Nieuwsbrief gevaarlijke stoffen - Gevaarlijke

Nieuwsbrief gevaarlijke stoffen
SafetyNet Electronic journals
Editie 117– Mei 2014
SHE manager chemie (logistiek) vermoedelijk één van de meest
stressvolle banen van Nederland.
Het is ernstig gesteld met de werkdruk van de SHE manager in de chemische logistiek. De Vereniging Nederlandse Chemische
Warehousingbedrijven (VNCW), interviewde diverse functionarissen die verantwoordelijk zijn voor de veiligheid in de chemie en chemische
logistiek. De verhalen die opgetekend werden waren regelmatig schrijnend: ‘Ik krijg hartkloppingen als de telefoon gaat’ vertelt een SHE
manager, terwijl een ander bevestigd: ‘Ik functioneer allang niet normaal meer. Wanneer ik een alarm hoor breekt het zweet mij uit’.
INHOUD
Algemeen
Pag 1
Veiligheid
Pag 4
Rail
Pag 5
Vervoer
Pag 6
De Safety-, Health & Environment Manager kent veel verschillende benamingen: KAM manager,
BRZO coördinator, SHEQ manager of SHE manager. Hoewel de gemiddelde SHE manager veel
uitvoerende taken kent en daarin verantwoordelijk is voor de veiligheid, blijkt de functie in de
praktijk toch veelal adviserend te zijn. De geïnterviewde functionarissen werken vooral binnen de
chemische logistiek en een groot deel daarvan binnen bedrijven die onder de BRZO’99 vallen: de
risicobedrijven.
Een betrokken SHE manager: ‘In gedachte ben je er ‘s avonds mee bezig en sta je er ’s morgens
mee op’. ‘Je bent voortdurend alert dat de telefoon over kan gaan en je bent voortdurend je mail
aan het checken’; aldus een andere SHE manager. ‘Een vrije dag of een vakantie geeft nooit die
rust die je nodig hebt. Je kunt ieder moment gebeld worden met een vraag of iets opgeslagen
mag worden, dat er een brief met eisen van bevoegd gezag binnen is gekomen, dat de
blusinstallatie afgekeurd is of waarom bepaalde stoffen niet in een bepaald magazijn opgeslagen
mogen worden’. De belangen van je collega’s binnen het bedrijf liggen vaak op een ander vlak
dan die van jou. Financiële-, logistieke- en commerciële belangen wegen ook zwaar. En dat is dan
nog de praktijk van alle dag. Lees verder op: pagina 4.
Chemie en veiligheid in één
dagdeel
Chemisch bedrijf krijgt
boete
20% korting voor Nieuwsbrief
gevaarlijke stoffen lezers!
De Inspectie SZW heeft een chemisch bedrijf in
Zuid-Holland een boete opgelegd van €150.000,-.
De boete krijgt het bedrijf omdat zij “onvoldoende
invulling had gegeven aan de identificatie van de
gevaren en de beoordeling van risico’s ten
aanzien van explosieveiligheid”.
SEVESO / BRZO 2015 - CLP / EUGHS 2015 - ADR 2015 - PGS 2015
Vaart
Pag 7
Bedrijf
Pag 8
Abonnement op de
Nieuwsbrief gevaarlijke stoffen?
Lid worden kan al vanaf € 15,15,per jaar.
www.gevaarlijkewww.gevaarlijke-stoffen.com/Lid
Adverteren in de Nieuwsbrief
gevaarlijke stoffen?
mail naar
info@[email protected]
In 2015 zal er veel veranderen op het
gebied van chemische stoffen, de
indeling en etikettering, de opslag,
externe veiligheid en het vervoer over
de weg. Laat u in één dagdeel
informeren over de aanstaande
wijzigingen.
Vermeld ‘20%korting NGVST’ in het
‘inkoopnr’ veld om de korting te
ontvangen.
Donderdag 18 september 2014
Roermond
http://tinyurl.com/q66hcfg
Woensdag 24 september 2014
Dordrecht
€ 150.000,-
Het bedrijf gebruikt oplosmiddelen in haar
productieproces en slaat deze ook op. De
oplosmiddelen hebben als eigenschap dat ze
brandbaar zijn en explosieve atmosferen kunnen
vormen. Tijdens een inspectie in mei vorig jaar
bleek dat het bedrijf de vorming van explosieve
atmosferen in bepaalde gebieden op het
bedrijfscomplex onvoldoende in beeld had. De
verplichte veiligheidstudie waarmee de potentiële
gevaren en de risico’s in beeld worden gebracht
voldeed volgens de Inspectie niet.
Het bedrijf kreeg van de Inspectie de tijd tot
november 2013 om de vastgestelde overtreding
ongedaan te maken. Bij een hercontrole bleek
echter dat het bedrijf de veiligheidstudie nog
steeds niet op orde had. Reden voor de Inspectie
om een boete op te leggen. Het bedrijf heeft
onlangs de boetebeschikking van € 150.000,ontvangen. Het bedrijf kan nog bezwaar maken.
Cursus PGS15 (gevaarlijke stoffen in opslag)
18 november 2014 in Utrecht: http://www.safetynet-nederland.nl/Cursusgvst99
1
Voorpublicatie ontwerp van
beheer verpakkingen 2014
het
Besluit
In de Staatscourant 11354, 2014 is het ontwerp-Besluit beheer
verpakkingen 2014 gepubliceerd. Staatssecretaris Mansveld
nodigt betrokkenen uit om binnen vier weken na publicatie hun
zienswijze te geven op deze concepttekst.
Het Besluit beheer verpakkingen 2014 vervangt het Besluit
beheer verpakkingen en papier en karton.
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2014-11354.html
Falck bouwt eerste LNG oefenlocatie in
Rotterdamse Haven
Falck, gespecialiseerd in advisering en trainingen op het gebied
van het bestrijden van calamiteiten en ongelukken in de
industriële en publieke sector, is begonnen met de bouw van een
oefenlocatie voor de bestrijding van calamiteiten met Liquefied
Natural Gas (LNG, vloeibaar aardgas). Het Havenbedrijf
Rotterdam en de gezamenlijke brandweer in het havengebied
zijn nauw betrokken bij de ontwikkeling van de oefenlocatie.
Brandweerkorpsen, medewerkers en bedrijfshulpverleners in de
(petro)chemische industrie, weg- en watertransportsector en bij
op- en overslagbedrijven, kunnen vanaf september 2014 in een
realistische omgeving oefenen en trainen in het bestrijden van
incidenten met LNG.
LNG is op weg om dé brandstof te worden voor wegtransport en
scheepvaart. Het past in het Europese beleid voor schonere
brandstof. Het is niet alleen schoner maar ook goedkoper dan
diesel. De investeringen in de productie, opslag en het vervoer
van LNG nemen in Nederland fors toe. Deze ‘groene groei’ontwikkeling is van strategisch belang voor Nederland.
Voorwaarde daarbij is dat de veiligheid rondom LNG wordt
geborgd. Daarom zet Falck haar kennis (in nauwe samenwerking
met Falck RPI uit Engeland) en samenwerkingsnetwerk actief in.
Het resultaat daarvan is de bouw van deze LNG-oefenlocatie. De
eerste in Nederland. Primagaz is verantwoordelijk voor de eerste
levering van LNG ten behoeve van de Falck-oefenlocatie.
Aardgas wordt vanuit gasvelden getransporteerd naar LNGfabrieken aan land (zogenaamde liquefaction terminals). Daar
wordt er LNG van gemaakt en vervolgens bij extreem lage
temperaturen (-162˚ C) getransporteerd naar opslagterminals
(regasification terminals) voor verdere distributie naar de klanten.
LNG is reuk- en kleurloos, niet giftig en niet bijtend.
ADR 2013-2014 voor het vervoer gvst.
http://www.safetynet-nederland.nl/ADR2013-2014
Risicobedrijven ‘blootgelegd’ op internet.
Deze maand komen op www.brzoplus.nl samenvattingen
beschikbaar van inspecties bij bedrijven die werken met
gevaarlijke stoffen, de zogenaamde BRZO-bedrijven*. Op korte
termijn kunnen we dus meekijken met wat controleurs her en
der in Nederland aantreffen. De belangrijkste doelgroep zijn
burgers die specifieke interesse hebben in inspectieresultaten,
bijvoorbeeld omdat ze dichtbij een risicobedrijf wonen. Het gaat
er vooral om het vertrouwen van het publiek in de veiligheid van
bedrijven terug te winnen. Jargon is uit den boze en
samenvattingen zijn nooit langer dan twee A4-tjes. Inspecteurs
gaan zelfs op schrijfcursus om rapporten zo publieksvriendelijk
mogelijk te verwoorden.
De beer is los, zou je zeggen. Weer een nieuw platform waar
bedrijven eens flink te kakken worden gezet. Dit is echter te kort
door de bocht. Voor publicatie gaan de inspectierapporten,
inclusief publieksvriendelijke samenvatting, eerst naar het
desbetreffende bedrijf. Mocht een bedrijf het niet eens zijn met
de samenvatting, kan deze een eigen zienswijze indienen en
eventueel verbod op publicatie afdwingen via de rechter. Echter,
wie goed presteert, heeft niets te vrezen. Sterker nog, voor
bedrijven is het juist een kans om te laten zien hoe het wel
moet. De VNCI (De Vereniging van de Nederlandse Chemische
Industrie) stimuleert het initiatief juist en is groot voorstander
van transparantie.
Aankondiging publicatie advies ‘Milieuschade verhalen,
advies over financiële zekerheidsstelling risicobedrijven’
De Rli brengt op 3 juni 2014 het briefadvies 'Milieuschade
verhalen,
advies
over
financiële
zekerheidsstelling
risicobedrijven' uit over de mogelijkheden van financiële
zekerheidsstelling voor aansprakelijkheid bij milieuschade. Dit
gaat over milieuschade die ontstaat of aan het licht komt bij
de bedrijfsbeëindiging van majeure risicobedrijven (vallend
onder het Brzo-besluit). Daarbij kijkt de raad ook naar de
verzekerbaarheid
van
deze
aansprakelijkheid.
Staatssecretaris Mansveld van Infrastructuur en Milieu heeft
de Rli om dit advies gevraagd. De directe aanleiding voor de
adviesvraag was het debat over externe veiligheid in de
Tweede Kamer (december 2013) en de aangenomen motieVan Tongeren). Ook het Rli-advies Veiligheid bij Brzobedrijven, verantwoordelijkheid en daadkracht veiligheid' (juni
2013) vormde aanleiding voor dit briefadvies.
Bij het beoordelen van de waarde en de rol van financiële
zekerheidsstelling bij de beperkte groep van Brzo- en IPPC
categorie 4 bedrijven richtte de raad zich op twee effecten:
- De mate waarin het stellen van financiële zekerheid het
verhalen van de kosten van milieuschade vergemakkelijkt, en
daarmee voorkomt dat de kosten bij een overheid
terechtkomen
- De mate waarin het stellen van financiële zekerheid een
prikkel tot preventie van milieu-incidenten is.
2
'Rotte-eierenlucht’ in Deurne kan gezondheidsklachten
veroorzaken.
Op verschillende plaatsen in Deurne komen gevaarlijke
concentraties waterstofsulfidegas vrij als er grondwater wordt
opgepompt. De penetrante rotte-eierenlucht die wordt geroken
kan misselijkheid, hoofdpijn en prikkende ogen veroorzaken. Als
een van de mogelijke oorzaken wordt mest op landbouwgrond
genoemd.
Inspectie SZW: naleving chemiesector nog te
laag
De Inspectie SZW heeft een factsheet gepubliceerd met de
inspectieresultaten van 2013 rond veilig en gezond werken in de
Aardolie, Chemie, Farmacie, Kunststof en Rubber (ACFKR).
Link naar het rapport: http://tinyurl.com/pfc5yau
De
gemeente
Deurne
heeft
dat
donderdagavond
bekendgemaakt naar aanleiding van resultaten van uitgebreid
onderzoek. In december 2012 werden een kind en later een
medewerker van het waterschap onwel bij het nieuwe
speelpompje in het Zandbos. Advies: stoppen met gebruik
grondwater als rotte-eierenlucht wordt geroken. Inwoners van
Deurne wordt geadviseerd te stoppen met het gebruik van
grondwater zodra de rotte-eierenlucht wordt geroken. Er werden
in de buitenlucht in Deurne concentraties waterstofsulfidegas
gemeten die minimaal 2 keer te hoog zijn.
Het is de eerste keer dat dit soort metingen zijn gedaan. Omdat
het probleem vermoedelijk op meerdere plaatsen speelt laat de
provincie ook een onderzoek doen in de rest van NoordBrabant. Een eerste onderzoek in 2013 bevestigde de
verhoogde waarde aan H2S-gas (waterstofsulfide-gas), maar
toen werd er geconcludeerd dat er geen gevaar was voor de
volksgezondheid. Later werd door gemeente, waterschap en
provincie besloten om diepgravender onderzoek te doen om zo
meer duidelijkheid rond de oorzaken te verkrijgen. Er werd een
speciaal team samengesteld, bestaande uit geohydroloog
Boukes, hoogleraar toxicologie Rientjens en biogeochemicus
Smolders.
Zij hebben nu hun onderzoek afgerond. Ook zij constateren
verhoogde waardes aan waterstofsulfidegas, die kunnen leiden
tot gezondheidsklachten, zoals misselijkheid, hoofdpijn en
prikkende ogen. Deze klachten zijn volgens de onderzoekers
tijdelijk en nemen af na beëindiging van de blootstelling. Volgens
de onderzoekers is er geen duidelijke oorzaak, maar gaat het
om 'een combinatie van factoren'. Het expertpanel beveelt extra
onderzoek aan, omdat de verhoogde waardes niet alleen in
Deurne voorkomen, maar ook elders in het land.
Interactieve
kaart
wijst
Amerikaanse
scholen op chemiebedrijven in de buurt
Een op de tien schoolkinderen in de VS krijgt les op minder
dan een mijl afstand van een locatie waar met gevaarlijke
stoffen wordt gewerkt. En de meeste van die 4,6 miljoen
kinderen hebben geen benul, claimt het Center for Effective
Government, een pressiegroep van bezorgde burgers in
Washington DC.
Vandaar dat de club een interactieve landkaart online heeft
gezet waarop zowel de ‘bedreigde’ scholen als de risicolocaties
kunnen worden aangeklikt. Bij die locaties is dan weer
achtergrondinfo aanklikbaar, zoals de aard van de activiteiten,
de aanwezige stoffen, de veiligheidsmaatregelen en (indien
van toepassing) het aantal recente incidenten.
Het betreft bedrijven die onder het Risk Management Program
van het overheidsmilieubureau EPA vallen omdat ze werken
met bepaalde hoeveelheden stoffen die gevaarlijk zijn voor de
omgeving als ze lekken of ontploffen. Enigszins vergelijkbaar
met de Nederlandse BRZO-regeling dus, al zullen de
voorwaarden wel verschillen.
http://tesla.foreffectivegov.org/RMPOne/bin-release/
Vierjarige aanpak van beroepsrisico nummer 1: werkstress
Een derde van het werkgerelateerde ziekteverzuim wordt
veroorzaakt door werkstress. Daarmee is stress op de werkvloer
het grootste beroepsrisico in ons land. Minister Asscher van
Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) gaat daarom de
komende vier jaar samen met werkgevers en werknemers
werkstress verder bespreekbaar maken en aanpakken. Ook de
Inspectie SZW gaat de komende jaren extra controleren op
gezonde werktijden, werkdruk en agressie op de werkvloer, zo
schrijft de minister in een brief die gisteren aan de Tweede Kamer
is gestuurd.
Minister Asscher heeft gisteren in Den Haag in het bijzijn van
werkgevers en werknemers het startsein gegeven voor een plan
om werkgerelateerde stress aan te pakken. Op deze bijeenkomst
lanceerde Asscher ook de communicatiecampagne ‘Check je
Werkstress’. Deze campagne is bedoeld om werkgevers en
werknemers te wijzen op de risico’s van teveel werkstress en moet
ervoor zorgen dat het onderwerp bespreekbaar wordt op de
werkvloer. In de campagne staan ervaringsverhalen van bekende
en onbekende Nederlanders centraal. Zo vertellen onder meer
Hugo Borst en Leontien van Moorsel over hun ervaringen met
werkstress.
Minister Asscher: ‘Het is nu vaak nog een taboe om over
werkstress te praten, daar schamen werknemers zich voor. Maar
de bekende uitspraak ‘van hard werken wordt niemand ziek’, klopt
in de praktijk niet. Met hard werken is niks mis, maar de
randvoorwaarden om dit te kunnen doen moeten er wel zijn.
Bijvoorbeeld dat je naast je werk ook de zorg op je kunt nemen
voor een familielid of vriend. En dat er op je werk geen sprake is
van agressie, pesten en intimidatie. Ik wil dat het normaal wordt dat
werkgevers en werknemers werkstress met elkaar bespreken en
aanpakken’.
Verder kondigt de minister in zijn brief een landelijke Week van de
Werkstress aan. Ook gaat het ministerie van SZW bijeenkomsten
organiseren waar werkgevers en werknemers goede voorbeelden
over het omgaan met werkstress uitwisselen die ze direct op de
werkvloer kunnen toepassen.
BLOOTSTELLINGSGEVAAR?
http://www.blootstellingsrapportage.nl/
3
Jaarverslag Inspectie SZW: gerichte aanpak op mogelijke
overtreders wetten is succesvol
De Inspectie SZW heeft in 2013 succesvol geïnvesteerd in een
risicogerichte aanpak. Hierdoor is het aantal werkgevers, dat op
het terrein van ‘Eerlijk werken’ een boete kreeg gestegen tot
ruim 24%. Dit is een stijging van ruim 14% ten opzichte van
2012. Ook bij het toezicht op ‘Gezond en veilig werken’ was het
handhavingpercentage bij de meeste sectoren in 2013 hoger
dan in 2012. Dit staat in het jaarverslag over 2013 van de
Inspectie SZW.
Met haar toezicht en opsporing richt de Inspectie SZW zich op
het aanpakken van misstanden en notoire overtreders die
(ernstige) maatschappelijke schade veroorzaken. Daarbij heeft
de Inspectie vooral aandacht voor niet-zelfredzame groepen
(mensen die veelal ongeschoold werk doen en een lage
opleiding hebben), die niet de kennis of positie hebben om zelf
voor hun arbeidsomstandigheden en -voorwaarden op te
komen. De Inspectie SZW wil daar zijn waar zij het hardst nodig
is. De inspectieresultaten over 2013 laten zien dat het op de
Nederlandse arbeidsmarkt nog lang niet overal goed gaat. De
rol voor de Inspectie blijft dan ook onverminderd belangrijk.
De Inspectie heeft in dit kader in 2013 4.930 inspecties
uitgevoerd. Daarbij heeft zij 7.362 werkgevers gecontroleerd.
Het aantal werkgevers dat een boete kreeg is door de gerichte
controle acties gestegen tot ruim 24%. Dit is een stijging van
ruim 14% t.o.v. 2012.
In het domein ‘Gezond en veilig werken’ legt de Inspectie SZW
de nadruk op de sectoren waar de risico’s het grootst zijn. In
2013 heeft de Inspectie 14.865 inspecties uitgevoerd. Dat de
Inspectie zich daarbij met succes richt op de bedrijven waar de
risico’s zich voordoen, blijkt uit het feit dat het
handhavingpercentage bij de meeste geïnspecteerde sectoren
in 2013 hoger lag dan in 2012. Bijvoorbeeld bij de grond-, wegen waterbouwinspecties was het handhavingpercentage 63% in
2012 en 70% in 2013.
De Inspectie heeft in het verslagjaar 2.086 onderzoeken
uitgevoerd naar aanleiding van arbeidsongevallen, een lichte
stijging in vergelijking met 2012 (2.026 uitgevoerde
ongevalonderzoeken). De Inspectie maakt zich zorgen over de
risico’s voor gezond en veilig werken. Dit omdat de naleving van
de arbozorgverplichtingen bij bedrijven al een aantal jaar op rij
te wensen overlaat. De Inspectie stelt dit in haar jaarverslag
over 2013 expliciet aan de orde. De Inspectie stelt daarbij vast
dat het gedrag van zowel managers als medewerkers
tekortschiet. Het gaat dan bijvoorbeeld om het niet dragen van
voorgeschreven beschermingsmiddelen en om het achterwege
late van veiligheidsvoorzieningen. De inspectie vraagt hiervoor
nadrukkelijk aandacht. Vaak doen de grootste risico’s zich voor
bij complexe sectoren waarbij veel bedrijven en werk­nemers
betrokken zijn. Het gaat dan onder andere om de bouw, de
metaalsector en de asbest­sector. In al deze sectoren
constateerde de Inspectie SZW in 2013 veel over­tredingen. De
naleving van regels is in de genoemde sectoren onvoldoende
tot slecht te noemen. Dit levert gevaren op voor werknemers.
Zo komen in de bouw nog steeds veel ongevallen voor: een
kwart van de onderzochte ongevallen is een ongeval in de
bouwnijverheid.
Bij 377 Brzo-bedrijven (bedrijven waar grote hoeveelheden
gevaarlijke stoffen aanwezig zijn) heeft de Inspectie SZW op
locatie geïnspecteerd. De nadruk lag daarbij op de opsporing en
aanpak van slecht presterende bedrijven. De Inspectie SZW
heeft ruim 250 waarschuwingen en 229 eisen tot aanpassing
gegeven aan deze hoog risicobedrijven. Bij 22 bedrijven in
deze categorieën zijn productieonderdelen tijdelijk stilgelegd.
Een enkel bedrijf heeft daarna de ondernemingsactiviteiten
gestopt
Vervolg van pagina 1—‘Je voortdurend bewust zijn, ieder
moment, dag of nacht, dat er iets mis kan gaan en dat jij als
functionaris van je bed gelicht kan worden en dagen
ondervraagd kan worden alsof je een crimineel bent. Je
voortdurend bewust zijn van het gegeven dat jij voor het hekje
zal staan en dat allemaal voor het salaris van een buschauffeur.
Dat werpt de vraag of dat het allemaal waard is’.
‘Er is een angstklimaat gecreëerd door de overheid’; aldus een
geïnterviewde ’waarbij valse discussies ontstaan. Het resulteert
er in dat er een ‘overtreding’ geconstateerd wordt terwijl er één
label van een verpakking is afgevallen. Feit is dat de chemische
keten één van de veiligste ketens is. ‘ Er wordt onvoldoende
rekening gehouden met wat de SHE manager doet en wie hij of
zij is. ’Een goede SHE manager voelt zich als geen ander
verantwoordelijk voor het functioneren van de hele site. Iedere
SHE manager is zich bewust van de zwakke schakels binnen
zijn of haar bedrijf. Maar hij of zij kan er niets aan doen dat een
medewerker de lepel van zijn heftruck niet onder een pallet
steekt, maar er tegen aan en dat de pallet van de ligger af
geduwd wordt. Het blijft mensenwerk, hoe goed je de zaakjes
voor elkaar hebt’.
De VNCW pleit al langer voor proportionaliteit op het gebied
van veiligheid en vraagt de overheidsinstanties op een eerlijke
wijze het kaf van het koren te scheiden. De chemische logistiek
is een mooie – en onmisbare schakel in de keten. ‘De meeste
bedrijven in deze branche zijn voortdurend met veiligheid bezig.
De functionarissen binnen deze risicobedrijven zijn daar dag en
nacht mee bezig. Een respectvolle behandeling van diegene die
deze veiligheid moeten bewaken is het minste wat ze mogen
verwachten’.
Broom moet uit frisdrank.
Onder druk van consumenten haalt Coca-Cola een
additief uit de Fanta. De stof is omstreden omdat hij ‘een
element bevat dat ook in vlamvertragers zit’, schrijft de
BBC op haar website. Het gaat om gebromeerde
plantaardige oliën (BVO), die in de VS al sinds 1931
worden gebruikt als additief in citrushoudende dranken.
Het zijn triglyceriden die gedeeltelijk worden gebromeerd
om de soortelijke massa in te stellen. Vervolgens meng je
ze met de relatief lichte citrusolie tot je uitkomt op precies
dezelfde soortelijke massa als de rest van de frisdrank.
Zo voorkom je dat de geëmulgeerde oliedruppeltjes naar
boven komen drijven als de fles te lang blijft staan.
Probleem met broom is dat je er een vergiftiging van kunt
oplopen als je er continu te veel van binnenkrijgt.
Geheugenverlies en spierproblemen zijn de meest
opvallende symptomen. Vandaar dat BVO’s in Europa,
India en Japan verboden zijn, terwijl in de VS een grens
van 15 ppm geldt. Die hoeveelheid is veilig zolang je niet
meer dan een paar liter BVO-houdende frisdrank per dag
consumeert, en de redenering lijkt te zijn dat je sowieso
niet goed wijs bent als je dat wél doet. Het betekent dat in
de VS wél BVO’s zitten in producten als Fanta, Mountain
Dew en Gatorade, terwijl er in Europa alternatieven
worden toegepast zoals glycerolesters van rosine en
sucroseacetaat-isobutyraat.
Zodat
consumentengroeperingen een argument hebben om ook
in de VS een andere receptuur te eisen: het kán immers.
En broom is eng, vanwege die vlamvertragers. Vorig jaar
kregen ze PepsiCo al zo ver dat BVO’s uit de Gatorade
verdwenen, en na een online-petitie heeft Coca-Cola nu
beloofd om voor het eind van het jaar helemaal met
BVO’s te stoppen - PepsiCo is dat eveneens van plan.
Waarbij een woordvoerder van Coca-Cola benadrukt dat
het géén kwestie van veiligheid is. bron: BBC
Infomil gaat informeren over Basisnet
Het ministerie van Infrastructuur en Milieu heeft
Kenniscentrum InfoMil de opdracht gegeven om de
kennisoverdracht over het Basisnet te verzorgen. Om
goed aan te sluiten bij de kennis- en informatiebehoefte
van de organisaties organiseerde InfoMil op 1 april 2014
een workshop. Naar verwachting treedt op 1 juli 2014 de
regelgeving voor het Basisnet vervoer gevaarlijke stoffen
in werking.
Kabinet pakt overlast door vuurwerk aan
Het kabinet verkort de verkoop- en afsteektijden voor vuurwerk.
Vanaf dit jaar mag vuurwerk enkel nog op oudjaarsavond
worden afgestoken vanaf 18.00 uur en niet meer vanaf ’s
ochtends 10.00 uur. Ook mag vuurwerk voortaan op twee in
plaats van drie werkdagen worden verkocht. Verder wordt met
een vergunningsstelsel de import van illegaal en zwaar
vuurwerk beperkt. Minister Opstelten van Veiligheid en Justitie
en staatssecretaris Mansveld van Infrastructuur en Milieu willen
zo de overlast en onveiligheid door vuurwerk verminderen,
zodat voor meer mensen de jaarwisseling een feest kan zijn.
Het kabinet heeft met deze maatregelen ingestemd.
Brand chemietanker op Waal bij Nijmegen als oefening
Als de blusboot van de Nijmeegse brandweer met volle kracht
voorbijvliegt over de Waal is er sprake van een stevige
calamiteit. Of er is een brandoefening. Zoals deze
woensdagochtend. Op de rivier stond voor de oefening
zogenaamd een chemietanker in brand en was een
denkbeeldige persoon vermist.
Met dat scenario voerde de brandweer in samenwerking met
Rijkswaterstaat een realistische oefening uit.
In de motorkamer van een chemietanker die nafta had vervoerd,
was brand uitgebroken. De tanker was leeg maar nog niet
ontgast waardoor speciale voorzorgsmaatregelen bij de
brandbestrijding nodig waren. Brandbestrijding, hulpverlening en
slachtofferhulp stonden centraal tijdens de oefening.
De brandweer rukte uit richting monding van het MaasWaalkanaal voor het zogeheten 'incident schip'. Daar lag de
tanker van Somtrans stil. Brandweerlieden gingen aan boord om
vast te stellen wat de precieze calamiteit was.
Volgens officier van dienst Rikken verliep de realistische
oefening naar wens. Aan de oefening deden behalve de
brandweerlieden die aan boord van het schip gingen ook een
adviseur
gevaarlijke
stoffen
mee.
Ook
waren
er
bedrijfshulpverleners betrokken.
De hulpdiensten stonden
voortdurend in contact met de politiemeldkamer, de
verkeerspost van Rijkswaterstaat en de Veiligheidsregio
Gelderland-Zuid.
Vanaf de Pannenkoekenboot konden persvertegenwoordigers
getuige zijn van de oefening.
Multilateral Special Agreement RID 3 /2014 under section
1.5.1 on designing vacuum-operated waste tanks to be
explosion pressure shock resistant
(1) By derogation from the provisions of sub-section 6.10.3.8
(b) of RID, a device to prevent im-mediate passage of flame
need not be fitted when the tank is capable of withstanding,
without leakage, an explosion resulting from the passage of
flame into the tank and when precaution are taken to avoid
the propagation of the effects of the ignition outside the tank
itself, when a vacuum pump/exhauster unit which may
provide a source of ignition is used to fill or discharge
flammable liquids.
(2) This Multilateral Special Agreement shall be valid until 31
December 2014 for the carriage on the territories of the RID
Contracting States signatory to this Agreement. If it is revoked
before that date by one of the signatories, it shall remain valid
until the above mentioned date only for carriage in the
territories of those RID Contracting States signatory to this
Agreement which have not revoked it
Dangerous goods Database Benelux!
Slechts: € 99,- Klik hier: http://tinyurl.com/o8ld6dn
Infrabel sleept betrokkenen
Wetteren voor de rechter
treinramp
Spoorbeheer Infrabel heeft alle betrokkenen van de treinramp
in het Belgische Wetteren voor de rechter gesleept omdat de
kosten als gevolg van het ongeluk te hoog oplopen. Infrabel
wil dat ook NMBS Logistics, DB Schenker Rail en de
verzekeraars daaraan meebetalen. Een Nederlandse
machinist bestuurde de goederentrein van DB Schenker Rail
ten tijde van het ongeval. Deze trein reed onder de vlag van
Belgische NMBS. Onderzoek van de rechtbank in
Dendermonde moet nog uitwijzen wie er verantwoordelijk is
voor de treinramp, maar Infrabel wil dat alle betrokkenen
meebetalen aan de voorfinanciering. De totale kosten van de
treinramp lopen inmiddels in de miljoenen euro’s.
In Wetteren vond een jaar geleden een grote treinramp plaats
nadat een goederentrein met giftige stoffen onspoorde en
daarna giftige dampen verspreidde via de riolering. Daarbij
kwam een persoon om het leven en raakte een honderdtal
mensen gewond. Ongeveer vierhonderd mensen moesten
hun huis verlaten.
Infrabel betaalde al meer dan 130 getroffen gezinnen in de
omgeving van de plek van de ramp een schadevergoeding
uit. Daarnaast betaalde de spoorbeheerder de kosten van het
herstellen van de infrastructuur en de bovenleiding. Maar er
werden ook nog andere kosten gemaakt, zoals het afvoeren
van het met gif vermengde bluswater.
Woordvoerder Thomas Baeken van Infrabel: “De ketelwagens
van de goederentrein vervoerden de chemische stof
acrylonitril. Het bluswater van de brandweer heeft zich
vermengd met de giftige stoffen. Dit water moest opgevangen
worden en getransporteerd worden met schepen. Deze
schepen moesten daarna worden gereinigd. Daarvan krijgen
wij nu nog facturen binnen.”
“Wij vinden dat wij als overheidsbedrijf de plicht hebben om
ervoor te zorgen dat de schade zo veel mogelijk beperkt
wordt voor mens en milieu. Als wij die facturen niet zouden
betalen, wie zou het dan wel doen? Wij nemen onze
verantwoordelijkheid hierin maar wij vinden wel dat alle
betrokken partijen hun schouders hieronder moeten zetten.
De bedragen zijn te hoog om door één bedrijf alleen betaald
te worden”, aldus Baeken.
5
Ruim 1 miljoen aan boetes opgelegd in transportsector
Oefenvragen ADR veiligheidsadviseur
De Inspectie SZW heeft de afgelopen periode voor ruim 1
miljoen
euro
aan
boetes
opgelegd
tegen
16
transportondernemers. In alle gevallen betrof het chauffeurs
die niet beschikten over de benodigde werkvergunning.
1. De hoogst toelaatbare massa van de vulling per liter
inhoud van UN1061 METHYLAMINE, watervrij betreft:

0,81 kg;

0,58 kg;

0,78 kg;

1,51 kg.
In de transportsector wordt door de Inspectie vooral
gecontroleerd op overtreden van de Wav (Wet arbeid
vreemdelingen) en de Wml (Wet minimumloon en
minimumvakantiebijslag). Bij de controles worden vooral die
werkgevers geïnspecteerd waarbij het risico van het niet
naleven van de regels het grootst is.
De controles van de Inspectie SZW in de afgelopen periode
hebben er toe geleid dat bij 16 transporteurs overtredingen van
de Wav zijn geconstateerd. In totaal gaat het hierbij om 94
werknemers die niet beschikten over de benodigde
werkvergunning. Het totale boetebedrag dat is opgelegd
bedraagt € 1.239.875,-. Voor een overtreding van de Wav was
de hoogte van de boete in 2012 nog € 8.000,-, vanaf 1 januari
2013 is de hoogt € 12.000,-. De werknemers kwamen onder
meer uit Hongarije, Bulgarije, Roemenië en Rusland.
Op dit moment is al aan ruim € 350.000,- aan boetes
ontvangen. Een aantal transportondernemingen heeft een
beroepsprocedure ingesteld.
Op dit moment lopen er nog een aantal onderzoeken die nog
niet zijn afgerond. Ook dit jaar wordt er gecontroleerd in de
transportsector. Waarbij de Inspectie vooral naar die bedrijven
gaat waar de afgelopen jaren overtredingen zijn geconstateerd
en bedrijven met een hoog risicoprofiel op schijnconstructies.
Ook wordt gebruik gemaakt van meldingen die bij de Inspectie
binnen komen van vakbonden en werkgeversorganisaties.
Eind vorige week kon, na een melding van de FNV nog een
transporteur worden aangehouden op verdenking van
mensenhandel.
Vermoedelijk is hier sprak van een schijnconstructie. Hierbij
wijkt de feitelijke situatie af van de situatie zoals die wordt
voorgespiegeld. Dit met het doel om wet- en regelgeving te
omzeilen. Dit is ongewenst en leidt tot oneerlijke concurrentie
op arbeidsvoorwaarden. Ongewenst voor werknemers omdat
het leidt tot verdringing,
onderbetaling en soms zelfs uitbuiting. Ongewenst voor
ondernemers omdat er geen gelijk speelveld meer is om op te
ondernemen. Ongewenst voor de overheid vanwege het
mislopen van premies en belastingen en het betalen van extra
uitkeringslasten als werknemers als gevolg van oneerlijke
concurrentie worden ontslagen.
Ongeval gevaarlijke stoffen bij Fortex in Nijkerk
Op maandag 19 mei is de brandweer van Nijkerk omstreeks
9:00 uur gealarmeerd voor een ongeval met gevaarlijke stoffen.
Ook meetploegen van omringende korpsen werden
opgeroepen.
Het ongeval vond plaats bij Clean Lease Fortex aan de
Watergoorweg. Het pand is volledig ontruimd. Een ambulance is
uit voorzorg ter plaatse.
Brandweerlieden met gasmakers op lopen met meetapparatuur
bij het pand. Ook bij een kinderdagverblijf aan de overkant van
het pand worden metingen verricht. Het is nog onbekend om
welke stof het gaat.
Antwoord: b
2. Stelling: Op een oververpakking moeten de volgende
aanduidingen zijn aangebracht: het UN-nummer, de
etikettering en de kenmerking voor milieugevaarlijke stoffen
voor alle afzonderlijke gevaarlijke goederen die in de
oververpakking aanwezig zijn.

Deze stelling is juist;

Deze stelling is onjuist.
Antwoord: b (het woord OVERVERPAKKING ontbreekt)
3. Op verpakkingen van 5 liter moet de afmeting van het UN
-nummer:

Minstens 5 mm hoog zijn;

Minstens 6 mm hoog zijn;

Minstens 12 mm hoog zijn;

Leesbaar zijn.
Antwoord: d (5.2.1.1.)
Geen eigen vervoer gevaarlijke stoffen, toch
veiligheidsadviseur nodig
Iedere onderneming die gevaarlijke stoffen over de weg
vervoerd moet over een ADR veiligheidsadviseur beschikken.
Niet veel bedrijven realiseren zich, dat ook de bedrijven die
gevaarlijke stoffen verpakken, beladen, vullen of lossen een
veiligheidsadviseur moeten aanstellen. Dit betekent dat ondanks
dat je dus niet zelf vervoert, maar bijvoorbeeld wel verpakkingen
vult en deze via een transporteur laat vervoeren over een
adviseur dient te beschikken.
Veel bedrijven zijn zich daarvan niet bewust, maar de
verplichting kan met het niet naleven tot hoge boetes leiden,
temeer daar het hier om wettelijke overtredingen gaat. De
controles op bedrijven die niet zelf vervoeren, maar juist laten
vervoeren of stoffen ontvangen nemen het laatste jaar flink toe,
meldt SafetyNet Nederland.
De veiligheidsadviseur is de specialist op het gebied van de
voorschriften voor het vervoer van gevaarlijke stoffen, die in
dienst van het bedrijf kan zijn, maar mag ook ingehuurd worden.
De functie en de taken van de veiligheidsadviseur zijn geregeld
in hoofdstuk 1.8 van het ADR (VLG) en deze omvatten onder
andere het adviseren van het bedrijf over het vervoer van
gevaarlijke stoffen, het toezien op de naleving van de regels en
het maken van een jaarverslag gevaarlijke stoffen.
Niet alle bedrijven die gevaarlijke stoffen laten vervoeren of
ontvangen zijn verplicht een veiligheidsadviseur in te zetten. De
uitzonderingen zijn echter beperkt. In het VLG (Vervoer over
Land van Gevaarlijke stoffen) wordt aangegeven wat de
uitzonderingen zijn. Een vrijstelling van het ADR genoemd in
randnummer 1.1.3.1, de 1000-punten-regeling (beperkte
hoeveelheid) of wanneer er sprake is van gelimiteerde/
vrijgestelde hoeveelheden. Het is raadzaam bij twijfel een
veiligheidsadviseur te raadplegen.
http://www.safetynet-nederland.nl/MSDS-opstellen/
6
Halt aan ontgassen van binnenvaartschepen
Het ministerie van Infrastructuur en Milieu, de provincies
Noord-Brabant en Zuid-Holland en de gemeente
Rotterdam hebben bestuurlijk overeenstemming bereikt
over het terugdringen van ontgassingen door varende
binnenvaartschepen. Het terugdringen van ontgassingen
met het schadelijke benzeen, benzeenhoudende en op
termijn ook andere vluchtige stoffen zal een positief
effect hebben op milieu en gezondheid.
Overeenstemming is er over de uitwerking van een
samenhangend pakket van internationale, nationale,
regionale en lokale maatregelen. De maatregelen
bestaan uit een convenant met het bedrijfsleven op
nationaal en regionaal niveau en verbodsbepalingen in
internationale, nationale, regionale en lokale regelgeving.
Het pakket treedt vanaf 2015 in werking en is naar
verwachting in 2018-2020 volledig gerealiseerd.
Samenwerking met andere overheden, met name
provincies, waarvoor dit pakket van maatregelen ook
relevant kan zijn, wordt gezocht. Nadat schippers hun
lading hebben gelost is het soms nodig om de ruimen te
ontdoen van restanten van die lading. Waar het vluchtige
stoffen betreft wordt dit vaak gedaan door middel van het
ontgassen van het schip. De ruimen zijn dan weer
schoon en klaar voor de volgende lading. De dampen die
vrijkomen
bij
ontgassen
veroorzaken
soms
stankoverlast. Bij langdurige blootstelling kunnen ze
schadelijk zijn voor de omgeving. Met ontgasinstallaties
op de wal of op het schip kunnen schepen gecontroleerd
worden ontgast.
Het ministerie werkt in internationaal verband in het
kader van het internationaal scheepsafvalstoffenverdrag
CDNI aan een verbod op varend ontgassen, net als in
Duitsland en Belgie. Dit verbod is naar verwachting in
2018-2020 van kracht. In de aanloop daar naartoe wordt
een nationaal convenant (green deal) opgesteld met
brancheorganisaties van de chemie (VNCI), tankopslag
(VOTOB), raffinaderijen (VNPI) en binnenvaart (CBRB
en BLN) om al eerder tot reductie van ontgassingen te
komen. Staatssecretaris ministerie Infrastructuur en
Milieu Wilma Mansveld: “ Ik wil mij samen met de andere
partijen inzetten om het ontgassen in bewoond gebied zo
snel mogelijk een halt toe te roepen. Want de
gezondheid van omwonenden en schippers staat voor
mij voorop“
Provincies Noord-Brabant en Zuid-Holland hebben het
voornemen om met uitbreiding van hun provinciale
milieuverordeningen een verbod op het varend
ontgassen van benzeen met ingang van 1 januari 2015
en het ontgassen van benzeenhoudende producten
(10% benzeen of meer) per 1 januari 2016 op te leggen.
Aan het Hollands Diep bij Moerdijk is inmiddels een
ontgasinstallatie beschikbaar. Provincie Zuid-Holland
gedeputeerde Rik Janssen: “We pakken de schadelijke
gevolgen van het ontgassen voor omwonenden van de
vaarroutes en van de havens van Rotterdam, Dordrecht
en Moerdijk stevig aan. Ik hoop van harte dat ook
overheden en bedrijven in andere gebieden zich snel
aan zullen sluiten. Ik ben trots en blij dat wij met alle
betrokken overheden en de industrie voor een schonere
leefomgeving voor onze inwoners gaan zorgen".
Provincie Noord-Brabant gedeputeerde Johan van der
Hout “We zijn rond Moerdijk al een hele tijd bezig met het
tegengaan van de uitstoot van benzeen in de buitenlucht.
Die wordt deels veroorzaakt doordat schepen op het
Hollands Diep met de luiken open varen om te
ontgassen. Deze overeenkomst is dan ook een flinke
stap in de goede richting”.
De gemeente Rotterdam zet samen met het bedrijfsleven
door middel van een regionaal convenant (regionaal
afsprakenkader Rijnmond) in op de beschikbaarheid van
voldoende ontgassingscapaciteit in het Rotterdamse
havengebied. Hiermee hebben schippers een alternatief
voor het ontgassen naar de buitenlucht.
Daarnaast onderzoekt de gemeente Rotterdam of het
aanvullend aan de provinciale milieuverordening nodig is
om de gemeentelijke havenverordening aan te passen.
Havenwethouder Jeannette Baljeu, Rotterdam : “Ik ben
trots dat we deze overeenstemming hebben bereikt. Het
is belangrijk voor de gezondheid van Rotterdammers en
het is goed om nu duidelijkheid te kunnen scheppen naar
de sector. Rotterdam heeft hier een voortrekkersrol in
gespeeld en we zien nu het succes van de gezamenlijke
inzet met de DCMR Milieudienst Rijnmond, Havenbedrijf
Rotterdam en Deltalinqs''.
Het pakket van de gezamenlijke aanpak bestaat dus uit:
a. Nationaal convenant (green deal) door ministerie van
Infrastructuur en Milieu met branche-organisaties per 1
januari 2015 in te gaan voor benzeen en start onderzoek
aanpak benzeenhoudende vluchtige stoffen.
b. Verbod op ontgassingen te regelen via de provinciale
milieuverordening van provincie Noord-Brabant en
provincie Zuid-Holland voor benzeen per 1 januari 2015
en benzeenhoudend per 1 januari 2016.
c. Regionaal convenant (regionaal afsprakenkader
Rijnmond) waarin voor het Rijnmondgebied afspraken
worden gemaakt tussen onder meer Havenbedrijf
Rotterdam, Deltalinqs, en individuele bedrijven over het
terugdringen van ontgassingen en het realiseren van
techniek om ontgassingen te kunnen uitvoeren.
d. Nationaal verbod op benzeen. Inzet ministerie van
Infrastructuur en Milieu vooruitlopend op CDNI verdrag.
Zodra er in CDNI kader internationaal voldoende
overeenstemming is om over te gaan tot een CDNIverbod is er basis voor een nationaal verbod op het
ontgassen van benzeen en van nog te bepalen andere
zeer zorgwekkende vluchtige stoffen.
Gevaarlijke stoffen cursus bij u
in het bedrijf?
Mail uw wensen naar [email protected] voor
een cursus op maat en zorg ook dat uw medewerkers
zijn opgeleid.
7
Waterwet wijzigt: heffing op lozen zware metalen en zouten
vervalt14 mei 2014
Aanwijzing laad- en losplaats aan
rechterzijde van het Julianakanaal
de
De Minister van Infrastructuur en Milieu als bevoegde autoriteit
als bedoeld in bijlage 4 van de Regeling vervoer over de
binnenwateren van gevaarlijke stoffen maakt op grond van de
Algemene wet bestuursrecht bekend dat zij het volgende
besluit heeft genomen:
Besluit
Gelezen het verzoek van OCI Nitrogen B.V. van 9 juli 2013,
zoals aangevuld c.q. gewijzigd op 20 december 2013, 20
januari, 17 maart, 22 april en 23 april 2014, en gelet op de
bepalingen van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen, het Besluit
vervoer gevaarlijke stoffen, de Regeling vervoer over de
binnenwateren van gevaarlijke stoffen, op grond van
randnummer 7.2.4.7.1 van de Europese overeenkomst voor
het internationale vervoer van gevaarlijke goederen over de
binnenwateren (ADN), de Algemene wet bestuursrecht en de
hieronder vermelde overwegingen besluit de Minister van
Infrastructuur en Milieu:
1. de locatie aan de rechterzijde van het Julianakanaal tussen
km 14.495 en 14.83 in de gemeente Stein, lokaal bekend aan
de waterzijde van het terrein gelegen tussen de
Buitenhavenweg en de Paalweg, aan te wijzen als laad- en
losplaats van ammoniak en urean voor tankschepen.
2. het verzoek van 9 juli 2013 zoals gewijzigd c.q. aangevuld
deel te laten uitmaken van het besluit.
3. dat van de laad- en losplaats gebruikgemaakt mag worden:
Per 1 juli verandert de Waterwet. Vanaf die datum wordt de
regeling van de verontreinigingsheffing vereenvoudigd. Om de
administratieve en bestuurlijke lasten terug te dringen, vervalt
de heffing op het lozen van zware metalen en zouten voor het
rijk en de waterschappen. Wel wordt het heffingstarief
verhoogd, van € 35,50 naar € 37,28.
In
samenhang
met
de
vereenvoudiging
van
de
verontreinigingsheffing in de Waterwet wordt ook de
Waterregeling per 1 juli gewijzigd. Tevens wordt daarbij voor
het bepalen van het chemisch zuurstofverbruik naast de huidige
NEN6633-methode ook de zogenoemde ‘cuvettentest' (NENISO 15705) mogelijk gemaakt.
Hoogwaterbeschermingsprojecten
De
Waterwet
regelt
nu
ook
dat
de
provincie
waterbeheerplannen van waterschappen niet meer hoeft goed
te keuren. Deze regeling was afgesproken in het kader van het
Bestuursakkoord Water (2011). Daarnaast worden het
nationale waterplan, het regionale waterplan en de
waterbeheerplannen uitgesloten van beroep. Zo kunnen
bijvoorbeeld hoogwaterbeschermingsprojecten sneller en
goedkoper worden uitgevoerd. Plannen en procedures
veroorzaken vaak
extra
kosten en vertraging
bij
waterveiligheidsprojecten. Ook staat bureaucratie innovaties in
de weg.
Commissie van Advies opgeheven
Verder is met de wetswijziging de Commissie van Advies
inzake de waterstaatswetgeving (CAW) formeel opgeheven.
CAW was al sinds 1 januari van dit jaar niet meer actief. Het
kabinet Rutte I besloot tot de opheffing in verband met de
ontwikkeling van de Omgevingswet. De Raad voor de
Leefomgeving en Infrastructuur is vanaf nu het algemene
adviesorgaan van het ministerie van Infrastructuur en milieu.
Antwerpse chemie verliest terrein
b. indien de verkeerstekens, bakens, markering en verlichting
zijn aangebracht met mijn goedkeuring, en
De ontginning van schaliegas lokt steeds meer
(Europese) chemiebedrijven naar de Verenigde Staten.
De chemiecluster van Antwerpen-Rotterdam verliest
tegelijk ook terrein aan Azië en het Midden-Oosten en is
niet langer de nummer twee in de wereld. Antwerpen is al
miljarden aan investeringen misgelopen.
c. indien er een calamiteitenprotocol dat ziet op het herstel van
de aanvaarbeveiliging na aanvaring door een schip met mijn
goedkeuring in werking is.
€ 11 miljoen voor excellent onderzoek
chemie
a. indien de voorzieningen (waaronder een aanvaarbeveiliging)
zijn getroffen als aangegeven in het verzoek van 9 juli 2013,
zoals gewijzigd c.q. aangevuld, en
4. dat voor het overige voldaan dient te worden aan de
bepalingen van het ADN.
Ga
Voor het aanvragen van een WABO
vergunning
naar de WABO specialist
HTTP://WWW.OMGEVINGSVERGUNNINGAANVRAGEN.NL/
NWO Chemische Wetenschappen verdeelt € 11 miljoen onder
excellente wetenschappers via de TOP-, ECHO- en ECHOSTIP-subsidies.
Hiermee
kunnen
in
totaal
33
onderzoeksprojecten over de gehele breedte van de chemie
van start gaan.
De TOP-subsidies van NWO Chemische Wetenschappen
(CW) bedragen € 780.000 euro en zijn bedoeld om
innovatieve
onderzoekslijnen
van
gevestigde
onderzoeksgroepen te versterken of uit te breiden. Daarmee
kunnen zij inhoudelijk nieuw onderzoek gaan doen, of
onderzoek in nieuwe samenwerkingsverbanden gaan
uitvoeren.
De ECHO-subsidies van € 260.000 euro bieden onderzoekers
de kans om creatieve, risicovolle ideeën uit te werken, die de
kiem kunnen zijn voor onderzoeksthema’s van de toekomst.
De ECHO-STIP-subsidies van € 260.000,- tot slot, zijn een
specifieke stimulans voor nieuw benoemde onderzoekers op
zogeheten 'chemische zwaartepunten', die de commissie-
Solar-Jet maakt kerosine uit zonlicht
TenCate krijgt order van Arkema
Het Europese innovatieproject Solar-Jet heeft voor het eerst
kerosine uit zonlicht gemaakt. De uitvinding kan een revolutie
op het gebied van hernieuwbare brandstof betekenen.
TenCate Protective Fabrics heeft een order ontvangen van
het Franse chemieconcern Arkema.
Het experimentele Solar-Jet is erin geslaagd om door middel
van geconcentreerd, gesimuleerd zonlicht kerosine te maken.
Het licht veroorzaakt warmte die CO2 en water omzet in
koolmonoxide en waterstofgas. Dit zogenaamde ‘syngas’ kan
vervolgens worden omgezet in brandstoffen zoals kerosine en
benzine. Deze zijn dan zonder problemen in bestaande
motoren te gebruiken.
Voor omzetting naar brandstof maken de onderzoekers gebruik
van een zogenaamd Fischer-Tropsch proces. Dit proces zet de
geproduceerde gassen met een katalysator om tot een
vloeibare brandstof. Er is nog maar één glas zonne-kerosine
geproduceerd in het laboratorium, maar dit betekent toch een
doorbraak volgens de onderzoekers. Projectcoördinator doctor
Andreas Sizmann: “Met dit bewezen concept zetten we een
belangrijke stap naar vrijwel onbeperkte, duurzame
brandstoffen in de toekomst.”
De innovatie zit vooral in het integreren van bestaande
technieken. Oliemaatschappij Shell past bijvoorbeeld het
Fischer-Tropsch proces al wereldwijd toe. Volgende stap in het
project is het verder optimaliseren van de reactor. Ook
onderzoekt het team mogelijkheden voor opschaling waardoor
zonnebrandstoffen economisch rendabel kunnen worden.
Solar-Jet staat voor Solar chemical reactor demonstration and
Optimization for Long-term Availability of Renewable JET fuel.
Het is een samenwerkingsverband van onderzoeksinstellingen
waaronder Shell Global Solutions. Het project krijgt € 2,2 mln
subsidie van de Europese Unie.
Brandstof maken uit CO2 staat ook in Nederland volop in de
belangstelling. Eind vorig jaar werd nog €5 mln euro toegekend
aan verschillende onderzoeksprojecten, onder andere met
elektrolyse en fotokatalysators.
Rusland en China dicht bij gasdeal
Rusland en China staan op het punt om een gasdeal te sluiten.
De Russische president Poetin is de komende twee dagen in
China om de laatste details van de overeenkomst te regelen.
Rusland en China onderhandelen al tien jaar over de gasdeal.
Het gaat om een contract voor dertig jaar. Rusland levert dan 38
miljard kubieke meter gas per jaar aan China. Dat is 16 procent
van de totale export van het Russische Gazprom.
Het contract gaat in 2018 in, omdat de pijpleidingen in Siberië
nog moeten worden aangelegd.
Een belangrijke reden voor Rusland om nu een gasdeal met
China te sluiten is de dreiging met sancties door het Westen.
Tot nog toe hebben Europa en de Verenigde Staten de
gassector nog niet durven aanpakken, maar de kans bestaat dat
dit wel gaat gebeuren als de crisis rond Oekraïne blijft
aanhouden.
China is niet afhankelijk van het Russische gas. Het land krijgt
op dit moment al gas uit allerlei delen van de wereld, waaronder
Kazachstan en Turkmenistan. De Chinezen hebben altijd
gezegd dat ze minder willen betalen voor het Russische gas
dan Europa doet. Europese landen betalen zo'n 380 dollar per
duizend kubieke meter.
Een woordvoerder van het Kremlin liet weten dat er nog geen
overeenkomst is over de prijs. De onderhandelingen zijn
volgens de woordvoerder nog steeds gaande.
TenCate gaat het weefsel Tecasafe Plus XL-9300 leveren
voor de veiligheidskleding van het personeel van Arkema in
Europa. Het gaat daarbij om een opdracht van in totaal 23.000
kledingstukken over een periode van vijf jaar.
De levering van het weefsel voor de eerste 10.000 sets is
inmiddels begonnen, aldus het bedrijf. Financiële details wilde
TenCate niet geven
Chemieopleiding sluit steeds beter aan bij behoefte
industrie
De instroom voor chemieopleidingen aan de Nederlandse
universiteiten is de afgelopen vijf jaar met twintig procent
gestegen. Voor chemieopleidingen aan de Nederlandse
Hogescholen is de instroom zelfs met vierendertig procent
gestegen ten opzichte van 2009. Dat blijkt uit onderzoek van
de
VNCI.
Daarnaast
sluiten
de
curricula
van
chemieopleidingen voor hbo en wo steeds beter aan bij de
behoefte van de industrie. De VNCI noemt het ‘van groot
belang’ dat de kwalitatieve mismatch tussen industrie en
onderwijs verdwijnt. Chemiebedrijven kampen vaak met het
probleem dat zij niet de juiste mensen vinden voor
innovatieve activiteiten. Dit vormt een bedreiging voor de
productieactiviteiten in Nederland. Chemie innoveert op het
gebied van producten, grondstoffen en processen. Hiervoor
heeft de industrie de juiste mensen nodig. Uit het onderzoek
blijkt een toenemende belangstelling voor de basis
chemieopleidingen en voor chemieopleidingen die naast
chemische vakkennis ook kennis bijbrengen op aanpalende
gebieden zoals natuurkunde, economie en ondernemerschap.
Ook worden bij alle chemieopleidingen steeds vaker sociale,
persoonlijke en business vaardigheden bijgebracht.
'Te weinig investeringen Nederlandse chemie'
De Nederlandse chemische industrie heeft in het eerste
kwartaal de omzet en productie zien stijgen. Toch spreekt
brancheorganisatie VNCI donderdag, bij de presentatie van
de cijfers over de eerste 3 maanden van 2014, van
een ,,structurele crisis'' als gevolg van de relatief lage
investeringsbereidheid van chemiebedrijven.
De omzet van de chemiesector nam in het eerste kwartaal
met ruim 3 procent toe. De productie steeg met 7 procent
ten opzichte van dezelfde periode in 2013. Ook de
bezettingsgraad van ondernemingen is met bijna 82 procent
terug op het niveau van voor de crisis.
Het herstel heeft echter niet geleid tot nieuwe investeringen,
merkt de VNCI op. Dat komt onder meer doordat de prijzen
van chemicaliën zijn gedaald en de marges van
chemiebedrijven onder druk staan. Daarbij komt dat de
prijzen van energie in Europa hoger liggen dan daarbuiten.
,,Grote investeringen worden uitgesteld of verplaatst naar
buiten Europa'', aldus VNCI-voorzitter Werner Fuhrmann.
Niet alleen zijn de energieprijzen in Europa hoog, ook
wordt ,,innovatie vaak in de kiem gesmoord door te veel aan
wet- en regelgeving'', aldus de VNCI. De brancheorganisatie
hamert er op dat er een gezamenlijk Europees energiebeleid
nodig is en een ,,versnelling van innovatie op Europees
niveau''. Alleen dan kan de chemische industrie in Europa
worden behouden en verduurzaamd. De chemiesector staat
aan de basis van een belangrijk deel van de maakindustrie,
benadrukt de VNCI.
Zo kan Europa onafhankelijker worden
van Russisch gas.
Hoe langer het conflict in Oekraïne duurt, hoe luider de
roep
om
één
Europees
energiebeleid
klinkt.
Geconfronteerd met energiemacht
Rusland, dat
gaslevering inzet als politiek drukmiddel, beseffen politici
hoe kwetsbaar Europa is.
Zo lanceerde de Poolse premier Donald Tusk drie weken
geleden het voorstel voor een heuse energie-unie. Om de
macht van de Russische gasleverancier Gazprom te
breken, moet Europa gezamenlijk haar gas inkopen, zo
betoogde Tusk. Daarnaast wil de Poolse premier dat
Europa inzet op de winning van al haar fossiele
brandstoffen - zoals kolen en schaliegas- omdat het zorgt
voor meer energiezekerheid.
Ook de Britse premier David Cameron pleit voor een
energie-onafhankelijker Europa. Via een gelekt document
De Energypost heeft dit document ingezien en schreef op
6 mei een analyse hierover wordt duidelijk dat Engeland
alle vrijheid wil voor de winning van schaliegas, maar ook
voor kern- en duurzame energie. Terwijl het gebruik van
vervuilende kolen juist ontmoedigd moet worden.
PvdA-leider Diederik Samson wil zo betoogt hij in dit
opinieartikel in de Volkskrant van 24 april vooral een
duurzaam Europa. Voor 2050 moet de EU in haar eigen
energiebehoefte voorzien, zodat het niet langer afhankelijk
is van de grillen van Poetin. Belangrijkste instrument: één
Europees stimuleringsbeleid gebaseerd op CO2-belasting.
Aan mooie ideeën geen gebrek, maar maken al deze
plannen ook een kans? En is schaliegas het
wondermiddel om minder afhankelijk te worden van
Rusland,
of
zit
het
vooral
de
ambitieuze
duurzaamheidsdoelstellingen in de weg?
Om die vragen te beantwoorden analyseren we drie
middelen waar de EU op kan inzetten om minder
afhankelijk te worden van machtige energieleveranciers
als Rusland: Europa's juridische machtsmiddelen, de
winning van schaliegas en het afkicken van onze fossieleenergieverslaving. Welke van deze middelen is het meest
haalbaar en vruchtbaar?
1. De juridische macht
Elk Europees land onderhandelt nu afzonderlijk met
Gazprom over de gasprijzen. Dat is in het voordeel van
Rusland, dat als enige leverancier in Oost-Europese
landen hoge tarieven kan rekenen. In onze explainer
hebben we uitgelegd hoe dit werkt. Geen wonder dat
Polen hier een einde aan wil maken. Maar ook Brussel is
het machtsmonopolie van Gazprom zat. Günther Oetinger,
Eurocommissaris voor Energie, liet begin deze maand in
Warschau weten: 'Het verdeel-en-heersspel dat Moskou
speelt kan en mag niet geaccepteerd worden door de EUlidstaten.' Oetingers uitspraken.
'Het verdeel-en-heersspel dat Moskou speelt kan en mag
niet geaccepteerd worden door de EU-lidstaten'
Dat is niet puur blufpoker. Europa heeft veel juridische
macht. Vanwege de open interne markt, is kartelvorming
ten strengste verboden.
Daar kan softwarefabrikant Microsoft over meepraten. Het
Amerikaanse bedrijf moest vorig jaar een half miljard euro
boete betalen omdat Europese consumenten niet zelf hun
internetbrowser Zie hier het bericht in NRC Handelsblad.
mochten kiezen.
Hetzelfde geen-andere-keuzemechanisme lijkt het Russische
Gazprom te hanteren bij de gascontracten die zij afsluit met Zuid- en
Oost-Europese landen. Er loopt nu een EU-kartelonderzoek
Nieuwsuur maakte eind februari hier een reportage over over de
contracten die aan de basis staan van het South Stream-project.
Een flinke boete voor Gazprom is één mogelijkheid. Ook wordt
gespeculeerd dat Brussel het hele 30 miljard euro kostende South
Stream-project wil annuleren. Lees meer hierover in dit artikel van
The Telegraph. Toch lijkt het zover niet te komen. Alleen al vanwege
het onlangs gesloten contract Zie hier bericht van Reuters tussen
Rusland en Oostenrijk, het land dat als eindhalte fungeert voor de
South Stream-pijpleidingen. Daarnaast hebben drie grote WestEuropese olie-en gasbedrijven (deels staatsbedrijven, altijd medeaandeelhouder) veel te verliezen bij het afblazen van South Stream.
Het is niet verwonderlijk dat Polen grote moeite heeft met deze West
-Europees- Russische samenwerking, aangezien zij zelf al
buitenspel zijn Lees hierover onze reconstructie gezet door het Nord
Stream-project. De pijpleidingen die Rusland direct verbinden met
Duitsland.
Toch is de komst van één Europese instantie die onderhandelt met
Gazprom over gascontracten, zoals de Poolse premier graag wil,
niet realistisch. Het staat namelijk haaks op de geliberaliseerde
gasmarkt. Niettemin legt Tusk wel de vinger op de zere plek:
Rusland maakt zeer handig gebruik van een slecht gecoördineerd
Europa. Een eerste stap om de regie weer in handen te krijgen is
een kartelboete uitvaardigen wanneer Gazprom zich niet houdt aan
de Europese energieregels.
2. Het winnen van schaliegas
Een ander mogelijk Europees wapen tegen het gasmonopolie van
Rusland is de winning van schaliegas. Zeker wanneer Europa net
als de Amerikanen een schaliegasrevolutie kan ontketenen. Toch is
van een gezamenlijk Europees schaliegasbeleid nog lang geen
sprake. Sterker nog, door de lobby van het Verenigd Koninkrijk is
aan de Europese klimaatdoelstellingen voor 2030 geen voorwaarde
verbonden voor de winning van schaliegas. Zie dit artikel over de
nationale lobby's rondom de 2030 doelstellingen
Een belangrijke reden is de grote controverse rond de winning van
schaliegas in West-Europese landen als Frankrijk en Nederland.
Daar houden milieuactivisten en betrokken burgers proefboringen
tegen. Terwijl in Oost-Europese landen als Polen schaliegas als
wondermiddel wordt gezien tegen gasgrootmacht Rusland.
Het is niet verwonderlijk dat ook Oekraïne veel verwacht van
schaliegas. Het heeft vorig jaar een contract gesloten met Shell ter
waarde van 7,25 miljard euro voor proefboringen naar het spul.
Saillant detail: het schaliegascontract werd iets meer dan een jaar
geleden getekend tijdens het World Economic Forum in het
Zwitserse Davos. Ter bekrachtiging schudde premier Mark Rutte de
hand van toenmalig Oekraïens president Viktor Janoekovitsj. Zie
hier bericht en foto op de BBC.
Maakt schaliegas Europa energie-onafhankelijk?
Nee, en daar zijn verschillende redenen voor. Allereerst is er veel
minder schaliegas in Europa dan in andere delen van de wereld.
China en de Verenigde Staten hebben de grootste reserves. De
Engelsen, die al bezig zijn met de winning van schaliegas, hebben
naar schatting 56 miljard kubieke meter schaliegas. Wat gelijk staat
aan de binnenlandse vraag voor de komende vijfenhalf jaar. Een
kortetermijnoplossing dus.
Voor de Polen en Fransen ziet het er een stuk beter uit. Tenminste,
wanneer de winning van schaliegas rendabel is. Dan hoeft Polen
over twintig jaar helemaal geen buitenlands gas meer te importeren
en ziet Frankrijk haar import met 40 procent afnemen.
8
Voor Europa als geheel is de situatie een stuk somberder. De
importafhankelijkheid van buitenlands gas blijft, zelfs bij een
enorme hoeveelheid aan technisch winbaar schaliegas, in
2050 nog rond de 60 procent.
De
vraag
is
ook
of
gasbedrijven
wel
die
miljardeninvesteringen willen doen in Europa. De winning van
gas in diepgelegen steenlagen is drie à vier keer zo duur als
het boren naar gas in zandlagen of op zee. Om bedrijven te
overtuigen moeten Europese landen duidelijke financiële
voordelen bieden voor het winnen van schaliegas.
Zelfs in Polen, het land met de grootste Europese
schaliegasreserves, stoppen olie-en gasbedrijven Zowel het
Franse Total als het Amerikaans ExxonMobil is gestopt met
proefboringen in Polen met het boren naar schaliegas. Met
zeer lage belastingen probeert Polen nu investeerders over te
halen te blijven boren. De hallelujah-stemming lijkt voorbij.
De Amerikaanse schaliegasrevolutie is voor Europa dus niet
haalbaar. Dat heeft niet alleen te maken met de hoeveelheid
aan technisch winbaar schaliegas, het heeft ook te maken
met de grote verschillen tussen beide gasmarkten.
In de VS ben je naast landeigenaar ook baas over de
ondergrond. Wanneer er diep onder je huis schaliegas wordt
gevonden is het dus aantrekkelijk je grond aan gasbedrijven
te verkopen. Daarnaast zorgt een federale wet ervoor dat een
ontdekte gasvoorraad binnen vijf jaar gewonnen moet
worden. Anders mag de concurrent
het proberen. Daardoor slaan veel kleine petroleumbedrijfjes
in hoog tempo put na put, ook al moeten ze hun opbrengsten
soms tegen verlies verkopen. En dat komt weer door een
andere wet, die het de Amerikanen verbiedt schaliegas te
exporteren. Doordat al het spul in de VS blijft en niet de
wereldmarkt opstroomt, drukt het de gasprijzen.
Op langere termijn willen de Amerikanen wel schaliegas gaan
exporteren, maar dan is Europa niet de eerste keus. De
gasprijzen in Azië liggen stukken hoger dan in Europa, dus
daar valt veel meer te verdienen.
Besluit Europa toch in te zetten op schaliegas, dan is alleen
in het positiefste scenario een verlaging van de gasprijs van
maximaal 15 procent mogelijk. Deze analyse komt uit het
rapport van het Engelse consultantbureau Pöyry. Maar dan is
nog de vraag of de gevestigde spelers in de Europese
gasmarkt dit toestaan. In Europa heeft een aantal grote
gaslanden zoals Rusland, Noorwegen maar ook Nederland,
Algerije en Qatar de hele markt in handen. Zij kunnen via
lagere langetermijncontracten de gasprijs tijdelijk verlagen om
zo de winning van schaliegas onaantrekkelijk te maken.
Het grootste probleem voor deze gasbedrijven is echter de
groei van kolen in onze elektriciteitsvoorziening. Door de
enorme daling van de gasprijzen in de VS exporteert Amerika
haar eigen kolen nu naar Europa. Een mooie meevaller voor
de Amerikanen. Voor hun elektriciteitsvoorziening gebruiken
zij schaliegas in plaats van kolen, waardoor de CO2-uitstoot
daar flink is gedaald. Zie dit achtergrondartikel in The Wall
Street Journal.
Paradoxaal genoeg is Duitsland zowel kampioen zonneenergie als ook een van de grootste producenten van het
zeer vervuilende bruinkool. Inderdaad, vanwege de goedkope
kolenprijs.
PGS15 cursus
18 november 2014 in Utrecht
http://www.safetynet-nederland.nl/Cursusgvst99
Europa zit daardoor met een enorm milieuprobleem.
Paradoxaal genoeg is Duitsland zowel kampioen zonne-energie
als een van de grootste producenten van het zeer vervuilende
bruinkool. Zie deze reportage van de BBC over een
bruinkoolmijn vlak bij Berlijn. Inderdaad, vanwege de goedkope
kolenprijs. Terwijl de veel duurzamere gasgestookte centrales
stilstaan
en
massaal
worden
afgeschreven
door
energiebedrijven. Een flinke tegenvaller voor zowel het klimaat
als de gasbedrijven.
Want waar Europese politici roepen om minder afhankelijkheid
van Russisch gas, daar lobbyen Europese gasbedrijven samen met Gazprom - voor meer gas in onze
elektriciteitsvoorziening. Dat gebeurt binnen het European Gas
Forum Lees hier hun rapport over toekomstige rol van gas waar
onder andere het Brits/Nederlandse Shell, het Franse GDF
Suez én het Russische Gazprom gas promoten als onderdeel
van de Europese klimaatdoelstellingen.
3. Afkicken van fossiele energie
Vanuit milieuoptiek is lobbyen voor meer gas helemaal geen
vreemde gedachte. Wil Europa haar ambitieuze doelen halen,
dan moet het flink minder CO2 uitstoten. De combinatie
duurzaam en gasgestookte elektriciteit is dan erg
voordehandliggend.
Zowel
als
brandstof
voor
de
elektriciteitsvoorziening (om de vervuilende kolen te
vervangen), als als alternatief voor olie in het transport.
Daarvoor moeten wel de ETS-rechten Lees hier onze explainer
over de handel in CO2. flink in prijs stijgen, zodat de
vervuilendste brandstoffen het zwaarst belast worden.
Wanneer Europa gehoor geeft aan deze gaslobby vormt
Gazprom ineens een essentieel onderdeel van de duurzame
plannen.
Precies deze zeer ongemakkelijke uitkomst laat eens te meer
zien dat Europa veel te afhankelijk is van de import van fossiele
energie. De EU is voor meer dan 50 procent aangewezen op
gas, olie en kolen uit het buitenland. Dit cijfer komt uit het
energierapport 2013 van de Europese Commissie. Door alle
angstbeelden over het dichtdraaien van de Russische gaskraan
vergeten we bijna dat Rusland ook de belangrijkste exporteur is
van olie en kolen.
Willen Europese politici een les trekken uit het conflict in
Oekraïne, laat het dan deze zijn: we moeten zo snel mogelijk
afkicken van onze fossiele-energieverslaving.
Het pleidooi vóór de winning van schaliegas maakt Europa wel
iets minder afhankelijk van het buitenland, maar schuift het
wezenlijke probleem voor zich uit. We moeten zo snel mogelijk
afkicken van onze fossiele-energieverslaving
In plaats van pleiten voor meer energie, moeten Europese
politici leren zich hard te maken voor mínder energie. Daar ligt
het begin van een oplossing. Investeren in energiebesparing.
Niet sexy, maar daar valt wel de grootste winst te halen.
Energiebesparing is een van de 20-20-20-doelstellingen en het
lijkt er sterk op dat Europa keihard gaat falen op dit onderdeel.
Geen enkel EU-land slaagt erin om jaarlijks 1,5 procent energie
te besparen. Lees meer hierover in dit rapport van The
Coalition for Energy Savings
Nu de economie weer aantrekt moeten politieke leiders en het
bedrijfsleven dan ook het lef hebben te investeren in een
circulaire economie waar brandstoffen worden hergebruikt.
Miljardeninvesteringen in heel erg zuinige en duurzame
technieken zorgen voor een continent dat niet jaloers hoeft te
kijken naar de schaliegasrevolutie in de Verenigde Staten en
tegelijkertijd haar fossielafhankelijkheid af ziet nemen. Want
daar is Poetin het bangst voor. bron: de correspondent
9
Nederland organiseert internationale conferentie
antibioticaresistentie
Innovation Lab Wageningen biedt startende ondernemers in de
biobased economy kansen
Op 25 en 26 juni vindt in het Haagse Vredespaleis een
internationale ministeriële conferentie plaats over de mondiale
aanpak van antibioticaresistentie. De conferentie wordt
georganiseerd door minister Edith Schippers (VWS) en
staatssecretaris Sharon Dijksma (Landbouw). Minister Schippers
maakte dit vandaag bekend in Geneve, waar zij de jaarlijkse
Algemene Vergadering van de World Health Organization (WHO)
bezoekt.
Op 10 april opent Wageningen UR op haar Campus een Innovation
Lab voor startende ondernemers in de biobased economy. Het
‘Innovation Lab Biobased Products Wageningen’(iLAB Wageningen)
biedt hen laboratoriumruimte, toegang tot toegepast onderzoek en
ondersteuning bij het verwerven van startkapitaal. Het iLAB
Wageningen is het eerste iLAB in Nederland dat zich specifiek richt
op starters in de biobased economy.
Schippers sprak in Genève met collega-bewindslieden uit
verschillende landen - waaronder uit Brazilië, Indonesië, Oman,
Kenya en Noorwegen - en met de Directeur-Generaal van de
WHO, Margaret Chan. Op een sessie over antibioticaresistentie
hield Schippers een toespraak waarin zij de noodzaak van
intensieve mondiale samenwerking bij de aanpak van
antibioticaresistentie onderstreepte.
Schippers en Dijksma zijn gastvrouwen eind juni van de
conferentie, met de WHO en de Verenigde Naties als co-sponsor.
Ook de Food and Agriculture Organization (FAO) en de World
Organization for Animal Health (OIE) doen mee.
Antibioticaresistentie is een groeiend internationaal probleem:
door slordig en overdadig gebruik van antibiotica bieden steeds
meer bacteriesoorten weerstand tegen de werking van antibiotica.
Risico daarvan is dat ziektes, zoals longontsteking of
hersenvliesontsteking, in de toekomst niet meer bestreden
kunnen worden.
Op de conferentie in Den Haag zal gesproken worden over
verantwoord gebruik van antibiotica in zowel de humane als de
diergeneeskunde. Ook komt de huidige en eventueel toekomstige
regelgeving aan de orde, evenals de mogelijkheden om
internationaal gezamenlijk nieuwe antibiotica te ontwikkelen.
Verder zullen er allerlei scenario's gesimuleerd en besproken
worden, met als doel goed voorbereid te zijn op noodsituaties.
Aanpak moet wereldwijd
Schippers: "Of je nu in een sloppenwijk in Azië woont of in
Amerika in een duur topziekenhuis een cosmetische operatie
ondergaat, deze bacteriën discrimineren niet en stoppen niet bij
landsgrenzen. Als we dit probleem niet wereldwijd aanpakken,
gaan we er wereldwijd een grote prijs voor betalen. Een
blaasinfectie wordt ongeneeslijk en een knieoperatie
levensbedreigend. Dit is geen apocalyptische fantasie, maar een
werkelijke dreiging."
Chemie en veiligheid in één dagdeel
SEVESO / BRZO 2015 - CLP / EU-GHS 2015 - ADR
2015 - PGS 2015
In 2015 zal er veel veranderen op het gebied van
chemische stoffen, de indeling en etikettering, de
opslag, externe veiligheid en het vervoer over de weg.
Laat u in één dagdeel informeren over de aanstaande
wijzigingen.
Vermeld ‘20%korting NGVST’ in het ‘inkoopnr’ veld om
de korting te ontvangen.
Donderdag 18 september 2014
Roermond
http://tinyurl.com/q66hcfg
Woensdag 24 september 2014
Dordrecht
http://tinyurl.com/nm4kplf
De biobased economy, een economie waarin men gebruik maakt van
groene grondstoffen (biomassa) groeit in snel tempo. Erik van
Seventer, manager Biobased Products bij Wageningen UR: “We zien
de laatste jaren steeds meer enthousiaste mensen en bedrijven die
radicaal vernieuwende biobased oplossingen bedenken. Maar
wanneer men een werkbaar productieproces of nieuw biobased
product heeft ontwikkeld, is er vervolgens veel doorzettingsvermogen
nodig om er aan te verdienen. De omgeving werkt vaak niet mee:
banken verstrekken nu minder snel krediet, bestaande belangen
werken tegen, stakeholders zijn ongeduldig. Die startende
ondernemers, die met hun idee een duurzame bijdrage leveren aan
de biobased economy, willen wij binnen iLAB Wageningen
ondersteuning bieden.”
Gerard van Harten, boegbeeld van de Topsector Chemie, reikt op 10
april de iLAB status uit aan Wageningen UR Food & Biobased
Research. Het beleid om een netwerk van Innovation Labs in
Nederland op te zetten is afkomstig van de Topsector Chemie. Van
Harten: “De sleutel naar een meer duurzame wereld is innovatie. Om
innovatie te bevorderen willen wij veelbelovende starters verbinden
met topkennisinstituten zoals Wageningen UR. Daar is de
infrastructuur om een jong bedrijf op weg te helpen aanwezig en kan
men kennis en ervaring effectief delen.”
Het iLAB Biobased Products Wageningen richt zich specifiek op
ontwikkelingen in de biobased economy, en onderscheidt zich
daarmee van andere Innovation Labs in Nederland. Van Seventer:
“Waar andere locaties zich richten op chemische innovaties vanuit
fossiele grondstoffen, richten wij ons op hernieuwbare grondstoffen:
biomassa. Dat past helemaal binnen de missie van Wageningen UR:
‘to explore the potential of nature’.” Uit biomassa kunnen met behulp
van bioraffinage producten als materialen, chemicaliën en energie
gemaakt worden. “De biobased economy ontwikkelt zich razendsnel
en vernieuwingen volgen elkaar in hoog tempo op. Juist daarom
vinden we het zo belangrijk om startende ondernemers nu te
ondersteunen,” aldus Van Seventer.
Startende ondernemers kunnen via het iLAB goed uitgeruste
laboratoria, technieken en materialen gebruiken bij Wageningen UR.
Daarnaast biedt StartLife, partner van Wageningen UR, de jonge
bedrijven ondersteuning bij het verwerven van startkapitaal,
huisvesting, coaching en advies. Gitte Schöber, directeur StartLife:
“Wij werken al enkele jaren samen met Wageningen UR en regionale
initiatieven voor ondernemers. Door starters te helpen bij het maken
van strategische keuzes over markt, product en bedrijfsplannen
kunnen we hen precies dat zetje geven dat nodig is om hun idee
marktrijp te maken.”
Starters krijgen via het iLAB ook toegang tot het netwerk van
Wageningen UR Food & Biobased Research. Erik van Seventer: ”Het
iLAB werkt samen met bedrijven in de hele biobased economy keten,
van gewasproducenten tot afnemers van biobased producten.
Daardoor kunnen bedrijven breed advies verwachten: niet alleen over
hun eigen product, teeltaanpak, gewas of techniek, maar ook over de
vraag waar nog meer kansen voor hen liggen in de biobased
economy.” Ook het netwerk van StartLife, dat onder meer bestaat uit
investeerders en overheden en bedrijfsleven, kan worden ingezet om
starters op weg te helpen.
De opening van het iLAB past binnen de toekomstplannen die
Wageningen UR heeft voor de Wageningen Campus. De komende
jaren investeert Wageningen UR in bedrijven die zich op Wageningen
Campus willen vestigen; spin-offs, kleine en middelgrote bedrijven en
Research & Development afdelingen van grote nationale en
internationale ondernemingen. Zo kunnen onderwijs, onderzoek en
innovatie op de Campus naar een nog hoger plan getild worden en
grote en kleine bedrijven in de agrifood-sector elkaar vinden.
10
AkzoNobel en Solvay samen in toezicht op gebruik duurzame
grondstoffen
AkzoNobel en Solvay gaan samen Ernst & Young een systeem
ontwikkelen dat het gebruik van hernieuwbare grondstoffen in
verven, coatings en andere toepassingen traceert en
kwantificeert.
De samenwerking komt voort uit de vorig jaar gesloten
overeenkomst tussen AkzoNobel en Solvay, op basis waarvan
AkzoNobel in haar coatingproducten geleidelijk aan meer
biologisch gefabriceerd epichloorhydrine, of Epicerol, van Solvay
gaat gebruiken. In plaats van Epicerol rechtstreeks te kopen van
Solvay neemt AkzoNobel epoxyharsen af van een aantal
producenten van halffabrikaten. AkzoNobel gebruikt deze
epoxyharsen vervolgens als ingrediënten in verschillende
coatings.
Op grond van deze nieuwe overeenkomst ontwikkelen Solvay,
AkzoNobel en EY een ketenbeheer-methode die ervoor zal
zorgen dat zelfs in situaties waar geen fysieke scheiding van
petrochemisch
en
biologisch
gefabriceerde
materialen
plaatsvindt, volumes kunnen worden toegewezen en
gerapporteerd.
"Dit is een belangrijke vervolgstap in het meten van onze
voortgang in het gebruik van biologisch gefabriceerd
epichloorhydrine van Solvay en het delen van deze informatie
met onze partners,” aldus Peter Nieuwenhuizen, Director of
Innovation & Partnerships van AkzoNobel.
Jean-Luc Préat, hoofd van het onderdeel Epicerol van de
Emerging Biochemicals Global Business Unit van Solvay, voegde
hieraan toe: "We maken graag gebruik van de deskundigheid van
EY voor het meten van de voortgang in de implementatie van
deze innovatieve samenwerking binnen de waardeketen". "Deze
methodiek is niet alleen bruikbaar voor Epicerol, maar kan ook
breder worden toegepast in chemische waardeketens,", aldus
Franc van den Berg, partner bij EY voor Cleantech &
Sustainability. "Dit is een belangrijk instrument om de positie van
biologisch gefabriceerde chemicaliën in de chemische industrie te
verbeteren."
Groei Chinese
toegeroepen.
(petro)chemie
een
halt
De stormachtige opkomst van de (petro)chemische industrie in
China lijkt een halt toegeroepen. Dat schrijft een columnist van
het persbureau Reuters begin deze maand op de vakwebsite
van DownstreamToday.com. Eerder bleek de raffinage aldaar
al uitgegroeid, en nu lijkt ook de groei van de
productiecapaciteit voor chemicaliën tegen een plafond op te
lopen. Belangrijkste oorzaken zijn de trage wereldeconomie en
de versterkte concurrentiepositie van de chemische industrie
in de Verenigde Staten.
De nummers die bij de vertraging horen zijn even
indrukwekkend als de plannen ooit waren. Zo is de
ethyleenfabriek van dik 3 miljard dollar die de Aziatische
chemiereus Sinopec wilde bouwen terug in de wachtkamer
geplaatst. Deze gigant zou jaarlijks 4 miljoen ton ethyleen
gaan uitspugen, maar dat blijkt economisch niet zo handig. In
de VS kan dezelfde grondstof namelijk uit schaliegas gemaakt
worden, alleen liggen de productiekosten dan de helft lager.
Bovendien staan er voor de komende tijd vele, vele miljarden
aan investeringen gepland voor nieuwe productiesites in
Amerika (waaronder een gigantisch project van BASF voor
propyleen), waardoor de balans tussen vraag en aanbod
steeds lastiger wordt. Daarnaast moet de olie waar Chinese
fabrieken hun producten uit kraken wel érg veel goedkoper
worden, wil de chemie ter plaatse kunnen concurreren met die
in de VS.
Girlsday: meisjes krijgen kijkje in ‘high tech
keuken’ van MSD in Oss
In het kader van ‘Girlsday’ zullen op donderdag 8 mei ongeveer
vijftig meisjes te gast zijn bij MSD in Oss. De havo- en vwoleerlingen van Het Hooghuis, Maaslandcollege en Mondriaan
College in Oss moeten binnenkort hun profiel en vakkenpakket
kiezen. MSD sluit daar in het kader van Girlsday op aan en geeft
graag een kijkje in de ‘high tech’ keuken.
Het wordt in ieder geval vroeg opstaan, want tussen 08.30 uur en
08.45 uur worden de leerlingen verwacht bij MSD in Oss. Na het
welkomstwoordje door Trinette Stolle (general manager MSD
Biotech Operations) zal er gestart worden met ‘speeddaten’.
Hierbij kunnen de meisjes allerlei vragen stellen aan Trinette,
Kathy Sanders (Senior Scientist Chemistry) en Wenny
Raaymakers (IPT Lead Steriles & Supply Chain Lead) over hun
rol binnen MSD.
Na een korte pauze krijgt elke school door middel van een
roulerend schema een rondleiding (door Til Rijnierse) en
presentaties over innovatieve technieken die bij MSD in Oss zijn
ontwikkeld. Zo geeft Annieke Groen tekst en uitleg over de
polymeertechniek (extrusie) die MSD gebruikt bij het maken van
anticonceptiemiddelen zoals Implanon® en NuvaRing®.
Dat MSD heeft gekozen voor het thema anticonceptie zal de
meisjes zeker aanspreken. Erna Hissink gaat in op een andere
innovatieve toedieningsvorm die gebruikt kan worden bij een
breed scala aan indicaties: de ‘smelttablet’. Om 11.45 uur wordt
het programma afgesloten met een groepsfoto.
Het is belangrijk dat juist meisjes al jong (leeftijd 10 tot 15 jaar) in
aanraking komen met bètawetenschap, techniek en ICT, omdat
ze vaak geen idee hebben van wat een technisch beroep
inhoudt. En vaak kennen zij geen rolmodellen die werken in deze
sectoren. Dat is jammer, want zo sluiten zij een wereld uit die zij
niet kennen.
Om meisjes in het hele land enthousiast te maken kunnen ze
tijdens Girlsday deelnemen aan de meest uiteenlopende
excursies en technische werkzaamheden. En ze kunnen vrouwen
in technische beroepen ontmoeten.
Vorig jaar hebben in totaal 289 bedrijven, 234 scholen en meer
dan achtduizend meisjes meegedaan aan Girlsday. De meeste
scholen deden al eerder mee. Van de bedrijven die hun deuren
openden voor meisjes zijn de meeste gevestigd in NoordBrabant, Zuid-Holland en Noord-Holland.
MSD in Oss is vaste deelnemer aan Girlsday. Hiermee helpt
MSD Oss om de blik van meisjes van 3 havo en 3 vwo op
techniek te verbreden en om hun loopbaankeuze te beïnvloeden.
Bij MSD in Oss werken meer dan 2.000 mensen in onder meer
hoogwaardige productie. Onder hen bevinden zich veel vrouwen
in technische functies.
Landelijk vond Girlsday al plaats op donderdag 24 april 2014,
maar toen waren sommige scholen in Oss gesloten. Daarom is
gekozen voor 8 mei. MSD in Haarlem heeft wel op 24 april
deelgenomen aan Girlsday.
Uw medewerkers online een
Cursus gevaarlijke stoffen
Laten volgen?
24/7
www.gevaarlijkestoffen.eu
11
EU geeft groen licht voor joint venture Ineos en
Solvay.
De Europese Commissie laat zich positief uit over de
plannen van het het Zwitserse Ineos en het Belgische
Solvay om hun chloorvinylactiviteiten samen te brengen.
ENGINEERINGNET.BE - Afgelopen week kregen het
Zwitserse INEOS AG en het Belgische Solvay de
goedkeuring van de Europese Commissie voor hun
voorgestelde 50-50 chloorvinyl Joint Venture.
Hier zijn wel een aantal voorwaarden aan verbonden. In
een overeengekomen remediepakket dienen de
volgende faciliteiten van Ineos te worden verkocht:
- chloormembraanfabriek en EDC/VCM fabrieken in
Tessenderlo, België
- de pvc fabriek in Mazingarbe, Frankrijk
- pvc fabriek in Beek, Nederland
- pvc- en VCM-fabrieken in Wilhelmshaven, Duitsland
de EDC fabrieken in Runcorn, Verenigd Koninkrijk.
De Commissie maakte zich namelijk zorgen dat, mocht
de transactie in haar oorspronkelijk aangemelde vorm
plaatsvinden, de nieuwe onderneming de prijzen zou
kunnen gaan verhogen op de Noordwest-Europese markt
voor
s-PVC
en
de
Benelux-markt
voor
natriumhypochloriet ("bleekloog").
Door de transactie zouden de twee grootste aanbieders
op die markten immers samengaan. Op de Beneluxmarkt voor bleekloog zou de transactie een marktleider
hebben doen ontstaan met een marktaandeel van meer
dan 60%. Het was duidelijk dat de enige andere
resterende speler, Akzo, onvoldoende in staat zou zijn
om zodanige concurrentiedruk op de nieuwe
onderneming uit te oefenen, dat prijsstijgingen voor
afnemers konden worden voorkomen. Met de
toezeggingen die de ondernemingen nu hebben gedaan,
zijn deze bezwaren weggenomen.
Joaquín Almunia, vicevoorzitter van de Europese
Commissie en belast met het mededingingsbeleid: "PVC
is een belangrijke grondstof in de bouwsector en vele
andere sectoren. De toezeggingen die zijn gedaan,
zullen voorkomen dat de transactie de prijzen zal doen
stijgen - ten koste van Europese bedrijven en
consumenten."
S-PVC is een soort hars, dat bijvoorbeeld wordt gebruikt
bij de productie van buizen of raamprofielen. Bleek wordt
vooral gebruikt voor waterbehandeling, ontsmetting en in
wasmiddelen. Solvay en INEOS kondigen aan dat ze
tegen eind 2014 deze maatregelen zullen doorgevoerd
hebben en pas dan overgaan tot de creatie van de
nieuwe vennootschap.
'Dupont schrapt 100 banen in
Dordrecht'
CNV Vakmensen houdt rekening met het verlies van 100
banen bij de chemiefabriek van DuPont in Dordrecht
door een reorganisatie. ''Het bedrijf wil 9 miljoen euro
bezuinigen en heeft er meteen ook een aantal functies
aan gekoppeld, zonder duidelijk te zijn waar de banen
precies verdwijnen", aldus vakbondsbestuurder Arjan
Huizinga. Bij de Dordtse fabriek werken ongeveer 850
mensen. Het is een van de grootste productievestigingen
van het Amerikaanse DuPont in Europa. De vakbonden
kregen donderdagavond te horen dat het bedrijf wil
reorganiseren, zei Huizinga vrijdag.
Kennis en innovatieve oplossingen centraal op chemiebeurs.
De chemische keten is dringend op zoek naar innovatieve
oplossingen als gevolg van veranderingen in de markt, goedkope
energie in andere delen van de wereld en een gewijzigde behoefte
van de maatschappij. Tegelijkertijd vragen allerlei wijzingen in
regelgeving, het leaner worden van bedrijven en de pensionering van
een belangrijke generatie om aanscherping van het kennisniveau.
Dat vereist een daadkrachtige aanpak. Op de ketenbeurs van de
VNCW, de vereniging van de chemische warehousing staan deze
behoeften centraal.
Op 1 oktober 2014 organiseert de VNCW zoals ieder jaar haar
congres. Inmiddels is dit uitgegroeid tot een conferentie van formaat
met interessante lezingen en een beursvloer voor iedereen die
werkzaam is in de chemische branche. Onder leiding van
dagvoorzitter Gert-Jan Janssen, één van de meest ervaren
dagvoorzitters van ons land, kan geluisterd worden naar diverse
interessante lezingen. Zo kunnen de deelnemers luisteren naar
Professor Ira Helsloot die u meeneemt in de innovatie van veiligheid:
‘Innovatie is niet meer overheid in de vorm van meer regels of meer
overheidstoezicht maar wel slimmere regulering die de ruimte maakt
en laat voor professionele ruimte in de chemie’, presenteert Piet
Knijff van Royal DSM menselijk gedrag en hoe je dat gedrag kunt
interpreteren, praat Robert Mout als BRZO programma manager van
de DCMR u bij over de ontwikkelingen op het gebied van de BRZO
en hoe bedrijven zich kunnen verbeteren, vertellen de heren Niels
Schoots en Sven Sterkendries van R2B in een duopresentatie over
de laatste ontwikkelingen op het gebied van blussystemen en
normen en neemt bestuursvoorzitter Luciën Govaert met u alle
laatste wijzigingen in de PGS15, BRZO, PGS6, ADR en GHS door
en worden de aanwezigen door een unieke interactieve sessie
voorzien van innovatieve oplossingen welke een verrijking kunnen
zijn voor alle deelnemende bedrijven. Daarnaast staan nog diverse
andere interessante lezingen op het programma. Kortom: een vol en
rijk programma en een ‘must-be’ voor iedereen werkzaam of
geïnteresseerd in de chemie-keten! Een ‘must-be’ voor iedereen
werkzaam of geïnteresseerd in de chemie-keten.
Aanmelden voor de conferentie kan op: www.chemiebeurs.nl
Shell stelt gerust: raffinaderijen blijven open
Het is algehele malaise in raffinaderijland, maar toch blijft Shell
trouw aan zijn olieverwerkende installaties. Dat maakte Ben van
Beurden, CEO van het Nederlands-Britse bedrijf, gisteren bekend.
Hij deed dit tijdens de jaarlijkse aandeelhoudersvergadering, weet
het Financieele Dagblad. De raffinaderijen zijn wereldwijd een
zorgenkind voor al hun bazen. Er is te veel raffinagecapaciteit, de
vraag is te laag, de prijzen staan onder druk, en de concurrentie
vanuit het Midden-Oosten is moordend. Lang werd er dus
gespeculeerd over Shells paradepaard in Pernis. Zou deze de storm
overleven? Nu doet Van Beurden geen uitspraken over individuele
locaties, maar zijn uitspraken doen in ieder geval vermoeden dat de
directeur minder radicaal te werk zal gaan met zijn raffinaderijen als
dat hij eerder deed met investeringen in GTL en schaliebronnen in
de VS.
De reden: Shell wil graag de hele keten, dus van olieproductie tot
verkoop aan de pomp, in eigen bezit houden. “De ene keer maak je
geen droog brood in de mijn en verdien je het in de raffinaderij,
daarna is het weer andersom. Die waarde fluctueert altijd door de
hele keten heen”, tekende het Het Financieele Dagblad uit zijn mond
op. Bovendien heeft Van Beurden er alle vertrouwen in dat de
raffinaderijen ooit weer winst gaan maken. Dat neemt niet weg dat
de aangekondigde sluiting van de fabriek voor basisolie op Pernis
écht doorgaat. Ook de onheilstijdingen over de op handen zijnde
carbon bubble en stranded assets bleven niet onbesproken. Eerder
deze week stelden onderzoekers dat grote oliebedrijven niet
voldoende rekening houden met investeringsprojecten die
onrendabel worden door de dalende olieprijs (stranded assets) en
R&D-inspanningen Nederlands bedrijfsleven onderschat.
Polyetheen met duurzaamheidscertificaat.
Nederland kent enkele zeer Research & Developmentintensieve sectoren, zoals de elektrotechnische industrie,
farmacie en machinebouw. Omdat dit echter kleine sectoren
zijn, wordt de R&D-prestatie van Nederland onderschat.
Wanneer deze sectorale effecten meegenomen worden, stijgt
Nederland van de 18e naar de 10e positie op de OECDranglijst van 35 landen. 37% van de bedrijven uit de
maakindustrie geeft aan de komende jaren extra te willen
investeren in onderzoek & ontwikkeling (R&D). Dit – en meer –
staat in een nieuw rapport van ING Economisch Bureau,
gepresenteerd door Ruud van Dusschoten, ING directeur
Grootbedrijf & Instellingen, bij de opening van de 3e Dutch
Technology Week.
Sabic komt met ‘duurzaam’ polyetheen en polypropeen op
basis van frituurvet en andere afgewerkte plantaardige oliën
en vetten. Het concept sluit aan op de wens van klanten om
duurzaam geproduceerde producten ook duurzaam te
verpakken, meldt het bedrijf in een persbericht.
Lage R&D-uitgaven vragen om nuancering.
Private R&D-investeringen worden voor het merendeel gedaan
door de industrie (circa 60%). De elektrotechnische industrie,
machinebouw en chemie spenderen in absolute zin het meest.
Als
percentage
van
de
economie
bedragen
de
bedrijfsinvesteringen 1,13%, waarmee Nederland in de
middenmoot (plek 18 OECD) terug te vinden is. Toch kan
gesteld worden dat Nederland in bepaalde branches wel
degelijk leidend is als het gaat om R&D-inspanningen. Vooral
de elektrotechnische industrie en in mindere mate de farmacie
en machinebouw zijn zeer R&D-intensief in Nederland, maar
het zijn internationaal gezien kleine sectoren. Wanneer hiermee
rekening wordt gehouden zou Nederland op plek 10 komen van
de OECD-ranglijst.
De industrie heeft te maken met grote mondiale concurrentie,
met toenemende technische complexiteit en mede daardoor
met een steeds kortere time-to-market en kortere
productlevenscycli. Voor eindfabrikanten (OEM-ers) betekent
dit dat er meer gevraagd wordt van hun productinnovatie. Dit
werkt door in de keten: ook voor toeleveranciers worden de
eisen en verwachtingen voor wat betreft proactieve
productontwikkeling hoger. Productinnovatie kan niet langer het
domein van alleen de eindfabrikanten zijn. Ruud van
Dusschoten: “Bedrijven die durven te vertrouwen op
samenwerking en zich open stellen voor hun partner in R&D,
winnen op de kostprijs van innovaties en vergroten de kans op
succesvolle implementatie. Deze durf kan de winstgevendheid
vergroten.”
Bedrijven die durven te vertrouwen op samenwerking en zich
open stellen voor hun partner in R&D, winnen op de kostprijs
van innovaties en vergroten de kans op succesvolle
implementatie. Deze durf kan de winstgevendheid vergroten.
Volgens een woordvoerder is het te danken aan het
bestaande concernbeleid om de etheenkraker in Geleen
geschikt te maken voor een zo breed mogelijk spectrum van
‘feedstocks’. Je weet immers nooit wat je aangeboden krijgt.
“We hebben dus de ingangskant zo gemodificeerd dat ook
fracties, die zwaarder zijn dan de gebruikelijke nafta, er goed
doorheen kunnen lopen.”
Vandaar dat ook plantaardige oliën en vetten er zonder meer
in kunnen, wat volgens Sabic een unicum is binnen Europa.
De bedoeling is daarbij om alleen afval te gebruiken, zodat de
kunststofproductie niet concurreert met de voedselketen.
Aan de etheen- en propeenmoleculen, die vervolgens uit die
kraker komen, is de origine niet meer af te lezen. Vandaar dat
in samenwerking met de ISCC-organisatie (International
Sustainability and Carbon Certification) een zorgvuldige
boekhouding is opgezet. Het percentage plantaardig afval in
de feedstock wordt bijgehouden, en een daarmee
overeenkomend percentage van de uiteindelijk geproduceerde
kunststof krijgt een ISCC Plus-duurzaamheidscertificaat mee.
Waarbij externe auditors de massabalansen checken.
In eerste instantie betreft het een voorstel naar de markt.
Hoeveel hernieuwbare kunststof Sabic daadwerkelijk gaat
maken, hangt van de respons af. “Voorlopig kunnen we
voldoende produceren om de door ons ingeschatte behoefte
van de markt te dekken”, aldus de woordvoerder, die in het
midden laat hoe hoog die schatting is.
EU steekt € 100 mln in cleantech-innovatie
Het Europese cleantech-onderzoeksprogramma Climate-KIC
trekt de komende vier jaar €100 mln uit voor grote, innovatieve
projecten op het gebied van klimaatverandering en adaptatie.
De focus ligt op onderzoek en ontwikkeling in vier sectoren:
duurzame stadsontwikkeling en energie-efficiënte bouw,
hergebruik van CO2 en risico-analyse voor de financiële
wereld. Climate-KIC wil met de mega-investering een boost
geven aan baanbrekend onderzoek, innovatie en handelsgeest
in de Europese Unie.
ECHO-subsidies voor creatieve Radboudchemici
Drie chemici van de Radboud Universiteit krijgen een ECHOsubsidie voor het uitwerken van 'creatieve en risicovolle
onderzoeksideeën'. De subsidie - 260.000 euro per voorstel is voor onderzoek naar verhitting van ijs, dataopslag en een
meerkleurenplan voor cellen. Theoretische chemie Theoretisch
chemici Herma Cuppen en Gerrit Groenenboom krijgen een
ECHO-subsidie voor het plan Verhitting van ijs door chemische
reacties.