DE NATUURKARAVAAN

DE NATUURKARAVAAN
In gesprek met inspirerende initiatieven uit de samenleving
NATUUR DOOR DE SAMENLEVING
De natuurkaravaan trok van 26 februari tot en met 10 maart
2014 langs initiatieven en initiatiefnemers op het gebied
van zorgen, ondernemen, ontspannen, leren, consumeren
en wonen in Nederland. Initiatieven die natuur benutten
en versterken. Op zes plekken sloeg de natuurkaravaan haar
tent op en organiseerde een gesprek. De serie had als doel
inspiratie te bieden en tegelijkertijd lessen te verzamelen
voor (de uitvoering van) de nieuwe Natuurvisie van het
ministerie van Economische Zaken.
Consumeren
MRT
Ontspannen
7
Marktplein Vredenburg
Centrum Utrecht
Wonen
aan
rkarav
#natuu
ravaan
MRT
Wellnessresort De Veluwse Bron
Epe
Duurzaam consumeren voelt
beter.
#natuur
ka
#nat
uurka
ra
vaan
#natuurkaravaan
3.270 berichten
5
Natuur is toegankelijk en van
iedereen, om van te genieten én
om in te investeren.
MRT
Buurttuin Emma’s Hof
Den Haag
10
Leren
3
Landgoed Het Woldhuis
Apeldoorn
4
Natuur brengt mensen samen en
voegt waarde toe aan de woonomgeving.
6
5
Natuur koesteren we als bron van
inspiratie, inzichten en ideeën.
2
+ Slotbijeenkomst
MRT
1
Ondernemen
Landtong Rozenburg
Haven Rotterdam
Natuurvriendelijk produceren is
een groeimarkt.
MRT
4
Zorgen
Ziekenhuis Bernhoven
Uden
Natuur zorgt voor welbevinden en
versnelt genezing.
FEB
26
6
ZORGEN
Een gesprek met Caroline Heijckman (Ziekenhuis Bernhoven), José de Jonge ( IVN), Mieke
Ansems (Menzis), Irene Miltenburg (Buitenvitaal), Nelleke den Boon (Zuid-Hollands Landschap), Jan Kluskens (Mutsaersstichting), Elles
Kombrink (De Vogellanden), Frank Greeven
(Huisarts Oldenzaal) en Ingrid de Graaf (DEToltuin).
GEBRUIK NATUUR VOOR BETERE GEZONDHEID
Inhoudelijke trekker Elze Hemke, gespreksleider Marjolein Nagel
Tijdens het eerste natuurkaravaangesprek op 26
februari bij Bernhoven in Uden ging het over de
combinatie natuur en gezondheid. Een van de
conclusies was: gewoon doen!
Huisarts Frank Greeven wandelt
met zijn patiënten twee keer per
week tijdens de lunchpauze. Dat
was ook het advies van Vera SmitsBruin, de diabetesverpleegkundige die iedere maand met haar
patiënten en een vrijwilliger van
IVN door De Maashorst wandelt.
“Kijk, of je nou in je spreekkamer
zit of mensen spreekt tijdens een
wandeling, maakt eigenlijk niet
uit. Maar een wandeling is natuurlijk veel gezonder en leuker. En
laagdrempelig. Op deze manier
lopen mensen door het prachtige
natuurgebied De Maashorst, die
daar uit zichzelf misschien niet zo
makkelijk toe zouden komen. Ze
krijgen door de wandelingen het
vertrouwen om zelf meer te gaan
bewegen en dat is fantastisch.
En het werkt: als je de bloedsuikerwaarden aan het begin van de
wandeling vergelijkt met die aan
het einde, zie je dat mensen met
minder insuline toe kunnen. En
dat is natuurlijk gezondheidswinst”.
Weet elkaar te vinden
Er kwamen zowel vanuit de natuurbeheerders als vanuit de gezondheidswerkers mooie resultaten van goede samenwerking voorbij op het gebied van benutten van
natuur voor verschillende vormen
van hulpverlening. Nelleke van
den Boon vertelde bijvoorbeeld
over Pluk! Den Haag, een kinderboerderij in Loosduinen waar
cliënten van GGZ instelling Parnassia werken onder begeleiding van
professionals op diverse gebieden: met dieren, in de bloemen-,
groente- en fruitpluktuinen, in de
lunchroom en in de heemtuin. Het
Zuid-Hollands Landschap heeft bij
dit initiatief geholpen. Bij de Mutsaersstichting in Limburg wordt
werken in natuurgebied De Groote
Heide ingezet als methode bij
Natuur als recept
Het gebruiken van natuur als
recept is een andere tak van sport.
Mieke Ansems van Menzis legde
uit dat het opnemen van natuur op
recept (denk aan bewegen in het
groen) in het basispakket, alleen
kan als daarvoor breed politiek
draagvlak is. En daarvoor is meer
bewijskracht nodig. Er is onderzoek naar het effect van natuur op
gezondheid, maar dat is nog onvoldoende overtuigend. Menzis wil
“Of je nou in je spreekkamer zit of mensen spreekt
tijdens een wandeling, maakt eigenlijk niet uit. Maar
een wandeling is natuurlijk veel gezonder en leuker.”
jeugdhulpverlening. Dit gebeurt
volgens de methode “Ritalin eruit
en natuur erin” zoals Jan Kluskens,
coördinator Vrijwillig Landschapsbeheer bij IKL, het noemde.
zich daar voor blijven inzetten. Net
als bijvoorbeeld Augie Visser van
www.hetgroenemedicijn.nl die
werkbare voorbeelden verzamelt
op haar site, zodat kennisuitwisseling wordt verbeterd.
Mooie combinaties
Irene Miltenburg van Buiten Vitaal
ziet grote kansen in het betrekken van werkgevers. Als zij via de
Arboarts hun medewerkers met
behulp van de natuur laten reintegreren of het ziekteverzuim
terugdringen, besparen ze enorm
op kosten. Daar zullen ze makkelijker toe bereid zijn omdat ze er ook
zelf voordeel van hebben.
Uit de verhalen van Marjan Muller
van Zorglandschap van Allure over
de activiteiten rond Bernhoven
bleek tenslotte dat het vaak ook
een samenloop van mensen, ideeën, initiatieven, geld en een aantal
aansprekende boegbeelden is die
leidt tot mooie combinaties. Het
gezamenlijke initiatief van Bernhoven, ondernemers, gemeentes
en De Maashorst, gestimuleerd
door het investeringsprogramma
“Landschappen van Allure” van
de provincie Noord-Brabant, lijkt
hiervan wel een prachtig voorbeeld te zijn.
Natuur in opleidingen
Elles Kombrink, fysiotherapeute
bij De Vogellanden, pleitte net als
de andere deelnemers voor meer
kennis van de werking van natuur
voor gezondheid bij artsen en fysiotherapeuten. In de opleidingen
zou daar veel meer aandacht voor
drie kernpunten in het gesprek
moeten zijn. Zodat natuur op recept meer toegepast gaat worden.
Verder was het advies vooral:
gewoon doen. Zorg dat kinderen
al van jongs af aan lekker buiten
in de natuur komen. Ook gewoon
dichtbij huis. Zoals bijvoorbeeld in
DE Toltuin in Roosendaal gebeurt.
Zorg dat natuur, gezondheid en vitaliteit een normaal onderdeel van
ons leven wordt. En maak natuur
een beetje sexy. “Niet zo serieus
van het is goed voor je. Het is ook
gewoon lekker. En hou het wel bij
huis-tuin-en-keuken-sexy!” aldus
een van de deelnemers.
leestips
1. Richt je op werkgevers die natuur willen inzetten voor preventie en verlaging van ziekteverzuim. Zij hebben er direct belang bij; het gaat om hun
eigen winst- en verliesrekening. En het is relatief makkelijk te organiseren.
Het nationale preventieprogramma dat een impuls wil geven aan
meer gezondheid in Nederland
Alles is gezondheid >>>
2. Zorg dat er meer kennis beschikbaar komt over de werking van natuur
voor gezondheid. Zodat artsen en paramedici beter weten wat natuur voor
gezondheid betekent. Dat kan via websites en apps, maar ook via de opleidingen en door verhalen van collega’s.
Het Groenfonds schreef een rapport over groeninclusieve ziekenhuizen als verdienmodel voor de
natuur. Groenfonds >>>
3 . Combineer functies: een wandelend consult, natuur dichtbij huis, natuur
op je bord; het zijn allemaal voorbeelden van natuur als onderdeel van ons
dagelijks leven.
Brits onderzoek naar de effecten
van groen wonen op de gezondheid. Intogreen >>>
social
#natuurkaravaan
@frankhuisarts Hippocrates: het
is de natuur die mensen geneest
#natuurkaravaan
@wandelnet #natuurkaravaan 6,6
miljoen regelmatige wandelaars
in Nld. Motivatie: natuurbeleving
53%. Zie nationale wandelmonitor
bit.ly/OXBXRo
@BuitenVitaal Wens: #Buitenvitaal om natuur duurzaam te
verankeren in zorgaanbod via
reïntegratie, is gehoord door #Natuurkaravaan! We gaan er mee
door!
@AugieVissers #Natuurkaravaan
start @Bernhoven Mooi vb van
een ziekenhuis dat omliggende
natuur inzet voor welzijn patiënten.
590 views
Deelnemers aan het karavaangesprek over
zorgen lopen vanaf Ziekenhuis Bernhoven naar
natuurgebied De Maashorst voor een biowalk.
De ligging van het ziekenhuis in de natuur,
pal aan de A50, is aantrekkelijk voor ondernemers die in de slipstream van Bernhoven in dit
gebied zijn neergestreken. Het ambitieuze doel
is om een uniek en authentiek gebied te realiseren met als rode draad: gezondheid, voeding,
natuur en leefstijl.
Een gesprek met Peter Mollema (Havenbedrijf Rotterdam),
Jan Kees Vis (Unilever), Manfred Lukkezen (Verstegen Spices
& Sauces), Louwe de Boer (Ekofish Group), Paula Koelemij
(Simon Lévelt), Bas Rüter (Rabobank), Paul Wolvekamp (Both
ENDS), Daan Wensing (IUCN), Daan de Wit (IDH) en Mark
van Oorschot (Planbureau voor de Leefomgeving).
ONDERNEMEN
VAN POLDERMODEL NAAR DUURZAME REGIO
Inhoudelijke trekker Martin Lok, gespreksleider Marcel Brosens
Op 4 maart streek de natuurkaravaan neer op landtong Rozenburg, middenin het Rotterdamse havengebied. Terwijl de schepen met zeecontainers
af en aan voeren, spraken de gasten over het behoud en versterken van natuur in het buitenland via de eigen productie- en handelsketens.
Het was een tent vol pioniers en
koplopers: Simon Lévelt maakt
zich bijvoorbeeld al sinds de jaren
tachtig sterk voor biologische teelt
van koffie en thee. Ekofish uit Urk
was de eerste MSC-gecertificeerde
scholvisser in Nederland. Verstegen heeft een lange MVO-historie
en doet veel verbeterprojecten
met Aziatische specerijenboeren.
Unilever is nu bijna twee decennia
toonaangevend in de internationale consumentenmarkt voor
voedsel en verzorgingsproducten.
Havenbedrijf Rotterdam heeft
uitgesproken de duurzaamste ter
wereld te willen zijn. Rabobank
wil zich als financier en adviseur
nadrukkelijker laten gelden. En
organisaties als Both ENDS, IUCN
en Initiatief Duurzame Handel
(IDH) spelen al jaren een verbindende rol bij internationale duurzaamheidsprojecten.
De hele keten duurzaam
Een volledig duurzame keten, van
producten tot consument – die
ambitie werd breed gedeeld. Uit
overtuiging én uit commercieel
belang. Manfred Lukkezen van
Verstegen: “Wij zijn voor onze
toevoer afhankelijk van hoe er met
landbouw en natuur wordt omgegaan, dus als we ons daar niet om
bekommeren snijden we onszelf
in de vingers”. Opvallend was dat
met name de laatste schakel in de
keten voor het meeste ongemak
zorgde. Het deel van producent
tot vlak bij de eindgebruiker, daar
schrok niemand in de tent voor terug. Maar die laatste stap, die wist
niemand echt handen en voeten
te geven. “40% van de duurzaamheidswinst van een kopje koffie is
te behalen bij de productie en 20%
bij de logistiek”, aldus Paula Koelemij van Simon Lévelt. “Dat hebben
of krijgen we wel in de vingers. De
overige 40% wordt bepaald door
hoe een consument dat kopje
koffie zet. Met welk apparaat, en
op welke manier. Dat laatste deel
van de keten is voor ons een stuk
lastiger te beïnvloeden.” De rol van
consumenten vergt meer aandacht, maar het valt niet mee om
te bepalen wie het voortouw moet
nemen.
Een wijkaanpak op wereldschaal
De gespreksdeelnemers benoemden dat het ketenperspectief op
duurzaamheid ook haar grenzen
heeft. Als iedereen zich alleen op
zijn eigen keten richt, is het maar
de vraag of je het optimale eindresultaat bereikt. Peper- of palmolieboeren in een bepaald gebied van
de wereld kunnen het dan bijvoorbeeld goed doen en hebben, maar
hoe zit het met andere sectoren en
andere duurzaamheidsaspecten
op diezelfde plek? De aanwezigen
pleiten voor een regiobenadering:
je stelt een bepaald gebied centraal
en werkt er met bedrijven, overheden, ngo’s en lokale producenten
aan om de hele regio naar een
hoger plan te tillen. Een soort inte-
grale wijk- of gebiedsaanpak zoals
we die in Nederland kennen, maar
dan op de schaal van mondiale
regio’s. “De rol van de vele keurmerken die we nu kennen wordt
dan anders, want we pakken het
gebiedsgericht in de landen van
herkomst aan. Een soort appellation
d’origine contrôlée zou meer impact
kunnen hebben op macroniveau”,
aldus Jan Kees Vis van Unilever.
Mondiaal polderen
De regionale benadering is misschien ook een antwoord op het
onvermogen om op wereldniveau
tot normen te komen. Europa,
WTO, de VN, klimaatverdragen; het
zijn trage organen en processen,
verzuchtten de deelnemers. En het
speelt zich hoofdzakelijk tussen
overheden af, terwijl de praktijk
nu juist leert dat een driehoek van
lokale en internationale ondernemers, ngo’s en overheid het beste
werkt. Elkaar opzoeken, partners
en belangen bij elkaar brengen
en samenwerken; daar zijn we in
Nederland erg goed in. Dat (polder)model zouden we mondiaal
steviger moeten inzetten. Het
internationale netwerk van ambassades kan daarbij helpen
Verantwoordelijkheid delen
Kunnen we natuur eigenlijk aan
ondernemers overlaten? “Ondernemers spelen een belangrijke
rol”, aldus Jan Kees Vis. “Niemand
kan dergelijke problemen alleen oplossen, en moet dat ook
niet willen. Daarnaast is het een
publiek goed, dus de overheid,
maar ook ngo’s hebben altijd een
rol. Verantwoordelijkheid delen en
het beste van iedere partij benutten kan en moet zeker.” Manfred
Lukkezen: “We hebben net rondgelopen op de landtong hier, een
prachtig natuurgebied dat de vrije
loop krijgt. Een ondernemer zou
waarschijnlijk heel iets anders
met zo’n stuk grond doen. Tegelijkertijd: het Havenbedrijf Rotterdam biedt er ruimte voor. Dus
gezamenlijk verantwoordelijkheid
“Wij zijn voor onze toevoer afhankelijk van hoe er met
landbouw en natuur wordt omgegaan, dus als we ons
daar niet om bekommeren, snijden we onszelf in de
vingers.”
drie kernpunten in het gesprek
dragen, juist op plekken waar belangen elkaar raken of zelfs overlappen, dat gaat prima.” Jan Kees
Vis: “Je kunt het als bedrijf immers
niet goed doen in een omgeving
die het slecht doet.” Louwe de
Boer van Ekofish: “Mijn droom is
dat we duurzame visserij in Nederland voor elkaar krijgen en tegen
de hele wereld kunnen zeggen: zie
je wel, het kan.”
Met groen buiten de lijntjes
Tot slot is de deelnemers gevraagd
naar tips voor de staatssecretaris.
• Geef het bedrijfsleven meer
medeverantwoordelijkheid. Het
is in veel boardrooms doorgedrongen dat duurzaamheid een
belangrijke strategie is.
• Grijp het EU-voorzitterschap
over twee jaar aan om verduurzaming van handelsketens flink
op de agenda te zetten. Pleit
samen met andere vooroplopende landen voor een duurzame
interne Europese markt.
• Koester het model van samenwerking tussen bedrijfsleven,
ngo’s en overheid en stimuleer
dat het op meer plekken wordt
toegepast.
• Denk mee over de positie van de
consument. Keuzevrijheid is een
groot goed, maar er zijn grenzen
aan wat goed is voor mens en
natuur.
• Zet in op kleinschaligheid op
de plaats van productie. Grote
eenzijdige landbouwgebieden
(monoculturen) zijn een bedreiging voor de natuur.
• Biedt ruimte voor koplopers en
pioniers om te experimenteren.
Geef creatieve mensen de mogelijkheid met groen buiten de
lijntjes te kleuren.
leestips
Het Planbureau voor de Leefomgeving schreef over duurzame
internationale handelsketens en
over de ecologische voetafdruk
van de Nederlandse consumptie.
Duurzame handelsketens >>>
Ecologische voetafdruk >>>
1. Naast de goedlopende samenwerking binnen de keten is ook
regionale samenwerking cruciaal;
je stelt een bepaald gebied centraal en werkt er met bedrijven,
overheden, ngo’s en lokale producenten aan om de hele regio naar
een hoger plan te tillen. Een soort
integrale wijk- of gebiedsaanpak
zoals we die in Nederland kennen, maar dan op de schaal van
mondiale regio’s.
2. Er is brede behoefte om te
investeren in de Nederlandse
consument, die op het gebied van
duurzaam consumeren achterblijft bij die in veel andere landen.
Maar dit is een ongemakkelijke
behoefte: ondernemers voelen
zich niet geëquipeerd en kijken
naar de overheid. Retailbedrijven
vormen misschien een deel van de
sleutel.
3 . ‘Samenwerking’ en ‘polderen’ tussen bedrijven, ngo’s en
overheden is Nederlands tweede
natuur. Op het mondiale niveau
wordt dit gemist; hier hebben
bedrijven een beperkte rol, omdat
het vooral om afspraken tussen
overheden gaat. Nederland kan
een gidsrol vervullen.
social
#natuurkaravaan
@JorisLohman ‘WNF werkt samen met @FrieslandCampina en
Rabobank om biodiversiteit in de
melkveehouderij te verbeteren’
Bas Ruter, Rabo #natuurkaravaan
@Sapollar *Zet een pot thee*
@Toekomstnatuur meest vervuilend aan koffie is koffiezetapparaat volgens Simon Levelt #natuurkaravaan”
@miekejan Natuur en economie
gaan samen in de Rotterdamse
haven, maar niet vanzelf. http://t.co/CxuSsiYHIb
@JorisLohman Biodiversiteit in
relatie tot voedselproductie is een
van de thema’s op #FFF14 http://
www.foodfilmfestival.nl
#natuurkaravaan
266 views
Blik op wilde grazers op landtong Rozenburg.
De landtong ligt ingeklemd tussen de Nieuwe
Waterweg en het Calandkanaal. Het is een door
mensen gemaakte, hooggelegen vlakte van
gronddepots die zich in enkele decennia spontaan heeft ontwikkeld tot een ruig, duinachtig
landschap.
ONTSPANNEN
Een gesprek met Gert van der Steen (Veluwse Bron), Marieke
Fleer (Recreatie Midden-Nederland ), Eric Droogh (Recreatiegemeenschap Veluwe), Joop van Nuijs (Gemeente Epe), Patrick
Jansen (Probos/Tracks & Trails), Daphne Willems (Bureau
Stroming), Erik Boschman (mountainbike-initiatief Schoorl),
Erna Bronsvoort (Manege Snorrewind/KNHS) en Bert Boetes
(Wandelnet/Fietsersbond).
TROTS OP DE NATUUR
Inhoudelijke trekker Louis van Vliet, gespreksleider Bernard Heijdeman
In een rustgevende, groene en waterrijke omgeving, met nieuwsgierige wandelaars en saunabezoekers, onderzochten we de mogelijkheden
om het genieten en benutten van natuur te combineren met zorgen voor diezelfde natuur.
In de yurt zaten twee soorten
initiatiefnemers: recreatieondernemers en ondernemende recreanten. Gert van der Steen van De
Veluwse Bron ziet het realiseren en
beheren van natuur rondom zijn
resort als onlosmakelijk onderdeel van zijn wellnessconcept.
Die denkwijze werd gedeeld door
de twee andere recreatieondernemers , Marieke Fleer (RMN) en
Eric Droogh (RGV). Net als Van
der Steen, zijn zij op zoek naar
partners en mogelijkheden om
ontspannen en het versterken van
natuur te combineren. Ze hebben concrete plannen waarin de
ontwikkeling van recreatievoorzieningen hand in hand kan gaan met
het realiseren van meer natuurwaarden en in een geval zelfs voor
de waterveiligheid in een uiterwaard.
Toegankelijkheid belangrijk
Voor recreanten is toegankelijkheid van natuur en landschap het
belangrijkste motief om met initiatieven te komen. Mountainbiker
Erik Boschman is het gelukt om via
lokale werving geld te vinden om
een prachtig parcours aan te leggen in de duinen bij Schoorl. Het
onderhoud wordt verzorgd door
de gebruikers. Erna Bronsvoort
vertelde dat de hippische sportbond (KNHS) met Staatsbosbeer in
gesprek is over samenwerking om
de toegankelijkheid van natuurgebieden voor ruiters en menners
te waarborgen. Dat gaat alleen
werken als die samenwerking
wederzijds meerwaarde oplevert.
Bert Boetes zorgt er als vrijwillig
coördinator voor dat er zorgeloos
kan worden gewandeld op het
Zuiderzeepad.
Van publiek naar privaat
Het rijk en de terreinbeheerders
investeren minder in het ontwikkelen en beheren van routes en
paden, terwijl de behoefte daaraan
juist toeneemt. Dat leidt tot een
lappendeken aan initiatieven van
de gebruikers van die paden om
natuur en landschap toegankelijk
te houden. In de discussie klonk
soms nog de behoefte door aan
zekerheid, aan houvast, nu alles
aan het veranderen is. Het verlangen naar een overheid die het
voor ons regelt. Of een uniforme
aanpak om ervoor te zorgen dat
ieder naar belang gaat bijdragen
(een OV-jaarkaart voor natuurgenot?). Zowel ondernemers als
recreanten zien dat zij er belang bij
hebben om samenhang te zoeken
tussen de belangen van natuur en
van recreatie. Ook ziet men dat
het nemen van meer eigen verantwoordelijkheid zal bijdragen
aan meer vertrouwen tussen de
sectoren en de overheid. Dat levert
dan weer meer ruimte op om met
eigen initiatieven te komen. Wat is
er dan nodig om die beweging te
versterken? Wat kan door belanghebbenden gedaan worden en wat
“Zorg er voor dat je als recreatieondernemer trots
kunt blijven op het landschap waarin je je plannen
ontwikkelt.”
kan de overheid doen?
Natuurwaarden
Iedereen leek het erover eens dat
het niet gaat om de regels, maar
om de te beschermen waarden
daarachter. Toetsing van plannen
op toegevoegde natuurwaarde
blijft nodig zei wethouder Joop
van Nuijs uit Epe. Wel was men het
eens dat die waarden te weinig bekend zijn in de samenleving. Erik
Boschman daagt terreinbeheerders
uit om meer vraaggericht te gaan
denken. In goed overleg vallen
de meeste knelpunten op te lossen volgens hem. Harrie Hekhuis
(SBB) ziet ook binnen de terreinen
van Staatsbosbeheer ruimte voor
investeerders in rode functies.
Helaas zijn die moeilijk te vinden.
Marieke Fleer en Eric Droogh hebben een andere ervaring. Willem
Kraanen (RECRON) stelde dat gespecialiseerde makelaars kunnen
helpen om vraag en aanbod bij
elkaar te brengen.
Er kan meer dan je denkt
Het verhaal dat Daphne Willems
vertelde over een recreatiegebied
in een uiterwaard langs de Lek lijkt
een voorbeeld van geslaagd make-
laarschap. Met een goed plan en
de juiste strategie is het mogelijk
te bouwen voor recreatie in een
uiterwaard, ook al geven de regels
voor natuur en water daar in feite
geen ruimte voor. Dat het toch lijkt
te lukken komt omdat het plan
aantoonbare meerwaarde heeft
voor natuur en zorgt voor voldoende doorstroming in het winterbed.
Patrick Jansen ziet ruimte voor een
keur aan verdienmodellen, zowel
generiek als specifiek en regionaal.
Niet te lang praten over het ideale
model, maar gewoon beginnen en
inspireren.
Jongeren betrekken
Eric Droogh pleitte ervoor om jongeren meer bij natuur te betrekken. Via gratis lespakketten komen
jaarlijks veel schoolklassen bij de
RGV. En via die kinderen komen
ook de ouders weer eens in een
van de recreatiegebieden. Ook
Erna Bronsvoort ziet dat jongeren
nieuwsgierig zijn naar het verhaal
van de natuur en cultuurhistorie.
Of dat met, of juist zonder social
media moet, daarover werd men
het niet eens. Misschien zouden
alle recreatieondernemers de
jeugd naar buiten kunnen lokken
social
door een (gratis) week van het
kamperen te starten opperde Willem Kraanen.
Werken in een boomhut
Joop van Nuijs had een prachtige
toekomstdroom waarmee natuur
ons dagelijks leven binnenkomt en
in feite overal kan worden ervaren:
over 10 jaar werkt hij als wethouder in een boomhut, in alle rust.
Zijn contacten vindt hij gemakkelijk via de overal beschikbare
communicatiekanalen. Als hij oud
wordt en verzorging nodig heeft,
is dat op een plek in de natuur en
na zijn overlijden wordt hij in de
natuur begraven.
#natuurkaravaan
leestips
In 2012 zijn zes Green Deals gesloten die zich richten op het slim
combineren van ondernemersactiviteiten op het vlak van recreatie
en natuur. Green deals >>>
Een vrijwilliger ontwikkelde, samen met natuurorganisaties, een
wandelnetwerk in een landschapsinrichting en wist vele kilometers zandweg te behouden.
Wandelnetwerk >>>
drie kernpunten in het gesprek
1. Voor iedereen die iets wil, geldt: zoek zelfbewust samenwerking met
andere sectoren (zoals natuur en waterveiligheid) op basis van wat je elkaar
te bieden hebt. Niet blijven praten tot je het eens wordt over het perfecte
verdienmodel, maar begin, leer en inspireer elkaar.
2. Recreatieondernemers investeren in natuur die ook rendement oplevert
voor het bedrijf. Van belang daarbij is dat zij niet te veel gehinderd worden
door (natuur)regelgeving.
3 . Ondernemende recreanten zoals buitensporters maken afspraken met
de terreinbeheerders over het gebruik van de routenetwerken waar natuur
en buitensport beter van worden.
@JanGorterNM Mooi!: @Toekomstnatuur Ruiters willen goed
onderhouden paden, willen daar
ook voor betalen. #natuurkaravaan”; geen free riders!”
@TrailrunningNL Wifi in de natuur? Wat mij betreft een goeie...
Alleen met groene energie dan.
#natuurkaravaan @ToekomstNatuur
@arklop Goed plan, zie ook
https://t.co/OOOWP0Fo5D RT
@ToekomstNatuur: Zet sport in
als crowdfunding voor natuur
onderhoud
@Bosw8erMarike RT @ToekomstNatuur: Droom: hekloze
Veluwe #natuurkaravaan ook jullie droom @BoswachterFrans
@BoswachterRob @BoswachterMes
308 views
“Het bestaansrecht van de natuur is dat mensen
er van kunnen genieten” zegt Daphne Willems,
Bureau Stroming.
Een gesprek met Judy Vermeulen (Kinderopvang De kleine
Beer), Martin Kooijmans (Prinses Julianaschool), David Kranenburg (Kenniscentrum actief ouderschap), Ties Mouwen
(Nationale Jeugdraad), Dinand Ekkel (CAH Vilentum), Thomas van Slobbe (Stichting wAarde), Marieke Ankoné (IVN,
Natuur Dichterbij), Henk van Dort (Zorgtuin Gorssel), Douwe
Jan Joustra (One Planet Architecture Institute), Antoine Heideveld (Het Groene Brein) en Ton Swagten (Atelier 3D).
LEREN
INVESTEREN IN SOCIAAL KAPITAAL
Inhoudelijke trekker Roel van Raaij, gespreksleider Marjolein Nagel
Wat kunnen we van de natuur leren? En hoe brengen we leren van de natuur dichter bij huis? Dat was het eigenlijke onderwerp van gesprek. Maar
steeds ging het weer over investeren in sociaal kapitaal. In de buurt, in
kinderen, in mensen die elkaar en de samenleving versterken. Natuur kan
daar heel goed bij helpen of onderdeel van uitmaken. Tijdens de les, in de
pauze, als deel van het curriculum op hogeschool en universiteit. Maar ook
al in de wieg.
Aan tafel mensen uit het onderwijsveld, natuureducatie, maar
ook buurtinitiatieven en wetenschappers. Interessant was de
inbreng van Douwe Jan Joustra
van het One Planet Architecture
Institute die pleitte voor de inzet van ‘ecomimicry’. Inmiddels
begint de term ‘biomimicry’ voor
mensen een vaker gehoorde term
te worden: we kunnen veel techniek afkijken van de natuur. Zoals
de haaienhuid ons kan leren hoe
water van oppervlakte glijdt. En
de beroemde ijsvogel, die model
stond voor de voorkant van de
Japanse hogesnelheidslijn. Maar
volgens de pleitbezorger van circulair economisch denken en handelen kunnen we dus veel opsteken
van de ecologische systemen in de
natuur.
Op de puinhopen
Ook werd duidelijk dat er juist een
directe aanleiding of gebeurtenis
nodig is om een inspirerend ini-
tiatief te laten ontstaan. In Gorssel
was dat de ergernis over een verlaten stuk grond van de voormalige
gemeentewerf. Initiatiefnemers
Evelien en Henk van Dort zijn begonnen hier tuinen aan te leggen
en daar de hele lokale gemeenschap bij te betrekken. Scholen,
ondernemers, zorginstellingen,
jong en oud komen graag naar
de tuin, onderhouden hem en de
kinderen brengen de pompoenen
naar de voedselbank. Het initiatief
draait dankzij de actieve support
van alle deelnemers en zonder
subsidie. De sleutel tot succes:
actieve betrokkenheid van de hele
gemeenschap. Een politiek die
helpt en niet in de weg zit. En een
paar enthousiaste starters die daar
tijd voor hebben.
Afbraak leidt tot iets nieuws
In Zutphen was het stopzetten van
de subsidie voor het duurzaamheidshuis de aanleiding voor het
oprichten van een coöperatie van
scholen, bedrijven, zzp’ers en individuele inwoners onder de noemer
3D Atelier. Ton Swagten van 3D
atelier zei letterlijk dat er soms
afbraak nodig is om een mooie
nieuwe ontwikkeling mogelijk te
maken.
Van het pad af
De deelnemers aan het gesprek
zeiden meerdere malen dat de
overheid ook niet moet sturen of
proberen ontwikkelingen van de
grond te krijgen. Dat werkt niet.
Het gras gaat ook niet harder
groeien als je er aan trekt. Wat wel
werkt is randvoorwaarden creëren waardoor het gras lekker kan
groeien. In het onderwijs gaat het
dan vaak om het wegnemen van
regels, of het soepel omgaan met
de toepassing ervan. Dat is ook de
subsidie voor was of omdat het
door iemand gestimuleerd werd.
Nee gewoon, omdat hij gelooft dat
het de kinderen ruimte biedt om
te ravotten, avontuur te beleven,
maar ook plekken waar rustig
gespeeld kan worden of lekker
gekletst. Door de platte koude
“We zijn de weg niet kwijt boswachter, de kindjes willen gewoon lekker buiten de gebaande paden lopen.”
ervaring van Judy Vermeulen van
De kleine Beer, kinderopvang in
Apeldoorn die probeert de kleintjes zoveel mogelijk buiten te laten
zijn. Het liefst de hele dag en onder alle weersomstandigheden. In
de praktijk zijn er diverse belemmeringen in de wettelijke bepalingen, vooral bij kinderen van 0 to 4
jaar. En de kinderen willen zo heel
graag buiten de paadjes lopen.
Groen schoolplein
Ook Martin Kooijmans van de
prinses Julianaschool heeft te
maken met beperkende regels.
Hij probeert daar zo creatief
mogelijk mee om te gaan. Hij
heeft samen met zijn team en de
ouders gezorgd voor een ‘groen
schoolplein’. Niet omdat daar
ervaring van een stenen schoolplein waar vooral de jongetjes met
veel bravoure voetballen is er voor
andere behoeften van kinderen
letterlijk geen ruimte. Om dit soort
initiatieven verder te brengen zou
er niet alleen nadruk op leren rekenen en schrijven moeten liggen.
In het leven valt nu eenmaal veel
meer te leren. Maar de prikkel voor
scholen is nu vooral gericht op
het halen van zo hoog mogelijke
scores op de Citotoets.
Dichtbij huis
Alle mensen in de tent benadrukten dat de Staatssecretaris gelijk
heeft dat ze de natuur als integraal
onderdeel van de maatschappij wil
inzetten. Niet als iets heel speciaals en bijzonders. Maar gewoon,
lekker dichtbij huis. Ook in de
grote stad. Onder de stoeptegel
zit ook natuur. Net als in andere
gesprekken duidelijk werd, is de
grote uitdaging: hoe maken we het
makkelijk en mogelijk om natuur
en dagelijks leven, werken en leren
weer meer in elkaar op te laten
gaan. Gemeentes kunnen daar
bij de inrichting van de openbare
ruimte heel goed rekening mee
houden. David Kranenburg van het
Kenniscentrum Actief Ouderschap
benadrukte bijvoorbeeld dat leren
niet alleen op school gebeurt,
maar ook als kinderen niet op
school zitten. Ouders spelen een
belangrijke rol bij natuuronderwijs
en de school zou daar nog meer op
kunnen inspelen.
Zelf bepalen
Thomas van Slobbe van de Stichting wAarde vertelde over een
aantal interessante initiatieven
die vooral op de wat oudere jeugd
zijn gericht. Daarbij is wel het
belangrijkste: geef de jongelui
zeggenschap over wat ze willen en
belangrijk vinden. Als zij de baas
zijn op hun eigen natuurterreintje gaan ze er ook goed en actief
mee om. Ties Mouwen van de
Nationale Jeugdraad was het daar
hartgrondig mee eens: kijk eens
om je heen. Hier zitten allemaal
middelbare meneren en mevrouwen te bedenken wat goed is voor
ons. Laat ons daar alsjeblieft zelf
wat over te zeggen hebben. Keelin
O’Connor van Staatsbosbeheer
had dezelfde ervaring. Thomas van
Slobbe gaf nog wel de ‘waarschuwing’ mee dat er dan ook dingen gebeuren waar je misschien
helemaal niet blij mee bent of die
niet in het klassieke natuurplaatje
passen. Zoals takken afbreken of
lelijk doen tegen passanten. De
initiatieven willen dus vooral gefaciliteerd worden, en geen overheid
die in de weg loopt. Over geld is
tijdens deze sessie niet gesproken.
Wel over regels en over ouderwetse
opvattingen over natuur en leren.
Dat kan echt anders, moderner,
dichterbij huis en meer als onderdeel van het dagelijks leven.
Leren leren
Lector Dinand Ekkel en Ant0ine
Heideveld directeur van Het
Groene Brein benadrukten dat ook
in het hoger onderwijs en bij de
wetenschap meer aandacht komt
voor het belang van natuur in ons
social
leven. Van belang bij het leren over
en van natuur is overigens dat de
samenleving bewuster en competenter is dan soms wordt aangenomen. Die energieke samenleving
bestaat en wil graag aan de slag.
#natuurkaravaan
@Tiesmouwen Leerlingen van de
prinses juliana school maken een
bodemprofiel tijdens de #natuurkaravaan over natuur en leren.
@Theo_v_Bruggen Natuur, cultuur, economie. Dat is oud onderscheid. Wij vormen samen één
planeet. #natuurkaravaan #opai
leestip
Een publicatie met tien lessen
voor doen en denken uit de natuur.
Tien perspectieven >>>
drie kernpunten in het gesprek
1. Zorg dat natuur integraal
onderdeel van een les- en leefdag
kan zijn. Begin vroeg en ook dichtbij huis. Leg niet alleen de nadruk
op Citoscores.
2. Geef ruimte voor natuurlijk
experimenteren bij iedere leeftijdsgroep.
3 . Leer van de natuur, technisch
maar ook sociaal. Kijk hoe de natuur zelf leert. Zet in op biomimicry, ecomimicry en social mimicry.
@djjoustra #natuurkaravaan met
focus op #ecomimicry. Nederland
kan snel leidende positie innemen.
@jolandapikkaart #natuurkaravaan RT @SvVeldhoven: #selfie
op bomvol #jeugdgroendebat,
waar kinderen duidelijk hun stem
voor natuur laten horen!...
@natuurkind Groene schoolpleinen @ToekomstNatuur: Hoe
kunnen we jongeren en kinderen
meer actief krijgen in de buitenlucht? @natuurkind #natuurkaravaan
265 views
Een gesprek met Jasper Gabrielse (Seepje), Talitha Muusse
(NMO-Nederland/DJ 100), Jente de Vries (Kromkommer),
Jaap Korteweg (Vegetarische Slager), Dorien Soons (Voetprint
Cooking), Ernst Jan van Weperen (Haagse Hogeschool voor
Duurzame Ontwikkeling), Giulietta Cohen (Crem), Lonneke de
Kort (BookDifferent) en Vera Dalm (Milieu Centraal).
CONSUMEREN
DEFAULT, MAINSTREAM EN SCHAALSPRONGEN
Inhoudelijke trekker Patricia Braaksma , gespreksleider Bernard Heijdeman
Op 7 maart stond de natuurkaravaan op Het Vre-
de Vegetarische Slager.
denburg in Utrecht. Het gesprek ging over de
Maak duurzaam
consumeren mainstream
Vanaf het begin van het gesprek
deelden de deelnemers hun passie,
creativiteit, ondernemerschap en
humor met elkaar. Vera Dalm van
Milieucentraal vertelde over de
samenwerking met supermarkten
om producten aan te prijzen als
de klimaattoppers van de week,
een heldere boodschap zonder de
complexiteit van een keurmerk. Ze
hoopt dat vegetarisch eten over 10
jaar de default-optie is: “nu vraagt
men bij studiedagen nog of je
een dieet volgt; dan antwoord ik
altijd nee, maar ik eet wel vegetarisch”. De meeste winst voor
natuur en milieu is te halen met
vegetarisch eten en daarna met het
beperken van verspilling. Dorien
Soons pleitte voor een “keurmerk”
waarop de CO2-voetafdruk is te
lezen en voor een overheid die
het voorbeeld geeft als inkoper
relatie tussen natuur (ecologische voetafdruk,
biodiversiteit) en consumeren. De yurt stond tussen de biologische markt en de ingang van Hoog
Catharijne en had veel bekijks van het winkelende publiek.
In de yurt ontvingen we relatief
jonge initiatieven die zich richten
op het bevorderen van bewust consumeren. De deelnemers werden
uitgenodigd eerst een voedingsproduct te kopen op de markt
of in de supermarkt. In de yurt
legde Dorien Soons van Voetprint
Cooking alle inkopen langs de
CO2-meetlat. Per product moeten
allerlei factoren gewogen worden
om een schatting van de CO2voetafdruk te maken. Soms is dat
ondoenlijk door gebrek aan informatie. Omdat nog meer factoren
dan de CO2-voetafdruk bepalen
of een product duurzaam is, werd
nog eens duidelijk dat duurzaam
consumeren geen eenvoudige
opgave is voor consumenten. Het
gesprek zelf vond, vanwege de
onrustige omgeving van de yurt,
plaats in een vergaderzaal op Hoog
Catharijne. Na afloop van het gesprek werd wel weer nagepraat in
de yurt met bijzondere hapjes van
van producten en diensten. Voor
dat laatste krijgt ze later bijval van
andere initiatieven.
Verspilling, vergroening
Verspilling was het motief om
Kromkommer te starten. Hoe
minder verspilling en hoe meer
vegetarisch eten, des te meer
grond kunnen we aan de natuur
teruggeven zeiden Jente de Vries
(Kromkommer) en Jaap Korteweg
(De Vegetarische Slager). Jaap
Korteweg meende dat vooral mannen kunnen worden verleid tot
‘vleesverlaten’ als er een product is
dat er op lijkt en dat overtuigd op
smaakbeleving. Hij heeft daarvoor
de verbinding gezocht met de culinaire wereld. Lonneke de Kort had
een indrukwekkend verhaal over
de eenvoud van BookDifferent en
de mogelijke impact van hotelboekingen via haar site op zowel de
goede doelen die worden ondersteund als de ‘vergroening van het
aanbod’. Talitha Muusse heeft,
als mede-initiatiefnemer van De
Duurzame Jonge 100, innovatieve,
inspirerende, jonge ondernemers
een platform gegeven waardoor
ze winnen aan bekendheid en
relaties kunnen leggen met elkaar,
financiers en gevestigde ondernemingen. Het initiatief van Jasper
Gabrielse (Seepje, 100% natuurlijk
wasmiddel) groeit snel, maar moet
nu vooral nog niet al te serieus
worden genomen, zei Jasper met
en pleitte voor een actievere overheid bij gedragsbeïnvloeding.
Investeren in bewustwording
De vraag wat de initiatieven nodig
hebben om een schaalsprong mogelijk te maken waardoor
duurzaam consumeren meer
mainstream wordt, leidde tot een
keur aan ideeën. Directe financiering van initiatieven door de
overheid wordt daarbij niet no-
“Bij legbatterijen heeft de overheid ook de norm gesteld en dat heeft de consument toch niet ervaren als
een beperking van keuzevrijheid.”
een glimlach: “dat geeft vrijheid
om ons te ontwikkelen op onze
manier”. Ernst van Weperen vroeg
zich af of de consument wel bereid
is om bewustzijn om te zetten in
handelen. Hij pleitte voor meer
speelruimte om ‘the ability to
sustain’ vorm te geven. Giulietta
Cohen (CREM) noemde het toevoegen van een duurzaamheidscheck aan de restaurant-website
www.iens.nl en de helpdesk www.
bedrijfslevenenbiodiversiteit.nl als
concrete resultaten van hun werk,
dig geacht. De overheid zou wel
moeten investeren in bewustwording en kennis van gedragsbeïnvloeding. Soms blijken kleine
bijdragen (van bijvoorbeeld de
Stichting Doen) al een enorm effect te hebben. Andere initiatieven
werken met eigen middelen (geld
en tijd), of trekken relatief gemakkelijk extern kapitaal aan op basis
van gelijkwaardige participatie in
het initiatief. BookDifferent denkt
een schaalsprong via marketing
te kunnen maken en mikt daarbij
op een private bijdrage, maar ook
op marketing via de ondersteunde
goede doelen. Bijvoorbeeld verdere vergroening van hun product
met hulp van natuurorganisaties.
De prijs telt
De prijs is een belangrijke factor
bij de keuze van de consument
voor duurzame producten. De Vegetarische Slager heeft een grotere
vraag nodig om qua prijs lager te
komen dan het vergelijkbare vlees.
Dan kan hij investeren in machines en logistiek (aan grondstoffen is geen gebrek). Jaap pleitte
voor interventie van de overheid,
parallel aan de groene stroom en
eieren: “bij legbatterijen is ook
de norm gesteld en dat heeft de
consument toch niet ervaren als
een beperking van keuzevrijheid”.
Marketing is voor hem minder
belangrijk: “dat gaat wel via de
kwaliteit van mijn product”. Hij
ziet exportkansen voor de economie van Nederland als voorloper
in duurzaamheid, maar dan moet
het momentum nu wel benut
worden. Beperk je als overheid in
het topsectoren beleid dus niet tot
de grote ondernemingen. Lonneke
ziet dat Nederland voorop loopt
als het gaat om initiatieven, zoals
BookDifferent, maar niet in gedrag
van consumenten. Ook zij ziet
goede kansen in het buitenland.
Duurzaam inkopen
Vrijwel unaniem pleitten de deelnemers ervoor dat de overheid
het voorbeeld geeft door duurzaam in te kopen. Daarbij moet
ook ruimte worden gemaakt voor
kleinere leveranciers. Cateraars
moet een grotere duurzaamheidsdoelstelling worden meegegeven.
Er is weinig vertrouwen dat meer
duurzaamheidslabels en keurmerken gaan helpen. De mainstream
Nederlandse consument heeft daar
weinig vertrouwen in en heeft al
snel associaties met ‘te duur’.
1. Werk stap voor stap aan het bevorderen van duurzame consumptie
door: onafhankelijke informatie te bieden (eiwitconversie en verspilling zijn
sleutelfactoren); een visie te ontwikkelen (voor ondernemen en consumeren); normen te stellen (vergelijk eieren uit de legbatterij); het voorbeeld te
geven (eigen inkoopbeleid) en gedragsbeïnvloeding te ondersteunen.
3 . EZ zou in het topsectorenbeleid meer aandacht moeten hebben voor
het midden- en kleinbedrijf.
#natuurkaravaan
@RosalieRuardy @VegaSlager:
“De machine die onze ‘kip’ maakt
neemt 20 m2 in beslag. Voor een
kippenstal heb je een heel voetbalveld nodig” #natuurkaravaan
@ToekomstNatuur Dorien Soons
@CookingDo meeste impact heeft
het kiezen voor plantaardige in
plaats van dierlijke producten
#natuurkaravaan
@Marieke_Werf Discussie over
noodzaak subsidie ter stimulering
duurzame consumptie. Meerderheid zegt nee, #natuurkaravaan
@ToekomstNatuur Lonneke de
Kort @bookdifferent We willen
van 5000 naar 15000 duurzame
hotels #natuurkaravaan
drie kernpunten in het gesprek
2. Op basis van vrijwilligheid alleen lijkt een omslag naar duurzaam niet te
halen. Overweeg (onder meer fiscale) maatregelen die duurzaam consumeren bevorderen (vergelijk groene stroom).
social
203 views
leestips
Het Duurzaamheidkompas meet
en duidt de publieke opinie over
duurzaamheid en duurzaam consumeren.
Duurzaamheidskompas >>>
Deelnemers eten hapjes van
de Vegetarische Slager.
Een gesprek met Lonneke Rhodens (De Mobiele Moestuin),
Philip Kuypers (de Spoortuin), Friso Klapwijk (Dakdokters),
Evert de Boer (De Kersentuin), Martin van der Harst (Emma’s
Hof), Carolline Zeevat (Stadslandbouw Schiebroek), Hans Pijls
(Stichting De Wending), Rachelle Eerhart (Groen Dichterbij),
Irini Salverda (Alterra Wageningen UR) en staatssecretaris
Sharon Dijksma.
WONEN
EEN INITIATIEF LEVERT ALTIJD IETS OP
Inhoudelijke trekker Sandra Greeuw, gespreksleider Marcel Brosens
Op maandag 10 maart was de natuurkaravaan
te gast bij Emma’s Hof in Den Haag. In de yurt
zaten aanjagers van uiteenlopende initiatieven,
van mobiele moestuin tot duurzame woonwijk.
Bij dit afsluitende karavaangesprek schoof ook
staatssecretaris Sharon Dijksma aan.
Initiatieven van bewoners zijn
pas echt succesvol als ze het een
tijdje volhouden, ofwel als er
continuïteit in zit. “Toen we met
onze ambitieuze plannen bij de
wethouder kwamen, was hij pas
echt bereid ons te steunen toen
hij het gevoel kreeg dat we zelf
voor continuïteit konden zorgen”,
vertelde Martin van der Harst van
Emma’s Hof. “Hij zei: ik wil best
iets investeren in de aanleg, maar
daarna is het beheer en onderhoud
aan jullie”. Hoe heeft Emma’s Hof
dat voor elkaar gekregen? “Van
meet af aan hebben we iedereen
duidelijk gemaakt: de tuin is voor
jou, maar ook van jou. Mede door
die verantwoordelijkheid te benadrukken, hebben we nu een groep
van 120 vrijwilligers, van groengroep voor het tuinonderhoud tot
sproeigroep voor de bewatering.”
De ‘vrienden van’ betalen ook nog
een soort contributie waar bijvoorbeeld materialen van kunnen
worden gekocht.
Een akker als perspectief
Andere initiatiefnemers in de
tent onderstreepten dat het delen
van eigenaarschap de basis is. De
initiatiefnemer(s) moet(en) een
idee of plan van meet af aan ook
van anderen laten zijn. Je moet als
het ware de ideeën van de vrijwilligers volgen. Dat kan zowel in
de planfase als tijdens en na de
uitvoering. “In onze Spoortuin
bedacht iemand dat hij een blotevoetenpad wilde maken en ging
daar meteen mee aan de slag.
Aan zulke dingen moet je ruimte
bieden”, zei Philip Kuypers van De
Spoortuin in Rotterdam. Lonneke
Rhodens van de Mobiele Moestuin
in Haarlem voegde toe: “Mensen
hebben wel een perspectief nodig
waar ze op kunnen instappen. Dat
kan heel letterlijk zijn. Nadat bij
ons de braakliggende grond was
gefreesd, ontstond er een soort
kleine akker en toen gingen mensen denken: daar kan ik iets mee”.
Martin van der Harst: “Ook be-
langrijk is dat wij onze vrijwilligers
koesteren. Dat doen we door ze
ieder succesje mee te laten vieren
, bijvoorbeeld via Facebook, en
door één keer per jaar een vrijwilligersfeest in de tuin te organiseren.”
Energieke en nog-niet-zoenergieke samenleving
Werkt dit op alle plekken in de samenleving? Ook in minder krachtige wijken? Het kan overal, zeiden
de deelnemers in de tent. Overal
zijn mensen te bewegen een
bijdrage te leveren. In bepaalde
wijken, zoals rondom Emma’s Hof,
wonen mensen die het proces zelf
kunnen opstarten en gaande houden. Rachelle Eerhart van Groen
Dichterbij noemde dat de energieke samenleving en wees er op dat
er ook een nog-niet-zo-energieke
samenleving is; op die plekken
kunnen mensen prima een tuin
aanleggen en onderhouden, maar
een initiatief opstarten en gaande
houden is lastiger. Daar zijn brede
schouders voor nodig, alsook
human capital vulde Irini Salverda
van Alterra Wageningen UR aan:
“Zoals sociale en communicatieve
vaardigheden, kennis van het proces, weten hoe de hazen lopen.”
Friso Klapwijk van de Dakdokters
merkte op: “Hier in Emma’s Hof
hebben de initiatiefnemers feitelijk de proceskosten zelf gedragen,
want ze hebben alles zelf gedaan.
Daarmee zijn die kosten niet
zichtbaar. Op andere plekken heb
je een intermediair nodig die het
initiatief van de grond trekt. Die
kost geld en dan zijn de proceskosten wel zichtbaar.”
Zelfvertrouwen
Caroline Zeevat is zo’n intermediair. Als kind van 4 jaar had ze
al een moestuin en die passie is
altijd gebleven. Ingehuurd door
woningcorporatie Vestia werkt ze
nu als stadslandbouwer in de Rotterdamse wijk Schiebroek-Zuid.
Tussen de flats zijn sinds de zomer
van 2011 moestuinen te vinden.
“Allochtone vrouwen, oude volkstuinders, er zijn veel mensen in
de wijk die iets hebben met een
moestuin. Ik laat het ook allemaal
zo snel mogelijk aan hen zelf over.
Je moet goed kijken wat bewoners
willen, zelf verschillende brillen
doordat mensen onderweg vastlopen. Het lukt dan niet om verbindingen te leggen met bijvoorbeeld
“Een zaadje in de grond en een zaadje in het hoofd.”
kunnen opzetten. Ze zeggen wel
eens dat ze het zonder mij niet
zouden kunnen, maar volgens
mij kunnen ze het prima zelf. Het
heeft met zelfvertrouwen te maken
denk ik. Het is daarom jammer dat
dit soort projecten steeds minder
tot de kerntaken van een corporatie wordt gerekend.”
Lukt het niet,
dan lukt er vaak toch iets
Via media en sites worden de
succesprojecten aardig over het
voetlicht gebracht. Hoe zit het
met de mislukkingen? Een groen
buurtproject lukt eigenlijk altijd,
zeiden de deelnemers, alleen ziet
het er soms niet zo uit als je het in
het begin had bedoeld. Feitelijk
komt er altijd iets uit voort, al is
het maar meer sociale cohesie.
Toch is er ook een ander perspectief: soms wordt het beoogde
eindresultaat niet gehaald. Irini
Salverda van Wageningen UR: “Er
mislukken best wat initiatieven,
medebewoners, maar ook met
de gemeente of andere partijen.
Daarnaast staan nog lang niet alle
ambtenaren echt open voor burgerinitiatieven. Hoe de verhouding
geslaagd versus niet-geslaagd ligt
valt lastig te zeggen.”
De natuur vaart er wel bij
Natuur in en rondom steden kan
prima bijdragen aan natuurwaarden, vonden de deelnemers. Friso
Klapwijk: “Wij denken dat onbenutte daken een ultieme kans
bieden voor de aanleg van een
Ecologische Hoogstructuur. Samen
met de Gemeente Amsterdam,
stadsdeel Centrum en De Groene
Grachten hebben we een droom:
het ontwikkelen van een nieuw
Nederlands natuurgebied, midden
in de stad Amsterdam. Dit natuurgebied ligt verspreid over verschillende daken, waarbij inheemse beschermde plantensoorten worden
gestimuleerd. Dakgroen hoeft zich
namelijk niet te beperken tot se-
dum. In dit project streven we naar
een totaal oppervlak van 1 hectare
(10.000 m2), verspreid over 100
daken in de Amsterdamse binnenstad.” “De kleine snippers groen
in de stad kunnen met elkaar ook
een natuurnetwerk vormen”, zei
Philip Kuypers. “Zo’n stedelijk
natuurnetwerk kan ook worden
gelinkt aan de natuur buiten de
stad. Soms zijn daar maar kleine
corridors voor nodig, die vaak met
een paar simpele ingrepen zijn te
realiseren.”
Grotere beweging
De deelnemers zien dus directe
voordelen voor de natuur, maar
ook indirecte. De groeninitiatieven zorgen voor bewustwording
over wat natuur is en hoe het
werkt. Dat beïnvloedt hoe mensen zich gedragen, bijvoorbeeld
bij keuzes die ze in de supermarkt
maken. De effecten daarvan zijn in
potentie nog veel groter. Lonneke
Rhodens: “Je plant een zaadje in de
grond, maar ook een zaadje in het
hoofd.”
Liefdevol loslaten
Groene initiatieven zijn erbij
gebaat als de betrokken overheid
Martin van der Harst vertelt
hoe Emma’s Hof is ontstaan.
social
– veelal de gemeente – het initiatief aan de initiatiefnemers laat.
Ruimte biedt voor hun ideeën, het
niet overneemt. ‘Liefdevol loslaten’, noemde de Spoortuin dat.
Evert de Boer van De Kersentuin,
een zelfontworpen groene nieuwbouwwijk in Utrecht: “Ons bewonersinitiatief kon ontstaan omdat
de gemeente ruimte bood. Een advertentie in de krant met de tekst
‘initiatief zoekt nemer’. In het
vervolgproces hebben we nog wel
extra speelruimte moeten bevechten, met name voor de inrichting
en het beheer van de openbare
ruimte, maar daar zijn we prima
uitgekomen.” Ruimte bieden is
overigens niet hetzelfde als achterover leunen en niks doen. Martin
van der Harst: “De gemeente Den
Haag heeft ons geholpen met het
aanvragen van een Europese subsidie. Zij hadden daar veel meer
ervaring mee, dat was ons niet
snel gelukt.” Ook werd opgemerkt
dat met (een beetje) financiering
van de overheid, andere fondsen
sneller geneigd zijn om ook bij te
dragen. Vaak is een klein kapitaal
alleen bij het begin nodig.
Veel potentie
Inmiddels was staatssecretaris
Sharon Dijksma aangeschoven
en had een deel van het gesprek
meegeluisterd. Ze vulde aan: “De
rijksoverheid kan laten zien waar
we naartoe willen. Goede voorbeelden omarmen. In actie komen als een regeling anders zou
moeten om iets soepeler te laten
verlopen.” Gemeenten kunnen
initiatieven van inwoners ook
ondersteunen: “Ambtelijke blokkades oplossen, ingangen bieden,
vertrouwen geven aan initiatieven
van mensen. “ De crux is volgens
de staatssecretaris dat de overheid
mensen zelf verantwoordelijkheid
laat nemen voor de natuur en
daarvoor goede voorwaarden stelt.
“EZ kan dit niet regelen, maar wij
kunnen wel ideeën meegeven.
In steden als Rotterdam en Apeldoorn zijn veel goede voorbeelden
en die kunnen wij in de etalage
zetten. Zodat mensen zich meer
gaan realiseren welke potentie er
is.” Overigens twijfelde de staatssecretaris niet aan het belang van
natuur in de stad voor de biodiversiteit.
#natuurkaravaan
leestips
Een online tool die snel inzicht
geeft in de letterlijke waarde van
groen en water in de stad.
TEEB stad >>>
De plek waar Wageningen UR al
haar onderzoek naar groene burgerinitiatieven deelt, met bijvoorbeeld een publicatie met tips voor
overheden.
Wageningen UR >>>
Meervoudige democratie >>>
drie kernpunten in het gesprek
1. Eigenaarschap is cruciaal om
mensen betrokken te houden en
te zorgen voor continuïteit.
2. De rol van de overheid is
vooral die van liefdevol loslaten.
Omarm goede voorbeelden, slecht
ambtelijke barrières en biedt soms
een klein startkapitaal.
3 . Stadsnatuur, inclusief natuur
op daken, is een belangrijk onderdeel van het nationaal natuurnetwerk.
@stadsnatuur Ook in de stad is
de natuur belangrijk, kan buurtinitiatief aan bijdragen met bloementuin en voedsel(kwaliteit).
Bewustwording #natuurkaravaan.
@judithbokhove De @Spoortuin
brengt de ecologische verbindingen in de stad onder de aandacht
bij de staatssecretaris #natuurkaravaan
@stadsnatuur Volgens @Dakdokters zou aanpassing Bouwbesluit
helpen om natuur op daken verder
te helpen, zoals regels windbelasting etc. #natuurkaravaan
@annemariebor Maak
groen&natuur in #gemeenten
ook onderdeel @klimaatbeleid.
Binden CO2, koelte & wateropl.
#natuurkaravaan @ToekomstNatuur @Klimaatagenda
264 views
Initiatiefnemers van groen in de woonomgeving in gesprek met staatssecretaris
Sharon Dijksma. Op de grond de boodschappenmand, waarin alle karavaandeelnemers oproepen aan de staatsecretaris
konden stoppen. Die boodschappen zijn
in de gespreksveslagen verwekt
Na het karavaangesprek over wonen, verplaatsten de deelnemers
zich naar De Nieuwe Regentes. Daar ontmoetten ze deelnemers
uit eerdere karavaangesprekken voor het slot van de gespreksreeks. Staatssecretaris Sharon Dijksma vertelde over de nieuwe
natuurvisie en eerste lessen uit de natuurkaravaan.
TERUG NAAR HET HART
Zes karavaangesprekken met tientallen initiatiefnemers en professionals, over uiteenlopende
thema’s, met natuur als rode draad. Wat kunnen
zowel initiatiefnemers als overheid van deze serie
ontmoetingen leren? Vier observaties.
1. Energie
In de tent zaten louter mensen
die met veel energie bezig zijn. Ze
geloven in wat ze doen en zijn vol
passie. Ze handelen naar hun overtuiging. Ze leggen verbindingen
die er nog niet zijn. Ze laten zich
niet tegenhouden door onmogelijkheden en regels. Ze gaan net
zolang door tot ze resultaat zien –
hoe klein of groot ook.
2. Alledaags
De initiatiefnemers zien natuur als
iets dat onlosmakelijk verbonden
is met het dagelijks leven. Met
waar we wonen, hoe we leren, hoe
we produceren, hoe we ontspannen. Ze zien natuur niet als iets
uitzonderlijks, eerder als iets alledaags. Iets dat logisch samenhangt
met de dingen die we toch al doen.
Het benutten en beleven van natuur betekent ook zorgen voor natuur. Zo simpel is het voor velen.
Het lijkt erop dat deze manier van
kijken een succesfactor is.
3. Systeem
Veel initiatieven passen niet zomaar binnen bestaande systemen.
‘Groene medicijnen’ krijgen te maken met de stugge zorgstructuur,
mensen die kinderen meer over
natuur willen leren met overvolle
onderwijsprogramma’s. Soms veranderen systemen wel, maar gaat
het erg traag, bijvoorbeeld op het
vaan
urkara
#natu
n
#natuur
karavaa
an
Tot slot: nieuwe initiatieven
blijven nodig
Kleine initiatieven worden groot,
en dat is vanuit het oogpunt van
impact erg fijn. Er kleeft evenwel
ook een mogelijk nadeel aan. Als
dingen groter worden, of groteren
mee gaan doen met de kleintjes,
dan kan het duurzaamheidsniveau
of de natuurkwaliteit wel eens uithollen tot een soort wettelijk mi-
uurk
arava
4. Netwerk
Eerst was er burgerparticipatie.
Toen overheidsparticipatie. Maar
beide termen zeggen: ‘de een
participeert in een initiatief van
de ander’. In veel van de besproken initiatieven lijkt dat eigenlijk
helemaal niet de situatie te zijn.
Rond veel initiatieven zijn participatienetwerken ontstaan waarin
allerlei partners – burgers, ondernemers, zzp’ers, overheden – op
min of meer gelijkwaardige basis
(kunnen) deelnemen. Die participatienetwerken zijn misschien
wel de hoeksteen van de energieke
samenleving.
#nat
gebied van internationale duurzame handel. De meeste initiatiefnemers dromen van meer impact,
van (nog) meer resultaat, van een
betere wereld. Maar ze lopen tegen
de onmogelijkheden en soms zelfs
‘perverse prikkels’ van systemen
op. Dat frustreert wel eens.
Als voorbeeld het ‘systeem’ van
consumeren. Duurzaam consumeren wordt nu volledig aan de
keuzevrijheid van de consument
overgelaten. Zowel in de sessie
over ondernemen als over consumeren gingen geluiden op dat de
grenzen van die ‘aanpak’ in beeld
komen. Op basis van vrijwilligheid
alleen lijkt een omslag naar duurzaam niet te slagen. “Legbatterijen
waren nooit verdwenen als ze niet
verboden waren.”
nimum. Of tot precies datgene dat
je moet doen voor een keurmerk.
Anders gezegd: schaal heeft de neiging op gespannen voet te staan
met (natuur)ambitie. Er blijven
dus nieuwe initiatieven nodig om
te prikkelen, om volgende stappen
te zetten, om de gevestigde orde
uit te dagen. Zo’n continue aanwas
van nieuwe ideeën lijkt voorlopig
nog wel even nodig om de natuur
terug te brengen waar die volgens
velen hoort: in het hart van onze
samenleving, in het hart van wat
we denken en doen.
Energie
‘Hoe houden we de energie erin?’,
vroegen we de deelnemers tijdens
de afsluitende sessie. Een paar
boodschappen uit de mand.
“Onschotting, zowel mentaal als
beleidsmatig.”
“Samenwerken met mensen die
dezelfde passie delen: kennis en
ervaring uitwisselen en elkaar
inspireren.”
“Experimenteerruimte.”
drie kernpunten in de karavaan
“Bij elkaar komen, oploopjes
organiseren.”
1. Energie zorgt voor beweging.
Koester de energie die er bij initiatiefnemers is en geef het ruimte.
“Succesverhalen gebruiken als
iconen. Succes geeft energie. Resultaten inspireren.”
2. Verbinding maakt sterker.
Stimuleer en ondersteun (kennis)
netwerken rondom en tussen
initiatieven.
“Energie moet je niet vasthouden,
maar laten stromen!”
3 . Houd initiatieven praktisch,
dichtbij en menselijk. Dan kunnen
ze systemen van onderop en binnenuit veranderen. Tegelijkertijd
kan de overheid juist op systeemniveau actief zijn, bijvoorbeeld om
openingen te creëren in de zorg, in
het onderwijs, binnen Europa en
bij de WTO.
174 views
Colofon
Dit is een publicatie van het ministerie van
Economische Zaken. Dank aan alle deelnemers die tijd vrijmaakten en enthousiast
hun ervaringen wilden delen! De nieuwste
ontwikkelingen rondom de natuurvisie zijn
te volgen via twitter, @natuurvisie2014.
Het creatief concept van de natuurkaravaan kwam van Sprekend Platteland.
Wiebe Kiestra maakte de foto’s voor dit
verslag. De video’s over de natuurkaravaan werden gemaakt door Westmedia.
Publicatiedatum: april 2014.