Oud-IJsselmonde, de plek waar het begon

Oud-IJsselmonde
De wijk Oud-IJsselmonde wordt begrensd door de Nieuwe Maas in het noorden, de
autosnelweg A16 in het zuidwesten en de wijk Beverwaard in het oosten.
In Oud-IJsselmonde is het allemaal begonnen. Van het oude dijkdorp zijn in de 20e eeuw vele
kenmerkende elementen verdwenen. Het kasteel werd afgebroken na een conflict tussen de
eigenaar en het toenmalige gemeentebestuur.
De bouw van de eerste en de tweede Van Brienenoordbrug, de ophoging van de Oostdijk naar
Deltahoogte en stadsuitleg zijn ten koste gegaan van een groot aantal woningen, winkels, de
korenmolen, de watertoren en een aantal grote boerderijen. Met de aanleg van de Tweede Van
Brienenoordbrug is er ook een einde gekomen aan de veerpont van het IJsselmondse hoofd
naar het Kralingse Veer.
Maar wat resteert van het oude dorp is toch uniek voor Rotterdam. Oud-IJsselmonde is de enige
bewaarde dorpskern met de typisch ruimtelijke structuur van een Boven- en Benedenstraat.
Daarbij zijn er de laatste decennia ook positieve ontwikkelingen te zien met de succesvolle
restauraties aan de Adriaen Janszkerk, de verbouwing van het Koetshuis, en fraaie nieuwbouw in de
stijl van "vroeger" aan de Bovenstraat. Al met al behoudt het dorp z'n aantrekkelijke karakter.
Islemunda
De naam Islemunda verschijnt voor het eerst in de
geschiedenis in 1072 in verband met de bouw van
het eerste slot door de Utrechtse bisschop Willem
van Gelder. Van dit slot is nu niets meer terug te
vinden. Rond 1300 komt Diederik, pastoor van
IJsselmonde in beeld. Dit houdt in dat er een
parochie of op zijn minst een kerkje was in deze tijd.
De opkomst van IJsselmonde als dorpsgemeenschap is rond 1450. Tot die tijd was IJsselmonde een
vrij onbelangrijk aanhangsel van Kralingen. Na die tijd
spreken we van de ambachtsheerlijkheid
IJsselmonde. De ambachtsheer was een door graaf,
kerk of leenheer aangesteld persoon en had de
bevoegdheid bepaalde privileges uit te oefenen over
de bevolking zoals rechtspraak en belastingheffing.
1
Adriaen Janszkerk
De kerk is van grote invloed geweest op de geschiedenis van IJsselmonde. Adriaen Jansz. van
Berckenwoude luidt voor IJsselmonde een nieuw tijdperk in. Nadat hij demonstratief brak met de
katholieke leer en op de manier van de Hervormden ging preken, werd hij in 1570 het slachtoffer van
de gevreesde hertog van Alva. De wurging en verbranding van Adriaen Jansz. betekende voor de
katholieke kerk het verlies van de IJsselmondse parochie. Na de reformatie is IJsselmonde
overwegend protestants geworden.
Deze oude kerk is rond 1447 gebouwd, vlak na
de laatste dijkdoorbraak. In 1462 werd de kerk
tot Katholieke parochiekerk verheven en gewijd
aan Maria Visitatio. Rond 1500 werden er twee
kleine transepten tegen het schip geplaatst.
Circa 50 jaar later werd het oude schip gesloopt
en vervangen door het huidige veel grotere
driebeukige schip met pilaren en houten
tongewelven.
In 1566 breekt pastoor Adriaen Janszoon van
Berckenwoude met de katholieke traditie. Zijn
terechtstelling in 1570 door de hertog van Alva
leidt er toe dat zijn naam wordt verbonden aan
de kerk in (Oud-) IJsselmonde.
Gemeente IJsselmonde
De bevolking van IJsselmonde telde in 1778 zo’n 1000
zielen die werden bestuurd door een eigen raad. Deze
raad mocht onder andere beslissen over de
brandweer, het onderwijs, de politie, verbetering van
wegen en het organiseren van de jaarlijkse
paardenmarkt.
De gemeente IJsselmonde, grotendeels gevormd door
Oud-IJsselmonde en de lintbebouwing langs de dijken,
verloor in 1941 z’n zelfstandigheid toen het werd
geannexeerd door Rotterdam.
Van dorp naar stad
In de vijftiger jaren was Oud-IJsselmonde
een overzichtelijke dorpse omgeving met
alleen een Boven- en Benedenstraat,
Oostdijk en Benedenrijweg, Koninginneweg met zijstraten, C.D.Tuinenburgstraat,
Kerkedijk, Hordijk, Dwarsdijk en Smeetslandsedijk, Klein Zomerland, Sportdorp (en
de Put), en met ergens een stadion en een
Eiland van Brienenoord.
En dat was het dan zo ongeveer. Dus nog
geen wijken als Zomerland, Tuinenhoven,
Groenenhagen, Reijeroord, Hordijkerveld,
Kreekhuizen en Beverwaard.
2
Vanuit de slaapkamer op de hoek C.D.Tuinenburgstraat/ Dirk de Lijsterstraat, keek je over de akkers
naar Rijksweg 16 met in de verte het Donckse Bos. En vanuit de slaapkamer op de Hordijk kon je met
een verrekijker op de Dordtse Dom zien hoe laat het was.
Als wandeling werd vaak gekozen voor ‘het dorpie rond’. Dat wilde zeggen: vanaf de Koninginneweg
bij bakkerij Vlot de hol op, dan de hele Bovenstraat af tot aan garage Hoogenboom op de hoek van de
Bovenstraat en de Burgemeester van Slijpelaan en dan weer terug via de Benedenstraat. Soms deed
je onderweg het IJsselmondse Hoofd aan om naar de schepen op de rivier te kijken en liep je door
een parkje waar het monument voor gevallenen stond weer terug.
Voor amper 5000 inwoners
Je kwam in die tijd nog een fors aantal winkels
en bedrijven tegen tijdens die wandeling.
Minstens drie kruideniers, groentezaken en
bakkerijen, twee sigarenzaken, manufacturenen stoffenzaken, kappers, fietsenwinkels en
boekhandels. Een slijterij, lampenzaak,
juwelier, fotozaak, en winkels voor gereedschappen, hengelsportartikelen, huishoudartikelen en speelgoed, een winkel met zuivelproducten, een apotheek, drogist en een
schoenenzaak. En er was een echte patatkraam waar je ook vis kon kopen. En dan
waren er ook nog de winkels langs de overige
straten en dijken.
Bedrijvigheid was er ook volop. Naast de talloze boeren en tuinders waren er smederijen,
garagebedrijven, scheepswerven en scheepsreparatiebedrijven, timmerwerkplaatsen en houthandels.
En….er was een heuse zuivelfabriek: Sterovita. En er kwam toen nog van alles langs de deur:
melkboer, boter- en kaasboer, groenteboer, kruidenier, bakker, schillenboer, scharensliep,
voddenman, kolenboer, olieman en nog iemand die oud ijzer op kwam halen.
En dat alles voor amper vijfduizend inwoners!
3
Verenigingsleven, kerk en school
Wat ook overzichtelijk was, maar niettemin zeer intensief, was het verenigingsleven. Het
maatschappelijk middenveld, zoals dat tegenwoordig heet, was enorm belangrijk. Kerk en school
speelden daarbij een rol van betekenis.
Op zondagmorgen toog men massaal ter kerke: de dorpskerk voor de Nederlands Hervormden, de
Zomerlandkerk werd bezocht door de gereformeerden, naar het Graze Weitje gingen de leden van de
Gereformeerde Gemeente en de Kruisherenstraat werd bevolkt door de rooms-katholieken.
De diverse denominaties hadden natuurlijk allemaal hun eigen lagere school: naar de
’Wilhelmina’ gingen de hervormde kinderen, hun gereformeerde dorpsgenootjes moesten naar de
‘Rehoboth’, ’Mr.Baars’ was voor de katholieken bestemd en ‘Theo Thijssen’ de openbare lagere
school. Ook dat was overzichtelijk.
Voor muziekliefhebbers was er onder andere het Christelijk Fanfarekorps en voor de dierenliefhebbers
de pluimvee- en konijnenfokvereniging ‘Onderling Belang’.
Je kon lid worden van de padvinderij, de speeltuinvereniging en van diverse sportverenigingen,
bijvoorbeeld om te voetballen, te turnen of te wandelen.
Jaarlijkse hoogtepunten op het dorp waren
natuurlijk de viering van koninginnedag,
met tal van activiteiten en optochten,
georganiseerd door de Oranjevereniging.
4
Heistellingen
Begin jaren zestig werd het geluid van heistellingen een
dagelijks wederkerend fenomeen, ook in Oud-IJsselmonde.
De woningbouwvereniging IJsselmonde realiseerde in no
time een nieuwe wijk: de Sagenbuurt of 301 woningen met
mooie namen als Vier Heemskinderenstraat en Percevalweg, en nieuwe woningen aan de Cranendonckweg en de
Kasteelweg. Er kwam aldus meer woonruimte voor de
autochtone bevolking, maar van buiten kwamen ook de
eerste nieuwkomers. Nog een nieuwe wijk, het Zomerland,
werd uit de grond gestampt en het Sportdorp werd
uitgebreid. Veranderingen alom dus, terwijl elders in het
gebied gronden bouwrijp werden gemaakt voor nog veel
meer nieuwe uitbreidingen.
De bouw van de Van Brienenoordbrug bracht grote
veranderingen met zich mee. De impact van al die
veranderingen op het dorp en het dorpsbeeld was enorm.
De weilanden veranderden eerst in een heel groot meer dat
vervolgens werd opgespoten met zand. Het prachtige
weidegebied tussen de Koninginneweg en de Bovenstraat
veranderde in een ‘pierenpot’ van wegen en aan diezelfde
Koninginneweg en Bovenstraat moesten woningen en
bedrijven verdwijnen. Kortom: einde dorp.
Niet alleen de bouw van de Van Brienenoordbrug
zette IJsselmonde op zijn kop. Ook de komst van
al die nieuwe woonwijken had grote gevolgen.
Schoolgebouwen schoten als paddestoelen uit de
grond, er kwamen kerkgebouwen, een sporthal
en een zwembad bij en het verenigingsleven
bloeide als nooit tevoren. En wie kwamen er zoal
naar IJsselmonde toe? Nou van alles wat.
Mensen van de eilanden die in de haven werk
hadden gevonden en mensen uit de stad die
eindelijk huisvesting gevonden hadden en blij
waren met een woning ‘op Zuid’. Over
nieuwkomers gesproken!
Restanten van het kasteel van Bichon werden blootgelegd alvorens de Willem van Gelderstraat werd
aangelegd. Dat leverde een boeiende blik op in een stukje verleden.
Een verleden waarvan na ingebruikname begin 1965 van de Van Brienenoordbrug niet veel meer over
was.
5
Nog meer veranderingen
Aan het eind van die zestiger jaren kondigen zich echter nog meer veranderingen aan.
Omdat het water van de Maas in 1953 ‘bekant’ over de dijk was gelopen besloot het Waterschap, op
basis van de nieuwe Deltawet, alle dijken rondom het gehele eiland IJsselmonde op te hogen en te
versterken. Gevolg? Niet alleen moesten er veel huizen langs de Oostdijk en de Benedenrijweg
verdwijnen, ook de Watertoren moest als gevolg daarvan worden gesloopt. Een nieuwe aantasting
van het dorp dus.
Ook ontstond er een discussie over het laatste stukje groen, het gebied tussen Oud-IJsselmonde en
Bolnes. De vraag was: komt daar een haven - vanwege de vorm van het gebied de Puntzakhaven
genoemd - of een nieuwe woonwijk?
Wie dus dacht dat aan het eind van die woelige jaren zestig de veranderingen voltooid waren, had het
mis…. Alsof de komst van de Van Brienenoordbrug en de verstedelijking nog niet genoeg waren,
werden de voorbereidingen voor de bouw van de Beverwaard in gang gezet. Ook de uitvoering van
het Deltaplan werd voortvarend ter hand genomen. Wat de gemoederen opnieuw bezig ging houden
was de Van Brienenoordbrug. Er moest namelijk een tweede brug komen om het vele verkeer aan te
kunnen.
Opnieuw onrust dus, want de consequentie was natuurlijk verdere sloop van huizen wegens de
verbreding van de toevoerwegen en dus… een verdere aantasting van het dorp, of van wat daar nog
van over was…
Paardenmarkt en peperkoek
Was het alleen maar kommer en kwel in het oude dorp na de ‘goede oude tijd´? In ieder geval keerde
er in 1978 weer een oude traduiotie terug in het dorp. De Paardenmarkt, die elk jaar op de laatste
woensdag van juni wordt gehouden. Voor de autochtone inwoner betekende dit tevens de terugkeer
van de perpekoek, onlosmakelijk verbonden met de paardenmarkt, en de paarden en pony’s!
Naar die dag kijken velen altijd weer reikhalzend uit, want het is niet alleen een gezellige marktdag,
maar ook een reünie. In en rond de Gouden Leeuw, in en rond de Adriaen verzamelen zich de
IJsselmondenaren van ‘toen’ die herinneringen ophalen aan vervlogen tijden. Toen Oud-IJsselmonde
nog een dorp aan de rivier was, ver weg van de grote stad.
6