Beantwoording vragenlijst Landhorst

Beantwoording van vragen over initiatief MACE door
Werkgroep MACE Mestverwerking Landhorst
De Werkgroep MACE Mestverwerking Landhorst heeft veel vragen over het initiatief MACE om aan
de Quayweg 8 een mestverwerkingsinstallatie op te richten. Deze Werkgroep heeft de laatste
maanden intensief gesproken met allerlei partijen/mensen en heeft zich ingelezen in verschillende
documenten die betrekking hebben op de mestverwerking.
In dit document wordt een poging gewaagd om vanuit de werkgroepactiviteiten antwoorden te
geven op de vragen die gesteld zijn. Het zijn antwoorden op vragen vanuit de Werkgroep gericht aan
de mensen uit Landhorst. De antwoorden moeten gezien worden als antwoorden gebaseerd op de
kennis en informatie zoals die aanwezig was op 18 juli 2014.
Vragen ten aanzien van de procedure:
1. Zijn er voordat MACE een vergunningaanvraag heeft ingediend bij de gemeente Sint
Anthonis toezeggingen gedaan door gemeente dan wel provincie?
Nee, aan provincie en gemeente is meerdere keren expliciet gevraagd of er toezeggingen zijn
gedaan richting MACE. Hun antwoord is: Nee, die zijn niet gedaan en wij voelen ons dus niet
gebonden aan MACE. Dit is meegedeeld door ambtenaren maar ook door Gedeputeerden De
Boer en Van den Hout en het College van B&W van gemeente Sint Anthonis.
Wel zijn er gesprekken geweest met de gemeente en provincie over de vraag of een
mestverwerkinginitiatief aan de Quayweg past binnen de bestaande beleidskaders. Er is toen
door provincie aangegeven dat het zou kunnen passen binnen de provinciale Verordening
Ruimte 2014. Door de gemeente is aangegeven dat het zou kunnen passen binnen de
Structuurvisie van de gemeente.
2. Waarom op deze locatie? Waarom in het buitengebied en niet naar een locatie op een
bedrijventerrein?
MACE heeft meerdere locaties in beeld gehad alvorens ze uitkwamen op de locatie aan de
Quayweg. De geïnventariseerde locaties lagen zowel in het buitengebied als op
bedrijventerreinen. Om verschillende redenen zij de eerdere locaties afgevallen.
Omdat een mestverwerkingsinstallatie met een omvang van 500.000 ton mogelijk past
binnen de bestaande beleidskaders van provincie en gemeente en de Quayweg de beste
optie was voor MACE, is MACE verder gegaan met deze locatie.
3. Past het binnen het bestemmingsplan buitengebied? Nu ligt er een bestemming “agrarisch
bouwblok” dat een mestverwerking in deze omvang niet mogelijk maakt.
Nee, het initiatief past niet in het huidige bestemmingsplan buitengebied. Dit wil echter niet
zeggen dat het er niet kan komen. De gemeenteraad kan namelijk besluiten om het
bestemmingsplan zo aan te passen dat het initiatief wel past binnen het bestemmingsplan
buitengebied. Een reden om hierover de discussie aan te gaan kan zijn dat het initiatief
mogelijk past binnen de door de raad vastgestelde structuurvisie. Deze structuurvisie geeft
aan dat de omgeving van de Middenpeelweg/Quayweg in de toekomst een sterk ontwikkeld
duurzaam agrarisch gebied moet worden. Vestiging van mestbe- en verwerkingsbedrijven is
in dit gebied in principe onder voorwaarden mogelijk. Als de gemeenteraad deze discussie
wil voeren, moeten alle aspecten, bijvoorbeeld gezondheid, verkeersveiligheid en
opvattingen van burgers uit Landhorst, bij de discussie betrekken.
-1-
4. Kan de gemeente een voorbereidingsbesluit nemen om het initiatief van MACE tegen te
houden?
Een gemeente kan een voorbereidingsbesluit nemen als zij een ontwikkeling verwacht die ze
niet wenst op een bepaalde locatie. Ze doet dit als blijkt dat een bestemmingsplan de
mogelijkheid geeft voor dit initiatief. In dit geval geeft het bestemmingsplan aan dat er op
deze locatie geen mestverwerking in deze omvang kan plaatsvinden. Op grond hiervan hoeft
er dus geen voorbereidingsbesluit genomen te worden.
5. In Gemert-Bakel is wel een voorbereidingsbesluit genomen. Hoe zat dat daar?
In gemeente Gemert-Bakel is inderdaad een voorbereidingsbesluit genomen.
Gemeenteraadsleden hadden eerder aangegeven dat alleen op bedrijventerrein Wolfsveld
mestverwerking mogelijk was. De wethouder heeft hierop diverse partijen bij elkaar
gebracht om hier mestverwerking te realiseren. Intussen had de klankbordgroep, bestaande
uit afgevaardigde uit ieder dorp, informatie ingewonnen. De klankbordgroep kon met de
indiening van de vergunningaanvraag van MACE instemmen, onder voorbehoud van enkele
uit te voeren onderzoeken (bijvoorbeeld de risicobeoordeling van de GGD). De uitkomsten
van deze onderzoeken konden gevolgen hebben op de vergunning en de eisen aan de
installatie. In de gemeenteraadsvergadering zouden de bevindingen van de klankbordgroep
behandeld worden, maar op datzelfde moment diende de wethouder, zonder
vooraankondiging aan de gemeenteraad, een voorbereidingsbesluit in. Het
voorbereidingsbesluit was gebaseerd op te weinig inzicht over de gevolgen voor
volksgezondheid. De gemeenteraad heeft dit voorbereidingsbesluit toen aangenomen.
6. Waarom heeft het college van gemeente Sint Anthonis op basis van het eigen
bestemmingsplan de aanvraag niet meteen afgewezen?
Het college heeft het initiatief niet meteen afgewezen omdat het mogelijk past binnen de
door de raad vastgestelde Structuurvisie. De raad heeft via de structuurvisie beleidskaders
vastgesteld. Past een initiatief niet rechtstreeks binnen de voorschriften van een
bestemmingsplan dan beziet het college of op basis van de structuurvisie het
bestemmingsplan ten behoeve van dat initiatief gewijzigd kan worden. Het college heeft
richting MACE aangegeven dat het een bevoegdheid van de raad is om het bestemmingsplan
te veranderen om het initiatief mogelijk te maken.
7. Welke vergunningen zijn allemaal nodig voor het MACE initiatief?
Er zijn meerdere vergunningen nodig, namelijk:
1. het traject gekoppeld aan de omgevingsvergunning, via de WABO (bevoegd gezag
provincie Noord-Brabant)
2. het traject gekoppeld aan de lozingsvergunning, via de Waterwet (bevoegd gezag
Waterschap Aa en Maas)
-2-
8. Wie gaat over de vergunningverlening?
1. De provincie is het bevoegd gezag van de omgevingsvergunning en gaat over deze
vergunningverlening. De omgevingsvergunning betreft hoofdthema’s milieu,
ruimtelijke ordening en bouwen. Voor het deel ruimtelijke ordening vraagt de
provincie een advies van de gemeenteraad (Verklaring van een bedenkingen,
afgekort VvGB). De gemeenteraad moet aangeven of zij vanuit de ruimtelijke
ordening/bouwen, een mestverwerking zoals MACE die wil aanvaardbaar vindt. Bij
deze afweging betrekken zij ook aspecten als gezondheid. De provincie betrekt het
advies van de gemeenteraad bij de totstandkoming van het uiteindelijke besluit over
de omgevingsvergunning.
2. Het Waterschap Aa en Maas gaat over de lozingsvergunning. Van belang is dat bij de
beoordeling van de omgevingsvergunning een goede afstemming plaats moet vinden
met de lozingsvergunning.
3. Natuurbeschermingswetvergunning.
9. Kan de provincie het advies van de gemeenteraad in het kader van de
omgevingsvergunning naast zich neerleggen? Kan de provincie het standpunt van de
gemeenteraad ‘overrulen’?
De provincie kan het advies van de gemeenteraad, zowel bij een positief als negatief advies,
naast zich neerleggen. Men maakt dan gebruik van een zogenaamde ‘inpassingsbesluit’.
Opgemerkt moet worden dat het ongebruikelijk is dat de provincie gebruik maakt van deze
bevoegdheid, zij zijn hier zeer terughoudend in. Een reden om een negatief advies van de
gemeente te negeren is als het rijk aan de provincie aangeeft dat de boeren niet gaan
voldoen aan de gestelde deadline met betrekking tot mestverwerking. Het rijk kan dan aan
provincies vragen maatregelen te treffen om de mestverwerkingscapaciteit wel te halen.
10. Het MACE initiatief is gekoppeld aan de verwerking van 500.000 ton. Waarom moet het
initiatief van MACE zo groot zijn?
De vraag waarom MACE zo groot wil zijn is meerdere keren gesteld. De werkgroep heeft hier
niet een heel eenduidig antwoord op gekregen. Wel is komen geconstateerd dat:
 de business case die onder het MACE initiatief ligt uitgaat van 500.000 ton mest;
 er voor een 420.000 ton al contracten zijn aangegaan met boeren afkomstig uit een
straal van <15 kilometer (zie vraag 11 voor verdere specificaties). Deze capaciteit was
nodig voor de plannen in Gemert-Bakel. Doordat de contracten al afgesloten waren
voor dit traject kan MACE hier niet meer onderuit;
 er zijn beleidsmatig geen restricties gesteld op de omvang van
mestverwerkingsinstallaties;
 Door de omvang kunnen technische maatregelen genomen worden om emissies
maximaal te beperken.
-3-
11. Waar komt de mest vandaan en waar zitten de leden?
MACE is een coöperatie van leden. De leden komen uit een omgeving van ongeveer 15 km
rondom Elsendorp. Grofweg ziet de ligging van de aangesloten boeren en de hoeveelheid
mest (afgerond naar 1.000 ton mest) er als volgt uit:
Gemeente
Aantal leden
Tonnage mest
Gemert-Bakel
Boekel
Sint Anthonis
Veghel
Uden/Landerd
Deurne
Venray/Vredepeel
Laarbeek
Helmond
Heeswijk-Dinther
----
87
32
24
23
15
4
6
4
1
1
5
Totaal
202
174.000
58.000
60.000
49.000
37.000
12.000
13.000
9.000
2.500
2.000
Leden zonder
drijfmestcontract
416.500
Fysiek geproduceerde
mest (inschatting)
182.000
61.000
67.000
45.000
37.000
10.000
11.000
9.000
2.500
--?
424.500
12. Hoeveel is er nog aan ruimte binnen de 500.000 ton en kan dat gekoppeld worden aan
mest geproduceerd in Sint Anthonis?
Uitgaande van de tabel bij vraag 11 is er nog ongeveer ruimte voor zo’n 75.000 ton. Er
kunnen afspraken gemaakt worden om met voorrang de mest uit gemeente Sint Anthonis te
verwerken. Als deze 75.000 ton mest uit Sint Anthonis gaat komen dan is het totaal aan
mest uit de gemeente Sint Anthonis ongeveer 142.000 ton.
13. Wat is de relatie met Cleanergy Wanroy? Komt de mest die nu bij Cleanergy vergist wordt
naar MACE?
Er ligt op dit moment géén relatie tussen het initiatief van MACE en Cleanergy. Hier zijn geen
afspraken gemaakt met de gemeente hierover. Omdat er ruimte beschikbaar is (zie vraag 12)
in mestaanvoer, kan het zijn dat er afspraken worden gemaakt dat de mest die momenteel
bij Cleanergy wordt vergist, door MACE verwerkt wordt. MACE wil dus géén mestvergisting.
Dat zou betekenen dat Cleanergy overbodig wordt. Let wel! Hier is nog nooit over gesproken
met de betreffende ondernemers (MACE en Cleanergy) of met de gemeente en dus ook géén
afspraken over gemaakt!
14. Laat gemeente het toe dat in het buitengebied “industriële” activiteiten gaan
plaatsvinden?
De omvang van MACE en de vraag of dit soort van ‘industriële’ activiteiten / agrarisch
aanverwanten activiteiten aanvaardbaar zijn in het buitengebied, wordt via het ruimtelijk
spoor afgewogen door de gemeenteraad. Indien de gemeente akkoord gaat met het initiatief
van MACE, wordt alleen die betreffende bestemming (Quayweg 8) gewijzigd. Dit wil zeggen
dat andere industriële activiteiten niet ineens mogelijk zijn.
-4-
15. Waarom ineens 500.000 ton en niet gefaseerd komen tot uitbreiding tot 500.000 ton?
Eerder is opgemerkt dat er beleidsmatig geen bovengrens gesteld is in maximale verwerking
van mest. De werkgroep heeft enkele keren gevraagd waarom MACE niet kan beginnen met
150.000 ton. Het antwoord van MACE is dan: Als we teruggaan in tonnage moeten we leden
teleurstellen in verband met eerder afgesloten contracten en dat willen we niet. In dit
verband geeft MACE aan dat ze, in overleg met de gemeenschap van Landhorst en Venhorst,
wil bezien of het vooraf mogelijk is juridisch bindende afspraken te maken over sluiting van
de fabriek als blijkt dat er na 5 jaar werking overlast ervaren wordt van de mestverwerking.
In het businessplan is berekend dat MACE in deze 5 jaar de investeringskosten terugverdiend
heeft.
16. Hoe verloopt de procedure van een omgevingsvergunning?
Zie hiervoor bijlage 1 en 2; procedure met en zonder Milieu Effect Rapportage (MER). Voor
de komende weken is het belangrijk duidelijkheid te krijgen over de vraag of er wel of geen
MER gemaakt moet worden. Een MER is een rapport waarin uitgebreid in beeld wordt
gebracht welke effecten het initiatief op haar omgeving heeft. Hierbij worden ook relaties
gelegd met verschillende scenario’s en een zogenaamde MER-adviescommissie. Of er een
MER traject noodzakelijk is wordt bepaald door Gedeputeerde Staten (bevoegd gezag). Ze
beoordeeld dit op basis van een rapportage die MACE heeft ingediend. Deze rapportage
wordt MER-aanmeldingsnotitie of MER-beoordelingsrapportage genoemd.
17. Wat is huidige stand van zaken met betrekking tot de procedure omgevingsvergunning?
MACE heeft op 11 juli een MER-aanmeldingsnotie ingediend bij de provincie. De
Gedeputeerde Staten moeten binnen maximaal 6 weken (indien de aanvraag volledig is) een
besluit nemen over de vraag of er wel of geen MER noodzakelijk is (NB: de provincie heeft
aangegeven zo snel mogelijk te willen handelen om voor zowel MACE als de burgers zo snel
mogelijk helderheid te geven over de noodzaak van wel of geen MER).Er ligt op dit moment
geen officiële vergunningaanvraag voor. De vergunningaanvraag die is ingediend bij de
gemeente Sint Anthonis is door de provincie niet in behandeling genomen. Na het besluit
van Gedeputeerde Staten over de te volgen procedure zal MACE een nieuwe aanvraag
indienen bij de provincie.
De gemeente Sint Anthonis heeft aan de Gemeentelijk Gezondheid Dienst (GGD) formeel om
een advies gevraagd over de effecten van de mestverwerking op de gezondheid. In opdracht
van het urgentieteam is op verzoek van het gezamenlijk overleg MACE, burgers uit Landhorst
en Venhorst, gemeente en omgevingsdienst een verzoek gedaan aan het bureau
Mobilisation om een second opinion te geven over de onderliggende rapporten bij de
aanvraag (bijvoorbeeld het luchtkwaliteitsonderzoek en het akoestisch onderzoek), zie vraag
31 voor meer informatie.
-5-
18. Wanneer en wie kunnen bezwaar maken tegen de omgevingsvergunning?
Zie hiervoor bijlage 1 en 2 de procedureschema’s. Eenieder kan op twee momenten bezwaar
maken tegen de vergunning. De eerste keer bij het ontwerpbesluit en de tweede keer bij het
definitieve besluit. Tegen het ontwerpbesluit kan eenieder zienswijzen indienen, echter bij
het definitieve besluit kunnen alleen belanghebbenden die ook bij het ontwerpbesluit
zienswijzen hebben ingediend bezwaar aantekenen. Belangrijk te weten is dat de
argumenten van het bezwaar op het definitieve besluit dezelfde moeten zijn als de eerder
ingediende zienswijzen van het ontwerpbesluit. Er kunnen dus geen nieuwe argumenten
toegevoegd worden. GS moeten, beargumenteerd, aangeven of een bezwaar gegrond of
ongegrond is. Tegen het definitieve besluit van GS kunnen belanghebbenden dus in beroep
gaan bij de rechtbank en vervolgens bij de Raad van State.
Goed om te weten is dat tegen het besluit van Gedeputeerde Staten (GS) over wel of geen
MER procedure direct na het nemen van het besluit geen bezwaar gemaakt kan worden. Wel
kan bij het ontwerpbesluit aangegeven worden dat er een verkeerde procedure gevolgd is.
19. Wat is de rol van de provincie bij omgevingsvergunning?
Provincie is bevoegd gezag en bepaald formeel of er wel of geen vergunning verleend wordt.
Hiertegen kan zowel door MACE als burgers beroep worden aangetekend bij de rechtbank.
20. Wat is de rol van de omgevingsdienst Brabant-Noord?
De omgevingsdienst is een verlengstuk van provincie en gemeente. Deze dienst voert de
wettelijke taken die volgens de wet bij provincie of gemeenten liggen op het vlak van
vergunningverlening en handhaving uit. De omgevingsdienst toetst namens de provincie of
de vergunningaanvraag van MACE wel of niet verleend kan worden op basis van de geldende
wet- en regelgeving.
21. Wat is de rol van gemeente (college/raad) bij het traject van de omgevingsvergunning?
De gemeente wordt door de provincie gevraagd een zogenaamde ‘Verklaring van geen
Bedenkingen’ (VvGB) te geven. Dit is een advies ten aanzien van bouwen en het
bestemmingsplan. Het college van B&W zorgt er voor dat de raad een voorstel krijgt op basis
waarvan zij een besluit nemen. De raad stuurt het advies naar Gedeputeerde Staten die het
advies betrekken bij het opstellen van het ontwerpbesluit. Tegen de VvGB kan door
eenieder, gekoppeld aan het ontwerpbesluit zienswijzen indienen. De afweging die de raad
moet maken is een zogenaamde ’brede afweging’. Alle relevante aspecten kunnen (moeten)
worden meegewogen, bijvoorbeeld gezondheid.
22. Wat is de rol van het Waterschap bij de omgevingsvergunning?
Het aspect water en in het bijzonder waterkwaliteit is een belangrijk aspect bij de afweging
door de gemeenteraad. Hierom is er afstemming tussen Waterschap Aa en Maas en de
gemeente. Het Waterschap Aa en Maas is bevoegd gezag met betrekking tot lozing op het
oppervlaktewater (dus ook op het Defensiekanaal). Hier zal ze richting MACE aangeven hoe
de kwaliteit van het lozingswater moet zijn en zullen er afspraken gemaakt worden over
onder andere bemonstering van het te lozen water, handhaving/monitoring en wat te doen
als de waterstand te laag is.
-6-
23. Wat kan de burger doen?
De burger kan opkomen voor zijn eigen belangen en voor de kern Landhorst. De middelen
die een burger ter beschikking heeft staan om voor deze belangen op te komen zijn:
 Actief meepraten over het initiatief en daar waar mogelijk aandacht vragen voor
zorgen en komen tot oplossingen;
 bezwaar maken;
 door middel van het opzetten van activiteiten aandacht vragen voor zorgen die
leven.
24. Is er sprake van een tijdelijke vergunning?
Zoals bij vraag 16 en 17 aangegeven, is er nog geen sprake van een formeel ingediende
vergunning. Deze zal worden ingediend na het besluit van Gedeputeerde Staten over wel of
geen MER. De werkgroep gaat ervanuit dat MACE dan een vergunningsverzoek indient voor
een definitieve installatie. Dus geen tijdelijke vergunning van 5 jaar. Er is wel discussie
geweest over een tijdelijke vergunning. Na overleg met provincie heeft de provincie
aangegeven hier niet mee verder te willen.
25. Hoe kunnen we eisen stellen aan de fabriek als die er toch komt en aan wat voor een soort
van eisen kan gedacht worden?
Er kunnen voorwaarden gesteld worden aan het verlenen van de vergunning. Hierover dient
dan overleg plaatst te vinden tussen gemeente, provincie, MACE en burgers. Bij het stellen
van voorwaarden kan gedacht worden aan:
 Monitoring;
 Handhaving;
 Calamiteiten;
 Communicatieverloop;
 Verkeersveiligheid;
 Landschappelijke inpassing van gebouwen, en versterking van natuurwaarden
(waterloop/Defensiekanaal);
 Eventuele extra maatregelen (bijvoorbeeld voor gezondheid);
 Eventuele verdere uitbreiding;
Los van MACE leeft er onder de bevolking de vraag ‘hoe om te gaan met de huidige overlast
vanuit de veehouderij(dus los van MACE)?’. Ook moet er gekeken worden hoe om te gaan
met een aanzuigende werking vanuit MACE. Deze vragen worden opgepakt via het
urgentieteam, los van het traject van MACE.
26. Stel mestverwerking staat er, wat te doen als er overlast is?
Overlast dient formeel gemeld te worden bij gemeente, omgevingsdienst en/of de
provinciale klachtenlijn (Milieu klachtencentrale). Het is zaak hierover duidelijke afspraken te
maken met MACE, burgers en de overheid. Het kan zijn dat deze afspraken afwijken van dat
wat standaard is. Voor de locatie MACE kunnen dus bijzondere afspraken gemaakt worden
over bijvoorbeeld:
 vaker controle;
 handhaving in de weekenden;
 onmiddellijke oppakken van acties bij een melding;
 terugmelding naar burgers.
-7-
Naast een formele melding kan de persoon die overlast ervaart ook het aanspreekpunt van
MACE bellen of benaderen. MACE heeft aangegeven dat er één persoon verantwoordelijk
wordt gemaakt voor als aanspreekpunt voor vragen en voor het wegnemen van overlast.
MACE heeft verder aangegeven dat ze het belangrijk vinden regelmatig met de omgeving het
gesprek aan te gaan over hoe het gaat en of er overlast ervaren wordt. Hierover kunnen
afspraken gemaakt worden. Door hen is aangegeven dat ze graag zien dat enkele bewoners
‘de sleutel’ hebben zodat zij op elk, onaangekondigd, moment in de installatie kunnen kijken.
Als MACE zich niet houdt aan de gemaakte afspraken, kan handhavend worden opgetreden
door de provincie (bevoegd gezag). Dit loopt dan via de omgevingsdienst. Dit handhavend
optreden kan in het uiterste geval leiden tot stilleggen van mestverwerking.
27. Is monitoring van de installatie van belang en hoe gaat dat lopen?
Het monitoren (volgen) van dat wat er in de mestfabriek gebeurd en wat de effecten zijn van
de fabriek op de omgeving is erg belangrijk. MACE wil hier ook nadrukkelijk over meedenken
en meewerken. Van belang hierbij is dat de huidige situatie dan in beeld gebracht wordt.
(een zogenaamde 0-situatie). Het is in ieder geval belangrijk te monitoren op: geur,
verkeersbewegingen en waterkwaliteit inclusief de bacteriologische status hiervan.
28. Hoe wordt gehandeld als er zich calamiteiten voordoen?
Het is belangrijk dat er een calamiteitenplan gemaakt wordt waarin precies staat hoe
gehandeld moet worden bij calamiteiten. Hierin staat dan ook hoe omwonenden
geïnformeerd worden et cetera. De GGD zal hierop in hun advies richting gemeente ingaan.
29. Wat was/is de rol van het urgentieteam?
Het urgentieteam is gevraagd de gespreksleiding en ondersteuning te doen van een
gezamenlijke groep mensen die informatie wil verzamelen over het initiatief van MACE. Het
urgentieteam faciliteert fatsoenlijke gesprekken. Zij doet dit in opdracht van het
Brabantberaad. Het Brabantberaad praat over hoe verder met de veehouderij in Brabant.
Vele partijen maken daarvan onderdeel uit, waaronder de provincie, gemeenten, GGD,
Provinciale raad Gezondheid, BMF en ZLTO. Het Brabantberaad heeft het urgentieteam
gevraagd de gesprekken en ondersteuning te faciliteren. Daarbij hebben de mensen uit het
urgentieteam
geen
inhoudelijke
opvatting
over
de
toekomst
van
de
veehouderij/mestverwerking.
30. Wat was de opdracht van de gezamenlijke groep die bestond uit MACE, Werkgroep MACE
mestverwerking Landhorst, afvaardiging Venhorst, Milieuvereniging Land van Cuijk,
gemeente Sint Anthonis en de omgevingsdienst?
De gezamenlijke groep had de opdracht om voor de zomervakantie zoveel mogelijk
informatie te vergaren en deze terug te melden naar onder andere de bewoners van
Landhorst. Deze informatie is nodig om goed te kunnen bepalen of mensen voor danwel
tegen het MACE initiatief zijn. De gezamenlijke groep heeft geen discussie gevoerd over of zij
voor of tegen de mestverwerking waren. Op 3 juli is informatie richting Landhorst
teruggekoppeld.
-8-
31. Wat was de rol van bureau Mobilisation?
De gezamenlijke groep vond het zinvol een derde te laten beoordelen wat ze vindt van het
initiatief in relatie tot de omgeving en de voorgestelde procedure door de provincie. Via het
urgentieteam is bureau Mobilisation gevraagd dit uit te voeren. De volgende vragen waren
aan Mobilisation gesteld:
 Wat zijn de mogelijke effecten van de installatie op de omgeving?
 Klopt de voorgestelde procedure van de provincie?
Ze heeft haar bevindingen vervat in een rapportage. Zie bijlage 3. De bevindingen zijn tot
stand gekomen op basis van literatuurstudie, schriftelijke informatie van MACE, de website
van MACE en gesprekken met onder andere MACE en GGD.
32. Hoe gaat de ‘Werkgroep MACE mestverwerking’ nu verder?
De werkgroep MACE mestverwerking Landhorst, nu bestaande uit 17 mensen uit Landhorst,
blijft bestaan. Op 3 juli heeft de Werkgroep aan de ongeveer 170 aanwezigen gevraagd hoe
zij vinden dat de werkgroep verder zou moeten. Uit de enquête is naar voren gekomen dat
een overgrote meerderheid het belangrijk vindt dat de werkgroep verder gaat met het
gesprek met overheden en MACE. De mensen vinden het belangrijk om via de gesprekstafel
de zorgen van de bewoners van Landhorst te blijven signaleren en hiervoor oplossingen te
vinden. Naast dit overleg vinden veel mensen het belangrijk dat ook via het opzetten van
andere activiteiten aandacht blijft voor de zorgen die leven. Op beide manieren kan
opgekomen worden voor de zorgen en belangen van Landhorst. Inmiddels is door het
urgentieteam een procesplan voor het vervolg opgesteld. Het idee is te komen tot een
klankbordgroep bestaande uit mensen van Landhorst, Venhorst, gemeente, omgevingsdienst
en MACE. Deze klankbordgroep moet dan een plek krijgen in de procedure van
vergunningverlening MACE mestverwerking.
De Werkgroep MACE mestverwerking Landhorst vindt het naast de link met de
klankbordgroep en overige acties van belang dat er een discussie op gang komt over de vraag
‘hoe wordt omgegaan met de overlast en de ontwikkelingen van bestaande agrarische
bedrijven?’.
Naast deze discussie moet er extra aandacht komen voor de ontstane tweespalt binnen de
inwoners van Landhorst ( voor- en tegenstanders van mestverwerking).
-9-
Vragen ten aanzien van gezondheid:
33. Welke stappen zijn genomen door de gezamenlijke groep om informatie te verkrijgen met
betrekking tot gezondheid?
De belangrijkste zorg van de mensen uit Landhorst ligt op het vlak van gezondheid. Wat zijn de
effecten van de mestverwerking op de gezondheid van mensen. Dit vraagstuk kan moeilijk los
gezien worden van de hele discussie over de ontwikkelingen binnen de hele veehouderij. De
gezamenlijke groep heeft Henk Jans (arts Maatschappij en Gezondheid, medische milieukunde en
(bio)chemicus) en Ewald Korevaar (bureau Mobilisation) gevraagd te onderzoeken wat volgens
hen de risico’s zijn voor de gezondheid in de omgeving als de mestverwerking gerealiseerd wordt
aan de Quayweg 8. De Werkgroep MACE mestverwerking Landhorst heeft, los van de
gezamenlijke groep een bijeenkomst gehad met de voormalige huisarts van Elsendorp, dr. Jan
Hoevenaars.
34. Wat zijn de bevindingen van Henk Jans (arts MG, medische milieukunde, lid urgentieteam
en adviseur van GGD HvB/Bureau Gezondheid, Milieu en Veiligheid, B GMV)?
De heer Jans heeft het mestverwerkingsysteem bestudeerd en elke ruimte en handeling binnen
het systeem gekoppeld aan de vraag of hier risico’s aan vast zitten voor de gezondheid van
mensen in de omgeving. Deze analyse heeft geleid tot een overzicht van mogelijke risico’s.
Vervolgens heeft hij deze risico’s gekoppeld aan maatregelen die MACE verricht om de risico’s te
verkleinen dan wel weg te nemen. Vervolgens benoemd hij de risico’s die overblijven of nog
onduidelijkheden oproepen en geeft aan hoe hiermee om te gaan. Hij heeft zijn bevindingen
gebaseerd op literatuurstudies, gesprekken met collega artsen, gesprekken met MACE en
burgers, de MER die voor de locatie in Izegem (België) is opgesteld en de aanvraag zoals die was
ingediend door MACE bij de gemeente. Van belang hierbij is op te merken dat hij bij de bepaling
van zijn bevindingen is uitgegaan van de juistheid van de beschikbare informatie verwoord in de
aanvraag. Hij heeft de gegevens van MACE dus niet gecontroleerd op juistheid en de
volledigheid. Daarvoor is in een second opinion het bureau Mobilisation gevraagd. Zie voor zijn
bevindingen de presentatie die hij gehouden heeft op 3 juli voor de mensen uit Landhorst in
bijlage 4. In bijlage 5 is de presentatie van de heer Hoevenaars opgenomen, zoals gepresenteerd
aan de Werkgroep.
Henk Jans heeft zijn bevindingen gedaan en hem is door de gemeente Sint Anthonis verzocht
deze te vervatten in een formeel GGD / B GMV advies. De gemeente heeft de GGD hierom
gevraagd. De bedoeling is dat er een advies van de GGD ligt voor 8 augustus 2014. B. In dit advies
zal ingegaan worden op de milieu- en omgevingsaspecten en de mogelijke effecten op gebied
van infectieziekten (indien aanwezig). Daar waar nodig wordt bij het opstellen van het advies
contact gelegd met het RIVM (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu) en wordt een
verbinding gelegd met de resultaten/bevindingen van het bureau Mobilisation. Het advies kan
dan door het bevoegd gezag gebruikt worden bij de besluitvorming over de vergunningaanvraag.
- 10 -
35. Wat zijn de bevindingen van bureau Mobilisation?
Bureau Mobilisation heeft haar bevindingen opgesteld en gaat deze bundelen in een rapport.
(Zie bijlage 3, echter rapport is nog niet voor publicatie gereed, dit zal t.z.t. worden gepubliceerd)
En bijlage 6 presentatie Mobilisation van de informatieavond op 3 juli. Ten aanzien van het
aspect gezondheid en veel deelaspecten hiervan, geeft zij aan dat zij, op dit moment, hier geen
beoordeling over kunnen geven. Dit komt met name doordat de rapporten van MACE
onvoldoende duidelijk zijn in onder andere bronvermeldingen en verschillende ‘open einden’ in
zich heeft. Mobilisation doet diverse aanbevelingen om te komen tot een betere
vergunningaanvraag. Door MACE zijn, daar waar mogelijk, de aanbevelingen uit het rapport van
Mobilisation verwerkt in de MER-aanmeldingsnotitie.
De vraag zou gesteld kunnen worden in hoeverre de bevindingen van Henk Jans, gelet op de
opmerkingen van Mobilisation, voorbarig zijn. Dit komt doordat Henk Jans bij het formuleren en
de totstandkoming van zijn bevindingen is uitgegaan van de juistheid en volledigheid van de aan
hem vooraf beschikbaar gestelde informatie. Uit de analyse van Mobilisation blijkt dat de
beschikbare informatie op onderdelen te summier is dan wel onvolledig is. Dit zou kunnen
betekenen dat vanuit het aspect gezondheid opnieuw gekeken zou moeten worden naar de
aanvraag van MACE en de voorlopige bevindingen die gedaan zijn. De vraag is dan in hoeverre de
bevindingen van Mobilisation tot andere bevindingen en conclusies leiden op gebied van
gezondheid.
36. Wat zijn de bevindingen van voormalig huisarts Elsendorp dr. Jan Hoevenaars?
De heer Hoevenaars heeft op verzoek van de Werkgroep MACE mestverwerking Landhorst zijn
opvattingen gegeven over het initiatief van MACE. Bij deze bijeenkomst was Henk Jans niet
aanwezig. Ook MACE was hier niet bij aanwezig. De heer Hoevenaars heeft in zijn presentatie
naar de aanwezigen toe aangegeven dat er flinke risico’s verbonden zijn aan het initiatief. dit is
gebaseerd op algemene bronnen. Hierbij is niet specifiek ingezoomd op het initiatief van MACE.
37. Hoe nu om te gaan met twee ogenschijnlijk verschillende opvattingen over de risico’s van
gezondheid?
Als gevolg van de twee presentaties (Jan Hoevenaars en Henk Jans) is er onrust ontstaan over de
vraag welke arts nu gelijk heeft. De ontstane situatie is zeer vervelend en leidt tot onrust. Er is
afgesproken dat Henk Jans bij de totstandkoming van zijn bevindingen nogmaals de geciteerde
bronnen en studies van de heer Hoevenaars, zoals die door de heer Hoevenaars zijn gebruikt en
gepresenteerd, zal betrekken. Inmiddels is dit gebeurd en heeft Henk Jans aangegeven dat de
conclusies en bevindingen zoals die door de heer Hoevenaars zijn gedaan, geheel voor rekening
van de heer Hoevenaars zelf zijn en dat Henk zelf, na bestudering van de geciteerde studies, tot
andere conclusies komt. Daarnaast gaat de presentatie van de heer Hoevenaars niet specifiek in
op de negatieve gevolgen die het initiatief van MACE heeft voor de omgeving. Er wordt vanuit de
optiek van de heer Hoevenaars meer ingegaan op de gezondheidsaspecten en gevolgen die de
intensieve veehouderij in het algemeen kan hebben voor de omgeving.
Voorts moet bezien worden of er nog een derde arts zijn bevindingen moet geven. Dus als het
ware een second opinion doet op het verhaal van Henk Jans en de heer Hoevenaars.
- 11 -
38. Kan het aspect gezondheid worden meegenomen in de afweging om te komen tot een
vergunning?
Ja, het aspect gezondheid kan bij de beoordeling van het aspect bouwen/bestemmingsplan
worden meegenomen. Daarnaast kan indirect bij het thema milieu ook gekeken worden naar
gezondheidsrisico’s van de mestverwerking op zijn omgeving, deze zijn dan gekoppeld aan de
onderdelen zoals geur, fijnstof en verkeer.
39. Wordt er een Gezondheidseffect Screening (GES) gedaan?
Nee, op dit moment wordt dit niet overwogen. Wel wordt er door de GGD een nadere
risicobeoordeling van het initiatief opgesteld. Zoals eerder aangegeven is risicobeoordeling 8
augustus 2014 gereed.
40. Hoe wordt omgegaan met het aspect cumulatie?
De term cumulatie valt regelmatig en wel in twee betekenissen:
1. Wat is de bijdrage van het initiatief van MACE op de reeds aanwezige belasting op het
gebied?
2. Wat is de huidige belasting van geur en fijnstof, verkeer en vervoersbewegingen op het
gebied en hoe kan eventuele overlast voorkomen of verkleint worden?
Op de bijdrage van MACE op de al aanwezige bronnen moet inzicht geboden worden in de MER
beoordelingsrapportage. MACE heeft aangegeven dit expliciet te doen. Gewenst is een nulmeting uit te laten voeren, zodat dit beter te beoordelen is.
Ten aanzien van de al aanwezig overlast wordt aangegeven dat hierover, los van het initiatief van
MACE, gesprekken gevoerd gaan worden met overheden. Ook kan het zijn dat als dit boeren
betreft die mee gaan doen met MACE ook MACE hen wijst op hun maatschappelijke
verantwoordelijkheden.
Vragen ten aanzien van Communicatie
41. Hoe wordt er gecommuniceerd naar de inwoners van Landhorst en eventueel Venhorst?
Zoals eerder aangegeven willen we verder met een klankbordgroep. Het is belangrijk dat de
mensen die vanuit Landhorst deel gaan nemen aan de klankbordgroep ‘voeling’ houden met de
gemeenschap van Landhorst. Daarom is het belangrijk gedurende het traject regelmatig:
 gesprekken te organiseren tussen de klankbordgroep en de werkgroep MACE
mestverwerking Landhorst.
 terugkoppeling met de hele gemeenschap uit Landhorst en Venhorst. Dit kan in de vorm
van een bijeenkomst zoals op 3 juli, maar kan ook via lokale media.
42. Hoe gaan we communiceren naar de pers?
Het gebruik van lokale media is belangrijk om informatie door te geven over behaalde resultaten
en informatieoverdracht. Het voorstel is dit te laten lopen via de klankbordgroep.
43. Moeten we een eigen website maken?
Het voorstel is dit nu niet te doen, de informatie zal onder een apart kopje op de website van
Vereniging Dorpsbelang Landhorst geplaatst worden. Zie www.peelbelang.nl.
- 12 -
Vragen ten aanzien van Financiële middelen
44. Vindt er daling van de woningwaarde plaats en hoe kan dat vastgelegd worden?
De huidige waarde van de huizen kan vastgelegd worden door een taxateur middels een
taxatierapport. In principe is dit niet nodig, via het traject van planschaderegeling wordt
eventuele vermogensschade na wijziging van de planologische situatie ook bepaald. Zie hiervoor
vraag 45.
45. Waar kunnen we als burgers met schadeclaims terecht?
Schadeclaims kunnen bij de gemeente Sint Anthonis worden ingediend op basis van de
planschaderegeling die in de Omgevingswet genoemd staan. Het moment van indienen van een
claim op basis van de planschaderegeling is nadat er een onherroepelijk besluit is gekomen over
de vergunningaanvraag (na uitspraak van Raad van State). De gemeente zal bij zo’n verzoek een
onafhankelijke taxateur taxaties laten doen en op basis daarvan wel of geen schade uitkeren. Als
er sprake is van schade dan zal de gemeente die verhalen op MACE. De mogelijke schade wordt
bepaald door te kijken wat de bestemmingsplanwijziging voor schade met zich mee brengt.
Anders gezegd, nu is het een agrarisch bouwblok, zo meteen is het een locatie waar
mestverwerking mogelijk wordt. Tegen een besluit van de gemeente om te komen tot wel of
geen schadevergoeding kan bezwaar gemaakt worden.
46. Hoe komt de klankbordgroep aan financiële middelen om zaken uit te laten zoeken?
Er is een procesplan gemaakt voor het traject gekoppeld aan de klankbordgroep. Het voorstel is
de financiering hiervan via het urgentieteam te laten lopen. Dit betekent dat er middelen komen
vanuit provincie en/of gemeente.
47. MACE rekent een lagere prijs voor levering van mest dan concurrenten (€ 8,00/m³ versus
€ 15,00/m³? Hoe kan dat en is het initiatief van MACE dan wel rendabel?
MACE geeft aan geen winst te hoeven maken. Er ligt een businessplan waarbij inderdaad sprake
is van lagere verwerkingsbijdragen die uit kunnen. Momenteel rekent MACE met een prijs van
€ 8,00/m³, dit is exclusief transport en bemonsteren Indien nodig staat MACE vrij om de
bedragen te verhogen dan wel te verlagen.
- 13 -
Bijlagen
Bijlage 1: procedureschema MET MER-procedure
Bijlage 2: procedureschema ZONDER MER-procedure
Bijlage 3: (rapport Mobilisation is nog in de maak, nog niet voor publicatie gereed.)
Bijlage 4: presentatie GGD (Henk Jans) – 3 juli 2014
Bijlage 5: presentatie Mobilisation (Ewald Korevaar) – 3 juli 2014
Bijlage 6: plattegrond locatie MACE
Bijlage 7: tekening initiatief MACE
- 14 -