We hebben nog even de oefening gemaakt na de `peanuts

We hebben nog even de oefening gemaakt na de ‘peanuts’-discussie. Let wel: de
gebruikte indexpercentages zijn fictief. Essentie is dat de indexsprong een stijging van
de huurprijzen blokkeert tot de voorziene 2% is bereikt. Afhankelijk van de economische
evolutie kan dat vroeg dan wel laat zijn, maar de aanzienlijke meerkost voor de huurder
bij het niet toepassen van een indexsprong wordt duidelijk aangetoond.
De impact van een indexering van de huurprijzen is afhankelijk van de modulering bij de
invoering ervan.
Als we een indexsprong van 2% voor ogen houden, kan die – gezien de inflatie – het
eerste jaar inderdaad beperkt blijven tot enkele eurocenten, maar bij het aantrekken van
de economie neemt het effect toe tot die 2% stijging wordt gerealiseerd.
Concreet:
Een geïndexeerde huurprijs van 700€ in 2014, zal in 2015 een meerkost van 0,7€
betekenen (+0,1%). Volgens de huidige prognoses gaat het in 2016 echter al om 8€
(+1,1%), in 2017 om 16€ (+1,1%). Wanneer de economie aantrekt - en dat is realistisch
– vergroot de impact nog. Als je weet dat 15% van de huurders meer dan 50% van hun
loon aan huur besteden, en dat 15% daarvan nadien moeite heeft om de eindjes aan
elkaar te knopen, dan scheelt 16€ meerkost een serieuze slok op de borrel.
Een niet-geïndexeerde huurprijs van 700€ in 2014 daarentegen, zal in 2015 en 2016
geen meerkost voor de huurder betekenen. Vanaf 2017 kan alles wat meer is dan de
sprong van 2% terug worden doorgerekend. In praktijk betekent dit een
huurprijsverhoging tot 702€.