Verslag van de vergadering van het algemeen bestuur van Waterschap Rijn en IJssel, gehouden op dinsdag 11 maart 2014 Aanwezig: De heer drs. H.Th.M. Pieper (dijkgraaf), de heer drs. C. Roos (secretaris-directeur), mevrouw D.M.P. Berends, de heer ir. G.W. Broens, de heer D. Chargois, mevrouw C.W.J. te Dorsthorst, . de heer ing. J.C. Duivenvoorden, de heer O. Feitsma, mevrouw ing. A.E.H. van Helvoirt-Looman, de heer ir. J.M. Hollander, de heer C. Kant, de heer G.A. Klein Lebbink, de heer drs. G.J.W. Krajenbrink, mevrouw J. Lamberts-Grotenhuis, de heer L.T.M. Lamers, de heer G.J. Liet, de heer G.D.J. Oonk, mevrouw M.L. Oosterhuis-Strating mevrouw ing. K. Otermann, mevrouw J.A. Pot-Klumper, de heer dr. H.P. Potman, de heer F.J. Reijrink, de heer J.W.E.M. Roemaat, mevrouw E.T.J.M. Rutting, de heer ing. P. Schrijver, de heer S.J.M. Smit, de heer B.H. van Til, mevrouw W. Winkelhorst, de heer A.J. Wormgoor, mevrouw L. Bol (verslag). Afwezig: Mevrouw R.J.I. Maatman, de heer dr. A.H.F. Stortelder, de heer ir. T. Theijse c.i. 1. Opening en mededelingen van de dijkgraaf: De dijkgraaf opent om 14.05 uur en deelt mee: • dat hij drie berichten van verhindering heeft ontvangen; • dat gemeente Montferland op 13 februari jl. een brief gestuurd heeft over de stijging van de waterschapslasten. Vandaag wordt ons antwoord aan de gemeente verstuurd. Beide brieven zijn bij het AB-nieuws in iBabs geplaatst; • op vrijdag 14 maart a.s. wordt om 15.00 uur in Almen de gezamenlijke aftrap georganiseerd van de uitvoering van de hermeandering van de Berkel. Er is erg veel belangstelling in de media voor dit project; • in het kader van Wereldwaterdag worden in de maand maart door leden van het algemeen bestuur in totaal 21 gastlessen gegeven op basisscholen en middelbare scholen; • de eerstvolgende informatiebijeenkomst voor het algemeen bestuur is gepland op maandag 31 maart a.s. Voor het onderwerp Waterbeheerplan is meer tijd nodig dan een avond. De informatiebijeenkomst is daarom uitgebreid met de middag en wordt gehouden vanaf 14.30 uur bij restaurant ‘t Hagen in Haaksbergen; • dat hij gevraagd is als voorzitter van de Raad van Toezicht van een ziekenhuis. Hij zal conform afspraken met het bestuur een andere activiteit afstoten; • dat hem verzocht is om deel te nemen in een adviescommissie Topsector Water en Human Capital van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. 2. Toelating algemeen bestuurslid/beëdiging: De dijkgraaf stelt voor om de voorstellen onder de agendapunten 2 en 3 gecombineerd te behandelen. De vergadering stemt hiermee in. Voorgesteld wordt mevrouw M.L. Oosterhuis-Strating te benoemen tot lid van het algemeen bestuur als vervanger van de heer J.A.H. Kabout, die per eind december jl. ontslag genomen heeft. Voorgesteld wordt de heer F.J. Reijrink te benoemen tot lid van het algemeen bestuur als vervanger van de heer W. Nieuwenhuis, die per eind december jl. ontslag genomen heeft. G:\BJZ\dhei\verslag 110314.doc 1 De dijkgraaf stelt voor een commissie te benoemen bestaande uit mevrouw Berends, de heer Hollander en de heer Krajenbrink voor het onderzoek van de geloofsbrieven van de mevrouw Oosterhuis en de heer Reijrink. De secretaris-directeur ondersteunt de commissie bij het onderzoek. De vergadering stemt hiermee in. De dijkgraaf schorst de vergadering om 14.10 uur. Om 14.15 uur heropent de dijkgraaf de vergadering. Mevrouw Berends (LTO) meldt als voorzitter van de onderzoekscommissie dat de geloofsbrieven van mevrouw Oosterhuis en de heer Reijrink zorgvuldig onderzocht zijn en in orde bevonden. De commissie beveelt toelating van mevrouw Oosterhuis en de heer Reijrink aan. De dijkgraaf nodigt mevrouw Oosterhuis en de heer de heer Reijrink uit naar voren te komen om de wettelijk voorgeschreven eed (verklaring en belofte) af te leggen. Mevrouw Oosterhuis legt in handen van de dijkgraaf de wettelijk voorgeschreven verklaring en belofte af. De heer Reijriink legt in handen van de dijkgraaf de wettelijk voorgeschreven eed af. Met applaus begroet het algemeen bestuur mevrouw Oosterhuis en de heer Reijrink als nieuwe bestuursleden. 3. Toelating algemeen bestuurslid/beëdiging: Zie hiervoor, het verslag onder agendapunt 2. 4. Benoemingen t.b.v. bestuurlijke adviescommissie: Overeenkomstig het advies wordt in verband met bestuurswisselingen besloten tot gewijzigde indeling van de leden van het algemeen bestuur in twee van de vier bestuurlijke adviescommissies. 5. Bestuursrapportage 2013-3: Voorgelegd wordt de derde bestuursrapportage over 2013. De dijkgraaf zegt dat de bestuursrapportage besproken is door de bestuurlijke adviescommissie Financiën en bestuurlijke zaken. Daarbij is een vraag gesteld die de heer Broens graag wil beantwoorden. De heer Broens (D&H) zegt dat in de commissievergadering vragen gesteld zijn over de incidentele last van het buiten gebruik stellen van RWZI Borculo. Hij zegt dat in de vorige bestuursperiode het besluit genomen is om de RWZI op termijn buiten gebruik te stellen. Er was een afspraak met aannemer Dusseldorp die woningbouw op het terrein zou realiseren. Op die basis was een financiële afspraak gemaakt. Als woningbouw niet door zou gaan zou dit bedrag verlaagd worden. De installatie is nu gesloten en het terrein kan opgeleverd worden. Op dit moment is de kans op woningbouw zo goed als nihil. Bovendien zijn de amoveringskosten hoger dan verwacht doordat de bodem vervuild is. Beide aspecten leiden tot de grote incidentele last. De heer Roemaat (LTO) zegt dat dit de derde bestuursrapportage over 2013 is die een beeld geeft over het gehele jaar 2013. De rapportage geeft een goed globaal beeld, de organisatie is in control en de personeelslasten zijn op orde. In hoofdstuk 3. Ontwikkelingen staat een paragraaf over Waterkracht/shared services. De heer Roemaat zegt dat het belangrijk is om voorzichtig stappen te gaan zetten. De belastingopbrengsten vallen tegen. De heer Roemaat vraagt om goed op de kosten te blijven letten. Volgens de Wet Hof mogen tarieven maximaal 5% stijgen. Ons waterschap heeft de tariefstijging afgesproken voor 2014, maar we moeten scherp op de uitgaven letten. De heer Roemaat heeft geen toelichting gevonden over Datawatt. G:\BJZ\dhei\verslag 110314.doc 2 De heer Kant (CDA) spreekt zijn complimenten uit voor de toelichting van de heer Broens over de incidentele lasten. Ook heeft hij complimenten voor de uitkomst dat bestedingen en begroting dicht bij elkaar liggen. Er is een goede bezuinigingsslag uitgevoerd. De heer Kant benadrukt dat ons waterschap er naar moet blijven streven dat projecten haalbaar en betaalbaar blijven. Tenslotte vraagt hij aandacht voor de toenemende lasten van kwijtschelding en de dalende inkomsten. De heer Wormgoor (VvdB) wijst erop dat in de bestuursrapportage een externe projectleider voor Inkoop genoemd wordt. Had dit niet binnen het traject van Waterkracht opgelost kunnen worden? Hij vindt dat de heer Broens een heldere toelichting op de incidentele lasten heeft gegeven. Op een later moment wil hij graag dieper op het onderwerp ingaan, voor deze vergadering wordt dat te technisch. Mevrouw Oosterhuis (VVD) wijst op de paragraaf over onderhoud watersystemen op pagina 11 en 12 inzake de heroverweging van onderhoudsmethoden en kosten. Mevrouw Oosterhuis vindt dat voorkomen moet worden dat gebruikers bovenop de tariefsverhoging, extra belast gaan worden met onderhoud. Ze vraagt om uitleg van het begrip Building with nature. De heer Van Til (VVD) is teleurgesteld over het totale uitgavepatroon. De VVD-fractie had de begroting voor 2013 afgekeurd. Nu blijken de uitgaven € 600.000,- hoger te zijn. De heer Krajenbrink (WN) vindt de bestuursrapportage zeer inzichtelijk. Ons waterschap heeft de laagste tarieven. Maar er is ook een tekort. De fractie Water Natuurlijk is content met de GGOR-studies, waar schot in zit. Er is zorg om de juridische advieskosten. De heer Krajenbrink meent dat goede communicatie aan de voorkant van projecten wellicht dit soort kosten kan voorkomen. In paragraaf 4.2. Programma Watersystemen, staat dat een kwaliteitsslag in waterkwaliteit en ecologie, peilbeheer en natte EVZ’s een maatschappelijk doel dienen. De heer Krajenbrink hecht veel belang aan de ecologie. Supplement 1 gaat over zuiveringsrendementen. De heer Krajenbrink wijst op het jaargemiddelde van het stikstofrendement. De kloof tussen de norm en het rendement is groot. De heer Krajenbrink vraagt of de KRW-normen haalbaar zijn. De heer Liet (Bos) sluit zich graag aan bij de positieve reacties van de CDA-fractie en het LTO. De afwijking van € 600.000,- is minder dan 1% en daarmee is het resultaat heel redelijk. De heer Liet vraagt of het activeren van personeelskosten haalbaar blijft. De heer Feitsma (PvdA) noemt het een uitstekende rapportage. De commissievergadering heeft een toegevoegde waarde gehad. Het finale eindresultaat geeft een goede uitkomst, zeker indien er geen incidentele lasten zouden zijn. De heer Feitsma betreurt de incidentele last, maar dat is voor hem geen aanleiding om negatief te zijn over het resultaat. Hij hoop dat er verder geen tegenvallers zijn. Hij stelt vast dat de stijging van het ziekteverzuim door de hogere leeftijd een gegeven is dat je moet aanvaarden en waar je weinig aan kunt doen. Hij waarschuwt dat de kwetsbaarheid door de vergrijzing toeneemt. De heer Feitsma zegt dat de bestuursrapportage terugblikt op de afgelopen periode. Desondanks zou het erg prettig zijn om in de rapportage ook conclusies te lezen die bepaalde gegevens met zich meebrengen. Ook zou hij graag zien dat maatregelen die genomen gaan worden, in de bestuursrapportage opgenomen worden. De heer Broens (D&H) bedankt voor de complimenten voor de bestuursrapportage. De incidentele last bederft de uitkomst, maar hij vindt dat het tekort binnen aanvaardbare grenzen blijft. De heer Broens beaamt dat de belastingopbrengst minder is en dat de posten kwijtschelding en oninbaar zijn toegenomen. Natuurlijk blijft het college letten op de kostenontwikkeling. De uitkomsten van de bestuursrapportage zijn belangrijk als input voor de perspectievennota, waarvoor het proces inmiddels is gestart. Naar aanleiding van vragen over project 80.116 zegt de heer Broens dat als gevolg van problemen met Datawatt een claim is neergelegd die nog niet is gehonoreerd. Het is op dit moment niet bekend hoe groot te kans is dat de claim geheel of gedeeltelijk binnen wordt gehaald. Dit is een ernstige zaak. G:\BJZ\dhei\verslag 110314.doc 3 De heer Broens is verheugd over de instemming met de incidentele last van Borculo. Hij ziet niet op welke wijze napraten hierover iets kan toevoegen; het is een vaststaand gegeven. De personeelskosten vallen mee ten opzichte van de tweede bestuursrapportage doordat meer geactiveerd wordt. We streven er naar om binnen de raming te blijven. De heer Broens is ingenomen met de bestuurlijke adviescommissie. Hij vindt het plezierig om uitgebreid stil te kunnen staan bij actuele onderwerpen. Naar aanleiding van de opmerking van mevrouw Oosterhuis over de heroverweging van onderhoud, merkt mevrouw Van Helvoirt (D&H) op dat onderzoek plaatsvindt. We moeten de tering naar de nering zetten en de lasten goed verdelen. Als onderhoud anders verdeeld kan worden, kan de verantwoordelijkheid ook elders worden neergelegd. Het onderzoek gaat over alle aspecten, waaronder natuur, ecologische doelen, grondeigenaren, norm van 20 l/sec, etc. Ook de effecten van mogelijke wijzigingen in de verdeling worden in beeld gebracht. Na het onderzoek volgt bespreking in het bestuur. Building with nature betekent dat op plekken waar de omgeving het toelaat, we de natuur een zetje geven. Bijvoorbeeld een omgevallen boom die blijft liggen. De natuur heeft een eigen dynamiek. Naar aanleiding van de opmerking van de heer Krajenbrink over de GGOR, zegt mevrouw Van Helvoirt dat zij ook verheugd is over de voortgang. De zorg om de procedures is ook een zorg van het college. Als zaken vooraf niet goed geregeld worden, kan dit leiden tot kosten achteraf. Overigens geeft het vooraf goed regelen geen garantie dat de procedures van begin tot eind goed verlopen. Ons waterschap probeert de eigen verantwoordelijkheid zo goed mogelijk te nemen. Naar aanleiding van een vraag over de stikstofbelasting van RWZI’s in relatie tot KRWdoelen zegt de heer Schrijver (D&H) dat we binnen de normen blijven. De nieuwe installaties in Haarlo en Dinxperlo presteren beter dan gemiddeld. RWZI Lichtenvoorde is de enige bron die de rivier voedt en wellicht kan hierin in de toekomst verbetering worden gerealiseerd. De dijkgraaf wijst erop dat het Duitse water dat bij de grens in onze wateren stroomt, meer nutriënten heeft dan onze normen. Ons waterschap heeft de wettelijke plicht om te zorgen dat we aan de normen voldoen. De dijkgraaf zegt dat we met shared services meerwaarde willen ontwikkelen en kansen willen pakken. Wat inkoop betreft loopt ons waterschap voorop. Waterkracht/shared services is een mooi instrument. Maar in plaats van resultaten af te wachten, pakken we zelf ook zaken aan. Zoals nu het gelijkschakelen van het inkoopproces dat financiële voordelen kan betekenen. Ten aanzien van het ziekteverzuim zegt de dijkgraaf dat medewerkers langer doorwerken door het verschuiven van de pensioenleeftijd. Ons waterschap werkt mee aan langer gezond doorwerken en daarmee streven we ernaar dat oudere medewerkers in dienst blijven totdat ze pensioenleeftijd bereiken. De dijkgraaf zegt dat vooral op niveau van de Unie van Waterschappen gewerkt wordt aan de Wet Hof. De Unie werkt daarin samen met VNG en IPO. Het begrotingstekort van de regering is onder de 3% gezakt. Gezien het Hoogwaterbeschermingsprogramma en kosten voor waterveiligheid, maakt de Minister misschien een uitzondering voor waterschappen. Mevrouw Te Dorsthorst (VKK) wijst op de paragraaf over de waterschapsverkiezingen in 2015, waarin staat dat ons waterschap ondersteuning zal bieden aan politieke partijen en ze vraagt hoe het zit met niet-politieke partijen. De dijkgraaf antwoordt dat alle partijen bedoeld worden; het woord politiek had tussen haakjes moeten staan. De heer Klein Lebbink (CDA) vraagt naar het overleg dat de dijkgraaf en heemraad Van Helvoirt gevoerd hebben met LTO. De dijkgraaf zegt dat mevrouw Van Helvoirt dat goed heeft toegelicht: we onderzoeken alle aspecten van de omvang waterschapszorg. Naar aanleiding van de onderzoeksresultaten wordt een voorstel voor het bestuur voorbereid. Over de aanpak komt een voorstel. De dijkgraaf zegt dat we zorgvuldig omgaan met dit onderwerp. G:\BJZ\dhei\verslag 110314.doc 4 Mevrouw Van Helvoirt (D&H) vult aan dat niet alleen met LTO, maar ook met andere partijen overleg gevoerd wordt. Mevrouw Oosterhuis (VVD) is gerustgesteld door de zorgvuldigheid die uit de beantwoording blijkt. Ze benadrukt dat ambities die ons waterschap niet kan waarmaken, niet bij de gebruiker neergelegd mogen worden. De heer Krajenbrink (WN) vraagt aandacht voor het verschil tussen het effluent en de norm inzake stikstof. De heer Schrijver (D&H) antwoordt dat ons water niet dezelfde kwaliteit hoeft te hebben als het ontvangende water. Besloten wordt (1) kennis te nemen van de bestuursrapportage 2013-3 en (2) voor 7 investeringsprojecten, overeenkomstig tabel 4.2.4 en 4.3.2. de gevoteerde brutokredieten te wijzigen en per saldo te verlagen met € 0,710 mln. 6. Consultatie Deltaprogramma 2015: De dijkgraaf stelt de consultatie Deltaprogramma aan de orde en zegt dat het voorstel in lijn is met de bespreking tijdens de informatieavond op 3 maart jl. De heer Potman (PvdA) zegt dat zijn fractie het in principe eens is met de lijn van het voorstel, maar het voorstel blijft wel steken in algemeenheden. De inleiding begint met de aankondiging van de besluitvorming door de Tweede Kamer maar er staat niet welke besluiten genomen worden. In de onderbouwing punt 2.c.2. staat dat het gebiedsproces Rijnstrangen verder uitgekristalliseerd kan worden. Deze tekst is niet helder. De bijgevoegde conceptbrief is duidelijker geformuleerd, met name over Hackfort, de passage over Duitsland en dijkring 48. Dat zijn de onderwerpen waarover besluiten genomen moeten worden. De heer Lamers (Bos) zegt dat zijn fractie instemt met het voorstel. Hij zegt dat de primaire dijkversterking prioriteit krijgt, maar dat ook de meerlaagse veiligheid van belang is, die genoemd wordt in de bijgevoegde conceptbrief, pagina 3 punt l. Er staat dat de waterschappen niet primair verantwoordelijk zijn. Hij vraagt om toch een eigen rol te nemen en de verantwoordelijke partijen wakker te schudden en bij de les te houden. Dat ziet hij als een belangrijke raak voor ons waterschap. Mevrouw Otermann (WN) stelt het zeer op prijs dat het bestuur tijdens de informatiebijeenkomst goed is bijgepraat. Ze vraagt of de voorgelegde brief verstuurd is. Ze is van mening dat eenzijdig nadruk gelegd wordt op de dijken en vraagt om ook aandacht te geven aan ruimtelijke maatregelen. Water Natuurlijk heeft voorkeur voor ruimtelijke maatregelen. Mevrouw Otermann pleit voor uitbreiding van de Watertoets om te zorgen dat niet gebouwd wordt in lage delen. Water kan meer concreet een rol krijgen als ordenend principe. De WN-fractie vraagt aandacht voor hetgeen in de maatschappij van belang wordt geacht en voor de relatie met Duitsland. De heer Van Til (VVD) zegt dat waterveiligheid een primaire taak van ons waterschap is. De VVD-fractie vindt dat een keuze gemaakt moet worden tussen veiligheid en natuur. De heer Smit (VvdB) zegt dat dijkring 48 erg belangrijk is en vraagt om dit onderwerp regelmatig op de agenda te plaatsen, net zoals ontwikkelingen in Duitsland. Er zijn bestuursleden die kiezen voor ruimtelijke maatregelen. De Vrienden van de Berkel kiezen voor veilige dijken. Mevrouw Winkelhorst (CDA) zegt dat na de informatieavond duidelijk is dat de voorliggende reactie een goede reactie is. Ze wil graag benadrukken dat nationale veiligheid van groot belang is en dat de situatie in Duitsland daarmee samenhangt. Ook goede afvoer is van belang. Ze vraagt om te blijven opletten of zich andere mogelijkheden voordoen als oplossing en om ook landelijk aandacht te vragen. Mevrouw Winkelhorst verzoekt om het vooruitzicht van Rijnstrangen voor waterberging vlot te bekijken, en ook wat daarvoor nodig is, nu en in de toekomst. G:\BJZ\dhei\verslag 110314.doc 5 De heer Oonk (AWP) zegt dat de samenwerkende fracties van AWP, OON, VKK, KvK en LTO de informatieavond erg nuttig vonden. De bestuursleden zijn er goed van doordrongen dat waterveiligheid erg belangrijk is. De conclusie is dat de brief een goede reactie is, met name over dijkring 48 en over de samenwerking met Duitsland. De dijkgraaf zegt dat de brief nog een concept is. Ons waterschap heeft uitstel gevraagd en gekregen tot 15 maart. Na instemming zal de brief morgen verstuurd worden. Hij zegt dat dit het eerste proces is waarin samengewerkt is met de Deltacommissie. Naar aanleiding van de opmerking van de heer Potman zegt de dijkgraaf dat door samenwerking met verschillende partijen het risico van algemeenheden ontstaat. Maar het is duidelijk geworden dat de dijken grote prioriteit hebben in verband met de veiligheid. Ook naast ruimtelijke projecten blijft de aanpak van de dijken noodzakelijk. Ruimtelijke projecten zijn bovendien vele malen duurder dan dijken. Bij ruimtelijke projecten kunnen kansen voorkomen, de zogenaamde parels. Voor deze parels is de provincie initiatiefnemer. De dijkgraaf wijst erop dat ruimte voor de rivier een mooi exportproduct is geworden, veel buitenlandse delegaties komen kijken. Het overleg met Duitsland over dijken en veiligheid is een onderwerp dat op de landelijke agenda komt. De Deltacommissaris komt volgende week een werkbezoek brengen waarbij ons waterschap dijkring 48 en Rijnstrangen aan de orde stelt. Vorige week is bij ons waterschap een bijeenkomst met de Veiligheidsregio gehouden, waaraan ook veel Duitse partners hebben deelgenomen. Het onderwerp dijkring 48 hoort bij het Rijk; het is te duur voor ons waterschap. Het onderwerp staat op de agenda van de Veiligheidsregio. De dijkgraaf zegt dat de Watertoets een lastig onderwerp is. In de nieuwe Omgevingswet hebben waterschappen enkel een adviserende rol waarmee gemeenten geen rekening hoeven te houden. De Tweede Kamer beslist in 2015 over maatregelen van het Deltaprogramma. De grootste landelijke zorg is dat een groot deel van de maatregelen die genomen worden, in het rivierengebied genomen worden. De Tweede Kamer wil waarschijnlijk juist een groot deel van de kosten besteden in het kustgebied. Mevrouw Lamberts (D&H) zegt dat vorige week een bijeenkomst met de provincie gehouden is over Rijnstrangen waarbij het ging om het zoeken naar een vorm van retentie die ook voor ondernemers goed is. In juni wordt een conferentie georganiseerd over dit onderwerp en bijbehorende onderwerpen. De heer Krajenbrink (WN) zegt dat zijn fractie naar aanleiding van de onlangs ontvangen Voorkeurstrategie IJssel verontrust is over waar de accenten komen liggen. De dijkgraaf merkt op dat ons waterschap vasthoudt aan het belang van de dijken boven alle andere maatregelen. Besloten wordt om (1) kennis te nemen van de ter consultatie voorliggende stukken van het Deltaprogramma 2015 (a) de (voorlopige) hoofdlijnen van de voorkeursstrategie per riviertak met de bijbehorende maatregelpakket(ten) voor respectievelijk IJssel en Waal en Merwedes: Concept voorkeursstrategie IJssel’, plus 2 kaartbeelden; ‘Voorkeursstrategie Waal en Merwedes’ (b) de (samenvatting van de) voorlopige contouren van de voorkeursstrategie voor de gehele Maas en de samengevoegde Rijntakken: ‘contouren voor vks DP R10’, (c) de hoofdlijnen van de inhoud van het DP 2015 zoals die is vastgesteld in de landelijke Stuurgroep Deltaprogramma en beschikbaar in de vorm van een speciale uitgave van 'Deltanieuws': ‘DeltaNieuws jrg 3, nr 7, dec 2013’ en (d) voor de informatie- en consultatie-ronde beschikbare informatiebulletins: ‘Deltabeslissing Waterveiligheid’, ‘Deltabeslissing Ruimtelijke Adaptatie’ en ‘Deltabeslissing Zoetwater’ en (2) in te stemmen met de reactiebrief aan de provincie Gelderland, met daarin opgenomen (o.a.) de standpunten van het waterschap: (a) de aanpak van dijken is de eerste en belangrijkste stap om te komen tot het aanpakken van de opgaven op het gebied van waterveiligheid, (b) rivierverruiming wordt bij voorkeur daar toegepast waar concrete meekoppelkansen zijn met bijvoorbeeld ruimtelijke kwaliteit of natuur, of waar dijkverhoging ongewenst is, G:\BJZ\dhei\verslag 110314.doc 6 (c) retentie in Rijnstrangen is een effectieve en zinvolle maatregel op de middellange tot lange termijn. Daarbij is het van belang dat er op korte termijn handelingsperspectief komt voor het gebied, (d) de afstemming tussen Duitsland en Nederland dient goed in het Delta-programma verankerd te worden, (e) het proces van nieuwe normering tot de wettelijke verankering (2017) moet voldoende ruimte bieden om te komen tot een uitvoerbaar, robuust en uitlegbaar stelsel en (f) de grensoverschrijdende ‘systeemdijk’ langs een groot deel van dijkring 48 vraagt om een specifieke uitwerking in het Deltaprogramma. 7. Samenwerkingsovereenkomst Groene Slingeplan Aalten: Voorgelegd wordt de samenwerkingsovereenkomst Groene Slingeplan Aalten De heer Duivenvoorden (KvK) wijst op de bijzondere aanpak van de vragen van de Vrienden van de Berkel over dit voorstel en over enkele andere voorstellen, die vooraf schriftelijk zijn beantwoord. De financiën van de voorstellen zijn goed geregeld, maar het is jammer dat de uitleg niet al in de voorstellen was opgenomen. De heer Wormgoor (VvdB) bedankt voor het beantwoorden van de vragen. Vooral de antwoorden over de exploitatiekosten zijn van belang. Het is goed dat er verschillende partijen betrokken zijn: provincie, gemeente en projectontwikkelaars. Maar bij de exploitatie staat ons waterschap alleen; in de komende jaren moet ons waterschap het alleen opknappen. Als de belangen groot zijn, moet samenwerking ook voor het onderhoud mogelijk zijn. De heer Wormgoor vindt het goed dat de projecten mogelijk zijn en ook dat medefinanciering afgesproken is. Hij vraagt aandacht om te streven naar financiële bijdrage in de exploitatiekosten door de andere partijen. De heer Van Til (VVD) zegt dat zijn fractie naar aanleiding van dit agendapunt 7, en van de voorstellen 8 en 9 niet akkoord gaat met de uitbreiding van de exploitatiekosten. De heer Van Til zegt dat in de afgelopen jaren € 80 miljoen is ingezet op projecten. Hij vraagt op welke wijze het algemeen bestuur kan toetsen dat het geld goed is uitgegeven. Met name de KRW is moeilijk te monitoren. De VVD wil hiermee een statement maken. De VVD wil het resultaat zien dat de fractie verwacht. De heer Hollander (PvdA) zegt dat het Groene Slingeplan Aalten een prachtig project is. Hij zegt dat de VVD toch geen tegenstander van KRW-doelen en mooie projecten kan zijn. De heer Hollander zegt dat zijn fractie dit project toejuicht en vraagt om maximaal in te zetten op communicatie. De heer Krajenbrink (WN) vindt het ook een mooi project. Het duurt wel lang: in 2005 is met plannen ingestemd. Hij betreurt het dat er geen watertoets is want in tussentijd is er al gebouwd. De heer Krajenbrink merkt op dat een meer natuurlijke uitvoering wellicht kan betekenen dat minder hoge onderhoudskosten nodig zijn. Mevrouw Rutting (D&H) zegt dat in 2005 in Aalten gestart is. De gemeente was aan zet. Het ambitieniveau was hoog maar niet erg realistisch. Destijds is afgesproken dat € 1,7 miljoen voor watermaatregelen bestemd was, maar in tussentijd is er veel gebeurd. Het is duidelijk dat ons waterschap niet alle kosten voor eigen rekening neemt, maar vooral werk met werk wil maken. Onze eigen ambities hebben we bijgesteld ten aanzien van de financiën. In de perspectievennota wordt over meerdere jaren naar de ontwikkeling van onderhoudskosten gekeken. Bij overschrijdingen gaan we ervan uit dat de hogere kosten 50-50 verdeeld worden. Gemeente en waterschap zijn beide verantwoordelijk en zijn ook beide zeer oplettend ten aanzien van de kosten. Mevrouw Rutting zegt dat we hiermee een KRW-project realiseren. Normaal zou dit een eigen taak van ons waterschap zijn die voor 2027 uitgevoerd moet worden. Omdat afgesproken is om kansen te pakken als die zich voordoen, doen we dit samen met de gemeente. De gemeente wil het stedelijk gebied aanpakken, ons waterschap wil watermaatregelen nemen. Mevrouw Rutting begrijpt de zorg om de stijging van exploitatiekosten. Ze zegt dat goed opgelet wordt en dat onderzoek gedaan wordt naar een andere aanpak van onderhoud. G:\BJZ\dhei\verslag 110314.doc 7 Maar in veel gevallen moet ons waterschap zelf het onderhoud uitvoeren omdat het een gevolg is van watermaatregelen. Communicatie over dit plan, dat midden in bebouwd gebied wordt uitgevoerd heeft al plaatsgevonden en gaat door tijdens de uitvoering. Besloten wordt (1) met de gemeente Aalten een samenwerkingsovereenkomst aan te gaan voor de realisatie van het Groene Slingeplan en (2) voor de aanleg van 2 vispassages conform de KRW-opgave voor de Boven Slinge in de kern Aalten een krediet beschikbaar te stellen van € 370.000,-. 8. Overdracht stuwrecht en brug, renovatie stuw en realisatie vispassage Berenschot Winterswijk: Voorgesteld wordt in te stemmen met de overname van het stuwrecht, renovatie van de stuw en brug en met het realiseren van een vispassage bij watermolen Berenschot. De heer Potman (PvdA) stemt in met het voorstel. Er zijn goede afspraken over de medefinanciering gemaakt. De heer Potman is verheugd over de plannen die in een mooi gebied liggen. Het is goed dat Natura 2000-doelen gerealiseerd worden. Het gaat in dit geval niet alleen om een waterschapsdoel, maar ook om mooie doelen in het gebied. De heer Potman zegt dat de kosten met deze plannen goed besteed worden. Mevrouw Otermann (WN) vindt het vanzelfsprekend dat stuwen en stuwrecht bij het waterschap horen. Ze zegt dat het positief is dat ook andere doelen gerealiseerd worden. Er is hier sprake van cultureel erfgoed. Mevrouw Otermann zegt dat haar fractie zich goed realiseert dat de veerkracht van het watersysteem geld kost. De heer Wormgoor (VvdB) zegt dat hij het gebied bezocht heeft en heeft vastgesteld dat het een erg mooi gebied is. Hij heeft de brug bekeken en vindt het goed dat er een nieuwe brug komt. De financiële uitleg die voor de vergadering verspreid is, noemt hij duidelijk. De heer Wormgoor merkt op dat in vier voorstellen de exploitatiekosten niet vermeld stonden en hij vraagt of dat de bedoeling is en hoe dit bij toekomstige voorstellen wordt aangepakt. De heer Klein Lebbink (CDA) gaat akkoord met het voorstel. Hij vraagt of er een projectbord geplaatst gaat worden. Hij zegt dat de locatie van de stuw druk bezocht wordt en daarom een goede plek zou zijn voor een definitief informatiebord van ons waterschap. De heer Duivenvoorden (KvK) vindt het een goed project. Hij vraagt hoe het bedrag van € 5.000,- voor de toename van exploitatiekosten is opgebouwd. Mevrouw Rutting (D&H) zegt dat deze projecten zich goed lenen voor samenwerking. Ons waterschap is goed in het genereren van geld van derden. Ook in dit geval, waar herstel van cultureel erfgoed als particulier initiatief wordt opgepakt. De beheerkosten stonden niet vermeld in het voorstel. De stuw wordt bediend en er moet regelmatig schoongemaakt worden omdat vuil verzamelt dat weggehaald moet worden. Mevrouw Rutting zal laten nagaan hoe het bedrag is samengesteld. Bij werken plaatst ons waterschap altijd een projectbord. Ze noemt de suggestie voor een permanent bord op de betreffende locatie, erg zinvol en zegt toe dit bord te realiseren en er naar te streven om dit binnen het voorgestelde budget te houden. Mevrouw Rutting zegt dat de brug een onderdeel van het systeem is; de brug is nodig voor het bedienen van de stuw en voor de schoonmaakwerkzaamheden. De dijkgraaf vult, naar aanleiding van opmerkingen over de exploitatiekosten aan dat in de decembervergadering discussie gevoerd is over de onderhoudskosten. Afgesproken is om de onderhoudskosten in de perspectievennota in perspectief te plaatsen. Met de bestudering van de aanpak van kleine watergangen hoopt de dijkgraaf dat er meer inzicht ontstaat over de wijze de kosten opgenomen worden in de lopende kosten. Het college van dijkgraaf en heemraden heeft als inzet te streven naar kostenneutrale aanpak. De kosten zullen vermeld blijven worden in voorstellen. De heer Smit (VvdB) had graag een tekening willen ontvangen. G:\BJZ\dhei\verslag 110314.doc 8 Toelichting: De toename van de gemiddelde jaarlijkse exploitatiekosten (totaal € 5000.-) is als volgt te specificeren: Inspectie/controle en bediening vispassage € 1500,-, Inspectie/controle en regulier onderhoud automatische stuw € 2000,- en Bediening schuiven in handwerk bij hoogwater (vanwege monumentale karakter) € 1500.-. Het plaatsen van een informatiebord van het waterschap wordt binnen het project gerealiseerd. Besloten wordt (1) in te stemmen met overname van het stuwrecht, renovatie van de stuw en brug bij watermolen Berenschot en hiervoor een krediet beschikbaar stellen van € 800.000,- onder voorwaarden dat de Regio Achterhoek en de gemeente Winterwijk € 400.000.- bijdragen en (2) in te stemmen met het realiseren van een vispassage bij watermolen Berenschot en hiervoor een krediet van € 530.000,- beschikbaar stellen onder voorwaarde dat de provincie een definitieve beschikking afgeeft voor de business case ‘integrale gebiedsinrichting Winterswijk Oost’. 9. Retentie Schipbeek traject Zandvang-Borculoseweg: Voorgesteld wordt in te stemmen met het project Retentie Schipbeek traject ZandvangBorculoseweg. De heer Lamers (Bos) gaat akkoord met het voorstel. Hij merkt op dat het goed is dat samen met de provincie gewerkt wordt aan waterdoelen. De heer Lamers merkt ook op dat een goede lijn is ingezet om te zoeken naar meer inzicht in de kosten van onderhoud. De heer Feitsma (PvdA) steunt het voorstel van harte. Hij wil graag weten hoe de financiën zijn verdeeld. Het bedrag van inkomsten lijkt niet precies 50% van het bruto krediet. Mevrouw Van Helvoirt (D&H) zal zorgen dat in het verslag antwoord op deze vraag wordt gegeven. Toelichting: Het bruto krediet is bepaald op basis van een besteksraming, een kostenraming en interne personeelskosten. De inkomsten zijn gebaseerd op de beschikking van provincie Overijssel. Die beschikking is gebaseerd op de zogenaamde normkosten van de te leveren prestaties. In deze normkosten zijn geen interne personeelskosten verdisconteerd. Overigens hebben de waterschappen steeds bij de provincie aandacht gevraagd voor het gegeven dat de normkosten aan de lage kant zitten en dat het aandeel van de betrokken waterschappen voor de geleverde prestaties daardoor hoger is dan 50% van het totaal. Besloten wordt in te stemmen met het project Retentie Schipbeek traject ZandvangBorculoseweg en hiervoor een uitvoeringskrediet beschikbaar te stellen van € 330.000 (bruto) als onderdeel van de waterovereenkomst met de provincie Overijssel. 10. Renovatie stuw Warken: Voorgesteld wordt in te stemmen met het project renovatie stuw Warken. De heer Hollander (PvdA) merkt op dat de stuw handmatig bediend wordt en dat het in de toekomst automatisch zal gaan. Hij vraagt of de bediening daarmee goedkoper wordt. De dijkgraaf antwoordt dat de kosten in evenwicht zijn. Besloten wordt in te stemmen met het project ‘Renovatie stuw Warken’ en hiervoor een bruto investeringskrediet van € 590.000,- beschikbaar te stellen. 11. RWZI Aalten: Renovatie deel influentontvangwerk incl. geurbestrijding: Besloten wordt in te stemmen met de renovatie van het influentontvangwerk incl. geurbestrijding op de RWZI Aalten en hiervoor een krediet beschikbaar te stellen van € 550.000,-. G:\BJZ\dhei\verslag 110314.doc 9 12. Begroting 2014 en meerjarenraming 2014-2017 Aqualysis: Voorgesteld wordt positief te adviseren over begroting en meerjarenraming Aqualysis. De heer Feitsma (PvdA) heeft geen inhoudelijk commentaar op de stukken. Hij wil graag weten hoe zaken bestuurlijk zijn geregeld met de deelnemende waterschappen. Hij merkt op dat forse bedragen gemoeid zijn met werkzaamheden door derden. De heer Feitsma vraagt of de waterschappen zelf een deel van de werkzaamheden kunnen uitvoeren om de kosten te beperken. Mevrouw Oosterhuis (VVD) sluit zich aan bij de woorden van de heer Feitsma. Ze zegt dat het gemeenschappelijke laboratorium slechts een beperkt voordeel lijkt te hebben. Maar misschien zou het werk in eigen huis veel duurder zijn. Mevrouw Oosterhuis vraagt om een toelichting. De heer Duivenvoorden (KvK) vraagt om de samenwerking niet zover uit te breiden dat de organisatie niet meer te overzien is. Hij zegt dat in paragraaf 5.2. van de begroting staat dat er geen reserves en voorzieningen worden opgebouwd. Maar in dezelfde paragraaf staat dat een reserve overwogen wordt voor het egaliseren van tegenvallers. De heer Broens (D&H) zegt dat ons waterschap al heel lang een laboratoriumsamenwerking heeft met het voormalige Waterschap Regge en Dinkel. Om allerlei redenen is een gemeenschappelijke regeling (GR) nodig, ook al willen de waterschappen de samenwerking niet zwaar optuigen. De GR maakt het nodig om in te stemmen met begroting en meerjarenraming, zoals nu wordt voorgesteld. De waterschappen streven naar lean and mean samenwerken. Naar aanleiding van de vraag over werken van derden zegt de heer Broens dat Aqualysis geen eigen organisatie heeft en dat alle ondersteuning bij de waterschappen wordt uitgevoerd. Om die reden zijn de kosten van derden relatief hoog. De heer Broens is geen voorstander van reserves bij gemeenschappelijke activiteiten. Hij zal daar kritisch op toezien, maar kan waarschijnlijk niet altijd voorkomen dat reserves worden opgebouwd. Besloten wordt het dagelijks bestuur van Aqualysis (gemeenschappelijke regeling waterschapslaboratorium) positief te adviseren over de ontwerp begroting 2014 en de meerjarenraming 2014-2017. 13. 1e begrotingswijziging 2014 Gemeenschappelijke regeling Het Waterschapshuis: Voorgesteld wordt in te stemmen met de 1e begrotingswijziging Het Waterschapshuis. Mevrouw Te Dorsthorst (VKK) vindt het goed dat de bijdrage verlaagd wordt. Ze wil graag weten om welke reden Waterschap Hunze en Aa’s uit de gemeenschappelijke regeling (GR) is getreden. Ook vraagt ze of er meer uittreders verwacht worden en wat de gevolgen van uittreding zijn voor de overblijvende deelnemers. De heer Kant (CDA) vraagt naar de meerwaarde van Het Waterschapshuis. Namens de CDA-fractie merkt hij op dat samenwerking vooral vraaggestuurd moet zijn. Het is goed om prestaties te beoordelen. Wanneer de samenwerking geen of onvoldoende meerwaarde heeft, moet uitstel mogelijk zijn. Dit zou overigens voor alle samenwerkingen moeten gelden. Mevrouw Oosterhuis (VVD) vraagt of het aantal partijen dat samenwerkt in Het Waterschapshuis erg klein dreigt te worden nu er een partij uittreedt. Mevrouw Otermann (WN) begrijpt dat de voorgestelde begrotingswijziging voortkomt uit IRIS. Ze vraagt of dit systeem vervangen wordt. Ook vraagt mevrouw Otermann of de bijdrage van de waterschappen verhoogd wordt als partijen uittreden. De heer Potman (PvdA) zegt dat het niet de eerste keer is dat het bestuur spreekt over Het Waterschapshuis. Hij wil graag weten welke nadelen Waterschap Hunze en Aa’s gaat ondervinden van de uittreding. De heer Hollander (PvdA) zegt dat in HWH 2.0 gewerkt wordt met collectieve zaken en met facultatieve onderwerpen. Hij vraagt om te streven naar zo min mogelijke collectieve samenwerking. G:\BJZ\dhei\verslag 110314.doc 10 De dijkgraaf zegt dat de samenwerking zeer complex is en hij brengt het project Taxi in herinnering. De afwikkeling van dat project heeft bij een aantal waterschappen geleid tot de overtuiging dat zaken die landelijk moeten, collectief in HWH worden opgepakt en dat zaken die niet perse landelijk georganiseerd hoeven te worden, op eigen manier worden uitgevoerd. De commissie Dijk heeft een voorstel HWH 2.0 voorgelegd met uitleg over zaken die geregeld kunnen worden en zaken die geregeld moeten worden. De dijkgraaf zegt dat ons waterschap heeft vastgesteld dat IRIS goedkoper is bij regionale aanpak in Rijn-Oost. Ons waterschap heeft gezorgd dat een keuze gemaakt kan worden tussen collectief en facultatief. Ons waterschap kan voor een aantal onderwerpen goed samenwerken in HWH. Een aantal projecten gaat niet mee in de collectieve aanpak. Die worden versleuteld over de deelnemende waterschappen. De waterschappen die niet deelnemen, betalen niet mee. Besloten wordt het algemeen bestuur van de Gemeenschappelijke regeling Het Waterschapshuis te berichten dat we kunnen instemmen met de voorliggende 1e begrotingswijziging 2014 14. Mededelingen: 14.1. Procesverloop Waterbeheerplan 2016-2021: De mededeling over het proces voor het opstellen van het Waterbeheerplan 2016-2021, met voldoende mogelijkheid voor het algemeen bestuur en externe partners tot interactie, voortbouwend op de ervaringen opgedaan in het Watervisie-proces wordt voor kennisgeving aangenomen. 14.2. Definitief beeld visitatiecommissie waterketen op voortgang uitvoering BAWdoelen: Naar aanleiding van de mededeling over de visitatiecommissie vraagt mevrouw Te Dorsthorst (VKK) uitleg over de twee achterblijvers. De heer Schrijver (D&H) antwoordt dat er inderdaad twee achterblijvers zijn, maar er zijn drie pelotonlopers en drie koplopers. De heer Schrijver heeft vooral zorg om de Stadsregio; in bestuurlijke bijeenkomsten is gemeente Nijmegen vaak niet aanwezig. Er wordt gewerkt aan verbetering, maar de heer Schrijver realiseert zich dat er nog veel moet gebeuren. De mededeling over het definitieve beeld van visitatiecommissie waterketen ten aanzien van de voortgang van de samenwerking tussen gemeenten en Waterschap Rijn en IJssel voor de doelen van het Bestuursakkoord Water wordt voor kennisgeving aangenomen. 14.3. Toezicht en handhaving: jaarverslag 2013 en uitvoeringsprogramma 2014: De mededeling over het jaarverslag handhaving 2013 en het toezicht- en handhavingsprogramma 2014wordt voor kennisgeving aangenomen, 15. Rondvraag: 15.1. Sterk bestuur De dijkgraaf is door GS Gelderland gevraagd om zitting te nemen in de klankbordgroep Sterk bestuur. G:\BJZ\dhei\verslag 110314.doc 11 16. Verslag vergadering d.d. 17 december 2013 Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld. 17. Sluiting: De dijkgraaf sluit om 16.30 uur de vergadering. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van het algemeen bestuur op 6 mei 2014, de secretaris-directeur, de dijkgraaf, drs. C. Roos drs. H.Th.M. Pieper G:\BJZ\dhei\verslag 110314.doc 12
© Copyright 2025 ExpyDoc