het aantal gepresteerde werkdagen van de maand
► 12
= 23 – 11
= het totale aantal werkdagen van de maand – het aantal niet te
presteren werkdagen wegens verminderde prestaties
Berekening brutomaandwedde augustus 2006:
€ 15 075,65 x 1,3728 x 50% x 8/12
= € 574,88
12
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
14
BIJDRAGE R.S.Z.
R.S.Z. is de afkorting van Rijksdienst voor Sociale Zekerheid.
De bijdrage R.S.Z. is een sociale zekerheidsbijdrage die gestort wordt aan de
Rijksdienst voor Sociale Zekerheid. Verschillende sectoren ontvangen een gedeelte
van de bijdrage R.S.Z.
Er zijn 3 grote categorieën contractuele personeelsleden, met elk een eigen
percentage bijdrage R.S.Z.
Personeelscategorie
Percentage bijdrage R.S.Z.
gewone contractuele personeelsleden
13,07 %
gesubsidieerde contractuelen
13,07 %
studenten
2,71 % of 13,07 %
Berekening:
Bijdrage R.S.Z. = 13,07 % of 2,71 % van het bruto onderworpen
R.S.Z.
Bruto onderworpen R.S.Z. =
Brutomaandwedde
+ haard- en standplaatstoelage
+ alle toelagen
De bijdrage R.S.Z. wordt afgerond, d.w.z.
¾ indien het 3de decimaal ≥ 5 is => afronding naar boven
¾ indien het 3de decimaal < 5 is => alles na het 2de decimaal valt weg
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
15
De verschillende sectoren die een bepaald percentage ontvangen van de
bijdrage R.S.Z.
Contractuelen en gesubsidieerde contractuelen
Gezondheidszorgen
3,55 %
Invaliditeitsuitkeringen
1,15 %
Werkloosheid
0,87%
Pensioen
7,50 %
Totaal
13,07 %
Studenten
Studenten ≤ 50 dagen
2,71 %
Studenten > 50 dagen
13,07 %
Totaal
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
2,71 % of 13,07 %
16
Voorbeeld 1:
Een gewoon contractueel personeelslid heeft een brutomaandwedde van € 1 129,70
en een haardtoelage van € 57,34.
Het bruto onderworpen R.S.Z. is dan € 1 129,70 + € 57,34 = € 1 187,04
Berekening bijdrage R.S.Z.:
€ 1 187,04 x 13,07 % = € 155,15
Voorbeeld 2:
Een jobstudent heeft in februari 2012 een brutomaandwedde van € 835,24 en een
standplaatstoelage van € 21,06.
Het bruto onderworpen R.S.Z. is dan € 835,24 + € 21,06 = € 856,30
Berekening bijdrage R.S.Z.:
€ 856,30 x 2,71 % = € 23,20
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
17
HAARD- OF STANDPLAATSTOELAGE
Algemene formule voor de berekening van het maandbedrag haard- of
standplaatstoelage:
Haard- of standplaatstoelage =
jaarbedrag haard - of standplaatstoelage x index x prestaties
12
De haard- of standplaatstoelage wordt toegekend aan alle personeelsleden waarvan
de jaarwedde lager is dan een zeker grensbedrag.
De maximumjaarwedde die nog recht geeft op:
ƒ
Haardtoelage = € 18 690,00
ƒ
Standplaatstoelage = € 18 510,00
Deze toelage wordt kleiner naarmate de wedde groter wordt.
Wanneer wordt wat betaald?
ƒ
Een haardtoelage wordt toegekend aan:
1. Gehuwde of samenlevende contractuele personeelsleden. Ze
mag niet worden toegekend aan beide leden van een koppel.
Eventueel moeten de partners kiezen wie de haardtoelage en
wie de standplaatstoelage zal ontvangen.
2. Alleenstaande contractuele personeelsleden die een gezin
vormen met kinderen die recht geven op kinderbijslag.
ƒ
Een standplaatstoelage wordt toegekend als het personeelslid geen
haardtoelage krijgt.
Het resultaat van de berekening van het maandbedrag van de haard- of
standplaatstoelage wordt niet afgerond d.w.z. alle cijfers na het 2de decimaal vallen
weg.
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
18
Hoe wordt het jaarbedrag haard- of standplaatstoelage berekend?
Jaarwedde
1
HAARDTOELAGE
Jaarbedrag haardtoelage
< 16 100,00
≥ 16 100,00 en ≤ 16 460,00
> 16 460,00 en < 18 330,00
≥ 18 330,00 en ≤ 18 690,00
> 18 690,00
Jaarwedde 1
maximumbedrag: 720,00
eerste reeks degressieven 2:
helft maximumbedrag: 360,00
tweede reeks degressieven 2:
0
STANDPLAATSTOELAGE
Jaarbedrag standplaatstoelage
< 16 100,00
≥ 16 100,00 en 16 280,00
> 16 280,00 en < 18 330,00
≥ 18 330,00 en ≤ 18 510,00
> 18 510,00
maximum bedrag: 360,00
eerste reeks degressieven 2:
helft maximumbedrag: 180,00
tweede reeks degressieven 2:
0
1
Opgelet: er wordt rekening gehouden met weddecomplementen (ook met het weddecomplement van de
vrijwillige 4-dagenweek!) om het jaarbedrag haard- of standplaatstoelage te bepalen.
2
“Degressief” wil zeggen dat het toegekende jaarbedrag haard- of standplaatstoelage geleidelijk kleiner wordt
naarmate de wedde groter wordt.
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
19
Voorbeeld 1 (oktober 2006)
Een contractueel personeelslid is gehuwd en heeft een jaarwedde van € 15 075,63.
Hij werkt voltijds. Zijn echtgenote ontvangt standplaatstoelage.
Betrokkene heeft recht op het maximumbedrag haardtoelage namelijk € 719,89.
Berekening haardtoelage oktober 2006:
€ 719,89 x 1,3728 x 100%
= € 82,35
12
Voorbeeld 2 (november 2006)
Een contractueel personeelslid woont samen en heeft een jaarwedde van
€ 16 212,54.
Hij werkt in het stelsel loopbaanonderbreking 50%.
Zijn partner werkt in de privé-sector en ontvangt geen haardtoelage.
Betrokkene heeft recht op een haardtoelage.
Het jaarbedrag van de haardtoelage voor deze wedde is € 607,19 (eerste reeks
degressieven).
Berekening haardtoelage november 2006:
€ 607,19 x 1,4002 x 50%
= € 35,42
12
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
20
BELASTBARE TOELAGEN
Een belastbare toelage is een bedrag, waarmee rekening gehouden
wordt voor de berekening van uw totaal belastbaar. Er wordt
bedrijfsvoorheffing op ingehouden.
Er zijn 2 soorten belastbare toelagen:
indexeerbare
niet - indexeerbare
Indexeerbare belastbare toelage:
het bedrag wordt met de index
vermenigvuldigd.
Niet - indexeerbare belastbare
toelage:
het bedrag wordt niet met de index
vermenigvuldigd.
Berekening toelage:
Berekening toelage:
maandbedrag x index x prestaties*
jaarbedrag x index x prestaties*
12
Voorbeeld 1 (maart 2007)
Tweetaligheidspremie van € 12,40
(maandbedrag)
Berekening betaald bedrag maart 2007:
jaarbedrag x prestaties *
12
maandbedrag x prestaties*
Voorbeeld 3 (maart 2007)
Specificiteitstoelage van € 669,31
(jaarbedrag)
Berekening betaald bedrag maart 2007:
€ 12,40 x 1,4002 = € 17,36
€ 669,31
= € 55,77
12
Voorbeeld 2 (maart 2007)
Tweetaligheidspremie van € 12,40
Betrokkene werkt in het stelsel van
loopbaanonderbreking 50%
Berekening betaald bedrag maart 2007:
€ 12,40 x 1,4002 x 50% = € 8,68
Voorbeeld 4 (maart 2007)
Specificiteitstoelage van € 669,31
Betrokkene werkt in het stelsel van de
vrijwillige 4-dagenweek
Berekening betaald bedrag maart 2007:
€ 669,31 x 80%
= € 44,61
12
Het resultaat van de berekening van de toelage wordt niet afgerond d.w.z. alle cijfers
na het 2de decimaal vallen weg.
* Bij de berekening van de belastbare toelage wordt meestal rekening gehouden met de prestaties.
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
21
TOTAAL BELASTBAAR BEDRAG
brutomaandwedde
+ haard- of standplaatstoelage
+ belastbare toelagen
- bijdrage R.S.Z.
= totaal belastbaar bedrag
Het totaal belastbaar bedrag wordt als basis voor de berekening van de
bedrijfsvoorheffing gebruikt.
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
22
BEDRIJFSVOORHEFFING
Dit is een voorschot op uw belastingen. Hoe meer u verdient, hoe meer
bedrijfsvoorheffing er ingehouden wordt.
Bij de berekening van de bedrijfsvoorheffing wordt o.a. rekening gehouden met:
ƒ
het totaal belastbaar bedrag
ƒ
uw burgerlijke staat
ƒ
de inkomsten van uw echtgeno(o)t(e)
ƒ
het aantal kinderen die u ten laste heeft
ƒ
andere personen die u ten laste heeft (ouders, grootouders, broers, zussen…)
ƒ
extra verminderingen zoals bv. ongehuwde vader / moeder, niet–hertrouwde
weduwe / weduwnaar
Op de loonfiche 281.10, die u jaarlijks ontvangt voor het invullen van uw aangifte
voor de Directe Belastingen, wordt de bedrijfsvoorheffing vermeld in de rubriek 286.
De inhoudingen zijn vastgelegd in bedrijfsvoorheffingschalen die u op onze website
www.wedden.fgov.be bij “Publicaties” kan terugvinden.
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
23
BIJZONDERE BIJDRAGE SOCIALE ZEKERHEID
Elk personeelslid is sinds 1 april 1994 onderworpen aan deze bijdrage.
De bijzondere bijdrage wordt op de loonfiche 281.10 die u jaarlijks ontvangt voor het
invullen van uw belastingaangifte, vermeld in de rubriek 287.
De grootte van uw bijdrage hangt af van:
ƒ
uw inkomen (maandelijks bruto onderworpen R.S.Z.)
ƒ
uw burgerlijke staat
Berekening van de bijdrage:
INHOUDING BIJZONDERE BIJDRAGE VANAF 1.1.2002 (EURO)
Alleenstaand of
X = maandelijks bruto echtgeno(o)t(e)
onderworpen R.S.Z.
zonder
beroepsinkomsten
1
X < 1 095,10
2 1 095,10 ≤ X < 1 945,39
3
1 945,39 ≤ X < 2 190,19
Echtgeno(o)t(e) met
beroepsinkomsten
0
0
0
9,30
7,6% van het verschil
tussen X - 1 945,38
7,6% van het verschil
tussen X - 1 945,38
met een maximum van
18,60
met een minimum van 9,30
en een maximum van 18,60
4
2 190,19 ≤ X < 6 038,83
5
X ≥ 6 038,83
18,60 + 1,1% van het
verschil tussen
18,60 + 1,1% van het
verschil tussen
X – 2 190,18
X – 2 190,18
Met een maximum van
51,64
60,94
51,64
De Bijzondere bijdrage sociale zekerheid wordt afgerond, d.w.z.
► indien het 3de decimaal ≥ 5 is ⇒ afronding naar boven
► indien het 3de decimaal < 5 is ⇒ alles na het 2de decimaal valt weg.
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
24
Voorbeelden: berekening Bijzondere bijdrage sociale
zekerheid
Voorbeeld 1
Een contractueel personeelslid heeft een bruto onderworpen R.S.Z. van € 2 918,82
en heeft een echtgenote met beroepsinkomsten.
De berekening van de bijzondere bijdrage moet dus gebeuren volgens de formule in
rij 4 en in de kolom “Echtgeno(o)t(e) met beroepsinkomsten”.
Dus:
€ 18,60 + [1,1% x (€ 2 918,82 – € 2 190,18)]
= € 18,60 + [1,1% x € 728,64]
= € 18,60 + € 8,0150
= € 26,6150
= € 26,62
Er zal € 26,62 bijzondere bijdrage ingehouden worden.
Voorbeeld 2
Een contractueel personeelslid heeft een bruto onderworpen R.S.Z. van € 1 702,07
en heeft een echtgenote met beroepsinkomsten.
De berekening van de bijzondere bijdrage moet dus gebeuren volgens de formule in
rij 2 en kolom “Echtgeno(o)t(e) met beroepsinkomsten.
De bijzonder bijdrage is een vast bedrag nl. € 9,30
Voorbeeld 3
Een contractueel personeelslid heeft een bruto onderworpen R.S.Z. aan € 2 122,03
en heeft een echtgenote zonder beroepsinkomsten.
De berekening zal gebeuren volgens rij 3 en kolom “Alleenstaand of echtgeno(o)t(e)
zonder beroepsinkomsten”.
Dus:
(€ 2 122,03 - € 1 945,38) x 7,6%
= € 176,65 x 7,6%
= € 13,4254
= € 13,43
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
25
NIET-BELASTBARE VERGOEDINGEN
Een niet - belastbare vergoeding is een bedrag waarop geen
bedrijfsvoorheffing ingehouden wordt. Het maandbedrag van de
vergoeding is dus het bedrag dat u werkelijk ontvangt.
Er zijn 2 soorten niet–belastbare vergoedingen:
indexeerbare
Indexeerbare niet - belastbare
vergoeding:
het bedrag wordt met de index
vermenigvuldigd.
Berekening van de vergoeding:
niet - indexeerbare
Niet - indexeerbare
niet - belastbare vergoeding:
het bedrag wordt niet met de index
vermenigvuldigd.
Berekening van de vergoeding:
jaarbedrag x index x prestaties *
12
of
maandbedrag x index x prestaties*
Voorbeeld 1 (maart 2007)
Vergoeding bureaukosten:
€ 892,42 (jaarbedrag)
Berekening betaald bedrag maart 2007
€ 892,42 x 1,4002
= € 104,13
12
jaarbedrag
x prestaties*
12
of
het maandbedrag x prestaties*
Voorbeeld 3 (maart 2007)
Vergoeding onaangenaamheden van
€ 25 (maandbedrag)
Het betaald bedrag maart 2007 = € 25
Voorbeeld 2 (maart 2007)
Telefoonvergoeding:
€ 13,39 (maandbedrag)
Betrokkene werkt in het systeem van de
vrijwillige 4 dagenweek
Berekening betaald bedrag maart 2007:
€ 13,39 x 1,4002 x 80% = € 14,99
Het resultaat van de berekening van de vergoeding wordt niet afgerond d.w.z. alle
cijfers na het 2de decimaal vallen weg.
* Bij de berekening van de niet-belastbare vergoeding wordt soms rekening gehouden met de prestaties.
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
26
NIET-BELASTBARE INHOUDINGEN
Een niet - belastbare inhouding is het resultaat van een
negatieve herberekening van een vorige betaling
(wedde of kinderbijslag).
Een inhouding betekent dat er vroeger te veel wedde of
kinderbijslag werd betaald.
Wat u te veel ontvangen hebt, wordt nu in één keer of
gedurende verschillende maanden op de wedde
ingehouden.
Te veel betaalde kinderbijslag wordt op de kinderbijslag, die
nog betaald wordt, ingehouden. Pas als dit niet meer
mogelijk is (vb. er wordt geen kinderbijslag meer betaald),
wordt de schuld op de wedde ingehouden.
Verjaringregels i.v.m. negatieve herberekeningen wedde
Schuld ontstaan tijdens en in het kader van de uitvoering van de
arbeidsovereenkomst:
¾ 5 jaar te rekenen vanaf de onverschuldigde betaling
Schuld ontstaan na de beëindiging van de arbeidersovereenkomst en die
geen betrekking heeft op de uitvoering van voornoemde overeenkomst:
¾ 10 jaar te rekenen vanaf de onverschuldigde betaling
Enkel een deurwaardersexploot stuit de verjaring.
Voorbeelden zie p. 29 en 30.
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
27
NETTOMAANDWEDDE = BETAALD BEDRAG
De nettomaandwedde is het bedrag dat op de
voorlaatste werkdag van de maand betaald wordt.
Uitzondering: de wedde van december wordt op de eerste werkdag van het
volgend jaar betaald.
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
28
VERJARINGSREGELS HERBEREKENINGEN WEDDE, TOELAGEN
EN VERGOEDINGEN CONTRACTUELEN
Algemene regel: de verjaring moet altijd ingeroepen worden door
degene die er voordeel bij heeft.
De verjaring wordt nooit ambtshalve toegepast.
1. Positieve herberekeningen (betaling achterstallen)
10 jaar – te rekenen vanaf de 1ste januari van het jaar dat de schuldvordering
ontstaat.
Deze verjaring wordt onderbroken door een erkenning van de schuld of door een
deurwaardersexploot.
Voorbeeld
Een contractueel personeelslid ontdekt in september 2005 dat hij vanaf 1.7.1993
recht heeft op haardtoelage.
De personeelsdienst roept voor een gedeelte van de periode de verjaring in:
¾ Jaar van ontstaan schuldvordering = 1.7.1993 = 1993
¾ 10 jaar te tellen vanaf 1.1.1993
¾ Achterstallen voor
y 1993 mogen betaald worden t.e.m. 31.12.2002
y 1994 mogen betaald worden t.e.m. 31.12.2003
y 1995 mogen betaald worden t.e.m. 31.12.2004
y 1996 mogen betaald worden t.e.m. 31.12.2005
¾ In 2005 mogen achterstallen vanaf 1.1.1996 uitbetaald worden.
¾ Achterstallen vóór 1.1.1996 zijn verjaard: er zullen geen achterstallen
uitbetaald worden voor de periode van 1.7.1993 t.e.m. 31.12.1995
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
29
2. Negatieve herberekeningen (inhoudingen)
X Schuld ontstaan tijdens en in het kader van de uitvoering van de
arbeidsovereenkomst.
¾ 5 jaar te rekenen vanaf de onverschuldigde betaling
Opgelet: de termijn van 1 jaar na het beëindigen van de
arbeidersovereenkomst mag nooit overschreden worden
Voorbeeld 1:
Een personeelsdienst ontdekt in september 2005 dat een ziekteverlof (geen recht op
wedde – te betalen door de mutualiteit) voor maart 2000 niet doorgegeven werd aan
de C.D.V.U..
Betrokken personeelslid is nog steeds in dienst.
In extremis wordt dit ziekteverlof doorgegeven aan de C.D.V.U., die de negatieve
herberekening doet.
Betrokken personeelslid kan de verjaring inroepen:
¾ Betaling wedde maart 2000: 31 maart 2000
¾ 5 jaar te rekenen vanaf 31 maart 2000
¾ Op 1 april 2005 verjaart de betaling uitgevoerd op 31 maart 2000
¾ Betrokken personeelslid roept effectief de verjaring in en moet niet
terugbetalen.
Voorbeeld 2:
Een personeelsdienst ontdekt in september 2005 dat een verlof dwingende redenen
voor juli 2004 niet doorgegeven werd aan de C.D.V.U..
Het contract van betrokken personeelslid liep af op 31 augustus 2004.
In extremis wordt het verlof dwingende redenen doorgegeven aan de C.D.V.U., die
de negatieve herberekening doet.
Betrokken personeelslid kan de verjaring inroepen:
¾ Betaling wedde juli 2004: 29 juli 2004
¾ Betrokkene is vanaf 1 september 2004 niet meer in dienst => op 1 september
2005 verjaren alle onverschuldigde betalingen die gedaan werden tijdens en in
uitvoering van het arbeidscontract.
¾ Betrokken personeelslid roept effectief de verjaring in en moet niet
terugbetalen.
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
30
X Schuld ontstaan na de beëindiging van de arbeidersovereenkomst en die geen
betrekking heeft op de uitvoering van voornoemde overeenkomst.
¾ 10 jaar te rekenen vanaf de onverschuldigde betaling
Voorbeeld:
Een contractueel personeelslid heeft een contract t.e.m. 30 juni 2005. De CDVU
wordt pas in september 2005 op de hoogte gebracht van het einde van het contract:
de wedde van juli en augustus 2005 worden nog ten onrechte uitbetaald.
¾ De wedde van juli 2005 werd betaald op 28 juli 2005.
¾ De wedde van augustus 2005 werd betaald op 30 augustus 2005.
¾ De CDVU heeft 10 jaar om de onverschuldigde betaling terug te vorderen.
•
wedde juli 2005: verjaart op 28 juli 2015
•
wedde augustus 2005 : verjaart op 30 augustus 2015
¾ Betrokkene kan de verjaring voorlopig niet inroepen.
Enkel een deurwaardersexploot stuit de verjaring.
Berekening nettomaandwedde contractueel personeelslid 220022014
31