KLIK - hpdibbes.nl.

Een gids door de eerste achttien weken van uw pupje
Willem Teunisse
De bezigheden van een pupje in het nest
Een pupje in uw huis
Zindelijkheidstraining als u thuis bent
Zindelijkheidstraining als u niet thuis bent
Bijten
Het aanleren van bijtbeheersing
“Pak vast” en “laat los”
Het slopen van uw spulletjes
Alleen zijn gedurende de nacht
Verlatingsangst
Aandacht voor de baas te hebben.
“Afblijven” en “Pak maar”
Komen als hem dat gevraagd wordt
In een ideale wereld krijgt een pup vanaf de eerste dag in zijn nieuwe huis een
zindelijkheidstraining. Hij leert bovendien waarop hij wel mag kauwen en waarop niet.
Ook zou hij onmiddellijk leren dat die scherpe tandjes hij pijn doen en schade kunnen
aanrichten. In zo’n ideale wereld worden een pup vrijwel onmiddellijk op een positieve
manier in contact gebracht met allerlei mannen, vrouwen en kinderen en laten we onze
pupjes wennen aan diverse geluiden, honden en andere dieren, omgevingen en
verschillende situaties.
Willem (Mr. Dibbes) Teunisse
2
De bezigheden van een pupje in het nest
Een pupje ontwaakt tussen al zijn nestgenootjes. Hij
gaapt uitgebreid en krabt zichzelf. Vervolgens rekt hij zich
grondig uit. Hij rekt meestal eerst de voorkant uit en
daarna de achterkant. Vervolgens loopt hij weg en doet
een plasje, ver uit de buurt van zijn slaapplek.
Daarna vindt de pup iets om in te bijten en in de meeste gevallen is dat
een nestgenootje. Deze bijt terug en dan rollen ze over elkaar heen en
bijten elkaar. Dan voelt de pup een krampje dat hem verteld dat hij moet
poepen en dat doet hij dan ook.
Daarna vindt de pup opnieuw iets om in te bijten.
Als hij een tijdje om zich heen heeft lopen bijten,
voelt hij opeens dat zijn buikje knort. Hij zoekt
een tepel om aan te sabbelen, hij vult zijn buikje,
doezelt een poosje en valt in slaap.
Deze cyclus herhaald zich onophoudelijk gedurende de eerste drie of
vier maanden van zijn leven. Ongeveer negentig procent van de pup zijn
wakkere tijd, brengt een pupje door met het bijten van andere pupjes. En
wij stoppen die cyclus door de pup uit het nest te halen. We halen
daarmee het levende bijtmateriaal van ze weg en daarmee de kans om
te leren dat tanden pijn kunnen doen.
Een pupje in uw huis
Zie daar, de drukke dagelijkse bezigheden van uw nieuwe pupje.
Slapen, plassen, spelen en bijten, poepen, opnieuw spelen en bijten,
eten en weer slapen. In deze beschrijving van zijn activiteiten schuilt ook,
in een notendop, de opsomming van de voorspelbare problemen
waarmee u de komende tijd te maken gaat krijgen:
o Plassen
o Poepen
o Bijten (in de verkeerde zaken en in u)
Nu u weet dat u deze probleempjes moet verwachten, kunt u ook
maatregelen nemen om dit aan te pakken.
3
Zindelijkheidstraining als u thuis bent
o Plassen
Houdt uw pupje dichtbij u, weggesloten in een bench of aan de riem.
Maak uw pupje elk uur wakker. Als u zich afvraagt of dat werkelijk elk uur
moet, is het volgende belangrijk om te weten:
o Feit: Pupjes van acht weken oud hebben een vijfenzeventig
minuten blaascapaciteit, een negentig minuten blaascapaciteit als
ze twaalf weken zijn en een honderdtwintig minuten blaascapaciteit
als ze achttien weken zijn.
Het elk uur ontlasten van uw pupje geeft u bovendien elk uur de kans om
hem te belonen voor het gebruik maken van de daarvoor bestemde
toiletplek. U hoeft het natuurlijk niet precies te doen op het hele uur,
maar het is gewoon simpeler te onthouden als u dat wel doet.
o Feit: Binnen ongeveer twee minuten na het ontwaken van de pup,
moet hij plassen.
Dus als hij ontwaakt, zegt u: “Dibbes”, naar buiten” en neemt u hem
onmiddellijk aan de lijn mee naar de plek waar u wilt dat hij zijn plasje
doet. U wandelt er niet op uw gemak naar toe, maar u zet er echt flink de
pas in.
Daar blijft u staan en zegt; “Dibbes, doe een plas”, of iets ander als u het
woord ‘plassen’ niet wilt gebruiken, en geef hem drie minuten om het te
doen. Binnen twee minuten zal hij plassen en onder het plassen, zegt u
iets in de geest van; “mooie plas, goed zo, mooie plas”. Als Dibbes zijn
plasje gedaan heeft beloont u hem uitgebreid met iets echt lekkers en
complimentjes.
o Poepen
Als hij zijn plas heeft gedaan, blijft gewoon staan op de plek waar u
staat. U zegt; “Dibbes, ga poepen” (of welk ander woord u maar wilt).
Binnen ongeveer één minuut na het plassen, zal uw pupje gaan poepen.
Als hij dat doet, prijst u hem en gebruikt in uw complimentjes een aantal
malen het woord dat u voor zijn poepen heeft uitgekozen. Als Dibbes zijn
grote boodschap heeft gedaan, beloont u hem opnieuw uitgebreid met
iets echt lekkers, complimentjes en een wandelingetje.
4
Dus eerst plassen en poepen en daarna pas wandelen.
Als hij binnen drie minuten niets gedaan heeft, gaat u gewoon weer met
hem naar binnen. U stopt hem terug in de bench en na een uur herhaalt
u het ritueel opnieuw. Als hij alles goed gedaan heeft, kunt u thuis lekker
met hem spelen en knuffelen. Hij is niet meer een “gevulde blaas en
darmpjes met een aaibaar vachtje”, hij is leeg. U kunt lekker een tijdje
met hem aan de gang. Dan krijgt hij zijn met voer gevulde kauwspeeltje
in zijn bench en kan hij weer rustig slapen.
LET OP
Voer de eerste weken de dagelijkse maaltijden van uw pup NIET uit
een voerbak, maar met de hand. U voert hem als beloning voor goed
gedrag en tijdens de training. De rest van het voer gaat in daarvoor
geschikt kauwspeelgoed (daarover later meer).
5
Zindelijkheidstraining als u niet thuis bent:
Als u niet thuis of te ver uit de buurt van uw woning bent, of als u het te
druk heeft om het eerder beschreven schema uit te voeren, houdt uw
pup dan begrensd in een puppy speelruimte waar hij een passend
hondentoilet heeft. Denk hierbij aan een afgebakend deel van uw
huiskamer, waar de pup geen schade kan aanrichten.
In deze ruimte zijn slechts de volgende zaken aanwezig:
o Een comfortabel matras, (tenzij hij er op kauwt, dan even geen
matras tot hij verslaafd aan zijn kauwspeelgoed is)
o Vers water
o Een aantal kauwspeelgoedjes gevuld met zijn normale brokken
o Een toiletplek in de hoek het verst van zijn slaapplek.
KAUWSPEELTJES
GEVULD MET ZIJN
MAALTIJD
SLAAPPLEK
TOILETPLEK
De reden?
Voldoende drinkwater
o U gebruikt deze opstelling om de hond passief de gewoonte aan te
leren om zijn toilet te gebruiken. In de ene hoek is zijn bed en in de
verste hoek ervandaan staat zijn toilet. De hond ontlast zich van
nature zo ver mogelijk van zijn slaapplek.
o De hond wordt verder als vanzelf getraind om op een Kong te
kauwen in plaats van op uw bankstel (dat levert hem immers geen
voer als beloning en de Kong wel). Als de hond de eerste periode
in een beperkte ruimte zit, kan hij niet uw huis verruïneren.
o Kauwspeelgoed verminderd in veel gevallen, het blaffen van een
hond met negentig procent.
6
Wat doe ik als mijn pup niet in de Bench wil?
Voor dat u uw pup wegsluit in een bench of een kennel, zorgt u er eerst
voor dat hij het prettig vind om in die bench of kennel te zijn.
Dat doet u met de volgende techniek. Laat
uw pupje zitten terwijl voor zijn neus een
Kong vult met zijn brokjes en een paar heel
lekkere zaken.
Het moet zo verschrikkelijk lekker zijn voor
de hond, dat hij er bijna van gaat kwijlen.
Vervolgens opent u het deurtje van de
bench…
…plaatst de gevulde Kong in de bench en
sluit de deur terwijl uw pupje er nog buiten
zit!
Laat de pup een tijdje broeden op dit
probleem - Kong in de bench, het pupje
buiten de bench - en na een tijdje open u
het deurtje van de bench…
… en uw pupje zal zich
gretig naar binnen werpen
en snel gaan liggen om
zijn speeltje te veroveren.
Ook al pakt hij hem er snel
uit en gaat er ergens
anders mee aan de slag,
dan nog zijn, de eerste
ervaringen met de bench
positief
7
Hoe leert u de pup om beheerst uit de bench te komen?
De bench geeft u tevens de kans om uw pupje de eerste stappen bij te
brengen op het gebied van zelfbeheersing. Veel pupjes zullen
enthousiast reageren als u aan komt lopen om ze los te laten.
Ze zullen draaien, tegen het deurtje opspringen, kermen, piepen, blaffen
of zelfs bijten in de tralies (zie foto onder). Wat leert u uw pup als u op
dat moment het deurtje opent? Hij heeft dan succes met zijn drukke
gedrag. Dat gedrag wordt als het ware beloont om dat hij op dat moment
vrijgelaten wordt. Dat zorgt ervoor dat hij zich de toekomst altijd door het
lint gaat als u in de buurt van de bench komt.
De oplossing is heel simpel. U negeert zijn opgewonden gedrag, u draait
u een beetje van hem af en kijkt hem niet aan. Geef niet toe aan de
neiging om hem er uit te laten omdat met zijn gedoe de buren tot last is.
Hij mag nooit uit de bench gelaten worden terwijl hij druk en maf doet.
Pas als hij rustig gaat zitten of liggen, opent u voorzichtig het deurtje.
Als hij overeind stormt en tegen het deurtje aan springt of zich op een
andere manier misdraagt, duwt het gewoon weer dicht. Als hij blijft zitten
of liggen, dan opent u het deurtje helemaal en mag hij eruit.
Wat leert u uw pup als u op dat moment het deurtje opent?
8
Bijten
De allerbelangrijkste les die een pup zou moeten leren is; ik heb tanden
en daarmee doe ik pijn en kan ik schade aanrichten.
Informatie over bijtbeheersing vooraf
o Feit: Bijten is voor een pup normaal, natuurlijk en noodzakelijk
gedrag.
o Feit: Het pupje leert doormiddel van het speels bijten in zijn
nestgenootjes, zijn moeder en daarna in zijn baasjes, om een
“zachte bek” en een bijt- beheersing te ontwikkelen.
o Des te meer gelegenheid de pup heeft om mensen, andere honden
en andere dieren in een spel te bijten, des te beter zal zijn
bijtbeheersing zijn als hij eenmaal volwassen is.
9
De voorliefde voor het bijten van uw pup, zorgt voor ontelbare speelse
beten. En, alhoewel zijn naaldscherpe tandjes zorgen dat die beten pijn
doen, zijn de kaakjes te zwak om werkelijke schade aan te richten. Het
pupje moet nu leren dat zijn beten pijn kunnen doen, lang voor zijn kaken
sterk genoeg zijn om verwondingen te veroorzaken. Een pup moet de
bijtbeheersing en een "zachte bek" ontwikkelen voor hij vierenhalve
maand oud is.
Als een hond de kracht van zijn bijtkracht niet leert beheersen voor die
kritieke leeftijd van vierenhalve maand, kan hij op latere leeftijd (wanneer
hij bijt ook) echt schade aanrichten. Hij kan dan nog wel getraind worden
om niet te bijten, maar als hij ergens van schrikt of zich in het nauw
gedreven voelt, dan kunnen de gevolgen van zijn beet ernstig zijn.
Het aanleren van bijtbeheersing
Lees dit gedeelte met de grootste aandacht. Het aanleren van een
goede bijtbeheersing is het belangrijkste onderdeel van de gehele
opvoeding van uw pup.
Natuurlijk moet het bijtgedrag uiteindelijk helemaal worden verwijderd.
Maar het is van het hoogste belang dat het stap voor stap gebeurd via
een twee stappenplan:
o Als eerste, de kracht van de beet afremmen.
o Ten tweede, het verminderen van het aantal malen dat de pup zijn
mond gebruikt.
Ideaal is het om de twee fases achter elkaar aan te leren, maar bij een
meer actieve pup kan het wenselijk zijn dat beide stappen tegelijkertijd
worden aangeleerd.
Stap 1. De kracht van de beet verminderen
De eerste stap is dat u uw pupje laat stoppen met het bezeren van
mensen: om hem te leren de kracht van zijn speelse bijten af te remmen.
Het is niet nodig om uw pupje te berispen en lichamelijk straffen is al
helemaal uit den boze. Maar het uiterst belangrijk om uw pupje te laten
weten dat zijn bijten pijn kan veroorzaken.
10
Een simpele kreet; "AUW" is vaak afdoende. Als het pupje achteruit
deinst, stopt u kort om even "uw wonden te likken". Dan vraagt u uw
pupje om bij u komen en te gaan zitten om het weer goed te maken.
Daarna hervat u het spel.
Als uw puppy niet op uw kreet reageert met los laten of terug deinzen,
dan is een andere effectieve manier het hondje "Bullebak" noemen, de
kamer te verlaten en de deur achter u dicht te trekken. Geef hem een
minuutje de tijd om het verband te leggen tussen zijn harde bijten en het
vertrek van zijn favoriete menselijke kauwspeeltje.
Kom daarna terug en geef hem de kans om het weer goed te maken.
Het is belangrijk om te laten zien dat u nog steeds van hem houdt, maar
dat zijn pijnlijke beten bezwaarlijk zijn. Laat uw pup bij u komen en gaan
zitten en hervat daarna opnieuw het spel.
Op het moment dat hij u te hard bijt, is het vele malen beter dat u bij uw
pup wegloopt, dan dat u hem met fysieke kracht onder bedwang houdt of
hem opsluit in een andere ruimte.
11
Deze techniek is verbazingwekkend effectief bij eigenwijze pups met
“een plaat voor hun kop”, omdat het precies de manier is waarop pupjes
elkaar leren om de kracht van de beet te verminderen als ze met elkaar
spelen. Als een pup zijn nestgenootje te hard bijt, gilt het gebeten pupje
en stelt het spelen uit om zijn wonden te likken.
De bijter leert al snel dat zijn te harde beten, een plezierig spel
onderbreken. Hij leert zachter te bijten als het spel zich opnieuw hervat.
Daarna is het tijd om de druk van de beten helemaal uit te schakelen,
ook als zijn "beten" totaal geen pijn meer doen. Als het pupje u gebruikt
als menselijk kauwspeeltje, wacht dan tot de beet iets harder is dan
daarvoor en reageer alsof het werkelijk pijn doet, zelfs al is dat niet het
geval: “AUW, zachtjes, je doet me pijn".
Het pupje reageert alsof hij denkt: "Tjee die mensen zó gevoelig. Ik mag
wel extreem voorzichtig zijn met dat tere huidje als ik met ze speel.” En
dat is precies wat u wilt dat hij denkt; dat hij extreem voorzichtig en
zachtjes moet zijn als hij met mensen speelt.
Nogmaals, uw pupje zou moeten leren om mensen geen pijn te doen,
ver voor dat hij drie maanden oud is. Het is ideaal als hij tegen de tijd dat
hij vierenhalve maand is en hij sterkere kaken en een volwassen gebit
krijgt, dat hij geen enkele kracht zet als hij zijn tanden gebruikt.
Stap 2. Het verminderen van het gebruik van de bek
Als uw pupje eenmaal geleerd heeft zijn bekje voorzichtig te gebruiken,
wordt het tijd om het gebruik van de bek langzaam te verminderen. Hij
moet leren dat het speelse bijten oké is, maar onmiddellijk moet stoppen
als u daarom verzoekt.
Waarom?
Omdat het nogal ongemakkelijk is om een kopje koffie te drinken of een
telefoon te beantwoorden als er een steeds zwaarder wordende pup aan
uw pols bungelt.
Daarom dus.
Het is handig om hem eerst het commando ‘los" te leren met voedsel als
beloning.
12
“Pak vast” en “laat los”
We beginnen deze oefening met bijvoorbeeld een stok of een trektouw,
omdat die door u en uw hond tegelijk vastgehouden kunnen worden. Het
feit dat u het vast kan houden is een erg belangrijk deel van dit
bezittersspel. Uw hond zal minder de neiging vertonen om een object te
claimen als u het nog steeds vast heeft. Dus laat het touw in het begin
echt niet los.
Zeg tegen uw hond; "Dibbes, pak vast".
Beweeg uitnodigend het object heen en
weer voor de snuit van uw hond. Prijs hem
als hij het object vastpakt maar laat het
niet los.
Zeg; "Dibbes, los".
Stop daarna met het bewegen van het
object om te voorkomen dat hij er aan gaat
trekken. Beweeg met uw andere hand een
heel lekker ruikend hapje voor zijn neus
heen en weer.
13
Prijs uw hond op het moment dat hij het
object loslaat en u daarmee het volledige
bezit over het object teruggeeft. Zeg,
“Goed zo, los” en herhaal het woord ‘los’
een aantal malen, terwijl u hem twee of
drie van die lekkere hapjes voert.
Daarna geeft u hem de instructie om het
object weer vast te pakken en herhaalt u
de procedure.
Als uw hond een keer of vijf achter elkaar
het object op verzoek onmiddellijk los
heeft gelaten, kunt u proberen om zelf
het object ook los te laten.
Nu begrijpt uw pup het woord “los”
Als de pup het commando "los"
eenmaal begrijpt, gebruik het
voertje dan als een lokkertje (een
neusmagneetje) en een beloning
om hem het loslaten te leren, als
hij uw hand, broek, mouw of (in
geval van de foto’s) uw haar etc.
vastpakt.
Zeg, "los" en houdt een brokje
voor zijn neus om hem te
verleiden tot loslaten van uw (in
dit geval) haar etc.. Als hij dit
doet, prijst u hem en geeft u het
voedsel als een beloning.
14
Deze oefening is heeft als hoofddoel het oefenen van het stoppen met
het gebruiken van zijn bekje en dus, elke maal dat uw pupje zich
gehoorzaam terugtrekt en ophoudt met u bijten, hervat u het spel.
Start en stop deze oefening zo vaak u maar kunt. Een beloning is voor
een pupje/hond echt alles is wat hij als prettig, belangrijk of fantastisch
ervaart. Omdat uw pup tijdens het spelen graag zijn bekje gebruikt, is de
meest waardevolle beloning voor het stoppen met vastpakken is hem
toe te staan zijn bekje te gebruiken.
Als u besluit met de oefening te stoppen, zegt u; "Dibbes,… los" en geeft
u hem een kauwspeeltje gevuld met voer.
Als uw hond weigert om uw hand, broek, mouw, haar, etc. los te laten
als u het zegt, zeg dan nogmaals iets in de geest van "bullebak" en haal
snel, maar voorzichtig, datgene dat hij vast heeft uit zijn bekje. U verlaat
vervolgens de kamer terwijl u iets mompelt als; "afgelopen, uit, jammer,
dan niet" terwijl u de deur voor zijn neus sluit.
Geef hem een minuutje om over zijn verlies te zompen. Ga dan terug,
roep hem bij u, om het goed te maken en hervat het vastpakspelletje.
Tegen de tijd dat de pup achttien weken is moet hij;
o een bekje hebben dat zo zacht is als de bek van een hoogbejaarde
goedgetrainde Labrador.
o nooit meer uit zichzelf zijn bekje moeten gebruiken, maar alleen als
het van hem gevraagd wordt.
o geen enkele druk meer gebruiken als er tijdens een spel het
gebruik van de bek van hem gevraagd wordt.
o onmiddellijk moeten stoppen met bijten als dat door één van de
gezinsleden aan hem gevraagd wordt.
15
Het slopen van uw spulletjes
Honden knagen op allerlei zaken. Dat is volkomen normaal
hondengedrag. Allereerst moet u weten dat uw pupje (net als alle andere
honden) zaken onderzoekt met zijn neus, ogen en zijn tanden. Zoals wij
onze handen gebruiken om dingen vast te pakken, te onderzoeken en
mee te nemen, zo gebruikt uw pupje zijn gebit. Als een pupje iets nieuws
tegen komt, lijken zijn eerste gedachten; “hoe ruikt het?” en dan; “kan ik
er op kauwen?”.
Bovendien is het zo dat er tijdens het kauwen op spullen stofjes in de
hersenen wordt aangemaakt waar het dier kalm van wordt. Deze
lichaamseigen stoffen geven een gevoel van rust en bij een verwonding
verlichten ze de pijn. Tevens veroorzaken deze stofjes een vermindering
van ongerustheid, angst en agressie.
Om te voorkomen dat uw pup zich als een opgevoerde Black en Decker
op uw meubilair en spulletjes stort, kunt u hem helpen door de situatie
voor hem zo te regelen dat hij zo goed als geen foutjes kan maken. Dus
ruim kostbare spullen zo op, dat hij er niet bij kan. Tevens gaat u hem
leren om op daarvoor geschikte kauwspeeltjes te bijten.
16
De bench is een perfect trainingsgereedschap als het aankomt op het
sloopgedrag van uw pup. U zorgt dat er niets anders in de bench is dan
met voer gevulde kauwspeeltjes. Ook kauwspeeltjes zijn trainingsgereedschap. Ze moeten echter van een goede kwaliteit zijn, met voer
gevuld kunnen worden en geschikt om op te kauwen. Als er in de bench
voor het pupje geen andere bezigheid is dan het kauwspeelgoed gevuld
met voer, dan zal hij daarmee aan de slag gaan. Daarmee traint hij
zichzelf om:
o Rustig te gaan liggen. Later als hij groot is, is wel zo prettig als hij
geleerd heeft om ergens rustig te gaan liggen. En als uw pupje
rustig ligt, dan ijsbeert hij niet en hoeft hij ook niet zo snel te
plassen.
o Hij traint zichzelf om op het daarvoor bedoelde speelgoed te
kauwen. Immers, als de pup iets doet en dat gedrag levert hem
iets prettigs op dan zal hij dat gedrag vaker vertonen. Het kauwen
op een kauwspeeltje levert hem voer op terwijl hij daaraan knaagt.
Als hij door het voer en een prettige gevoel beloont wordt voor het
kauwen op dat speeltje, zal hij vaker op dat speeltje kauwen. Het
zal zijn voorkeur krijgen, hij zal er, als het ware, verslaafd aan
raken.
o De pup leert ook om stil te zijn en niet te blaffen of te piepen.
Blaffen of piepen en op hetzelfde moment eten is nu eenmaal geen
combinatie.
Hoe vult u het speeltje?
Om te voorkomen dat uw pupje moddervet wordt, vult u het
kauwspeelgoed met gedeeltes van de dagelijkse maaltijd. De betere
kwaliteit speeltjes zijn misschien wat duur, maar ze gaan wel heel lang
mee. Als u uw pup leert om “verslaafd” te raken aan de kauwspeeltjes,
dan knaagt hij niet snel meer aan uw meubels, kabels, schoenen, etc.
U zorgt dat u een pot heeft staan met de dagelijkse hoeveelheid brokken
voor de volgende dag. Uit die pot haalt u de brokjes die uw pup normaal
in de ochtend krijgt. Laat deze brokjes een poosje weken in water. Vul
daarmee wat holle kauwspeeltjes. U kunt als smaakmaker een beetje
blikvoer door de brokjes mengen.
17
Laat nog iets extra lekkers uitsteken (een hondenkoekje, een stukje
worst etc.) aan de buitenkant, zodat de hond gelijk een makkelijk
succesje heeft, wat hem motiveert om door te gaan.
Leg het geheel gedurende de nacht in het vriesvak. Voor dat u in de
ochtend met hem naar buiten gaat haalt u het kauwspeelgoed uit het
vriesvak zodat de ergste kou er af gaat. U gaat naar de plek waar hij zijn
plasje en poepje moet doen. Als hij dat heeft gedaan doet u een kleine
wandeling met hem. Als u thuis komt speelt u wat met hem en traint hem
een beetje. Dan wordt het weer tijd voor hem om te gaan rusten. U
plaats hem in de bench met het gevulde en nog licht bevroren voerijsje
en hij zal een behoorlijke tijd bezig zijn om zijn ontbijt eruit te halen.
Als de brokjes ontdooien zal een gedeelte er makkelijk uitkomen. Andere
delen komen er uit als de hond er een tijdje op kauwt en dat stimuleert
hem om er mee door te blijven gaan. Elk brokje dat uit het rubberen
speeltje komt, beloont de hond voor het rustig liggen op zijn matras, het
kauwen op een dat specifieke speeltje, zonder lawaai te maken.
Bovendien gaat door het kauwen de hartslag plus de bloeddruk omlaag.
18
Alleen zijn gedurende de nacht
Er bestaan verschillende ideeën over het alleen laten van een pup/hond
gedurende de nacht. Als het dier piept of huilt, mag u hem volgens de
ene groep wetenschappers absoluut niet troosten en volgens de andere
groep wetenschappers moet u hem onmiddellijk troosten.
Een werkende oplossing lijkt echter ergens in het midden te liggen.
De pup/hond huilt.
Na vijf minuten gaat u naar binnen en u brengt één minuutje met hem
door. U praat zachtjes wat met hem en u stelt hem gerust. Kortom u doet
begrijpend en aardig (niet geïrriteerd). Na een minuut gaat u weg. Ook
als hij nog steeds jankt of wat dan ook.
U gaat buiten de deur zitten en leest vijf minuten de krant. U doet dat
hardop, alsof u aan een kind voorleest, zodat de hond u wel kunt horen.
Na vijf minuten gaat u weer naar binnen. U brengt een minuutje met hem
door terwijl u opnieuw zacht met hem babbelt. Daarna gaat u weer naar
buiten om de krant (door de gesloten deur aan hem voor te lezen.
Meestal na drie, vier of vijf herhalingen, wordt de hond rustig en/of valt in
slaap.
Wat doet u in het geval dat de vijf minuten om zijn en de pup/hond
rustig is?
U gaat naar binnen maar nu blijft u tien minuten bij hem terwijl u zacht
met hem praat en aandacht aan hem geeft. Het lijkt wat vreemd dat u dat
doet als hij relaxt is of slaapt, maar toch is dat precies wat u doet.
Ook als hij doezelt en zelfs als hij slaapt, merkt de pup/hond onbewust
uw aanwezigheid en dat maakt dat wat hij op dat moment doet, namelijk
rustig doezelen of slapen sterker. Het wordt immers door uw (veel
langere) aanwezigheid beloont. Het stelt hem bovendien gerust. Deze
investering in tijd zal zich uitbetalen, zolang u maar niet ongeduldig,
geïrriteerd of wanhopig wordt.
19
Verlatingsangst
Wanneer mensen een pup in huis nemen, is het meestal zo dat de
kersverse eigenaren er voor gezorgd hebben dat de pup de eerste
dagen voortdurend iemand om zich heen heeft. We begrijpen allemaal
dat het weggehaald worden bij zijn nestgenootjes en de voor hem
vertrouwde omgeving, nogal een overgang voor het diertje is. Dus we
dompelen hem de eerste dagen onder in een warm bad van aandacht.
We knuffelen en aaien hem tot hij er bijna spontaan haaruitval van krijgt.
Vervolgens begint dan gewoon onze werkweek weer en gaan de
kinderen weer naar school. Voor de eerste maal in zijn leven is de pup
alleen. Zonder zijn moeder, zonder zijn broertjes en zusjes, zonder zijn
nieuwe mensenfamilie en de kans is dan ook groot dat hij van ellende zal
piepen, janken en blaffen.
Het is wel zo eerlijke dat we hem voor bereiden op de tijden dat hij alleen
thuis zal zijn. Een hond die angstig en onzeker wordt als hij alleen wordt
achtergelaten, kan allerlei (probleem)gedrag gaan vertonen kauwen,
graven en uitbreken/ontsnappen.
20
Er zijn een aantal zaken die u kunt doen om hem helpen om rustig te
blijven en niet angstig te worden op het moment dat u de deur achter u
dicht trekt:
o U leert uw pupje dat er momenten van spelen zijn en momenten
van rust en stilte.
o U leert uw pupje dat uw weggaan betekend dat u weer terugkomt.
U leert uw pupje dat er momenten van spelen zijn en momenten van
rust en stilte
Deel van de zindelijkheidstraining is dat u uw pupje sowieso regelmatig
in een bench wegsluit. Dus ook als u thuis bent sluit u de pup regelmatig
weg met allerlei kauwspeeltjes zodat hij bezig is met het stuk voor stuk
wegwerken van zijn brokjes. Zo leert hij rustig te liggen en te kauwen op
zaken waar hij wel op mag kauwen.
Leer uw pupje dat uw weggaan betekend dat u weer terugkomt
De pup leert al heel snel welke zaken aankondigen dat u weggaat en
hem niet meeneemt. Ook u treft bepaalde voorbereidingen. Misschien
pakt u uw autosleutels en een lunchtrommel. Misschien bent kleed u zich
netjes aan voor uw werk. De hond herkend al snel het verschil tussen uw
nette schoenen en uw wandelschoenen. Het is niet zo heel moeilijk om
uw pupje te leren weggaan alleen maar betekend dat u weer terugkomt
en dat het thuiskomen leuk is voor hem. Net als veel zaken in het
trainen, doet u ook dit stap voor stap:
o Stel dat u altijd uw autosleutels en uw tas pakt als u naar uw werk
gaat, pak dan uw autosleutels en uw tas, vertel uw hond hoe
geweldig u hem vindt en/of geef hem een brokje.
o Pak uw autosleutels en uw tas, loop naar de deur vertel uw hond
hoe geweldig u hem vindt en/of geef hem een brokje.
o Pak uw autosleutels en uw tas, loop naar de deur. U stapt naar
buiten en komt gelijk weer naar binnen, u vertelt uw hond hoe
geweldig u hem vindt en/of geef hem een brokje.
o U pakt uw autosleutels en uw tas. U stapt naar buiten en wacht
een paar seconden. U gaat naar binnen, u vertelt uw hond hoe
21
geweldig u hem vindt, u speelt wat met hem en/of u geeft hem een
brokje.
o U voert het buiten blijven geleidelijk op naar een minuut, een paar
minuten, nog wat langer, etc. U gaat naar binnen, u vertelt uw hond
hoe geweldig u hem vindt, u speelt wat met hem en/of u geeft hem
een brokje.
LET OP
Als de hond tekenen van onzekerheid of angst vertoond, gaat u een stapje
terug en bouwt u het weer langzaam op. Het is niet erg, maar u bent iets
te snel gegaan.
Uw pupje leert op deze manier om niet angstig te zijn wanneer u vertrekt.
22
Aandacht voor de baas te hebben.
Aandacht is een kostbaar goedje. Aandacht is de basis voor de relatie
met uw pup/hond. Zonder wederzijdse aandacht is het doen van
oefeningen echt onmogelijk. Zonder wederzijdse aandacht krijgt u uw
boodschap niet over bij uw pup en krijgt uw pup uw boodschap niet
binnen. U moet aandachtig naar uw pupje kijken of hij aandacht voor u
heeft voor u iets aan hem vraagt.
Als u uw pupje los zou laten rondlopen in uw huis, zou hij u de eerste
twee weken overal achterna lopen. Hij is van naturen volop aandacht en
lijkt nieuwsgierig naar alles wat u doet. U kunt nog geen toilet bezoeken
zonder dat hij achter de deur zit. En dat is goed, want zonder aandacht
zal uw pupje slecht gehoor (kunnen) geven aan wat u van hem vraagt. In
het wild is het hebben van aandacht voor de andere honden, een
voorwaarde om te kunnen overleven. Ook in onze gezinssituatie zal uw
pupje in het begin goed op u letten en echt zijn best doen om aandacht
te krijgen.
Feit: Als u in deze periode te druk bezig bent met uw mobieltje of wat
dan ook en als u daarom geen aandacht besteed aan de aandacht die hij
u geeft, zal hij na verloop van tijd stoppen met op u te letten. Als de pup
iets doet en dat gedrag levert hem helemaal niets op dan zal hij dat
gedrag (uiteindelijk) stoppen.
Het is heel eenvoudig om gebruik te maken van de natuurlijke aandacht
die hij voor u heeft. Als hij naar u kijkt, kijkt u vriendelijk terug. Als hij uw
blik zoekt, zegt u iets vriendelijks tegen hem en/of u geeft hem een
voertje. Als hij oogcontact maakt praat u zacht met hem en haalt u hem
aan.
Aandacht is zo belangrijk voor een pup dat hij al het gedrag dat hem
aandacht bezorgt zal herhalen om aandacht te krijgen. Dat werkt echter
ook als hij op een vervelende manier om aandacht zeurt. Wanneer hij
met zijn pootje opdringerig naar u hengelt… of als hij tegen u opspringt
om u gedag te zeggen en u geeft hem een aai, dan zal hij in de toekomst
vaker opdringerig met zijn pootje om aandacht zeuren. (Wat heeft u hem
met uw reactie geleerd?)
23
Kennis maken met andere mensen
De eerste weken is het belangrijk dat uw pupje kennis maakt met allerlei
mannen, vrouwen en kinderen. De ideale periode om dat te doen als het
pupje tussen week drie en week vijf oud is (dat geldt zeker voor die
rassen waarvan bekend is dat ze schuw en afstandelijk kunnen zijn).
Zelfs als het dier bij een verantwoordelijke fokker vandaan komt die zich
op deze taak heeft gestort (zoals op de foto’s hierboven), dan nog moet
u de eerste weken elke kans aangrijpen en benutten om deze
kennismaking met mensen voort te zetten. Maar… als uw pupje bij een
iets (of veel) minder verantwoordelijke fokker vandaan komt, dan is nu
zeker de tijd om daarmee te beginnen.
24
U moet de pup socialiseren met allerlei mannen, kinderen, vrouwen,
vreemden en mensen die zich vreemd gedragen of uitzien. Als u wacht
tot uw pup ouder is dan vierenhalve maand wordt dat een lastig en
tijdrovend proces. Het is zelfs zo dat uw pupje al rond zijn twaalfde
levensweek voorzichtiger wordt in het benaderen van vreemde situaties
en onbekende mensen. Met een jong pupje gaat dat heel snel en
makkelijk.
Laat met regelmaat mensen langskomen (natuurlijk niet teveel in één
keer). Nodig vrienden, familie en vooral de buren uit om uw pupje te
komen bekijken.
Deze eerste weken vormen, voor u als eigenaar, de perfecte periode om
uw pupje regelmatig op schoot te nemen en te laten wennen aan
aanrakingen en onderzoeken. Dit op schoot nemen doet u vanwege een
aantal redenen:
o Allereerst vindt ik het zelf erg fijn om een hond te hebben waar ik
mee kan knuffelen. Als ik dat niet belangrijk zou vinden dan had ik
wel een schildpad genomen. Dat scheelt ook in hondenbelasting
en wandelingen in de regen.
25
o Ook als u geen knuffelkont bent, dan nog zult u in de toekomst
regelmatig lichamelijk contact uw pup/hond hebben. Denk hierbij
bijvoorbeeld aan het borstelen, nagels knippen of het afdrogen na
een zwempartij.
o Ook zult u hem moeten onderzoeken op teken en ander
ongedierte. U moet eventuele wondjes en ander ongemakken
kunnen verzorgen. Het is ook belangrijk dat een dierenarts, later
als uw pupje groot en sterk is. veilig elk deel van zijn lichaam kan
onderzoeken. En nu is de geschikte tijd om het aan hem te leren.
26
U verdeeld de dagelijkse hoeveelheid brokjes over zakjes. Stop er wat
extra lekkere hapjes bij en geef ze aan de verschillende gasten. Laat hen
uw pupje met de hand voeren. Vul de vooral kinderzakjes en de zakjes
van volwassen mannen met heel veel extra lekkere hapjes. Elke
volwassen gast zou “dierenarts” met de pup kunnen spelen. Voorzichtig
de oortjes, het bekje, de pootjes en het buikje “onderzoeken”, voordat ze
het pupje aan een ander gast overgeven.
U kijkt in zijn oor, brokje. U kijkt
in zijn andere oor, brokje.
Het bij de oren pakken is niet
alleen van belang voor latere
bezoeken aan een dierenarts,
ook kleine kinderen grijpen vaak
naar de oren en dan is het goed
dat de hond daar op jonge
leeftijd al aan gewend is
geraakt.
U opent voorzichtig zijn bekje,
brokje.
U pakt één van zijn voorpoten,
brokje. Andere pootje, brokje.
Bijna elke pup zal zijn pootje
terug trekken op het moment
dat u het vastpakt. Blijkbaar
vinden ze het niet fijn dus
moeten wij ze trainen om het
fijn te vinden.
27
“Afblijven” en “Pak maar”
We gaan tijdens de oefeningen voer gebruiken om gedrag uit te loken.
Om nu te voorkomen dat de pup voortdurend aan uw vingers loopt te
knagen leren we hem eerst dat hij het brokje pas krijgt, als hij er van af
blijft. U leert uw pupje als allereerste oefening de commando’s “Afblijven”
en “Pak maar”.
U zegt: "Dibbes … pak maar" en u geeft hem een brokje. Herhaal dit een
keer of vijf.
Dan zegt u: "Dibbes … afblijven" en
presenteert u het brokje verstopt in
uw hand zodat de pup er niet bij
kan.
In dit geval houdt ik mijn duim op het
lekkers, maar bij een grotere hond
kan het ook in een gesloten vuist.
Laat de hond daar rustig een tijdje
zijn hoofd over breken. Hij zal met
zijn poot en zijn bek aan uw hand
rommelen.
LET OP
Als hij probeert het brokje uit uw
hand te pakken en u daarbij pijn
doet, dan slaakt u een hoge kreet! U
negeert hem heel even volledig.
Daarna vraagt u hem naar u toe te
komen en gaat u door met de
oefening.
Uiteindelijk zal hij zijn pogingen
tijdelijk staken en zijn snuit
weghalen.
28
Op het moment dat de hond het contact met uw hand verbreekt, zegt u
"Goed zo, pak maar" en opent u uw hand zodat hij het brokje uit uw
handpalm kan pakken.
Daarmee beloont u de afwezigheid van het aan uw hand knabbelen
De afspraak wordt dus als volgt: als ik "afblijven" zeg, dan raak jij het
lekkere brokje dat ik in mijn hand heb niet aan, dan zeg ik "pak maar" en
dan mag je het hebben
Herhaal deze reeks keer op keer, verleng stapsgewijs elke maal de tijd
waarin de hond geen contact heeft met uw hand, voordat u uw hond de
instructie geeft om het brokje te pakken. . Het helpt om uw pup met
rustige complimentjes te prijzen voor het niet hebben van contact: "Brave
hond één, brave hond twee”, enzovoort.
Als de pup het lekkere brokje aan probeert te raken voor dat u klaar bent
om het aan hem te geven, begint u de oefening opnieuw en telt u weer
vanaf het begin. Uw pup zal vlug leren dat als u eenmaal "afblijven" zegt,
hij het lekkers niet krijgt als hij het aanraakt voor u "pak maar" zegt. Dus
de snelste manier om iets lekkers te krijgen is er vanaf te blijven.
29
De “zit” oefening
Nu uw pupje gewend is om het brokje niet uit uw handen te grissen, kunt
u het veel makkelijker als “uitlokker” (als een neusmagneetje) gebruiken.
Als u een brokje vlak voor zijn neus houdt kunt u zijn kopje alle kanten
op laten bewegen, Als u het brokje voor zijn neus over zijn kop tilt in de
richting van zijn voorhoofd, dan volgt zijn neus deze beweging. Zijn lijf
volgt de beweging van zijn kop en hij laat zijn achterlijf op de grond
zakken. Als hij zit dan geeft u hem het brokje. Dit uitlokken en belonen
van een gedrag, moet altijd stap voor stap in dezelfde volgorde gedaan
worden.
Stap 1: U geeft het commando. In dit geval zegt u; "Dibbes, zit".
Stap 2: U lokt het gewenste gedrag uit. In dit geval lokt u de
juiste reactie uit door een lekker brokje voor de neus van uw pupje
te houden en het langzaam, vanaf iets boven de neus in de richting
van de ogen te bewegen.
30
Stap 3: Uw pupje reageert. In dit geval volgt uw pupje het brokje
met zijn neus en tilt zijn kop op. Hij niet anders dan door zijn billen
op de grond te laten zakken en hij gaat zitten. Dit is de reactie
waarom u vroeg en dus…
Stap 4: U beloont het gewenste gedrag. In dit geval prijst u hem
met complimentjes de hemel in en geeft u hem een beloning door
simpelweg het brokje te geven. Dat is alles.
LET OP
Houdt goed in de gaten dat u het brokje pas geeft als hij met zijn billen op
de grond zit en zijn voorpootjes allebei op de grond staan. Als hij één
pootje optilt terwijl u hem het brokje geeft, beloont u hem voor zitten
met één opgetild pootje. Hij zal dat gedrag dan vaker laten zien
LET OP
Houdt uw hand tijdens het
uitlokken niet te hoog, want dan
zal uw pup de neiging hebben
om op te springen om erbij te
komen.
31
LET OP
Als u de zitpositie een keer of zes met voer heeft uitgelokt, dan stopt u
het brokje in uw zak. U moet het uitlokken met voer in uw hand zo snel
mogelijk afbouwen, anders krijgt u een pup die alleen maar werkt
wanneer u een voertje in uw hand heeft.
Dus na zes keer met een brokje, laat u uw pup op dezelfde manier zitten
als daarvoor. U gebruikt exact dezelfde beweging, maar dan zonder het
brokje in uw hand. Als hij zit dan geeft u hem een complimentje en haalt
het brokje uit uw zak. Denk er wel om dat hij nog steeds moet zitten
terwijl u hem beloont.
Een belangrijk puntje over de manier waarop een pup leert
Een pup/hond leert altijd. Hij leert dus niet alleen als u met hem traint.
Uw pup leert ieder moment van zijn wakkere leven, van de gevolgen van
zijn gedrag.
o 1. Als de pup/hond iets doet en dat gedrag levert hem iets prettigs
op dan zal hij dat gedrag vaker vertonen. Dus uw pupje leert
sneller door complimentjes, prettige aandacht en beloningen.
o 2. Als de pup/hond iets doet en dat gedrag levert hem niets of iets
onprettigs op dan zal hij dat gedrag niet snel opnieuw laten zien.
Maar er is nog iets speciaals aan het leren van uw pupje dat u moet
weten. Wanneer u de pup heeft leren zitten op een laminaat vloer in de
huiskamer, moet u hem opnieuw leren zitten op de stoep voor de deur.
Als hij het op de stoep ook kan, dan moet hij het in het gras opnieuw
leren. Nog te veel pupjes krijgen van een zwaar geïrriteerde eigenaar de
wind van voren, omdat deze baasjes denken dat hun pupje eigenwijs,
hardleers of gewoon dom is. Het is niet waar!
Honden leren gewoon anders dan mensen. We kunnen tegen een kind
zeggen: “Luister, als mama of papa zegt dat je moet gaan zitten, dan laat
je je billen op een stoel zakken en ga je zitten. Het maakt niet uit waar
we zijn. In de kamer, in de keuken, bij oma, in het park of in de auto.
Zitten betekend zitten.” En of het kind hier braaf naar luistert of niet, een
kind begrijpt dat.
32
Een pupje niet. Als hij heeft leren zitten in de kamer, moet u het hem
opnieuw leren in de keuken, opnieuw leren bij oma, in het park en in de
auto. Dat is de manier waarop alle honden leren. Pas als hij het op een
aantal verschillende plekken, in verschillende omgevingen, situaties en
omstandigheden heeft geleerd, dan snapt hij wat u met dat woord “zit”
bedoeld. Hetzelfde geldt natuurlijk ook voor alle andere commando’s die
u aan hem gaat leren.
Als u uw pupje iets nieuws leert, doe dat dan in een voor hem
vertrouwde omgeving waar geen afleiding is zoals de huiskamer. Zorg
dan voor een beetje afleiding door hem in de tuin te trainen en bouw het
uit naar andere plekken met steeds meer afleiding.
De “af” oefening
Als u pupje kan zitten op commando, wordt de volgende logische
oefening het gaan liggen als u daarom vraagt.
Stap 1: U geeft het commando. In dit geval zegt u; "Dibbes, af".
33
Stap 2: U lokt het gewenste gedrag uit. Houdt het brokje voor de neus
van uw pupje. Beweeg het snel naar de grond tussen zijn voorpoten en
houdt het daar met de palm van uw hand naar beneden gericht.
Wacht tot uw pupje gaat liggen. U heeft daar soms engelengeduld voor
nodig want veel pupjes doen van alles, behalve liggen. Het langzaam
wegtrekken van het brokje, dus weg van de voorpoten van de pup, kan
het proces iets makkelijker maken omdat hij dan met zijn neusje naar
voren reikt.
Stap 3. Uw pupje reageert: Als uw pupje uiteindelijk ligt, geeft u hem
duidelijke complimentjes.
Stap 4. U beloont het gewenste gedrag: U zegt iets als; "goed gedaan,
knappe hond hoor" en geeft u hem iets lekkers terwijl hij nog steeds ligt.
LET OP
Ook als u het afgaan een keer of zes met voer heeft uitgelokt, stopt u
het brokje in uw zak. De gemiddelde pup snapt dan het woord met het
handgebaar dat daarbij hoort. Als u dit niet doet, dan eindigt u met een
hond die slechts wat voor u wil doen als u voer in uw hand heeft. En
dat moet dan ook van een steeds hogere kwaliteit zijn. Dus als u in de
toekomst niet met biefstuk de straat op wilt…
Belonen tijdens oefeningen
Een beloning echt is echt alles wat uw pup als prettig en belangrijk
beschouwd. Het zitten, afgaan en staan uit de voorgaande oefeningen
werden allemaal met voer beloond. Dit gedrag doet de pup omdat wij dat
willen en niet omdat hij het zelfs zo verschrikkelijk leuk vindt om te doen.
Daarom is voer een aardige hulpmiddel om dat soort gedrag aan te
leren. Het belonen met voer moet echter zo snel mogelijk afgebouwd
worden. Uw pupje kan dus nu twee oefeningen. U deed “Dibbes…, zit”,
en gaf hem een voertje. De eerste stap om het belonen af te leren is
door hem meer dingen te laten doen voor hij zijn beloning krijgt.
“Dibbes…, kom, goed zo, Dibbes…, zit, keurig, Dibbes…, af, goed
hoor”, brokje. Dat zijn drie oefeningen voor één brokje en daarmee is het
afbouwen van voer als beloning al heel simpel begonnen, nietwaar?
34
Komen als hem dat gevraagd wordt
Stap 1 U loopt rustig naar uw pupje terwijl hij aan het spelen is of
met iets anders bezig is. U pakt hem bij zijn halsband, geeft hem een
brokje en zegt: “ga spelen” of “ga vrij”. Als het pupje in uw buurt blijft
rondhangen moet u langzaam bij hem vandaan lopen. Een hond die aan
de voeten van zijn baasje ligt, zal niet socialiseren met andere honden
en mensen. Na een halve minuut pakt u de pup opnieuw bij de halsband,
geeft hem weer een brokje terwijl u de halsband vasthoudt. Dan laat u de
halsband los en zegt u: “ga spelen”. Dit doet u een aantal malen.
Stap 2 Neem nu wat voer in uw rechterhand. Loop rustig naar uw
pupje. Pak hem bij de halsband met uw linkerhand, houdt de halsband
vast, zeg “zit”. Lok hem met een brokje in uw rechterhand uit om te gaan
zitten. U houdt een brokje voor de neus van de pup en beweegt het
langzaam, vanaf iets boven de neus in de richting van de ogen. Als het
pupje zijn hoofd optilt om het brokje te volgen, zal hij automatisch gaan
zitten. Houdt uw hand echter niet te hoog, want dan zal de hond de
neiging hebben om omhoog springen. Prijs de pup als hij zit, geef hem
het brokje laat u de halsband los en zeg: “ga spelen”. Ook dit doet u een
aantal malen.
Stap 3 Loop rustig naar uw pupje. Zeg “zit”, en lok hem met wat
voer uit om te gaan zitten zoals u dat in de vorige oefening hebt gedaan.
Pak daarna pas het pupje bij de halsband met uw linkerhand, prijs uw
pupje, geef hem het brokje met uw rechterhand, laat de halsband los en
zeg: “ga spelen”. En dit herhaald een aantal keren.
35
Stap 4 Nu gaat u iets moeilijks doen. Blijf op een kleine afstand
van uw pupje staan en trek zijn aandacht door met het voer te bewegen.
Als de pup druk bezig- of met een andere pup/hond aan het stoeien is,
beweeg dan wat voer voor zijn neus en doe tegelijkertijd een paar
stapjes naar achteren. Gebruik het voer als een soort neusmagneetje.
Lok hem naar u toe en lok hem met het voer uit om te gaan zitten. Pak
de hond bij de halsband met uw linkerhand, prijs uw pupje, geef hem het
brokje met uw rechterhand, laat de halsband los en zeg: “ga spelen”.
Uw pupje went al snel aan deze onderbreking van zijn activiteiten. “Hee,
daar heb je de baas met mijn snack!” Thuis, in de tuin, in het park, echt
overal, gaat u deze oefening regelmatig met hem doen. Begin in
vreemde omgevingen en onder vreemde omstandigheden gewoon weer
bij stap 1 en doe deze stapjes overal waar u met hem komt.
Normaal is het zo dat alles in de omgeving van de hond, een afleiding
vormt op het trainen. Nu wordt hij beloont met complimentjes en iets
lekkers als hij bij u komt en gaat zitten. Daar bovenop mag hij als extra
beloning doorgaan met wat hij ook maar aan het doen was. Hiermee
verandert u de afleiding in zijn omgeving, in een geweldige beloning.
36
LET OP
U weegt de dagelijkse hoeveelheid voer af en bewaard deze in een
pot. Vanuit deze pot wordt de pup de eerst komende tijd met de hand
gevoerd. Het vraagt één week voeren uit de hand en hem steeds te
laten zitten, staan en afgaan om het trainen zoveel gemakkelijker te
maken.
Als de hond uitgelokt kan worden om met zijn neus uw hand met een
brokje te volgen, dan wordt het trainen een eitje. Doet hij het niet dan
moet u heel andere (veel moeilijker) trainingsvaardigheden
ontwikkelen.
Op den duur geeft u de hond slechts af en toe wat lekkers als hij komt.
Het mogen spelen of snuffelen is een beloning op zich, maar af en toe
en onverwachts wat lekkers maakt het leuker om naar u toe te komen.
37