Management review MeerJaren Afspraak Energie Efficiency TU/e

Dienst Huisvesting
Vastgoed
Den Dolech 2, 5612 AZ Eindhoven
Postbus 513, 5600 MB Eindhoven
www.tue.nl
Datum
15 april 2014
Management review MeerJaren
Afspraak Energie Efficiency TU/e
ing. M.M.W. Meulen
Inhoudsopgave
Titel
Management review MeerJaren
Afspraak Energie Efficiency TU/e
Inleiding
Energie rapportages voortgang MJA-3
Energie verbruiken gerelateerd aan variabelen (prestatiematen)
Ambitie energieverbruik TU/e:
Monitoring ambitie m.b.v. KPI’s
KPI-1:
KPI-2:
KPI-3:
KPI-4:
KPI-5:
3
4
5
9
10
Score SustainaBul
BREAAM-NL In-use
Aantal living labs
Aandeel eigen duurzame opwekking
TU/e klimaatneutraal
Samenvatting MJA-benchmark opgesteld door AgentschapNL
Energiemetingen MetaForum
18
20
Bijlage: Energiemetingen per gebouw
25
Technische Universiteit Eindhoven University of Technology
Inleiding:
Deze management review is een onderdeel van het energiemanagementsysteem
TU/e. Energiemanagement kan omschreven worden als ‘het op structurele en
economisch verantwoorde wijze uitvoeren van organisatorische, technische en
gedragsmaatregelen om het gebruik van energie (inclusief de energie voor de
productie en het gebruik van grond- en hulpstoffen) te beperken’.
Met invoering van een energiemanagementsysteem wordt structureel aandacht
besteed aan voortdurende verbetering van de energie-efficiency. Systematische
energiemanagement leidt tot kostenbesparing en vermindert de uitstoot van
broeikasgassen.
Voor u ligt de eerste management review. Deze review wordt aangeboden aan de
klankbordgroep MJA-3. De review bestaat uit de volgende onderdelen:
Energie rapportages voortgang MJA-3
Ambitie energieverbruik TU/e
Monitoring ambitie m.b.v. KPI’s
Samenvatting MJA-benchmark opgesteld door AgentschapNL
Energiemetingen MetaForum
Bijlage: Energiemetingen per gebouw
De review mag gezien worden als een verlengstuk / tussenrapportage van het
Energie Efficiency Plan 2013-2016 (EEP 2013-2016).
3 Management review MeerJaren Afspraak Energie Efficiency TU/e / Versie
Technische Universiteit Eindhoven University of Technology
Energie rapportages voortgang MJA-3
Dit hoofdstuk geeft een overzicht in het elektra- en aardgas verbruik (energie
verbruik) van de TU/e 2005-2013 en laat zien in hoeverre de TU/e aan de MJA
doelstelling voldoet.
Elektravergelijk t.o.v. 2005 in kWh en procenten
2005
2006
2007
Gebruik 36.776.648
37.342.864
38.573.798
verschil
0
566.216
1.797.150
%
100,00%
101,54%
104,89%
abs %
0,00%
1,54%
4,89%
2008
37.817.032
1.040.384
102,83%
2,83%
2009
39.155.132
2.378.484
106,47%
6,47%
2010
42.130.720
5.354.072
114,56%
14,56%
2011
41.471.474
4.694.826
112,77%
12,77%
2012
39.549.412
2.772.764
107,54%
7,54%
Uit bovenstaande is te zien dat energiebesparing plaatsvindt. De stijging van elektra
en de daling van aardgas wordt hoofdzakelijk veroorzaakt doordat steeds meer
gebouwen gebruik maken van de WKO in combinatie met een warmtepomp.
Warmtepompen worden elektrisch gevoed. Nieuwbouwprojecten (MetaForum, Ceres
en Flux) hebben zelfs geen aardgas aansluiting meer en worden volledig verwarmd
(en gekoeld) met warmtepompen.
MJA doel is 2% besparing per jaar. In de periode 2005-2020 is dit 20%. In
bovenstaande is te zien dat 14% momenteel gerealiseerd is.
 Toevoeging drinkwater
In de MJA wordt getoetst op elektra-, aardgasverbruik en warmtelevering
(warmtelevering is voor de TU/e niet van toepassing). De TU/e voegt hier water aan
toe als energiestroom, omdat water nodig is voor het primaire proces. Voor een
duurzame bedrijfsvoering beseft de TU/e dat met water (drinkwater) spaarzaam
omgegaan moet worden.
Overzicht waterverbruik TU/e
4 Management review MeerJaren Afspraak Energie Efficiency TU/e / Versie
2013
39.654.342
2.877.694
107,82%
7,82%
Technische Universiteit Eindhoven University of Technology
Het beleid van de TU/e is drinkwater alleen te gebruiken voor de primaire
levensbehoeften van de mens. De in 2012 veroorzaakte stijging had te maken met
het beperken van het bouwstof naar de omgeving door de sloop van N-laag. Tijdens
de sloop is het bouwmateriaal beneveld.
Energie verbruiken gerelateerd aan variabelen (prestatiematen)
In het vergelijk op de vorige pagina is het energieverbruik van alle TU/e gebouwen
genomen. Het is veel interessanter om het energieverbruik te relateren aan
variabelen. Variabelen in deze zijn; het totale oppervlak van de gebouwen, het aantal
studenten en het aantal FTE’s.
Variabelen (prestatiematen)
In onderstaande grafieken zijn deze drie variabelen van toepassing:
 Het aantal m²
 Aantal studenten
 Aantal FTE
Variabelen Prestatiematen
2008
2009
opp m²
332.071
332.071
Studenten
6880
7118
FTE
2739
2829
2010
332.071
7177
2965
2011
336.341
7558
2865
2012
300.042
7611
2765
2013
292.431
8206
2810
Het aantal m² laat een daling zien. Met het nieuwe Masterplan Campus 2020
realiseert de TU/e een compacte campus waar de verschillende disciplines elkaar
ongedwongen kunnen ontmoeten. Alle faculteiten worden gehuisvest rondom een
groen, autovrij gebied, de zogenaamde “Groene loper”. Het plan voorziet in de
afstoot van 190.189 m² BVO bestaande gebouwen en 127.023 m²BVO renovatie en
nieuwbouw. De reductie aan m² BVO is 63.166 m² BVO. Met dit gegeven reduceert
de TU/e haar m², van 330.000 naar 270.000 m² BVO.
Het aantal studenten laat een groei zien. Verwacht wordt dat de groei de komende
jaren voortzet. Het aantal FTE is min of meer gekoppeld aan het aantal studenten.
Ook hier wordt een groei verwacht.
5 Management review MeerJaren Afspraak Energie Efficiency TU/e / Versie
Technische Universiteit Eindhoven University of Technology
 Verbruiken per m²:
Elektra: minder m² met meer studenten geeft een verhoging van het elektra verbruik
per m². De m² worden daardoor intensiever gebruikt, daarnaast zijn de openingstijden
de laatste jaren verruimd.
Voor renovatie- en nieuwbouw is een streefverbruik per m² berekend (0,84 GJ/m²)
om de MJA doelstelling te kunnen halen. Dit streefgetal wordt aangehouden als
leidraad bij het ontwerp voor de renovatie- en nieuwbouwprojecten.
Aardgas: Door alleen maar gebruik te maken van het warmte- en koude opslag
systeem (WKO) bij renovatie- en nieuwbouw is voor deze gebouwen geen
gasaansluiting meer benodigd, hierdoor neemt het gas verbruik af.
Water: minder m² met meer studenten geeft normaal gesproken een verhoging van
het water verbruik per m². Doordat de TU/e kiest voor waterbesparend sanitair en
geen proceskoeling uitvoert met drinkwater is deze stijging omgebogen tot een
daling. Voorbeeld water verbruik nieuwbouw MetaForum 0,21 m³/m². Dit is een stuk
lager dan het gemiddelde dat de bovenstaande grafiek laat zien. De in 2012
veroorzaakte stijging had te maken met het beperken van bouwstof naar de
omgeving door de sloop van N-laag. Tijdens de sloop is het bouwmateriaal beneveld.
6 Management review MeerJaren Afspraak Energie Efficiency TU/e / Versie
Technische Universiteit Eindhoven University of Technology
 Verbruiken per student:
Elektra: meer studenten werkt hier in het voordeel!
De TU/e heeft een hoge basislast die veroorzaakt wordt door de labgebouwen (Helix,
Spectrum en Cascade) die 24uur x 7dagen gedurende 52 weken continu in bedrijf
zijn. Samen met de IT housing is deze basislast plusminus 70% (28.000 MWh) van
het jaarverbruik. Geschat wordt dat een student plusminus 4 uur per dag gebruik
maakt van zijn laptop gedurende 200 dagen per jaar. Met een gemiddeld verbruik
van 60 Watt per uur geeft dit een energie verbruik van 400 MWh. In verhouding tot de
basislast is dit bijna nihil.
Conclusie: de groei van het aantal studenten is nauwelijks van invloed op het
elektraverbruik.
Aardgas: meer studenten = minder gasverbruik per student. Daarnaast neemt het
gasverbruik af vanwege de inzet van het WKO systeem. De grafiek geeft een sterke
daling die komende jaren wordt voortgezet.
Water: ondanks meer studenten minder waterverbruik. Dit heeft alles te maken met
de inzet van modern waterbesparend sanitair en geen proceskoeling uitgevoerd met
drinkwater.
7 Management review MeerJaren Afspraak Energie Efficiency TU/e / Versie
Technische Universiteit Eindhoven University of Technology
 Verbruiken per FTE:
Elektra / Aardgas / Water: het aantal FTE’s fluctueert minder dan het aantal
studenten. 2013 laat t.o.v. 2008 een lichte stijging zien van 2,5%, terwijl het aantal
studenten over deze periode een stijging laat zien van ±20%. Het resultaat is dat de
FTE lijnen de zelfde trend volgen echter met minder demping dan bij de studenten.
8 Management review MeerJaren Afspraak Energie Efficiency TU/e / Versie
Technische Universiteit Eindhoven University of Technology
Ambitie energieverbruik TU/e
Een ambitie zonder handelen is dromen!
Handelen zonder ambitie is tijdverdrijf!
Dus handel met een ambitie
Naast de doelstelling van de MJA-3, heeft de TU/e een duurzaamheidsambitie
geformuleerd.
E.e.a. is uitgewerkt in de roadmap “Naar de City of Tomorrow” (zie EEP 2013-2016).
De TU/e heeft ervoor gekozen om “scenario 2” als de ambitie te nemen.
Om deze ambitie te kunnen monitoren zijn 4 KPI’s (Kritieke Prestatie Indicatoren)
ontwikkeld.
Grafische weergave “scenario 2”
Bovenstaand de drie scenario’s die uitgewerkt zijn in de roadmap “Naar de City of
Tomorrow”.
De grafiek op de volgende pagina laat het verloop van de MJA doelstelling zien
(Campus2020 lijn) en de ambitie volgens “scenario 2” (Urgenda lijn). De groene lijn
9 Management review MeerJaren Afspraak Energie Efficiency TU/e / Versie
Technische Universiteit Eindhoven University of Technology
geeft het werkelijk verbruik aan. Te zien is dat de Campus2020 lijn redelijk gevolgd
wordt. Voor het volgen van de Urgenda lijn dient nog e.e.a. ingezet te worden. Een
project dat hierin gaat helpen is het optimaliseren van de luchthuishouding in Helix
(zie EEP 2013-2016). Dit project is ingezet in de vorm van een Energie Prestatie
Contract. De verwacht jaarlijkse besparing is 25.000 GJ.
Energie verbruik in GJ
Energieverbruik 2011 - 2020
600.000
500.000
400.000
Campus2020
300.000
Urgenda
200.000
Werkelijk
100.000
2011
2012
2013
2014
2015
2016
2017
2018
2019
2020
0
Monitoring ambitie m.b.v. KPI’s
 KPI: Kritieke Prestatie Indicator:
KPI's, zijn variabelen om prestaties van ondernemingen te analyseren.
Om de ambitie duurzaamheid uit de roadmap “Naar de City of Tomorrow” te kunnen
monitoren zijn 4 KPI’s ontwikkeld en wordt in dit schrijven een voorstel gedaan een
vijfde toe te voegen. De KPI’s zijn:
KPI-1:
KPI-2:
KPI-3:
KPI-4:
KPI-5:
Score SustainaBul
BREAAM-NL In-use
Aantal living labs
Aandeel eigen duurzame opwekking
TU/e klimaatneutraal
 KPI-1: Score SustainaBul:
De SustainaBul is dé ranglijst van de Nederlandse universiteiten en hogescholen op
het gebied van duurzaamheid en transparantie. De SustainaBul is een initiatief (sinds
2012) van Studenten voor Morgen, het landelijk studentennetwerk voor een
duurzame toekomst. De TU/e wist in 2012 en in 2013 een derde plaats te behalen
onder de universiteiten. Onderstaand het scoringspercentage op de bevraagde
onderdelen in 2013 en de te halen ambitie.
10 Management review MeerJaren Afspraak Energie Efficiency TU/e / Versie
Technische Universiteit Eindhoven University of Technology
Onderdeel
Management & Beleid
Onderwijs
CO2 uitstoot & Energie
Waterverbruik
Afvalverwerking
Inkoop beleid
Duurzaam voedsel
Nieuwbouw & Renovatie
Betrokkenheid Staf &
Studenten
Score
83%
75%
64%
71%
56%
71%
73%
100%
Ambitie
93%
100%
95%
71%
81%
100%
73%
100%
100%
100%
De doelstelling voor deze KPI is het bereiken van de eerste plaats in 2016 en te
behouden van de top drie notering voor de periode 2013-2015.
Voor 2014 is een aangepaste vragenlijst ontvangen, die 15 mei 2014 ingeleverd moet
zijn!
 KPI-2: BREAAM-NL In-use:
BREEAM-NL In-Use is een monitoringsinstrument waarmee de
duurzaamheidprestaties van bestaande bouwwerken kan monitoren. Het instrument
beoordeelt de gebouweigenschappen én het beheer en gebruik ervan. Met de scores
kunnen partijen de operationele kosten van een gebouw terugbrengen en de
duurzaamheidprestaties verbeteren. Vanwege de integraliteit op het gebied van
duurzaamheid is voor dit instrument gekozen.
Definitie
Als totaalscore kan een gebouw 1 tot 5 sterren behalen op de onderdelen gebouw,
beheer en gebruik. Dit wordt behaald door het uitvoeren van maatregelen op de
volgende thema’s:
11 Management review MeerJaren Afspraak Energie Efficiency TU/e / Versie
Technische Universiteit Eindhoven University of Technology
Ambitie
De doelstellingen voor KPI 2 zijn als volgt gedefinieerd. In 2014 wordt een zelfassessment afgenomen voor vier gebouwen als basis voor een (mogelijk) formeel
certificeringstraject voor de vastgoedportefeuille. Dit is inmiddels gedaan. Hierbij
dient de score van de panden verbeterd te worden volgens de volgende scores.
gebouw: minimaal
label good;
beheer:
label very good;
gebruik:
label good.
Scores zelf-assessment:
Conclusie: de onderzochte gebouwen voldoen aan de ambitie. Omdat de gebouwen
voldoen aan de ambitie is gekeken naar de potentieel haalbare scoren.
Naast de potentieel haalbare score loopt er een studie (afstudeerder Avanz
Hogeschool) om te kijken hoe de scores zich verhouden met de exploitatiekosten. Is
een score
excellent haalbaar?
 KPI-3: Aantal living labs
Deze KPI is voor de management review niet van toepassing. Het gaat hier om het
verwezenlijken van twee living labs per jaar.
 KPI-4: Aandeel eigen duurzame opwekking
Aandeel duurzame energie (GJ) = __________________Opgewekte energie (GJ)__________________________
Gebouwgebonden energie (GJ) + gebruikersgebonden energie (GJ)
Onder duurzame energie valt de eigen opwekking van elektriciteit en warmte uit
zonlicht, wind, aardwarmte en biomassa.
12 Management review MeerJaren Afspraak Energie Efficiency TU/e / Versie
Technische Universiteit Eindhoven University of Technology
KPI-4
2015
2020
2025
2030
Percentage
10%
25%
37,5%
50%
Onderstaand is deze KPI schematisch weergegeven:
KPI 4 | aandeel eigen
opwekking duurzame energie
Dienst Huisvesting
A | Gebouwgebonden
energiegebruik (GJ per
jaar)
B|
Gebruikersgebonden
energiegebruik (GJ per
jaar)
Dienst Huisvesting
Energiegebruik
Gebouw x (GJ per
jaar)
C | Duurzame energie
(GJ per jaar)
Dienst Huisvesting
Faculteiten
Energiegebruik
procesmiddelen
faculteit y (GJ per
jaar)
Gebouw x
Faculteit y
Zonne-energie
(GJ-per jaar)
Dienst Huisvesting (of ESCO)
Biomassa
(GJ-per jaar)
Dienst Huisvesting (of ESCO)
 Gebouwgebonden energiegebruik
Het EPA_U instrument wordt hier gehanteerd om energiebesparingen in beeld te
brengen. Bij de uitvoering van de besparingen wordt rekening gehouden met
natuurlijke vervanging. Uitgangspunt conditiemeting systematiek NEN 2767.
Uit eerste onderzoek met het EPA_U instrument is gebleken dat we met de
bestaande gebouwen maximaal 12% aan energie kunnen besparen wanneer we de
standaard energie besparende maatregelen uitvoeren (EPA_U maatregelen). Een
andere conclusie is dat we met CAMPUS2020 (nieuwbouw en renovatie projecten)
een besparing kunnen realiseren van 20%. Om te voldoen aan de ambitie “Scenario
2” komen we uit de eerste berekeningen 18% te kort.
Oplossingen (mogelijke) voor deze 18%:
 Nieuwbouw ambitie op een hoger plan zetten (Voor P2 en P3 volgen we nu
scenario 3, EPC 52% lager dan geldende norm.)
 Meer vierkante meters afstoten, nu is er rekening gehouden met 60.000 m2BVO
 Slimmer en intelligenter omgaan met de gebouwgebonden installaties (BaOpt
toepassen).
 Bewustwording verder promoten (bijvoorbeeld: tijdens de zomervakantie met
het nieuwe werken, gebouwen efficiënter inzetten en sommige sluiten)
 Ontwikkeling blijven volgen en nieuwe technologieën toepassen
 Energie efficiency op proces installaties verbeteren (Voor het gebouw Helix is
hiermee een start gemaakt in de vorm van een Energie Prestatie Contract)
Projecten in voorbereiding:
Ombouwen koelmachine Spectrum naar warmtepompen: Dit project is aangedragen
als compensatieproject voor de nieuwbouw Flux. Gebouw Flux gebruikt meer koude
13 Management review MeerJaren Afspraak Energie Efficiency TU/e / Versie
Technische Universiteit Eindhoven University of Technology
dan warmte uit de WKO. Omdat het gebouw voor het totale WKO systeem in balans
moet zijn werd voorgesteld om dry-coolers te gaan gebruiken. Omdat het inzetten
van dry-coolers niet efficient is, is gezocht naar een compensatie project in de
bestaande gebouwen van de TU/e. Dit project is gevonden in het gebouw Spectrum.
(zie EEP 2013-2016).
Led verlichting Sportvelden: Voor dit project is een netto contante waarde berekening
gemaakt, die aangeeft dat de terugverdientijd plusminus 9 jaar is (zie EEP 20132016).
Vergelijk standaard verlichting / Led
verlichting
Kosten €
200000
150000
Standaard
100000
LED
50000
0
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11
Led pilot projecten:
Eind 2013 is een Led pilot uitgevoerd in gebouw Helix. ¼ deel van vloer 2 is
uitgevoerd met Led verlichting met aanwezigheidsdetectie en daglichtregeling. De
berekende besparing is 65% t.o.v. standaard TLD verlichting. Metingen moeten
uitwijzen of de besparing daadwerkelijk behaald wordt.
Momenteel in uitvoering collegezaal 7 voorzien van Ledverlichting. TLD verlichting en
Parspots worden vervangen door Ledbuizen. De verwachte besparing is 55%.
Metingen moeten uitwijzen of de besparing daadwerkelijk behaald wordt.
 Gebruikersgebonden energiegebruik
Leidraad is energiezorg, medewerkers bewustmaken van energieverbruiken in het
proces en de keten. Momenteel wordt gebouw Helix geoptimaliseerd in de
luchthuishouding door middel van een energieprestatiecontract (EPC). Het
ombouwen van de zuurkasten heeft in dit project een enorme omvang waarin
medewerkers betrokken worden.
Energiezorg is het op structurele en economisch verantwoorde wijze uitvoeren van
organisatorische, technische en gedragsmaatregelen om het gebruik van energie te
minimaliseren
 Duurzame energie
10% eigen opwekking op eigen terrein is opgenomen in het EEP 2013-2016 (conform
“scenario 2”).
Voor 10% eigen opwekking met PV beschikt de TU/e niet over voldoende
dakoppervlak. Om deze 10% te realiseren is contact gezocht met de Provincie en de
Gemeente Eindhoven.
Diverse scenario’s zijn bekeken, maar concreet is nog geen oplossing gevonden.
Onderstaand worden de bekeken scenario’s gevisualiseerd en toegelicht.
14 Management review MeerJaren Afspraak Energie Efficiency TU/e / Versie
Technische Universiteit Eindhoven University of Technology
Scenario 1: Inzet Bio WKK (met vergister)
De TU/e heeft deelgenomen in het project “Benutting energie(rest)stromen
Eindhoven”.
Het mestoverschot van ruwweg 2 mio ton in Brabant bevind zich in hoofdzaak in het
hoefijzer rondom Eindhoven. De PLMV heeft zich ten doel gesteld dit mestoverschot
op een verantwoorde wijze af te bouwen en heeft hiervoor de technische kennis en
techniek in huis.
Het uitgangspunt was, hoe kunnen we dit mestoverschot duurzaam verwerken.
Deelnemers in dit project waren: PLMV, De Mispelaar, Waterschap de Dommel,
Essent, Gemeente Eindhoven, Provincie Noord-Brabant en TU/e.
Het probleem in beide gevallen is, waar plaats ik de Vergister en hoe krijg ik het
groene gas bij de BIO WKK. Na diverse gesprekken heeft dit niet geleid tot een
oplossing!
Scenario 2: Inzet Bio WKK en verkoop duurzame warmte WKO TU/e
TU/e neemt de elektriciteit af van de nieuw te bouwen Biomassa centrale van de
Gemeente Eindhoven op Strijp S/T. Wanneer de TU/e mede eigenaar wordt mag
deze afname gezien worden als energieneutraal, in het geval van geen eigenaar,
klimaat neutraal. Mede eigenaar worden kan door een opslag op de kWh prijs die
aan de gemeente betaald wordt. Maximale afname 10.000 MWh. Dit is een CO2
reductie van ongeveer 5kton CO2. Met deze maatregel wordt voldaan aan de ambitie
om in 2015 10% eigen opwekking te hebben.
 Verkoop duurzame warmte:
Om voldoende koude te kunnen laden heeft de TU/e voor het WKO systeem
koeltorens nodig. Momenteel wordt in de gebouwen meer koude afgenomen dan
warmte. Het laden van koude-, start door het onttrekken van warmte uit de warme
bronnen en deze via de koeltorens af te koelen. Deze warmte wordt uitgewisseld met
de omgeving. Dit proces is nodig om de WKO in balans te houden (evenveel warmte
als koude onttrekking).
15 Management review MeerJaren Afspraak Energie Efficiency TU/e / Versie
Technische Universiteit Eindhoven University of Technology
In 2011 is plusminus 18.000 GJ aan warmte uitgewisseld met de omgeving. De
gemeente Eindhoven heeft aangegeven twee gegadigden te hebben die deze
warmte willen afnemen.
Dit zijn het Maxima Medisch Centrum (MMC) en woongroep Vitalis Peppelrode.
Door deze warmte duurzaam in te zetten kan de TU/e jaarlijks ca. €150.000
genereren die ingezet kan worden voor het verduurzamen van de Campus. Een
uitgewerkte business case moet aangeven wat de opbrengst exact is.
Gemeente Eindhoven heeft aangegeven deze business case samen met de TU/e te
willen uitwerken.
Wanneer bovenstaande uitgevoerd wordt, is het idee van de Gemeente, dat het
ontstane warmtenet vanuit de TU/e uiteindelijk gekoppeld kan worden aan het
nieuwe warmtenet van de Gemeente Eindhoven. Het nieuwe warmtenet van de
gemeente wordt gerealiseerd met de biomassa centrale van Strijp S/T.
Het voordeel van het koppelen van de warmte netten is, dat flexibiliteit wordt
gecreëerd in de levering. Heeft de TU/e in de toekomst minder warmte overschot,
wordt het tekort geleverd door de gemeente en visa versa.
In de voor-studie van de business case, heeft het MMC aangegeven niet aangesloten
te willen worden op de WKO van de TU/e. Men wil geen langdurige contracten
aangaan. Hiermee vervalt dit scenario.
 Wat blijft er over!
De stationspassage die onder het centraal station van Eindhoven doorloopt, wordt
vanaf 2013 vervangen. Deze verbouwing wordt gerealiseerd omdat de huidige
stationspassage het groeiend aantal reizigers niet meer aankan.
Foto-impressie Stationspassage.
16 Management review MeerJaren Afspraak Energie Efficiency TU/e / Versie
Technische Universiteit Eindhoven University of Technology
In de huidige planvorming is een WKO-installatie opgenomen om de passage en
aanwezige winkels te kunnen voorzien van warmte. Gesprekken met de betrokken
personen van ProRail en NS Energy heeft uitgewezen dat er interesse is voor de
aansluiting van de stationspassage op de WKO van de TU/e.
Het resultaat moet volgens ProRail en NS Energy uiteindelijk zijn dat het bodem
energie opslag systeem (bronnensysteem) voor het station komt te vervallen en het
systeem van de TU/e deze functie overneemt. De WKO installatie moet warmte en
koude leveren met een maximaal debiet van 60m3/h aan grondwater. Voor de
koeling is een debiet van 60 m3/h van 9°C bronwater het uitgangspunt met een
jaarlijks energie verbruik van 950 MWh (ca. 3.400 GJ). Voor de verwarming is een
debiet van 60m3/h van 15°C bronwater het uitgangspunt met een jaarlijks energie
verbruik van 1400 MWh (ca. 5.050 GJ).
De afstand tussen de circulatieleiding van de WKO van de TU/e en de
stationspassage is ongeveer 400 meter.
 Lichthoven
Direct naast het station van Eindhoven worden in de komende jaren nieuwe
gebouwen ontwikkeld. Hierin worden woningen, kantoren en een studentenhotel
gevestigd. Ook voor deze gebouwen staat een WKO-installatie op de planning voor
de warmte- en koudevoorziening.
Het studentenhotel wordt ontwikkeld door AM. Vanuit de haalbaarheidsstudie, die
eind vorig jaar is uitgevoerd, is door Arcadis de volgende informatie aangedragen.
Het studentenhotel heeft een oppervlak van 15.000 m2 bvo en een verwacht verbruik
voor verwarming van 760 MWh (ca. 2.750 GJ) en 1.700 vollasturen en voor koeling
180 MWh (ca. 650 GJ) en 600 vollasturen. De gehele ontwikkeling van Lichthoven op
lange termijn voorziet in een veelvoud van het vloeroppervlak en energieverbruik. De
haalbaarheid van de verdere ontwikkeling van Lichthoven is echter niet duidelijk.
Bovenstaand nieuw initiatief wordt momenteel onderzocht.
Het achterliggend idee is, om met deze opbrengsten een investering te doen in eigen
opwekking van duurzame energie. Eigen opwekking kan zijn, elektra afnemen van de
te bouwen Biomassa centrale op Strijp S/T of investeren in PV panelen.
PV op de daken van de TU/e
Diverse daken op de TU/e zijn bekeken op geschiktheid voor PV panelen. Het dak
van Vertigo laagbouw en van het Sportcentrum zijn het meest geschikt. Omdat het
dak van de laagbouw van Vertigo vergeven is voor onderzoek aan PV panelen valt
dit dak af. Voor het dak van het Sportcentrum is een business case opgesteld, die
momenteel wordt behandeld.
Opbrengsten:
345 MWh oost-west oriëntatie
128,5 MWh zuid oriëntatie
Foto impressie PV op Sportcentrum
17 Management review MeerJaren Afspraak Energie Efficiency TU/e / Versie
Technische Universiteit Eindhoven University of Technology
 KPI-5: TU/e klimaatneutraal
KPI-5 is geen officiële KPI. Deze KPI laat zien de mate van klimaatneutraliteit van de
TU/e. In “scenario 2” is de ambitie om in 2015 volledig klimaatneutraal te zijn.
Inhoudelijk wil dit zeggen dat het elektraverbruik gecompenseerd wordt met Garantie
van Oorsprong en dat het aardgasverbruik gecompenseerd wordt met CO2 credits.
Momenteel (2014) is het elektraverbruik gecompenseerd met GvO’s Biomassa
nederland en het aardgasverbruik voor 25% gecompenseerd door bosaanplant. Voor
2015 dienen naar voor 75% van het gasverbruik CO2 credits aangeschaft te worden
om te voldoen aan de ambitie.
(De emissie van aardgas bedraagt 1,767 ton CO2 per 1000Nm³ aardgas)
Samenvatting MJA-benchmark opgesteld door AgentschapNL
MJA deelnemers vullen jaarlijks (voor 1 april) het E-mjv in. In het E-mjv (elektronischmilieujaarverslag) wordt jaarlijks de voortgang MJA gemonitord. Per
brancheorganisatie wordt een benchmark rapport opgesteld. In onderstaande
grafieken is de benchmark 2012 te zien van het energieverbruik GJ/m² en
energieverbruik GJ/student. In wezen vergelijk je peren met appels. Het enige wat
interessant is, is de TU/e te vergelijken met TU Delft en Universiteit van Twente
(aangeduid als Enschede). Dit zijn alle drie technische universiteiten.
Conclusie bovenstaande en onderstaande grafieken:
Interessant is een vergelijk te maken over het aantal studenten per m².
Uit de Benchmark Universiteiten 2012 opgesteld door AOS studley is onderstaande
tabel gemaakt.
UT heeft haar Masterplannen gereed, te zien is dat de UT het dichtstbevolkt is per
m². Dit verklaart het (geringe) meer-verbruik GJ/m² t.o.v. TU/e en TUD. Minder m²
met meer studenten geeft een geringer verbruik per student.
In onderstaande tabel zijn twee berekeningen gemaakt, waarmee de universiteiten
met elkaar worden vergeleken, indien uitgegaan wordt van de referentie van de UT
en de referentie TUD. Conclusie uit beide berekeningen is dat de TU/e in vergelijking
tot de andere op grote voet leeft. Het reduceren van m², waarmee de TU/e in het
Campus2020 plan is begonnen is een must.
18 Management review MeerJaren Afspraak Energie Efficiency TU/e / Versie
Technische Universiteit Eindhoven University of Technology
TU Delft
UT Enschede
TU Eindhoven
m² VVO
444.697
169.471
271.026
Studenten
17.909
9.313
7.762
Stud/m²
0,040
0,055
0,029
Ref UT Ref TUD
325.895 444.697
169.471 231.250
141.247 192.738
Onderstaand het cumulatief effect van de ingezette Proces Efficiency (PE)
maatregelen vanaf 2009. De TU/e zit hier onder het gemiddelde (donkergroenebalk),
dit is exclusief de Campus2020 projecten. MetaForum is vanaf 2013 meegenomen.
Overige universiteiten zijn anoniem weergegeven.
Aandeel Duurzame Energie (DE) maatregelen. Hierin is duidelijk te zien welke
universiteiten het energieverbruik CO2 gecompenseerd hebben. De TU/e heeft het
elektra verbruik voor 100% gecompenseerd met “Garanties van Oorsprong”, aardgas
voor 25% gecompenseerd met bos aanplant. Donkergroene balk is de TU/e, overige
universiteiten zijn anoniem weergegeven.
19 Management review MeerJaren Afspraak Energie Efficiency TU/e / Versie
Technische Universiteit Eindhoven University of Technology
Energiemetingen MetaForum
Het meest interessant is te kijken of nieuwbouw MetaForum voldoet aan het ambitie
verbruik (0,84 GJ/m²) opgegeven in het EEP 2013-2016.
In onderstaande tabel zijn de verbruiken van de 4 trafo’s weergegeven.
Maand
Aug 2012
Sep 2012
Oct 2012
Nov 2012
Dec 2012
Jan 2013
Feb 2013
Mar 2013
Apr 2013
May 2013
Jun 2013
Jul 2013
Aug 2013
Sep 2013
Oct 2013
Nov 2013
Dec 2013
Jan 2014
Feb 2014
Mar 2014
Totaal
HK1
kWh
19.560
19.760
29.080
27.610
53.380
82.240
65.130
61.260
38.180
23.020
22.970
18.354
18.656
26.160
44.890
53.700
54.450
49.020
46.440
35.640
789.500
HK2
kWh
16.830
18.970
33.980
74.900
35.630
74.990
48.600
65.450
38.100
34.660
27.840
25.130
28.030
32.420
41.380
37.470
33.530
47.840
47.430
40.430
803.610
HK3
kWh
HL
kWh
Totaal
GJ
m ²BVO
128.520
133.210
298.120
169.490
210.320
280.850
278.230
346.940
298.630
321.660
224.250
209.360
206.150
204.756
203.884
228.820
271.550
265.240
244.370
277.830
253.260
238.500
2.683
1.525
1.893
2.528
2.504
3.122
2.688
2.895
2.018
1.884
1.855
1.843
1.835
2.059
2.444
2.387
2.199
2.500
2.279
2.147
28.434
28.434
28.434
28.434
28.434
28.434
28.434
28.434
28.434
28.434
28.434
28.434
28.434
28.434
28.434
28.434
28.434
28.434
28.434
28.434
63.840
66.920
70.670
76.590
100.530
77.810
131.200
58.020
109.230
80.480
113.010
71.890
118.210
76.740
72.220
75.750
73.820
77.860
79.390
75.950
88.990
72.282
86.120
71.078
94.880
75.360
102.870
82.410
95.270
78.800
91.320
65.070
97.530
83.440
83.530
75.860
84.210
78.220
1.885.360 1.553.740
GJ/m ² /maand GJ/m ² /jaar
0,094
0,054
0,067
0,089
0,088
0,110
0,095
0,102
0,071
0,066
0,065
0,065
0,065
0,072
0,086
0,084
0,077
0,088
0,080
0,075
GJ/m ² /jaar
GJ/m ² /jaar gem maand
temperatuur
19,0 °C
jaar periode 1
14,0 °C
10,5 °C
6,9 °C
4,9 °C
jaar periode 2
2,0 °C
1,7 °C
0,935
2,5 °C
jaar periode 3
8,1 °C
11,5 °C
0,958
15,3 °C
kWh
19,2 °C
2.954.520
18,1 °C
0,895
14,4 °C
12,2 °C
kWh
6,7 °C
3.025.610
5,9 °C
5,7 °C
kWh
6,5 °C
2.827.970
8,4 °C
Rechts in de tabel zijn drie jaarperioden te zien. Van elke jaarperiode is het
energieverbruik in GJ/m² weergegeven. Gemiddeld genomen is dit 0,929 GJ/m².
Met dit gegeven wordt niet voldaan aan het ambitie verbruik.
Zoemen we verder in op trafo niveau, ontstaan onderstaande grafieken. Gezien de
problemen die dit gebouw in het beginstadium heeft gehad met de comfort installatie
wordt met name gelet op de verbruiken van de warmte pompen (volgen deze de
temperatuur).
Allereerst is de lichttrafo te zien. Op deze trafo zitten hoofdzakelijk lichtgroepen.
20 Management review MeerJaren Afspraak Energie Efficiency TU/e / Versie
Technische Universiteit Eindhoven University of Technology
Augustus 2012 is niet representatief (dit is een optelling vanaf het begin), met
uitzondering van de december maanden (hierin valt de kerststop) is te zien dat de
variatie tussen de maanden klein is. Dit geeft aan dat het gebouw nauwelijks gebruik
maakt van het daglicht ritme. Kunstlicht is in dit gebouw altijd benodigd. Iets verder in
zoemen naar dagwaarden laat zien dat de basislast hoog is. In de kerststop is
duidelijk te zien dat dit een stuk lager kan zijn. Licht technisch vergt dit gebouw nog
de nodige aandacht.
Trafo 1.
Op trafo 1 zit o.a. de warmtepomp 3 van de laagbouw. In relatie tot de
buitentemperatuur is de conclusie dat het goed werkt.
21 Management review MeerJaren Afspraak Energie Efficiency TU/e / Versie
Technische Universiteit Eindhoven University of Technology
Zoemen we in op uurwaarden, is te zien dat fine-tunning moet plaatsvinden. Op 1ste
en 2de kerstdag en op 30 december komt de warmtepomp gewoon in, wat niet de
bedoeling is.
Trafo 2.
Op trafo 2 zit o.a. de warmtepomp 2 van de laagbouw en warmtepomp 2 van de pod.
In relatie tot de buitentemperatuur is de conclusie dat tot april 2014 er
aanloopproblemen waren. Daarna wordt de temperatuur gevolgd.
22 Management review MeerJaren Afspraak Energie Efficiency TU/e / Versie
Technische Universiteit Eindhoven University of Technology
Zoemen we in op dag verbruiken, geeft dit een grillig patroon. Weekenden zijn niet
direct te herkennen. Zondag 10, maandag 11 en dinsdag 12 november geven een
hogere waarden dan normaal. Het weekend van 23 en 24 november ligt een stuk
hoger dan dat van normale weekenden. E.e.a. dient nader uitgezocht te worden.
Trafo 3.
Op trafo 3 zit o.a. de warmtepomp 1 van de laagbouw en warmtepomp 1 van de pod.
In relatie tot de buitentemperatuur is de conclusie dat tot april 2014 er
aanloopproblemen waren. Daarna wordt de temperatuur gevolgd.
23 Management review MeerJaren Afspraak Energie Efficiency TU/e / Versie
Technische Universiteit Eindhoven University of Technology
Opvallend is de hoge basislast op deze trafo.
E.e.a. dient nader bekeken te worden.
Draaiuren warmtepompen nader uitzoeken.
Conclusie: Met de huidige gegevens en de benodigde nazorg in de bedrijfsvoering,
gaat dit gebouw voldoen aan de ambitie van 0,84 GJ/m².
24 Management review MeerJaren Afspraak Energie Efficiency TU/e / Versie
Technische Universiteit Eindhoven University of Technology
Bijlage: Energiemetingen per gebouw
Onderstaand de energiegegevens van de TU/e gebouwen. Deze gegevens zijn niet
gevalideerd.
Elektra
2011
Gas
2013
2011
2012
2013
499.513 458.355 346.330
183.303 165.708 149.943
Sportcentrum1.161.097 1.130.011 1.140.171
Werfgebouwen254.060 264.846
25.537
Hoofdgebouw2.813.598 1.672.674 1.750.333
Traverse
636.864 334.249 267.216
Auditorium 1.400.000 1.023.560 1.397.300
IPO
459.095 322.769 325.468
Bouwhal 1 (Aruba)
32.663
37.959
29.526
89.163
21.845
133.182
28.444
367.181
128.414
170.788
253
57.878
166.541
56.982
5.644
217.310
197.095
150.985
19.723
906.481
58.179
179.087
50.219
5.920
90.967
34.543
353.659
42.698
117.886
62.409
41.979
69.983
295.783
138.203
32.210
298.059
64.229
99.353
1.600.000 3.175.727
116.498
2.085.736 2.324.997
311.457
59.137
878.759 1.041.041
15.950
24.150
127.719 252.213
17.214
79.504
6.994.727 7.022.787
193.155 191.956
56.215
104.781
160.907
24.510
47.439
68.626
339.768
64.376
66.532
101.271
168.335
26.635
48.905
66.594
171.433
73.586
3.295.697 3.281.782
25.333
35.716
47580
N-laag
3.107.207 2.000.000
Acoustisch Lab 11.738
10.298
10.554
Cascade
936.405 1.195.098 1.746.240
Spectrum
3.406.742 3.732.891 3.658.990
Tennispaviljoen
461.497
6.012
80.953
257.936
6.595
225.721
6.504
89.815
246.591
10.654
6.947
99.305
274.469
0
Gemeni zuid d)3.040.396 2.912.601 1.879.520
257.443
570.581
562.865
e)
Gemeni noord1.317.998
1.396.681 1.031.930
Laplace
2.000.434 2.098.764 2.699.020
Botenloods
(kanaaldijk)
72.632
59.315
60.011
Studentencentrum
477.428
e3)
522.689 478.069
Kennispoort 1.157.213 1.059.946 1.000.557
452.930
408.718
106.187
537.740
84.355
15.927
91.993
75.893
18.424
107.539
92.358
19.726
95.864
82.315
Gebouw
2012
Paviljoen
Paviljoen NP
Ceres
MMP
Connector
Potentiaal
Impuls
Corona
200.000
75.000 224.262
441861 441.096
361099
90.000 172.757 165.750
2.009.407 2.062.232 2.148.916
59.210
277.460
W Hal / 44 MetaForum
513.220
a)
Vertigo
2.101.926
De Hal
426.463
Matrix
1.106.213
Gaslab
61.020
Zwarte Doos 117.700
BBC
15.000
Helix
7.193.065
Athene
213.480
b)
Cyclotron
3.278.525
59.782
266.232
c)
25 Management review MeerJaren Afspraak Energie Efficiency TU/e / Versie
825363
542.342
69.750
197.999
64.172
10.271
346.824
45.472
115.608
78.315
180.000
55.456
59.991
84.122
349.409
70624
122.615
Technische Universiteit Eindhoven University of Technology
Water
Gebouw
Paviljoen
2011
2.710
Paviljoen NP
257
Sportcentrum 12.283
Werfgebouwen
91
High Tech Centrum 534
Hoofdgebouw
2.973
Traverse
1.048
Auditorium
3.693
IPO
674
PTHN 1 en 2
1.486
Pabo
1.283
Bouwhal 1 (Aruba) 53
Bouwhal 2 (Fontys) 165
WKO warm
2012
2.723
217
12.305
25
408
10.116
1.028
3.392
631
1.418
1.311
47
105
2013
2.951
124
13.811
453
3.000
1.028
3.533
796
1.666
1.435
41
5
1.047
695
441
478
21.042
155
686
769
489
14.898
151
651
397
415
14.874
193
Meulensteen
135
W Hal / 44 MetaForum0
109
72
10.000
5.584
3.101
Connector
Potentiaal
Impuls
Corona
a)
2012
2013
215.940
152.210
184.075
147.000
317.300
208.000
800
48.250
760.600
378.650
461.300
550.300
588.333
263.000
229.510
2011
2012
2013
200.000
188.000
211.000
5
300
Ceres
MMP
Twinning
WKO koud
2011
geen waarde 28.000
113.230
320.720
529.500
364.400
349.567
436.020
831.000
781.470
675.270
2.701.300 2.860.500 2.759.900
1.017.800
Vertigo
De Hal
Matrix
Gaslab
Zwarte Doos
BBC
Helix
Athene
TNO
Catalyst
2.558
6.112
878
11
903
35
35.838
202
12.635
2.686
4.471
850
12
774
37
35.650
114
14.498
332
895
58
44.296
94
13.876
439
Cyclotron b)
1.617
1.681
1.476
N-laag c)
8.197
Acoustisch Lab
20
Cascade
964
Spectrum
25.571
Tennispaviljoen
4.229
80
494
25.838
269
64
1.223
31.121
554.000
377.378
0
31.800
55.000
66.370
2.780.000 2.618.300 2.737.200
Gemeni zuid d) 17.468
11.169
17.597
209.000
632.000
704.000
1.144.730 1.153.300 1.167.430
Gemeni noord e) 2.206
Laplace
1.211
Space-cabs
8.271
Botenloods
(kanaaldijk)
922
Studentencentrum4.450
e3)
Kennispoort
1.799
WKO
7.722
3.081
1.063
9.955
1.590
1.271
8.894
84.106
39
800.300
1
131.000
13
1.000
4.392
1.670
8.336
1.184
5.182
1.706
8.516
4.000
923
12
500.000
553.100
1.298.110 1.563.078 1.573.780
26 Management review MeerJaren Afspraak Energie Efficiency TU/e / Versie
997.000 1.139.500
100.000
116.200
1.431.612 1.561.925 1.546.847
869.100
26.700
0
78.650
143.743
106.585
215.896
99.500
191.493
397.130
457.588
254.486